Europese Code inzake Sociale Zekerheid (herzien)
- f. zolang de belanghebbende zich niet op het grondgebied van de desbetreffende Partij bevindt;
- g. zolang het onderhoud van de belanghebbende ten laste van de overheid of van een instelling of dienst van sociale zekerheid komt;
- h. zolang de belanghebbende een andere uitkering voor sociale zekerheid in geld ontvangt, met uitzondering van kinderbijslag, en gedurende enige periode, tijdens welke hij voor hetzelfde geval een vergoeding ontvangt van derden, met dien verstande, dat het deel van de uitkering dat wordt geschorst de andere uitkering of de door derden betaalde schadeloosstelling niet overtreft;
- i. voor wat betreft de uitkeringen aan een nagelaten echtgeno(o)t(e), zolang deze met een ander samenleeft;
- j. voor wat betreft de invaliditeits-, ouderdoms- of nabestaandenuitkeringen, zolang de belanghebbende betaald werk verricht;
- k. voor wat betreft de uitkeringen die worden toegekend zonder enige voorwaarde inzake wachttijd, ter voorkoming van misbruik.
In voorgeschreven gevallen, onder voorgeschreven voorwaarden en binnen voorgeschreven grenzen, moet een deel van de uitkering, die normaal zou zijn verleend als de desbetreffende bepalingen van het voorgaande lid niet zouden zijn toegepast, worden verleend aan de personen die ten laste van de belanghebbende komen, tenzij zij een andere vorm van bescherming genieten.
Artikel 75
Indien een prestatie wordt geweigerd, geschorst of ingetrokken, of indien er geschillen bestaan aangaande de aard en het bedrag ervan, heeft een ieder die aanspraak maakt op uitkering het recht om beroep in te stellen bij de bevoegde rechterlijke instantie. Aan dit beroep zijn in beginsel geen kosten verbonden, onder voorbehoud van voorgeschreven voorwaarden, tenzij de belanghebbende een eerder recht op kosteloos beroep bij een bevoegde instantie heeft.
Voorgeschreven procedures moeten het de eiser mogelijk maken zich te laten vertegenwoordigen of bijstaan door een geschikte persoon van zijn keuze of door een afgevaardigde van een representatieve organisatie van beschermde personen.
Artikel 76
De kosten van de op grond van deze (herziene) Code verleende prestaties en de daaraan verbonden administratiekosten moeten collectief worden gedragen, op zodanige wijze dat personen van geringe draagkracht niet te zwaar worden belast en dat rekening wordt gehouden met het vermogen tot het betalen van bijdragen van de beschermde personen.
Elke Partij moet een algemene verantwoordelijkheid aanvaarden voor het waarborgen van het verlenen van de krachtens deze (herziene) Code toegekende prestaties, en alle nodige maatregelen treffen om die verantwoordelijkheid op doeltreffende wijze te bereiken.
Artikel 77
Wanneer de administratie niet wordt gevoerd door een overheidsinstelling die verantwoording schuldig is aan een gekozen vergadering, moeten vertegenwoordigers van de beschermde personen deelnemen aan de administratie of met raadgevende stem daarbij betrokken worden onder voorgeschreven voorwaarden; de nationale wetgeving kan eveneens bepalingen bevatten inzake de deelneming van vertegenwoordigers van de werkgevers en van de overheid.
Wanneer evenwel krachtens artikel 6, letter a, een Partij de bescherming die door vrijwillige verzekering wordt geboden aan de beschermde personen onderwerpt aan overheidstoezicht, is de verplichting als voorzien in het voorgaande lid niet van toepassing.
Elke Partij moet een algemene verantwoordelijkheid aanvaarden voor de doeltreffendheid en de kwaliteit van de administratie van de instellingen en diensten die betrokken zijn bij de toepassing van deze (herziene) Code.
DEEL XIII. DIVERSE BEPALINGEN
Artikel 78
Deze (herziene) Code is niet van toepassing op eventualiteiten die zich hebben voorgedaan voordat het desbetreffende Deel van deze (herziene) Code voor de betrokken Partij in werking is getreden.
Artikel 79
Elke Partij dient bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa rapporten in betreffende de toepassing van deze (herziene) Code; deze rapporten worden overgelegd op de wijze en in de vorm als aangegeven door het Comité. Elke Partij zendt afschriften van deze rapporten aan haar meest representatieve organisaties van werkgevers en werknemers, en doet eventuele ingekomen commentaren van die organisaties op die rapporten toekomen aan de Secretaris-Generaal. De rapporten dienen te bevatten:
- a. in het eerste jaar na de bekrachtiging, volledige informatie omtrent de wetgeving ter uitvoering van de bepalingen van deze (herziene) Code waarop de bekrachtiging betrekking heeft, met stukken waaruit blijkt dat de Partij voldoet aan de statistische vereisten wat betreft in het bijzonder het aantal beschermde personen, de bedragen van de uitkeringen en, met betrekking tot artikel 24, tweede lid, de duur van de uitkering bij werkloosheid;
- b. in de daarop volgende jaren, informatie over wijzigingen in de wetgeving, alsmede in de ondersteunende statistische gegevens, met dien verstande dat de gegeven informatie eens per vier jaar alle krachtens letter a vereiste elementen omvat.
Elke Partij die gebruik wenst te maken van het bepaalde in artikel 7, tweede lid, moet, in voorkomend geval, in de rapporten die zij ingevolge het voorgaande lid indient, alle informatie opnemen die nodig is om aan te tonen dat haar wetgeving een bescherming waarborgt die ten minste gelijkwaardig is aan de in deze (herziene) Code voorziene bescherming.
Elke Partij verstrekt de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa op diens verzoek verdere gegevens omtrent de wijze waarop zij de bepalingen van deze (herziene) Code waarop haar bekrachtiging betrekking heeft, uitvoert.
De overeenkomstig artikel 79, eerste, tweede en derde lid, ingediende rapporten, informatie, commentaren en verdere gegevens worden bestudeerd door een Europese Commissie van onafhankelijke deskundigen (hierna te noemen „de Commissie"), die belast is met de voorbereiding van de conclusies, die bij het Comité worden ingediend.
De Commissie bestaat uit ten hoogste vijf leden, die worden benoemd door het Comité van Ministers van de Raad van Europa, en die op voordracht van de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa zijn opgenomen in een lijst van onafhankelijke deskundigen van de hoogste integriteit en van erkende bekwaamheid op het gebied van sociale bescherming.
De leden van de Commissie hebben zitting in deze Commissie op persoonlijke titel en dienen in de uitoefening van hun taken onafhankelijk en onpartijdig te zijn.
De leden van de Commissie worden benoemd voor een tijdvak van zes jaar en kunnen worden herbenoemd. Van twee van de leden die voor de eerste zittingstermijn worden benoemd, verloopt de ambtstermijn echter na drie jaar.
De leden wier ambtstermijn na het eerste tijdvak van drie jaar dient te verlopen, worden door loting gekozen door het Comité van Ministers onmiddellijk nadat de benoemingen voor de eerste termijn zijn verricht.
Een lid van de Commissie dat wordt benoemd ter vervanging van een lid wiens ambtstermijn nog niet is verstreken, bekleedt zijn ambt voor het resterende gedeelte van de termijn van zijn voorganger.
De Internationale Arbeidsorganisatie wordt uitgenodigd een vertegenwoordiger voor te dragen om in een raadgevende hoedanigheid deel te nemen aan de besprekingen van de Commissie en van het Comité.
De rapporten, informatie, commentaren en overige gegevens, die overeenkomstig artikel 79, eerste, tweede en derde lid, zijn overgelegd, alsmede de conclusies van de Commissie worden bestudeerd door het Comité, die haar conclusies vastlegt in een verslag voor het Comité van Ministers van de Raad van Europa.
In het geval van toetreding door de Europese Economische Gemeenschap dient deze Partij, zodra deze (herziene) Code ten aanzien van haar in werking is getreden, namens haar Lid-Staten bij de Secretaris-Generaal de in het eerste lid van dit artikel bedoelde rapporten in met betrekking tot de Delen van deze (herziene) Code die onder haar rechtsmacht vallen, en de Lid-Staten van de Europese Economische Gemeenschap dienen bij de Secretaris-Generaal de hierboven bedoelde rapporten in met betrekking tot de Delen van deze (herziene) Code die onder hun rechtsmacht vallen.
Artikel 80
De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa doet kopieën van rapporten, informatie, commentaren en overige gegevens, die overeenkomstig artikel 79, eerste, tweede en derde lid, zijn overgelegd, alsmede van de conclusies van de Commissie en het verslag van het Comité, toekomen aan de raadgevende Vergadering, met verzoek om een oordeel.
Artikel 81
Het Comité van Ministers van de Raad van Europa besluit, na ontvangst van het oordeel van de Raadgevende Vergadering, met meerderheid van stemmen zoals bepaald in artikel 20.d van het Statuut van de Raad van Europa, of elke Partij heeft voldaan aan de verplichtingen van deze (herziene) Code die zij heeft aanvaard.
Indien het Comité van Ministers van oordeel is dat een Partij niet aan haar uit deze (herziene) Code voortvloeiende verplichtingen voldoet, verzoekt het deze Partij de maatregelen te nemen die het Comité van Ministers noodzakelijk oordeelt ter verzekering van de naleving van die verplichtingen.
Artikel 82
Elke Partij brengt iedere vier jaar volgend op de datum van inwerkingtreding van deze (herziene) Code ten aanzien van deze Partij aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa verslag uit omtrent de stand van haar wetgeving en de toepassing ervan met betrekking tot elk van de Delen II tot en met X van deze (herziene) Code die overeenkomstig het bepaalde in artikel 3, eerste lid, niet zijn vermeld in haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, noch in een latere kennisgeving, gedaan op grond van het bepaalde in artikel 4, eerste lid.
De ingevolge het bepaalde in het voorgaande lid ingediende verslagen worden bestudeerd door de Commissie, die haar conclusies doet toekomen aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.
DEEL XIV. WIJZIGINGEN
Artikel 83
Wijzigingen van de artikelen van deze (herziene) Code kunnen worden voorgesteld door een Partij, door het Comité van Ministers van de Raad van Europa of door het Comité.
Elk voorstel tot wijziging wordt door de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa ter kennis gebracht van de Lid-Staten, van iedere Partij, en van iedere Staat die overeenkomstig de bepalingen van artikel 85 is uitgenodigd tot deze (herziene) Code toe te treden.
Iedere door een Partij of door het Comité van Ministers voorgestelde wijziging wordt ten minste zes maanden voor de bijeenkomst tijdens welke zij zal worden besproken, ter kennis van het Comité gebracht. Het Comité legt aan het Comité van Ministers haar advies met betrekking tot de voorgestelde wijziging voor.
Het Comité van Ministers bestudeert de voorgestelde wijziging en het door het Comité voorgelegde advies, en kan de wijziging aannemen.
De tekst van elke door het Comité van Ministers overeenkomstig het vierde lid van dit artikel aangenomen wijziging wordt ter aanvaarding aan de Partijen toegezonden.
Elke overeenkomstig het vierde lid van dit artikel aangenomen wijziging wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van een maand nadat alle Partijen de Secretaris-Generaal hebben meegedeeld deze te aanvaarden.
DEEL XV. SLOTBEPALINGEN
Artikel 84
Deze (herziene) Code staat open voor ondertekening door de Lid-Staten van de Raad van Europa. Hij dient te worden bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd. De akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.
Deze (herziene) Code treedt in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van twaalf maanden na de datum waarop twee Lid-Staten overeenkomstig het bepaalde in het eerste lid van dit artikel hun instemming tot uitdrukking hebben gebracht te worden gebonden door deze (herziene) Code.
Ten aanzien van elke Lid-Staat die na de nederlegging van de tweede akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring zijn instemming tot uitdrukking brengt door deze (herziene) Code te worden gebonden, treedt hij in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van twaalf maanden na de datum van nederlegging door die Staat van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring.
Artikel 85
Na de inwerkingtreding van deze (herziene) Code kan het Comité van Ministers van de Raad van Europa elke Staat die geen lid is van de Raad van Europa, alsmede de Europese Economische Gemeenschap, uitnodigen tot deze (herziene) Code toe te treden, door middel van een beslissing genomen met een meerderheid van stemmen zoals vereist krachtens artikel 20.d van het Statuut van de Raad van Europa, en bij eenparigheid van stemmen van de vertegenwoordigers van de Partijen die gerechtigd zijn in het Comité zitting te hebben.
Ten aanzien van iedere Staat die toetreedt, of van de Europese Economische Gemeenschap indien zij is toegetreden, treedt deze (herziene) Code in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van twaalf maanden na de datum van nederlegging van de akte van toetreding bij de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.
Artikel 86
Elke Staat kan op het tijdstip van ondertekening of nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding het grondgebied of de grondgebieden aangeven waarop deze (herziene) Code van toepassing is.
Elke Staat kan, op ieder tijdstip daarna, door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte verklaring, de toepassing van deze (herziene) Code uitbreiden tot elk ander in die verklaring aangegeven grondgebied. Ten aanzien van dat grondgebied treedt deze (herziene) Code in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van twaalf maanden na de datum van ontvangst van die verklaring door de Secretaris-Generaal.
Elke Partij kan, op het tijdstip waarop zij overeenkomstig artikel 88 deze (herziene) Code kan opzeggen, elke krachtens de twee voorgaande leden afgelegde verklaring ten aanzien van een daarin aangegeven grondgebied intrekken door middel van een kennisgeving aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa. Deze intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van twaalf maanden na de datum van ontvangst van die kennisgeving door de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa.
Artikel 87
Ten aanzien van de bepalingen van deze (herziene) Code kan geen enkel voorbehoud worden gemaakt.
Artikel 88
Elke Partij kan deze (herziene) Code in zijn geheel dan wel één of meer van de Delen II tot en met X daarvan opzeggen na het verstrijken van een tijdvak van vier jaar na de datum waarop deze (herziene) Code ten aanzien van die Partij in werking is getreden, of na het verstrijken van ieder daarop volgend tijdvak van vijfjaar, door twaalf maanden van te voren daarvan kennisgeving te doen aan de Secretaris-Generaal.
Deze opzegging tast de geldigheid van deze (herziene) Code ten aanzien van de andere Partijen niet aan, mits het aantal Partijen niet minder dan twee bedraagt.
Artikel 89
De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa doet aan de Lid-Staten van de Raad van Europa, aan elke Staat die tot deze (herziene) Code is toegetreden, aan de Europese Economische Gemeenschap indien zij is toegetreden, en aan de Directeur-Generaal van het Internationale Arbeidsbureau mededeling van:
- a. elke ondertekening;
- b. de nederlegging van elke akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding;
- c. elke datum van inwerkingtreding van deze (herziene) Code overeenkomstig de artikelen 84 en 85;
- d. elke verklaring die krachtens het bepaalde in artikel 86 is afgelegd;
- e. elke verklaring die krachtens het bepaalde in artikel 7 is afgelegd;
- f. elke overige met deze (herziene) Code verband houdende handeling, kennisgeving of mededeling.
IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto, have signed this (revised) Code.
DONE at Rome, this 6th day of November 1990, in English and in French, both texts being equally authentic, in a single copy which shall be deposited in the archives of the Council of Europe. The Secretary General of the Council of Europe shall transmit certified copies to each member State of the Council of Europe and to any State or to the European Economic Communy invited to accede to this (revised) Code.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)