Schikking van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 14 april 1891, zoals herzien te Brussel op 14 december 1900, te Washington op 2 juni 1911, te 's-Gravenhage op 6 november 1925, te Londen op 2 juni 1934, te Nice op 15 juni 1957 en te Stockholm op 14 juli 1967 en zoals gewijzigd te Genève op 28 september 1979

Type Verdrag
Publication 2024-11-01
State In force
Source BWB
artikelen 27
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
  • a. De inschrijving in het internationale register en de publicatie in het blad van de internationale inschrijving en van alle gegevens die krachtens dit Reglement moeten worden ingeschreven en gepubliceerd met betrekking tot de internationale inschrijving, geschieden in het Engels, het Frans en het Spaans. De inschrijving en publicatie van de internationale inschrijving bevatten een vermelding van de taal waarin het Internationale Bureau de internationale aanvrage heeft ontvangen.
  • b. Indien een eerste latere aanwijzing wordt gedaan met betrekking tot een internationale inschrijving die krachtens vroegere versies van deze regel uitsluitend in het Frans of uitsluitend in het Frans en het Engels is gepubliceerd, gaat het Internationale Bureau gelijktijdig met de publicatie van deze latere aanwijzing in het blad over tot hetzij een publicatie van de internationale inschrijving in het Engels en het Spaans en een herpublicatie van de internationale inschrijving in het Frans, hetzij een publicatie van de internationale inschrijving in het Spaans en een herpublicatie van de internationale inschrijving in het Engels en het Frans, al naargelang van het geval. Deze latere aanwijzing wordt in het internationale register opgenomen in het Engels, het Frans en het Spaans.
4.

[Vertaling]

  • a. De vertalingen die vereist zijn voor kennisgevingen ingevolge het tweede lid, punten iii en iv, en voor inschrijvingen en publicaties ingevolge het derde lid, worden vastgesteld door het Internationale Bureau. De aanvrager of rechthebbende, naargelang van het geval, kan bij de internationale aanvrage of bij een verzoek tot inschrijving van een latere aanwijzing of wijziging een voorgestelde vertaling voegen van elke tekst vervat in de internationale aanvrage of het verzoek. Indien het Internationale Bureau van oordeel is dat de voorgestelde vertaling niet correct is, corrigeert het deze na de aanvrager of de rechthebbende te hebben uitgenodigd om binnen een maand na deze uitnodiging opmerkingen in te dienen over de voorgestelde rectificaties.
  • b. Niettegenstaande het bepaalde in letter a, vertaalt het Internationale Bureau het merk niet. Indien de aanvrager of rechthebbende overeenkomstig regel 9, vierde lid, letter b, punt iii, of regel 24, derde lid, letter c, een of meer vertalingen van het merk verstrekt, controleert het Internationale Bureau niet of deze vertaling of vertalingen juist is of zijn.

Regel 7. Kennisgeving van bepaalde specifieke eisen

1.

[Vervallen.]

2.

[Voornemen tot gebruik van het merk] Wanneer een overeenkomstsluitende Partij als aangewezen overeenkomstsluitende Partij een verklaring verlangt betreffende het voornemen om het merk te gebruiken, stelt zij de Directeur-Generaal van dat voornemen in kennis. Indien die overeenkomstsluitende Partij verlangt dat de verklaring persoonlijk door de aanvrager wordt ondertekend en wordt opgesteld op een afzonderlijk officieel formulier dat aan de internationale aanvrage wordt gehecht, dient in de kennisgeving melding te worden gemaakt van deze eis en dienen de exacte bewoordingen van de vereiste verklaring te worden vermeld. Indien de overeenkomstsluitende Partij bovendien eist dat de verklaring in het Engels, Frans of Spaans is gesteld, wordt in de kennisgeving de vereiste taal vermeld.

3.

[Kennisgeving]

  • a. Elke in het tweede lid bedoelde kennisgeving kan door de overeenkomstsluitende Partij worden gedaan op het tijdstip van de nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring van, of toetreding tot, het Protocol, in welk geval deze van kracht wordt op de datum waarop het Protocol in werking treedt voor de overeenkomstsluitende Partij waarvan zij uitgaat. Een dergelijke kennisgeving kan ook later worden gedaan, in welk geval zij van kracht wordt drie maanden na ontvangst ervan door de Directeur-Generaal, of op een daarin aangegeven latere datum, met betrekking tot internationale inschrijvingen waarvan de datum dezelfde is als of later valt dan de datum waarop de kennisgeving van kracht wordt.
  • b. Elke kennisgeving overeenkomstig het tweede lid kan te allen tijde worden ingetrokken. De kennisgeving van de intrekking wordt aan de Directeur-Generaal toegezonden. De intrekking wordt van kracht op de datum waarop de Directeur-Generaal de kennisgeving van intrekking ontvangt, of op een in de kennisgeving genoemde latere datum.

HOOFDSTUK 2. INTERNATIONALE AANVRAGEN

Regel 8. Diverse aanvragers

1.

[Vervallen.]

2.

[Diverse aanvragers] Twee of meer aanvragers kunnen gezamenlijk een internationale aanvrage indienen indien zij gezamenlijk de basisaanvrage hebben ingediend of gezamenlijk rechthebbenden zijn van de basisinschrijving, en indien elk van hen krachtens artikel 2, eerste lid, van het Protocol gerechtigd is een internationale aanvrage in te dienen ten aanzien van de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de Administratie van oorsprong is.

Regel 9. Met de internationale aanvrage verband houdende voorwaarden

1.

[Indiening] De internationale aanvrage wordt door de Administratie van oorsprong ingediend bij het Internationale Bureau.

2.

[Formulier en ondertekening]

  • a. De internationale aanvrage dient op het officiële formulier te worden ingediend.
  • b. De internationale aanvrage wordt ondertekend door de Administratie van oorsprong en, indien dit een eis is van de Administratie van oorsprong, ook door de aanvrager.Indien de Administratie van oorsprong, zonder te eisen dat de internationale aanvrage door de aanvrager wordt ondertekend, toestaat dat deze ook door de aanvrager wordt ondertekend, kan de aanvrager de internationale aanvrage ondertekenen.
3.

[Taksen] De voorgeschreven taksen die van toepassing zijn op de internationale aanvrage, worden betaald overeenkomstig de regels 10, 34 en 35.

4.

[Inhoud van de internationale aanvrage]

  • a. De internationale aanvrage moet het volgende bevatten of vermelden:
  • i. de naam van de aanvrager, zoals vermeld in overeenstemming met de administratieve instructies,
  • ii. het adres van de aanvrager, zoals aangegeven overeenkomstig de administratieve instructies, en zijn e-mailadres,
  • iii. de naam en het adres van de eventuele overeenkomstig de administratieve instructies aangewezen gemachtigde, alsmede diens e-mailadres,
  • iv. indien de aanvrager krachtens het Verdrag van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom aanspraak wenst te maken op de voorrang van een eerdere aanvrage, een verklaring waarin aanspraak wordt gemaakt op de voorrang van die eerdere aanvrage, met vermelding van de naam van de Administratie waar die aanvrage is ingediend alsmede van de datum en, indien beschikbaar, het nummer van die aanvrage en, indien de eerdere aanvrage niet alle in de internationale aanvrage vermelde waren en diensten betreft, een opgave van de waren en diensten waarop de eerdere aanvrage betrekking heeft.
  • v. een representatie van het merk, verstrekt in overeenstemming met de administratieve instructies, in kleur indien aanspraak wordt gemaakt op kleur ingevolge punt vii,
  • vi. indien de aanvrager wenst dat het merk wordt gelijkgesteld met een merk in standaardtekens, een verklaring in die zin,
  • vii. indien in de basisaanvrage of basisinschrijving aanspraak wordt gemaakt op kleur als onderscheidend kenmerk van het merk, of indien de aanvrager aanspraak wenst te maken op kleur als onderscheidend kenmerk van het merk en het merk in de basisaanvrage of basisinschrijving in kleur is of wordt toegepast om in kleur te zijn of is beschermd in kleur, een vermelding dat aanspraak op kleur wordt gemaakt alsmede een in woorden uitgedrukte aanduiding van de kleur of kleurencombinatie waar aanspraak wordt gemaakt,
  • viibis. indien het merk waarop de basisaanvrage of basisinschrijving betrekking heeft, uit een kleur of kleurencombinatie als zodanig bestaat, een vermelding van dit feit,
  • viii. indien de basisaanvrage of basisinschrijving een driedimensionaal merk betreft, de vermelding „driedimensionaal merk”,
  • ix. indien de basisaanvrage of basisinschrijving een geluidsmerk betreft, de vermelding „klankmerk”,
  • x. indien de basisaanvrage of basisinschrijving een collectief merk, een certificeringsmerk of een garantiemerk betreft, een vermelding dienaangaande,
  • xi. indien de basisaanvrage of basisinschrijving een in woorden uitgedrukte beschrijving van het merk bevat en de Administratie van oorsprong verlangt dat de beschrijving wordt opgenomen, diezelfde beschrijving; wanneer de genoemde beschrijving in een andere taal is gesteld dan de taal van de internationale aanvrage, moet de beschrijving worden gegeven in de taal van de internationale aanvrage,
  • xii. indien het merk geheel of gedeeltelijk bestaat uit andere tekens dan Latijnse tekens of uit andere cijfers dan Arabische of Romeinse cijfers, een transliteratie van die tekens in Latijnse tekens of van die cijfers in Arabische cijfers; de transliteratie in Latijnse tekens volgt de fonetiek van de taal van de internationale aanvrage,
  • xiii. de namen van de waren en diensten waarvoor de internationale inschrijving van het merk wordt aangevraagd, gegroepeerd overeenkomstig de desbetreffende klassen van de internationale classificatie van waren en diensten, waarbij elke groep wordt voorafgegaan door het nummer van de klasse en opgesteld in de volgorde van de klassen van die classificatie; de waren en diensten moeten nauwkeurig worden aangeduid, bij voorkeur door middel van de termen die voorkomen in de alfabetische lijst van genoemde classificatie; de internationale aanvrage kan een beperking bevatten van de lijst van waren en diensten ten aanzien van een of meer of alle aangewezen overeenkomstsluitende Partijen; de beperking kan voor elke overeenkomstsluitende Partij verschillend zijn,
  • xiv. het bedrag van de betaalde taksen en de wijze van betaling, of instructies om het vereiste bedrag aan taksen te storten op een rekening bij het Internationale Bureau, en de identiteit van de persoon die de betaling verricht of de instructies geeft, en
  • xv. de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen.
  • b. De internationale aanvrage kan tevens bevatten,
  • i. indien de aanvrager een natuurlijke persoon is, een aanduiding van de staat waarvan de aanvrager onderdaan is;
  • ii. indien de aanvrager een rechtspersoon is, een aanduiding van de rechtsvorm van die rechtspersoon en van de staat, en, indien van toepassing, de territoriale eenheid binnen die staat, waarvan het recht van kracht is op de oprichting van de vermelde rechtspersoon;
  • iii. wanneer het merk geheel of gedeeltelijk bestaat uit een of meer woorden die kunnen worden vertaald, een vertaling van dat woord of die woorden in het Engels, het Frans of het Spaans, of in een of twee van deze drie talen;
  • iv. indien de aanvrager de kleur als onderscheidend kenmerk van het merk aanvoert, een vermelding, in woorden, voor elke kleur, van de belangrijkste delen van het merk die die kleur hebben;
  • v. indien de aanvrager voor geen enkel deel van het merk aanspraak op bescherming wenst te maken, een vermelding van dit feit en van het deel of de delen waarvoor geen aanspraak op bescherming wordt gemaakt;
  • vi. een omschrijving van het merk in woorden of, indien de aanvrager dit wenst, de omschrijving van het merk in woorden die in de basisaanvrage of de basisinschrijving zijn gebruikt, indien deze niet overeenkomstig het vierde lid, letter a, punt xi, is verstrekt.
5.

[Aanvullende inhoud van de internationale aanvrage]

  • a. [Vervallen.]
  • b. De internationale aanvrage dient het nummer en de datum van de basisaanvrage of basisinschrijving te bevatten, alsmede een of meerdere van de volgende aanduidingen:
  • i. indien de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de Administratie van oorsprong is, een staat is, een vermelding dat de aanvrager een onderdaan van die staat is;
  • ii. indien de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de Administratie van oorsprong is, een organisatie is, de naam van de lidstaat van die organisatie waarvan de aanvrager onderdaan is;
  • iii. een vermelding dat de aanvrager zijn woonplaats heeft in de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de Administratie van oorsprong is;
  • iv. een vermelding dat de aanvrager een daadwerkelijke en wezenlijke vestiging voor bedrijf of handel heeft op het grondgebied van de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de Administratie van oorsprong is.
  • c. Indien het overeenkomstig het vierde lid, letter a, punt ii, vermelde adres van de aanvrager niet gelegen is op het grondgebied van de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de Administratie van oorsprong is, en ingevolge letter a, punt i. of ii, of ingevolge letter b, punt iii. of iv, is aangegeven dat de aanvrager een woonplaats of plaats van vestiging heeft op het grondgebied van die overeenkomstsluitende Partij, wordt de vermelde woonplaats of plaats van vestiging aangegeven in de internationale aanvrage.
  • d. De internationale aanvrage dient een verklaring van de Administratie van oorsprong te bevatten waarin het volgende wordt bevestigd:
  • i. de datum waarop de Administratie van oorsprong het verzoek tot indiening van de internationale aanvrage bij het Internationale Bureau heeft ontvangen,
  • ii. dat de aanvrager genoemd in de internationale aanvrage en de aanvrager genoemd in de basisaanvrage of de rechthebbende genoemd in de basisinschrijving, al naar gelang van het geval, een en dezelfde persoon zijn,
  • iii. een in het vierde lid, letter a, punten viibis, tot en met xi, bedoelde aanduiding in de internationale aanvrage ook voorkomt in de basisaanvrage of de basisinschrijving, al naargelang van het geval,
  • iv. dat het merk dat het voorwerp is van de internationale aanvrage hetzelfde is als het merk dat voorkomt in de basisaanvrage of de basisinschrijving, al naar gelang van het geval,
  • v. dat, indien in de basisaanvrage of basisinschrijving aanspraak wordt gemaakt op kleur als onderscheidend kenmerk van het merk, of het merk in de basisaanvrage of basisinschrijving wordt toegepast om in kleur te zijn of wordt beschermd in kleur, een aanspraak op kleur wordt opgenomen in de internationale aanvrage of indien in de internationale aanvrage aanspraak wordt gemaakt op kleur als onderscheidend kenmerk van het merk, maar niet in de basisaanvrage of basisinschrijving, het merk in de basisaanvrage of basisinschrijving in feite de kleur of kleurencombinatie is waarop aanspraak wordt gemaakt, en
  • vi. dat de in de internationale aanvrage vermelde waren en diensten vallen onder de lijst van waren en diensten in de basisaanvrage of basisinschrijving, al naargelang van het geval.
  • e. Indien de internationale aanvrage is gebaseerd op meer dan een basisaanvrage of basisinschrijving, wordt de onder letter d bedoelde verklaring geacht van toepassing te zijn op al deze basisaanvragen of basisinschrijvingen.
  • f. Indien de internationale aanvrage de aanwijzing bevat van een overeenkomstsluitende Partij die de in regel 7, tweede lid, bedoelde kennisgeving heeft gedaan, dient de internationale aanvrage tevens een verklaring te bevatten van de bedoeling om het merk te gebruiken op het grondgebied van die overeenkomstsluitende Partij; de verklaring wordt beschouwd als onderdeel van de aanwijzing van de overeenkomstsluitende Partij die deze verlangt en dient, op de door die overeenkomstsluitende Partij voorgeschreven wijze,
  • i. persoonlijk te worden ondertekend door de aanvrager en te worden ingediend op een afzonderlijk officieel formulier dat wordt gevoegd bij de internationale aanvrage, of
  • ii. te worden opgenomen in de internationale aanvrage.
  • g. Wanneer een internationale aanvrage de aanwijzing van een overeenkomstsluitende organisatie bevat, kan deze tevens de volgende aanduidingen bevatten:
  • i. indien de aanvrager krachtens de wetgeving van die overeenkomstsluitende organisatie een beroep wenst te doen op de anciënniteit van een in of voor een lidstaat van die organisatie ingeschreven ouder merk of oudere merken, een verklaring in die zin met vermelding van de lidstaat of lidstaten waarin of waarvoor het oudere merk ingeschreven is, de datum waarop de desbetreffende inschrijving rechtsgeldig is geworden, het desbetreffende inschrijvingsnummer, alsmede de waren en diensten waarvoor het oudere merk ingeschreven is. Deze aanduidingen moeten worden vermeld op een officieel formulier dat bij de internationale aanvrage wordt gevoegd;
  • ii. indien de aanvrager krachtens de wetgeving van die overeenkomstsluitende organisatie verplicht is bij de Administratie van die overeenkomstsluitende organisatie een tweede werktaal aan te geven, naast die van de internationale aanvrage, een aanduiding van die tweede taal.

Regel 10. Taksen inzake de internationale aanvrage

1.

[Vervallen.]

2.

[Voorgeschreven taksen] Bij de internationale aanvrage moeten de in punt 2 van het Reglement van taksen genoemde of bedoelde basistaks, aanvulling op de taks of individuele taks, of beide, en, indien van toepassing, de aanvullende taks worden betaald. Deze taksen worden betaald voor een tijdvak van tien jaar.

3.

[Vervallen.]

Regel 11. Andere onregelmatigheden dan die welke betrekking hebben op de indeling van waren en diensten of de aanduiding ervan

1.

[Vervallen.]

2.

[Onregelmatigheden die de aanvrager moet rectificeren]

  • a. Indien het Internationale Bureau van oordeel is dat de internationale aanvrage andere onregelmatigheden bevat dan die bedoeld in het derde, vierde en zesde lid, en in de regels 12 en 13, stelt het de aanvrager in kennis van de onregelmatigheid en stelt het tegelijkertijd de Administratie van oorsprong hiervan in kennis.
  • b. Dergelijke onregelmatigheden kunnen door de aanvrager worden gerectificeerd binnen een termijn van drie maanden na de datum waarop het Internationale Bureau deze onregelmatigheden ter kennis heeft gebracht. Indien een onregelmatigheid niet binnen drie maanden vanaf de datum waarop het Internationale Bureau deze ter kennis heeft gebracht, wordt gerectificeerd, wordt de internationale aanvrage geacht te zijn geannuleerd en stelt het Internationale Bureau tegelijkertijd de aanvrager en de Administratie van oorsprong hiervan in kennis.
3.

[Onregelmatigheid die de aanvrager of de Administratie van oorsprong moet rectificeren]

  • a. Indien de krachtens regel 10 verschuldigde taksen door de Administratie van oorsprong aan het Internationale Bureau zijn betaald en het Internationale Bureau van oordeel is dat het bedrag van de ontvangen taksen lager is dan het verschuldigde bedrag, stelt het, niettegenstaande het bepaalde in het tweede lid, de Administratie van oorsprong en de aanvrager hiervan in kennis. In de kennisgeving wordt het nog verschuldigde bedrag vermeld.
  • b. Het nog verschuldigde bedrag kan door de Administratie van oorsprong of door de aanvrager worden betaald binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum van de kennisgeving door het Internationale Bureau. Indien het verschuldigde bedrag niet is betaald binnen drie maanden na de datum waarop het Internationale Bureau de onregelmatigheid ter kennis heeft gebracht, wordt de internationale aanvrage geacht te zijn geannuleerd en stelt het Internationale Bureau tegelijkertijd de Administratie van oorsprong en de aanvrager hiervan in kennis.
4.

[Onregelmatigheden die de Administratie van oorsprong moet rectificeren]

  • a. Indien het Internationale Bureau stelt het de Administratie van oorsprong hiervan in kennis en deelt het dit gelijktijdig mee aan de aanvrager.
  • i. vaststelt dat de internationale aanvrage niet voldoet aan de vereisten van regel 2 of niet is ingediend op het in regel 9, tweede lid, letter a, voorgeschreven officiële formulier,
  • ii. constateert dat de internationale aanvrage een of meer van de in regel 15, eerste lid, bedoelde gebreken vertoont,
  • iii. van oordeel is dat de internationale aanvrage onregelmatigheden bevat met betrekking tot het recht van de aanvrager om een internationale aanvrage in te dienen,
  • iv. van oordeel is dat de internationale aanvrage onregelmatigheden bevat met betrekking tot de verklaring van de Administratie van oorsprong als bedoeld in regel 9, vijfde lid, letter d,
  • v. [Vervallen]
  • vi. vaststelt dat de internationale aanvrage niet is ondertekend door de Administratie van oorsprong, of
  • vii. vaststelt dat de internationale aanvrage niet de datum en het nummer van de basisaanvrage of de basisinschrijving, al naargelang van het geval, bevat,
  • b. Dergelijke onregelmatigheden kunnen door de Administratie van oorsprong worden gerectificeerd binnen een termijn van drie maanden vanaf de datum waarop het Internationale Bureau deze ter kennis heeft gebracht. Indien een onregelmatigheid niet binnen drie maanden vanaf de datum waarop het Internationale Bureau deze ter kennis heeft gebracht, wordt gerectificeerd, wordt de internationale aanvrage geacht te zijn geannuleerd en stelt het Internationale Bureau gelijktijdig de Administratie van oorsprong en de aanvrager hiervan in kennis.
5.

[Terugbetaling van taksen] Wanneer, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid, letter b, het derde lid, of het vierde lid, letter b, de internationale aanvrage geacht wordt te zijn geannuleerd, betaalt het Internationale Bureau de met betrekking tot die aanvrage betaalde taksen aan de betaler terug onder aftrek van een bedrag dat overeenkomt met de helft van de basistaks bedoeld in punt 2.1.1 van het Reglement van taksen.

6.

[Andere onregelmatigheid in de aanwijzing van een overeenkomstsluitende Partij].

  • a. Indien het Internationale Bureau overeenkomstig artikel 3, vierde lid, van het Protocol een internationale aanvrage ontvangt binnen twee maanden na de datum van ontvangst van die internationale aanvrage door de Administratie van oorsprong, en het Internationale Bureau van oordeel is dat een verklaring van het voornemen om het merk te gebruiken vereist is ingevolge regel 9, vijfde lid, letter f, maar dat deze ontbreekt of niet aan de toepasselijke eisen voldoet, stelt het Internationale Bureau de aanvrager en de Administratie van oorsprong hiervan onverwijld en gelijktijdig in kennis.
  • b. De verklaring van het voornemen om het merk te gebruiken wordt geacht tezamen met de internationale aanvrage door het Internationale Bureau te zijn ontvangen, indien de ontbrekende of gecorrigeerde verklaring door het Internationale Bureau wordt ontvangen binnen de onder letter a bedoelde termijn van twee maanden.
  • c. De internationale aanvrage wordt geacht niet de aanwijzing te bevatten van de overeenkomstsluitende Partij ten aanzien waarvan de verklaring van het voornemen om het merk te gebruiken vereist is, indien de ontbrekende of gecorrigeerde verklaring wordt ontvangen na het verstrijken van de in letter b bedoelde termijn van twee maanden. Het Internationale Bureau stelt de aanvrager en de Administratie van oorsprong gelijktijdig in kennis van dit feit, betaalt de ten aanzien van die overeenkomstsluitende Partij reeds betaalde aanwijzingstaks terug en deelt mee dat de aanwijzing van de genoemde overeenkomstsluitende Partij kan geschieden in de vorm van een latere aanwijzing overeenkomstig regel 24, mits deze aanwijzing vergezeld gaat van de vereiste verklaring.
7.

[Internationale aanvrage niet als zodanig beschouwd] Indien de internationale aanvrage rechtstreeks door de aanvrager bij het Internationale Bureau wordt ingediend of indien deze niet voldoet aan het vereiste van regel 6, eerste lid, wordt deze niet als zodanig beschouwd en aan de afzender teruggezonden.

Regel 12. Onregelmatigheden bij de classificatie van waren en diensten

1.

[Voorstel voor classificatie]

  • a. Indien het Internationale Bureau van oordeel is dat niet is voldaan aan de eisen van regel 9, vierde lid, letter a, punt xiii, doet het zelf een voorstel voor classificatie en indeling, deelt het dit mede aan de Administratie van oorsprong en brengt het de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.
  • b. In de kennisgeving van het voorstel wordt, voor zover van toepassing, ook het bedrag vermeld van de taksen die in verband met de voorgestelde classificatie en indeling moeten worden betaald.
2.

[Verschil van mening over het voorstel] De Administratie van oorsprong kan binnen een termijn van drie maanden, te rekenen vanaf de datum van kennisgeving van het voorstel, haar mening over de voorgestelde classificatie en indeling mededelen aan het Internationale Bureau.

3.

[Herinneren aan het voorstel] Indien de Administratie van oorsprong binnen twee maanden na de datum van de in het eerste lid, letter a, bedoelde kennisgeving geen advies over de voorgestelde classificatie en indeling heeft uitgebracht, stuurt het Internationale Bureau een kennisgeving aan de Administratie van oorsprong en de aanvrager waarin herinnerd wordt aan het voorstel. De verzending van een dergelijke kennisgeving laat de in de het tweede lid bedoelde termijn van drie maanden onverlet.

4.

[Intrekken van het voorstel] Indien het Internationale Bureau, gelet op de ingevolge het tweede lid bedoelde kennisgeving, zijn voorstel intrekt, stelt het de Administratie van oorsprong hiervan in kennis en brengt het de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.

5.

[Wijziging van het voorstel] Indien het Internationale Bureau, gelet op de ingevolge het tweede lid bedoelde kennisgeving, zijn voorstel wijzigt, stelt het de Administratie van oorsprong in kennis van deze wijziging en van elke daaruit voortvloeiende wijziging van het in het eerste lid, letter b, bedoelde bedrag, en het brengt de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.

6.

[Bevestiging van het voorstel] Indien het Internationale Bureau, niettegenstaande de in het tweede lid, bedoelde kennisgeving, zijn voorstel bevestigt, stelt het de Administratie van oorsprong hiervan in kennis en het brengt de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.

7.

[Taksen]

  • a. Indien geen kennisgeving aan het Internationale Bureau is gedaan ingevolge het tweede lid, moet het in het eerste lid, letter b, bedoelde bedrag worden betaald binnen vier maanden na de datum van de in het eerste lid, letter a, bedoelde kennisgeving, bij gebreke waarvan de internationale aanvrage geacht wordt te zijn geannuleerd. Het Internationale Bureau stelt de Administratie van oorsprong hiervan in kennis en brengt de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.
  • b. Indien aan het Internationale Bureau een kennisgeving is gedaan ingevolge het tweede lid, moet het in het eerste lid, letter b, of, in voorkomend geval, het vijfde lid bedoelde bedrag worden betaald binnen drie maanden na de datum waarop het Internationale Bureau de wijziging of de bevestiging van zijn voorstel heeft medegedeeld ingevolge het vijfde of zesde lid, naargelang van het geval, bij gebreke waarvan de internationale aanvrage wordt geacht te zijn geannuleerd. Het Internationale Bureau stelt de Administratie van oorsprong hiervan in kennis en brengt de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.
  • c. Indien aan het Internationale Bureau een kennisgeving is gedaan ingevolge het tweede lid en indien het Internationale Bureau, gelet op die kennisgeving, zijn voorstel ingevolge het vierde lid intrekt, is het in het eerste lid, letter b, bedoelde bedrag niet verschuldigd.
8.

[Terugbetaling van taksen] Wanneer, overeenkomstig het bepaalde in het zevende lid, de internationale aanvrage geacht wordt te zijn geannuleerd, betaalt het Internationale Bureau de met betrekking tot die aanvrage betaalde taksen aan de betaler terug onder aftrek van een bedrag dat overeenkomt met de helft van de basistaks bedoeld in punt 2.1.1 van het Reglement van taksen.

8bis. [Onderzoek van de beperkingen] Het Internationale Bureau onderzoekt de beperkingen vervat in een internationale aanvrage, waarbij het bepaalde in het eerste lid, letter a, en in het tweede tot en met zesde lid, van overeenkomstige toepassing is. Indien het niet in staat is de in de beperking genoemde waren en diensten te groeperen overeenkomstig de klassen van de internationale classificatie van waren en diensten die zijn opgenomen in de desbetreffende internationale aanvrage, zoals gewijzigd, indien van toepassing, ingevolge het eerste tot en met zesde lid, doet het Internationale Bureau melding van een onregelmatigheid. Indien de onregelmatigheid niet wordt gerectificeerd binnen een termijn van drie maanden vanaf de datum van melding van de onregelmatigheid, wordt de beperking geacht de desbetreffende waren en diensten niet te omvatten.

9.

[Classificatie vermeld in de inschrijving] Mits de internationale aanvrage aan de overige vereisten voldoet, wordt het merk ingeschreven met de classificatie en indeling die het Internationale Bureau correct acht.

Regel 13. Onregelmatigheden bij de vermelding van waren en diensten

1.

[Mededeling van een onregelmatigheid door het Internationale Bureau aan de Administratie van oorsprong] Indien het Internationale Bureau van oordeel is dat bepaalde waren en diensten in de internationale aanvrage worden aangeduid met een term die te vaag is voor classificatiedoeleinden of die uit taalkundig oogpunt onbegrijpelijk of onjuist is, meldt het dit bij de Administratie van oorsprong en stelt het tegelijkertijd de aanvrager hiervan in kennis. Het Internationale Bureau kan in dezelfde kennisgeving een alternatieve term of de schrapping van de term in kwestie voorstellen.

2.

[Termijn voor rectificatie van de onregelmatigheid]

  • a. De Administratie van oorsprong kan binnen een termijn van drie maanden na de in het eerste lid bedoelde kennisgeving een voorstel doen om de onregelmatigheid te rectificeren.
  • b. Indien aan het Internationale Bureau geen aanvaardbaar voorstel wordt gedaan om de onregelmatigheid binnen de in letter a bedoelde termijn te rectificeren, neemt het Internationale Bureau de in de internationale aanvrage voorkomende term op in de internationale inschrijving, mits de Administratie van oorsprong heeft aangegeven in welke klasse deze term moet worden ingedeeld; de internationale inschrijving dient een aanduiding te bevatten dat genoemde term naar het oordeel van het Internationale Bureau te vaag is voor de doeleinden van de classificatie, dan wel onbegrijpelijk of taalkundig onjuist is, al naargelang van het geval. Indien de Administratie van oorsprong geen klasse heeft aangegeven, schrapt het Internationale Bureau ambtshalve de genoemde term en stelt het de Administratie van oorsprong hiervan in kennis en brengt het de aanvrager hiervan gelijktijdig op de hoogte.

HOOFDSTUK 3. INTERNATIONALE INSCHRIJVINGEN

Regel 14. Inschrijving van het merk in het internationale register

1.

[Inschrijving van het merk in het internationale register] Wanneer het Internationale Bureau van oordeel is dat de internationale aanvrage aan de vereisten voldoet, schrijft het het merk in het internationale register in, stelt het de Administraties van de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen in kennis van de internationale inschrijving en stelt het de Administratie van oorsprong hiervan in kennis, en zendt het de rechthebbende een certificaat toe. Het certificaat wordt naar de rechthebbende gestuurd door tussenkomst van de Administratie van oorsprong indien deze zulks wenst en deze het Internationale Bureau daarvan in kennis heeft gesteld.

2.

[Inhoud van de inschrijving] De internationale inschrijving omvat

  • i. alle gegevens in de internationale aanvrage, met uitzondering van een beroep op voorrang uit hoofde van regel 9, vierde lid, letter a, punt iv, indien de datum van de eerdere aanvrage meer dan zes maanden valt vóór die van de internationale inschrijving,
  • ii. de datum van de internationale inschrijving,
  • iii. het nummer van de internationale inschrijving,
  • iv. wanneer het merk kan worden ingedeeld volgens de internationale classificatie van beeldelementen, en tenzij de internationale aanvrage een verklaring bevat dat de aanvrager wenst dat het merk wordt beschouwd als een merk in standaardtekens, de relevante symbolen van die classificatie zoals vastgesteld door het Internationale Bureau,
  • v. [Vervallen]
  • vi. de overeenkomstig regel 9, vijfde lid letter g, punt i, bij de internationale aanvrage gevoegde gegevens betreffende de lidstaat of lidstaten waarin of waarvoor een ouder merk waarvan de anciënniteit wordt ingeroepen, is ingeschreven, de datum waarop de inschrijving van dat oudere merk van kracht werd en het nummer van de overeenkomstige inschrijving.

Regel 15. Datum van de internationale inschrijving

1.

[Onregelmatigheden die van invloed zijn op de datum van internationale inschrijving] Wanneer de door het Internationale Bureau ontvangen internationale aanvrage niet alle volgende elementen bevat:

  • i. aanwijzingen aan de hand waarvan de identiteit van de aanvrager kan worden vastgesteld en die volstaan om contact op te nemen met de aanvrager of de eventuele gemachtigde,
  • ii. de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen,
  • iii. een representatie van het merk,
  • iv. een opgave van de waren en diensten waarvoor de inschrijving van het merk wordt aangevraagd,

wordt op de internationale inschrijving de datum vermeld waarop het Internationale Bureau de laatste van de onvolkomen onderdelen heeft ontvangen; indien echter het laatste van de onvolkomen onderdelen het Internationale Bureau binnen de in artikel 3, vierde lid, van het Protocol bedoelde termijn van twee maanden heeft bereikt, heeft de internationale inschrijving de datum waarop de onvolkomen internationale aanvrage door de Administratie van oorsprong is ontvangen.

2.

[Datum van internationale inschrijving in andere gevallen] In alle andere gevallen heeft de internationale inschrijving de datum die is vastgesteld overeenkomstig artikel 3, vierde lid, van het Protocol.

HOOFDSTUK 4. GEBEURTENISSEN IN DE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN DIE VAN INVLOED ZIJN OP INTERNATIONALE INSCHRIJVINGEN

Regel 16. Mogelijkheid tot kennisgeving van een voorlopige weigering op grond van een oppositie krachtens artikel 5, tweede lid, letter c, van het Protocol

1.

[Informatie over mogelijke bezwaren en termijn voor kennisgeving van een voorlopige weigering op grond van een oppositie]

  • a. Onder voorbehoud van artikel 9sexies, eerste lid, letter b, van het Protocol, wanneer een verklaring is afgelegd door een overeenkomstsluitende Partij overeenkomstig artikel 5, tweede lid, letters b en c, eerste zin, van het Protocol, en blijkt dat, met betrekking tot een bepaalde internationale inschrijving waarin die overeenkomstsluitende Partij wordt aangewezen, de oppositietermijn te laat zal verstrijken om een voorlopige weigering op basis van een oppositie binnen de in artikel 5, tweede lid, letter b, bedoelde termijn van 18 maanden ter kennis van het Internationale Bureau te brengen, stelt de Administratie van die overeenkomstsluitende Partij het Internationale Bureau in kennis van het nummer en de naam van de rechthebbende van die internationale inschrijving.
  • b. Indien ten tijde van de kennisgeving van de in letter a bedoelde informatie de begin- en einddatum van de oppositietermijn bekend zijn, worden deze data in de kennisgeving vermeld. Indien deze data op dat ogenblik nog niet bekend zijn, worden deze aan het Internationale Bureau meegedeeld zodra deze bekend zijn1)Bij de aanneming van deze bepaling was de Algemene Vergadering van de Unie van Madrid van oordeel dat, indien de oppositietermijn kan worden verlengd, de Administratie alleen de datum mag meedelen waarop de termijn aanvangt. .
  • c. Wanneer letter a van toepassing is en de in die alinea bedoelde Administratie het Internationale Bureau vóór het verstrijken van de in die alinea bedoelde termijn van 18 maanden heeft meegedeeld dat de termijn voor het indienen van bezwaren binnen 30 dagen vóór het verstrijken van de termijn van 18 maanden zal verstrijken en dat tijdens die termijn van 30 dagen bezwaren kunnen worden ingediend, kan een voorlopige weigering op basis van een tijdens die termijn van 30 dagen ingediende oppositie ter kennis van het Internationale Bureau worden gebracht binnen een termijn van één maand te rekenen vanaf de datum van indiening van de oppositie.
2.

[Inschrijving en toezending van informatie] Het Internationale Bureau schrijft de ingevolge het eerste lid ontvangen informatie in het internationale register in en zendt deze toe aan de rechthebbende

Regel 17. Voorlopige weigering

1.

[Kennisgeving van voorlopige weigering]

  • a. Een kennisgeving van voorlopige weigering kan een verklaring omvatten waarin de redenen worden aangegeven waarom de Administratie die de kennisgeving doet, van oordeel is dat in de betrokken overeenkomstsluitende Partij geen bescherming kan worden verleend („voorlopige weigering ambtshalve”), of een verklaring dat in de betrokken overeenkomstsluitende Partij geen bescherming kan worden verleend omdat oppositie is ingesteld („voorlopige weigering op grond van oppositie”), of beide.
  • b. Een kennisgeving van voorlopige weigering moet betrekking hebben op één internationale inschrijving, gedateerd zijn en ondertekend zijn door de Administratie die de kennisgeving doet.
2.

[Inhoud van de kennisgeving] Een kennisgeving van voorlopige weigering bevat of vermeldt

  • i. de Administratie die de kennisgeving doet,
  • ii. het nummer van de internationale inschrijving, bij voorkeur vergezeld van andere aanduidingen aan de hand waarvan de identiteit van de internationale inschrijving kan worden bevestigd, zoals de woordbestanddelen van het merk of het nummer van de basisaanvrage of basisinschrijving,
  • iii. [Vervallen.]
  • iv. alle gronden waarop de voorlopige weigering is gebaseerd, vergezeld van een verwijzing naar de relevante essentiële wettelijke bepalingen,
  • v. indien de gronden waarop de voorlopige weigering is gebaseerd verband houden met een merk dat is aangevraagd of ingeschreven en waarmee het merk dat het voorwerp is van de internationale inschrijving strijdig lijkt te zijn, de datum en het nummer van de aanvrage, de eventuele prioriteitsdatum, de inschrijvingsdatum en het nummer indien beschikbaar, naam van de eigenaar en, in voorkomend geval, de naam van de gemachtigde alsmede, indien mogelijk, hun adressen, en een representatie van dat eerste merk of een indicatie hoe toegang tot die representatie kan worden verkregen, alsmede een opgave van alle waren en diensten of de betrokken waren en diensten waarop de aanvrage of inschrijving betreffende dat eerste merk betrekking heeft, met dien verstande dat die opgave mag zijn gesteld in de taal van die aanvrage of inschrijving,
  • vi. hetzij dat de redenen waarop de voorlopige weigering is gebaseerd betrekking hebben op alle waren en diensten, hetzij een opgave van de waren en diensten waarop de voorlopige weigering al dan niet betrekking heeft,
  • vii. de termijn, die ten minste twee maanden zal bedragen1Bij het aannemen van de bepaling is de Vergadering van de Unie van Madrid ervan uitgegaan dat de overeenkomstsluitende Partijen waarvan de wetgeving voorziet in een termijn van 60 kalenderdagen of opeenvolgende dagen, voldoen aan de in Regel 17, tweede lid, punt vii, gestelde eis., voor het indienen van een verzoek om herziening of een beroep tegen de voorlopige weigering ambtshalve of tegen de voorlopige weigering op grond van een oppositie en, indien van toepassing, voor het indienen van een reactie op de oppositie,
  • viii. indien de in het tweede lid, punt vii, bedoelde termijn aanvangt op een andere datum dan de datum waarop het Internationale Bureau een afschrift van de kennisgeving aan de rechthebbende stuurt of de datum waarop de rechthebbende dit afschrift ontvangt, vermelding van de datum waarop de genoemde termijn aanvangt en verstrijkt,
  • ix. de autoriteit waarbij een dergelijk verzoek om herziening, beroep of reactie moet worden ingediend, en
  • x. vermelding, indien van toepassing, van de verplichting om het verzoek om herziening, beroep of reactie in te dienen door tussenkomst van een gemachtigde wiens adres gelegen is op het grondgebied van de overeenkomstsluitende Partij waarvan de Administratie de weigering heeft uitgesproken.
3.

[Aanvullende eisen voor een kennisgeving van voorlopige weigering op grond van een oppositie] Indien de voorlopige weigering van bescherming op een oppositie, of op een oppositie en andere gronden berust, moet de kennisgeving niet alleen aan de vereisten van het tweede lid voldoen, maar moet zij ook dat feit en de naam van de opposant en, in voorkomend geval, de naam van de gemachtigde bevatten, alsmede, indien mogelijk, hun adressen; niettegenstaande het tweede lid, punt v, doet de Administratie die de kennisgeving doet, indien de oppositie berust op een aangevraagd of ingeschreven merk, kennisgeving van de opgave van de waren en diensten waarop de oppositie berust, en kan het bovendien de volledige opgave van de waren en diensten van die eerdere aanvrage of inschrijving verstrekken, met dien verstande dat deze opgave in de taal van de eerdere aanvrage of inschrijving kan zijn.

4.

[Inschrijving; toezending van afschriften van kennisgevingen]. Het Internationale Bureau neemt de voorlopige weigering op in het internationale register, samen met de in de kennisgeving vermelde gegevens en met vermelding van de datum waarop de kennisgeving aan het Internationale Bureau is toegezonden of geacht wordt te zijn toegezonden overeenkomstig regel 18, eerste lid, letter d, en zendt een afschrift van de kennisgeving aan de Administratie van oorsprong, indien die Administratie het Internationale Bureau ervan in kennis heeft gesteld dat het dergelijke afschriften wenst te ontvangen, en tegelijkertijd aan de rechthebbende.

5.

[Verklaringen omtrent de mogelijkheid van toetsing]

  • a. [Vervallen.]
  • b. [Vervallen.]
  • c. [Vervallen.]
  • d. de Administratie van een overeenkomstsluitende Partij kan in een verklaring de Directeur-Generaal mededelen dat, overeenkomstig de wetgeving van die overeenkomstsluitende Partij;
  • i. elke voorlopige weigering waarvan het Internationale Bureau in kennis is gesteld, onderworpen is aan toetsing door genoemde Administratie ongeacht of de rechthebbende al dan niet om een dergelijke toetsing heeft verzocht, en
  • ii. tegen de naar aanleiding van dit onderzoek genomen beslissing bij de Administratie verder beroep kan worden ingesteld. Indien deze verklaring van toepassing is en de Administratie deze beslissing niet rechtstreeks aan de rechthebbende van de betrokken internationale inschrijving kan meedelen, zendt de Administratie, niettegenstaande het feit dat mogelijkerwijs niet alle procedures voor genoemde de Administratie betreffende de bescherming van het merk zijn voltooid, de in regel 18 ter, tweede of derde lid, bedoelde verklaring onmiddellijk na genoemde beslissing toe aan het Internationale Bureau. Elke nieuwe beslissing die gevolgen heeft voor de bescherming van het merk, wordt overeenkomstig regel 18ter, vierde lid, aan het Internationale Bureau gericht.
  • e. de Administratie van een overeenkomstsluitende Partij kan in een verklaring aan de Directeur-Generaal mededelen dat een voorlopige weigering ambtshalve van de Administratie, waarvan kennisgeving is gedaan aan het Internationale Bureau, krachtens de wetgeving van genoemde overeenkomstsluitende Partij niet vatbaar is voor beroep bij genoemde Administratie. Indien een dergelijke verklaring van toepassing is, wordt elke kennisgeving van een voorlopige weigering van ambtswege door genoemd Bureau geacht een verklaring overeenkomstig regel 18ter, tweede lid, punt ii, of het derde lid, te bevatten.
6.

[Vervallen.]

7.

[Informatie over de termijn om te reageren op een voorlopige weigering] Overeenkomstsluitende Partijen stellen het Internationale Bureau in kennis van de duur van de in het tweede lid 2, punt vii, bedoelde termijn en van de wijze waarop deze termijn wordt berekend.

Regel 18. Onregelmatige kennisgevingen van voorlopige weigering

1.

[Algemeen]

  • a. Een kennisgeving van voorlopige weigering die door de Administratie van een aangewezen overeenkomstsluitende Partij wordt meegedeeld, wordt door het Internationale Bureau niet als zodanig beschouwd
  • i. indien zij geen internationaal inschrijvingsnummer bevat, tenzij andere in de kennisgeving opgenomen aanduidingen het mogelijk maken de internationale inschrijving waarop de voorlopige weigering betrekking heeft, te identificeren,
  • ii. indien daarin geen reden tot weigering is aangegeven, of
  • b. Indien het bepaalde onder letter a van toepassing is, zendt het Internationale Bureau niettemin een afschrift van de kennisgeving aan de rechthebbende toe, en deelt het tegelijkertijd de rechthebbende en de Administratie die de kennisgeving van voorlopige weigering heeft verzonden, mede dat de kennisgeving door het Internationale Bureau niet als zodanig wordt beschouwd, met opgave van de redenen daarvoor.
  • c. Indien de kennisgeving neemt het Internationale Bureau de voorlopige weigering niettemin op in het internationale register. Het Internationale Bureau verzoekt de Administratie die de voorlopige weigering heeft meegedeeld, binnen twee maanden na de uitnodiging een geregulariseerde kennisgeving toe te zenden en zendt de rechthebbende een afschrift van de onregelmatige kennisgeving en van de uitnodiging die aan de betrokken Administratie is toegezonden.
  • i. niet is ondertekend namens de Administratie die de kennisgeving heeft gedaan, of anderszins niet voldoet aan de vereisten van regel 2 of de vereiste van regel 6, tweede lid,
  • iv. [vervallen],
  • v. [vervallen],
  • vi. in voorkomend geval, niet de naam en het adres van de opposant bevat, noch een opgave van de waren en diensten waarop de oppositie berust (regel 17, derde lid),
  • d. Indien de kennisgeving niet voldoet aan de vereisten van regel 17, tweede lid, punt vii tot en met x, zal de voorlopige weigering niet als zodanig worden beschouwd en zal niet in het internationale register worden opgenomen. Het Internationale Bureau stelt de Administratie die de voorlopige weigering heeft meegedeeld hiervan in kennis, vermeldt de redenen daarvoor en verstuurt een afschrift van de onregelmatige kennisgeving naar de rechthebbende. Indien de Administratie echter binnen twee maanden vanaf de datum waarop het Internationale Bureau deze Administratie in kennis heeft gesteld van de onregelmatige kennisgeving een geregulariseerde kennisgeving verstuurt, dan wordt de geregulariseerde kennisgeving voor de toepassing van artikel 5 van het Protocol geacht te zijn toegezonden op de datum waarop de onregelmatige kennisgeving aan het Internationale Bureau werd toegezonden en wordt deze in het internationaal register ingeschreven.
  • e. In elke geregulariseerde kennisgeving wordt, indien het toepasselijke recht dit toestaat, een nieuwe termijn vermeld en wordt informatie verstrekt, in overeenstemming met regel 17, tweede lid, punt vii tot en met x, voor het indienen van een verzoek tot heroverweging of beroep in verband met de voorlopige weigering ambtshalve of de voorlopige weigering op grond van een oppositie en, indien van toepassing, voor het indienen van een reactie op de oppositie.
  • f. Het Internationale Bureau zendt een afschrift van elke geregulariseerde kennisgeving aan de rechthebbende.
2.

[Kennisgeving van voorlopige weigering op grond van artikel 5, tweede lid, letter c, van het Protocol].

  • a. [Vervallen]
  • b. Het eerste lid, letter a, is van toepassing om te bepalen of de termijn waarbinnen de Administratie van de betrokken overeenkomstsluitende Partij het Internationale Bureau de in artikel 5, tweede lid, letter c, punt i, van het Protocol bedoelde informatie moet verstrekken, in acht is genomen. Indien deze informatie na het verstrijken van deze termijn wordt verstrekt, wordt zij geacht niet te zijn verstrekt en stelt het Internationale Bureau de betrokken Administratie daarvan in kennis.
  • c. Indien de kennisgeving van voorlopige weigering op grond van een oppositie geschiedt overeenkomstig artikel 5, tweede lid, letter c, punt ii, van het Protocol zonder dat aan de vereisten van artikel 5, tweede lid, letter c, i, is voldaan, wordt die kennisgeving van voorlopige weigering niet als zodanig beschouwd. In dat geval zendt het Internationale Bureau de rechthebbende niettemin een afschrift van de kennisgeving toe, en deelt het tegelijkertijd de rechthebbende en de Administratie die de kennisgeving heeft toegezonden, mee dat de kennisgeving van voorlopige weigering door het Internationale Bureau niet als zodanig wordt beschouwd en vermeldt het de redenen daarvoor.

Regel 18bis. Voorlopige status van het merk in een aangewezen overeenkomstsluitende Partij

1.

[Ambtshalve onderzoek voltooid, maar oppositie of opmerkingen van derden zijn nog mogelijk].

  • a. een Administratie die geen kennisgeving van voorlopige weigering heeft gedaan, kan binnen de krachtens artikel 5, tweede lid, letter a of b, van het Protocol toepasselijke termijn het Internationale Bureau een verklaring toezenden waarin wordt medegedeeld dat het onderzoek ambtshalve is voltooid en dat de Administratie geen weigeringsgronden heeft vastgesteld, maar dat tegen de bescherming van het merk nog oppositie kan worden ingesteld of opmerkingen kunnen worden gemaakt door derden; de Administratie vermeldt daarbij de datum tot welk oppositie kan worden ingesteld of opmerkingen kunnen worden gemaakt2)Interpretatieve verklaring goedgekeurd door de Vergadering van de Unie van Madrid.„In regel 18bis is de verwijzing naar opmerkingen door derden alleen van toepassing op de overeenkomstsluitende Partijen waarvan de wetgeving in die mogelijkheid voorziet.” .
  • b. Een Administratie die een kennisgeving van voorlopige weigering heeft meegedeeld, kan het Internationale Bureau een verklaring toezenden waarin wordt aangegeven dat het onderzoek van de Administratie is voltooid, maar dat derden nog oppositie kunnen instellen of opmerkingen kunnen maken tegen de bescherming van het merk; de Administratie vermeldt daarbij tot welke datum oppositie kan worden ingesteld of opmerkingen kunnen worden gemaakt.
2.

[Inschrijving, kennisgeving aan de rechthebbende en toezending van afschriften] Het Internationale Bureau schrijft elke uit hoofde van deze regel ontvangen verklaring in het internationale register in, stelt de rechthebbende daarvan in kennis en zendt, indien de verklaring als afzonderlijk document is overgelegd of kan worden gereproduceerd, een afschrift van dat document aan de rechthebbende.

Regel 18ter. Definitieve beslissing over de status van het merk in een aangewezen overeenkomstsluitende Partij

1.

[Verklaring dat bescherming is verleend wanneer geen kennisgeving van voorlopige weigering is gedaan] 3)Bij de aanneming van deze bepaling heeft de Algemene Vergadering van de Unie van Madrid overwogen dat een verklaring van verlening van bescherming betrekking kan hebben op verschillende internationale inschrijvingen en de vorm kan aannemen van een lijst, meegedeeld langs elektronische weg of op papier, waarin die internationale inschrijvingen worden vermeld. Indien vóór het verstrijken van de krachtens artikel 5, tweede lid, letters a, b of c, van het Protocol toepasselijke termijn alle procedures voor een Administratie zijn voltooid en er voor die Administratie geen gronden zijn om de bescherming te weigeren, zendt die Administratie het Internationale Bureau zo spoedig mogelijk en vóór het verstrijken van die termijn een verklaring toe waaruit blijkt dat bescherming van het merk dat het voorwerp is van de internationale inschrijving, is verleend in de betrokken overeenkomstsluitende Partij. 4)Bij de aanneming van het eerste en tweede lid van deze regel heeft de Algemene Vergadering van de Unie van Madrid overwogen dat, wanneer regel 34, derde lid, van toepassing is, de verlening van bescherming afhankelijk wordt gesteld van de betaling van het tweede deel van de taks.

2.

[Verklaring van toekenning van bescherming na voorlopige weigering] Tenzij zij een verklaring ingevolge het derde lid toezendt, zendt een Administratie die een kennisgeving van voorlopige weigering heeft toegezonden, het Internationale Bureau na beëindiging van alle procedures betreffende de bescherming van het merk bij die Administratie

  • i. een verklaring dat de voorlopige weigering wordt ingetrokken en dat bescherming van het merk wordt verleend, in de betrokken overeenkomstsluitende Partij, voor alle waren en diensten waarvoor bescherming is aangevraagd, of
  • ii. een verklaring waarin de waren en diensten worden vermeld waarvoor bescherming van het merk in de betrokken overeenkomstsluitende Partij is verleend.
3.

[Bevestiging van voorlopige weigering in haar geheel] Een Administratie die een kennisgeving van voorlopige weigering in haar geheel aan het Internationale Bureau heeft gezonden, zendt, zodra alle procedures voor die Administratie betreffende de bescherming van het merk zijn voltooid en zij heeft besloten de weigering van bescherming van het merk in de betrokken overeenkomstsluitende Partij voor alle waren en diensten te bevestigen, aan het Internationale Bureau een verklaring in die zin.

4.

[Nieuw besluit] Indien geen kennisgeving van voorlopige weigering is verzonden binnen de toepasselijke termijn van artikel 5, tweede lid, van het Protocol, of indien na de toezending van een verklaring overeenkomstig het eerste, tweede of derde lid, een nieuwe beslissing van de Administratie of een andere autoriteit gevolgen heeft voor de bescherming van het merk, zendt de Administratie, voor zover zij van die beslissing op de hoogte is, en onverminderd regel 19, het Internationale Bureau een nieuwe verklaring toe, waarin de status van het merk en, in voorkomend geval, de waren en diensten waarvoor het merk in de betrokken overeenkomstsluitende Partij beschermd is, worden vermeld5)Interpretatieve verklaring goedgekeurd door de Vergadering van de Unie van Madrid:„In regel 18ter, vierde lid, heeft de verwijzing naar een nieuwe beslissing die de bescherming van het merk aantast, ook betrekking op het geval van een nieuwe beslissing van de Administratie, bijvoorbeeld in het geval van herstel in de vorige toestand, zelfs indien de Administratie reeds heeft verklaard dat de procedure voor de Administratie is beëindigd.” .

5.

[Inschrijving, kennisgeving aan de rechthebbende en toezending van afschriften] Het Internationale Bureau schrijft elke uit hoofde van deze regel ontvangen verklaring in het internationale register in, stelt de rechthebbende daarvan in kennis en zendt, indien de verklaring als afzonderlijk document is overgelegd of kan worden gereproduceerd, een afschrift van dat document aan de rechthebbende.

Regel 19. Ongeldigverklaringen in aangewezen overeenkomstsluitende Partijen

1.

[Inhoud van de kennisgeving van ongeldigverklaring] Wanneer de rechtsgevolgen van een internationale inschrijving ongeldig worden verklaard in een aangewezen overeenkomstsluitende Partij ingevolge artikel 5, zesde lid, van het Protocol en tegen de ongeldigverklaring geen beroep meer openstaat, stelt de Administratie van de overeenkomstsluitende Partij waarvan de bevoegde autoriteit de ongeldigverklaring heeft uitgesproken, het Internationale Bureau hiervan in kennis. De kennisgeving bevat of vermeldt;

  • i. de autoriteit die de ongeldigverklaring heeft afgegeven,
  • ii. het feit dat tegen de ongeldigverklaring geen beroep meer openstaat,
  • iii. het nummer van de internationale inschrijving,
  • iv. de naam van de rechthebbende,
  • v. indien de ongeldigverklaring niet alle waren en diensten betreft, die waarvoor zij is afgegeven of die waarvoor zij niet is afgegeven, en
  • vi. de datum waarop de ongeldigverklaring is uitgesproken en, zo mogelijk, de datum waarop deze ingaat.
2.

[Registratie van de ongeldigverklaring en informatie van de rechthebbende en de betrokken Administratie]

  • a. Het Internationale Bureau neemt de ongeldigverklaring op in het internationale register, samen met de gegevens in de kennisgeving van ongeldigverklaring, en stelt de rechthebbende hiervan in kennis. Het Internationale Bureau deelt de Administratie die de kennisgeving van ongeldigverklaring heeft medegedeeld ook de datum mede waarop de ongeldigverklaring in het internationale register is ingeschreven, indien de Administratie om dergelijke informatie heeft verzocht.
  • b. De ongeldigverklaring wordt ingeschreven op de datum van ontvangst door het Internationale Bureau van een kennisgeving die aan de vereiste voorwaarden voldoet.

Regel 20. Beperking van het recht van de rechthebbende om over de internationale inschrijving te beschikken

1.

[Kennisgeving van informatie]

  • a. De rechthebbende van een internationale inschrijving of de Administratie van de overeenkomstsluitende Partij van de rechthebbende kan het Internationale Bureau ervan in kennis stellen dat het recht van de rechthebbende om over de internationale inschrijving te beschikken is beperkt, waarbij hij, indien van toepassing, de betrokken overeenkomstsluitende Partijen vermeldt.
  • b. De Administratie van een aangewezen overeenkomstsluitende Partij kan het Internationale Bureau ervan in kennis stellen dat het recht van de rechthebbende om over de internationale inschrijving te beschikken op het grondgebied van die overeenkomstsluitende Partij is beperkt.
  • c. De uit hoofde van letters a of b verstrekte informatie bestaat uit een samenvatting van de voornaamste feiten betreffende een dergelijke beperking.
2.

[Gedeeltelijke of volledige opheffing van de beperking] Wanneer het Internationale Bureau overeenkomstig het eerste lid in kennis is gesteld van een beperking op het recht van de rechthebbende om over de inschrijving te beschikken, stelt de partij die deze informatie heeft verstrekt het Internationale Bureau ook in kennis van de gehele of gedeeltelijke opheffing van deze beperking.

3.

[Inschrijving]

  • a. Het Internationale Bureau neemt de ingevolge het eerste en tweede lid medegedeelde informatie op in het internationale register en stelt de rechthebbende, de Administratie van de overeenkomstsluitende Partij van de rechthebbende en de Administraties van de betrokken aangewezen overeenkomstsluitende Partijen hiervan in kennis.
  • b. De krachtens het eerste en tweede lid medegedeelde informatie wordt geregistreerd op de datum van ontvangst door het Internationale Bureau, mits de kennisgeving voldoet aan de vereiste voorwaarden.

Regel 20bis. Licenties

1.

[Verzoek tot inschrijving van een licentie]

  • a. Een verzoek tot inschrijving van een licentie wordt bij het Internationale Bureau ingediend op het daartoe bestemde officiële formulier, door de rechthebbende of, indien de Administratie een dergelijke indiening toestaat, door de Administratie van de overeenkomstsluitende Partij van de rechthebbende of door de Administratie van een overeenkomstsluitende Partij ten aanzien waarvan de licentie is verleend.
  • b. In de aanvrage wordt vermeld:
  • i. het nummer van de desbetreffende internationale inschrijving,
  • ii. de naam van de rechthebbende,
  • iii. de naam en het adres van de licentierechthebbende zoals vermeld in de administratieve instructies,
  • iv. de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen waarvoor de licentie wordt verleend,
  • v. het feit dat de licentie wordt verleend voor alle waren en diensten waarop de internationale inschrijving betrekking heeft, of de waren en diensten waarvoor de licentie wordt verleend, gegroepeerd overeenkomstig de desbetreffende klassen van de Internationale Classificatie van Waren en Diensten.
  • c. In de aanvrage kunnen ook worden vermeld
  • i. wanneer de licentierechthebbende een natuurlijke persoon is, de staat waarvan de licentierechthebbende onderdaan is,
  • ii. indien de licentierechthebbende een rechtspersoon is, een aanduiding van de rechtsvorm van die rechtspersoon en van de staat, en, indien van toepassing, de territoriale eenheid binnen die staat, waarvan het recht van kracht is op de oprichting van de vermelde rechtspersoon;
  • iii. het feit dat de licentie slechts betrekking heeft op een deel van het grondgebied van een bepaalde overeenkomstsluitende Partij,
  • iv. wanneer de licentierechthebbende een gemachtigde heeft, de naam en het adres van de gemachtigde, vermeld overeenkomstig de administratieve instructies.
  • v. wanneer de licentie een exclusieve licentie of een „sole licence” is, het feit dat het hierom gaat6)Interpretatieve verklaring goedgekeurd door de Vergadering van de Unie van Madrid.„Wanneer een verzoek tot inschrijving van een licentie niet de in regel 20bis, eerste lid, letter c, punt v, bedoelde vermelding bevat dat de licentie exclusief of een „ sole licence” is, mag ervan worden uitgegaan dat de licentie niet-exclusief is.”,
  • vi. indien van toepassing, de duur van de licentie.
  • d. de aanvrage wordt ondertekend door de rechthebbende of door de Administratie die deze indient.
2.

[Onregelmatige aanvrage]

  • a. Indien de aanvrage tot inschrijving van een licentie niet voldoet aan de eisen van het eerste lid, letters a, b en d, stelt het Internationale Bureau de rechthebbende en, indien de aanvrage door een Administratie is ingediend, de Administratie van dat feit in kennis.
  • b. Indien de onregelmatigheid niet is gerectificeerd binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum van kennisgeving van de onregelmatigheid door het Internationale Bureau, wordt de aanvrage geacht te zijn geannuleerd en stelt het Internationale Bureau tegelijkertijd de rechthebbende en, indien de aanvrage door een Administratie is ingediend, die Administratie daarvan in kennis en betaalt het alle betaalde taksen terug aan de persoon die deze heeft betaald, onder aftrek van een bedrag dat overeenkomt met de helft van de desbetreffende taksen als bedoeld in punt 7 van het Reglement van taksen.
3.

[Inschrijving en kennisgeving]

  • a. Indien de aanvrage voldoet aan de eisen van het eerste lid, letters a, b en d, schrijft het Internationale Bureau de licentie in het internationale register in, tezamen met de in de aanvrage vervatte informatie, en doet het hiervan kennisgeving aan de Administratie van de aangewezen overeenkomstsluitende Partijen waarvoor de licentie is verleend, en doet het tegelijkertijd kennisgeving aan de rechthebbende en, indien de aanvrage door een Administratie is ingediend, aan die Administratie.
  • b. De licentie wordt ingeschreven op de datum van ontvangst door het Internationale Bureau van een in aanmerking komende aanvrage.
  • c. Niettegenstaande het bepaalde onder letter b wordt, indien de voortzetting van de procedure is ingeschreven uit hoofde van regel 5bis, de licentie in het internationale register ingeschreven op de datum waarop de in het tweede lid, letter b, voorgeschreven termijn verstrijkt
4.

[Wijziging of doorhaling van de inschrijving van een licentie] Het eerste tot en met derde lid is van overeenkomstige toepassing op een verzoek tot wijziging of doorhaling van de inschrijving van een licentie.

5.

[Verklaring dat de inschrijving van een bepaalde licentie zonder rechtsgevolgen is]

  • a. De Administratie van een aangewezen overeenkomstsluitende Partij waaraan het Internationale Bureau kennisgeving doet van de inschrijving van een licentie met betrekking tot die overeenkomstsluitende Partij, kan verklaren dat die inschrijving zonder rechtsgevolgen is in die overeenkomstsluitende Partij.
  • b. In de onder letter a bedoelde verklaring worden vermeld
  • i. de redenen waarom de inschrijving van de licentie geen rechtsgevolgen heeft
  • ii. indien de verklaring niet betrekking heeft op alle waren en diensten waarop de licentie betrekking heeft, de waren en diensten waarop de verklaring al dan niet betrekking heeft,
  • iii. de relevante essentiële wettelijke bepalingen; en
  • iv. of de verklaring vatbaar is voor herziening of beroep.
  • c. De onder letter a bedoelde verklaring wordt vóór het verstrijken van een termijn van 18 maanden, te rekenen vanaf de datum waarop de in derde lid bedoelde kennisgeving aan de betrokken Administratie is toegezonden, aan het Internationale Bureau toegezonden.
  • d. Het Internationale Bureau schrijft elke overeenkomstig het bepaalde onder letter c, gedane verklaring in het internationale register in en doet, naargelang de aanvrage tot inschrijving van de licentie door de rechthebbende of door de Administratie is gedaan, aan de rechthebbende of aan de Administratie kennisgeving van de inschrijving. De verklaring wordt geregistreerd op de datum van ontvangst door het Internationale Bureau van een in aanmerking komende kennisgeving.
  • e. Van elke definitieve beslissing over een verklaring als bedoeld onder letter c wordt kennisgeving gedaan aan het Internationale Bureau, dat de verklaring in het internationale register opneemt en, naargelang de aanvrage tot inschrijving van de licentie door de rechthebbende of door een Administratie is ingediend, aan de rechthebbende of aan de Administratie kennisgeving doet.
6.

[Verklaring dat de inschrijving van licenties in het internationale register geen rechtsgevolgen heeft in een overeenkomstsluitende Partij].

  • a. De Administratie van een overeenkomstsluitende Partij waarvan de wetgeving niet voorziet in de inschrijving van merklicenties kan de Directeur-Generaal ervan kennisgeving doen dat de inschrijving van licenties in het internationale register in die overeenkomstsluitende Partij zonder rechtsgevolgen is.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)