Wet van 28 september 2006, houdende regels met betrekking tot de financiële markten en het toezicht daarop (Wet op het financieel toezicht)

Type Wet
Publication 2026-08-15
Laatst bijgewerkt 2026-08-31
State In force
Source BWB
artikelen 1863
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
1.

Met een overdracht van de rechten en verplichtingen uit alle levensverzekeringen, uit alle natura-uitvaartverzekeringen, krachtens alle schadeverzekeringen of uit alle herverzekeringen door levensverzekeraars, natura-uitvaartverzekeraars, schadeverzekeraars onderscheidenlijk herverzekeraars met zetel in Nederland, wordt gelijkgesteld de overgang van deze rechten en verplichtingen bij een fusie als bedoeld in artikel 309 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of bij een splitsing als bedoeld in artikel 334a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

2.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een levensverzekeraar met zetel in Nederland, zijn de artikelen 3:112, eerste lid, aanhef en onderdeel a, en tweede lid, 3:113, tweede lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, eerste lid, 3:118, eerste lid, onderdeel a, vierde en vijfde lid, 3:119 en 3:120, eerste tot en met vierde lid, van overeenkomstige toepassing.

3.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een natura-uitvaartverzekeraar met zetel in Nederland, zijn de artikelen 3:113, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:118, zesde lid, 3:119 en 3:120, eerste tot en met derde lid, van overeenkomstige toepassing.

4.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een schadeverzekeraar met zetel in Nederland, zijn de artikelen 3:114, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, tweede lid, 3:118, eerste tot en met vijfde lid, en 3:120, eerste tot en met derde, vijfde, zevende en negende lid, van overeenkomstige toepassing.

5.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een herverzekeraar met zetel in Nederland, zijn de artikelen 3:114a, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:118a en 3:120, eerste en derde lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:116

De aanvraag van instemming met een overdracht als bedoeld in artikel 3:112, eerste lid, 3:113, eerste en tweede lid, 3:114, eerste lid, of 3:114a, eerste lid, geschiedt onder opgave van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen gegevens.

Artikel 3:117
1.

Indien een voorgenomen overdracht als bedoeld in artikel 3:112, eerste lid, onderdeel a, betrekking heeft op levensverzekeringen, gesloten vanuit een in een andere lidstaat gelegen bijkantoor, en in geval van een overdracht als bedoeld in artikel 3:112, eerste lid, onderdeel c, legt de Nederlandsche Bank na ontvangst van de gegevens, bedoeld in artikel 3:116 deze gegevens voor advies voor aan de toezichthoudende instantie van elke betrokken lidstaat.

2.

Indien een voorgenomen overdracht als bedoeld in artikel 3:114, eerste lid, onderdeel a, betrekking heeft op schadeverzekeringen, gesloten vanuit een in een andere lidstaat gelegen bijkantoor, en in geval van een overdracht als bedoeld in artikel 3:114, eerste lid, onderdeel c, legt de Nederlandsche Bank na ontvangst van de gegevens, bedoeld in artikel 3:116 deze gegevens voor advies voor aan de toezichthoudende instantie van elke betrokken lidstaat.

Artikel 3:118
1.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in artikel 3:112, eerste lid, of artikel 3:114, eerste lid, aan:

  • a. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in Nederland, indien deze levensverzekeraar of schadeverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht,voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht;
  • b. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een andere lidstaat, indien de toezichthoudende instantie van die lidstaat op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft verklaard dat deze levensverzekeraar of schadeverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht; of
  • c. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, indien het betrokken bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht.
2.

Indien een toezichthoudende instantie van een lidstaat belast is met het toezicht op het solvabiliteitskapitaalvereiste van het bijkantoor, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, stemt de Nederlandsche Bank slechts in nadat die toezichthoudende instantie op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft medegedeeld dat het bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste.

3.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in artikel 3:112, eerste lid, of artikel 3:114, eerste lid, aan een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in een andere staat gelegen bijkantoor indien:

  • a. de toezichthoudende instantie van die lidstaat dan wel, indien een andere toezichthoudende instantie van een lidstaat belast is met het toezicht op het solvabiliteitskapitaalvereiste van het betrokken bijkantoor, laatstbedoelde instantie op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft medegedeeld dat het bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste; en
  • b. de betrokken toezichthoudende instantie op verzoek van de Nederlandsche Bank instemt met de overdracht.
4.

Voorzover een overdracht betrekking heeft op schadeverzekeringen bij het sluiten waarvan in een andere lidstaat gelegen risico’s zijn verzekerd dan wel op door middel van het verrichten van diensten naar een andere lidstaat gesloten levensverzekeringen, stemt de Nederlandsche Bank slechts in nadat de toezichthoudende instantie van die lidstaat op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft verklaard met de overdracht in te stemmen.

5.

Indien de toezichthoudende instantie, bedoeld in het vierde lid of in artikel 3:117, niet binnen drie maanden na ontvangst van het daartoe strekkende verzoek van de Nederlandsche Bank heeft gereageerd, wordt zulks gelijkgesteld met een gunstig advies onderscheidenlijk een instemming.

6.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in artikel 3:113, eerste of tweede lid, aan:

  • a. een levensverzekeraar met zetel in Nederland, met zetel in een andere lidstaat of met zetel in een staat die geen lidstaat is, indien deze levensverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht;
  • b. een natura-uitvaartverzekeraar met zetel in Nederland, indien deze natura-uitvaartverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht; en
  • c. een natura-uitvaartverzekeraar met zetel buiten Nederland in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor indien het betrokken bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht.
Artikel 3:118a
1.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in artikel 3:114a, aan:

  • a. een herverzekeraar met zetel in Nederland, indien deze herverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste;
  • b. een herverzekeraar met zetel in een andere lidstaat of een aangewezen staat, indien de toezichthoudende instantie van de staat op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft verklaard dat deze herverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste; of
  • c. een herverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen staat in het kader van dienst bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, indien het betrokken bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste.
2.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in artikel 3:114a, eerste lid, aan een herverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen lidstaat in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in een andere lidstaat gelegen bijkantoor:

  • a. de toezichthoudende instantie van die lidstaat op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft medegedeeld dat het bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste; en
  • b. de betrokken toezichthoudende instantie op verzoek van de Nederlandsche Bank instemt met de overdracht.
Artikel 3:119
1.

Indien de gegevens, bedoeld in artikel 3:116 voldoende zijn voor de voorbereiding van de beschikking, geeft de Nederlandsche Bank opdracht aan de levensverzekeraar of natura-uitvaartverzekeraar om van zijn voornemen tot overdracht van rechten en verplichtingen mededeling te doen in de Staatscourant en op andere door de Nederlandsche Bank te bepalen wijze. Daarbij doet de Nederlandsche Bank mededeling van de termijn waarbinnen de betrokken polishouders zich bij de Nederlandsche Bank schriftelijk tegen de overdracht kunnen verzetten.

2.

Indien een vierde of meer van de polishouders zich binnen de door de Nederlandsche Bank gestelde termijn, bedoeld in het eerste lid, tegen de voorgenomen overdracht door een levensverzekeraar of natura-uitvaartverzekeraar heeft verzet, verleent de Nederlandsche Bank geen instemming.

3.

Heeft de Nederlandsche Bank bedenkingen tegen de overdracht, dan deelt zij deze bedenkingen na afloop van de gestelde termijn mee aan de levensverzekeraar of natura-uitvaartverzekeraar.

4.

Indien zich niet binnen de door de Nederlandsche Bank gestelde termijn, bedoeld in het eerste lid, een vierde of meer van de polishouders tegen de voorgenomen overdracht heeft verzet en tegen de overdracht ook bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan, verleent de Nederlandsche Bank de levensverzekeraar of natura-uitvaartverzekeraar instemming met de overdracht. De overdracht kan dan plaatsvinden en is van kracht ten aanzien van alle betrokkenen.

5.

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder polishouder verstaan de verzekeringnemer of zijn rechtsopvolger, doch indien een uitkering uit de verzekering opeisbaar is, de tot de uitkering gerechtigde. In het geval van overdracht door een levensverzekeraar wordt, indien de verzekeringnemer bij een uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet met een verzekeraar ontbreekt, onder polishouder verstaan degene die wegens het verbreken van de band met de onderneming van zijn werkgever een premievrije aanspraak op uitkeringen heeft verkregen. In afwijking van de eerste en tweede volzin wordt ingeval van een collectieve levensverzekering voor de toepassing van het tweede lid het aantal verzekerden in aanmerking genomen.

Artikel 3:120
1.

De verzekeraar die rechten en verplichtingen met instemming van de Nederlandsche Bank heeft overgedragen, doet van de overdracht mededeling in de Staatscourant.

2.

Een levensverzekeraar of natura-uitvaartverzekeraar vermeldt bij de mededeling, bedoeld in het eerste lid, de datum waarop de overdracht is geschied. Een schadeverzekeraar doet tevens van de overdracht mededeling op andere door de Nederlandsche Bank te bepalen wijze.

3.

De inhoud van de mededelingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, behoeft voorafgaande instemming van de Nederlandsche Bank.

4.

Indien in de overdracht levensverzekeringen zijn betrokken die door middel van het verrichten van diensten naar een andere lidstaat zijn gesloten, doet de levensverzekeraar van de overdracht tevens mededeling in die lidstaat. Het derde lid is in dat geval van overeenkomstige toepassing.

5.

Indien in de overdracht schadeverzekeringen zijn betrokken, waarbij risico’s zijn verzekerd, die in een andere lidstaat zijn gelegen, doet de schadeverzekeraar van de overdracht tevens mededeling in die lidstaat. Het derde lid is in dat geval van overeenkomstige toepassing.

6.

De overdracht door een schadeverzekeraar wordt ten aanzien van alle andere betrokkenen dan de betrokken schadeverzekeraars van kracht met ingang van de tweede dag, volgend op die van de dagtekening van de Staatscourant waarin de publicatie is geplaatst.

7.

De bij de overdracht door een schadeverzekeraar betrokken verzekeringnemers kunnen gedurende drie maanden na de dagtekening van de Staatscourant waarin de publicatie is geplaatst de schadeverzekering schriftelijk opzeggen met ingang van de dag na afloop van deze termijn. De schadeverzekeraar geeft alsdan de vooruitbetaalde premie alsmede de voldane assurantiebelasting terug voor het gedeelte dat evenredig is aan het op de hiervoor bedoelde dag nog niet verstreken gedeelte van de termijn waarvoor de premie en de assurantiebelasting werden betaald.

8.

Indien een verzekeringnemer die lid is van een onderlinge waarborgmaatschappij met zetel in Nederland of van een onderneming op onderlinge grondslag met zetel in een staat die geen lidstaat is ingevolge de overdracht geen verzekering meer bij deze verzekeraar heeft lopen, eindigt zijn lidmaatschap uit dien hoofde van rechtswege met ingang van de tweede dag, volgend op die van de dagtekening van de Staatscourant waarin de publicatie is geplaatst.

9.

Indien bij de overdracht het lidmaatschap van een onderlinge waarborgmaatschappij met zetel in Nederland of van een onderneming op onderlinge grondslag met zetel buiten Nederland is verkregen, eindigt in geval van opzegging overeenkomstig het zevende lid dit lidmaatschap en de daaruit voortvloeiende aansprakelijkheid voor een tekort van rechtswege met ingang van de dag na afloop van de termijn, bedoeld in dat lid.

Artikel 3:121

Vervallen

§ 3.5.1a.2. Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een andere lidstaat

Artikel 3:122
1.

Indien de wetgeving van een andere lidstaat niet voorziet in een instemmingprocedure voor een levensverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel aldaar voor de overdracht van rechten en verplichtingen uit levensverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere levensverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is, in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, kan de overdracht plaatsvinden met instemming van de Nederlandsche Bank.

2.

Indien de wetgeving van een andere lidstaat niet voorziet in een instemmingprocedure voor een schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel aldaar voor de overdracht van rechten en verplichtingen krachtens schadeverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is, in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, kan de overdracht plaatsvinden met instemming van de Nederlandsche Bank en zonder medewerking of instemming van degenen die aan die schadeverzekeringen rechten kunnen ontlenen.

3.

De Nederlandsche Bank verleent geen instemming alvorens de toezichthoudende instantie van de lidstaat van de zetel van de overdragende verzekeraar op verzoek van de Nederlandsche Bank aan haar heeft verklaard met die overdracht in te stemmen.

Artikel 3:122a
1.

Met een overdracht van de rechten en verplichtingen uit alle levensverzekeringen of krachtens alle schadeverzekeringen door levensverzekeraars onderscheidenlijk schadeverzekeraars, niet zijnde verzekeraars met beperkte risico-omvang, met zetel in een andere lidstaat, wordt gelijkgesteld de overgang van deze rechten en verplichtingen bij een fusie als bedoeld in artikel 309 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of bij een splitsing als bedoeld in artikel 334a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

2.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een levensverzekeraar zijn de artikelen 3:112, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:113, tweede lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, eerste lid, 3:118, eerste, tweede en vijfde lid, 3:119 en 3:120, eerste tot en met vierde lid, van overeenkomstige toepassing.

3.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een schadeverzekeraar zijn de artikelen 3:114, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, tweede lid, 3:118, eerste tot en met vijfde lid, en 3:120, eerste tot en met derde, vijfde, zevende en negende lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:123
1.

Indien een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat de Nederlandsche Bank vraagt om haar advies over of instemming met een voorgenomen overdracht van rechten en verplichtingen uit levensverzekering of krachtens schadeverzekering, geeft zij haar advies of instemming binnen drie maanden na ontvangst van het daartoe strekkende verzoek.

2.

Indien de overdracht geschiedt aan een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een andere lidstaat in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in een andere lidstaat stemt de Nederlandsche Bank niet in met:

  • a. een overdracht door een levensverzekeraar aan een levensverzekeraar met zetel in een andere lidstaat, indien de overdracht betrekking heeft op een vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor gesloten levensverzekering waarbij geen sprake is van het verrichten van diensten en de overdracht niet in het belang is van degenen die aan die levensverzekering rechten kunnen ontlenen; en
  • b. een overdracht door een schadeverzekeraar aan een schadeverzekeraar met zetel in een andere lidstaat, indien de overdracht betrekking heeft op een vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor gesloten schadeverzekering waarvan de risico’s in Nederland zijn gelegen en de overdracht niet in het belang is van degenen die aan die schadeverzekering rechten kunnen ontlenen.
3.

Indien de overdracht geschiedt aan een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een bijkantoor in een andere lidstaat stemt de Nederlandsche Bank niet in met:

  • a. een overdracht door een levensverzekeraar aan een levensverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is, indien de overdracht betrekking heeft op een vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor gesloten levensverzekering waarbij geen sprake is van het verrichten van diensten, tenzij de overdracht in het belang is van degenen die aan die levensverzekering rechten kunnen ontlenen;
  • b. een overdracht door een schadeverzekeraar aan een schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is, indien de overdracht betrekking heeft op een vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor gesloten schadeverzekering waarvan de risico’s in Nederland zijn gelegen, tenzij de overdracht in het belang is van degenen die aan die schadeverzekering rechten kunnen ontlenen.
Artikel 3:124
1.

De instemming, verleend door een toezichthoudende instantie van een andere lidstaat aan een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in die lidstaat met overdracht van rechten en verplichtingen uit een levensverzekering of krachtens een schadeverzekering in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor dan wel in het kader van het verrichten van diensten naar Nederland vanuit een vestiging in een andere lidstaat, treedt in de plaats van de medewerking of de instemming van degenen die aan die levensverzekeringen of schadeverzekeringen rechten kunnen ontlenen.

2.

De levensverzekeraar of schadeverzekeraar die rechten en verplichtingen ingevolge het eerste lid heeft overgedragen, doet van de overdracht mededeling in de Staatscourant en op andere door de Nederlandsche Bank te bepalen wijze. De inhoud van deze publicaties behoeft voorafgaande instemming van de Nederlandsche Bank.

3.

De overdracht wordt ten aanzien van alle andere betrokkenen dan de betrokken levensverzekeraars of schadeverzekeraars van kracht op het volgens het recht van de betrokken lidstaat te bepalen tijdstip, dan wel, bij gebreke van een regeling in die lidstaat, met ingang van de tweede dag, volgend op die van de dagtekening van de Staatscourant waarin de publicatie is geplaatst.

4.

In geval van overdracht door een schadeverzekeraar kunnen de bij een overdracht betrokken verzekeringnemers de schadeverzekering volgens de door het recht van de betrokken lidstaat bepaalde wijze opzeggen. Bij gebreke van een regeling in die lidstaat is artikel 3:120, zevende lid, van overeenkomstige toepassing.

5.

Indien bij de overdracht door een schadeverzekeraar het lidmaatschap van een onderlinge waarborgmaatschappij met zetel in Nederland of van een onderneming op onderlinge grondslag met zetel buiten Nederland is verkregen, eindigt in geval van opzegging ingevolge het vierde lid dit lidmaatschap en de daaruit voortvloeiende aansprakelijkheid voor een tekort van rechtswege volgens de door het recht van de betrokken lidstaat bepaalde wijze, dan wel, bij gebreke van een regeling in die lidstaat, met ingang van de dag na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 3:120, zevende lid.

6.

Indien een verzekeringnemer die lid is van een onderneming op onderlinge grondslag ingevolge de overdracht geen levensverzekeringen meer bij de levensverzekeraar heeft lopen, eindigt zijn lidmaatschap van rechtswege volgens de door het recht van de betrokken lidstaat bepaalde wijze, dan wel, bij gebreke van een regeling in die lidstaat, met ingang van de tweede dag, volgend op die van de dagtekening van de Staatscourant waarin de publicatie is geplaatst.

Artikel 3:125
1.

Indien een levensverzekeraar met zetel in een andere lidstaat instemming vraagt aan de toezichthoudende instantie van de lidstaat van zijn zetel om rechten en verplichtingen uit een levensverzekering in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor over te dragen aan een andere levensverzekeraar, doet hij van de voorgenomen overdracht onverwijld mededeling in de Staatscourant en op andere door de Nederlandsche Bank te bepalen wijze. Daarbij wordt mededeling gedaan van een door de Nederlandsche Bank vast te stellen termijn, waarbinnen de betrokken polishouders zich bij de Nederlandsche Bank schriftelijk tegen de overdracht kunnen verzetten.

2.

Indien een vierde of meer van de polishouders zich binnen de gestelde termijn tegen de overdracht heeft verzet, verleent de Nederlandsche Bank geen instemming.

3.

Artikel 3:119, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

§ 3.5.1a.3. Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een staat die geen lidstaat is

Artikel 3:126
1.

Een levensverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is, die rechten en verplichtingen uit levensverzekering wenst over te dragen, behoeft daarvoor instemming van de Nederlandsche Bank indien het betreft:

  • a. de overdracht van rechten en verplichtingen uit levensverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere levensverzekeraar met zetel in een lidstaat in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in een lidstaat;
  • b. de overdracht van rechten en verplichtingen uit levensverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere levensverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor.
2.

Voorzover levensverzekeringen als bedoeld in het eerste lid door middel van het verrichten van diensten naar een andere lidstaat zijn gesloten, kan de levensverzekeraar rechten en verplichtingen onder de in de aanhef van het eerste lid gestelde voorwaarde tevens overdragen aan een andere levensverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in die lidstaat gelegen bijkantoor.

3.

In afwijking van het eerste en tweede lid kunnen levensverzekeraars, niet zijnde verzekeraars met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is hun rechten en verplichtingen uit een individuele levensverzekering op schriftelijk verzoek van de verzekeringnemer overdragen.

4.

Op een overdracht als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde ingevolge de artikelen 3:116, 3:119 en 3:120, eerste tot en met vierde lid en achtste lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:127
1.

Een schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is, die rechten en verplichtingen krachtens schadeverzekering wenst over te dragen, kan die overdracht met instemming van de Nederlandsche Bank doen plaatsvinden zonder medewerking of instemming van degenen die aan die schadeverzekeringen rechten kunnen ontlenen indien het betreft:

  • a. de overdracht aan een andere schadeverzekeraar met zetel in een lidstaat in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in een lidstaat;
  • b. de overdracht aan een andere schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor.
2.

Voorzover bij het sluiten van de in het eerste lid bedoelde schadeverzekeringen in een andere lidstaat gelegen risico’s zijn verzekerd, kan de schadeverzekeraar rechten en verplichtingen onder de in de aanhef van dat lid gestelde voorwaarde tevens overdragen aan een andere schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een bijkantoor in de lidstaat waar het risico is gelegen.

3.

Op een overdracht als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde ingevolge de artikelen 3:116 en 3:120, eerste tot en met derde en vijfde tot en met negende lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:127a
1.

Met een overdracht van de rechten en verplichtingen uit alle levensverzekeringen of krachtens alle schadeverzekeringen door levensverzekeraars onderscheidenlijk schadeverzekeraars, niet zijnde verzekeraars met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is, wordt gelijkgesteld de overgang van deze rechten en verplichtingen bij een fusie als bedoeld in artikel 309 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of bij een splitsing als bedoeld in artikel 334a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

2.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een levensverzekeraar zijn de artikelen 3:112, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:113, tweede lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, eerste lid, 3:118, eerste, tweede en vijfde lid, 3:119 en 3:120, eerste tot en met vierde lid, van overeenkomstige toepassing.

3.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een schadeverzekeraar zijn de artikelen 3:114, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, tweede lid, 3:118, eerste tot en met vijfde lid, en 3:120, eerste tot en met derde, vijfde, zevende en negende lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:128
1.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in artikel 3:126, eerste en tweede lid, of 3:127, eerste en tweede lid, aan:

  • a. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in Nederland indien deze levensverzekeraar of schadeverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht;
  • b. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een andere lidstaat indien de toezichthoudende instantie van die lidstaat op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft verklaard dat deze levensverzekeraar of schadeverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht;
  • c. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, indien het betrokken bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht;
  • d. een levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit bijkantoor in een andere lidstaat met betrekking tot de naar die lidstaat in dienstverrichting gesloten verzekeringen indien de wetgeving van die lidstaat in de mogelijkheid van een dergelijke overdracht voorziet en de betrokken toezichthoudende instantie heeft verklaard met die overdracht in te stemmen.
2.

Indien een andere toezichthoudende instantie van een lidstaat belast is met het toezicht op het solvabiliteitskapitaalvereiste van het betrokken bijkantoor, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, stemt de Nederlandsche Bank slechts in nadat die toezichthoudende instantie op verzoek van de Nederlandsche Bank heeft verklaard dat het bijkantoor, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste.

3.

Artikel 3:118, vierde en vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:129
1.

Een levensverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is die rechten en verplichtingen uit levensverzekering onderscheidenlijk rechten of verplichtingen krachtens schadeverzekering, door hem bij het verrichten van diensten naar Nederland gesloten, met instemming van de bevoegde toezichthoudende instantie aan een andere levensverzekeraar onderscheidenlijk een andere schadeverzekeraar heeft overgedragen, doet van de overdracht in Nederland mededeling op door de Nederlandsche Bank te bepalen wijze.

2.

De inhoud van de mededeling, bedoeld in het eerste lid, behoeft voorafgaande instemming van de Nederlandsche Bank.

§ 3.5.1a.4. Verzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat

Artikel 3:130
1.

Een levensverzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat die rechten en verplichtingen uit levensverzekering wenst over te dragen, behoeft daarvoor instemming van de Nederlandsche Bank indien het betreft de overdracht van rechten en verplichtingen uit levensverzekering gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor. De overdracht geschiedt aan een andere levensverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland.

2.

Indien de wetgeving van een andere staat niet voorziet in een instemmingprocedure voor een levensverzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel aldaar tot overdracht van zijn rechten en verplichtingen uit levensverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere levensverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, kan de overdracht slechts plaatsvinden met instemming van de Nederlandsche Bank.

3.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in het eerste lid aan een levensverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland indien deze levensverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht.

4.

De Nederlandsche Bank stemt in met een overdracht als bedoeld in het eerste lid nadat de toezichthoudende instantie in de staat van de zetel van de overdragende levensverzekeraar heeft verklaard met die overdracht in te stemmen.

5.

In afwijking van het tweede en vierde lid kan een levensverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen staat zijn rechten en verplichtingen uit een individuele levensverzekering op verzoek van de verzekeringnemer overdragen.

6.

Op een overdracht als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde ingevolge de artikelen 3:116, 3:119 en 3:120, eerste tot en met derde lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:131
1.

Een natura-uitvaartverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen staat die rechten en verplichtingen uit natura-uitvaartverzekering wenst over te dragen, behoeft daarvoor instemming van de Nederlandsche Bank indien het betreft de overdracht van rechten en verplichtingen uit natura-uitvaartverzekering gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor. De overdracht geschiedt aan een andere natura-uitvaartverzekeraar of aan een levensverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland.

2.

Indien de wetgeving van een andere staat niet voorziet in een instemmingprocedure voor een natura-uitvaartverzekeraar met zetel aldaar tot overdracht van zijn rechten en verplichtingen uit natura-uitvaartverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere natura-uitvaartverzekeraar of aan een levensverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, kan de overdracht plaatsvinden met instemming van de Nederlandsche Bank.

3.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in het eerste lid aan:

  • a. een natura-uitvaartverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland indien deze natura-uitvaartverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht;
  • b. een levensverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland indien deze levensverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en, voor zover het betreft een levensverzekeraar met zetel in een lidstaat, er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht.
4.

De Nederlandsche Bank stemt in met een overdracht als bedoeld in het eerste lid nadat de toezichthoudende instantie, voorzover aanwezig, in de staat van de zetel van de overdragende natura-uitvaartverzekeraar heeft verklaard met die overdracht in te stemmen.

5.

In afwijking van het tweede en vierde lid kan een natura-uitvaartverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen staat zijn rechten en verplichtingen uit een individuele natura-uitvaartverzekering op verzoek van de verzekeringnemer overdragen.

6.

Op een overdracht als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde ingevolge de artikelen 3:116, 3:119 en 3:120, eerste tot en met derde lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:131a
1.

Een schadeverzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat die rechten en verplichtingen uit schadeverzekering wenst over te dragen, kan die overdracht met instemming van de Nederlandsche Bank doen plaatsvinden zonder medewerking of instemming van degenen die aan die schadeverzekeringen rechten kunnen ontlenen indien het betreft de overdracht van rechten en verplichtingen uit schadeverzekering gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere schadeverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland.

2.

Indien de wetgeving van een andere staat niet voorziet in een instemmingprocedure voor een schadeverzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel aldaar tot overdracht van zijn rechten en verplichtingen uit schadeverzekering, gesloten vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, aan een andere schadeverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, kan de overdracht plaatsvinden met instemming van de Nederlandsche Bank.

3.

De Nederlandsche Bank stemt slechts in met een overdracht als bedoeld in het eerste lid aan een schadeverzekeraar in het kader van diens bedrijfsuitoefening vanuit een vestiging in Nederland indien deze schadeverzekeraar, mede gelet op de voorgenomen overdracht, voldoet aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en er bij de Nederlandsche Bank geen bedenkingen bestaan tegen de overdracht.

4.

De Nederlandsche Bank stemt in met een overdracht als bedoeld in het eerste lid nadat de toezichthoudende instantie in de staat van de zetel van de overdragende schadeverzekeraar heeft verklaard met die overdracht in te stemmen.

5.

Op een overdracht als bedoeld in het eerste lid is het bepaalde ingevolge de artikelen 3:116 en 3:120, eerste tot en met derde lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 3:131b
1.

Met een overdracht van de rechten en verplichtingen uit alle levensverzekeringen, uit alle natura-uitvaartverzekeringen of krachtens alle schadeverzekeringen door levensverzekeraars, natura-uitvaartverzekeraars onderscheidenlijk schadeverzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet aangewezen staat, wordt gelijkgesteld de overgang van deze rechten en verplichtingen bij een fusie als bedoeld in artikel 309 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of bij een splitsing als bedoeld in artikel 334a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

2.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een levensverzekeraar zijn de artikelen 3:112, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:113, tweede lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, eerste lid, 3:118, eerste, tweede en vijfde lid, 3:119 en 3:120, eerste tot en met vierde lid, van overeenkomstige toepassing.

3.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een natura-uitvaartverzekeraar zijn de artikelen 3:113, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, eerste lid, 3:118, zesde lid, 3:119 en 3:120, eerste tot en met derde lid, van overeenkomstige toepassing.

4.

Op een overgang als bedoeld in het eerste lid met betrekking tot een schadeverzekeraar zijn de artikelen 3:114, eerste lid, aanhef en onderdeel a, 3:116, 3:117, tweede lid, 3:118, eerste tot en met vijfde lid, en 3:120, eerste tot en met derde, vijfde, zevende en negende lid, van overeenkomstige toepassing.

Afdeling 3.5.2. Kapitaalopslag

§ 3.5.2.1. Verzekeraars met zetel in Nederland

Artikel 3:132
1.

De Nederlandsche Bank kan in uitzonderlijke omstandigheden een verzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in Nederland een kapitaalopslag op het solvabiliteitskapitaalvereiste opleggen.

2.

Een besluit tot het opleggen van een kapitaalopslag wordt tenminste eenmaal per jaar door de Nederlandsche Bank geëvalueerd en herzien indien de verzekeraar de tekortkomingen die aanleiding hebben gegeven tot het opleggen van een kapitaalopslag heeft verholpen.

3.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de omstandigheden waarin een kapitaalopslag kan worden opgelegd, de berekening en de gevolgen van de kapitaalopslag.

§ 3.5.2.2. Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een staat die geen lidstaat is

Artikel 3:133

Artikel 3:132 is van overeenkomstige toepassing op levensverzekeraars of schadeverzekeraars, niet zijnde verzekeraars met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is.

§ 3.5.2.3. Herverzekeraars met zetel in een niet-aangewezen staat

Artikel 3:134

Artikel 3:132 is van overeenkomstige toepassing op herverzekeraars met zetel in een niet-aangewezen staat.

Afdeling 3.5.3. Herstelplan, financieel kortetermijnplan en beperking van de beschikkingsbevoegdheid

§ 3.5.3.1. Verzekeraars met zetel in Nederland

Artikel 3:135
1.

Binnen twee maanden na de constatering, bedoeld in artikel 3:57, vierde lid, tweede volzin, dat niet wordt voldaan aan het solvabiliteitskapitaalvereiste, dient de verzekeraar met zetel in Nederland een herstelplan ter instemming in bij de Nederlandsche Bank.

2.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ten aanzien van de inhoud van het herstelplan.

3.

De verzekeraar treft de nodige maatregelen om binnen zes maanden na de in het eerste lid bedoelde constatering het in aanmerking komend eigen vermogen ter dekking van het solvabiliteitskapitaalvereiste weer op het vereiste niveau te brengen of zijn risicoprofiel zodanig aan te passen dat weer wordt voldaan aan het genoemde vereiste.

4.

De Nederlandsche Bank kan besluiten de in het derde lid bedoelde periode met drie maanden te verlengen.

5.

Bij uitzonderlijke ongunstige omstandigheden als bedoeld in artikel 138, vierde lid, van de richtlijn solvabiliteit II, kan de Nederlandsche Bank besluiten de in het vierde lid bedoelde periode voor de getroffen verzekeraars te verlengen met een periode van maximaal zeven jaar, rekening houdende met alle relevante factoren, inclusief de gemiddelde uitlooptermijn van de technische voorzieningen.

6.

Indien zich een situatie voordoet als bedoeld in het vijfde lid, dient de verzekeraar elke drie maanden een voortgangsverslag in bij de Nederlandsche Bank, waarin wordt aangegeven welke maatregelen zijn getroffen en welke vooruitgang is geboekt om het in aanmerking komend eigen vermogen ter dekking van het solvabiliteitskapitaalvereiste weer op het vereiste niveau te brengen of het risicoprofiel van de verzekeraar zodanig aan te passen dat weer wordt voldaan aan het genoemde vereiste.

7.

De Nederlandsche Bank trekt haar besluit tot verlenging, bedoeld in het vijfde lid, in indien uit het voortgangsverslag, bedoeld in het zesde lid, blijkt dat er geen significante vooruitgang is geboekt tussen de datum waarop is geconstateerd dat niet meer werd voldaan aan het solvabiliteitskapitaalvereiste en de datum van indiening van het voortgangsverslag.

Artikel 3:136
1.

Binnen een maand na de constatering, bedoeld in het artikel 3:53, zesde lid, dient de verzekeraar met zetel in Nederland ter instemming bij de Nederlandsche Bank een financieel kortetermijnplan om binnen drie maanden na deze constatering weer te voldoen aan het minimumkapitaalvereiste in.

2.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ten aanzien van de inhoud van een financieel kortetermijnplan.

Artikel 3:137
1.

De Nederlandsche Bank kan de vrije beschikking door een verzekeraar met zetel in Nederland over zijn door de Nederlandsche Bank aangewezen waarden, waar zij zich ook bevinden, beperken of hem verbieden om anders dan met machtiging van de Nederlandsche Bank te beschikken over deze waarden, indien:

  • a. de verzekeraar niet voldoet aan het bij of krachtens artikel 3:67 bepaalde met betrekking tot de technische voorzieningen;
  • b. sprake is van een constatering als bedoeld in artikel 3:57, vierde lid, tweede volzin, en zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen op grond waarvan de Nederlandsche Bank verwacht dat de financiële positie van de verzekeraar nog verder zal verslechteren;
  • d. onverminderd de artikelen 3:135 en 3:136, sprake is van een aanhoudende verslechtering van de solvabiliteitspositie van de verzekeraar.
2.

De Nederlandsche Bank beperkt de vrije beschikking door een verzekeraar met zetel in Nederland over zijn door de Nederlandsche Bank aangewezen waarden, waar zij zich ook bevinden, of verbiedt hem om anders dan met machtiging van de Nederlandsche Bank te beschikken over deze waarden, indien de Nederlandsche Bank de vergunning van de verzekeraar intrekt op grond van artikel 1:104, eerste of tweede lid.

3.

Alvorens een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, te nemen, stelt de Nederlandsche Bank de toezichthoudende instanties van de andere lidstaten waar de herverzekeraar, levensverzekeraar of schadeverzekeraar een bijkantoor heeft of waarnaar hij vanuit zijn vestigingen in een lidstaat diensten verricht, in kennis van haar voornemen.

4.

In geval van toepassing van het eerste lid, onderdelen b, c, d of tweede lid, stelt de Nederlandsche Bank de toezichthoudende instanties van de andere lidstaten waar de verzekeraar een bijkantoor heeft of waarnaar hij vanuit zijn vestigingen in een lidstaat diensten verricht, in kennis van alle genomen maatregelen.

5.

Indien de Nederlandsche Bank een besluit als bedoeld in het eerste of tweede lid heeft genomen, kan zij de toezichthoudende instantie, bedoeld in het derde lid, verzoeken overeenkomstige maatregelen te treffen ten aanzien van de in de betrokken lidstaten aanwezige waarden, onder opgave van een overzicht van die waarden.

6.

De verzekeraar kan de ongeldigheid van een rechtshandeling, verricht in strijd met de beperking of het verbod, inroepen indien de wederpartij de maatregel kende of daarvan niet onkundig kon zijn.

7.

De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de verzekeraar weer voldoet aan het bepaalde bij of krachtens deze wet.

8.

De Nederlandsche Bank stelt de toezichthoudende instanties, bedoeld in het derde en vierde lid, in kennis van het besluit, bedoeld in het zevende lid.

§ 3.5.3.2. Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een andere lidstaat

Artikel 3:138

Vervallen

Artikel 3:139

Vervallen

Artikel 3:140
1.

De Nederlandsche Bank neemt een besluit als bedoeld in artikel 3:137, eerste lid, indien de toezichthoudende instantie van een andere lidstaat waar een levensverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, zijn zetel heeft hierom verzoekt.

2.

De Nederlandsche Bank kan in dringende gevallen de in het eerste lid bedoelde maatregelen treffen zonder een daartoe strekkend verzoek van de in dat lid bedoelde toezichthoudende instantie, indien de levensverzekeraar of schadeverzekeraar inbreuk maakt op bij of krachtens deze wet gestelde voorschriften.

3.

De beperking of het verbod heeft betrekking op de in Nederland aanwezige waarden. Indien de maatregel wordt getroffen op verzoek van de toezichthoudende instantie van de lidstaat waar de verzekeraar zijn zetel heeft en die instantie opgave van deze waarden heeft gedaan, houdt de Nederlandsche Bank daarmee rekening.

4.

Artikel 3:137, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

5.

De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de toezichthoudende instantie, bedoeld in het eerste lid, dat verzoekt of indien daartoe aanleiding bestaat.

6.

De Nederlandsche Bank stelt de toezichthoudende instantie, bedoeld in het eerste lid, in kennis van het besluit inzake de beperking of het verbod en van het besluit, bedoeld in het vijfde lid.

7.

Indien een levensverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in een andere lidstaat een bijkantoor heeft in Nederland of diensten verricht naar Nederland en de toezichthoudende instantie van die lidstaat de Nederlandsche Bank in kennis heeft gesteld van de intrekking van de aan die verzekeraar verleende vergunning, doet de Nederlandsche Bank daarvan mededeling in de Staatscourant. Bij deze publicatie wordt tevens mededeling gedaan van de beperking of het verbod, opgelegd ingevolge het eerste lid.

§ 3.5.3.3. Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een staat die geen lidstaat is

Artikel 3:141
1.

Indien een levensverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is niet voldoet aan het ingevolge artikel 3:68 bepaalde met betrekking tot de technische voorzieningen, kan de Nederlandsche Bank de vrije beschikking door de levensverzekeraar of schadeverzekeraar over de waarden, die betrekking hebben op zijn vanuit Nederland uitgeoefende bedrijf van levensverzekeraar onderscheidenlijk bedrijf van schadeverzekeraar, beperken of hem verbieden om anders dan met machtiging van de Nederlandsche Bank te beschikken over deze waarden.

2.

Alvorens een besluit als bedoeld in het eerste lid te nemen, stelt de Nederlandsche Bank de toezichthoudende instantie van een andere lidstaat die belast is met het toezicht op de solvabiliteit van de levensverzekeraar of schadeverzekeraar, bedoeld in artikel 3:60, tweede lid, op de hoogte van haar voornemen.

3.

Artikel 3:137, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

4.

De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de levensverzekeraar of schadeverzekeraar, bedoeld in het eerste lid, weer voldoet aan de in het eerste lid bedoelde eisen.

5.

De Nederlandsche Bank stelt de toezichthoudende instantie, bedoeld in het tweede lid, alsmede de toezichthoudende instanties van de lidstaten waarnaar de levensverzekeraar of schadeverzekeraar, bedoeld in het eerste lid, vanuit Nederland diensten verricht in kennis van het besluit betreffende de beperking of het verbod en de opheffing daarvan.

Artikel 3:142

De artikelen 3:135 en 3:136 zijn van overeenkomstige toepassing op levensverzekeraars en schadeverzekeraars, niet zijnde verzekeraars met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is.

Artikel 3:143

Een levensverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in een staat die geen lidstaat is wiens solvabiliteit niet voldoet aan het bij of krachtens deze wet bepaalde dan wel aan de in een andere lidstaat gestelde eisen indien een ontheffing is verleend overeenkomstig artikel 3:60, doet aan de Nederlandsche Bank binnen een door haar te bepalen termijn en op een door haar te bepalen wijze opgave van de in artikel 3:68 bedoelde waarden en van de wijzigingen die daarin optreden.

Artikel 3:144
1.

De Nederlandsche Bank kan indien zich in het geval, bedoeld in artikel 3:135, eerste lid of 3:136, eerste lid, uitzonderlijke omstandigheden voordoen op grond waarvan te verwachten is dat de financiële positie van de levensverzekeraar of schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is nog verder zal verslechteren, de vrije beschikking door de levensverzekeraar of schadeverzekeraar over zijn waarden, die betrekking hebben op zijn vanuit Nederland uitgeoefende bedrijf van levensverzekeraar of schadeverzekeraar beperken of hem verbieden om anders dan met machtiging van de Nederlandsche Bank te beschikken over deze waarden.

2.

De Nederlandsche Bank deelt haar besluit, zo mogelijk voordat dit van kracht wordt, mee aan de toezichthoudende instantie van een andere lidstaat waar de levensverzekeraar of schadeverzekeraar een bijkantoor heeft of waarnaar hij vanuit zijn bijkantoor in een lidstaat diensten verricht. Zij kan deze toezichthoudende instantie verzoeken overeenkomstige maatregelen te treffen ten aanzien van de in de betrokken lidstaat aanwezige waarden.

3.

Ten aanzien van een levensverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, waarvan op de solvabiliteit toezicht wordt gehouden door de toezichthoudende instantie van een andere lidstaat op grond van artikel 3:60, tweede lid, neemt de Nederlandsche Bank een besluit als bedoeld in het eerste lid ten aanzien van de hier te lande aanwezige waarden, indien die toezichthoudende instantie dit verzoekt op grond van het feit dat de levensverzekeraar of schadeverzekeraar in soortgelijke omstandigheden verkeert als bedoeld in het eerste lid.

4.

Artikel 3:137, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

5.

De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de levensverzekeraar of schadeverzekeraar weer voldoet aan de bij of krachtens deze wet gestelde eisen met betrekking tot de solvabiliteit, dan wel, indien het besluit uitsluitend berust op het derde lid, zodra de aldaar bedoelde toezichthoudende instantie hierom verzoekt. De Nederlandsche Bank doet van het besluit tot opheffing van de beperking of het verbod mededeling aan de toezichthoudende instantie, bedoeld in het tweede lid.

Artikel 3:145

Vervallen

§ 3.5.3.4. Herverzekeraars met zetel in een niet-aangewezen staat en verzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat

Artikel 3:146
1.

Indien een herverzekeraar met zetel in een niet-aangewezen staat of verzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat niet voldoet aan het bij of krachtens artikel 3:68a onderscheidenlijk 3:69 bepaalde met betrekking tot de technische voorzieningen, kan de Nederlandsche Bank de vrije beschikking door de verzekeraar met beperkte risico-omvang over de waarden, die betrekking hebben op zijn vanuit Nederland uitgeoefende bedrijf, beperken of hem verbieden om anders dan met machtiging van de Nederlandsche Bank te beschikken over deze waarden.

2.

Artikel 3:137, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.

3.

De Nederlandsche Bank heft de beperking of het verbod op zodra de herverzekeraar of verzekeraar met beperkte risico-omvang weer voldoet aan het bij of krachtens artikel 3:68a onderscheidenlijk 3:69 bepaalde.

Artikel 3:147

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)