← Geldende tekst · Geschiedenis

Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Columbia inzake het ter beschikking stellen van Nederlandse Vrijwilligers voor arbeid in Columbia

Geldende tekst a fecha 1970-01-02

De Regeringen van het Koninkrijk der Nederlanden, vertegenwoordigd door de bij de Regering van de Republiek Columbia geaccrediteerde Ambassadeur, en van de Republiek Columbia, vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken, handelend krachtens de bevoegdheden vervat in de Wet No. 24 van 1959, en hiertoe volledig bevoegd,

Verlangende de vriendschap te bevestigen welke hun volkeren elkaar toedragen en de goede betrekkingen tussen hun landen te verstevigen, alsmede samen te werken in de uitvoering van het Nationale Programma voor de Ontwikkeling van de Gemeenschap in Columbia, en hiervoor de diensten van Nederlandse Jongeren Vrijwilligers aan te wenden,

Zijn overeengekomen de Overeenkomst inhoudende de volgende bepalingen:

Artikel 1

a). De Nederlandse Regering stelt binnen de ten dienste staande personele, financiële en materiële mogelijkheden, Vrijwilligers ter beschikking van de Columbiaanse Regering, indien deze laatste hierom verzoekt.

b). De Vrijwilligers worden, onder de in deze Overeenkomst vervatte algemene voorwaarden en onder de bijzondere voorwaarden die door de Gemengde Commissie bedoeld in artikel 6 nader kunnen worden bepaald, ter beschikking gesteld voor projecten waaromtrent vooraf rechtstreeks tussen de beide Regeringen of binnen die Gemengde Commissie overeenstemming is bereikt.

c). De in vorig lid bedoelde projecten worden uitgevoerd in het kader van het Columbiaanse Nationale Programma voor de Ontwikkeling van de Gemeenschap en hebben in het bijzonder betrekking op de ontwikkeling van de Columbiaanse Landbouwgebieden in de departementen Nariño en Meta.

Artikel 2

a). De werkzaamheden van de Vrijwilligers worden, met inachtneming van de richtlijnen van de eerderbedoelde Gemengde Commissie, gecoördineerd door de Afdeling Gemeenschapsactie (División de Acción Comunal) van het Columbiaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken. Bij de uitvoering der projecten staan de Vrijwilligers rechtstreeks onder leiding van en worden voor zoveel mogelijk bijgestaan door de door de Columbiaanse Regering daartoe aangewezen personen of instellingen.

b). Voor de uitvoering van dit programma zal de Nederlandse Regering een functionaris aanwijzen die zal optreden als Algemeen Supervisor van de Vrijwilligers en als tussenpersoon tussen genoemde Vrijwilligers en de Columbiaanse autoriteiten. Eveneens zal de Nederlandse Regering het technische of administratieve hulppersoneel kunnen benoemen, dat zij voor de uitvoering van het programma wenselijk acht.

c). De Nederlandse Regering heeft het recht vertegenwoordigers te zenden teneinde zich nopens de gemaakte vorderingen in de werkzaamheden der Vrijwilligers op de hoogte te stellen, alsmede voor andere met deze overeenkomst verband houdende doeleinden. Deze vertegenwoordigers zullen, zo zij diplomaten of consuls zijn, de behandeling genieten die aan hun status toekomt, en indien zij deze hoedanigheid niet bezitten, zullen zij de faciliteiten genieten bedoeld in artikel 5.

Artikel 3

a). De Nederlandse Regering belast zich met de selectie en de opleiding en draagt de kosten van de heen- en terugreis, het vervoer in Columbia, de persoonlijke uitrusting, de kosten van huisvesting, de salarissen, de medische verzorging en de sociale verzekering van het Nederlandse personeel dat werkzaam is in deze programma's.

b). De Nederlandse Regering levert eveneens het materieel en de materialen, nodig voor de uitvoering der projecten, in de mate en op de wijze waaromtrent rechtstreeks tussen de beide Regeringen of binnen de Gemengde Commissie bedoeld in artikel 6 overeenstemming is bereikt.

Artikel 4

De Columbiaanse Regering staat de Vrijwilligers op alle mogelijke wijze bij. Met name beschermt zij hen wat betreft hun persoon en wat betreft hun eigendommen en is zij hun behulpzaam bij het vinden van geschikte huisvesting en medische verzorging.

Artikel 5

De Columbiaanse Regering verplicht zich:

Artikel 6

Ingesteld wordt een Gemengde Commissie, bestaande uit twee vertegenwoordigers van de Nederlandse Regering en twee vertegenwoordigers van de Columbiaanse Regering. Zij is belast met de uitvoering van deze Overeenkomst, beslist bij unanimiteit, stelt met inachtneming van de bepalingen van deze Overeenkomst haar huishoudelijk reglement vast en komt bijeen op verzoek van een der leden.

Artikel 7

Deze Overeenkomst geldt voor een tijdvak van twee jaar, en zal geacht worden voor gelijke tijdvakken te zijn verlengd, behoudens schriftelijke kennisgeving van het tegendeel van een der Regeringen aan de andere tenminste negentig dagen voor het verstrijken van het aanvankelijk bedoelde tijdvak of voor het verlopen van een van deszelfs verlengingen.

Artikel 8

Deze Overeenkomst zal in werking treden zodra de Regeringen van de partijen de in hun landen vastgestelde wettelijke vereisten vervullen en dienovereenkomstig elkaar schriftelijk kennisgeving doen.

TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende vertegenwoordigers, daartoe behoorlijk gemachtigd door hun onderscheiden Regeringen, deze Overeenkomst hebben ondertekend.

GEDAAN te Bogotá, de 6e juli 1964, in zes exemplaren, waarvan drie in de Nederlandse en drie in de Spaanse taal, zijnde de teksten gelijkelijk authentiek.

Voor de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden,

(w.g.) TH. P. BERGSMA

Voor de Regering van de Republiek Columbia,

(w.g.) AURELIO CAMACHO RUEDA