Overeenkomst betreffende de van Duitsland te ontvangen herstelbetalingen, de instelling van een Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen en de teruggave van monetair goud
De Regeringen van Albanië, de Verenigde Staten van Amerika, Australië, België, Canada, Denemarken, Egypte, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk Groot Brittannië en Noord-Ierland, Griekenland, India, Luxemburg, Noorwegen, Nieuw-Zeeland, Nederland, Tsjecho-Elowakije, de Zuid-Afrikaanse Unie en Joego-Slavië, ten einde een billijke verdeling te verkrijgen van het totaal der goederen, die overeenkomstig de bepalingen van deze overeenkomst en de voorzieningen, welke zijn getroffen te Potsdam, op 1 Augustus 1945, tussen de Regeringen van de Verenigde Staten van Amerika, het Verenigd Koninkrijk Groot Brittannië en Noord-lerland en de Unie der Socialistische Sowjet Republieken, worden of zullen worden verklaard beschikbaar te zijn als van Duitsland te ontvangen herstelbetalingen (verder genoemd „Duitse Herstelbetalingen”), met de bedoeling een Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen in te stellen en een billijke procedure vast te stellen voor de teruggave van monetair goud,
Zijn overeengekomen als volgt:
DEEL I. Duitse herstelbetalingen
Artikel 1. Aandelen in de herstelbetalingen
A. De Duitse herstelbetalingen (met uitzondering van de fondsen, die moeten worden toegewezen volgens de bepalingen van artikel 8 van Deel I van deze overeenkomst) worden op de volgende wijze in categorieën verdeeld:
- Categorie A, omvattend alle vormen van Duitse herstelbetalingen, met uitzondering van die, welke begrepen zijn in categorie B,
- Categorie B, omvattend de gehele industriële outillage en andere kapitaalgoederen, die uit Duitsland worden weggevoerd, zomede de koopvaardijschepen en de binnenschepen.
B. Iedere ondertekenende Regering heeft recht op een percentage van de totale waarde der goederen van categorie A, alsook op een percentage van de totale waarde der goederen van categorie B, zoals voor ieder van deze categorieën is aangegeven in de corresponderende kolommen van onderstaande tabel:
| Landen | Categorie A | Categorie B |
|---|---|---|
| Albanië ...... | 0,05 | 0,35 |
| Verenigde Staten van Amerika ...... | 28,00 | 11,80 |
| Australië ...... | 0,70 | 0,95 |
| België ...... | 2,70 | 4,50 |
| Canada ...... | 3,50 | 1,50 |
| Denemarken ...... | 0,25 | 0,35 |
| Egypte ...... | 0,05 | 0,20 |
| Frankrijk ...... | 16,00 | 22,80 |
| Verenigd Koninkrijk ...... | 28,00 | 27,80 |
| Griekenland ...... | 2,70 | 4,35 |
| India ...... | 2,00 | 2,90 |
| Luxemburg ...... | 0,15 | 0,40 |
| Noorwegen ...... | 1,30 | 1,90 |
| Nieuw-Zeeland ...... | 0,40 | 0,60 |
| Nederland ...... | 3,90 | 5,60 |
| Tsjecho-Slowakije ...... | 3,00 | 4,30 |
| Zuid-Afrikaanse Unie1) ...... | 0,70 | 0,10 |
| Joego-Slavië ...... | 6,60 | 9,60 |
| Totaal | 100,00 | 100,00 |
1) De Regering der Zuid-Afrikaanse Unie heeft zich verbonden af te zien van haar rechten, voor zover nodig is om haar aandeel in categorie B op 0,1 % te brengen, maar deze Regering zal het recht hebben, als zij zal beschikken over vijandelijk Duitse bezittingen, welke zich bevinden op aan haar jurisdictie onderworpen grondgebied, het bedrag der netto waarde van die bezittingen te verrekenen met haar aandeel in de categorie A en met een aandeel van 1 % in categorie B.
C. Onder voorbehoud van het bepaalde in paragraaf D, hieronder vermeld, heeft iedere ondertekenende Regering het recht, van de koopvaardijschepen een deel, vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van artikel 5 van deel I van deze overeenkomst, te ontvangen, op voorwaarde, dat de waarde van de koopvaardijschepen, die aan haar worden toegewezen, niet de waarde overtreft van het aandeel, waarop zij recht heeft in het totaal der goederen van categorie B.
Onder voorbehoud van het bepaalde in paragraaf D, hieronder vermeld, heeft iedere ondertekenende Regering insgelijks het recht een met haar rechten op het totaal der goederen van categorie A overeenkomend aandeel te ontvangen van de Duitse bezittingen, welke zich bevinden in de landen die in de oorlog tegen Duitsland neutraal zijn gebleven.
De verdeling onder de ondertekenende Regeringen van de goederen die beschikbaar zijn voor Duitse herstelbetalingen, andere dan koopvaardijschepen, binnenschepen en Duitse bezittingen in de landen, die in de oorlog tegen Duitsland neutraal zijn gebleven, zal geschieden overeenkomstig de beginselen, vermeld in artikel 4 van deel I van deze overeenkomst.
D. Indien een ondertekenende Regering van bepaalde soorten goederen, hetzij van categorie A, hetzij van categorie B, meer ontvangt dan haar percentage, zullen haar rechten op andere soorten goederen van dezelfde categorie zodanig worden verminderd, dat deze Regering in totaal niet meer ontvangt dan haar aandeel in de betrokken categorie in haar geheel.
E. Geen ondertekenende Regering kan meer ontvangen dan haar percentage, hetzij van categorie A, hetzij van categorie B in haar geheel, door afstand te doen van een gedeelte van haar percentage van de andere categorie; evenwel, wat de vijandelijke Duitse bezittingen betreft, die zijn onderworpen aan de jurisdictie van een ondertekenende Regering, zal deze Regering het recht hebben, het meerdere van zodanige bezittingen boven haar aandeel in het totaal der vijandelijke Duitse bezittingen, die onderworpen zijn aan de jurisdictie der ondertekenende Regeringen, zoals dit is vastgesteld voor het totaal der goederen van categorie A, te verrekenen, hetzij met de te ontvangen goederen van categorie A, hetzij met de te ontvangen goederen van categorie B, hetzij gedeeltelijk met de goederen der beide categorieën.
F. De Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen, die moet worden ingesteld overeenkomstig deel II van deze overeenkomst, zal de rekening der herstelbetalingen van elk der ondertekenende Regeringen debiteren voor de aan zijn jurisdictie onderworpen Duitse bezittingen door deze debetbedragen over een periode van 5 jaar te verdelen. De debetbedragen, in rekening gebracht op de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst, mogen niet lager zijn dan 20% van de netto-waarde van die bezittingen (bepaald bij artikel 6 van deel I van deze overeenkomst) volgens de taxatie, die er op die datum van zal zijn gedaan; aan het begin van het tweede jaar zullen ze niet lager zijn dan 25% van het saldo volgens de schatting op die datum; aan het begin van het derde jaar zullen zij niet minder mogen zijn dan 33 1/3% van het saldo volgens de schatting op die datum; aan het begin van het vierde jaar zullen ze niet lager mogen zijn dan 50% van het saldo volgens de schatting op die datum; aan het begin van het vijfde jaar zullen ze niet lager mogen zijn dan 90% van het saldo volgens schatting op die datum en aan het einde van het vijfde jaar zullen ze gelijk zijn aan het saldo van het totale bedrag, dat inderdaad is gerealiseerd.
G. De volgende afwijkingen van de bepalingen van bovenstaande paragrafen D en E zijn toepasselijk ten aanzien van een ondertekenende Regering, wier aandeel van categorie B lager is, dan haar aandeel van categorie A.
- I. De toewijzing van koopvaardijschepen aan een zodanige Regering zal haar rechten op andere soorten goederen van categorie B niet verminderen, dan voor zover deze toewijzingen te boven gaan de waarde die verkregen wordt wanneer het aan die Regering toegekende percentage van categorie A wordt toegepast op de totale waarde van de koopvaardijschepen.
- II. Indien de waarde der Duitse bezittingen, die onderworpen zijn aan de jurisdictie van een zodanige Regering, haar aandeel in het totaal der Duitse bezittingen, die aan de jurisdictie der ondertekenende Regeringen zijn onderworpen, overschrijdt, blijkens het haar toegewezen percentage van categorie A, zal het verschil in de eerste plaats ten laste worden gebracht van het aanvullende gedeelte van het percentage, waarop deze Regering recht zou hebben in categorie B, indien men het percentage, waarop zij recht heeft in categorie A zou toepassen op de vormen van herstelbetalingen van categorie B.
H. Indien een ondertekenende Regering geheel of gedeeltelijk afziet van haar aandeel in de Duitse herstelbetalingen, zoals vermeld in bovenstaande „Tabel van Percentages”, of zich uit de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen terugtrekt op een tijdstip, waarop aan het geheel of een gedeelte van haar rechten op de Duitse herstelbetalingen nog niet is voldaan, zal het aandeel of gedeeltelijk aandeel waarvan zij afziet, of dat haar nog verschuldigd is op het ogenblik waarop zij zich terugtrekt, onder de andere ondertekenende Regeringen worden verdeeld naar rato van derzelver percentages.
Artikel 2. Regeling der schuldvorderingen op Duitsland
A. De ondertekenende Regeringen komen onderling overeen, dat haar onderscheidene aandelen in de herstelbetalingen, zoals die door deze overeenkomst zijn vastgesteld, door ieder van haar beschouwd moeten worden als dekkende alle vorderingen van publiek en privaat karakter van haar en haar onderdanen op de Duitsche Regering en de Duitse Regeringsinstanties, voortgesproten uit de oorlog, voor zover niet uitdrukkelijk anders geregeld, met inbegrip van de kosten der Duitse bezetting, de tijdens de bezetting verkregen bedragen op rekening van de clearing en de schuldvorderingen op de Reichskreditkassen.
B. De bepalingen van bovenstaande paragraaf A prejudiciëren niet ten aanzien van:
- I. Het te zijner tijd bepalen van de vormen, de tijdsduur of het totale bedrag der herstelbetalingen, die Duitsland zal hebben te verrichten;
- II. Het recht, dat ieder der ondertekenende Regeringen zal kunnen hebben, inzake de definitieve regeling der Duitse herstelbetalingen:
- III. Iedere politieke, territoriale of andere eis, die een ondertekenende Regering zal kunnen stellen met betrekking tot de regeling van de vrede met Duitsland.
C. Niettegenstaande de bepalingen van bovenstaande paragraaf A, moet deze overeenkomst beschouwd worden geen betrekking te hebben op:
- I. De verplichting, die op de bevoegde autoriteiten in Duitsland rust om in de toekomst de betaling te verzekeren der schulden van Duitsland en zijn onderdanen, welke voortvloeien uit overeenkomsten en andere verplichtingen, die van kracht waren, evenals uit rechten, die reeds verkregen waren, voordat de staat van oorlog tussen Duitsland en de betrokken ondertekenende Regering bestond of vóór de bezetting van het betrokken land door Duitsland, naar gelang de eerste of de laatste gebeurtenis vroeger heeft plaatsgegrepen;
- II. De schuldvorderingen van instellingen voor sociale verzekering van de ondertekenende Regeringen of die van haar onderdanen op de instellingen voor sociale verzekering van de vroegere Duitse Regering;
- III. De bankbiljetten van Reichsbank en Rentenbank, met dien verstande, dat de besteding daarvan niet tot gevolg mag hebben, dat het bedrag der herstelbetalingen op ontoelaatbare wijze wordt verminderd, terwijl deze slechts mag plaats vinden met goedkeuring van de Bestuursraad in Duitsland.
D. Niettegenstaande de bepalingen van paragraaf A van dit artikel, komen de ondertekenende Regeringen overeen, voor zoveel haar aangaat, dat de Tsjecho-Slowaakse Regering bevoegd zal zijn om te trekken op de Girorekening van de Nationale Bank van Tsjecho-Slowakije bij de Reichsbank, voor het geval tot een zodanige maatregel zou worden besloten door de Tsjecho-Slowaakse Regering en deze wordt goedgekeurd door de Bestuursraad in Duitsland in verband met de wegvoering uit Tsjecho-Slowakije naar Duitsland van vroegere Tsjecho-Slowaakse onderdanen.
Artikel 3. Afstand van vorderingen inzake goederen, toegewezen bij wijze van herstelbetaling
Ieder der ondertekenende Regeringen verbindt zich niet op te komen voor, noch voor internationale rechtbanken te brengen, noch door diplomatieke actie te ondersteunen, vorderingen, die in haar naam of uit naam van personen, die recht hebben op haar bescherming, worden ingediend tegen enige andere ondertekenende Regering of tegen haar onderdanen, met betrekking tot goederen door die Regering ontvangen als herstelbetaling, onder goedkeuring van de Bestuursraad in Duitsland.
Artikel 4. Algemene beginselen voor de verdeling van industriële outillage en van andere kapitaalgoederen
A. Geen ondertekenende Regering mag toewijzing vragen, bij wijze van herstelbetaling, van industriële outillage of andere kapitaalgoederen, die uit Duitsland zijn weggevoerd, tenzij voor gebruik op eigen grondgebied of door eigen onderdanen buiten haar grondgebied.
B. Bij het voorleggen van haar aanvragen aan de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen zullen de ondertekenende Regeringen er naar streven verzamelopgaven in te dienen, die samenhangende groepen van goederen omvatten, liever dan aanvragen te doen voor afzonderlijke goederen of voor kleine groepen goederen. Erkend wordt, dat de werkzaamheid van het secretariaat van de Organisatie doeltreffender zijn naarmate de door de bedoelde Regeringen aangeboden aanvragen meer omvattend zijn.
C. Voor toewijzing van voor herstelbetaling beschikbaar verklaarde goederen, andere dan koopvaardijschepen, binnenschepen en Duitse bezittingen in landen die tijdens de oorlog tegen Duitsland neutraal zijn gebleven, zal de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen uitgaan van de volgende algemene beginselen:
- I. Ieder goed of iedere groep van met elkaar verband staande goederen, waarin een vragend land aanzienlijke financiële belangen heeft, daterend van vóór de oorlog, moet desverlangd aan dat land worden toegewezen. Voor het geval twee of meer vragende landen aanzienlijke belangen van dien aard hebben in een bepaald goed of een bepaalde groep van goederen, zal bij de toewijzing rekening worden gehouden met de hieronder vermelde creteria;
- II. Indien de toewijzing tussen mededingende aanvragers niet geregeld is door paragraaf I, zal, behalve aan andere ter zake dienende factoren, aandacht moeten worden geschonken aan de volgende overwegingen:
- (a). De mate, waarin ieder vragend land behoefte heeft, om te beschikken over het goed of over de goederen om zijn economie te herstellen, weder op te bouwen, of weer op gang te brengen;
- (b). De mate, waarin het goed of de goederen in de plaats zouden treden van goederen, welke tijdens de oorlog zijn verwoest, beschadigd of geroofd, of van goederen, die moeten worden vervangen ten gevolge van abnormale slijtage, veroorzaakt door de productie tijdens de oorlog, en welke van belang zijn voor de economie van het vragende land;
- (c). De functies van het betreffende goed of de betreffende goederen in het algemene kader der voor-oorlogse economie van het vragende land en in de plannen, opgesteld met het doel zijn naoorlogse economie aan te passen en te ontwikkelen;
- (d). De aanvragen van landen, wier aandeel in de herstelbetalingen klein is, maar die behoefte hebben aan zekere duidelijk omschreven goederen of groepen van goederen.
- III. Bij de toewijzigingen zal een redelijk evenwicht moeten worden bewaard tussen de verschillende rechthebbenden wat betreft het reeds voldane gedeelte van hun onderscheidene aandelen, onder voorbehoud van die tijdelijke uitzonderingen, die kunnen worden gerechtvaardigd door de overwegingen van bovenstaande paragraaf II (a).
Artikel 5. Algemene beginselen voor de toewijzing van koopvaardijschepen en binnenschepen
- I. De Duitse koopvaardijschepen, die beschikbaar zijn voor verdeling bij wijze van herstelbetaling onder de ondertekenende Regeringen, zullen tussen deze worden verdeeld in verhouding tot de globale verliezen aan koopvaardijschepen, die de ondertekenende Regeringen en haar onderdanen door oorlogshandelingen hebben geleden, berekend op basis van de bruto tonnenmaat. Erkend wordt, dat de overdracht van koopvaardijschepen door de Regeringen der Verenigde Staten van Amerika en van het Verenigd Koninkrijk aan andere Regeringen plaats heeft, onder voorbehoud van een definitieve goedkeuring door de wetgevende organen dezer beide landen, indien een zodanige goedkeuring vereist mocht zijn.
- II. Een speciale commissie, samengesteld uit vertegenwoordigers van de ondertekenende Regeringen, zal worden ingesteld door de Assemblée van de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen teneinde aanbevelingen te doen inzake het bepalen van die verliezen en de toewijzing der voor de verdeling beschikbare Duitse koopvaardijschepen.
- III. De waarde der Duitse koopvaardijschepen, die op de rekeningen der herstelbetalingen zal worden geboekt, zal worden vastgesteld door de uit drie leden bestaande Commissie van de Handelsvloot, op basis der prijzen in Duitsland van 1938, verhoogd met 15 % en met toepassing van een afschrijvingscoëfficiënt.
B. Erkennende, dat sommige landen in het bijzonder behoefte hebben aan binnenschepen, zal de verdeling van deze schepen worden toevertrouwd aan een speciale commissie, ingesteld door de Assemblée van de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen, voor het geval binnenschepen in de toekomst als herstelbetaling voor de ondertekenende Regeringen beschikbaar mochten komen.
De binnenschepen zullen worden getaxeerd op de basis, aangenomen voor de koopvaardijvloot of op een daarmee overeenkomende billijke basis.
Artikel 6. Buiten Duitsland gelegen Duitse bezittingen
A. Iedere ondertekenende Regering zal, volgens zelf te bepalen methode, de vijandelijke Duitse bezittingen, die zich op het onder haar jurisdictie staand grondgebied bevinden, onder zich houden, of er over beschikken op een zodanige wijze, dat zij niet opnieuw Duits eigendom kunnen worden of weer onder Duitse zeggenschap kunnen komen, en zal deze bezittingen met haar aandeel in de herstelbetalingen verrekenen (na aftrek van achterstallige belastingen, bevoorrechte schulden en kosten van beheer en vrij van alle andere zakelijke lasten, die op bepaalde goederen drukken, en vrij van alle wettelijke contractuele vorderingen op vroegere Duitse eigenaars dier bezittingen).
B. De ondertekenende Regeringen zullen aan de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen alle inlichtingen verschaffen, welke deze zal vragen omtrent de waarde van die bezittingen en omtrent de opbrengsten, welke periodiek worden verkregen door de liquidatie van deze bezittingen.
C. De eigendom van of de zeggenschap over Duitse bezittingen, welke zich bevinden in landen, die tijdens de oorlog tegen Duitsland neutraal zijn gebleven, zal aan Duitsland worden ontnomen. Deze bezittingen zullen worden geliquideerd of er zal over worden beschikt overeenkomstig de beschikkingen, die de Verenigde Staten van Amerika, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk kunnen treffen, ter uitvoering van regelingen, waaromtrent deze mogendheden zullen onderhandelen met de neutrale landen; de netto opbrengst, voortvloeiende uit de liquidatie van of de beschikking over deze bezittingen, zal ter beschikking worden gesteld van de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen, om als herstelbetaling te worden verdeeld.
D. Bij de toepassing van de bepalingen van bovenstaande paragraaf A zullen de bezittingen, die het eigendom waren van een land, dat lid is der Verenigde Naties, of van een onderdaan van dat land en niet van Duitsland, op het ogenblik der annexatie of der bezetting van dat land door Duitsland of der deelname van dat land aan de oorlog, niet worden verrekend met zijn rekening der herstelbetalingen, met dien verstande, dat deze bepaling niet prejudiciëert ten aanzien van eventuele problemen met betrekking tot bezittingen, die niet het eigendom waren van een onderdaan van het bedoelde land op het ogenblik van de annexatie of bezetting van dat land door Duitsland of van zijn deelname aan de oorlog.
E. De vijandelijke Duitse bezittingen, die moeten worden verrekend met de aandelen in de herstelbetalingen, zullen alle bezittingen moeten omvatten, die in wezen vijandelijke Duitse bezittingen zijn, zelfs indien de schijnbare eigenaar van die goederen geen vijandelijke Duitser is.
Elke ondertekenende Regering moet, indien zij daartoe niet reeds is overgegaan, alle wettelijke en andere maatregelen nemen, welke nodig zijn om alle leveringen ongedaan te maken, die plaats vonden na de bezetting van haar grondgebied of haar deelname aan de oorlog, met de bedoeling om de vijandelijke Duitse belangen op bedriegelijke wijze te camoufleren en deze te onttrekken aan de controlemaatregelen ten aanzien van de vijandelijke Duitse belangen.
F. De Assemblée van de Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen zal een commissie van deskundigen op het gebied van beheer van vijandelijk vermogen benoemen, teneinde de practische moeilijkheden op te lossen, die zich kunnen voordoen met betrekking tot het recht en de interpretatie daarvan. De commissie zal er met name op moeten toezien, dat alles vermeden wordt wat tot resultaat kan hebben het voortduren van fictieve of andere transacties, bestemd hetzij om vijandelijke belangen te bevoordelen, hetzij om onrechtmatig de hoeveelheid der bezittingen te verkleinen, die onder de herstelbetalingen zouden kunnen vallen.
Artikel 7. Buitgemaakte voorraden
De waarde der voorraden en ander voor civiel gebruik geschikte materialen, welke buiten Duitsland op de Duitse Weermacht zijn buitgemaakt en ter beschikking zijn gesteld van de ondertekenende Regeringen, zal worden verrekend met haar aandelen in de herstelbetalingen, voor zover deze voorraden en materialen niet zijn of zullen worden hetzij betaald, hetzij geleverd krachtens regelingen, welke enige verrekening uitsluiten.
Erkend wordt, dat terbeschikkingstelling van zodanige voorraden en materialen door de Regeringen der Verenigde Staten van Amerika en van het Verenigd Koninkrijk aan andere Regeringen onderworpen is aan de definitieve goedkeuring door de wetgevende organen dier beide landen, als deze vereist is.
Artikel 8. Toekenning van een deel der herstelbetalingen aan slachtoffers der Duitse actie, die niet naar hun vaderland kunnen terugkeren
Aangezien een groot aantal personen zwaar door de gedragingen van de Nazi's heeft geleden, en thans dringend behoefte heeft aan hulp bij hun herstel en geen hulp kan vragen aan enige Regering, die herstelbetalingen ontvangt van Duitsland, zullen de Regeringen van de Verenigde Staten van Amerika, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Tsjecho-Slowakije en Joego-Slavië, na raadpleging van de Intergouvernementale Vluchtelingen Commissie, zo spoedig mogelijk in onderling overleg een plan opmaken op grond van de volgende algemene beginselen:
- A. Een deel der herstelbetalingen, bestaande uit al het door de geallieerde troepen in Duitsland gevonden niet-monetaire goud en uit een aanvullend bedrag, dat 25 millioen dollars niet zal te boven gaan, zal toegekend worden voor het herstel en de nieuwe vestiging van de slachtoffers der Duitse actie, die niet naar hun vaderland kunnen terugkeren.
- B. Deze som van 25 millioen dollars zal worden verkregen uit een deel van de opbrengst der liquidatie van de Duitse bezittingen in neutrale landen, welke beschikbaar is voor herstelbetalingen.
- C. Aan de Regeringen der neutrale landen zal worden verzocht voor dat doel (boven de som van 25 millioen dollars) de zich in genoemde lande bevindene bezittingen beschikbaar te stellen, welke toebehoren aan slachtoffers van de actie der Nazi's, die sindsdien zijn gestorven zonder erfgenomen achter te laten.
- D. Slechts de volgende categorieën van personen, die werkelijke slachtoffers zijn der Nazi-vervolging, benevens hun naaste familie en personen te hunnen laste, komen in aanmerking voor hulp ingevolge het onderhavige plan:
- I. Vluchtelingen uit Nazi Duitsland of Oostenrijk, die hulp behoeven en die ten gevolge van de bestaande omstandigheden niet binnen een redelijke tijd naar hun land kunnen worden teruggezonden.
- II. Duitse en Oostenrijkse onderdanen, die thans in Duitsland of Oostenrijk wonen, in de uitzonderlijke gevallen, dat het uit humanitaire overwegingen redelijk is hen te helpen emigreren, mits zij binnen een redelijke termijn daadwerkelijk emigreren.
- III. Onderdanen van voormalig door de Duitsers bezette landen, die niet gerepatrieerd kunnen worden of voor wie zulks binnen redelijke tijd onmogelijk is. Ten einde alle hulp te reserveren voor de meest behoeftige en verdienstelijke vluchtelingen en personen, wier trouw aan de zaak der Verenigde Naties twijfelachtig is of was, uit te sluiten, zal de hulp slechts worden verleend aan onderdanen of voormalige onderdanen van voorheen bezette landen, die slachtoffers waren van Nazi-concentratiekampen of van concentratiekampen, opgericht door een onder Nazi-invloed staand régime, hieronder niet begrepen de personen, die uitsluitend in krijgsgevangenenkampen zijn geïnterneerd geweest.
- E. De middelen, beschikbaar gesteld overeenkomstig de bovenstaande paragrafen A en B, zullen worden beheerd door de Intergouvernementale Vluchtelingen Commissie of door een organisatie van de Verenigde Naties, waaraan in de toekomst de functies, die de Intergouvernementale Commissie op dat gebied uitoefent, mochten worden overgedragen. De overeenkomstig de bepalingen van bovenstaande paragraaf C beschikbaar komende middelen zullen worden beheerd voor de in dit artikel aangegeven algemene doeleinden, overeenkomstig een plan van beheer, op te maken door de vijf bovengenoemde Regeringen.
- F. Het in Duitsland gevonden niet-monetaire goud zal ter beschikking worden gesteld van de Intergouvernementale Vluchtelingen Commissie, zodra het plan zal zijn uitgewerkt.
- G. De Intergouvernementale Vluchtelingen Commissie zal de bevoegdheid hebben de verwezenlijking der doeleinden, waarvoor het fonds is ingesteld, te verzekeren met behulp van deskundige openbare of particuliere organisaties.
- H. De middelen zullen worden gebruikt, niet om individuele slachtoffers schadeloos te stellen, maar om het herstel en de nieuwe vestiging te bevorderen van personen, die behoren tot de voor hulp in aanmerking komende categorieën.
- I. Geen enkele bepaling van dit artikel zal geacht worden te prejudiciëren ten aanzien van de vorderingen, welke de vluchtelingen individueel kunnen hebben op een toekomstige Duitse Regering, behoudens voor de bedragen, welke deze vluchtelingen hebben ontvangen uit de in bovenstaande paragrafen A en C vermelde bronnen.
DEEL II. Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen
Artikel 1. Instelling van de Organisatie
De Regeringen, welke de onderhavige overeenkomst hebben getekend, stellen een Intergeallieerde Organisatie voor Herstelbetalingen in (hierna genoemd „Organisatie”). Ieder van hen benoemt een gedelegeerde bij de Organisatie, en kan insgelijks een plaatsvervangend gedelegeerde benoemen, die, bij afwezigheid van de gedelegeerde, diens functies en diens bevoegdheden uitoefent.
Artikel 2. Taak van de Organisatie
A. De Organisatie verdeelt de Duitse herstelbetalingen onder de ondertekenende Regeringen, volgens de bepalingen van deze overeenkomst en van alle andere overeenkomsten, die van kracht zijn of zullen zijn tussen de ondertekenende Regeringen. Te dien einde is de Organisatie het orgaan, door welks tussenkomst de ondertekenende Regeringen inlichtingen ontvangen over de goederen, die voor herstelbetaling beschikbaar zijn en hieromtrent hun wensen kenbaar maken.
B. De Organisatie behandelt alle kwesties met betrekking tot de restitutie aan een ondertekenende Regering van eigendommen, welke welke zich bevinden in een der Westelijke zones van Duitsland, haar toegewezen door de Opperbevelhebber van die zône (handelend namens zijn Regering), in overeenstemming met de vragende Regering(en), zonder evenwel te prejudiciëren ten aanzien van de regering van zodanige kwesties tussen de betrokken ondertekenende Regeringen, hetzij door overeenkomst, hetzij door arbitrage.
Artikel 3. Organen van de Organisatie
A. De organen van de Organisatie zijn de Assemblée en het Secretariaat.
B. De Assemblée is samengesteld uit de gedelegeerden en wordt voorgezeten door de President van de Organisatie. De President van de Organisatie is de gedelegeerde van de Franse Regering.
C. Het Secretariaat staat onder leiding van een Secretaris-Generaal, bijgestaan door twee Adjunct-Secretarissen-Generaal. De Secretaris-Generaal en de beide Adjunct-Secretarissen-Generaal worden benoemd door de Regeringen van de Verenigde Staten van Amerika, van Frankrijk en van het Verenigd Koninkrijk. Het Secretariaat heeft een internationaal karakter. Het handelt namens de Organisatie en niet namens de afzonderlijke ondertekenende Regeringen.
Artikel 4. Taak van het Secretariaat.
Het Secretariaat beeft tot taak:
- A. Het voorbereiden van plannen voor de verdeling der Duitse herstelbetalingen en het voorleggen daarvan aan de Assemblée;
- B. Het bijhouden van een gedetailleerde boekhouding van de goederen, welke als Duitse herstelbetalingen beschikbaar zijn en van goederen, die uit dien hoofde zijn verdeeld;
- C. Het voorbereiden van de begroting van de Organisatie en het voorleggen daarvan aan de Assemblée;
- D. Het vervullen van andere noodzakelijke administratieve werkzaamheden.
Artikel 5. Taak van de Assemblée
Onder voorbehoud der bepalingen van artikel 4 en 7 van Deel II van deze overeenkomst wijst de Assemblée de Duitse herstelbetalingen aan de ondertekenende Regeringen toe, overeenkomstig de bepalingen van deze overeenkomst en van alle andere overeenkomsten, die tussen bedoelde ondertekenende Regeringen van kracht zijn of zullen zijn. Zij keurt insgelijks de begroting van de Organisatie goed en vervult alle andere functies, die verenigbaar zijn met de bepalingen van deze overeenkomst.
Artikel 6. Beroep tegen besluiten der Assemblée
Tenzij anders bepaald bij deze overeenkomst, beschikt iedere gedelegeerde over één stem. De besluiten van de Assemblée worden genomen bij meerderheid der uitgebrachte stemmen.
Artikel 7. Beroep tegen de besluiten der Assemblée
A. Als de Assemblée niet voldaan heeft aan het verzoek van een gedelegeerde, om een goed aan zijn Regering toe te wijzen, onderwerpt de Assemblée de kwestie aan arbitrage, indien de gedelegeerde, binnen de door de Assemblée vastgestelde termijn, hierom verzoekt. Hangende arbitrage wordt het betrokken besluit van de Assemblée geschorst.
B. De gedelegeerden der Regeringen, die een goed vragen, waarvan de toewijzing krachtens de bovengenoemde paragraaf A aan arbitrage is onderworpen, wijzen een scheidsman aan, gekozen uit de andere gedelegeerden. Indien geen overeenstemming kan worden bereikt over de keuze van een scheidsman, neemt de gedelegeerde van de Verenigde Staten van Amerika de functie van scheidsman waar, of benoemt hij een scheidsman uit de gedelegeerden, wier Regeringen het bedoelde goed niet vragen. Indien de Regering der Verenigde Staten van Amerika een der Regeringen is, die het bedoelde goed vragen, wijst de President van de Organisatie als scheidsman een gedelegeerde aan, wiens Regering het goed niet vraagt.
Artikel 8. Bevoegdheden van de scheidsman
Als de kwestie van de toewijzing van een goed arbitrage wordt onderworpen overeenkomstig artikel 7 van Deel II van deze overeenkomst, heeft de scheidsman in laatste instantie de bevoegdheid het bedoelde goed aan een der vragende Regeringen toe te wijzen. De scheidsman kan, te zijner beslissing, de toewijzing van het bedoelde goed weer naar het Secretariaat terugwijzen voor een aanvullend onderzoek. Hij kan ook, te zijner beslissing, het Secretariaat verzoeken de toewijzing van het goed in kwestie opnieuw aan de Assemblée voor te leggen.
Artikel 9. Uitgaven
A. De salarissen en de kosten van de gedelegeerden en hun personeel worden door hun Regeringen betaald.
B. De gewone uitgaven van de Organisatie worden betaald uit de geldmiddelen van de Organisatie. Deze geldmiddelen worden verschaft door iedere ondertekenende Regering, voor de eerste twee jaren vanaf de instelling van de Assemblée, in verhouding tot haar aandeel in categorie B en vervolgens in verhouding tot haar aandeel in categorie A.
C. Iedere ondertekenende Regering betaalt haar aandeel in de begroting der Organisatie voor iedere begrotingsperiode (zoals die door de Assemblée is vastgesteld) bij het begin van deze periode, met dien verstande, dat bij het tekenen van deze overeenkomst iedere Regering, op een totaal van 50 000 pond sterling, ten minste een bijdrage verleent in verhouding tot haar aandeel in categorie B en dat zij binnen de drie volgende maanden de rest van haar aandeel in de begroting der Organisatie betaalt voor de begrotingsperiode, in de loop waarvan zij deze overeenkomst tekent.
D. Alle bedragen, welke door de ondertekenende Regeringen zijn verschuldigd, worden betaald in Belgische francs of in een of meerdere andere valuta's, welke de Organisatie mocht bepalen.
Artikel 10. Stemming over de begroting
Bij het onderzoek van de begroting van de Organisatie voor iedere begrotingsperiode, heeft iedere gedelegeerde in de Assemblée een aantal stemmen, dat evenredig is met het aandeel, dat door zijn Regering is verschuldigd voor de betreffende begrotingsperiode.
Artikel 11. Officiële talen
De officiële talen van de Organisatie zijn Engels en Frans.
Artikel 12. Bureaux van de Organisatie
De zetel van de Organisatie is gevestigd te Brussel. De Organisatie zal bijkantoren vestigen in iedere andere plaats, welke de Assemblée mocht aanwijzen, nadat de nodige overeenstemming is verkregen.
Artikel 13. Terugtrekking
Iedere ondertekenende Regering, met uitzondering van de Regelingen, welke verantwoordelijk zijn voor het bestuur over een gedeelte van het Duitse grondgebied, kan zich uit de Organisatie terugtrekken na schriftelijke kennisgeving aan het Secretariaat.
Artikel 14. Wijzigingen en ontbinding
Deel II van deze overeenkomst kan worden gewijzigd, of de Organisatie worden ontbonden, door een besluit van de Assemblée, genomen met meerderheid van de uitgebrachte stemmen, mits de gedelegeerden, die deze meerderheid vormen, Regeringen vertegenwoordigen, waarvan het gezamenlijke percentage in categorie A minstens 80 bedraagt.
Artikel 15. Juridische bevoegdheid. Onschendbaarheid en voorrechten
De Organisatie heeft op het grondgebied van iedere ondertekenende Regering de juridische bevoegdheid, benevens de voorrechten, de onschendbaarheid en de faciliteiten, die zij nodig heeft om haar taak uit te oefenen en haar doel te bereiken. De vertegenwoordigers der ondertekenende Regeringen en de beambten van de Organisatie genieten insgelijks de voorrechten en de onschendbaarheid, die zij nodig hebben om hun taak in verband met de Organisatie in volle onafhankelijkheid te kunnen uitoefenen.
DEEL III. Restitutie van monetair goud
Artikel Enig
A. Al het monetaire goud, dat in Duitsland door de geallieerde strijdkrachten wordt gevonden en het goud bedoeld in onderstaande paragraaf G (met inbegrip van gouden munten, voorzover die geen numismatische of historische waarde hebben, welke laatste onmiddellijk zullen worden teruggegeven, als ze kunnen worden geïdentificeerd), zal worden samengebracht ter verdeling, bij wijze van restitutie, onder de hierbij toegelaten landen, in verhouding tot het verlies aan goud, door elk hunner geleden ten gevolge van roof door of onrechtmatig wegvoeren naar Duitsland.
B. Zonder te prejudiciëren ten aanzien van aanspraken op herstelbetaling ter vergoeding van niet-gerestitueerd goud, zal de hoeveelheid monetair goud, die aldus toekomt aan ieder der tot de verdeling toegelaten landen, door dit land worden aanvaard als volledige voldoening van alle vorderingen op Duitsland, met betrekking tot restitutie van monetair goud.
C. Een evenredig deel van het goud zal worden toegewezen aan ieder betrokken land, dat deze regeling voor de restitutie van monetair goud aanneemt en dat kan aantonen, dat een bepaalde, hem toebehorende, hoeveelheid monetair goud door Duitsland is geroofd of op een datum na 12 Maart 1938 onrechtmatig is overgebracht naar Duits grondgebied.
D. De kwestie van eventuele deelname van niet op de Conferentie vertegenwoordigde landen (met uitzondering van Duitsland, maar met inbegrip van Oostenrijk en Italië) aan bovenvermelde verdeling blijft voorbehouden; het equivalent van wat het totaal zou vormen van de aandelen dier landen, indien ze werden toegelaten tot deze verdeling, zal gereserveerd blijven, opdat er nader over worde beschikt, volgens de beslissing van de betrokken geallieerde Regeringen.
E. De onderscheidene tot de verdeling toegelaten landen zullen aan de Regeringen van de Verenigde Staten van Amerika, van Frankrijk en van het Verenigd Koninkrijk, in haar hoedanigheid van bezettende Mogendheden, nauwkeurige en te verifiëren inlichtingen verschaffen nopens het goudverlies, dat zij hebben geleden ten gevolge van roof door of overbrenging naar Duitsland.
F. De Regeringen van de Verenigde Staten van Amerika, van Frankrijk en van het Verenigd Koninkrijk zullen in de onderscheidenlijk door haar bezette zônes van Duitsland alle nodige maatregelen nemen ter uitvoering van een verdeling, overeenkomstig uw voorafgaande bepalingen.
G. Al het monetaire goud, dat in een derde land, waarheen het vanuit Duitsland werd overgemaakt, kan worden achterhaald, zal worden verdeeld overeenkomstig deze regeling betreffende de teruggave van monetair goud.
DEEL IV. lnwerkingtreding en ondertekening
Artikel 1. Inwerkingtreding
Deze overeenkomst zal kunnen worden getekend door iedere Regering, die vertegenwoordigd was op de Conferentie voor Herstelbetalingen te Parijs.
Zodra zij zal zijn getekend door Regeringen die gezamenlijk recht hebben op ten minste 80 % van het totaal der aandelen in categorie A der Duitse herstelbetalingen, zal zij tussen deze ondertekenende Regeringen in werking treden.
De overeenkomst zal vervolgens van kracht zijn tussen deze Regeringen en iedere Regering, die haar later zal tekenen.
Artikel 2. Ondertekening
De ondertekening door iedere contracterende Regering zal geacht worden in te houden, dat deze overeenkomst tevens verbindend is voor haar koloniën, haar overzese gebieden en gebieden onder haar protectie of suzereiniteit staande of waarover zij thans een mandaat uitoefent.
In witness whereof, the undersigned, duly authorized by their respective Governments, have signed in Paris the Present Agreement, in the English and French Languages, the two texts being equally authentic, in a single original, which shall be deposited in the Archives of the Government of the French Republic, a certified copy thereof being furnished by that Government to each Signatory Government.