Wijzigingsgeschiedenis

Regeling Artistic & Design Research for Immersive Experiences 2025-2029

3 versions · 2025-04-01 — 2026-03-26
2026-03-26
Regeling Artistic & Design Research for Immersive Experiences 2025-2029
2025-04-09
Regeling Artistic & Design Research for Immersive Experiences 2025-2029
2025-04-01
Regeling Artistic & Design Research for Immersive Experiences 2025-2
original version Tekst op deze datum

Wijzigingen op 2026-03-26

@@ -8,13 +8,13 @@
##### Artikel 1. Begrippen
- 1). **aanvraagronde 1A:** op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 1A van Artistic & Design Research for Immersive Experiences (ADRIE) door een consortium subsidie worden aangevraagd voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma.
- 2). **aanvraagronde 1B:** op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 1B van Artistic & Design Research for Immersive Experiences (ADRIE) door een consortium subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van een tweejarig activiteitenprogramma door een consortium. Deze aanvraagronde staat uitsluitend open voor aanvragen namens een consortium door een hoofdaanvrager waarvan een aanvraag is toegekend in aanvraagronde 1A.
- 3). **accountantsverklaring:** Een verklaring van een accountant als bedoeld in [artikel 393, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003045&artikel=393). In de verklaring doet de accountant een uitspraak over de naleving van de subsidiebepalingen door de subsidieontvanger overeenkomstig de controleprotocollen gepubliceerd op de website [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl) met gebruikmaking van de daarbij opgenomen modellen voor accountantsverklaringen.
- 4). **activiteit:** Een in het activiteitenprogramma opgenomen activiteit die bijdraagt aan de versterking van het Nederlandse IX-werkveld middels ontwikkeling van nieuwe IX-producties, de doorontwikkeling van bestaande IX-producties, de distributie van IX-producties, publiekspresentaties, onderzoeksactiviteiten en activiteiten t.b.v. debat, context, kennisontwikkeling en kennisdeling.
- 1). **aanvraagronde 2A:** op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2A van Artistic & Design Research for Immersive Experiences (ADRIE) door een consortium subsidie worden aangevraagd voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma.
- 2). **aanvraagronde 2B:** op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2B van Artistic & Design Research for Immersive Experiences (ADRIE) door een consortium subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van een tweejarig activiteitenprogramma door een consortium. Deze aanvraagronde staat uitsluitend open voor aanvragen namens een consortium door een hoofdaanvrager waarvan een aanvraag is toegekend in aanvraagronde 2A.
- 3). **accountantscontroleverklaring:** Een controleverklaring van een accountant als bedoeld in [artikel 393, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0003045&artikel=393). In de verklaring doet de accountant een uitspraak over de naleving van de subsidiebepalingen door de subsidieontvanger overeenkomstig de controleprotocollen gepubliceerd op de website [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl) met gebruikmaking van de daarbij opgenomen modellen voor accountantsverklaringen.
- 4). **activiteit:** Een in het activiteitenprogramma opgenomen activiteit die bijdraagt aan de versterking van het Nederlandse IX-werkveld middels ontwikkeling van nieuwe IX-producties, de doorontwikkeling van bestaande IX-producties, de distributie van IX-producties, publiekspresentaties, onderzoeksactiviteiten en activiteiten t.b.v. debat, context, kennisontwikkeling en/of kennisdeling.
- 5). **activiteitenprogramma:** Een reeks van met elkaar samenhangende activiteiten (zoals beschreven in lid 4) van consortia die gespreid over de looptijd van twee kalenderjaren worden uitgevoerd. De onderdelen kunnen verschillen in opzet en uitvoering, maar dragen gezamenlijk bij aan de missie en doelstellingen van consortia.
@@ -30,11 +30,11 @@
- 11). **bestuur:** De directeur-bestuurder van het Stimuleringsfonds, als bedoeld in artikel 5 van de statuten.
- 12). **CIIIC:** Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC) is het resultaat van een gehonoreerde aanvraag van het Ministerie van OCW bij het Nationaal Groeifonds. De CIIIC-programma's worden uitgevoerd door RVO, TNO, NWO en het Stimuleringsfonds.
- 12). **CIIIC:** Creative Industries Immersive Impact Coalition (CIIIC) is het Nationaal Groeifonds-programma van het Ministerie van OCW op het gebied van Immersive Experiences (IX). De CIIIC-programma’s worden uitgevoerd door RVO, TNO, NWO/SIA en het Stimuleringsfonds.
- 13). **cofinanciering:** Aanvullende financiering voor het activiteitenprogramma in de vorm van bijvoorbeeld een andere subsidie, sponsoring, investeringen, eigen inkomsten uit bijvoorbeeld kaartverkoop of bijdrage van een externe partij, naast de gevraagde subsidie van het Stimuleringsfonds.
- 14). **consortium:** Een samenwerkingsverband dat voldoet aan de in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2025-04-09&g=2025-04-09) van deze regeling gestelde eisen.
- 14). **consortium:** Een samenwerkingsverband dat voldoet aan de in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2026-03-26&g=2026-03-26) van deze regeling gestelde eisen.
- 15). **creatieve industrie:** Het werkterrein van de disciplines vormgeving, architectuur, digitale cultuur – inclusief het IX-werkveld – en mogelijke cross-overs tussen deze disciplines.
@@ -46,9 +46,9 @@
- 19). **immersieve ervaringen / IX:** Producties op het snijvlak van storytelling, kunst en technologie waarbij zowel in beeld als geluid sprake is van immersie en vaak ook van interactie. Hieronder vallen onder andere virtual reality (VR), augmented reality (AR), mixed reality (MR), virtuele werelden en fysieke omgevingen die inspelen op de zintuiglijke ervaring van de gebruiker. De producties kunnen zich manifesteren in de vorm van onder meer installaties en performances.
- 20). **intentieverklaring:** Verklaring tussen de deelnemers (hoofdaanvrager en mede-aanvragers) in het consortium waarin de intentie voor deelneming aan het activiteitenprogramma kenbaar is gemaakt.
- 21). **internationale partner:** In het buitenland gevestigde organisaties in het culturele- en mediadomein, makers, producenten en universitaire onderwijsinstellingen gericht op het aanbieden van universitair onderwijs. Het kan hier zowel gaan om natuurlijke personen als om rechtspersonen.
- 20). **intentieverklaring:** Verklaring tussen de hoofdaanvrager en de mede-aanvragers en partners in het consortium waarin de intentie voor deelneming aan het consortium en/of samenwerking in het activiteitenprogramma kenbaar is gemaakt.
- 21). **internationale of overige partner:** Partners zijn partijen die geen hoofdaanvrager of mede-aanvrager zijn in een aanvraag, maar die wel een samenwerking aangaan met het consortium. Een overige partner is een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde partner. Een internationale partner is buiten het Koninkrijk der Nederlanden gevestigd.
- 22). **Koninkrijk:** Het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit de landen Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
@@ -62,9 +62,9 @@
- 27). **producent:** Een natuurlijk persoon, rechtspersoon of personenvennootschap die op continue basis bedrijfsactiviteiten ontplooit met als hoofddoel de productie en exploitatie van IX-producties en/of audiovisuele producties (ook bekend als productiemaatschappij).
- 28). **publieke waarden binnen IX:** publieke waarden beschrijven wat in de samenleving waardevol wordt gevonden. De te definiëren publieke waarden in relatie tot IX zullen worden gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl).
- 29). **samenwerkingsovereenkomst:** Overeenkomst tussen de deelnemers in het consortium waarin in ieder geval afspraken over de onderlinge verdeling van de werkzaamheden, de wijze waarop de besluitvorming plaatsvindt, afspraken over de intellectuele eigendomsrechten die ontstaan, de wijze waarop de op grond van deze regeling verstrekte subsidie door de hoofdaanvrager wordt beschikbaar gesteld aan mede-aanvragers en internationale partners, de wijze waarop de kosten en risico’s worden gedeeld en de wijze waarop de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen is geborgd (incl. afspraken over aansprakelijkheidsstelling).
- 28). **publieke waarden binnen IX:** De deelnemers aan het consortium dienen publieke waarden te waarborgen in het activiteitenprogramma middels de **Richtlijn en Zelftoets Publieke Waarden binnen IX**. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl) op de datum waarop het subsidietijdvak van de betreffende aanvraagronde wordt opengesteld.
- 29). **samenwerkingsovereenkomst:** Overeenkomst tussen de deelnemers in het consortium waarin in ieder geval afspraken over de onderlinge verdeling van de werkzaamheden, de wijze waarop de besluitvorming plaatsvindt, afspraken over de intellectuele eigendomsrechten die ontstaan, de wijze waarop de op grond van deze regeling verstrekte subsidie door de hoofdaanvrager wordt beschikbaar gesteld aan mede-aanvragers en partners, de wijze waarop de kosten en risico’s worden gedeeld en de wijze waarop de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen is geborgd (incl. afspraken over aansprakelijkheidsstelling).
- 30). **Stimuleringsfonds:** De stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie.
@@ -108,63 +108,63 @@
##### Artikel 5. Subsidie
1). Op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 1A door een consortium subsidie worden aangevraagd voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma.
2). Op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 1B door een consortium subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van een tweejarig activiteitenprogramma door een consortium. Deze aanvraagronde staat uitsluitend open voor aanvragen namens een consortium door een hoofdaanvrager waarvan een aanvraag is toegekend in aanvraagronde 1A.
1). Op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2A door een consortium subsidie worden aangevraagd voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma.
2). Op grond van deze regeling kan in aanvraagronde 2B door een consortium subsidie worden aangevraagd voor de uitvoering van een tweejarig activiteitenprogramma door een consortium. Deze aanvraagronde staat uitsluitend open voor aanvragen namens een consortium door een hoofdaanvrager waarvan een aanvraag is toegekend in aanvraagronde 1B.
##### Artikel 6. Indienen aanvraag
1). Een subsidieaanvraag op grond van deze regeling dient te worden ingediend binnen het subsidietijdvak behorende bij de betreffende aanvraagronde.
- a). Het bestuur heeft vastgesteld dat het subsidietijdvak voor aanvraagronde 1A opent op 6 mei 2025 om 10:00 CEST en sluit op 23 mei 2025 om 17:00 CEST.
- b). Het bestuur heeft vastgesteld dat het subsidietijdvak voor aanvraagronde 1B opent op 6 oktober 2025 om 10:00 CEST en sluit op 7 november 2025 om 17:00 CET.
2). Het bestuur heeft een maximum vastgesteld voor het aantal aanvragen dat in behandeling kan worden genomen:
- a). een totaal van 60 aanvragen kan in behandeling worden genomen in aanvraagronde 1A en binnen het betreffende subsidietijdvak;
- b). een totaal van 5 aanvragen kan in behandeling worden genomen in aanvraagronde 1B en binnen het betreffende subsidietijdvak.
- a. het bestuur heeft vastgesteld dat het subsidietijdvak voor aanvraagronde 2A opent op 30 maart 2026 om 15:00 CE(S)T en sluit op 8 april 2026 om 16:00 CE(S)T;
- b. het bestuur heeft vastgesteld dat het subsidietijdvak voor aanvraagronde 2B opent op 1 oktober 2026 om 15:00 CE(S)T en sluit op 30 oktober 2026 om 16:00 CE(S)T.
2). Het bestuur heeft een maximum vastgesteld voor het aantal aanvragen dat in behandeling kan worden genomen
- a. een totaal van 50 aanvragen kan in behandeling worden genomen in aanvraagronde 2A en binnen het betreffende subsidietijdvak;
- b. een totaal van 5 aanvragen kan in behandeling worden genomen in aanvraagronde 2B en binnen het betreffende subsidietijdvak.
3). Aanvragen worden door de hoofdaanvrager ingediend via de [aanvraagomgeving](https://aanvragen.stimuleringsfonds.nl/) van het Stimuleringsfonds.
4). De hoofdaanvrager maakt voor het indienen van een aanvraag gebruik van het daarvoor beschikbaar gestelde aanvraagformulier in de [aanvraagomgeving](https://aanvragen.stimuleringsfonds.nl/) van het Stimuleringsfonds.
5). Aanvragen worden – in lijn met de internationale dimensie van het IX-werkveld en omwille van een internationale adviescommissie – bij voorkeur in de Engelse taal opgesteld.
5). Aanvragen worden – in lijn met de internationale dimensie van het IX-werkveld en omwille van een internationale adviescommissie – bij voorkeur in de Engelse taal opgesteld. In het geval dat er documenten in het Nederlands worden ingediend, zal het Fonds – na ontvangst van een schriftelijk akkoord van de aanvrager – een Engelse vertaling van deze documenten ter beschikking stellen aan de adviescommissie.
6). De hoofdaanvrager dient de aanvraag uiterlijk in op de datum genoemd in het onder het in lid 1 gepubliceerde subsidietijdvak.
7). Het bestuur wijst een aanvraag af als de aanvraag niet binnen het betreffende subsidietijdvak is ingediend.
8). Aanvragen worden getoetst op volgorde van binnenkomst. Hierbij geldt het moment dat de aanvraag volledig is op basis van [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
9). Aanvragen die voldoen aan de ingangseisen in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2025-04-09&g=2025-04-09) en de voorwaarden in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2025-04-09&g=2025-04-09) worden gerangschikt tot het moment dat het maximumaantal aanvragen voor de aanvraagronde wordt bereikt.
10). Aanvragen die later zijn ingediend dan de aanvraag waarmee het maximumaantal van de aanvraagronde is bereikt, worden niet in behandeling genomen.
8). Aanvragen worden getoetst op volgorde van binnenkomst. Hierbij geldt het moment dat de aanvraag volledig is op basis van [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
9). Aanvragen die voldoen aan de ingangseisen in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-03-26&g=2026-03-26) en de voorwaarden in [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-03-26&g=2026-03-26) worden gerangschikt tot het moment dat het maximumaantal aanvragen voor de aanvraagronde wordt bereikt.
10). Aanvragen die later zijn ingediend dan de aanvraag waarmee het maximumaantal van de aanvraagronde is bereikt, worden afgewezen.
11). Het bestuur kan, als het maximumaantal aanvragen voor de aanvraagronde is bereikt, het subsidietijdvak eerder sluiten dan als bedoeld in lid 1 van dit artikel. Het bestuur doet van de eerdere sluiting mededeling via [www.stimuleringsfonds.nl](https://www.stimuleringsfonds.nl/).
12). Het bestuur wijst aanvragen af die niet voldoen aan de criteria vermeld in [artikelen 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2025-04-09&g=2025-04-09), [8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2025-04-09&g=2025-04-09) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2025-04-09&g=2025-04-09) van de regeling.
12). Het bestuur wijst aanvragen af die niet voldoen aan de criteria vermeld in [artikelen 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-03-26&g=2026-03-26), [8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-03-26&g=2026-03-26) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2026-03-26&g=2026-03-26) van de regeling.
13). Eventueel nieuw te publiceren ADRIE-aanvraagrondes worden, met verwijzing naar deze regeling, separaat gepubliceerd in de Staatscourant.
##### Artikel 7. Ingangseisen
1). Alleen aanvragen die voldoen aan de volgende eisen kunnen in aanvraagronde 1A in behandeling worden genomen:
- a). Het consortium voldoet aan de in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2025-04-09&g=2025-04-09) gestelde eisen;
- b). De op grond van [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2025-04-09&g=2025-04-09) vereiste in het Koninkrijk gevestigde deelnemers aan het consortium staan ingeschreven in het Handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel of bij een van de Handelsregisters die vallen binnen het Koninkrijk;
1). Alleen aanvragen die voldoen aan de volgende eisen kunnen in aanvraagronde 2A in behandeling worden genomen:
- a). Het consortium voldoet aan de in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2026-03-26&g=2026-03-26) gestelde eisen;
- b). De op grond van [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2026-03-26&g=2026-03-26) vereiste in het Koninkrijk gevestigde deelnemers aan het consortium staan ingeschreven in het Handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel of bij een van de Handelsregisters die vallen binnen het Koninkrijk;
- c). De hoofdaanvrager is ten tijde van de aanvraag minimaal twee jaar onafgebroken gevestigd en actief geweest in het Koninkrijk;
- d). De aanvraag sluit aan op de taakopvatting van het Stimuleringsfonds zoals verwoord in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2025-04-09&g=2025-04-09) en past binnen de reikwijdte en doelstellingen zoals verwoord in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2025-04-09&g=2025-04-09);
- d). De aanvraag sluit aan op de taakopvatting van het Stimuleringsfonds zoals verwoord in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2026-03-26&g=2026-03-26) en past binnen de reikwijdte en doelstellingen zoals verwoord in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2026-03-26&g=2026-03-26);
- e). Er is sprake van een – naar oordeel van het bestuur – goed onderbouwde subsidiebehoefte;
- f). De aanvraag dient aan te sluiten op één of meerdere subthema’s van de **CIIIC Innovatie Agenda**. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl/)op de datum waarop het subsidietijdvak wordt opengesteld;
- g). De deelnemers aan het consortium dienen publieke waarden te waarborgen in het activiteitenprogramma middels de **Richtlijn en Zelftoets Publieke Waarden binnen IX.**De geldende versie zal worden gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl/). Deelnemers van het consortium dienen voor een aanvraag in aanvraagronde 1A te verklaren dat zij voldoen aan de daarin genoemde minimale voorwaarden;
- g). De deelnemers aan het consortium dienen publieke waarden te waarborgen in het activiteitenprogramma middels de **Richtlijn en Zelftoets Publieke Waarden binnen IX**. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl) op de datum waarop het subsidietijdvak wordt opengesteld. Deelnemers van het consortium dienen voor een aanvraag in aanvraagronde 2A te verklaren dat zij voldoen aan de daarin genoemde minimale voorwaarden;
- h). De deelnemers aan het consortium onderschrijven de culturele codes:
@@ -174,11 +174,11 @@
- iii). [Governance Code Cultuur](https://bij.cultuur-ondernemen.nl/governance-code-cultuur/principe/introductie).
2). Alleen aanvragen die voldoen aan de volgende eisen kunnen in aanvraagronde 1B in behandeling worden genomen:
- a). Aan de hoofdaanvrager is subsidie verleend voor het opstellen van een activiteitenprogramma in aanvraagronde 1A;
- b). De aanvraag sluit aan op de taakopvatting van het Stimuleringsfonds zoals verwoord in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2025-04-09&g=2025-04-09) en past binnen de reikwijdte en doelstellingen zoals verwoord in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2025-04-09&g=2025-04-09);
2). Alleen aanvragen die voldoen aan de volgende eisen kunnen in aanvraagronde 2B in behandeling worden genomen:
- a). Aan de hoofdaanvrager is subsidie verleend voor het opstellen van een activiteitenprogramma in aanvraagronde 2A;
- b). De aanvraag sluit aan op de taakopvatting van het Stimuleringsfonds zoals verwoord in [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=2&z=2026-03-26&g=2026-03-26) en past binnen de reikwijdte en doelstellingen zoals verwoord in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=3&z=2026-03-26&g=2026-03-26);
- c). Met de uitvoering van een activiteitenprogramma wordt niet eerder gestart dan na de beschikkingsdatum en niet later dan twaalf weken na de beschikkingsdatum;
@@ -186,7 +186,7 @@
- e). De aanvraag dient aan te sluiten op één of meerdere subthema’s van de **CIIIC Innovatie Agenda**. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl/)op de datum waarop het subsidietijdvak wordt opengesteld;
- f). De deelnemers aan het consortium dienen publieke waarden te waarborgen in het activiteitenprogramma middels de **Richtlijn en Zelftoets Publieke Waarden binnen IX.**De geldende versie van het document zal worden gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl.](http://www.stimuleringsfonds.nl/) Deelnemers van het consortium dienen voor een aanvraag in aanvraagronde 1B de daarin opgenomen zelftoets in te vullen en aan te leveren, waarin zij beargumenteren in hoeverre ze met het activiteitenprogramma voldoen aan de publieke waarden;
- f). De deelnemers aan het consortium dienen publieke waarden te waarborgen in het activiteitenprogramma middels de Richtlijn en Zelftoets Publieke Waarden binnen IX. Hierbij geldt de versie zoals gepubliceerd op [www.stimuleringsfonds.nl](http://www.stimuleringsfonds.nl) op de datum waarop het subsidietijdvak wordt opengesteld Deelnemers van het consortium dienen voor een aanvraag in aanvraagronde 2B de daarin opgenomen zelftoets in te vullen en aan te leveren;
- g). De deelnemers aan het consortium passen de culturele codes toe:
@@ -200,9 +200,9 @@
1). Er wordt geen subsidie verleend aan of voor:
- a). het opstellen van een activiteitenprogramma of het uitvoeren van een activiteitenprogramma waarvoor opnieuw subsidie wordt aangevraagd na een (gedeeltelijke) afwijzing, zonder dat de aanvrager nieuwe feiten of gewijzigde omstandigheden benoemt;
- b). het opstellen of uitvoeren van een activiteitenprogramma waarvoor subsidie wordt aangevraagd, is verleend, of waarmee wordt deelgenomen aan een CIIIC-regeling van NWO, TNO, RVO of CLICKNL;
- a). het opstellen van een activiteitenprogramma waarvoor in aanvraagronde 2A opnieuw subsidie wordt aangevraagd na een (gedeeltelijke) afwijzing, zonder dat de aanvrager nieuwe feiten of gewijzigde omstandigheden benoemt;
- b). activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, is verleend, of waarmee wordt deelgenomen aan een CIIIC-regeling van NWO, TNO, RVO of CLICKNL;
- c). de kosten van Postdoc en PhD-promovendi die uit een beurs bekostigd kunnen worden;
@@ -218,11 +218,11 @@
- i). een aanvrager die lid is van de adviescommissie die aanvragen voor de betreffende subsidie beoordeelt.
2). Van de subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma mag maximaal € 100.000 worden besteed aan activiteiten van internationale partners;
3). Van de subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma mag maximaal € 50.000 worden besteed aan de kosten van dienstverlening door publieke en private organisaties en bedrijven uit de andere sectoren (bijv. consultancy, technologie, gezondheidszorg, entertainment, etc.);
4). Van de subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma is maximaal € 80.000 subsidiabel voor de investering in voor de uitvoering van het activiteitenprogramma noodzakelijke apparatuur. Voor de bepaling van de subsidiabele kosten moet de eventuele restwaarde worden afgetrokken van de aanschafprijs. Voor de bepaling van de restwaarde van speciaal voor de uitvoering van het activiteitenprogramma aangeschafte apparatuur geldt als hoofdregel dat de restwaarde wordt bepaald op basis van een lineaire afschrijving met een (minimale) afschrijvingstermijn van 5 jaar;
2). Van de subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma mag maximaal € 100.000 worden besteed aan activiteiten van internationale en overige partners;
3). Van de subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma mag maximaal € 50.000 worden besteed aan de kosten van dienstverlening door publieke en private organisaties en bedrijven uit de andere sectoren (bijvoorbeeld consultancy, technologie, gezondheidszorg).
4). Van de subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma is maximaal € 80.000 subsidiabel voor de investering in voor de uitvoering van het activiteitenprogramma noodzakelijke apparatuur. Voor de bepaling van de subsidiabele kosten van aanschaf van apparatuur dient te worden gekeken naar de jaarlijkse lineaire afschrijving. Deze wordt bepaald op basis van de berekening: aanschafprijs – restwaarde ÷ afschrijvingstermijn in aantal jaren (met een minimum van 5 jaar). Voor de bepaling van de subsidiabele kosten van financial lease dient te worden gekeken naar de jaarlijkse kosten.
5). In aanvulling op lid 1, 2, 3 en 4 van dit artikel toetst het Stimuleringsfonds een aanvraag aan de volgende punten:
@@ -240,81 +240,81 @@
##### Artikel 9. Consortium, hoofdaanvrager, mede-aanvragers en partners
1). De aanvraag wordt namens het consortium ingediend door, verleend aan en verantwoord door de hoofdaanvrager, zoals beschreven onder [artikel 1 lid 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2025-04-09&g=2025-04-09). Op de hoofdaanvrager rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke partij feitelijk is belast met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende activiteiten;
1). De aanvraag wordt namens het consortium ingediend door, verleend aan en verantwoord door de hoofdaanvrager, zoals beschreven onder [artikel 1 lid 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2026-03-26&g=2026-03-26). Op de hoofdaanvrager rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke partij feitelijk is belast met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende activiteiten;
2). Het consortium bestaat uit minimaal drie in het Koninkrijk gevestigde deelnemers (de hoofdaanvrager en mede-aanvragers), waarbij geldt dat de volgende drie kerngroepen in het consortium vertegenwoordigd dienen te zijn:
- a). makers en ontwerpers (individueel of als makerscollectief) van IX-projecten en IX-producenten in het culturele- en mediadomein. Zowel de rol van maker als producent moet in het consortium vertegenwoordigd zijn. Zie ook [artikel 11 lid 2.d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=11&z=2025-04-09&g=2025-04-09);
- b). organisaties in het culturele- en mediadomein die:
- i). ontwikkeling en/of presentatie faciliteren van IX-producties;
- ii). publiek en/of participanten bereiken voor het ervaren van IX-producties;
- iii). inhoudelijk debat en context faciliteren over IX; en
- iv). een bijdrage leveren aan het artistiek en ontwerpend onderzoek (als opdrachtgever of vanuit een onderzoeksfunctie geborgd in de organisatie).
- c). onderzoekers werkzaam bij een hogeschool of universiteit die op een integrale, praktijkgerichte en mogelijk ook fundamentele wijze theoretische en praktische kennis, methodieken en gereedschappen inbrengen en toepassen in het artistiek en ontwerpend onderzoek. Waar mogelijk wordt door deze onderzoekers aansluiting gezocht met het mbo om het activiteitenprogramma toegankelijker te maken en de koppeling met de praktijk te versterken.
3). Het consortium betreft een tijdelijk samenwerkingsverband tussen minimaal drie deelnemers beschreven onder lid 2, die elkaar aanvullen in kennis en werkwijze en voornemens zijn op inhoudelijk gelijkwaardige wijze een activiteitenprogramma uit te voeren. Dit dient kenbaar gemaakt te worden in de samenwerkingsovereenkomsten als beschreven onder [artikel 1 lid 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
4). Er kunnen één of meerdere partijen optreden als internationale partner van het consortium als beschreven onder [artikel 1 lid 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2025-04-09&g=2025-04-09) die een bijdrage leveren aan de doelstellingen van het consortium en het activiteitenprogramma als omschreven in de aanvraag zoals vermeld in [artikel 10 lid 2 en lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
5). Deelnemers (hoofdaanvragers en mede-aanvragers) en internationale partners mogen onderdeel zijn van meerdere consortia waarvoor een aanvraag wordt ingediend op grond van deze regeling, mits zij de noodzaak hiervan – en het onderscheid tussen de deelname in de verschillende consortia – voldoende onderbouwd hebben in de aanvraag.
6). Activiteiten van hogescholen en universiteiten die plaatsvinden in het kader van een studie, opleiding, postdoc of PhD kunnen onderdeel zijn van een activiteitenprogramma, mits het genereren van praktijkgerichte, fundamentele c.q. toegepaste kennis en de onderzoeksmethodiek aansluit op de doelstellingen van het consortium als omschreven in de aanvraag zoals vermeld in [artikel 10 lid 2 en lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
- a). makers en ontwerpers (individueel of als makerscollectief) van IX-projecten en IX-producenten in het culturele- en mediadomein. Zowel de rol van maker als producent moet in het consortium vertegenwoordigd zijn. Zie ook [artikel 11 lid 2.d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=11&z=2026-03-26&g=2026-03-26);
- b). organisaties in het culturele- en mediadomein die ervaring hebben in minstens twee van de onderstaande functies en de ambitie hebben om in het tweejarige activiteitenprogramma alle onderstaande functies te vervullen:
- I. ontwikkeling en/of presentatie faciliteren van IX-producties;
- II. publiek en/of participanten bereiken voor het ervaren van IX-producties;
- III. inhoudelijk debat en context faciliteren over IX; en
- IV. een bijdrage leveren aan het artistiek en ontwerpend onderzoek (als opdrachtgever of vanuit een onderzoeksfunctie geborgd in de organisatie).
- c). onderzoekers werkzaam bij een hogeschool of universiteit die op een integrale, praktijkgerichte en mogelijk ook fundamentele wijze theoretische en praktische kennis, methodieken en gereedschappen inbrengen en toepassen in het artistiek en ontwerpend onderzoek. Waar mogelijk wordt door deze onderzoekers aansluiting gezocht met het mbo om het activiteitenprogramma toegankelijker te maken en de koppeling met de praktijk te versterken. Een hogeschool of universiteit kan optreden als mede-aanvrager namens onderzoeker(s).
3). Het consortium betreft een tijdelijk samenwerkingsverband tussen minimaal drie deelnemers beschreven onder lid 2, die elkaar aanvullen in kennis en werkwijze en voornemens zijn op inhoudelijk gelijkwaardige wijze een activiteitenprogramma uit te voeren. Dit dient kenbaar gemaakt te worden in de samenwerkingsovereenkomsten als beschreven onder [artikel 1 lid 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
4). Er kunnen één of meerdere partijen optreden als internationale of overige partner van het consortium als beschreven onder [artikel 1 lid 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2026-03-26&g=2026-03-26) die een bijdrage leveren aan de doelstellingen van het consortium en het activiteitenprogramma als omschreven in de aanvraag zoals vermeld in [artikel 10 lid 2 en lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
5). Deelnemers (hoofdaanvragers en mede-aanvragers) en internationale partners en overige partners mogen onderdeel zijn van meerdere consortia waarvoor een aanvraag wordt ingediend op grond van deze regeling, mits zij de noodzaak hiervan – en het onderscheid tussen de deelname in de verschillende consortia – voldoende onderbouwd hebben in de aanvraag. Het is niet mogelijk voor deelnemers om in meerdere aanvragen binnen aanvraagronde 2A op te treden als hoofdaanvrager. Na een toekenning van subsidie in aanvraagronde 2B is het niet mogelijk om in het daaropvolgende kalenderjaar opnieuw op te treden als hoofdaanvrager in een aanvraag binnen deze regeling.
6). Activiteiten van hogescholen en universiteiten die plaatsvinden in het kader van een studie, opleiding, postdoc of PhD kunnen onderdeel zijn van een activiteitenprogramma, mits het genereren van praktijkgerichte, fundamentele c.q. toegepaste kennis en de onderzoeksmethodiek aansluit op de doelstellingen van het consortium als omschreven in de aanvraag zoals vermeld in [artikel 10 lid 2 en lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
##### Artikel 10. Inhoud van de aanvraag
1). Bij de aanvraag dient gebruik te worden gemaakt van de op [www.stimuleringsfonds.nl](https://www.stimuleringsfonds.nl/) beschikbaar gestelde formulieren en modellen op de subsidiepagina van ADRIE op de datum waarop het subsidietijdvak wordt opengesteld.
2). Een aanvraag voor subsidie voor het opstellen van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) bevat:
- a). een volledig ingevuld aanvraagformulier (zie [artikel 6 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2025-04-09&g=2025-04-09));
2). Een volledige aanvraag voor subsidie voor het opstellen van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A) bevat:
- a). een volledig ingevuld aanvraagformulier (zie [artikel 6 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2026-03-26&g=2026-03-26));
- b). een projectvoorstel (pdf; maximaal 10 MB; maximaal 10 pagina’s inclusief beeldmateriaal; A4-formaat staand; minimale tekstgrootte 10; regelafstand 1,0) met daarin:
- i). een omschrijving van de hoofdaanvrager (incl. de coördinerende en administratieve capaciteit), mede-aanvragers en internationale partners en hun rol in het consortium. Benoem ook of het bestaande of nieuwe samenwerkingen zijn;
- i). een omschrijving van de hoofdaanvrager (incl. de coördinerende en administratieve capaciteit), mede-aanvragers en internationale en overige partners en hun rol in het consortium. Benoem ook of het bestaande of nieuwe samenwerkingen zijn;
- ii). een beschrijving van de missie en doelstellingen van het voorgenomen consortium;
- iii). een toelichting op het centraal gestelde artistiek en ontwerpend onderzoek voor immersieve ervaringen (incl. de aansluiting op subthema's uit de CIIIC Innovatie Agenda, zoals vermeld in [artikel 7 lid 1f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2025-04-09&g=2025-04-09));
- iii). een toelichting op het centraal gestelde artistiek en ontwerpend onderzoek voor immersieve ervaringen (incl. de aansluiting op subthema's uit de CIIIC Innovatie Agenda, zoals vermeld in [artikel 7 lid 1f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-03-26&g=2026-03-26));
- iv). een korte beschrijving van de activiteiten die het consortium in het eerste jaar van het activiteitenprogramma wil uitvoeren;
- v). een beknopte planning voor het proces tot aan de volgende aanvraag voor aanvraagronde 1B, waarin voor de aanvang rekening wordt gehouden met de uiterlijke beschikkingsdatum; en
- vi). een toelichting van de subsidiebehoefte. Hieruit blijkt hoe de het opstellen van een activiteitenprogramma niet of slechts gedeeltelijk vanuit andere bronnen kan worden gefinancierd.
- c). een sluitende begroting en dekkingsplan voor het opstellen van het activiteitenprogramma volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde;
- v). een beknopte planning voor het proces tot aan de volgende aanvraag voor aanvraagronde 2B, waarin voor de aanvang rekening wordt gehouden met de uiterlijke beschikkingsdatum; en
- vi). een toelichting op de begroting en de subsidiebehoefte. Hieruit blijkt hoe de het opstellen van een activiteitenprogramma niet of slechts gedeeltelijk vanuit andere bronnen kan worden gefinancierd.
- c). een sluitende begroting en dekkingsplan voor het opstellen van het activiteitenprogramma volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde (Excel; maximaal 4 MB);
- d). cv’s van diegenen die het project uitvoeren (pdf; maximaal 10 MB in totaal; maximaal 1 pagina per persoon; A4-formaat);
- e). een relevant portfolio van de betrokken makers en producenten (pdf; maximaal 20 MB; maximaal 20 pagina’s; A4-formaat);
- f). intentieverklaringen van of samenwerkingsovereenkomsten tussen de deelnemers aan het consortium (hoofdaanvrager, mede-aanvragers) en de internationale partners (pdf; maximaal 4 MB per document);
- f). intentieverklaringen van de deelnemers aan het consortium (hoofdaanvrager, mede-aanvragers) en de internationale en overige partners (pdf; maximaal 4 MB per document);
- g). één afbeelding (jpg; maximaal 4 MB) die representatief is voor het consortium, bestemd voor communicatie-uitingen door het Stimuleringsfonds en CIIIC en waarvan de benodigde rechten van de afbeelding bij het consortium liggen;
- h). digitaal gewaarmerkte uittreksels van de in het Koninkrijk gevestigde deelnemers van het consortium van maximaal één jaar oud uit het Handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel of van een van de Handelsregisters die vallen binnen het Koninkrijk (pdf; maximaal 4 MB per deelnemer; maximaal 2 pagina’s per deelnemer; A4-formaat);
- h). digitaal gewaarmerkte uittreksels van de in het Koninkrijk gevestigde deelnemers (hoofdaanvrager, mede-aanvragers) van het consortium van maximaal één jaar oud uit het Handelsregister van de Nederlandse Kamer van Koophandel of van een van de Handelsregisters die vallen binnen het Koninkrijk (pdf; maximaal 4 MB per deelnemer; A4-formaat);
- i). de oprichtingsakte of de meest recente statuten van de hoofdaanvrager (pdf; maximaal 4 MB); en
- j). de opgemaakte jaarrekeningen inclusief accountantsverklaringen over de twee kalenderjaren voorafgaand aan de datum van indienen van de aanvraag van de hoofdaanvrager (pdf; maximaal 4 MB per document). Indien deze niet beschikbaar is voor het kalenderjaar voorafgaand aan de datum van indienen van de aanvraag: een document waaruit de financiële positie van de hoofdaanvrager blijkt op het moment van indienen van de aanvraag en waaruit blijkt dat er een opdracht is uitgezet voor een accountantsverklaring voor het kalenderjaar voorafgaand aan de datum van indienen van de aanvraag.
3). Een aanvraag voor subsidie voor het uitvoeren van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) bevat:
- a). een volledig ingevuld aanvraagformulier (zie [artikel 6 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2025-04-09&g=2025-04-09));
- j). de opgemaakte jaarrekening van de hoofdaanvrager met een controleverklaring of samenstellingsverklaring van een accountant over het kalenderjaar voorafgaand aan de datum van indienen van de aanvraag (pdf; maximaal 4 MB per document). Indien dit document niet beschikbaar is op de datum van indienen van de aanvraag: een document waaruit de financiële positie van de hoofdaanvrager blijkt over het kalenderjaar voorafgaand aan de datum van indienen van de aanvraag en een document waaruit blijkt dat er een opdracht is uitgezet voor een controleverklaring of samenstellingsverklaring van een accountant voor het kalenderjaar voorafgaand aan de datum van indienen van de aanvraag.
3). Een aanvraag voor subsidie voor het uitvoeren van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) bevat:
- a). een volledig ingevuld aanvraagformulier (zie [artikel 6 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2026-03-26&g=2026-03-26));
- b). een projectplan (pdf; maximaal 20 MB; maximaal 20 pagina’s inclusief beeldmateriaal; A4-formaat staand; minimale tekstgrootte 10; regelafstand 1,0) met daarin:
- i). een omschrijving van de hoofdaanvrager (incl. de coördinerende en administratieve capaciteit), mede-aanvragers, internationale partners en hun rol in het consortium. Benoem ook of het bestaande of nieuwe samenwerkingen zijn;
- i). een omschrijving van de hoofdaanvrager (incl. de coördinerende en administratieve capaciteit), mede-aanvragers, internationale en overige partners en hun rol in het consortium. Benoem ook of het bestaande of nieuwe samenwerkingen zijn;
- ii). een beschrijving van de missie en doelstellingen van het consortium;
- iii). een toelichting op het centraal gestelde artistiek en ontwerpend onderzoek voor immersieve ervaringen (incl. de aansluiting op subthema's uit de CIIIC Innovatie Agenda, zoals vermeld in [artikel 7 lid 2e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2025-04-09&g=2025-04-09));
- iii). een toelichting op het centraal gestelde artistiek en ontwerpend onderzoek voor immersieve ervaringen (incl. de aansluiting op subthema's uit de CIIIC Innovatie Agenda, zoals vermeld in [artikel 7 lid 2e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-03-26&g=2026-03-26));
- iv). een gedetailleerde beschrijving en planning van het tweejarige activiteitenprogramma dat het consortium wil gaan uitvoeren;
@@ -322,47 +322,47 @@
- vi). een beschrijving van de ambities van het consortium voor de periode na afloop van het tweejarige activiteitenprogramma;
- vii). een toelichting van de subsidiebehoefte. Hieruit blijkt hoe het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma niet of slechts gedeeltelijk vanuit andere bronnen kan worden gefinancierd; en
- vii). een toelichting op de begroting en het dekkingsplan en de subsidiebehoefte. Hieruit blijkt hoe het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma niet of slechts gedeeltelijk vanuit andere bronnen kan worden gefinancierd; en
- viii). een toelichting op de wijze waarop het consortium zich verhoudt tot de principes van de [Fair Practice Code,](https://fairpracticecode.nl/)de[Code Diversiteit en Inclusie](https://codedi.nl/) en de [Governance Code Cultuur](https://bij.cultuur-ondernemen.nl/governance-code-cultuur/principe/introductie).
- c). een sluitende begroting en dekkingsplan voor het tweejarige activiteitenprogramma volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde (zie lid 1 van dit artikel);
- d). een volledig ingevulde **Zelftoets Publieke Waarden binnen IX** (zie [artikel 7 lid 2f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2025-04-09&g=2025-04-09));
- e). de samenwerkingsovereenkomsten (pdf; maximaal 4 MB per document) tussen de hoofdaanvrager en alle mede-aanvragers en internationale partners;
- c). een sluitende begroting en dekkingsplan voor het tweejarige activiteitenprogramma volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde. Zie lid 1 van dit artikel (Excel; maximaal 4MB);
- d). een volledig ingevulde**Zelftoets Publieke Waarden binnen IX**. Zie [artikel 7 lid 2f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-03-26&g=2026-03-26) (pdf; maximaal 4 MB);
- e). de samenwerkingsovereenkomsten (pdf; maximaal 4 MB per document) tussen de hoofdaanvrager en alle mede-aanvragers en internationale en overige partners;
- f). één afbeelding (jpg; maximaal 4 MB) die representatief is voor het activiteitenprogramma, bestemd voor communicatie-uitingen door het Stimuleringsfonds en CIIIC en waarvan de benodigde rechten van de afbeelding bij het consortium liggen; en
- g). indien er nieuwe mede-aanvragers worden betrokken uit kerngroep a zoals genoemd in [artikel 9 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2025-04-09&g=2025-04-09) (makers en ontwerpers en producenten) die nog niet zijn opgenomen in de aanvraag in aanvraagronde 1A, dient er voor deze partijen ontbrekende informatie te worden aangeleverd (cv's uitvoerenden volgens lid 2d van dit artikel, portfolio’s volgens lid 2e). Er kunnen geen nieuwe mede-aanvragers worden betrokken binnen kerngroepen b (organisaties in het culturele- en mediadomein) en c (onderzoekers) als genoemd in artikel 9 lid 2 die nog niet zijn opgenomen in de aanvraag in aanvraagronde 1A.
- g). indien er nieuwe mede-aanvragers worden betrokken uit kerngroep a zoals genoemd in [artikel 9 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=9&z=2026-03-26&g=2026-03-26) (makers en ontwerpers en producenten) die nog niet zijn opgenomen in de aanvraag in aanvraagronde 2A, dient er voor deze partijen ontbrekende informatie te worden aangeleverd (cv’s uitvoerenden volgens lid 2d van dit artikel, portfolio’s volgens lid 2e). Er kunnen geen nieuwe mede-aanvragers worden betrokken binnen kerngroepen b (organisaties in het culturele- en mediadomein) en c (onderzoekers) als genoemd in artikel 9 lid 2 die nog niet zijn opgenomen in de aanvraag in aanvraagronde 2A.
##### Artikel 11. Begroting
1). Voorwaarden waaraan de begroting en het dekkingsplan van een aanvraag voor het opstellen van het activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) dient te voldoen zijn:
1). Voorwaarden waaraan de begroting en het dekkingsplan van een aanvraag voor het opstellen van het activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A) dient te voldoen zijn:
- a). voor het opstellen van het activiteitenprogramma is maximaal € 50.000 per subsidieaanvraag beschikbaar;
- b). de begroting en het dekkingsplan geeft inzicht in de kosten en baten per deelnemer van het consortium in het opstellen van het activiteitenprogramma.
2). Voorwaarden waaraan de begroting en het dekkingsplan van een aanvraag voor het uitvoeren van het activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) dient te voldoen zijn:
2). Voorwaarden waaraan de begroting en het dekkingsplan van een aanvraag voor het uitvoeren van het activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) dient te voldoen zijn:
- a). voor het uitvoeren van het activiteitenprogramma is maximaal € 1.300.000 per subsidieaanvraag beschikbaar;
- b). van de totale begroting en het dekkingsplan in aanvraagronde 1B moet ten minste € 400.000 uit cofinanciering bestaan. De cofinanciering dient te worden ingebracht door de hoofdaanvrager en de mede-aanvragers. Optioneel kunnen internationale partners of overige partijen cofinanciering inbrengen. Voor individuele makers, ontwerpers en makerscollectieven geldt er geen cofinancieringseis;
- b). van de totale begroting en het dekkingsplan in aanvraagronde 2B moet ten minste € 400.000 uit cofinanciering bestaan. De cofinanciering dient te worden ingebracht door de hoofdaanvrager en de mede-aanvragers. Optioneel kunnen internationale partners of overige partners cofinanciering inbrengen. Voor makers, ontwerpers en makerscollectieven geldt er geen cofinancieringseis;
- c). de begroting en het dekkingsplan geeft inzicht in de kosten en baten per deelnemer van het consortium in de uitvoering van het activiteitenprogramma;
- d). de volgende kosten worden minimaal in de begroting van het uitvoeren van het activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) voor ieder jaar opgenomen:
- i). 2 fte voor makers en ontwerpers (individueel of als makerscollectief);
- ii). 1 fte voor producenten;
- iii). 1 fte voor organisaties in het culturele- en mediadomein;
- iv). 1 fte voor onderzoekers.
- e). deelnemers dienen in de begroting uren te reserveren (uitgaande van een werkdag per kwartaal per deelnemer) voor participatie aan activiteiten ten behoeve van kennisontwikkeling en kennisdeling als genoemd in [artikel 12 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=12&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
- d). de begroting bevat een berekening van het aantal fte’s per kerngroep op basis van arbeid in loondienst, de inzet van zelfstandigen en andere arbeidsrelaties. Het Fonds beschouwt alle arbeid van ten minste 32 uur per week als één fte. De volgende kosten dienen minimaal in de begroting van het uitvoeren van het activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) voor ieder jaar opgenomen te worden:
- i. 2 fte voor makers en ontwerpers (individueel of als makerscollectief);
- ii. 1 fte voor producenten;
- iii. 1 fte voor organisaties in het culturele- en mediadomein;
- iv. 1 fte voor onderzoekers.
- e). deelnemers dienen in de begroting uren te reserveren (uitgaande van een werkdag per kwartaal per deelnemer) voor participatie aan activiteiten ten behoeve van kennisontwikkeling en kennisdeling als genoemd in [artikel 12 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=12&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
##### Artikel 12. Kennisontwikkeling, kennisdeling en intellectueel eigendom
@@ -402,37 +402,37 @@
- c). aan de hoogstgeplaatste aanvragen wordt de door de commissie geadviseerde bijdrage verleend, zolang het totaal daarvan het subsidieplafond niet overschrijdt;
- d). als aanvragen voor het opstellen van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) op basis van de gemiddelde eindscore gelijk eindigen op de ranglijst en het subsidieplafond wordt met deze aanvragen overschreden, dan worden deze gelijk geëindigde aanvragen als volgt onderling gerangschikt:
- i). Prioriteringscriterium 1: [artikel 14, lid 1 a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2025-04-09&g=2025-04-09);
- ii). Prioriteringscriterium 2: [artikel 14, lid 1 c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2025-04-09&g=2025-04-09);
- e). als aanvragen voor de uitvoering van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) op basis van de gemiddelde eindscore gelijk eindigen op de ranglijst en het subsidieplafond wordt met deze aanvragen overschreden, dan worden deze gelijk geëindigde aanvragen als volgt onderling gerangschikt:
- i). Prioriteringscriterium 1: [artikel 14, lid 2 a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2025-04-09&g=2025-04-09);
- ii). Prioriteringscriterium 2: [artikel 14, lid 2 e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
- iii). Prioriteringscriterium 3: [artikel 14, lid 2 d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
- d). als aanvragen voor het opstellen van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A) op basis van de gemiddelde eindscore gelijk eindigen op de ranglijst en het subsidieplafond wordt met deze aanvragen overschreden, dan worden deze gelijk geëindigde aanvragen als volgt onderling gerangschikt:
- i). Prioriteringscriterium 1: [artikel 14, lid 1 a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2026-03-26&g=2026-03-26);
- ii). Prioriteringscriterium 2: [artikel 14, lid 1 c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2026-03-26&g=2026-03-26);
- e). als aanvragen voor de uitvoering van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) op basis van de gemiddelde eindscore gelijk eindigen op de ranglijst en het subsidieplafond wordt met deze aanvragen overschreden, dan worden deze gelijk geëindigde aanvragen als volgt onderling gerangschikt:
- i). Prioriteringscriterium 1: [artikel 14, lid 2 a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2026-03-26&g=2026-03-26);
- ii). Prioriteringscriterium 2: [artikel 14, lid 2 e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
- iii). Prioriteringscriterium 3: [artikel 14, lid 2 d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=14&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
##### Artikel 14. Beoordelingscriteria
1). De adviescommissie hanteert bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor het opstellen van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) de volgende criteria, die in gelijke mate worden gewogen, tot aan de behoefte aan prioritering zoals vermeld in [artikel 13, lid 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=13&z=2025-04-09&g=2025-04-09):
- a). de samenstelling van het consortium: er wordt door de adviescommissie gekeken naar wie de deelnemers zijn van het consortium en welke rol zij vervullen. Welke internationale partners zijn aangesloten en vullen de partijen elkaar aan in kennis en werkwijzen? Verder wordt er gekeken of er sprake is van inhoudelijk gelijkwaardige samenwerking;
- b). de verwachte bijdrage van het consortium aan ontwikkeling en vernieuwing binnen het Nederlandse IX-werkveld: er wordt door de adviescommissie gekeken naar de mate waarin artistiek- en ontwerpend onderzoek in relatie tot immersieve ervaringen centraal staat in het consortium en wat de potentiële bijdrage hiervan kan zijn aan het vakgebied en de maatschappelijke betekenis. Er wordt ook gekeken naar de mate waarin het consortium aansluit op de voorgestelde subthema’s uit de CIIIC Innovatie Agenda en of de keuze voor deze thema’s voldoende gemotiveerd is;
1). De adviescommissie hanteert bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor het opstellen van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A) de volgende criteria, die in gelijke mate worden gewogen, tot aan de behoefte aan prioritering zoals vermeld in [artikel 13, lid 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=13&z=2026-03-26&g=2026-03-26):
- a). de samenstelling van het consortium: er wordt door de adviescommissie gekeken naar wie de deelnemers zijn van het consortium en welke rol zij vervullen. Welke partners zijn aangesloten? Vullen de partijen elkaar aan in kennis en werkwijzen? Verder wordt er gekeken of er sprake is van inhoudelijk gelijkwaardige samenwerking;
- b). de verwachte bijdrage van het consortium aan ontwikkeling en vernieuwing binnen het Nederlandse IX-werkveld: er wordt door de adviescommissie gekeken naar de mate waarin artistiek- en ontwerpend onderzoek in relatie tot immersieve ervaringen centraal staat in het consortium en wat de potentiële bijdrage hiervan kan zijn aan het vakgebied en de maatschappelijke betekenis;
- c). de bedrijfsmatige gezondheid van het consortium: is er voldoende aangetoond dat het consortium op verantwoorde en duurzame wijze kan functioneren?; en
- d). de consistentie in doel en opzet van de aanvraag: hierbij worden alle in [artikel 10 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2025-04-09&g=2025-04-09) genoemde onderdelen in onderling verband en samenhang beoordeeld.
2). De adviescommissie hanteert bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor het uitvoeren van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) de volgende criteria, die in gelijke mate worden gewogen, tot aan de behoefte aan prioritering zoals vermeld in [artikel 13, lid 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=13&z=2025-04-09&g=2025-04-09):
- a). definitieve samenstelling van het consortium en betrokken partners: er wordt door de adviescommissie gekeken naar wie de deelnemers zijn van het consortium en welke rol zij vervullen, welke internationale partners zijn aangesloten en of deze partijen elkaar aanvullen in kennis en werkwijzen. Verder wordt er gekeken of er sprake is van inhoudelijk gelijkwaardige samenwerking;
- b). de verwachte bijdrage van het activiteitenprogramma aan ontwikkeling en vernieuwing binnen het Nederlandse IX-werkveld: er wordt door de adviescommissie gekeken naar de mate waarin artistiek- en ontwerpend onderzoek in relatie tot immersieve ervaringen centraal staat in het activiteitenprogramma en wat de bijdrage hiervan kan zijn aan het vakgebied en de maatschappelijke betekenis. Hierbij wordt gekeken naar de inhoudelijke thema’s, wie betrokken zijn bij het programma, of er sprake is van samenhang tussen de verschillende activiteiten en of deze bijdragen aan de in de aanvraag geformuleerde missie en doelstellingen van het consortium. Hierin wordt ook gekeken naar de mate waarin het activiteitenprogramma aansluit op de voorgestelde subthema’s uit de CIIIC Innovatie Agenda en of de keuze voor deze thema’s voldoende gemotiveerd is;
- d). de consistentie in doel en opzet van de aanvraag: hierbij worden alle in [artikel 10 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=3&artikel=10&z=2026-03-26&g=2026-03-26) genoemde onderdelen in onderling verband en samenhang beoordeeld.
2). De adviescommissie hanteert bij de beoordeling van een subsidieaanvraag voor het uitvoeren van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) de volgende criteria, die in gelijke mate worden gewogen, tot aan de behoefte aan prioritering zoals vermeld in [artikel 13, lid 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=4&artikel=13&z=2026-03-26&g=2026-03-26):
- a). definitieve samenstelling van het consortium en betrokken partners: er wordt door de adviescommissie gekeken naar wie de deelnemers zijn van het consortium en welke rol zij vervullen? Welke partners zijn aangesloten? Vullen de partijen elkaar aan in kennis en werkwijzen? Verder wordt er gekeken of er sprake is van inhoudelijk gelijkwaardige samenwerking;
- b). de verwachte bijdrage van het activiteitenprogramma aan ontwikkeling en vernieuwing binnen het Nederlandse IX-werkveld: er wordt door de adviescommissie gekeken naar de mate waarin artistiek- en ontwerpend onderzoek in relatie tot immersieve ervaringen centraal staat in het activiteitenprogramma en wat de bijdrage hiervan kan zijn aan het vakgebied en de maatschappelijke betekenis. Hierbij wordt gekeken naar de inhoudelijke thema’s, wie betrokken zijn bij het programma, of er sprake is van samenhang tussen de verschillende activiteiten en of deze bijdragen aan de in de aanvraag geformuleerde missie en doelstellingen van het consortium;
- c). toegankelijkheid en publieksbereik: hoe wordt een divers (vak)publiek bereikt en betrokken? Hierbij wordt onder meer gekeken naar de communicatiestrategie. Maar ook: hoe zorgt de instelling ervoor dat de activiteiten voor de beoogde doelgroepen toegankelijk zijn?;
@@ -442,25 +442,25 @@
- f). de bedrijfsvoering en organisatie: de bedrijfsvoering en de opzet van het consortium moeten het consortium in staat stellen om het activiteitenprogramma op een verantwoorde en financieel gezonde wijze uit te voeren. Hoe worden de Fair Practice Code, de Code Diversiteit en Inclusie en de Governance Code Cultuur toegepast?
3). Een nadere toelichting op de beoordelingscriteria voor de subsidieaanvraag voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) en voor de subsidieaanvraag voor het uitvoeren van een tweejarig activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) wordt beschikbaar gesteld op [www.stimuleringsfonds.nl](https://www.stimuleringsfonds.nl/).
3). Een nadere toelichting op de beoordelingscriteria voor de subsidieaanvraag voor het opstellen van een tweejarig activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A) en voor de subsidieaanvraag voor het uitvoeren van een tweejarig activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) wordt beschikbaar gesteld op [www.stimuleringsfonds.nl](https://www.stimuleringsfonds.nl/).
##### Artikel 15. Verlening van een subsidie
1). Het bestuur informeert de hoofdaanvrager binnen 12 weken na de sluitingsdatum voor aanvraagrondes 1A en 1B (genoemd in het onder het in [artikel 6 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2025-04-09&g=2025-04-09) gepubliceerde subsidietijdvak) over het besluit.
1). Het bestuur informeert de hoofdaanvrager binnen 14 weken na de sluitingsdatum voor aanvraagrondes 2A en 2B (genoemd in het onder het in [artikel 6 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2026-03-26&g=2026-03-26) gepubliceerde subsidietijdvak) over het besluit.
2). Het bestuur kan in dit besluit aanvullende verplichtingen aan de subsidieverlening verbinden.
3). Het besluit tot verlening van een subsidie bevat een weergave of een afschrift van het advies en de overwegingen van het bestuur, de voorwaarden waaronder de subsidie beschikbaar wordt gesteld, de verplichtingen waaraan de ontvanger zich dient te houden, de maximale hoogte van de subsidie en informatie over de betaalbaarstelling en de bevoorschotting.
4). Zowel de positieve als negatieve adviezen van de commissie worden gepubliceerd op de website van het Stimuleringsfonds.
4). Het bestuur kan besluiten zowel de positieve als de negatieve adviezen van de commissie te publiceren op de website van het Stimuleringsfonds.
##### Artikel 16. Voorschotten
1). Het Stimuleringsfonds betaalt in het geval van een verlening van de subsidie bij wijze van voorschot de volgende percentages van het toegekende bedrag uit:
- a). Subsidie voor het opstellen van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A): 100% binnen 1 maand na bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening;
- b). Subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B): 45% in de eerste maand van het eerste jaar van het activiteitenprogramma; 45% in de eerste maand van het tweede jaar van het activiteitenprogramma. De resterende 10% wordt uitbetaald na het besluit tot vaststelling van de subsidie als genoemd in [artikel 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=6&artikel=21&z=2025-04-09&g=2025-04-09).
- a). Subsidie voor het opstellen van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A): 100% binnen 1 maand na bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening;
- b). Subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B): 45% in de eerste maand van het eerste jaar van het activiteitenprogramma; 45% in de eerste maand van het tweede jaar van het activiteitenprogramma. De resterende 10% wordt uitbetaald na het besluit tot vaststelling van de subsidie als genoemd in [artikel 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=6&artikel=21&z=2026-03-26&g=2026-03-26).
### Hoofdstuk 5. Verplichtingen van de subsidieontvanger
@@ -492,19 +492,19 @@
##### Artikel 20. Verantwoording
1). Bij de verantwoording dient gebruik te worden gemaakt van de in de aanvraagomgeving beschikbaar gestelde formulieren en modellen.
2). Bij de verantwoording van de ontvangen subsidie voor het opstellen van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 1A) gelden de volgende voorwaarden:
1). Voor de verantwoording dient gebruik te worden gemaakt van de in de door het Fonds beschikbaar gestelde formulieren en modellen.
2). Bij de verantwoording van de ontvangen subsidie voor het opstellen van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 2A) gelden de volgende voorwaarden:
- a). de hoofdaanvrager toont bij de aanvraag om vaststelling van de subsidie aan de hand van het verantwoordingsformulier aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
- b). de verantwoording vindt plaats via het verantwoordingsformulier en een gerealiseerde begroting en dekkingsplan volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde.
3). Bij de verantwoording van de ontvangen subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) gelden de volgende voorwaarden:
3). Bij de verantwoording van de ontvangen subsidie voor het uitvoeren van het tweejarige activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) gelden de volgende voorwaarden:
- a). de hoofdaanvrager toont bij de aanvraag om vaststelling van de subsidie aan de hand van het verantwoordingsformulier aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
- b). de verantwoording vindt plaats via het verantwoordingsformulier, een gerealiseerde begroting en dekkingsplan volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde en een accountantsverklaring over het tweejarige activiteitenprogramma; en
- b). de verantwoording vindt plaats via het verantwoordingsformulier, een gerealiseerde begroting en dekkingsplan volgens het format modelbegroting van deze aanvraagronde en met een accountantscontroleverklaring; en
- c). de hoofdaanvrager toont aan de hand van het verantwoordingsformulier en de gerealiseerde begroting en dekkingsplan aan:
@@ -516,11 +516,11 @@
##### Artikel 21. Vaststelling
1). Uiterlijk 16 weken na afloop van het opstellen van een activiteitenprogramma op basis van een toekenning van subsidie in aanvraagronde 1A (hierbij geldt de sluitingsdatum voor aanvraagronde 1B genoemd in het onder het in artikel 6 lid 1 gepubliceerde subsidietijdvak) wordt door de hoofdaanvrager een aanvraag tot vaststelling ingediend via de [aanvraagomgeving](https://aanvragen.stimuleringsfonds.nl/) van het Stimuleringsfonds.
2). Uiterlijk 16 weken na afloop van het uitvoeren van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 1B) wordt door de hoofdaanvrager een aanvraag tot vaststelling ingediend via de [aanvraagomgeving](https://aanvragen.stimuleringsfonds.nl/) van het Stimuleringsfonds.
3). Als uit de verantwoording genoemd in [artikel 20](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=6&artikel=20&z=2025-04-09&g=2025-04-09) blijkt dat de activiteiten volgens de aanvraag zijn uitgevoerd en dat er is voldaan aan alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, dan stelt het bestuur de subsidie binnen 10 weken na het indienen van de aanvraag tot vaststelling overeenkomstig de verlening vast.
1). Uiterlijk 16 weken na afloop van het opstellen van een activiteitenprogramma op basis van een toekenning van subsidie in aanvraagronde 2A (hierbij geldt de sluitingsdatum voor aanvraagronde 2B genoemd in het onder het in [artikel 6 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=2&artikel=6&z=2026-03-26&g=2026-03-26) gepubliceerde subsidietijdvak) wordt door de hoofdaanvrager een aanvraag tot vaststelling ingediend via de aanvraagomgeving van het Stimuleringsfonds.
2). Uiterlijk 16 weken na afloop van het uitvoeren van een activiteitenprogramma (aanvraagronde 2B) wordt door de hoofdaanvrager een aanvraag tot vaststelling ingediend via de [aanvraagomgeving](https://aanvragen.stimuleringsfonds.nl/) van het Stimuleringsfonds.
3). Als uit de verantwoording genoemd in [artikel 20](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0050932&hoofdstuk=6&artikel=20&z=2026-03-26&g=2026-03-26) blijkt dat de activiteiten volgens de aanvraag zijn uitgevoerd en dat er is voldaan aan alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, dan stelt het bestuur de subsidie binnen 10 weken na het indienen van de aanvraag tot vaststelling overeenkomstig de verlening vast.
4). Als blijkt dat activiteiten niet of slechts gedeeltelijk zijn uitgevoerd, dan kan de subsidie lager worden vastgesteld.