Wijzigingsgeschiedenis

Regeling van 20 april 2005, nr. 5348913/505, houdende het verlenen van militaire bijstand ten behoeve van de bewaking van het Nederlandse luchtruim en de inzet van defensiemiddelen tegen terroristische dreigingen vanuit de lucht (Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme)

5 versions · 2025-06-18
2025-06-18
Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme — arts. 1, 3, 4, 5
2023-01-01
Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme — arts. 2, 3, 4 y 4

Wijzigingen op 2023-01-01

@@ -24,19 +24,19 @@
##### Artikel 2. Terbeschikkingstelling van defensiemiddelen in het kader van militaire bijstand
In aangelegenheden waarin sprake is van een terroristische dreiging vanuit de lucht verleent de krijgsmacht bijstand op de wijze als bepaald in deze regeling. De Minister van Defensie stelt daartoe de QRA en het AOCS NM, voorzover dit station als schakel in de uitvoering van de militaire bijstand fungeert, ter beschikking aan de Minister van Veiligheid en Justitie.
In aangelegenheden waarin sprake is van een terroristische dreiging vanuit de lucht verleent de krijgsmacht bijstand op de wijze als bepaald in deze regeling. De Minister van Defensie stelt daartoe de QRA en het AOCS NM, voorzover dit station als schakel in de uitvoering van de militaire bijstand fungeert, ter beschikking aan de Minister van Justitie en Veiligheid.
##### Artikel 3. Terroristische dreiging vanuit de lucht
1. De NAVO, de Master Controller, dan wel de Minister van Veiligheid en Justitie kan een civiel vliegtuig aanmerken als een terroristische dreiging vanuit de lucht.
1. De NAVO, de Master Controller, dan wel de Minister van Justitie en Veiligheid kan een civiel vliegtuig aanmerken als een terroristische dreiging vanuit de lucht.
2. Voor het aanmerken van een civiel vliegtuig als een terroristische dreiging vanuit de lucht zijn de criteria van de NAVO van toepassing. Deze criteria zijn opgenomen in het Nationaal Actieplan.
3. De Minister van Veiligheid en Justitie kan ook op andere gronden een civiel vliegtuig aanmerken als een terroristische dreiging vanuit de lucht.
3. De Minister van Justitie en Veiligheid kan ook op andere gronden een civiel vliegtuig aanmerken als een terroristische dreiging vanuit de lucht.
4. Van een terroristische dreiging vanuit de lucht is in ieder geval sprake indien wordt voldaan aan ten minste twee van de in het tweede lid bedoelde criteria.
##### Artikel 4. Alarmering van de Minister van Veiligheid en Justitie door het AOCS NM
##### Artikel 4. Alarmering van de Minister van Justitie en Veiligheid door het AOCS NM
1. De Master Controller is uit hoofde van zijn taak ter zake van de bewaking van het luchtruim en onder verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie bevoegd tot het geven van een opdracht aan de QRA:
@@ -46,7 +46,7 @@
- c. het geven van (visuele) signalen aan een civiel vliegtuig.
2. De Master Controller alarmeert de Minister van Veiligheid en Justitie zodra de QRA het luchtruim kiest en hij informeert hem onverwijld en voortdurend over:
2. De Master Controller alarmeert de Minister van Justitie en Veiligheid zodra de QRA het luchtruim kiest en hij informeert hem onverwijld en voortdurend over:
- a. de reden voor de inzet van de QRA;
@@ -56,13 +56,13 @@
- d. alle overige bij hem bekende relevante informatie.
3. De Master Controller informeert na de alarmering van de Minister van Veiligheid en Justitie terstond de Minister van Defensie.
3. De Master Controller informeert na de alarmering van de Minister van Justitie en Veiligheid terstond de Minister van Defensie.
##### Artikel 5. Overgang van de verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie naar de Minister van Veiligheid en Justitie
##### Artikel 5. Overgang van de verantwoordelijkheid van de Minister van Defensie naar de Minister van Justitie en Veiligheid
1. Vanaf het moment dat de NAVO, de Master Controller, dan wel de Minister van Veiligheid en Justitie, overeenkomstig [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018217&artikel=3&z=2013-01-01&g=2013-01-01), een civiel vliegtuig aanmerkt als een terroristische dreiging vanuit de lucht, is de Minister van Veiligheid en Justitie bevoegd via de Master Controller aanwijzingen te geven aan de QRA. Alsdan vindt inzet van de QRA plaats onder verantwoordelijkheid van de Minister van Veiligheid en Justitie.
1. Vanaf het moment dat de NAVO, de Master Controller, dan wel de Minister van Justitie en Veiligheid, overeenkomstig [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018217&artikel=3&z=2023-01-01&g=2023-01-01), een civiel vliegtuig aanmerkt als een terroristische dreiging vanuit de lucht, is de Minister van Justitie en Veiligheid bevoegd via de Master Controller aanwijzingen te geven aan de QRA. Alsdan vindt inzet van de QRA plaats onder verantwoordelijkheid van de Minister van Justitie en Veiligheid.
2. De Minister van Veiligheid en Justitie kan via de Master Controller de QRA, naast de opdrachten genoemd in [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018217&artikel=4&z=2013-01-01&g=2013-01-01), met inachtneming van de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit, opdracht geven tot:
2. De Minister van Justitie en Veiligheid kan via de Master Controller de QRA, naast de opdrachten genoemd in [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018217&artikel=4&z=2023-01-01&g=2023-01-01), met inachtneming van de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit, opdracht geven tot:
- a. het afdwingen van een koerswijziging en/of landing van het civiele vliegtuig zonder het gebruik van geweld;
@@ -74,11 +74,11 @@
##### Artikel 6. Verslaglegging
Van iedere inzet van de QRA in geval van een terroristische dreiging vanuit de lucht wordt zowel door de Minister van Veiligheid en Justitie als door de Minister van Defensie een verslag opgemaakt ten behoeve van een gezamenlijke evaluatie. Deze verslagen zijn gerubriceerd.
Van iedere inzet van de QRA in geval van een terroristische dreiging vanuit de lucht wordt zowel door de Minister van Justitie en Veiligheid als door de Minister van Defensie een verslag opgemaakt ten behoeve van een gezamenlijke evaluatie. Deze verslagen zijn gerubriceerd.
##### Artikel 7. Vergoeding van de kosten van de bijstand
De additionele kosten van de inzet van de QRA onder verantwoordelijkheid van de Minister van Veiligheid en Justitie komen voor vergoeding in aanmerking conform de vigerende afspraken tussen de Minister van Defensie en de Minister van Veiligheid en Justitie.
De additionele kosten van de inzet van de QRA onder verantwoordelijkheid van de Minister van Justitie en Veiligheid komen voor vergoeding in aanmerking conform de vigerende afspraken tussen de Minister van Defensie en de Minister van Justitie en Veiligheid.
##### Artikel 8. Slotbepaling
@@ -92,6 +92,6 @@
##### Artikel 7a
Deze regeling berust op [artikel 58, tweede lid, van de Politiewet 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0031788&artikel=58).
Deze regeling berust op [artikel 58, eerste lid, van de Politiewet 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0031788&artikel=58).
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
2013-01-01
Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme
2005-05-01
Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme — arts. 1, 2, 3 y 6
2005-05-01
Regeling bijstand bestrijding luchtvaartterrorisme — versión origina
original version Tekst op deze datum