Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP)
Een schipper die met een vaartuig dit gedeelte van de Rijn met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.
Il doit porter dans le Livret de service les inscriptions relatives à sa propre personne, il doit y inscrire régulièrement les temps de navigation et les secteurs parcourus et il doit conserver le Livret de service en lieu sûr jusqu'à la fin du service ou jusqu'au terme du contrat de travail ou de tout autre arrangement. Conformément au Règlement relatif au personnel de la navigation sur le Rhin, un timonier qui a porté sur la page 10 du livret de service la mention ‘n'a pas l'intention d'acquérir une patente de batelier’ suivie de sa signature est exonéré de l'obligation d'inscrire les temps de navigation et secteurs parcourus. A la demande du titulaire, le Livret de service doit être remis à ce dernier sans délai et à tout moment.
Aanvullende competentie
Een schipper die met een vaartuig dit gedeelte van de Rijn met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.
Inhaber des Schifferdienstbuches ist die Person, auf welche das Schifferdienstbuch ausgestellt ist. Das Schifferdienstbuch ist bei erstmaligem Dienstaufnahme dem Schiffsführer auszuhändigen und ab Ausgabedatum jeweils mindestens einmal innerhalb von zwölf Monaten bei der zuständigen Behörde zur Eintragung des Kontrollvermerks vorzulegen. Ein Steuermann, der kein großes Patent erwerben will, ist gem. der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein von der Vorlagepflicht zur Eintragung des Kontrollvermerkes befreit. In diesem Fall hat er gem. der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein auf der Seite 10 des Schifferdienstbuches den Vermerk: ‘Beabsichtigt nicht den Erwerb eines Schifferpatentes’ einzutragen und ordnungsgemäß zu unterzeichnen.
Es liegt im Interesse des Inhabers, darauf zu achten, dass der Schiffsführer die Eintragungen richtig und vollständig vornimmt. Es liegt ebenfalls in seinem Interesse, die zuständige Behörde bei der Prüfung des Schifferdienstbuches durch Vorlage geeigneter Unterlagen zu unterstützen. Stellt die zuständige Behörde fest, dass das Schifferdienstbuch bei einzelnen Reisen unvollständig ausgefüllt ist oder sich dabei Zweifel ergeben, die auch nachträglich nicht ausgeräumt werden können, können diese Reisen für die Berechnung der Fahrzeit oder als nachgewiesene Streckenfahrten nicht berücksichtigt werden.
A). Hinweise
Aanwijzingen en instructies voor het bijhouden van het dienstboekje
A). Aanwijzingen
Inhaber des Schifferdienstbuches ist die Person, auf welche das Schifferdienstbuch ausgestellt ist. Das Schifferdienstbuch ist bei erstmaligem Dienstaufnahme dem Schiffsführer auszuhändigen und ab Ausgabedatum jeweils mindestens einmal innerhalb von zwölf Monaten bei der zuständigen Behörde zur Eintragung des Kontrollvermerks vorzulegen. Ein Steuermann, der kein großes Patent erwerben will, ist gem. der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein von der Vorlagepflicht zur Eintragung des Kontrollvermerkes befreit. In diesem Fall hat er gem. der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein auf der Seite 10 des Schifferdienstbuches den Vermerk: ‘Beabsichtigt nicht den Erwerb eines Schifferpatentes’ einzutragen und ordnungsgemäß zu unterzeichnen.
Es liegt im Interesse des Inhabers, darauf zu achten, dass der Schiffsführer die Eintragungen richtig und vollständig vornimmt. Es liegt ebenfalls in seinem Interesse, die zuständige Behörde bei der Prüfung des Schifferdienstbuches durch Vorlage geeigneter Unterlagen zu unterstützen. Stellt die zuständige Behörde fest, dass das Schifferdienstbuch bei einzelnen Reisen unvollständig ausgefüllt ist oder sich dabei Zweifel ergeben, die auch nachträglich nicht ausgeräumt werden können, können diese Reisen für die Berechnung der Fahrzeit oder als nachgewiesene Streckenfahrten nicht berücksichtigt werden.
Er hat im Schifferdienstbuch die Eintragungen über seine eigene Person und regelmäßig Eintragungen über Fahrzeiten und Streckenfahrten vorzunehmen und es bis zur Beendigung des Dienst-, Arbeits- oder sonstigen Verhältnisses sicher aufzubewahren. Soweit ein Steuermann gem. der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein auf Seite 10 des Schifferdienstbuches den Vermerk: ‘Beabsichtigt nicht den Erwerb eines Schifferpatentes’ eingetragen und ordnungsgemäß unterzeichnet hat, entfällt die Verpflichtung Fahrzeiten und Streckenfahrten einzutragen. Auf Wunsch des Inhabers ist diesem das Schifferdienstbuch jederzeit und unverzüglich auszuhändigen.
Einzelheiten über die Art und Weise der Führung des Schifferdienstbuches ergeben sich aus den nachfolgenden Anweisungen.
Sie hat die Pflicht, aber auch das Recht, vorgelegte Dienstbücher zu prüfen und je nach Ergebnis mit dem entsprechenden Kontrollvermerk zu versehen. In diesem Zusammenhang darf sie auch die Vorlage von Bordbüchern vollständig oder auszugsweise oder von anderen geeigneten Belegen verlangen.
Houder van een dienstboekje is degene op wiens naam het dienstboekje is afgegeven.
Het dienstboekje moet bij de eerste indiensttreding aan de schipper worden overhandigd en vanaf de datum van afgifte jaarlijks en op zijn minst eenmaal binnen twaalf maanden bij de bevoegde autoriteit ter waarmerking worden overgelegd. Een stuurman die geen groot Patent overeenkomstig Deel III van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn wil verkrijgen, is krachtens artikel 3.06, punt 5 van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn vrijgesteld van de verplichting het dienstboekje te overleggen voor aantekening van het controlewaarmerk. In dit geval moet hij overeenkomstig het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn op bladzijde 10 van het dienstboekje de aantekening: ‘Is niet voornemens een schipperspatent te verkrijgen’ aanbrengen en rechtsgeldig ondertekenen.
Het is in het belang van de houder ervoor te zorgen dat de aantekeningen die door de schipper in het dienstboekje worden aangebracht, juist en volledig zijn.
Het dienstboekje is een officieel document in de zin van artikel 1.10 van het Rijnvaartpolitiereglement en wordt afgegeven overeenkomstig het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn. Het maken van onjuiste aantekeningen of aantekeningen die niet aan de voorschriften voldoen, kan strafbaar zijn; het zijn op zijn minst overtredingen. Verantwoordelijk voor de algemene aantekeningen in het dienstboekje (pagina 3 tot en met 8) is de bevoegde autoriteit. Het dienstboekje is slechts geldig indien het is voorzien van de officiële aantekeningen op pagina 3. Een dienstboekje zonder de officiële aantekeningen is ongeldig.
B). Instructies voor het bijhouden van het dienstboekje
Bijlage A3. Eisen betreffende tachografen en voorschriften voor de inbouw van tachografen aan boord
A. Eisen betreffende tachografen
B). Instructies voor het bijhouden van het dienstboekje
Het is eveneens in zijn belang de bevoegde autoriteit bij de controle van het dienstboekje behulpzaam te zijn door de juiste documenten te overleggen. Stelt de bevoegde autoriteit vast dat het dienstboekje bij sommige reizen onvolledig is ingevuld of dat er twijfel bestaat die ook achteraf niet kan worden weggenomen, dan kan met deze reizen voor de berekening van de vaartijd of als bewijs van de bevaren riviergedeelten geen rekening worden gehouden.
Bijlage A4. Verklaring voor het aantonen van de vereiste rusttijd, bedoeld in artikel 3.12, tweede tot en met zesde lid (Model)
(geldt alleen tezamen met het dienstboekje, respectievelijk met het grote patent zoals bedoeld in bijlage D1, respectievelijk het voorlopige grote patent, zoals bedoeld in bijlage D2 van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn)
Naam en voornaam:
Nummer van het dienstboekje, respectievelijk van het patent:
| Scheepsnaam, uniek Europees scheepsiden-tificatienummer of officieel scheepsnummer | Einde van de reis | Einde van de reis | Exploitatiewijze voor het einde van de reis | Laatste rusttijd voor het einde van de reis | Laatste rusttijd voor het einde van de reis | Handtekening van de schipper |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Scheepsnaam, uniek Europees scheepsiden-tificatienummer of officieel scheepsnummer | Datum | Tijdstip | Exploitatiewijze voor het einde van de reis | Begin | Einde | Handtekening van de schipper |
| E | E1 | E2 | E3 | E4 | ||
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
Deze verklaring maakt deel uit van het vaartijdenboek van het schip waarop het bemanningslid zijn nieuwe reis aanvangt en is daarmee een document als bedoeld in artikel 1.10 van het Rijnvaartpolitiereglement.
Het maken van onjuiste aantekeningen of aantekeningen die niet aan de voorschriften voldoen, kan strafbaar zijn; het gaat daarbij ten minste om overtredingen.
De schipper van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, is verantwoordelijk voor de gegevens die in deze verklaring worden verstrekt.
-
- De verklaring moet bij elke wisseling van schip door de schipper van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, worden ingevuld.
-
- De verklaring moet aan de schipper van het schip waarop de nieuwe reis wordt aangevangen, worden overgelegd.
-
- De gegevens in de verklaring moeten met de gegevens in het dienstboekje en het vaartijdenboek van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, overeenstemmen.
Bijlage A5. In het buitenland opgestelde, als gelijkwaardig erkende dienstboekjes (Model)
| Staat | Nationale autoriteit(en) van afgifte | Nationale autoriteit(en) van afgifte | Besluit |
|---|---|---|---|
| Tsjechische Republiek | 2000-I-26 | ||
| Státní plavební správa Praha | Jankovcova 4 170 00 Praha 7 | Tel : 234 637 111 Fax : 266 710 545 pobocka@spspraha.cz | 2000-I-26 |
| Státní plavební správa Děčín | Labská 694/21 405 01 Děčín 1 | Tel: 412 557 411 Fax: 412 557 410 pobocka@spsdecin.cz | 2000-I-26 |
| Státní plavební správa Přerov | Seifertova 33 750 02 Přerov | Tel: 581 284 254 Fax: 581 284 256 pobocka@spsprerov.cz | 2000-I-26 |
| Oostenrijk | Oostenrijk | Oostenrijk | 2010-II-3 |
| Bundesministerium für Verkehr, Innovation und Technologie, Oberste Schifffahrtsbehörde | Radetzkystraße 2 1030 Wien | Tel. +43 1 71162 Fax +43 1 7130326 mobiel: +43 664 818 88 68 +43 664 818 89 09 +43 664 818 89 10 w2@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Voor het aanbrengen van de controlestempels zijn ook de volgende instanties bevoegd: | Voor het aanbrengen van de controlestempels zijn ook de volgende instanties bevoegd: | Voor het aanbrengen van de controlestempels zijn ook de volgende instanties bevoegd: | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Hainburg | Donaulände 2 2410 Hainburg | Tel.: +43 2165 62 365 Fax: +43 2165 62 365-99 mobiel: +43 664 818 88 50 +43 664 818 88 51 +43 664 818 88 52 schifffahrtsaufsicht.hainburg@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Wien | Handelskai 267 1020 Wien | Tel.: +43 1 728 37 00 Fax: +43 1 728 37 00-99 mobiel: +43 664 / 818 88 53 +43 664 / 818 88 54 +43 664 / 818 88 55 +43 664 / 818 88 56 schifffahrtsaufsicht.wien@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Krems | Am Schutzdamm 1 3500 Krems | Tel.: +43 2732 / 83 170 Fax: +43 2732 / 83 170-99 mobiel: +43 664 / 818 88 57 +43 664 / 818 88 58 +43 664 / 818 88 59 schifffahrtsaufsicht.krems@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Grein | Am Hofberg 2 4360 Grein | Tel.: +43 7268 / 320 Fax: +43 7268 / 7431 mobiel: +43 664 / 818 88 60 +43 664 / 818 88 61 +43 664 / 818 88 62 schifffahrtsaufsicht.grein@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Linz | Regensburgerstraße 4 4020 Linz | Tel.: +43 732 / 777 229 Fax: +43 732 / 777 229-99 mobiel: +43 664 / 818 88 63 +43 664 / 818 88 64 +43 664 / 818 88 65 schifffahrtsaufsicht.linz@bmvit.gv.at | |
| Schifffahrtsaufsicht Engelhartszell | Nibelungenstraße 3 4090 Engelhartszell | Tel.: +43 7717 / 8026 Fax: +43 7717 / 8026-99 mobiel: +43 664 / 818 88 66 +43 664 / 818 88 67 +43 664 / 818 88 70 schifffahrtsaufsicht.engelhartszell@bmvit.gv.at | |
| Bulgarije | 2010-II-3 | ||
| Maritime Administration | Ruse 7000 20 Pristanistna St. | Tel : +359 82 815 815 Fax : +359 82 824 009 stw_rs@marad.bg | 2010-II-3 |
| Maritime Administration | Lom 3600 3 Dunavski park St. | Tel : +359 971 66 963 Fax : +359 971 66 961 stw_lm@marad.bg | 2010-II-3 |
| Hongarije | 2010-II-3 | ||
| Directie Strategie en Methodologie Departement Scheepvaart en Burgerluchtvaart Nemzeti Közlekedési Hatóság, Stratégiai és Módszertani Igazgatóság, Hajózásiés Légiközlekedési Főosztály | Postadres: 1389 Boedapest 62, Postbus 102 Kantooradres: 1066 Boedapest, Teréz körút 62 | Tel. : +36 1 815 9646 Fax : +36 1 815 9659 hajozaslegikozlekedesfoo.smi@nkh.gov.hu | 2010-II-3 |
| Polen | 2010-II-3 | ||
| Inland Navigation Office in Bydgoszcz Urząd Zeglugi Śródlądowej w Bydgoszczy | ul. Konarskiego 1/3 85-066 Bydgoszcz | Tel. +48 52 322-02-73, Fax +48 52 322-68-84 urzad@bydg.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Gdansk Urząd Zeglugi Śródlądowej w Gdańsku | ul. Toruńska 8/4 80-841 Gdańsk | Tel. +48 58 301-84-14 Fax +48 58 301-84-14 urzad@gda.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Gizycko Urząd Zeglugi Śródlądowej w Giżycku | ul. Łuczańska 5 11-500 Giżycko | Tel. +48 87 428-56-51 Fax +48 87 428-56-51 urzad@giz.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Kedzierzyn-Kozle Urząd Zeglugi Śródlądowej w Kędzierzynie-Koźlu | ul. Chełmońskiego 1 47-205 Kędzierzyn-Koźle | Tel. +48 77 472-23-60 Fax +48 77 472-23-61 urzad@k-k.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Krakow Urząd Zeglugi Śródlądowej w Krakowie | ul. Skawińska 31/3 31-066 Kraków | Tel. +48 12 430-53-97 Fax +48 12 430-53-97 urzad@kr.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Szczecin Urząd Zeglugi Śródlądowej w Szczecinie | Plac Batorego 4 70-207 Szczecin | Tel. +48 91 434-02-79 Fax +48 91 434-01-29 urzad@szn.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Warszawa Urząd Zeglugi Śródlądowej w Warszawie | ul. Dubois 9 00-182 Warszawa | Tel. +48 22 635-93-30 Fax +48 22 635-93-30 urzad@waw.uzs.gov.pl | |
| Inland Navigation Office in Wroclaw Urząd Zeglugi Śródlądowej we Wrocławiu | ul. Kleczkowska 52 50-227 Wrocław | Tel. +48 71 329-18-93 Fax +48 71 329-18-93 urzad@wroc.uzs.gov.pl | |
| Roemenië | 2010-II-3 | ||
| Roemeense Scheepvaartautoriteit, Constanta | Port No. 1, 900900 Constanta | Tel: 0040241555676 Fax: 0040341730349 rna@rna.ro lgrigore@rna.ro | 2010-II-3 |
| Slowaakse Republiek | 2010-II-3 | ||
| Státna plavebná správa (ŠPS) Vedúci odboru plavebnej bezpečnosti | Prístavná 10, 821 09 Bratislava 2 | Tel: + 421 2 333 00217 Fax: +421 2 555 67 604 +421 2 335 23 913 sekretariat @sps.sk | 2010-II-3 |
Op de pagina van de website van de CCR die gewijd is aan informatie over de toepassing van de Administratieve Overeenstemming over de Wederzijdse Erkenning van Dienstboekjes, zal het model van de erkende dienstboekjes toegankelijk zijn.
Bijlage B1. Minimumeisen ten aanzien van de lichamelijke geschiktheid
B). Instructies voor het bijhouden van het dienstboekje
II. Gehoorvermogen:
Het gehoor is als voldoende te beschouwen, indien het gemiddeld gehoorverlies van beide oren bij de frequenties 500, 1000, 2000 en 3000 Hz de waarde van 40 dB(A) niet overschrijdt. Indien de waarde van 40 dB wordt overschreden, is het gehoorvermogen toch als voldoende aan te merken, als de conversatiespraak met een hoortoestel op 2 m met elk oor afzonderlijk duidelijk wordt verstaan.
B. Voorschriften met betrekking tot de inbouw van tachografen aan boord
Bij de installatie van tachografen aan boord moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
Bijlage A4. Verklaring voor het aantonen van de vereiste rusttijd, bedoeld in artikel 3.12, tweede tot en met zesde lid (Model)
(geldt alleen tezamen met het dienstboekje, respectievelijk met het grote patent zoals bedoeld in bijlage D1, respectievelijk het voorlopige grote patent, zoals bedoeld in bijlage D2 van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn)
Naam en voornaam:
Nummer van het dienstboekje, respectievelijk van het patent:
| Scheepsnaam, uniek Europees scheepsiden-tificatienummer of officieel scheepsnummer | Einde van de reis | Einde van de reis | Exploitatiewijze voor het einde van de reis | Laatste rusttijd voor het einde van de reis | Laatste rusttijd voor het einde van de reis | Handtekening van de schipper |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Scheepsnaam, uniek Europees scheepsiden-tificatienummer of officieel scheepsnummer | Datum | Tijdstip | Exploitatiewijze voor het einde van de reis | Begin | Einde | Handtekening van de schipper |
| E | E1 | E2 | E3 | E4 | ||
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
Deze verklaring maakt deel uit van het vaartijdenboek van het schip waarop het bemanningslid zijn nieuwe reis aanvangt en is daarmee een document als bedoeld in artikel 1.10 van het Rijnvaartpolitiereglement.
Het maken van onjuiste aantekeningen of aantekeningen die niet aan de voorschriften voldoen, kan strafbaar zijn; het gaat daarbij ten minste om overtredingen.
De schipper van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, is verantwoordelijk voor de gegevens die in deze verklaring worden verstrekt.
-
- De verklaring moet bij elke wisseling van schip door de schipper van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, worden ingevuld.
-
- De verklaring moet aan de schipper van het schip waarop de nieuwe reis wordt aangevangen, worden overgelegd.
-
- De gegevens in de verklaring moeten met de gegevens in het dienstboekje en het vaartijdenboek van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, overeenstemmen.
Bijlage A5. In het buitenland opgestelde als gelijkwaardig erkende dienstboekjes
De lijst van de in het buitenland opgestelde als gelijkwaardig erkende dienstboekjes en de bijbehorende informatie inzake de afgevende autoriteiten worden door de CCR gepubliceerd op haar website www.ccr-zkr.org.
| Staat | Nationale autoriteit(en) van afgifte | Nationale autoriteit(en) van afgifte | Besluit |
|---|---|---|---|
| Tsjechische Republiek | 2000-I-26 | ||
| Státní plavební správa Praha | Jankovcova 4 170 00 Praha 7 | Tel : 234 637 111 Fax : 266 710 545 pobocka@spspraha.cz | 2000-I-26 |
| Státní plavební správa Děčín | Labská 694/21 405 01 Děčín 1 | Tel: 412 557 411 Fax: 412 557 410 pobocka@spsdecin.cz | 2000-I-26 |
| Státní plavební správa Přerov | Seifertova 33 750 02 Přerov | Tel: 581 284 254 Fax: 581 284 256 pobocka@spsprerov.cz | 2000-I-26 |
| Oostenrijk | Oostenrijk | Oostenrijk | 2010-II-3 |
| Bundesministerium für Verkehr, Innovation und Technologie, Oberste Schifffahrtsbehörde | Radetzkystraße 2 1030 Wien | Tel. +43 1 71162 Fax +43 1 7130326 mobiel: +43 664 818 88 68 +43 664 818 89 09 +43 664 818 89 10 w2@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Voor het aanbrengen van de controlestempels zijn ook de volgende instanties bevoegd: | Voor het aanbrengen van de controlestempels zijn ook de volgende instanties bevoegd: | Voor het aanbrengen van de controlestempels zijn ook de volgende instanties bevoegd: | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Hainburg | Donaulände 2 2410 Hainburg | Tel.: +43 2165 62 365 Fax: +43 2165 62 365-99 mobiel: +43 664 818 88 50 +43 664 818 88 51 +43 664 818 88 52 schifffahrtsaufsicht.hainburg@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Wien | Handelskai 267 1020 Wien | Tel.: +43 1 728 37 00 Fax: +43 1 728 37 00-99 mobiel: +43 664 / 818 88 53 +43 664 / 818 88 54 +43 664 / 818 88 55 +43 664 / 818 88 56 schifffahrtsaufsicht.wien@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Krems | Am Schutzdamm 1 3500 Krems | Tel.: +43 2732 / 83 170 Fax: +43 2732 / 83 170-99 mobiel: +43 664 / 818 88 57 +43 664 / 818 88 58 +43 664 / 818 88 59 schifffahrtsaufsicht.krems@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Grein | Am Hofberg 2 4360 Grein | Tel.: +43 7268 / 320 Fax: +43 7268 / 7431 mobiel: +43 664 / 818 88 60 +43 664 / 818 88 61 +43 664 / 818 88 62 schifffahrtsaufsicht.grein@bmvit.gv.at | 2010-II-3 |
| Schifffahrtsaufsicht Linz | Regensburgerstraße 4 4020 Linz | Tel.: +43 732 / 777 229 Fax: +43 732 / 777 229-99 mobiel: +43 664 / 818 88 63 +43 664 / 818 88 64 +43 664 / 818 88 65 schifffahrtsaufsicht.linz@bmvit.gv.at | |
| Schifffahrtsaufsicht Engelhartszell | Nibelungenstraße 3 4090 Engelhartszell | Tel.: +43 7717 / 8026 Fax: +43 7717 / 8026-99 mobiel: +43 664 / 818 88 66 +43 664 / 818 88 67 +43 664 / 818 88 70 schifffahrtsaufsicht.engelhartszell@bmvit.gv.at | |
| Bulgarije | 2010-II-3 | ||
| Maritime Administration | Ruse 7000 20 Pristanistna St. | Tel : +359 82 815 815 Fax : +359 82 824 009 stw_rs@marad.bg | 2010-II-3 |
| Maritime Administration | Lom 3600 3 Dunavski park St. | Tel : +359 971 66 963 Fax : +359 971 66 961 stw_lm@marad.bg | 2010-II-3 |
| Hongarije | 2010-II-3 | ||
| Directie Strategie en Methodologie Departement Scheepvaart en Burgerluchtvaart Nemzeti Közlekedési Hatóság, Stratégiai és Módszertani Igazgatóság, Hajózásiés Légiközlekedési Főosztály | Postadres: 1389 Boedapest 62, Postbus 102 Kantooradres: 1066 Boedapest, Teréz körút 62 | Tel. : +36 1 815 9646 Fax : +36 1 815 9659 hajozaslegikozlekedesfoo.smi@nkh.gov.hu | 2010-II-3 |
| Polen | 2010-II-3 | ||
| Inland Navigation Office in Bydgoszcz Urząd Zeglugi Śródlądowej w Bydgoszczy | ul. Konarskiego 1/3 85-066 Bydgoszcz | Tel. +48 52 322-02-73, Fax +48 52 322-68-84 urzad@bydg.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Gdansk Urząd Zeglugi Śródlądowej w Gdańsku | ul. Toruńska 8/4 80-841 Gdańsk | Tel. +48 58 301-84-14 Fax +48 58 301-84-14 urzad@gda.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Gizycko Urząd Zeglugi Śródlądowej w Giżycku | ul. Łuczańska 5 11-500 Giżycko | Tel. +48 87 428-56-51 Fax +48 87 428-56-51 urzad@giz.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Kedzierzyn-Kozle Urząd Zeglugi Śródlądowej w Kędzierzynie-Koźlu | ul. Chełmońskiego 1 47-205 Kędzierzyn-Koźle | Tel. +48 77 472-23-60 Fax +48 77 472-23-61 urzad@k-k.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Krakow Urząd Zeglugi Śródlądowej w Krakowie | ul. Skawińska 31/3 31-066 Kraków | Tel. +48 12 430-53-97 Fax +48 12 430-53-97 urzad@kr.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Szczecin Urząd Zeglugi Śródlądowej w Szczecinie | Plac Batorego 4 70-207 Szczecin | Tel. +48 91 434-02-79 Fax +48 91 434-01-29 urzad@szn.uzs.gov.pl | 2010-II-3 |
| Inland Navigation Office in Warszawa Urząd Zeglugi Śródlądowej w Warszawie | ul. Dubois 9 00-182 Warszawa | Tel. +48 22 635-93-30 Fax +48 22 635-93-30 urzad@waw.uzs.gov.pl | |
| Inland Navigation Office in Wroclaw Urząd Zeglugi Śródlądowej we Wrocławiu | ul. Kleczkowska 52 50-227 Wrocław | Tel. +48 71 329-18-93 Fax +48 71 329-18-93 urzad@wroc.uzs.gov.pl | |
| Roemenië | 2010-II-3 | ||
| Roemeense Scheepvaartautoriteit, Constanta | Port No. 1, 900900 Constanta | Tel: 0040241555676 Fax: 0040341730349 rna@rna.ro lgrigore@rna.ro | 2010-II-3 |
| Slowaakse Republiek | 2010-II-3 | ||
| Dopravný úrad Divízia vnútrozemskej plavby | Letisko M.R. Štefánika 823 05 Bratislava | Tel. +421 2 333 00 217 plavba@nsat.sk | 2010-II-3 |
Op de pagina van de website van de CCR die gewijd is aan informatie over de toepassing van de Administratieve Overeenstemming over de Wederzijdse Erkenning van Dienstboekjes, zal het model van de erkende dienstboekjes toegankelijk zijn.
Bijlage B1. Minimumeisen ten aanzien van de lichamelijke geschiktheid
Bijlage B2. Medische verklaring met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid in de Rijnvaart (Model)
Bijlage B3. Verklaring betreffende de lichamelijke en geestelijke geschiktheid (Model)
Bijlage C1. Verklaring deskundige voor de passagiersvaart (Model)
Bijlage C2. Verklaring eerste hulpverlener in de passagiersvaart (Model)
Bijlage C3. Verklaring persluchtmaskerdrager in de passagiersvaart (Model)
Bijlage B2. Medische verklaring met betrekking tot de lichamelijke en geestelijke geschiktheid in de Rijnvaart (Model)
Bijlage B3. Verklaring betreffende de lichamelijke en geestelijke geschiktheid (Model)
Bijlage C1. Verklaring deskundige voor de passagiersvaart (Model)
I. Vaarbevoegdheidsbewijzen van de lidstaten
Duits model:
Schipperspatent voor de binnenvaart A en B
(85 mm x 54 mm – basiskleur blauw; overeenkomstig ISO-Norm 7810.)
Duits model:
Schipperspatent voor de binnenvaart A en B
(85 mm x 54 mm – basiskleur blauw; overeenkomstig ISO-Norm 7810.)
Nederlands Model:
De lijst van de als gelijkwaardig erkende vaarbevoegdheidsbewijzen en de bijbehorende informatie inzake de afgevende autoriteiten en de modellen worden door de CCR gepubliceerd op haar website www.ccr-zkr.org.
Duits model:
Duits model:
Schipperspatent voor de binnenvaart A en B
(85 mm x 54 mm – basiskleur blauw; overeenkomstig ISO-Norm 7810.)
II. – Vaarbevoegdheidsbewijs van derde landen
Model van de Roemeense vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
(85 mm x 54 mm – achtergrond blauw)
Groot vaarbewijs I en II:
Model van de Roemeense vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
Groot vaarbewijs II2Dit document kan ook door de ‘Minister van Verkeer en Waterstaat, namens deze, De Directeur-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken’ worden afgegeven.
Hongaarse modellen vaarbewijs klasse A en klasse B
Vaarbewijs voor binnenvaartuigen A/B
(85 mm x 54 mm – Grondkleur blauw)
Groot vaarbewijs voor binnenvaartuigen A/B
(85 mm x 54 mm – Grondkleur blauw)
Belgisch Model:
Het materiaal van de kaart moet voldoen aan ISO-norm 7810.
Model van de Poolse vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
Zwitsers Model
(585 mm × 54 mm – Achtergrond lichtblauw
Bijlage D6. Als gelijkwaardig erkende bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Model van de Poolse vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
Modellen van het Tsjechische vaarbevoegdheidsbewijs
Modellen van het Tsjechische vaarbevoegdheidsbewijs
Bijlage D7. Examenprogramma ter verkrijging van een Rijnpatent
Opmerking vooraf:
| Soorten patent | (kolom 4 tot en met 7) |
|---|---|
| A – | Groot patent |
| B – | Klein patent |
| C – | Sportpatent |
| D – | verheidspatent |
| Vereiste kennis | (kolom 3) |
| 1 – | Gedetailleerde kennis |
| 2 – | Basiskennis |
| 1 | 2 |
| --- | --- |
| nr. | Examenstof |
| 1. | Kennis van de reglementen, gidsen en handboeken |
| 1.1 | Rijnvaartpolitiereglement (inclusief de tijdelijke wijzigingen) |
| Hoofdstuk 1 tot en met 7, 15 | |
| Hoofdstuk 8: | |
| Hoofdstuk 9, 10, 12, 14 (voor de betreffende riviergedeelten) | |
| Hoofdstuk 11: | |
| Bijlagen | |
| 3. Optische tekens van schepen | |
| 6. Geluidsseinen | |
| 7. Verkeerstekens | |
| 8. Verkeerstekens ter markering van de vaarweg | |
| 10. Olie-afgifteboekje | |
| Gidsen/Handboeken | |
| Marifonie in de binnenvaart | |
| Afvalverwijdering | |
| 1.2 | Verkeersvoorschriften voor zeescheepvaartwegen |
| (optische tekens van schepen, geluidsseinen, verkeerstekens, navigatiehulpmiddelen en betonningssystemen, vaarregels) | |
| 1.3 | Reglement onderzoek Schepen op de Rijn |
| Opzet en inhoud | |
| Inhoud certificaat van onderzoek | |
| 1.4 | Bemanningsvoorschriften, Deel II van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| 1.5 | ADN |
| Opzet | |
| Documenten/instructies | |
| Kennis van de voorgeschreven blauwe kegels/lichten | |
| Opzoeken van operationele voorschriften | |
| 1.6 | Bepalingen betreffende de Rijnpatenten: Deel III van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| Soorten patent | |
| Criteria voor de intrekking van een patent en de opschorting van de geldigheid | |
| 1.7 | Voorkoming van ongevallen |
| 2. | Nautische kennis en kennis van riviergedeelten |
| (aan de hand van kaarten) | |
| 2.1 | Rijn en nevenwateren |
| (belangrijkste geografische, hydrologische, meteorologische en morfologische kenmerken) | |
| 2.2 | Kennis van de gewenste riviergedeelten van de Rijn |
| Beschrijving van de vaarweg in de op- en afvaart | |
| Afmetingen van de vaarweg | |
| 2.3 | Navigatie op zeescheepvaartwegen |
| (koersbepaling, peilingen en plaatsbepaling, het gebruik van zeekaarten, procedures voor het controleren van het kompas, basiskennis inzake getijdewerking) | |
| 3. | Praktijkkennis |
| (Nautische zaken, scheepvaarttechnische zaken, praktische vaardigheden) | |
| 3.1 | Voeren van het schip |
| Praktijk van het sturen, manoeuvreereigenschappen | |
| Functie van de stuurinrichtingen en de aandrijving | |
| Invloed van stromingen, wind en zuiging | |
| Drijfvermogen, stabiliteit en toepassing daarvan in de praktijk | |
| Ankeren en meren | |
| 3.2 | Motorenkennis |
| Bouw, werking van de motoren, functie van de elektrische inrichtingen | |
| Bediening, bedrijfscontrole | |
| Maatregelen bij bedrijfsstoringen | |
| 3.3 | Laden en lossen |
| Bepalen van het gewicht van de lading aan de hand van de meetbrief | |
| Gebruik van de diepgangsschaal | |
| Stuwen van de lading | |
| 3.4 | Handelen onder bijzondere omstandigheden |
| Maatregelen bij schade, eerste hulp, stoppen van lekkage | |
| Bediening van reddingsmiddelen | |
| Bijzonderheden bij averij op zeescheepvaartwegen | |
| Behandeling van afval en voorkomen van verontreiniging van de waterwegen | |
| Informeren van de bevoegde autoriteiten | |
| Brandbestrijding |
Bijlage D8. Examenprogramma ter verkrijging van een radarpatent
Hongaarse modellen vaarbewijs klasse A en klasse B
Oostenrijkse modellen van de kapiteinspatenten categorie A en categorie B
Model van de Roemeense vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
Vaarbevoegdheidsbewijs klasse A
Vaarbevoegdheidsbewijs klasse B
Vaarbewijs van kapitein klasse I (B)
Vaarbewijs categorie B (van kracht geworden op 15.3.2015)
Bijlage D6. Als gelijkwaardig erkende bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Model van het Tsjechische radarbevoegdheidsbewijs
Model van de Poolse vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
Radarbevoegdheidsbewijs
(585 mm × 54 mm – Achtergrond lichtblauw
(De fysieke kenmerken van de kaart moeten voldoen aan de ISO-norm 7810.)
Bijlage D7. Examenprogramma ter verkrijging van een Rijnpatent
Opmerking vooraf:
| Soorten patent | (kolom 4 tot en met 7) |
|---|---|
| A – | Groot patent |
| B – | Klein patent |
| C – | Sportpatent |
| D – | verheidspatent |
| Vereiste kennis | (kolom 3) |
| 1 – | Gedetailleerde kennis |
| 2 – | Basiskennis |
| 1 | 2 |
| --- | --- |
| nr. | Examenstof |
| 1. | Kennis van de reglementen, gidsen en handboeken |
| 1.1 | Rijnvaartpolitiereglement (inclusief de tijdelijke wijzigingen) |
| Hoofdstuk 1 tot en met 7, 15 | |
| Hoofdstuk 8: | |
| Hoofdstuk 9, 10, 12, 14 (voor de betreffende riviergedeelten) | |
| Hoofdstuk 11: | |
| Bijlagen | |
| 3. Optische tekens van schepen | |
| 6. Geluidsseinen | |
| 7. Verkeerstekens | |
| 8. Verkeerstekens ter markering van de vaarweg | |
| 10. Olie-afgifteboekje | |
| Gidsen/Handboeken | |
| Marifonie in de binnenvaart | |
| Afvalverwijdering | |
| 1.2 | Verkeersvoorschriften voor zeescheepvaartwegen |
| (optische tekens van schepen, geluidsseinen, verkeerstekens, navigatiehulpmiddelen en betonningssystemen, vaarregels) | |
| 1.3 | Reglement onderzoek Schepen op de Rijn |
| Opzet en inhoud | |
| Inhoud certificaat van onderzoek | |
| 1.4 | Bemanningsvoorschriften, Deel II van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| 1.5 | ADN |
| Opzet | |
| Documenten/instructies | |
| Kennis van de voorgeschreven blauwe kegels/lichten | |
| Opzoeken van operationele voorschriften | |
| 1.6 | Bepalingen betreffende de Rijnpatenten: Deel III van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| Soorten patent | |
| Criteria voor de intrekking van een patent en de opschorting van de geldigheid | |
| 1.7 | Voorkoming van ongevallen |
| 2. | Nautische kennis en kennis van riviergedeelten |
| (aan de hand van kaarten) | |
| 2.1 | Rijn en nevenwateren |
| (belangrijkste geografische, hydrologische, meteorologische en morfologische kenmerken) | |
| 2.2 | Kennis van de gewenste riviergedeelten van de Rijn |
| Beschrijving van de vaarweg in de op- en afvaart | |
| Afmetingen van de vaarweg | |
| 2.3 | Navigatie op zeescheepvaartwegen |
| (koersbepaling, peilingen en plaatsbepaling, het gebruik van zeekaarten, procedures voor het controleren van het kompas, basiskennis inzake getijdewerking) | |
| 3. | Praktijkkennis |
| (Nautische zaken, scheepvaarttechnische zaken, praktische vaardigheden) | |
| 3.1 | Voeren van het schip |
| Praktijk van het sturen, manoeuvreereigenschappen | |
| Functie van de stuurinrichtingen en de aandrijving | |
| Invloed van stromingen, wind en zuiging | |
| Drijfvermogen, stabiliteit en toepassing daarvan in de praktijk | |
| Ankeren en meren | |
| 3.2 | Motorenkennis |
| Bouw, werking van de motoren, functie van de elektrische inrichtingen | |
| Bediening, bedrijfscontrole | |
| Maatregelen bij bedrijfsstoringen | |
| 3.3 | Laden en lossen |
| Bepalen van het gewicht van de lading aan de hand van de meetbrief | |
| Gebruik van de diepgangsschaal | |
| Stuwen van de lading | |
| 3.4 | Handelen onder bijzondere omstandigheden |
| Maatregelen bij schade, eerste hulp, stoppen van lekkage | |
| Bediening van reddingsmiddelen | |
| Bijzonderheden bij averij op zeescheepvaartwegen | |
| Behandeling van afval en voorkomen van verontreiniging van de waterwegen | |
| Informeren van de bevoegde autoriteiten | |
| Brandbestrijding |
Bijlage D8. Examenprogramma ter verkrijging van een radarpatent
Modellen van de Slowaakse vaarbewijzen categorie A en categorie B
Modellen van de Slowaakse vaarbewijzen categorie A en categorie B
Hoofdstuk 5. Aanvullende voorschriften voor het aan boord van passagiersschepen voorgeschreven veiligheidspersoneel
Paragraaf 1. : Eisen voor het verkrijgen van, en het bewijs van bekwaamheid
Paragraaf 2. : Verplichtingen bij de exploitatie van passagiersschepen
Deel III. Voorschriften betreffende de vaarbevoegdheidsbewijzen
Hoofdstuk 6. Op deel III van toepassing zijnde algemene bepalingen
Hoofdstuk 6. Op deel III van toepassing zijnde algemene bepalingen
Paragraaf 1. : Voorwaarden voor het verkrijgen van een Rijnpatent
Subparagraaf 1. : Algemene eisen
Subparagraaf 1. : Algemene eisen
Paragraaf 2. : Toelatings- en examenprocedure
Paragraaf 3. : Controle van de lichamelijke en geestelije geschiktheid
Paragraaf 4. : Opschorting en intrekking
Hoofdstuk 8. Bepalingen betreffende het radarpatent
Hoofdstuk 9. Overgangsbepalingen
Artikel 9.05. Verklaring van deskundigheid aangaande het gebruik van vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof
De bevoegde autoriteiten verstrekken een verklaring overeenkomstig artikel 4a.02 aan bemanningsleden van schepen die vóór 1 juli 2016 zijn begonnen met het gebruik van LNG als brandstof, wanneer de betrokken bemanningsleden op grond van een aanbeveling van de CCR krachtens artikel 2.19 van het ROSR zijn opgeleid en een vaartijd van ten minste 90 dagen op dergelijke schepen kunnen aantonen.
Bijlage A1. Vaartijdenboek (Model B-00734)
Naam van het schip: ......
Uniek Europees scheepsidentificatienummer (ENI) of officieel scheepsnummer: ......
Aanwijzingen voor het bijhouden van het vaartijdenboek
Sancties
Dit vaartijdenboek omvat 200 bladzijden, genummerd van 1 tot en met 200. De aantekeningen in dit boek dienen met inkt en duidelijk leesbaar (bijv. in drukletters) te worden aangebracht.
TEMPS DE REPOS – RUHEZEITEN – RUSTTIJDEN
Betriebsform .............................
Bijlage 5. Specifieke bepalingen voor het bevaren van gedeelten van de Rijn die als binnenwatertrajecten met specifieke risico’s geclassificeerd zijn
Bijlage A2. Dienstboekje (Model A-00735)
Mode d'exploitation
Indications et directives relatives à la tenue du Livret de service
A). Indications
Aanvullende competentie
Een schipper die met een vaartuig dit gedeelte van de Rijn met specifieke risico’s bevaart, moet met het oog op de veiligheid de eigenschappen en plaatselijke omstandigheden van dit gedeelte van de Rijn kennen.
Le Livret de service doit être remis au conducteur lors de la première prise de service et doit être présenté à l'autorité compétente au moins une fois tous les 12 mois à compter de la date à laquelle il a été établi, afin qu'elle y inscrive le visa de contrôle. Conformément au Règlement relatif au personnel de la navigation sur le Rhin, un timonier qui ne souhaite pas obtenir la grande patente est exonéré de l'obligation de présenter le livret de service pour inscription du visa de contrôle. Conformément au Règlement relatif au personnel de la navigation sur le Rhin, il doit dans ce cas porter sur la page 10 du livret de service la mention ‘ne souhaite pas acquérir une patente de batelier’ et sa signature.
B). Instructions relatives à la tenue du Livret de service
Schifferdienstbuch – Hinweise und Anweisungen zur Führung
VI. De Rijn van kmr 769,00 (Krefeld) tot kmr 857,40 (Spyck’sche Veer/Nederlandse grens)
Er hat im Schifferdienstbuch die Eintragungen über seine eigene Person und regelmäßig Eintragungen über Fahrzeiten und Streckenfahrten vorzunehmen und es bis zur Beendigung des Dienst-, Arbeits- oder sonstigen Verhältnisses sicher aufzubewahren. Soweit ein Steuermann gem. der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein auf Seite 10 des Schifferdienstbuches den Vermerk: ‘Beabsichtigt nicht den Erwerb eines Schifferpatentes’ eingetragen und ordnungsgemäß unterzeichnet hat, entfällt die Verpflichtung Fahrzeiten und Streckenfahrten einzutragen. Auf Wunsch des Inhabers ist diesem das Schifferdienstbuch jederzeit und unverzüglich auszuhändigen.
Das Schifferdienstbuch ist ein Dokument nach § 1.10 der Rheinschifffahrtspolizeiverordnung. Falsche oder nicht ordnungsgemäße Eintragungen können strafbar sein und ist auf der Grundlage der Verordnung über das Schiffspersonal auf dem Rhein ausgestellt; zumindest handelt es sich um Ordnungswidrigkeiten. Verantwortlich für die Eintragungen der allgemeinen Angaben im Schifferdienstbuch (S. 3 bis 8) ist die zuständige Behörde. Das Schifferdienstbuch ist nur mit den amtlichen Eintragungen auf Seite 3 gültig. Ein Schifferdienstbuch ohne diese amtlichen Eintragungen ist ungültig.
Jedes Besatzungsmitglied muss zum jederzeitigen Nachweis seiner Befähigung und Tauglichkeit ein auf seine Person ausgestelltes Schifferdienstbuch haben. Es dient bei Personen, die ein Patent erwerben wollen, auch zum Nachweis der Fahrzeiten und Streckenfahrten auf dem Rhein und auf anderen Wasserstraßen. Mitglieder der Besatzung mit Rheinpatent brauchen das Schifferdienstbuch nicht zu führen. Der Inhaber eines Rheinpatentes oder eines von der ZKR als gleichwertig anerkannten Schifffsführerzeugnisses benötigt ein Schifferdienstbuch nur zur Eintragung der Streckenfahrten, wenn sein Patent oder Schiffsführerzeugnis für diese Strecken nicht gilt und er es erwerben möchte.
B). Anweisungen zur Führung des Schifferdienstbuches
Aanwijzingen en instructies voor het bijhouden van het dienstboekje
A). Aanwijzingen
Ieder bemanningslid moet te allen tijde zijn kwalificatie en geschiktheid door middel van een op zijn naam gesteld dienstboekje kunnen aantonen. Het is eveneens vereist voor personen die een patent of vaarbewijs willen verkrijgen, zodat zij hun vaartijd en scheepsreizen op de Rijn en op andere vaarwegen kunnen aantonen. Een lid van de bemanning dat in het bezit is van een Rijnpatent hoeft het dienstboekje niet meer bij te houden. De houder van een Rijnpatent of een door de CCR als gelijkwaardig erkend vaarbewijs heeft het dienstboekje slechts nodig voor het aantekenen van de scheepsreizen op die gedeelten waarvoor het Rijnpatent of zijn bewijs van bekwaamheid niet geldt en waarvoor hij een dienovereenkomstig document wenst te verkrijgen.
Houder van een dienstboekje is degene op wiens naam het dienstboekje is afgegeven.
Het dienstboekje moet bij de eerste indiensttreding aan de schipper worden overhandigd en vanaf de datum van afgifte jaarlijks en op zijn minst eenmaal binnen twaalf maanden bij de bevoegde autoriteit ter waarmerking worden overgelegd. Een stuurman die geen groot Patent overeenkomstig Deel III van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn wil verkrijgen, is krachtens artikel 3.06, punt 5 van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn vrijgesteld van de verplichting het dienstboekje te overleggen voor aantekening van het controlewaarmerk. In dit geval moet hij overeenkomstig het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn op bladzijde 10 van het dienstboekje de aantekening: ‘Is niet voornemens een schipperspatent te verkrijgen’ aanbrengen en rechtsgeldig ondertekenen.
Bijlage A3. Eisen betreffende tachografen en voorschriften voor de inbouw van tachografen aan boord
A. Eisen betreffende tachografen
B. Voorschriften met betrekking tot de inbouw van tachografen aan boord
Deze heeft de plicht, maar ook het recht, het overgelegde dienstboekje te controleren en afhankelijk van het resultaat te voorzien van een waarmerk ter controle. Hiertoe heeft de bevoegde instantie het recht te verlangen dat haar ook vaartijdenboeken, volledig of een uitreksel daarvan, dan wel andere relevante bewijsstukken worden overgelegd.
Bijlage A4. Verklaring voor het aantonen van de vereiste rusttijd, bedoeld in artikel 3.12, tweede tot en met zesde lid (Model)
(geldt alleen tezamen met het dienstboekje, respectievelijk met het grote patent zoals bedoeld in bijlage D1, respectievelijk het voorlopige grote patent, zoals bedoeld in bijlage D2 van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn)
Naam en voornaam:
Nummer van het dienstboekje, respectievelijk van het patent:
| Scheepsnaam, uniek Europees scheepsiden-tificatienummer of officieel scheepsnummer | Einde van de reis | Einde van de reis | Exploitatiewijze voor het einde van de reis | Laatste rusttijd voor het einde van de reis | Laatste rusttijd voor het einde van de reis | Handtekening van de schipper |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Scheepsnaam, uniek Europees scheepsiden-tificatienummer of officieel scheepsnummer | Datum | Tijdstip | Exploitatiewijze voor het einde van de reis | Begin | Einde | Handtekening van de schipper |
| E | E1 | E2 | E3 | E4 | ||
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
Deze verklaring maakt deel uit van het vaartijdenboek van het schip waarop het bemanningslid zijn nieuwe reis aanvangt en is daarmee een document als bedoeld in artikel 1.10 van het Rijnvaartpolitiereglement.
Het maken van onjuiste aantekeningen of aantekeningen die niet aan de voorschriften voldoen, kan strafbaar zijn; het gaat daarbij ten minste om overtredingen.
De schipper van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, is verantwoordelijk voor de gegevens die in deze verklaring worden verstrekt.
-
- De verklaring moet bij elke wisseling van schip door de schipper van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, worden ingevuld.
-
- De verklaring moet aan de schipper van het schip waarop de nieuwe reis wordt aangevangen, worden overgelegd.
-
- De gegevens in de verklaring moeten met de gegevens in het dienstboekje en het vaartijdenboek van het schip waarop de laatste reis van het bemanningslid heeft plaatsgevonden, overeenstemmen.
Bijlage A3. Eisen betreffende tachografen en voorschriften voor de inbouw van tachografen aan boord
Bijlage B1. Minimumeisen ten aanzien van de lichamelijke geschiktheid
II. Gehoorvermogen:
Het gehoor is als voldoende te beschouwen, indien het gemiddeld gehoorverlies van beide oren bij de frequenties 500, 1000, 2000 en 3000 Hz de waarde van 40 dB(A) niet overschrijdt. Indien de waarde van 40 dB wordt overschreden, is het gehoorvermogen toch als voldoende aan te merken, als de conversatiespraak met een hoortoestel op 2 m met elk oor afzonderlijk duidelijk wordt verstaan.
III. Er mogen geen andere bevindingen uit medische keuring aanwezig zijn die de lichamelijke geschiktheid uitsluiten.
Indien de navolgende ziekten of lichamelijke gebreken voorkomen, kan dit aanleiding geven tot twijfel aan de lichamelijke geschiktheid van de gegadigde als schipper:
Bijlage C2. Verklaring eerste hulpverlener in de passagiersvaart (Model)
Bijlage C3. Verklaring persluchtmaskerdrager in de passagiersvaart (Model)
Bijlage C4. Boekje houdende de attesten voor de passagiersvaart (Model)
I. Vaarbevoegdheidsbewijzen van de lidstaten
Nederlands Model:
Groot vaarbewijs A en B voor de binnenvaart
II. – Vaarbevoegdheidsbewijs van derde landen
Nederlands model:
Modellen van het Tsjechische vaarbevoegdheidsbewijs
Hongaarse modellen vaarbewijs klasse A en klasse B
Het materiaal van de kaart moet voldoen aan ISO-norm 7810.
Vaarbevoegdheidsbewijs klasse A
Vaarbewijs van kapitein klasse I (B)
Modellen van de Slowaakse vaarbewijzen categorie A en categorie B
Vaarbewijs klasse A
(585 mm × 54 mm – Achtergrond lichtblauw)
(De fysieke kenmerken van de kaart moeten voldoen aan de ISO-norm 7810.)
Bijlage D6. Als gelijkwaardig erkende bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Model van het Roemeense bevoegdheidsbewijs voor het varen op radar
Model van de Poolse vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
Vaarbewijs type A
Hongaars radarbevoegdheidsbewijs voor de binnenvaart
Bijlage D7. Examenprogramma ter verkrijging van een Rijnpatent
Opmerking vooraf:
| Soorten patent | (kolom 4 tot en met 7) |
|---|---|
| A – | Groot patent |
| B – | Klein patent |
| C – | Sportpatent |
| D – | verheidspatent |
| Vereiste kennis | (kolom 3) |
| 1 – | Gedetailleerde kennis |
| 2 – | Basiskennis |
| 1 | 2 |
| --- | --- |
| nr. | Examenstof |
| 1. | Kennis van de reglementen, gidsen en handboeken |
| 1.1 | Rijnvaartpolitiereglement (inclusief de tijdelijke wijzigingen) |
| Hoofdstuk 1 tot en met 7, 15 | |
| Hoofdstuk 8: | |
| Hoofdstuk 9, 10, 12, 14 (voor de betreffende riviergedeelten) | |
| Hoofdstuk 11: | |
| Bijlagen | |
| 3. Optische tekens van schepen | |
| 6. Geluidsseinen | |
| 7. Verkeerstekens | |
| 8. Verkeerstekens ter markering van de vaarweg | |
| 10. Olie-afgifteboekje | |
| Gidsen/Handboeken | |
| Marifonie in de binnenvaart | |
| Afvalverwijdering | |
| 1.2 | Verkeersvoorschriften voor zeescheepvaartwegen |
| (optische tekens van schepen, geluidsseinen, verkeerstekens, navigatiehulpmiddelen en betonningssystemen, vaarregels) | |
| 1.3 | Reglement onderzoek Schepen op de Rijn |
| Opzet en inhoud | |
| Inhoud certificaat van onderzoek | |
| 1.4 | Bemanningsvoorschriften, Deel II van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| 1.5 | ADN |
| Opzet | |
| Documenten/instructies | |
| Kennis van de voorgeschreven blauwe kegels/lichten | |
| Opzoeken van operationele voorschriften | |
| 1.6 | Bepalingen betreffende de Rijnpatenten: Deel III van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| Soorten patent | |
| Criteria voor de intrekking van een patent en de opschorting van de geldigheid | |
| 1.7 | Voorkoming van ongevallen |
| 2. | Nautische kennis en kennis van riviergedeelten |
| (aan de hand van kaarten) | |
| 2.1 | Rijn en nevenwateren |
| (belangrijkste geografische, hydrologische, meteorologische en morfologische kenmerken) | |
| 2.2 | Kennis van de gewenste riviergedeelten van de Rijn |
| Beschrijving van de vaarweg in de op- en afvaart | |
| Afmetingen van de vaarweg | |
| 2.3 | Navigatie op zeescheepvaartwegen |
| (koersbepaling, peilingen en plaatsbepaling, het gebruik van zeekaarten, procedures voor het controleren van het kompas, basiskennis inzake getijdewerking) | |
| 3. | Praktijkkennis |
| (Nautische zaken, scheepvaarttechnische zaken, praktische vaardigheden) | |
| 3.1 | Voeren van het schip |
| Praktijk van het sturen, manoeuvreereigenschappen | |
| Functie van de stuurinrichtingen en de aandrijving | |
| Invloed van stromingen, wind en zuiging | |
| Drijfvermogen, stabiliteit en toepassing daarvan in de praktijk | |
| Ankeren en meren | |
| 3.2 | Motorenkennis |
| Bouw, werking van de motoren, functie van de elektrische inrichtingen | |
| Bediening, bedrijfscontrole | |
| Maatregelen bij bedrijfsstoringen | |
| 3.3 | Laden en lossen |
| Bepalen van het gewicht van de lading aan de hand van de meetbrief | |
| Gebruik van de diepgangsschaal | |
| Stuwen van de lading | |
| 3.4 | Handelen onder bijzondere omstandigheden |
| Maatregelen bij schade, eerste hulp, stoppen van lekkage | |
| Bediening van reddingsmiddelen | |
| Bijzonderheden bij averij op zeescheepvaartwegen | |
| Behandeling van afval en voorkomen van verontreiniging van de waterwegen | |
| Informeren van de bevoegde autoriteiten | |
| Brandbestrijding |
Bijlage D8. Examenprogramma ter verkrijging van een radarpatent
Oostenrijkse modellen van de kapiteinspatenten categorie A en categorie B
Oostenrijkse modellen van de kapiteinspatenten categorie A en categorie B
E. : Bemanningsleden van schepen die vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruiken
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Bijlage D6. Als gelijkwaardig erkende bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Bijlage D6. Als gelijkwaardig erkende bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Artikel 4a.01. Kennis en instructies
De schipper en de bij de bunkerprocedure betrokken bemanningsleden van schepen die vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruiken, moeten over een deskundigheid aangaande het gebruik van vloeibaar aardgas als brandstof beschikken.
Een bemanningslid mag pas werkzaamheden aan boord uitoefenen na instructies van de schipper te hebben gekregen over het gebruik van vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof op het desbetreffende schip en met name over de bunkerprocedure.
Artikel 4a.02. Verklaring
De betrokken bemanningsleden tonen hun kennis aan door middel van een verklaring overeenkomstig het model van bijlage E1.
De verklaring wordt afgegeven wanneer de kandidaat voldoet aan de eisen van artikelen 4a.03 en 4a.04.
Artikel 4a.03. Cursus en examen
De cursus inzake de kennis bestaat uit een theoretisch gedeelte en een praktisch gedeelte en wordt door een examen afgesloten.
Het theoretische gedeelte van de cursus omvat de in bijlage E2, deel A, genoemde onderwerpen.
Het praktische gedeelte van de cursus betreft de toepassing van de verworven theoretische kennis in de praktijk aan boord van een schip dat vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruikt en/of in een daartoe geschikte installatie aan de wal. Het omvat de in bijlage E2, deel B, genoemde onderwerpen.
Het examen bestaat uit een theoretisch en uit een praktisch deel. Het omvat alle in bijlage E2, deel A en deel B genoemde onderwerpen. Het examen is met goed gevolg afgelegd wanneer de kandidaat in beide geëxamineerde delen heeft aangetoond over voldoende kennis en vaardigheden te beschikken.
Het praktisch deel van het examen wordt aan boord van een schip en/of aan de wal afgenomen.
Artikel 4a.04. Geldigheid en verlenging van de verklaring
De verklaring heeft een geldigheidsduur van vijf jaar.
De geldige verklaring overeenkomstig het model van bijlage E1 wordt op verzoek van de houder door de bevoegde autoriteit met vijf jaar verlengd met ingang van de datum van aanvraag wanneer de houder:
- a). de onderstaande vaartijd kan aantonen op een schip dat vloeibaar aardgas (LNG) als brandstof gebruikt: of, wanneer dit niet het geval is,
- –. ten minste 180 dagen voor de voorafgaande periode van vijf jaar, of
- –. ten minste 90 dagen voor de voorafgaande periode van een jaar;
- b). aan een opfriscursus met examen heeft deelgenomen. De bepalingen van artikel 4a.03 zijn van overeenkomstige toepassing op de inhoud van de opfriscursus en van het examen, waarbij de cursus- en examenomvang wordt teruggebracht.
Artikel 4a.05. Bevoegdheid
De bevoegdheid om erkende cursussen en opfriscursussen te verzorgen, examens af te nemen en verklaringen overeenkomstig het model van bijlage E1 af te geven ligt bij erkende opleidingsinstituten.
De cursussen, opfriscursussen en opleidingsinstituten worden erkend door de bevoegde autoriteiten op basis van de uniforme criteria die door de CCR zijn vastgelegd.
De bevoegde autoriteit kan zich het recht voorbehouden om zelf de verklaringen af te geven of te verlengen.
Elke bevoegde autoriteit is bevoegd voor de verlenging van verklaringen op grond van vaartijd.
De bevoegde autoriteiten stellen de CCR in kennis van elke beslissing over de erkenning van een opleidingsinstituut of over de intrekking of de opschorting van een dergelijke erkenning.
De lijst van de erkende opleidingsinstituten en cursussen wordt via elektronische weg gepubliceerd door de CCR.
Hoofdstuk 5. Aanvullende voorschriften voor het aan boord van passagiersschepen voorgeschreven veiligheidspersoneel
Paragraaf 1. : Eisen voor het verkrijgen van, en het bewijs van bekwaamheid
Paragraaf 2. : Verplichtingen bij de exploitatie van passagiersschepen
Deel III. Voorschriften betreffende de vaarbevoegdheidsbewijzen
Hoofdstuk 7. Bepalingen betreffende de Rijnpatenten
Paragraaf 1. : Voorwaarden voor het verkrijgen van een Rijnpatent
Subparagraaf 2. : Kennis vanriviergedeelten
Paragraaf 2. : Toelatings- en examenprocedure
Paragraaf 3. : Controle van de lichamelijke en geestelije geschiktheid
Paragraaf 4. : Opschorting en intrekking
Hoofdstuk 8. Bepalingen betreffende het radarpatent
Hoofdstuk 9. Overgangsbepalingen
Bijlage A1. Vaartijdenboek (Model B-00734)
Aanwijzingen voor het bijhouden van het vaartijdenboek
Overtredingen/strafbare handelingen
Bijlage A1a. Bevoegde autoriteiten voor de afgifte van op de Rijn geldige vaartijdenboeken
| Staat | Autoriteit | Periode van afgifte |
|---|---|---|
Bijlage A2. Dienstboekje (Model A-00735)
Indications et directives relatives à la tenue du Livret de service
A). Indications
B). Instructions relatives à la tenue du Livret de service
Schifferdienstbuch – Hinweise und Anweisungen zur Führung
B). Anweisungen zur Führung des Schifferdienstbuches
Aanwijzingen en instructies voor het bijhouden van het dienstboekje
A). Aanwijzingen
Het is in het belang van de houder ervoor te zorgen dat de aantekeningen die door de schipper in het dienstboekje worden aangebracht, juist en volledig zijn.
Hij moet in het dienstboekje de vereiste gegevens over hem zelf inschrijven en regelmatig aantekeningen over de vaartijden en de bevaren riviergedeelten maken en het dienstboekje tot het einde van het dienstverband, arbeidscontract of andere arbeidsverhoudingen op een veilige plaats bewaren. Als een stuurman overeenkomstig het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn op bladzijde 10 van het dienstboekje de aantekening: ‘Is niet voornemens een schipperspatent te verkrijgen’ heeft aangebracht en rechtsgeldig heeft ondertekend, is hij niet langer verplicht de vaartijden en bevaren riviergedeelten aan te tekenen. Op verzoek van de houder moet het dienstboekje te allen tijde en onverwijld aan hem worden overhandigd.
Meer details met betrekking tot de wijze waarop het dienstboekje moet worden bijgehouden, vindt u in de hierna volgende instructies.
A. Eisen betreffende tachografen
I. Gezichtsvermogen:
II. Gehoorvermogen:
Het gehoor is als voldoende te beschouwen, indien het gemiddeld gehoorverlies van beide oren bij de frequenties 500, 1000, 2000 en 3000 Hz de waarde van 40 dB(A) niet overschrijdt. Indien de waarde van 40 dB wordt overschreden, is het gehoorvermogen toch als voldoende aan te merken, als de conversatiespraak met een hoortoestel op 2 m met elk oor afzonderlijk duidelijk wordt verstaan.
III. Er mogen geen andere bevindingen uit medische keuring aanwezig zijn die de lichamelijke geschiktheid uitsluiten.
Indien de navolgende ziekten of lichamelijke gebreken voorkomen, kan dit aanleiding geven tot twijfel aan de lichamelijke geschiktheid van de gegadigde als schipper:
Bijlage D1. Rijnpatent (Model)
(Model)
Rijnpatent
(85 mm x 54 mm – Grondkleur blauw)
Bijlage D2. Voorlopig Rijnpatent (Model)
Bijlage D3. Bewijs voor riviergedeelten (Model)
Bijlage D4. Radarpatent (Model)
Bijlage D5. Als gelijkwaardig erkende vaarbevoegdheidsbewijzen
I. Vaarbevoegdheidsbewijzen van de lidstaten
Groot vaarbewijs I1Dit document kan ook door de ‘Minister van Verkeer en Waterstaat, namens deze, De Directeur-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken’ worden afgegeven.
II. – Vaarbevoegdheidsbewijs van derde landen
Model van de Roemeense vaarbevoedheidsbewijzen van de klassen A en B
II. – Vaarbevoegdheidsbewijs van derde landen
Vaarbewijs klasse A
Vaarbewijs Klasse B
Vaarbewijs type A
Vaarbewijs van kapitein klasse A
Vaarbewijs van kapitein klasse A
Bijlage D6. Als gelijkwaardig erkende bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Modellen van de Tsjechische bevoegdheidsbewijzen voor de radarvaart
Kapiteinspatent B
Hongaars radarbevoegdheidsbewijs voor de binnenvaart
Model van het Roemeense bevoegdheidsbewijs voor het varen op radar
Bijlage D7. Examenprogramma ter verkrijging van een Rijnpatent
Opmerking vooraf:
| Soorten patent | (kolom 4 tot en met 7) |
|---|---|
| A – | Groot patent |
| B – | Klein patent |
| C – | Sportpatent |
| D – | verheidspatent |
| Vereiste kennis | (kolom 3) |
| 1 – | Gedetailleerde kennis |
| 2 – | Basiskennis |
| 1 | 2 |
| --- | --- |
| nr. | Examenstof |
| 1. | Kennis van de reglementen, gidsen en handboeken |
| 1.1 | Rijnvaartpolitiereglement (inclusief de tijdelijke wijzigingen) |
| Hoofdstuk 1 tot en met 7, 15 | |
| Hoofdstuk 8: | |
| Hoofdstuk 9, 10, 12, 14 (voor de betreffende riviergedeelten) | |
| Hoofdstuk 11: | |
| Bijlagen | |
| 3. Optische tekens van schepen | |
| 6. Geluidsseinen | |
| 7. Verkeerstekens | |
| 8. Verkeerstekens ter markering van de vaarweg | |
| 10. Olie-afgifteboekje | |
| Gidsen/Handboeken | |
| Marifonie in de binnenvaart | |
| Afvalverwijdering | |
| 1.2 | Verkeersvoorschriften voor zeescheepvaartwegen |
| (optische tekens van schepen, geluidsseinen, verkeerstekens, navigatiehulpmiddelen en betonningssystemen, vaarregels) | |
| 1.3 | Reglement onderzoek Schepen op de Rijn |
| Opzet en inhoud | |
| Inhoud certificaat van onderzoek | |
| 1.4 | Bemanningsvoorschriften, Deel II van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| 1.5 | ADN |
| Opzet | |
| Documenten/instructies | |
| Kennis van de voorgeschreven blauwe kegels/lichten | |
| Opzoeken van operationele voorschriften | |
| 1.6 | Bepalingen betreffende de Rijnpatenten: Deel III van het Reglement betreffende het Scheepvaartpersoneel op de Rijn |
| Soorten patent | |
| Criteria voor de intrekking van een patent en de opschorting van de geldigheid | |
| 1.7 | Voorkoming van ongevallen |
| 2. | Nautische kennis en kennis van riviergedeelten |
| (aan de hand van kaarten) | |
| 2.1 | Rijn en nevenwateren |
| (belangrijkste geografische, hydrologische, meteorologische en morfologische kenmerken) | |
| 2.2 | Kennis van de gewenste riviergedeelten van de Rijn |
| Beschrijving van de vaarweg in de op- en afvaart | |
| Afmetingen van de vaarweg | |
| 2.3 | Navigatie op zeescheepvaartwegen |
| (koersbepaling, peilingen en plaatsbepaling, het gebruik van zeekaarten, procedures voor het controleren van het kompas, basiskennis inzake getijdewerking) | |
| 3. | Praktijkkennis |
| (Nautische zaken, scheepvaarttechnische zaken, praktische vaardigheden) | |
| 3.1 | Voeren van het schip |
| Praktijk van het sturen, manoeuvreereigenschappen | |
| Functie van de stuurinrichtingen en de aandrijving | |
| Invloed van stromingen, wind en zuiging | |
| Drijfvermogen, stabiliteit en toepassing daarvan in de praktijk | |
| Ankeren en meren | |
| 3.2 | Motorenkennis |
| Bouw, werking van de motoren, functie van de elektrische inrichtingen | |
| Bediening, bedrijfscontrole | |
| Maatregelen bij bedrijfsstoringen | |
| 3.3 | Laden en lossen |
| Bepalen van het gewicht van de lading aan de hand van de meetbrief | |
| Gebruik van de diepgangsschaal | |
| Stuwen van de lading | |
| 3.4 | Handelen onder bijzondere omstandigheden |
| Maatregelen bij schade, eerste hulp, stoppen van lekkage | |
| Bediening van reddingsmiddelen | |
| Bijzonderheden bij averij op zeescheepvaartwegen | |
| Behandeling van afval en voorkomen van verontreiniging van de waterwegen | |
| Informeren van de bevoegde autoriteiten | |
| Brandbestrijding |
Bijlage D8. Examenprogramma ter verkrijging van een radarpatent
Hongaars radarbevoegdheidsbewijs voor de binnenvaart
Hongaars radarbevoegdheidsbewijs voor de binnenvaart
Bijlage D7. Examenprogramma ter verkrijging van een Rijnpatent
Opmerking vooraf:
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)