Wijzigingsgeschiedenis
Besluit van 26 juli 1990, houdende vaststelling van een nieuw Reglement verkeersregels en verkeerstekens
36 versions
· 2026-01-01
2026-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2024-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 65,
2023-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 65,
2023-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2021-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2021-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2020-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2019-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2018-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2017-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2017-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2014-03-20
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2014-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2013-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2012-09-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2011-01-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2010-10-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2010-07-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Wijzigingen op 2010-07-01
@@ -24,9 +24,9 @@
- b. autobus: motorvoertuig, ingericht voor het vervoer van meer dan acht personen, de bestuurder daaronder niet begrepen;
- c. autosnelweg: weg, aangeduid door bord G1 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01); langs autosnelwegen gelegen parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen maken geen deel van de autosnelweg uit;
- d. autoweg: weg, aangeduid door bord G3 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01); langs autowegen gelegen parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen maken geen deel van de autoweg uit;
- c. autosnelweg: weg, aangeduid door bord G1 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01); langs autosnelwegen gelegen parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen maken geen deel van de autosnelweg uit;
- d. autoweg: weg, aangeduid door bord G3 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01); langs autowegen gelegen parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen maken geen deel van de autoweg uit;
- da. bedrijfsauto: bedrijfsauto als bedoeld in [artikel 1.1 van de Regeling voertuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025798&artikel=1.1);
@@ -44,7 +44,7 @@
- h. bevoegd gezag: gezag als bedoeld in [artikel 18, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=18);
- ha. brombakfiets: bromfiets op drie symmetrisch geplaatste wielen, met twee voorwielen met een diameter van meer dan 0,60 m, uitsluitend ingericht voor het vervoer van de bestuurder en van goederen en eventueel van een achter de bestuurder gezeten passagier;
- ha. brombakfiets: bromfiets op drie symmetrisch geplaatste wielen, met twee voorwielen met een diameter van meer dan 0,40 m, uitsluitend ingericht voor het vervoer van de bestuurder en van goederen en eventueel van een achter de bestuurder gezeten passagier;
- i. vervallen;
@@ -78,7 +78,7 @@
- t. kruispunt: kruising of splitsing van wegen;
- u. vervallen;
- u. **ligplaats:** ligplaats als bedoeld in [artikel 1.1 van de Regeling voertuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025798&artikel=1.1);
- v. lijnbus: motorvoertuig, gebezigd voor het verrichten van openbaar vervoer in de zin van de [Wet personenvervoer 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011470);
@@ -92,7 +92,7 @@
- aa. nacht: de periode tussen zonsondergang en zonsopgang;
- aab. overweg: kruising van een weg en een spoorweg die wordt aangeduid door middel van bord J12 of J13 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01);
- aab. overweg: kruising van een weg en een spoorweg die wordt aangeduid door middel van bord J12 of J13 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01);
- ab. parkeerhaven of parkeerstrook: langs de rijbaan gelegen verharding die is bestemd voor stilstaande of geparkeerde voertuigen;
@@ -108,12 +108,14 @@
- af. snorfiets: bromfiets die blijkens de gegevens in het kentekenregister of het voor het voertuig afgegeven kentekenbewijs is geconstrueerd voor een maximumsnelheid die niet meer bedraagt dan 25 km/h;
- afa. spitsstrook: de vluchtstrook die als rijstrook is aangewezen blijkens bord C23-01 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01);
- afa. spitsstrook: de vluchtstrook die als rijstrook is aangewezen blijkens bord C23-01 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01);
- afb. T100-bus: autobus, ten aanzien waarvan uit een aantekening op het kentekenbewijs of uit het kentekenregister blijkt dat hij zodanig is ingericht dat hij in aanmerking komt voor een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur. Met een T100-bus als bedoeld in dit besluit wordt gelijkgesteld een autobus die is geregistreerd in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, en ten aanzien waarvan uit het kentekenbewijs of uit een verklaring afgegeven door een onafhankelijke keuringsinstelling, afgegeven op basis van onderzoekingen die een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale onderzoekingen wordt nagestreefd, blijkt dat de autobus geschikt is voor een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur;
- ag. uitrijstrook: door een blokmarkering van de doorgaande rijbaan afgescheiden weggedeelte dat is bestemd voor bestuurders die de doorgaande rijbaan verlaten;
- aga. **uitvaartstoet van motorvoertuigen:** een stoet, bestaande uit motorvoertuigen, die een lijk als bedoeld in [artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de lijkbezorging](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005009&artikel=2) of de as van een gecremeerd lijk begeleiden en die de in [artikel 30c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=30c&z=2010-07-01&g=2010-07-01) bedoelde herkenningstekens voeren;
- ah. veiligheidscel: onderdeel van de constructie van een bromfiets, een motorfiets of een driewielig motorvoertuig dat de bestuurder of passagiers beschermt tegen hoofdletsel;
- ai. verdrijvingsvlak: gedeelte van de rijbaan waarop schuine strepen zijn aangebracht;
@@ -130,7 +132,7 @@
- am. voorrang verlenen: het de betrokken bestuurders in staat stellen ongehinderd hun weg te vervolgen;
- an. voorrangsvoertuig: motorvoertuig dat de optische en geluidssignalen voert als bedoeld in [artikel 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-03-01&g=2010-03-01);
- an. voorrangsvoertuig: motorvoertuig dat de optische en geluidssignalen voert als bedoeld in [artikel 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-07-01&g=2010-07-01);
- ao. vrachtauto: motorvoertuig, niet ingericht voor het vervoer van personen, waarvan de toegestane maximum massa meer bedraagt dan 3500 kg;
@@ -214,7 +216,7 @@
##### Artikel 10
1. Andere bestuurders dan die genoemd in de [artikelen 5 tot en met 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=5&z=2010-03-01&g=2010-03-01) gebruiken de rijbaan. Deze bestuurders en voetgangers die een aanhangwagen voortbewegen die kennelijk bestemd is om door een motorvoertuig te worden voortbewogen, mogen voor het parkeren van hun voertuig tevens andere weggedeelten gebruiken, behalve het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad.
1. Andere bestuurders dan die genoemd in de [artikelen 5 tot en met 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=5&z=2010-07-01&g=2010-07-01) gebruiken de rijbaan. Deze bestuurders en voetgangers die een aanhangwagen voortbewegen die kennelijk bestemd is om door een motorvoertuig te worden voortbewogen, mogen voor het parkeren van hun voertuig tevens andere weggedeelten gebruiken, behalve het trottoir, het voetpad, het fietspad, het fiets/bromfietspad of het ruiterpad.
2. Andere bestuurders dan fietsers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig mogen fietsstroken met doorgetrokken strepen niet gebruiken.
@@ -270,11 +272,11 @@
2. Bij overwegen laten weggebruikers een spoorvoertuig voorgaan en laten daarbij de overweg geheel vrij.
#### § 6. Doorsnijden militaire kolonnes
#### § 6. Doorsnijden militaire kolonnes en uitvaartstoeten van motorvoertuigen
##### Artikel 16
Weggebruikers mogen militaire kolonnes niet doorsnijden.
Weggebruikers mogen militaire kolonnes en uitvaartstoeten van motorvoertuigen niet doorsnijden.
#### § 7. Afslaan
@@ -384,7 +386,7 @@
- 1°. voor zover zijn voertuig niet behoort tot de op het bord of op het onderbord aangegeven voertuigcategorie of groep voertuigen;
- 2°. op een andere wijze dan op het bord of op het onderbord is aangegeven;
- 2°. op een andere wijze of met een ander doel dan op het bord of op het onderbord is aangegeven;
- 3°. op dagen of uren waarop dit blijkens het onderbord is verboden;
@@ -392,23 +394,21 @@
- f. op een gelegenheid bestemd voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen;
- g. op een parkeerplaats voor vergunninghouders, aangeduid door verkeersbord E9 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), indien voor zijn voertuig geen vergunning tot parkeren op die plaats is verleend.
2. Indien onder de verkeersborden E4 tot en met E8, E12 en E13 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), op een onderbord dagen of uren zijn vermeld, gelden de uit het bord of onderbord voortvloeiende geboden of verboden slechts gedurende de aangegeven dagen of uren.
- g. op een parkeerplaats voor vergunninghouders, aangeduid door verkeersbord E9 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), indien voor zijn voertuig geen vergunning tot parkeren op die plaats is verleend.
2. Indien onder de verkeersborden E4 tot en met E8, E12 en E13 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), op een onderbord dagen of uren zijn vermeld, gelden de uit het bord of onderbord voortvloeiende geboden of verboden slechts gedurende de aangegeven dagen of uren.
3. De bestuurder mag zijn voertuig niet dubbel parkeren.
4. Indien een parkeergelegenheid, aangeduid met een van de verkeersborden E 4 tot en met E 13 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), is voorzien van parkeervakken, mag slechts in die vakken worden geparkeerd.
4. Indien een parkeergelegenheid, aangeduid met een van de verkeersborden E 4 tot en met E 13 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), is voorzien van parkeervakken, mag slechts in die vakken worden geparkeerd.
##### Artikel 25
1. Het is verboden in een parkeerschijf-zone te parkeren, behalve op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven of plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep.
2. Op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep is het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen slechts toegestaan indien het motorvoertuig overeenkomstig het bij ministeriële regeling bepaalde is voorzien van een achter de voorruit geplaatste, duidelijk zichtbare parkeerschijf.
3. Op de parkeerschijf staat het tijdstip aangegeven waarop met parkeren is begonnen. Dit tijdstip wordt uitsluitend handmatig ingesteld.
Een parkeerschijf, voorzien van een mechanisme dat het tijdstip van aankomst automatisch instelt of verschuift, wordt niet gebruikt.
2. Op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep is het parkeren van een motorvoertuig op meer dan twee wielen slechts toegestaan indien het motorvoertuig overeenkomstig het bij ministeriële regeling bepaalde is voorzien van een duidelijk zichtbare parkeerschijf. Indien het motorvoertuig is voorzien van een voorruit, wordt de parkeerschijf achter de voorruit geplaatst.
3. Op de parkeerschijf staat het tijdstip aangegeven waarop met parkeren is begonnen. Een parkeerschijf voorzien van een mechanisme dat tijdens het parkeren het tijdstip van aankomst automatisch verschuift, mag niet worden gebruikt.
4. Bij het instellen mag het tijdstip van aankomst naar boven worden afgerond op het eerstvolgende hele of halve uur. De toegestane parkeerduur mag niet zijn verstreken.
@@ -418,13 +418,13 @@
1. Op een gehandicaptenparkeerplaats mag slechts worden geparkeerd:
- a. een gehandicaptenvoertuig;
- b. een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin een geldige gehandicaptenparkeerkaart duidelijk zichtbaar is aangebracht of
- a. een gehandicaptenvoertuig, indien het parkeren rechtstreeks verband houdt met het vervoer van een gehandicapte;
- b. een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin een geldige gehandicaptenparkeerkaart duidelijk zichtbaar is aangebracht, indien het parkeren rechtstreeks verband houdt met het vervoer van de gehandicapte aan wie de kaart is verstrekt, dan wel met het vervoer van een of meerdere personen die in een instelling verblijven, indien de kaart aan het bestuur van die instelling is verstrekt; of
- c. indien de gehandicaptenparkeerplaats is gereserveerd voor een bepaald voertuig, dat voertuig.
2. Indien op een onderbord een maximale parkeerduur is vermeld, is [artikel 25, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-03-01&g=2010-03-01), van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de parkeerplaats niet hoeft te zijn voorzien van een blauwe streep.
2. Indien op een onderbord een maximale parkeerduur is vermeld, is [artikel 25, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-07-01&g=2010-07-01), van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de parkeerplaats niet hoeft te zijn voorzien van een blauwe streep.
#### § 11. Het plaatsen van fietsen en bromfietsen
@@ -444,17 +444,17 @@
2. De in het eerste lid genoemde bestuurders mogen aanvullend op de in dat lid bedoelde verlichting overdag knipperende koplampen voeren.
3. Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden vastgesteld betreffende het blauwe zwaai-, flits- of knipperlicht en de knipperende koplampen.
3. Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden vastgesteld betreffende het blauwe zwaai-, flits- of knipperlicht, de tweetonige hoorn en de knipperende koplampen.
##### Artikel 30
1. Bestuurders van motorvoertuigen die voor nader aan te geven werkzaamheden worden gebruikt, voeren onder nader aan te geven omstandigheden geel of groen zwaai-, flits- of knipperlicht. De in [artikel 29, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-03-01&g=2010-03-01), genoemde bestuurders voeren in die gevallen geel of groen zwaai-, flits- of knipperlicht in plaats van blauw zwaai-, flits- of knipperlicht. De bestuurder van het motorvoertuig die als eerste of enige de plek bereikt om de daar aan hem opgedragen taak uit te voeren, mag in plaats van dat licht, blauw zwaai-, flits- of knipperlicht voeren.
1. Bestuurders van motorvoertuigen die voor nader aan te geven werkzaamheden worden gebruikt, voeren onder nader aan te geven omstandigheden geel of groen zwaai-, flits- of knipperlicht. De in [artikel 29, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-07-01&g=2010-07-01), genoemde bestuurders voeren in die gevallen geel of groen zwaai-, flits- of knipperlicht in plaats van blauw zwaai-, flits- of knipperlicht. De bestuurder van het motorvoertuig die als eerste of enige de plek bereikt om de daar aan hem opgedragen taak uit te voeren, mag in plaats van dat licht, blauw zwaai-, flits- of knipperlicht voeren.
2. Bij ministeriële regeling worden voorschriften vastgesteld betreffende het geel of groen zwaai-, flits- of knipperlicht en de werkzaamheden en omstandigheden waarbij deze signalen worden gevoerd.
##### Artikel 31
Signalen mogen niet worden gegeven in andere gevallen of op andere wijze dan de bij of krachtens de in deze paragraaf opgenomen artikelen vastgestelde regels is toegestaan.
Signalen mogen niet worden gegeven en de in [artikel 30c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=30c&z=2010-07-01&g=2010-07-01) bedoelde herkenningstekens mogen niet worden gevoerd in andere gevallen of op andere wijze dan bij of krachtens de artikelen in deze paragraaf is bepaald.
#### § 13. Gebruik van lichten tijdens het rijden
@@ -492,7 +492,9 @@
4. Een fiets moet zijn voorzien van een rood achterlicht dat aan de achterzijde wordt gevoerd, tenzij de bestuurder of een achter de bestuurder gezeten passagier een rood licht voert op zijn rug.
5. Er mogen niet meer lichten worden gevoerd op een fiets, door de bestuurder daarvan of door een achter de bestuurder gezeten passagier dan de in het tweede tot en met vierde lid genoemde lichten.
5. Een fiets mag zijn voorzien van twee ambergeel licht stralende richtingaanwijzers aan de voorzijde en twee aan de achterzijde.
6. Er mogen niet meer lichten worden gevoerd op een fiets, door de bestuurder daarvan of door een achter de bestuurder gezeten passagier dan de in het tweede tot en met vijfde lid genoemde lichten.
##### Artikel 36
@@ -520,82 +522,82 @@
##### Artikel 41
1. Onverminderd [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=32&z=2010-03-01&g=2010-03-01), mogen bestuurders van een motorvoertuig bij dag dagrijlicht voeren. Het dagrijlicht wordt niet tegelijk met enig ander licht aan de voorzijde van het voertuig gevoerd.
1. Onverminderd [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=32&z=2010-07-01&g=2010-07-01), mogen bestuurders van een motorvoertuig bij dag dagrijlicht voeren. Het dagrijlicht wordt niet tegelijk met enig ander licht aan de voorzijde van het voertuig gevoerd.
2. Bestuurders van een motorvoertuig mogen tegelijk met dimlicht of mistlicht aan de voorzijde bermlicht, bochtlicht, hoeklicht, richtlicht, markeringslichten of staaklichten voeren.
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
##### Artikel 42
1. Het gebruik van de autosnelweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig waarmee met een snelheid van ten minste 60 km per uur mag en kan worden gereden.
2. Het gebruik van de autoweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig waarmee met een snelheid van ten minste 50 km per uur mag en kan worden gereden.
##### Artikel 43
1. Het is de bestuurders verboden op een autosnelweg of autoweg hun voertuig te keren of achteruit te rijden.
2. Het is de bestuurders voorts verboden op de rijbaan van een autosnelweg of autoweg hun voertuig te laten stilstaan.
3. Behoudens in noodgevallen is het de weggebruikers verboden op een autosnelweg of autoweg gebruik te maken van de vluchtstrook, de vluchthaven of de berm.
4. Op een autosnelweg is het bestuurders van een samenstel van voertuigen met een totale lengte van meer dan 7 meter en van een vrachtauto verboden op een rijbaan met drie of meer rijstroken enig andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken te gebruiken. Het verbod geldt niet voor het geval zij moeten voorsorteren.
#### § 15. Bijzondere lichten
##### Artikel 44
Voetgangers mogen wegen gelegen binnen een erf over de volle breedte gebruiken.
##### Artikel 45
Bestuurders mogen binnen een erf niet sneller rijden dan stapvoets.
##### Artikel 46
1. Het is bestuurders van een motorvoertuig verboden binnen een erf te parkeren anders dan op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven.
2. Indien het erf tevens is aangeduid als parkeerschijf-zone, is ten aanzien van het parkeren van voertuigen [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-07-01&g=2010-07-01) van toepassing.
#### § 16. Autosnelwegen en autowegen
##### Artikel 42
1. Het gebruik van de autosnelweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig waarmee met een snelheid van ten minste 60 km per uur mag en kan worden gereden.
2. Het gebruik van de autoweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig waarmee met een snelheid van ten minste 50 km per uur mag en kan worden gereden.
##### Artikel 43
1. Het is de bestuurders verboden op een autosnelweg of autoweg hun voertuig te keren of achteruit te rijden.
2. Het is de bestuurders voorts verboden op de rijbaan van een autosnelweg of autoweg hun voertuig te laten stilstaan.
3. Behoudens in noodgevallen is het de weggebruikers verboden op een autosnelweg of autoweg gebruik te maken van de vluchtstrook, de vluchthaven of de berm.
4. Op een autosnelweg is het bestuurders van een samenstel van voertuigen met een totale lengte van meer dan 7 meter en van een vrachtauto verboden op een rijbaan met drie of meer rijstroken enig andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken te gebruiken. Het verbod geldt niet voor het geval zij moeten voorsorteren.
#### § 15. Bijzondere lichten
##### Artikel 44
Voetgangers mogen wegen gelegen binnen een erf over de volle breedte gebruiken.
##### Artikel 45
Bestuurders mogen binnen een erf niet sneller rijden dan stapvoets.
##### Artikel 46
1. Het is bestuurders van een motorvoertuig verboden binnen een erf te parkeren anders dan op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven.
2. Indien het erf tevens is aangeduid als parkeerschijf-zone, is ten aanzien van het parkeren van voertuigen [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-03-01&g=2010-03-01) van toepassing.
##### Artikel 47
Het is bestuurders van een motorvoertuig en bromfietsers die de rijbaan volgen toegestaan vlak voor of op rotondes anders dan aan de rechterzijde van de rijbaan te rijden.
##### Artikel 48
Het is bestuurders toegestaan vlak voor of op rotondes rechts in te halen.
#### § 17. Erven
##### Artikel 47
Het is bestuurders van een motorvoertuig en bromfietsers die de rijbaan volgen toegestaan vlak voor of op rotondes anders dan aan de rechterzijde van de rijbaan te rijden.
##### Artikel 48
Het is bestuurders toegestaan vlak voor of op rotondes rechts in te halen.
##### Artikel 49
1. Bestuurders moeten blinden, voorzien van een witte stok met één of meer rode ringen, en overigens alle personen die zich moeilijk voortbewegen, voor laten gaan.
2. Bestuurders moeten voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, die op een voetgangersoversteekplaats oversteken of kennelijk op het punt staan zulks te doen, voor laten gaan.
3. Het tweede lid geldt niet voor bestuurders van een motorvoertuig dat behoort tot een militaire kolonne of een uitvaartstoet van motorvoertuigen.
4. Het tweede lid geldt evenmin, indien voor de voetgangers en de bestuurders van een gehandicaptenvoertuig een rood voetgangerslicht of een geel knipperlicht als bedoeld in [artikel 74, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=74&z=2010-07-01&g=2010-07-01), van toepassing is.
#### § 19. Voetgangers
##### Artikel 49
1. Bestuurders moeten blinden, voorzien van een witte stok met één of meer rode ringen, en overigens alle personen die zich moeilijk voortbewegen, voor laten gaan.
2. Bestuurders moeten voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, die op een voetgangersoversteekplaats oversteken of kennelijk op het punt staan zulks te doen, voor laten gaan.
3. Het tweede lid geldt niet voor bestuurders van een motorvoertuig dat behoort tot een militaire kolonne.
4. Het tweede lid geldt evenmin, indien voor de voetgangers en de bestuurders van een gehandicaptenvoertuig een rood voetgangerslicht of een geel knipperlicht als bedoeld in [artikel 74, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=74&z=2010-03-01&g=2010-03-01), van toepassing is.
##### Artikel 50
Weggebruikers moeten bestuurders van een voorrangsvoertuig voor laten gaan.
#### § 18. Rotondes
##### Artikel 51
1. Het is verboden rij- of trekdieren of vee zonder toezicht op de weg los te laten lopen.
2. Het eerste lid geldt niet ten aanzien van wegen die door het bevoegde gezag zijn aangewezen.
#### § 19. Voetgangers
##### Artikel 50
Weggebruikers moeten bestuurders van een voorrangsvoertuig voor laten gaan.
#### § 19. Voetgangers
##### Artikel 51
1. Het is verboden rij- of trekdieren of vee zonder toezicht op de weg los te laten lopen.
2. Het eerste lid geldt niet ten aanzien van wegen die door het bevoegde gezag zijn aangewezen.
#### § 19. Voetgangers
##### Artikel 52
Bestuurders die een stilstaande tram of autobus willen voorbijrijden aan de zijde waar passagiers in- en uitstappen, moeten aan hen daartoe gelegenheid geven.
@@ -620,7 +622,7 @@
1. Binnen de bebouwde kom moeten bestuurders aan bestuurders van een autobus de gelegenheid geven van een bushalte weg te rijden, wanneer de bestuurder van die autobus door het geven van een teken met zijn richtingaanwijzer zijn voornemen om weg te rijden kenbaar maakt.
2. Het eerste lid geldt niet voor bestuurders van een motorvoertuig dat behoort tot een militaire kolonne.
2. Het eerste lid geldt niet voor bestuurders van een motorvoertuig dat behoort tot een militaire kolonne of een uitvaartstoet van motorvoertuigen.
#### § 23. Slepen
@@ -642,21 +644,23 @@
##### Artikel 59
1. Bestuurders van een personenauto, een bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel en hun passagiers maken gebruik van de voor hen beschikbare autogordel. Passagiers die jonger zijn dan 18 jaren en met een lengte van minder dan 1,35 meter, maken gebruik van een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem dat is voorzien van een goedkeuringsmerk als bedoeld in [artikel 22, vierde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=22). Wanneer de zitplaatsen die bestemd zijn voor passagiers voorzien zijn van autogordels, worden op deze zitplaatsen niet meer passagiers vervoerd dan er autogordels aanwezig zijn.
2. Met een personenauto, een bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel niet zijnde autobussen die niet zijn uitgerust met een autogordel of kinderbeveiligingssysteem als bedoeld in het eerste lid, worden geen passagiers vervoerd die jonger zijn dan 3 jaren en worden passagiers in de leeftijd van 3 tot 18 jaren met een lengte van minder dan 1,35 meter op een andere zitplaats dan een van de voorste zitplaatsen vervoerd.
3. Passagiers die jonger zijn dan 18 jaren, worden niet in een naar achteren gericht kinderzitje op een passagierszitplaats met een voorairbag vervoerd, tenzij deze airbag is uitgeschakeld of automatisch op toereikende wijze wordt uitgeschakeld.
1. Bestuurders van een personenauto, een bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel en hun passagiers maken gebruik van de voor hen beschikbare autogordel. Passagiers die jonger zijn dan 18 jaar en met een lengte van minder dan 1,35 meter, maken gebruik van een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem dat is voorzien van een keurmerk als bedoeld in [artikel 22, vijfde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=22). Wanneer de zitplaatsen die bestemd zijn voor passagiers voorzien zijn van autogordels, worden op deze zitplaatsen niet meer passagiers vervoerd dan er autogordels aanwezig zijn.
2. Met een personenauto, een bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel die niet zijn uitgerust met een autogordel of kinderbeveiligingssysteem als bedoeld in het eerste lid, worden geen passagiers vervoerd die jonger zijn dan 3 jaar en worden passagiers in de leeftijd van 3 tot 18 jaar met een lengte van minder dan 1,35 meter op een andere zitplaats dan een van de voorste zitplaatsen vervoerd.
3. Passagiers die jonger zijn dan 18 jaar, worden niet in een naar achteren gericht kinderbeveiligingssysteem op een passagierszitplaats met een voorairbag vervoerd, tenzij deze airbag is uitgeschakeld of automatisch op toereikende wijze wordt uitgeschakeld.
4. Het eerste lid geldt niet voor passagiers die gebruik maken van een rolstoel. Deze passagiers worden vervoerd in een rolstoel die in het voertuig wordt vastgezet op een wijze die de stabiliteit van de rolstoel en de veiligheid van de rolstoelgebruiker waarborgt. Deze passagiers maken gebruik van de veiligheidsgordel die deel uitmaakt van het voertuig of van het systeem waarmee de rolstoel aan de vloer van het voertuig is bevestigd, tenzij gebruik gemaakt wordt van een door Onze Minister aangewezen constructie.
5. Het eerste lid, tweede volzin, en het tweede lid zijn niet van toepassing tijdens vervoer in taxi’s. In taxi’s waarin geen kinderbeveiligingssysteem aanwezig is, worden passagiers die jonger zijn dan 18 jaren en met een lengte van minder dan 1,35 meter op een andere zitplaats dan een van de voorste zitplaatsen vervoerd.
5. Het eerste lid, tweede volzin, en het tweede lid zijn niet van toepassing tijdens vervoer in taxi’s. In taxi’s waarin geen kinderbeveiligingssysteem aanwezig is, worden passagiers die jonger zijn dan 18 jaar en met een lengte van minder dan 1,35 meter op een andere zitplaats dan een van de voorste zitplaatsen vervoerd.
6. Het eerste lid voor zover dat op bestuurders betrekking heeft en het vierde lid gelden niet tijdens het vervoer van passagiers tegen vergoeding in de zin van de [Wet personenvervoer 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011470) en tijdens vraagafhankelijk openbaar vervoer in taxi’s, anders dan in de gevallen waarin een overeenkomst is gesloten als bedoeld in [artikel 84, derde lid, van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011470&artikel=84), of anders dan tijdens taxivervoer in een taxi die is ingericht voor rolstoelvervoer overeenkomstig de daaromtrent gestelde eisen in de [Regeling voertuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025798).
7. De autogordel, de veiligheidsgordel of het kinderbeveiligingssysteem wordt gebruikt op een wijze die de beschermende werking ervan niet negatief beïnvloedt of kan beïnvloeden. Personen van 18 jaren en ouder en personen onder de 18 jaren die in de betrokken omstandigheden geen gebruik hoeven maken van een kinderbeveiligingssysteem, mogen zonodig een voorziening gebruiken door middel waarvan het diagonale deel van de autogordel over de schouder wordt geleid. Onze Minister kan aan een dergelijke voorziening nadere eisen stellen.
8. Het is bestuurders van de in het eerste lid genoemde voertuigen verboden passagiers jonger dan 12 jaren en passagiers die gebruik maken van een rolstoel te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
7. De autogordel of het kinderbeveiligingssysteem wordt gebruikt op een wijze die de beschermende werking ervan niet negatief beïnvloedt of kan beïnvloeden. Personen van 18 jaar en ouder en personen onder de 18 jaar die in de betrokken omstandigheden geen gebruik hoeven maken van een kinderbeveiligingssysteem, kunnen een voorziening gebruiken door middel waarvan het diagonale deel van de autogordel over de schouder wordt geleid. Onze Minister kan aan een dergelijke voorziening nadere eisen stellen.
8. Het is bestuurders van de in het eerste lid genoemde voertuigen verboden passagiers jonger dan 12 jaar en passagiers die gebruik maken van een rolstoel te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
9. Het eerste lid geldt niet voor passagiers die gebruik maken van een ligplaats. Deze passagiers maken, indien beschikbaar, gebruik van de daarvoor bestemde veiligheidsvoorziening die deel uitmaakt van het voertuig of van het systeem waarmee de ligplaats aan de vloer van het voertuig is bevestigd.
#### § 25. Onnodig geluid
@@ -680,7 +684,7 @@
##### Artikel 61
Fietsers en bromfietsers mogen slechts kinderen beneden acht jaren vervoeren indien zij zijn gezeten op een doelmatige en veilige zitplaats met voldoende steun voor rug, handen en voeten.
Vervallen
#### § 26a. Zitplaatsen
@@ -690,31 +694,31 @@
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 27. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
##### Artikel 62
Weggebruikers zijn verplicht gevolg te geven aan de verkeerstekens die een gebod of verbod inhouden.
##### Artikel 63
Verkeerstekens gaan boven verkeersregels, voor zover deze regels onverenigbaar zijn met deze tekens.
##### Artikel 63a
Tijdelijke geplaatste of toegepaste verkeerstekens op het wegdek gaan boven ter plekke aangebrachte andere verkeerstekens op het wegdek, voor zover deze verkeerstekens onverenigbaar zijn.
##### Artikel 64
Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen.
#### § 29. Zitplaats kinderen op fietsen en bromfietsen
##### Artikel 62
Weggebruikers zijn verplicht gevolg te geven aan de verkeerstekens die een gebod of verbod inhouden.
##### Artikel 63
Verkeerstekens gaan boven verkeersregels, voor zover deze regels onverenigbaar zijn met deze tekens.
##### Artikel 63a
Tijdelijke geplaatste of toegepaste verkeerstekens op het wegdek gaan boven ter plekke aangebrachte andere verkeerstekens op het wegdek, voor zover deze verkeerstekens onverenigbaar zijn.
##### Artikel 64
Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen.
#### § 29. Zitplaats kinderen op fietsen en bromfietsen
##### Artikel 65
1. Ingeval een weg is verdeeld in rijstroken, kan de toepassing van een verkeersbord worden beperkt tot één of meer rijstroken.
2. De verkeersborden E1, E2 en E3 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01) gelden slechts voor de zijde van de weg alwaar zij zijn geplaatst.
2. De verkeersborden E1, E2 en E3 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01) gelden slechts voor de zijde van de weg alwaar zij zijn geplaatst.
3. Het parkeren van een voertuig en het plaatsen van een fiets en van een bromfiets is echter toegestaan op de daartoe bestemde weggedeelten.
@@ -724,7 +728,7 @@
2. Indien boven een verkeersbord het woord «zone» is aangebracht zonder aanduiding van het gebied van de zone, geldt het verkeersbord in een gebied dat wordt begrensd door het verkeersbord en een of meer in samenhang met dat verkeersbord geplaatste borden waarmee het einde van de zone wordt aangeduid.
3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing, als bord E 10 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01) is geplaatst.
3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing, als bord E 10 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01) is geplaatst.
##### Artikel 67
@@ -738,7 +742,7 @@
2. Indien het beoogde verkeersgedrag wordt aangegeven door middel van teksten of tekens al dan niet in combinatie met symbolen, blijkt het beoogde verkeersgedrag uit het onderbord.
3. Symbolen op onderborden hebben dezelfde betekenis als die welke in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01) zijn opgenomen.
3. Symbolen op onderborden hebben dezelfde betekenis als die welke in [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01) zijn opgenomen.
#### § 31. Vervoer van personen in of op aanhangwagens en in laadruimten
@@ -772,7 +776,7 @@
- b. rood licht: stop.
2. Het tweede tot en met zevende lid van [artikel 68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=68&z=2010-03-01&g=2010-03-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
2. Het tweede tot en met zevende lid van [artikel 68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=68&z=2010-07-01&g=2010-07-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 70
@@ -806,7 +810,7 @@
Bij rijstrooklichten betekent:
- a. groene pijl of maximumsnelheid, aangeduid door bord A3 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01): de rijstrook mag worden gebruikt;
- a. groene pijl of maximumsnelheid, aangeduid door bord A3 van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01): de rijstrook mag worden gebruikt;
- b. rood kruis: de rijstrook mag niet worden gebruikt. De vluchtstrook mag alleen in noodgevallen worden gebruikt;
@@ -826,7 +830,7 @@
- c. rood licht: voetgangers mogen niet meer beginnen over te steken; reeds overstekende voetgangers moeten zo snel mogelijk doorlopen.
2. Indien het rode licht is vervangen door een geel knipperlicht als bedoeld in [artikel 75](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=75&z=2010-03-01&g=2010-03-01), mogen voetgangers oversteken, mits zij het overige verkeer ter plaatse voor laten gaan.
2. Indien het rode licht is vervangen door een geel knipperlicht als bedoeld in [artikel 75](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=75&z=2010-07-01&g=2010-07-01), mogen voetgangers oversteken, mits zij het overige verkeer ter plaatse voor laten gaan.
##### Artikel 75
@@ -850,6 +854,8 @@
2. Het eerste lid is niet van toepassing wanneer bestuurders een spitsstrook volgen die een splitsing of samenvoeging van wegen, rijstroken of rijbanen passeert.
3. Het eerste lid is niet van toepassing wanneer bestuurders rechtmatig een busbaan of busstrook volgen die een splitsing of samenvoeging van wegen, rijstroken of rijbanen passeert.
##### Artikel 78
1. Bestuurders die de rijbaan volgen zijn verplicht op een kruispunt de richting te volgen die de voorsorteerstrook waarop zij zich bevinden aangeeft. Een in een voorsorteerstrook gelegen fietsstrook maakt deel uit van deze voorsorteerstrook.
@@ -886,9 +892,9 @@
2. Bij het geven van aanwijzingen door middel van gebaren worden, voor zover mogelijk, de in bijlage II vastgestelde aanwijzingen gegeven.
3. Bestuurders zijn tevens verplicht de in [bijlage II, onderdeel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=2&z=2010-03-01&g=2010-03-01), vastgestelde aanwijzing om te stoppen op te volgen die wordt gegeven door daartoe bevoegde en als zodanig kenbare verkeersbrigadiers.
4. Weggebruikers zijn voorts verplicht te stoppen indien hen door een begeleider van een railvoertuig een stopteken volgens model F10 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), een rode vlag of een rode lamp wordt getoond.
3. Bestuurders zijn tevens verplicht de in [bijlage II, onderdeel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=2&z=2010-07-01&g=2010-07-01), vastgestelde aanwijzing om te stoppen op te volgen die wordt gegeven door daartoe bevoegde en als zodanig kenbare verkeersbrigadiers.
4. Weggebruikers zijn voorts verplicht te stoppen indien hen door een begeleider van een railvoertuig een stopteken volgens model F10 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), een rode vlag of een rode lamp wordt getoond.
##### Artikel 83
@@ -906,9 +912,9 @@
##### Artikel 85
1. Op bestuurders van een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin op de door Onze Minister voorgeschreven wijze een geldige en behoorlijk leesbare gehandicaptenparkeerkaart is aangebracht, zijn [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-03-01&g=2010-03-01) en, indien niet langer wordt geparkeerd dan drie uren, de [artikelen 24, eerste lid, onderdeel e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=24&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=46&z=2010-03-01&g=2010-03-01) en [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-03-01&g=2010-03-01), voor zover het betreft bord E1 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), niet van toepassing.
2. Op bestuurders van gehandicaptenvoertuigen, zijn [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-03-01&g=2010-03-01) en, indien niet langer wordt geparkeerd dan drie uren, de [artikelen 24, eerste lid, onderdeel e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=24&z=2010-03-01&g=2010-03-01), en [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-03-01&g=2010-03-01), voor zover het betreft bord E1 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), niet van toepassing.
1. Op bestuurders van een motorvoertuig op meer dan twee wielen waarin op de door Onze Minister voorgeschreven wijze een geldige en behoorlijk leesbare gehandicaptenparkeerkaart is aangebracht, zijn [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-07-01&g=2010-07-01) en, indien niet langer wordt geparkeerd dan drie uren, de [artikelen 24, eerste lid, onderdeel e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=24&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=46&z=2010-07-01&g=2010-07-01) en [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-07-01&g=2010-07-01), voor zover het betreft bord E1 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), niet van toepassing.
2. Op bestuurders van gehandicaptenvoertuigen, zijn [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-07-01&g=2010-07-01) en, indien niet langer wordt geparkeerd dan drie uren, de [artikelen 24, eerste lid, onderdeel e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=24&z=2010-07-01&g=2010-07-01), en [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-07-01&g=2010-07-01), voor zover het betreft bord E1 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), niet van toepassing.
3. In de gevallen, waarin niet langer dan drie uren mag worden geparkeerd, moet het motorvoertuig overeenkomstig het bij ministeriële regeling bepaalde zijn voorzien van een duidelijk zichtbare parkeerschijf waarop het tijdstip staat aangegeven waarop met parkeren is begonnen.
@@ -922,7 +928,7 @@
##### Artikel 86a
1. In geval van een ernstige verstoring van de olieaanvoer kan bij regeling van Onze Minister worden bepaald dat op autosnelwegen en op autowegen, in afwijking van [artikel 21, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=21&z=2010-03-01&g=2010-03-01), voor motorvoertuigen een maximumsnelheid geldt van 90 kilometer per uur.
1. In geval van een ernstige verstoring van de olieaanvoer kan bij regeling van Onze Minister worden bepaald dat op autosnelwegen en op autowegen, in afwijking van [artikel 21, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=21&z=2010-07-01&g=2010-07-01), voor motorvoertuigen een maximumsnelheid geldt van 90 kilometer per uur.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op vrachtauto’s, motorvoertuigen met aanhangwagen of autobussen, niet zijnde T100-bussen.
@@ -932,7 +938,7 @@
##### Artikel 86b
Het is de bestuurders van de in [artikel 86a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86a&z=2010-03-01&g=2010-03-01), bedoelde motorvoertuigen verboden de ingevolge [artikel 86a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86a&z=2010-03-01&g=2010-03-01) bepaalde maximumsnelheid te overschrijden.
Het is de bestuurders van de in [artikel 86a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86a&z=2010-07-01&g=2010-07-01), bedoelde motorvoertuigen verboden de ingevolge [artikel 86a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86a&z=2010-07-01&g=2010-07-01) bepaalde maximumsnelheid te overschrijden.
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
@@ -940,7 +946,7 @@
##### Artikel 87
Door het bevoegd gezag kan ontheffing worden verleend van de [artikelen 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=3&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=4&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [5, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=5&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [6, eerste, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=6&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=10&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [23, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=9&artikel=23&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=24&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=26&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=16&artikel=42&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=16&artikel=43&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=46&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=23&artikel=53&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [61b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=31&artikel=61b&z=2010-03-01&g=2010-03-01), alsmede [artikel 62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-03-01&g=2010-03-01) voor zover het betreft de verkeerstekens C1, C2, C4, C6 tot en met C21, C22a, D2, D4 tot en met D7, E1 tot en met E3, F7 en de verkeerstekens genoemd in de [artikelen 73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=73&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [76](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=76&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [77](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=77&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=78&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=81&z=2010-03-01&g=2010-03-01) en [98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VIII&artikel=98&z=2010-03-01&g=2010-03-01).
Door het bevoegd gezag kan ontheffing worden verleend van de [artikelen 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=3&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=4&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [5, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=5&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [6, eerste, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=6&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=8&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=10&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [23, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=9&artikel=23&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=24&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=25&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=10&artikel=26&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=16&artikel=42&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=16&artikel=43&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=46&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=23&artikel=53&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [61b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=31&artikel=61b&z=2010-07-01&g=2010-07-01), alsmede [artikel 62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-07-01&g=2010-07-01) voor zover het betreft de verkeerstekens C1, C2, C4, C6 tot en met C21, C22a, D2, D4 tot en met D7, E1 tot en met E3, F7 en de verkeerstekens genoemd in de [artikelen 73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=73&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [76](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=76&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [77](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=77&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=78&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=4&artikel=81&z=2010-07-01&g=2010-07-01) en [98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VIII&artikel=98&z=2010-07-01&g=2010-07-01).
#### § 2. Rangorde aanwijzingen, verkeerstekens en verkeersregels
@@ -968,7 +974,7 @@
Vervallen
#### § 5. Voorrangsvoertuigen
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
##### Artikel 91
@@ -978,11 +984,11 @@
##### Artikel 92
1. Overtreding van de [artikelen 3 tot en met 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=3&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [14 tot en met 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=4&artikel=14&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [30, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=30&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [31 tot en met 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=31&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [45](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=45&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=46&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [49 tot en met 61b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=19&artikel=49&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-03-01&g=2010-03-01), met uitzondering van verkeersbord C22 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=68&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [74, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=74&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [82](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=IV¶graaf=1&artikel=82&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [82a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=IV¶graaf=1&artikel=82a&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [83](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=IV¶graaf=1&artikel=83&z=2010-03-01&g=2010-03-01) en [86b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86b&z=2010-03-01&g=2010-03-01) is een strafbaar feit.
1. Overtreding van de [artikelen 3 tot en met 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=1&artikel=3&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [14 tot en met 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=4&artikel=14&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [30, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=30&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [31 tot en met 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=31&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [45](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=45&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=46&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [49 tot en met 61b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=19&artikel=49&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=1&artikel=62&z=2010-07-01&g=2010-07-01), met uitzondering van verkeersbord C22 van [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=68&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [74, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=III¶graaf=3&artikel=74&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [82](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=IV¶graaf=1&artikel=82&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [82a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=IV¶graaf=1&artikel=82a&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [83](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=IV¶graaf=1&artikel=83&z=2010-07-01&g=2010-07-01) en [86b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86b&z=2010-07-01&g=2010-07-01) is een strafbaar feit.
2. Bij de veroordeling van de bestuurder van een motorvoertuig, een bromfietser of een snorfietser wegens een overtreding als bedoeld in het eerste lid kan hem de bevoegdheid om motorvoertuigen, bromfietsen en snorfietsen te besturen voor ten hoogste twee jaren worden ontzegd.
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
##### Artikel 93
@@ -998,7 +1004,7 @@
##### Artikel 96
1. De in de rechterkolom genoemde borden volgens het model van bijlage 2, behorende bij het met ingang van 1 november 1991 ingetrokken Reglement verkeersregels en verkeerstekens (Stb. 1966, 181), blijven van kracht. Zij hebben de betekenis die is toegekend aan de overeenkomstige in de linker kolom genoemde borden opgenomen in [bijlage 1 van het RVV 1990](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01).
1. De in de rechterkolom genoemde borden volgens het model van bijlage 2, behorende bij het met ingang van 1 november 1991 ingetrokken Reglement verkeersregels en verkeerstekens (Stb. 1966, 181), blijven van kracht. Zij hebben de betekenis die is toegekend aan de overeenkomstige in de linker kolom genoemde borden opgenomen in [bijlage 1 van het RVV 1990](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01).
2. In afwijking van het eerste lid behouden de in de rechter kolom genoemde borden 46 en 47 de betekenis die daaraan is toegekend in het in het eerste lid, eerste volzin, genoemde reglement. Zij blijven van kracht tot 1 januari 2009.
@@ -1095,7 +1101,7 @@
##### Artikel 97
Bewegwijzeringsborden, geplaatst voor 1 november 1991, blijven van kracht totdat zij door in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01) vastgestelde borden zijn vervangen.
Bewegwijzeringsborden, geplaatst voor 1 november 1991, blijven van kracht totdat zij door in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01) vastgestelde borden zijn vervangen.
##### Artikel 98
@@ -1239,558 +1245,602 @@
#### § 28. Helmen
#### § 29. Zitplaats kinderen op fietsen en bromfietsen
#### § 31. Vervoer van personen in of op aanhangwagens en in laadruimten
#### § 2. Verkeersborden
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 4. Verkeerstekens op het wegdek
#### § 4. Verkeerstekens op het wegdek
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 4. Verkeerstekens op het wegdek
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
#### § 2. Rangorde aanwijzingen, verkeerstekens en verkeersregels
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
#### § 2. Buiten Nederland afgegeven gehandicaptenparkeerkaarten
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk XI. Wijziging van andere Besluiten
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 1. Verkeersborden
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 22a
Voor zover niet ingevolge andere artikelen een lagere maximumsnelheid geldt, geldt voor T100-bussen een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur.
#### § 9. Stilstaan
#### § 10. Parkeren
#### § 11. Het plaatsen van fietsen en bromfietsen
#### § 12. Signalen en herkenningstekens
#### § 13. Gebruik van lichten tijdens het rijden
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
#### § 15. Bijzondere lichten
#### § 15. Bijzondere lichten
#### § 18. Rotondes
#### § 18. Rotondes
#### § 18. Rotondes
#### § 21. Loslopend vee
#### § 19. Voetgangers
#### § 20. Voorrangsvoertuigen
#### § 21. Loslopend vee
#### § 23. Slepen
#### § 24. Bijzondere manoeuvres
#### § 26a. Zitplaatsen
#### § 25. Onnodig geluid
#### § 26. Gevarendriehoek
#### § 26a. Zitplaatsen
##### Artikel 61b
1. Het is verboden personen te vervoeren in de open of gesloten laadruimte van een motorvoertuig of bromfiets en in of op een aanhangwagen achter een motorvoertuig of bromfiets.
2. Het eerste lid is niet van toepassing:
- a. op het vervoer van personen in de laadruimte van een ambulance of dierenambulance en op het vervoer van rolstoelinzittenden op de daarvoor ingerichte plaatsen in de laadruimte van een voertuig dat blijkens een aantekening op het kentekenbewijs speciaal is uitgerust voor rolstoelvervoer.
- b. op het vervoer van personen in de laadruimte van motorvoertuigen ten dienste van politie en brandweer en van andere door Onze Minister aangewezen hulpverleningsdiensten;
- c. op het vervoer van een persoon op de bestuurderszitplaats in een motorvoertuig of op een bromfiets op meer dan twee wielen die door een ander motorvoertuig of een andere bromfiets op meer dan twee wielen wordt voortgetrokken en op het vervoer van passagiers van het getrokken voertuig als hier bedoeld, voor wie geen zitplaats in het trekkende voertuig als hier bedoeld beschikbaar is;
- d. in het geval het vervoer van personen geschiedt in het kader van een evenement of optocht waarvoor een vergunning op grond van een gemeentelijke verordening is afgegeven.
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 28. Helmen
#### § 30. Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur
#### § 1. Algemene bepalingen
#### § 3. Verkeerslichten
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 1. Algemeen
### Hoofdstuk VB. Milieuzones
### Hoofdstuk VIII. Overgangsbepalingen
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 1. Verkeersborden
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 59a
1. Bestuurders van een autobus en hun passagiers van 3 jaar of ouder gebruiken de autogordel of het kinderbeveiligingssysteem waarmee de autobus is uitgerust, wanneer zij zich op hun zitplaats bevinden en het voertuig deelneemt aan het verkeer.
2. Passagiers van een autobus die in beweging is, wordt meegedeeld dat het verplicht is gebruik te maken van het in het eerste lid genoemde beveiligingsysteem wanneer zij zich op hun zitplaats bevinden en het voertuig deelneemt aan het verkeer. Deze mededeling gebeurt op één of meer van de volgende manieren:
- a. door de bestuurder, de conducteur, de reisleider of een als groepsleider aangewezen persoon;
- b. door audiovisuele middelen;
- c. door opschriften of het volgende pictogram: Het pictogram wordt bij gebruikmaking daarvan duidelijk op iedere zitplaats aangebracht.
3. In afwijking van het eerste lid behoeven passagiers van autobussen waarin het vervoer van staande passagiers is toegestaan geen beveiligingssysteem te gebruiken en behoeven passagiers van autobussen die volgens een dienstregeling stads- of streekvervoer uitvoeren binnen de bebouwde kom geen beveiligingssysteem te gebruiken.
4. Het is bestuurders van een autobus verboden passagiers jonger dan 12 jaren te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
5. Het eerste lid geldt niet voor passagiers die gebruik maken van een ligplaats. Deze passagiers maken, indien beschikbaar, gebruik van de daarvoor bestemde veiligheidsvoorziening die deel uitmaakt van het voertuig of van het systeem waarmee de ligplaats aan de vloer van het voertuig is bevestigd.
##### Artikel 59b
1. In afwijking van [artikel 59, eerste en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-07-01&g=2010-07-01), mag anders dan op de voorste zitplaatsen in personenauto’s en bestelauto’s, wanneer het na installatie van twee kinderbeveiligingssystemen niet mogelijk is nog een derde kinderbeveiligingssysteem te installeren en deze beveiligingssystemen in gebruik zijn, een derde passagier die 3 jaren of ouder is en met een lengte van minder dan 1,35 meter, worden vervoerd wanneer deze een autogordel gebruikt. [Artikel 59, zevende lid, is van toepassing](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-07-01&g=2010-07-01).
2. In afwijking van [artikel 59, eerste lid, tweede volzin, en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-07-01&g=2010-07-01), mogen in incidentele gevallen en over korte afstand in personenauto's en bestelauto's op andere dan de voorste zitplaatsen passagiers die 3 jaar of ouder zijn en met een lengte van minder dan 1,35 meter worden vervoerd wanneer deze passagiers een autogordel gebruiken. Dit geldt niet met betrekking tot passagiers waarvan een ouder de auto bestuurt dan wel daarvan eigenaar of houder is.
#### § 30. Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 2. Verkeersborden
#### § 3. Verkeerslichten
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
#### § 2. Buiten Nederland afgegeven gehandicaptenparkeerkaarten
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 1. Algemeen
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 58a
1. Tijdens deelname aan het verkeer zitten bestuurders en passagiers op de voor hen bestemde zitplaatsen.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op:
- a. staande passagiers van autobussen waarin het vervoer van staande passagiers is toegestaan;
- b. passagiers van autobussen zonder staanplaatsen bij incidenteel gebruik van het gangpad of toilet;
- c. passagiers die worden vervoerd overeenkomstig [artikel 61b, tweede lid, onderdelen a, b en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=31&artikel=61b&z=2010-07-01&g=2010-07-01);
- d. passagiers, jonger dan 3 jaar, in autobussen;
- e. passagiers jonger dan 18 jaar en met een lengte van minder dan 1,35 meter die gebruik maken van een voor deze passagiers geschikte zitgelegenheid die deel uitmaakt van de constructie van het voertuig, hierin deugdelijk is bevestigd en is voorzien van autogordels;
- f. het vervoer van passagiers die gebruik maken van een rolstoel als bedoeld in [artikel 59, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-07-01&g=2010-07-01);
- g. het vervoer van één persoon van 8 jaar of ouder op de bagagedrager door fietsers met uitzondering van snorfietsers.
- h. passagiers die gebruik maken van een ligplaats, indien op één ligplaats ten hoogste één passagier is gelegen.
3. In afwijking van het eerste lid worden op fietsen en bromfietsen passagiers jonger dan 8 jaar alleen vervoerd indien zij zijn gezeten op een doelmatige en veilige voorziening met voldoende steun voor rug, handen en voeten.
4. Het is bestuurders verboden passagiers te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
#### § 28. Helmen
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 30. Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur
##### Artikel 63b
1. Wanneer verkeerstekens die een maximumsnelheid aanduiden een hogere snelheid aangeven dan :
- a. de in de [artikelen 20, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=20&z=2010-07-01&g=2010-07-01), [21, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=21&z=2010-07-01&g=2010-07-01), en [22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=22&z=2010-07-01&g=2010-07-01) vastgestelde maximumsnelheden, of
- b. de ingevolge een ministeriële regeling krachtens [artikel 86a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86a&z=2010-07-01&g=2010-07-01) geldende maximumsnelheid, of
- c. de in [artikel 45](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=45&z=2010-07-01&g=2010-07-01) aangegeven snelheid,
geldt de laagste aangegeven snelheid.
2. Indien zowel door verkeerstekens op borden als door elektronische signaleringsborden een maximumsnelheid wordt aangegeven, geldt de laagste aangegeven maximumsnelheid.
#### § 1. Algemene bepalingen
##### Artikel 64a
Verkeersborden mogen op een elektronisch signaleringsbord worden weergegeven.
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
#### § 1. Algemeen
#### § 2. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VIII. Overgangsbepalingen
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk A. Snelheid
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk A. Snelheid
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 41a
1. Verlichte transparanten die informatie bieden over de bestemming of het gebruik van het voertuig mogen worden gevoerd door:
- a. personenauto’s, bedrijfsauto’s en motorfietsen:
- 1°. in gebruik bij de politie;
- 2°. in gebruik bij de brandweer;
- 3°. in gebruik bij pechhulpdiensten;
- 4°. in gebruik bij Rijkswaterstaat;
- 5°. die worden gebruikt door artsen;
- 6°. die worden gebruikt voor het geven van rijonderricht of het afleggen van een rijproef;
- 7°. die worden gebruikt door ambulancediensten waaraan krachtens de [Wet ambulancevervoer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002757) een vergunning is verleend voor het verrichten van ambulancevervoer;
- 8°. van hulpverleningsdiensten die zich in opdracht van óf een centrale post als bedoeld in [artikel 1 van de Wet ambulancevervoer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002757&artikel=1) óf een centrale post voor het ambulancevervoer als bedoeld in [artikel 4, eerste lid, onder a, van de Wet geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005276&artikel=4), bezig houden met het verlenen van eerstelijns spoedeisende hulpverlening;
- b. autobussen van openbaar vervoerdiensten;
- c. bedrijfsauto’s van transportbegeleiders;
- d. personen- en bedrijfsauto’s ingericht als dierenambulance;
- e. taxi’s.
2. Personenauto’s, bedrijfsauto’s en motorfietsen die worden gebruikt voor het geven van rijonderricht of het afleggen van een rijproef mogen slechts zijn voorzien van een verlicht transparant die de ingevolge het [Reglement rijbewijzen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008074) voorgeschreven letter «L» weergeeft.
3. Onverminderd het eerste lid mogen:
- a. verlichte transparanten die worden gevoerd door de voertuigen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4° en onderdeel c, aanwijzingen weergeven voor het overige wegverkeer,
- b. taxi’s zijn voorzien van verlichte transparanten die de volgende informatie weergeven:
- 1°. tarieven;
- 2°. naam van het taxibedrijf; en
- 3°. telefoonnummer van het taxibedrijf.
4. Taxi’s die zijn voorzien van verlichte transparanten die tarieven weergeven, mogen deze verlichting slechts voeren wanneer zij zich op een taxistandplaats bevinden.
5. Verlichte transparanten worden niet gevoerd door andere voertuigen dan genoemd in het eerste lid en worden niet gevoerd op een andere wijze dan bepaald in het eerste tot en met vierde lid.
#### § 16. Autosnelwegen en autowegen
#### § 17. Erven
#### § 17. Erven
#### § 22. In- en uitstappende passagiers
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 4. Verkeerstekens op het wegdek
#### § 4. Verkeerstekens op het wegdek
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
##### Artikel 82a
Weggebruikers zijn voorts verplicht de aanwijzingen op te volgen die worden gegeven door middel van de verlichte transparanten op personenauto’s, bedrijfsauto’s en motorfietsen in gebruik bij de in [artikel 41a, eerste lid, onderdeel a, onder 1° en 4°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=15&artikel=41a&z=2010-07-01&g=2010-07-01), genoemde diensten en op bedrijfsauto’s van transportbegeleiders.
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Algemeen
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk C. Geslotenverklaring
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 35a
1. De in [artikel 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=35&z=2010-07-01&g=2010-07-01) bedoelde verlichting mag andere weggebruikers niet verblinden.
2. De in [artikel 35, eerste tot en met vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=35&z=2010-07-01&g=2010-07-01), bedoelde verlichting mag niet knipperen.
3. De in [artikel 35, eerste tot en met vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=35&z=2010-07-01&g=2010-07-01), bedoelde verlichting moet:
- a. aan de voorzijde voortdurend zichtbaar zijn voor tegemoetkomende weggebruikers;
- b. aan de achterzijde voortdurend zichtbaar zijn voor van achteren naderende weggebruikers.
##### Artikel 35b
1. Bestuurders van een wagen voeren bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, of bij nacht voor- en achterlicht.
2. Bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, dat niet is uitgerust met een motor, voeren bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, of bij nacht voor- en achterlicht indien zij gebruik maken van de rijbaan, het fietspad of het fiets-/bromfietspad.
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 2. Verkeersborden
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
#### § 2. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
### Hoofdstuk X. Wijziging van de bijlage, behorende bij het Wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
### Hoofdstuk D. Rijrichting
### Hoofdstuk E. Parkeren en stilstaan
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 30a
1. Bestuurders van de in [artikel 29, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-07-01&g=2010-07-01), bedoelde motorvoertuigen mogen onder nader aan te geven omstandigheden extra richtingaanwijzers voeren.
2. Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden vastgesteld betreffende de in het eerste lid bedoelde richtingaanwijzers en de omstandigheden waarin deze worden gebruikt.
##### Artikel 30b
De [artikelen 29 tot en met 30a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-07-01&g=2010-07-01) zijn niet van toepassing op Belgische en Duitse motorvoertuigen in gebruik bij politie en brandweer, in gebruik bij diensten voor eerstelijns spoedeisende hulpverlening alsmede motorvoertuigen van Belgische en Duitse hulpverleningsdiensten, aangewezen bij of krachtens [artikel 29, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-07-01&g=2010-07-01), mits deze voertuigen elk de signalen voeren overeenkomstig de voor hen in hun eigen land geldende wettelijke regels.
#### § 13. Gebruik van lichten tijdens het rijden
#### § 16. Autosnelwegen en autowegen
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
### Hoofdstuk VB. Milieuzones
#### § 3
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk F. Overige geboden en verboden
### Hoofdstuk G. Verkeersregels
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
#### § 1. Algemeen
#### § 1. Algemeen
#### § 2. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
#### § 3
#### § 4
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk X. Wijziging van de bijlage, behorende bij het Wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk H. Bebouwde kom
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 86c
1. In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
- a. **datum van de eerste toelating tot het verkeer:** datum van de eerste toelating van een motorvoertuig tot het verkeer op de weg zoals vastgesteld ingevolge [bijlage II bij de Regeling voertuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025798&bijlage=II);
- b. **dieselmotor:** motor die werkt volgens het principe van ontsteking door compressie;
- c. **roetfilter:** roetfilter als bedoeld in de [Regeling typegoedkeuring roetfilters](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0026149);
- d. **richtlijn 88/77/EEG:** richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 3 december 1987 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot maatregelen tegen de emissie van verontreinigende gassen en deeltjes door voertuigmotoren met compressieontsteking en de emissie van verontreinigende gassen door op aardgas of vloeibaar petroleumgas lopende voertuigmotoren met elektrische ontsteking (PbEG 1988, L36), zoals deze gold tot 9 november 2006 en laatstelijk is gewijzigd bij richtlijn nr 96/1/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 januari 1996 (PbEG L 040);
- e. **richtlijn 2005/55/EG:** richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot maatregelen tegen de emissie van verontreinigende gassen en deeltjes door voertuigmotoren met compressieontsteking (PbEG 2005, L 275);
- f. **Euronorm II:** richtlijn 88/77/EEG (de grenswaarden in regel B van punt 6.2.1 dan wel punt 8.3.1.1 van bijlage I bij die richtlijn);
- g. **Euronorm III:** richtlijn 2005/55/EG (de grenswaarden in rij A van de tabellen in punt 6.2.1 van bijlage I bij die richtlijn);
- h. **Euronorm IV:** richtlijn 2005/55/EG (de grenswaarden in rij B1 van de tabellen in punt 6.2.1 van bijlage I bij die richtlijn);
2. Een wijziging van de in het eerste lid, onderdeel e, genoemde richtlijn gaat voor de toepassing van [artikel 86d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VB&artikel=86d&z=2010-07-01&g=2010-07-01) gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.
##### Artikel 86d
1. De geslotenverklaring krachtens bord C22a van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-07-01&g=2010-07-01) is niet van toepassing:
- a. tot 1 januari 2010 op vrachtauto’s,
- 1°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs ten minste voldoet aan Euronorm IV, of
- 2°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs voldoet aan Euronorm II of III, en die blijkens de aantekening in het kentekenregister zijn uitgerust met een roetfilter, of
- 3°. die niet worden aangedreven door een dieselmotor.
- b. vanaf 1 januari 2010 tot 1 juli 2013 op vrachtauto’s,
- 1°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs ten minste voldoet aan Euronorm IV, of
- 2°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs voldoet aan Euronorm III en, waarvoor geldt dat sedert de datum van de eerste toelating tot het verkeer niet meer dan acht jaar zijn verstreken, en die voorts blijkens de aantekening in het kentekenregister zijn uitgerust met een roetfilter, of
- 3°. die niet worden aangedreven door een dieselmotor.
- c. vanaf 1 juli 2013 op vrachtauto’s,
- 1°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs ten minste voldoet aan Euronorm IV, of
- 2°. die niet worden aangedreven door een dieselmotor.
2. Vrachtauto’s waarvan ten aanzien van de emissienorm geen aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs aanwezig is, worden voor de toepassing van het eerste lid geacht:
- a. te voldoen aan Euronorm II, wanneer blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs de datum van de eerste toelating tot het verkeer na 30 september 1995, maar voor 1 oktober 2000 ligt;
- b. te voldoen aan Euronorm III, wanneer blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs de datum van de eerste toelating tot het verkeer na 30 september 2000, maar voor 1 oktober 2005 ligt;
- c. ten minste te voldoen aan Euronorm IV, wanneer blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs de datum van de eerste toelating tot het verkeer na 30 september 2005 ligt.
#### § 5. Voorrangsvoertuigen
### Hoofdstuk VIII. Overgangsbepalingen
### Hoofdstuk XIV. Citeertitel
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk J. Waarschuwing
### Hoofdstuk K. Bewegwijzering
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 30c
De motorvoertuigen die onderdeel uitmaken van een uitvaartstoet van motorvoertuigen voeren een herkenningsteken. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over het herkenningsteken en de wijze waarop dit wordt gevoerd.
#### § 13. Gebruik van lichten tijdens het rijden
#### § 22. In- en uitstappende passagiers
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 3. Verkeerslichten
#### § 2. Buiten Nederland afgegeven gehandicaptenparkeerkaarten
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
#### § 4
#### § 5. Voorrangsvoertuigen
### Hoofdstuk X. Wijziging van de bijlage, behorende bij het Wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
### Hoofdstuk XIV. Citeertitel
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk L. Informatie
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 22a
Voor zover niet ingevolge andere artikelen een lagere maximumsnelheid geldt, geldt voor T100-bussen een maximumsnelheid van 100 kilometer per uur.
#### § 9. Stilstaan
#### § 10. Parkeren
#### § 11. Het plaatsen van fietsen en bromfietsen
#### § 12. Signalen
#### § 13. Gebruik van lichten tijdens het rijden
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
#### § 15. Bijzondere lichten
#### § 16. Autosnelwegen en autowegen
#### § 18. Rotondes
#### § 18. Rotondes
#### § 18. Rotondes
#### § 21. Loslopend vee
#### § 22. In- en uitstappende passagiers
#### § 23. Slepen
#### § 24. Bijzondere manoeuvres
#### § 25. Onnodig geluid
#### § 26. Gevarendriehoek
#### § 26a. Zitplaatsen
#### § 27. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
#### § 28. Helmen
#### § 28. Helmen
##### Artikel 61b
1. Het is verboden personen te vervoeren in de open of gesloten laadruimte van een motorvoertuig of bromfiets en in of op een aanhangwagen achter een motorvoertuig of bromfiets.
2. Het eerste lid is niet van toepassing:
- a. op het vervoer van personen in de laadruimte van een ambulance of dierenambulance en op het vervoer van rolstoelinzittenden op de daarvoor ingerichte plaatsen in de laadruimte van een voertuig dat blijkens een aantekening op het kentekenbewijs speciaal is uitgerust voor rolstoelvervoer.
- b. op het vervoer van personen in de laadruimte van motorvoertuigen ten dienste van politie en brandweer en van andere door Onze Minister aangewezen hulpverleningsdiensten;
- c. op het vervoer van een persoon op de bestuurderszitplaats in een motorvoertuig of op een bromfiets op meer dan twee wielen die door een ander motorvoertuig of een andere bromfiets op meer dan twee wielen wordt voortgetrokken en op het vervoer van passagiers van het getrokken voertuig als hier bedoeld, voor wie geen zitplaats in het trekkende voertuig als hier bedoeld beschikbaar is;
- d. in het geval het vervoer van personen geschiedt in het kader van een evenement of optocht waarvoor een vergunning op grond van een gemeentelijke verordening is afgegeven.
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 28. Helmen
#### § 1. Algemene bepalingen
#### § 1. Algemene bepalingen
#### § 3. Verkeerslichten
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Uitzonderingen voor gehandicapten
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 1. Algemeen
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
### Hoofdstuk VIII. Overgangsbepalingen
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 1. Verkeersborden
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 59a
1. In afwijking van [artikel 59, eerste en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-03-01&g=2010-03-01), gebruiken bestuurders van een autobus en hun passagiers van 3 jaren of ouder de autogordel of het kinderbeveiligingssysteem waarmee de autobus is uitgerust, wanneer zij zich op hun zitplaats bevinden en het voertuig deelneemt aan het verkeer.
2. Passagiers van een autobus die in beweging is, wordt meegedeeld dat het verplicht is gebruik te maken van het in het eerste lid genoemde beveiligingsysteem wanneer zij zich op hun zitplaats bevinden en het voertuig deelneemt aan het verkeer. Deze mededeling gebeurt op één of meer van de volgende manieren:
- a. door de bestuurder, de conducteur, de reisleider of een als groepsleider aangewezen persoon;
- b. door audiovisuele middelen;
- c. door opschriften of het volgende pictogram: Het pictogram wordt bij gebruikmaking daarvan duidelijk op iedere zitplaats aangebracht.
3. In afwijking van artikel 59a, eerste lid, behoeven passagiers van autobussen waarin het vervoer van staande passagiers is toegestaan geen beveiligingssysteem te gebruiken en behoeven passagiers van autobussen die volgens een dienstregeling stads- of streekvervoer uitvoeren binnen de bebouwde kom geen beveiligingssysteem te gebruiken.
4. Het is bestuurders van een autobus verboden passagiers jonger dan 12 jaren te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
##### Artikel 59b
1. In afwijking van [artikel 59, eerste en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-03-01&g=2010-03-01), mag anders dan op de voorste zitplaatsen in personenauto’s en bestelauto’s, wanneer het na installatie van twee kinderbeveiligingssystemen niet mogelijk is nog een derde kinderbeveiligingssysteem te installeren en deze beveiligingssystemen in gebruik zijn, een derde passagier die 3 jaren of ouder is en met een lengte van minder dan 1,35 meter, worden vervoerd wanneer deze een autogordel gebruikt. [Artikel 59, zevende lid, is van toepassing](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-03-01&g=2010-03-01).
2. In afwijking van [artikel 59, eerste lid, tweede volzin, en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-03-01&g=2010-03-01), mogen in incidentele gevallen en over korte afstand in personenauto's en bestelauto's op andere dan de voorste zitplaatsen passagiers die 3 jaar of ouder zijn en met een lengte van minder dan 1,35 meter worden vervoerd wanneer deze passagiers een autogordel gebruiken. Dit geldt niet met betrekking tot passagiers waarvan een ouder de auto bestuurt dan wel daarvan eigenaar of houder is.
#### § 30. Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 2. Verkeersborden
#### § 3. Verkeerslichten
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
#### § 2. Buiten Nederland afgegeven gehandicaptenparkeerkaarten
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
#### § 1. Algemeen
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk A. Snelheid
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 58a
1. Tijdens deelname aan het verkeer worden passagiers alleen vervoerd indien zij zijn gezeten op zitplaatsen.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op:
- a. autobussen waarin het vervoer van staande passagiers is toegestaan, bij incidenteel gebruik van het gangpad of toilet in autobussen zonder staanplaatsen en bij het vervoer van personen als bedoeld in [artikel 61b, tweede lid, onderdelen a, b en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=31&artikel=61b&z=2010-03-01&g=2010-03-01);
- b. het vervoer van kinderen, jonger dan 3 jaren, in autobussen;
- c. het vervoer van passagiers jonger dan 18 jaren en met een lengte van minder dan 1,35 meter die gebruik maken van een voor deze passagiers geschikte zitgelegenheid die deel uitmaakt van de constructie van het voertuig, hierin deugdelijk is bevestigd en is voorzien van autogordels;
- d. het vervoer van passagiers die gebruik maken van een rolstoel als bedoeld in [artikel 59, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=27&artikel=59&z=2010-03-01&g=2010-03-01);
- e. het vervoer van personen op de bagagedrager door fietsers met uitzondering van snorfietsers.
3. Het is bestuurders verboden passagiers te vervoeren op een andere wijze dan in dit artikel is voorgeschreven.
#### § 31. Vervoer van personen in of op aanhangwagens en in laadruimten
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 30. Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur
##### Artikel 63b
1. Wanneer verkeerstekens die een maximumsnelheid aanduiden een hogere snelheid aangeven dan :
- a. de in de [artikelen 20, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=20&z=2010-03-01&g=2010-03-01), [21, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=21&z=2010-03-01&g=2010-03-01), en [22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=8&artikel=22&z=2010-03-01&g=2010-03-01) vastgestelde maximumsnelheden, of
- b. de ingevolge een ministeriële regeling krachtens [artikel 86a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VA&artikel=86a&z=2010-03-01&g=2010-03-01) geldende maximumsnelheid, of
- c. de in [artikel 45](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=17&artikel=45&z=2010-03-01&g=2010-03-01) aangegeven snelheid,
geldt de laagste aangegeven snelheid.
2. Indien zowel door verkeerstekens op borden als door elektronische signaleringsborden een maximumsnelheid wordt aangegeven, geldt de laagste aangegeven maximumsnelheid.
#### § 2. Verkeersborden
##### Artikel 64a
Verkeersborden mogen op een elektronisch signaleringsbord worden weergegeven.
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
### Hoofdstuk VI. Ontheffingen en vrijstellingen
#### § 1. Algemeen
#### § 2. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk A. Snelheid
### Hoofdstuk B. Voorrang
### Hoofdstuk A. Snelheid
### Hoofdstuk B. Voorrang
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 41a
1. Verlichte transparanten die informatie bieden over de bestemming of het gebruik van het voertuig mogen worden gevoerd door:
- a. personenauto’s, bedrijfsauto’s en motorfietsen:
- 1°. in gebruik bij de politie;
- 2°. in gebruik bij de brandweer;
- 3°. in gebruik bij pechhulpdiensten;
- 4°. in gebruik bij Rijkswaterstaat;
- 5°. die worden gebruikt door artsen;
- 6°. die worden gebruikt voor het geven van rijonderricht of het afleggen van een rijproef;
- 7°. die worden gebruikt door ambulancediensten waaraan krachtens de [Wet ambulancevervoer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002757) een vergunning is verleend voor het verrichten van ambulancevervoer;
- 8°. van hulpverleningsdiensten die zich in opdracht van óf een centrale post als bedoeld in [artikel 1 van de Wet ambulancevervoer](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002757&artikel=1) óf een centrale post voor het ambulancevervoer als bedoeld in [artikel 4, eerste lid, onder a, van de Wet geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005276&artikel=4), bezig houden met het verlenen van eerstelijns spoedeisende hulpverlening;
- b. autobussen van openbaar vervoerdiensten;
- c. bedrijfsauto’s van transportbegeleiders;
- d. personen- en bedrijfsauto’s ingericht als dierenambulance;
- e. taxi’s.
2. Personenauto’s, bedrijfsauto’s en motorfietsen die worden gebruikt voor het geven van rijonderricht of het afleggen van een rijproef mogen slechts zijn voorzien van een verlicht transparant die de ingevolge het [Reglement rijbewijzen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008074) voorgeschreven letter «L» weergeeft.
3. Onverminderd het eerste lid mogen:
- a. verlichte transparanten die worden gevoerd door de voertuigen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4° en onderdeel c, aanwijzingen weergeven voor het overige wegverkeer,
- b. taxi’s zijn voorzien van verlichte transparanten die de volgende informatie weergeven:
- 1°. tarieven;
- 2°. naam van het taxibedrijf; en
- 3°. telefoonnummer van het taxibedrijf.
4. Taxi’s die zijn voorzien van verlichte transparanten die tarieven weergeven, mogen deze verlichting slechts voeren wanneer zij zich op een taxistandplaats bevinden.
5. Verlichte transparanten worden niet gevoerd door andere voertuigen dan genoemd in het eerste lid en worden niet gevoerd op een andere wijze dan bepaald in het eerste tot en met vierde lid.
#### § 16. Autosnelwegen en autowegen
#### § 17. Erven
#### § 17. Erven
#### § 22. In- en uitstappende passagiers
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 4. Verkeerstekens op het wegdek
### Hoofdstuk IV. Aanwijzingen
#### § 1. Verplichtingen weggebruikers
##### Artikel 82a
Weggebruikers zijn voorts verplicht de aanwijzingen op te volgen die worden gegeven door middel van de verlichte transparanten op personenauto’s, bedrijfsauto’s en motorfietsen in gebruik bij de in [artikel 41a, eerste lid, onderdeel a, onder 1° en 4°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=15&artikel=41a&z=2010-03-01&g=2010-03-01), genoemde diensten en op bedrijfsauto’s van transportbegeleiders.
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
#### § 3
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk C. Geslotenverklaring
### Hoofdstuk D. Rijrichting
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 35a
1. De in [artikel 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=35&z=2010-03-01&g=2010-03-01) bedoelde verlichting mag andere weggebruikers niet verblinden.
2. De in [artikel 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=35&z=2010-03-01&g=2010-03-01) bedoelde verlichting mag niet knipperen.
3. De in [artikel 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=13&artikel=35&z=2010-03-01&g=2010-03-01) bedoelde verlichting moet:
- a. aan de voorzijde voortdurend zichtbaar zijn voor tegemoetkomende weggebruikers;
- b. aan de achterzijde voortdurend zichtbaar zijn voor van achteren naderende weggebruikers.
##### Artikel 35b
1. Bestuurders van een wagen voeren bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, of bij nacht voor- en achterlicht.
2. Bestuurders van een gehandicaptenvoertuig, dat niet is uitgerust met een motor, voeren bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, of bij nacht voor- en achterlicht indien zij gebruik maken van de rijbaan, het fietspad of het fiets-/bromfietspad.
#### § 14. Gebruik van lichten tijdens het stilstaan
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
#### § 2. Verkeersborden
### Hoofdstuk VA. Tijdelijke verlaging maximumsnelheid in geval van verstoring olie-aanvoer
#### § 4
### Hoofdstuk X. Wijziging van de bijlage, behorende bij het Wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
### Hoofdstuk E. Parkeren en stilstaan
### Hoofdstuk F. Overige geboden en verboden
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 30a
1. Bestuurders van de in [artikel 29, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-03-01&g=2010-03-01), bedoelde motorvoertuigen mogen onder nader aan te geven omstandigheden extra richtingaanwijzers voeren.
2. Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden vastgesteld betreffende de in het eerste lid bedoelde richtingaanwijzers en de omstandigheden waarin deze worden gebruikt.
##### Artikel 30b
De [artikelen 29 tot en met 30a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-03-01&g=2010-03-01) zijn niet van toepassing op Belgische en Duitse motorvoertuigen in gebruik bij politie en brandweer, in gebruik bij diensten voor eerstelijns spoedeisende hulpverlening alsmede motorvoertuigen van Belgische en Duitse hulpverleningsdiensten, aangewezen bij of krachtens [artikel 29, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=II¶graaf=12&artikel=29&z=2010-03-01&g=2010-03-01), mits deze voertuigen elk de signalen voeren overeenkomstig de voor hen in hun eigen land geldende wettelijke regels.
#### § 13. Gebruik van lichten tijdens het rijden
#### § 16. Autosnelwegen en autowegen
### Hoofdstuk III. Verkeerstekens
### Hoofdstuk V. Bijzondere bepalingen ten behoeve van gehandicapten
### Hoofdstuk VB. Milieuzones
#### § 5. Voorrangsvoertuigen
### Hoofdstuk XI. Wijziging van andere Besluiten
### Hoofdstuk XIV. Citeertitel
### Hoofdstuk G. Verkeersregels
### Hoofdstuk H. Bebouwde kom
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
#### § 1. Algemeen
#### § 1. Algemeen
#### § 2. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen
#### § 3
#### § 4
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk VII. Strafbepalingen
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk IX. Wijziging van het wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk X. Wijziging van de bijlage, behorende bij het Wegenverkeersreglement
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XII. Intrekking RVV 1966
### Hoofdstuk XIII. Inwerkingtreding
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk J. Waarschuwing
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
##### Artikel 86c
1. In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
- a. **datum van de eerste toelating tot het verkeer:** datum van de eerste toelating van een motorvoertuig tot het verkeer op de weg zoals vastgesteld ingevolge [bijlage II bij de Regeling voertuigen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025798&bijlage=II);
- b. **dieselmotor:** motor die werkt volgens het principe van ontsteking door compressie;
- c. **roetfilter:** roetfilter als bedoeld in de [Regeling typegoedkeuring roetfilters](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0026149);
- d. **richtlijn 88/77/EEG:** richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 3 december 1987 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot maatregelen tegen de emissie van verontreinigende gassen en deeltjes door voertuigmotoren met compressieontsteking en de emissie van verontreinigende gassen door op aardgas of vloeibaar petroleumgas lopende voertuigmotoren met elektrische ontsteking (PbEG 1988, L36), zoals deze gold tot 9 november 2006 en laatstelijk is gewijzigd bij richtlijn nr 96/1/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 januari 1996 (PbEG L 040);
- e. **richtlijn 2005/55/EG:** richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot maatregelen tegen de emissie van verontreinigende gassen en deeltjes door voertuigmotoren met compressieontsteking (PbEG 2005, L 275);
- f. **Euronorm II:** richtlijn 88/77/EEG (de grenswaarden in regel B van punt 6.2.1 dan wel punt 8.3.1.1 van bijlage I bij die richtlijn);
- g. **Euronorm III:** richtlijn 2005/55/EG (de grenswaarden in rij A van de tabellen in punt 6.2.1 van bijlage I bij die richtlijn);
- h. **Euronorm IV:** richtlijn 2005/55/EG (de grenswaarden in rij B1 van de tabellen in punt 6.2.1 van bijlage I bij die richtlijn);
2. Een wijziging van de in het eerste lid, onderdeel e, genoemde richtlijn gaat voor de toepassing van [artikel 86d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&hoofdstuk=VB&artikel=86d&z=2010-03-01&g=2010-03-01) gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.
##### Artikel 86d
1. De geslotenverklaring krachtens bord C22a van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004825&bijlage=1&z=2010-03-01&g=2010-03-01) is niet van toepassing:
- a. tot 1 januari 2010 op vrachtauto’s,
- 1°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs ten minste voldoet aan Euronorm IV, of
- 2°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs voldoet aan Euronorm II of III, en die blijkens de aantekening in het kentekenregister zijn uitgerust met een roetfilter, of
- 3°. die niet worden aangedreven door een dieselmotor.
- b. vanaf 1 januari 2010 tot 1 juli 2013 op vrachtauto’s,
- 1°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs ten minste voldoet aan Euronorm IV, of
- 2°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs voldoet aan Euronorm III en, waarvoor geldt dat sedert de datum van de eerste toelating tot het verkeer niet meer dan acht jaar zijn verstreken, en die voorts blijkens de aantekening in het kentekenregister zijn uitgerust met een roetfilter, of
- 3°. die niet worden aangedreven door een dieselmotor.
- c. vanaf 1 juli 2013 op vrachtauto’s,
- 1°. waarvan de dieselmotor blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs ten minste voldoet aan Euronorm IV, of
- 2°. die niet worden aangedreven door een dieselmotor.
2. Vrachtauto’s waarvan ten aanzien van de emissienorm geen aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs aanwezig is, worden voor de toepassing van het eerste lid geacht:
- a. te voldoen aan Euronorm II, wanneer blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs de datum van de eerste toelating tot het verkeer na 30 september 1995, maar voor 1 oktober 2000 ligt;
- b. te voldoen aan Euronorm III, wanneer blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs de datum van de eerste toelating tot het verkeer na 30 september 2000, maar voor 1 oktober 2005 ligt;
- c. ten minste te voldoen aan Euronorm IV, wanneer blijkens de aantekening in het kentekenregister of op het kentekenbewijs de datum van de eerste toelating tot het verkeer na 30 september 2005 ligt.
#### § 5. Voorrangsvoertuigen
### Hoofdstuk VIII. Overgangsbepalingen
### Hoofdstuk XIV. Citeertitel
## Bijlage 1. Verkeersborden
### Hoofdstuk K. Bewegwijzering
### Hoofdstuk L. Informatie
## Bijlage 2. Aanwijzingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
2010-03-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2010-02-10
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2009-08-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2009-05-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2009-03-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2008-11-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2008-06-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2008-04-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2006-05-25
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2006-03-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2005-09-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2005-05-13
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2005-05-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2005-04-22
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
2004-08-01
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2004-02-11
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 46,
2002-03-30
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — arts. 12,
2002-03-30
Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) — versión
original version
Tekst op deze datum