Wijzigingsgeschiedenis

Besluit van 18 december 2019, houdende regels over de tenuitvoerlegging van strafrechtelijke beslissingen (Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen)

5 versions · 2026-01-01
2026-01-01
Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen
2024-07-01
Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen — arts. 3, 3, 3
2021-07-01
Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen — arts. 3, 3, 3
2020-01-01
Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen — arts. 16, 1,

Wijzigingen op 2020-01-01

@@ -771,157 +771,3 @@
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
##### Artikel 2:5a
1. Onze Minister kan in uitzonderlijke gevallen, waarin niet kan worden volstaan met een vorm van verlof, op verzoek van de veroordeelde, de jeugdige of het openbaar ministerie of ambtshalve strafonderbreking voor bepaalde tijd verlenen.
2. Strafonderbreking op verzoek van de veroordeelde of de jeugdige kan worden verleend wegens uitzonderlijke omstandigheden in de persoonlijke sfeer van de veroordeelde of de jeugdige:
- a. voor de verzorging van een ernstig ziek kind of ernstig zieke levensgezel of ouder van de veroordeelde of jeugdige of voor de verzorging van een ernstig zieke andere relatie van de jeugdige;
- b. voor het bijwonen van de bevalling van de levensgezel;
- c. voor een bezoek aan een in levensgevaar of ernstige psychische nood verkerende levensgezel, kind, ouder, broer, zus, grootouder of schoonouder van de veroordeelde of jeugdige of voor het brengen van een bezoek aan een in levensgevaar of ernstige psychische nood verkerende van een andere relatie van de jeugdige;
- d. voor een bezoek in verband met het overlijden van de levensgezel of van een kind, ouder, broer, zus, grootouder of schoonouder van de veroordeelde of van de jeugdige of in verband met het overlijden van een andere relatie van de jeugdige. Het bezoek kan bestaan uit het bijwonen van de uitvaart, een rouwbezoek, dan wel een bezoek aan graf of columbarium;
- e. voor een bezoek in verband met het niet in staat zijn om naar de inrichting te reizen van een relatie van de jeugdige;
- f. wegens dringende redenen van lichamelijke of psychische aard bij de veroordeelde of de jeugdige, die naar het oordeel van de inrichtingsarts in de weg staan aan voortzetting van de detentie of jeugddetentie;
- g. eenmalig wegens dringende omstandigheden van zakelijke aard, indien de veroordeelde of jeugdige aantoont dat de zakelijke belangen al bestonden voor de aanvang van de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf en dat persoonlijke aanwezigheid bij de behartiging ervan noodzakelijk is;
- h. wegens andere onvoorziene klemmende redenen gelegen in de persoonlijke sfeer, waarbij de aanwezigheid van de veroordeelde of de jeugdige noodzakelijk is.
3. In de gevallen, bedoeld in het tweede lid, onder a tot en met e, kan strafonderbreking slechts worden verleend indien de betreffende toestand of gebeurtenis door een arts respectievelijk een ambtenaar van de burgerlijke stand is bevestigd en is aangetoond dat:
- a. de band tussen de veroordeelde of de jeugdige en de te bezoeken of overleden persoon hecht is of was, en
- b. de te bezoeken persoon respectievelijk de nabestaanden van die persoon geen bezwaar heeft of hebben tegen het bezoek van de veroordeelde of de jeugdige.
4. Strafonderbreking voor bepaalde tijd wordt niet verleend op verzoek van:
- a. een vreemdeling die ongewenst is verklaard of ten aanzien van wie een inreisverbod is uitgevaardigd dan wel ten aanzien van wie een procedure tot ongewenstverklaring of uitvaardiging van een inreisverbod loopt, tenzij aan het besluit tot ongewenstverklaring of uitvaardiging van een inreisverbod schorsende werking is verleend, en
- b. een vreemdeling van wie vaststaat dat deze na het ondergaan van de straf zal worden uitgezet.
##### Artikel 2:5b
De strafonderbreking voor bepaalde tijd duurt niet langer dan noodzakelijk, doch ten hoogste drie maanden.
##### Artikel 2:5c
Bij de beslissing over het verlenen van de strafonderbreking voor bepaalde tijd en het vaststellen van de duur ervan houdt Onze Minister rekening met alle in aanmerking komende belangen. De belangen van de veroordeelde of jeugdige worden afgewogen tegen het algemeen belang. Daarbij wordt zwaar gewicht toegekend aan de risico's voor de continuïteit van de tenuitvoerlegging en voor de maatschappelijke orde en veiligheid, alsmede de belangen van het slachtoffer als bedoeld in [artikel 51a van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=51a).
##### Artikel 2:5d
1. Strafonderbreking voor bepaalde tijd geschiedt onder de algemene voorwaarden dat de veroordeelde of jeugdige:
- a. de strafonderbreking gebruikt voor het doel waarvoor deze is verleend;
- b. zich gedurende de strafonderbreking niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- c. Nederland slechts mag verlaten wanneer deze wegens bijzondere omstandigheden van Onze Minister toestemming heeft gekregen voor verblijf in het buitenland.
2. Aan de strafonderbreking voor bepaalde tijd kunnen daarnaast bijzondere voorwaarden betreffende het gedrag van de veroordeelde of jeugdige worden verbonden. Indien een bijzondere voorwaarde is gesteld, is daaraan van rechtswege de voorwaarde verbonden dat de veroordeelde of jeugdige ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in [artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006297&artikel=1) ter inzage aanbiedt.
3. De bijzondere voorwaarden kunnen inhouden:
- a. een verbod contact te leggen of te laten leggen met bepaalde personen of instellingen;
- b. een verbod zich op of in de directe omgeving van een bepaalde locatie te bevinden;
- c. een verplichting op bepaalde tijdstippen of gedurende een bepaalde periode op een bepaalde locatie aanwezig te zijn of te verblijven;
- d. een verplichting zich op bepaalde tijdstippen te melden bij een bepaalde instantie;
- e. een verbod op het gebruik van verdovende middelen of alcohol en de verplichting ten behoeve van de naleving van dit verbod mee te werken aan bloedonderzoek of urineonderzoek;
- f. een verplichting om een in detentie reeds aangevangen behandeling door een deskundige of zorginstelling voort te zetten gedurende de duur van de strafonderbreking;
- g. elektronisch toezicht;
- h. begeleiding en toezicht door de reclassering of jeugdreclassering en de verplichting medewerking te verlenen aan die begeleiding en dat toezicht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht;
- i. andere voorwaarden, het gedrag van de veroordeelde of jeugdige betreffende, waaraan deze gedurende de duur van de strafonderbreking heeft te voldoen.
##### Artikel 2:5e
Onze Minister kan de verleende strafonderbreking voor bepaalde tijd te allen tijde wijzigen of intrekken. De beslissing tot wijziging of intrekking wordt gemotiveerd.
##### Artikel 2:5f
1. Onze Minister kan strafonderbreking voor onbepaalde tijd verlenen aan een vreemdeling die op grond van [artikel 6:2:10, tweede lid, onder c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=6:2:10) niet in aanmerking komt voor voorwaardelijke invrijheidstelling of een jeugdige die geen rechtmatig verblijf heeft in Nederland in de zin van [artikel 8, onder a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=8).
2. Indien een vrijheidsstraf van ten hoogste drie jaren is opgelegd, kan de strafonderbreking bedoeld in het eerste lid worden verleend nadat tenminste de helft van de straf is ondergaan. Indien een vrijheidsstraf van meer dan drie jaren is opgelegd, kan de strafonderbreking worden verleend nadat ten minste twee derde deel van de straf is ondergaan, met dien verstande dat strafonderbreking niet eerder wordt verleend dan twee jaren voor het einde van de straf.
3. In afwijking van het tweede lid kan bij een vrijheidsstraf van meer dan drie jaren eerder strafonderbreking voor onbepaalde tijd worden verleend indien er sprake is van een bijzonder uitzettingsbelang en ten minste twee derde deel van de straf is ondergaan.
4. Bij de beslissing over de strafonderbreking voor onbepaalde tijd houdt Onze Minister rekening met de omstandigheden van het geval. Bij deze beslissing worden naast het uitzettingsbelang in ieder geval de belangen van het slachtoffer als bedoeld in [artikel 51a van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0001903&artikel=51a), het belang van een geloofwaardige tenuitvoerlegging en strafvorderlijke belangen betrokken.
5. Strafonderbreking voor onbepaalde tijd wordt niet verleend zolang er zicht bestaat op de overdracht van de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf aan een andere staat binnen een redelijke termijn.
6. Aan de strafonderbreking voor onbepaalde tijd wordt de voorwaarde verbonden dat de vreemdeling Nederland verlaat. Indien de vreemdeling naar Nederland terugkeert, wordt de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf hervat.
7. De strafonderbreking voor onbepaalde tijd gaat in op het moment dat de vreemdeling Nederland heeft verlaten.
##### Artikel 2:5g
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over de wijze van verlening van de strafonderbreking.
## Titel 2.2. Schorsing van de voorlopige hechtenis bij jeugdigen
## Titel 2.3. Nazorg bij jeugdigen
## Titel 2.4. Plaatsing in een inrichting voor jeugdigen
#### § 1. Algemene bepalingen
#### § 2. Voorwaardelijke beëindiging door Onze Minister
#### § 3. Verlenging van de maatregel
#### § 4. Voorwaardelijke beëindiging van rechtswege
#### § 5. Omzetting van de maatregel
## Titel 2.5. Delegatie
### Hoofdstuk 3. Vrijheidsbeperkende sancties en voorwaarden
## Titel 3.1. Toezicht op de naleving van voorwaarden
## Titel 3.2. Taakstraffen
#### § 2. Plaatsing taakgestrafte
#### § 3. Uitvoerder taakstraffen
#### § 4. Taakgestrafte
## Titel 3.3. Gedragsbeïnvloedende maatregel
## Titel 3.4. Delegatie
### Hoofdstuk 4. Geldelijke sancties en bijkomende straffen
## Titel 4.1. Algemene bepalingen
## Titel 4.2. Plaats, wijze en termijn van betaling
## Titel 4.3. Verantwoording van de gelden
## Titel 4.4. Administratiekosten en kosten van verhaal
## Titel 4.5. Uitlevering voorwerpen
## Titel 4.6. Voorschot schadevergoedingsmaatregel
## Titel 4.7. Delegatie
### Hoofdstuk 5. Gratie
### Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
2020-01-01
Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen — versión or
original version Tekst op deze datum