Wijzigingsgeschiedenis
Overeenkomst inzake een gemeenschappelijke luchtvaartruimte tussen de Europese Unie en haar lidstaten en de Republiek Moldavië
3 versions
· 2021-10-25
2021-10-25
Overeenkomst inzake een gemeenschappelijke luchtvaartruimte tussen de E
Wijzigingen op 2021-10-25
@@ -74,7 +74,7 @@
nota nemend van het [Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507), voor ondertekening opengesteld te Chicago op 7 december 1944;
overeenkomende dat het belangrijk is de regels betreffende de gemeenschappelijke luchtvaartruimte te baseren op de relevante geldende wetgeving in de Europese Unie, zoals vastgesteld in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze overeenkomst;
overeenkomende dat het belangrijk is de regels betreffende de gemeenschappelijke luchtvaartruimte te baseren op de relevante geldende wetgeving in de Europese Unie, zoals vastgesteld in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze overeenkomst;
erkennende dat de volledige naleving van de regels van de gemeenschappelijke luchtvaartruimte de partijen in staat stelt alle voordelen van die luchtvaartruimte volledig te benutten, zoals het openstellen van de toegang tot markten en het maximaliseren van de voordelen voor de consumenten, bedrijfssectoren en werknemers van beide partijen;
@@ -104,7 +104,7 @@
Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt verstaan onder:
- 1. **„Overeengekomen diensten” en „gespecificeerde routes”**: internationaal luchtvervoer overeenkomstig [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=2&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Verlening van rechten) van, en [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=I&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst;
- 1. **„Overeengekomen diensten” en „gespecificeerde routes”**: internationaal luchtvervoer overeenkomstig [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=2&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Verlening van rechten) van, en [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=I&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst;
- 2. **„Overeenkomst”**: de onderhavige Overeenkomst, de bijlagen daarbij en eventuele wijzigingen daarvan;
@@ -132,7 +132,7 @@
- 12. **„Landen die deelnemen aan het Europees Nabuurschapsbeleid”**: Algerije, Armenië, Azerbeidzjan, Belarus, Bezette Palestijnse gebieden, Egypte, Georgië, Israël, Jordanië, Libanon, Libië, Marokko, de Republiek Moldavië, Oekraïne Syrië en Tunesië;
- 13. **„Onderdanen”**: personen of entiteiten met de Moldavische nationaliteit, wat de Moldavische partij betreft, of met de nationaliteit van een lidstaat, wat de Europese partij betreft; in het geval van een juridische entiteit moet de permanente en feitelijke zeggenschap over die entiteit, hetzij rechtstreeks hetzij via een meerderheidsparticipatie, berusten bij personen met de Moldavische nationaliteit, wat de Moldavische partij betreft, of bij personen of entiteiten met de nationaliteit van een lidstaat of van een van de in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2020-08-02&g=2020-08-02) vermelde derde landen, wat de Europese partij betreft;
- 13. **„Onderdanen”**: personen of entiteiten met de Moldavische nationaliteit, wat de Moldavische partij betreft, of met de nationaliteit van een lidstaat, wat de Europese partij betreft; in het geval van een juridische entiteit moet de permanente en feitelijke zeggenschap over die entiteit, hetzij rechtstreeks hetzij via een meerderheidsparticipatie, berusten bij personen met de Moldavische nationaliteit, wat de Moldavische partij betreft, of bij personen of entiteiten met de nationaliteit van een lidstaat of van een van de in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2021-10-25&g=2021-10-25) vermelde derde landen, wat de Europese partij betreft;
- 14. **„Exploitatievergunningen”**:
@@ -172,7 +172,7 @@
##### Artikel 2. Verlening van rechten
1. Overeenkomstig [bijlagen I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=I&z=2020-08-02&g=2020-08-02) en [II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst verleent elke partij de andere partij de volgende rechten met betrekking tot de exploitatie van internationaal luchtvervoer door luchtvaartmaatschappijen van de andere partij:
1. Overeenkomstig [bijlagen I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=I&z=2021-10-25&g=2021-10-25) en [II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst verleent elke partij de andere partij de volgende rechten met betrekking tot de exploitatie van internationaal luchtvervoer door luchtvaartmaatschappijen van de andere partij:
- a. het recht over haar grondgebied te vliegen zonder te landen;
@@ -198,7 +198,7 @@
- –. het regelgevend toezicht op de luchtvaartmaatschappij effectief wordt uitgeoefend en gehandhaafd door de Republiek Moldavië; en
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, hetzij rechtstreeks hetzij via een meerderheidsparticipatie, en de feitelijke zeggenschap over die maatschappij berusten bij de Republiek Moldavië en/of onderdanen van de Republiek Moldavië.
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, hetzij rechtstreeks hetzij via een meerderheidsparticipatie, en de feitelijke zeggenschap over die maatschappij berusten bij de Republiek Moldavië en/of onderdanen van de Republiek Moldavië.
- b. in het geval van een luchtvaartmaatschappij uit de Europese Unie:
@@ -206,17 +206,17 @@
- –. het regelgevend toezicht op de luchtvaartmaatschappij effectief wordt uitgeoefend en gehandhaafd door de lidstaat van de Europese Unie die verantwoordelijk is voor de afgifte van het Air Operators Certificate, en de bevoegde luchtvaartautoriteit duidelijk is geïdentificeerd; en
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, hetzij rechtstreeks hetzij via een meerderheidsparticipatie, en de feitelijke zeggenschap over die maatschappij berusten bij lidstaten en/of onderdanen van lidstaten of andere in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2020-08-02&g=2020-08-02) van deze Overeenkomst vermelde staten en/of onderdanen van die andere staten;
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, hetzij rechtstreeks hetzij via een meerderheidsparticipatie, en de feitelijke zeggenschap over die maatschappij berusten bij lidstaten en/of onderdanen van lidstaten of andere in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2021-10-25&g=2021-10-25) van deze Overeenkomst vermelde staten en/of onderdanen van die andere staten;
- c. de luchtvaartmaatschappij voldoet aan de voorwaarden in de wetten en regels die normaal door de bevoegde autoriteit worden toegepast; en
- d. de voorschriften van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Veiligheid van de luchtvaart) en [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=15&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst worden gehandhaafd en opgelegd.
- d. de voorschriften van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Veiligheid van de luchtvaart) en [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=15&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst worden gehandhaafd en opgelegd.
##### Artikel 4. Wederzijdse erkenning van regelgevende vaststellingen met betrekking tot deugdelijkheid, eigendom van en zeggenschap over luchtvaartmaatschappijen
Als de bevoegde autoriteiten van een partij een aanvraag voor een vergunning ontvangen van een luchtvaartmaatschappij van de andere partij, erkennen zij de door de bevoegde autoriteiten van de eerste partij gedane regelgevende vaststellingen met betrekking tot de deugdelijkheid en/of nationaliteit van die luchtvaartmaatschappij alsof zij die vaststellingen zelf zouden hebben gedaan, en voeren zij verder geen onderzoek naar deze kwesties, behalve zoals bepaald onder (a) en (b) hieronder:
- a. Indien, na ontvangst van een aanvraag voor een vergunning van een luchtvaartmaatschappij of na het verlenen van een dergelijke vergunning, de bevoegde autoriteiten van de ontvangende partij een specifieke reden hebben om bezorgd te zijn over het feit dat, ondanks de door de bevoegde autoriteiten van de andere partij gedane vaststelling, inclusief met betrekking tot kwesties inzake dubbele nationaliteit, de in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vergunning) van deze Overeenkomst vermelde voorwaarden voor het verlenen van passende vergunningen of toelatingen niet zijn nageleefd, dienen zij deze autoriteiten daar onmiddellijk van in kennis te stellen en hun bezorgdheid te motiveren. In dat geval mag elke partij om overleg verzoeken, inclusief met vertegenwoordigers van de relevante bevoegde autoriteiten, en/of aanvullende informatie over deze bezorgdheid, en op dergelijke verzoeken moet zo snel als praktisch uitvoerbaar worden ingegaan. Als geen oplossing wordt gevonden, mag elke partij de kwestie voorleggen aan het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité.
- a. Indien, na ontvangst van een aanvraag voor een vergunning van een luchtvaartmaatschappij of na het verlenen van een dergelijke vergunning, de bevoegde autoriteiten van de ontvangende partij een specifieke reden hebben om bezorgd te zijn over het feit dat, ondanks de door de bevoegde autoriteiten van de andere partij gedane vaststelling, inclusief met betrekking tot kwesties inzake dubbele nationaliteit, de in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vergunning) van deze Overeenkomst vermelde voorwaarden voor het verlenen van passende vergunningen of toelatingen niet zijn nageleefd, dienen zij deze autoriteiten daar onmiddellijk van in kennis te stellen en hun bezorgdheid te motiveren. In dat geval mag elke partij om overleg verzoeken, inclusief met vertegenwoordigers van de relevante bevoegde autoriteiten, en/of aanvullende informatie over deze bezorgdheid, en op dergelijke verzoeken moet zo snel als praktisch uitvoerbaar worden ingegaan. Als geen oplossing wordt gevonden, mag elke partij de kwestie voorleggen aan het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité.
- b. Dit artikel heeft geen betrekking op de erkenning van vaststellingen met betrekking tot:
@@ -236,7 +236,7 @@
- –. het regelgevend toezicht op de luchtvaartmaatschappij niet effectief wordt uitgeoefend of gehandhaafd door de Republiek Moldavië; of
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij rechtstreeks of via een meerderheidsparticipatie, of de feitelijke zeggenschap over die maatschappij niet berust bij de Republiek Moldavië en/of onderdanen van de Republiek Moldavië;
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij rechtstreeks of via een meerderheidsparticipatie, of de feitelijke zeggenschap over die maatschappij niet berust bij de Republiek Moldavië en/of onderdanen van de Republiek Moldavië;
- b. in het geval van een luchtvaartmaatschappij uit de Europese Unie:
@@ -244,13 +244,13 @@
- –. het regelgevend toezicht op de luchtvaartmaatschappij niet effectief wordt uitgeoefend of gehandhaafd door de lidstaat van de Europese Unie die verantwoordelijk is voor de afgifte van het Air Operators Certificate, of de bevoegde luchtvaartautoriteit niet duidelijk is geïdentificeerd; of
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, rechtstreeks of via een meerderheidsparticipatie, of de feitelijke zeggenschap over die maatschappij niet berust bij lidstaten en/of onderdanen van lidstaten of bij andere in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2020-08-02&g=2020-08-02) van deze Overeenkomst vermelde staten en/of onderdanen van die staten;
- c. de luchtvaartmaatschappij niet voldoet aan de in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=7&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Naleving van wetten en regels) van deze Overeenkomst vermelde wetten en regels; of
- d. de voorschriften van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Veiligheid van de luchtvaart) en [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=15&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst niet worden gehandhaafd en opgelegd; of
- e. een partij overeenkomstig [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=8&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Concurrerend klimaat) van deze Overeenkomst heeft vastgesteld dat niet voldaan is aan de mededingingsvoorwaarden.
- –. tenzij anders bepaald in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Investeringen) van deze Overeenkomst, de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, rechtstreeks of via een meerderheidsparticipatie, of de feitelijke zeggenschap over die maatschappij niet berust bij lidstaten en/of onderdanen van lidstaten of bij andere in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2021-10-25&g=2021-10-25) van deze Overeenkomst vermelde staten en/of onderdanen van die staten;
- c. de luchtvaartmaatschappij niet voldoet aan de in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=7&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Naleving van wetten en regels) van deze Overeenkomst vermelde wetten en regels; of
- d. de voorschriften van [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Veiligheid van de luchtvaart) en [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=15&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst niet worden gehandhaafd en opgelegd; of
- e. een partij overeenkomstig [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=8&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Concurrerend klimaat) van deze Overeenkomst heeft vastgesteld dat niet voldaan is aan de mededingingsvoorwaarden.
2. Tenzij onmiddellijke maatregelen noodzakelijk zijn om verdere niet-naleving van lid 1, onder (c) of (d), van dit artikel te voorkomen, worden de in dit artikel vastgestelde rechten pas uitgeoefend na overleg met de bevoegde instanties van de andere partij.
@@ -258,9 +258,9 @@
##### Artikel 6. Investeringen
1. Onverminderd de [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vergunning) en [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst wordt toegestaan dat lidstaten en/of hun onderdanen meerderheidseigenaar zijn van of feitelijke zeggenschap uitoefenen over een luchtvaartmaatschappij van de Republiek Moldavië.
2. Onverminderd de [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vergunning) en [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst wordt, krachtens een voorafgaande beslissing van het bij [artikel 22, lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02), (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité, toegestaan dat de Republiek Moldavië en/of onderdanen van de Republiek Moldavië meerderheidseigenaar zijn van of feitelijke zeggenschap uitoefenen over een luchtvaartmaatschappij uit de Europese Unie. In die beslissing worden de voorwaarden gespecificeerd voor de exploitatie van de in deze Overeenkomst overeengekomen diensten en van de diensten tussen derde landen en de partijen. De bepalingen van artikel 22, lid 8, (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst zijn niet van toepassing op dit type beslissingen.
1. Onverminderd de [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vergunning) en [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst wordt toegestaan dat lidstaten en/of hun onderdanen meerderheidseigenaar zijn van of feitelijke zeggenschap uitoefenen over een luchtvaartmaatschappij van de Republiek Moldavië.
2. Onverminderd de [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vergunning) en [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst wordt, krachtens een voorafgaande beslissing van het bij [artikel 22, lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25), (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité, toegestaan dat de Republiek Moldavië en/of onderdanen van de Republiek Moldavië meerderheidseigenaar zijn van of feitelijke zeggenschap uitoefenen over een luchtvaartmaatschappij uit de Europese Unie. In die beslissing worden de voorwaarden gespecificeerd voor de exploitatie van de in deze Overeenkomst overeengekomen diensten en van de diensten tussen derde landen en de partijen. De bepalingen van artikel 22, lid 8, (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst zijn niet van toepassing op dit type beslissingen.
##### Artikel 7. Naleving van wetten en regels
@@ -278,9 +278,9 @@
4. Alle handelwijzen die in strijd zijn met dit artikel worden beoordeeld aan de hand van de criteria die voortvloeien uit de toepassing van de mededingingsregels die van toepassing zijn in de Europese Unie, met name [artikel 107 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001506&artikel=107) en de instrumenten die ter interpretatie hiervan door de instellingen van de Europese Unie zijn vastgesteld.
5. Als een partij vaststelt dat op het grondgebied van de andere partij voorwaarden gelden, met name ten gevolge van een subsidie, die de eerlijke en gelijke mededingingskansen van haar luchtvaartmaatschappijen negatief beïnvloeden, mag zij haar opmerkingen kenbaar maken aan de andere partij. Bovendien mag zij verzoeken om een vergadering van het Gemengd Comité, zoals ingesteld bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst. Het overleg start uiterlijk 30 dagen na de ontvangst van een dergelijk verzoek. Indien binnen 30 dagen na de start van het overleg geen akkoord wordt bereikt, is dit voor de partij die om het overleg heeft verzocht voldoende reden om de vergunningen van de desbetreffende luchtvaartmaatschappij(en) van de andere partij te weigeren, in te houden, in te trekken, op te schorten of aan passende voorwaarden te onderwerpen, overeenkomstig [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst.
6. De in lid 5 van dit artikel vermelde maatregelen moeten passend en proportioneel zijn en het toepassingsgebied en de duur ervan moeten beperkt blijven tot hetgeen strikt noodzakelijk is. Deze maatregelen mogen uitsluitend gericht zijn tegen luchtvaartmaatschappijen die voordeel halen uit een subsidie of uit de in dit artikel bedoelde voorwaarden, en laten het recht van beide partijen om actie te ondernemen uit hoofde van [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=24&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vrijwaringsmaatregelen) van deze Overeenkomst onverlet.
5. Als een partij vaststelt dat op het grondgebied van de andere partij voorwaarden gelden, met name ten gevolge van een subsidie, die de eerlijke en gelijke mededingingskansen van haar luchtvaartmaatschappijen negatief beïnvloeden, mag zij haar opmerkingen kenbaar maken aan de andere partij. Bovendien mag zij verzoeken om een vergadering van het Gemengd Comité, zoals ingesteld bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst. Het overleg start uiterlijk 30 dagen na de ontvangst van een dergelijk verzoek. Indien binnen 30 dagen na de start van het overleg geen akkoord wordt bereikt, is dit voor de partij die om het overleg heeft verzocht voldoende reden om de vergunningen van de desbetreffende luchtvaartmaatschappij(en) van de andere partij te weigeren, in te houden, in te trekken, op te schorten of aan passende voorwaarden te onderwerpen, overeenkomstig [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst.
6. De in lid 5 van dit artikel vermelde maatregelen moeten passend en proportioneel zijn en het toepassingsgebied en de duur ervan moeten beperkt blijven tot hetgeen strikt noodzakelijk is. Deze maatregelen mogen uitsluitend gericht zijn tegen luchtvaartmaatschappijen die voordeel halen uit een subsidie of uit de in dit artikel bedoelde voorwaarden, en laten het recht van beide partijen om actie te ondernemen uit hoofde van [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=24&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vrijwaringsmaatregelen) van deze Overeenkomst onverlet.
7. Elke partij mag, na kennisgeving aan de andere partij, verantwoordelijke overheidsinstanties op het grondgebied van de andere partij benaderen, inclusief instanties op federaal, provinciaal of lokaal niveau, om de onder dit artikel vallende kwesties te bespreken.
@@ -290,7 +290,7 @@
1. De partijen zijn het erover eens dat de voordelen van deze Overeenkomst niet kunnen worden verwezenlijkt wanneer commerciële exploitanten worden gehinderd bij het zaken doen. De partijen komen dan ook overeen om dergelijke hinderpalen voor de luchtvaartmaatschappijen van beide partijen, die commerciële activiteiten belemmeren, concurrentieverstoringen veroorzaken of de totstandbrenging van een gelijk speelveld verhinderen, effectief en wederzijds uit de weg te ruimen.
2. Het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité ontwikkelt een proces van samenwerking met betrekking tot zaken doen en commerciële mogelijkheden, ziet toe op de vooruitgang die wordt geboekt bij het effectief uit de weg ruimen van hinderpalen voor zaken doen en beoordeelt regelmatig de ontwikkelingen, waaronder – indien nodig – ontwikkelingen in de richting van wetgevende en regelgevende wijzigingen. Overeenkomstig artikel 22 (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst mag een partij verzoeken om een vergadering van het Gemengd Comité teneinde vragen met betrekking tot de toepassing van dit artikel te bespreken.
2. Het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité ontwikkelt een proces van samenwerking met betrekking tot zaken doen en commerciële mogelijkheden, ziet toe op de vooruitgang die wordt geboekt bij het effectief uit de weg ruimen van hinderpalen voor zaken doen en beoordeelt regelmatig de ontwikkelingen, waaronder – indien nodig – ontwikkelingen in de richting van wetgevende en regelgevende wijzigingen. Overeenkomstig artikel 22 (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst mag een partij verzoeken om een vergadering van het Gemengd Comité teneinde vragen met betrekking tot de toepassing van dit artikel te bespreken.
3. De luchtvaartmaatschappijen van beide partijen hebben het recht op het grondgebied van de andere partij kantoren te openen voor de promotie en verkoop van luchtvervoer en aanverwante activiteiten en hebben het recht zowel hun eigen tickets en/of luchtvrachtbrieven als die van alle andere luchtvaartmaatschappijen te verkopen en uit te geven.
@@ -336,7 +336,7 @@
- a. Geen van beide partijen mag van de luchtvaartmaatschappijen die hun apparatuur leasen, eisen dat zij krachtens deze Overeenkomst in het bezit zijn van verkeersrechten.
- b. Alleen in uitzonderlijke gevallen of om te voldoen aan tijdelijke behoeften is het toegestaan dat een luchtvaartmaatschappij van de Republiek Moldavië een luchtvaartuig met bemanning least („wet-leasing”) van een luchtvaartmaatschappij van een derde land, of dat een luchtvaartmaatschappij van de Europese Unie een luchtvaartuig met bemanning least van een luchtvaartmaatschappij van een derde land dat niet in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst is vermeld, teneinde het mogelijk te maken de uit hoofde van deze Overeenkomst toegekende rechten te exploiteren. Dergelijke „wet-leasing” moet vooraf worden goedgekeurd door de autoriteit die de vergunning heeft afgegeven aan de leasende luchtvaartmaatschappij en door de bevoegde autoriteit van de andere partij.
- b. Alleen in uitzonderlijke gevallen of om te voldoen aan tijdelijke behoeften is het toegestaan dat een luchtvaartmaatschappij van de Republiek Moldavië een luchtvaartuig met bemanning least („wet-leasing”) van een luchtvaartmaatschappij van een derde land, of dat een luchtvaartmaatschappij van de Europese Unie een luchtvaartuig met bemanning least van een luchtvaartmaatschappij van een derde land dat niet in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=IV&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst is vermeld, teneinde het mogelijk te maken de uit hoofde van deze Overeenkomst toegekende rechten te exploiteren. Dergelijke „wet-leasing” moet vooraf worden goedgekeurd door de autoriteit die de vergunning heeft afgegeven aan de leasende luchtvaartmaatschappij en door de bevoegde autoriteit van de andere partij.
13. De luchtvaartmaatschappijen van elke partij hebben het recht franchising- of brandingovereenkomsten te sluiten met ondernemingen, met inbegrip van luchtvaartmaatschappijen, van beide partijen of van derde landen, mits de luchtvaartmaatschappijen het vereiste gezag hebben en voldoen aan de voorwaarden die worden gesteld volgens de wetten en regels die door de partijen op dergelijke overeenkomsten worden toegepast, met name die welke de vrijgave vereisen van de identiteit van de luchtvaartmaatschappij die de dienst exploiteert.
@@ -372,11 +372,11 @@
##### Artikel 11. Gebruikersheffingen op luchthavens, luchthavenvoorzieningen en -diensten
1. Elke partij ziet erop toe dat gebruikersheffingen die door haar bevoegde heffingsautoriteiten of -organen aan de luchtvaartmaatschappijen van de andere partij worden opgelegd voor het gebruik van luchtvaartnavigatie- en luchtverkeersleidingsdiensten, luchthavens, luchtvaartbeveiliging en bijbehorende voorzieningen en diensten correct, redelijk, niet ten onrechte discriminerend en billijk gespreid zijn over de categorieën gebruikers. Onverminderd [artikel 16, lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=16&z=2020-08-02&g=2020-08-02), (Luchtverkeersbeheer) mogen deze heffingen in verhouding staan tot de volledige kosten die de bevoegde heffingsautoriteiten of -organen maken voor het verlenen van de passende luchthaven- en luchtvaartbeveilingsvoorzieningen en -diensten op die luchthaven of in het systeem van die luchthaven, maar mogen ze deze niet overschrijden. Deze heffingen mogen een redelijke winst na afschrijving omvatten. De voorzieningen en diensten waarover gebruikersheffingen worden geheven, moeten op efficiënte en economische wijze worden verleend. In ieder geval moeten deze heffingen aan de luchtvaartmaatschappijen van de andere partij worden opgelegd volgens voorwaarden die niet minder gunstig zijn dan de gunstigste voorwaarden die iedere andere luchtvaartmaatschappij kan verkrijgen op het tijdstip dat de heffingen worden opgelegd.
1. Elke partij ziet erop toe dat gebruikersheffingen die door haar bevoegde heffingsautoriteiten of -organen aan de luchtvaartmaatschappijen van de andere partij worden opgelegd voor het gebruik van luchtvaartnavigatie- en luchtverkeersleidingsdiensten, luchthavens, luchtvaartbeveiliging en bijbehorende voorzieningen en diensten correct, redelijk, niet ten onrechte discriminerend en billijk gespreid zijn over de categorieën gebruikers. Onverminderd [artikel 16, lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=16&z=2021-10-25&g=2021-10-25), (Luchtverkeersbeheer) mogen deze heffingen in verhouding staan tot de volledige kosten die de bevoegde heffingsautoriteiten of -organen maken voor het verlenen van de passende luchthaven- en luchtvaartbeveilingsvoorzieningen en -diensten op die luchthaven of in het systeem van die luchthaven, maar mogen ze deze niet overschrijden. Deze heffingen mogen een redelijke winst na afschrijving omvatten. De voorzieningen en diensten waarover gebruikersheffingen worden geheven, moeten op efficiënte en economische wijze worden verleend. In ieder geval moeten deze heffingen aan de luchtvaartmaatschappijen van de andere partij worden opgelegd volgens voorwaarden die niet minder gunstig zijn dan de gunstigste voorwaarden die iedere andere luchtvaartmaatschappij kan verkrijgen op het tijdstip dat de heffingen worden opgelegd.
2. Iedere partij vereist dat overleg plaatsvindt tussen de bevoegde heffingsautoriteiten of -organen op haar grondgebied en de luchtvaartmaatschappijen en/of hun representatieve organen die de diensten en voorzieningen gebruiken, en ziet erop toe dat de bevoegde heffingsautoriteiten of -organen en de luchtvaartmaatschappijen of hun representatieve organen alle informatie uitwisselen die nodig is om een nauwkeurige beoordeling van de redelijkheid van de heffingen volgens de beginselen van de leden 1 en 2 van dit artikel mogelijk te maken. Elke partij ziet erop toe dat de bevoegde heffingsautoriteiten of -organen de gebruikers binnen een redelijke termijn in kennis stellen van ieder voorstel tot wijziging van de gebruikersheffingen, teneinde die autoriteiten in staat te stellen rekening te houden met de meningen van de gebruikers alvorens wijzigingen worden doorgevoerd.
3. Tijdens arbitrageprocedures overeenkomstig [artikel 23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=23&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Geschillenbeslechting en arbitrage) wordt geen enkele partij geacht een bepaling van dit artikel te hebben overtreden, tenzij:
3. Tijdens arbitrageprocedures overeenkomstig [artikel 23](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=23&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Geschillenbeslechting en arbitrage) wordt geen enkele partij geacht een bepaling van dit artikel te hebben overtreden, tenzij:
- a. die partij nalaat binnen een redelijke termijn een evaluatie uit te voeren van de heffing of praktijk waartegen de andere partij een klacht heeft ingediend; of
@@ -394,19 +394,19 @@
1. Elke partij verstrekt de andere partij de statistieken die krachtens de nationale wetten en regels van die partij vereist zijn en, op verzoek, andere beschikbare statistische informatie die redelijkerwijze vereist kan zijn voor het evalueren van de exploitatie van de luchtdiensten.
2. De partijen werken in het kader van het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst ingestelde Gemengd Comité samen teneinde de onderlinge uitwisseling van statistische informatie, die nodig is om toezicht te kunnen houden op de ontwikkeling van de luchtdiensten, te vergemakkelijken.
2. De partijen werken in het kader van het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst ingestelde Gemengd Comité samen teneinde de onderlinge uitwisseling van statistische informatie, die nodig is om toezicht te kunnen houden op de ontwikkeling van de luchtdiensten, te vergemakkelijken.
## TITEL II. SAMENWERKING OP REGELGEVINGSGEBIED
##### Artikel 14. Veiligheid van de luchtvaart
1. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de bepalingen van de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), gespecificeerde wetgeving inzake luchtvaartveiligheid, volgens de hierna uiteengezette voorwaarden.
1. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de bepalingen van de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), gespecificeerde wetgeving inzake luchtvaartveiligheid, volgens de hierna uiteengezette voorwaarden.
2. De partijen werken samen om te garanderen dat de Republiek Moldavië de in lid 1 van dit artikel bedoelde wetgeving toepast. Daartoe wordt de Republiek Moldavië vanaf de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst als waarnemer betrokken bij de werkzaamheden van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart.
- a. De geleidelijke toepassing van de volledige, in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst vermelde wetgeving door de Republiek Moldavië zal aan beoordelingen worden onderworpen. De beoordelingen worden uitgevoerd door de Europese Unie, in samenwerking met de Republiek Moldavië. Als de Republiek Moldavië van oordeel is dat de in bijlage III, deel C, van deze Overeenkomst vermelde wetgeving volledig wordt toegepast, deelt zij de Europese Unie mee dat een beoordeling moet worden uitgevoerd.
- b. Als de Republiek Moldavië de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst vermelde wetgeving volledig ten uitvoer heeft gelegd, bepaalt het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité de precieze status en voorwaarden waaraan de Republiek Moldavië moet voldoen om met een hogere status dan die van waarnemer te mogen deelnemen aan de werkzaamheden van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart.
- a. De geleidelijke toepassing van de volledige, in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst vermelde wetgeving door de Republiek Moldavië zal aan beoordelingen worden onderworpen. De beoordelingen worden uitgevoerd door de Europese Unie, in samenwerking met de Republiek Moldavië. Als de Republiek Moldavië van oordeel is dat de in bijlage III, deel C, van deze Overeenkomst vermelde wetgeving volledig wordt toegepast, deelt zij de Europese Unie mee dat een beoordeling moet worden uitgevoerd.
- b. Als de Republiek Moldavië de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst vermelde wetgeving volledig ten uitvoer heeft gelegd, bepaalt het bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst opgerichte Gemengd Comité de precieze status en voorwaarden waaraan de Republiek Moldavië moet voldoen om met een hogere status dan die van waarnemer te mogen deelnemen aan de werkzaamheden van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart.
3. De partijen zien erop toe dat in de ene partij geregistreerde luchtvaartuigen die worden verdacht van niet-naleving van de bij het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) vastgestelde internationale veiligheidsnormen bij landing op luchthavens op het grondgebied van de andere partij die openstaan voor internationaal luchtverkeer, door de bevoegde autoriteiten van die andere partij worden onderworpen aan platforminspecties, zowel aan boord als rond het luchtvaartuig, teneinde de geldigheid van de documenten van het luchtvaartuig en van de bemanning en de kennelijke staat van het luchtvaartuig en de apparatuur te controleren.
@@ -414,11 +414,11 @@
5. De bevoegde autoriteiten van een partij nemen onmiddellijk alle passende maatregelen als zij vaststellen dat een luchtvaartuig, product of activiteit:
- a. niet voldoet aan de minimumnormen die zijn vastgesteld overeenkomstig het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) of, indien van toepassing, de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving;
- b. na een in lid 3 van dit artikel bedoelde inspectie aanleiding geeft tot ernstige vermoedens dat een luchtvaartuig of de exploitatie ervan niet voldoet aan de overeenkomstig het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) of de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving vastgestelde minimumnormen; of
- c. aanleiding geeft tot ernstige vermoedens dat de overeenkomstig het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) of de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving vastgestelde minimumnormen niet daadwerkelijk worden toegepast en gehandhaafd.
- a. niet voldoet aan de minimumnormen die zijn vastgesteld overeenkomstig het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) of, indien van toepassing, de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving;
- b. na een in lid 3 van dit artikel bedoelde inspectie aanleiding geeft tot ernstige vermoedens dat een luchtvaartuig of de exploitatie ervan niet voldoet aan de overeenkomstig het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) of de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving vastgestelde minimumnormen; of
- c. aanleiding geeft tot ernstige vermoedens dat de overeenkomstig het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) of de in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving vastgestelde minimumnormen niet daadwerkelijk worden toegepast en gehandhaafd.
6. Wanneer de bevoegde autoriteiten van de ene partij maatregelen nemen overeenkomstig lid 5 van dit artikel stellen zij de bevoegde autoriteiten van de andere partij daar onmiddellijk van in kennis, met opgave van de redenen voor die maatregelen.
@@ -426,9 +426,9 @@
##### Artikel 15. Beveiliging van de luchtvaart
1. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde bepalingen van de wetgeving van de Europese Unie inzake luchtvaartbeveiliging, volgens de hierna uiteengezette voorwaarden.
2. De Republiek Moldavië kan worden onderworpen aan een inspectie van de Europese Commissie overeenkomstig de relevante beveiligingswetgeving van de Europese Unie, zoals vermeld in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst. De partijen stellen het mechanisme vast dat nodig is voor de uitwisseling van informatie over de resultaten van dergelijke beveiligingsinspecties.
1. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde bepalingen van de wetgeving van de Europese Unie inzake luchtvaartbeveiliging, volgens de hierna uiteengezette voorwaarden.
2. De Republiek Moldavië kan worden onderworpen aan een inspectie van de Europese Commissie overeenkomstig de relevante beveiligingswetgeving van de Europese Unie, zoals vermeld in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst. De partijen stellen het mechanisme vast dat nodig is voor de uitwisseling van informatie over de resultaten van dergelijke beveiligingsinspecties.
3. Aangezien de veiligheid van burgerluchtvaartuigen, hun passagiers en hun bemanning een fundamentele voorwaarde is voor het exploiteren van internationale luchtdiensten, bevestigen beide partijen dat hun verplichtingen tegenover elkaar ook de beveiliging van de burgerluchtvaart tegen wederrechtelijke daden omvatten, met name hun verplichtingen uit hoofde van het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507), het [Verdrag inzake strafbare feiten en bepaalde andere handelingen begaan aan boord van luchtvaartuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0004659), ondertekend in Tokio op 14 september 1963, het [Verdrag tot bestrijding van het wederrechtelijk in zijn macht brengen van luchtvaartuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0004424), ondertekend in Den Haag op 16 december 1970, het Verdrag ter bestrijding van wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van de burgerluchtvaart, ondertekend in Montreal op 23 september 1971, het [Protocol tot bestrijding van wederrechtelijke daden van geweld op luchthavens voor de internationale burgerluchtvaart](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0002152), ondertekend te Montreal op 24 februari 1988, en het [Verdrag inzake het merken van kneedspringstoffen ten behoeve van de opsporing ervan](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003003), ondertekend te Montreal op 1 maart 1991, voor zover beide partijen ook partij zijn bij deze verdragen, en alle andere verdragen en protocollen inzake de beveiliging van de burgerluchtvaart waartoe beide partijen zijn toegetreden.
@@ -438,7 +438,7 @@
6. Elke partij ziet erop toe dat op haar grondgebied effectieve maatregelen worden genomen om de burgerluchtvaart te beschermen tegen wederrechtelijke daden, inclusief, maar niet beperkt tot, het screenen van passagiers en hun handbagage, het screenen van ruimbagage, beveiligingscontroles van vracht en post alvorens deze aan boord van een luchtvaartuig te laden, beveiligingscontroles van vlucht- en luchthavenbenodigdheden en controles van de toegang tot de luchtzijde en tot om beveiligingsredenen beperkt toegankelijke zones. Deze maatregelen worden aangepast aan een eventuele toename van de dreiging. Elke partij stemt ermee in dat haar luchtvaartmaatschappijen door de andere partij kunnen worden verplicht de in lid 5 van dit artikel vermelde voorschriften inzake beveiliging van de luchtvaart in acht te nemen voor de toegang tot, het vertrek uit of het verblijf op het grondgebied van die andere partij.
7. Elke partij neemt ook ieder verzoek van de andere partij om in verband met een bepaalde dreiging bijzondere doch redelijke veiligheidsmaatregelen te nemen, welwillend in overweging. Elke partij stelt de andere partij van tevoren in kennis van de bijzondere beveiligingsmaatregelen die zij wenst in te voeren en die aanzienlijke financiële of operationele gevolgen kunnen hebben voor de luchtvervoersdiensten die uit hoofde van deze Overeenkomst worden verleend, tenzij dit in noodgevallen redelijkerwijs niet mogelijk is. Bovendien mag elke partij verzoeken om een vergadering van het Gemengd Comité, zoals ingesteld bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst, om dergelijke beveiligingsmaatregelen te bespreken.
7. Elke partij neemt ook ieder verzoek van de andere partij om in verband met een bepaalde dreiging bijzondere doch redelijke veiligheidsmaatregelen te nemen, welwillend in overweging. Elke partij stelt de andere partij van tevoren in kennis van de bijzondere beveiligingsmaatregelen die zij wenst in te voeren en die aanzienlijke financiële of operationele gevolgen kunnen hebben voor de luchtvervoersdiensten die uit hoofde van deze Overeenkomst worden verleend, tenzij dit in noodgevallen redelijkerwijs niet mogelijk is. Bovendien mag elke partij verzoeken om een vergadering van het Gemengd Comité, zoals ingesteld bij [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst, om dergelijke beveiligingsmaatregelen te bespreken.
8. Wanneer een geval van wederrechtelijk in zijn macht brengen van burgerluchtvaartuigen of een andere wederrechtelijke daad tegen de veiligheid van dergelijke luchtvaartuigen, hun passagiers en bemanning, luchthavens en luchtvaartnavigatiefaciliteiten zich voordoet of dreigt voor te doen, staan de partijen elkaar bij door de communicatie te vergemakkelijken en andere passende maatregelen te nemen om snel en veilig een eind te maken aan het incident of de dreiging.
@@ -446,7 +446,7 @@
10. Wanneer een partij redelijke gronden heeft om te geloven dat de andere partij afwijkt van de in dit artikel vastgestelde voorschriften inzake luchtvaartbeveiliging, kan de partij onmiddellijk om overleg met de andere partij verzoeken.
11. Onverminderd [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst wordt de exploitatievergunning van een of meer luchtvaartmaatschappijen van de andere partij ingehouden, ingetrokken, beperkt of afhankelijk gesteld van voorwaarden wanneer niet binnen vijftien (15) dagen na dit verzoek een bevredigende oplossing wordt bereikt.
11. Onverminderd [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen) van deze Overeenkomst wordt de exploitatievergunning van een of meer luchtvaartmaatschappijen van de andere partij ingehouden, ingetrokken, beperkt of afhankelijk gesteld van voorwaarden wanneer niet binnen vijftien (15) dagen na dit verzoek een bevredigende oplossing wordt bereikt.
12. Wanneer een onmiddellijke en buitengewone dreiging dit vereist, mag een partij voorlopige maatregelen treffen vóór het verstrijken van de vijftien (15) dagen.
@@ -454,7 +454,7 @@
##### Artikel 16. Luchtverkeersbeheer
1. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de bepalingen van de in [bijlage III, deel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving, volgens de hierna uiteengezette voorwaarden.
1. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de bepalingen van de in [bijlage III, deel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving, volgens de hierna uiteengezette voorwaarden.
2. De partijen werken samen op het gebied van het luchtverkeersbeheer met het doel het gemeenschappelijk Europees luchtruim uit te breiden tot de Republiek Moldavië, teneinde de huidige veiligheidsnormen en de algehele efficiëntie van de algemene luchtverkeersactiviteiten in Europa te verhogen, de luchtverkeersleidingscapaciteit te optimaliseren, vertragingen tot een minimum te beperken en de milieuefficiëntie te vergroten. Om dit doel te verwezenlijken, wordt de Republiek Moldavië vanaf de datum van inwerkingtreding van de Overeenkomst als waarnemer betrokken bij het Comité voor het gemeenschappelijk luchtruim. Het Gemengd Comité wordt verantwoordelijk voor het toezicht op en de facilitering van de samenwerking op het gebied van luchtverkeersbeheer.
@@ -468,7 +468,7 @@
1. De partijen erkennen het belang van milieubescherming bij de ontwikkeling en tenuitvoerlegging van luchtvaartbeleid. De partijen erkennen dat er behoefte is aan effectieve mondiale, regionale, nationale en/of lokale actie om het effect van de burgerluchtvaart op het milieu tot een minimum te beperken.
2. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
2. Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
3. De partijen erkennen dat het belangrijk is samen te werken en, in het kader van multilaterale besprekingen, na te gaan wat het effect is van de luchtvaart op het milieu, en te garanderen dat eventuele verzachtende maatregelen volledig in overeenstemming zijn met de doelstellingen van deze Overeenkomst.
@@ -476,15 +476,15 @@
##### Artikel 18. Consumentenbescherming
Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
##### Artikel 19. Geautomatiseerde boekingssystemen
Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
##### Artikel 20. Sociale aspecten
Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
Onverminderd de overgangsbepalingen in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst handelen de partijen overeenkomstig de in [bijlage III, deel F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), van deze Overeenkomst gespecificeerde wetgeving inzake luchtvervoer.
## TITEL III. INSTITUTIONELE BEPALINGEN
@@ -492,13 +492,13 @@
1. De partijen treffen alle passende algemene en specifieke maatregelen om de naleving van de uit deze Overeenkomst voortvloeiende verplichtingen te garanderen en onthouden zich van maatregelen die de verwezenlijking van de doelstellingen van deze Overeenkomst in gevaar kunnen brengen.
2. Elke partij is op haar eigen grondgebied verantwoordelijk voor de correcte handhaving van deze Overeenkomst en met name van de in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst vermelde verordeningen en richtlijnen inzake luchtvervoer.
2. Elke partij is op haar eigen grondgebied verantwoordelijk voor de correcte handhaving van deze Overeenkomst en met name van de in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst vermelde verordeningen en richtlijnen inzake luchtvervoer.
3. Elke partij verstrekt de andere partij alle nodige informatie en bijstand in het geval van onderzoeken naar mogelijke inbreuken op bepalingen van deze Overeenkomst die door de andere partij worden begaan in het kader van haar in deze Overeenkomst vastgestelde bevoegdheden.
4. Als de partijen, overeenkomstig de bevoegdheden die hun krachtens deze Overeenkomst zijn verleend, actie ondernemen met betrekking tot kwesties die van wezenlijk belang zijn voor de andere partij en de autoriteiten of ondernemingen van de andere partij, worden de bevoegde autoriteiten van de andere partij daarvan volledig in kennis gesteld en krijgen zij de gelegenheid opmerkingen te maken alvorens een definitieve beslissing wordt genomen.
5. Voor zover de bepalingen van deze Overeenkomst en de bepalingen van de in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst genoemde besluiten inhoudelijk identiek zijn aan de overeenkomstige regels van de EU-Verdragen en krachtens de EU-Verdragen genomen handelingen, worden deze bepalingen, wat hun uitvoering en toepassing betreft, in overeenstemming met de toepasselijke uitspraken en besluiten van het Hof van Justitie en de Europese Commissie uitgelegd.
5. Voor zover de bepalingen van deze Overeenkomst en de bepalingen van de in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst genoemde besluiten inhoudelijk identiek zijn aan de overeenkomstige regels van de EU-Verdragen en krachtens de EU-Verdragen genomen handelingen, worden deze bepalingen, wat hun uitvoering en toepassing betreft, in overeenstemming met de toepasselijke uitspraken en besluiten van het Hof van Justitie en de Europese Commissie uitgelegd.
##### Artikel 22. Het Gemengd Comité
@@ -514,13 +514,13 @@
6. Met het oog op de correcte toepassing van deze Overeenkomst wisselen de partijen informatie uit en plegen zij op verzoek van een hunner overleg in het Gemengd Comité.
7. Als een van de partijen van mening is dat een beslissing van het Gemengd Comité niet op correcte wijze is uitgevoerd door de andere partij, mag de eerste partij verzoeken dat de kwestie in het Gemengd Comité wordt besproken. Als het Gemengd Comité de kwestie niet binnen twee maanden na de doorverwijzing kan oplossen, mag de verzoekende partij passende vrijwaringsmaatregelen overeenkomstig [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=24&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vrijwaringsmaatregelen) van deze Overeenkomst nemen.
8. Onverminderd lid 2 van dit artikel kunnen de partijen passende en tijdelijke vrijwaringsmaatregelen overeenkomstig [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=24&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vrijwaringsmaatregelen) van deze Overeenkomst nemen als het Gemengd Comité binnen zes maanden na doorverwijzing van een kwestie nog geen beslissing over die kwestie heeft genomen.
9. Overeenkomstig [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Investeringen) van deze Overeenkomst onderzoekt het Gemengd Comité vragen met betrekking tot bilaterale investeringen, meerderheidsbelangen of wijzigingen in de feitelijke zeggenschap over luchtvaartmaatschappijen van de partijen.
10. Overeenkomstig [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Veiligheid van de luchtvaart) van deze Overeenkomst houdt het Gemengd Comité toezicht op het proces waarbij luchtvaartuigen die op de datum van ondertekening van deze Overeenkomst in de Republiek Moldavië zijn geregistreerd, maar niet voldoen aan de internationale veiligheidsnormen die krachtens het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) zijn vastgesteld, uit het register worden geschrapt. Het proces van uitfasering, tijdens de in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst beschreven overgangsfase, van luchtvaartuigen die op de datum van ondertekening van deze Overeenkomst zijn geregistreerd in de Republiek Moldavië, worden gebruikt door exploitanten die onder regelgevend toezicht van de Republiek Moldavië staan en niet beschikken over een typecertificaat dat is afgegeven overeenkomstig de relevante in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02), bij deze Overeenkomst gespecificeerde EU-wetgeving, staat eveneens onder toezicht van het Gemengd Comité, teneinde overeenstemming te bereiken over een geleidelijke beperking van het aantal luchtvaartuigen waarnaar wordt verwezen in bijlage II, punt 7, van deze Overeenkomst.
7. Als een van de partijen van mening is dat een beslissing van het Gemengd Comité niet op correcte wijze is uitgevoerd door de andere partij, mag de eerste partij verzoeken dat de kwestie in het Gemengd Comité wordt besproken. Als het Gemengd Comité de kwestie niet binnen twee maanden na de doorverwijzing kan oplossen, mag de verzoekende partij passende vrijwaringsmaatregelen overeenkomstig [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=24&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vrijwaringsmaatregelen) van deze Overeenkomst nemen.
8. Onverminderd lid 2 van dit artikel kunnen de partijen passende en tijdelijke vrijwaringsmaatregelen overeenkomstig [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=24&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vrijwaringsmaatregelen) van deze Overeenkomst nemen als het Gemengd Comité binnen zes maanden na doorverwijzing van een kwestie nog geen beslissing over die kwestie heeft genomen.
9. Overeenkomstig [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=6&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Investeringen) van deze Overeenkomst onderzoekt het Gemengd Comité vragen met betrekking tot bilaterale investeringen, meerderheidsbelangen of wijzigingen in de feitelijke zeggenschap over luchtvaartmaatschappijen van de partijen.
10. Overeenkomstig [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Veiligheid van de luchtvaart) van deze Overeenkomst houdt het Gemengd Comité toezicht op het proces waarbij luchtvaartuigen die op de datum van ondertekening van deze Overeenkomst in de Republiek Moldavië zijn geregistreerd, maar niet voldoen aan de internationale veiligheidsnormen die krachtens het [Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507) zijn vastgesteld, uit het register worden geschrapt. Het proces van uitfasering, tijdens de in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=II&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst beschreven overgangsfase, van luchtvaartuigen die op de datum van ondertekening van deze Overeenkomst zijn geregistreerd in de Republiek Moldavië, worden gebruikt door exploitanten die onder regelgevend toezicht van de Republiek Moldavië staan en niet beschikken over een typecertificaat dat is afgegeven overeenkomstig de relevante in [bijlage III, deel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25), bij deze Overeenkomst gespecificeerde EU-wetgeving, staat eveneens onder toezicht van het Gemengd Comité, teneinde overeenstemming te bereiken over een geleidelijke beperking van het aantal luchtvaartuigen waarnaar wordt verwezen in bijlage II, punt 7, van deze Overeenkomst.
11. Het Gemengd Comité ontwikkelt de samenwerking tevens door:
@@ -542,7 +542,7 @@
##### Artikel 23. Geschillenbeslechting en arbitrage
1. Wanneer tussen de partijen een geschil ontstaat over de interpretatie of toepassing van deze Overeenkomst moeten ze dit in de eerste plaats trachten op te lossen via formeel overleg in het Gemengd Comité, overeenkomstig [artikel 22, lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2020-08-02&g=2020-08-02), (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst.
1. Wanneer tussen de partijen een geschil ontstaat over de interpretatie of toepassing van deze Overeenkomst moeten ze dit in de eerste plaats trachten op te lossen via formeel overleg in het Gemengd Comité, overeenkomstig [artikel 22, lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=III&artikel=22&z=2021-10-25&g=2021-10-25), (Gemengd Comité) van deze Overeenkomst.
2. Elk van beide partijen mag een geschil over de toepassing of interpretatie van deze Overeenkomst, dat niet overeenkomstig lid 1 van dit artikel kon worden opgelost, doorverwijzen naar een scheidsgerecht van drie scheidsrechters, overeenkomstig de hierna vastgestelde procedure:
@@ -570,7 +570,7 @@
4. De partijen plegen onmiddellijk overleg in het Gemengd Comité teneinde een voor elke partij aanvaardbare oplossing te vinden.
5. Onverminderd [artikel 3, onder (d)](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Vergunning), [artikel 5, lid 1, onder (d)](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen), en de [artikelen 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Veiligheid van de luchtvaart) en [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=15&z=2020-08-02&g=2020-08-02) (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst, mag de betrokken partij geen vrijwaringsmaatregelen nemen binnen één maand na de datum van kennisgeving overeenkomstig lid 3 van dit artikel, tenzij de in lid 4 voorgeschreven overlegprocedure vóór het verstrijken van de gestelde termijn is beëindigd.
5. Onverminderd [artikel 3, onder (d)](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=3&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Vergunning), [artikel 5, lid 1, onder (d)](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen), en de [artikelen 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=14&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Veiligheid van de luchtvaart) en [15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&titeldeel=II&artikel=15&z=2021-10-25&g=2021-10-25) (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst, mag de betrokken partij geen vrijwaringsmaatregelen nemen binnen één maand na de datum van kennisgeving overeenkomstig lid 3 van dit artikel, tenzij de in lid 4 voorgeschreven overlegprocedure vóór het verstrijken van de gestelde termijn is beëindigd.
6. De betrokken partij stelt het Gemengd Comité onverwijld in kennis van de getroffen maatregelen en verstrekt alle relevante inlichtingen.
@@ -592,15 +592,15 @@
3. Wijzigingen van deze Overeenkomst worden van kracht na voltooiing van de respectievelijke interne procedures van elke partij.
4. Deze Overeenkomst laat het recht van de partijen onverlet om unilateraal nieuwe wetgeving op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst vermeld gebied aan te nemen of bestaande wetgeving te wijzigen, voor zover zij het niet-discriminatiebeginsel en de bepalingen van deze Overeenkomst in acht nemen.
5. Wanneer een van de partijen nieuwe wetgeving of een wijziging van bestaande wetgeving op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst vermeld gebied overweegt, stelt zij de andere partij daar – voor zover mogelijk en passend – van in kennis. Op verzoek van een van de partijen kan een gedachtenwisseling plaatsvinden in het Gemengd Comité.
6. Elke partij stelt de andere partij regelmatig en zo snel mogelijk in kennis van goedgekeurde nieuwe wetgeving of wijzigingen van bestaande wetgeving op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst vermeld gebied. Op verzoek van een partij organiseert het Gemengd Comité binnen zestig (60) dagen na deze kennisgeving een gedachtenwisseling over de gevolgen die de nieuwe wetgeving of de wijziging van bestaande wetgeving heeft voor de goede werking van deze Overeenkomst.
4. Deze Overeenkomst laat het recht van de partijen onverlet om unilateraal nieuwe wetgeving op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst vermeld gebied aan te nemen of bestaande wetgeving te wijzigen, voor zover zij het niet-discriminatiebeginsel en de bepalingen van deze Overeenkomst in acht nemen.
5. Wanneer een van de partijen nieuwe wetgeving of een wijziging van bestaande wetgeving op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst vermeld gebied overweegt, stelt zij de andere partij daar – voor zover mogelijk en passend – van in kennis. Op verzoek van een van de partijen kan een gedachtenwisseling plaatsvinden in het Gemengd Comité.
6. Elke partij stelt de andere partij regelmatig en zo snel mogelijk in kennis van goedgekeurde nieuwe wetgeving of wijzigingen van bestaande wetgeving op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst vermeld gebied. Op verzoek van een partij organiseert het Gemengd Comité binnen zestig (60) dagen na deze kennisgeving een gedachtenwisseling over de gevolgen die de nieuwe wetgeving of de wijziging van bestaande wetgeving heeft voor de goede werking van deze Overeenkomst.
7. Naar aanleiding van de in lid 6 van dit artikel bedoelde gedachtenwisseling zal het Gemengd Comité:
- a. een beslissing nemen tot herziening van [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2020-08-02&g=2020-08-02) bij deze Overeenkomst, teneinde daarin, zo nodig op basis van wederkerigheid, de nieuwe wetgeving of wijziging in kwestie op te nemen;
- a. een beslissing nemen tot herziening van [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005858&bijlage=III&z=2021-10-25&g=2021-10-25) bij deze Overeenkomst, teneinde daarin, zo nodig op basis van wederkerigheid, de nieuwe wetgeving of wijziging in kwestie op te nemen;
- b. een beslissing nemen waarbij wordt vastgesteld dat de nieuwe wetgeving of wijziging in kwestie wordt beschouwd als zijnde in overeenstemming met deze Overeenkomst; of
2020-08-02
Overeenkomst inzake een gemeenschappelijke luchtvaartruimte tussen de E
2012-06-26
Overeenkomst inzake een gemeenschappelijke luchtvaartruimte tussen d
original version
Tekst op deze datum