← Geldende tekst · Geschiedenis

Overeenkomst inzake het Nam Ngoem Ontwikkelingsfonds 1966

Geldende tekst a fecha 1970-01-02

Overeenkomst van 4 mei 1966 tussen de Regeringen van Australië, Canada, Denemarken, Japan, Laos, Nederland, Nieuw-Zeeland, Thailand en de Verenigde Staten van Amerika enerzijds, en de Internationale Bank voor Herstel en Ontwikkeling (de Bank) anderzijds.

Aangezien de Commissie voor de coördinatie van het onderzoek in het stroomgebied van de Beneden Mekong (Cambodja, Laos, Thailand en de Republiek Vietnam) (hierna te noemen de Mekong-Commissie), werkzaam onder auspiciën van de Economische Commissie van de Verenigde Naties voor Azië en het Verre Oosten, een programma van onderzoek heeft uitgevoerd betreffende het stroomgebied van de Beneden Mekong in de oeverlanden en in de loop van dat onderzoek is vastgesteld dat de rivier de Nam Ngoem in Laos, een der zijrivieren van de Mekong, tot ontwikkeling kan worden gebracht;

Aangezien een studie inzake de mogelijkheden tot ontwikkeling van de vallei van de Nam Ngoem in Laos, met inbegrip van de bouw van een dam voor verschillende doeleinden, gefinancierd is door het speciale Fonds van de Verenigde Naties en door de Regering van Japan als onderdeel van de Japanse bilaterale hulp aan Laos, en heeft plaatsgevonden in het kader van de onderzoekingen, ondernomen door de Mekong-Commissie;

Aangezien de Mekong-Commissie heeft aanbevolen op korte termijn over te gaan tot de bouw van het hydro-elektrische project Nam Ngoem als wezenlijk onderdeel van het volledige tot ontwikkeling brengen van het stroomgebied van de Beneden Mekong;

Aangezien Laos en Thailand zijn overeengekomen regelingen te treffen met betrekking tot de verbinding van de hoogspanningsnetten van beide landen, aanvankelijk door middel van de bouw en de exploitatie van een net dat hun gemeenschappelijke grens bij de Mekong kruist;

Aangezien de Verenigde Naties en de Mekong-Commissie hebben getracht bijdragen te verkrijgen voor de financiering van de kosten van het hydro-elektrische project Nam Ngoem;

Aangezien de Regering van Japan mede heeft ingestemd de algehele uitwerking van het project te financieren als onderdeel van haar bilaterale hulp aan Laos;

Aangezien de Regeringen van Australië, Canada, Denemarken, Japan, Nederland, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten van Amerika zijn overeengekomen gelden te verstrekken voor het project, bij wijze van schenking, tot een bedrag overeenkomende met 228 15 000 U.S. dollars en, te zamen met de Regeringen van Laos en Thailand en met de Verenigde Naties de Bank hebben verzocht de op deze wijze verschafte gelden te beheren, en de Bank daarmee heeft ingestemd;

Aangezien Thailand ermee heeft ingestemd Laos cement te verschaffen voor het genoemde project tot een bedrag overeenkomende met 1 miljoen U.S. dollars in ruil voor door het project geleverde energie;

Zijn de Partijen overeengekomen als volgt:

Artikel I. Begripsomschrijvingen

1.01. Tenzij uit het zinsverband anders blijkt hebben de navolgende termen, waar zij in deze Overeenkomst worden gebezigd, de hierna genoemde betekenis:

Artikel II. Oprichting van het Ontwikkelingsfonds Nam Ngoem

2.01. Hierbij wordt opgericht het Ontwikkelingsfonds Nam Ngoem, gevormd uit de geldelijke bijdragen die de Regeringen van Australië, Canada, Denemarken, Japan, Nederland, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten van Amerika van tijd tot tijd aan het Fonds leveren overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst, alsmede alle eventueel hieraan toegevoegde bedragen en eventuele andere activa en ontvangsten van het Fonds, die worden gehouden en beheerd door de Bank in de vorm van een trust en uitsluitend worden gebruikt voor de doeleinden en overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst.

2.02. Het Fonds en zijn activa en zijn rekeningen dienen gescheiden van en buiten alle andere rekeningen en activa van de Bank te worden gehouden en afzonderlijk te worden aangeduid op een daartoe geschikte door de Bank vast te stellen wijze.

2.03. De andere partijen wijzen hierbij de Bank aan als beheerder van het Fonds. De Bank stemt erin toe in deze hoedanigheid te handelen overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst.

Artikel III. Bijdragen aan het Fonds

3.01. Elk der hierna genoemde Regeringen verbindt zich, onder voorbehoud van eventueel noodzakelijke handelingen van de zijde der volksvertegenwoordiging, aan het Fonds bij wijze van schenking het hieronder naast haar naam aangeduide bedrag bij te dragen:

Australië . . . . . . . . . . . . . . $ 500.000
Canada . . . . . . . . . . . . . . $ 2.000.000
Denemarken . . . . . . . . . . . . . . $ 600.000
Japan . . . . . . . . . . . . . . $ 4.000.000
Nederland . . . . . . . . . . . . . . $ 3.300.000
Nieuw-Zeeland . . . . . . . . . . . . . . $ 350.000
Verenigde Staten van Amerika . . . . . .. . . . $ 12.065.000

3.03. Verstaan en overeengekomen wordt dat:

3.04. De betaling van de bijdragen geschiedt in dollars of in de tegenwaarde daarvan in andere munteenheden die vrijelijk kunnen worden gebruikt of vrijelijk inwisselbaar zijn, al naargelang tussen de Partij die de bijdragen levert en de beheerder is overeengekomen.

3.05. De Partijen komen voor de toepassing van deze Overeenkomst overeen de beslissingen van de beheerder met betrekking tot de begrote behoeften en ontvangsten van het Fonds, alsmede van de benodigde reserves te aanvaarden. De beheerder kan met twee of meer der Partijen die een bijdrage zullen leveren overeenstemming bereiken over een wijziging, voor een of meer halfjaarlijkse tijdvakken, in de omvang van de termijnen waarin deze Partijen hun bijdragen leveren, mits het door hen over dat tijdvak of die tijdvakken te betalen totaalbedrag in wezen onveranderd blijft en passende compensatie wordt gevonden waar het latere tijdvakken betreft.

Artikel IV. Betalingen uit het Fonds

4.01. De beheerder mag uitsluitend bedragen uit het Fonds gebruiken of betalen om de kosten van de goederen te financieren. De beheerder bepaalt van tijd tot tijd na overleg met Laos, of - betreffende de in deel B van het project genoemde goederen - met Thailand, welke specifieke goederen uit het Fonds zullen worden gefinancierd en welke methoden zullen worden aangewend om deze aan te schaffen en te betalen.

4.02. Tenzij de beheerder anders bepaalt worden geen betalingen verricht met betrekking tot (i) uitgaven die hebben plaatsgevonden voor 11 maart 1966 of (ii) uitgaven in de gebieden van een land dat geen Partij is bij deze Overeenkomst, of met betrekking tot goederen welke worden vervaardigd in of diensten welke worden verleend door die gebieden.

4.03. Betalingen uit het Fonds dienen te geschieden in de munteenheden welke de beheerder daartoe aanwijst.

4.04. Laos treft regelingen, en houdt deze in stand, met betrekking tot de verkoop van de voor de uitvoering van het project benodigde kip en wel tegen de voordeligste wettelijk toegestane wisselkoers.

Artikel V. Verzoeken om betalingen

5.1. Indien hetzij Laos, hetzij Thailand in verband met deel B van het project verlangt dat betalingen uit het Fonds worden gedaan, dienen zij daartoe een schriftelijk verzoek in bij de beheerder en wel in zodanige vorm en zodanige verklaringen en overeenkomsten bevattende als de beheerder verlangt.

5.02. Laos of Thailand verschaffen in verband met dat verzoek de beheerder zodanige bescheiden en andere bewijsmiddelen als hij verlangt, hetzij voor of nadat de beheerder de in dat verzoek gevraagde betaling heeft toegestaan.

5.03. Elk verzoek, alsmede de in verband daarmee bijgevoegde bescheiden, dienen wat betreft vorm en inhoud ten genoegen van de beheerder aan te tonen dat het gevraagde bedrag uitsluitend zal worden gebruikt voor de in deze Overeenkomst uiteengezette doeleinden, dat de goederen in verband waarmee de betaling wordt gevraagd in het kader van het project passen, en dat de kosten daarvan niet onredelijk hoog zijn.

5.04. De beheerder kan betalingen doen of regelingen treffen voor betalingen hetzij rechtstreeks aan de leveranciers der goederen, hetzij aan anderen, zonder dat Laos of Thailand daarom verzocht hebben, steeds wanneer hij, na overleg met Laos (of met betrekking tot deel B van het project, met Thailand) beslist dat zulks noodzakelijk of wenselijk is met het oog op de doelmatige uitvoering van het project.

Artikel VI. Verplichtingen van Laos

6.02. Laos draagt er zorg voor dat alle goederen die worden betaald uit de bedragen die zijn verstrekt door het Fonds uitsluitend worden gebruikt ter uitvoering van het project, tenzij de beheerder anders bepaalt met betrekking tot goederen welke niet langer voor het project vereist zijn.

6.05. De beheerder kan zodanige overeenkomsten of regelingen met Laos, of met door Laos met het oog hierop aangewezen instellingen, treffen als hij wenselijk acht om uitvoering te geven aan de bepalingen van deze Overeenkomst en de doeleinden ervan te verwezenlijken. Laos verbindt zich zijn verplichtingen na te komen en er voor zorg te dragen dat die instellingen hun verplichtingen ingevolge die overeenkomsten of regelingen nakomen.

6.07. Aangezien deel B van het project niet wordt uitgevoerd op het grondgebied van Laos, wordt hierbij overeengekomen dat de verplichtingen en de verantwoordelijkheden van Laos zich niet uitstrekken tot deel B van het project, behalve voorzover zulks noodzakelijk is om een goede coördinatie met de andere delen van het project te verzekeren.

Artikel VII. Verplichtingen van Thailand

7.02. Thailand draagt er zorg voor dat alle goederen die worden betaald met aan dit land uit het Fonds verstrekte bedragen of die op zijn verzoek met bedragen uit het Fonds worden betaald, uitsluitend worden gebruikt ter uitvoering van deel B van het project, tenzij de beheerder anders bepaalt met betrekking tot goederen welke niet langer voor deel B van het project vereist zijn.

7.03. Voorzover Thailand of enige instelling van Thailand daarvoor verantwoordelijk is:

7.05. De beheerder kan zodanige overeenkomsten of regelingen met Thailand, of met door Thailand met het oog hierop aangewezen instellingen of autoriteiten, treffen als hij wenselijk acht om uitvoering te geven aan de bepalingen van deze Overeenkomst en de doeleinden ervan te verwezenlijken. Thailand verbindt zich zijn verplichtingen na te komen en er voor zorg te dragen dat die instellingen of autoriteiten hun verplichtingen ingevolge die overeenkomsten of regelingen nakomen.

7.06. Tenzij de beheerder anders bepaalt treft Thailand ten genoegen van de beheerder regelingen en zorgt voor de instandhouding daarvan:

7.07. Thailand stemt ermee in bij de uitvoering van het project samen te werken met Laos en met de beheerder en zal in het bijzonder het vervoer en het verkeer van personen, uitrusting, materialen en voorraden verband houdende met de bouw van het project over zijn grondgebied vergemakkelijken.

Artikel VIII. De beheerder

8.01. De beheerder zendt binnen dertig dagen na 31 december 1966 en telkens na 30 juni en 31 december daarna aan elk der Overeenkomstsluitende Partijen een verslag met voldoende gegevens met betrekking tot de ontvangsten en uitgaven, alsmede het saldo van het Fonds, de vorderingen van het project, en andere aangelegenheden die verband houden met het Fonds, het project en met deze Overeenkomst.

De beheerder raadpleegt de betrokken Partijen van tijd tot tijd met betrekking tot de vorm en inhoud van deze verslagen.

8.02. De beheerder kan, zonder daartoe verplicht te zijn, de gelden die bij het Fonds berusten deponeren en beleggen, in afwachting van het tijdstip waarop zij worden gebruikt, op zodanige wijze als het deze geschikt voorkomt. De inkomsten uit dergelijke deposito's en investeringen gaan na aftrek van de betrokken uitgaven en lasten, deel uitmaken van de activa van het Fonds.

8.03. Telkens wanneer het voor de doeleinden van deze Overeenkomst noodzakelijk is een munteenheid uit te drukken in een andere munteenheid, wordt de waarde daarvan zo goed mogelijk vastgesteld door de beheerder in overeenstemming met de bij de Bank gebruikelijke procedures.

8.04. De beheerder ontvangt geen andere schadevergoeding dan voor uitgaven welke hij heeft gedaan uitsluitend in verband met diensten verleend ingevolge deze Overeenkomst, en ten aanzien waarvan hij gerechtigd is het Fonds aan te spreken.

8.05. Indien de beheerder bepaalt dat bijzondere omstandigheden zulks vereisen, kan hij die overeenkomsten of regelingen treffen, of het treffen daarvan verlangen of goedkeuren, met ingenieursfirma's en andere adviseurs, aannemersfirma's en andere ondernemingen of lichamen welke hij noodzakelijk of wenselijk acht ter uitvoering van het project op de meest doelmatige, snelle en kostenbesparende wijze.

8.06. Wanneer de Bank optreedt als beheerder dient zij dezelfde zorg te betrachten ten aanzien van het beheer en het bestuur van het Fonds en bij de uitoefening van haar andere functies ingevolge deze Overeenkomst, als zij betracht ten aanzien van het beheer en het bestuur van haar eigen zaken.

Artikel IX. Overleg en beëindiging

9.01. Als gebeurtenissen in de zin van het bepaalde in paragraaf 9.02 van deze Overeenkomst worden de volgende aangemerkt:

9.04. Behoudens het bepaalde in paragraaf 9.05 eindigt deze Overeenkomst, behoudens eerdere beëindiging ingevolge paragraaf 9.02 (c), bij de voltooiing van het project of op het tijdstip waarop betaling uit het Fonds plaatsvindt van alle bedragen die noodzakelijk zijn om de kosten der goederen te dekken, al naargelang welk tijdstip het eerst valt.

9.05. Indien bij beëindiging van de Overeenkomst bedragen in het Fonds mochten resteren die niet benodigd zijn om de kosten der goederen te dekken, worden die bedragen uitgekeerd aan de Partijen die een bijdrage hebben geleverd, in verhouding tot hun onderscheiden totale bijdragen aan het Fonds. De beheerder stelt na overleg met de Partijen die een bijdrage hebben geleverd de bedragen, de tijdstippen, de methoden en de munteenheden van betaling vast.

Artikel X. Regeling van geschillen
Artikel XI. Nieuwe Partijen en aanvullende bijdragen

11.01. Regeringen, instellingen of lichamen die geen Partij bij deze Overeenkomst zijn kunnen met voorafgaande toestemming van de Partijen bij deze Overeenkomst en in overeenstemming met de regelingen welke zij te dien einde overeenkomen, bijdragende Partij worden door bij de Bank een akte neder te leggen waarin zij verklaren dat zij alle bepalingen van deze Overeenkomst zullen aanvaarden en de daaruit voortvloeiende verplichtingen zullen nakomen.

11.02. De beheerder kan namens het Fonds van iedere Regering, instelling of lichaam, onverschillig of deze al dan niet Partij bij de Overeenkomst is, bedragen in ontvangst nemen, waarin deze Overeenkomst niet voorziet; deze worden gehouden en gebruikt als onderdeel van het Fonds met inachtneming van de bepalingen van deze Overeenkomst en wel in overeenstemming met door de beheerder goed te keuren regelingen die niet strijdig zijn met deze Overeenkomst.

Artikel XII. Mededelingen en verzoeken

12.1. Mededelingen of verzoeken die vereist of toegestaan zijn ingevolge deze Overeenkomst dienen schriftelijk te worden gedaan. Deze mededelingen of verzoeken worden geacht op behoorlijke wijze te zijn gedaan indien zij persoonlijk, per post, per telegram, per kabeltelegram of per radiogram worden bezorgd bij de Partij bij wie dit moet of kan worden gedaan en op een zodanig adres van die Partij als bedoeld in paragraaf 12.02, of op een zodanig ander adres als die Partij door een mededeling aan de Partij welke die kennisgeving of dat verzoek doet, heeft aangegeven.

12.2. De volgende adressen zijn aangegeven voor de toepassing van paragraaf 12.01:

Voor de Regering van Australië

Voor de Regering van Canada:

Voor de Regering van Denemarken:

Voor de Regering van Japan:

Voor de Regering van Laos:

Voor de Regering van Nederland:

Voor de Regering van Nieuw-Zeeland:

Voor de Regering van Thailand:

Voor de Regering der Verenigde Staten van Amerika:

Voor de Bank:

Artikel XIII. Ondertekening en inwerkingtreding

13.1. Deze Overeenkomst blijft openstaan ter ondertekening en aanvaarding voor alle in de preambule van deze Overeenkomst genoemde Partijen tot 30 juni 1966, of zodanig later tijdstip als door de Bank door middel van een kennisgeving aan de andere Partijen wordt vastgesteld.

13.2. Deze Overeenkomst treedt in werking en wordt voor alle in de preambule van deze Overeenkomst genoemde Partijen bindend op het tijdstip waarop ieder van hen haar heeft ondertekend zonder voorbehoud van aanvaarding of haar heeft ondertekend onder voorbehoud van aanvaarding en de Bank mededeling heeft gedaan van aanvaarding. De Bank stelt terstond na dat tijdstip de andere Partijen daarvan in kennis.

13.3. Alle op of na 11 maart 1966 en voor het tijdstip waarop deze Overeenkomst in werking treedt geleverde bijdragen en door de Bank als toekomstig beheerder verrichte of goedgekeurde handelingen worden geacht in overeenstemming met deze Overeenkomst te zijn geleverd of verricht en de debiteringen en crediteringen aan het Fonds en aan de Partijen geschieden op die basis.

Artikel XIV. Titel

14.01. Deze Overeenkomst kan worden aangehaald als de „Nam Ngoem Ontwikkelingsfonds-Overeenkomst, 1966”.

DONE at Washington, D.C, this 4th day of May, 1966, in the English and French languages, both texts being equally authentic, in a single copy to be deposited in the archives of the International Bank for Reconstruction and Development, which shall communicate certified copies thereof to each of the Governments signatory to this Agreement.