Besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 7 juni 2024, nr. DGED/DE/45732471 handelend in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, inzake de keuze voor het instrument veiling voor de uitgifte van vergunningen voor commerciële digitale radio-omroep in DAB-laag 6 (Besluit bekendmaking veiling DAB-laag 6)
Gelet op artikel 3.10, vierde lid, van de Telecommunicatiewet, en artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013;
Besluit:
Artikel 1
De DAB-vergunningen in frequentieband 174–230 MHz, genoemd in tabel 1, worden, met de daaraan te verbinden voorschriften en beperkingen, verleend met toepassing van een veiling als bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, aanhef en onderdeel f, van de Telecommunicatiewet.
| Allotment | Capaciteit commercieel | Bijlagen | Demografisch bereik DAB allotment | Allotment | Capaciteit commercieel | Bijlagen | Demografisch bereik DAB allotment |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | 18 | 1, allotment 1 | 0,06% | 30 | 14 | 1, allotment 30 | 2,91% |
| 2 | 17 | 1, allotment 2 | 0,73% | 31 | 14 | 1, allotment 31 | 2,06% |
| 3 | 16 | 1, allotment 3 | 0,56% | 32 | 10 | 1, allotment 32 | 3,47% |
| 4 | 16 | 1, allotment 4 | 0,36% | 33 | 13 | 1, allotment 33 | 3,97% |
| 5 | 17 | 1, allotment 5 | 0,72% | 34 | 15 | 1, allotment 34 | 0,95% |
| 6 | 17 | 1, allotment 6 | 0,56% | 35 | 16 | 1, allotment 35 | 1,51% |
| 7 | 16 | 1, allotment 7 | 1,70% | 36 | 12 | 1, allotment 36 | 2,53% |
| 8 | 15 | 1, allotment 8 | 0,94% | 37 | 12 | 1, allotment 37 | 1,22% |
| 9 | 15 | 1, allotment 9 | 0,96% | 38 | 13 | 1, allotment 38 | 3,65% |
| 10 | 17 | 1, allotment 10 | 0,82% | 39 | 13 | 1, allotment 39 | 2,49% |
| 11 | 15 | 1, allotment 11 | 1,09% | 40 | 11 | 1, allotment 40 | 3,35% |
| 12 | 15 | 1, allotment 12 | 0,93% | 41 | 13 | 1, allotment 41 | 1,94% |
| 13 | 14 | 1, allotment 13 | 0,59% | 42 | 15 | 1, allotment 42 | 4,58% |
| 14 | 17 | 1, allotment 14 | 1,12% | 43 | 14 | 1, allotment 43 | 1,84% |
| 15 | 17 | 1, allotment 15 | 1,22% | 44 | 11 | 1, allotment 44 | 2,73% |
| 16 | 17 | 1, allotment 16 | 0,39% | 45 | 8 | 1, allotment 45 | 3,60% |
| 17 | 14 | 1, allotment 17 | 1,12% | 46 | 15 | 1, allotment 46 | 1,86% |
| 18 | 17 | 1, allotment 18 | 0,84% | 47 | 16 | 1, allotment 47 | 0,48% |
| 19 | 13 | 1, allotment 19 | 2,19% | 48 | 15 | 1, allotment 48 | 1,88% |
| 20 | 17 | 1, allotment 20 | 1,05% | 49 | 15 | 1, allotment 49 | 1,26% |
| 21 | 14 | 1, allotment 21 | 0,90% | 50 | 12 | 1, allotment 50 | 2,57% |
| 22 | 17 | 1, allotment 22 | 0,82% | 51 | 12 | 1, allotment 51 | 2,44% |
| 23 | 11 | 1, allotment 23 | 2,14% | 52 | 9 | 1, allotment 52 | 3,22% |
| 24 | 16 | 1, allotment 24 | 0,82% | 53 | 14 | 1, allotment 53 | 1,23% |
| 25 | 15 | 1, allotment 25 | 5,09% | 54 | 15 | 1, allotment 54 | 0,95% |
| 26 | 17 | 1, allotment 26 | 1,18% | 55 | 10 | 1, allotment 55 | 2,55% |
| 27 | 14 | 1, allotment 27 | 2,31% | 56 | 17 | 1, allotment 56 | 0,75% |
| 28 | 12 | 1, allotment 28 | 2,09% | 57 | 11 | 1, allotment 57 | 2,72% |
| 29 | 14 | 1, allotment 29 | 1,90% |
Artikel 2
De aanvraag- en veilingprocedure vangt aan op 20 juni 2024.
Artikel 3
De vergunningen, bedoeld in artikel 1, zijn nader bestemd voor commerciële digitale lokale radio-omroep.
Artikel 4
De voorschriften en beperkingen inclusief de (technische) bijlagen behorende bij de DAB-vergunningen in frequentieband 174–230 MHz, bedoeld in artikel 1, worden voor zover dat reeds mogelijk is, vastgesteld in bijlagen 1 tot en met 57.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bekendmaking veiling vergunningen aanvraag- en veilingprocedure digitale radio-omroep DAB laag 6.
Bijlage 1. Conceptvergunning DAB allotments 1–57
Artikel 1. Definities
Artikel 2. Gebruiksrecht
Artikel 3. Samenwerking vergunninghouders
Artikel 4. Technische voorschriften
De vergunninghouder voldoet aan de technische voorschriften zoals opgenomen in de bijlage.
Artikel 5. Bescherming en interferentie
Artikel 6. Nabuurkanaalinterferentie
Artikel 7. Wegnemen belemmeringen
Artikel 8. Beperkingen ter uitvoering van de Beleidsregel storing door het gewenste signaal van radiozendapparaten
Artikel 9. Kennisgeving ingebruikname
Artikel 10. Correspondentie
Kennisgevingen en correspondentie die verband houden met deze vergunning, worden gericht aan de RDI te Groningen.
Artikel 11. Duur van de vergunning
Deze vergunning is geldig tot en met 31 augustus 2030.
Bijlage. Allotment 1
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 1
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 207.208–209.000 MHz (frequentieblok 9D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(4Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(5Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(6Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(7Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(8Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(9Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 2
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 2
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 214.216–216.008 MHz (frequentieblok 10D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 52 dBµV/m(10Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(11Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(12Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(13Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(14Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(15Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 3
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 3
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(16Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(17Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(18Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(19Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 36 dBµV/m(20Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(21Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 4
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 4
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(22Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(23Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(24Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(25Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(26Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(27Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 5
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 5
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 184.504–186.216 MHz (frequentieblok 6C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(28Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(29Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(30Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(31Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 35 dBµV/m(32Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(33Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 6
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 6
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(34Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(35Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(36Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(37Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(38Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 7
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 7
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(39Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(40Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(41Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(42Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(43Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 8
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 8
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 198.504–200.216 MHz (frequentieblok 8C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(44Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(45Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(46Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(47Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(48Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 9
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 9
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 203.784–205.496 MHz (frequentieblok 9B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(49Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(50Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(51Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(52Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(53Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(54Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 10
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 10
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 198.504–200.216 MHz (frequentieblok 8C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 46 dBµV/m(55Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(56Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(57Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(58Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(59Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(60Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 11
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 11
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 210.792–212.504 MHz (frequentieblok 10B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(61Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(62Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(63Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(64Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(65Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 12
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 12
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 228.216–230.008 MHz (frequentieblok 12D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(66Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(67Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(68Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(69Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(70Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 13
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 13
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 191.496–193.288 MHz (frequentieblok 7C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(71Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(72Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(73Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(74Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 35 dBµV/m(75Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(76Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 14
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 14
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 223.000–224.872 MHz (frequentieblok 12A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(77Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(78Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(79Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(80Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(81Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(82Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 15
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 15
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 214.216–216.008 MHz (frequentieblok 10D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(83Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(84Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(85Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channelallotments(86Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(87Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(88Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 16
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 16
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(89Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(90Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(91Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(92Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(93Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 17
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 17
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 46 dBµV/m(94Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(95Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(96Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(97Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(98Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 18
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 18
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(99Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(100Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(101Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments102Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok. in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(103Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 19
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 19
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 201.992–204.576 MHz (frequentieblok 9A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(104Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(105Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(106Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(107Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(108Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(109Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 20
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 20
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 MHz (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(110Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(111Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(112Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(113Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(114Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(115Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 21
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 21
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 209.000–211.584 MHz (frequentieblok 10A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(116Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(117Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(118Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(119Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(120Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(121Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)