← Geldende tekst · Geschiedenis

Constitutie van de Wereldpostunie

Geldende tekst a fecha 2022-07-01

Preambule

Met het oog op het ontwikkelen van communicatie tussen de volkeren door middel van een doelmatige werking van de postdiensten en het leveren van een bijdrage tot het bereiken van de hoge doelen van de internationale samenwerking op cultureel, sociaal en economisch gebied, hebben de gevolmachtigden van de regeringen van de verdragsluitende landen, onder voorbehoud van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring deze Constitutie aangenomen.

De Wereldpostunie (hierna de „Unie”) heeft tot doel de duurzame ontwikkeling van kwalitatief hoogwaardige, doelmatige en toegankelijke universele postale diensten te bevorderen, om de communicatie tussen de bewoners van de wereld te vergemakkelijken, door:

het vrije verkeer van poststukken te waarborgen op een enkel postgebied dat bestaat uit onderling verbonden netwerken;

de aanneming van billijke gemeenschappelijke normen en het gebruik van technologie aan te moedigen;

samenwerking en interactie tussen de betrokken partijen te waarborgen;

doelmatige technische samenwerking te bevorderen;

toe te zien op de voldoening aan de veranderende behoeften van de cliënten.

TITEL I. ORGANIEKE BEPALINGEN

HOOFDSTUK I. ALGEMEEN

Artikel 1. Reikwijdte en doelen van de Unie
1.

De landen die deze Constitutie aannemen, vormen in het kader van de intergouvernementele organisatie met de naam Wereldpostunie één enkel postgebied voor de wederzijdse uitwisseling van poststukken. De vrijheid van doorvoer is gegarandeerd binnen het gehele gebied van de Unie, behoudens de voorwaarden als vermeld in de Akten van de Unie en elk aanvullend protocol daarbij (hierna tezamen genoemd „Akten van de Unie”).

2.

Het doel van de Unie is de organisatie en verbetering van postale diensten veilig te stellen en de ontwikkeling van internationale samenwerking op dit gebied te bevorderen.

3.

De Unie neemt, voor zover mogelijk, deel aan de postale technische bijstand die door haar lidstaten wordt gevraagd.

Artikel 1bis. Begripsomschrijvingen
1.

Ten behoeve van de Akten van de Unie worden de navolgende termen als volgt gedefinieerd:

Artikel 2. Leden van de Unie

Lidstaten van de Unie zijn:

Artikel 3. Rechtsgebied van de Unie

Het rechtsgebied van de Unie omvat:

Artikel 4. Uitzonderlijke betrekkingen
1.

De lidstaten waarvan de aangewezen aanbieders postale diensten verzorgen namens grondgebieden die niet in de Unie zijn opgenomen, zijn verplicht voor de andere lidstaten als tussenliggende lidstaat op te treden. De bepalingen van het Verdrag en van de bijbehorende Regelingen zijn op deze uitzonderlijke betrekkingen van toepassing.

Artikel 5. Zetel van de Unie

De zetel van de Unie en haar permanente organen is gevestigd te Bern.

Artikel 6. Officiële taal van de Unie

De officiële taal van de Unie is de Franse taal.

Artikel 7. Munteenheid

De munteenheid die in de Akten van de Unie wordt gebruikt is de rekeneenheid van het Internationaal Monetair Fonds (IMF).

Artikel 8. Beperkte Unies. Bijzondere regelingen
1.

Lidstaten of hun aangewezen aanbieders indien zulks door de wetgeving van deze lidstaten wordt toegestaan, kunnen beperkte Unies oprichten en bijzondere regelingen sluiten met betrekking tot de postale dienst, evenwel altijd met dien verstande dat zij geen bepalingen mogen opnemen die minder gunstig zijn voor het publiek dan de bepalingen in de Akten waarbij de betreffende lidstaten partij zijn.

2.

Beperkte Unies kunnen waarnemers zenden naar Congressen, de Raad van Bestuur, de Postraad en andere door de Unie georganiseerde conferenties en vergaderingen.

3.

De Unie kan waarnemers naar Congressen, conferenties en vergaderingen van de beperkte Unies zenden.

Artikel 9. Betrekkingen met de Organisatie van de Verenigde Naties
1.

De betrekkingen tussen de Unie en de Organisatie van de Verenigde Naties worden geregeld in de regelingen die als bijlagen bij deze Constitutie zijn gevoegd

Artikel 10. Betrekkingen met internationale organisaties

Om een nauwe samenwerking op het gebied van de internationale postdiensten te waarborgen, kan de Unie samenwerken met internationale organisaties met aanverwante belangen en activiteiten.

HOOFDSTUK II. TOETREDING OF TOELATING TOT DE UNIE. VERLATEN VAN DE UNIE

Artikel 11. Toetreding of toelating tot de Unie. Procedure
1.

Elk lid van de Organisatie van de Verenigde Naties kan tot de Unie toetreden.

2.

Elk soeverein land dat geen lid van de Organisatie van de Verenigde Naties is, kan verzoeken om toelating in de hoedanigheid van lidstaat van de Unie.

3.

De toetreding of het verzoek om toelating tot de Unie moet een officiële verklaring van toetreding tot de Constitutie en tot de verplichte Akten van de Unie bevatten. Deze verklaring wordt door de Regering van het betrokken land naar de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau verzonden die, naargelang van het geval, kennisgeving doet van de toetreding of met de lidstaten overleg pleegt over het verzoek om toelating.

4.

Een land dat geen lid van de Organisatie van de Verenigde Naties is, wordt als toegelaten lidstaat beschouwd indien zijn verzoek wordt goedgekeurd door ten minste twee derde van de lidstaten van de Unie. De lidstaten waarvan het antwoord niet is ontvangen door het Internationaal Bureau binnen een termijn van vier maanden, te rekenen vanaf de datum van de raadpleging, worden geacht zich te hebben onthouden. De bovengenoemde antwoorden, die fysiek of met veilige elektronische middelen bij het Internationaal Bureau moeten worden ingediend, zijn ondertekend door een naar behoren gemachtigde vertegenwoordiger van de overheidsautoriteit van de betreffende lidstaat. Voor de toepassing van dit lid worden met „veilige elektronische middelen” alle elektronische middelen bedoeld die worden gebruikt voor het verwerken, opslaan en verzenden van gegevens die waarborgen dat de volledigheid, integriteit en vertrouwelijkheid van dergelijke gegevens gehandhaafd blijven bij het indienen van bovenvermelde antwoorden door een lidstaat.

5.

Van de toetreding of toelating in de hoedanigheid van lid wordt door de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau kennisgeving gedaan aan de regeringen van de lidstaten. De toetreding of toelating wordt van kracht op de datum van deze kennisgeving.

Artikel 12. Verlaten van de Unie. Procedure
1.

Elke lidstaat kan de Unie verlaten door opzegging van de Constitutie die door de regering van het betrokken land aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau en door deze laatste aan de regeringen van de lidstaten wordt gedaan.

2.

Het verlaten van de Unie wordt van kracht na het verstrijken van één jaar na ontvangst van de in het eerste lid bedoelde opzegging door de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.

HOOFDSTUK III. ORGANISATIE VAN DE UNIE

Artikel 13. Organen van de Unie
1.

De organen van de Unie zijn het Congres, de Raad van Bestuur, de Postraad en het Internationaal Bureau.

2.

De permanente organen van de Unie zijn de Raad van Bestuur, de Postraad en het Internationaal Bureau.

Artikel 14. Congres
1.

Het Congres is het hoogste orgaan van de Unie.

2.

Het Congres bestaat uit de vertegenwoordigers van de lidstaten.

Artikel 15. Buitengewone Congressen

Op verzoek of met instemming van ten minste twee derde van de lidstaten van de Unie kan een Buitengewoon Congres worden bijeengeroepen.

Artikel 16. Administratieve conferenties

[Geschrapt.]

Artikel 17. Raad van Bestuur
1.

Tussen twee Congressen waarborgt de Raad van Bestuur de continuïteit van de werkzaamheden van de Unie overeenkomstig de bepalingen van de Akten van de Unie.

2.

De leden van de Raad van Bestuur oefenen hun functie uit in naam en in het belang van de Unie.

Artikel 18. Postraad
1.

De Postraad is verantwoordelijk voor operationele, commerciële, technische en economische vraagstukken met betrekking tot de postdienst.

2.

Leden van de Postraad voeren hun taken uit in naam en in het belang van de Unie.

Artikel 19. Bijzondere Commissies

[Geschrapt.]

Artikel 20. Internationaal bureau

Een centraal bureau, dat op het hoofdkantoor van de Unie opereert onder de naam van het Internationaal Bureau van de Wereldpostunie, onder leiding van een Directeur-Generaal en onder toezicht van de Raad van Bestuur, dient als uitvoerend, ondersteunend, contact-, informatie- en overlegorgaan.

HOOFDSTUK IV. FINANCIËN VAN DE UNIE

Artikel 21. Uitgaven van de Unie Bijdragen van de lidstaten
1.

Elk Congres beslist over het maximumbedrag voor:

2.

Het in het eerste lid bedoelde maximumbedrag van de uitgaven mag worden overschreden indien de omstandigheden zulks vereisen, met inachtneming van de desbetreffende bepalingen van het Algemeen Reglement.

3.

De uitgaven van de Unie, met inbegrip van de in het tweede lid bedoelde uitgaven, worden gezamenlijk gedragen door de lidstaten van de Unie. Daartoe kiest elke lidstaat de bijdrageklasse waarin hij wil worden ingedeeld, met inachtneming van de relevante bepalingen die zijn vastgelegd in het Algemeen Reglement.

4.

In geval van toetreding of toelating tot de Unie uit hoofde van artikel 11 kiest het betrokken land de bijdragecategorie waarin het wil worden ingedeeld met het oog op de verdeling van de uitgaven van de Unie, eveneens met inachtneming van de relevante bepalingen die zijn vastgelegd in het Algemeen Reglement.

TITEL II. AKTEN VAN DE UNIE

HOOFDSTUK I. ALGEMEEN

Artikel 22. Akten van de Unie
1.

De Constitutie is de fundamentele Akte van de Unie. Zij bevat de organieke regels van de Unie; hierop kunnen geen voorbehouden worden gemaakt.

2.

Het Algemeen Reglement bevat bepalingen die de toepassing van de Constitutie en het functioneren van de Unie waarborgen. Dit Reglement is bindend voor alle lidstaten en hierop kunnen geen voorbehouden worden gemaakt.

3.

Het Verdrag en de bijbehorende Regelingen bevatten de regels die van toepassing zijn op de gehele postale dienst. Deze Akten zijn bindend voor alle lidstaten. De lidstaten zien erop toe dat hun aangewezen aanbieders de uit het Verdrag en de bijbehorende Regelingen voortvloeiende verplichtingen nakomen.

4.

In de Verdragen van de Unie en de Regelingen erbij worden de diensten anders dan de diensten die omschreven zijn in het Verdrag en de bijbehorende Regelingen respectievelijk omschreven en gereguleerd tussen de lidstaten die er partij bij zijn. Deze Overeenkomsten en Regelingen zijn enkel voor die lidstaten bindend. De ondertekenende lidstaten zien erop toe dat hun aangewezen aanbieders de uit de Verdragen van de Unie en de Regelingen erbij voortvloeiende verplichtingen nakomen.

5.

De Regelingen, die de voor de uitvoering van het Verdrag en de Verdragen van de Unie vereiste toepassingsvoorschriften bevatten, worden vastgesteld door de Postraad, met inachtneming van de besluiten van het Congres.

6.

De Slotprotocollen die aan de in het derde, vierde en vijfde lid bedoelde Akten van de Unie zijn gehecht, bevatten de voorbehouden bij deze Akten.

Artikel 23. Toepassing van de Akten van de Unie op de grondgebieden waarvoor een lidstaat de internationale betrekkingen onderhoudt
1.

Elk land kan te allen tijde verklaren dat zijn goedkeuring van de Akten van de Unie alle of een deel van de grondgebieden omvat waarvoor het de internationale betrekkingen onderhoudt.

2.

De in het eerste lid bedoelde verklaring wordt gericht aan de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.

3.

Elke lidstaat kan te allen tijde de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau in kennis stellen van de toepassing van de Akten van de Unie waarvoor deze de in eerste lid bedoelde verklaring heeft afgelegd. Deze kennisgeving wordt van kracht één jaar na de datum van ontvangst ervan door de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.

4.

De verklaringen en kennisgevingen bedoeld in de leden 1 en 3 worden aan de lidstaten medegedeeld door de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau.

5.

De bepalingen bedoeld in de leden 1 tot en met 4 zijn niet van toepassing op de grondgebieden die de hoedanigheid van lid van de Unie hebben en waarvoor een lidstaat de internationale betrekkingen onderhoudt.

Artikel 24. Nationale wetgevingen

De bepalingen van de Akten van de Unie laten de wetgeving van elke lidstaat onverlet voor alles dat niet uitdrukkelijk in die Akten is bepaald.

HOOFDSTUK II. AANVAARDING EN OPZEGGING VAN DE AKTEN VAN DE UNIE

Artikel 25. Ondertekening, waarmerking, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring van en toetreding tot de Akten van de Unie
1.

De van het Congres afkomstige Akten van de Unie worden ondertekend door de gevolmachtigden van de lidstaten.

2.

De Regelingen worden gewaarmerkt door de Voorzitter en de Secretaris-Generaal van de Postraad.

3.

De Akten van de Unie worden zo snel mogelijk door de ondertekenende landen bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd, in overeenstemming met hun respectieve constitutionele regels.

4.

(Geschrapt.)

5.

Wanneer een lidstaat de Akten van de Unie die hij heeft ondertekend niet bekrachtigt, aanvaardt of goedkeurt, blijven deze Akten onverminderd gelden voor de andere lidstaten die deze wel hebben bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd.

6.

Lidstaten kunnen, op enig moment, toetreden tot de Akten van de Unie die zij niet hebben ondertekend, in overeenstemming met de relevante procedures vervat in het Reglement van Orde van de Congressen.

7.

Van toetreding door lidstaten tot de Akten van de Unie worden kennisgeving gedaan in overeenstemming met artikel 26.

Artikel 26. Kennisgeving van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring van en van toetreding tot de Akten van de Unie
1.

De instrumenten van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring van en toetreding tot de Akten van de Unie worden zo spoedig mogelijk nedergelegd bij de Directeur-Generaal van het Internationaal Bureau, die de regeringen van de lidstaten van deze nederlegging in kennis stelt.

Artikel 27. Toetreding tot de Regelingen

Vervallen

Artikel 28. Opzegging van de Verdragen van de Unie
1.

Elke lidstaat kan zich terugtrekken uit deelname aan een of meerdere Verdragen van de Unie, met inachtneming van de analoge bepalingen in artikel 12.

HOOFDSTUK III. WIJZIGING VAN DE AKTEN VAN DE UNIE

Artikel 29
1.

Elke lidstaat is bevoegd hetzij tijdens het Congres, hetzij tussen twee Congressen in, voorstellen in te dienen betreffende de Akten van de Unie waarbij de lidstaat partij is.

2.

Voorstellen betreffende de Constitutie en het Algemeen Reglement kunnen echter uitsluitend bij het Congres worden ingediend.

3.

Bovendien worden voorstellen betreffende de Regelingen bij de Postraad ingediend door tussenkomst van het Internationaal Bureau.

Artikel 30. Wijziging van de Constitutie
1.

Om te worden aangenomen moeten de voorstellen die aan het Congres worden voorgelegd en die betrekking hebben op deze Constitutie worden goedgekeurd door ten minste twee derde van de lidstaten van de Unie die bevoegd zijn een stem uit te brengen.

2.

De door een Congres aangenomen wijzigingen van de Constitutie worden vervat in een aanvullend protocol en treden in werking op de daarin vermelde datum zoals tijdens hetzelfde Congres bepaald. Onverminderd het bindende karakter van de Constitutie zoals voorzien in artikel 22.1, worden de genoemde wijzigingen zo snel mogelijk door de lidstaten bekrachtigd, aanvaard, goedgekeurd of treden zij er zo snel mogelijk tot toe. De akten van deze bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding worden behandeld overeenkomstig de in artikel 26 vereiste procedure.

Artikel 31. Wijziging van het Algemeen Reglement, van het Verdrag en van de Verdragen van de Unie
1.

In het Algemeen Reglement, het Verdrag en de Verdragen van de Unie worden de voorwaarden vastgelegd waaraan de goedkeuring van de voorstellen die daarop betrekking hebben, onderworpen is.

2.

Wijzigingen van het Algemeen Reglement, het Verdrag en de Verdragen van de Unie worden vervat in een aanvullend protocol en treden in werking op de datum die door het Congres wordt bepaald. Onverminderd het bindende karakter van de bovengenoemde Akten van de Unie zoals voorzien in artikel 22, worden de genoemde wijzigingen zo snel mogelijk door de lidstaten bekrachtigd, aanvaard, goedgekeurd of treden zij er zo snel mogelijk tot toe. De akten van deze bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding worden behandeld overeenkomstig de in artikel 26 vereiste procedure. Deze bepaling is eveneens van overeenkomstige toepassing op eventuele wijzigingen van het Verdrag en de Verdragen van de Unie die zijn aangenomen tussen twee Congressen.

HOOFDSTUK IV. REGELING VAN GESCHILLEN

Artikel 32. Scheidsrechterlijke beslissingen

In geval van een geschil tussen twee of meerdere lidstaten met betrekking tot de uitlegging van de Akten van de Unie of met betrekking tot de verantwoordelijkheden die ten aanzien van een lidstaat uit de toepassing van deze Akten voortvloeien, wordt het geschil in kwestie geregeld door middel van een scheidsrechterlijke beslissing.

TITEL III. SLOTBEPALINGEN

Artikel 33. Inwerkingtreding en duur van de Constitutie

Deze Constitutie treedt in werking op 1 januari 1966 en blijft voor onbepaalde tijd van kracht.

EN FOI DE QUOI, les Plénipotentiaires des Gouvernements des pays contractants ont signé la présente Constitution en un exemplaire qui restera déposé aux Archives du Gouvernement du pays-siège de l'Union. Une copie en sera remise à chaque Partie par le Gouvernement du pays-siège du Congrès.

FAIT à Vienne, le 10 juillet 1964.