Verdrag tot samenwerking inzake octrooien
- ii. specifiek voor de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, elke voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, mits de aldus tot subgemachtigde benoemde persoon het recht heeft op te treden voor het nationale bureau dat of de intergouvernementele organisatie die fungeert als de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, al naar gelang van het geval.
90.2. Gemeenschappelijke vertegenwoordiger
- a. Wanneer er meer dan een aanvrager is en de aanvragers niet een gemachtigde hebben benoemd die hen allen vertegenwoordigt ingevolge Regel 90.1 a (een „gemeenschappelijke gemachtigde”), kan een van de aanvragers die ingevolge artikel 9 bevoegd is een internationale aanvrage in te dienen door de andere aanvragers tot hun gemeenschappelijke vertegenwoordiger worden benoemd.
- b. Wanneer er meer dan een aanvrager is en niet door alle aanvragers een gemeenschappelijke gemachtigde is benoemd ingevolge Regel 90.1 a of een gemeenschappelijke vertegenwoordiger ingevolge paragraaf a, wordt de in het verzoekschrift als eerste genoemde aanvrager die ingevolge Regel 19.1 bevoegd is een internationale aanvrage in te dienen bij het ontvangende bureau beschouwd als de gemeenschappelijke vertegenwoordiger van alle aanvragers.
90.3. Rechtsgevolgen van handelingen verricht door of met betrekking tot gemachtigden en gemeenschappelijke vertegenwoordigers
- a. Een handeling verricht door of met betrekking tot een gemachtigde heeft het rechtsgevolg van een handeling verricht door of met betrekking tot de betrokken aanvrager(s).
- b. Indien er meer dan één gemachtigde is die dezelfde aanvrager(s) vertegenwoordigt, heeft een handeling verricht door of met betrekking tot één van die gemachtigden het rechtsgevolg van een handeling verricht door of met betrekking tot bedoelde aanvrager(s).
- c. Behoudens Regel 90bis.5, tweede volzin, heeft een handeling verricht door of met betrekking tot een gemeenschappelijke vertegenwoordiger of diens gemachtigde het rechtsgevolg van een handeling verricht door of met betrekking tot alle aanvragers.
90.4. Wijze van benoeming van een gemachtigde of gemeenschappelijke vertegenwoordiger
- a. Om een gemachtigde te benoemen moet de aanvrager het verzoekschrift, het verzoek of een afzonderlijke volmacht ondertekenen. Wanneer er meer dan één aanvrager is, moet elke aanvrager, om een gemeenschappelijke gemachtigde of gemeenschappelijke vertegenwoordiger te benoemen, naar keuze, het verzoekschrift, het verzoek of een afzonderlijke volmacht ondertekenen.
- b. Onverminderd Regel 90.5 wordt een afzonderlijke volmacht toegezonden aan hetzij het ontvangende bureau, hetzij het Internationale Bureau, met dien verstande dat indien in een volmacht een gemachtigde ingevolge Regel 90.1 b, b-bis, c of d ii wordt benoemd, de volmacht wordt toegezonden aan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, al naar gelang van het geval.
- c. Indien de afzonderlijke volmacht niet is ondertekend, of indien de vereiste afzonderlijke volmacht ontbreekt, of indien de aanduiding van de naam en het adres van de benoemde persoon niet voldoet aan Regel 4.4, wordt de volmacht als niet-bestaand beschouwd, tenzij het gebrek wordt hersteld.
- d. Onverminderd paragraaf e kan elk ontvangend bureau, elke Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, elke Instantie die bevoegd is tot het verrichten van aanvullend nieuwheidsonderzoek, elke Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling en het Internationaal Bureau ontheffing verlenen van het vereiste ingevolge paragraaf b dat er een afzonderlijke volmacht moet worden ingediend, in welk geval paragraaf c niet van toepassing is.
- e. Wanneer de gemachtigde of gemeenschappelijke vertegenwoordiger een kennisgeving van intrekking indient als bedoeld in de Regels 90bis. 1 tot en met 90bis. 4, wordt geen ontheffing ingevolge paragraaf d. verleend van het vereiste ingevolge paragraaf b. dat er een afzonderlijke volmacht moet worden ingediend.
90.5. Algemene volmacht
- a. De benoeming van een gemachtigde met betrekking tot een bepaalde internationale aanvrage kan geschieden door in het verzoekschrift, het verzoek of een afzonderlijke kennisgeving te verwijzen naar een bestaande afzonderlijke volmacht waarbij die gemachtigde wordt benoemd om de aanvrager te vertegenwoordigen met betrekking tot een internationale aanvrage die de aanvrager zou kunnen indienen („algemene volmacht”), mits:
- i. de algemene volmacht is gedeponeerd in overeenstemming met paragraaf b, en
- ii. een afschrift hiervan wordt gehecht aan het verzoekschrift, het verzoek of de afzonderlijke kennisgeving, naar gelang het geval; dit afschrift behoeft niet te worden ondertekend.
- b. De algemene volmacht dient te worden gedeponeerd bij het ontvangende bureau, met dien verstande dat indien daarin een gemachtigde ingevolge Regel 90.1 b, b-bis, c of d ii wordt benoemd, de volmacht dient te worden gedeponeerd bij de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, al naar gelang van het geval.
- c. Elk ontvangend bureau, elke Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, elke instantie die bevoegd is tot het verrichten van aanvullend nieuwheidsonderzoek en elke Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling kan afzien van het vereiste ingevolge paragraaf a ii dat aan het verzoekschrift, het verzoek of de afzonderlijke kennisgeving, al naar gelang van het geval, een afschrift van de algemene volmacht wordt gehecht.
- d. Onverminderd paragraaf c, indien de gemachtigde bij het ontvangende bureau, de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie, de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling of het Internationale Bureau, al naar gelang van het geval, een kennisgeving van intrekking indient zoals bedoeld in de Regels 90bis.1 tot en met 90bis.4, dient aan dat bureau of die Instantie een afschrift van de algemene volmacht te worden toegezonden.
90.6. Herroeping en bedanking
- a. Een benoeming van een gemachtigde of gemeenschappelijke vertegenwoordiger kan worden herroepen door degenen die de benoeming hebben verricht of door hun rechtsopvolgers, in welk geval een benoeming van een plaatsvervanger ingevolge Regel 90.1 d door die gemachtigde ook als herroepen wordt beschouwd. Een benoeming van een plaatsvervanger ingevolge Regel 90.1 d kan ook door de betrokken aanvrager worden herroepen.
- b. De benoeming van een gemachtigde ingevolge Regel 90.1 a heeft, tenzij anders is aangegeven, tot gevolg dat een eerdere benoeming van een gemachtigde ingevolge die regel wordt herroepen.
- c. De benoeming van een gemeenschappelijke vertegenwoordiger heeft, tenzij anders is aangegeven, tot gevolg dat een eerdere benoeming van een gemeenschappelijke vertegenwoordiger wordt herroepen.
- d. Een gemachtigde of gemeenschappelijke vertegenwoordiger kan zijn benoeming bedanken door middel van een door hem ondertekende kennisgeving.
- e. Regel 90.4 b en c is van overeenkomstige toepassing op een document dat een herroeping of bedanking ingevolge deze Regel inhoudt.
Regel 90bis. Intrekkingen
90bis.1. Intrekking van de internationale aanvraag
- a. De aanvrager kan de internationale aanvrage te allen tijde intrekken vóór het verstrijken van dertig maanden te rekenen van de datum van voorrang.
- b. De intrekking wordt van kracht na ontvangst van een kennisgeving die de aanvrager, naar keuze, heeft gericht tot het Internationale Bureau, het ontvangende bureau of, indien artikel 39, eerste lid, van toepassing is, tot de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
- c. Er vindt geen internationale publikatie van de internationale aanvrage plaats indien de door de aanvrager verzonden of door het ontvangende bureau dan wel de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling doorgezonden kennisgeving van intrekking het Internationale Bureau bereikt voordat de technische voorbereidingen voor de internationale publikatie zijn voltooid.
90bis.2. Intrekking van aanwijzingen
- a. De aanvrager kan de aanwijzing van een aangewezen Staat te allen tijde intrekken vóór het verstrijken van dertig maanden te rekenen van de datum van voorrang. Intrekking van de aanwijzing van een Staat die gekozen is brengt de intrekking van de desbetreffende keuze ingevolge regel 90bis.4 met zich mee.
- b. Wanneer een Staat is aangewezen met het oog op de verkrijging van zowel een nationaal als een regionaal octrooi, wordt de intrekking van de aanwijzing van die Staat slechts opgevat als intrekking van de aanwijzing met het oog op de verkrijging van een nationaal octrooi, tenzij anders is aangegeven.
- c. Intrekking van de aanwijzingen van alle aangewezen Staten wordt aangemerkt als intrekking van de internationale aanvrage ingevolge Regel 90bis.1.
- d. De intrekking wordt van kracht na ontvangst van een kennisgeving die de aanvrager, naar keuze, heeft gericht tot het Internationale Bureau, het ontvangende bureau of, indien artikel 39, eerste lid, van toepassing is, tot de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
- e. Er vindt geen internationale publikatie van de aanwijzing plaats indien de door de aanvrager verzonden of door het ontvangende bureau dan wel de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling doorgezonden kennisgeving van intrekking het Internationale Bureau bereikt voordat de technische voorbereidingen voor de internationale publikatie zijn voltooid.
90bis.3. Intrekking van een beroep op een recht van voorrang
- a. De aanvrager kan een beroep op een recht van voorrang, gedaan in een internationale aanvrage ingevolge artikel 8, eerste lid, te allen tijde intrekken vóór het verstrijken van dertig maanden te rekenen van de datum van voorrang.
- b. Wanneer de internationale aanvrage meer dan één beroep op een recht van voorrang bevat, kan de aanvrager het in paragraaf a bedoelde recht uitoefenen ten aanzien van één of meer of alle ingeroepen rechten.
- c. De intrekking wordt van kracht na ontvangst van een kennisgeving die de aanvrager, naar keuze, heeft gericht tot het Internationale Bureau, het ontvangende bureau of, indien artikel 39, eerste lid, van toepassing is, tot de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
- d. Wanneer de intrekking van een beroep op een recht van voorrang leidt tot verandering van de datum van voorrang, wordt een termijn die is berekend vanaf de oorspronkelijke datum van voorrang en die nog niet is verstreken, behoudens het in paragraaf e bepaalde, berekend vanaf de datum van voorrang die uit de wijziging voortvloeit.
- e. In geval van de in artikel 21, tweede lid, a, bedoelde termijn kan het Internationale Bureau niettemin overgaan tot de internationale publikatie op grond van bedoelde termijn zoals berekend vanaf de oorspronkelijke datum van voorrang, indien de door de aanvrager verzonden of door het ontvangende bureau dan wel de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling doorgezonden kennisgeving van intrekking het Internationale Bureau bereikt nadat de technische voorbereidingen voor de internationale publikatie zijn voltooid.
90bis.3bis. Intrekking van een verzoek om aanvullend nieuwheidsonderzoek
- a. De aanvrager kan een verzoek om een aanvullend nieuwheidsonderzoek te allen tijde intrekken voor de datum van verzending aan de aanvrager en aan het Internationale Bureau ingevolge Regel 45bis.8 a van het verslag van het aanvullende internationale nieuwheidsonderzoek of van de verklaring dat een dergelijk verslag niet zal worden opgesteld.
- b. De intrekking wordt van kracht na ontvangst, binnen de termijn uit hoofde van paragraaf a, van een kennisgeving, naar keuze van de aanvrager, aan de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie of het Internationale Bureau, mits, indien de kennisgeving de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie niet tijdig mocht bereiken teneinde verzending van het verslag of de verklaring bedoeld in paragraaf a te voorkomen, de toezending van dat verslag of die verklaring ingevolge artikel 20, eerste lid, zoals van toepassing uit hoofde van Regel 45bis.8 b, desalniettemin plaatsvindt.
90bis.4. Intrekking van het verzoek om een internationale voorlopige beoordeling of van keuzen
- a. De aanvrager kan het verzoek om een internationale voorlopige beoordeling of één of alle keuzen te allen tijde intrekken vóór het verstrijken van 30 maanden te rekenen van de datum van voorrang.
- b. De intrekking wordt van kracht na ontvangst van een door de aanvrager aan het Internationale Bureau gerichte kennisgeving.
- c. Indien de kennisgeving van intrekking door de aanvrager wordt ingediend bij de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, tekent die Instantie de datum van ontvangst aan op de kennisgeving en zendt zij deze onverwijld door naar het Internationale Bureau. De kennisgeving wordt geacht bij het Internationale Bureau te zijn ingediend op de aangetekende datum.
90bis.5. Ondertekening
Een in de Regels 90bis.1 tot en met 90bis.4 bedoelde kennisgeving van intrekking dient door de aanvrager, of indien er meer dan een aanvrager is, door alle aanvragers te worden ondertekend. Een aanvrager die ingevolge Regel 90.2(b) als de gemeenschappelijke vertegenwoordiger wordt beschouwd, is niet gerechtigd een dergelijke kennisgeving namens de andere aanvragers te ondertekenen.
90bis.6. Gevolg van een intrekking
- a. De intrekking ingevolge Regel 90bis van de internationale aanvrage, een aanwijzing, een beroep op een recht van voorrang, het verzoek of een keuze heeft geen gevolg bij een aangewezen of gekozen bureau waar de behandeling of beoordeling van de internationale aanvrage reeds is begonnen ingevolge artikel 23, tweede lid, of artikel 40, tweede lid.
- b. Wanneer de internationale aanvrage wordt ingetrokken ingevolge Regel 90bis.1, wordt de internationale behandeling van de internationale aanvrage beëindigd.
- b-bis. Indien een verzoek om aanvullend nieuwheidsonderzoek ingevolge Regel 90bis.3bis wordt ingetrokken, wordt het aanvullende internationale nieuwheidsonderzoek door de desbetreffende Instantie beëindigd.
- c. Wanneer het verzoek of alle keuzen worden ingetrokken ingevolge Regel 90bis.4, wordt de behandeling van de internationale aanvrage door de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling beëindigd.
90bis.7. Bevoegdheid ingevolge artikel 37, vierde lid, b
- a. Een Verdragsluitende Staat waarvan de nationale wetgeving bepalingen vervat zoals bedoeld in het tweede gedeelte van artikel 37, vierde lid, onder b, stelt het Internationale Bureau hiervan schriftelijk in kennis.
- b. De in paragraaf a bedoelde kennisgeving wordt door het Internationale Bureau onverwijld gepubliceerd in het mededelingenblad en is van kracht ten aanzien van internationale aanvragen die meer dan een maand na de datum van bedoelde publikatie worden ingediend.
Regel 91. Verbetering van kennelijke fouten in de internationale aanvrage en andere documenten
91.1. Verbetering van kennelijke fouten
- a. Een kennelijke fout in de internationale aanvrage of in een ander door de aanvrager ingediend document kan in overeenstemming met deze Regel worden verbeterd indien de aanvrager daarom verzoekt.
- b. Verbetering van een fout geschiedt op voorwaarde van machtiging door de „bevoegde autoriteit”, dat wil zeggen:
- i. in het geval van een fout in het deel van de internationale aanvrage dat het verzoekschrift bevat of in een verbetering daarvan – door het ontvangende bureau;
- ii. in het geval van een fout in de beschrijving, conclusies of tekeningen of in een verbetering daarvan, tenzij de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling bevoegd is ingevolge iii – door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek;
- iii. in het geval van een fout in de beschrijving, conclusies of tekeningen of in een verbetering daarvan, of in een wijziging ingevolge artikel 19 of 34, indien een verzoek om internationale voorlopige beoordeling is gedaan en niet is ingetrokken en de datum waarop de internationale voorlopige beoordeling aanvangt in overeenstemming met Regel 69.1 verstreken is – door de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling;
- iv. in het geval van een fout in een document dat niet genoemd wordt onder i tot iii en ingediend is bij het ontvangende bureau, de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling of het Internationale Bureau, niet zijnde een fout in het uittreksel of in een wijziging ingevolge artikel 19 – door dat bureau of die instantie, naargelang van het geval.
- c. De bevoegde autoriteit geeft uitsluitend een machtiging voor de verbetering van een fout ingevolge deze Regel indien het de bevoegde autoriteit duidelijk is dat op de van toepassing zijnde datum ingevolge paragraaf f iets anders beoogd was dan hetgeen in het desbetreffende document voorkomt en dat niets anders beoogd had kunnen zijn dan de voorgestelde verbetering.
- d. In het geval van een fout in de beschrijving, conclusies of tekeningen of in een verbetering of wijziging daarvan, neemt de bevoegde autoriteit voor de toepassing van paragraaf c uitsluitend de inhoud van de beschrijving, conclusies en tekeningen in aanmerking en, indien van toepassing, de desbetreffende verbetering of wijziging.
- e. In het geval van een fout in het deel van de internationale aanvrage die het verzoekschrift bevat of een verbetering daarvan, of in een document bedoeld in paragraaf b iv, neemt de bevoegde autoriteit voor de toepassing van paragraaf c uitsluitend de inhoud van de internationale aanvrage zelf en, indien van toepassing, de desbetreffende verbetering of het document bedoeld in paragraaf b iv in aanmerking, tezamen met eventuele andere met het verzoekschrift, de verbetering of document ingediende documenten, naargelang van het geval, een voorrangsbewijs ter zake van de internationale aanvrage dat de autoriteit in overeenstemming met de Administratieve Instructies ter beschikking staat, en eventuele andere documenten in het dossier van de autoriteit van de internationale aanvrage op de van toepassing zijnde datum ingevolge paragraaf f.
- f. De toepasselijke datum voor de toepassing van de paragrafen c en e is:
- i. in het geval van een fout in een onderdeel van de internationale aanvrage zoals ingediend – de datum van internationale indiening;
- ii. in het geval van een fout in een document niet zijnde de internationale aanvrage zoals ingediend, met inbegrip van fouten in een verbetering of wijziging van de internationale aanvrage – de datum waarop het document was ingediend.
- g. Een fout kan ingevolge deze Regel niet verbeterd worden indien: met dien verstande dat deze paragraaf de werking van de Regels 20.4, 20.5, 26bis en 38.3 onverlet laat.
- i. de fout gelegen is het ontbreken van een of meer volledige elementen van de internationale aanvrage bedoeld in artikel 3, tweede lid, of van een of meer volledige bladen van de internationale aanvrage;
- ii. de fout zich in het uittreksel bevindt;
- iii. de fout zich in een wijziging ingevolge artikel 19 bevindt, tenzij de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling bevoegd is een machtiging af te geven voor de verbetering van een dergelijke fout ingevolge paragraaf b iii; of
- iv. de fout zich in een beroep op een recht van voorrang of in een kennisgeving ten behoeve van verbetering of toevoeging van een beroep op een recht van voorrang ingevolge Regel 26bis 1 a bevindt, indien de verbetering van de fout tot wijziging van de datum van voorrang zou leiden;
- h. Indien het ontvangende bureau, de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling of het Internationale Bureau een voor verbetering vatbare kennelijke fout ontdekt in de internationale aanvrage of in een ander document, kan dat bureau of die instantie de aanvrager uitnodigen te verzoeken om verbetering ingevolge deze Regel.
91.2. Verzoeken om verbetering
Een verzoek om verbetering ingevolge Regel 91.1 wordt binnen 26 maanden na de datum van voorrang ingediend bij de bevoegde autoriteit. In het verzoek dient de te verbeteren fout te worden aangeduid alsmede de voorgestelde verbetering, en kan, naar keuze van de aanvrager, een korte toelichting zijn opgenomen. Regel 26.4 is van overeenkomstige toepassing op de wijze waarop de voorgestelde verbetering wordt aangegeven.
91.3. Machtiging en rechtsgevolgen van verbeteringen
- a. De bevoegde autoriteit beslist onverwijld of zij een machtiging geeft voor een verbetering ingevolge Regel 91.1 of zulks weigert en stelt de aanvrager en het Internationale Bureau daarvan onverwijld in kennis, en bij weigering tevens van de redenen daarvoor. Het Internationale Bureau handelt zoals voorzien in de Administratieve Instructies, en stelt, zoals vereist, het ontvangende bureau, de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling en de aangewezen en gekozen bureaus in kennis van de machtiging of weigering.
- b. Indien ingevolge Regel 91.1 een machtiging is verleend voor de verbetering van een kennelijke fout, dient het desbetreffende document in overeenstemming met de Administratieve Instructies te worden verbeterd.
- c. Indien machtiging is verleend voor de verbetering van een kennelijke fout is deze van kracht:
- i. in het geval van een fout in de internationale aanvrage zoals ingediend – vanaf de datum van internationale indiening;
- ii. in het geval van een fout in een document niet zijnde de internationale aanvrage zoals ingediend, met inbegrip van fouten in een verbetering of wijziging van de internationale aanvrage – vanaf de datum waarop dat document was ingediend.
- d. Indien de bevoegde autoriteit een machtiging ingevolge Regel 91.1 weigert, publiceert het Internationale Bureau op een door de aanvrager bij het bureau ingediend verzoek binnen twee maanden na de datum van de weigering en op voorwaarde van de betaling van een bijzondere taks waarvan het bedrag is vastgesteld in de Administratieve Instructies, het verzoek om verbetering, de redenen voor de weigering door de autoriteit en eventueel nader kort commentaar dat door de aanvrager kan zijn ingediend, zo mogelijk tezamen met de internationale aanvrage. Een afschrift van het verzoek, de redenen en het eventuele commentaar worden overeenkomstig artikel 20 meegezonden wanneer de internationale aanvrage uit hoofde van artikel 64, derde lid, niet gepubliceerd wordt.
- e. De verbetering van een kennelijke fout behoeft door een aangewezen bureau niet in aanmerking te worden genomen waar de behandeling of de beoordeling van de internationale aanvrage reeds is aangevangen voor de datum waarop dat bureau ingevolge Regel 91.3 a in kennis is gesteld van de machtiging voor de verbetering door de bevoegde autoriteit.
- f. Een aangewezen bureau kan een verbetering waarvoor ingevolge Regel 91.1 een machtiging was afgegeven uitsluitend buiten beschouwing laten indien het vaststelt dat het geen machtiging voor de verbetering ingevolge Regel 91.1 zou hebben afgegeven indien het de bevoegde autoriteit zou zijn geweest, met dien verstande dat geen aangewezen bureau een verbetering waarvoor ingevolge Regel 91.1 een machtiging was afgegeven buiten beschouwing zal laten zonder de aanvrager in de gelegenheid te stellen binnen een gegeven de omstandigheden redelijke termijn bezwaar te maken tegen het voornemen van het bureau de verbetering buiten beschouwing te laten.
Regel 92. Briefwisseling
92.1. Brief en ondertekening vereist
- a). Bescheiden die door de aanvrager worden ingediend in de loop van de internationale procedure voorzien in het Verdrag en dit Reglement, anders dan de internationale aanvrage zelf, dienen, indien zij niet in de vorm van een brief zijn, vergezeld te gaan van een brief waarin de internationale aanvrage waarop de bescheiden betrekking hebben, wordt aangegeven. De brief dient door de aanvrager te zijn ondertekend.
- b). Indien aan de onder paragraaf a) bepaalde vereisten niet is voldaan, wordt de aanvrager van de niet-naleving in kennis gesteld en uitgenodigd het verzuim binnen een in de uitnodiging gestelde termijn te herstellen. De aldus gestelde termijn dient, de omstandigheden in aanmerking genomen, redelijk te zijn; zelfs wanneer de aldus gestelde termijn later verstrijkt dan de termijn die geldt voor het verstrekken van het document (of zelfs wanneer de laatstgenoemde termijn reeds is verstreken) dient zij niet korter te zijn dan 10 dagen en niet langer dan een maand te rekenen van de verzending per post van de uitnodiging. Indien het verzuim wordt hersteld binnen de in de uitnodiging gestelde termijn, wordt het buiten beschouwing gelaten; anders wordt de aanvrager ervan in kennis gesteld dat het document buiten beschouwing is gelaten.
- c). Indien over het hoofd is gezien dat niet aan de onder paragraaf a) bepaalde vereisten is voldaan, en het document in beschouwing is genomen in de internationale behandeling, wordt de niet-naleving buiten beschouwing gelaten.
92.2. Talen
- a). Onverminderd het bepaalde in de Regels 55.1 en 55.3 en in paragraaf (b) van deze Regel, dient elke brief of elk document, door de aanvrager ingediend bij de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, in dezelfde taal te zijn gesteld als de internationale aanvrage waarop de brief of het document betrekking heeft. Wanneer er echter een vertaling van de internationale aanvrage is toegezonden ingevolge Regel 23.1(b) of verstrekt ingevolge Regel 55.2, dient de taal van de vertaling te worden gebruikt.
- b). Brieven van de aanvrager aan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling kunnen zijn gesteld in een andere taal dan de internationale aanvrage, mits genoemde Instantie machtigt tot het gebruik van die taal.
- c). Vervallen.
- d). Brieven van de aanvrager aan het Internationaal Bureau dienen gesteld te zijn in het Engels, het Frans of een andere door de Administratieve Instructies toegestane taal van publicatie.
- e). Brieven of kennisgevingen van het Internationale Bureau, aan de aanvrager of aan een nationaal bureau dienen gesteld te zijn in het Engels of het Frans of een andere door de Administratieve Instructies toegestane taal van publicatie.
92.3. Verzending per post door nationale bureaus en intergouvernementele organisaties
Documenten of brieven die afkomstig zijn van of zijn doorgezonden door een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie en een gebeurtenis vormen op de datum waarvan een termijn ingevolge dit Verdrag of Reglement begint te lopen, dienen per luchtpost te worden verzonden, met dien verstande dat de gewone post kan worden gebruikt in plaats van luchtpost in de gevallen waarin de gewone post gewoonlijk op haar bestemming aankomt binnen twee dagen na de verzending of wanneer er geen luchtpost beschikbaar is.
92.4. Gebruik van telegraaf, telex, fax, enz.
- a. Een document dat de internationale aanvrage vormt en elk later document dat, of elke latere briefwisseling die daarop betrekking heeft, kan, niettegenstaande de Regels 11.14 en 92.1 a, maar onverminderd het in paragraaf h bepaalde, worden toegezonden, voor zover mogelijk, per telegraaf, telex, fax of ander soortgelijk communicatiemiddel dat resulteert in het indienen van een gedrukt of geschreven document.
- b. Een handtekening op een document dat per fax is toegezonden, wordt voor de toepassing van dit Verdrag en dit Reglement erkend als geldige handtekening.
- c. Wanneer de aanvrager heeft getracht een document toe te zenden via één van de in paragraaf a bedoelde communicatiemiddelen, maar het ontvangen document geheel of ten dele onleesbaar is of een gedeelte van het document niet is ontvangen, wordt het document als niet ontvangen beschouwd in zoverre het ontvangen document onleesbaar is of de poging tot toezending is mislukt. Het nationale bureau of de intergouvernementele organisatie stelt de aanvrager hiervan onverwijld in kennis.
- d. Een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie kan verlangen dat van een document dat is toegezonden via één van de in paragraaf a bedoelde communicatiemiddelen het origineel en een begeleidend schrijven waarin deze eerdere toezending wordt vermeld, worden verstrekt binnen 14 dagen te rekenen van de datum van toezending, mits het Internationale Bureau van dit vereiste in kennis is gesteld en het Internationale Bureau informatie hierover heeft gepubliceerd in het mededelingenblad. In de kennisgeving dient te worden aangegeven of dit vereiste alle of slechts bepaalde soorten documenten betreft.
- e. Wanneer de aanvrager verzuimt het origineel van een document te verstrekken zoals vereist ingevolge paragraaf d, kan het betrokken nationale bureau of de betrokken intergouvernementele organisatie, afhankelijk van het soort document dat is toegezonden en met inachtneming van de Regels 11 en 26.3, met dien verstande dat, indien het toegezonden document gebreken bevat of laat zien dat het origineel gebreken bevat, ten aanzien waarvan het nationale bureau of de intergouvernementele organisatie een uitnodiging tot herstel kan doen uitgaan, het bureau of de organisatie een dergelijke uitnodiging kan doen uitgaan naast, of in plaats van, het onder i of ii bedoelde.
- i. afzien van het in paragraaf d bedoelde vereiste, of
- ii. de aanvrager uitnodigen, binnen een termijn die gezien de omstandigheden redelijk is en die in de uitnodiging is vastgesteld, het origineel van het toegezonden document alsnog te verstrekken,
- f. Wanneer het verstrekken van een origineel van een document niet vereist is ingevolge paragraaf d, maar het nationale bureau of de intergouvernementele organisatie het noodzakelijk acht het origineel van genoemd document te ontvangen, kan het of zij een uitnodiging doen uitgaan als bedoeld in paragraaf e ii.
- g. Indien de aanvrager geen gevolg geeft aan een uitnodiging ingevolge paragraaf e ii of paragraaf f:
- i. wordt, wanneer het desbetreffende document de internationale aanvrage is, de internationale aanvrage als ingetrokken beschouwd en geeft het ontvangende bureau een hiertoe strekkende verklaring af;
- ii. wordt, wanneer het desbetreffende document volgt op de internationale aanvrage, het document als niet ingediend beschouwd.
- h. Een nationaal bureau of intergouvernementele organisatie is niet verplicht een document dat wordt toegezonden via een in paragraaf a bedoeld communicatiemiddel in ontvangst te nemen, tenzij het of zij het Internationale Bureau te kennen heeft gegeven dat het of zij bereid is een dergelijk document in ontvangst te nemen via dat communicatiemiddel en het Internationale Bureau informatie hierover heeft gepubliceerd in het mededelingenblad.
Regel 92bis. Registratie van wijzigingen in bepaalde vermeldingen in het verzoek of het verzoekschrift
92bis.1. Registratie van wijzigingen door het Internationaal Bureau
- a). Op verzoek van de aanvrager of van het ontvangende bureau registreert het Internationale Bureau wijzigingen in de volgende vermeldingen in het verzoek of het verzoekschrift:
- (i). persoon, naam, woonplaats, nationaliteit of adres van de aanvrager,
- (ii). persoon, naam of adres van de gemachtigde, de gemeenschappelijke vertegenwoordiger of de uitvinder.
- b). Het Internationaal Bureau registreert de verzochte wijziging niet indien het verzoek om registratie door hem is ontvangen na het verstrijken van 30 maanden na de datum van voorrang.
Regel 93. Het bewaren van documenten en dossiers
93.1. Het ontvangende bureau
Elk ontvangend bureau bewaart de documenten betreffende elke internationale aanvrage of beweerde internationale aanvrage, met inbegrip van het archief exemplaar, ten minste 10 jaar te rekenen van de datum van internationale indiening of, wanneer er geen datum van internationale indiening is toegekend, te rekenen van de datum van ontvangst.
93.2. Het Internationale Bureau
- a). Het Internationale Bureau bewaart het dossier, met inbegrip van het oorspronkelijke exemplaar, van internationale aanvragen ten minste 30 jaar te rekenen van de datum van ontvangst van het oorspronkelijke exemplaar.
- b). De basisdocumenten van het Internationale Bureau dienen voor onbepaalde tijd te worden bewaard.
93.3. De Instanties voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek en Voorlopige Beoordeling
Elke Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek en elke Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling dient het dossier van elke internationale aanvrage die zij ontvangt, ten minste 10 jaar te rekenen van de datum van internationale indiening te bewaren.
93.4. Reproducties
Voor de toepassing van deze Regel kunnen documenten, afschriften en dossiers worden bewaard als fotografische, elektronische of andere reproducties, op voorwaarde dat de reproducties zodanig zijn dat wordt voldaan aan de verplichtingen inzake het bewaren van documenten, afschriften en dossiers ingevolge Regel 93.1 tot en met 93.3.
Regel 93bis. Wijze van toezending van documenten
93bis.1. Toezending op verzoek; toezending via digitale bibliotheek
- a. Wanneer het Verdrag, dit Reglement of de Administratieve Instructies voorzien in de toezending, kennisgeving of verzending („toezending”) van een internationale aanvrage, kennisgeving, mededeling, correspondentie of ander document „(„document”) door het Internationaal Bureau aan een aangewezen of gekozen bureau, geschiedt de toezending alleen op verzoek van het betrokken bureau en op het tijdstip aangegeven door dat bureau. Een dergelijk verzoek kan worden gedaan met betrekking tot individueel omschreven documenten of een omschreven categorie of omschreven categorieën documenten.
- b. De toezending ingevolge paragraaf a. wordt, wanneer zulks is overeengekomen door het Internationaal Bureau en het betrokken aangewezen of gekozen bureau, geacht te hebben plaatsgevonden op het tijdstip waarop het Internationaal Bureau het document in overeenstemming met de Administratieve Instructies in elektronische vorm in een digitale bibliotheek ter beschikking stelt van het aangewezen of gekozen bureau, waar dat bureau gerechtigd is dat document op te halen.
Regel 94. Toegang tot dossiers
94.1. Toegang tot het door het Internationaal Bureau gehouden dossier
- a. Op verzoek van de aanvrager of van een door de aanvrager gemachtigde persoon verstrekt het Internationaal Bureau, tegen vergoeding van de daaraan verbonden kosten, afschriften van elk document dat in zijn dossier aanwezig is.
- b. Op verzoek van een persoon, maar niet vóór de internationale publicatie van de internationale aanvrage en met inachtneming van artikel 38 en de paragrafen d tot en met g, verstrekt het Internationaal Bureau afschriften van elk document dat in zijn dossier aanwezig is. Het verstrekken van afschriften kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- c. Indien zulks is verzocht door een gekozen bureau, maar niet voordat het verslag van de internationale voorlopige beoordeling is vastgesteld, verstrekt het Internationaal Bureau namens dat bureau exemplaren ingevolge paragraaf b van elk naar het bureau verzonden document ingevolge Regel 71.1 a of b door de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling. Het Internationaal Bureau publiceert de gegevens van een dergelijk verzoek onverwijld in het mededelingenblad.
- d. Het Internationaal Bureau verschaft geen toegang tot informatie in zijn dossier die is weggelaten uit de publicatie ingevolge Regel 48.2 l en tot enig document dat in zijn dossier aanwezig is en betrekking heeft op een verzoek ingevolge die Regel.
- e. Na een met redenen omkleed verzoek door de aanvrager verschaft het Internationaal Bureau geen toegang tot informatie in zijn dossier en een document in zijn dossier dat betrekking heeft op dat verzoek indien het van mening is dat: Regel 26.4 is van overeenkomstige toepassing op de wijze waarop de aanvrager de informatie presenteert die onderwerp is van het uit hoofde van deze paragraaf ingediende verzoek.
- i. deze informatie duidelijk er niet toe dient het publiek te informeren over de internationale aanvrage;
- ii. publieke toegang tot dergelijke informatie de persoonlijke of economische belangen van een persoon duidelijk zou schaden; en
- iii. toegang tot die informatie geen zwaarwegend publiek belang dient.
- f. Indien het Internationaal Bureau in overeenstemming met de paragrafen d of e de informatie heeft onttrokken aan publieke toegankelijkheid en deze informatie ook opgenomen is in het dossier van de internationale aanvrage dat wordt gehouden door het ontvangende bureau, de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, stelt het Internationaal Bureau dat bureau en die Instantie onverwijld dienovereenkomstig in kennis.
- g. Het Internationaal Bureau verschaft geen toegang tot documenten in zijn dossier die uitsluitend zijn opgesteld voor intern gebruik door het Internationaal Bureau.
94.1bis. Toegang tot het door het ontvangende bureau gehouden dossier
- a. Op verzoek van de aanvrager of van een door de aanvrager gemachtigde persoon kan het ontvangende bureau toegang verschaffen tot elk in zijn dossier aanwezig document. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan een vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- b. Op verzoek van een persoon, maar niet vóór de internationale publicatie van de internationale aanvrage, en met inachtneming van paragraaf c, kan het ontvangende bureau toegang verschaffen tot elk document dat in zijn dossier aanwezig is. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- c. Het ontvangende bureau verschaft geen toegang uit hoofde van paragraaf b tot informatie ten aanzien waarvan het door het Internationaal Bureau in kennis is gesteld dat deze informatie is weggelaten uit de publicatie in overeenstemming met Regel 48.2 l of uit de publiek toegankelijke informatie in overeenstemming met Regel 94.1 d of e.
94.1ter. Toegang tot het door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek gehouden dossier
- a. Op verzoek van de aanvrager of van een door de aanvrager gemachtigde persoon kan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek toegang verschaffen tot elk in haar dossier aanwezig document. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- b. Op verzoek van een persoon, maar niet vóór de internationale publicatie van de internationale aanvrage, en met inachtneming van paragraaf c, verschaft de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek toegang tot elk document dat in haar dossier aanwezig is. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- c. De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek verschaft geen toegang uit hoofde van paragraaf b tot informatie ten aanzien waarvan zij door het Internationaal Bureau in kennis is gesteld dat de informatie is weggelaten uit de publicatie in overeenstemming met Regel 48.2 l of uit de publiek toegankelijke informatie in overeenstemming met Regel 94.1 d of e.
- d. De paragrafen a tot en met c zijn van overeenkomstige toepassing op de voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte Instantie.
94.2. Toegang tot het door de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling gehouden dossier
- a. Op verzoek van de aanvrager of van een door de aanvrager gemachtigde persoon verschaft de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling toegang tot elk document in haar dossier. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- b. Op verzoek van een gekozen bureau, maar niet voordat het verslag van de internationale voorlopige beoordeling is opgesteld en met inachtneming van paragraaf c, verschaft de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling toegang tot elk document dat in haar dossier aanwezig is. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
- c. De Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling verschaft geen toegang uit hoofde van paragraaf b tot informatie ten aanzien waarvan zij door het Internationaal Bureau in kennis is gesteld dat deze informatie is weggelaten uit de publicatie in overeenstemming met Regel 48.2 l of uit de publiek toegankelijke informatie in overeenstemming met Regel 94.1 d of e.
94.2bis. Toegang tot het door het aangewezen bureau gehouden dossier
Indien de nationale wetgeving die van toepassing is op een aangewezen bureau toegang door derden tot het dossier van een nationale aanvrage toestaat, kan dat bureau toegang verschaffen tot documenten inzake de internationale aanvrage die in zijn dossier aanwezig zijn, in dezelfde mate als voorzien in de nationale wetgeving wat betreft toegang tot het dossier van een nationale aanvrage, maar niet vóór de eerste van de in artikel 30, tweede lid, onder a, vermelde data. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
94.3. Toegang tot het door het gekozen bureau gehouden dossier
Indien de nationale wetgeving die van toepassing is op een gekozen bureau toegang door derden tot het dossier van een nationale aanvrage toestaat, kan dat bureau toegang verlenen tot documenten inzake de internationale aanvrage, met inbegrip van documenten inzake de internationale voorlopige beoordeling, die in zijn dossier aanwezig zijn, in dezelfde mate als voorzien in de nationale wetgeving wat betreft toegang tot het dossier van een nationale aanvrage, maar niet vóór de eerste van de in artikel 30, tweede lid, onder a, vermelde data. Het verstrekken van afschriften van documenten kan worden onderworpen aan vergoeding van de daaraan verbonden kosten.
Regel 95. Informatie en vertalingen van aangewezen en gekozen bureaus
95.1. Informatie met betrekking tot gebeurtenissen bij de aangewezen en gekozen bureaus
Elk aangewezen of gekozen bureau stelt het Internationaal Bureau binnen twee maanden of zo snel als redelijkerwijs mogelijk daarna, in kennis van de volgende informatie met betrekking tot een internationale aanvrage, indien zich een van de volgende gebeurtenissen voordoen:
- i. na het verrichten van de in artikel 22 of artikel 39 bedoelde handelingen, de datum waarop deze handelingen zijn verricht en het nummer van de nationale aanvrage dat aan de internationale aanvrage is toegekend;
- ii. indien het aangewezen of gekozen bureau de internationale aanvrage uitdrukkelijk overeenkomstig zijn nationale wetgeving of praktijk publiceert, het nummer en de datum van deze nationale publicatie;
- iii. indien een octrooi is verleend, de datum van het verlenen van het octrooi en, indien het aangewezen of gekozen bureau de internationale aanvrage uitdrukkelijk publiceert in de vorm waarin het is verleend overeenkomstig zijn nationale wetgeving, het nummer en de datum van deze nationale publicatie.
95.2. Verstrekken van afschriften van vertalingen
- a. Op verzoek van het Internationaal Bureau verstrekt een aangewezen of gekozen Bureau een afschrift van de vertaling van de internationale aanvrage die de aanvrager aan dat bureau heeft verstrekt.
- b. Het Internationaal Bureau kan op verzoek en tegen vergoeding van de kosten, aan eenieder afschriften van de ingevolge paragraaf a ontvangen vertalingen verstrekken.
Regel 96. De Taksenschaal; Ontvangen en overmaken van taksen
96.1. Taksenschaal als bijlage bij het Reglement
De bedragen van de taksen bedoeld in de Regels 15, 45bis.2 en 57 worden uitgedrukt in Zwitserse valuta. Zij worden vastgelegd in de Taksenschaal die als Bijlage bij dit Reglement is gevoegd en er een integrerend onderdeel van uitmaakt.
96.2.
Kennisgeving van ontvangst van taksen; overmaken van taksen
- a. Voor de toepassing van deze Regel wordt onder „bureau” verstaan het ontvangende bureau (waaronder het Internationale Bureau dat optreedt als ontvangend bureau), de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, een voor het aanvullende nieuwheidsonderzoek aangezochte instantie, de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling of het Internationale Bureau.
- b. Wanneer overeenkomstig dit Reglement of de Administratieve Instructies een taks wordt geïnd door een bureau („innend bureau”) ten behoeve van een ander bureau („begunstigd bureau”), meldt het innend bureau overeenkomstig de Administratieve Instructies onverwijld de ontvangst van deze taks. Na ontvangst van de kennisgeving gaat het begunstigde bureau te werk alsof het de taks heeft ontvangen op de datum waarop de taks door het innend bureau is ontvangen.
- c. Het innend bureau maakt de voor een begunstigd bureau geïnde taksen overeenkomstig de Administratieve Instructies aan dat bureau over.
Taksenschaal
| Taksen | Taksen | Taksen | Bedragen |
|---|---|---|---|
| 1. | Internationale indieningstaks: (Regel 15.2) | Internationale indieningstaks: (Regel 15.2) | 1.330 Zwitserse frank vermeerderd met 15 Zwitserse frank voor elk blad van de internationale aanvrage boven de 30 bladen |
| 2. | Behandelingstaks voor aanvullend nieuwheidsonderzoek: (Regel 45bis.2) | Behandelingstaks voor aanvullend nieuwheidsonderzoek: (Regel 45bis.2) | 200 Zwitserse frank |
| 3. | Behandelingstaks: (Regel 57.2) | Behandelingstaks: (Regel 57.2) | 200 Zwitserse frank |
| Verminderingen | Verminderingen | Verminderingen | Verminderingen |
| 4. | De internationale indieningstaks wordt met het onderstaande bedrag verminderd indien de internationale aanvrage, op de wijze die is voorzien in de Administratieve Instructies, wordt ingediend: | De internationale indieningstaks wordt met het onderstaande bedrag verminderd indien de internationale aanvrage, op de wijze die is voorzien in de Administratieve Instructies, wordt ingediend: | De internationale indieningstaks wordt met het onderstaande bedrag verminderd indien de internationale aanvrage, op de wijze die is voorzien in de Administratieve Instructies, wordt ingediend: |
| a) | in elektronische vorm, waarbij het verzoekschrift niet in tekencodeformaat is opgesteld: | 100 Zwitserse frank | |
| b) | in elektronische vorm, waarbij het verzoekschrift in tekencodeformaat is opgesteld: | 200 Zwitserse frank | |
| c) | in elektronische vorm, waarbij het verzoekschrift, de beschrijving, de conclusies en het uittreksel in tekencodeformaat zijn opgesteld: | 300 Zwitserse frank | |
| 5. | De internationale indieningstaks overeenkomstig punt 1 (indien van toepassing verminderd overeenkomstig punt 4), de behandelingstaks voor aanvullend nieuwheidsonderzoek overeenkomstig punt 2 en de behandelingstaks overeenkomstig punt 3 worden verminderd met 90% indien de internationale aanvrage wordt ingediend door: | De internationale indieningstaks overeenkomstig punt 1 (indien van toepassing verminderd overeenkomstig punt 4), de behandelingstaks voor aanvullend nieuwheidsonderzoek overeenkomstig punt 2 en de behandelingstaks overeenkomstig punt 3 worden verminderd met 90% indien de internationale aanvrage wordt ingediend door: | De internationale indieningstaks overeenkomstig punt 1 (indien van toepassing verminderd overeenkomstig punt 4), de behandelingstaks voor aanvullend nieuwheidsonderzoek overeenkomstig punt 2 en de behandelingstaks overeenkomstig punt 3 worden verminderd met 90% indien de internationale aanvrage wordt ingediend door: |
| a) | een aanvrager die een natuurlijke persoon is en onderdaan en inwoner is van een staat die op de lijst staat van staten waarvan het bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking lager is dan USD 25.000 (vastgesteld aan de hand van de meest recente gegevens die door de Verenigde Naties zijn gepubliceerd over het gemiddelde bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking gedurende 10 jaar, uitgedrukt in USD bij een ten opzichte van 2005 ongewijzigde wisselkoers) en waarvan de onderdanen en inwoners die natuurlijke personen zijn minder dan 10 internationale aanvragen per jaar (per miljoen inwoners) of minder dan 50 internationale aanvragen per jaar (in absolute getallen) hebben ingediend volgens de meest recente gegevens die door het Internationale Bureau zijn gepubliceerd inzake het gemiddelde aantal ingediende aanvragen per jaar gedurende vijf jaar; of | een aanvrager die een natuurlijke persoon is en onderdaan en inwoner is van een staat die op de lijst staat van staten waarvan het bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking lager is dan USD 25.000 (vastgesteld aan de hand van de meest recente gegevens die door de Verenigde Naties zijn gepubliceerd over het gemiddelde bruto binnenlands product per hoofd van de bevolking gedurende 10 jaar, uitgedrukt in USD bij een ten opzichte van 2005 ongewijzigde wisselkoers) en waarvan de onderdanen en inwoners die natuurlijke personen zijn minder dan 10 internationale aanvragen per jaar (per miljoen inwoners) of minder dan 50 internationale aanvragen per jaar (in absolute getallen) hebben ingediend volgens de meest recente gegevens die door het Internationale Bureau zijn gepubliceerd inzake het gemiddelde aantal ingediende aanvragen per jaar gedurende vijf jaar; of | |
| b) | een aanvrager, ongeacht of het een natuurlijke persoon is, die onderdaan en inwoner is van een staat die op de lijst staat van staten die door de Verenigde Naties als minstontwikkeld zijn aangemerkt; | een aanvrager, ongeacht of het een natuurlijke persoon is, die onderdaan en inwoner is van een staat die op de lijst staat van staten die door de Verenigde Naties als minstontwikkeld zijn aangemerkt; | |
| met dien verstande dat, op het tijdstip van indiening van de internationale aanvrage, er geen uiteindelijke rechthebbende op de internationale aanvrage is die niet aan de criteria van onderdeel a of onderdeel b zou voldoen, en met dien verstande dat, indien er verscheidene aanvragers zijn, ieder moet voldoen aan de criteria vervat in hetzij onderdeel a hetzij onderdeel b. De lijsten van staten als bedoeld in de onderdelen a en b worden ten minste elke vijf jaar door de Directeur-Generaal geactualiseerd aan de hand van door de Algemene Vergadering gegeven instructies. De in de onderdelen a en b vervatte criteria worden ten minste om de vijf jaar door de Algemene Vergadering getoetst.1) | met dien verstande dat, op het tijdstip van indiening van de internationale aanvrage, er geen uiteindelijke rechthebbende op de internationale aanvrage is die niet aan de criteria van onderdeel a of onderdeel b zou voldoen, en met dien verstande dat, indien er verscheidene aanvragers zijn, ieder moet voldoen aan de criteria vervat in hetzij onderdeel a hetzij onderdeel b. De lijsten van staten als bedoeld in de onderdelen a en b worden ten minste elke vijf jaar door de Directeur-Generaal geactualiseerd aan de hand van door de Algemene Vergadering gegeven instructies. De in de onderdelen a en b vervatte criteria worden ten minste om de vijf jaar door de Algemene Vergadering getoetst.1) | met dien verstande dat, op het tijdstip van indiening van de internationale aanvrage, er geen uiteindelijke rechthebbende op de internationale aanvrage is die niet aan de criteria van onderdeel a of onderdeel b zou voldoen, en met dien verstande dat, indien er verscheidene aanvragers zijn, ieder moet voldoen aan de criteria vervat in hetzij onderdeel a hetzij onderdeel b. De lijsten van staten als bedoeld in de onderdelen a en b worden ten minste elke vijf jaar door de Directeur-Generaal geactualiseerd aan de hand van door de Algemene Vergadering gegeven instructies. De in de onderdelen a en b vervatte criteria worden ten minste om de vijf jaar door de Algemene Vergadering getoetst.1) |
1) De vermindering van de taks in punt 5 van de Taksenschaal mag naar de opvatting van de Algemene Vergadering van de PCT-Unie uitsluitend van toepassing zijn in gevallen waarin de aanvragers die in het verzoekschrift staan vermeld de enige en werkelijke eigenaren van de aanvrage zijn en niet gehouden zijn de rechten van de uitvinding toe te wijzen, toe te kennen, over te dragen of in licentie te geven aan een andere partij die niet voor vermindering van de taks in aanmerking komt.
IN WITNESS WHEREOF, the undersigned, being duly authorized thereto, have signed this Treaty.
DONE at Washington, on June 19, 1970.
Regel 49ter. Rechtsgevolgen van het herstel van een recht van voorrang door het ontvangende bureau; Herstel van een recht van voorrang door het aangewezen bureau
49ter 1. Rechtsgevolgen van het herstel van een recht van voorrang door het ontvangende bureau
- a. Indien het ontvangende bureau een recht van voorrang heeft hersteld ingevolge Regel 26bis 3 op grond van het feit dat het heeft vastgesteld dat het verzuim de internationale aanvrage binnen de termijn van voorrang in te dienen is ontstaan ondanks het feit dat de in de gegeven omstandigheden nodige zorg was betracht, heeft dat herstel, met inachtneming van paragraaf c, rechtsgevolgen in elke aangewezen Staat.
- b. Indien het ontvangende bureau een recht van voorrang ingevolge Regel 26bis 3 heeft hersteld op grond van het feit dat het heeft vastgesteld dat het verzuim de internationale aanvrage binnen de termijn van voorrang in te dienen onopzettelijk is ontstaan, heeft dat herstel, met inachtneming van paragraaf c, rechtsgevolgen in elke aangewezen Staat waarvan het van toepassing zijnde nationale recht voorziet in herstel van het recht van voorrang op grond van dat criterium of op grond van een criterium dat vanuit het oogpunt van de aanvragers gunstiger is dan dat criterium.
- c. Een beslissing van het ontvangende bureau een recht van voorrang te herstellen ingevolge Regel 26bis 3 heeft geen rechtsgevolgen in een aangewezen Staat indien het aangewezen bureau, een gerechtelijke instantie of een ander bevoegd orgaan van of optredend voor die aangewezen Staat vaststelt dat niet voldaan is aan een vereiste ingevolge Regel 26bis 3 a, b i of c, waarbij de in het bij het ontvangende bureau ingevolge Regel 26bis 3 a ingediende verzoek en andere ingevolge Regel 26bis 3 b iii bij het ontvangende bureau ingediende verklaringen of bewijs vermelde redenen in aanmerking worden genomen.
- d. Een aangewezen bureau gaat uitsluitend over tot herziening van de beslissing van het ontvangende bureau indien het redelijkerwijs betwijfelt of aan een in paragraaf c genoemd vereiste is voldaan, in welk geval het aangewezen bureau de aanvrager dienovereenkomstig in kennis stelt, waarbij de redenen voor de twijfel worden vermeld en de aanvrager in de gelegenheid wordt gesteld binnen een redelijke termijn bezwaar te maken.
- e. Een aangewezen Staat is niet gebonden door een beslissing van het ontvangende bureau een verzoek ingevolge Regel 26bis 3 om herstel van een recht van voorrang af te wijzen.
- f. Indien het ontvangende bureau een verzoek om herstel van een recht van voorrang heeft afgewezen, kan een aangewezen bureau dat verzoek aanmerken als een verzoek om herstel dat ingevolge Regel 49ter 2 a bij dat aangewezen bureau binnen de termijn ingevolge die Regel is ingediend.
- g. Indien de paragrafen a tot en met d op 5 oktober 2005 niet verenigbaar zijn met de door het aangewezen bureau toegepaste nationale wetgeving, zijn die paragrafen niet van toepassing op dat bureau zolang zij niet verenigbaar zijn met die wetgeving, mits genoemd bureau het Internationale Bureau hiervan in kennis stelt voor 5 april 2006. De ontvangen informatie wordt door het Internationale Bureau onverwijld gepubliceerd in het mededelingenblad.
49ter 2. Herstel van een recht van voorrang door het aangewezen bureau
- a. Indien in de internationale aanvrage een beroep wordt gedaan op de voorrang van een eerdere aanvrage en deze internationale aanvrage een datum van internationale indiening heeft die later valt dan de datum waarop de termijn van voorrang is verstreken, maar binnen een tijdvak van twee maanden na die datum, herstelt het aangewezen bureau op verzoek van de aanvrager en met inachtneming van paragraaf b, het recht van voorrang indien het bureau vaststelt dat aan een door hem gehanteerd criterium (criterium voor herstel) is voldaan, namelijk dat het verzuim de internationale aanvrage binnen de termijn van voorrang in te dienen:
- i. was ontstaan ondanks het feit dat de in de gegeven omstandigheden nodige zorg was betracht; of
- ii. onopzettelijk was ontstaan. Elk aangewezen bureau hanteert ten minste een van die criteria en kan ook beide hanteren.
- b. Een verzoek op grond van paragraaf a:
- i. wordt binnen een maand na de ingevolge artikel 22 van toepassing zijnde termijn ingediend bij het aangewezen bureau of, wanneer de aanvrager ingevolge artikel 23, tweede lid, een uitdrukkelijk verzoek bij het aangewezen bureau indient, binnen een maand na de datum waarop dit verzoek door het aangewezen bureau is ontvangen;
- ii. bevat de redenen voor het verzuim de internationale aanvrage binnen de termijn van voorrang in te dienen en gaat bij voorkeur vergezeld van een verklaring of andere ingevolge paragraaf c vereiste bewijzen; en
- iii. gaat vergezeld van een taks voor een verzoek om herstel zoals vereist ingevolge paragraaf d.
- c. Het aangewezen bureau kan vereisen dat een verklaring of andere bewijzen ter staving van de redenen bedoeld in paragraaf b ii bij hem worden ingediend binnen een gegeven de omstandigheden redelijke termijn.
- d. Het aangewezen bureau kan voor de indiening van een verzoek ingevolge paragraaf a als voorwaarde stellen dat ten gunste van hem een taks voor een verzoek om herstel wordt betaald.
- e. Het aangewezen bureau wijst geen verzoek ingevolge paragraaf a geheel of gedeeltelijk af zonder de aanvrager in de gelegenheid te stellen binnen een gegeven de omstandigheden redelijke termijn bezwaar te maken tegen de beoogde afwijzing. Het aangewezen bureau kan de aanvrager een dergelijke kennisgeving inzake de beoogde afwijzing toezenden tezamen met een uitnodiging een verklaring of ander bewijs ingevolge paragraaf c in te dienen.
- f. Indien het door het aangewezen bureau toegepaste nationale recht ter zake van het herstel van een recht van voorrang voorziet in vereisten die, vanuit het oogpunt van de aanvragers gunstiger zijn dan de vereisten voorzien in de paragrafen a en b, kan het aangewezen bureau, bij het vaststellen van het recht van voorrang de vereisten uit hoofde van het van toepassing zijnde nationale recht toepassen in plaats van de vereisten uit hoofde van die paragrafen.
- g. Elk aangewezen bureau stelt het Internationale Bureau in kennis van welk van de criteria voor herstel het toepast, van de vereisten, indien van toepassing, van het van toepassing zijnde nationale recht in overeenstemming met paragraaf f en van eventuele latere wijzigingen in dat opzicht. Het Internationale Bureau publiceert dergelijke informatie onverwijld in het mededelingenblad.
- h. Indien de paragrafen a tot en met g op 5 oktober 2005 niet verenigbaar zijn met de door het aangewezen bureau toegepaste nationale wetgeving, zijn die paragrafen niet van toepassing op dat bureau zolang zij niet verenigbaar zijn met die wetgeving, mits genoemd bureau het Internationale Bureau hiervan in kennis stelt voor 5 april 2006. De ontvangen informatie wordt door het Internationale Bureau onverwijld gepubliceerd in het mededelingenblad.
Regel 50. Bevoegdheid ingevolge artikel 22, derde lid
50.1. Uitoefening van bevoegdheid
- a). Een Verdragsluitende Staat die een termijn toestaat welke later verstrijkt dan de in artikel 22, eerste of tweede lid, bepaalde termijnen, dient het Internationale Bureau de vastgestelde termijnen mede te delen.
- b). Een door het Internationale Bureau ingevolge het bepaalde onder paragraaf a) ontvangen mededeling wordt door het Internationale Bureau onverwijld bekendgemaakt in het mededelingenblad.
- c). Mededelingen over de verkorting van de voordien vastgestelde termijn hebben rechtsgevolgen voor de internationale aanvragen, ingediend na het verstrijken van 3 maanden na de datum waarop de mededeling door het Internationale Bureau is bekendgemaakt.
- d). Mededelingen over de verlenging van de voordien vastgestelde termijn worden van kracht op het tijdstip van de bekendmaking door het Internationale Bureau in het mededelingenblad ten aanzien van internationale aanvragen die op dat tijdstip aanhangig zijn of die na de datum van deze bekendmaking zijn ingediend, dan wel, indien de Verdragsluitende Staat die de mededeling doet een latere datum vaststelt, met ingang van die latere datum.
Regel 51. Bestudering door aangewezen bureaus
51.1. Termijn voor indiening van het verzoek afschriften te zenden
De termijn bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder c, is twee maanden, te rekenen vanaf de datum van de kennisgeving gezonden aan de aanvrager ingevolge de Regels 20.4 i, 24.2 c of 29.1 ii.
51.2. Afschrift van de kennisgeving
Indien de aanvrager, na een negatieve beslissing ingevolge artikel 11, eerste lid, te hebben ontvangen, het Internationale Bureau ingevolge artikel 25, eerste lid, verzoekt afschriften van het dossier van de als internationaal bedoelde aanvrage toe te zenden aan een van de bureaus die hij heeft gepoogd aan te wijzen, dient hij aan zijn verzoek een afschrift te hechten van de kennisgeving bedoeld in Regel 20.4 i.
51.3. Termijn voor betaling van de nationale taks en verstrekking van een vertaling
De termijn bedoeld in artikel 25, tweede lid, onder a) verstrijkt op hetzelfde tijdstip als de termijn voorgeschreven in Regel 51.1.
Regel 52. Wijziging van de conclusies, de beschrijving en de tekeningen voor aangewezen bureaus
52.1. Termijn
- a). In een aangewezen Staat waar de behandeling of beoordeling zonder speciaal verzoek begint, dient de aanvrager, indien hij zulks wenst, het recht ingevolge artikel 28 uit te oefenen binnen een maand nadat aan de vereisten ingevolge artikel 22 is voldaan, met dien verstande dat, indien de toezending ingevolge Regel 47.1 niet vóór het verstrijken van de ingevolge artikel 22 van toepassing zijnde termijn is gedaan, hij genoemd recht dient uit te oefenen uiterlijk vier maanden na deze datum van verstrijken. In beide gevallen kan de aanvrager dit recht op elk later tijdstip uitoefenen, indien de nationale wetgeving van de genoemde Staat zulks toestaat.
- b). In een aangewezen Staat waarin de nationale wetgeving bepaalt dat de beoordeling slechts op speciaal verzoek begint, dient de termijn waarbinnen of het tijdstip waarop de aanvrager het recht ingevolge artikel 28 kan uitoefenen dezelfde of hetzelfde te zijn als die welke bij de nationale wetgeving is bepaald voor de indiening van wijzigingen in het geval van beoordeling, op speciaal verzoek, van nationale aanvragen, met dien verstande dat deze termijn niet mag zijn verstreken vóór, of dit tijdstip niet mag vallen vóór, het verstrijken van de ingevolge het bepaalde onder paragraaf a) van toepassing zijnde termijn.
DEEL C. Voorschriften betreffende hoofdstuk II van het Verdrag
Regel 53. Het verzoek
53.1. Vorm
- a. Het verzoek dient te worden gesteld op een gedrukt formulier of te worden ingediend in de vorm van een computeruitdraai. De nadere bijzonderheden van het gedrukte formulier en het in de vorm van een computeruitdraai ingediende verzoek worden voorgeschreven in de Administratieve Instructies.
- b. Exemplaren van gedrukte formulieren voor het verzoek worden kosteloos verstrekt door het ontvangende bureau of de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
53.2. Inhoud
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)