Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van 7 mei 2013, nr. 382047, directoraat-generaal Politie, programma Arbeidsvoorwaarden in verband met de vaststelling van het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie (Regeling vaststelling LFNP)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-04-18
State In force
Source BWB
artikelen 10
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
Vakgebied Werkterrein Aandachtsgebied Specifieke functionaliteit
Vakgebieden: een clustering van in essentie gelijkgerichte activiteiten, resultaten en beoogde effecten op basis van voor dat vakgebied geldende processen. Werkterreinen: een verbijzondering van het vakgebied, waarvoor een specifieke inzet en inbreng geldt. Voor deze inzet kunnen nadere opleidings- en certificeringeisen worden gesteld. Aandachtsgebieden: een verbijzondering van een werkterrein, dat wordt gekenmerkt door een grote verscheidenheid aan onderwerpen, waarvoor een specifieke inzet en inbreng geldt. Voor deze inzet kunnen nadere opleidings- en certificeringeisen worden gesteld. Specifieke functionaliteiten: een verbijzondering van een vakgebied door – direct in operationeel verband toe te passen – vereiste expliciete specialistische inzet en inbreng door gebruikmaking van specifieke (hulp)middelen en/of geweldsmiddelen waarbij uitgesproken specialistische vaardigheden en deskundigheid aan de orde is.
1. Leiding Geen Geen Geen
2. Beveiliging Geen Geen Geen
3. GGP Wijkagent (vanaf Generalist): Het werkterrein Wijkagent concentreert zich op het participeren, opbouwen en/of onderhouden van contacten met burgers, bedrijven en instellingen (netwerken) en het participeren in de aanpak met ketenpartners van veiligheidsproblematiek en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. criminaliteit binnen de wijk. Geen Geen
3. GGP Hondengeleiding (vanaf Generalist): Het werkterrein Hondengeleiding concentreert zich op alle operationele politietaken waarbij de combinatie mens/surveillancehond als doeltreffend middel wordt gezien. Met name ten aanzien van het nemen van regulerende en stabiliserende maatregelen bij (dreigende) openbare orde verstoringen en geweldsincidenten. Zij participeren aanvullende netwerken rond het dierenwelzijn (dierenartsen, belangenverenigingen). Geen Geen
3. GGP Doelgroepen (policing of communities)(vanaf Generalist): Het werkterrein Doelgroepen concentreert zich op aandacht voor specifieke doelgroepen in relatie tot overlast en de aanpak daarvan en/of heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. criminaliteit binnen dit kader. Geen Geen
3. GGP Jeugd (vanaf Generalist): Het werkterrein Jeugd concentreert zich op aandacht voor de jeugd in relatie tot overlast en de aanpak daarvan en/of heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. jeugdcriminaliteit. Geen Geen
3. GGP Milieu (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Milieu concentreert zich op de aan het milieu en de natuur gelieerde wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van milieu. Geen Geen
Dierenwelzijn (animal cops) (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Dierenwelzijn concentreert zich op de aan het dierenwelzijn gelieerde wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van dieren(welzijn). Geen Geen
Gevaarlijke stoffen (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Gevaarlijke stoffen concentreert zich op de aan de gevaarlijke stoffen gelieerde wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van gevaarlijke stoffen. Geen Geen
Spoor (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Spoor concentreert zich op de aan het spoorverkeer gelieerde wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van vervoer per spoor (stations, in treinen en langs het spoor). Geen Geen
Verkeer (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Verkeer concentreert zich op de aan het landverkeer gelieerde wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van verkeer en vervoer. Geen Geen
Vreemdelingen (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Vreemdelingen concentreert zich op de Vreemdelingenwet en daaraan gelieerde wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van vreemdelingen. Geen Geen
Beredenen (vanaf Generalist): Het werkterrein Beredenen concentreert zich op alle operationele politietaken waarbij de combinatie mens/paard als doeltreffend middel wordt gezien. Met name ten aanzien van het nemen van regulerende en stabiliserende maatregelen bij (dreigende) openbare orde verstoringen en geweldsincidenten. Zij participeren in aanvullende netwerken rond het dierenwelzijn (dierenartsen, belangenverenigingen). Geen Geen
Nautisch (Assistent B en vanaf Generalist): Het werkterrein Nautisch concentreert zich op de aan het water- en scheepvaartverkeer gelieerde nautische wet- en regelgeving en heeft aandacht voor en signaleert t.a.v. strafbare feiten en criminaliteit op het gebied van water- en scheepvaartverkeer. Geen Geen
Luchtwaarneming (vanaf Generalist): Het werkterrein Luchtwaarneming concentreert zich op alle operationele politietaken waarbij uitvoering van deze werkzaamheden, vooral door middel van waarneming, het meest doeltreffend worden verricht vanuit een luchtvaartuig. Geen Geen
4. Informantenrunners Geen Geen Geen
5. Intelligence Geen Geen Geen
6. Interventie Geen Geen Scherpschutter Precisieschutter Specialist Explosieven Platforminstructeur Persluchtduiker Onderhandelaar bij gijzeling en kaping
7. Meldkamer Geen Geen Geen
8. Observatie Geen Geen Plaatser Afschermer Veldwerker Peiler
9. Tactische Opsporing Digitale Expertise (vanaf Generalist): Het werkterrein Digitaal concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten in de digitale wereld (Wet computercriminaliteit) en middels opsporing van klassieke criminaliteit (Wetboek van Strafrecht), waarbij gebruik wordt gemaakt van ICT-middelen. Daarnaast richt dit werkterrein zich op de gebruiksmogelijkheden van ICT-middelen bij het opsporen van strafbare feiten (opsporingsmiddelen) Geen Geen
Financieel Economisch (vanaf Generalist): Het werkterrein Financieel Economisch concentreert zich op de financieel economische aspecten binnen een (strafrechtelijk) onderzoek, zoals bijvoorbeeld ontnemen en witwassen. Dit vraagt een voortdurende participatie in netwerken met andere, veelal specialistische partners op financieel economisch gebied. Geen Geen
Jeugd (vanaf Generalist): Het werkterrein Jeugd concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten waarvan de personen waartegen het strafbare feit is gericht danwel die als verdachte(n) (kunnen) worden aangemerkt of als betrokkene(n), vallen onder de term ‘jeugdige personen’ uit het wetboek van Strafrecht. Geen Geen
Zeden (vanaf Generalist): Het werkterrein Zeden concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten, zoals genoemd in Boek II, titel XIV van het wetboek van Strafrecht. Het werkterrein kenmerkt zich in die zin, dat er nagenoeg altijd sprake is van een grote inbreuk op zowel de persoonlijke als de lichamelijke integriteit. Veelal is er sprake van een moeilijke bewijspositie. Geen Geen
Milieu (vanaf Generalist): Het werkterrein Milieu concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten van de aan het milieu en de natuur gelieerde wet- en regelgeving. Geen Geen
Verdovende middelen (vanaf Generalist): Het werkterrein Verdovende middelen concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten van de Opiumwet en de daaraan gelieerde wet- en regelgeving. Vanuit dit werkterrein wordt – waar relevant – informatie verstrekt tbv de aanpak van andere vormen van (zware) criminaliteit zoals terrorisme, wapenhandel, mensenhandel- en mensensmokkel. Geen Geen
Vreemdelingen (vanaf Generalist): Het werkterrein Vreemdelingen concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten van de Vreemdelingenwet en de daaraan gelieerde wet- en regelgeving. Vanuit dit werkterrein wordt – waar relevant – informatie verstrekt tbv de aanpak van andere vormen van (zware) criminaliteit zoals terrorisme, wapenhandel, mensenhandel- en mensensmokkel. Geen Geen
Nautisch (vanaf Generalist): Het werkterrein Nautisch concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten van de aan het water- en scheepvaartverkeer gelieerde nautische wet- en regelgeving. Tevens behoort tot dit werkterrein participatie in strafrechtelijke onderzoeken aan boord van Nederlandse zeeschepen waar ook ter wereld en schepen en/of platforms op het continentaal plat van de Noordzee. Geen Geen
Infrastructuur (vanaf Generalist): Het werkterrein Infrastructuur concentreert zich op onderzoek naar de oorzaak en toedracht van ernstige (verkeers)ongevallen. Dit zijn ongevallen met zwaar lichamelijk letsel en/of dodelijke afloop dan wel met een (grote) maatschappelijke impact. Tevens concentreert het werkterrein Infrastructuur zich op de opsporing van strafbare feiten van aan infrastructuur gelieerde wet- en regelgeving samenhangend met nodaal georiënteerd werken op de fysieke infrastructuur. Geen Geen
Veiligheid & Integriteit (vanaf Generalist): Het werkterrein Veiligheid & Integriteit richt zich op opsporing van strafbare feiten in relatie tot de (interne) veiligheid, integriteit en betrouwbaarheid van een korps/korpsonderdeel en haar medewerkers en de daaraan gelieerde wet- en regelgeving. Geen Geen
10. Forensische Opsporing Verkeersongevallenanalyse (vanaf Generalist): Het werkterrein Verkeersongevallenanalyse (weg, spoor, lucht en water) concentreert zich op onderzoek naar de oorzaak en toedracht van ernstige (verkeers)ongevallen. Dit zijn ongevallen met zwaar lichamelijk letsel en/of dodelijke afloop danwel met een (grote) maatschappelijke impact. Geen Geen
10. Forensische Opsporing Speurhondengeleiding (vanaf Generalist): Het werkterrein Speurhondengeleiding concentreert zich op alle forensische opsporingswerkzaamheden waarbij de combinatie mens/speurhond als doeltreffend middel wordt gezien bij het zoeken naar personen en/of goederen, geuridentificatie evenals bijzondere inzetten. Geen Geen
Brand oorzaakanalyse (vanaf Generalist): Het werkterrein Brandoorzaakanalyse concentreert zich op onderzoek naar de oorzaak en toedracht van branden. Dit zijn branden met als gevolg zwaar lichamelijk letsel en/of dodelijke afloop danwel met een (grote) maatschappelijke impact. Geen Geen
DNA (vanaf Generalist): Het werkterrein DNA concentreert zich op alle forensische opsporingsonderzoeken waarbij DNA evident is voor het vanuit het onderzoek (kunnen) trekken van conclusies. Geen Geen
Falsificatie (vanaf Generalist): Het werkterrein Falsificatie concentreert zich op alle forensische opsporingsonderzoeken waarbij herkenning van vervalsing evident is voor het vanuit het onderzoek (kunnen) trekken van conclusies. Geen Geen
Wapens-en munitie (vanaf Generalist): Het werkterrein Wapens-en munitie concentreert zich op alle forensische opsporingsonderzoeken waarbij de soort en herkomst van wapens-en munitie evident is voor het vanuit het onderzoek (kunnen) trekken van conclusies. Geen Geen
Verdovende middelen (vanaf Generalist): Het werkterrein Verdovende middelen concentreert zich op alle forensische opsporingsonderzoeken waarbij de soort en herkomst van Verdovende middelen evident is voor het vanuit het onderzoek (kunnen) trekken van conclusies. Geen Geen
11. Luchtvaart Geen Geen Geen
12. Intake & Service Geen Geen Geen
13. Operationele Begeleiding Gewelds- en Gevaarsbeheersing: Het werkterrein Gewelds- en Gevaarsbeheersing concentreert zich op het steeds vakbekwaam (kennis en vaardigheden) houden van de politiemedewerkers, om onder alle omstandigheden moedig, kundig en vaardig te kunnen optreden. Gewelds- en Gevaarsbeheersing richt zich op het omgaan met verbaal en non-verbaal gedrag, het hanteren van geweldsmiddelen, het plegen van interventies en het verbeteren van actie-intelligentie. De veiligheid van de politiemedewerker én die van de samenleving staat hierbij centraal. Geen Geen
Rijvaardigheid & Rijveiligheid: Het werkterrein Rijvaardigheid & Rijveiligheid concentreert zich op de vaardigheid en kennis die nodig is voor het besturen van voertuig(en), die in gebruik zijn bij de politie. Tevens richt dit werkterrein zich op de vaardigheid en kennis van het veilig gebruik van deze voertuig(en), het interactief participeren in en anticiperen op de (rij)omgeving, waarbij vertrouwenwekkend politieoptreden de basis is. De veiligheid van de politiemedewerker én die van de samenleving staat hierbij centraal. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Financieel Economisch: Het werkterrein Financieel Economisch concentreert zich op genereren van recherchetactische informatie, bewijsmateriaal of een ingang tot bewijsmateriaal, het vaststellen van de omvang van het wederrechtelijk verkregen vermogen, het traceren van vermogensbestanddelen van criminele en/of criminele organisaties en het ontnemen van wederrechtelijk verkregen voordeel. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Digitale Expertise: Het werkterrein Digitale Expertise concentreert zich op genereren van recherchetactische informatie, bewijsmateriaal of een ingang tot bewijsmateriaal uit informatiedragers, zoals computers en mobiele telefoons. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Recherchepsychologie: De inzet van recherchepsychologen concentreert zich op het inbrengen en toepasbaar maken van specialistische gedragswetenschappelijke kennis en methodieken ten behoeve van de opsporing en de openbare orde en veiligheid door middel van het duiden en/of beïnvloeden van gedrag van mensen. Het inzien van strafdossiers en het opstellen van adviezen ten behoeve van de opsporing behoort tot de werkzaamheden binnen dit werkterrein. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Milieu: Het werkterrein Milieu concentreert zich op het genereren van (recherchetactische) informatie, bewijsmateriaal of een ingang tot bewijsmateriaal, het traceren en vaststellen van de omvang van het milieudelict, een en ander in verband met de opsporing van strafbare feiten van de aan het milieu en de natuur gelieerde wet- en regelgeving. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Seksuele Misdrijven: Het werkterrein Seksuele Misdrijven concentreert zich op de opsporing van strafbare feiten (inclusief online) zoals genoemd in Boek II titel XIV, Misdrijven tegen de zeden van het wetboek van Strafrecht en het begeleiden van de betrokkenen naar een passende opvolging die bijdraagt aan het handhaven van de (rechts)orde, veiligheid en herstel. Het werkterrein kenmerkt zich in die zin, dat er nagenoeg altijd sprake is van een inbreuk op zowel de persoonlijke als lichamelijke integriteit. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Maatschappij en Recht: Het werkterrein Maatschappij en Recht concentreert zich op de toepassing van maatschappelijke en juridische expertise en methodische vaardigheden in de opsporingspraktijk. Het opstellen van adviezen ten behoeve van de opsporing evenals het toetsen of een bepaalde opsporingsmethode kan worden toegepast (bevoegdheid, wet- en regelgeving) behoort tot de werkzaamheden binnen dit werkterrein. Specialismen waaraan kan worden gedacht zijn: culturele antropologie, sociologie, geschiedenis, bedrijfs- en bestuurskunde, (internationaal) recht, politicologie, criminologie, dossiervorming en (gedrags-)psychologie. Geen Geen
14. Operationeel Specialismen Bijzondere opsporingsmethoden en -technieken: Het werkterrein bijzondere Opsporingsmethoden en -technieken concentreert zich op de ontwikkeling en toepassing van – alsmede de uitvoering voorzien van en support geven over – hoogwaardige technische en digitale opsporingsmiddelen, werkprocessen en apparatuur, waarvoor een specifieke kennis en expertise noodzakelijk is. Hierbij valt te denken aan technisch en digitaal expertise/specialismen als werktuigbouw en (fijn) mechanica, installatie- en elektrotechniek, hoogfrequent techniek, telecom, radio, video, computer, alsook technisch hoogwaardig en innovatieve expertise/specialismen (augmented en virtual reality, interceptie, sensing). Geen Geen
14. Operationeel Specialismen De functies uit het vakgebied Operationeel Specialismen zijn inzetbaar op alle vakgebieden binnen het Domein Uitvoering en daarmee op de aan de respectievelijke vakgebieden verbonden werkterreinen. Geen Geen
15. Bedrijfsvoeringspecialismen / 16. Gespecialiseerde ondersteuning Personeel & Organisatie (P&O): Het werkterrein P&O richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend laten functioneren van de medewerkers daarin. Het werkterrein P&O geeft uitvoering aan de werkgeversvisie, stimuleert goed werkgeverschap en bevordert de motivatie van medewerkers door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden P&O beleid, koers en strategie. • Rechtspositie • Arbeidsvoorwaarden • Personeelsontwikkeling • Opleidingen • Organisatieontwikkeling • Formatiebeheer • Personeelsplanning • Personeelszorg • Werving • Selectie • Mobiliteit • Arbeidsomstandigheden • Verzuim • Personeelsadministratie • Juridisch advies Geen
Personeel & Organisatie (P&O): Het werkterrein P&O richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend laten functioneren van de medewerkers daarin. Het werkterrein P&O geeft uitvoering aan de werkgeversvisie, stimuleert goed werkgeverschap en bevordert de motivatie van medewerkers door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden P&O beleid, koers en strategie. • Rechtspositie • Arbeidsvoorwaarden • Personeelsontwikkeling • Opleidingen • Organisatieontwikkeling • Formatiebeheer • Personeelsplanning • Personeelszorg • Werving • Selectie • Mobiliteit • Arbeidsomstandigheden • Verzuim • Personeelsadministratie • Juridisch advies Geen
Financiën: Het werkterrein Financiën richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend sturen op het al dan niet beschikbaar stellen van financieel economische middelen daarvoor. Het werkterrein Financiën geeft uitvoering aan de financieel economische visie, stimuleert adequate financiële verantwoording en bevordert de toepassing van financieel economische prognoses door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden Financieel beleid, koers en strategie. • Begroten • Budgetteren • Administratieve organisatie • Interne controle • Crediteuren • Debiteuren • Externe verantwoording • Facturatie • Grootboek • Liquiditeitsbeheer • Salarisadministratie • Financiële administratie • Projectadministratie • Juridisch advies Geen
Facilitair: Het werkterrein Facilitair richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering,vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend faciliteren door het bieden van (ondersteunende) voorzieningen. Het werkterrein Facilitair geeft uitvoering aan de facilitaire visie, stimuleert verantwoord gebruik van voorzieningen en bevordert snelle beschikbaarheid van huisvesting, services en middelen door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden Facilitair beleid, koers en strategie. • Huisvesting • Materiële activa (voertuigen, vaartuigen, luchtvaartuigen) • (fysieke) Beveiliging • (inkoop) Contracten • Schade- en risicomanagement • Facilitaire administratie • Juridisch advies Geen
Communicatie: Het werkterrein Communicatie richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend communiceren van bedrijfsinformatie aan belanghebbenden, zowel interne als externe. Het werkterrein Communicatie geeft uitvoering aan de communicatie visie, stimuleert eenduidig gebruik van communicatieprotocol en bevordert de correcte toepassing van huisstijl door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden Communicatie beleid, koers en strategie. • Interne communicatie • Public relations • Publieksvoorlichting • Marketingcommunicatie • Arbeidsmarkt communicatie • Handhavingcommunicatie • Media communicatie Geen
Informatie & Communicatietechnologie: Het werkterrein Informatie & Communicatietechnologie richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend laten functioneren van informatie- en communicatietechnologische middelen en toepassingen. Het werkterrein Informatie- & Communicatietechnologie geeft uitvoering aan de visie op ICT, stimuleert verantwoord gebruik van ICT-middelen en -toepassingen, en bevordert snelle, gedegen service bij defecten aan deze middelen en/of toepassingen door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden Informatie- & Communicatietechnologie beleid, koers en strategie. • Applicatie-ontwikkeling • Architectuur • Beveiliging • Functioneel beheer • Gegevens-management • Informatieanalyse • Infrastructuur ontwikkeling • Kwaliteit • Netwerken • Proces-management (ITIL) • Product-management • Risk management • Systemen • Testen Geen
Control: Het werkterrein Control concentreert zich op de toetsing van een effectieve en efficiënte inzet van mensen en middelen ten opzichte van de gestelde doelen (prestatie versus norm). Concentreert zich tevens op de toetsing van toepassing van het vastgestelde organisatiebeleid en op de tijdige levering van en inhoudelijke kwaliteit van management informatievoorziening. Geen Geen
Veiligheid & Integriteit: Het werkterrein Veiligheid & Integriteit richt zich op de (interne) veiligheid, integriteit en betrouwbaarheid van een korps/korpsonderdeel en haar medewerkers. Geen Geen
Diversiteit: Het werkterrein Diversiteit richt zich op alle aspecten waarop mensen van elkaar verschillen; zowel zichtbaar als onzichtbaar. Diversiteit vraagt om een integrale benadering van diversiteit, integriteit en omgangsvormen. De interne doelstelling van diversiteit is bijdragen aan het optimaal en duurzaam benutten van alle medewerkers, rekening houdend met al hun verschillen én overeenkomsten. De externe doelstelling van diversiteit is bijdragen aan een professionele politie in een complexe pluriforme samenleving. Geen Geen
Omgangsvormen en sociale veiligheid: Het werkterrein omgangsvormen en sociale veiligheid richt zich op de aanpak en het voorkomen van ongewenste omgangsvormen op het werk, met als doel het verkrijgen van een veilige werkomgeving voor elke medewerker. Daarbij is de integrale aanpak met diversiteit, multicultureel vakmanschap en integriteit van cruciaal van belang om zo te werken aan het bouwen van een meer inclusieve cultuur bij de Nederlandse politie. Geen Geen
Auditing: Het werkterrein Auditing richt zich op kwaliteitsbewaking en kwaliteitsbevordering binnen de organisatie overeenkomstig een vastgesteld systeem/model. • IT-auditing • Operational-auditing • Financial-auditing Geen
Onderwijs: Het werkterrein Onderwijs richt zich op, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend ontwikkelen van de kennis- en vaardigheid van medewerkers. Het werkterrein Onderwijs geeft uitvoering aan de visie op Onderwijs, stimuleert goed passend onderwijsaanbod en bevordert de motivatie van medewerkers door de ontwikkeling en uitvoering van op de organisatievereisten toegesneden Onderwijs beleid, koers en strategie. Geen Geen
Recruiting: Het werkterrein Recruiting richt zich op het rekruteren van aspiranten voor initiële opleiding. Geen Geen
16. Gespecialiseerde ondersteuning Planning: Het werkterrein Planning richt zich op de totstandkoming van een (rooster)planning ten behoeve van mensen en middelen, het (administratief) beheer daarvan evenals de organisatie en beheer van de informatievoorziening over dit werkterrein. Geen Geen
16. Gespecialiseerde ondersteuning Projectondersteuning: Het werkterrein Projectondersteuning richt zich op alle ondersteunende werkzaamheden ten behoeve van projecten en programma’s zodat deze een zo effectief en efficiënt mogelijk verloop hebben. Geen Geen
Logistiek: Het werkterrein Logistiek richt zich op die voorbereidingen en handelingen die nodig zijn om de organisatie, en eventuele andere partners, zo goed mogelijk uit te rusten. Hiertoe behoren zonodig ook de ontwikkeling, implementatie en waar nodig het onderhoud hiervan. Geen Geen
Rollenspeler: Het werkterrein Rollenspeler richt zich binnen het onderwijs en/of selectie op het spelen van gesprekssituaties tijdens oefeningen en/of praktijksimulaties. Geen Geen
17. Administratie en secretariaat Geen Geen Geen
18. Zeevaart Geen Geen Geen
19. Techniek Voertuigen: Het werkterrein Voertuigen richt zich op de veilige staat en het technisch inzetbaar houden van voertuigen. Geen Geen
19. Techniek Vaartuigen: Het werkterrein Vaartuigen richt zich op de veilige staat en het technisch inzetbaar houden van vaartuigen. Geen Geen
Luchtvaartuigen: Het werkterrein Luchtvaartuigen richt zich op de veilige staat en het technisch inzetbaar houden van luchtvaartuigen. Geen Geen
Informatie & Communicatietechnologie: Het werkterrein Informatie & Communicatietechnologie richt zich, als onderdeel van de bedrijfsvoering, vanuit zowel praktijkinzet als beleidsinzet, op het bevorderen van een effectieve en efficiënte organisatie en het doelmatig en doeltreffend laten functioneren van informatie- en communicatietechnologische middelen en toepassingen. • Applicatiebeheer • Databasebeheer • Floormanagement • Gebruikers-ondersteuning (service support) • Netwerkbeheer • Servicedesk • Systeembeheer Geen
Wapentechniek: Het werkterrein Wapentechniek richt zich op de werkzaamheden ten aanzien van inspectie, reparatie en modificatie van vuurwapens, tactische- en veiligheidsvesten in gebruik bij de Nederlandse Politie en overige klanten. Geen Geen
20. Huisvesting, service en middelen Geen Geen Geen
21. Onderzoek en kennisontwikkeling Geen Geen Geen
22. Docenten Gewelds- en Gevaarsbeheersing: Het werkterrein Gewelds- en Gevaarsbeheersing concentreert zich op het steeds vakbekwaam (kennis en vaardigheden) houden van de politiemedewerkers, om onder alle omstandigheden moedig, kundig en vaardig te kunnen optreden. Gewelds- en Gevaarsbeheersing richt zich op het omgaan met verbaal en non-verbaal gedrag, het hanteren van geweldsmiddelen, het plegen van interventies en het verbeteren van actie-intelligentie. De veiligheid van de politiemedewerker én die van de samenleving staat hierbij centraal. Geen Geen
Gewelds- en Gevaarsbeheersing: Het werkterrein Gewelds- en Gevaarsbeheersing concentreert zich op het steeds vakbekwaam (kennis en vaardigheden) houden van de politiemedewerkers, om onder alle omstandigheden moedig, kundig en vaardig te kunnen optreden. Gewelds- en Gevaarsbeheersing richt zich op het omgaan met verbaal en non-verbaal gedrag, het hanteren van geweldsmiddelen, het plegen van interventies en het verbeteren van actie-intelligentie. De veiligheid van de politiemedewerker én die van de samenleving staat hierbij centraal. Geen Geen
Rijvaardigheid & Rijveiligheid: Het werkterrein Rijvaardigheid & Rijveiligheid concentreert zich op de vaardigheid en kennis die nodig is voor het besturen van voertuig(en), die in gebruik zijn bij de politie. Tevens richt dit werkterrein zich op de vaardigheid en kennis van het veilig gebruik van deze voertuig(en), het interactief participeren in en anticiperen op de (rij)omgeving, waarbij vertrouwenwekkend politieoptreden de basis is. De veiligheid van de politiemedewerker én die van de samenleving staat hierbij centraal. Geen Geen
Rijvaardigheid & Rijveiligheid: Het werkterrein Rijvaardigheid & Rijveiligheid concentreert zich op de vaardigheid en kennis die nodig is voor het besturen van voertuig(en), die in gebruik zijn bij de politie. Tevens richt dit werkterrein zich op de vaardigheid en kennis van het veilig gebruik van deze voertuig(en), het interactief participeren in en anticiperen op de (rij)omgeving, waarbij vertrouwenwekkend politieoptreden de basis is. De veiligheid van de politiemedewerker én die van de samenleving staat hierbij centraal. Geen Geen

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Docenten IBT geven met name uitvoering aan de processen in de takken Ondersteunen en Verbeteren RBP.

Deskundigheidsbevordering

Senior Intake & Service

Inzet en inbreng vanuit operationele begeleiding in de uitvoeringspraktijk

Plannen van aanpak

Het betrekken van praktijkvoorbeelden in de trainingen/begeleiding, zodat de theorie daar aangekoppeld juist toegepast en herkend wordt in de uitvoeringspraktijk en het (standaard én op de actualiteit toegesneden) lesmateriaal altijd actueel aansluit op de vakbekwaamheid en de leervraag van de politiemedewerker/team.

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met externe exposure.

Senior Forensische Opsporing

Kern van de functie

Verbetering informantenrunner

Werven van (burger)informanten

Senior Tactische Opsporing

Kern van de functie

Hoge Omschakelfrequentie

Activiteiten en resultaten

Leiding/gezagvoering

Actie-intelligentie

Senior Observatie

Kern van de functie

Plannen van aanpak

Hoge Omschakelfrequentie

Activiteiten en resultaten

Operationele sturing:

Operationele sturing:

Activiteiten en resultaten

Operationele sturing:

Activiteiten en resultaten

Plannen van aanpak

Examineren

Verbeteren

Docent IBT B

Kern van de functie

Leiding/gezagvoering

Activiteiten en resultaten

Operationele sturing:

Scheepsadministratie

Verbetering Scheepvaart

Analyse en advisering

Activiteiten en resultaten

Praktijkinzet(1):

Beleidsinzet(2):

Het organiseren en aansturen van de uitvoering van vastgestelde plannen van aanpak, zodat de uitvoering van intake & serviceactiviteiten efficiënt en effectief verloopt.

Operationeel Docentschap draagt bij aan de handhaving van de rechtsorde (criminaliteitsbestrijding) en van de openbare orde en aan veiligheid en leefbaarheid in de samenleving, door de kwaliteit van het operationele politieoptreden – via State-of-the-Art Politie-onderwijs – optimaal effectief en efficiënt te bevorderen door het in de Ongecontroleerde Leeromgeving met inbegrip van de Uitvoeringspraktijk, op toepassingsniveau en steeds in lijn met de actuele operationele vereisten (maatwerk) opleiden en examineren van studenten tot startbekwame, professioneel optredende politiemedewerkers die moeten presteren in de frontlinie van de samenleving in al zijn variëteit, verscheidenheid en complexiteit en relevante derden*1.

Activiteiten en resultaten

Advies

Analyse en advies operationele begeleiding

Begeleiding vakbekwaamheidsniveau

Kern van de functie

Blauw Vakmanschap

Aanwenden dwangmiddelen

Kern van de functie

Operationele sturing:

Operationele sturing:

Operationele sturing:

Activiteiten en resultaten

Bedrijfsvoeringspecialist B

Operationeel Specialist B

Doceren

Inbreng vanuit onderzoek binnen de bedrijfsvoering

Verbeteren

Ondersteuning Implementatie

Netwerken

Teamchef B

Realiseren

Doceren

Hij draagt bij aan een efficiënte en effectieve organisatie door eerder verkende problematiek vanuit onderzoek op benoemde onderwerpen op te lossen en/of producten & diensten te leveren door het kiezen van specialistische methoden en technieken en het kiezen uit bekende benaderingswijzen waarbij slechts oplossingsrichtingen bekend zijn. Het tussentijds moeten bijstellen van keuzes kan aan de orde zijn. Hij analyseert, monitoort en evalueert daartoe de voortgang en het effect van het wetenschappelijk onderzoek aan de hand van vastgestelde kwaliteits-/ duurzaamheidindicatoren, analyseert de oorzaak van afwijkingen en adviseert over bijsturing.

Beleidsinzet(2):

De Bedrijfsvoeringspecialist E initieert, bouwt, onderhoudt en regisseert netwerken (van ook externe bedrijfsvoeringspecialisten en in internationale samenstelling) met mogelijk tegenstrijdige belangen. Hij maakt uitvoeringsafspraken, stuurt op het maken van randvoorwaardelijke afspraken en stuurt op het nakomen hiervan. Hij bevordert de deskundigheid van collega’s door vanuit specialisatie kennis en vaardigheden over te dragen. Hij bevordert en beoordeelt als mentor de vakvolwassenheid van collega’s.

(2) Beleidsinzet:

Praktijkinzet(1):

Lector

Kern van de functie

Inbreng vanuit specialisatie binnen de bedrijfsvoering

Richtinggevende advisering terzake koers en strategie van de politie

Activiteiten en resultaten

Bedrijfsvoeringspecialist F

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

Het ontwikkelen van en richtinggevend adviseren over (bijsturing van) koers en strategie van de politie en de concretisering daarvan o.a. in scenario’s waarin zijn meegewogen:

zodat de politie vanuit haar functie binnen de samenleving kan anticiperen op veranderingen in de maatschappij.

Structureren

Realiseren

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

Bedrijfsvoeringspecialismen geeft met name uitvoering aan processen in de takken Ondersteunen & Verbeteren en aan de takken Besturen & Voorbereiden uit het RBP.

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

De Bedrijfsvoeringspecialist E initieert, bouwt, onderhoudt en regisseert netwerken (van ook externe bedrijfsvoeringspecialisten en in internationale samenstelling) met mogelijk tegenstrijdige belangen. Hij maakt uitvoeringsafspraken, stuurt op het maken van randvoorwaardelijke afspraken en stuurt op het nakomen hiervan. Hij bevordert de deskundigheid van collega’s door vanuit specialisatie kennis en vaardigheden over te dragen. Hij bevordert en beoordeelt als mentor de vakvolwassenheid van collega’s.

Binnen het vakgebied Bedrijfsvoeringspecialismen komt een aantal werkterreinen voor waarop stelselmatig wordt ingezet41Deze werkterreinen zijn formeel gedefinieerd en vastgesteld en opgenomen in de lijst ‘Werkterreinen LFNP’..

Operationeel Specialismen geeft met name uitvoering aan de processen in de takken Besturen, Voorbereiden, Uitvoeren, Ondersteunen en Verbeteren RBP.

(2) Beleidsinzet:

De Operationeel Specialist F initieert, bouwt, onderhoudt en regisseert netwerken (van ook externe operationeel specialisten en in internationale samenstelling) met mogelijk tegenstrijdige belangen. Hij maakt uitvoeringsafspraken, hij stuurt op het maken van randvoorwaardelijke afspraken en stuurt op het nakomen hiervan.

Hij bevordert de deskundigheid van collega’s door vanuit specialisatie kennis en vaardigheden over te dragen.

Operationeel Specialismen draagt bij aan de handhaving van de rechtsorde (criminaliteitsbestrijding) en van de openbare orde, en aan veiligheid en leefbaarheid in de samenleving, door ondersteuning van de uitvoeringspraktijk met oplossingen, en door beleidsontwikkeling en beleidsconcretisering vanuit specialisatie, door operationele aansturing van én door deelname aan de uitvoeringspraktijk (domein Uitvoering).

De praktijkinzet(1) vanuit operationeel specialismen kenmerkt zich door analyseren, adviseren, concretiseren, implementeren, monitoren/evalueren en borgen toepassing (beleid). Vanuit praktijkinzet komen producten en diensten tot stand uit analyse & combineren en het op basis daarvan trekken van conclusies, en nemen de vorm aan van informatie, adviezen, procedures, rapportages, protocollen, richtlijnen, (onderzoeks-)plannen, behandelplannen, jaarplannen, (psychologische) rapporten, (juridische) notities, oplossingen en oplossingsrichtingen waarop keuzes en prioriteiten in de uitvoeringspraktijk kunnen worden gebaseerd, etc., maar ook van (proces)begeleiding, coaching/training/uitleg/instructie.

De beleidsinzet(2) vanuit operationeel specialismen kenmerkt zich door monitoring op toepassing beleid, ontwikkeling van werkwijzen, methoden, technieken en instrumenten, van wet- en regelgeving alsmede van beleid, koers & strategie en de implementatie, evaluatie, bijstelling, duurzame beschikbaarheidstelling en borging daarvan.

Operationeel Specialismen geeft met name uitvoering aan de processen in de takken Besturen, Voorbereiden, Uitvoeren, Ondersteunen en Verbeteren RBP.

De Operationeel Specialist F treedt vanuit praktijkinzet en beleidsinzet op als projectleider en verricht operationele sturing.

Operationeel Specialist E

Kern van de functie

De Operationeel Specialist F bevordert en beoordeelt als mentor de vakvolwassenheid van collega’s.

Binnen het vakgebied Operationeel Specialismen komt een aantal werkterreinen voor waarop stelselmatig wordt ingezet.45Deze werkterreinen zijn formeel gedefinieerd en vastgesteld en opgenomen in de lijst ‘Werkterreinen LFNP’. Indien de medewerker is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak en enkel een krachtens artikel 2c, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, aangewezen politieopleiding heeft voltooid, wordt hij niet ingezet in situaties waarin sprake is van optreden in het publieke domein met herkenbaarheid en aanspreekbaarheid voor de burger op alle politietaken.

zodat de politie vanuit haar functie binnen de samenleving kan anticiperen op veranderingen in de maatschappij.

Het opstellen van besluitwaardige beleidsdocumenten waarin voorgenomen (bijsturing in) koers en strategie zijn geformuleerd, geconcretiseerd in scenario’s én vertaald in doelstellingen, prioriteiten, activiteiten en producten voor de uitvoeringspraktijk, en waarin het te verwachten organisatierendement voor de politie en de risico’s, consequenties en impact voor het / de betrokken korps / -eenheden / organisatieonderdelen zijn benoemd; het daarbij betrekken van couleur locale van het / de korps / -eenheden / politieorganisatieonderdelen indien dit relevant is, zodat gefundeerde besluitvorming kan plaatsvinden ten aanzien van concretisering volgend op (bijsturing van) koers en strategie van de politie.

Het − op basis van analyse van aangereikte veiligheidsproblematiek en vanuit de specialisatie − adviseren over oplossingsrichtingen en mogelijkheden in de aanpak, met inbegrip van de consequenties voor en de risico’s in de uitvoering van operationele politietaken, zodat de uitvoering van operationele politietaken en de aanpak van specifieke veiligheidsproblematiek efficiënt en effectief verloopt.

Het organiseren en aansturen van de uitvoering van vastgestelde plannen van aanpak waarin de specialisatie leidend is, zodat de uitvoering ervan efficiënt en effectief verloopt.

Dit houdt mede in:

Het coachen en overdragen van kennis en vaardigheden als mentor; het vanuit de praktijk formuleren van aanbevelingen voor en over de vakvolwassenheid, en het toetsen ervan, zodat de professionaliteit wordt bevorderd.

Het ontwikkelen van en richtinggevend adviseren over (bijsturing van) koers en strategie van de politie en de concretisering daarvan o.a. in scenario’s waarin zijn meegewogen:

Activiteiten en resultaten

Praktijkinzet(1):

Het regisseren van de totstandkoming van besluitwaardige beleidsdocumenten indien er meerdere betrokkenen en/of belanghebbenden zijn door het maken van uitvoeringsafspraken bij leiding en in netwerken, het sturen op randvoorwaardelijke afspraken en het sturen op nakoming ervan; het ondersteunen van de Bedrijfsvoeringspecialist F indien het zwaartepunt van de beleidsadvisering aan de kant van het domein Ondersteuning ligt, zodat de kwaliteit en duurzaamheid van de beleidsadvisering (koers en strategie) ten behoeve van integrale, organisatiebrede toepassing wordt geoptimaliseerd.

Het documenteren van eigen waarnemingen in feiten en omstandigheden, zodat actuele informatie beschikbaar is en een basis ontstaat voor opvolging en / of vervolging.

Het als specialist coachen en overdragen van kennis en vaardigheden. Het geven van trainingen en het signaleren van leermomenten, zodat de deskundigheid van de uitvoeringspraktijk wordt bevorderd.

Beleidsinzet(2):

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met externe exposure.

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

De Directeur46De opbouw van functies in het domein Leiding kent op dit moment 4 niveaus: Teamchef (A, B en C), Sectorhoofd, Directeur en Korpschef.De inrichting van nationale politie, hoewel daar in deze opbouw waar mogelijk al rekening mee is gehouden, kan tot wijzigingen leiden.Voor de leesbaarheid is gekozen voor de term ‘naasthogere leidinggevende’ te hanteren ipv Korpschef en de term ‘naastlagere leidinggevende’ voor Sectorhoofd of Teamchef A, B of C. draagt als autoriteit bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Hij beslist op en stelt − op basis van koers en strategie van het korps/ de politie− het beleid voor zijn directoraat47Een directoraat kan zijn:•een (landelijke) organisatie-eenheid: een groep van organisatieonderdelen ingezet op het gezamenlijk behalen van samenhangende effecten en resultaten zoals vastgesteld in het korps-bedrijfsvoeringplan.•een landelijk concernstafonderdeel: een centraal gepositioneerd organisatieonderdeel, ingezet op het behalen van samenhangende effecten en resultaten zoals vastgesteld in het bedrijfsvoeringplan van het betreffende concernstafonderdeel (P&O, Financieel, Facilitair, ICT etc.).De Directeur geeft in beide hoedanigheden direct leiding aan een collectief van medewerkers, waarbij moet worden gedacht aan naastlagere leidinggevende, en aan Bedrijfsvoeringspecialisten en/of Operationeel Specialisten.. Hij is verantwoordelijk voor het (door Operationeel en Bedrijfsvoeringspecialisten laten) vormen en concretiseren van (landelijk uniform) beleid, koers en strategie. Hij is de verbindende schakel tussen koers-, strategie- en beleidsvorming en effectuering ervan in de organisatieonderdelen (sectoren, teams) en is daartoe lid van de korpsdirectie. Hij draagt de resultaat- en financiële eindverantwoordelijkheid voor een (landelijke) organisatie-eenheid c.q. landelijk concernstafonderdeel. Hij geeft leiding aan een collectief van medewerkers waarvan het karakter van de werkzaamheden van leidinggevende, uitvoerende én beleidsvormende aard is. De Directeur is tevens proceseigenaar.

Het als specialist coachen en overdragen van kennis en vaardigheden. Het geven van trainingen en het signaleren van leermomenten, zodat de deskundigheid van de uitvoeringspraktijk wordt bevorderd.

Leiding draagt bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Leiding handelt in het perspectief van de politie als totaal.

Leiding stuurt op het bereiken van resultaten, bepaalt, beslist en (be)oordeelt aangaande koers en strategie, beleid, doelstellingen, kwaliteit en kwantiteit van producten & diensten, contracten en plannen van aanpak waaronder ten aanzien van werkwijzen, personeel, middelen en financiën en overige randvoorwaardelijke aspecten.

Leiding: motiveert, stimuleert en inspireert personeel en stuurt op de ontwikkeling van personeel; monitoort en beoordeelt de kwaliteit van geleverde prestaties/ producten en beslist op bijsturing en te nemen maatregelen; is resultaat- en financieel verantwoordelijk en verantwoordelijk voor het organisatierendement.

Leiding vertegenwoordigt de Politie.

Leiding geeft met name uitvoering aan processen in de tak Besturen uit het RBP.

Hoge Omschakelfrequentie

Activiteiten en resultaten

Onderzoek & Kennisontwikkeling draagt bij aan een efficiënte en effectieve organisatie door zich te richten op het vermeerderen, ontwikkelen en beschikbaar stellen van praktisch (relevante politiekundige) kennis en door versterking van de verbinding tussen theorie, politiepraktijk en politieonderwijs.

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

De Lector draagt bij aan een efficiënte en effectieve organisatie door het (laten) doen van wetenschappelijk onderzoek, het zorg dragen voor de doorwerking van kennis verkregen uit deze onderzoeken, en op basis daarvan richtinggevend te adviseren over (bijsturing van) koers en strategie van de politie. Hij formuleert vanuit onderzoek aanbeveling – onder meer middels scenario’s – ten behoeve van beleid (koers & strategie) waarmee de organisatie anticipeert op de toekomstige functie van politie binnen de samenleving. De lector is verantwoordelijk voor het ontwikkelen, verder uitbouwen en het aansturen van het onderzoeksprogramma. Hij initieert en bouwt netwerken waarin ketenpartners, wetenschappelijk onderzoekers, docenten en studenten participeren ten behoeve van de daadwerkelijke uitvoering van het praktijkgericht onderzoek.

Realiseren

Samenwerken

Hoge Omschakelfrequentie

Onderzoek

Rolaanduiding

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

Korpschef

De Korpschef is voorzitter van de korpsdirectie. Hij is de verbindende schakel tussen korps en het bestuur. Hij representeert het bevoegd gezag en is verantwoordelijk voor het imago van de politie.

Leiding draagt bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Leiding handelt in het perspectief van de politie als totaal.

Leiding en sturing

Leiding: motiveert, stimuleert en inspireert personeel en stuurt op de ontwikkeling van personeel; monitoort en beoordeelt de kwaliteit van geleverde prestaties/ producten en beslist op bijsturing en te nemen maatregelen; is resultaat- en financieel verantwoordelijk en verantwoordelijk voor het organisatierendement.

Structureren

Realiseren

Samenwerken

Hoge Omschakelfrequentie

Activiteiten en resultaten

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

Organiseren

Structureren

Bedrijfsvoeringspecialismen draagt bij aan een efficiënte en effectieve organisatie door de bedrijfsvoering en de uitvoeringspraktijk vanuit specialisatie te ondersteunen en door zich pro-actief en reactief te richten op verbeteringen in de bedrijfsvoering.

De praktijkinzet (1) vanuit bedrijfsvoeringspecialismen kenmerkt zich door analyseren, adviseren, concretiseren, implementeren, monitoren/evalueren en borgen toepassing (beleid). Vanuit praktijkinzet komen producten en diensten tot stand uit analyse & combineren en het op basis daarvan trekken van conclusies, en nemen de vorm aan van informatie, adviezen, procedures, rapportages, protocollen, richtlijnen, (onderzoek-)plannen, behandelplannen, (financiële) jaarplannen, (psychologische) rapporten, (juridische) notities, oplossingen, etc., maar ook van (proces)begeleiding, coaching/training/uitleg/instructie.

De beleidsinzet (2) vanuit bedrijfsvoeringspecialismen kenmerkt zich door monitoring op toepassing beleid, ontwikkeling van werkwijzen, methoden, technieken en instrumenten, ontwikkeling van wet- en regelgeving alsmede van beleid, koers & strategie en de implementatie, evaluatie, bijstelling, duurzame beschikbaarstelling en borging daarvan.

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

De Bedrijfsvoeringspecialist F treedt vanuit praktijkinzet en beleidsinzet op als projectleider en verricht operationele sturing.

De Bedrijfsvoeringspecialist F initieert, bouwt, onderhoudt en regisseert netwerken (van ook externe bedrijfsvoeringspecialisten en in internationale samenstelling) met mogelijk tegenstrijdige belangen. Hij maakt uitvoeringsafspraken, stuurt op het maken van randvoorwaardelijke afspraken en stuurt op het nakomen hiervan. Hij bevordert de deskundigheid van collega’s door vanuit specialisatie kennis en vaardigheden over te dragen. Hij bevordert en toetst als mentor de vakvolwassenheid van collega’s.

Binnen het vakgebied Bedrijfsvoeringspecialismen komt een aantal werkterreinen voor waarop stelselmatig wordt ingezet.43Deze werkterreinen zijn formeel gedefinieerd en vastgesteld en opgenomen in de lijst ‘Werkterreinen LFNP’.

Activiteiten en resultaten

(1) Praktijkinzet:

Het organiseren en aansturen van de uitvoering van vastgestelde plannen van aanpak waarin de specialisatie leidend is, zodat de uitvoering ervan efficiënt en effectief verloopt.

Dit houdt mede in:

(2) Beleidsinzet:

Het ontwikkelen van en richtinggevend adviseren over (bijsturing van) koers en strategie van de politie en de concretisering daarvan o.a. in scenario’s waarin zijn meegewogen:

zodat de politie vanuit haar functie binnen de samenleving kan anticiperen op veranderingen in de maatschappij.

Het opstellen van besluitwaardige beleidsdocumenten waarin voorgenomen (bijsturing in) koers en strategie zijn geformuleerd, geconcretiseerd in scenario’s én vertaald in doelstellingen, prioriteiten, activiteiten en producten voor de bedrijfsvoering, en waarin het te verwachten organisatierendement voor de politie en de risico’s, consequenties en impact voor het /de betrokken korps/-eenheden/politieorganisatieonderdelen zijn benoemd; het daarbij betrekken van couleur locale van het/de korps/-eenheden/politieorganisatieonderdelen indien dit relevant is, zodat gefundeerde besluitvorming kan plaatsvinden ten aanzien van concretisering volgend op (bijsturing van) koers en strategie van de politie.

Het regisseren van de totstandkoming van besluitwaardige beleidsdocumenten indien er meerdere betrokkenen en/of belanghebbenden zijn door het maken van uitvoeringsafspraken bij leiding en in netwerken, het sturen op randvoorwaardelijke afspraken en het sturen op nakoming ervan; het ondersteunen van de Operationeel Specialist F indien het zwaartepunt van de beleidsadvisering aan de kant van het domein Uitvoering ligt, zodat de kwaliteit en duurzaamheid van de beleidsadvisering (koers en strategie) ten behoeve van integrale, organisatiebrede toepassing wordt geoptimaliseerd.

Het als specialist coachen en overdragen van kennis en vaardigheden. Het geven van trainingen en het signaleren van leermomenten, zodat de deskundigheid van de bedrijfsvoering wordt bevorderd.

Het coachen en overdragen van kennis en vaardigheden als mentor; het vanuit de praktijk formuleren van aanbevelingen voor en over de vakvolwassenheid, en het toetsen ervan, zodat de professionaliteit wordt bevorderd.

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

Sectorhoofd

Kern van de functie

Leiding draagt bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Leiding handelt in het perspectief van de politie als totaal.

Leiding stuurt op het bereiken van resultaten, bepaalt, beslist en (be)oordeelt aangaande koers en strategie, beleid, doelstellingen, kwaliteit en kwantiteit van producten & diensten, contracten en plannen van aanpak waaronder ten aanzien van werkwijzen, personeel, middelen en financiën en overige randvoorwaardelijke aspecten.

Leiding: motiveert, stimuleert en inspireert personeel en stuurt op de ontwikkeling van personeel; monitoort en beoordeelt de kwaliteit van geleverde prestaties/ producten en beslist op bijsturing en te nemen maatregelen; is resultaat- en financieel verantwoordelijk en verantwoordelijk voor het organisatierendement.

Leiding vertegenwoordigt de Politie.

Leiding geeft met name uitvoering aan processen in de tak Besturen uit het RBP.

Het Sectorhoofd draagt bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving, door het dragen van de resultaat- en budgetverantwoordelijkheid voor het behalen van door de naasthogere leidinggevende44De opbouw van functies in het domein Leiding kent op dit moment 4 niveaus: Teamchef (A, B en C), Sectorhoofd, Directeur en Korpschef.De inrichting van nationale politie, hoewel daar in deze opbouw waar mogelijk al rekening mee is gehouden, kan tot wijzigingen leiden.Voor de leesbaarheid is gekozen voor de term ‘naasthogere leidinggevende’ te hanteren i.p.v. Sectorhoofd, Directeur of Korpschef. vastgestelde resultaten in het − in afstemming met de naasthogere leidinggevende opgesteld − sector-bedrijfsvoeringplan. Hij geeft leiding aan een collectief van medewerkers waarvan het karakter van de werkzaamheden van leidinggevende, uitvoerende en beleidsondersteunende aard is. Hij is de verbindende schakel tussen Directie en Teams, tussen beleid en uitvoering, en visa versa.

Activiteiten en resultaten

Leiding en sturing

Organiseren

Structureren

Realiseren

Samenwerken

Hoge Omschakelfrequentie

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

Rolaanduiding

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

Operationeel Specialist F

Kern van de functie

Operationeel Specialismen draagt bij aan de handhaving van de rechtsorde (criminaliteitsbestrijding) en van de openbare orde, en aan veiligheid en leefbaarheid in de samenleving, door ondersteuning van de uitvoeringspraktijk met oplossingen, en door beleidsontwikkeling en beleidsconcretisering vanuit specialisatie, door operationele aansturing van én door deelname aan de uitvoeringspraktijk (domein Uitvoering).

De praktijkinzet(1) vanuit operationeel specialismen kenmerkt zich door analyseren, adviseren, concretiseren, implementeren, monitoren/evalueren en borgen toepassing (beleid). Vanuit praktijkinzet komen producten en diensten tot stand uit analyse & combineren en het op basis daarvan trekken van conclusies, en nemen de vorm aan van informatie, adviezen, procedures, rapportages, protocollen, richtlijnen, (onderzoeks-)plannen, behandelplannen, jaarplannen, (psychologische) rapporten, (juridische) notities, oplossingen en oplossingsrichtingen waarop keuzes en prioriteiten in de uitvoeringspraktijk kunnen worden gebaseerd, etc., maar ook van (proces)begeleiding, coaching/training/uitleg/instructie.

De beleidsinzet(2) vanuit operationeel specialismen kenmerkt zich door monitoring op toepassing beleid, ontwikkeling van werkwijzen, methoden, technieken en instrumenten, van wet- en regelgeving alsmede van beleid, koers & strategie en de implementatie, evaluatie, bijstelling, duurzame beschikbaarheidstelling en borging daarvan.

Operationeel Specialismen geeft met name uitvoering aan de processen in de takken Besturen, Voorbereiden, Uitvoeren, Ondersteunen en Verbeteren RBP.

De Operationeel Specialist F treedt vanuit praktijkinzet en beleidsinzet op als projectleider en verricht operationele sturing.

De Operationeel Specialist F initieert, bouwt, onderhoudt en regisseert netwerken (van ook externe operationeel specialisten en in internationale samenstelling) met mogelijk tegenstrijdige belangen. Hij maakt uitvoeringsafspraken, hij stuurt op het maken van randvoorwaardelijke afspraken en stuurt op het nakomen hiervan.

Hij bevordert de deskundigheid van collega’s door vanuit specialisatie kennis en vaardigheden over te dragen.

De Operationeel Specialist F bevordert en beoordeelt als mentor de vakvolwassenheid van collega’s.

Binnen het vakgebied Operationeel Specialismen komt een aantal werkterreinen voor waarop stelselmatig wordt ingezet.45Deze werkterreinen zijn formeel gedefinieerd en vastgesteld en opgenomen in de lijst ‘Werkterreinen LFNP’. Indien de medewerker is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak en enkel een krachtens artikel 2c, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, aangewezen politieopleiding heeft voltooid, wordt hij niet ingezet in situaties waarin sprake is van optreden in het publieke domein met herkenbaarheid en aanspreekbaarheid voor de burger op alle politietaken.

Activiteiten en resultaten

Praktijkinzet(1):

Het − op basis van analyse van aangereikte veiligheidsproblematiek en vanuit de specialisatie − adviseren over oplossingsrichtingen en mogelijkheden in de aanpak, met inbegrip van de consequenties voor en de risico’s in de uitvoering van operationele politietaken, zodat de uitvoering van operationele politietaken en de aanpak van specifieke veiligheidsproblematiek efficiënt en effectief verloopt.

Het organiseren en aansturen van de uitvoering van vastgestelde plannen van aanpak waarin de specialisatie leidend is, zodat de uitvoering ervan efficiënt en effectief verloopt.

Dit houdt mede in:

Beleidsinzet(2):

Het ontwikkelen van en richtinggevend adviseren over (bijsturing van) koers en strategie van de politie en de concretisering daarvan o.a. in scenario’s waarin zijn meegewogen:

zodat de politie vanuit haar functie binnen de samenleving kan anticiperen op veranderingen in de maatschappij.

Het opstellen van besluitwaardige beleidsdocumenten waarin voorgenomen (bijsturing in) koers en strategie zijn geformuleerd, geconcretiseerd in scenario’s én vertaald in doelstellingen, prioriteiten, activiteiten en producten voor de uitvoeringspraktijk, en waarin het te verwachten organisatierendement voor de politie en de risico’s, consequenties en impact voor het / de betrokken korps / -eenheden / organisatieonderdelen zijn benoemd; het daarbij betrekken van couleur locale van het / de korps / -eenheden / politieorganisatieonderdelen indien dit relevant is, zodat gefundeerde besluitvorming kan plaatsvinden ten aanzien van concretisering volgend op (bijsturing van) koers en strategie van de politie.

Het regisseren van de totstandkoming van besluitwaardige beleidsdocumenten indien er meerdere betrokkenen en/of belanghebbenden zijn door het maken van uitvoeringsafspraken bij leiding en in netwerken, het sturen op randvoorwaardelijke afspraken en het sturen op nakoming ervan; het ondersteunen van de Bedrijfsvoeringspecialist F indien het zwaartepunt van de beleidsadvisering aan de kant van het domein Ondersteuning ligt, zodat de kwaliteit en duurzaamheid van de beleidsadvisering (koers en strategie) ten behoeve van integrale, organisatiebrede toepassing wordt geoptimaliseerd.

Het documenteren van eigen waarnemingen in feiten en omstandigheden, zodat actuele informatie beschikbaar is en een basis ontstaat voor opvolging en / of vervolging.

Het als specialist coachen en overdragen van kennis en vaardigheden. Het geven van trainingen en het signaleren van leermomenten, zodat de deskundigheid van de uitvoeringspraktijk wordt bevorderd.

Het coachen en overdragen van kennis en vaardigheden als mentor; het vanuit de praktijk formuleren van aanbevelingen voor en over de vakvolwassenheid, en het toetsen ervan, zodat de professionaliteit wordt bevorderd.

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met externe exposure.

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

Directeur

Kern van de functie

Leiding draagt bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Leiding handelt in het perspectief van de politie als totaal.

Leiding stuurt op het bereiken van resultaten, bepaalt, beslist en (be)oordeelt aangaande koers en strategie, beleid, doelstellingen, kwaliteit en kwantiteit van producten & diensten, contracten en plannen van aanpak waaronder ten aanzien van werkwijzen, personeel, middelen en financiën en overige randvoorwaardelijke aspecten.

Leiding: motiveert, stimuleert en inspireert personeel en stuurt op de ontwikkeling van personeel; monitoort en beoordeelt de kwaliteit van geleverde prestaties/ producten en beslist op bijsturing en te nemen maatregelen; is resultaat- en financieel verantwoordelijk en verantwoordelijk voor het organisatierendement.

Leiding vertegenwoordigt de Politie.

Leiding geeft met name uitvoering aan processen in de tak Besturen uit het RBP.

De Directeur46De opbouw van functies in het domein Leiding kent op dit moment 4 niveaus: Teamchef (A, B en C), Sectorhoofd, Directeur en Korpschef.De inrichting van nationale politie, hoewel daar in deze opbouw waar mogelijk al rekening mee is gehouden, kan tot wijzigingen leiden.Voor de leesbaarheid is gekozen voor de term ‘naasthogere leidinggevende’ te hanteren ipv Korpschef en de term ‘naastlagere leidinggevende’ voor Sectorhoofd of Teamchef A, B of C. draagt als autoriteit bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Hij beslist op en stelt − op basis van koers en strategie van het korps/ de politie− het beleid voor zijn directoraat47Een directoraat kan zijn:•een (landelijke) organisatie-eenheid: een groep van organisatieonderdelen ingezet op het gezamenlijk behalen van samenhangende effecten en resultaten zoals vastgesteld in het korps-bedrijfsvoeringplan.•een landelijk concernstafonderdeel: een centraal gepositioneerd organisatieonderdeel, ingezet op het behalen van samenhangende effecten en resultaten zoals vastgesteld in het bedrijfsvoeringplan van het betreffende concernstafonderdeel (P&O, Financieel, Facilitair, ICT etc.).De Directeur geeft in beide hoedanigheden direct leiding aan een collectief van medewerkers, waarbij moet worden gedacht aan naastlagere leidinggevende, en aan Bedrijfsvoeringspecialisten en/of Operationeel Specialisten.. Hij is verantwoordelijk voor het (door Operationeel en Bedrijfsvoeringspecialisten laten) vormen en concretiseren van (landelijk uniform) beleid, koers en strategie. Hij is de verbindende schakel tussen koers-, strategie- en beleidsvorming en effectuering ervan in de organisatieonderdelen (sectoren, teams) en is daartoe lid van de korpsdirectie. Hij draagt de resultaat- en financiële eindverantwoordelijkheid voor een (landelijke) organisatie-eenheid c.q. landelijk concernstafonderdeel. Hij geeft leiding aan een collectief van medewerkers waarvan het karakter van de werkzaamheden van leidinggevende, uitvoerende én beleidsvormende aard is. De Directeur is tevens proceseigenaar.

Activiteiten en resultaten

Leiding en sturing

Organiseren

Structureren

Realiseren

Samenwerken

Hoge Omschakelfrequentie

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

Rolaanduiding

Kan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

Korpschef

Kern van de functie

Leiding draagt bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Leiding handelt in het perspectief van de politie als totaal.

Leiding stuurt op het bereiken van resultaten, bepaalt, beslist en (be)oordeelt aangaande koers en strategie, beleid, doelstellingen, kwaliteit en kwantiteit van producten & diensten, contracten en plannen van aanpak waaronder ten aanzien van werkwijzen, personeel, middelen en financiën en overige randvoorwaardelijke aspecten.

Leiding: motiveert, stimuleert en inspireert personeel en stuurt op de ontwikkeling van personeel; monitoort en beoordeelt de kwaliteit van geleverde prestaties/ producten en beslist op bijsturing en te nemen maatregelen; is resultaat- en financieel verantwoordelijk en verantwoordelijk voor het organisatierendement.

Leiding vertegenwoordigt de Politie.

Leiding geeft met name uitvoering aan processen in de tak Besturen uit het RBP.

De Korpschef48De opbouw van functies in het domein Leiding kent op dit moment 4 niveaus: Teamchef (A, B en C), Sectorhoofd, Directeur en Korpschef.De inrichting van nationale politie, hoewel daar in deze opbouw waar mogelijk al rekening mee is gehouden, kan tot wijzigingen leiden.Voor korps kan worden gelezen: een regiokorps, dan wel een ‘eenheid’ in het nationale politieverband. Voor de leesbaarheid is gekozen voor de term ‘naastlagere leidinggevende’ te hanteren i.p.v. Teamchef, Sectorhoofd of Directeur. draagt als autoriteit bij aan een effectieve en efficiënte organisatie en aan legitimering van politie in de samenleving. Hij stelt missie, visie, koers, strategie en doelstellingen voor het korps(eenheid) vast en draagt bij aan de totstandkoming van missie, visie, koers, strategie en doelstellingen voor de politie als geheel. Hij is de eindverantwoordelijke voor het realiseren van het vastgestelde korpsbeleid en de eindverantwoordelijke voor een optimale effectieve en efficiënte bedrijfsvoering van het korps. Hij is de financieel eindverantwoordelijke voor het korps en vertegenwoordigt het korps in rechte.

De Korpschef is voorzitter van de korpsdirectie. Hij is de verbindende schakel tussen korps en het bestuur. Hij representeert het bevoegd gezag en is verantwoordelijk voor het imago van de politie.

Activiteiten en resultaten

Leiding en sturing

Organiseren

Structureren

Realiseren

Samenwerken

Hoge Omschakelfrequentie

Aan de functie kleeft de Hoge Omschakelfrequentie met interne exposure.

RolaanduidingKan, mits daarvoor gecertificeerd en aangewezen, optreden als:

Bijlage 4. horende bij artikel 3, vierde lid

Werkterreinen, Aandachtsgebieden en Specifieke functionaliteiten LFNP

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)