Wijzigingsgeschiedenis

Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra voor het schooljaar 2018–2019

2 versions · 2019-06-20
2019-06-20
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisec

Wijzigingen op 2019-06-20

@@ -174,7 +174,7 @@
2. De werkgever die niet of niet volledig aan het bepaalde in het eerste lid kan voldoen deelt dit aan het Participatiefonds mee onder opgaaf van een deugdelijke motivering door toezending van ter zake overtuigende documenten
3. Bij het beëindigen van een dienstverband op grond van de [artikelen 4:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:5&z=2019-01-22&g=2019-01-22), [4:11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:11&z=2019-01-22&g=2019-01-22) of één van de artikelen in [paragraaf 4.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&z=2019-01-22&g=2019-01-22), kan de werkgever met betrekking tot de in deze artikelen vervatte voorwaarden, behoudens de voorwaarde ‘ondersteuning werknemer bij verwerven werkkring buiten eigen organisatie’, een beroep doen op een vrijstelling van toetsing aan de voorwaarden.
3. Bij het beëindigen van een dienstverband op grond van de [artikelen 4:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:5&z=2019-06-20&g=2019-06-20), [4:11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:11&z=2019-06-20&g=2019-06-20) of één van de artikelen in [paragraaf 4.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&z=2019-06-20&g=2019-06-20), kan de werkgever met betrekking tot de in deze artikelen vervatte voorwaarden, behoudens de voorwaarde ‘ondersteuning werknemer bij verwerven werkkring buiten eigen organisatie’, een beroep doen op een vrijstelling van toetsing aan de voorwaarden.
4. Om voor de vrijstelling, zoals genoemd in het derde lid, in aanmerking te komen, legt de werkgever het formulier ‘verzoek vrijstellingsregeling’ en de daarin genoemde bewijsstukken / ter zake overtuigende documenten over.
@@ -194,7 +194,7 @@
##### Artikel 3:5. Grond voor toewijzing vergoedingsverzoek
Het Participatiefonds wijst een vergoedingsverzoek uitsluitend toe als de werkgever voldoet aan de voorwaarden die zijn gesteld in de bepalingen van dit reglement en er geen sprake is van één van de gronden voor afwijzing van het vergoedingsverzoek, genoemd in [artikel 3:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:6&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
Het Participatiefonds wijst een vergoedingsverzoek uitsluitend toe als de werkgever voldoet aan de voorwaarden die zijn gesteld in de bepalingen van dit reglement en er geen sprake is van één van de gronden voor afwijzing van het vergoedingsverzoek, genoemd in [artikel 3:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:6&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
##### Artikel 3:6. Gronden voor afwijzing vergoedingsverzoek
@@ -220,7 +220,7 @@
2. Het Participatiefonds kan de termijn, genoemd in het eerste lid, eenmalig verlengen met 8 weken.
3. De beslistermijn wordt van rechtswege opgeschort met ingang van de dag waarop het Participatiefonds de werkgever op grond van [artikel 3:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:4&z=2019-01-22&g=2019-01-22) uitnodigt het vergoedingsverzoek aan te vullen, tot de dag waarop het vergoedingsverzoek is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
3. De beslistermijn wordt van rechtswege opgeschort met ingang van de dag waarop het Participatiefonds de werkgever op grond van [artikel 3:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:4&z=2019-06-20&g=2019-06-20) uitnodigt het vergoedingsverzoek aan te vullen, tot de dag waarop het vergoedingsverzoek is aangevuld of de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
### Paragraaf 3.2. Uitkeringskosten
@@ -230,7 +230,7 @@
##### Artikel 3:9. Indieningstermijn inlichtingen
1. De werkgever verstrekt de inlichtingen, als bedoeld in [artikel 3:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:8&z=2019-01-22&g=2019-01-22), binnen 8 weken.
1. De werkgever verstrekt de inlichtingen, als bedoeld in [artikel 3:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:8&z=2019-06-20&g=2019-06-20), binnen 8 weken.
2. De termijn, genoemd in het eerste lid, vangt aan met ingang van de dag na die waarop de uitnodiging is verzonden.
@@ -238,29 +238,29 @@
##### Artikel 3:10. Te late indiening inlichtingen
1. Als de werkgever niet tijdig de gevraagde inlichtingen verstrekt, deelt het Participatiefonds het bevoegd gezag mee, dat de uitkeringskosten als bedoeld in [artikel 138, tweede lid, van de WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420&artikel=138) of [artikel 132, tweede lid, van de WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549&artikel=132), niet ten laste van het Participatiefonds komen. Als de werkgever na het verstrijken van de in [artikel 3:9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:9&z=2019-01-22&g=2019-01-22), van het reglement genoemde termijn een vergoedingsverzoek als bedoeld in [artikel 3:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) van het reglement indient, dan neemt het Participatiefonds dit vergoedingsverzoek niet in behandeling.
1. Als de werkgever niet tijdig de gevraagde inlichtingen verstrekt, deelt het Participatiefonds het bevoegd gezag mee, dat de uitkeringskosten als bedoeld in [artikel 138, tweede lid, van de WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420&artikel=138) of [artikel 132, tweede lid, van de WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549&artikel=132), niet ten laste van het Participatiefonds komen. Als de werkgever na het verstrijken van de in [artikel 3:9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:9&z=2019-06-20&g=2019-06-20), van het reglement genoemde termijn een vergoedingsverzoek als bedoeld in [artikel 3:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) van het reglement indient, dan neemt het Participatiefonds dit vergoedingsverzoek niet in behandeling.
2. Indien sprake is van de kennisgeving door het Participatiefonds, genoemd in het eerste lid, deelt het de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap mee, dat de uitkeringskosten als bedoeld in [artikel 138, tweede lid, van de WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420&artikel=138) of [artikel 132, tweede lid, van de WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549&artikel=132), niet ten laste van het Participatiefonds komen.
##### Artikel 3:11. Verschoonbare termijnoverschrijding
Het Participatiefonds werpt de werkgever overschrijding van de termijn als bedoeld in [artikel 3:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:9&z=2019-01-22&g=2019-01-22) niet tegen als redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de werkgever in verzuim is geweest.
Het Participatiefonds werpt de werkgever overschrijding van de termijn als bedoeld in [artikel 3:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:9&z=2019-06-20&g=2019-06-20) niet tegen als redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de werkgever in verzuim is geweest.
##### Artikel 3:12. Wijze van verstrekken van inlichtingen
De werkgever maakt bij het verstrekken van de inlichtingen als bedoeld in [artikel 3:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:8&z=2019-01-22&g=2019-01-22) gebruik van de module ‘uitkeringen’ op de website www.participatiefonds.nl
De werkgever maakt bij het verstrekken van de inlichtingen als bedoeld in [artikel 3:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.2&artikel=3:8&z=2019-06-20&g=2019-06-20) gebruik van de module ‘uitkeringen’ op de website www.participatiefonds.nl
##### Artikel 3:13. Werkgever heeft reeds vergoedingsverzoek gedaan
1. De werkgever die wenst, dat de uitkeringskosten die op grond van [artikel 138, tweede lid, van de WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420&artikel=138) of [artikel 132, tweede lid van de WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549&artikel=132) voor rekening van de werkgever komen, ten laste van het Participatiefonds worden gebracht, en die daarvoor reeds een vergoedingsverzoek heeft ingediend, verstrekt de inlichtingen die het Participatiefonds verzoekt.
2. De [artikelen 3:4 tot en met 3:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:4&z=2019-01-22&g=2019-01-22) zijn van overeenkomstige toepassing.
2. De [artikelen 3:4 tot en met 3:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:4&z=2019-06-20&g=2019-06-20) zijn van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 3:14. Werkgever wenst dat de uitkeringskosten ten laste van Participatiefonds komen
1. De werkgever die wenst, dat de uitkeringskosten die op grond van [artikel 138, tweede lid, van de WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420&artikel=138) of [artikel 132, tweede lid, van de WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549&artikel=132) voor rekening van de werkgever komen, ten laste van het Participatiefonds worden gebracht, dient alsnog een vergoedingsverzoek in.
2. De [artikelen 3:3 tot en met 3:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) zijn van overeenkomstige toepassing.
2. De [artikelen 3:3 tot en met 3:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) zijn van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 3:15. Werkgever wenst niet dat de uitkeringskosten ten laste van Participatiefonds komen
@@ -292,7 +292,7 @@
2. Als het ontslagbesluit onherroepelijk is geworden, deelt de werkgever dit aan de Participatiefonds mee.
3. De beslistermijn als bedoeld in [artikel 3:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:7&z=2019-01-22&g=2019-01-22) kan worden opgeschort met ingang van de dag waarop de werknemer het rechtsmiddel aanwendt tot de dag waarop de werkgever de mededeling als bedoeld in het tweede lid doet.
3. De beslistermijn als bedoeld in [artikel 3:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:7&z=2019-06-20&g=2019-06-20) kan worden opgeschort met ingang van de dag waarop de werknemer het rechtsmiddel aanwendt tot de dag waarop de werkgever de mededeling als bedoeld in het tweede lid doet.
### Paragraaf 3.4. intrekking of wijziging van de beschikking
@@ -312,7 +312,7 @@
##### Artikel 3:20. Verzoek voorafgaande toets re-integratieactiviteiten
1. Als de werkgever de werknemer andere activiteiten dan genoemd in [hoofdstuk 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aanbiedt of reeds heeft aangeboden die de werknemer ondersteunen bij het verwerven van een werkkring buiten de eigen organisatie, kan de werkgever het Participatiefonds vragen of deze andere activiteiten door het Participatiefonds worden aangemerkt als tenminste gelijkwaardig aan de activiteiten genoemd in Hoofdstuk 4 en 5, in welk geval de werkgever geacht wordt te hebben voldaan aan de voorwaarde waarvoor het bevoegd gezag het verzoek tot gelijkschakeling heeft ingediend.
1. Als de werkgever de werknemer andere activiteiten dan genoemd in [hoofdstuk 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aanbiedt of reeds heeft aangeboden die de werknemer ondersteunen bij het verwerven van een werkkring buiten de eigen organisatie, kan de werkgever het Participatiefonds vragen of deze andere activiteiten door het Participatiefonds worden aangemerkt als tenminste gelijkwaardig aan de activiteiten genoemd in Hoofdstuk 4 en 5, in welk geval de werkgever geacht wordt te hebben voldaan aan de voorwaarde waarvoor het bevoegd gezag het verzoek tot gelijkschakeling heeft ingediend.
2. Het Participatiefonds geeft het advies uiterlijk binnen 16 weken nadat het adviesverzoek is ontvangen.
@@ -342,7 +342,7 @@
##### Artikel 4:1. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging van het dienstverband door opzegging
Als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10 van de CAO PO, beëindiging van het dienstverband op verzoek van de werknemer, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:1:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:1:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10 van de CAO PO, beëindiging van het dienstverband op verzoek van de werknemer, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:1:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:1:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:1:1. Meedelen reden ontslag
@@ -354,7 +354,7 @@
##### Artikel 4:3. Grondslag vergoedingsverzoek: ontbinding arbeidsovereenkomst door Kantonrechter
Als het dienstverband is ontbonden op grond van de [artikelen 7:671b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=671b) dan wel [7:671c BW](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=671c) (uitspraak kantonrechter), dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoeking in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:3:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:3:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [4:3:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:3:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is ontbonden op grond van de [artikelen 7:671b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=671b) dan wel [7:671c BW](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005290&artikel=671c) (uitspraak kantonrechter), dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoeking in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:3:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:3:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [4:3:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:3:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:3:1. ontbinding arbeidsovereenkomst door kantonrechter
@@ -400,7 +400,7 @@
##### Artikel 4:4. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege onbekwaamheid of ongeschiktheid
Als het dienstverband is beëindigd op grond artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder d, van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 4:4:1 tot en met 4:4:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:4:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is beëindigd op grond artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder d, van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 4:4:1 tot en met 4:4:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:4:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:4:1. Meedelen reden beëindiging van het dienstverband aan werknemer
@@ -464,7 +464,7 @@
##### Artikel 4:5. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid
Als het dienstverband van de werknemer die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard door het UWV in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057) is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van ziekte of arbeidsongeschiktheid, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder b, van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:5:1 tot en met 4:5:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:5:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband van de werknemer die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard door het UWV in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057) is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van ziekte of arbeidsongeschiktheid, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder b, van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:5:1 tot en met 4:5:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:5:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:5:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -528,7 +528,7 @@
##### Artikel 4:6. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvindenvanwege gewichtige omstandigheden te weten kwalitatieve fricties
Als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h, van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:6:1 tot en met 4:6:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:6:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h, van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:6:1 tot en met 4:6:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:6:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:6:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -560,9 +560,9 @@
##### Artikel 4:6:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:6:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:6:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 4:6:3.
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:6:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:6:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:6:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:6:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 4:6:3.
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:6:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:6:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -610,7 +610,7 @@
##### Artikel 4:7. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege gewichtige omstandigheden
Als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 4:7:1 tot en met 4:7:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:7:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 4:7:1 tot en met 4:7:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:7:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:7:1. Meedelen reden beëindiging van het dienstverband aan werknemer
@@ -674,7 +674,7 @@
##### Artikel 4:8. Grondslag vergoedingsverzoek: plichtsverzuim
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.10, tweede lid, van de CAO PO, te weten op grond van plichtsverzuim als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:8:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:8:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.10, tweede lid, van de CAO PO, te weten op grond van plichtsverzuim als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:8:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:8:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:8:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -684,7 +684,7 @@
##### Artikel 4:9. Grondslag vergoedingsverzoek: onbekwaamheid/ongeschiktheid
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie, anders dan ten gevolge van ziekte of arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder b van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:9:1 tot en met 4:9:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:9:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie, anders dan ten gevolge van ziekte of arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder b van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:9:1 tot en met 4:9:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:9:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:9:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -748,7 +748,7 @@
##### Artikel 4:10. Grondslag vergoedingsverzoek: geen vacature na afloop lang buitengewoon verlof
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.10,maar heeft niet mijn voorkeur. ik laat het aan jouw diswerkgelegenheidsbeleid.men. esturen.oorgaande notitie worden onderzocht van de CAO PO, omdat na afloop van het lang buitengewoon verlof de werknemer bij gebrek aan een vacature niet in actieve dienst binnen de instelling dan wel bij de werkgever kan worden geplaatst, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:10:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:10:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.10,maar heeft niet mijn voorkeur. ik laat het aan jouw diswerkgelegenheidsbeleid.men. esturen.oorgaande notitie worden onderzocht van de CAO PO, omdat na afloop van het lang buitengewoon verlof de werknemer bij gebrek aan een vacature niet in actieve dienst binnen de instelling dan wel bij de werkgever kan worden geplaatst, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:10:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:10:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:10:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -758,7 +758,7 @@
##### Artikel 4:11. Grondslag vergoedingsverzoek: ziekte/arbeidsongeschiktheid
Als aan de werknemer, die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057), ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder b van de CAO PO, te weten op grond van ziekte of arbeidsongeschiktheid, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:11:1 tot en met 4:11:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:11:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als aan de werknemer, die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057), ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder b van de CAO PO, te weten op grond van ziekte of arbeidsongeschiktheid, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:11:1 tot en met 4:11:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:11:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:11:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -822,7 +822,7 @@
##### Artikel 4:12. Grondslag vergoedingsverzoek: gewichtige omstandigheden te weten kwalitatieve fricties
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:12:1 tot en met 4:12:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:12:1 tot en met 4:12:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:12:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -854,9 +854,9 @@
##### Artikel 4:12:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:12:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:12:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:12:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:12:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:12:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:12:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:12:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -904,7 +904,7 @@
##### Artikel 4:13. Grondslag vergoedingsverzoek: gewichtige omstandigheden
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, te weten op grond van gewichtige omstandigheden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:13:1 tot en met 4:13:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:13:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, te weten op grond van gewichtige omstandigheden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:13:1 tot en met 4:13:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:13:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:13:1. Meedelen ontslag aan werknemer
@@ -972,7 +972,7 @@
##### Artikel 4:15. Grondslag vergoedingsverzoek: het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21)
Als ontslag is verleend op grond van [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21) vanwege het niet meewerken aan re-integratie, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:15:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:15:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21) vanwege het niet meewerken aan re-integratie, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:15:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.1&artikel=4:15:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:15:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -990,7 +990,7 @@
##### Artikel 4:16. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband waarbij werknemer dienstverband niet wil voortzetten
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werknemer geen voortzetting van het dienstverband wenst, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:16:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:16:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werknemer geen voortzetting van het dienstverband wenst, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:16:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:16:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:16:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1004,7 +1004,7 @@
##### Artikel 4:18. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege plichtsverzuim
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van plichtsverzuim zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:18:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:18:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van plichtsverzuim zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:18:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:18:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:18:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1014,7 +1014,7 @@
##### Artikel 4:19. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege onbekwaamheid/ongeschiktheid
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder d van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:19:1 tot en met 4:19:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:19:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor de door hem uitgeoefende functie zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder d van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:19:1 tot en met 4:19:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:19:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:19:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1068,7 +1068,7 @@
##### Artikel 4:20. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van de het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van ziekte of arbeidsongeschiktheid zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder b van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:20:1 tot en met 4:20:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:20:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van de het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van ziekte of arbeidsongeschiktheid zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder b van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:20:1 tot en met 4:20:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:20:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:20:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1120,7 +1120,7 @@
##### Artikel 4:21. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege gewichtige omstandigheden, te weten kwalitatieve fricties
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat er sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat naar het oordeel van de werkgever het anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikelen 4:21:1 tot en met 4:21:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat er sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat naar het oordeel van de werkgever het anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikelen 4:21:1 tot en met 4:21:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:21:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1150,9 +1150,9 @@
##### Artikel 4:21:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:21:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:21:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:21:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:21:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:21:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:21:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:21:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -1190,7 +1190,7 @@
##### Artikel 4:22. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege gewichtige omstandigheden
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikelen 4:22:1 tot en met 4:22:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:22:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikelen 4:22:1 tot en met 4:22:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:22:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:22:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1252,7 +1252,7 @@
##### Artikel 4:23. Grondslag vergoedingsverzoek: einde van rechtswege van een leerarbeidsovereenkomst van een leraar in opleiding
Als het tijdelijk dienstverband van een werknemer die als LIO als bedoeld in artikel 3.24 van de CAO PO is benoemd, na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:23:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:23:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband van een werknemer die als LIO als bedoeld in artikel 3.24 van de CAO PO is benoemd, na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:23:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:23:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:23:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1262,7 +1262,7 @@
##### Artikel 4:24. Grondslag vergoedingsverzoek: einde van rechtswege van een leerarbeidsovereenkomst van een onderwijsassistent in opleiding
Als het tijdelijk dienstverband van een werknemer die als onderwijsassistent in opleiding als bedoeld in artikel 3.29 van de CAO PO is benoemd, na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:24:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:24:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband van een werknemer die als onderwijsassistent in opleiding als bedoeld in artikel 3.29 van de CAO PO is benoemd, na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:24:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:24:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:24:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1272,7 +1272,7 @@
##### Artikel 4:25. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege ontbreken onderwijsbevoegdheid dan wel omdat enige wettelijke bepaling zich daartegen verzet
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet, omdat de werknemer niet de bij wet voorgeschreven onderwijsbevoegdheid bezit of indien enige andere wettelijke bepaling zich tegen voortzetting van het dienstverband verzet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:25:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:25:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet, omdat de werknemer niet de bij wet voorgeschreven onderwijsbevoegdheid bezit of indien enige andere wettelijke bepaling zich tegen voortzetting van het dienstverband verzet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:25:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:25:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:25:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1288,7 +1288,7 @@
##### Artikel 4:26. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21)
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:26:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:25:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:26:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:25:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:26:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -1300,7 +1300,7 @@
##### Artikel 4:27. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige met ziekteverlof op grond van [ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800)
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:27:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:27:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:27:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:27:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:27:1. Aantonen vervanging wegens ziekte
@@ -1322,7 +1322,7 @@
##### Artikel 4:28. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens schorsing
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens schorsing als bedoeld in artikel 3.15 tot en met 3.19 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:28:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:28:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens schorsing als bedoeld in artikel 3.15 tot en met 3.19 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:28:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:28:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:28:1. Aantonen vervanging wegens schorsing
@@ -1338,7 +1338,7 @@
##### Artikel 4:29. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens gecompenseerd vakantieverlof, vanwege eerder genoten zwangerschaps-bevallingsverlof op grond van de [Wet arbeid en zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) en verleend en verlof indien werknemer door ziekte minder dan 20 dagen vakantieverlof heeft genoten
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO, in verband met vanwege vervanging afwezige wegens gecompenseerd vakantieverlof, vanwege eerder genoten zwangerschaps-bevallingsverlof op grond van de [Wet arbeid en zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) en verleend en verlof indien werknemer door ziekte minder dan 20 dagen vakantieverlof heeft genoten als bedoeld in artikel 8.1, vierde lid, van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:29:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:29:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO, in verband met vanwege vervanging afwezige wegens gecompenseerd vakantieverlof, vanwege eerder genoten zwangerschaps-bevallingsverlof op grond van de [Wet arbeid en zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) en verleend en verlof indien werknemer door ziekte minder dan 20 dagen vakantieverlof heeft genoten als bedoeld in artikel 8.1, vierde lid, van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:29:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:29:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:29:1. Aantonen vervanging wegens gecompenseerd vakantieverlof
@@ -1360,7 +1360,7 @@
##### Artikel 4:30. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens opnieuw verleend verlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens opnieuw verleend verlof als bedoeld in artikel 8.2 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:30:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:30:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens opnieuw verleend verlof als bedoeld in artikel 8.2 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:30:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:30:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:30:1. Aantonen vervanging wegens opnieuw verleend verlof
@@ -1382,7 +1382,7 @@
##### Artikel 4:31. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezig wegens buitengewoon verlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 8.7 tot en met 8.9, artikel 8.11 tot en met 8.13, artikel 8.15 of artikel 8.18 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:31:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:31:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 8.7 tot en met 8.9, artikel 8.11 tot en met 8.13, artikel 8.15 of artikel 8.18 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:31:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:31:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:31:1. Aantonen vervanging wegens buitengewoon verlof
@@ -1404,7 +1404,7 @@
##### Artikel 4:32. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof op grond van de [Wet Arbeid en Zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) (WAZO)
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof op grond van de [Wet Arbeid en Zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008), niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:32:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:32:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof op grond van de [Wet Arbeid en Zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008), niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:32:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:32:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:32:1. Aantonen vervanging wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof
@@ -1426,7 +1426,7 @@
##### Artikel 4:33. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens ouderschapsverlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO, in verband met afwezigheid wegens ouderschapsverlof als bedoeld in artikel 8.19 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:33:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:33:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO, in verband met afwezigheid wegens ouderschapsverlof als bedoeld in artikel 8.19 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:33:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:33:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:33:1. Aantonen vervanging wegens ouderschapsverlof
@@ -1448,7 +1448,7 @@
##### Artikel 4:34. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens spaarverlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO, in verband met vervanging wegens spaarverlof als bedoeld in artikel 8.23 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:34:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:34:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [4:34:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:34:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b van de CAO PO, in verband met vervanging wegens spaarverlof als bedoeld in artikel 8.23 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:34:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:34:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [4:34:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:34:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:34:1. Aantonen vervanging wegens spaarverlof
@@ -1478,7 +1478,7 @@
##### Artikel 4:35. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens levensloopverlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens levensloopverlof als bedoeld in artikel 8.24 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:35:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:35:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [4:35:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:35:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens levensloopverlof als bedoeld in artikel 8.24 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:35:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:35:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [4:35:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:35:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:35:1. Aantonen vervanging wegens levensloopverlof
@@ -1508,7 +1508,7 @@
##### Artikel 4:36. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens studieverlof op grond van het Scholingsfonds als bedoeld in het ‘Definitief akkoord Convenant Leerkracht van Nederland’ van 1 juli 2008
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens studieverlof op grond van het Scholingsfonds als bedoeld in het ‘Definitief akkoord Convenant Leerkracht van Nederland’ van 1 juli 2008, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:36:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:36:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 3.4, onder b, van de CAO PO, in verband met vervanging wegens studieverlof op grond van het Scholingsfonds als bedoeld in het ‘Definitief akkoord Convenant Leerkracht van Nederland’ van 1 juli 2008, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:36:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.2&artikel=4:36:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:36:1. Aantonen vervanging wegens studieverlof op grond van het Scholingsfonds als bedoeld in het ‘Definitief akkoord Convenant Leerkracht van Nederland’ van 1 juli 2008
@@ -1532,7 +1532,7 @@
##### Artikel 4:37. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking vanwege de daling of beëindiging van de gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen (ID-banen) voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert het dienstverband beëindigt met wederzijds goedvinden op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO met als reden dat er sprake is van opheffing betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, vanwege daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:37:1 tot en met 4:37:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:37:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert het dienstverband beëindigt met wederzijds goedvinden op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO met als reden dat er sprake is van opheffing betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, vanwege daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:37:1 tot en met 4:37:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:37:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:37:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1554,7 +1554,7 @@
##### Artikel 4:38. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert het dienstverband eindigt met wederzijds goedvinden op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, met als reden dat er sprake is van opheffing betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a CAO PO wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:38:1 tot en met 4:38:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert het dienstverband eindigt met wederzijds goedvinden op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, met als reden dat er sprake is van opheffing betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a CAO PO wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:38:1 tot en met 4:38:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:38:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1584,9 +1584,9 @@
##### Artikel 4:38:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:38:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:38:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -1612,11 +1612,11 @@
- v. een vacature op de datum van beëindiging van het dienstverband.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de werknemer van wie het dienstverband op grond van een beëindigingsovereenkomst is beëindigd, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer van wie het dienstverband op grond van een beëindigingsovereenkomst is beëindigd en die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de werknemer van wie het dienstverband op grond van een beëindigingsovereenkomst is beëindigd, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer van wie het dienstverband op grond van een beëindigingsovereenkomst is beëindigd en die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 4:38:5. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:38:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017 wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
@@ -1626,7 +1626,7 @@
##### Artikel 4:38:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:38:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:38:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:38:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:38:8. Toetsingsdatum
@@ -1660,7 +1660,7 @@
##### Artikel 4:39. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met werkgelegenheidsbeleid
Als de werkgever, die de regeling werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert, het dienstverband eindigt met wederzijds goedvinden op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, met als reden dat er sprake is van opheffing betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:39:1 tot en met 4:39:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:39:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert, het dienstverband eindigt met wederzijds goedvinden op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, met als reden dat er sprake is van opheffing betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:39:1 tot en met 4:39:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:39:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:39:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1710,7 +1710,7 @@
##### Artikel 4:40. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking vanwege reorganisatie
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek, voor het dienstverband dat is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, voor toewijzing in aanmerking als de werkgever heeft voldaan aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:40:1 tot en met 4:40:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:40:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek, voor het dienstverband dat is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, voor toewijzing in aanmerking als de werkgever heeft voldaan aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:40:1 tot en met 4:40:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:40:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:40:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1740,7 +1740,7 @@
##### Artikel 4:41. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking van schoonmaakpersoneel wegens daling van de materiele bekostiging
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:41:1 tot en met 4:41:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:41:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:41:1 tot en met 4:41:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:41:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:41:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1818,7 +1818,7 @@
##### Artikel 4:42. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:42:1 tot en met 4:42:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid, van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:42:1 tot en met 4:42:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:42:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1836,9 +1836,9 @@
##### Artikel 4:42:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:42:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:42:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4.42.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:42:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:42:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4.42.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -1864,7 +1864,7 @@
- v. een vacature op de datum van de beëindiging van het dienstverband.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van werknemer/werknemers van wie het dienstverband beëindigd is, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:42:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer van wie het dienstverband beëindigd is en die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van werknemer/werknemers van wie het dienstverband beëindigd is, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:42:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:42:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer van wie het dienstverband beëindigd is en die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 4:42:5. Afvloeiingsvolgorde
@@ -1910,7 +1910,7 @@
##### Artikel 4:43. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking vanwege de daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie voor werkgever met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:43:1 tot en met 4:43:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:43:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 3.10, vierde lid van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:43:1 tot en met 4:43:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:43:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:43:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -1948,7 +1948,7 @@
##### Artikel 4:44. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking vanwege de daling of beëindiging van de gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen (ID-banen) voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:44:1 tot en met 4:44:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:44:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:44:1 tot en met 4:44:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:44:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:44:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -1972,7 +1972,7 @@
##### Artikel 4:45. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:45:1 tot en met 4:45:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:45:1 tot en met 4:45:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:45:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2002,9 +2002,9 @@
##### Artikel 4:45:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:45:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:45:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -2030,13 +2030,13 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot iv. en met respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot iv. en met respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 4:45:5. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
1. Indien er sprake is van uitgesteld ontslag dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt.
2. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken.
2. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:45:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:45:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken.
3. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
@@ -2048,7 +2048,7 @@
##### Artikel 4:45:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:39:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:39:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:39:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:39:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:45:8. Toetsingsdatum
@@ -2082,7 +2082,7 @@
##### Artikel 4:46. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met werkgelegenheidsbeleid
Als de werkgever, die de regeling werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:46:1 tot en met 4:46:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:46:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:46:1 tot en met 4:46:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:46:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:46:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2128,7 +2128,7 @@
##### Artikel 4:47. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking vanwege reorganisatie
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:47:1 tot en met 4:47:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:47:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:47:1 tot en met 4:47:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:47:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:47:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2156,7 +2156,7 @@
##### Artikel 4:48. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking van schoonmaakpersoneel wegens daling van de materiele bekostiging
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel is beëindigd op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten ontslag vanwege opheffing van de betrekking vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:48:1 tot en met 4:48:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:48:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel is beëindigd op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten ontslag vanwege opheffing van de betrekking vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:48:1 tot en met 4:48:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:48:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:48:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2234,7 +2234,7 @@
##### Artikel 4:49. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:49:1 tot en met 4:49:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:49:1 tot en met 4:49:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:49:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2252,9 +2252,9 @@
##### Artikel 4:49:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:49:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:49:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4.49.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:49:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:49:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4.49.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -2280,7 +2280,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:49:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:49:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:49:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 4:49:5. Afvloeiingsvolgorde
@@ -2326,7 +2326,7 @@
##### Artikel 4:50. Grondslag vergoedingsverzoek: Ontslag vanwege opheffing betrekking vanwege de daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie voor werkgever met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:50:1 tot en met 4:50:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:50:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:50:1 tot en met 4:50:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.3&artikel=4:50:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:50:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2366,7 +2366,7 @@
##### Artikel 4:51. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing van de betrekking vanwege daling of beëindiging van een landelijke subsidie
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet vanwege de opheffing van de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, vanwege daling of beëindiging van een landelijke subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt de werkgever die de regeling werkgelegenheidsbeleid of ontslagbeleid, artikel 10.2 en 10.4a van de CAO PO, hanteert voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 4:51:1 tot en met 4:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:51:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet vanwege de opheffing van de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, vanwege daling of beëindiging van een landelijke subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt de werkgever die de regeling werkgelegenheidsbeleid of ontslagbeleid, artikel 10.2 en 10.4a van de CAO PO, hanteert voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 4:51:1 tot en met 4:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:51:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:51:1. Daling of beëindiging van een landelijk door de overheid beschikbare gestelde subsidie
@@ -2396,7 +2396,7 @@
##### Artikel 4:52. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing van de betrekking voor werkgever met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:52:1 tot en met 4:52:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:52:1 tot en met 4:52:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:52:1. Daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden volgens vergelijking
@@ -2420,9 +2420,9 @@
##### Artikel 4:52:2. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -2440,13 +2440,13 @@
##### Artikel 4:52:4. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017 wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
##### Artikel 4:52:5. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:52:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:52:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:52:6. Toetsingsdatum
@@ -2478,7 +2478,7 @@
##### Artikel 4:53. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing van de betrekking voor werkgever met werkgelegenheidsbeleid
Als de werkgever, die werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 3.8, eerste en tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:53:1 tot en met 4:53:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 3.8, eerste en tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:53:1 tot en met 4:53:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:53:1. Daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden volgens vergelijking in geval van werknemers van wie het tijdelijk dienstverband niet wordt voortgezet
@@ -2502,13 +2502,13 @@
##### Artikel 4:53:2. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis in geval van werknemers van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:53:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22);
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, bedoeld in [artikel 4:53:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:53:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20);
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, bedoeld in [artikel 4:53:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
##### Artikel 4:53:3. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:53:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 4:53:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:53:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017 wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
@@ -2542,7 +2542,7 @@
##### Artikel 4:54. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege reorganisatie
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO wegens reorganisatie en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:54:1 tot en met 4:54:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO wegens reorganisatie en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:54:1 tot en met 4:54:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:54:1. Reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer meedelen
@@ -2570,7 +2570,7 @@
##### Artikel 4:55. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband van schoonmaakpersoneel wegens daling van de materiele bekostiging
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de materiele bekostiging dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:55:1 tot en met 4:55:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:55:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de materiele bekostiging dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:55:1 tot en met 4:55:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:55:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:55:1. Daling materiele bekostiging per 1 januari 2019
@@ -2588,7 +2588,7 @@
- •. Het dienstverband wordt niet voortgezet per 1 augustus 2019
2. De werkgever overlegt, afhankelijk van de datum waarop het tijdelijk dienstverband niet wordt voortgezet, de vergelijking zoals bepaald in [artikel 4:55:3 onder A, B of C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:55:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22):
2. De werkgever overlegt, afhankelijk van de datum waarop het tijdelijk dienstverband niet wordt voortgezet, de vergelijking zoals bepaald in [artikel 4:55:3 onder A, B of C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:55:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20):
- A. dienstverband wordt niet voortgezet per 1 augustus 2018
@@ -2636,7 +2636,7 @@
##### Artikel 4:56. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing betrekking Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:56:1 tot en met 4:56:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:56:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:56:1 tot en met 4:56:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:56:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:56:1. Daling bekostiging volgens vergelijking
@@ -2648,9 +2648,9 @@
##### Artikel 4:56:2. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:56:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:56:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:56:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:56:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:56:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:56:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:56:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.4&artikel=4:56:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -2706,7 +2706,7 @@
##### Artikel 4:57. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met ontslagbeleid wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:57:1 tot en met 4:57:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:57:1 tot en met 4:57:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:57:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2740,9 +2740,9 @@
##### Artikel 4:57:4. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:57:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:57:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -2768,7 +2768,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 4:57:6. Afvloeiingsvolgorde
@@ -2776,7 +2776,7 @@
##### Artikel 4:57:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:57:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:57:8. Toetsingsdatum
@@ -2810,7 +2810,7 @@
##### Artikel 4:58. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking voor werkgevers die ten behoeve van de personele gevolgen passend onderwijs een sociaal plan met de vakbonden overeengekomen zijn
Als de werkgever ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, wegens daling van de financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering passend onderwijs, een sociaal plan is overeengekomen met de vakcentrales, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:58:1 tot en met 4:58:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:58:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever ontslag verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, wegens daling van de financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering passend onderwijs, een sociaal plan is overeengekomen met de vakcentrales, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:58:1 tot en met 4:58:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:58:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:58:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2854,7 +2854,7 @@
##### Artikel 4:59. Grondslag vergoedingsverzoek: gewichtige omstandigheden, te weten kwalitatieve fricties als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, te weten kwalitatieve fricties als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:59:1 tot en met 4:59:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, te weten kwalitatieve fricties als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:59:1 tot en met 4:59:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:59:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -2886,9 +2886,9 @@
##### Artikel 4:59:4. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:59:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:59:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -2914,7 +2914,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 4:59:6. Afvloeiingsvolgorde
@@ -2922,7 +2922,7 @@
##### Artikel 4:59:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:59:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.5&artikel=4:59:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:59:8. Toetsingsdatum
@@ -2954,7 +2954,7 @@
##### Artikel 4:60. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:60:1 tot en met 4:60:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4a van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:60:1 tot en met 4:60:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:60:1. Overleg, gericht op overeenstemming conform vigerende regel overlegprotocol
@@ -2982,9 +2982,9 @@
##### Artikel 4:60:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:60:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:60:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:60:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:60:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -3006,7 +3006,7 @@
##### Artikel 4:60:6. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:60:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:60:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:60:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:60:7. Toetsingsdatum
@@ -3038,7 +3038,7 @@
##### Artikel 4:61. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, voor werkgevers die ten behoeve van de personele gevolgen passend onderwijs een sociaal plan met de vakbonden overeengekomen zijn
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO wegens de invoering van passend onderwijs en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:61:1 tot en met 4:61:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:61:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder a van de CAO PO wegens de invoering van passend onderwijs en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:61:1 tot en met 4:61:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:61:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 4:61:1. Sociaal Plan in geval daling bekostiging als gevolg van de invoering passend onderwijs
@@ -3070,7 +3070,7 @@
##### Artikel 4:62. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege gewichtige omstandigheden, te weten kwalitatieve fricties als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat er sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties, als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat naar het oordeel van de werkgever het anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:62:1 tot en met 4:62:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat er sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, onder h van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties, als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat naar het oordeel van de werkgever het anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:62:1 tot en met 4:62:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:62:1. Meedelen reden niet voortzetten aan werknemer
@@ -3104,9 +3104,9 @@
##### Artikel 4:62:4. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:62:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:62:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -3132,7 +3132,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot iv. en met respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot iv. en met respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 4:62:6. Afvloeiingsvolgorde
@@ -3140,7 +3140,7 @@
##### Artikel 4:62:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 4:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.6&artikel=4:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 4:62:8. Toetsingsdatum
@@ -3170,7 +3170,7 @@
##### Artikel 4:63. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging participatiebaan
Indien er sprake is van de beëindiging van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een participatiebaan als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder d van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:63:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.7&artikel=4:63:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [4:63:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.7&artikel=4:63:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde document heeft overgelegd.
Indien er sprake is van de beëindiging van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een participatiebaan als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder d van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:63:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.7&artikel=4:63:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [4:63:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.7&artikel=4:63:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde document heeft overgelegd.
##### Artikel 4:63:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3202,7 +3202,7 @@
##### Artikel 4:64. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband ten behoeve van vervanging als bedoeld in Bijlage IA.1, onder b, Bijlage IA.2 en Bijlage IA.3 van de CAO PO 2016–2017
Indien er sprake is van het niet voortzetten van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een tijdelijk dienstverband als bedoeld in Bijlage IA.1, onder b, Bijlage IA.2 en Bijlage IA.3 van de CAO PO 2016–2017, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:64:1 tot en met 4:64:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.8&artikel=4:64:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Indien er sprake is van het niet voortzetten van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een tijdelijk dienstverband als bedoeld in Bijlage IA.1, onder b, Bijlage IA.2 en Bijlage IA.3 van de CAO PO 2016–2017, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 4:64:1 tot en met 4:64:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.8&artikel=4:64:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 4:64:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3240,7 +3240,7 @@
##### Artikel 5:1. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging dienstverband op verzoek van de werknemer
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder a van de CAO PO, beëindiging van het dienstverband op verzoek van de werknemer, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:1:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:1:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder a van de CAO PO, beëindiging van het dienstverband op verzoek van de werknemer, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:1:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:1:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:1:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3248,7 +3248,7 @@
##### Artikel 5:2. Grondslag vergoedingsverzoek: geen vacature na afloop lang buitengewoon verlof
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder e van de CAO PO, omdat na afloop van het lang buitengewoon verlof de werknemer bij gebrek aan een vacature niet in actieve dienst binnen de instelling dan wel bij de werkgever kan worden geplaatst, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:2:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:2:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder e van de CAO PO, omdat na afloop van het lang buitengewoon verlof de werknemer bij gebrek aan een vacature niet in actieve dienst binnen de instelling dan wel bij de werkgever kan worden geplaatst, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:2:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:2:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:2:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3258,7 +3258,7 @@
##### Artikel 5:3. Grondslag vergoedingsverzoek: ziekte/arbeidsongeschiktheid
Als aan de werknemer die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard door het UWV in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057) ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder f van de CAO PO, te weten op grond van ziekte of arbeidsongeschiktheid met in achtneming van de bepalingen van de [ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:3:1 tot en met 5:3:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:3:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als aan de werknemer die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard door het UWV in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057) ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder f van de CAO PO, te weten op grond van ziekte of arbeidsongeschiktheid met in achtneming van de bepalingen van de [ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:3:1 tot en met 5:3:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:3:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:3:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3322,7 +3322,7 @@
##### Artikel 5:4. Grondslag vergoedingsverzoek: ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder g van de CAO PO, te weten wegens ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor het verrichten van zijn functie, uit andere hoofde dan genoemd onder artikel 4.8, eerste lid, onder f van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:4:1 tot en met 5:4:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:4:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder g van de CAO PO, te weten wegens ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid van de werknemer voor het verrichten van zijn functie, uit andere hoofde dan genoemd onder artikel 4.8, eerste lid, onder f van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:4:1 tot en met 5:4:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:4:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:4:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3386,7 +3386,7 @@
##### Artikel 5:5. Grondslag vergoedingsverzoek: onherroepelijke veroordeling tot vrijheidsstraf
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder h van de CAO PO, wegens een onherroepelijk geworden veroordeling tot vrijheidsstraf wegens misdrijf, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:5:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:5:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder h van de CAO PO, wegens een onherroepelijk geworden veroordeling tot vrijheidsstraf wegens misdrijf, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:5:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:5:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:5:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3396,7 +3396,7 @@
##### Artikel 5:6. Grondslag vergoedingsverzoek: bij indiensttreding opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder i van de CAO PO, te weten wegens het bij of in verband met indiensttreding en/of keuring opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen, zonder welke handelwijze niet tot indienstneming of geschiktverklaring zou zijn overgegaan, terwijl de termijn van zes maanden nog niet verstreken is sinds de vaststelling van dit feit, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:6:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:6:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder i van de CAO PO, te weten wegens het bij of in verband met indiensttreding en/of keuring opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen, zonder welke handelwijze niet tot indienstneming of geschiktverklaring zou zijn overgegaan, terwijl de termijn van zes maanden nog niet verstreken is sinds de vaststelling van dit feit, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:6:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:6:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:6:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3406,7 +3406,7 @@
##### Artikel 5:7. Grondslag vergoedingsverzoek: disciplinaire maatregel wegens plichtsverzuim
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder j van de CAO PO, als disciplinaire maatregels wegens plichtsverzuim, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:7:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:7:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder j van de CAO PO, als disciplinaire maatregels wegens plichtsverzuim, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:7:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:7:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:7:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3416,7 +3416,7 @@
##### Artikel 5:8. Grondslag vergoedingsverzoek: andere met name genoemde redenen van gewichtige aard
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege redenen van gewichtige aard, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:8:1 tot en met 5:8:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:8:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege redenen van gewichtige aard, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:8:1 tot en met 5:8:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:8:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:8:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3480,7 +3480,7 @@
##### Artikel 5:9. Grondslag vergoedingsverzoek: redenen van gewichtige aard, te weten kwalitatieve fricties
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:9:1 tot en met 5:9:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:9:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is gewichtige omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:9:1 tot en met 5:9:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:9:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:9:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3512,9 +3512,9 @@
##### Artikel 5:9:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:9:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:9:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22), op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 5:9:3.
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:9:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:9:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22), aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:9:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:9:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20), op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 5:9:3.
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:9:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:9:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20), aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -3562,7 +3562,7 @@
##### Artikel 5:10. Grondslag vergoedingsverzoek: andere met name genoemde redenen van gewichtige aard, te weten het met wederzijds goedvinden beëindigen van het dienstverband vanwege ziekte of arbeidsongeschiktheid
Als het dienstverband van de werknemer die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard door het UWV in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057) is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden vanwege redenen van gewichtige aard, zijnde ziekte of arbeidsongeschiktheid, met in achtneming van de bepalingen van het [Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid voor onderwijspersoneel primair onderwijs](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800) (ZAPO), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:10:1 tot en met 5:10:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:10:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband van de werknemer die minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard door het UWV in het kader van de [WIA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019057) is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden vanwege redenen van gewichtige aard, zijnde ziekte of arbeidsongeschiktheid, met in achtneming van de bepalingen van het [Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid voor onderwijspersoneel primair onderwijs](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800) (ZAPO), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:10:1 tot en met 5:10:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:10:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:10:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -3624,7 +3624,7 @@
##### Artikel 5:11. Grondslag vergoedingsverzoek: andere met name genoemde redenen van gewichtige aard, te weten het met wederzijds goedvinden beëindigen van het dienstverband vanwege ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid
Als het dienstverband is beëindigd op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, zijnde andere met name genoemde en aan de werknemer schriftelijk meegedeelde redenen van gewichtige aard, namelijk dat werkgever en werknemer met wederzijds goedvinden het dienstverband willen beëindigen omdat werknemer naar het oordeel van de werkgever in ernstige mate onbekwaam of ongeschikt is voor zijn functie, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder g van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 5:11:1 tot en met 5:11:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:11:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is beëindigd op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, zijnde andere met name genoemde en aan de werknemer schriftelijk meegedeelde redenen van gewichtige aard, namelijk dat werkgever en werknemer met wederzijds goedvinden het dienstverband willen beëindigen omdat werknemer naar het oordeel van de werkgever in ernstige mate onbekwaam of ongeschikt is voor zijn functie, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder g van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 5:11:1 tot en met 5:11:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:11:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:11:1. Meedelen reden beëindiging van het dienstverband aan werknemer
@@ -3686,7 +3686,7 @@
##### Artikel 5:12. Grondslag vergoedingsverzoek: andere met name genoemde redenen van gewichtige aard, te weten het met wederzijds goedvinden beëindigen van het dienstverband vanwege andere met name genoemde redenen van gewichtige aard
Als het dienstverband van de werknemer is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden vanwege redenen van gewichtige aard, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:12:1 tot en met 5:12:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:12:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband van de werknemer is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden vanwege redenen van gewichtige aard, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:12:1 tot en met 5:12:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:12:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:12:1. Meedelen reden beëindiging van het dienstverband aan werknemer
@@ -3748,7 +3748,7 @@
##### Artikel 5:13. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege redenen van gewichtige aard, te weten kwalitatieve fricties
Als het dienstverband is beëindigd op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is redenen van gewichtige aard, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:13:1 tot en met 5:13:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:13:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het dienstverband is beëindigd op grond artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is redenen van gewichtige aard, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:13:1 tot en met 5:13:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:13:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:13:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -3780,9 +3780,9 @@
##### Artikel 5:13:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:13:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:13:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22), op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 5:13:3.
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:13:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:13:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:13:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:13:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20), op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in artikel 5:13:3.
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:13:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:13:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -3834,7 +3834,7 @@
##### Artikel 5:15. Grondslag vergoedingsverzoek: het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21)
Als ontslag is verleend op grond [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21) vanwege het niet meewerken aan re-integratie, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:15:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:15:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21) vanwege het niet meewerken aan re-integratie, komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:15:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.1&artikel=5:15:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:15:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3848,7 +3848,7 @@
##### Artikel 5:17. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband waarbij werknemer dienstverband niet wil voortzetten
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werknemer geen voortzetting van het dienstverband wenst, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:17:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:17:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werknemer geen voortzetting van het dienstverband wenst, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:17:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:17:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in het artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:17:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3858,7 +3858,7 @@
##### Artikel 5:18. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege ziekte/arbeidsongeschiktheid
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van ziekte of arbeidsongeschiktheid zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder f van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:18:1 tot en met 5:18:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:18:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van ziekte of arbeidsongeschiktheid zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder f van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:18:1 tot en met 5:18:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:18:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:18:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3902,7 +3902,7 @@
##### Artikel 5:19. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid voor het verrichten van de functie door de werknemer zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder g van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 5:19:1 tot en met 5:19:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:19:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van ernstige mate van onbekwaamheid of ongeschiktheid voor het verrichten van de functie door de werknemer zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder g van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 5:19:1 tot en met 5:19:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:19:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:19:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3956,7 +3956,7 @@
##### Artikel 5:20. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege onherroepelijke veroordeling tot vrijheidsstraf
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er sprake is van een onherroepelijke veroordeling tot vrijheidsstraf zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder h van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:20:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:20:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er sprake is van een onherroepelijke veroordeling tot vrijheidsstraf zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder h van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:20:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:20:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:20:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3966,7 +3966,7 @@
##### Artikel 5:21. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege bij indiensttreding opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van het bij of in verband met indiensttreding en/of keuring opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen, zonder welke handelwijze niet tot indienstneming of geschiktverklaring zou zijn overgegaan, terwijl de termijn van zes maanden nog niet verstreken is, sinds de vaststelling van dit feit zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder i van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:21:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:21:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van het bij of in verband met indiensttreding en/of keuring opzettelijk verstrekken van onjuiste of onvolledige inlichtingen, zonder welke handelwijze niet tot indienstneming of geschiktverklaring zou zijn overgegaan, terwijl de termijn van zes maanden nog niet verstreken is, sinds de vaststelling van dit feit zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder i van de CAO PO, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:21:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:21:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:21:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -3976,7 +3976,7 @@
##### Artikel 5:22. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege plichtsverzuim
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van plichtsverzuim zoals bedoeld in artikel 4.8, onder j, van de CAO Primair Onderwijs, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:22:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:22:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van plichtsverzuim zoals bedoeld in artikel 4.8, onder j, van de CAO Primair Onderwijs, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:22:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:22:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:22:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -3986,7 +3986,7 @@
##### Artikel 5:23. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband, vanwege redenen van gewichtige aard vanwege kwalitatieve fricties
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikelen 5:23:1 tot en met 5:23:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is gewichtige omstandigheden zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikelen 5:23:1 tot en met 5:23:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:23:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -4018,9 +4018,9 @@
##### Artikel 5:23:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:23:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:23:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:23:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:23:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:23:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:23:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:23:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -4064,7 +4064,7 @@
##### Artikel 5:24. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege redenen van gewichtige aard
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van een reden van gewichtige aard zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:24:1 tot en met 5:24:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:24:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van een reden van gewichtige aard zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:24:1 tot en met 5:24:4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:24:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:24:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -4126,7 +4126,7 @@
##### Artikel 5:25. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege beëindiging van de leerarbeidsovereenkomst van een leraar in opleiding
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de opleidende instelling de leerarbeidsovereenkomst van de leraar in opleiding heeft beëindigd zoals bedoeld in artikel 4.24 van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:25:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:25:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de opleidende instelling de leerarbeidsovereenkomst van de leraar in opleiding heeft beëindigd zoals bedoeld in artikel 4.24 van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:25:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:25:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:25:1. Meedelen reden niet voortzetten tijdelijk dienstverband aan werknemer
@@ -4136,7 +4136,7 @@
##### Artikel 5:26. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege beëindiging van de leerarbeidsovereenkomst van een onderwijsassistent in opleiding
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet vanwege de beëindiging van de leerarbeidsovereenkomst van de onderwijsassistent in opleiding zoals bedoeld in artikel 4.27 van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:26:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:26:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet vanwege de beëindiging van de leerarbeidsovereenkomst van de onderwijsassistent in opleiding zoals bedoeld in artikel 4.27 van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:26:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:26:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:26:1. Meedelen reden niet voortzetten tijdelijk dienstverband aan werknemer
@@ -4146,7 +4146,7 @@
##### Artikel 5:27. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege ontbreken onderwijsbevoegdheid dan wel het verzet van een wettelijke bepaling
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werknemer niet de bij wet voorgeschreven onderwijsbevoegdheid bezit of indien enige overige wettelijke bepaling zich tegen voortzetting van het dienstverband verzet zoals bedoeld in artikel 4.2 van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:27:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:27:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werknemer niet de bij wet voorgeschreven onderwijsbevoegdheid bezit of indien enige overige wettelijke bepaling zich tegen voortzetting van het dienstverband verzet zoals bedoeld in artikel 4.2 van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:27:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:27:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:27:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -4162,7 +4162,7 @@
##### Artikel 5:28. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband, vanwege het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21)
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:28:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:28:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:28:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:28:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:28:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -4174,7 +4174,7 @@
##### Artikel 5:29. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige met ziekteverlof op grond van [ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800)
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:29:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:29:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:29:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:29:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:29:1. Aantonen vervanging wegens ziekte
@@ -4196,7 +4196,7 @@
##### Artikel 5:30. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens schorsing
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:30:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:30:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:30:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:30:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:30:1. Aantonen vervanging wegens schorsing
@@ -4212,7 +4212,7 @@
##### Artikel 5:31. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege vervanging wegens gecompenseerd vakantieverlof, vanwege eerder genoten zwangerschaps-bevallingsverlof op grond van de [Wet arbeid en zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) en verleend en verlof indien werknemer door ziekte minder dan 20 dagen vakantieverlof heeft genoten
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens gecompenseerd vakantieverlof als bedoeld in artikel 8.1, vierde lid van de CAO PO, vanwege eerder genoten zwangerschaps-bevallingsverlof op grond van de [Wet arbeid en zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) en verleend en verlof indien werknemer door ziekte minder dan 20 dagen vakantieverlof heeft genoten niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:31:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:31:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens gecompenseerd vakantieverlof als bedoeld in artikel 8.1, vierde lid van de CAO PO, vanwege eerder genoten zwangerschaps-bevallingsverlof op grond van de [Wet arbeid en zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) en verleend en verlof indien werknemer door ziekte minder dan 20 dagen vakantieverlof heeft genoten niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:31:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:31:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:31:1. Aantonen vervanging wegens gecompenseerd vakantieverlof
@@ -4234,7 +4234,7 @@
##### Artikel 5:32. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens opnieuw verleend verlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens opnieuw verleend verlof als bedoeld in artikel 8.2 van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:32:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:32:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens opnieuw verleend verlof als bedoeld in artikel 8.2 van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:32:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:32:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:32:1. Aantonen vervanging wegens opnieuw verleend verlof
@@ -4256,7 +4256,7 @@
##### Artikel 5:33. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens buitengewoon verlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 8.7 tot en met 8.9, 8.11 tot en met 8.13, 8.15 of 8.18 CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:33:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:33:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens buitengewoon verlof als bedoeld in artikel 8.7 tot en met 8.9, 8.11 tot en met 8.13, 8.15 of 8.18 CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:33:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:33:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:33:1. Aantonen vervanging wegens buitengewoon verlof
@@ -4278,7 +4278,7 @@
##### Artikel 5:34. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof op grond van de [Wet Arbeid en Zorg](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0013008) (WAZO)
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:34:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:34:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:34:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:34:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:34:1. Aantonen vervanging wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof
@@ -4300,7 +4300,7 @@
##### Artikel 5:35. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens ouderschapsverlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens ouderschapsverlof als bedoeld in artikel 8.19 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:35:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:35:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens ouderschapsverlof als bedoeld in artikel 8.19 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:35:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:35:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:35:1. Aantonen vervanging wegens ouderschapsverlof
@@ -4322,7 +4322,7 @@
##### Artikel 5:36. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens spaarverlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens spaarverlof als bedoeld in artikel 8.23 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:36:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:36:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [artikel 5:36:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:36:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens spaarverlof als bedoeld in artikel 8.23 van de CAO PO, niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:36:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:36:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [artikel 5:36:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:36:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:36:1. Aantonen vervanging wegens spaarverlof
@@ -4352,7 +4352,7 @@
##### Artikel 5:37. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband vanwege vervanging afwezige wegens levensloopverlof
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens levensloopverlof als bedoeld in artikel 8.24 van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:37:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:37:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [5:37:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:37:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, in verband met vervanging wegens levensloopverlof als bedoeld in artikel 8.24 van de CAO PO niet wordt voortgezet, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:37:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:37:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [5:37:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:37:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:37:1. Aantonen vervanging wegens levensloopverlof
@@ -4382,7 +4382,7 @@
##### Artikel 5:38. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten van tijdelijk dienstverband, vanwege vervanging afwezige wegens studieverlof op grond van het Scholingsfonds als bedoeld in het ‘Definitief akkoord Convenant Leerkracht van Nederland’ van 1 juli 2008
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:38:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:38:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband dat is aangegaan op grond van artikel 4.4, onder a van de CAO PO, niet wordt, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:38:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:38:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dat artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:38:1. Aantonen vervanging wegens studieverlof op grond van het Scholingsfonds als bedoeld in het ‘Definitief akkoord Convenant Leerkracht van Nederland’ van 1 juli 2008
@@ -4404,7 +4404,7 @@
##### Artikel 5:39. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21)
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:39:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:39:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat sprake is van het niet meewerken aan re-integratie als bedoeld in [artikel 21 ZAPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007800&artikel=21), dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:39:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.2&artikel=5:39:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:39:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -4418,7 +4418,7 @@
##### Artikel 5:40. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:40:1 tot en met 5:40:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:40:1 tot en met 5:40:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:40:1. Reden ontslag aan werknemer meedelen
@@ -4448,9 +4448,9 @@
##### Artikel 5:40:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:40:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:40:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -4478,11 +4478,11 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 5:40:5. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
@@ -4492,7 +4492,7 @@
##### Artikel 5:40:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:40:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:40:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:40:8. Toetsingsdatum
@@ -4526,7 +4526,7 @@
##### Artikel 5:41. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking voor werkgevers met werkgelegenheidsbeleid
Als de werkgever, die de werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:41:1 tot en met 5:41:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:41:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:41:1 tot en met 5:41:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:41:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:41:1. Reden ontslag aan werknemer meedelen
@@ -4580,7 +4580,7 @@
##### Artikel 5:42. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking vanwege reorganisatie
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:42:1 tot en met 5:42:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:42:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:42:1 tot en met 5:42:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:42:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:42:1. Reden ontslag aan werknemer meedelen
@@ -4608,7 +4608,7 @@
##### Artikel 5:43. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking van schoonmaakpersoneel wegens daling van de materiele bekostiging
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de betrekking vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:43:1 tot en met 5:43:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:43:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de betrekking vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:43:1 tot en met 5:43:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:43:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:43:1. Reden ontslag aan werknemer meedelen
@@ -4686,7 +4686,7 @@
##### Artikel 5:44. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking van medewerkers Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:44:1 tot en met 5:44:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:44:1 tot en met 5:44:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:44:1. Reden ontslag aan werknemer meedelen
@@ -4704,9 +4704,9 @@
##### Artikel 5:44:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:44:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:44:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:44:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:44:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:44:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:44:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -4734,7 +4734,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:44:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:44:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:44:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 5:44:5. Afvloeiingsvolgorde
@@ -4780,7 +4780,7 @@
##### Artikel 5:45. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking vanwege daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie voor werkgever met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:45:1 tot en met 5:45:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:45:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:45:1 tot en met 5:45:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:45:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:45:1. Reden ontslag aan werknemer meedelen
@@ -4818,7 +4818,7 @@
##### Artikel 5:46. Grondslag vergoedingsverzoek: opheffing betrekking bij ontslagbeleid vanwege de daling of beëindiging van de gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen (ID-banen)
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:46:1 tot en met 5:46:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:46:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:46:1 tot en met 5:46:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:46:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:46:1. Reden beëindigen dienstverband aan werknemer meedelen
@@ -4842,7 +4842,7 @@
##### Artikel 5:47. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:47:1 tot en met 5:47:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:47:1 tot en met 5:47:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:47:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -4872,9 +4872,9 @@
##### Artikel 5:47:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:47:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:47:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -4902,11 +4902,11 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 5:47:5. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017 wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
@@ -4916,7 +4916,7 @@
##### Artikel 5:47:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:47:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:47:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:47:8. Toetsingsdatum
@@ -4950,7 +4950,7 @@
##### Artikel 5:48. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met werkgelegenheidsbeleid
Als de werkgever, die de werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:48:1 tot en met 5:48:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:48:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:48:1 tot en met 5:48:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:48:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:48:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -5004,7 +5004,7 @@
##### Artikel 5:49. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking vanwege reorganisatie
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:49:1 tot en met 5:49:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:49:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:49:1 tot en met 5:49:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:49:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:49:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -5034,7 +5034,7 @@
##### Artikel 5:50. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking van schoonmaakpersoneel wegens daling van de materiele bekostiging
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de betrekking vanwege daling van de materiele bekostiging, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:50:1 tot en met 5:50:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:50:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging materieel, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de betrekking vanwege daling van de materiele bekostiging, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:50:1 tot en met 5:50:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:50:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:50:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -5112,7 +5112,7 @@
##### Artikel 5:51. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking van medewerkers Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:51:1 tot en met 5:51:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:51:1 tot en met 5:51:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:51:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -5130,9 +5130,9 @@
##### Artikel 5:51:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:51:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:51:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -5160,7 +5160,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:51:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:51:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. t/m. v. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v. is benoemd.
##### Artikel 5:51:5. Afvloeiingsvolgorde
@@ -5206,7 +5206,7 @@
##### Artikel 5:52. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking vanwege daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie voor werkgever met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:52:1 tot en met 5:52:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:52:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een landelijke door de overheid beschikbaar gestelde subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:52:1 tot en met 5:52:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:52:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:52:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -5244,7 +5244,7 @@
##### Artikel 5:53. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging met wederzijds goedvinden vanwege opheffing betrekking vanwege de daling of beëindiging van de gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen (ID-banen) voor werkgevers met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:53:1 tot en met 5:53:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:53:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van een daling of beëindiging van een gemeentelijke bijdrage voor in- en doorstroombanen, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband is beëindigd op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, te weten met wederzijds goedvinden met als reden opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:53:1 tot en met 5:53:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.3&artikel=5:53:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:53:1. Meedelen reden beëindiging dienstverband aan werknemer
@@ -5268,7 +5268,7 @@
##### Artikel 5:54. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing van de betrekking voor werkgever met ontslagbeleid
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:54:1 tot en met 5:54:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:54:1 tot en met 5:54:7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:54:1. Daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden volgens vergelijking
@@ -5292,9 +5292,9 @@
##### Artikel 5:54:2. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:54.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:54.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -5312,13 +5312,13 @@
##### Artikel 5:54:4. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017 wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
##### Artikel 5:54:5. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:54:6. Toetsingsdatum
@@ -5350,7 +5350,7 @@
##### Artikel 5:55. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing van de betrekking voor werkgever met werkgelegenheidsbeleid
Als de werkgever, die de werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:55:1 tot en met 5:55:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:55:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de werkgelegenheidsbeleid als bedoeld in artikel 10.2 van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:55:1 tot en met 5:55:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:55:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:55:1. Daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden volgens vergelijking in geval van werknemers van wie het tijdelijk dienstverband niet wordt voortgezet
@@ -5374,13 +5374,13 @@
##### Artikel 5:55:2. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis in geval van werknemers van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:55:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:55:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22);
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, bedoeld in [artikel 5:55:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:55:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:55:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:55:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20);
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, van wie het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, bedoeld in [artikel 5:55:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:55:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
##### Artikel 5:55:3. Uitgestelde beëindiging van het dienstverband
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Indien er sprake is van uitgestelde beëindiging van een dienstverband, dan wordt de vergelijking op bestuursniveau over drie schooljaren gemaakt. In de vergelijking wordt de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden zoals beschreven in [artikel 5:54:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:54:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) in de schooljaren 2016–2017, 2017–2018 en 2018–2019 vergeleken. Daarna volgt een vergelijking van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden tot de datum waarop het dienstverband beëindigd is, ten opzichte van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
De daling rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per 1 augustus 2017 wordt opgeteld bij de daling, of in mindering gebracht op de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden per de datum van beëindiging van het dienstverband.
@@ -5414,7 +5414,7 @@
##### Artikel 5:56. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege reorganisatie
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:56:1 tot en met 5:56:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:56:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van een reorganisatie als bedoeld in artikel 13.2, vijfde lid, onder a van de CAO PO en in dat kader een met de bonden overeengekomen sociaal plan, zoals bedoeld in artikel 10.3 van de CAO PO uitvoert of heeft uitgevoerd, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:56:1 tot en met 5:56:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:56:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:56:1. Reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer meedelen
@@ -5442,7 +5442,7 @@
##### Artikel 5:57. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband van schoonmaakpersoneel wegens daling van de materiele bekostiging
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de betrekking (artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:57:1 tot en met 5:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:57:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband voor schoonmaakpersoneel dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de betrekking (artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO vanwege daling van de materiele bekostiging en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:57:1 tot en met 5:57:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:57:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:57:1. Daling materiele bekostiging per 1 januari 2019
@@ -5508,7 +5508,7 @@
##### Artikel 5:58. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing betrekking Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:58:1 tot en met 5:58:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:58:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO voert en er is sprake van daling van de bekostiging voor de Centrale Dienst dan wel Samenwerkingsverband, dan komen vergoedingsverzoeken voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:58:1 tot en met 5:58:6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:58:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:58:1. Daling bekostiging volgens vergelijking
@@ -5520,9 +5520,9 @@
##### Artikel 5:58:2. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:58:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:58:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:58:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:58:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:58:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:58:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:58:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:58:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -5576,7 +5576,7 @@
##### Artikel 5:59. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing van de betrekking, vanwege daling of beëindiging van een landelijke subsidie
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO vanwege daling of beëindiging van een landelijke subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt de werkgever die de regeling werkgelegenheidsbeleid of ontslagbeleid (artikel 10.2 of 10.4b van de CAO PO), hanteert voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 5:59:1 tot en met 5:59:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:59:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO vanwege daling of beëindiging van een landelijke subsidie, waaronder ook begrepen subsidie voor een combinatiefunctie als bedoeld in het document ‘bestuurlijke afspraken Impuls brede scholen’, dan komt de werkgever die de regeling werkgelegenheidsbeleid of ontslagbeleid (artikel 10.2 of 10.4b van de CAO PO), hanteert voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden van [artikel 5:59:1 tot en met 5:59:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.4&artikel=5:59:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:59:1. Beëindiging van een landelijk door de overheid beschikbare gestelde subsidie
@@ -5608,7 +5608,7 @@
##### Artikel 5:60. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing betrekking voor werkgevers met ontslagbeleid wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:60:1 tot en met 5:60:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO en er is ontslag verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:60:1 tot en met 5:60:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:60:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -5642,9 +5642,9 @@
##### Artikel 5:60:4. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:60:1**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel **5:60:3**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:60:3**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:60:1**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel **5:60:3**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:60:3**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -5670,7 +5670,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:60:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:60:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 5:60:6. Afvloeiingsvolgorde
@@ -5678,7 +5678,7 @@
##### Artikel 5:60:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:60:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:60:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:60:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:60:8. Toetsingsdatum
@@ -5712,7 +5712,7 @@
##### Artikel 5:61. Grondslag vergoedingsverzoek: ontslag vanwege opheffing voor werkgevers die ten behoeve van de personele gevolgen passend onderwijs een sociaal plan met de vakbonden overeengekomen zijn
Als de werkgever, ontslag verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, wegens daling van de financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering passend onderwijs, een sociaal plan is overeengekomen met de vakcentrales, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:61:1 tot en met 5:61:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:61:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als de werkgever, ontslag verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO, te weten op grond van opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking, wegens daling van de financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering passend onderwijs, een sociaal plan is overeengekomen met de vakcentrales, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:61:1 tot en met 5:61:5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:61:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:61:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -5756,7 +5756,7 @@
##### Artikel 5:62. Grondslag vergoedingsverzoek: vanwege met name genoemde reden van gewichtige aard, te weten kwalitatieve fricties, als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van met name genoemde redenen van gewichtige aard, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:62:1 tot en met 5:62:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als ontslag is verleend op grond van artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, met als reden dat er naar het oordeel van de werkgever sprake is van met name genoemde redenen van gewichtige aard, zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat het naar het oordeel van de werkgever anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien hij aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:62:1 tot en met 5:62:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:62:1. Meedelen reden ontslag aan werknemer
@@ -5788,9 +5788,9 @@
##### Artikel 5:62:4. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:62**:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel **5:62**:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:62**:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:62**:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel **5:62**:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel **5:62**:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -5816,7 +5816,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel **5:62:3**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en iv. met respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel **5:62:3**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en iv. met respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 5:62:6. Afvloeiingsvolgorde
@@ -5824,7 +5824,7 @@
##### Artikel 5:62:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:62:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.5&artikel=5:62:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:62:8. Toetsingsdatum
@@ -5856,7 +5856,7 @@
##### Artikel 5:63. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid, CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:63:1 tot en met 5:63:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever, die de regeling ontslagbeleid als bedoeld in artikel 10.4b van de CAO PO hanteert, en er is sprake van daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden als gevolg van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid, CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:63:1 tot en met 5:63:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:63:1. Overleg, gericht op overeenstemming conform vigerende regel overlegprotocol
@@ -5884,9 +5884,9 @@
##### Artikel 5:63:3. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:63.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:63.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, waarvan het tijdelijke dienstverband niet wordt voortgezet, op jaarbasis gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:63.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:63.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -5908,7 +5908,7 @@
##### Artikel 5:63:6. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:63:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:63:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:63:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:63:7. Toetsingsdatum
@@ -5940,7 +5940,7 @@
##### Artikel 5:64. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege opheffing betrekking wegens daling van de rijksbekostiging van personeel en financiële bijdragen van derden, voor werkgevers die ten behoeve van de personele gevolgen passend onderwijs een sociaal plan met de vakbonden overeengekomen zijn
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:64:1 tot en met 5:64:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:64:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
Als de werkgever met de centrales in het DGO overleg heeft gevoerd over de rechtspositionele gevolgen van de invoering van passend onderwijs, dan komt een vergoedingsverzoek voor toewijzing in aanmerking als het dienstverband dat voor bepaalde tijd is aangegaan op grond van artikel 4.7, tweede lid van de CAO PO na het verstrijken van de tijd waarvoor deze is aangegaan, niet is voortgezet met als reden, opheffing van de instelling of de dienst van de instelling of de betrekking zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder d van de CAO PO en de werkgever heeft aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:64:1 tot en met 5:64:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:64:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voldaan en de in die artikelen genoemde documenten overgelegd.
##### Artikel 5:64:1. Sociaal Plan in geval daling bekostiging als gevolg van de invoering passend onderwijs
@@ -5972,7 +5972,7 @@
##### Artikel 5:65. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband vanwege met name genoemde redenen van gewichtige aard, te weten kwalitatieve fricties, als gevolg van de invoering van passend onderwijs
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat er sprake is van met name genoemde redenen van gewichtige aard zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties, als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat naar het oordeel van de werkgever het anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:65:1 tot en met 5:65:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
Als het tijdelijk dienstverband na het verstrijken van het tijdvak waarvoor het is aangegaan niet wordt voortgezet omdat de werkgever van oordeel is dat er sprake is van met name genoemde redenen van gewichtige aard zoals bedoeld in artikel 4.8, eerste lid, onder k van de CAO PO, vanwege kwalitatieve fricties, als gevolg van de invoering van passend onderwijs, omdat naar het oordeel van de werkgever het anders onmogelijk wordt het gevraagde onderwijs te verzorgen of de verlangde taken uit te voeren, dan komt de werkgever voor toewijzing van een vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:65:1 tot en met 5:65:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in die artikelen genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:65:1. Meedelen reden niet voortzetten aan werknemer
@@ -6004,9 +6004,9 @@
##### Artikel 5:65:4. Daling bekostiging groter of gelijk aan loonkosten op jaarbasis
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:65:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. De werkgever toont aan dat het totale bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:65:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) op jaarbasis, gelijk of lager is dan het bedrag dat gemoeid is met de daling genoemd in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20).
2. De werkgever berekent daartoe het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de werknemer of werknemers, bedoeld in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
3. Bij de berekening van de totale loonkosten van meerdere werknemers brengt de werkgever de volgende rangorde aan:
@@ -6032,7 +6032,7 @@
- v. een vacature op de datum van ontslag;
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
Als van het gestelde onder i., ii., iii., iv. of v. sprake is, in die zin dat het personeel betreft dat werkzaam is in dezelfde functie als die van de ontslagen werknemer/werknemers, dan wordt het bedrag dat gemoeid is met de daling, genoemd in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) verminderd met het bedrag dat gemoeid is met het in dienst houden of nemen van personeel genoemd in i. tot en met iv. respectievelijk met het bedrag dat gemoeid is met de loonkosten van de ontslagen werknemer die niet in de vacature, genoemd onder v., is benoemd.
##### Artikel 5:65:6. Afvloeiingsvolgorde
@@ -6040,7 +6040,7 @@
##### Artikel 5:65:7. Vergelijking per onderwijssoort
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
Een werkgever die zowel werkgever is in de zin van de [WPO](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003420) als van de [WEC](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003549) en die wordt geconfronteerd met een daling van de rijksbekostiging maakt de vergelijking, zoals genoemd in [artikel 5:65:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.6&artikel=5:65:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20) voor de onderwijssoort waar de daling zich heeft voorgedaan. Is er een daling bij beide schoolsoorten dan maakt de werkgever per schoolsoort een vergelijking.
##### Artikel 5:65:8. Toetsingsdatum
@@ -6070,7 +6070,7 @@
##### Artikel 5:66. Grondslag vergoedingsverzoek: beëindiging participatiebaan
Indien er sprake is van de beëindiging van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een participatiebaan als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder d van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:66:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.7&artikel=5:66:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [5:66:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.7&artikel=5:66:2&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde document heeft overgelegd.
Indien er sprake is van de beëindiging van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een participatiebaan als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder d van de CAO PO, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:66:1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.7&artikel=5:66:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [5:66:2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.7&artikel=5:66:2&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde document heeft overgelegd.
##### Artikel 5:66:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -6100,7 +6100,7 @@
##### Artikel 5:67. Grondslag vergoedingsverzoek: niet voortzetten tijdelijk dienstverband ten behoeve van vervanging als bedoeld Bijlage 1B.1, onder b, Bijlage IB.2 en Bijlage IB.3 van de CAO PO 2016–2017
Indien er sprake is van het niet voortzetten van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een tijdelijk dienstverband als bedoeld in Bijlage 1B.1, onder b, Bijlage IB.2 en Bijlage IB.3 van de CAO PO 2016–2017, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:67:1 tot en met 5:67:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.8&artikel=5:67:1&z=2019-01-22&g=2019-01-22) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
Indien er sprake is van het niet voortzetten van een dienstverband van een personeelslid, dat werkzaam is op basis van een tijdelijk dienstverband als bedoeld in Bijlage 1B.1, onder b, Bijlage IB.2 en Bijlage IB.3 van de CAO PO 2016–2017, dan komt de werkgever voor toewijzing van het vergoedingsverzoek in aanmerking indien de werkgever aan de voorwaarden genoemd in [artikel 5:67:1 tot en met 5:67:3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.8&artikel=5:67:1&z=2019-06-20&g=2019-06-20) heeft voldaan en de in dit artikel genoemde documenten heeft overgelegd.
##### Artikel 5:67:1. Meedelen reden niet voortzetten dienstverband aan werknemer
@@ -6140,7 +6140,7 @@
##### Artikel 6:2. Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking met ingang van de dag volgend op die, waarop het in de Staatscourant is gepubliceerd en heeft betrekking op alle dienstverbanden die zijn of worden beëindigd dan wel niet worden voortgezet per of na 1 januari 2019.
Dit reglement treedt in werking met ingang van de dag volgend op die, waarop het in de Staatscourant is gepubliceerd en heeft betrekking op alle dienstverbanden die zijn of worden beëindigd dan wel niet worden voortgezet in de periode van 1 augustus 2018 tot en met 31 juli 2019.
##### Artikel 6:3. Bekendmaking
@@ -6349,13 +6349,13 @@
- b. ten minste € 1.000,– bij een dienstverband van tenminste 6 maanden.
bij de beëindiging van een participatiebaan ([artikel 4:63](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.7&artikel=4:63&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [5:66](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.7&artikel=5:66&z=2019-01-22&g=2019-01-22))
bij de beëindiging van een participatiebaan ([artikel 4:63](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.7&artikel=4:63&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [5:66](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.7&artikel=5:66&z=2019-06-20&g=2019-06-20))
- a. ten minste € 500,– bij een dienstverband van minder dan 12 maanden;
- b. ten minste € 1.000,– bij een dienstverband van 12 maanden of langer.
bij een dienstverband in het kader van vervanging ([artikel 4:64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.8&artikel=4:64&z=2019-01-22&g=2019-01-22) en [5:67](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.8&artikel=5:67&z=2019-01-22&g=2019-01-22)):
bij een dienstverband in het kader van vervanging ([artikel 4:64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=4&paragraaf=4.8&artikel=4:64&z=2019-06-20&g=2019-06-20) en [5:67](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=5&paragraaf=5.8&artikel=5:67&z=2019-06-20&g=2019-06-20)):
- a. € 100,– per afgeronde maand dat de werknemer in dienst is geweest, tot een maximum van € 1.000,–.
@@ -6445,7 +6445,7 @@
Werkgevernummer:
De werkgever wenst, op grond van [artikel 3:3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:3&z=2019-01-22&g=2019-01-22), in aanmerking te komen voor een vrijstelling van de toetsing van de volgende voorwaarden:
De werkgever wenst, op grond van [artikel 3:3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041833&hoofdstuk=3&paragraaf=3.1&artikel=3:3&z=2019-06-20&g=2019-06-20), in aanmerking te komen voor een vrijstelling van de toetsing van de volgende voorwaarden:
- ○. reden beëindiging dienstverband
2019-01-22
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Experti
original version Tekst op deze datum