Wijzigingsgeschiedenis
Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Saudi-Arabië tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen
2 versions
· 2010-12-01
2010-12-01
Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Reg
Wijzigingen op 2010-12-01
@@ -226,7 +226,7 @@
3. De uitdrukking „dividenden”, zoals gebezigd in dit artikel, betekent inkomsten uit aandelen, winstaandelen of winstbewijzen, mijnaandelen, oprichtersaandelen of andere rechten, niet zijnde schuldvorderingen, die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is, op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen.
4. De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is, een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn, naargelang van het geval, de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13) van toepassing.
4. De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is, een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn, naargelang van het geval, de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01) van toepassing.
5. Indien een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat, voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Verdragsluitende Staat, mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald, behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort, noch de niet-uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet-uitgedeelde winst van het lichaam, zelfs indien de betaalde dividenden of de niet-uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn.
@@ -246,7 +246,7 @@
4. De uitdrukking „inkomsten uit schuldvorderingen”, zoals gebezigd in dit artikel, betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook, al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar, en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen, waaronder begrepen de aan zodanige leningen, obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen. In rekening gebrachte boetes voor te late betaling worden voor de toepassing van dit artikel niet als inkomsten uit schuldvorderingen aangemerkt.
5. De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de inkomsten uit schuldvorderingen, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de inkomsten uit schuldvorderingen afkomstig zijn, een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt, en de schuldvordering uit hoofde waarvan de inkomsten uit schuldvorderingen worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn, naar gelang van het geval de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13), van toepassing.
5. De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de inkomsten uit schuldvorderingen, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de inkomsten uit schuldvorderingen afkomstig zijn, een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt, en de schuldvordering uit hoofde waarvan de inkomsten uit schuldvorderingen worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn, naar gelang van het geval de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01), van toepassing.
6. Inkomsten uit schuldvorderingen worden geacht afkomstig te zijn uit een Verdragsluitende Staat indien zij worden betaald door die Staat zelf, door een staatkundig of administratief onderdeel, door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat. Indien evenwel de persoon die de inkomsten betaalt, of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet, in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de inkomsten worden betaald was aangegaan en deze inkomsten ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt, worden deze inkomsten geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd.
@@ -260,7 +260,7 @@
3. De uitdrukking „royalty’s”, zoals gebezigd in dit artikel, betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van, of voor het recht van gebruik van, een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde, kunst of wetenschap, waaronder begrepen bioscoopfilms of films of banden voor radio- of televisie-uitzendingen, een octrooi, een fabrieks- of handelsmerk, een tekening of model, een plan, een geheim recept of een geheime werkwijze, of voor het gebruik van of het recht van gebruik van uitrusting op het gebied van nijverheid, handel of wetenschap of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid, handel of wetenschap.
4. De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty’s, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royalty’s afkomstig zijn, een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt, en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty’s worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn, naar gelang van het geval, de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13) van toepassing.
4. De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty’s, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royalty’s afkomstig zijn, een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt, en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty’s worden betaald, tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn, naar gelang van het geval, de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01) van toepassing.
5. Royalty’s worden geacht afkomstig te zijn uit een Verdragsluitende Staat indien zij worden betaald door die Staat zelf, door een staatkundig of administratief onderdeel, door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat. Indien evenwel de persoon die de royalty’s betaalt, of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet, in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft, waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty’s was aangegaan en deze royalty’s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt, worden deze royalty’s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd.
@@ -268,9 +268,9 @@
##### Artikel 13. Vermogenswinsten
1. Vermogenswinsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken als bedoeld in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=6&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat, mogen in die andere Staat worden belast.
2. Vermogenswinsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting van de vervreemder in de andere Verdragsluitende Staat of die nauw verbonden zijn met het verrichten van zelfstandige arbeid (waarop [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13) van toepassing is) door de vervreemder in die andere Staat, met inbegrip van vermogenswinsten die ontstaan bij de vervreemding van een dergelijke vaste inrichting, mogen in die andere Staat worden belast.
1. Vermogenswinsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken als bedoeld in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=6&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat, mogen in die andere Staat worden belast.
2. Vermogenswinsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting van de vervreemder in de andere Verdragsluitende Staat of die nauw verbonden zijn met het verrichten van zelfstandige arbeid (waarop [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01) van toepassing is) door de vervreemder in die andere Staat, met inbegrip van vermogenswinsten die ontstaan bij de vervreemding van een dergelijke vaste inrichting, mogen in die andere Staat worden belast.
3. Vermogenswinsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van aandelen in een lichaam mogen worden belast in de Staat waar het lichaam gevestigd is, tenzij de uiteindelijk gerechtigde tot de aandelen een lichaam is (niet zijnde een maatschap) dat onmiddellijk of middellijk ten minste 10% van het kapitaal van het lichaam bezit en deze aandelen zijn verkregen na de ondertekening van dit Verdrag.
@@ -292,7 +292,7 @@
##### Artikel 15. Niet-zelfstandige arbeid
1. Onverminderd de bepalingen van de [artikelen 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=19&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [20](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=20&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=21&z=2008-10-13&g=2008-10-13), zijn salarissen, lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Verdragsluitende Staat belastbaar, tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend. In dit geval mogen beloningen verkregen ter zake van een dienstbetrekking in die andere Verdragsluitende Staat worden belast indien:
1. Onverminderd de bepalingen van de [artikelen 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=19&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [20](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=20&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=21&z=2010-12-01&g=2010-12-01), zijn salarissen, lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Verdragsluitende Staat belastbaar, tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend. In dit geval mogen beloningen verkregen ter zake van een dienstbetrekking in die andere Verdragsluitende Staat worden belast indien:
- a. de genieter in de andere Verdragsluitende Staat verblijft gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen te boven gaat of gaan, of
@@ -308,15 +308,15 @@
##### Artikel 17. Artiesten en sportbeoefenaars
1. Niettegenstaande de bepalingen van de [artikelen 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2008-10-13&g=2008-10-13), mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest, zoals een toneelspeler, een film-, radio- of televisie-artiest of een musicus, of als sportbeoefenaar, uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat, worden belast in die andere Staat.
2. Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht, niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen, maar aan een andere persoon, mogen die voordelen of inkomsten, niettegenstaande de bepalingen van de [artikelen 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2008-10-13&g=2008-10-13), worden belast in de Verdragsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht.
1. Niettegenstaande de bepalingen van de [artikelen 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2010-12-01&g=2010-12-01), mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest, zoals een toneelspeler, een film-, radio- of televisie-artiest of een musicus, of als sportbeoefenaar, uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat, worden belast in die andere Staat.
2. Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht, niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen, maar aan een andere persoon, mogen die voordelen of inkomsten, niettegenstaande de bepalingen van de [artikelen 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2010-12-01&g=2010-12-01), worden belast in de Verdragsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht.
3. Het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing op voordelen of inkomsten die worden verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit werkzaamheden die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat, indien het bezoek aan die andere Staat geheel of grotendeels wordt bekostigd uit de openbare middelen van de eerstbedoelde Verdragsluitende Staat, een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan, of plaatsvindt in het kader van een culturele overeenkomst tussen de Regeringen van de Verdragsluitende Staten. In een zodanig geval zijn de voordelen of inkomsten slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de artiest of sportbeoefenaar inwoner is.
##### Artikel 18. Pensioenen en lijfrenten
1. Onder voorbehoud van de bepalingen van [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=19&z=2008-10-13&g=2008-10-13), zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen of lijfrenten betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar.
1. Onder voorbehoud van de bepalingen van [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=19&z=2010-12-01&g=2010-12-01), zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen of lijfrenten betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar.
2. Pensioenen en andere uitkeringen betaald krachtens de bepalingen van een socialezekerheidsstelsel van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat zijn slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar.
@@ -336,7 +336,7 @@
- b. Deze pensioenen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar, indien de natuurlijke persoon onderdaan en inwoner is van die Staat.
3. De bepalingen van de [artikelen 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2008-10-13&g=2008-10-13) zijn van toepassing op salarissen, lonen en andere soortgelijke beloningen en op pensioenen ter zake van diensten verleend in het kader van een op winst gericht bedrijf, uitgeoefend door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan.
3. De bepalingen van de [artikelen 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2010-12-01&g=2010-12-01) zijn van toepassing op salarissen, lonen en andere soortgelijke beloningen en op pensioenen ter zake van diensten verleend in het kader van een op winst gericht bedrijf, uitgeoefend door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan.
##### Artikel 20. Studenten
@@ -354,7 +354,7 @@
1. Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een Verdragsluitende Staat, van waaruit ook afkomstig, die niet in de voorgaande artikelen van dit Verdrag zijn behandeld, zijn slechts in die Staat belastbaar.
2. De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn niet van toepassing op inkomsten, niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in [artikel 6, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=6&z=2008-10-13&g=2008-10-13), indien de genieter van die inkomsten, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een vast middelpunt aldaar, en het recht of de zaak ter zake waarvan de inkomsten worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13) naargelang van het geval, van toepassing.
2. De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn niet van toepassing op inkomsten, niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in [artikel 6, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=6&z=2010-12-01&g=2010-12-01), indien de genieter van die inkomsten, die inwoner is van een Verdragsluitende Staat, in de andere Verdragsluitende Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een vast middelpunt aldaar, en het recht of de zaak ter zake waarvan de inkomsten worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort. In dat geval zijn de bepalingen van [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01) of van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01) naargelang van het geval, van toepassing.
### HOOFDSTUK IV. VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING
@@ -366,17 +366,17 @@
- a. wanneer Nederland belasting heft van zijn inwoners kan het in de grondslag waarnaar de belasting wordt geheven, de bestanddelen van het inkomen begrijpen die overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast of slechts in het Koninkrijk Saudi-Arabië belastbaar zijn.
- b. Indien echter een inwoner van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=6&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 10, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 11, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 12, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 13, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 14, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 15, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 19, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=19&z=2008-10-13&g=2008-10-13), en [artikel 22, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=22&z=2008-10-13&g=2008-10-13), van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast en die in de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde grondslag zijn begrepen, stelt Nederland deze bestanddelen van het inkomen vrij door een vermindering van zijn belasting te verlenen. Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting. Te dien einde worden bedoelde bestanddelen van het inkomen geacht te zijn begrepen in het bedrag van de bestanddelen van het inkomen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld.
- c. Nederland verleent voorts een aftrek op de aldus berekende Nederlandse belasting voor de bestanddelen van het inkomen die volgens [artikel 10, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 13, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 17, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=17&z=2008-10-13&g=2008-10-13), en [artikel 18, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2008-10-13&g=2008-10-13), van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast, in zoverre deze bestanddelen in de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde grondslag zijn begrepen. Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan de in het Koninkrijk Saudi-Arabië over deze bestanddelen van het inkomen betaalde belasting, maar bedraagt, indien de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting daarin voorzien, niet meer dan het bedrag van de aftrek die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld. Dit lid zal een tegemoetkoming nu of in de toekomst verleend uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting niet beperken, echter uitsluitend voor zover het de berekening van het bedrag van de aftrek op de Nederlandse belasting betreft met betrekking tot de som van inkomsten afkomstig uit meer dan een land en de voortwenteling van de belasting betaald in het Koninkrijk Saudi-Arabië op bedoelde bestanddelen van het inkomen naar de volgende jaren.
- d. Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid, onderdeel b, van dit artikel verleent Nederland een aftrek op de Nederlandse belasting voor de in het Koninkrijk Saudi-Arabië betaalde belasting op bestanddelen van het inkomen die volgens [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 10, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 11, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [artikel 12, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2008-10-13&g=2008-10-13), en [artikel 22, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=22&z=2008-10-13&g=2008-10-13), van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast, voor zover deze bestanddelen in de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde grondslag zijn begrepen, indien en voor zover Nederland uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting een aftrek verleent op de Nederlandse belasting voor de in een ander land over die bestanddelen van het inkomen geheven belasting. Voor de berekening van deze aftrek zijn de bepalingen van het eerste lid, onderdeel c, van dit artikel van overeenkomstige toepassing.
- b. Indien echter een inwoner van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=6&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 10, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 11, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 12, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 13, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 14, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=14&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 15, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=15&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 19, eerste lid, onderdeel a, en tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=19&z=2010-12-01&g=2010-12-01), en [artikel 22, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=22&z=2010-12-01&g=2010-12-01), van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast en die in de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde grondslag zijn begrepen, stelt Nederland deze bestanddelen van het inkomen vrij door een vermindering van zijn belasting te verlenen. Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting. Te dien einde worden bedoelde bestanddelen van het inkomen geacht te zijn begrepen in het bedrag van de bestanddelen van het inkomen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld.
- c. Nederland verleent voorts een aftrek op de aldus berekende Nederlandse belasting voor de bestanddelen van het inkomen die volgens [artikel 10, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 13, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 17, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=17&z=2010-12-01&g=2010-12-01), en [artikel 18, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2010-12-01&g=2010-12-01), van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast, in zoverre deze bestanddelen in de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde grondslag zijn begrepen. Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan de in het Koninkrijk Saudi-Arabië over deze bestanddelen van het inkomen betaalde belasting, maar bedraagt, indien de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting daarin voorzien, niet meer dan het bedrag van de aftrek die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld. Dit lid zal een tegemoetkoming nu of in de toekomst verleend uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting niet beperken, echter uitsluitend voor zover het de berekening van het bedrag van de aftrek op de Nederlandse belasting betreft met betrekking tot de som van inkomsten afkomstig uit meer dan een land en de voortwenteling van de belasting betaald in het Koninkrijk Saudi-Arabië op bedoelde bestanddelen van het inkomen naar de volgende jaren.
- d. Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid, onderdeel b, van dit artikel verleent Nederland een aftrek op de Nederlandse belasting voor de in het Koninkrijk Saudi-Arabië betaalde belasting op bestanddelen van het inkomen die volgens [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 10, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 11, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [artikel 12, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2010-12-01&g=2010-12-01), en [artikel 22, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=22&z=2010-12-01&g=2010-12-01), van dit Verdrag in het Koninkrijk Saudi-Arabië mogen worden belast, voor zover deze bestanddelen in de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde grondslag zijn begrepen, indien en voor zover Nederland uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting een aftrek verleent op de Nederlandse belasting voor de in een ander land over die bestanddelen van het inkomen geheven belasting. Voor de berekening van deze aftrek zijn de bepalingen van het eerste lid, onderdeel c, van dit artikel van overeenkomstige toepassing.
- 2. wat het Koninkrijk Saudi-Arabië betreft:
- a. indien een inwoner van het Koninkrijk Saudi-Arabië inkomsten verkrijgt, die in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag in Nederland mogen worden belast, stelt het Koninkrijk Saudi-Arabië, onder voorbehoud van de bepalingen van het tweede lid, onderdeel b, van dit artikel deze inkomsten vrij van belasting.
- b. indien een inwoner van het Koninkrijk Saudi-Arabië bestanddelen van het inkomen verkrijgt, die in overeenstemming met de bepalingen van de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [artikel 13, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2008-10-13&g=2008-10-13), in Nederland mogen worden belast, verleent het Koninkrijk Saudi-Arabië een aftrek op de belasting over het inkomen van die inwoner tot een bedrag dat gelijk is aan de belasting die in Nederland is betaald. Deze aftrek is evenwel niet hoger dan het deel van de belasting berekend voordat de aftrek is verleend die is toe te rekenen aan de bestanddelen van het inkomen die in Nederland zijn verkregen.
- b. indien een inwoner van het Koninkrijk Saudi-Arabië bestanddelen van het inkomen verkrijgt, die in overeenstemming met de bepalingen van de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [artikel 13, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2010-12-01&g=2010-12-01), in Nederland mogen worden belast, verleent het Koninkrijk Saudi-Arabië een aftrek op de belasting over het inkomen van die inwoner tot een bedrag dat gelijk is aan de belasting die in Nederland is betaald. Deze aftrek is evenwel niet hoger dan het deel van de belasting berekend voordat de aftrek is verleend die is toe te rekenen aan de bestanddelen van het inkomen die in Nederland zijn verkregen.
- c. Wat betreft het Koninkrijk Saudi-Arabië laten de methoden voor het vermijden van dubbele belasting de bepalingen van het stelsel voor de invordering van Zakat met betrekking tot Saudische onderdanen onverlet.
@@ -394,7 +394,7 @@
##### Artikel 25. Uitwisseling van inlichtingen
1. De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten wisselen langs diplomatieke weg de inlichtingen uit die nodig zijn voor het uitvoeren van de bepalingen van dit Verdrag of van de nationale wetgeving van de Verdragsluitende Staten met betrekking tot belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is, voor zover heffing uit hoofde daarvan niet in strijd is met dit Verdrag. De uitwisseling van informatie wordt niet beperkt door [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=I&artikel=1&z=2008-10-13&g=2008-10-13). Alle door een Verdragsluitende Staat ontvangen inlichtingen worden op dezelfde wijze geheim gehouden als inlichtingen die volgens de nationale wetgeving van die Staat zijn verkregen en worden alleen ter kennis gebracht van personen of autoriteiten (daaronder begrepen rechterlijke instanties en administratiefrechtelijke lichamen) die betrokken zijn bij de vaststelling of invordering van, de tenuitvoerlegging of vervolging ter zake van, of de beslissing in beroepszaken betrekking hebbende op belastingen. Deze personen of autoriteiten mogen van de inlichtingen alleen voor deze doeleinden gebruik maken. Zij mogen de inlichtingen bekendmaken in openbare rechtszittingen of in rechterlijke beslissingen.
1. De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten wisselen langs diplomatieke weg de inlichtingen uit die nodig zijn voor het uitvoeren van de bepalingen van dit Verdrag of van de nationale wetgeving van de Verdragsluitende Staten met betrekking tot belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is, voor zover heffing uit hoofde daarvan niet in strijd is met dit Verdrag. De uitwisseling van informatie wordt niet beperkt door [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=I&artikel=1&z=2010-12-01&g=2010-12-01). Alle door een Verdragsluitende Staat ontvangen inlichtingen worden op dezelfde wijze geheim gehouden als inlichtingen die volgens de nationale wetgeving van die Staat zijn verkregen en worden alleen ter kennis gebracht van personen of autoriteiten (daaronder begrepen rechterlijke instanties en administratiefrechtelijke lichamen) die betrokken zijn bij de vaststelling of invordering van, de tenuitvoerlegging of vervolging ter zake van, of de beslissing in beroepszaken betrekking hebbende op belastingen. Deze personen of autoriteiten mogen van de inlichtingen alleen voor deze doeleinden gebruik maken. Zij mogen de inlichtingen bekendmaken in openbare rechtszittingen of in rechterlijke beslissingen.
2. In geen geval worden de bepalingen van het eerste lid van dit artikel zo uitgelegd dat zij een Verdragsluitende Staat de verplichting opleggen:
@@ -430,13 +430,13 @@
Bij de ondertekening van het Verdrag tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen, heden gesloten tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Saudi-Arabië, zijn de ondergetekenden overeengekomen dat de volgende bepalingen een integrerend deel van het Verdrag vormen.
##### I. Ad [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=II&artikel=4&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
1. De bevoegde autoriteiten regelen in onderlinge overeenstemming welke rechtspersonen mogen worden beschouwd als inwoners van een Verdragsluitende Staat zoals bedoeld in [artikel 4, eerste lid, onderdeel c, onder i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=II&artikel=4&z=2008-10-13&g=2008-10-13).
##### I. Ad [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=II&artikel=4&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
1. De bevoegde autoriteiten regelen in onderlinge overeenstemming welke rechtspersonen mogen worden beschouwd als inwoners van een Verdragsluitende Staat zoals bedoeld in [artikel 4, eerste lid, onderdeel c, onder i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=II&artikel=4&z=2010-12-01&g=2010-12-01).
2. Een natuurlijke persoon die aan boord van een schip woont zonder een werkelijke woonplaats in een van de Verdragsluitende Staten te hebben, wordt geacht inwoner te zijn van de Verdragsluitende Staat waarin het schip zijn thuishaven heeft.
##### II. Ad [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=II&artikel=5&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
##### II. Ad [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=II&artikel=5&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
Het volgende wordt eveneens geacht een vaste inrichting te zijn:
@@ -446,35 +446,35 @@
- 3. De rechten tot exploratie of winning en exploitatie van natuurlijke rijkdommen, met inbegrip van rechten op, belangen bij of op voordelen van vermogensbestanddelen die voortvloeien uit deze exploratie of exploitatie/winning.
##### III. Ad [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
##### III. Ad [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=7&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
1. In het geval van overeenkomsten betreffende toezicht, constructies, levering of installaties worden de voordelen van een vaste inrichting niet bepaald op basis van het totale bedrag van de overeenkomst, doch slechts op basis van dat deel van de overeenkomst dat werkelijk wordt uitgevoerd door de vaste inrichting in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd. Elk deel van de overeenkomst dat buiten de Verdragsluitende Staat waar de vaste inrichting gevestigd is wordt uitgevoerd wordt niet in aanmerking genomen bij het bepalen van de voordelen van die vaste inrichting.
2. Elke Verdragsluitende Staat kan zijn nationale wetgeving toepassen op verzekeringsactiviteiten.
##### IV. Ad [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=9&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
Elke transactie of overeenkomst tussen gelieerde ondernemingen dient te worden getoetst om zeker te stellen of voldaan wordt aan de voorwaarde bedoeld in het [eerste lid van dit artikel](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=9&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en deze niet uitsluitend vanwege de relatie tussen de beide ondernemingen in strijd geacht wordt met het **arm’s length** beginsel.
##### V. Ad [artikel 10, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
##### IV. Ad [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=9&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
Elke transactie of overeenkomst tussen gelieerde ondernemingen dient te worden getoetst om zeker te stellen of voldaan wordt aan de voorwaarde bedoeld in het [eerste lid van dit artikel](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=9&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en deze niet uitsluitend vanwege de relatie tussen de beide ondernemingen in strijd geacht wordt met het **arm’s length** beginsel.
##### V. Ad [artikel 10, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
In het geval van een wezenlijke wijziging van het bronbelastingstelsel voor dividenden in een van beide Verdragsluitende Staten na het tijdstip van ondertekening van dit Verdrag, gaan de Verdragsluitende Staten over tot onderhandeling over de opname van een antimisbruikbepaling in het Verdrag.
##### VI. Ad [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
##### VI. Ad [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=16&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
Het is wel te verstaan dat onder „raad van beheer van een lichaam” wordt verstaan personen die als zodanig zijn benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders of door enig ander bevoegd orgaan en belast zijn met de algemene leiding van het lichaam onderscheidenlijk met het toezicht daarop.
##### VII. Ad [artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
##### VII. Ad [artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=18&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
Niettegenstaande het eerste lid, mag de andere Verdragsluitende Staat die bestanddelen van het inkomen ook belasten indien die in de Staat van inwonerschap zijn vrijgesteld en totdat het artikel door de beide Verdragsluitende Staten is heronderhandeld, indien de Staat van inwonerschap een dergelijke belasting invoert.
##### VIII. Ad [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=IV&artikel=23&z=2008-10-13&g=2008-10-13)
Niettegenstaande de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13) en [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2008-10-13&g=2008-10-13) mogen dividenden en vermogenswinsten die ontstaan in het tijdvak waarin een natuurlijke persoon inwoner was van Nederland voordat hij inwoner werd van het Koninkrijk Saudi-Arabië in Nederland tot 10 jaar na de emigratie van die natuurlijke persoon overeenkomstig de Nederlandse wet worden belast. Het Koninkrijk Saudi-Arabië past [artikel 23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=IV&artikel=23&z=2008-10-13&g=2008-10-13) uitsluitend toe op het deel van de inkomsten van de natuurlijke persoon dat is ontstaan voordat de natuurlijke persoon Nederland heeft verlaten, indien de aanslag is verstrekt bij diens emigratie en voor zover de belasting is geïnd.
##### VIII. Ad [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=IV&artikel=23&z=2010-12-01&g=2010-12-01)
Niettegenstaande de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01) en [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=13&z=2010-12-01&g=2010-12-01) mogen dividenden en vermogenswinsten die ontstaan in het tijdvak waarin een natuurlijke persoon inwoner was van Nederland voordat hij inwoner werd van het Koninkrijk Saudi-Arabië in Nederland tot 10 jaar na de emigratie van die natuurlijke persoon overeenkomstig de Nederlandse wet worden belast. Het Koninkrijk Saudi-Arabië past [artikel 23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=IV&artikel=23&z=2010-12-01&g=2010-12-01) uitsluitend toe op het deel van de inkomsten van de natuurlijke persoon dat is ontstaan voordat de natuurlijke persoon Nederland heeft verlaten, indien de aanslag is verstrekt bij diens emigratie en voor zover de belasting is geïnd.
##### IX. Algemeen
1. Indien aan de bron belasting is geheven die het belastingbedrag dat ingevolge de bepalingen van de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2008-10-13&g=2008-10-13), [11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2008-10-13&g=2008-10-13) of [12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2008-10-13&g=2008-10-13) mag worden geheven te boven gaat, moeten verzoeken om teruggaaf van het daarboven uitgaande belastingbedrag worden ingediend bij de bevoegde autoriteit van de Staat die de belasting heeft geheven, binnen een tijdvak van vijf jaar na afloop van het kalenderjaar waarin de belasting is geheven.
1. Indien aan de bron belasting is geheven die het belastingbedrag dat ingevolge de bepalingen van de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=10&z=2010-12-01&g=2010-12-01), [11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=11&z=2010-12-01&g=2010-12-01) of [12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003071&hoofdstuk=III&artikel=12&z=2010-12-01&g=2010-12-01) mag worden geheven te boven gaat, moeten verzoeken om teruggaaf van het daarboven uitgaande belastingbedrag worden ingediend bij de bevoegde autoriteit van de Staat die de belasting heeft geheven, binnen een tijdvak van vijf jaar na afloop van het kalenderjaar waarin de belasting is geheven.
2. Zodra de wetten of voorschriften van het Koninkrijk Saudi-Arabië inwoners van andere landen, met uitzondering van landen die lid zijn van de Samenwerkingsraad van de Golfstaten en de Arabische Liga, een nationale behandeling wat betreft belastingheffing toekennen, wordt deze nationale behandeling automatisch verleend aan inwoners of voormalige inwoners van Nederland.
2008-10-13
Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de
original version
Tekst op deze datum