Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 22 april 2008, nr. CZ/TSZ-2830051, houdende vaststelling van het Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008
8 versions
· 2024-06-05
2024-06-05
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008 — arts. 2, 2
2024-01-01
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008 — arts. 1, 1
2023-04-13
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008 — arts. 1, 3
Wijzigingen op 2023-04-13
@@ -6,11 +6,11 @@
##### Artikel 1
De omvang van de behoefte aan bijzondere interventies aan het hart, de wijze waarop in deze behoefte kan worden voorzien en de voorschriften waaraan uitvoerende centra moeten voldoen, zijn neergelegd in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023804&bijlage=1&z=2018-08-01&g=2018-08-01).
De omvang van de behoefte aan bijzondere interventies aan het hart, de wijze waarop in deze behoefte kan worden voorzien en de voorschriften waaraan uitvoerende centra moeten voldoen, zijn neergelegd in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023804&bijlage=1&z=2023-04-13&g=2023-04-13).
##### Artikel 2
De gegevens die een instelling bij de aanvraag van een vergunning dient te verstrekken, in aanvulling op de [Regeling vergunningprocedure bijzondere medische verrichtingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009846), zijn omschreven in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023804&bijlage=2&z=2018-08-01&g=2018-08-01).
De gegevens die een instelling bij de aanvraag van een vergunning dient te verstrekken, in aanvulling op de [Regeling vergunningprocedure bijzondere medische verrichtingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009846), zijn omschreven in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023804&bijlage=2&z=2023-04-13&g=2023-04-13).
##### Artikel 3
@@ -28,7 +28,7 @@
### **1. Begripsbepaling**
Ingevolge het [Besluit aanwijzing bijzondere medische verrichtingen 2007](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022191) is het verboden om zonder vergunning van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bijzondere interventies aan het hart uit te voeren. Bijzondere interventies aan het hart omvatten alle chirurgische ingrepen aan het hart, de coronaire vaten en de aortaboog (inclusief percutane behandelingen van hartklepafwijkingen), percutane coronaire interventies (hierna PCI-procedures) en alle invasieve ritmebehandelingen waaronder de implantatie van Interne Cardioverter Defibrillatoren (hierna ICD-implantatie).
Ingevolge [artikel 1, onderdeel e, van de Regeling aanwijzing bijzondere medische verrichtingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0035311&artikel=1) is het verboden om zonder vergunning van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bijzondere interventies aan het hart uit te voeren. Bijzondere interventies aan het hart omvatten alle chirurgische ingrepen aan het hart, de coronaire vaten en de aortaboog (inclusief percutane behandelingen van hartklepafwijkingen), percutane coronaire interventies (hierna PCI-procedures) en alle invasieve ritmebehandelingen waaronder de implantatie van Interne Cardioverter Defibrillatoren (hierna ICD-implantatie).
### **2. De behoefte en de wijze waarop in de behoefte kan worden voorzien**
@@ -46,19 +46,19 @@
### **Hartinterventies bij kinderen en volwassenen met aangeboren afwijkingen**
Voor de behandeling van kinderen en volwassenen met aangeboren hartafwijkingen gelden aanvullende overwegingen. Het aantal ingrepen is zeer laag, terwijl het vaak gaat om ingrepen van complexe aard. Momenteel worden er in zes verschillende centra ingrepen bij kinderen en patiënten met congenitale hartafwijkingen uitgevoerd. Twee centra voeren dit zelfstandig uit, terwijl de overige vier locaties deel uitmaken van samenwerkingsverbanden tussen meerdere instellingen. Deze concentratie van ingrepen bij congenitale hartafwijkingen is volgens de Gezondheidsraad nog niet optimaal. In het advies geeft de Gezondheidsraad aan wat de minimale aantallen hartchirurgie en katheterinterventies per behandelaar bij kinderen zouden moeten zijn. Voor de congenitale cardio-thoracale chirurgie bedraagt dit 250 ingrepen per jaar per centrum (en 125 ingrepen per jaar per chirurg). De Gezondheidsraad sluit daarmee aan bij de Europese standaarden voor congenitale cardio-thoracale chirurgie van de European Association of Cardio-Thoracic Surgery (EACTS). Voor catheterinterventies wordt gesproken over 100 catheterisaties per jaar, waarvan maximaal de helft diagnostische catheterisaties mogen zijn. In de huidige situatie benaderen de Nederlandse centra de minimale aantallen voor de congenitale cardio-thoracale chirurgie bij kinderen, maar de aantallen catheterinterventies per behandelaar zijn nog niet op het niveau dat door de Gezondheidsraad wordt geadviseerd. Het is op dit moment niet duidelijk of de huidige situatie met zes centra een goede balans biedt tussen concentratie ten behoeve van de kwaliteit aan de ene kant en landelijke spreiding ten behoeve van de toegankelijkheid aan de andere kant. Om deze reden acht ik voortzetting van het [WBMV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008974)-vergunningenbeleid voor hartinterventies bij kinderen en voor interventies bij volwassenen met congenitale hartafwijkingen voorlopig nog van belang. Ik wil daarbij de vergunning voor interventies bij kinderen en volwassenen met congenitale hartafwijkingen loskoppelen van de overige hartinterventies bij volwassenen. Voor de interventies bij kinderen en de congenitale hartafwijkingen zal dus een separate vergunning vereist zijn. Ik wil bovendien onderzoeken of verdere concentratie tot drie volwaardige centra voor deze interventies, zoals de Gezondheidsraad adviseert, wenselijk is. Ik volg daarbij het voorstel van de Gezondheidsraad voor het instellen van een begeleidingscommissie om de kwaliteit van de kinderhartcentra te onderzoeken.
De interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en de hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking betreft zorg voor een relatief kleine groep patiënten met een (vaak zeer) complexe zorgvraag. De behandeling vereist dan ook zeer specialistische kennis, expertise en vaardigheden van de behandelteams.
### **3. De voorschriften waaraan centra moeten voldoen**
In het advies van de Gezondheidsraad wordt geconstateerd dat de ontwikkeling van het kwaliteitssysteem, op basis van de gestelde eisen, voor zowel de hartchirurgie als ritmechirurgie nog niet voltooid is. Ik hecht hier veel waarde aan en wil benadrukken dat de [WBMV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008974)-status een transparant kwaliteitssysteem vanuit de beroepsgroep niet overbodig maakt. Ik zal daarom de betrokken beroepsgroepen aanzetten tot de ontwikkeling van een volledig en transparant kwaliteitssysteem. De registratie van de uitgevoerde verrichtingen en van de uitkomsten vormt hiervan een onderdeel. De centra moeten jaarlijks hun resultaten openbaar maken. Waar mogelijk dient hierbij te worden aangesloten bij internationale databanken en prestatie-indicatoren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd.
Gelet op het voorgaande bepaal ik dat aan een vergunning als bedoeld in [artikel 2, eerste lid, van de Wet op bijzondere medische verrichtingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008974&artikel=2) (Wbmv) die is verleend (of wordt verleend) voor het verrichten van bijzondere interventies aan het hart als bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onder e, van de Regeling aanwijzing bijzondere medische verrichtingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0035311&artikel=1), de beperking wordt verbonden dat deze vergunning zich niet mede uitstrekt tot het verrichten van interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking. Het verrichten van die interventies is uitsluitend voorbehouden aan de instelling die in het bezit is van een vergunning als hiervoor bedoeld en ten aanzien van wie uitdrukkelijk is bepaald dat die vergunning mede strekt tot het verrichten van de betreffende interventies.
Zie voor de voorschriften waar aanbieders van PCI’s, van het implanteren van ICD’s en van het verrichten van transcatheter hartklepinterventies aan moeten voldoen, het Planningsbesluit PCI’s, ICD’s en THI’s.
Voorts bepaal ik de omvang van de behoefte ten aanzien van de interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en de hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking, met inachtneming van een transitieproces, op twee interventiecentra. In deze behoefte zal, met inachtneming van een transitieproces, worden voorzien door de interventiecentra op de locatie van het Erasmus MC en het UMC Groningen. Ten aanzien van deze twee interventiecentra bepaal ik dus dat de aan hen verleende vergunning voor het verrichten van bijzondere hartinterventies mede strekt tot het verrichten van de betreffende interventies.
Voor kinderhartinterventies en voor interventies bij congenitale hartafwijkingen zal zoals hierboven is vermeld, een aparte vergunning moeten worden aangevraagd. Daarnaast zal worden onderzocht of de kwaliteit van deze interventies verbeterd moet worden door middel van concentratie. Ik zal hiervoor een begeleidingscommissie instellen. Het is daarbij noodzakelijk om inzicht te krijgen in de kwaliteit van de huidige centra, ten opzichte van elkaar en van centra in het buitenland. Er moet in de komende periode een systeem voor kwaliteitsbewaking en vergelijking worden opgezet voor zowel de hartchirurgie als de interventiecardiologie bij kinderen. De Nederlandse centra zijn al aangesloten bij het Europese systeem van uitkomstenregistratie voor hartchirurgie bij aangeboren afwijkingen, de Aristoteles-score. Hierdoor kunnen centra hun uitkomsten vergelijken met andere centra. Voor interventiecardiologie bij kinderen is nog geen internationaal systeem beschikbaar voor het vergelijken van de uitkomsten. De Gezondheidsraad stelt dat een dergelijk systeem binnen drie jaar moet zijn ingevoerd. Ik ben van mening dat er al eerder, in 2009, inzicht kan en moet worden geboden in de kwaliteit van de Nederlandse kinderhartcentra. Ik zal de begeleidingcommissie verzoeken om de Nederlandse centra te begeleiden met het ontwikkelen van uitkomstindicatoren die vergelijking mogelijk maken. In 2009 wil ik een besluit nemen over eventuele verdere concentratie van kinderhartinterventies, afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek van de begeleidingscommissie. De zes centra die momenteel kinderhartinterventies en interventies bij congenitale afwijkingen uitvoeren krijgen daarvoor een tijdelijke vergunning.
Ten aanzien van de andere twee huidige interventiecentra – UMC Utrecht en het samenwerkingsverband tussen het LUMC en het Amsterdam UMC (CAHAL) – bepaal ik dat de aan hen verleende vergunning voor het verrichten van bijzondere hartinterventies mede strekt tot het verrichten van interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en de hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking, doch voor de duur van het transitieproces. De duur van het transitieproces bedraagt in beginsel maximaal 2,5 jaar. De geldigheidsduur van de beperking wordt derhalve bepaald op 2,5 jaar. Na het verstrijken van deze duur – die uitsluitend in het uitzonderlijke geval als dit noodzakelijk is met het oog op een ordentelijke transitie zal worden verlengd – zullen deze instellingen niet langer bevoegd zijn tot het verrichten van de betreffende interventies. Deze instellingen blijven wel bevoegd om interventies uit te voeren bij volwassenen met laag of matig complexe aangeboren hartafwijkingen. Ook controles, poliklinische afspraken, voor- en nazorg en gesprekken over medicatie kunnen plaatsvinden in deze instellingen.
De in deze paragraaf gestelde voorschriften gelden voor zowel de huidige als eventuele nieuwe vergunninghouders. Waar nodig zal ik aan de huidige vergunningen alsnog een voorschrift verbinden, gericht op het voldoen aan deze aangescherpte eisen. Periodiek zal door de Inspectie gezondheidszorg en jeugd worden getoetst of centra nog voldoen aan de vergunningvoorschriften.
Ten aanzien van de instellingen die op dit moment geen interventiecentrum zijn geldt dat – gelet op het voorgaande – aan de aan hen verleende vergunning voor het verrichten van bijzondere hartinterventies de beperking wordt verbonden dat de vergunning zich niet mede uitstrekt tot het verrichten van interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking. Ook deze instellingen blijven wel bevoegd om interventies uit te voeren bij volwassenen met laag of matig complexe aangeboren hartafwijkingen. Ook controles, poliklinische afspraken, voor- en nazorg en gesprekken over medicatie kunnen plaatsvinden in deze instellingen.
De in deze paragraaf gestelde voorschriften gelden voor zowel de huidige als eventuele nieuwe vergunninghouders. Waar nodig zal ik aan de huidige vergunningen alsnog een voorschrift verbinden, gericht op het voldoen aan deze aangescherpte eisen. Periodiek zal door de Inspectie voor de Gezondheidszorg worden getoetst of centra nog voldoen aan de vergunningvoorschriften.
Specifiek voor het UMC Radboud en het Sint Antonius Ziekenhuis geldt dus dat zij bevoegd zijn om de bestaande samenwerking met het Erasmus MC respectievelijk het UMC Utrecht voor het verlenen van bepaalde zorg bij patiënten met een aangeboren hartafwijking voort te zetten.
## Bijlage 2
@@ -84,11 +84,11 @@
### **Hartinterventies bij kinderen en volwassenen met aangeboren afwijkingen**
Voor de behandeling van kinderen en volwassenen met aangeboren hartafwijkingen gelden aanvullende overwegingen. Het aantal ingrepen is zeer laag, terwijl het vaak gaat om ingrepen van complexe aard. Momenteel worden er in zes verschillende centra ingrepen bij kinderen en patiënten met congenitale hartafwijkingen uitgevoerd. Twee centra voeren dit zelfstandig uit, terwijl de overige vier locaties deel uitmaken van samenwerkingsverbanden tussen meerdere instellingen. Deze concentratie van ingrepen bij congenitale hartafwijkingen is volgens de Gezondheidsraad nog niet optimaal. In het advies geeft de Gezondheidsraad aan wat de minimale aantallen hartchirurgie en katheterinterventies per behandelaar bij kinderen zouden moeten zijn. Voor de congenitale cardio-thoracale chirurgie bedraagt dit 250 ingrepen per jaar per centrum (en 125 ingrepen per jaar per chirurg). De Gezondheidsraad sluit daarmee aan bij de Europese standaarden voor congenitale cardio-thoracale chirurgie van de European Association of Cardio-Thoracic Surgery (EACTS). Voor catheterinterventies wordt gesproken over 100 catheterisaties per jaar, waarvan maximaal de helft diagnostische catheterisaties mogen zijn. In de huidige situatie benaderen de Nederlandse centra de minimale aantallen voor de congenitale cardio-thoracale chirurgie bij kinderen, maar de aantallen catheterinterventies per behandelaar zijn nog niet op het niveau dat door de Gezondheidsraad wordt geadviseerd. Het is op dit moment niet duidelijk of de huidige situatie met zes centra een goede balans biedt tussen concentratie ten behoeve van de kwaliteit aan de ene kant en landelijke spreiding ten behoeve van de toegankelijkheid aan de andere kant. Om deze reden acht ik voortzetting van het [WBMV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008974)-vergunningenbeleid voor hartinterventies bij kinderen en voor interventies bij volwassenen met congenitale hartafwijkingen voorlopig nog van belang. Ik wil daarbij de vergunning voor interventies bij kinderen en volwassenen met congenitale hartafwijkingen loskoppelen van de overige hartinterventies bij volwassenen. Voor de interventies bij kinderen en de congenitale hartafwijkingen zal dus een separate vergunning vereist zijn. Ik wil bovendien onderzoeken of verdere concentratie tot drie volwaardige centra voor deze interventies, zoals de Gezondheidsraad adviseert, wenselijk is. Ik volg daarbij het voorstel van de Gezondheidsraad voor het instellen van een begeleidingscommissie om de kwaliteit van de kinderhartcentra te onderzoeken.
De interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en de hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking nemen in deze regeling een aparte positie in. Het gaat hier om de zorg voor kinderen en volwassen met een aangeboren hartafwijking zoals geclassificeerd in de ICD (International Classification of Diseases). Kinderen zijn daarbij, conform de classificatie, alle patiënten onder de 18 jaar en volwassenen zijn 18 jaar en ouder. Alle operaties en katheterinterventies aan het hart en de grote vaten die nodig zijn bij kinderen met een aangeboren hartafwijking vallen onder deze zorg, bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking indien het gaat om de hoogcomplexe interventies. Het is aan de beroepsgroep om te bepalen wanneer sprake is van een hoogcomplexe interventie.
### **3. De voorschriften waaraan centra moeten voldoen**
Zoals hierboven besproken, streef ik naar centra waar hartchirurgie, ritmechirurgie en catheterablaties in samenhang worden aangeboden. Uitbreiding van het aantal centra voor hartchirurgie ligt op dit moment niet in de rede. Voor de twee hartchirurgische centra die momenteel niet volledig zelfstandig werken, geldt dat het ene een zelfstandige vergunning kan verkrijgen en dat in de vergunning van het andere centrum de samenwerkingsverplichting zal worden geschrapt, een en ander indien zij aan de eisen voldoen. Voor ritmechirurgie en catheterablaties is een beperkte uitbreiding mogelijk binnen de hartchirurgische centra. De centra moeten voor bovengenoemde aanpassingen van hun vergunning uiteraard wel aantoonbaar voldoen aan de geldende kwaliteitseisen. Ik beschouw de kwaliteitseisen voor hartchirurgie, ritmechirurgie en catheterablaties zoals die zijn genoemd in het advies van de Gezondheidsraad als de standaard.
Daarom is het van belang dat deze zorg geconcentreerd is bij een beperkt aantal gespecialiseerde centra, zodat er een goede balans ontstaat tussen de kwaliteit, continuïteit en toegankelijkheid van zorg. Op dit moment zijn er vier centra op vijf locaties voor interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking. De discussie over concentratie van deze interventies kent een lange geschiedenis en er zijn vele adviezen en rapporten hierover geschreven (voor een opsomming wordt verwezen naar de brief aan de Tweede Kamer van 13 februari 2023, Kamerstukken II 31 765, nr. 707, voetnoot 2). Uit die adviezen en rapporten volgt dat er een noodzaak tot (een vorm van) concentratie is omdat er knelpunten met betrekking tot de kwaliteit en continuïteit van de zorg in de nabije toekomst zijn en concentratie een cruciale stap is om de kwaliteit van deze zorg te verbeteren en het risico op vermijdbare sterfgevallen te verminderen. Om tot een structurele en robuuste oplossing te komen, wordt concentratie op twee locaties noodzakelijk geacht. Voor de redenen daartoe wordt verwezen naar de geconsolideerde versie van het voorgenomen besluit, dat als bijlage is gevoegd bij de hiervoor genoemde brief aan de Tweede Kamer van 13 februari 2023. Deze redenen zijn onverkort ook ten grondslag gelegd aan het definitieve besluit. Op basis van zes aspecten, uiteengezet in voornoemd voorgenomen besluit, is afgewogen welke twee van de huidige interventiecentra op het tijdstip van besluitvorming de beste uitgangspositie hebben om de functie van interventiecentrum voor de toekomst te vervullen. Op basis van die afweging kom ik tot het besluit om, met inachtneming van een transitieproces, de interventies te concentreren op de locatie van het Erasmus MC en het UMC Groningen, omdat de combinatie van deze twee locaties leidt tot de meest evenwichtige en optimale toegankelijkheid en bereikbaarheid van zorg voor patiënten met een aangeboren hartafwijkingen in Nederland.
## Bijlage 2
@@ -111,3 +111,37 @@
4. Verklaringen, afspraken, standpunten als aangegeven in het Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008.
Deze regeling zal met de bijbehorende bijlagen en toelichting worden geplaatst in de Staatscourant.
### **3. De voorschriften waaraan centra moeten voldoen**
Zoals hierboven besproken, streef ik naar centra waar hartchirurgie, ritmechirurgie en catheterablaties in samenhang worden aangeboden. Uitbreiding van het aantal centra voor hartchirurgie ligt op dit moment niet in de rede. Voor de twee hartchirurgische centra die momenteel niet volledig zelfstandig werken, geldt dat het ene een zelfstandige vergunning kan verkrijgen en dat in de vergunning van het andere centrum de samenwerkingsverplichting zal worden geschrapt, een en ander indien zij aan de eisen voldoen. Voor ritmechirurgie en catheterablaties is een beperkte uitbreiding mogelijk binnen de hartchirurgische centra. De centra moeten voor bovengenoemde aanpassingen van hun vergunning uiteraard wel aantoonbaar voldoen aan de geldende kwaliteitseisen. Ik beschouw de kwaliteitseisen voor hartchirurgie, ritmechirurgie en catheterablaties zoals die zijn genoemd in het advies van de Gezondheidsraad als de standaard.
In het advies van de Gezondheidsraad wordt geconstateerd dat de ontwikkeling van het kwaliteitssysteem, op basis van de gestelde eisen, voor zowel de hartchirurgie als ritmechirurgie nog niet voltooid is. Ik hecht hier veel waarde aan en wil benadrukken dat de WBMV-status een transparant kwaliteitssysteem vanuit de beroepsgroep niet overbodig maakt. Ik zal daarom de betrokken beroepsgroepen aanzetten tot de ontwikkeling van een volledig en transparant kwaliteitssysteem. De registratie van de uitgevoerde verrichtingen en van de uitkomsten vormt hiervan een onderdeel. De centra moeten jaarlijks hun resultaten openbaar maken. Waar mogelijk dient hierbij te worden aangesloten bij internationale databanken en prestatie-indicatoren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd.
Zie voor de voorschriften waar aanbieders van PCI’s, van het implanteren van ICD’s en van het verrichten van transcatheter hartklepinterventies aan moeten voldoen, het Planningsbesluit PCI’s, ICD’s en THI’s.
Het verrichten van interventies bij kinderen met een aangeboren hartafwijking en hoogcomplexe interventies bij volwassenen met een aangeboren hartafwijking is – zoals hiervoor is bepaald – uitsluitend voorbehouden aan de instelling die in het bezit is van een vergunning als bedoeld in [artikel 2 Wbmv](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008974&artikel=2) en ten aanzien van wie uitdrukkelijk is bepaald dat die vergunning mede strekt tot het verrichten van de betreffende interventies. Aan de bevoegdheid om deze interventies te verrichten worden in ieder geval de volgende voorschriften verbonden:
De in deze paragraaf gestelde voorschriften gelden voor zowel de huidige als eventuele nieuwe vergunninghouders. Waar nodig zal ik aan de huidige vergunningen alsnog een voorschrift verbinden, gericht op het voldoen aan deze aangescherpte eisen. Periodiek zal door de Inspectie gezondheidszorg en jeugd worden getoetst of centra nog voldoen aan de vergunningvoorschriften.
## Bijlage 2
Gegevens te verstrekken door instelling bij een aanvraag om een vergunning voor het uitvoeren of doen uitvoeren van bijzondere interventies aan het hart, in aanvulling op de [Regeling vergunningprocedure bijzondere medische verrichtingen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009846), zijn omschreven in bijlage 2.
1. Algemene gegevens van de aanvrager:
- a. Naam van de rechtspersoon, en
- b. Adres.
2. Aangeven in hoeverre en op welke wijze voldaan wordt aan het gestelde in [Bijlage I bij het Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008447&bijlage=1). Het betreft hier ondermeer de inbedding van de zorg, de implementatie van de professionele kwaliteitseisen, inclusief personele en infrastructurele eisen, indicatiestelling, uitkomsten, doorverwijzing en achtervang.
3. Onderbouwde prognose over het lopende kalenderjaar en de komende vier jaar daarna:
- a. Het jaarlijkse aantal patiënten dat een ingreep zal ondergaan, alsmede het aantal heringrepen;
- b. De wijze waarop binnen drie jaar de minimale aantallen zoals gesteld in (internationale) richtlijnen voor de ingrepen behaald worden.
4. Verklaringen, afspraken, standpunten als aangegeven in het Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008.
Deze regeling zal met de bijbehorende bijlagen en toelichting worden geplaatst in de Staatscourant.
2018-08-01
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008
2012-10-13
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008
2009-12-06
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008 — arts. 2, 3
2008-05-07
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008 — arts. 1, 2
2008-05-07
Planningsbesluit bijzondere interventies aan het hart 2008 — versión
original version
Tekst op deze datum