Wijzigingsgeschiedenis

Protocol bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand, inzake zware metalen

4 versions · 2022-02-08
2022-02-08
Protocol bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luch
2014-01-09
Protocol bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luch

Wijzigingen op 2014-01-09

@@ -52,11 +52,11 @@
- 8. „Emissie” uitstoot in de atmosfeer vanuit een punt of een diffuse bron;
- 9. „Stationaire bron” alle vaste gebouwen, constructies, inrichtingen, installaties of apparaten die een in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermeld zwaar metaal direct of indirect in de atmosfeer uitstoten of kunnen uitstoten;
- 10. „Nieuwe stationaire bron” een stationaire bron met de bouw of ingrijpende wijziging waarvan een aanvang is gemaakt na het verstrijken van twee jaar na de datum van inwerkingtreding van: (i) dit Protocol of (ii) een amendement op [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) of [II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2003-12-29&g=2003-12-29), waarbij de stationaire bron enkel en alleen krachtens dat amendement aan de bepalingen van dit Protocol wordt onderworpen. Het is aan de bevoegde nationale autoriteiten om te beslissen of een wijziging al dan niet ingrijpend is, rekening houdend met factoren als de voordelen van de wijziging in milieuopzicht;
- 11. „Belangrijke categorie van stationaire bronnen” een in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde categorie van stationaire bronnen die ten minste 1% bijdraagt aan de totale nationale emissies van een in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29)vermeld zwaar metaal uit stationaire bronnen, overeenkomstig het in bijlage I opgegeven referentiejaar.
- 9. „Stationaire bron” alle vaste gebouwen, constructies, inrichtingen, installaties of apparaten die een in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermeld zwaar metaal direct of indirect in de atmosfeer uitstoten of kunnen uitstoten;
- 10. „Nieuwe stationaire bron” een stationaire bron met de bouw of ingrijpende wijziging waarvan een aanvang is gemaakt na het verstrijken van twee jaar na de datum van inwerkingtreding van: (i) dit Protocol of (ii) een amendement op [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) of [II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2014-01-09&g=2014-01-09), waarbij de stationaire bron enkel en alleen krachtens dat amendement aan de bepalingen van dit Protocol wordt onderworpen. Het is aan de bevoegde nationale autoriteiten om te beslissen of een wijziging al dan niet ingrijpend is, rekening houdend met factoren als de voordelen van de wijziging in milieuopzicht;
- 11. „Belangrijke categorie van stationaire bronnen” een in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde categorie van stationaire bronnen die ten minste 1% bijdraagt aan de totale nationale emissies van een in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09)vermeld zwaar metaal uit stationaire bronnen, overeenkomstig het in bijlage I opgegeven referentiejaar.
##### Artikel 2. Doel
@@ -64,27 +64,27 @@
##### Artikel 3. Basisverplichtingen
1. De Partijen nemen doeltreffende maatregelen, die aan hun bijzondere omstandigheden zijn aangepast, ter vermindering van hun totale jaarlijkse emissies in de atmosfeer van elk in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermeld zwaar metaal ten opzichte van het emissieniveau in het overeenkomstig die bijlage vastgestelde referentiejaar.
2. De Partijen passen uiterlijk op de in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde tijdstippen het volgende toe:
- a. De beste beschikbare technieken, rekening houdend met [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2003-12-29&g=2003-12-29), op elke nieuwe stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen waarvoor de beste beschikbare technieken in bijlage III zijn vermeld;
- b. De in [bijlage V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde grenswaarden op elke nieuwe stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen. Bij wijze van alternatief kan een partij verschillende strategieën ter vermindering van emissies toepassen die in totaal equivalente emissieniveaus opleveren;
- c. De beste beschikbare technieken, rekening houdend met [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2003-12-29&g=2003-12-29), op elke bestaande stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen waarvoor in bijlage III de beste beschikbare technieken zijn vermeld. Bij wijze van alternatief kan een partij andere strategieën voor emissievermindering toepassen die in totaal gelijkwaardige emissie-verminderingen opleveren;
- d. De in [bijlage V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde grenswaarden op elke bestaande stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen, voor zover dit technisch uitvoerbaar en economisch verantwoord is. Bij wijze van alternatief kan een partij andere strategieën voor emissievermindering toepassen die in totaal gelijkwaardige emissieverminderingen opleveren.
3. De Partijen passen maatregelen voor productbeheersing toe in overeenstemming met de in [bijlage VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde voorwaarden en tijdschema's.
4. De Partijen nemen de toepassing van aanvullende maatregelen inzake productbeheer in overweging, rekening houdend met [bijlage VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2003-12-29&g=2003-12-29).
5. De Partijen maken voor de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde zware metalen emissie-inventarisaties op en houden deze bij, waarbij Partijen binnen de geografische reikwijdte van het EMEP ten minste de door het bestuursorgaan van het EMEP opgegeven methoden toepassen en Partijen buiten de geografische reikwijdte van het EMEP als richtsnoer de methoden gebruiken die in het kader van het werkschema van het uitvoerend orgaan zijn uitgewerkt.
6. Een Partij die na toepassing van de leden 2 en 3 voor een in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermeld zwaar metaal niet aan het in lid 1 vereiste kan voldoen, wordt vrijgesteld van de in lid 1 bedoelde verplichtingen voor dat zware metaal.
7. Een Partij waarvan het totale grondoppervlak groter is dan 6.000.000 km2, wordt vrijgesteld van de verplichtingen in lid 2, onder b, c, en d, indien zij kan aantonen dat uiterlijk acht jaar na de datum van inwerkingtreding van dit Protocol zij haar totale jaarlijkse emissies van elk van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde zware metalen uit de in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde broncategorieën met ten minste 50% zal hebben verminderd ten opzichte van het emissieniveau van deze categorieën in het overeenkomstig bijlage I opgegeven referentiejaar. Een partij die voornemens is in overeenstemming met het bepaalde in dit lid te handelen, geeft dit te kennen bij de ondertekening van of toetreding tot dit Protocol.
1. De Partijen nemen doeltreffende maatregelen, die aan hun bijzondere omstandigheden zijn aangepast, ter vermindering van hun totale jaarlijkse emissies in de atmosfeer van elk in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermeld zwaar metaal ten opzichte van het emissieniveau in het overeenkomstig die bijlage vastgestelde referentiejaar.
2. De Partijen passen uiterlijk op de in [bijlage IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde tijdstippen het volgende toe:
- a. De beste beschikbare technieken, rekening houdend met [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2014-01-09&g=2014-01-09), op elke nieuwe stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen waarvoor de beste beschikbare technieken in bijlage III zijn vermeld;
- b. De in [bijlage V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde grenswaarden op elke nieuwe stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen. Bij wijze van alternatief kan een partij verschillende strategieën ter vermindering van emissies toepassen die in totaal equivalente emissieniveaus opleveren;
- c. De beste beschikbare technieken, rekening houdend met [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2014-01-09&g=2014-01-09), op elke bestaande stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen waarvoor in bijlage III de beste beschikbare technieken zijn vermeld. Bij wijze van alternatief kan een partij andere strategieën voor emissievermindering toepassen die in totaal gelijkwaardige emissie-verminderingen opleveren;
- d. De in [bijlage V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde grenswaarden op elke bestaande stationaire bron binnen een belangrijke categorie van stationaire bronnen, voor zover dit technisch uitvoerbaar en economisch verantwoord is. Bij wijze van alternatief kan een partij andere strategieën voor emissievermindering toepassen die in totaal gelijkwaardige emissieverminderingen opleveren.
3. De Partijen passen maatregelen voor productbeheersing toe in overeenstemming met de in [bijlage VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde voorwaarden en tijdschema's.
4. De Partijen nemen de toepassing van aanvullende maatregelen inzake productbeheer in overweging, rekening houdend met [bijlage VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2014-01-09&g=2014-01-09).
5. De Partijen maken voor de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen emissie-inventarisaties op en houden deze bij, waarbij Partijen binnen de geografische reikwijdte van het EMEP ten minste de door het bestuursorgaan van het EMEP opgegeven methoden toepassen en Partijen buiten de geografische reikwijdte van het EMEP als richtsnoer de methoden gebruiken die in het kader van het werkschema van het uitvoerend orgaan zijn uitgewerkt.
6. Een Partij die na toepassing van de leden 2 en 3 voor een in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermeld zwaar metaal niet aan het in lid 1 vereiste kan voldoen, wordt vrijgesteld van de in lid 1 bedoelde verplichtingen voor dat zware metaal.
7. Een Partij waarvan het totale grondoppervlak groter is dan 6.000.000 km2, wordt vrijgesteld van de verplichtingen in lid 2, onder b, c, en d, indien zij kan aantonen dat uiterlijk acht jaar na de datum van inwerkingtreding van dit Protocol zij haar totale jaarlijkse emissies van elk van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen uit de in [bijlage II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde broncategorieën met ten minste 50% zal hebben verminderd ten opzichte van het emissieniveau van deze categorieën in het overeenkomstig bijlage I opgegeven referentiejaar. Een partij die voornemens is in overeenstemming met het bepaalde in dit lid te handelen, geeft dit te kennen bij de ondertekening van of toetreding tot dit Protocol.
##### Artikel 4. Uitwisseling van informatie en technologie
@@ -124,7 +124,7 @@
##### Artikel 6. Onderzoek, ontwikkeling en monitoring
De Partijen stimuleren onderzoek, ontwikkeling, monitoring en samenwerking, die vooral worden toegespitst op de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde zware metalen, met betrekking maar niet beperkt tot:
De Partijen stimuleren onderzoek, ontwikkeling, monitoring en samenwerking, die vooral worden toegespitst op de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen, met betrekking maar niet beperkt tot:
- a. Emissies, transport over lange afstand en depositieniveaus en hun modellering daarvan, bestaande niveaus in het biotische en abiotische milieu, formulering van procedures voor harmonisatie van desbetreffende methodologieën;
@@ -140,7 +140,7 @@
- g. Een op de effecten gebaseerde aanpak waarbij relevante informatie, met inbegrip van informatie die ingevolge de punten a tot en met f is verkregen, inzake gemeten of met een model berekende niveaus in het milieu, verspreiding en effecten op de volksgezondheid en het milieu, teneinde toekomstige geoptimaliseerde beheersingsstrategieën te formuleren, waarbij eveneens rekening wordt gehouden met economische en technologische factoren;
- h. Alternatieven voor het gebruik van zware metalen in producten die in de [bijlagen VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2003-12-29&g=2003-12-29) en [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2003-12-29&g=2003-12-29) zijn vermeld;
- h. Alternatieven voor het gebruik van zware metalen in producten die in de [bijlagen VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2014-01-09&g=2014-01-09) en [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2014-01-09&g=2014-01-09) zijn vermeld;
- i. Verzameling van informatie over niveaus van zware metalen in bepaalde producten, over de mogelijkheid dat emissies van deze metalen ontstaan bij productie, verwerking, distributie, gebruik en verwijdering van het product en over technieken om die emissies te beperken.
@@ -150,7 +150,7 @@
- a. Verstrekt elke Partij, via de uitvoerend secretaris van de Commissie, met een tijdens een zitting van het uitvoerend orgaan door de Partijen vastgestelde regelmaat, aan het uitvoerend orgaan informatie over de maatregelen die zij heeft genomen om dit Protocol ten uitvoer te leggen;
- b. Verstrekt elke Partij binnen de geografische reikwijdte van het EMEP, via de uitvoerend secretaris van de Commissie, met een door het bestuursorgaan van het EMEP vast te stellen en tijdens een zitting van het uitvoerend orgaan door de Partijen goedgekeurde regelmaat, aan het EMEP informatie over de emissieniveaus van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde zware metalen, waarbij tenminste wordt uitgegaan van de methoden en de resolutie in tijd en ruimte als aangegeven door het bestuursorgaan van het EMEP. Partijen in gebieden buiten de geografische reikwijdte van het EMEP stellen soortgelijke informatie beschikbaar indien het uitvoerend orgaan daarom verzoekt. Elke Partij verzamelt en verstrekt bovendien, voor zover van toepassing, relevante informatie betreffende de emissies van andere zware metalen, rekening houdend met de richtsnoeren inzake de methoden en de resolutie in ruimte en tijd als aangegeven door het bestuursorgaan van het EMEP en het uitvoerend orgaan.
- b. Verstrekt elke Partij binnen de geografische reikwijdte van het EMEP, via de uitvoerend secretaris van de Commissie, met een door het bestuursorgaan van het EMEP vast te stellen en tijdens een zitting van het uitvoerend orgaan door de Partijen goedgekeurde regelmaat, aan het EMEP informatie over de emissieniveaus van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen, waarbij tenminste wordt uitgegaan van de methoden en de resolutie in tijd en ruimte als aangegeven door het bestuursorgaan van het EMEP. Partijen in gebieden buiten de geografische reikwijdte van het EMEP stellen soortgelijke informatie beschikbaar indien het uitvoerend orgaan daarom verzoekt. Elke Partij verzamelt en verstrekt bovendien, voor zover van toepassing, relevante informatie betreffende de emissies van andere zware metalen, rekening houdend met de richtsnoeren inzake de methoden en de resolutie in ruimte en tijd als aangegeven door het bestuursorgaan van het EMEP en het uitvoerend orgaan.
2. De overeenkomstig lid 1, onder a, te verstrekken informatie moet in overeenstemming zijn met het tijdens een zitting van het uitvoerend orgaan door de Partijen aan te nemen besluit betreffende vorm en inhoud. De bepalingen van dit besluit worden indien nodig nader bezien, teneinde na te gaan of aanvullende elementen betreffende de vorm of de inhoud van de informatie in de rapporten moeten worden opgenomen.
@@ -166,7 +166,7 @@
##### Artikel 10. Toetsing door de Partijen op zittingen van het uitvoerend orgaan
1. Op zittingen van het uitvoerend orgaan toetsen de Partijen overeenkomstig [artikel 10, lid 2, onder a, van het Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003681&artikel=10) de door de Partijen, het EMEP en andere afhankelijke instanties verstrekte informatie en de verslagen van het implementatiecomité, als bedoeld in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&artikel=9&z=2003-12-29&g=2003-12-29) van dit Protocol.
1. Op zittingen van het uitvoerend orgaan toetsen de Partijen overeenkomstig [artikel 10, lid 2, onder a, van het Verdrag](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0003681&artikel=10) de door de Partijen, het EMEP en andere afhankelijke instanties verstrekte informatie en de verslagen van het implementatiecomité, als bedoeld in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&artikel=9&z=2014-01-09&g=2014-01-09) van dit Protocol.
2. Op zittingen van het uitvoerend orgaan onderwerpen de Partijen de voortgang in het nakomen van de in dit Protocol vermelde verplichtingen aan een toetsing.
@@ -184,7 +184,7 @@
- c. De procedures, de methoden en het tijdschema voor deze toetsingen worden nader bepaald door de Partijen op een zitting van het uitvoerend orgaan.
4. Op basis van de conclusie van de in lid 3 bedoelde toetsingen stellen de Partijen zo spoedig mogelijk na voltooiing van de toetsing een werkprogramma op met verdere maatregelen ter vermindering van emissies van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29) vermelde zware metalen in de atmosfeer.
4. Op basis van de conclusie van de in lid 3 bedoelde toetsingen stellen de Partijen zo spoedig mogelijk na voltooiing van de toetsing een werkprogramma op met verdere maatregelen ter vermindering van emissies van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen in de atmosfeer.
##### Artikel 11. Beslechting van geschillen
@@ -208,7 +208,7 @@
##### Artikel 12. Bijlagen
De bijlagen bij dit Protocol vormen een integrerend deel van het Protocol. De [bijlagen III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2003-12-29&g=2003-12-29) en [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2003-12-29&g=2003-12-29) dragen het karakter van een aanbeveling.
De bijlagen bij dit Protocol vormen een integrerend deel van het Protocol. De [bijlagen III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2014-01-09&g=2014-01-09) en [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2014-01-09&g=2014-01-09) dragen het karakter van een aanbeveling.
##### Artikel 13. Wijzigingen van het Protocol
@@ -216,13 +216,13 @@
2. Voorgestelde wijzigingen worden schriftelijk ingediend bij de uitvoerend secretaris van de Commissie, die ze aan alle Partijen bekendmaakt. De Partijen bespreken de voorgestelde wijzigingen op de eerstvolgende zitting van het uitvoerend orgaan, op voorwaarde dat deze voorstellen ten minste 90 dagen van tevoren door de uitvoerend secretaris aan de Partijen zijn toegezonden.
3. Wijzigingen in dit Protocol en in de [bijlagen I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29), [II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2003-12-29&g=2003-12-29), [IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=IV&z=2003-12-29&g=2003-12-29), [V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2003-12-29&g=2003-12-29) en [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2003-12-29&g=2003-12-29) worden bij consensus aangenomen door de Partijen die aanwezig zijn op een zitting van het uitvoerend orgaan, en worden voor de Partijen die ze hebben aanvaard van kracht op de negentigste dag na de datum waarop twee derde van de Partijen hun akte van aanvaarding daarvan heeft nedergelegd bij de depositaris. Voor elke andere Partij worden wijzigingen van kracht op de negentigste dag na de datum waarop die Partij haar akte van aanvaarding daarvan heeft nedergelegd.
4. Wijzigingen in de [bijlagen III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2003-12-29&g=2003-12-29) en [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2003-12-29&g=2003-12-29) worden bij consensus aangenomen door de Partijen die aanwezig zijn op een zitting van het uitvoerend orgaan. Na het verstrijken van 90 dagen na de datum van bekendmaking daarvan aan alle Partijen door de uitvoerend secretaris van de Commissie wordt een wijziging in bedoelde bijlagen van kracht voor de Partijen die geen kennisgeving als bedoeld in lid 5 van dit artikel bij de depositaris hebben ingediend, op voorwaarde dat ten minste zestien Partijen niet een dergelijke kennisgeving hebben ingediend.
5. Een Partij die een wijziging in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2003-12-29&g=2003-12-29) of [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2003-12-29&g=2003-12-29) niet kan goedkeuren, stelt de depositaris daarvan schriftelijk in kennis binnen 90 dagen na de datum van bekendmaking van de aanneming. De depositaris stelt alle Partijen onverwijld in kennis van de ontvangst van dergelijke kennisgevingen. Een Partij kan te allen tijde een aanvaarding in de plaats stellen van haar eerdere kennisgeving en na nederlegging van een akte van aanvaarding bij de depositaris wordt de wijziging in die bijlage dan terstond van kracht voor die Partij.
6. Indien een voorstel tot wijziging van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2003-12-29&g=2003-12-29), [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2003-12-29&g=2003-12-29) of [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2003-12-29&g=2003-12-29) betrekking heeft op de toevoeging van een zwaar metaal, een maatregel inzake productbeheersing dan wel een product of een productengroep aan dit Protocol:
3. Wijzigingen in dit Protocol en in de [bijlagen I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09), [II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=II&z=2014-01-09&g=2014-01-09), [IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=IV&z=2014-01-09&g=2014-01-09), [V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=V&z=2014-01-09&g=2014-01-09) en [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2014-01-09&g=2014-01-09) worden bij consensus aangenomen door de Partijen die aanwezig zijn op een zitting van het uitvoerend orgaan, en worden voor de Partijen die ze hebben aanvaard van kracht op de negentigste dag na de datum waarop twee derde van de Partijen hun akte van aanvaarding daarvan heeft nedergelegd bij de depositaris. Voor elke andere Partij worden wijzigingen van kracht op de negentigste dag na de datum waarop die Partij haar akte van aanvaarding daarvan heeft nedergelegd.
4. Wijzigingen in de [bijlagen III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2014-01-09&g=2014-01-09) en [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2014-01-09&g=2014-01-09) worden bij consensus aangenomen door de Partijen die aanwezig zijn op een zitting van het uitvoerend orgaan. Na het verstrijken van 90 dagen na de datum van bekendmaking daarvan aan alle Partijen door de uitvoerend secretaris van de Commissie wordt een wijziging in bedoelde bijlagen van kracht voor de Partijen die geen kennisgeving als bedoeld in lid 5 van dit artikel bij de depositaris hebben ingediend, op voorwaarde dat ten minste zestien Partijen niet een dergelijke kennisgeving hebben ingediend.
5. Een Partij die een wijziging in [bijlage III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=III&z=2014-01-09&g=2014-01-09) of [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2014-01-09&g=2014-01-09) niet kan goedkeuren, stelt de depositaris daarvan schriftelijk in kennis binnen 90 dagen na de datum van bekendmaking van de aanneming. De depositaris stelt alle Partijen onverwijld in kennis van de ontvangst van dergelijke kennisgevingen. Een Partij kan te allen tijde een aanvaarding in de plaats stellen van haar eerdere kennisgeving en na nederlegging van een akte van aanvaarding bij de depositaris wordt de wijziging in die bijlage dan terstond van kracht voor die Partij.
6. Indien een voorstel tot wijziging van [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09), [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2014-01-09&g=2014-01-09) of [VII](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&z=2014-01-09&g=2014-01-09) betrekking heeft op de toevoeging van een zwaar metaal, een maatregel inzake productbeheersing dan wel een product of een productengroep aan dit Protocol:
- a. verstrekt de indiener van het voorstel het uitvoerend orgaan de informatie, als bedoeld in Besluit 1998/1 van het uitvoerend orgaan, met inbegrip van eventuele wijzigingen daarvan;
@@ -240,7 +240,7 @@
1. Dit Protocol dient te worden bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd door de ondertekenaars.
2. Dit Protocol staat met ingang van 21 december 1998 open voor toetreding door de Staten en organisaties die aan de eisen van [artikel 14, lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&artikel=14&z=2003-12-29&g=2003-12-29), voldoen.
2. Dit Protocol staat met ingang van 21 december 1998 open voor toetreding door de Staten en organisaties die aan de eisen van [artikel 14, lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&artikel=14&z=2014-01-09&g=2014-01-09), voldoen.
##### Artikel 16. Depositaris
@@ -250,7 +250,7 @@
1. Dit Protocol treedt in werking op de negentigste dag volgend op de datum waarop de zestiende akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding is nedergelegd.
2. Voor elke in [artikel 14, lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&artikel=14&z=2003-12-29&g=2003-12-29), bedoelde Staat of organisatie die dit Protocol bekrachtigt, aanvaardt of goedkeurt of hiertoe toetreedt na de nederlegging van de zestiende akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, treedt het Protocol in werking op de negentigste dag volgend op de datum van nederlegging door deze partij van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding.
2. Voor elke in [artikel 14, lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&artikel=14&z=2014-01-09&g=2014-01-09), bedoelde Staat of organisatie die dit Protocol bekrachtigt, aanvaardt of goedkeurt of hiertoe toetreedt na de nederlegging van de zestiende akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, treedt het Protocol in werking op de negentigste dag volgend op de datum van nederlegging door deze partij van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding.
##### Artikel 18. Opzegging
@@ -276,55 +276,27 @@
##### 1
Deze bijlage is bedoeld om de Partijen bij het verdrag richtsnoeren te geven bij de bepaling van de beste beschikbare technieken zodat ze kunnen voldoen aan de verplichtingen van het Protocol.
Twee soorten grenswaarden zijn belangrijk voor beheersing van de emissie van zware metalen:
- –. Waarden voor specifieke zware metalen of groepen van zware metalen;
- –. Waarden voor emissies van stof in het algemeen.
##### 2
Onder „beste beschikbare technieken" (BBT) wordt verstaan het meest doeltreffende en geavanceerde ontwikkelingsstadium van de activiteiten en exploitatiemethoden, waarbij de praktische bruikbaarheid van speciale technieken om in beginsel het uitgangspunt voor de emissiegrenswaarden te vormen is aangetoond, met het doel emissies en effecten op het milieu in zijn geheel te voorkomen, of wanneer dat niet mogelijk blijkt algemeen te beperken:
- –. Onder „technieken" wordt verstaan zowel de toegepaste technieken als de wijze waarop de installatie wordt ontworpen, gebouwd, onderhouden, geëxploiteerd en ontmanteld;
- –. Onder „beschikbare" technieken wordt verstaan op zodanige schaal ontwikkeld dat de betrokken technieken, kosten en baten in aanmerking genomen, economisch en technisch haalbaar in de betrokken industriële context kunnen worden toegepast, onafhankelijk van de vraag of die technieken al dan niet op het grondgebied van de betrokken lidstaat worden toegepast of geproduceerd, mits zij voor de exploitant op redelijke voorwaarden toegankelijk zijn;
- –. Onder „beste" wordt verstaan het meest doeltreffend voor het bereiken van een hoog algemeen niveau van bescherming van het milieu in zijn geheel.
Bij de bepaling van de beste beschikbare technieken moet in het algemeen of in specifieke gevallen bijzondere aandacht worden besteed aan onderstaande factoren, waarbij rekening moet worden gehouden met de te verwachten kosten en baten van een maatregel en het voorzorg- en het preventiebeginsel:
- –. Het gebruik van technologie die weinig afval oplevert;
- –. Het gebruik van minder gevaarlijke stoffen;
- –. De bevordering van terugwinning en recycling van stoffen die tijdens het proces ontstaan en worden gebruikt en van afvalstoffen;
- –. Vergelijkbare processen, inrichtingen of exploitatiemethoden die met succes op industriële schaal zijn beproefd;
- –. De vooruitgang van de techniek en de ontwikkeling van de wetenschappelijke kennis;
- –. De aard, de effecten en de omvang van de emissie;
- –. De data van ingebruikneming van de nieuwe of bestaande installaties;
- –. De tijd die nodig is voor het omschakelen op een beste beschikbare techniek;
- –. Het verbruik en de aard van de grondstoffen (met inbegrip van water) die bij het proces worden gebruikt en het rendement van de energie daarvan;
- –. De noodzaak om de algehele milieueffecten en milieurisico's van de emissie te voorkomen of tot een minimum te beperken;
- –. De noodzaak om ongevallen te voorkomen en de gevolgen daarvan voor het milieu tot een minimum te beperken.
Het is niet de bedoeling om aan de hand van het begrip beste beschikbare technieken bepaalde technieken of technologie voor te schrijven, maar om rekening te houden met de technische karakteristieken van de desbetreffende installatie, de geografische locatie en de plaatselijke milieusituatie.
In beginsel kunnen grenswaarden voor stof niet de specifieke grenswaarden voor cadmium, lood en kwik vervangen, omdat de hoeveelheid metalen bij stofvormige emissies van proces tot proces verschilt. Naleving van deze grenswaarden draagt evenwel aanzienlijk bij tot vermindering van de emissie van zware metalen in het algemeen. Controle van stofvormige emissies is gewoonlijk minder duur dan controle van de verschillende soorten en continue controle van afzonderlijke zware metalen is doorgaans niet uitvoerbaar. Grenswaarden voor stof zijn bijgevolg van groot praktisch belang en zijn in deze bijlage in de meeste gevallen vastgesteld als aanvulling of vervanging van specifieke grenswaarden voor cadmium of lood of kwik.
##### 3
De informatie over de effectiviteit en de kosten van beperkende maatregelen is gebaseerd op officiële documentatie van het uitvoerend orgaan en daaraan ondergeschikte lichamen, met name documenten die door de Task force emissie van zware metalen en de voorbereidende werkgroep ad hoc zware metalen zijn ontvangen en geëvalueerd. Voorts is andere internationale informatie over beste beschikbare technieken voor emissiebeperking in aanmerking genomen (bijvoorbeeld de technische notities inzake BBT van de Europese Gemeenschap, de PARCOM-aanbevelingen voor BBT en rechtstreeks door deskundigen verstrekte informatie).
Grenswaarden, uitgedrukt in mg/m3, gelden voor standaardcondities (volume bij 273,15 K, 101,3 kPa, droog gas) en worden berekend als een gemiddelde waarde van metingen gedurende één uur over meerdere uren van bedrijf, in de regel 24 uren. Opstart- en onderhoudsperioden worden niet in aanmerking genomen. De middelingstijd kan worden verlengd indien dat nodig is om voldoende nauwkeurige controleresultaten te verkrijgen. Met betrekking tot het zuurstofgehalte van het afgas gelden de waarden die voor geselecteerde belangrijke stationaire bronnen zijn gegeven. Verdunning om de concentraties van verontreinigende stoffen in afgassen te verlagen, is verboden. Grenswaarden voor zware metalen omvatten de vaste, gas- en dampvorm van het metaal en verbindingen daarvan, uitgedrukt als het metaal. Wanneer grenswaarden voor totale emissies zijn gegeven, uitgedrukt in g/eenheid van productie, respectievelijk capaciteit, hebben deze betrekking op het totaal van rookgas- en diffuse emissies, berekend als een gemiddelde waarde.
##### 4
Aangezien voortdurend nieuwe ervaring wordt opgedaan met nieuwe producten en nieuwe installaties waarin technieken met geringe emissie worden toegepast, alsook met de aanpassing van bestaande installaties, zal deze bijlage naar alle waarschijnlijkheid moeten worden gewijzigd en bijgewerkt.
In gevallen waarin overschrijding van gegeven grenswaarden niet kan worden uitgesloten, moet controle worden uitgeoefend op de emissies dan wel op een prestatie-indicator die aangeeft of een regelsysteem naar behoren functioneert en goed wordt onderhouden. Indien de uitgestoten stof-vracht meer dan 10 kg/h bedraagt moet de controle op emissies of prestatie-indicatoren continu zijn. Indien emissies worden gecontroleerd, moeten de concentraties van luchtverontreinigende stoffen in gasafvoerkanalen op een representatieve wijze worden gemeten. Bij discontinue controle van stofvormige emissies moeten de concentraties op gezette tijdstippen worden gemeten met ten minste drie onafhankelijke registraties per controle. Bemonstering en analyse van alle verontreinigende stoffen alsook referentiemeetmethoden voor het ijken van geautomatiseerde meetsystemen, moeten worden uitgevoerd overeenkomstig de normen die door de Europese Commissie voor Normalisatie (CEN) of de Internationale Organisatie voor Normalisatie (ISO) zijn vastgesteld. In afwachting van de opstelling van de CEN- of ISO-normen, zijn de nationale normen van toepassing. Nationale normen kunnen eveneens worden toegepast indien zij resultaten opleveren die gelijkwaardig zijn met CEN- of ISO-normen.
##### 5
De bijlage bevat een aantal qua kosten en rendement uiteenlopende maatregelen. De keuze van maatregelen voor een bepaald geval is afhankelijk van en kan worden beperkt door een aantal factoren, zoals economische omstandigheden, technologische infrastructuur, eventueel bestaande voorzieningen voor emissiebeperking, veiligheid, energieverbruik en of het een nieuwe dan wel bestaande bron betreft.
Bij continue controle wordt geacht aan de grenswaarden te zijn voldaan indien geen van de berekende gemiddelde emissieconcentraties over 24 uren de grenswaarde overschrijdt of indien het 24-uurgemiddelde van de gecontroleerde parameter niet de gecorreleerde waarde overschrijdt van die parameter die tijdens een prestatieproef met een naar behoren functionerend en onderhouden regelsysteem werd vastgesteld. Bij discontinue emissiecontrole wordt geacht aan de grenswaarden te zijn voldaan indien de gemiddelde registratie per controle de grenswaarde niet overschrijdt. Geacht wordt te zijn voldaan aan elk van de grenswaarden, uitgedrukt als totale emissie per eenheid van productie of totale jaarlijkse emissie, indien de gecontroleerde waarde niet wordt overschreden, zoals hierboven beschreven.
##### 6
@@ -836,3 +808,71 @@
IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized thereto, have signed the present Protocol.
DONE at Aarhus (Denmark), this twenty-fourth day of June, one thousand nine hundred and ninety-eight.
### II. SPECIFIEKE GRENSWAARDEN VOOR GESELECTEERDE BELANGRIJKE STATIONAIRE BRONNEN
##### 1
Tenzij in deze bijlage anders is bepaald, mag uiterlijk zes maanden na de datum van inwerkingtreding van dit Protocol het loodgehalte van benzine die voor wegvoertuigen wordt verkocht, niet meer dan 0,013 g/l bedragen. Partijen die ongelode benzine met een loodgehalte van minder dan 0,013 g/l in de handel brengen, trachten dat niveau te behouden of nog te verlagen.
##### 2
De Partijen streven ernaar dat de overschakeling op brandstoffen met een loodgehalte zoals vermeld in punt 1, resulteert in een algehele vermindering van de schadelijke effecten op de volksgezondheid en het milieu.
##### 3
Indien een staat bepaalt dat het beperken van het loodgehalte van in de handel gebrachte benzine overeenkomstig punt 1 zou resulteren in ernstige sociaal-economische of technische problemen dan wel alles bij elkaar geen voordelen voor milieu of volksgezondheid zou opleveren, gezien onder andere de klimatologische situatie, kan hij de in dat punt vermelde termijn verlengen tot tien jaar, gedurende welke gelode benzine met een loodgehalte van ten hoogste 0,15 g/l in de handel mag worden gebracht. In dat geval moet de staat in een verklaring, die samen met de akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding moet worden nedergelegd, uitdrukkelijk vermelden dat hij voornemens is de termijn te verlengen en het uitvoerend orgaan schriftelijk inlichten over de redenen daarvoor.
##### 4
Een partij mag geringe hoeveelheden, tot 0,5% van de totale benzineverkoop, gelode benzine met een loodgehalte van ten hoogste 0,15 g/l in de handel brengen die voor oude wegvoertuigen is bestemd.
##### 5
Elke partij moet uiterlijk vijf jaar, dan wel tien jaar voor landen met een overgangseconomie die in een met hun akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding neder te leggen verklaring te kennen geven een termijn van tien jaar te willen hanteren, concentratieniveaus bereiken die niet hoger zijn dan:
- a. 0,05 gewichtsprocenten kwik in alkali-mangaanbatterijen voor langdurig gebruik in extreme omstandigheden (bijvoorbeeld temperatuur onder 0°C of boven 50°C, blootstelling aan schokken);
- b. 0,025 gewichtsprocenten kwik in alle andere alkali-mangaanbatterijen.
De bovengenoemde grenswaarden mogen worden overschreden bij een nieuwe toepassing van een batterijtechnologie of het gebruik van een batterij in een nieuw product, indien redelijke voorzorgsmaatregelen zijn genomen om ervoor te zorgen dat de batterij of het product zonder een gemakkelijk te verwijderen batterij op een milieuvriendelijke manier wordt verwijderd. Alkali-mangaanknoopcellen en batterijen die uit knoopcellen zijn samengesteld zijn eveneens van deze verplichting vrijgesteld.
##### 1
Deze bijlage heeft tot doel Partijen richtsnoeren te verstrekken voor maatregelen inzake productbeheer.
##### 2
De Partijen kunnen geëigende maatregelen inzake productbeheer zoals de hieronder vermelde in overweging nemen, waar dat gerechtvaardigd is in verband met de potentiële risico's van schadelijke effecten op de volksgezondheid of het milieu van emissies van één of meer van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen, rekening houdend met alle relevante risico's en voordelen van dergelijke maatregelen, teneinde ervoor te zorgen dat eventuele wijzigingen in producten in totaal resulteren in een vermindering van schadelijke effecten voor de volksgezondheid en het milieu:
- a. Vervanging van producten waaraan één of meer in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen opzettelijk zijn toegevoegd, indien een geschikt alternatief bestaat;
- b. Minimalisering of vervanging in producten van één of meer in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen die opzettelijk zijn toegevoegd;
- c. Productinformatie met inbegrip van etikettering die de gebruikers inlicht over het feit dat één of meer in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen opzettelijk zijn toegevoegd en over de noodzaak van veilig gebruik en afvalbehandeling;
- d. Economische stimuleringsmaatregelen of vrijwillige overeenkomsten teneinde de aanwezigheid van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen te beperken of uit te schakelen;
- e. Uitwerking en implementatie van programma's voor milieuvriendelijke inzameling, recycling of verwijdering van producten die een van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen bevatten.
##### 3
Elk hieronder vermeld product of groep van producten bevat één of meer van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=I&z=2014-01-09&g=2014-01-09) vermelde zware metalen en is door ten minste één partij bij het verdrag onderworpen aan regelgeving of vrijwillige maatregelen, voor een belangrijk gedeelte op basis van de bijdrage van dat product tot emissies van één of meer van de in bijlage I vermelde zware metalen. Er is evenwel nog niet voldoende informatie beschikbaar om te bevestigen dat zij voor alle Partijen een belangrijke bron vormen en dat dus de opname daarvan in [bijlage VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2014-01-09&g=2014-01-09) gerechtvaardigd is. Elke partij wordt aangemoedigd de beschikbare informatie te onderzoeken en, indien zij ervan overtuigd is dat voorzorgsmaatregelen moeten worden getroffen, maatregelen inzake productbeheer, zoals die welke in [punt 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VII&artikel=2&z=2014-01-09&g=2014-01-09) zijn genoemd, toe te passen op een of meer van de hieronder vermelde producten:
- a. Kwikhoudende elektrische componenten, d.w.z. apparaten met één of meer contacten/sensoren voor het overbrengen van elektrische stroom, zoals relais, thermostaten, niveauschakelaars, drukschakelaars en andere schakelaars (reeds getroffen maatregelen omvatten een verbod van de meeste kwikhoudende elektrische componenten, vrijwillige programma's ter vervanging van bepaalde kwikschakelaars door elektrische of speciale schakelaars, vrijwillige recyclingprogramma's voor schakelaars en vrijwillige recyclingprogramma's voor thermostaten);
- b. Kwikhoudende meetmiddelen zoals thermometers, manometers, barometers, drukmeters, drukschakelaars en drukoverbrengers (getroffen maatregelen omvatten een verbod van kwikhoudende thermometers en een verbod van meetinstrumenten);
- c. Kwikhoudende fluorescentielampen (getroffen maatregelen omvatten vermindering van het kwikgehalte per lamp via zowel vrijwillige programma's als regelgeving en vrijwillige recyclingprogramma's);
- d. Kwikhoudend tandamalgaam (getroffen maatregelen omvatten vrijwillige programma's en een verbod met vrijstellingen voor het gebruik van tandamalgaam en vrijwillige programma's ter stimulering van het opvangen van tandamalgaam uit de tandartsenpraktijk voordat het naar waterzuiveringsinstallaties wordt geloosd;
- e. Kwikhoudende bestrijdingsmiddelen, met inbegrip van zaadbehandeling (getroffen maatregelen omvatten een verbod van alle kwikhoudende bestrijdingsmiddelen, met inbegrip van zaadbehandeling, en een verbod van het gebruik van kwik als desinfecteermiddel);
- f. Kwikhoudende verf (getroffen maatregelen omvatten een verbod van alle dergelijke verfsoorten, een verbod van die verfsoorten voor gebruik binnenshuis en op kinderspeelgoed alsook een verbod van het gebruik in aangroeiwerende verf);
- g. Andere kwikhoudende batterijen dan de in [bijlage VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001437&bijlage=VI&z=2014-01-09&g=2014-01-09) bedoelde (getroffen maatregelen omvatten vermindering van het kwikgehalte via zowel vrijwillige programma's als regelgeving en milieuheffingen en vrijwillige recyclingprogramma's).
IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized thereto, have signed the present Protocol.
DONE at Aarhus (Denmark), this twenty-fourth day of June, one thousand nine hundred and ninety-eight.
2003-12-29
Protocol bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luch
2003-12-29
Protocol bij het Verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende l
original version Tekst op deze datum