Besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 7 juni 2024, nr. DGED/DE/45732471 handelend in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, inzake de keuze voor het instrument veiling voor de uitgifte van vergunningen voor commerciële digitale radio-omroep in DAB-laag 6 (Besluit bekendmaking veiling DAB-laag 6)
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 22
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 22
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 228.216–230.008 MHz (frequentieblok 12D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m122Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid. op 40 km afstand van het allotment123Met uitzondering van zee en buitenwateren.. De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(124Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments125Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok. in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(126Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 23
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 23
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(127Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(128Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(129Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(130Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(131Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 24
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 24
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 41 dBµV/m(132Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(133Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(134Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(135Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(136Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 25
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 25
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 184.504–186.216 MHz (frequentieblok 6C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 46 dBµV/m(137Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(138Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(139Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(140Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 35 dBµV/m(141Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(142Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 26
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 26
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 212.504–214.216 MHz (frequentieblok 10C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(143Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(144Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(145Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(146Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(147Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 27
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 27
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 207.208–209.000 MHz (frequentieblok 9D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(148Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(149Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(150Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(151Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(152Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(153Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 28
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 28
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 178.416–181,000 MHz (frequentieblok 5D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(154Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(155Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(156Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(157Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 34 dBµV/m(158Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(159Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 29
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 29
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(160Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(161Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(162Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(163Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(164Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 30
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 30
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 215.992–218,752 MHz (frequentieblok 11A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(165Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(166Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(167Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(168Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(169Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 31
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 31
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 210.792–212.504 MHz (frequentieblok 10B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(170Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(171Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(172Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(173Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(174Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 32
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 32
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(175Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(176Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(177Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(178Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(179Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 33
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 33
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 177.496–179.208 MHz (frequentieblok 5C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(180Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(181Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(182Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(183Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 36 dBµV/m(184Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(185Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 34
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 34
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 195.000–197.584 MHz (frequentieblok 8A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(186Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(187Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(188Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(189Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(190Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(191Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 35
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 35
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 203.784–205.496 MHz (frequentieblok 9B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(192Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(193Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(194Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(195Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(196Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(197Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 36
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 36
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 228.216–230.008 MHz (frequentieblok 12D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(198Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(199Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(200Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(201Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 34 dBµV/m(202Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(203Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 37
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 37
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(204Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(205Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(206Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(207Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 36 dBµV/m(208Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(209Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 38
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 38
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 41 dBµV/m(210Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(211Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(212Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(213Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(214Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 39
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 39
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 MHz (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 47 dBµV/m(215Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(216Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(217Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(218Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(219Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 40
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 40
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(220Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(221Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(222Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(223Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(224Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 41
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 41
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(225Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(226Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(227Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(228Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(229Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 42
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 42
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(230Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(231Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(232Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(233Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBµV/m(234Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(235Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 43
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 43
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(236Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(237Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(238Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(239Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 37 dBµV/m(240Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(241Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)