Besluit van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 7 juni 2024, nr. DGED/DE/45732471 handelend in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, inzake de keuze voor het instrument veiling voor de uitgifte van vergunningen voor commerciële digitale radio-omroep in DAB-laag 6 (Besluit bekendmaking veiling DAB-laag 6)
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 44
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 44
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 181.000–182.792 MHz (frequentieblok 6A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(242Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(243Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(244Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(245Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(246Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 45
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 45
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 184.504–186.216 MHz (frequentieblok 6C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 44 dBµV/m(247Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(248Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(249Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(250Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(251Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 46
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 46
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 182.000–185.296 MHz (frequentieblok 6B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(252Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(253Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(254Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(255Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(256Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 47
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 47
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 217.784–219.496 MHz (frequentieblok 11B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(257Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(258Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(259Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(260Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBuV/m(261Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(262Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 48
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 48
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 207.208–209.000 MHz (frequentieblok 9D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(263Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(264Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(265Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(266Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBuV/m(267Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(268Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 49
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 49
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 196.792–198.504 MHz (frequentieblok 8B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(269Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(270Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(271Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments272Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok. in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBuV/m(273Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(274Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 50
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 50
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 198.504–200.216 MHz (frequentieblok 8C). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(275Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(276Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(277Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(278Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 38 dBuV/m(279Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op de Engelse kust.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(280Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 51
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 51
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 195.000–197.584 MHz (frequentieblok 8A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 41 dBµV/m(281Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(282Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(283Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(284Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(285Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 52
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 52
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(286Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment. De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(287Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(288Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland, uitgezonderd allotment 57 Maastricht. Op allotment 57 Maastricht veroorzaakt de vergunninghouder geen hogere veldsterkte dan 42 dBµV/m(289Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.).
Vanuit allotment 57 Maastricht dient de vergunninghouder een interferentie-veldsterkte van maximaal 45 dBµV/m(290Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) te accepteren.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(291Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 53
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 53
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 181.000–182.792 MHz (frequentieblok 6A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(292Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(293Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(294Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(295Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(296Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 54
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 54
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 186.216–188.008 MHz (frequentieblok 6D). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(297Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(298Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(299Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(300Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(301Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 55
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 55
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 175.784–177.496 MHz (frequentieblok 5B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(302Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(303Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(304Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(305Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(306Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 56
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 56
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 189.784–191.496 MHz (frequentieblok 7B). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 39 dBµV/m(307Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(308Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(309Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(310Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(311Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Bijlage. Allotment 57
Algemeen
Voor lokale digitale radio-omroep zijn de volgende allotments beschikbaar.
Allotment 57
De frequentieruimte behorend bij dit allotment heeft het frequentiebereik 174.000–175.784 MHz (frequentieblok 5A). Deze frequentieruimte mag gebruikt worden binnen de blauwe contour zoals in onderstaande afbeelding is weergegeven.
De punten waaruit de omtrek van dit allotment en overige allotments in Nederland en omringende landen is opgebouwd kunnen worden opgevraagd bij de RDI.
Zenders mogen maximaal 5 kilometer buiten het allotment worden opgesteld gebruikmakend van een directionele antenne gericht op het allotment met een minimale voor-achter verhouding van 10 dB en een maximaal zendvermogen van 1 kW e.r.p.
Veldsterkte
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 43 dBµV/m(312Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op 40 km afstand van het allotment(313Met uitzondering van zee en buitenwateren.). De veldsterkte wordt bepaald op 10 meter hoogte.
De vergunninghouder veroorzaakt geen hogere veldsterkte dan 40 dBµV/m(314Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) op andere co-channel allotments(315Deze allotments hebben hetzelfde frequentieblok.) in Nederland, uitgezonderd allotment 52 Eindhoven. Op allotment 52 Eindhoven veroorzaakt de vergunninghouder geen hogere veldsterkte dan 45 dBµV/m(316Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.).
Vanuit allotment 52 Eindhoven dient de vergunninghouder een interferentie-veldsterkte van maximaal 42 dBµV/m(317Deze veldsterktenorm is gebaseerd op 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.) te accepteren.
Internationale afspraken over interferentie-veldsterkte
Nederland heeft interferentie-afspraken gemaakt met omringende landen(318Met België zijn de afspraken nog niet definitief.). Deze afspraken zijn beknopt weergegeven in tabel 1. De vergunninghouder respecteert deze afspraken. De volledige en actuele internationale afspraken zijn per e-mail op te vragen bij de RDI.
De veldsterktenormen in tabel 1 zijn gebaseerd op 10 meter hoogte en 50% plaats- en 1% tijdsafhankelijkheid.
Ten gevolge van internationale onderhandelingen kunnen wijzigingen in veldsterkte optreden, zowel nationaal als internationaal. Als gevolg hiervan kunnen de rechten en plichten in deze vergunning worden gewijzigd conform internationale afspraken, zonder dat hierdoor een recht op compensatie ontstaat.
Nabuurkanaalinterferentie
Er kan sprake zijn van nabuurkanaalinterferentie als in een gebied rond een zender niet voldaan wordt aan de productieverhoudingen zoals vermeld in tabel 2.
Spectrummasker
De vergunninghouder voldoet aan het spectrummasker 2 zoals in figuur 1 is opgenomen.
Figuur 1. Spectrummaskers voor T-DAB zenders voor verschillende omstandigheden. Bron: GE06 pagina 169.
Rekenmethode ingebruiknameverplichting
De onderstaande rekenmethode wordt gebruikt om vast te stellen of aan de ingebruiknameverplichting wordt voldaan. Deze rekenmethode is gebaseerd op de afspraken die gemaakt zijn tijdens Geneve ’06.
Binnen een allotment wordt van alle zenders de cumulatieve veldsterkte berekend voor elke geografische 500x500 m pixel. Hierbij wordt rekening gehouden met terrein en morfologische eigenschappen. Vervolgens worden met de berekende veldsterktekaart de geografische (mobiele ontvangst) en demografische (binnenontvangst) verzorgingspercentages binnen het allotment berekend.
De digitale rekenkaarten, die worden gebruikt bij de berekening, zijn per e-mail bij de RDI opvraagbaar.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)