Internationaal Verdrag inzake aansprakelijkheid en vergoeding voor schade in verband met het vervoer over zee van gevaarlijke en schadelijke stoffen, 1996

Type Verdrag
Publication 1996-05-03
State In force
Source BWB
artikelen 54
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
1.

Onverminderd de bepalingen van artikel 47, is de bijzondere procedure van dit artikel uitsluitend van toepassing op de wijziging van de in artikel 9, eerste lid, en artikel 14, vijfde lid, bedoelde limieten.

2.

Op verzoek van ten minste de helft, maar in geen geval minder dan zes van de Staten die Partij zijn, worden voorstellen tot wijziging van de in artikel 9, eerste lid, en artikel 14, vijfde lid, bedoelde limieten, door de secretaris-generaal toegezonden aan alle leden van de Organisatie en aan alle Verdragsluitende Staten.

3.

Elke zoals hierboven aangegeven voorgestelde en toegezonden wijziging wordt voorgelegd aan de Juridische Commissie van de Organisatie (de Juridische Commissie), opdat deze de wijziging ten minste zes maanden na de datum van toezending bestudeert.

4.

Alle Verdragsluitende Staten, ongeacht of zij lid van de Organisatie zijn, zijn gerechtigd deel te nemen aan de werkzaamheden van de Juridische Commissie ter bestudering en aanneming van wijzigingen.

5.

Wijzigingen worden aangenomen met een tweederde meerderheid van de Verdragsluitende Partijen die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen in de Juridische Commissie, die is uitgebreid overeenkomstig het vierde lid, mits ten minste de helft van de Verdragsluitende Staten aanwezig is op het tijdstip van de stemming.

6.

Wanneer de Juridische Commissie een voorstel tot wijziging van de limieten bespreekt, houdt zij rekening met de ervaring opgedaan bij voorvallen en in het bijzonder het bedrag van de daaruit voortvloeiende schade en met wijzigingen in geldswaarden en de gevolgen van de voorgestelde wijziging voor de verzekeringskosten. Zij houdt voorts rekening met de samenhang van de limieten vastgesteld in artikel 9, eerste lid, en in artikel 14, vijfde lid.

  • a. Er mag geen wijziging van de limieten ingevolge dit artikel worden bestudeerd binnen vijf jaar vanaf de datum waarop dit Verdrag voor ondertekening werd opengesteld, en evenmin binnen vijf jaar vanaf de datum van de inwerkingtreding van een voorgaande wijziging ingevolge dit artikel.
  • b. Er mag geen limiet zodanig worden verhoogd dat deze een bedrag overschrijdt dat overeenkomt met een in dit Verdrag vastgestelde limiet, verhoogd met zes procent per jaar berekend op samengestelde basis vanaf de datum waarop dit Verdrag voor ondertekening werd opengesteld.
  • c. Er mag geen limiet zodanig worden verhoogd dat deze een bedrag overschrijdt dat overeenkomt met de limiet vervat in dit Verdrag, vermenigvuldigd met drie.
8.

Elke wijziging aangenomen overeenkomstig het vijfde lid wordt door de Organisatie ter kennis gebracht aan alle Verdragsluitende Staten. De wijziging wordt geacht te zijn aanvaard aan het einde van een tijdvak van achttien maanden na de datum van kennisgeving, tenzij binnen dat tijdvak ten minste een vierde van de Staten die Verdragsluitende Staten waren op het tijdstip van de aanneming van de wijziging de secretaris-generaal hebben medegedeeld dat zij de wijziging niet aanvaarden, in welk geval de wijziging is verworpen en deze niet van kracht wordt.

9.

Een wijziging die geacht wordt te zijn aanvaard overeenkomstig het achtste lid, treedt in werking achttien maanden na aanvaarding daarvan.

10.

Alle Verdragsluitende Staten zijn gebonden door de wijziging, tenzij zij ten minste zes maanden voordat de wijziging in werking treedt dit Verdrag opzeggen overeenkomstig artikel 49, eerste en tweede lid. De opzegging wordt van kracht wanneer de wijziging van kracht wordt.

11.

Wanneer een wijziging is aangenomen, maar het tijdvak van achttien maanden voor de aanvaarding ervan nog niet is verstreken, is een Staat die gedurende dat tijdvak een Verdragsluitende Staat wordt, door de wijziging gebonden indien deze van kracht wordt. Een Staat die na dat tijdvak een Verdragsluitende Staat wordt, is gebonden door een wijziging die overeenkomstig het achtste lid is aanvaard. In de gevallen bedoeld in dit lid wordt een Staat gebonden door een wijziging wanneer deze wijziging in werking treedt, of wanneer dit Verdrag voor die Staat in werking treedt, indien deze datum later valt.

Artikel 49. Opzegging

1.

Een Staat die Partij is kan dit Verdrag, na de datum waarop het voor die Staat die Partij is in werking is getreden, te allen tijde opzeggen.

2.

Opzegging geschiedt door nederlegging van een akte van opzegging bij de secretaris-generaal.

3.

Een opzegging wordt van kracht twaalf maanden na de nederlegging van de akte van opzegging bij de secretaris-generaal of na een langere termijn wanneer zulks in de akte is bepaald.

4.

Niettegenstaande een opzegging ingevolge dit artikel door een Staat die Partij is, blijven de bepalingen van dit Verdrag die verband houden met de verplichtingen om op grond van de artikelen 18, 19, of artikel 21, vijfde lid, bij te dragen van toepassing ten aanzien van door de Algemene Vergadering besloten betalingen van vergoedingen voor een voorval dat zich heeft voorgedaan voordat de opzegging van kracht wordt.

Artikel 50. Buitengewone zittingen van de Algemene vergadering

1.

Iedere Staat die Partij is kan binnen negentig dagen na de nederlegging van een akte van opzegging die naar zijn mening een belangrijke stijging van de bijdragen voor de overblijvende Staten die Partij zijn ten gevolge zal hebben, de directeur verzoeken een buitengewone zitting van de Algemene Vergadering bijeen te roepen. De directeur dient de Algemene Vergadering uiterlijk zestig dagen na ontvangst van het verzoek bijeen te roepen.

2.

De directeur kan op eigen initiatief een buitengewone zitting van de Algemene Vergadering bijeenroepen binnen zestig dagen na de nederlegging van een akte van opzegging, indien hij van mening is dat deze opzegging zal leiden tot een belangrijke stijging van de bijdragen voor de overblijvende Staten die Partij zijn.

3.

Indien de Algemene Vergadering, in een buitengewone zitting bijeengeroepen overeenkomstig het eerste of tweede lid, besluit dat de opzegging zal leiden tot een belangrijke stijging van de bijdragen voor de overblijvende Staten die Partij zijn, kan ieder van deze Staten, uiterlijk honderdtwintig dagen voor de datum waarop de opzegging van kracht wordt, dit Verdrag opzeggen met ingang van dezelfde datum.

Artikel 51. Beëindiging

1.

Dit Verdrag houdt op van kracht te zijn:

  • a. op de datum waarop het aantal Staten die Partij zijn minder wordt dan zes; of
  • b. twaalf maanden na de datum waarop ingevolge artikel 21 gegevens betreffende een voorgaand kalenderjaar hadden moeten worden meegedeeld aan de directeur, indien uit de gegevens blijkt dat de totale hoeveelheid aan de algemene rekening bijdragende lading die overeenkomstig artikel 18, eerste lid, letters a en c, in het voorgaande kalenderjaar in de Staten die Partij zijn is ontvangen, minder dan 30 miljoen ton bedroeg.

Onverminderd het bepaalde in letter b, kan de Algemene Vergadering, indien de totale hoeveelheid aan de algemene rekening bijdragende lading die overeenkomstig artikel 18, eerste lid, letters a en c, in het voorgaande kalenderjaar in de Staten die Partij zijn is ontvangen, minder dan 30 miljoen ton bedroeg, maar meer dan 25 miljoen ton, indien zij van mening is dat dit het gevolg was van uitzonderlijke omstandigheden en het onwaarschijnlijk is dat dit zich zal herhalen, vóór de verstrijking van het bovengenoemde tijdvak van twaalf maanden besluiten dat het Verdrag van kracht blijft. De Algemene Vergadering kan een dergelijke beslissing echter uiterlijk twee achtereenvolgende jaren nemen.

2.

De Staten die door dit Verdrag zijn gebonden op de dag voorafgaand aan die waarop dit Verdrag ophoudt van kracht te zijn, dienen het HNS-Fonds in staat te stellen zijn functies als beschreven in artikel 52 uit te oefenen en blijven slechts voor dit doel door dit Verdrag gebonden.

Artikel 52. Vereffening van het HNS-Fonds

1.

Indien dit Verdrag ophoudt van kracht te zijn, is het HNS-Fonds niettemin:

  • a. gehouden zijn verplichtingen na te komen ten aanzien van een voorval dat zich heeft voorgedaan voordat het Verdrag ophield van kracht te zijn; en
  • b. gerechtigd zijn rechten op bijdragen uit te oefenen in zoverre deze bijdragen noodzakelijk zijn om te voldoen aan de verplichtingen krachtens dit lid, onder a, met inbegrip van uitgaven ten behoeve van het beheer van het HNS-Fonds die noodzakelijk zijn voor dat doel.
2.

De Algemene Vergadering dient alle passende maatregelen te nemen voor de vereffening van het Fonds, met inbegrip van een billijke verdeling van eventueel overblijvende activa onder de personen die aan het HNS-Fonds hebben bijgedragen.

3.

Voor de toepassing van dit artikel blijft het HNS-Fonds een rechtspersoon.

Artikel 53. Depositaris

1.

Dit Verdrag en alle ingevolge artikel 48 aangenomen wijzigingen worden nedergelegd bij de secretaris-generaal.

2.

De secretaris-generaal:

  • a. stelt alle Staten die dit Verdrag hebben ondertekend of ertoe zijn toegetreden, en alle leden van de Organisatie in kennis van:
  • i. elke nieuwe ondertekening of nederlegging van een akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding en de datum daarvan;
  • ii. de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag;
  • iii. alle voorstellen tot wijziging van de vergoedingslimieten die zijn gedaan overeenkomstig het artikel 48, tweede lid;
  • iv. alle wijzigingen die zijn aangenomen overeenkomstig artikel 48, vijfde lid;
  • v. alle wijzigingen die ingevolge artikel 48, achtste lid, worden geacht te zijn aanvaard, alsmede de datum waarop de wijziging in werking treedt overeenkomstig het negende en tiende lid van dat artikel;
  • vi. de nederlegging van elke akte van opzegging van dit Verdrag, de datum van ontvangst ervan en de datum waarop de opzegging van kracht wordt; en
  • vii. alle mededelingen die ingevolge een artikel van dit Verdrag vereist zijn; en
  • b. zendt voor eensluidend gewaarmerkte afschriften van dit Verdrag toe aan alle Staten die dit Verdrag hebben ondertekend of ertoe zijn toegetreden.
3.

Zodra dit Verdrag in werking treedt, wordt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan door de depositaris toegezonden aan de secretaris-generaal van de Verenigde Naties ter registratie en publicatie overeenkomstig artikel 102 van het Handvest van de Verenigde Naties.

Artikel 54. Talen

Dit Verdrag is opgesteld in een enkel oorspronkelijk exemplaar in de Arabische, de Chinese, de Engelse, de Franse, de Russische en de Spaanse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

DONE AT LONDON this third day of May one thousand nine hundred and ninety-six.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized by their respective Governments for that purpose, have signed this Convention.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)