Wijzigingsgeschiedenis
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
66 versions
· 2026-01-01
2026-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2025-09-04
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2025-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2024-01-27
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2024-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2023-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2022-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2022-06-04
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2022-04-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2022-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2021-10-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2021-06-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2021-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2020-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2019-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2018-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2018-04-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2018-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2017-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2017-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2016-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2016-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2015-11-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2015-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2015-04-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2015-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2014-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2014-01-28
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2014-01-06
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2014-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2013-10-15
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2013-07-16
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2013-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2013-04-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2013-03-12
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2013-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2012-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2012-06-23
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2012-05-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 1
2012-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2011-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2011-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2010-10-10
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2010-07-08
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2010-03-18
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2010-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
Wijzigingen op 2010-01-01
@@ -8,7 +8,9 @@
##### Artikel 1
1. Deze regeling geeft uitvoering aan de [artikelen 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=6), [8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=8), [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=13), [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=14), [19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=19), [21d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=21d), [21k](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=21k), [30f, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=30f), [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=39), [47b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=47b), [52, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=52), [52a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=52a), [53, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=53), [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=62) en [67, tweede lid, onderdeel b, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=67), [artikel 67, tweede lid, onderdeel b, van de Invorderingswet 1990](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004770&artikel=67), [artikel 10, tweede lid, onderdeel b, van de Registratiewet 1970](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002739&artikel=10), de [artikelen 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002740&artikel=18) en [54 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002740&artikel=54) en [artikel 10 van de Wet op de dividendbelasting 1965](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002515&artikel=10).
1.
Deze regeling geeft uitvoering aan de [artikelen 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=6), [8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=8), [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=13), [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=14), [19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=19), [21d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=21d), [21k](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=21k), [30f, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=30f), [38, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=38), [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=39), [47, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=47), [52, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=52), [52a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=52a), [53, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=53), [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=62) en [67, tweede lid, onderdeel b, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=67), [artikel 67, tweede lid, onderdeel b, van de Invorderingswet 1990](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004770&artikel=67), [artikel 10, tweede lid, onderdeel b, van de Registratiewet 1970](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002739&artikel=10), de [artikelen 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002740&artikel=18) en [54 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002740&artikel=54) en [artikel 10 van de Wet op de dividendbelasting 1965](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002515&artikel=10).
2. Deze regeling verstaat onder wet: de [Algemene wet inzake rijksbelastingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320).
@@ -18,7 +20,7 @@
1. Met betrekking tot belastingen welke bij wege van aanslag worden geheven, is de belastingplichtige die niet binnen zes maanden na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
2. In afwijking van het eerste lid is, met betrekking tot het recht van successie en het recht van overgang, de belastingplichtige die niet binnen de in [artikel 45 van de Successiewet 1956](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002226&artikel=45) bedoelde termijn van acht maanden is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
2. In afwijking van het eerste lid is, met betrekking tot de erfbelasting, de belastingplichtige die niet binnen de in [artikel 45 van de Successiewet 1956](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002226&artikel=45) bedoelde termijn van acht maanden is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
3. In afwijking van het eerste lid is, met betrekking tot het recht van schenking, de belastingplichtige begiftigde, alsmede de schenker die de belastbare schenking heeft gedaan, die niet binnen twee maanden na het einde van het kalenderjaar waarin de schenking heeft plaatsgevonden is uitgenodigd tot het doen van aangifte, gehouden de inspecteur om uitnodiging tot het doen van aangifte te verzoeken.
@@ -38,7 +40,7 @@
##### Artikel 4
De in de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2010-07-08&g=2009-12-30) en [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2010-07-08&g=2009-12-30) omschreven verplichtingen gelden mede voor de in de [artikelen 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=43) en [44 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002740&artikel=44) bedoelde personen.
De in de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2010-07-08&g=2010-01-01) en [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2010-07-08&g=2010-01-01) omschreven verplichtingen gelden mede voor de in de [artikelen 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=43) en [44 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002740&artikel=44) bedoelde personen.
### Hoofdstuk 3. Uitnodiging tot het doen van aangifte
@@ -114,7 +116,7 @@
##### Artikel 20
1. Aangifte wordt gedaan door het op de in de aangiftebrief, bedoeld in [artikel 4a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=3&artikel=4a&z=2010-07-08&g=2009-12-30), aangegeven wijze, inleveren of toezenden van de gevraagde gegevens of bescheiden.
1. Aangifte wordt gedaan door het op de in de aangiftebrief, bedoeld in [artikel 4a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=3&artikel=4a&z=2010-07-08&g=2010-01-01), aangegeven wijze, inleveren of toezenden van de gevraagde gegevens of bescheiden.
2. Aangifte door een administratieplichtige als bedoeld in [artikel 52, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=52) wordt langs elektronische weg gedaan indien het betreft:
@@ -134,17 +136,17 @@
3. De inspecteur kan al dan niet op verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking ontheffing verlenen van een van de in het tweede lid bedoelde verplichtingen indien het langs elektronische weg aangifte doen onredelijk bezwarend is voor de administratieplichtige. De ontheffing geldt voor maximaal een jaar. De inspecteur kan de beschikking waarbij ontheffing is verleend intrekken bij voor bezwaar vatbare beschikking indien blijkt dat ten onrechte ontheffing is verleend dan wel dat de gronden voor ontheffing zich niet langer voordoen.
4. Het tweede lid is niet van toepassing met betrekking tot pseudo-eindheffing als bedoeld in [artikel 32bb van de Wet op de loonbelasting 1964](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002471&artikel=32bb).
4. Het tweede lid is niet van toepassing met betrekking tot pseudo-eindheffing als bedoeld in [artikel 32bb](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002471&artikel=32bb) en [artikel 32bc van de Wet op de loonbelasting 1964](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002471&artikel=32bc).
##### Artikel 21
1. Met betrekking tot het recht van successie, het recht van schenking en het recht van overgang verleent de inspecteur ontheffing van de verplichting de in de uitnodiging tot het doen van aangifte gevraagde gegevens en bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan in te leveren of toe te zenden indien:
1. Met betrekking tot de erfbelasting en de schenkbelasting verleent de inspecteur ontheffing van de verplichting de in de uitnodiging tot het doen van aangifte gevraagde gegevens en bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan in te leveren of toe te zenden indien:
- a. de belastingplichtige binnen de voor het doen van aangifte gestelde termijn op een andere wijze de in de uitnodiging tot het doen van aangifte gevraagde gegevens en bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan verstrekt;
- b. de belastingplichtige het stuk dat deze gegevens bevat duidelijk, stellig en zonder voorbehoud opstelt en ondertekent.
2. De belastingplichtige is niet gehouden tot de verplichting, bedoeld in [artikel 2, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2010-07-08&g=2009-12-30), indien hij binnen de aldaar gestelde termijnen heeft voldaan aan de in het eerste lid, onderdelen a en b, gestelde voorwaarden.
2. De belastingplichtige is niet gehouden tot de verplichting, bedoeld in [artikel 2, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2010-07-08&g=2010-01-01), indien hij binnen de aldaar gestelde termijnen heeft voldaan aan de in het eerste lid, onderdelen a en b, gestelde voorwaarden.
##### Artikel 21a
@@ -184,7 +186,7 @@
##### Artikel 24
Indien een voorlopige aanslag inkomstenbelasting is of zal worden vastgesteld en een relevante wijziging optreedt in de omstandigheden die van belang zijn voor de opgelegde of op te leggen voorlopige aanslag, doet de belastingplichtige daarvan zo spoedig mogelijk op de door de inspecteur aangewezen wijze mededeling aan de inspecteur.
Indien een voorlopige aanslag inkomstenbelasting is of zal worden vastgesteld en een relevante wijziging optreedt in de omstandigheden die van belang zijn voor de opgelegde of op te leggen voorlopige aanslag, doet de belastingplichtige daarvan zo spoedig mogelijk op de door de inspecteur aangewezen wijze mededeling aan de inspecteur. Deze mededeling wordt geacht een verzoek om herziening als bedoeld in [artikel 9.5, eerste lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011353&artikel=9.5) te zijn.
### Hoofdstuk 6. Tijdvak
@@ -210,7 +212,7 @@
##### Artikel 39
1. De vrijstelling van overdrachtsbelasting, bedoeld in [artikel 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), wordt verleend voor de belasting die is verschuldigd ter zake van de verkrijging door een vreemde Mogendheid van in Nederland gelegen onroerende zaken die bestemd zijn voor de huisvesting van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging of die bestemd zijn voor bewoning door het hoofd van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging, met uitzondering van honoraire consuls. De vrijstelling van overdrachtsbelasting wordt, onder voorwaarde van wederkerigheid, mede verleend voor de belasting die is verschuldigd ter zake van de verkrijging door een vreemde Mogendheid van in Nederland gelegen onroerende zaken die bestemd zijn voor bewoning door andere leden van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging. Verkrijging wordt opgevat in de zin van de Wet op belastingen van rechtsverkeer.
1. De vrijstelling van overdrachtsbelasting, bedoeld in [artikel 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), wordt verleend voor de belasting die is verschuldigd ter zake van de verkrijging door een vreemde Mogendheid van in Nederland gelegen onroerende zaken die bestemd zijn voor de huisvesting van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging of die bestemd zijn voor bewoning door het hoofd van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging, met uitzondering van honoraire consuls. De vrijstelling van overdrachtsbelasting wordt, onder voorwaarde van wederkerigheid, mede verleend voor de belasting die is verschuldigd ter zake van de verkrijging door een vreemde Mogendheid van in Nederland gelegen onroerende zaken die bestemd zijn voor bewoning door andere leden van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging. Verkrijging wordt opgevat in de zin van de Wet op belastingen van rechtsverkeer.
2. De vrijstelling wordt verleend in de vorm van teruggaaf van belasting, tenzij Onze Minister vooraf een vergunning heeft afgegeven om geen belasting te voldoen.
@@ -236,9 +238,9 @@
##### Artikel 29
In afwijking van [artikel 28, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=6&artikel=28&z=2010-07-08&g=2009-12-30), is het tijdvak waarover de loonbelasting moet worden betaald:
- a. voor de zelfstandige binnenschipper die woonplaats heeft gekozen ingevolge [artikel 1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Algemene wet inzake rijksbelastingen 1964](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002473&artikel=1): het kalenderhalfjaar, tenzij de inspecteur vordert dat [artikel 28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=6&artikel=28&z=2010-07-08&g=2009-12-30) ten aanzien van deze binnenschipper van toepassing is;
In afwijking van [artikel 28, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=6&artikel=28&z=2010-07-08&g=2010-01-01), is het tijdvak waarover de loonbelasting moet worden betaald:
- a. voor de zelfstandige binnenschipper die woonplaats heeft gekozen ingevolge [artikel 1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Algemene wet inzake rijksbelastingen 1964](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002473&artikel=1): het kalenderhalfjaar, tenzij de inspecteur vordert dat [artikel 28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=6&artikel=28&z=2010-07-08&g=2010-01-01) ten aanzien van deze binnenschipper van toepassing is;
- b. voor de natuurlijke persoon ter zake van de loonbelasting van de werknemer die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend diensten verricht ten behoeve van diens huishouden, daaronder begrepen het verlenen van zorg aan de leden van dat huishouden: het kalenderjaar;
@@ -324,7 +326,7 @@
##### Artikel 33
1. Van de belastingen, genoemd in het derde lid van dit artikel zijn, met inachtneming van hetgeen is bepaald in de [artikelen 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=34&z=2010-07-08&g=2009-12-30), [36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=36&z=2010-07-08&g=2009-12-30), [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=37&z=2010-07-08&g=2009-12-30) en [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=38&z=2010-07-08&g=2009-12-30), vrijgesteld de leden van diplomatieke vertegenwoordigingen en, met uitzondering van honoraire consuls, de leden van consulaire vertegenwoordigingen van andere Mogendheden, mits zij:
1. Van de belastingen, genoemd in het derde lid van dit artikel zijn, met inachtneming van hetgeen is bepaald in de [artikelen 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=34&z=2010-07-08&g=2010-01-01), [36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=36&z=2010-07-08&g=2010-01-01), [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=37&z=2010-07-08&g=2010-01-01) en [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=38&z=2010-07-08&g=2010-01-01), vrijgesteld de leden van diplomatieke vertegenwoordigingen en, met uitzondering van honoraire consuls, de leden van consulaire vertegenwoordigingen van andere Mogendheden, mits zij:
- a. geen Nederlander zijn; en
@@ -354,19 +356,19 @@
4. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de functionarissen van internationale organisaties die ingevolge [artikel 39 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=39) in aanmerking komen voor de vrijstellingen zoals die worden verleend aan leden van diplomatieke vertegenwoordigingen. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de inwonende gezinsleden van functionarissen van internationale organisaties die ingevolge [artikel 39 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=39) in aanmerking komen voor de fiscale vrijstellingen zoals die worden verleend aan de inwonende gezinsleden van leden van diplomatieke vertegenwoordigingen.
5. De vrijstelling van omzetbelasting wordt slechts verleend onder voorwaarde van wederkerigheid; ten aanzien van functionarissen van internationale organisaties die ingevolge [artikel 39 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=39) in aanmerking komen voor de vrijstellingen zoals die worden verleend aan diplomaten, wordt met inachtneming van [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=32&z=2010-07-08&g=2009-12-30), aangenomen dat aan de voorwaarde van wederkerigheid wordt voldaan.
5. De vrijstelling van omzetbelasting wordt slechts verleend onder voorwaarde van wederkerigheid; ten aanzien van functionarissen van internationale organisaties die ingevolge [artikel 39 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=39) in aanmerking komen voor de vrijstellingen zoals die worden verleend aan diplomaten, wordt met inachtneming van [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=32&z=2010-07-08&g=2010-01-01), aangenomen dat aan de voorwaarde van wederkerigheid wordt voldaan.
##### Artikel 34
1. De vrijstelling van inkomstenbelasting, bedoeld in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30), strekt zich niet uit tot het buiten het ambt of de betrekking genoten inkomen, bedoeld in [hoofdstuk 7 van de Wet inkomstenbelasting 2001](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011353&hoofdstuk=7). Bij de berekening van de inkomstenbelasting over de niet-vrijgestelde inkomensbestanddelen wordt geen rekening gehouden met de vrijgestelde inkomensbestanddelen.
2. De vrijstelling van loonbelasting, bedoeld in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30), strekt zich niet uit tot het buiten het ambt of de betrekking genoten loon.
3. De vrijstelling van kansspelbelasting, bedoeld in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30), strekt zich niet uit tot prijzen van binnenlandse kansspelen.
1. De vrijstelling van inkomstenbelasting, bedoeld in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01), strekt zich niet uit tot het buiten het ambt of de betrekking genoten inkomen, bedoeld in [hoofdstuk 7 van de Wet inkomstenbelasting 2001](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011353&hoofdstuk=7). Bij de berekening van de inkomstenbelasting over de niet-vrijgestelde inkomensbestanddelen wordt geen rekening gehouden met de vrijgestelde inkomensbestanddelen.
2. De vrijstelling van loonbelasting, bedoeld in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01), strekt zich niet uit tot het buiten het ambt of de betrekking genoten loon.
3. De vrijstelling van kansspelbelasting, bedoeld in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01), strekt zich niet uit tot prijzen van binnenlandse kansspelen.
##### Artikel 35
1. Van de belastingen, genoemd in het tweede lid van dit artikel zijn, met inachtneming van hetgeen is bepaald in de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=36&z=2010-07-08&g=2009-12-30), [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=37&z=2010-07-08&g=2009-12-30), [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=38&z=2010-07-08&g=2009-12-30) en [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=39&z=2010-07-08&g=2009-12-30), vrijgesteld de diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen van andere Mogendheden, met uitzondering van honoraire consulaire vertegenwoordigingen.
1. Van de belastingen, genoemd in het tweede lid van dit artikel zijn, met inachtneming van hetgeen is bepaald in de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=36&z=2010-07-08&g=2010-01-01), [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=37&z=2010-07-08&g=2010-01-01), [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=38&z=2010-07-08&g=2010-01-01) en [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=39&z=2010-07-08&g=2010-01-01), vrijgesteld de diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen van andere Mogendheden, met uitzondering van honoraire consulaire vertegenwoordigingen.
2. De in het eerste lid bedoelde vrijstelling vindt toepassing met betrekking tot:
@@ -378,7 +380,7 @@
- d. de overdrachtsbelasting.
3. Honoraire consulaire vertegenwoordigingen zijn, met inachtneming van hetgeen is bepaald in de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=36&z=2010-07-08&g=2009-12-30) en [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=39&z=2010-07-08&g=2009-12-30), vrijgesteld van:
3. Honoraire consulaire vertegenwoordigingen zijn, met inachtneming van hetgeen is bepaald in de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=36&z=2010-07-08&g=2010-01-01) en [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=39&z=2010-07-08&g=2010-01-01), vrijgesteld van:
- a. de omzetbelasting;
@@ -390,11 +392,11 @@
##### Artikel 36
1. De vrijstelling van omzetbelasting ten behoeve van de in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30) bedoelde personen wordt verleend voor de levering van roerende zaken bestemd voor hun persoonlijk gebruik, met uitzondering van de levering van levensmiddelen, drank of tabakswaren. De vrijstelling wordt slechts verleend indien de vergoeding per factuur ten minste € 225 bedraagt.
2. De vrijstelling van omzetbelasting ten behoeve van de in [artikel 35, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), bedoelde diplomatieke en beroepsconsulaire vertegenwoordigingen wordt verleend voor de levering van goederen en het verrichten van diensten bestemd voor officieel gebruik van deze vertegenwoordigingen. Onder officieel gebruik wordt begrepen het huisvesten van leden van de vertegenwoordiging. De vrijstelling wordt slechts verleend indien de vergoeding per factuur ten minste € 225 bedraagt.
3. De vrijstelling van omzetbelasting ten behoeve van de in [artikel 35, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), bedoelde honoraire consulaire vertegenwoordigingen wordt beperkt tot de volgende prestaties:
1. De vrijstelling van omzetbelasting ten behoeve van de in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01) bedoelde personen wordt verleend voor de levering van roerende zaken bestemd voor hun persoonlijk gebruik, met uitzondering van de levering van levensmiddelen, drank of tabakswaren. De vrijstelling wordt slechts verleend indien de vergoeding per factuur ten minste € 225 bedraagt.
2. De vrijstelling van omzetbelasting ten behoeve van de in [artikel 35, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), bedoelde diplomatieke en beroepsconsulaire vertegenwoordigingen wordt verleend voor de levering van goederen en het verrichten van diensten bestemd voor officieel gebruik van deze vertegenwoordigingen. Onder officieel gebruik wordt begrepen het huisvesten van leden van de vertegenwoordiging. De vrijstelling wordt slechts verleend indien de vergoeding per factuur ten minste € 225 bedraagt.
3. De vrijstelling van omzetbelasting ten behoeve van de in [artikel 35, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), bedoelde honoraire consulaire vertegenwoordigingen wordt beperkt tot de volgende prestaties:
- a. de levering van onroerende zaken en van rechten waaraan deze zijn onderworpen, bestemd voor officieel gebruik van de vertegenwoordiging, daaronder begrepen onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen bestemd voor het huisvesten van de leden van de vertegenwoordiging, met uitzondering van honoraire consuls;
@@ -424,13 +426,13 @@
##### Artikel 37
1. De vrijstelling van motorrijtuigenbelasting, bedoeld in de [artikelen 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30) en [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), wordt verleend voor motorrijtuigen bestemd voor persoonlijk gebruik door de in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30) bedoelde personen of bestemd voor officieel gebruik ten behoeve van de in [artikel 35, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), bedoelde diplomatieke en beroepsconsulaire vertegenwoordigingen.
1. De vrijstelling van motorrijtuigenbelasting, bedoeld in de [artikelen 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01) en [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), wordt verleend voor motorrijtuigen bestemd voor persoonlijk gebruik door de in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01) bedoelde personen of bestemd voor officieel gebruik ten behoeve van de in [artikel 35, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), bedoelde diplomatieke en beroepsconsulaire vertegenwoordigingen.
2. De vrijstelling van motorrijtuigenbelasting wordt slechts verleend indien voor het motorrijtuig een CD-kenteken is afgegeven, dan wel een BN/GN-kenteken in de serie 70-00 tot en met 88-99 of in de serie 90-00 tot en met 99-99.
##### Artikel 38
1. De vrijstelling van belasting van personenauto’s en motorrijwielen, bedoeld in de [artikelen 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30) en [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), wordt verleend voor personenauto’s en motorrijwielen bestemd voor persoonlijk gebruik door de in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2009-12-30) bedoelde personen of bestemd voor officieel gebruik ten behoeve van de in [artikel 35, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2009-12-30), bedoelde diplomatieke en beroepsconsulaire vertegenwoordigingen.
1. De vrijstelling van belasting van personenauto’s en motorrijwielen, bedoeld in de [artikelen 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01) en [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), wordt verleend voor personenauto’s en motorrijwielen bestemd voor persoonlijk gebruik door de in [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=33&z=2010-07-08&g=2010-01-01) bedoelde personen of bestemd voor officieel gebruik ten behoeve van de in [artikel 35, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=9&artikel=35&z=2010-07-08&g=2010-01-01), bedoelde diplomatieke en beroepsconsulaire vertegenwoordigingen.
2. De vrijstelling van belasting van personenauto’s en motorrijwielen wordt slechts verleend indien voor het motorrijtuig een CD-kenteken is afgegeven, dan wel een BN/GN-kenteken in de serie 70-00 tot en met 88-99 of in de serie 90-00 tot en met 99-99. Er wordt geen teruggaaf verleend van voor het motorrijtuig reeds betaalde belasting.
@@ -542,13 +544,19 @@
- 5°. gegevens over het inkomen van voormalige ambtsdragers over een bepaalde periode ten behoeve van de uitvoering van de wachtgeldregeling op basis van de [Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002691);
- 6°. loonheffingennummers behorende bij de instellingen die zijn opgenomen in het overzicht van de Stichting Pensioenfonds ABP, ten behoeve van het koppelen van overheidswerkgevers aan de bestaande arbeidsvoorwaardelijke sectoren in het kader van beleidsonderzoek;
- c. de Minister van Defensie:
- 1°. gegevens over het inkomen van voormalige militairen over een bepaalde periode ten behoeve van de uitvoering van ontslaguitkeringsregelingen;
- 2°. gegevens ten behoeve van de aan de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst opgedragen taken;
- d. de Minister van Economische Zaken: gegevens die van belang kunnen zijn voor de uitvoering van het [Besluit borgstelling MKB-kredieten 1997](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009052);
- d. de Minister van Economische Zaken:
- 1°. gegevens die van belang kunnen zijn voor de uitvoering van het [Besluit borgstelling MKB-kredieten 1997](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009052);
- 2°. gegevens met betrekking tot bedrijven als bedoeld in [artikel 3, eerste lid, onderdeel a, van de Wet voorraadvorming aardolieproducten 2001](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0012373) ten behoeve van de uitvoering van die wet;
- e. de Minister van Justitie: gegevens die worden gebruikt voor de uitvoering van de [Politiewet 1993](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006299) door de Rijksrecherche;
@@ -560,7 +568,13 @@
- 2°. gegevens die worden gebruikt door de Inspectie Verkeer en Waterstaat ten behoeve van het toezicht op de naleving van wet- en regelgeving van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, voor zover de Inspectie Verkeer en Waterstaat als toezichthouder is aangewezen, alsmede werkzaamheden ter bevordering van de veiligheid en de kwaliteit van het leefmilieu voor zover vallend binnen de toezichtdomeinen van de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
- h. de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer: gegevens omtrent rechthebbenden van auto’s, welke rechthebbenden eerste kentekenhouder zijn van een nieuw motorrijtuig met een roetfilter, ten behoeve van de uitvoering en handhaving door SenterNovem van de [Subsidieregeling voor motorrijtuigen met emissiearme dieselmotor en recht op teruggaaf BPM](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019692);
- h. de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer:
- 1°. gegevens omtrent rechthebbenden van auto’s, welke rechthebbenden eerste kentekenhouder zijn van een nieuw motorrijtuig met een roetfilter, ten behoeve van de uitvoering en handhaving door SenterNovem van de [Subsidieregeling voor motorrijtuigen met emissiearme dieselmotor en recht op teruggaaf BPM](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019692);
- 2°. de resultaten van bestandsbevragingen ter verificatie van bij de VROM-inspectie aanwezige informatie, voor zover niet afkomstig uit opsporingsonderzoeken, ten behoeve van het toezicht op woningcorporaties;
- 3°. specifieke branche- en productkennis, resultaten en bevindingen van ingestelde onderzoeken en acties alsmede gegevens van burgers en bedrijven die behoren tot de doelgroep vuurwerkimporteurs, groothandelaren en detailhandelaren, ten behoeve van het selecteren van door de VROM-inspectie te inspecteren vuurwerkbedrijven;
- i. de voorzitter van het managementteam van de FIOD-ECD en de voorzitter van het managementteam van de Belastingdienst/Holland Midden: gegevens die worden gebruikt in het kader van de aan deze organisatieonderdelen toegewezen niet-fiscale toezichts- en opsporingstaken, waaronder begrepen gegevens die door de FIOD-ECD worden gebruikt in het kader van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde ingevolge [artikel 3 van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019919&artikel=3), doch met uitzondering van gegevens die worden gebruikt in het kader van de uitvoering en handhaving van de [Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024282);
@@ -576,6 +590,8 @@
- 5°. kentekenregistergegevens van circus- en kermisauto’s als bedoeld in [artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006324&artikel=30) ten behoeve van de uitvoering en handhaving van het gemeentelijke ontheffingenbeleid inrijverbod milieuzones;
- 6°. de naam, het adres en de woonplaats van erfgenamen, ten behoeve van het innen van openstaande gemeentelijke belastingschulden van de overledene;
- k. waterschappen: gegevens over uit te betalen voorlopige teruggaven inkomstenbelasting wegens toegekende heffingskortingen, op naam van de belastingschuldige staande bankrekeningnummers zoals deze blijken uit de Rentebase, kentekenregistergegevens en identificerende gegevens van een eventuele inhoudingsplichtige in de zin van de [Wet op de loonbelasting 1964](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002471) ten behoeve van de inning van waterschapsbelastingen;
- l. de officier van justitie:
@@ -590,7 +606,7 @@
- 5°. gegevens die van belang zijn voor de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen op grond van [artikel 553 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=553);
- m. gemeenten, provincies, de politie, de officier van justitie, de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Koninklijke marechaussee, de Arbeidsinspectie, de Sociale verzekeringsbank of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: gegevens die nodig zijn om de samenwerking in het kader van de integrale toepassing en handhaving van overheidsregelingen bij handhavingsknelpunten effectief en efficiënt te laten verlopen voor zover een convenant is gesloten met deze bestuursorganen (convenanten waarbij bestuursorganen een gemeenschappelijk handhavingstekort bestrijden);
- m. gemeenten, provincies, de politie, de officier van justitie, de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Koninklijke marechaussee, de Arbeidsinspectie, de Sociale verzekeringsbank of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: gegevens die nodig zijn om de samenwerking in het kader van de integrale toepassing en handhaving van overheidsregelingen effectief en efficiënt te laten verlopen voor zover een convenant is gesloten met deze bestuursorganen (convenanten waarbij bestuursorganen een gemeenschappelijk handhavingstekort bestrijden);
- n. academische ziekenhuizen: gegevens over het inkomen en vermogen van (voormalige) werknemers over een bepaalde periode ten behoeve van de vaststelling van werkloosheidsuitkeringen;
@@ -606,7 +622,7 @@
- t. het Bureau Financieel Toezicht, De Nederlandsche Bank N.V., de voorzitter van het managementteam van de Belastingdienst/Holland Midden en de Stichting Autoriteit Financiële Markten: gegevens die van belang kunnen zijn bij de uitvoering en de handhaving van de [Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024282);
- u. de participanten van het samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid Financieel Expertisecentrum (FEC) zoals opgenomen in artikel 1 van het Convenant houdende afspraken met betrekking tot de samenwerking in het kader van het Financieel Expertisecentrum (Convenant Herstructurering FEC) (Stcrt. 2004, 65): gegevens die noodzakelijk zijn ter uitvoering van de in het Convenant Herstructurering FEC opgenomen verplichtingen;
- u. de participanten van het samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid Financieel Expertise Centrum (FEC), genoemd in artikel 1 van het Convenant houdende afspraken over de samenwerking in het kader van het Financieel Expertise Centrum (Stcrt. 2009, 71): de gegevens die noodzakelijk zijn ter uitvoering van de in dat convenant opgenomen verplichtingen;
- v. de Consumentenautoriteit: gegevens die van belang kunnen zijn voor de uitvoering van de taken, bedoeld in [artikel 2.2 van de Wet handhaving consumentenbescherming](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0020586&artikel=2.2);
@@ -616,7 +632,13 @@
- 2°. gegevens die van belang kunnen zijn voor vergunningverlening en het houden van toezicht in het kader van de [Wet milieubeheer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003245);
- x. de Arbeidsinspectie, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gemeenten, de Sociale verzekeringsbank, het openbaar Ministerie, de politie en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (zoals vertegenwoordigd in de landelijke Stuurgroep Interventieteams): gegevens die nodig zijn voor de uitvoering van samenwerkingsprojecten door middel van interventieteams ter voorkoming en terugdringing van belasting- en premiefraude, uitkeringsfraude, illegale tewerkstelling en de daarmee samenhangende misstanden.
- x. de Arbeidsinspectie, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gemeenten, de Sociale verzekeringsbank, het openbaar Ministerie, de politie en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (zoals vertegenwoordigd in de landelijke Stuurgroep Interventieteams): gegevens die nodig zijn voor de uitvoering van samenwerkingsprojecten door middel van interventieteams ter voorkoming en terugdringing van belasting- en premiefraude, uitkeringsfraude, illegale tewerkstelling en de daarmee samenhangende misstanden;
- y. de gemeenschappelijke regeling DCMR Milieudienst Rijnmond: gegevens die van belang kunnen zijn voor de vergunningverlening, en het toezicht en de handhaving van de gemeentelijke en provinciale taken in het kader van de [Wet milieubeheer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003245), de [Wet bodembescherming](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003994) en de [Wet geluidhinder](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003227);
- z. de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit: gegevens over het inkomen van uitgetreden vissers, ten behoeve van het controleren van de juistheid van de aan die vissers toegekende financiële tegemoetkoming, bedoeld in [artikel 4:9, eerste lid, onderdeel d, van de Regeling LNV-subsidies](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0021281&artikel=4:9) door de Dienst Regelingen;
- aa. de Voedsel en Waren Autoriteit: gegevens met betrekking tot het doen van loonaangifte door horecaondernemers ten behoeve van het op grond van [artikel 11a, eerste en vierde lid, van de Tabakswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004302&artikel=11a) te maken onderscheid tussen werkgevers met werknemers en werkgevers zonder werknemers.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens worden verstrekt op verzoek van het betreffende bestuursorgaan. De eerste volzin is niet van toepassing op de verstrekking van gegevens als bedoeld in het eerste lid, onderdeel l, onder 3°, alsmede de onderdelen i en t, voor zover het gegevens betreft die worden verstrekt aan de voorzitter van het managementteam van de Belastingdienst/Holland Midden.
@@ -626,7 +648,7 @@
- b. vermogen: de gemiddelde rendementsgrondslag, bedoeld in [artikel 5.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011353&artikel=5.2);
- c. Rentebase: op jaarlijkse basis door de Belastingdienst op geautomatiseerde wijze van banken en soortgelijke instellingen verkregen gegevens over rente en saldi van bankrekeningen, gekoppeld aan een sociaal-fiscaalnummer als bedoeld in [2, derde lid, onderdeel j, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=2), en opgenomen in een bestand;
- c. Rentebase: op jaarlijkse basis door de Belastingdienst op geautomatiseerde wijze van banken en soortgelijke instellingen verkregen gegevens over rente en saldi van bankrekeningen, gekoppeld aan een burgerservicenummer, of bij het ontbreken daarvan, een sociaal-fiscaalnummer, en opgenomen in een bestand;
- d. kentekenregistergegevens: gegevens afkomstig van de Rijksdienst voor het Wegverkeer, bestaande uit de datum van het afgeven van het kenteken, de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van de houder van het kenteken en het merk en type auto.
@@ -652,9 +674,9 @@
- c. de onjuistheid van het inkomensgegeven voortvloeit uit beleidsregels van de Minister van Financiën die eerst zijn uitgevaardigd nadat de met het inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting- of loonbelastingschuld onherroepelijk vast is komen te staan, tenzij de Minister van Financiën anders heeft bepaald;
- d. de onjuistheid van het inkomensgegeven voortvloeit uit de omstandigheid dat eerst nadat de met het inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting- of loonbelastingschuld onherroepelijk vast is komen te staan een beroep wordt gedaan op een fiscale faciliteit, waarop een beroep moet worden gedaan bij de aangifte, onderscheidenlijk vóór de inhouding; of
- e. sprake is van enig feit waardoor het inkomensgegeven op een te hoog bedrag is bepaald en enig ander inkomensgegeven, al dan niet van dezelfde betrokkene, ter zake van datzelfde feit op een te laag bedrag is bepaald, voor zover de met het laatstgenoemde inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting of loonbelasting niet kan worden nagevorderd, onderscheidenlijk nageheven doordat de termijn voor navordering, onderscheidenlijk naheffing is verstreken.
- d. de onjuistheid van het inkomensgegeven voortvloeit uit de omstandigheid dat eerst nadat de met het inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting- of loonbelastingschuld onherroepelijk vast is komen te staan een beroep wordt gedaan op een fiscale faciliteit, waarop een beroep moet worden gedaan bij de aangifte of op een ander wettelijk voorgeschreven moment; of
- e. sprake is van enig feit waardoor het inkomensgegeven op een te hoog bedrag is bepaald en enig ander inkomensgegeven, al dan niet van dezelfde betrokkene, ter zake van datzelfde feit op een te laag bedrag is bepaald, met dien verstande dat in dat geval wel ambtshalve vermindering plaatsvindt voor zover de met het laatstgenoemde inkomensgegeven samenhangende inkomstenbelasting of loonbelasting is of kan worden geheven.
### Hoofdstuk 8. Heffingsrente
@@ -664,32 +686,48 @@
### Hoofdstuk 10a. Geen geheimhoudingsplicht
### Hoofdstuk 10a. Geen geheimhoudingsplicht
##### Artikel 43d
[Artikel 43c, eerste lid, onderdeel ab](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=10a&artikel=43c&z=2010-07-08&g=2010-01-01), is van overeenkomstige toepassing op de uitvoering van [artikel 19 van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025003&artikel=19).
## Bijlagen
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen OB69, OB97, OB101, OB140, MB1, MB3, MB4, MB5, MB6, MB7, MB9 en MB11, die ter inzage worden gelegd bij de Directie Wetgeving Directe Belastingen van het Ministerie van Financiën.
## Bijlagen
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen OB69, OB97, OB101, OB140, MB1, MB3, MB4, MB5, MB6, MB7, MB9 en MB11, die ter inzage worden gelegd bij de Directie Wetgeving Directe Belastingen van het Ministerie van Financiën.
### Hoofdstuk 9. Vrijstellingen
### Hoofdstuk 10a. Geen geheimhoudingsplicht
### Hoofdstuk 11. Slotbepaling
##### Artikel 43d
[Artikel 43c, eerste lid, onderdeel ab](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006736&hoofdstuk=10a&artikel=43c&z=2010-07-08&g=2009-12-30), is van overeenkomstige toepassing op de uitvoering van [artikel 19 van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025003&artikel=19).
## Bijlagen
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen OB69, OB97, OB101, OB140, MB1, MB3, MB4, MB5, MB6, MB7, MB9 en MB11, die ter inzage worden gelegd bij de Directie Wetgeving Directe Belastingen van het Ministerie van Financiën.
##### Artikel 31a
Voor de toepassing van [artikel 38, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002320&artikel=38), worden van de staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte aangewezen: IJsland en Noorwegen.
### Hoofdstuk 9. Vrijstellingen
### Hoofdstuk 10. Verplichtingen ten dienste van de belastingheffing
### Hoofdstuk 11. Slotbepaling
## Bijlagen
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen OB69, OB97, OB101, OB140, MB1, MB3, MB4, MB5, MB6, MB7, MB9 en MB11, die ter inzage worden gelegd bij de Directie Wetgeving Directe Belastingen van het Ministerie van Financiën.
### Hoofdstuk 9. Vrijstellingen
### Hoofdstuk 10a. Geen geheimhoudingsplicht
### Hoofdstuk 11. Slotbepaling
## Bijlagen
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen OB69, OB97, OB101, OB140, MB1, MB3, MB4, MB5, MB6, MB7, MB9 en MB11, die ter inzage worden gelegd bij de Directie Wetgeving Directe Belastingen van het Ministerie van Financiën.
2009-12-30
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2009-12-22
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2009-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2008-11-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2008-08-13
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2008-08-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2008-07-16
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2008-07-11
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2008-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2008-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994
2007-02-25
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2007-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2006-07-15
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2006-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2005-11-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2005-07-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2004-08-15
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2004-01-01
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 4
2003-04-03
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — arts. 6
2003-04-03
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 — vers
original version
Tekst op deze datum