Wijzigingsgeschiedenis

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van de Nederlandse Antillen, en de Verenigde Mexicaanse Staten inzake de uitwisseling van inlichtingen met betrekking tot belastingen

2 versions · 2011-02-04
2011-02-04
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van de Neder

Wijzigingen op 2011-02-04

@@ -12,7 +12,7 @@
##### Artikel 1. Doelstelling en Reikwijdte van dit Verdrag
1. De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen verlenen elkaar bijstand door middel van de uitwisseling van inlichtingen die naar verwachting van belang zullen zijn voor de toepassing en handhaving van de nationale wetten van de Verdragsluitende Partijen die betrekking hebben op de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is. Deze inlichtingen omvatten informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de bepaling, vaststelling en inning van deze belastingen, de invordering en tenuitvoerlegging van belastingvorderingen of het onderzoek naar of de vervolging van belastingzaken. Inlichtingen worden uitgewisseld in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag en worden vertrouwelijk behandeld op de wijze voorzien in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=8&z=2009-09-01&g=2009-09-01). De uit hoofde van de wetgeving of administratieve praktijk van de aangezochte Partij aan personen toegekende rechten en waarborgen blijven van toepassing voor zover zij de doeltreffende uitwisseling van inlichtingen niet onnodig verhinderen of vertragen.
1. De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen verlenen elkaar bijstand door middel van de uitwisseling van inlichtingen die naar verwachting van belang zullen zijn voor de toepassing en handhaving van de nationale wetten van de Verdragsluitende Partijen die betrekking hebben op de belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is. Deze inlichtingen omvatten informatie die naar verwachting van belang zal zijn voor de bepaling, vaststelling en inning van deze belastingen, de invordering en tenuitvoerlegging van belastingvorderingen of het onderzoek naar of de vervolging van belastingzaken. Inlichtingen worden uitgewisseld in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag en worden vertrouwelijk behandeld op de wijze voorzien in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=8&z=2011-02-04&g=2011-02-04). De uit hoofde van de wetgeving of administratieve praktijk van de aangezochte Partij aan personen toegekende rechten en waarborgen blijven van toepassing voor zover zij de doeltreffende uitwisseling van inlichtingen niet onnodig verhinderen of vertragen.
2. Wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft is dit Verdrag alleen van toepassing op de Nederlandse Antillen.
@@ -94,17 +94,17 @@
##### Artikel 6. Uitwisseling van Inlichtingen op Verzoek
1. De bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij verstrekt op verzoek inlichtingen ten behoeve van de in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=1&z=2009-09-01&g=2009-09-01) bedoelde doeleinden. Dergelijke inlichtingen worden uitgewisseld ongeacht of de onderzochte gedragingen, indien deze in de aangezochte Partij zouden plaatsvinden, uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte Partij als misdrijf zouden worden aangemerkt.
1. De bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij verstrekt op verzoek inlichtingen ten behoeve van de in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=1&z=2011-02-04&g=2011-02-04) bedoelde doeleinden. Dergelijke inlichtingen worden uitgewisseld ongeacht of de onderzochte gedragingen, indien deze in de aangezochte Partij zouden plaatsvinden, uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte Partij als misdrijf zouden worden aangemerkt.
2. Indien de inlichtingen in het bezit van de bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij niet toereikend zijn om aan het verzoek om inlichtingen te voldoen, treft die Partij alle toepasselijke maatregelen ten behoeve van het verzamelen van inlichtingen teneinde de verzoekende Partij de verlangde inlichtingen te verstrekken, ongeacht het feit dat de aangezochte Partij ten behoeve van haar eigen belastingheffing niet over dergelijke inlichtingen hoeft te beschikken.
3. Indien de bevoegde autoriteit van een verzoekende Partij daar specifiek om verzoekt, is de bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij gehouden uit hoofde van dit artikel inlichtingen te verstrekken, voor zover zulks is toegestaan in overeenstemming met haar nationale wetgeving, in de vorm van getuigenverklaringen en gewaarmerkte afschriften van originele stukken.
4. Elke Verdragsluitende Partij waarborgt dat haar bevoegde autoriteit ten behoeve van de in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=1&z=2009-09-01&g=2009-09-01) van dit Verdrag omschreven doelstellingen, over de bevoegdheid beschikt het navolgende te verkrijgen en te verstrekken:
4. Elke Verdragsluitende Partij waarborgt dat haar bevoegde autoriteit ten behoeve van de in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=1&z=2011-02-04&g=2011-02-04) van dit Verdrag omschreven doelstellingen, over de bevoegdheid beschikt het navolgende te verkrijgen en te verstrekken:
- a). inlichtingen die berusten bij banken, overige financiële instellingen, of personen die bij wijze van vertegenwoordiging of als vertrouwenspersoon optreden, met inbegrip van gevolmachtigden en trustees;
- b). inlichtingen met betrekking tot de eigendom van lichamen, vennootschappen, trusts, stichtingen en andere rechtspersonen, met inbegrip van, binnen de beperkingen van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=2&z=2009-09-01&g=2009-09-01), inlichtingen inzake de eigendom met betrekking tot al deze rechtspersonen binnen een eigendomsketen; in het geval van trusts, inlichtingen met betrekking tot instellers, trustees en begunstigden en borgen; en in het geval van stichtingen, inlichtingen met betrekking tot stichters, leden van het bestuur en begunstigden. Dit Verdrag schept daarnaast geen verplichting voor de Verdragsluitende Partijen inlichtingen inzake de eigendom te verkrijgen of te verstrekken met betrekking tot beursgenoteerde lichamen of openbare collectieve beleggingsfondsen of openbare collectieve beleggingsregelingen tenzij deze inlichtingen kunnen worden verkregen zonder tot onevenredige moeilijkheden te leiden.
- b). inlichtingen met betrekking tot de eigendom van lichamen, vennootschappen, trusts, stichtingen en andere rechtspersonen, met inbegrip van, binnen de beperkingen van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=2&z=2011-02-04&g=2011-02-04), inlichtingen inzake de eigendom met betrekking tot al deze rechtspersonen binnen een eigendomsketen; in het geval van trusts, inlichtingen met betrekking tot instellers, trustees en begunstigden en borgen; en in het geval van stichtingen, inlichtingen met betrekking tot stichters, leden van het bestuur en begunstigden. Dit Verdrag schept daarnaast geen verplichting voor de Verdragsluitende Partijen inlichtingen inzake de eigendom te verkrijgen of te verstrekken met betrekking tot beursgenoteerde lichamen of openbare collectieve beleggingsfondsen of openbare collectieve beleggingsregelingen tenzij deze inlichtingen kunnen worden verkregen zonder tot onevenredige moeilijkheden te leiden.
5. De bevoegde autoriteit van de verzoekende Partij verstrekt de volgende inlichtingen aan de bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij wanneer de eerstgenoemde Partij uit hoofde van dit Verdrag een verzoek om inlichtingen doet, teneinde aan te tonen dat deze naar verwachting van belang zullen zijn voor het verzoek:
@@ -132,7 +132,7 @@
1. Van de aangezochte Partij kan niet worden verlangd dat zij inlichtingen verkrijgt of verstrekt die de verzoekende Partij krachtens haar eigen wetgeving niet zou kunnen verkrijgen ten behoeve van de toepassing of handhaving van haar eigen belastingwetten. De bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij kan verzoeken om bijstand die niet in overeenstemming met dit Verdrag gedaan zijn afwijzen.
2. De bepalingen van dit Verdrag mogen een Verdragsluitende Partij niet verplichten inlichtingen te verstrekken waardoor een handelsgeheim, zakelijk geheim, industrieel, commercieel of beroepsgeheim of handelsproces zou worden onthuld. Niettegenstaande het voorgaande, zullen de inlichtingen zoals bedoeld in [artikel 6, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=6&z=2009-09-01&g=2009-09-01), niet als geheim of handelsproces worden behandeld alleen op grond van het feit dat zij aan de in dat lid gestelde criteria voldoen.
2. De bepalingen van dit Verdrag mogen een Verdragsluitende Partij niet verplichten inlichtingen te verstrekken waardoor een handelsgeheim, zakelijk geheim, industrieel, commercieel of beroepsgeheim of handelsproces zou worden onthuld. Niettegenstaande het voorgaande, zullen de inlichtingen zoals bedoeld in [artikel 6, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=6&z=2011-02-04&g=2011-02-04), niet als geheim of handelsproces worden behandeld alleen op grond van het feit dat zij aan de in dat lid gestelde criteria voldoen.
3. De bepalingen van dit Verdrag mogen een Verdragsluitende Partij niet verplichten inlichtingen te verkrijgen of te verstrekken waardoor vertrouwelijke communicatie tussen een cliënt en een advocaat of een andere erkende juridische vertegenwoordiger zou worden onthuld indien dergelijke communicatie:
@@ -162,7 +162,7 @@
1. De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen trachten moeilijkheden of twijfelpunten die mochten rijzen met betrekking tot de uitlegging of de toepassing van dit Verdrag gezamenlijk op te lossen.
2. Naast de in het eerste lid bedoelde afspraken, kunnen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen in onderling overleg de krachtens [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=6&z=2009-09-01&g=2009-09-01) te hanteren procedures vaststellen.
2. Naast de in het eerste lid bedoelde afspraken, kunnen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen in onderling overleg de krachtens [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=6&z=2011-02-04&g=2011-02-04) te hanteren procedures vaststellen.
3. De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen kunnen zich rechtstreeks met elkaar in verbinding stellen voor de toepassing van dit artikel.
@@ -182,7 +182,7 @@
2. In dat geval houdt het Verdrag op 1 januari van het kalenderjaar eerstvolgend op het jaar waarin de kennisgeving is gedaan op van kracht te zijn.
3. Niettegenstaande de beëindiging van dit Verdrag, blijven de Verdragsluitende Partijen gebonden door de bepalingen van [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=8&z=2009-09-01&g=2009-09-01) ten aanzien van alle uit hoofde van dit Verdrag verkregen inlichtingen.
3. Niettegenstaande de beëindiging van dit Verdrag, blijven de Verdragsluitende Partijen gebonden door de bepalingen van [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003490&artikel=8&z=2011-02-04&g=2011-02-04) ten aanzien van alle uit hoofde van dit Verdrag verkregen inlichtingen.
TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekenden, daartoe naar behoren gemachtigd, dit Verdrag hebben ondertekend.
2009-09-01
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van de Ne
original version Tekst op deze datum