Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 21 september 2023, nr. IENW/BSK-276554, houdende vaststelling van regels inzake geluidwerende voorzieningen aan woningen binnen de geluidcontour voor de luchthaven Schiphol (Regeling gevelisolatie Schiphol 2023)
2 versions
· 2024-01-01
2024-01-01
Regeling gevelisolatie Schiphol 2023 — arts. 1, 3, 4 y 11 más
Wijzigingen op 2024-01-01
@@ -32,7 +32,7 @@
- k. **woonblok:** een groep aan elkaar vast gebouwde woningen.
2. Voor de toepassing van deze regeling is de geluidcontour in dB voor Schiphol de geluidcontour behorende bij de waarde 60 dB Lden, opgenomen in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bij deze regeling.
2. Voor de toepassing van deze regeling is de geluidcontour in dB voor Schiphol de geluidcontour behorende bij de waarde 60 dB Lden, opgenomen in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bij deze regeling.
### Hoofdstuk 2. Reikwijdte
@@ -50,17 +50,17 @@
##### Artikel 3. (Situaties waarin onder bepaalde voorwaarden geluidwerende maatregelen worden aangebracht)
1. Tot het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen wordt niet overgegaan voordat de uitwendige scheidingsconstructie, binnen een door de minister gestelde redelijke termijn, door en op kosten van de eigenaar van de woning in overeenstemming is gebracht met de onder a, bedoelde geluidweringsvoorschriften, indien uit het in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bedoelde onderzoek blijkt dat:
- a. de waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de geluidgevoelige ruimten van een woning, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), meer dan 2 dB lager is dan de waarde die bereikt had moeten worden op grond van de geluidweringsvoorschriften ingevolge het Besluit geluidwering gebouwen of het [Bouwbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005321), en
1. Tot het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen wordt niet overgegaan voordat de uitwendige scheidingsconstructie, binnen een door de minister gestelde redelijke termijn, door en op kosten van de eigenaar van de woning in overeenstemming is gebracht met de onder a, bedoelde geluidweringsvoorschriften, indien uit het in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bedoelde onderzoek blijkt dat:
- a. de waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de geluidgevoelige ruimten van een woning, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), meer dan 2 dB lager is dan de waarde die bereikt had moeten worden op grond van de geluidweringsvoorschriften ingevolge het Besluit geluidwering gebouwen of het [Bouwbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005321), en
- b. de geluidbelasting tenminste 0,5 dB hoger is dan op de datum waarop de vergunning voor het bouwen krachtens welke de woning is gebouwd, is verleend.
2. Indien het eerste lid van toepassing is, vinden de werkzaamheden tot het in overeenstemming brengen met de geluidweringsvoorschriften, bedoeld in het eerste lid, onder a, en het van rijkswege aanbrengen van de geluidwerende maatregelen gelijktijdig plaats, indien de eigenaar daarom verzoekt.
3. Indien uit het in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bedoelde onderzoek blijkt dat:
- a. de eigenaar van de in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde woningen is aangeschreven tot het op zijn kosten treffen van maatregelen als bedoeld in [hoofdstuk III van de Woningwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005181&hoofdstuk=III), en;
3. Indien uit het in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bedoelde onderzoek blijkt dat:
- a. de eigenaar van de in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde woningen is aangeschreven tot het op zijn kosten treffen van maatregelen als bedoeld in [hoofdstuk III van de Besluit bouwwerken leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041297&hoofdstuk=3), en;
- b. die maatregelen verband houden met het kunnen aanbrengen van geluidwerende maatregelen krachtens deze regeling, en;
@@ -70,11 +70,11 @@
##### Artikel 4. (gebreken en achterstallig onderhoud)
1. Indien uit het in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bedoelde onderzoek blijkt dat met betrekking tot de geluidgevoelige ruimten, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), of de bereikbaarheid van die ruimten, niet is voldaan aan de technische voorschriften voor bestaande bouw zoals opgenomen in het [Bouwbesluit 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030461), wordt niet tot het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen overgegaan voordat bedoelde ruimten en bereikbaarheid, binnen een door de minister gestelde redelijke termijn, door en op kosten van de eigenaar van de woning in overeenstemming zijn gebracht met die technische voorschriften.
1. Indien uit het in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bedoelde onderzoek blijkt dat met betrekking tot de geluidgevoelige ruimten, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), of de bereikbaarheid van die ruimten, niet is voldaan aan de technische voorschriften voor bestaande bouw zoals opgenomen in het [Besluit bouwwerken leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041297), wordt niet tot het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen overgegaan voordat bedoelde ruimten en bereikbaarheid, binnen een door de minister gestelde redelijke termijn, door en op kosten van de eigenaar van de woning in overeenstemming zijn gebracht met die technische voorschriften.
2. De minister kan het eerste lid buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang van isolatie van de woning zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
3. Indien uit het onderzoek blijkt dat met betrekking tot de geluidgevoelige ruimten, bedoeld in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), sprake is van zichtbare of aantoonbare constructieve gebreken of van achterstallig onderhoud, waaronder niet wordt verstaan aanpassingen die rechtstreeks voortvloeien uit het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen, die het aanbrengen van geluidwerende maatregelen in de weg staan, wordt niet tot het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen overgegaan voordat bedoelde gebreken en achterstallig onderhoud, binnen een door de minister gestelde redelijke termijn, door en op kosten van de eigenaar van de woning zijn opgeheven.
3. Indien uit het onderzoek blijkt dat met betrekking tot de geluidgevoelige ruimten, bedoeld in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), sprake is van zichtbare of aantoonbare constructieve gebreken of van achterstallig onderhoud, waaronder niet wordt verstaan aanpassingen die rechtstreeks voortvloeien uit het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen, die het aanbrengen van geluidwerende maatregelen in de weg staan, wordt niet tot het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen overgegaan voordat bedoelde gebreken en achterstallig onderhoud, binnen een door de minister gestelde redelijke termijn, door en op kosten van de eigenaar van de woning zijn opgeheven.
4. Indien het eerste of het derde lid van toepassing is, vinden de werkzaamheden tot het in overeenstemming brengen met de eisen, bedoeld in het eerste lid, alsmede het opheffen van constructieve gebreken en van achterstallig onderhoud, bedoeld in het derde lid, en het van rijkswege aanbrengen van de geluidwerende maatregelen gelijktijdig plaats, indien de eigenaar daarom verzoekt.
@@ -82,13 +82,13 @@
##### Artikel 5. (kostenbegrenzing)
De minister kan besluiten geen geluidwerende maatregelen te treffen indien er zwaarwegende bezwaren van bouwkundige aard bestaan tegen het treffen van die maatregelen. Indien andere maatregelen mogelijk zijn om de geluidwering zoveel mogelijk te verbeteren, kan de minister besluiten om die andere maatregelen wel te treffen. Deze andere maatregelen bezitten dan niet de kwaliteit, bedoeld in [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29). De eigenaar van de woning heeft de mogelijkheid om op eigen kosten en binnen een redelijke termijn de zwaarwegende bezwaren van bouwkundige aard weg te nemen, waardoor wel geluidwerende maatregelen kunnen worden getroffen die de kwaliteit, bedoeld in artikel 10 bezitten.
De minister kan besluiten geen geluidwerende maatregelen te treffen indien er zwaarwegende bezwaren van bouwkundige aard bestaan tegen het treffen van die maatregelen. Indien andere maatregelen mogelijk zijn om de geluidwering zoveel mogelijk te verbeteren, kan de minister besluiten om die andere maatregelen wel te treffen. Deze andere maatregelen bezitten dan niet de kwaliteit, bedoeld in [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01). De eigenaar van de woning heeft de mogelijkheid om op eigen kosten en binnen een redelijke termijn de zwaarwegende bezwaren van bouwkundige aard weg te nemen, waardoor wel geluidwerende maatregelen kunnen worden getroffen die de kwaliteit, bedoeld in artikel 10 bezitten.
##### Artikel 6. (situaties waarin geen geluidwerende maatregelen worden aangebracht)
Geluidwerende maatregelen worden niet aangebracht aan de in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde woningen, wanneer ten tijde van de bekendmaking van het gevelisolatieprogramma, bedoeld in [artikel 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2023-09-29&g=2023-09-29):
- a. vast staat dat de geluidgevoelige ruimten van de betreffende woningen reeds voldoen aan [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29), dan wel aan overeenkomstige eisen hadden moeten voldoen op grond van de geluidweringsvoorschriften ingevolge het Besluit geluidwering gebouwen of het [Bouwbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005321);
Geluidwerende maatregelen worden niet aangebracht aan de in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde woningen, wanneer ten tijde van de bekendmaking van het gevelisolatieprogramma, bedoeld in [artikel 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01):
- a. vast staat dat de geluidgevoelige ruimten van de betreffende woningen reeds voldoen aan [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01), dan wel aan overeenkomstige eisen hadden moeten voldoen op grond van de geluidweringsvoorschriften ingevolge het Besluit geluidwering gebouwen of het [Bouwbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005321);
- b. vaststaat dat zij onteigend maar nog bewoond zijn, dan wel de verwachting bestaat dat zij binnen vijf jaar na de bekendmaking van het gevelisolatieprogramma zullen worden of zijn onteigend of dat de bewoning om andere redenen binnen die termijn zal worden gestaakt;
@@ -96,13 +96,13 @@
- d. vast staat dat zij behoren tot de categorieën woonschepen of woonwagens;
- e. de verwachting bestaat dat zij binnen twee jaar na bekendmaking van het gevelisolatieprogramma of na bekendmaking van een deelproject, door het wijzigen of het vervallen van de geluidcontour voor Schiphol, niet meer binnen de geluidcontour die behoort bij de waarde van 60 dB Lden, als bedoeld in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2023-09-29&g=2023-09-29), aanwezig zullen zijn;
- e. de verwachting bestaat dat zij binnen twee jaar na bekendmaking van het gevelisolatieprogramma of na bekendmaking van een deelproject, door het wijzigen of het vervallen van de geluidcontour voor Schiphol, niet meer binnen de geluidcontour die behoort bij de waarde van 60 dB Lden, als bedoeld in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2024-01-01&g=2024-01-01), aanwezig zullen zijn;
### Hoofdstuk 3. Procedure
##### Artikel 7. (gevelisolatieprogramma)
1. De minister stelt in een gevelisolatieprogramma vast welke woningen, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), voor het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen in beschouwing zullen worden genomen. Na vaststelling van het gevelisolatieprogramma, kan de minister deelprojecten vaststellen waarin wordt aangegeven voor welke woningen uit het gevelisolatieprogramma in een daarbij aangegeven periode achtereenvolgens uitvoering wordt gegeven aan de [artikelen 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2023-09-29&g=2023-09-29). De minister kan besluiten voor woningen in een deelproject geen uitvoering te geven aan de artikelen 8 en 9 indien op grond van een besluit tot het wijzigen of vervallen van de geluidcontour voor Schiphol wordt vastgesteld dat de woningen binnen twee jaar na vaststelling van het deelproject niet meer binnen de in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bij deze regeling bedoelde geluidcontour die behoort bij de waarde van 60 dB Lden aanwezig zullen zijn.
1. De minister stelt in een gevelisolatieprogramma vast welke woningen, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), voor het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen in beschouwing zullen worden genomen. Na vaststelling van het gevelisolatieprogramma, kan de minister deelprojecten vaststellen waarin wordt aangegeven voor welke woningen uit het gevelisolatieprogramma in een daarbij aangegeven periode achtereenvolgens uitvoering wordt gegeven aan de [artikelen 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01). De minister kan besluiten voor woningen in een deelproject geen uitvoering te geven aan de artikelen 8 en 9 indien op grond van een besluit tot het wijzigen of vervallen van de geluidcontour voor Schiphol wordt vastgesteld dat de woningen binnen twee jaar na vaststelling van het deelproject niet meer binnen de in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bij deze regeling bedoelde geluidcontour die behoort bij de waarde van 60 dB Lden aanwezig zullen zijn.
2. Tot het moment waarop een geluidcontour voor Schiphol wordt gewijzigd, wordt een woning door de minister slechts éénmaal voor de toepassing van deze regeling in beschouwing genomen.
@@ -120,11 +120,11 @@
- e. de verstrekte vergunningen voor het bouwen of het slopen;
- f. een overzicht van de voor de uitvoering van [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29) noodzakelijke gegevens.
- f. een overzicht van de voor de uitvoering van [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01) noodzakelijke gegevens.
##### Artikel 8. (onderzoek)
1. Aan de in [artikel 7, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2023-09-29&g=2023-09-29), eerste volzin, bedoelde eigenaren wordt, zodra de geluidwerende maatregelen aan de woning die is opgenomen in het gevelisolatieprogramma of een deelproject, in uitvoering worden genomen, verzocht binnen drie weken na verzending van de mededeling, schriftelijk toestemming te verlenen tot het uitvoeren van onderzoek.
1. Aan de in [artikel 7, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01), eerste volzin, bedoelde eigenaren wordt, zodra de geluidwerende maatregelen aan de woning die is opgenomen in het gevelisolatieprogramma of een deelproject, in uitvoering worden genomen, verzocht binnen drie weken na verzending van de mededeling, schriftelijk toestemming te verlenen tot het uitvoeren van onderzoek.
2. Indien de toestemming niet volledig of niet binnen de in het eerste lid genoemde termijn is verleend besluit de minister dat het onderzoek niet kan worden uitgevoerd, tenzij deze schriftelijke toestemming binnen twee weken na de mededeling alsnog wordt verleend, en wordt dit de desbetreffende eigenaren schriftelijk medegedeeld.
@@ -134,37 +134,37 @@
- b. een inventarisatie van bouwtechnische gegevens die van belang zijn voor het vaststellen van de huidige geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de geluidgevoelige ruimten en de eventueel aan te brengen geluidwerende maatregelen;
- c. een opgave van de geluidwerende maatregelen die moeten worden aangebracht om te voldoen aan [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29);
- c. een opgave van de geluidwerende maatregelen die moeten worden aangebracht om te voldoen aan [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- d. indien van toepassing, een raming van de ten laste van de eigenaren komende kosten voor:
- 1°. het uitvoeren van extra maatregelen met betrekking tot het in overeenstemming brengen met de in [artikel 3, eerste lid, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde geluidweringsvoorschriften;
- 2°. het uitvoeren van extra maatregelen met betrekking tot de in [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde aanschrijvingen;
- 3°. het uitvoeren van extra maatregelen met betrekking tot het in overeenstemming brengen met de in [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde technische voorschriften van het [Bouwbesluit 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030461);
- 4°. het in [artikel 4, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde opheffen van gebreken en van achterstallig onderhoud.
- 1°. het uitvoeren van extra maatregelen met betrekking tot het in overeenstemming brengen met de in [artikel 3, eerste lid, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde geluidweringsvoorschriften;
- 2°. het uitvoeren van extra maatregelen met betrekking tot de in [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde aanschrijvingen;
- 3°. het uitvoeren van extra maatregelen met betrekking tot het in overeenstemming brengen met de in [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde technische voorschriften van het [Besluit bouwwerken leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041297);
- 4°. het in [artikel 4, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde opheffen van gebreken en van achterstallig onderhoud.
##### Artikel 9. (Aanbod en overeenkomst)
1. De minister stelt de eigenaren van de woningen die op basis van het onderzoek in overeenstemming moeten worden gebracht met:
- a. de in [artikel 3, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde geluidweringsvoorschriften;
- b. de in [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde aanschrijvingen;
- c. de in [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde technische voorschriften van het [Bouwbesluit 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030461);
- d. de in [artikel 4, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde opheffing van gebreken en van achterstallig onderhoud,
hiervan zo snel mogelijk na ontvangst van de resultaten, bedoeld in [artikel 8, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29), schriftelijk op de hoogte. Aan hen wordt verzocht binnen drie weken na ontvangst van deze mededeling, schriftelijk te verklaren dat zij zich verplichten, om binnen een door de minister gestelde redelijke termijn de onder a tot en met d bedoelde werkzaamheden uit te voeren voorafgaand aan het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen, tenzij toepassing wordt gevraagd van [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29), of van [artikel 4, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2023-09-29&g=2023-09-29).
2. De eigenaren van de woningen die op basis van het onderzoek voor het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen in aanmerking komen, ontvangen zo snel mogelijk na het afronden van het onderzoek een aanbod met betrekking tot de aan te brengen geluidwerende maatregelen, alsmede, indien toepassing wordt gevraagd van [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2023-09-29&g=2023-09-29), of van [artikel 4, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2023-09-29&g=2023-09-29), een voorstel voor een overeenkomst met betrekking tot de in het eerste lid, onderdelen a tot en met d, bedoelde werkzaamheden.
3. Het aanbod kan op verzoek van de eigenaar betrekking hebben op een kleiner aantal geluidgevoelige ruimten dan bedoeld in [artikel 8, derde lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29). Indien de eigenaar het verschil in kosten als bedoeld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=5&z=2023-09-29&g=2023-09-29) voor zijn rekening neemt, wordt bij het aanbod tevens een voorstel voor een overeenkomst bijgevoegd.
4. Indien een situatie als bedoeld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=5&z=2023-09-29&g=2023-09-29) aan de orde is, kan het aanbod betrekking hebben op geluidwerende maatregelen waarmee een lagere waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie ter bescherming van de geluidgevoelige ruimte wordt bereikt dan bedoeld in [artikel 10, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29).
- a. de in [artikel 3, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde geluidweringsvoorschriften;
- b. de in [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde aanschrijvingen;
- c. de in [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde technische voorschriften van het [Besluit bouwwerken leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041297);
- d. de in [artikel 4, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde opheffing van gebreken en van achterstallig onderhoud,
hiervan zo snel mogelijk na ontvangst van de resultaten, bedoeld in [artikel 8, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01), schriftelijk op de hoogte. Aan hen wordt verzocht binnen drie weken na ontvangst van deze mededeling, schriftelijk te verklaren dat zij zich verplichten, om binnen een door de minister gestelde redelijke termijn de onder a tot en met d bedoelde werkzaamheden uit te voeren voorafgaand aan het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen, tenzij toepassing wordt gevraagd van [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), of van [artikel 4, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
2. De eigenaren van de woningen die op basis van het onderzoek voor het van rijkswege aanbrengen van geluidwerende maatregelen in aanmerking komen, ontvangen zo snel mogelijk na het afronden van het onderzoek een aanbod met betrekking tot de aan te brengen geluidwerende maatregelen, alsmede, indien toepassing wordt gevraagd van [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), of van [artikel 4, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), een voorstel voor een overeenkomst met betrekking tot de in het eerste lid, onderdelen a tot en met d, bedoelde werkzaamheden.
3. Het aanbod kan op verzoek van de eigenaar betrekking hebben op een kleiner aantal geluidgevoelige ruimten dan bedoeld in [artikel 8, derde lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01). Indien de eigenaar het verschil in kosten als bedoeld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01) voor zijn rekening neemt, wordt bij het aanbod tevens een voorstel voor een overeenkomst bijgevoegd.
4. Indien een situatie als bedoeld in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01) aan de orde is, kan het aanbod betrekking hebben op geluidwerende maatregelen waarmee een lagere waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie ter bescherming van de geluidgevoelige ruimte wordt bereikt dan bedoeld in [artikel 10, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
5. Indien van toepassing wordt, na ontvangst van de in het eerste lid bedoelde verklaring, het in het tweede lid bedoelde aanbod gedaan onder de voorwaarde dat de in het eerste lid, onder a tot en met d, bedoelde werkzaamheden binnen een door de minister gestelde redelijke termijn zijn uitgevoerd.
@@ -176,17 +176,17 @@
- b. zij zich verbinden tot het uitvoeren van de in het eerste lid, onder a tot en met d, bedoelde werkzaamheden;
- c. zij zich verbinden tot het nakomen van de uit [artikel 8, derde lid, aanhef en onder d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29), volgende betalingsverplichtingen;
- c. zij zich verbinden tot het nakomen van de uit [artikel 8, derde lid, aanhef en onder d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01), volgende betalingsverplichtingen;
- d. zij de bij het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen verwijderde onderdelen prijsgeven;
- e. zij zich, indien van toepassing, verbinden tot het betalen van de in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=5&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bedoelde kosten.
- e. zij zich, indien van toepassing, verbinden tot het betalen van de in [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bedoelde kosten.
8. Na ondertekening van het aanbod en, indien van toepassing, van de overeenkomst, bedoeld in het tweede lid, besluit de minister omtrent de geluidwerende maatregelen en wordt de desbetreffende eigenaren hiervan schriftelijk mededeling gedaan en schriftelijk medegedeeld wanneer de geluidwerende maatregelen naar verwachting zullen worden aangebracht.
9. In geval de ondertekening van het aanbod en, indien van toepassing, van de overeenkomst, niet binnen de in het zevende lid genoemde termijn heeft plaatsgevonden, besluit de minister dat dat geen geluidwerende maatregelen worden aangebracht, tenzij deze schriftelijke toestemming binnen twee weken alsnog wordt verleend, en wordt dit schriftelijk aan de desbetreffende eigenaren medegedeeld.
10. Indien een eigenaar geen toestemming heeft verleend voor het onderzoek, bedoeld in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2023-09-29&g=2023-09-29) of niet instemt met het aanbod bedoeld in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2023-09-29&g=2023-09-29), vervalt de verplichting tot het treffen van geluidwerende maatregelen op grond van deze regeling.
10. Indien een eigenaar geen toestemming heeft verleend voor het onderzoek, bedoeld in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01) of niet instemt met het aanbod bedoeld in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01), vervalt de verplichting tot het treffen van geluidwerende maatregelen op grond van deze regeling.
11. De minister laat het in het tiende lid bedoelde vervallen van de verplichting tot het treffen van geluidwerende maatregelen zo spoedig mogelijk inschrijven in de openbare registers, bedoeld in [afdeling 2, titel 1, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005291&titeldeel=1). [Artikel 24, eerste lid, van Boek 3 van dat wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005291&artikel=24) is niet van toepassing.
@@ -194,13 +194,13 @@
##### Artikel 10. (kwaliteit van de geluidwerende maatregelen)
1. Geluidwerende maatregelen die worden aangebracht ingevolge [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), moeten een zodanige kwaliteit bezitten dat de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van een geluidgevoelige ruimte een zodanige volgens NEN 5077 bepaalde geluidwering heeft, dat de waarde ten minste gelijk is aan de rekenbelasting op de uitwendige scheidingsconstructie verminderd met 33 dB. Daarbij wordt voor de rekenbelasting uitgegaan van de geluidbelasting op de uitwendige scheidingsconstructie, zoals opgenomen in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2023-09-29&g=2023-09-29), vermeerderd met 5 dB.
1. Geluidwerende maatregelen die worden aangebracht ingevolge [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), moeten een zodanige kwaliteit bezitten dat de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van een geluidgevoelige ruimte een zodanige volgens NEN 5077 bepaalde geluidwering heeft, dat de waarde ten minste gelijk is aan de rekenbelasting op de uitwendige scheidingsconstructie verminderd met 33 dB. Daarbij wordt voor de rekenbelasting uitgegaan van de geluidbelasting op de uitwendige scheidingsconstructie, zoals opgenomen in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=1&z=2024-01-01&g=2024-01-01), vermeerderd met 5 dB.
2. De waarde van de geluidwering bedraagt ongeacht het bepaalde in het eerste lid ten hoogste 40 dB.
3. De krachtens het eerste lid aan te brengen geluidwerende maatregelen worden bepaald volgens [artikel 4 van bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bij deze regeling. In afwijking van de eerste volzin, kunnen ten aanzien van een woonblok om redenen van architectonische waarde of eenvormig aanzicht identieke geluidwerende maatregelen worden aangebracht. Bij toepassing van de tweede volzin worden aan de bedoelde woningen de geluidwerende maatregelen aangebracht die voor de woning met de hoogste geluidsbelasting zijn vastgesteld.
4. Indien sprake is van een aanbod als bedoeld in [artikel 9, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2023-09-29&g=2023-09-29), is het eerste lid alleen van toepassing op die geluidgevoelige ruimten ten behoeve waarvan geluidwerende maatregelen worden aangebracht.
3. De krachtens het eerste lid aan te brengen geluidwerende maatregelen worden bepaald volgens [artikel 4 van bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bij deze regeling. In afwijking van de eerste volzin, kunnen ten aanzien van een woonblok om redenen van architectonische waarde of eenvormig aanzicht identieke geluidwerende maatregelen worden aangebracht. Bij toepassing van de tweede volzin worden aan de bedoelde woningen de geluidwerende maatregelen aangebracht die voor de woning met de hoogste geluidsbelasting zijn vastgesteld.
4. Indien sprake is van een aanbod als bedoeld in [artikel 9, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01), is het eerste lid alleen van toepassing op die geluidgevoelige ruimten ten behoeve waarvan geluidwerende maatregelen worden aangebracht.
##### Artikel 11. (wooncomfort en levensduur)
@@ -212,19 +212,19 @@
2. De minister is belast met het toezicht op de uitvoering van het bepaalde in het eerste lid.
3. De te bereiken geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie als bedoeld in [artikel 10, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29), wordt bij ten minste één op de twintig woningen, waaraan geluidwerende maatregelen krachtens deze regeling zijn aangebracht, door de minister door middel van meting gecontroleerd, volgens de in [artikel 3 van bijlage 2 bij deze regeling](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29) bedoelde meetmethode. De minister voert de meting uit tussen de gereedmelding en de oplevering van de woning.
4. Indien het resultaat van een meting als bedoeld in het derde lid een waarde oplevert die niet meer dan 2 dB lager is dan de vereiste waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de geluidgevoelige ruimte, wordt de waarde van de geluidwering geacht gelijk te zijn aan de vereiste waarde. Indien het resultaat van de meting een waarde oplevert die meer dan 2 dB lager is, draagt de minister ervoor zorg dat alsnog wordt voldaan aan [artikel 10, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29).
3. De te bereiken geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie als bedoeld in [artikel 10, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01), wordt bij ten minste één op de twintig woningen, waaraan geluidwerende maatregelen krachtens deze regeling zijn aangebracht, door de minister door middel van meting gecontroleerd, volgens de in [artikel 3 van bijlage 2 bij deze regeling](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&bijlage=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) bedoelde meetmethode. De minister voert de meting uit tussen de gereedmelding en de oplevering van de woning.
4. Indien het resultaat van een meting als bedoeld in het derde lid een waarde oplevert die niet meer dan 2 dB lager is dan de vereiste waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de geluidgevoelige ruimte, wordt de waarde van de geluidwering geacht gelijk te zijn aan de vereiste waarde. Indien het resultaat van de meting een waarde oplevert die meer dan 2 dB lager is, draagt de minister ervoor zorg dat alsnog wordt voldaan aan [artikel 10, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
### Hoofdstuk 5. Financiën
##### Artikel 13. (verstrekking)
Indien anders dan met toepassing van deze regeling aan een in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2023-09-29&g=2023-09-29), bedoelde geluidgevoelige ruimte, geluidwerende maatregelen zijn aangebracht, worden deze niet voor bekostiging door het Rijk in beschouwing genomen.
Indien anders dan met toepassing van deze regeling aan een in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), bedoelde geluidgevoelige ruimte, geluidwerende maatregelen zijn aangebracht, worden deze niet voor bekostiging door het Rijk in beschouwing genomen.
##### Artikel 14. (mindering bij vrijwillige uitkoop)
In het aanbod, bedoeld in [artikel 9, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2023-09-29&g=2023-09-29), dan wel in een afzonderlijk voorstel voor een overeenkomst, wordt een bepaling opgenomen dat indien de woning of het andere geluidgevoelige gebouw waaraan op ’s rijks kosten geluidwerende maatregelen zijn aangebracht, naderhand door het Rijk in eigendom wordt verworven, de door het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen toegenomen marktwaarde op de koopprijs in mindering wordt gebracht. Het in mindering te brengen bedrag wordt verlaagd met ééntiende gedeelte daarvan voor elk jaar dat is verstreken na het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen.
In het aanbod, bedoeld in [artikel 9, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01), dan wel in een afzonderlijk voorstel voor een overeenkomst, wordt een bepaling opgenomen dat indien de woning of het andere geluidgevoelige gebouw waaraan op ’s rijks kosten geluidwerende maatregelen zijn aangebracht, naderhand door het Rijk in eigendom wordt verworven, de door het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen toegenomen marktwaarde op de koopprijs in mindering wordt gebracht. Het in mindering te brengen bedrag wordt verlaagd met ééntiende gedeelte daarvan voor elk jaar dat is verstreken na het aanbrengen van de geluidwerende maatregelen.
##### Artikel 15. (onderaanneming)
@@ -248,9 +248,9 @@
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling gevelisolatie Schiphol 2023.
## Bijlage 1. Behorend bij [artikel 1, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2023-09-29&g=2023-09-29), van de Regeling gevelisolatie Schiphol 2023. Kaart met 60 dB Lden contour Schiphol (bij indicatief verkeersscenario 440k vluchten) als bedoeld in de [artikelen 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2023-09-29&g=2023-09-29), [7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2023-09-29&g=2023-09-29) en [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29)
## Bijlage 2. behorend bij de [artikelen 6, onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2023-09-29&g=2023-09-29), [10, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2023-09-29&g=2023-09-29) en [12, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=12&z=2023-09-29&g=2023-09-29) van de Regeling gevelisolatie Schiphol 2023. Technisch voorschrift als bedoeld in de artikelen 6, 10 en 12
## Bijlage 1. Behorend bij [artikel 1, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2024-01-01&g=2024-01-01), van de Regeling gevelisolatie Schiphol 2023. Kaart met 60 dB Lden contour Schiphol (bij indicatief verkeersscenario 440k vluchten) als bedoeld in de [artikelen 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=3&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01)
## Bijlage 2. behorend bij de [artikelen 6, onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [10, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [12, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0048658&hoofdstuk=4&artikel=12&z=2024-01-01&g=2024-01-01) van de Regeling gevelisolatie Schiphol 2023. Technisch voorschrift als bedoeld in de artikelen 6, 10 en 12
### Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
2023-09-29
Regeling gevelisolatie Schiphol 2023
original version
Tekst op deze datum