Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Thailand tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en het voorkomen van het ontduiken en ontwijken van belasting

Type Verdrag
Publication 2025-11-21
Laatst bijgewerkt 2026-06-02
State In force
Source BWB
artikelen 31
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
3.

De bepalingen van dit artikel zijn slechts van toepassing op een belastingvordering die onderwerp is van een executoriale titel in de verzoekende staat en die, tenzij anders overeengekomen tussen de bevoegde autoriteiten, niet wordt bestreden. Indien de vordering echter een belastingverplichting betreft van een persoon die geen inwoner van de verzoekende staat is, is dit artikel slechts van toepassing indien de vordering niet langer kan worden bestreden, tenzij anders overeengekomen tussen de bevoegde autoriteiten. De belastingvordering wordt door die andere staat ingevorderd in overeenstemming met de bepalingen van zijn wetgeving die van toepassing zijn op de tenuitvoerlegging en invordering van zijn eigen belastingen als ware de belastingvordering een belastingvordering van die verzoekende staat.

4.

Indien een belastingvordering van een verdragsluitende staat een vordering is ter zake waarvan die staat uit hoofde van zijn wetgeving conservatoire maatregelen kan nemen teneinde de invordering te waarborgen, kan die belastingvordering op verzoek van de bevoegde autoriteit van die staat worden aanvaard ten behoeve van het nemen van conservatoire maatregelen door de bevoegde autoriteit van die andere verdragsluitende staat. Die andere staat neemt ter zake van die belastingvordering conservatoire maatregelen in overeenstemming met de bepalingen van zijn wetgeving, als ware de belastingvordering een belastingvordering van die andere staat, ook wanneer de belastingvordering op het tijdstip waarop dergelijke maatregelen worden genomen niet invorderbaar is in de eerstgenoemde staat of is verschuldigd door een persoon die gerechtigd is de invordering ervan te beletten.

5.

Niettegenstaande de bepalingen van het derde en vierde lid zijn op een door een verdragsluitende staat voor de toepassing van het derde of vierde lid aanvaarde belastingvordering in die staat niet de termijnen van toepassing noch wordt er uit hoofde van de wetgeving van die staat op grond van haar aard als zodanig voorrang aan verleend, en, tenzij anders overeengekomen tussen de bevoegde autoriteiten, kunnen belastingvorderingen niet worden ingevorderd door middel van het in hechtenis nemen wegens schuld van de schuldenaar. Voorts wordt aan een door een verdragsluitende staat voor de toepassing van het derde of vierde lid aanvaarde belastingvordering in die staat geen voorrang verleend die uit hoofde van de wetgeving van de andere verdragsluitende staat op die belastingvordering van toepassing is.

6.

Procedures inzake het bestaan, de geldigheid of het bedrag van een belastingvordering van een verdragsluitende staat worden niet aanhangig gemaakt bij de rechterlijke of bestuursrechtelijke instanties van de andere verdragsluitende staat.

7.

Indien te eniger tijd nadat uit hoofde van het derde of vierde lid een verzoek is gedaan door een verdragsluitende staat en voordat de andere verdragsluitende staat de desbetreffende belastingvordering heeft ingevorderd en overgemaakt aan de eerstgenoemde staat, de desbetreffende belastingvordering:

stelt de bevoegde autoriteit van de eerstgenoemde staat de bevoegde autoriteit van de andere staat onverwijld daarvan in kennis en wordt, naar keuze van de andere staat, het verzoek door de eerstgenoemde staat uitgesteld of ingetrokken.

8.

In geen geval worden de bepalingen van dit artikel zo uitgelegd dat zij een verdragsluitende staat de verplichting opleggen:

Artikel 27. Leden van diplomatieke vertegenwoordigingen en consulaire posten

Niets in dit Verdrag tast de fiscale voorrechten aan die leden van diplomatieke vertegenwoordigingen of consulaire posten ontlenen aan de algemene regels van het internationaal recht of aan de bepalingen van bijzondere overeenkomsten.

Artikel 28. Recht op voordelen

1.

Niettegenstaande de overige bepalingen van dit Verdrag, wordt een voordeel uit hoofde van dit Verdrag niet toegekend met betrekking tot een inkomensbestanddeel indien, alle relevante feiten en omstandigheden in aanmerking genomen, redelijkerwijs kan worden geconcludeerd dat het verkrijgen van dit voordeel een van de voornaamste doelen was van een constructie of transactie die direct of indirect tot dat voordeel heeft geleid, tenzij wordt vastgesteld dat toekenning van dit voordeel onder deze omstandigheden in overeenstemming zou zijn met het voorwerp en doel van de relevante bepalingen van dit Verdrag. De bevoegde autoriteit van een verdragsluitende staat raadpleegt de bevoegde autoriteit van de andere verdragsluitende staat alvorens een voordeel uit hoofde van dit lid te weigeren.

2.

Indien een persoon een voordeel uit hoofde van dit Verdrag wordt geweigerd ingevolge het eerste lid, dient de bevoegde autoriteit van de verdragsluitende staat die het voordeel anderszins zou hebben toegekend deze persoon desalniettemin te behandelen alsof deze recht heeft op dit voordeel of op andere voordelen ter zake van een specifiek inkomensbestanddeel, indien deze bevoegde autoriteit, op verzoek van deze persoon en na bestudering van de relevante feiten en omstandigheden, vaststelt dat deze voordelen zouden zijn verleend bij het ontbreken van de transactie of constructie bedoeld in het eerste lid. De bevoegde autoriteit van de verdragsluitende staat bij wie het verzoek is ingediend, raadpleegt de bevoegde autoriteit van de andere staat alvorens een verzoek dat door een inwoner van die andere staat overeenkomstig dit lid is ingediend af te wijzen.

3.

Indien ingevolge een bepaling van dit Verdrag hetzij volledig hetzij gedeeltelijk vermindering moet worden verleend van belasting in een verdragsluitende staat over een inkomensbestanddeel en een persoon is ingevolge de in de andere verdragsluitende staat geldende wetgeving ter zake van dat inkomensbestanddeel niet voor het volle bedrag aan belasting onderworpen maar slechts voor zover het bedrag daarvan naar de andere verdragsluitende staat is overgemaakt of aldaar is ontvangen, vindt de vermindering die de eerstgenoemde verdragsluitende staat ingevolge dit Verdrag mag verlenen slechts toepassing op het deel van het inkomensbestanddeel dat in de andere staat belast wordt. Wanneer dat inkomensbedrag vervolgens wordt overgemaakt naar of ontvangen wordt in de andere verdragsluitende staat, staat de eerstgenoemde staat een vermindering toe ter zake van dat inkomensbestanddeel in overeenstemming met de betreffende bepalingen van dit Verdrag, maar uitsluitend voor zover dat inkomensbestanddeel in de andere verdragsluitende staat aan belastingheffing onderhevig is.

Artikel 29. Uitbreiding tot andere gebieden

1.

Dit Verdrag kan, hetzij in zijn geheel, hetzij met de noodzakelijke wijzigingen, worden uitgebreid tot elk deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat niet in Europa is gelegen, indien het desbetreffende deel van het Koninkrijk der Nederlanden belastingen heft die in wezen gelijksoortig zijn aan de belastingen waarop het Verdrag van toepassing is. Een dergelijke uitbreiding wordt van kracht met ingang van een datum en met inachtneming van wijzigingen en voorwaarden, daaronder begrepen voorwaarden ten aanzien van de beëindiging, tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Thailand nader vast te stellen en overeen te komen bij diplomatieke notawisseling of op andere wijze in overeenstemming met hun grondwettelijke procedures.

2.

Tenzij anders is overeengekomen laat de beëindiging van dit Verdrag de geldigheid van de uitbreiding tussen het Koninkrijk Thailand en een of meer andere delen van het Koninkrijk der Nederlanden die ingevolge het eerste lid van dit artikel is overeengekomen, onverlet.

Artikel 30. Inwerkingtreding

1.

Dit Verdrag treedt in werking op de laatste dag van de maand die volgt op de maand waarin de laatste van de kennisgevingen is ontvangen waarin de onderscheiden verdragsluitende staten elkaar schriftelijk hebben medegedeeld dat hun grondwettelijk vereiste formaliteiten zijn vervuld.

2.

Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid, zijn de bepalingen van artikel 26 alleen van toepassing indien, na het ondertekenen van dit Verdrag, Thailand de noodzakelijke rechtsgrondslag heeft ingevoerd met betrekking tot deze bepalingen. In dat geval stelt Thailand Nederland langs diplomatieke weg in kennis van de datum waarop Thailand de noodzakelijke rechtsgrondslag heeft ingevoerd.

3.

De bepalingen van dit Verdrag zijn van toepassing:

4.

De Overeenkomst tussen het Koninkrijk Thailand en het Koninkrijk der Nederlanden tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen, ondertekend te Bangkok op 11 september 1975, houdt op van toepassing te zijn op de data waarop dit Verdrag in werking treedt in overeenstemming met het derde lid van dit artikel.

Artikel 31. Beëindiging

1.

Dit Verdrag blijft voor onbepaalde tijd van kracht, maar elk van de verdragsluitende staten kan op of vóór 30 juni van elk kalenderjaar de andere verdragsluitende staat langs diplomatieke weg een schriftelijke kennisgeving van beëindiging doen toekomen.

2.

In dat geval houdt het Verdrag op van toepassing te zijn:

3.

Kennisgeving van beëindiging wordt geacht door een verdragsluitende staat te zijn gedaan op de datum van ontvangst van een dergelijke kennisgeving door de andere verdragsluitende staat.

IN WITNESS WHEREOF, the undersigned duly authorised thereto, have signed this Convention.

DONE in duplicate at Brussels on this twenty-first day of November of the year two thousand and twenty-five of the Christian Era, in the English language.

For the Kingdom of the Netherlands,

DAVID VAN WEEL

For the Kingdom of Thailand,

SIHASAK PHUANGKETKEOW

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)