Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 18 december 2022, nr. WJZ/ 22555196, tot het verstrekken van subsidies ter uitvoering van beleid gericht op de bevordering van de innovatie- en concurrentiekracht van Nederlandse regio’s (Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s)
7 versions
· 2025-12-23
2025-12-23
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s — arts. 3, 6, 7 y 4 más
2025-10-30
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s — arts. 3, 3, 6 y 11 más
2025-08-29
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s — arts. 3, 6, 7 y 4 más
2024-11-01
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s — arts. 1, 2
Wijzigingen op 2024-11-01
@@ -12,7 +12,7 @@
- **exploitatiesubsidie:** geldmiddelen die de minister beschikbaar stelt als bijdrage voor de exploitatiekosten die rechtstreeks voortvloeien uit de ontwikkeltaken van de regionale ontwikkelingsmaatschappij;
- **Minister:** Minister van Economische Zaken en Klimaat;
- **Minister:** Minister van Economische Zaken;
- **ontwikkeltaken:** de taken innoveren, bestaande uit projectontwikkeling en activiteiten die het innovatie-ecosysteem versterken, en internationaliseren, bestaande uit het aantrekken van buitenlandse bedrijven en de ondersteuning in het internationaal ondernemen van bedrijven;
@@ -26,7 +26,7 @@
##### Artikel 3. (verstrekking subsidie)
De minister verstrekt jaarlijks op aanvraag exploitatiesubsidie aan een regionale ontwikkelingsmaatschappij, voor niet-economische activiteiten die betrekking hebben op de in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660&bijlage=1&z=2023-11-02&g=2023-11-02) bij deze regeling opgenomen taakvelden.
De minister verstrekt jaarlijks op aanvraag exploitatiesubsidie aan een regionale ontwikkelingsmaatschappij, voor niet-economische activiteiten die betrekking hebben op de in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660&bijlage=1&z=2024-11-01&g=2024-11-01) bij deze regeling opgenomen taakvelden.
##### Artikel 4. (aanvraagtermijn)
@@ -44,15 +44,17 @@
- a. de naam, het adres, het nummer waarmee de regionale ontwikkelingsmaatschappij is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel en het rekeningnummer van de subsidieaanvrager;
- b. de gegevens over de contactpersoon bij de subsidieaanvrager, waaronder de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres.
- b. de gegevens over de contactpersoon bij de subsidieaanvrager, waaronder de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres;
- c. indien van toepassing, de omvang van de egalisatiereserve, bedoeld in [artikel 4:72 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:72).
##### Artikel 6. (activiteitenplan)
In aanvulling op [artikel 4:62 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:62) bevat het activiteitenplan een beschrijving van de prestatie-indicatoren waarmee de subsidieaanvrager inzicht geeft in de mate waarin de niet-economische activiteiten, bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2023-11-02&g=2023-11-02), bijdragen aan het bevorderen van de innovatie- en concurrentiekracht van Nederlandse regio’s.
In aanvulling op [artikel 4:62 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:62) bevat het activiteitenplan een beschrijving van de prestatie-indicatoren waarmee de subsidieaanvrager inzicht geeft in de mate waarin de niet-economische activiteiten, bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01), bijdragen aan het bevorderen van de innovatie- en concurrentiekracht van Nederlandse regio’s.
##### Artikel 7. (in aanmerking komende kosten)
Voor subsidie komen in aanmerking de redelijk gemaakte exploitatiekosten die rechtstreeks voortvloeien uit de ontwikkeltaken, voor zover de exploitatiekosten verbonden zijn aan de uitvoering van de niet-economische activiteiten bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2023-11-02&g=2023-11-02), en die zien op:
Voor subsidie komen in aanmerking de redelijk gemaakte exploitatiekosten die rechtstreeks voortvloeien uit de ontwikkeltaken, voor zover de exploitatiekosten verbonden zijn aan de uitvoering van de niet-economische activiteiten bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01), en die zien op:
- a. personeelskosten;
@@ -62,11 +64,11 @@
##### Artikel 8. (subsidieplafond)
De minister maakt jaarlijks uiterlijk op 1 november in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660&bijlage=2&z=2023-11-02&g=2023-11-02) bij deze regeling per regionale ontwikkelingsmaatschappij het subsidieplafond bekend voor de exploitatiesubsidie in het aankomende boekjaar.
De minister maakt jaarlijks uiterlijk op 1 november in [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660&bijlage=2&z=2024-11-01&g=2024-11-01) bij deze regeling per regionale ontwikkelingsmaatschappij het subsidieplafond bekend voor de exploitatiesubsidie in het aankomende boekjaar of de aankomende boekjaren.
##### Artikel 9. (cumulatie)
Indien reeds door een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt voor de subsidiabele kosten van de niet-economische activiteiten, bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2023-11-02&g=2023-11-02), of een deel daarvan, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het bedrag dat krachtens de toepasselijke Europese steunkaders kan worden verstrekt.
Indien reeds door een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt voor de subsidiabele kosten van de niet-economische activiteiten, bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01), of een deel daarvan, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het bedrag dat krachtens de toepasselijke Europese steunkaders kan worden verstrekt.
##### Artikel 10. (afwijzingsgronden)
@@ -94,7 +96,7 @@
8. De subsidieontvanger gebruikt de exploitatiesubsidie niet voor economische activiteiten.
9. Indien de subsidieontvanger naast de niet-economische activiteiten, bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2023-11-02&g=2023-11-02), ook economische activiteiten verricht, voert de subsidieontvanger met betrekking tot de financiering van en de kosten en inkomsten uit economische activiteiten een gescheiden boekhouding.
9. Indien de subsidieontvanger naast de niet-economische activiteiten, bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01), ook economische activiteiten verricht, voert de subsidieontvanger met betrekking tot de financiering van en de kosten en inkomsten uit economische activiteiten een gescheiden boekhouding.
10. De subsidieontvanger zorgt ervoor dat bij de uitvoering van activiteiten voor derden, niet zijnde gesubsidieerde activiteiten:
@@ -102,21 +104,25 @@
- b. de kosten en opbrengsten expliciet zichtbaar worden gemaakt in de begroting respectievelijk de jaarrekening.
11. Indien de subsidie voor twee of meer boekjaren wordt verleend, vormt de subsidieontvanger een egalisatiereserve als bedoeld in [artikel 4:72 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:72).
12. De subsidieontvanger maakt uiterlijk twaalf weken na afloop van het boekjaar alle resultaten die zijn behaald met activiteiten waarvoor in dat boekjaar subsidie is verstrekt openbaar, voor zover hierop geen intellectuele eigendomsrechten zijn of zullen worden gevestigd.
##### Artikel 12. (administratievoorschriften)
1. De inrichting van de administratie sluit aan bij de bij de aanvraag ingediende begroting en activiteitenplan, zodat daaruit ten allen tijde de subsidiabele kosten, bedoeld in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=7&z=2023-11-02&g=2023-11-02), kunnen worden afgelezen.
1. De inrichting van de administratie sluit aan bij de bij de aanvraag ingediende begroting en activiteitenplan, zodat daaruit ten allen tijde de subsidiabele kosten, bedoeld in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=7&z=2024-11-01&g=2024-11-01), kunnen worden afgelezen.
2. Ter zake van de loonkosten is een door middel van een urenadministratie vastgestelde urenverantwoording aanwezig.
##### Artikel 13. (bevoorschotting)
1. De minister verstrekt ambtshalve een voorschot bij de verlening van de exploitatiesubsidie.
2. Het voorschot, bedoeld in het eerste lid, bedraagt 90% van het bedrag dat in het desbetreffende boekjaar is verleend.
1. De minister verstrekt per boekjaar ambtshalve een voorschot.
2. De hoogte van het voorschot, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald door 90% van het bedrag dat op basis van een bepaald subsidieplafond is verleend, te delen door het aantal boekjaren waarvoor de subsidie op basis van dat subsidieplafond is verleend.
##### Artikel 14. (staatssteun)
De subsidie, bedoeld in [artikel 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2023-11-02&g=2023-11-02), bevat geen staatssteun.
De subsidie, bedoeld in [artikel 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01), bevat geen staatssteun.
##### Artikel 15. (subsidievaststelling)
@@ -126,12 +132,14 @@
- a. een rapport van feitelijke bevindingen van een accountant of accountant-administratieconsulent als bedoeld in [artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003045&artikel=393), dat informatie bevat waaruit blijkt dat met de aanvraag tot subsidievaststelling wordt voldaan aan de voorschriften, genoemd in [artikel 4:45 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:45). De subsidieaanvrager stemt voorafgaand aan het indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling de opzet van het rapport van feitelijke bevindingen met de minister af.
- b. een eindrapport waarin het verloop en eindresultaten zijn vastgelegd van de in het activiteitenplan genoemde niet-economische activiteiten, als bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2023-11-02&g=2023-11-02), en waarin aan de hand van de prestatie-indicatoren inzicht wordt gegeven in de mate waarin deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bevorderen van de innovatie- en concurrentiekracht van Nederlandse regio’s.
- b. een eindrapport waarin het verloop en eindresultaten zijn vastgelegd van de in het activiteitenplan genoemde niet-economische activiteiten, als bedoeld in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01), en waarin aan de hand van de prestatie-indicatoren inzicht wordt gegeven in de mate waarin deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bevorderen van de innovatie- en concurrentiekracht van Nederlandse regio’s.
3. De minister geeft de beschikking tot subsidievaststelling binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag daartoe, dan wel nadat de voor het indienen ervan geldende termijn is verstreken.
4. Indien de beschikking tot subsidievaststelling niet binnen de in het derde lid genoemde termijn kan worden gegeven, kan deze termijn eenmaal met dertien weken worden verlengd.
5. Indien de subsidie voor twee of meer boekjaren is verleend en de betreffende subsidiabele activiteiten niet in het voorgaande boekjaar moesten worden afgerond, wordt de subsidie ambtshalve vastgesteld binnen dertien weken na het verstrekken van de gegevens bedoeld in [artikel 4:67, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:67).
##### Artikel 16. (evaluatie)
1. De subsidieontvanger verleent medewerking aan een evaluatie van de effecten van de door hem op grond van deze regeling uitgevoerde activiteiten, voor zover medewerking redelijkerwijs van hem kan worden verlangd.
@@ -158,17 +166,17 @@
Voor het taakveld Ontwikkeling en innovatie zet de regionale ontwikkelingsmaatschappij zich in om het innovatiepotentieel van het innovatieve MKB in topsectoren en clusters te ontsluiten en te versterken. Dit doet de regionale ontwikkelingsmaatschappij door het helpen bij het smeden van samenwerkingsverbanden tussen innovatieve MKB en (kennis)instellingen, zodat zij innovatieve producten en diensten kunnen ontwikkelen met marktpotentie.
Voor het taakveld Ontwikkeling en innovatie zet de regionale ontwikkelingsmaatschappij zich in om het innovatiepotentieel van het innovatieve MKB in topsectoren en clusters te ontsluiten en te versterken. Dit doet de regionale ontwikkelingsmaatschappij door het helpen bij het smeden van samenwerkingsverbanden tussen innovatieve MKB en (kennis)instellingen, zodat zij innovatieve producten en diensten kunnen ontwikkelen met marktpotentie.
Het betreft de volgende activiteiten:
Aandachtspunten bij de hiervoor genoemde activiteiten zijn:
### Taakveld 2 – Internationaliseren
Voor het taakveld Internationaliseren zet de regionale ontwikkelingsmaatschappij zich in voor het aantrekken van buitenlandse bedrijven naar Nederland. Deze buitenlandse bedrijven dienen een wezenlijke bijdrage te (kunnen) leveren aan de innovatie, digitalisering en verduurzaming (met name op het gebied van de topsectoren), en de groei van de regionale economie.
Voor het taakveld Internationaliseren zet de regionale ontwikkelingsmaatschappij zich in voor het aantrekken van buitenlandse bedrijven naar Nederland. Deze buitenlandse bedrijven dienen een wezenlijke bijdrage te (kunnen) leveren aan de innovatie, digitalisering en verduurzaming (met name op het gebied van de topsectoren), en de groei van de regionale economie.
Het betreft de volgende activiteiten:
Aandachtspunt bij de activiteit gevraagd en ongevraagd delen van actualiteiten en ontwikkelingen in de regio onder de taakvelden 1 en 2 is dat de actualiteiten en ontwikkelingen betrekking hebben op individuele bedrijven en clusters uit het netwerk van de regionale ontwikkelingsmaatschappij en in het verlengde liggen van de reguliere activiteiten (investeren, innoveren en internationaliseren).
## Bijlage 2. behorende bij [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=8&z=2023-11-02&g=2023-11-02) (subsidieplafond)
@@ -196,3 +204,56 @@
| ROM Regio Utrecht B.V. | 2024 | 1.317.250 |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
##### Artikel 12a. (begrotingsvoorbehoud)
Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34).
#### § 3. Slotbepalingen
## Bijlage 1. behorende bij [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=3&z=2024-11-01&g=2024-11-01) (taakvelden)
### Taakveld 1 – Ontwikkeling en innovatie
Aandachtspunten bij de hiervoor genoemde activiteiten zijn:
### Taakveld 2 – Internationaliseren
Aandachtspunt bij de activiteit gevraagd en ongevraagd delen van actualiteiten en ontwikkelingen in de regio onder de taakvelden 1 en 2 is dat de actualiteiten en ontwikkelingen betrekking hebben op individuele bedrijven en clusters uit het netwerk van de regionale ontwikkelingsmaatschappij en in het verlengde liggen van de reguliere activiteiten (investeren, innoveren en internationaliseren).
## Bijlage 2. behorende bij [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047660¶graaf=2&artikel=8&z=2024-11-01&g=2024-11-01) (subsidieplafond)
In onderstaande tabel bevinden zich de subsidieplafonds voor de exploitatiesubsidie. Dit betreffen subsidieplafonds voor het huidige en het komende boekjaar of boekjaren.
| Regionale ontwikkelingsmaatschappij | Boekjaar | Subsidieplafond (€) |
| --- | --- | --- |
| Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij Holding B.V. | 2024 | 1.697.000,00 |
| Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij Holding B.V. | 2024–2025 | 90.000,00 |
| Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij Holding B.V. | 2024–2027 | 350.000,00 |
| Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij Holding B.V. | 2025 | 1.487.000,00 |
| Horizon B.V. | 2024 | 730.000,00 |
| Horizon B.V. | 2024–2027 | 200.000,00 |
| Horizon B.V. | 2025 | 730.000,00 |
| Ontwikkelingsmaatschappij Oost Nederland B.V. | 2024 | 1.487.000,00 |
| Ontwikkelingsmaatschappij Oost Nederland B.V. | 2024–2027 | 650.000,00 |
| Ontwikkelingsmaatschappij Oost Nederland B.V. | 2025 | 1.487.000,00 |
| Regionale Ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter B.V. | 2024 | 1.487.000,00 |
| Regionale Ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter B.V. | 2024–2027 | 1.050.000,00 |
| Regionale Ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter B.V. | 2025 | 1.487.000,00 |
| N.V. LIOF | 2024 | 1.492.000,00 |
| N.V. LIOF | 2024–2027 | 100.000,00 |
| N.V. LIOF | 2025 | 1.492.000,00 |
| N.V. NOM, Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord Nederland | 2024 | 1.487.000,00 |
| N.V. NOM, Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord Nederland | 2024–2027 | 50.000,00 |
| N.V. NOM, Investerings- en Ontwikkelingsmaatschappij voor Noord Nederland | 2025 | 1.487.000,00 |
| N.V. Economische Impuls Zeeland | 2024 | 730.000,00 |
| N.V. Economische Impuls Zeeland | 2024–2027 | 200.000,00 |
| N.V. Economische Impuls Zeeland | 2025 | 730.000,00 |
| ROM InWest B.V. | 2024 | 1.355.000,00 |
| ROM InWest B.V. | 2024–2027 | 50.000,00 |
| ROM InWest B.V. | 2025 | 1.355.000,00 |
| ROM Regio Utrecht B.V. | 2024 | 1.377.000,00 |
| ROM Regio Utrecht B.V. | 2024–2027 | 1.350.000,00 |
| ROM Regio Utrecht B.V. | 2025 | 1.377.000,00 |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
2023-11-02
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s — arts. 3, 6, 7 y 7 más
2022-12-21
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s — arts. 3, 1, 1 y 22 más
2022-12-21
Subsidieregeling exploitatiesubsidie ROM’s
original version
Tekst op deze datum