Besluit van 4 december 1995, houdende nadere regels inzake de arbeids- en rusttijden
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder schippersinternaat: een in Nederland gevestigde privaatrechtelijke instelling met rechtspersoonlijkheid die een internaat beheert waarin specifiek huisvesting, verzorging en opvoeding geboden wordt aan kinderen van binnenschippers, kermisexploitanten of circusartiesten.
Artikel 5.28:2
Deze paragraaf is van toepassing op arbeid verricht in een schippersinternaat door een hoofdgroepsleider, groepsleider of assistent-groepsleider, wier arbeid uitsluitend of in hoofdzaak bestaat uit het verrichten van werkzaamheden van opvoedkundige aard.
Artikel 5.28:3
De werkgever organiseert in afwijking van artikel 4:8:1, derde lid, onderdeel a, de arbeid zodanig dat de werknemer ten hoogste 62 maal in elke periode van 26 achtereenvolgende weken een aanwezigheiddienst wordt opgelegd.
Hoofdstuk 7. Beboetbare feiten en daarmee samenhangende bepalingen
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
§ 2.2. Uitbreiding van de toepasselijkheid van de wet
Mijnbouwwerk en windpark
Duikwerkzaamheden civiele onderwaterbouw
Hoofdstuk 3. Registratie
§ 3.1. Registratieverplichtingen
Mijnbouwwerk en windpark
§ 3.2. Bewaartermijn
§ 3.3. Registratie aanwezigheidsdienst en maatwerk
Maatwerkregister
Hoofdstuk 4. Arbeids- en rusttijden, algemene afwijkingen en aanvullingen
§ 4.2. Feestdagen
Arbeidstijd voorafgaand aan een feestdag
Arbeidstijd voorafgaand aan de feestdag
§ 4.4. Overdracht van werkzaamheden
§ 4.7. Nachtdiensten
Nachtarbeid in het weekend
Artikel 4.7:2
Artikel 5:8, eerste, derde en vierde lid, van de wet is niet van toepassing, indien dit artikel wordt toegepast.
Dit artikel is uitsluitend van toepassing, indien gebruik wordt gemaakt van artikel 4.7:1.
Indien zich bij toepassing van artikel 4.7:1 in een andere periode dan de periode, bedoeld in het tweede lid van genoemd artikel, incidentele en onvoorziene omstandigheden voordoen waardoor het aantal voor de arbeid noodzakelijke werknemers onder het vereiste minimum komt, dan wel op Nieuwjaarsdag, de Christelijke Tweede Paasdag, de dag waarop de verjaardag van de Koning wordt gevierd, Hemelvaartsdag, de Christelijke Tweede Pinksterdag, 5 december, Eerste Kerstdag of Tweede Kerstdag, organiseert de werkgever die arbeid zodanig dat de werknemer:
- a. ten hoogste 2 maal in elke aaneengesloten periode van 14 maal 24 uren, en ten hoogste 8 malen in elke aaneengesloten periode van 52 weken, ten hoogste arbeid verricht gedurende 12 uren in een nachtdienst, en
- b. aansluitend op een nachtdienst als bedoeld onder a een onafgebroken rusttijd heeft van ten minste 12 uren.
Artikel 4.2:1, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Toepassing van dit artikel is uitsluitend mogelijk bij collectieve regeling. Elk beding waarbij wordt afgeweken van de vorige zin dan wel het tweede of derde lid, is nietig.
§ 4.8. Aanwezigheidsdiensten
Artikel 4.9:2
Artikel 5:8, tweede lid, van de wet is niet van toepassing, indien:
- a. een onvoorziene wijziging van omstandigheden of de aard van de arbeid het met zich brengt dat het volume aan werkaanbod zodanig fluctueert dat de werknemer tijdelijk meer dan gemiddeld 40 uren per week in een periode van 16 aaneengesloten weken arbeid verricht en dit door het op een andere wijze van organiseren van de arbeid redelijkerwijs niet is te voorkomen, of
- b. een werknemer namens de werkgever uitsluitend of in hoofdzaak leiding geeft aan werknemers die voor die werkgever arbeid verrichten.
De werkgever organiseert de arbeid zodanig dat de werknemer in elke periode van 52 aaneengesloten weken ten hoogste gemiddeld 40 uren per week arbeid verricht.
Toepassing van dit artikel is uitsluitend mogelijk bij collectieve regeling. Elk beding waarbij wordt afgeweken van de vorige zin of het tweede lid, is nietig.
Hoofdstuk 5. Arbeids- en rusttijden, bijzondere afwijkingen en aanvullingen
Arbeid in nachtdienst
Pauze
Artikel 5.3:5
Dit artikel is uitsluitend van toepassing op de werknemer die als vrijwillige brandweer arbeid verricht.
De werkgever organiseert in afwijking van artikel 4.8:1, derde lid, onderdeel a, de arbeid zodanig dat de werknemer ten hoogste eenmaal in elke aaneengesloten tijdruimte van 7 maal 24 uren een aanwezigheidsdienst wordt opgelegd.
Artikel 4.8:1, derde lid, onderdeel c, kan eenmaal in elke aaneengesloten tijdruimte van 7 maal 24 uren buiten toepassing worden gelaten.
Artikel 5.4:4
Dit artikel is uitsluitend van toepassing op brood- en banketbakkerijen waar op ambachtelijke wijze werkzaamheden worden verricht en waar uitsluitend of in hoofdzaak wordt geproduceerd voor een of meer eigen brood- en banketwinkels.
Artikel 5:8, achtste en negende lid, van de wet is niet van toepassing, indien dit artikel wordt toegepast.
De werkgever organiseert de arbeid zodanig, dat een werknemer in elke periode van 4 aaneengesloten weken ten hoogste 20 malen arbeid verricht in een nachtdienst die eindigt na 02.00 uur.
Toepassing van dit artikel is uitsluitend mogelijk bij collectieve regeling. Elk beding waarbij wordt afgeweken van de vorige zin dan wel het eerste of derde lid, is nietig.
Piket
Artikel 5.6:7
Vervallen
§ 5.8. Horecabedrijf
Toepasselijkheid van de paragraaf
§ 5.9. Inlichtingen- en veiligheidsdiensten
Arbeids- en rusttijden
§ 5.11. Vrijwillige politie
§ 5.13. Lokale spoorwegen
§ 5.14. Mijnbouw
Arbeids- en rusttijden in een bestendig en regelmatig arbeidstijdpatroon
§ 5.14. Mijnbouw
Arbeids- en rusttijden in een bestendig en regelmatig arbeidstijdpatroon mijnbouwwerk
§ 5.16. Podiumkunsten
§ 5.17. Uitvaartverzorging
Artikel 5.19:5
Vervallen
Artikel 5.19:5
Vervallen
§ 5.27. Ambulancezorg
Cumulatie bijzondere diensten
§ 5.28. Schippersinternaten
Toepasselijkheid van de paragraaf
Hoofdstuk 7. Overtredingen en daarmee samenhangende bepalingen
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
Lasten en bevelen, dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Artikel 5.7:3. Rijtijden
De dagelijkse rijtijd van een personenchauffeur bedraagt niet meer dan 9 uren per dag, welke rijtijd 2 maal in elke periode van 7 dagen mag worden verlengd tot 10 uren per dag.
Onverminderd artikel 5:4 van de wet, wordt de dagelijkse rijtijd onderbroken, indien door vermoeidheid van de personenchauffeur de verkeersveiligheid in het gedrang komt of dreigt te komen.
De wekelijkse rijtijd van een personenchauffeur bedraagt niet meer dan 56 uren in elke periode van 7 dagen.
§ 5.8. Horecabedrijf
§ 5.11. Vrijwillige politie
Arbeids- en rusttijden
§ 5.12. Audio-visuele producties
Artikel 5.14:4a
Dit artikel is uitsluitend van toepassing op een werknemer die vanuit een bestendig en regelmatig arbeidspatroon, bedoeld in de artikelen 5.14:2 of 5.14:3, werkzaamheden gaat verrichten in een niet-bestendig en regelmatig arbeidspatroon, bedoeld in artikel 5.14:4.
Indien de aard van de arbeid of de bedrijfsomstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij collectieve regeling, met inachtneming van het derde lid, ten hoogste 2 maal in elke periode van 52 weken worden afgeweken van artikel 5.14:2, derde lid, onder a, ten aanzien van het aantal malen dat een dienst wordt verricht. Elk beding, waarbij op andere wijze dan in de vorige zin is bepaald, wordt afgeweken van artikel 5.14:2, derde lid, onder a, is nietig.
In afwijking van artikel 5.14:2, derde lid, onder a, ten aanzien van het aantal malen dat een dienst wordt verricht, organiseert de werkgever de arbeid zodanig, dat de werknemer ten hoogste 15 maal in elke periode van 21 aaneengesloten dagen een dienst verricht.
Duikwerkzaamheden
§ 5.16. Podiumkunsten
§ 5.17. Uitvaartverzorging
Artikel 5.19:6
Vervallen
§ 5.21. Verloskundigen
Toepasselijkheid van de paragraaf
§ 5.22. Werkzaamheden die samenhangen met railvervoer
§ 5.23. Tentoonstellingsbouw en scheepsreparatie
Toepasselijkheid van de paragraaf
§ 5.25. Maatschappelijke opvang
Toepasselijkheid van de paragraaf
§ 5.25. Maatschappelijke opvang
Toepasselijkheid van de paragraaf
Hoofdstuk 7. Overtredingen en daarmee samenhangende bepalingen
Beboetbaarstelling
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
§ 8.1. Overgangsbepalingen
§ 8.1. Overgangsbepalingen
Lasten en bevelen, dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Artikel 7:2. Staken van de arbeid in verband met recidive
Na een herhaling van een overtreding of soortgelijke overtreding wordt een waarschuwing gegeven als bedoeld in artikel 8:3a, eerste lid, van de wet en indien een herhaling van die of een soortgelijke overtreding is geconstateerd als bedoeld in dat artikel van de wet, wordt een bevel opgelegd door de daartoe aangewezen ambtenaar dat de door hem aangewezen werkzaamheden voor een daarbij aangegeven periode worden gestaakt dan wel niet mogen aanvangen.
Indien een ernstige overtreding is geconstateerd, wordt in afwijking van het eerste lid, een waarschuwing als bedoeld in artikel 8:3a, eerste lid, van de wet gegeven bij de eerste overtreding en wordt, indien opnieuw dezelfde of een soortgelijke overtreding is geconstateerd die eveneens ernstig is, een bevel opgelegd door de daartoe aangewezen ambtenaar dat de door hem aangewezen werkzaamheden voor een daarbij aangegeven periode worden gestaakt dan wel niet mogen aanvangen.
Als een ernstige overtreding als bedoeld in het tweede lid wordt aangemerkt:
- a. een handelen of nalaten van de werkgever in strijd met het bepaalde bij of krachtens artikel 3:2, eerste lid, juncto artikel 3:3 van de wet indien arbeid wordt verricht door een kind jonger dan 12 jaar;
- b. een handelen of nalaten van de werkgever in strijd met het bepaalde bij of krachtens artikel 3:2, eerste en vierde lid, en artikel 3:3, tweede lid, van de wet indien het kind bij het verrichten van arbeid een ongeval overkomt dat ernstig lichamelijk of geestelijk letsel of de dood ten gevolge heeft of indien redelijkerwijs te verwachten is dat de hiervoor genoemde gevolgen redelijkerwijs aan het verrichten van arbeid zijn verbonden;
- c. een handelen of nalaten van de werkgever waardoor een werknemer ten minste het dubbele van het in de wet en de daarop berustende bepalingen toegestane aantal uren dat hij per dienst arbeid mag verrichten, arbeid verricht dan wel de onafgebroken rusttijd in elke aaneengesloten periode van 24 uren de helft of minder is van de in de wet en de daarop berustende bepalingen gegeven onafgebroken rusttijd.
Indien de aard van de overtreding of de met de overtreding samenhangende omstandigheden dan wel de gevolgen van het staken van het werk daartoe aanleiding geven, kan worden afgezien van een waarschuwing als bedoeld in het eerste en tweede lid en kan worden afgezien van een bevel als bedoeld in het eerste en tweede lid.
Een waarschuwing als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt niet gegeven en een bevel als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt niet opgelegd indien de bestuurlijke boete voor de overtreding, bedoeld in het eerste en tweede lid, op grond van de beleidsregels, bedoeld in artikel 10:7, zesde lid, van de wet lager is dan een bij ministeriële regeling vast te stellen hoogte van het boetebedrag.
Artikel 7:3. Aanduiding ernstige overtredingen
Ernstige overtredingen in de zin van artikel 10:7, derde en vijfde lid, van de wet zijn de overtredingen, genoemd in artikel 7:2, derde lid.
Artikel 7:4. Aanduiding soortgelijke overtreding
De soortgelijke verplichtingen en verboden, bedoeld in artikel 10:7, tweede en vierde lid, van de wet, en de soortgelijke overtredingen, bedoeld in artikel 7:2, eerste en tweede lid, worden bij ministeriële regeling aangewezen.
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
Lasten en bevelen, dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Artikel 7:5. Plaats en duur openbaarmaking
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 7:6. Inhoud openbare inspectiegegevens
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 7:7. Openbare gegevens omtrent opgelegde boetes en stilleggingen
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 7:8. Termijn waarbinnen openbaarmaking geschiedt
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 7:9. Reactie van belanghebbende
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 7:10. Rectificatie
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
§ 8.1. Overgangsbepalingen
§ 8.2. Slotbepalingen
Lasten en bevelen, dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
§ 5.3. Brandweer
§ 5.5. Sneeuw- en gladheidsbestrijding
Artikel 5.6:7
Vervallen
§ 5.7. Personenchauffeurs
§ 5.9. Inlichtingen- en veiligheidsdiensten
§ 5.10. Inwonend huishoudelijk personeel
§ 5.12. Audio-visuele producties
§ 5.15. Bioscopen
Arbeids- en rusttijden
§ 5.16. Podiumkunsten
Arbeids- en rusttijden
§ 5.17. Windparken
Artikel 5.19:5
Vervallen
Artikel 5.19:6
Vervallen
§ 5.22. Werkzaamheden die samenhangen met railvervoer
§ 5.23. Tentoonstellingsbouw en scheepsreparatie
§ 5.26. Niet-nautisch personeel binnenvaart
Hoofdstuk 7. Overtredingen en daarmee samenhangende bepalingen
Hoofdstuk 8. Overgangs- en slotbepalingen
Lasten en bevelen, dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)