Besluit van 3 juli 2018, houdende regels over activiteiten in de fysieke leefomgeving (Besluit activiteiten leefomgeving)

Type AMvB
Publication 2026-07-11
Laatst bijgewerkt 2026-07-14
State In force
Source BWB
artikelen 3321
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
  • a. het exploiteren van een ippc-installatie voor het looien van huiden, bedoeld in categorie 6.3 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies;
  • b. het exploiteren van een ippc-installatie voor het conserveren van hout en houtproducten met chemische stoffen, bedoeld in categorie 6.10 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies;
  • c. het maken van papierstof, papierpulp, papier of karton;
  • d. het ontharen en looien van huiden;
  • e. het conserveren van hout of houtproducten met chemische stoffen;
  • f. het coaten van planten of delen van planten; en
  • g. het maken van producten van papier, karton, hout, textiel of leer.
2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing valt niet een activiteit als bedoeld in paragraaf 3.3.9.

4.

Onder de aanwijzing vallen niet de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onder c tot en met g, als deze alleen worden verricht:

  • a. tijdens het verrichten van een bouwactiviteit of sloopactiviteit of het aanleggen, wijzigen of verwijderen van een weg;
  • b. bij een huishouden of bij het uitoefenen van beroep of bedrijf aan huis;
  • c. voor educatieve doelen;
  • d. als onderdeel van bosbouw of natuurbeheer; of
  • e. tijdens het maken, onderhouden, repareren en behandelen van de scheepshuid van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 3.4.11.
Artikel 3.123. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: ippc-installatie)
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.122, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie voor:

  • a. het looien van huiden, bedoeld in categorie 6.3 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies; of
  • b. het conserveren van hout en houtproducten met chemische stoffen, bedoeld in categorie 6.10 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies.
2.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen op een oppervlaktewaterlichaam van afvalwater afkomstig van de milieubelastende activiteiten, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3.124. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: conserveren hout)
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.122, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het conserveren van hout of houtproducten met behulp van chemische stoffen.

2.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen op een oppervlaktewaterlichaam van afvalwater afkomstig van de milieubelastende activiteit, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3.125. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: andere milieubelastende installatie)
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.122, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor:

  • a. het maken van papierstof, papier of karton;
  • b. het looien van huiden; of
  • c. het voorbehandelen of verven van vezels of textiel.
2.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen op een oppervlaktewaterlichaam van afvalwater afkomstig van de milieubelastende activiteiten, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3.126. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteiten, bedoeld in artikel 3.122, en lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij worden verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • b. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • h. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Ook wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het eindonderzoek bodem, bedoeld in paragraaf 5.2.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie;
  • b. PRTR, bedoeld in paragraaf 5.3.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie voor een activiteit als bedoeld in categorie 6.3 of 6.10 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies of het exploiteren van een PRTR-installatie voor het maken van multiplex of andere primaire houtproducten;
Artikel 3.127. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van een activiteit als bedoeld in artikel 3.122 worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.4.8. Voedingsmiddelenindustrie

Artikel 3.128. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 worden aangewezen:

  • a. het exploiteren van een ippc-installatie voor het slachten van dieren, het bewerken en verwerken van dierlijke of plantaardige grondstoffen voor het maken van levensmiddelen of voeder of het bewerken en verwerken van alleen melk, bedoeld in categorie 6.4 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies;
  • b. het slachten van meer dan 10.000 kg levend gewicht aan dieren per week;
  • c. het maken en bewerken van dierlijke of plantaardige oliën of vetten;
  • d. het maken en bewerken van voedingsmiddelen voor landbouwhuisdieren of dieren die worden gehouden voor hun pels; en
  • e. het met een stookinstallatie met een nominaal thermisch ingangsvermogen van meer dan 100 kW of met een oven met een aansluitwaarde van meer dan 100 kW maken van:
  • 1°. zetmeel of suiker;
  • 2°. vismeel of visolie; of
  • 3°. levensmiddelen of voeder.
2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing vallen niet de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onder c tot en met e, als deze alleen worden verricht:

  • a. bij een huishouden of bij het uitoefenen van beroep of bedrijf aan huis;
  • b. voor educatieve doelen; of
  • c. voor eigen landbouwhuisdieren bij een veehouderij.
Artikel 3.129. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: ippc-installatie)
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.128, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie voor het slachten van dieren, het bewerken en verwerken van dierlijke of plantaardige grondstoffen voor het maken van levensmiddelen of voeder of het bewerken en verwerken van alleen melk, bedoeld in categorie 6.4 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies.

2.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen op een oppervlaktewaterlichaam van afvalwater afkomstig van de milieubelastende activiteit, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3.130. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: andere milieubelastende installatie)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.128, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor:

  • a. het maken van dierlijke of plantaardige oliën en vetten;
  • b. het maken van conserven van dierlijke en plantaardige producten;
  • c. het maken van zuivel;
  • d. het brouwen van bier of het mouten;
  • e. het maken van siroop of suikerwaren;
  • f. het slachten van dieren;
  • g. het maken van zetmeel;
  • h. het maken van vismeel of visolie; of
  • i. het maken van suiker.
Artikel 3.131. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: voedingsmiddelen voor landbouwhuisdieren of dieren die worden gehouden voor hun pels)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.128, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het maken of bewerken van voedingsmiddelen voor landbouwhuisdieren of dieren die worden gehouden voor hun pels.

Artikel 3.132. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteiten, bedoeld in artikel 3.128, en lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij worden verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • g. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Bij het verrichten van de activiteiten wordt ook voldaan aan de regels over het lozen van koelwater, bedoeld in paragraaf 4.110, als de activiteiten niet als vergunningplichtig zijn aangewezen in dit hoofdstuk.

3.

Ook wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het eindonderzoek bodem, bedoeld in paragraaf 5.2.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie;
  • b. PRTR, bedoeld in paragraaf 5.3.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie voor een activiteit als bedoeld in categorie 6.4 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies;
Artikel 3.133. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van een activiteit als bedoeld in artikel 3.128 worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.4.9. Rubberindustrie en kunststofindustrie

Artikel 3.134. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 worden aangewezen:

  • a. het exploiteren van een ippc-installatie voor het behandelen van het oppervlak van metalen of kunststoffen door een elektrolytisch of chemisch procedé, bedoeld in categorie 2.6 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies, als het oppervlak van kunststoffen wordt behandeld;
  • b. het blazen, expanderen en schuimen van kunststof met een blaasmiddel anders dan lucht, kooldioxide of stikstof;
  • c. het verwerken van elastomeren;
  • d. het verwerken van polyesterhars, waarbij 1 kg of meer organische peroxiden van ADR-klasse 5.2 aanwezig is; en
  • e. het maken van producten van kunststof.
2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing vallen niet de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onder b tot en met e, als deze alleen worden verricht:

  • a. tijdens het verrichten van een bouwactiviteit of sloopactiviteit of het aanleggen, wijzigen of verwijderen van een weg;
  • b. bij een huishouden of bij het uitoefenen van beroep of bedrijf aan huis;
  • c. voor educatieve doelen; of
  • d. tijdens het maken, onderhouden, repareren en behandelen van de scheepshuid van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 3.4.11.
Artikel 3.135. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: ippc-installatie)
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.134, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie voor het behandelen van het oppervlak van metalen of kunststoffen door een elektrolytisch of chemisch procedé, bedoeld in categorie 2.6 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies.

2.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen op een oppervlaktewaterlichaam van afvalwater afkomstig van de milieubelastende activiteit, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3.136. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: blazen, expanderen of schuimen van kunststof)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.134, voor zover het gaat om het blazen, expanderen of schuimen van kunststof met een blaasmiddel anders dan lucht, kooldioxide of stikstof.

Artikel 3.137. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen: andere milieubelastende installatie)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.134, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor:

  • a. het behandelen van het oppervlak van kunststof met een elektrolytisch of chemisch procedé; of
  • b. het maken of behandelen van producten op basis van elastomeren.
Artikel 3.138. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteiten, bedoeld in artikel 3.134, en lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij worden verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • b. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • c. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • e. het verwerken van thermoplastisch kunststof, bedoeld in paragraaf 4.26;
  • j. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • l. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Bij het verrichten van de activiteiten wordt ook voldaan aan de regels over het lozen van koelwater, bedoeld in paragraaf 4.110, als de activiteiten niet als vergunningplichtig zijn aangewezen in dit hoofdstuk.

3.

Ook wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het eindonderzoek bodem, bedoeld in paragraaf 5.2.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie;
  • b. PRTR, bedoeld in paragraaf 5.3.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie voor een activiteit als bedoeld in categorie 2.6 van bijlage I bij de richtlijn industriële emissies;
Artikel 3.139. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van een activiteit als bedoeld in artikel 3.134 worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.4.10. Grafische industrie

Artikel 3.140. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het bedrukken van materialen met zeefdruk, vellenoffset, rotatieoffset, illustratiediepdruk of flexografie.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat bedrukken functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing valt niet het bedrukken van materialen met zeefdruk, vellenoffset, rotatieoffset, illustratiediepdruk of flexografie alleen:

  • a. bij een huishouden of bij het uitoefenen van beroep of bedrijf aan huis; of
  • b. voor educatieve doelen.
Artikel 3.141. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen van koelwater met een warmtevracht van meer dan 50 MW, afkomstig van de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 3.140.

Artikel 3.142. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.140, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • b. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • c. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • h. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Bij het verrichten van de activiteiten wordt ook voldaan aan de regels over het lozen van koelwater, bedoeld in paragraaf 4.110, als de activiteiten niet als vergunningplichtig zijn aangewezen in dit hoofdstuk.

3.

Ook wordt voldaan aan de regels over:

  • b. zeer zorgwekkende stoffen, bedoeld in paragraaf 5.4.3, voor zover de activiteiten als vergunningplichtig zijn aangewezen in artikel 3.141.
Artikel 3.143. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.140, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.4.11. Scheepswerven

Artikel 3.144. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 worden aangewezen:

  • a. het maken van vaartuigen of drijvende werktuigen;
  • b. het onderhouden, repareren en schoonmaken van vaartuigen of drijvende werktuigen, als dat geheel of gedeeltelijk op de wal of in een drijvend dok gebeurt; en
  • c. het behandelen van de scheepshuid van vaartuigen of drijvende werktuigen om te voorkomen dat organismen zich onder het wateroppervlak daaraan vasthechten.
2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat maken, onderhouden, repareren, schoonmaken of behandelen functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing vallen niet de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, als deze alleen worden verricht bij een huishouden of bij het uitoefenen van beroep of bedrijf aan huis.

Artikel 3.145. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen)
1.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.144, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor:

  • a. het maken van metalen pleziervaartuigen met een langs de waterlijn te meten lengte van ten minste 25 m; of
  • b. het maken, onderhouden, repareren, schoonmaken of behandelen van de scheepshuid van vaartuigen of drijvende werktuigen, anders dan pleziervaartuigen.
2.

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen op een oppervlaktewaterlichaam van afvalwater afkomstig van de milieubelastende activiteiten, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 3.146. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteiten, bedoeld in artikel 3.144, en lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij worden verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • e. het mechanisch en thermisch bewerken van metalen, bedoeld in paragraaf 4.18;
  • f. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • g. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • h. het onderhouden en repareren van verbrandingsmotoren, gemotoriseerde voertuigen, vliegtuigen, vaartuigen of werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.22;
  • i. het proefdraaien van verbrandingsmotoren, bedoeld in paragraaf 4.23;
  • j. het schoonmaken van pleziervaartuigen, bedoeld in paragraaf 4.24;
  • k. het verwerken van thermoplastisch kunststof, bedoeld in paragraaf 4.26;
  • p. het kleinschalig tanken van vaartuigen of drijvende werktuigen met brandstoffen, bedoeld in paragraaf 4.42;
  • q. het grootschalig tanken van vaartuigen of drijvende werktuigen met brandstoffen, bedoeld in paragraaf 4.43;
  • r. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • t. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Ook wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het eindonderzoek bodem, bedoeld in paragraaf 5.2.1, voor zover het gaat om het exploiteren van een ippc-installatie;
  • b. PRTR, bedoeld in paragraaf 5.3.1, voor zover het gaat om het maken, het verven of het verwijderen van verf van vaartuigen of drijvende werktuigen van ten minste 100 m lang;
  • d. zeer zorgwekkende stoffen, bedoeld in paragraaf 5.4.3, voor zover de activiteiten als vergunningplichtig zijn aangewezen in artikel 3.145;
  • f. geluid op industrieterreinen, bedoeld in paragraaf 5.4.5, voor zover de activiteit als vergunningplichtig is aangewezen in artikel 3.145.
Artikel 3.147. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van een activiteit als bedoeld in artikel 3.144 worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.4.12. Andere industrie

Artikel 3.148. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het maken van materialen, eindproducten of halffabrikaten met:

  • a. een stookinstallatie met een nominaal thermisch ingangsvermogen van meer dan 400 kW;
  • b. een koelinstallatie met meer dan 300 kg koudemiddel; of
  • c. een oplosmiddeleninstallatie.
2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat maken functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing valt niet een activiteit als bedoeld in de paragrafen 3.4.4 tot en met 3.4.11.

Artikel 3.149. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen van koelwater met een warmtevracht van meer dan 50 MW, afkomstig van de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 3.148.

Artikel 3.150. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.148, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • c. het mechanisch en thermisch bewerken van metalen, bedoeld in paragraaf 4.18;
  • e. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • f. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • j. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • l. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Bij het verrichten van de activiteiten wordt ook voldaan aan de regels over het lozen van koelwater, bedoeld in paragraaf 4.110, als de activiteiten niet als vergunningplichtig zijn aangewezen in dit hoofdstuk.

3.

Ook wordt voldaan aan de regels over verduurzaming van het energiegebruik, bedoeld in paragraaf 5.4.1.

Artikel 3.151. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.148, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

Afdeling 3.5. Afvalbeheer

§ 3.5.1. Autodemontagebedrijf en tweewielerdemontagebedrijf

Artikel 3.152. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het demonteren van ingezamelde of afgegeven autowrakken of wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat demonteren functioneel ondersteunen.

3.

Onder de aanwijzing vallen niet:

  • a. het demonteren van accessoires van een autowrak of wrak van een tweewielig gemotoriseerd voertuig bij een activiteit als bedoeld in paragraaf 3.8.4; en
  • b. het demonteren van autowrakken of wrakken van tweewielige gemotoriseerde voertuigen bij een instelling voor oefendoeleinden en opleidingsdoeleinden.
Artikel 3.153. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 3.152, voor zover het gaat om het opslaan van metaalschroot of autowrakken.

Artikel 3.154. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.152, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • c. het mechanisch en thermisch bewerken van metalen, bedoeld in paragraaf 4.18;
  • d. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • e. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • f. het proefdraaien van verbrandingsmotoren, bedoeld in paragraaf 4.23;
  • j. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • l. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Ook wordt voldaan aan de regels over verduurzaming van het energiegebruik, bedoeld in paragraaf 5.4.1.

Artikel 3.155. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.152, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.5.2. Kringloopbedrijf en bedrijf voor reparatie van gebruikte producten

Artikel 3.156. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het voorbereiden voor hergebruik van ingezamelde of afgegeven afvalstoffen.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat voorbereiden functioneel ondersteunen.

Artikel 3.157. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.156, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • e. het mechanisch en thermisch bewerken van metalen, bedoeld in paragraaf 4.18;
  • g. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • h. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • i. het onderhouden en repareren van verbrandingsmotoren, gemotoriseerde voertuigen, vliegtuigen, vaartuigen of werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.22;
  • l. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101; en
2.

Ook wordt voldaan aan de regels over verduurzaming van het energiegebruik, bedoeld in paragraaf 5.4.1.

Artikel 3.158. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.156, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.5.3. Rubberrecyclingbedrijf en kunststofrecyclingbedrijf

Artikel 3.159. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het voorbehandelen van ingezameld of afgegeven rubberafval of kunststofafval voor verdere recycling.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat voorbehandelen functioneel ondersteunen.

Artikel 3.160. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam te verrichten, geldt voor het lozen van koelwater met een warmtevracht van meer dan 50 MW, afkomstig van de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 3.159.

Artikel 3.161. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.159, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • b. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • c. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • d. het verwerken van thermoplastisch kunststof, bedoeld in paragraaf 4.26;
  • g. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • i. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Bij het verrichten van de activiteiten wordt ook voldaan aan de regels over het lozen van koelwater, bedoeld in paragraaf 4.110, als de activiteiten niet als vergunningplichtig zijn aangewezen in dit hoofdstuk.

3.

Ook wordt voldaan aan de regels over verduurzaming van het energiegebruik, bedoeld in paragraaf 5.4.1.

Artikel 3.162. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.159, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.5.4. Metaalrecyclingbedrijf

Artikel 3.163. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het voorbehandelen van ingezameld of afgegeven metaalafval voor verdere recycling.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat voorbehandelen functioneel ondersteunen.

Artikel 3.164. (aanwijzing vergunningplichtige gevallen)

Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de wet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 3.163, voor zover het gaat om het opslaan van metaalschroot of autowrakken.

Artikel 3.165. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.163, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • e. het mechanisch en thermisch bewerken van metalen, bedoeld in paragraaf 4.18;
  • f. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • g. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • k. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • m. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Bij het verrichten van de activiteiten wordt ook voldaan aan de regels over het lozen van koelwater, bedoeld in paragraaf 4.110, als de activiteiten niet als vergunningplichtig zijn aangewezen in dit hoofdstuk.

3.

Ook wordt voldaan aan de regels over verduurzaming van het energiegebruik, bedoeld in paragraaf 5.4.1.

Artikel 3.166. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.163, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.5.5. Recyclingbedrijven voor papier, karton, textiel, glas, hout of puin

Artikel 3.167. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het voorbehandelen van ingezameld of afgegeven papierafval, kartonafval, textielafval, glasafval, puinafval of houtafval, voor verdere recycling.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat voorbehandelen functioneel ondersteunen.

Artikel 3.168. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.167, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • b. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • c. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;
  • f. het vullen van gasflessen met propaan of butaan, bedoeld in paragraaf 4.101;
  • h. het laden en lossen van vaartuigen of drijvende werktuigen, bedoeld in paragraaf 4.107.
2.

Ook wordt voldaan aan de regels over verduurzaming van het energiegebruik, bedoeld in paragraaf 5.4.1.

Artikel 3.169. (gegevens en bescheiden)
1.

Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in artikel 3.167, worden aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, gegevens en bescheiden verstrekt over:

  • a. de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en
  • b. de verwachte datum van het begin van de activiteit.
2.

Ten minste vier weken voordat de begrenzing wijzigt, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.

§ 3.5.6. Milieustraat

Artikel 3.170. (aanwijzing milieubelastende activiteiten)
1.

Als milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 2.1 wordt aangewezen het bieden van gelegenheid om op een daarvoor ingerichte locatie afvalstoffen af te geven, als dat in ieder geval het afgeven van grove huishoudelijke afvalstoffen door particuliere huishoudens omvat.

2.

De aanwijzing omvat ook andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie die dat bieden van gelegenheid functioneel ondersteunen.

Artikel 3.171. (algemene regels)
1.

Bij het verrichten van de activiteit, bedoeld in artikel 3.170, en een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam die daarbij wordt verricht, wordt voldaan aan de regels over:

  • a. het mechanisch en thermisch bewerken van metalen, bedoeld in paragraaf 4.18;
  • c. het mechanisch bewerken van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.20;
  • d. het reinigen, lijmen en coaten van diverse materialen, bedoeld in paragraaf 4.21;

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)