Besluit van 12 oktober 2006, houdende regels met betrekking tot het gedragstoezicht op financiële ondernemingen (Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft)
| Het soort krediet | |
|---|---|
| Het totale kredietbedrag | [Bedoeld wordt het plafond of de som van alle bedragen die op grond van een kredietovereenkomst beschikbaar worden gesteld.] |
| De duur van de kredietovereenkomst | |
| Indien van toepassing U kunt te allen tijde verzocht worden het kredietbedrag volledig terug te betalen | |
| De debetrentevoet of, in voorkomend geval, de verschillende debetrentevoeten die voor de kredietovereenkomst gelden. | [% – vast, of – variabel (met de index of referentievoet die betrekking heeft op de aanvankelijke debetrentevoet)] |
| --- | --- |
| Indien van toepassing | |
| Jaarlijks kostenpercentage (JKP) Dit zijn de totale kosten, uitgedrukt als jaarlijks percentage van het totale kredietbedrag. Aan de hand van het JKP kunt u verschillende aanbiedingen onderling beter vergelijken. | [% Een representatief voorbeeld met vermelding van alle voor de berekening van het hier op te geven percentage gebruikte hypothesen] |
| Indien van toepassing | |
| Kosten Indien van toepassing De voorwaarden waaronder deze kosten kunnen worden gewijzigd | [De vanaf het sluiten van de kredietovereenkomst in rekening te brengen kosten.] |
| Kosten in het geval van betalingsachterstand | Bij betalingsachterstand wordt u [...(toepasselijke rente en regeling voor de aanpassing ervan en, in voorkomend geval, van de kosten van niet-nakoming)] aangerekend. |
| Beëindiging van de kredietovereenkomst | [De voorwaarden en de procedure voor beëindiging van de kredietovereenkomst] |
| --- | --- |
| Raadpleging van een gegevensbank De aanbieder van krediet dient u onverwijld en zonder kosten in kennis te stellen van het resultaat van een raadpleging van een gegevensbestand, indien een kredietaanvraag op basis van een dergelijke raadpleging is verworpen. Het voorgaande is niet van toepassing indien het verstrekken van dergelijke informatie op grond van communautaire wetgeving verboden is of indruist tegen de doelstellingen van de openbare orde of de openbare veiligheid. | |
| Indien van toepassing De periode gedurende welke de aanbieder van krediet door de precontractuele informatie is gebonden. | De informatie is gelding van....tot en met.... |
Indien van toepassing
| a) betreffende de aanbieder van krediet | |
|---|---|
| Indien van toepassing | |
| Vertegenwoordiger van de aanbieder van krediet in de lidstaat waar de consument woont | [Identiteit] |
| Adres Telefoonnummer () E-mailadres () Fax () Webadres () | [Geografisch adres voor gebruik door de consument] |
| Indien van toepassing Registratie | [Het handelsregister waarin de aanbieder van krediet staat ingeschreven en zijn inschrijvingsnummer of een soortgelijke wijze van identificatie in dat register] |
| Indien van toepassing De toezichthoudende autoriteit | |
| b) betreffende de kredietovereenkomst | |
| Herroepingsrecht U hebt het recht de kredietovereenkomst binnen een periode van 14 kalenderdagen te herroepen. Indien van toepassing Uitoefening van het herroepingsrecht | Ja/neen [Praktische instructies voor de uitoefening van het herroepingsrecht, onder andere naar welk adres de kennisgeving van de uitoefening van het herroepingsrecht moet worden gezonden en de gevolgen van niet-uitoefening van dat recht] |
| Indien van toepassing De wetgeving die door de aanbieder van krediet wordt gebruikt als grondslag voor de totstandbrenging van betrekkingen met u voorafgaand aan het sluiten van de kredietovereenkomst | |
| Indien van toepassing Clausule inzake het op de kredietovereenkomst van toepassing zijnde recht en/of de bevoegde rechter | [Desbetreffende clausule hier op te nemen] |
| Indien van toepassing Taalregeling | Informatie en contractvoorwaarden worden verstrekt in het [bepaalde taal]. Indien u hiermee instemt, zullen wij voor de duur van de kredietovereenkomst communiceren in het [bepaalde taal/talen] |
| c) betreffende beroepsprocedures | |
| Bestaan van en toegang tot buitengerechtelijke klachten- en beroepsprocedures | [Of voor de consument die partij is bij de overeenkomst op afstand buitengerechtelijke klachten- en beroepsprocedures openstaan en, zo ja, hoe hij die procedures kan inleiden] |
(*) Deze informatie is voor de aanbieder van krediet facultatief.
Bijlage A. , inhoudende de basisvergelijking en aanvullende hypothesen, bedoeld in de definitie van jaarlijks kostenpercentage in artikel 1
- I. De basisvergelijking die de gelijkwaardigheid van de kredietopnemingen enerzijds en de aflossingen en kosten anderzijds weergeeft. De basisvergelijking ter bepaling van het jaarlijks kostenpercentage (JKP) geeft op jaarbasis de gelijkheid weer tussen de som van de geactualiseerde waarden van de kredietopnemingen enerzijds, en de som van de geactualiseerde waarden van de aflossingen en kosten anderzijds: waarin: X = het JKP; m = het volgnummer van de laatste kredietopneming; k = het volgnummer van een kredietopneming, waarbij 1 ≤ k ≤ m; Ck = het bedrag van kredietopneming nummer k; tk = het tijdsinterval, uitgedrukt in jaren en fracties van jaren, tussen de datum van de eerste kredietopneming en de datum van elke latere kredietopneming, waarbij t1 = 0; m’ = het volgnummer van de laatste aflossing of betaling; l = het volgnummer van een aflossing of betaling; Dl = het bedrag van een aflossing of betaling; sl = het tijdsinterval, uitgedrukt in jaren en fracties van jaren, tussen de datum van de eerste kredietopneming en de datum van elke aflossing of betaling. Opmerkingen:
- a). de door beide partijen op diverse tijdstippen betaalde bedragen zijn niet noodzakelijk gelijk en worden niet noodzakelijk met gelijke tussenpozen betaald.
- b). de aanvangsdatum is die van de eerste kredietopneming.
- c). het verschil tussen de data die bij de berekeningsmethoden worden gebruikt, wordt uitgedrukt in jaren of fracties van jaren. Een jaar wordt geacht 365 dagen (voor schrikkeljaren 366 dagen), 52 weken of twaalf gelijke maanden te tellen. Een gelijke maand wordt geacht 30,41666 dagen te tellen (dat wil zeggen 365/12), zowel voor gewone jaren als schrikkeljaren.
- d). de uitkomst van de berekening wordt ten minste tot op de eerste decimaal weergegeven. Als de volgende decimaal groter is dan of gelijk is aan 5, wordt de eerste decimaal met 1 vermeerderd.
- e). de vergelijking kan met slechts één sommatie worden herschreven aan de hand van het begrip flux (Ak). De flux is positief of negatief, dat wil zeggen wordt gedurende de perioden 1 tot en met k respectievelijk betaald of ontvangen, en wordt uitgedrukt in jaren: S is het saldo van de geactualiseerde flux en bedraagt nul indien de flux gelijkwaardig is.
- II. Aanvullende hypothesen voor de berekening van het jaarlijks kostenpercentage:
- a). indien de consument op grond van de overeenkomst inzake krediet vrij kan kiezen hoeveel krediet hij opneemt, wordt verondersteld dat het totale kredietbedrag onmiddellijk volledig wordt opgenomen;
- b). indien een overeenkomst inzake krediet de consument in het algemeen de vrijheid biedt om te kiezen hoeveel krediet hij opneemt, maar bij de verschillende wijzen van kredietopneming een beperking oplegt met betrekking tot het bedrag en de termijn, wordt verondersteld dat het kredietbedrag op de vroegste datum waarin de overeenkomst voorziet, overeenkomstig deze opnemingsbeperkingen wordt opgenomen;
- c). indien een overeenkomst inzake krediet mogelijkheden van kredietopneming met verschillende kosten of debetrentevoeten biedt, wordt verondersteld dat het totale kredietbedrag tegen de hoogste kosten en debetrentevoet wordt opgenomen, toegepast op het meest gebruikelijke mechanisme voor kredietopneming waarvan in het kader van dat soort overeenkomst inzake krediet wordt gebruikgemaakt;
- d). in geval van een geoorloofde debetstand op een rekening wordt verondersteld dat het totale kredietbedrag volledig en voor de volledige duur van de overeenkomst inzake krediet wordt opgenomen. Indien de duur van de geoorloofde debetstand onbekend is, wordt bij de berekening van het jaarlijks kostenpercentage uitgegaan van de hypothese dat de duur van het krediet drie maanden bedraagt;
- e) in geval van een andere overeenkomst inzake krediet voor onbepaalde tijd dan een geoorloofde debetstand wordt geacht dat: In dit punt wordt onder een overeenkomst inzake krediet voor onbepaalde tijd een doorlopend krediet verstaan, met inbegrip van een krediet dat binnen of na een bepaalde periode volledig moet worden terugbetaald, maar vervolgens, na terugbetaling, weer beschikbaar is om te worden opgenomen.
- i). het krediet vanaf de datum van de eerste kredietopneming voor een periode van één jaar wordt verstrekt en dat de laatste betaling door de consument het saldo van het kapitaal, de rente en de eventuele overige kosten dekt; en
- ii). het kapitaal vanaf één maand na de datum van de eerste kredietopneming door de consument in gelijke maandelijkse termijnen wordt terugbetaald. In gevallen waarin het kapitaal binnen elke betalingstermijn uitsluitend volledig in één betaling moet worden terugbetaald, worden achtereenvolgende kredietopnemingen en terugbetalingen door de consument van het gehele kapitaal geacht over de periode van één jaar plaats te vinden. Rente en overige kosten worden overeenkomstig deze kredietopnemingen en terugbetalingen van kapitaal toegepast zoals in de overeenkomst inzake krediet vastgelegd.
- f). in geval van andere overeenkomsten inzake krediet dan geoorloofde debetstanden en kredieten voor onbepaalde tijd zoals bedoeld in de hypothesen in de onderdelen d en e:
- i). indien de datum of het bedrag van een door de consument te verrichten terugbetaling van kapitaal niet kan worden vastgesteld, wordt de terugbetaling geacht te zijn verricht op de vroegste datum en met het laagste bedrag waarin de overeenkomst inzake krediet voorziet;
- ii). indien de datum waarop de overeenkomst inzake krediet is gesloten, niet bekend is, wordt de datum van de eerste kredietopneming geacht de datum te zijn met de kortste tijdspanne tussen deze datum en de datum waarop de consument de eerste betaling moet verrichten.
- g). wanneer de datum of het bedrag van een door de consument te verrichten betaling op basis van de overeenkomst inzake krediet of op basis van de hypothesen in onderdeel d, e of f niet kan worden vastgesteld, wordt de betaling geacht te zijn verricht overeenkomstig de data en voorwaarden van de schuldeiser en, indien deze onbekend zijn:
- i). wordt de rente samen met de terugbetalingen van kapitaal betaald;
- ii). worden in één bedrag uitgedrukte niet-rentekosten betaald op de datum waarop de overeenkomst inzake krediet wordt gesloten;
- iii). worden in verschillende betalingen uitgedrukte niet-rentekosten in periodieke termijnen betaald, te beginnen op de datum van de eerste terugbetaling van kapitaal, en indien het bedrag van dergelijke betalingen onbekend is, worden deze geacht gelijke bedragen te zijn; en
- iv). dekt de laatste betaling het saldo van het kapitaal, de rente en de eventuele overige kosten;
- h). indien het plafond dat op het krediet van toepassing is, nog niet is overeengekomen, wordt het geacht € 1500 te bedragen;
- i). indien voor een beperkte termijn of een beperkt bedrag verschillende debetrentevoeten en kosten worden aangeboden, worden de hoogste rentevoet en de hoogste kosten geacht de debetrentevoet en de kosten voor de gehele duur van de overeenkomst inzake krediet te zijn;
- j). met betrekking tot overeenkomsten inzake krediet waarvoor een vaste debetrentevoet voor de eerste periode is overeengekomen en waarvoor aan het eind van deze periode een nieuwe debetrentevoet wordt vastgesteld die vervolgens periodiek wordt aangepast volgens een overeengekomen indicator, wordt bij de berekening van het jaarlijks kostenpercentage uitgegaan van de hypothese dat vanaf het eind van de periode met vaste debetrentevoet de debetrentevoet dezelfde is als op het ogenblik van de berekening van het jaarlijks kostenpercentage, gebaseerd op de waarde van de overeengekomen indicator op dat moment.
Bijlage B. behorend bij artikel 5
Bijlage H. behorend bij artikel 117
Bijlage I. behorend bij artikel 118, eerste lid
2.1. Veroordelingen
2.2. Transacties
2. Overige strafrechtelijke antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel a
1.1. Veroordelingen
2.2. Strafbeschikkingen
2.3. Transacties
3. Financiële antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel b
3. Financiële antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel b
Bijlage J. , behorend bij de artikelen 147b, vijfde lid, en 147c
4.1. Toezichtantecedenten
4.2. Andere feiten of omstandigheden
5. Fiscaal bestuursrechtelijke antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel d
4. Financiële gegevens over de beheerder van een icbe en de bewaarder van een icbe
4. Financiële gegevens over de beheerder van een icbe en de bewaarder van een icbe
1. Gegevens over de werkzaamheden van de beheerder van een icbe
1. Gegevens over de werkzaamheden van de beheerder van een icbe
De werkzaamheden van de beheerder van een icbe, te onderscheiden in:
2. Gegevens over de personen die het (dagelijks) beleid van de beheerder van een icbe en iedere bewaarder van een icbe (mede) bepalen of onderdeel zijn van een toezichthoudend orgaan van de beheerder van een icbe en iedere bewaarder van een icbe
3.3. Een beschrijving van de formele of feitelijke zeggenschapsstructuur waarin de beheerder van een icbe met andere personen is verbonden.
2. Gegevens over de personen die het (dagelijks) beleid van de maatschappij voor collectieve belegging in effecten (mede) bepalen of onderdeel zijn van een toezichthoudend orgaan van de maatschappij voor collectieve belegging in effecten
Bijlage K. behorend bij artikel 171
| Diploma | Instelling | Eindtermen |
|---|---|---|
| Algemeen | ||
| Oriëntatie Financiële instellingen | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Algemene Opleiding Bankbedrijf | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Oriëntatie Bankbedrijf | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Inleiding verzekeringsbedrijf | SEA/SEFD | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Basiscursus Intermediair | SEA/SEFD | Onderdeel 1 van bijlage B |
| A-Algemeen | SEA/SEFD | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Financiële planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Consumptief krediet | ||
| Consumentenkrediet | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Financiering | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Financiële planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Consumptief krediet | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Consumentenkrediet | Innovam | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Hypothecair krediet | ||
| Erkend hypotheekadviseur2 | SEH | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B. |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Hypotheekadviseur en Assurantiebemiddeling B | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Financiële Planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Woningfinanciering 2 en Assurantiebemiddeling B | NIBE-SVV/ SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 2, voorzover dit onderdeel geen betrekking heeft op kapitaalverzekeringen, van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Beleggingsproducten (variant b) | ||
| DSI-registratie als (senior) Beleggingsadviseur | (DSI) | Onderdeel 1 van bijlage B |
| DSI-registratie als (senior) Vermogensbeheerder | (DSI) | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Beleggingsproducten (variant a) | ||
| DSI-registratie als (senior) Beleggingsadviseur | (DSI) | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| DSI-registratie als (senior) Vermogensbeheerder | (DSI) | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| Financiële Planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| Vermogensplanning | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| Gevolmachtigd agent | ||
| Assurantiebemiddeling A en Gevolmachtigde Agent | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 6 van bijlage B |
| Schadeverzekeringen | ||
| Assurantiebemiddeling B | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Erkend Assurantieagent (B) | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Assurantiebemiddeling A | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Verklaring bedoeld in artikel 4, achtste lid, tweede volzin, Wabb | Sociaal-Economische Raad | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| A-modules: Algemeen, Brand, Transport en Varia | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Branchediploma’s: Brand, Transport, M&S en Varia | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Levensverzekeringen | ||
| Assurantiebemiddeling B | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Erkend assurantieagent (B) | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Assurantiebemiddeling A | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Verklaring bedoeld in artikel 4, achtste lid, tweede volzin, van de Wet assurantiebemiddelingsbedrijf | Sociaal-Economische Raad | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| A-modules: Algemeen en Leven | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Branche diploma Leven | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Financiële Planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| VP-leven en Pensioenpraktijk | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
1 Of daaraan door de FFP tot en met 2002 gelijk gestelde diplomavereisten.
2 Of anderszins bij de SEH geregistreerd als Erkend Hypotheekadviseur.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Afdeling 11.2. Verzekeringen
Hoofdstuk 12. Aanvullende regels betreffende herverzekeringsbemiddelen
Hoofdstuk 13. Aanvullende regels betreffende optreden als clearinginstelling
Hoofdstuk 14. Aanvullende regels betreffende verlenen van beleggingsdiensten en verrichten van beleggingsactiviteiten
§ 10.3.2. Regels voor beheerders van icbe’s en icbe’s
Hoofdstuk 14a. Premiepensioeninstellingen
Hoofdstuk 15. Slotbepalingen
Bijlage A. , inhoudende de basisvergelijking en aanvullende hypothesen, bedoeld in de definitie van jaarlijks kostenpercentage in artikel 1
- I. De basisvergelijking die de gelijkwaardigheid van de kredietopnemingen enerzijds en de aflossingen en kosten anderzijds weergeeft. De basisvergelijking ter bepaling van het jaarlijks kostenpercentage (JKP) geeft op jaarbasis de gelijkheid weer tussen de som van de geactualiseerde waarden van de kredietopnemingen enerzijds, en de som van de geactualiseerde waarden van de aflossingen en kosten anderzijds: waarin: X = het JKP; m = het volgnummer van de laatste kredietopneming; k = het volgnummer van een kredietopneming, waarbij 1 ≤ k ≤ m; Ck = het bedrag van kredietopneming nummer k; tk = het tijdsinterval, uitgedrukt in jaren en fracties van jaren, tussen de datum van de eerste kredietopneming en de datum van elke latere kredietopneming, waarbij t1 = 0; m’ = het volgnummer van de laatste aflossing of betaling; l = het volgnummer van een aflossing of betaling; Dl = het bedrag van een aflossing of betaling; sl = het tijdsinterval, uitgedrukt in jaren en fracties van jaren, tussen de datum van de eerste kredietopneming en de datum van elke aflossing of betaling. Opmerkingen:
- a). de door beide partijen op diverse tijdstippen betaalde bedragen zijn niet noodzakelijk gelijk en worden niet noodzakelijk met gelijke tussenpozen betaald.
- b). de aanvangsdatum is die van de eerste kredietopneming.
- c). het verschil tussen de data die bij de berekeningsmethoden worden gebruikt, wordt uitgedrukt in jaren of fracties van jaren. Een jaar wordt geacht 365 dagen (voor schrikkeljaren 366 dagen), 52 weken of twaalf gelijke maanden te tellen. Een gelijke maand wordt geacht 30,41666 dagen te tellen (dat wil zeggen 365/12), zowel voor gewone jaren als schrikkeljaren.
- d). de uitkomst van de berekening wordt ten minste tot op de eerste decimaal weergegeven. Als de volgende decimaal groter is dan of gelijk is aan 5, wordt de eerste decimaal met 1 vermeerderd.
- e). de vergelijking kan met slechts één sommatie worden herschreven aan de hand van het begrip flux (Ak). De flux is positief of negatief, dat wil zeggen wordt gedurende de perioden 1 tot en met k respectievelijk betaald of ontvangen, en wordt uitgedrukt in jaren: S is het saldo van de geactualiseerde flux en bedraagt nul indien de flux gelijkwaardig is.
- II. Aanvullende hypothesen voor de berekening van het jaarlijks kostenpercentage:
- a). indien de consument op grond van de overeenkomst inzake krediet vrij kan kiezen hoeveel krediet hij opneemt, wordt verondersteld dat het totale kredietbedrag onmiddellijk volledig wordt opgenomen;
- b). indien een overeenkomst inzake krediet de consument in het algemeen de vrijheid biedt om te kiezen hoeveel krediet hij opneemt, maar bij de verschillende wijzen van kredietopneming een beperking oplegt met betrekking tot het bedrag en de termijn, wordt verondersteld dat het kredietbedrag op de vroegste datum waarin de overeenkomst voorziet, overeenkomstig deze opnemingsbeperkingen wordt opgenomen;
- c). indien een overeenkomst inzake krediet mogelijkheden van kredietopneming met verschillende kosten of debetrentevoeten biedt, wordt verondersteld dat het totale kredietbedrag tegen de hoogste kosten en debetrentevoet wordt opgenomen, toegepast op het meest gebruikelijke mechanisme voor kredietopneming waarvan in het kader van dat soort overeenkomst inzake krediet wordt gebruikgemaakt;
- d). in geval van een geoorloofde debetstand op een rekening wordt verondersteld dat het totale kredietbedrag volledig en voor de volledige duur van de overeenkomst inzake krediet wordt opgenomen. Indien de duur van de geoorloofde debetstand onbekend is, wordt bij de berekening van het jaarlijks kostenpercentage uitgegaan van de hypothese dat de duur van het krediet drie maanden bedraagt;
- e) in geval van een andere overeenkomst inzake krediet voor onbepaalde tijd dan een geoorloofde debetstand wordt geacht dat: In dit punt wordt onder een overeenkomst inzake krediet voor onbepaalde tijd een doorlopend krediet verstaan, met inbegrip van een krediet dat binnen of na een bepaalde periode volledig moet worden terugbetaald, maar vervolgens, na terugbetaling, weer beschikbaar is om te worden opgenomen.
- i). het krediet vanaf de datum van de eerste kredietopneming voor een periode van één jaar wordt verstrekt en dat de laatste betaling door de consument het saldo van het kapitaal, de rente en de eventuele overige kosten dekt; en
- ii). het kapitaal vanaf één maand na de datum van de eerste kredietopneming door de consument in gelijke maandelijkse termijnen wordt terugbetaald. In gevallen waarin het kapitaal binnen elke betalingstermijn uitsluitend volledig in één betaling moet worden terugbetaald, worden achtereenvolgende kredietopnemingen en terugbetalingen door de consument van het gehele kapitaal geacht over de periode van één jaar plaats te vinden. Rente en overige kosten worden overeenkomstig deze kredietopnemingen en terugbetalingen van kapitaal toegepast zoals in de overeenkomst inzake krediet vastgelegd.
- f). in geval van andere overeenkomsten inzake krediet dan geoorloofde debetstanden en kredieten voor onbepaalde tijd zoals bedoeld in de hypothesen in de onderdelen d en e:
- i). indien de datum of het bedrag van een door de consument te verrichten terugbetaling van kapitaal niet kan worden vastgesteld, wordt de terugbetaling geacht te zijn verricht op de vroegste datum en met het laagste bedrag waarin de overeenkomst inzake krediet voorziet;
- ii). indien de datum waarop de overeenkomst inzake krediet is gesloten, niet bekend is, wordt de datum van de eerste kredietopneming geacht de datum te zijn met de kortste tijdspanne tussen deze datum en de datum waarop de consument de eerste betaling moet verrichten.
- g). wanneer de datum of het bedrag van een door de consument te verrichten betaling op basis van de overeenkomst inzake krediet of op basis van de hypothesen in onderdeel d, e of f niet kan worden vastgesteld, wordt de betaling geacht te zijn verricht overeenkomstig de data en voorwaarden van de schuldeiser en, indien deze onbekend zijn:
- i). wordt de rente samen met de terugbetalingen van kapitaal betaald;
- ii). worden in één bedrag uitgedrukte niet-rentekosten betaald op de datum waarop de overeenkomst inzake krediet wordt gesloten;
- iii). worden in verschillende betalingen uitgedrukte niet-rentekosten in periodieke termijnen betaald, te beginnen op de datum van de eerste terugbetaling van kapitaal, en indien het bedrag van dergelijke betalingen onbekend is, worden deze geacht gelijke bedragen te zijn; en
- iv). dekt de laatste betaling het saldo van het kapitaal, de rente en de eventuele overige kosten;
- h). indien het plafond dat op het krediet van toepassing is, nog niet is overeengekomen, wordt het geacht € 1500 te bedragen;
- i). indien voor een beperkte termijn of een beperkt bedrag verschillende debetrentevoeten en kosten worden aangeboden, worden de hoogste rentevoet en de hoogste kosten geacht de debetrentevoet en de kosten voor de gehele duur van de overeenkomst inzake krediet te zijn;
- j). met betrekking tot overeenkomsten inzake krediet waarvoor een vaste debetrentevoet voor de eerste periode is overeengekomen en waarvoor aan het eind van deze periode een nieuwe debetrentevoet wordt vastgesteld die vervolgens periodiek wordt aangepast volgens een overeengekomen indicator, wordt bij de berekening van het jaarlijks kostenpercentage uitgegaan van de hypothese dat vanaf het eind van de periode met vaste debetrentevoet de debetrentevoet dezelfde is als op het ogenblik van de berekening van het jaarlijks kostenpercentage, gebaseerd op de waarde van de overeengekomen indicator op dat moment.
2.4. Andere feiten of omstandigheden
3. Financiële antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel b
Bijlage D. Standaardinformatie inzake consumptief krediet
| Aanbieder van krediet Adres Telefoonnummer E-mailadres () Fax () Webadres (*) | [Identiteit] [Geografisch adres voor gebruik door de consument] |
|---|---|
| Indien van toepassing: Bemiddelaar in krediet Adres Telefoonnummer () E-mailadres () Fax () Webadres () | [Identiteit] [Geografisch adres voor gebruik door de consument] |
(*) Deze informatie is voor de aanbieder van krediet facultatief
Telkens als «indien van toepassing» is vermeld, moet de aanbieder van krediet het vak invullen indien de informatie relevant is voor het kredietproduct, of de desbetreffende informatie of het hele vak schrappen indien de informatie niet relevant is voor het soort krediet in kwestie.
De aanwijzingen tussen vierkante haken zijn bedoeld voor de aanbieder van krediet en dienen te worden vervangen door de desbetreffende gegevens.
| Het soort krediet | |
|---|---|
| Het totale kredietbedrag Bedoeld wordt het plafond of de som van alle bedragen die op grond van een kredietovereenkomst beschikbaar worden gesteld. | |
| De voorwaarden voor kredietopneming Bedoeld worden het tijdstip en de wijze waarop u het geld zal ontvangen. | |
| De duur van de kredietovereenkomst | |
| Termijnen en, in voorkomend geval, de volgorde waarin de termijnen worden toegerekend | U dient het volgende te betalen: [Het bedrag, het aantal en de periodiciteit van de door de consument te verrichten betalingen.] Rente en/of kosten zijn als volgt te betalen: |
| Totaal door u te betalen bedrag Bedoeld wordt het bedrag van het geleende kapitaal, vermeerderd met de rente en eventuele kosten in verband met uw krediet. | [Som van het totale kredietbedrag en de totale kredietkosten] |
| Indien van toepassing Het krediet wordt verleend in de vorm van uitstel van betaling voor een goed of dienst of wordt gekoppeld aan de levering van een bepaald goed of het aanbieden van een dienst. Naam van het goed/de dienst Contante prijs | |
| Indien van toepassing | |
| Gevraagde zekerheden | [Soort zekerheden] |
| Beschrijving van de door u in verband met de kredietovereenkomst te verstrekken zekerheden. | |
| Indien van toepassing Betalingen geven geen aanleiding tot directe aflossing van het kapitaal. | |
| De debetrentevoet of, indien van toepassing, de verschillende debetrentevoeten die van toepassing zijn op de kredietovereenkomst | [% – vast, of – variabel (met de index of referentierente-voet die betrekking heeft op de aanvankelijke debetrentevoet) – perioden] |
| --- | --- |
| Jaarlijks kostenpercentage (JKP) Dit zijn de totale kosten, uitgedrukt als jaarlijks percentage van het totale kredietbedrag. Aan de hand van het JKP kunt u verschillende aanbiedingen onderling beter vergelijken. | [% Een representatief voorbeeld met vermelding van alle voor de berekening van het hier op te geven percentage gebruikte hypothesen] |
| Is het, met het oog op het verkrijgen van het krediet, in voorkomend geval op de geadverteerde voorwaarden, verplicht om | |
| – een verzekering ter waarborging van het krediet af te nemen, of | Ja/neen [zo ja, soort verzekering aangeven] |
| – een andere overeenkomst voor nevendiensten te sluiten? Indien de kosten van deze diensten de aanbieder van krediet niet bekend zijn, worden zij niet in het JKP opgenomen. | Ja/neen [zo ja, soort nevendienst aangeven] |
| Met het krediet verbonden kosten | |
| Indien van toepassing Het aanhouden van een of meer rekeningen is vereist voor de boeking van zowel betalingen als kredietopnemingen | |
| Indien van toepassing Bedrag van de kosten voor het gebruik van een specifiek betaalmiddel (bijvoorbeeld een kredietkaart) | |
| Indien van toepassing Eventuele andere kosten die voortvloeien uit de kredietovereenkomst | |
| Indien van toepassing Voorwaarden waaronder de hierboven genoemde aan de kredietovereenkomst verbonden kosten voor wijziging vatbaar zijn | |
| Indien van toepassing Verplichting tot betaling van notariskosten | |
| Kosten in het geval van betalingsachterstand | |
| Wanbetaling kan ernstige gevolgen voor u hebben (bijvoorbeeld gedwongen verkoop) en kredietverkrijging bemoeilijken. | Bij betalingsachterstand wordt u [...(toepasselijke rente en regeling voor de aanpassing ervan en, in voorkomend geval, van de kosten van niet-nakoming)] aangerekend. |
| Herroepingsrecht U hebt het recht de kredietovereenkomst binnen een periode van 14 kalenderdagen te herroepen. | Ja/Neen |
| --- | --- |
| Vervroegde aflossing U hebt te allen tijde het recht het krediet volledig of gedeeltelijk vervroegd af te betalen. | |
| Indien van toepassing De aanbieder van krediet heeft het recht op vergoeding bij vervroegde aflossing | [Bepaling van de vergoeding (berekeningsmethode) overeenkomstig de uitvoeringsbepalingen van artikel 16 van Richtlijn 2008/48/EG] |
| Raadpleging van een gegevensbank De aanbieder van krediet dient u onverwijld en zonder kosten in kennis te stellen van het resultaat van een raadpleging van een gegevensbestand, indien een kredietaanvraag op basis van een dergelijke raadpleging is verworpen. Het voorgaande is niet van toepassing indien het verstrekken van dergelijke informatie op grond van communautaire wetgeving verboden is of indruist tegen de doelstellingen van de openbare orde of de openbare veiligheid. | |
| Recht om een ontwerpkredietovereenkomst te ontvangen U hebt het recht om op verzoek kosteloos een exemplaar van de ontwerpkredietovereenkomst te verkrijgen. Deze bepaling is niet van toepassing indien de aanbieder van krediet ten tijde van het verzoek niet voornemens is de overeenkomst met u aan te gaan. | |
| Indien van toepassing De periode gedurende welke de aanbieder van krediet door de precontractuele informatie is gebonden. | De informatie is gelding van....tot en met.... |
Indien van toepassing
| a) betreffende de aanbieder van krediet | |
|---|---|
| Indien van toepassing | |
| Vertegenwoordiger van de aanbieder van krediet in de lidstaat waar de consument woont | [Identiteit] |
| Adres Telefoonnummer () E-mailadres () Fax () Webadres () | [Geografisch adres voor gebruik door de consument] |
| Indien van toepassing Registratie | [Het handelsregister waarin de aanbieder van krediet staat ingeschreven en zijn inschrijvingsnummer of een soortgelijke wijze van identificatie in dat register] |
| Indien van toepassing De toezichthoudende autoriteit | |
| b) betreffende de kredietovereenkomst | |
| Indien van toepassing Uitoefening van het herroepingsrecht | [Praktische instructies voor de uitoefening van het herroepingsrecht, onder andere de termijn waarbinnen het kan worden uitgeoefend, het adres waarnaar de kennisgeving van de uitoefening van het herroepingsrecht moet worden gezonden en de gevolgen van niet-uitoefening van dat recht] |
| Indien van toepassing De wetgeving die door de aanbieder van krediet wordt gebruikt als grondslag voor de totstandbrenging van betrekkingen met u voorafgaand aan het sluiten van de kredietovereenkomst | |
| Indien van toepassing Clausule inzake het op de kredietovereenkomst van toepassing zijnde recht en/of de bevoegde rechter | [Desbetreffende clausule hier op te nemen] |
| Indien van toepassing Taalregeling | Informatie en contractvoorwaarden worden verstrekt in het [bepaalde taal]. Indien u hiermee instemt, zullen wij voor de duur van de kredietovereenkomst communiceren in het [bepaalde taal/talen] |
| c) betreffende beroepsprocedures | |
| Bestaan van en toegang tot buitengerechtelijke klachten- en beroepsprocedures | [Of voor de consument die partij is bij de overeenkomst op afstand buitengerechtelijke klachten- en beroepsprocedures openstaan en, zo ja, hoe hij die procedures kan inleiden] |
(*) Deze informatie is voor de aanbieder van krediet facultatief.
Bijlage H. behorend bij artikel 117
2. Overige strafrechtelijke antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel a
Bijlage I. behorend bij artikel 118, eerste lid
1. Strafrechtelijke antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel a
1. Strafrechtelijke antecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel a
2.3. Transacties
2.4. (Voorwaardelijk) sepot, vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging
2.4. (Voorwaardelijk) sepot, vrijspraak of ontslag van rechtsvervolging
3.2. Zakelijk
3.2. Zakelijk
Bijlage J. , behorend bij de artikelen 147b, vijfde lid, en 147c
4. Toezichtantecedenten als bedoeld in artikel 13, onderdeel c
5.2. Zakelijk
5.2. Zakelijk
5.3. Andere feiten of omstandigheden
De werkzaamheden van de beheerder van een icbe, te onderscheiden in:
2. Gegevens over de personen die het (dagelijks) beleid van de beheerder van een icbe en iedere bewaarder van een icbe (mede) bepalen of onderdeel zijn van een toezichthoudend orgaan van de beheerder van een icbe en iedere bewaarder van een icbe
6. Gegevens over vervanging van de beheerder van een icbe of de bewaarder van een icbe
4. Financiële gegevens over de beheerder van een icbe en de bewaarder van een icbe
Bijlage K. behorend bij artikel 171
| Diploma | Instelling | Eindtermen |
|---|---|---|
| Algemeen | ||
| Oriëntatie Financiële instellingen | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Algemene Opleiding Bankbedrijf | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Oriëntatie Bankbedrijf | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Inleiding verzekeringsbedrijf | SEA/SEFD | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Basiscursus Intermediair | SEA/SEFD | Onderdeel 1 van bijlage B |
| A-Algemeen | SEA/SEFD | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Financiële planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdeel 1 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Consumptief krediet | ||
| Consumentenkrediet | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Financiering | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Financiële planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Consumptief krediet | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Consumentenkrediet | Innovam | Onderdelen 1 en 3 van bijlage B |
| Hypothecair krediet | ||
| Erkend hypotheekadviseur2 | SEH | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B. |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Hypotheekadviseur en Assurantiebemiddeling B | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Financiële Planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 2 van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Woningfinanciering 2 en Assurantiebemiddeling B | NIBE-SVV/ SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 2, voorzover dit onderdeel geen betrekking heeft op kapitaalverzekeringen, van bijlage B. Onderdeel 3 van bijlage B voor zover de houder van het diploma vanaf 1/10/07 tevens op de door Onze Minister vast te stellen wijze voldoet aan eindtermen, opgenomen in onderdeel 3 van bijlage B |
| Beleggingsproducten (variant b) | ||
| DSI-registratie als (senior) Beleggingsadviseur | (DSI) | Onderdeel 1 van bijlage B |
| DSI-registratie als (senior) Vermogensbeheerder | (DSI) | Onderdeel 1 van bijlage B |
| Beleggingsproducten (variant a) | ||
| DSI-registratie als (senior) Beleggingsadviseur | (DSI) | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| DSI-registratie als (senior) Vermogensbeheerder | (DSI) | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| Financiële Planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| Vermogensplanning | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 5.6 tot en met 5.8 van bijlage B |
| Gevolmachtigd agent | ||
| Assurantiebemiddeling A en Gevolmachtigde Agent | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 6 van bijlage B |
| Schadeverzekeringen | ||
| Assurantiebemiddeling B | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Erkend Assurantieagent (B) | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Assurantiebemiddeling A | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Verklaring bedoeld in artikel 4, achtste lid, tweede volzin, Wabb | Sociaal-Economische Raad | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| A-modules: Algemeen, Brand, Transport en Varia | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Branchediploma’s: Brand, Transport, M&S en Varia | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 4 van bijlage B |
| Levensverzekeringen | ||
| Assurantiebemiddeling B | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Erkend assurantieagent (B) | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Assurantiebemiddeling A | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Verklaring bedoeld in artikel 4, achtste lid, tweede volzin, van de Wet assurantiebemiddelingsbedrijf | Sociaal-Economische Raad | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| A-modules: Algemeen en Leven | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Branche diploma Leven | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| FFP diploma1 en aansluitende ononderbroken FFP PE | FFP | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| Financiële Planning (IFAP1 en IFAP2) | NIBE-SVV | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
| VP-leven en Pensioenpraktijk | SEA/SEFD | Onderdelen 1 en 5 van bijlage B |
1 Of daaraan door de FFP tot en met 2002 gelijk gestelde diplomavereisten.
2 Of anderszins bij de SEH geregistreerd als Erkend Hypotheekadviseur.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
Artikel 29a
De bedrijfsvoering van een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling voldoet aan de ingevolge artikel 18 van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde eisen.
De bedrijfsvoering van een beheerder van een icbe voldoet aan de ingevolge artikel 12 van de richtlijn instellingen voor collectieve belegging in effecten gestelde eisen.
De bedrijfsvoering van een beleggingsonderneming voldoet aan de ingevolge artikel 16, tweede, vierde en vijfde lid, tweede en derde alinea, van de richtlijn markten voor financiële instrumenten 2014 gestelde eisen en de artikelen 21 en 24 van de gedelegeerde verordening markten voor financiële instrumenten 2014 inzake organisatorische eisen.
De bedrijfsvoering van een beleggingsonderneming in de zin van de richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen, niet zijnde een kleine en niet-verweven beleggingsonderneming als bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de verordening prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen, voldoet aan de ingevolge artikel 26, eerste lid, van de richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen gestelde eisen, met inachtneming van het bepaalde in het tweede en derde lid van dit artikel uit de richtlijn, alsmede aan de ingevolge artikel 28 van die richtlijn gestelde eisen, voor zover het bedrijfsrisico’s betreft, niet zijnde de risico’s, bedoeld in artikel 3:17, tweede lid, aanhef en onderdeel c, van de wet.
§ 5.2. Gedragsaspecten van de bedrijfsvoering
Artikel 33a
Een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling voert met betrekking tot de beleggingsinstellingen die hij beheert, beleid gericht op het beheersen van risico’s die de in artikel 4:14, tweede lid, onderdeel c, aanhef, van de wet bedoelde belangen kunnen schaden.
De beheerder beschikt over passende procedures en maatregelen die waarborgen dat wordt voldaan aan de ingevolge artikel 15, eerste tot en met derde lid, en vijfde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde voorwaarden.
De beheerder bepaalt voor elke door hem beheerde beleggingsinstelling de maximale hefboomfinanciering en de omvang van het recht op hergebruik van zekerheden of garanties die in het kader van de hefboomfinancieringsregeling kunnen worden verleend, rekening houdend met artikel 15, vierde lid, onderdelen a tot en met h, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen.
Hoofdstuk 6. Uitbesteden van werkzaamheden
Artikel 37a
Uitbesteding van werkzaamheden in een door een Nederlandse beheerder beheerde beleggingsinstelling door een beheerder of een derde is slechts toegestaan, indien wordt voldaan aan de ingevolge artikel 20 van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde eisen.
Hoofdstuk 7. Klachtenafhandeling
§ 7.2. Aangewezen geschilleninstantie
§ 7.1. Interne klachtenprocedure
§ 8.1.2a. Informatieverstrekking door beleggingsondernemingen en aanbieders van hypothecair krediet
Artikel 83a
Een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling neemt jegens de deelnemers in de beleggingsinstelling de in artikel 12, eerste lid, onderdelen b, d, e, f, alsmede de laatste volzin van het eerste lid, en tweede lid, aanhef en onderdeel a, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde regels in acht.
De Autoriteit Financiële Markten neemt bij het toezicht op de naleving van regels, bedoeld in het eerste lid, de ingevolge artikel 12, derde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde criteria in acht.
Een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling die een securitisatiepositie heeft die niet langer voldoet aan de voorschriften van verordening (EU) nr. 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2017 tot vaststelling van een algemeen kader voor securitisatie en tot vaststelling van een specifiek kader voor eenvoudige, transparante en gestandaardiseerde securitisatie, en tot wijziging van de richtlijnen 2009/65/EG, 2009/138/EG en 2011/61/EU en de verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2017, L 347) handelt in het belang van de deelnemers in de beleggingsinstelling en neemt zo nodig corrigerende maatregelen.
Artikel 83b
Vervallen
Artikel 83c
Vervallen
§ 8.2.3. Provisies inzake overeenkomsten betreffende betalingsbeschermers, complexe producten, hypothecair krediet en uitvaartverzekeringen die zijn aangegaan voor de inwerkingtreding van artikel 86c
Hoofdstuk 9. Meldingsplichten
§ 8.2.3. Provisies inzake overeenkomsten betreffende betalingsbeschermers, complexe producten, hypothecair krediet en uitvaartverzekeringen die zijn aangegaan voor de inwerkingtreding van artikel 86c
Artikel 88a
Een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling meldt de Autoriteit Financiële Markten het voornemen tot een belangrijke wijziging van de in het kader van de aanvraag verstrekte informatie.
De procedure inzake de in het eerste lid bedoelde wijzigingen voldoet aan de in artikel 10, tweede lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde eisen.
Artikel 88b
Een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling meldt voorgenomen wijzigingen van de gegevens, bedoeld in artikel 4:37c, zevende lid, van de wet ten minste een maand voorafgaand aan de wijziging schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.
In afwijking van het eerste lid meldt de beheerder wijzigingen die hij niet heeft kunnen voorzien onverwijld nadat de wijziging is doorgevoerd aan de Autoriteit Financiële Markten.
Indien de beheerder als gevolg van de voorgenomen wijziging niet meer aan de ingevolge de wet gestelde regels zou voldoen, deelt de Autoriteit Financiële Markten hem mede dat de voorgenomen wijziging niet doorgevoerd kan worden.
De melding, bedoeld in het eerste lid, voldoet aan de ingevolge artikel 31, vijfde lid, onderdeel b, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde eisen.
§ 8.1.7. Informatieverstrekking in het kader van een overeenkomst op afstand
Afdeling 9.2. Meldingsplicht accountant
Hoofdstuk 10. Aanvullende regels betreffende aanbieden
Afdeling 9.1. Melding wijzigingen door financiële ondernemingen
§ 9.1.3. Collectieve vergunninghouders
§ 8.2.3. Provisies inzake overeenkomsten betreffende betalingsbeschermers, complexe producten, hypothecair krediet en uitvaartverzekeringen die zijn aangegaan voor de inwerkingtreding van artikel 86c
Afdeling 9.1. Melding wijzigingen door financiële ondernemingen
§ 8.2.3. Provisies inzake overeenkomsten betreffende betalingsbeschermers, complexe producten, hypothecair krediet en uitvaartverzekeringen die zijn aangegaan voor de inwerkingtreding van artikel 86c
Artikel 115b
De informatie, bedoeld in artikel 4:37c, zevende lid, van de wet, die voorafgaand aan het aanbieden van rechten van deelneming aan de Autoriteit Financiële Markten dient te worden verstrekt, voldoet aan de ingevolge artikel 31 van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen vastgestelde normen.
Artikel 115c
Een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling beschikt over procedures en maatregelen die waarborgen dat wordt voldaan aan de ingevolge artikel 14 van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde regels aangaande het voorkomen van en omgaan met belangenconflicten.
Indien aan een beheerder van een beleggingsinstelling diensten worden verleend door een prime broker neemt de beheerder de in artikel 14, derde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde regels in acht.
Artikel 115d
Een Nederlandse beheerder van een niet-Europese beleggingsinstelling kan een bewaarder aanstellen die is gevestigd in een staat die geen lidstaat is, indien wordt voldaan aan de ingevolge artikel 21, zesde en zeventiende lid, onderdeel b, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde voorwaarden.
Artikel 115e
Vervallen
Artikel 115f
Vervallen
Artikel 115g
Vervallen
Artikel 115h
Vervallen
Artikel 115i
De waardering van de activa en de berekening van de intrinsieke waarde per recht van deelneming van een Nederlandse beheerder van een beleggingsinstelling voldoet aan de ingevolge artikel 19 van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde eisen.
Artikel 115j
Het prospectus, bedoeld in artikel 4:37l, eerste lid, van de wet, bevat ten minste de gegevens, bedoeld in artikel 23, eerste en tweede lid, eerste volzin, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen.
Artikel 115k
De informatie, bedoeld in artikel 4:37m, eerste lid, van de wet omvat ten minste de gegevens, bedoeld in artikel 23, tweede lid, tweede volzin, vierde en vijfde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen.
De beheerder van een beleggingsinstelling neemt bij het verstrekken van de gegevens, bedoeld in het eerste lid de ingevolge artikel 23, zesde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen door de Europese Commissie gestelde regels in acht.
Artikel 115l
De beheerder van een beleggingsinstelling verstrekt de gegevens genoemd in artikel 24, eerste, tweede en vierde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen, voor zover op hem van toepassing. De beheerder van een beleggingsinstelling verstrekt daarnaast, voor zover de Autoriteit Financiële Markten hierom verzoekt, alle gegevens genoemd in artikel 24, derde en vijfde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen. Deze gegevens voldoen aan de ingevolge artikel 24, zesde lid, van deze richtlijn door de Europese Commissie gestelde eisen.
Vervallen.
Artikel 115m
Het bestuursverslag en de jaarrekening, bedoeld in artikel 4:37o, eerste en tweede lid, van de wet, bevatten ten minste de gegevens, bedoeld in artikel 22, tweede lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en de in artikel 29, tweede lid, van deze richtlijn genoemde informatie.
Het bestuursverslag en de jaarrekening voldoen aan de ingevolge artikel 22, vierde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen gestelde eisen.
Artikel 115n
De kennisgeving, bedoeld in artikel 4:37t, eerste lid, van de wet, bevat ten minste de gegevens, bedoeld in artikel 27, derde lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen.
Artikel 115o
Het bestuursverslag, bedoeld in artikel 4:37u, eerste lid, onderdeel a, van de wet, bevat de gegevens, bedoeld in artikel 29, tweede lid, van de richtlijn beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen.
§ 10.3.1.1. Aanvullende regels voor beheerders van beleggingsinstellingen inzake het aanbieden van rechten van deelneming aan niet-professionele beleggers
Artikel 115p
Deze paragraaf is van toepassing voor zover een beheerder van een beleggingsinstelling rechten van deelneming aanbiedt aan niet-professionele beleggers in Nederland.
Artikel 115q
Een beheerder voert een adequaat beleid dat een integere uitoefening van zijn bedrijf waarborgt. Hieronder wordt verstaan dat:
- a. belangenverstrengeling wordt tegengegaan;
- b. wordt tegengegaan dat de beheerder of haar werknemers strafbare feiten of andere wetsovertredingen begaan die het vertrouwen in de beheerder of in de financiële markten kunnen schaden;
- c. wordt tegengegaan dat wegens haar cliënten het vertrouwen in de beheerder of in de financiële markten kan worden geschaad; en
- d. wordt tegengegaan dat andere handelingen door de beheerder of haar werknemers worden verricht die op een dusdanige wijze ingaan tegen hetgeen volgens het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, dat hierdoor het vertrouwen in de beheerder of in de financiële markten ernstig kan worden geschaad.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)