Wijzigingsgeschiedenis

Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 10 maart 2014, nr. IENM/BSK-2014/57174, houdende vaststelling van de Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014

8 versions · 2024-01-01
2024-01-01
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014 — arts. 10, 14, 16 y 3 más

Wijzigingen op 2024-01-01

@@ -10,21 +10,19 @@
In deze regeling wordt verstaan onder:
- **beheerder:** beheerder als bedoeld in [artikel 1.1, eerste lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=1.1);
- **beheerder:** bevoegd bestuursorgaan van het overheidslichaam dat belast is met de zorg voor een primaire waterkering;
- **hoogwaterbeschermingsprogramma:** onderdeel van het deltaprogramma, bedoeld in [artikel 4.9 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=4.9), bevattende de maatregelen die beheerders dienen te treffen om een van de redenen, bedoeld in [artikel 7.24, eerste lid, onderdelen a, b of c, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=7.24);
- **inpassingsplan:** plan als bedoeld in [artikel 3.26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0020449&artikel=3.26) of [3.28 van de Wet ruimtelijke ordening](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0020449&artikel=3.28);
- **Minister:** Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
- **planuitwerkingsfase:** fase volgend op de verkenningsfase, waarin de voorkeursbeslissing wordt uitgewerkt om te komen tot vaststelling en goedkeuring van een projectplan of, indien toepassing wordt gegeven aan [afdeling 3.5 van de Wet ruimtelijke ordening](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0020449&afdeling=3.5), een ontwerp en een beschrijving van het werk;
- **primaire waterkering:** primaire waterkering als bedoeld in [artikel 1.1, eerste lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=1.1);
- **planuitwerkingsfase:** fase volgend op de verkenningsfase, waarin het voorkeursalternatief wordt uitgewerkt om te komen tot vaststelling en goedkeuring van een projectbesluit;
- **primaire waterkering:** primaire waterkering als bedoeld in de [bijlage, onder A, bij de Omgevingswet](onbekend);
- **Project Planning Infrastructuur-methodiek:** planningsmethodiek die wordt toegepast door het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat;
- **projectplan:** projectplan als bedoeld in [artikel 5.4 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=5.4);
- **projectbesluit:** projectbesluit als bedoeld in [afdeling 5.2 van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&afdeling=5.2) voor de aanleg, verlegging of versterking van primaire waterkeringen;
- **realisatiefase:** fase volgend op de planuitwerkingsfase, waarin het werk wordt uitgevoerd;
@@ -34,7 +32,7 @@
- **subsidieprogramma:** programma als bedoeld in [artikel 7.23, eerste lid, onderdeel b, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=7.23);
- **verkenningsfase:** fase volgend op het opnemen van een maatregel in het hoogwaterbeschermingsprogramma, waarin mogelijke ontwerpen van de maatregel worden afgewogen om te komen tot een voorkeursbeslissing over het ontwerp van de maatregel;
- **verkenningsfase:** fase volgend op het opnemen van een maatregel in het hoogwaterbeschermingsprogramma, waarin mogelijke ontwerpen van de maatregel worden afgewogen om te komen tot een voorkeursalternatief;
- **voorfinancieringslijst:** onderdeel van het MIRT Projectenboek, bevattende de maatregelen die in aanmerking komen voor subsidie bij voorfinanciering door de beheerder;
@@ -72,7 +70,7 @@
- a. kosten die door de subsidieontvanger worden gemaakt om de maatregel te laten opnemen in het hoogwaterbeschermingsprogramma;
- b. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van [artikel 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14a&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- b. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van [artikel 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14a&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- c. kosten die de subsidieontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
@@ -98,7 +96,7 @@
2. Niet voor reguliere subsidie komen in aanmerking:
- a. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01) of [14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14a&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- a. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) of [14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14a&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- b. kosten die de subsidieontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
@@ -128,17 +126,17 @@
- k. anders dan de kosten, bedoeld in de onderdelen a tot en met i, die in redelijkheid zijn aan te merken als realisatiekosten.
2. De subsidiabele kosten van de aanbesteding van het werk zijn de overeenkomstig [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01), geraamde kosten waarin na het sluiten van de overeenkomst die het resultaat is van de gunningsbeslissing, het aanbestedingsresultaat is verwerkt.
2. De subsidiabele kosten van de aanbesteding van het werk zijn de overeenkomstig [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01), geraamde kosten waarin na het sluiten van de overeenkomst die het resultaat is van de gunningsbeslissing, het aanbestedingsresultaat is verwerkt.
3. Niet voor reguliere subsidie komen in aanmerking:
- a. kosten van bodemsanering die voor vergoeding in aanmerking komen op grond van het bepaalde bij of krachtens de Wet bodembescherming;
- a. kosten van bodemsanering die voor vergoeding in aanmerking komen op grond van het bepaalde bij of krachtens de [Kaderwet subsidies I en M](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032789);
- b. kosten van de opruiming van explosieven die door een gemeente worden vergoed;
- c. kosten die voortkomen uit achterstallig onderhoud;
- d. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=3&z=2023-04-01&g=2023-04-01) of [14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14a&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- d. kosten waarvoor reeds subsidie is verstrekt op basis van de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01) of [14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14a&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- e. kosten die de subsidieontvanger op andere wijze vergoed kan krijgen.
@@ -146,9 +144,9 @@
##### Artikel 5. Kostenraming
1. De raming van de kosten, bedoeld in de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=3&z=2023-04-01&g=2023-04-01), vindt plaats conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018, op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming.
2. De raming van de kosten, bedoeld in [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=4&z=2023-04-01&g=2023-04-01), vindt plaats conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018 op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd niet meer dan € 40 miljoen bedraagt, en op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd meer dan € 40 miljoen bedraagt.
1. De raming van de kosten, bedoeld in de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01), vindt plaats conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018, op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming.
2. De raming van de kosten, bedoeld in [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), vindt plaats conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018 op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd niet meer dan € 40 miljoen bedraagt, en op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd meer dan € 40 miljoen bedraagt.
##### Artikel 6. Aanvraag verlening reguliere subsidie
@@ -172,7 +170,7 @@
- –. een omschrijving van de resultaten waartoe deze fase moet leiden;
- c. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de verkenningsfase, overeenkomstig [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- c. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de verkenningsfase, overeenkomstig [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- d. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
@@ -184,11 +182,11 @@
4. Betreffende de planuitwerkingsfase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een eindverantwoording over de in de verkenningsfase behaalde resultaten en tot welke voorkeursbeslissing aan het einde van de verkenningsfase is gekomen;
- a. een eindverantwoording over de in de verkenningsfase behaalde resultaten en tot welk voorkeursalternatief aan het einde van de verkenningsfase is gekomen;
- b. een plan van aanpak, waarin ten minste is opgenomen:
- –. hoe de voorkeursbeslissing wordt uitgewerkt;
- –. hoe het voorkeursalternatief wordt uitgewerkt;
- –. een beschrijving van de marktbenadering;
@@ -196,7 +194,7 @@
- –. een omschrijving van de resultaten waartoe deze fase moet leiden;
- c. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de planuitwerkingsfase onderscheidenlijk de realisatiefase overeenkomstig [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01), onderscheidenlijk artikel 5, tweede lid;
- c. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de planuitwerkingsfase onderscheidenlijk de realisatiefase overeenkomstig [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01), onderscheidenlijk artikel 5, tweede lid;
- d. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
@@ -208,7 +206,7 @@
- a. een eindverantwoording over de in de planuitwerkingsfase behaalde resultaten;
- b. het door Gedeputeerde Staten goedgekeurde projectplan dan wel het vastgestelde inpassingsplan;
- b. het door de beheerder vastgestelde en door Gedeputeerde Staten goedgekeurde projectbesluit dan wel het door Gedeputeerde Staten, of de Minister of in overeenstemming met de Minister, vastgestelde projectbesluit;
- c. een plan van aanpak, voorzien van ten minste:
@@ -218,7 +216,7 @@
- –. een omschrijving van de resultaten waartoe deze fase moet leiden;
- d. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de realisatiefase overeenkomstig [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- d. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de realisatiefase overeenkomstig [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- e. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
@@ -226,13 +224,13 @@
- g. het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd.
6. Indien een subsidieontvanger indexering wenst van het te subsidiëren bedrag, bedoeld in de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=3&z=2023-04-01&g=2023-04-01) of [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=4&z=2023-04-01&g=2023-04-01), verzoekt hij daarom bij de aanvraag, bedoeld in het derde, vierde of vijfde lid.
6. Indien een subsidieontvanger indexering wenst van het te subsidiëren bedrag, bedoeld in de [artikelen 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=3&z=2024-01-01&g=2024-01-01) of [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01), verzoekt hij daarom bij de aanvraag, bedoeld in het derde, vierde of vijfde lid.
##### Artikel 7. Beslissing op aanvraag subsidieverlening
1. De beslissing op de aanvraag wordt genomen binnen acht weken na de ontvangst van de aanvraag.
2. De reguliere subsidie wordt uitsluitend verleend voor de in de beschikking omschreven resultaten in de vorm van een vast subsidiebedrag, dat is gebaseerd op negentig procent van de in overeenstemming met [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01) geraamde subsidiabele kosten van een sober en doelmatig ontwerp van de maatregel. De beschikking tot subsidieverlening vermeldt het ontwerp dat naar het oordeel van de Minister als sober en doelmatig wordt aangemerkt.
2. De reguliere subsidie wordt uitsluitend verleend voor de in de beschikking omschreven resultaten in de vorm van een vast subsidiebedrag, dat is gebaseerd op negentig procent van de in overeenstemming met [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01) geraamde subsidiabele kosten van een sober en doelmatig ontwerp van de maatregel. De beschikking tot subsidieverlening vermeldt het ontwerp dat naar het oordeel van de Minister als sober en doelmatig wordt aangemerkt.
3. Indien subsidie is verleend voor een voorverkenning, wordt een aanvraag tot verlening van een reguliere subsidie voor een verkenning niet in behandeling genomen zolang niet een aanvraag tot vaststelling van de subsidie voor de voorverkenning is ingediend. De in het eerste lid bedoelde termijn vangt in dat geval aan zodra beide aanvragen zijn ontvangen.
@@ -274,11 +272,11 @@
##### Artikel 10. Verplichtingen van de subsidieontvanger
1. De subsidieontvanger dient per kwartaal een verslag in bij de Minister over de voortgang van de uitvoering van het plan van aanpak van de betreffende fase, bedoeld in [artikel 6, derde, vierde of vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2023-04-01&g=2023-04-01).
1. De subsidieontvanger dient per kwartaal een verslag in bij de Minister over de voortgang van de uitvoering van het plan van aanpak van de betreffende fase, bedoeld in [artikel 6, derde, vierde of vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
2. In afwijking van het eerste lid kan de Minister toestaan dat de subsidieontvanger tweemaal per jaar een verslag indient, indien daarmee naar het oordeel van de Minister redelijkerwijze kan worden volstaan.
3. De subsidieontvanger treedt onmiddellijk in overleg met de Minister indien er sprake is van ontwikkelingen die kunnen leiden tot wezenlijke wijzigingen in het plan van aanpak of het tijdschema van de betreffende fase, bedoeld in [artikel 6, derde, vierde of vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2023-04-01&g=2023-04-01).
3. De subsidieontvanger treedt onmiddellijk in overleg met de Minister indien er sprake is van ontwikkelingen die kunnen leiden tot wezenlijke wijzigingen in het plan van aanpak of het tijdschema van de betreffende fase, bedoeld in [artikel 6, derde, vierde of vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
4. De subsidieontvanger informeert de Minister schriftelijk over het aanbestedingsresultaat uiterlijk zes weken na het sluiten van de overeenkomst die het resultaat is van de gunningsbeslissing.
@@ -296,7 +294,7 @@
- b. een overzicht van de uitbetaalde voorschotten; en
- c. een verzoek om indexering van het subsidiebedrag indien hij die indexering wil ontvangen, mits daartoe een verzoek is gedaan als bedoeld in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2023-04-01&g=2023-04-01).
- c. een verzoek om indexering van het subsidiebedrag indien hij die indexering wil ontvangen, mits daartoe een verzoek is gedaan als bedoeld in [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
3. Op gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger, ingediend binnen zes maanden na voltooiing van de fase waarop de subsidieverlening betrekking heeft, kan de in het eerste lid bedoelde termijn worden verlengd.
@@ -316,11 +314,11 @@
- f. wanneer de betaling plaatsvindt.
2. Indien bij de aanvraag tot subsidievaststelling een verzoek als bedoeld in [artikel 12, tweede lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2023-04-01&g=2023-04-01), is gedaan, wordt de indexering toegepast en is in het bedrag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, het bedrag van de indexering begrepen en wordt tevens vermeld hoe dat bedrag is berekend.
2. Indien bij de aanvraag tot subsidievaststelling een verzoek als bedoeld in [artikel 12, tweede lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2024-01-01&g=2024-01-01), is gedaan, wordt de indexering toegepast en is in het bedrag, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, het bedrag van de indexering begrepen en wordt tevens vermeld hoe dat bedrag is berekend.
##### Artikel 14. Hardheidsclausule
De Minister kan bij het vaststellen van de subsidie afwijken van [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01), of 5, tweede lid, voor zover toepassing daarvan, gelet op doel of strekking van deze bepalingen, voor de subsidieontvanger zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
De Minister kan bij het vaststellen van de subsidie afwijken van [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01), of 5, tweede lid, voor zover toepassing daarvan, gelet op doel of strekking van deze bepalingen, voor de subsidieontvanger zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
#### § 3. Subsidie voor experiment of demonstratieproject
@@ -338,25 +336,25 @@
- e. bij een experiment of demonstratieproject ten behoeve van een maatregel die betrekking heeft op een dijktraject en nodig is om een van de redenen, bedoeld in [artikel 7.24, eerst lid, onderdelen a of b, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=7.24):
- 1°. de signaleringswaarde van het dijktraject, bedoeld in [artikel 2.2, eerste lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.2), is overschreden, als het dijktraject niet is een dijktraject als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2023-04-01&g=2023-04-01), of
- 2°. de subsidiewaarde van het dijktraject is overschreden, als het dijktraject een dijktraject is als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2023-04-01&g=2023-04-01).
- 1°. de andere parameter voor signalering voor het dijktraject, bedoeld in [artikel 10.8c, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=10.8c), is overschreden, als het dijktraject niet is een dijktraject als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2024-01-01&g=2024-01-01), of
- 2°. de subsidiewaarde van het dijktraject is overschreden, als het dijktraject een dijktraject is als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2024-01-01&g=2024-01-01).
##### Artikel 16. Subsidieplafond en verdelingsregime
1. Het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) wordt vastgesteld door middel van de begroting van het deltafonds.
1. Het subsidieplafond voor subsidies als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) wordt vastgesteld door middel van de begroting van het deltafonds.
2. De verdeling van de beschikbare gelden vindt plaats overeenkomstig het subsidieprogramma van het betreffende kalenderjaar.
3. Subsidies als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) die worden verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34).
3. Subsidies als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) die worden verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34).
##### Artikel 17. Subsidiemaximum
Een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) wordt verleend voor honderd procent van de subsidiabele werkelijke kosten.
Een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) wordt verleend voor honderd procent van de subsidiabele werkelijke kosten.
##### Artikel 18. Subsidiabele en niet-subsidiabele kosten
1. Voor een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) komen in aanmerking de noodzakelijke, rechtstreeks aan de uitvoering van het experiment of demonstratieproject toe te rekenen kosten:
1. Voor een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) komen in aanmerking de noodzakelijke, rechtstreeks aan de uitvoering van het experiment of demonstratieproject toe te rekenen kosten:
- a. van voorbereiding, administratie en toezicht, inclusief de kosten van het verkrijgen van de voor het experiment of demonstratieproject benodigde vergunningen;
@@ -378,19 +376,19 @@
- a. kosten die door de beheerder van een primaire waterwerking worden gemaakt om het experiment of demonstratieproject te laten opnemen in het hoogwaterbeschermingsprogramma;
- b. kosten van bodemsanering die voor vergoeding in aanmerking komen op grond van het bepaalde bij of krachtens de [Wet bodembescherming](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003994);
- b. kosten van bodemsanering die voor vergoeding in aanmerking komen op grond van het bepaalde bij of krachtens de [Kaderwet subsidies I en M](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032789);
- c. kosten van de opruiming van explosieven die door een gemeente worden vergoed;
- d. kosten die voortkomen uit achterstallig onderhoud;
- e. kosten waarvoor een subsidie is verstrekt op basis van [paragraaf 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01) of [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&z=2023-04-01&g=2023-04-01) of [artikel 21a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21a&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- e. kosten waarvoor een subsidie is verstrekt op basis van [paragraaf 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) of [4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&z=2024-01-01&g=2024-01-01) of [artikel 21a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21a&z=2024-01-01&g=2024-01-01);
- f. kosten die de beheerder van een primaire waterkering op andere wijze vergoed kan krijgen.
##### Artikel 19. Aanvraag verlening subsidie
1. Een aanvraag tot verlening van een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) wordt door de beheerder van een primaire waterkering ingediend bij de Minister in het kalenderjaar waarin het experiment of demonstratieproject is opgenomen in het subsidieprogramma.
1. Een aanvraag tot verlening van een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) wordt door de beheerder van een primaire waterkering ingediend bij de Minister in het kalenderjaar waarin het experiment of demonstratieproject is opgenomen in het subsidieprogramma.
2. De in het eerste lid bedoelde aanvraag wordt ingediend voordat de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd zijn afgerond.
@@ -402,7 +400,7 @@
- –. informatie over de aard en omvang van het uit te voeren experiment of demonstratieproject en eventuele samenhang met initiatieven op andere beleidsterreinen;
- –. een beschrijving van de beoogde innovatie en van de wijze waarop die innovatie ertoe kan leiden dat wordt voldaan aan een norm als bedoeld in [artikel 2.2 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.2) of de krachtens [artikel 2.3 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.3) gestelde regels of krachtens [artikel 2.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.3) of [2.12, vierde lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.12) gestelde regels, zoals die luidden op 31 december 2016;
- –. een beschrijving van de beoogde innovatie en van de wijze waarop die innovatie ertoe kan leiden dat wordt voldaan aan een norm als bedoeld in de [artikelen 2.0c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=2.0c) en [10.8c, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=10.8c) of de krachtens [artikel 2.15, tweede en derde lid, van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=2.15) gestelde regels of krachtens [artikel 2.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.3) of [2.12, vierde lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.12) gestelde regels, zoals die luidden op 31 december 2016;
- –. een ontwerp en een beschrijving van de activiteiten ter uitvoering van het experiment of demonstratieproject;
@@ -420,31 +418,31 @@
##### Artikel 20. Subsidieverlening en subsidievaststelling
Op de verlening onderscheidenlijk de vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn de [artikelen 7, eerste en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2023-04-01&g=2023-04-01), onderscheidenlijk de [artikelen 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=13&z=2023-04-01&g=2023-04-01) van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
- a. in [artikel 7, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2023-04-01&g=2023-04-01), voor ‘reguliere subsidie voor een verkenning’ wordt gelezen ‘subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01)’ en voor ‘voorverkenning’ ‘vooronderzoek’;
- b. de beschikking tot verlening van de subsidie in aanvulling op het bepaalde in [artikel 8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2023-04-01&g=2023-04-01):
Op de verlening onderscheidenlijk de vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn de [artikelen 7, eerste en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01), onderscheidenlijk de [artikelen 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=13&z=2024-01-01&g=2024-01-01) van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
- a. in [artikel 7, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01), voor ‘reguliere subsidie voor een verkenning’ wordt gelezen ‘subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01)’ en voor ‘voorverkenning’ ‘vooronderzoek’;
- b. de beschikking tot verlening van de subsidie in aanvulling op het bepaalde in [artikel 8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01):
- 1°. een bepaling kan bevatten dat de omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend later kan worden uitgewerkt door de subsidieontvanger;
- 2°. een bepaling kan bevatten dat de omschrijving van de verplichtingen, bedoeld in de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2023-04-01&g=2023-04-01), voor de subsidieontvanger later kan worden uitgewerkt door de Minister;
- 2°. een bepaling kan bevatten dat de omschrijving van de verplichtingen, bedoeld in de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2024-01-01&g=2024-01-01), voor de subsidieontvanger later kan worden uitgewerkt door de Minister;
- 3°. een bepaling bevat dat de subsidie wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34), indien deze wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld;
- c. een aanvraag als bedoeld in [artikel 9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2023-04-01&g=2023-04-01), ter zake van het tweede of latere kalenderjaar niet in behandeling wordt genomen zolang het verantwoordingsverslag, bedoeld in [artikel 21, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2023-04-01&g=2023-04-01), niet is ingediend, uitgezonderd een experiment of demonstratieproject als bedoeld in artikel 21, tweede lid;
- d. de beheerder van een primaire waterkering in aanvulling op het bepaalde in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2023-04-01&g=2023-04-01):
- 1°. een financiële eindverantwoording verstrekt over de uitvoering van het experiment of demonstratieproject bestaande uit een overzicht van de gemaakte kosten waarbij onderscheid wordt gemaakt naar de kostensoorten, bedoeld in [artikel 18, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=18&z=2023-04-01&g=2023-04-01), en
- c. een aanvraag als bedoeld in [artikel 9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01), ter zake van het tweede of latere kalenderjaar niet in behandeling wordt genomen zolang het verantwoordingsverslag, bedoeld in [artikel 21, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2024-01-01&g=2024-01-01), niet is ingediend, uitgezonderd een experiment of demonstratieproject als bedoeld in artikel 21, tweede lid;
- d. de beheerder van een primaire waterkering in aanvulling op het bepaalde in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2024-01-01&g=2024-01-01):
- 1°. een financiële eindverantwoording verstrekt over de uitvoering van het experiment of demonstratieproject bestaande uit een overzicht van de gemaakte kosten waarbij onderscheid wordt gemaakt naar de kostensoorten, bedoeld in [artikel 18, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=18&z=2024-01-01&g=2024-01-01), en
- 2°. een verklaring verstrekt over de financiële eindverantwoording, afgegeven door een accountant als bedoeld in [artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003045&artikel=393), waaruit blijkt of het experiment of demonstratieproject is uitgevoerd overeenkomstig de beschikking tot subsidieverlening en waaruit blijkt dat de onder 1° bedoelde kosten zijn gemaakt, overeenkomstig het daartoe door de Minister bekendgemaakte controleprotocol.
##### Artikel 21
1. De ontvanger van een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01) dient gedurende de uitvoering van het experiment of demonstratieproject jaarlijks voor 1 juli bij de Minister een verantwoordingsverslag van de uitvoering van het experiment of demonstratieproject in het voorafgaande kalenderjaar in, dat ten minste bevat:
- a. een financiële verantwoording over het betreffende kalenderjaar waarbij onderscheid wordt gemaakt naar de kostensoorten, bedoeld in [artikel 18, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=18&z=2023-04-01&g=2023-04-01), en
1. De ontvanger van een subsidie als bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01) dient gedurende de uitvoering van het experiment of demonstratieproject jaarlijks voor 1 juli bij de Minister een verantwoordingsverslag van de uitvoering van het experiment of demonstratieproject in het voorafgaande kalenderjaar in, dat ten minste bevat:
- a. een financiële verantwoording over het betreffende kalenderjaar waarbij onderscheid wordt gemaakt naar de kostensoorten, bedoeld in [artikel 18, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=18&z=2024-01-01&g=2024-01-01), en
- b. een controleverklaring over het betreffende kalenderjaar, overeenkomstig het daartoe door de Minister bekendgemaakte controleprotocol.
@@ -464,23 +462,23 @@
- b. bij een maatregel die nodig is om een van de redenen, bedoeld in [artikel 7.24, eerste lid, onderdelen a of b, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=7.24):
- 1°. de signaleringswaarde van het dijktraject als bedoeld in [artikel 2.2, eerste lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.2) is overschreden, als het dijktraject niet is een dijktraject als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2023-04-01&g=2023-04-01), of
- 2°. de subsidiewaarde van het dijktraject is overschreden, als het dijktraject een dijktraject is als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2023-04-01&g=2023-04-01), en
- 1°. de andere parameter voor signalering voor het dijktraject, bedoeld in [artikel 10.8c, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=10.8c), is overschreden, als het dijktraject niet is een dijktraject als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2024-01-01&g=2024-01-01), of
- 2°. de subsidiewaarde van het dijktraject is overschreden, als het dijktraject een dijktraject is als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2024-01-01&g=2024-01-01), en
- c. de betreffende maatregel is opgenomen in de voorfinancieringslijst zoals deze luidt in het jaar van aanvraag.
2. De subsidie wordt betaald op 1 maart van het kalenderjaar of de kalenderjaren waarin de maatregel is gepland in het hoogwaterbeschermingsprogramma, zoals dit luidt in het kalenderjaar waarin de subsidieaanvraag plaatsvindt.
3. In afwijking van het tweede lid kan de Minister de subsidie geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip betalen. De betaling vindt plaats op basis van de netto contante waarde van het betreffende deel van het subsidiebedrag, waarbij een rentevoet van nul procent wordt gehanteerd. De verdeling van de volgens de begroting beschikbare middelen voor eerdere betaling vindt plaats aan de hand van de data van betaling die zijn vermeld in de beschikkingen waarin de subsidies met toepassing van [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=24&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn vastgesteld. Hierbij heeft een termijn met een eerdere datum van betaling voorrang op een termijn met een latere datum. Wordt in twee of meer beschikkingen eenzelfde datum van betaling vermeld, dan vindt de betaling plaats in de volgorde van de dagtekeningen van de vaststellingsbeschikkingen.
3. In afwijking van het tweede lid kan de Minister de subsidie geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip betalen. De betaling vindt plaats op basis van de netto contante waarde van het betreffende deel van het subsidiebedrag, waarbij een rentevoet van nul procent wordt gehanteerd. De verdeling van de volgens de begroting beschikbare middelen voor eerdere betaling vindt plaats aan de hand van de data van betaling die zijn vermeld in de beschikkingen waarin de subsidies met toepassing van [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=24&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn vastgesteld. Hierbij heeft een termijn met een eerdere datum van betaling voorrang op een termijn met een latere datum. Wordt in twee of meer beschikkingen eenzelfde datum van betaling vermeld, dan vindt de betaling plaats in de volgorde van de dagtekeningen van de vaststellingsbeschikkingen.
4. Subsidies als bedoeld in het eerste lid, worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34).
5. De [artikelen 2 tot en met 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [10 tot en met 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de rentekosten van een maatregel die in het hoogwaterbeschermingsprogramma is vermeld als maatregel die wordt voorgefinancierd door de beheerder, niet in aanmerking komen voor subsidie.
5. De [artikelen 2 tot en met 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [10 tot en met 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=14&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de rentekosten van een maatregel die in het hoogwaterbeschermingsprogramma is vermeld als maatregel die wordt voorgefinancierd door de beheerder, niet in aanmerking komen voor subsidie.
##### Artikel 23. Beschikking tot subsidieverlening
Naast het bepaalde in de [artikelen 4:30](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:30) en [4:31 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:31) bevat de beschikking tot verlening van een subsidie als bedoeld in [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2023-04-01&g=2023-04-01):
Naast het bepaalde in de [artikelen 4:30](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:30) en [4:31 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:31) bevat de beschikking tot verlening van een subsidie als bedoeld in [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2024-01-01&g=2024-01-01):
- a. een omschrijving van de resultaten waartoe de betreffende fase moet leiden;
@@ -488,13 +486,13 @@
- c. een bepaling dat de subsidie wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34);
- d. een vermelding van de datum of data waarop de betaling overeenkomstig [artikel 22, tweede lid en derde lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2023-04-01&g=2023-04-01), uiterlijk plaatsvindt, en
- e. een bepaling dat de Minister krachtens [artikel 22, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2023-04-01&g=2023-04-01), de vordering geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip kan betalen.
- d. een vermelding van de datum of data waarop de betaling overeenkomstig [artikel 22, tweede lid en derde lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2024-01-01&g=2024-01-01), uiterlijk plaatsvindt, en
- e. een bepaling dat de Minister krachtens [artikel 22, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2024-01-01&g=2024-01-01), de vordering geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip kan betalen.
##### Artikel 24. Beschikking tot vaststelling subsidie
Een beschikking tot vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2023-04-01&g=2023-04-01) vermeldt:
Een beschikking tot vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2024-01-01&g=2024-01-01) vermeldt:
- a. de dagtekening en het nummer van de beschikking tot subsidieverlening;
@@ -504,115 +502,23 @@
- d. het te betalen bedrag;
- e. de datum of data waarop de betaling overeenkomstig [artikel 22, tweede lid en derde lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2023-04-01&g=2023-04-01), uiterlijk plaatsvindt, en
- f. dat de Minister krachtens [artikel 22, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2023-04-01&g=2023-04-01), de vordering geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip kan betalen.
- e. de datum of data waarop de betaling overeenkomstig [artikel 22, tweede lid en derde lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2024-01-01&g=2024-01-01), uiterlijk plaatsvindt, en
- f. dat de Minister krachtens [artikel 22, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=4&artikel=22&z=2024-01-01&g=2024-01-01), de vordering geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip kan betalen.
#### § 5. Subsidie voor activiteiten die zijn voltooid voor 1 april 2014
##### Artikel 25. Subsidie bij voor 1 januari 2017 voltooide activiteiten
1. De Minister stelt op aanvraag van de beheerder die om een van de redenen, bedoeld in [artikel 7.24, eerste lid, onderdelen a of b, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=7.24) een maatregel dient te treffen, een subsidie vast voor activiteiten in de verkenningsfase, de planuitwerkingsfase of de realisatiefase, indien:
- a. de signaleringswaarde van het dijktraject, bedoeld in [artikel 2.2, eerste lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.2), is overschreden, als het dijktraject niet is een dijktraject als bedoeld in artikel 14b, eerste lid, of de subsidiewaarde van het dijktraject is overschreden, als de maatregel betrekking heeft op een dijktraject als bedoeld in [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- b. de maatregel is opgenomen in het hoogwaterbeschermingsprogramma;
- c. de activiteiten zijn voltooid voor 1 januari 2017, en
- d. de betreffende maatregel is opgenomen in de voorfinancieringslijst zoals deze luidt in het jaar van aanvraag.
2. De subsidie wordt betaald op 1 maart van het kalenderjaar of de kalenderjaren waarin de maatregel is gepland in het hoogwaterbeschermingsprogramma, zoals dit luidt in het kalenderjaar waarin de subsidievaststelling plaatsvindt.
3. In afwijking van het tweede lid kan de Minister de subsidie geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip betalen. De betaling vindt plaats op basis van de netto contante waarde van het betreffende deel van het subsidiebedrag, waarbij een rentevoet van nul procent wordt gehanteerd. De verdeling van de volgens de begroting beschikbare middelen voor eerdere betaling vindt plaats aan de hand van de data van betaling die zijn vermeld in de beschikkingen waarin de subsidies met toepassing van [artikel 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=5&artikel=27&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn vastgesteld. Hierbij heeft een termijn met een eerdere datum van betaling voorrang op een termijn met een latere datum. Wordt in twee of meer beschikkingen eenzelfde datum van betaling vermeld, dan vindt de betaling plaats in de volgorde van de dagtekeningen van de vaststellingsbeschikkingen.
4. De [artikelen 2 tot en met 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [7, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2023-04-01&g=2023-04-01), zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de rentekosten van een maatregel die in het hoogwaterbeschermingsprogramma is vermeld als maatregel die wordt voorgefinancierd door de beheerder niet in aanmerking komen voor subsidie.
Vervallen
##### Artikel 26. Aanvraag tot vaststelling subsidie
1. De beheerder dient voor 1 juli 2018 per fase een aanvraag tot vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=5&artikel=25&z=2023-04-01&g=2023-04-01) in bij de Minister.
2. Betreffende de verkenningsfase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een beschrijving van:
- –. de aard, omvang en urgentie van de te nemen maatregel en eventuele samenhang met initiatieven op andere beleidsterreinen;
- –. mogelijke ontwerpen van de maatregel en van de wijze waarop de voorkeursbeslissing is geselecteerd;
- –. de voorkeursbeslissing;
- –. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, en
- –. de betrokkenheid van de provincie waarin de maatregel dient te worden getroffen wanneer dit aan de orde is vanwege de ruimtelijke relevantie;
- b. een eindverantwoording over de in deze fase behaalde resultaten;
- c. een voorafgaand aan de verkenningsfase volgens de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018 opgestelde raming van de aan die fase toe te rekenen subsidiabele kosten, overeenkomstig [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- d. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten van de verkenningsfase is gedekt;
- e. een raming van de subsidiabele kosten die aan de planuitwerkingsfase onderscheidenlijk de realisatiefase zijn toe te rekenen, waarbij de kosten per te behalen resultaat worden onderbouwd en inzichtelijk wordt gemaakt op welke wijze het niet-subsidiabele deel van de kosten wordt gedekt;
- f. een tijdschema en de geplande datum van voltooiing van de planuitwerkingsfase en de realisatiefase conform de Project Planning Infrastructuur-methodiek, en
- g. het bedrag waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
3. Betreffende de planuitwerkingsfase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een eindverantwoording over de in de verkenningsfase behaalde resultaten;
- b. een eindverantwoording over de in de planuitwerkingsfase behaalde resultaten;
- c. het door Gedeputeerde Staten goedgekeurde projectplan dan wel het vastgestelde inpassingsplan;
- d. een beschrijving van:
- –. de marktbenadering;
- –. de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
- e. een voorafgaand aan de planuitwerkingsfase volgens de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018 opgestelde raming van de aan die fase toe te rekenen subsidiabele kosten, overeenkomstig [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- f. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten van de planuitwerkingsfase is gedekt;
- g. een raming van de subsidiabele kosten die zijn toe te rekenen aan de realisatiefase conform de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018, overeenkomstig [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- h. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten van de realisatiefase wordt gedekt;
- i. een tijdschema en de geplande datum van voltooiing van de realisatiefase conform de Project Planning Infrastructuur-methodiek, en
- j. het bedrag waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
4. Betreffende de realisatiefase gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. een eindverantwoording over de in de planuitwerkingsfase behaalde resultaten;
- b. een eindverantwoording over de in de realisatiefase behaalde resultaten;
- c. een beschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
- d. een voorafgaand aan de realisatiefase volgens de Standaardsystematiek Kostenramingen 2018 opgestelde raming van de aan die fase toe te rekenen subsidiabele kosten, overeenkomstig [artikel 5, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01);
- e. een beschrijving van de wijze waarop het niet-subsidiabele deel van de kosten van de realisatiefase is gedekt;
- f. het aanbestedingsresultaat na de gunningsbeslissing van de aanbesteding van het werk, en
- g. het bedrag waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
Vervallen
##### Artikel 27. Beschikking tot vaststelling subsidie
Naast het bepaalde in [artikel 4:43, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:43) vermeldt een beschikking tot vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=5&artikel=25&z=2023-04-01&g=2023-04-01):
- a. het bedrag van de vastgestelde subsidie voor de betreffende fase en de wijze waarop deze is berekend;
- b. een specificatie van de gesubsidieerde kosten;
- c. het te betalen bedrag;
- d. de datum of data waarop de betaling overeenkomstig [artikel 25, tweede lid en derde lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=5&artikel=25&z=2023-04-01&g=2023-04-01), uiterlijk plaatsvindt, en
- e. dat de Minister krachtens [artikel 25, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=5&artikel=25&z=2023-04-01&g=2023-04-01), de vordering geheel of gedeeltelijk op een eerder tijdstip kan betalen.
Vervallen
#### § 6. Slotbepalingen
@@ -632,7 +538,7 @@
##### Artikel 14a. Subsidie voor voorverkenning
1. In afwijking van [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2023-04-01&g=2023-04-01), kan de beheerder voor een maatregel die zich in de verkenningsfase bevindt, een aanvraag indienen voor verlening van een reguliere subsidie voor een voorverkenning, indien de voorverkenning in het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt, is opgenomen in het subsidieprogramma.
1. In afwijking van [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01), kan de beheerder voor een maatregel die zich in de verkenningsfase bevindt, een aanvraag indienen voor verlening van een reguliere subsidie voor een voorverkenning, indien de voorverkenning in het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt, is opgenomen in het subsidieprogramma.
2. In aanmerking voor reguliere subsidie komen de rechtstreeks aan de voorverkenning toe te rekenen kosten van:
@@ -672,13 +578,13 @@
- f. het bedrag waarvoor de reguliere subsidie wordt aangevraagd.
5. De [artikelen 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [6, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [7, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2023-04-01&g=2023-04-01), en [8 tot en met 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
5. De [artikelen 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=5&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [6, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [7, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01), en [8 tot en met 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
#### § 2a. Subsidie indien de signaleringswaarde van een dijktraject die is vastgesteld in [bijlage II van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&bijlage=II) gelijk is aan de ondergrens van het dijktraject die is vastgesteld in [bijlage III van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&bijlage=III)
##### Artikel 14b. Subsidie indien signaleringswaarde gelijk is aan ondergrens
1. In de bij deze subsidieregeling behorende bijlage wordt voor elk dijktraject waarvan de signaleringswaarde, bedoeld in [artikel 2.2, eerste lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.2), gelijk is aan de ondergrens, bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Waterwet, een subsidiewaarde vastgesteld. De subsidiewaarde wordt uitgedrukt in een overstromingskans per jaar.
##### Artikel 14b. Subsidie indien de andere parameter voor signalering gelijk is aan omgevingswaarde
1. In de bij deze subsidieregeling behorende bijlage wordt voor elk dijktraject waarvan de andere parameter voor signalering, bedoeld in [artikel 10.8c, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=10.8c), gelijk is aan de omgevingswaarde, bedoeld in [artikel 2.0c, eerste en tweede lid, van dat besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=2.0c), een subsidiewaarde vastgesteld. De subsidiewaarde wordt uitgedrukt in een overstromingskans per jaar.
2. De Minister verleent op aanvraag een subsidie aan de beheerder van een dijktraject als bedoeld in het eerste lid, indien:
@@ -688,13 +594,13 @@
- c. de maatregel voor het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt is opgenomen in het subsidieprogramma.
3. De [artikelen 2 tot en met 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
3. De [artikelen 2 tot en met 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
#### § 3. Subsidie voor experiment of demonstratieproject
##### Artikel 21a. Subsidie voor vooronderzoek
1. De Minister kan op aanvraag een subsidie verstrekken aan een beheerder van een primaire waterkering voor een vooronderzoek, indien is voldaan aan de voorwaarden genoemd in [artikel 15, onderdelen a, c, d en e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2023-04-01&g=2023-04-01), en het vooronderzoek in het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt, is opgenomen in het subsidieprogramma.
1. De Minister kan op aanvraag een subsidie verstrekken aan een beheerder van een primaire waterkering voor een vooronderzoek, indien is voldaan aan de voorwaarden genoemd in [artikel 15, onderdelen a, c, d en e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=15&z=2024-01-01&g=2024-01-01), en het vooronderzoek in het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt, is opgenomen in het subsidieprogramma.
2. In aanmerking voor subsidie komen de noodzakelijke, rechtstreeks aan het vooronderzoek toe te rekenen kosten van:
@@ -720,7 +626,7 @@
- –. informatie over de aard en omvang van het uit te voeren experiment of demonstratieproject en eventuele samenhang met initiatieven op andere beleidsterreinen;
- –. een beschrijving van de beoogde innovatie en van de wijze waarop die innovatie ertoe kan leiden dat wordt voldaan aan een norm als bedoeld in [artikel 2.2 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.2) of de krachtens [artikel 2.3 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.3) gestelde regels of de krachtens artikel 2.3 of [2.12, vierde lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.12) gestelde regels, zoals die luidden op 31 december 2016;
- –. een beschrijving van de beoogde innovatie en van de wijze waarop die innovatie ertoe kan leiden dat wordt voldaan aan een norm als bedoeld in de [artikelen 2.0c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=2.0c) en [10.8c, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=10.8c) of de krachtens [artikel 2.15, tweede en derde lid, van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=2.15) gestelde regels of de krachtens [artikel 2.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.3) of [2.12, vierde lid, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.12) gestelde regels, zoals die luidden op 31 december 2016;
- –. een omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
@@ -740,21 +646,21 @@
##### Artikel 21b. Subsidieverlening en subsidievaststelling
Op de verlening onderscheidenlijk de vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 21a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21a&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn de [artikelen 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=16&z=2023-04-01&g=2023-04-01), [17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=17&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2023-04-01&g=2023-04-01) onderscheidenlijk [12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=13&z=2023-04-01&g=2023-04-01) van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
- a. de beschikking tot verlening van de subsidie in aanvulling op [artikel 8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2023-04-01&g=2023-04-01):
Op de verlening onderscheidenlijk de vaststelling van een subsidie als bedoeld in [artikel 21a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21a&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn de [artikelen 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=7&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=16&z=2024-01-01&g=2024-01-01), [17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=17&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2024-01-01&g=2024-01-01) onderscheidenlijk [12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=13&z=2024-01-01&g=2024-01-01) van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
- a. de beschikking tot verlening van de subsidie in aanvulling op [artikel 8, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=8&z=2024-01-01&g=2024-01-01):
- 1°. een bepaling kan bevatten dat de omschrijving van de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend later kan worden uitgewerkt door de subsidieontvanger;
- 2°. een bepaling kan bevatten dat de omschrijving van de verplichtingen, bedoeld in de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2023-04-01&g=2023-04-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2023-04-01&g=2023-04-01), voor de subsidieontvanger later kan worden uitgewerkt door de Minister;
- 2°. een bepaling kan bevatten dat de omschrijving van de verplichtingen, bedoeld in de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=10&z=2024-01-01&g=2024-01-01) en [21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2024-01-01&g=2024-01-01), voor de subsidieontvanger later kan worden uitgewerkt door de Minister;
- 3°. een bepaling bevat dat de subsidie wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in [artikel 4:34 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=4:34), indien deze wordt verleend ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld;
- b. een aanvraag als bedoeld in [artikel 9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2023-04-01&g=2023-04-01), ter zake van het tweede of latere kalenderjaar niet in behandeling wordt genomen zolang het verantwoordingsverslag, bedoeld in [artikel 21, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2023-04-01&g=2023-04-01), niet is ingediend, uitgezonderd een experiment of demonstratieproject als bedoeld in artikel 21, tweede lid;
- c. de beheerder van een primaire waterkering in aanvulling op [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2023-04-01&g=2023-04-01):
- 1°. een financiële eindverantwoording verstrekt over de uitvoering van het vooronderzoek bestaande uit een overzicht van de gemaakte kosten waarbij onderscheid wordt gemaakt naar de kostensoorten, bedoeld in [artikel 21a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21a&z=2023-04-01&g=2023-04-01), en
- b. een aanvraag als bedoeld in [artikel 9, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=9&z=2024-01-01&g=2024-01-01), ter zake van het tweede of latere kalenderjaar niet in behandeling wordt genomen zolang het verantwoordingsverslag, bedoeld in [artikel 21, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21&z=2024-01-01&g=2024-01-01), niet is ingediend, uitgezonderd een experiment of demonstratieproject als bedoeld in artikel 21, tweede lid;
- c. de beheerder van een primaire waterkering in aanvulling op [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=12&z=2024-01-01&g=2024-01-01):
- 1°. een financiële eindverantwoording verstrekt over de uitvoering van het vooronderzoek bestaande uit een overzicht van de gemaakte kosten waarbij onderscheid wordt gemaakt naar de kostensoorten, bedoeld in [artikel 21a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=3&artikel=21a&z=2024-01-01&g=2024-01-01), en
- 2°. een verklaring verstrekt over de financiële eindverantwoording, afgegeven door een accountant als bedoeld in [artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003045&artikel=393), waaruit blijkt of het vooronderzoek is uitgevoerd overeenkomstig de beschikking tot subsidieverlening en waaruit blijkt dat de onder 1° bedoelde kosten zijn gemaakt, overeenkomstig het daartoe door de Minister bekendgemaakte controleprotocol.
@@ -764,13 +670,13 @@
##### Artikel 24a. Subsidie voor andere dan primaire waterkeringen
1. De Minister verleent op aanvraag een subsidie voor het treffen van een maatregel aan de beheerder van een segment van een andere dan een primaire waterkering, dat vermeld wordt in [bijlage VI van het Waterbesluit](onbekend), indien:
- a. het segment niet voldoet aan de krachtens [artikel 2.4 van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=2.4) door provinciale staten voor het segment vastgestelde veiligheidsnorm, en
1. De Minister verleent op aanvraag een subsidie voor het treffen van een maatregel aan de beheerder van een segment van een andere dan een primaire waterkering, dat vermeld wordt in [bijlage VI van het Waterbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0026872&bijlage=VI), indien:
- a. het segment niet voldoet aan de krachtens [artikel 2.13, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=2.13) door provinciale staten voor het segment vastgestelde veiligheidsnorm, en
- b. de maatregel in het kalenderjaar waarin de subsidie wordt verstrekt is opgenomen in het subsidieprogramma.
2. De [artikelen 2 tot en met 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2023-04-01&g=2023-04-01) zijn van overeenkomstige toepassing.
2. De [artikelen 2 tot en met 14a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=2&z=2024-01-01&g=2024-01-01) zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in [artikel 6, vijfde lid, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01), moet worden gelezen een door Gedeputeerde Staten goedgekeurd projectbesluit dan wel een door de beheerder vastgestelde omgevingsvergunning voor een beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot het wijzigen van een waterstaatswerk.
#### § 5. Subsidie voor activiteiten die zijn voltooid voor 1 januari 2017 ten behoeve van maatregelen die nodig zijn om een van de redenen, bedoeld in [artikel 7.24, eerste lid, onderdelen a of b, van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&artikel=7.24)
@@ -810,9 +716,9 @@
##### Artikel 6a. Indexering reguliere subsidies
De indexering, bedoeld in [artikel 6, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2023-04-01&g=2023-04-01), geschiedt volgens de Index Bruto Overheidsinvesteringen, zoals toegepast door de Minister van Financiën in de Voorjaarsnota, indien toepassing plaatsvindt op de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en wordt berekend tot de datum van de voltooiing van de desbetreffende fase.
#### § 2a. Subsidie indien de signaleringswaarde van een dijktraject die is vastgesteld in [bijlage II van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&bijlage=II) gelijk is aan de ondergrens van het dijktraject die is vastgesteld in [bijlage III van de Waterwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0025458&bijlage=III)
De indexering, bedoeld in [artikel 6, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2&artikel=6&z=2024-01-01&g=2024-01-01), geschiedt volgens de Index Bruto Overheidsinvesteringen, zoals toegepast door de Minister van Financiën in de Voorjaarsnota, indien toepassing plaatsvindt op de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en wordt berekend tot de datum van de voltooiing van de desbetreffende fase.
#### § 2a. Subsidie indien de andere parameter voor signalering voor een dijktraject die is vastgesteld in [bijlage II, onder B, kolom 6 of 7, bij het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&bijlage=II) gelijk is aan de omgevingswaarde voor het dijktraject die is vastgesteld in bijlage II, onder B, kolom 1 of 2, bij dat besluit
#### § 3. Subsidie voor experiment of demonstratieproject
@@ -824,7 +730,7 @@
#### § 6. Slotbepalingen
## Bijlage. behorend bij [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2023-04-01&g=2023-04-01), van de Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014
## Bijlage. behorend bij [artikel 14b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0034922&paragraaf=2a&artikel=14b&z=2024-01-01&g=2024-01-01), van de Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014
| Traject | Subsidiewaarde |
| --- | --- |
2023-04-01
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014 — arts. 10, 14, 16 y 3 más
2021-04-01
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014
2017-12-15
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014 — arts. 5, 10, 14 y 4 más
2017-10-26
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014 — arts. 5, 5, 10 y 13 más
2017-01-01
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014
2014-04-01
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014 — arts. 1, 1, 2 y 33 más
2014-04-01
Regeling subsidies hoogwaterbescherming 2014
original version Tekst op deze datum