Wijzigingsgeschiedenis

Verdrag inzake luchtdiensten tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Sint Maarten, en de Staat Koeweit

2 versions · 2023-05-01
2023-05-01
Verdrag inzake luchtdiensten tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten

Wijzigingen op 2023-05-01

@@ -30,9 +30,9 @@
- f. wordt onder „het Verdrag van Chicago” verstaan het [Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart](onbekend), op 7 december 1944 te Chicago voor ondertekening opengesteld, met inbegrip van alle overeenkomstig [artikel 90 van dat Verdrag van Chicago](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507&artikel=90) aangenomen [Bijlagen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507&bijlage=1) en alle wijzigingen van de Bijlagen of van het Verdrag van Chicago ingevolge de artikelen 90 en [94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507&artikel=94) daarvan, voor zover deze Bijlagen en wijzigingen door beide verdragsluitende partijen zijn aangenomen;
- g. wordt onder „aangewezen luchtvaartmaatschappij” verstaan elke luchtvaartmaatschappij die door een verdragsluitende partij schriftelijk is aangewezen aan de andere verdragsluitende partij in overeenstemming met [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=4&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag als zijnde een luchtvaartmaatschappij die de overeengekomen diensten gaat exploiteren op de in overeenstemming met [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=3&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag omschreven routes;
- h. wordt onder „routetabel” verstaan de routetabel die als Bijlage bij dit Verdrag is gevoegd of zoals gewijzigd in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag;
- g. wordt onder „aangewezen luchtvaartmaatschappij” verstaan elke luchtvaartmaatschappij die door een verdragsluitende partij schriftelijk is aangewezen aan de andere verdragsluitende partij in overeenstemming met [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=4&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag als zijnde een luchtvaartmaatschappij die de overeengekomen diensten gaat exploiteren op de in overeenstemming met [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=3&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag omschreven routes;
- h. wordt onder „routetabel” verstaan de routetabel die als Bijlage bij dit Verdrag is gevoegd of zoals gewijzigd in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag;
- i. wordt onder „tarief” verstaan de prijzen die in rekening worden gebracht voor het vervoer van passagiers, bagage en vracht en de voorwaarden waaronder deze prijzen van toepassing zijn, met inbegrip van de prijzen en voorwaarden voor agentschappen en andere aanvullende diensten, maar met uitzondering van de vergoedingen en voorwaarden voor het vervoeren van post;
@@ -58,7 +58,7 @@
- d. de rechten die elders zijn omschreven in dit Verdrag.
3. De luchtvaartmaatschappijen van elke verdragsluitende partij, anders dan die aangewezen uit hoofde van [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=4&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag, genieten tevens de rechten die omschreven zijn in het tweede lid, onderdelen a en b, van dit artikel.
3. De luchtvaartmaatschappijen van elke verdragsluitende partij, anders dan die aangewezen uit hoofde van [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=4&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag, genieten tevens de rechten die omschreven zijn in het tweede lid, onderdelen a en b, van dit artikel.
4. Geen van de bepalingen in het tweede lid van dit artikel wordt geacht (een) aangewezen luchtvaartmaatschappij(en) van de ene verdragsluitende partij het voorrecht te geven op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij tegen vergoeding passagiers, vracht en post op te nemen bestemd voor een ander punt op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij.
@@ -66,7 +66,7 @@
1. Elke verdragsluitende partij heeft het recht door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de luchtvaartautoriteiten van de andere verdragsluitende partij langs diplomatieke weg een of meer luchtvaartmaatschappijen aan te wijzen voor het exploiteren van de overeengekomen diensten in overeenstemming met dit Verdrag en deze aanwijzingen in te trekken of te wijzigen.
2. Na ontvangst van een dergelijke aanwijzing en van de aanvraag van de aangewezen luchtvaartmaatschappij, in de vorm en op de wijze die is voorgeschreven voor exploitatievergunningen en technische vergunningen, verleent elke verdragsluitende partij de desbetreffende exploitatievergunningen met een zo gering mogelijke procedurele vertraging teneinde de in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=3&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag omschreven rechten te kunnen uitoefenen, mits:
2. Na ontvangst van een dergelijke aanwijzing en van de aanvraag van de aangewezen luchtvaartmaatschappij, in de vorm en op de wijze die is voorgeschreven voor exploitatievergunningen en technische vergunningen, verleent elke verdragsluitende partij de desbetreffende exploitatievergunningen met een zo gering mogelijke procedurele vertraging teneinde de in [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=3&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag omschreven rechten te kunnen uitoefenen, mits:
- a. in het geval van een luchtvaartmaatschappij aangewezen door de Staat Koeweit:
@@ -74,7 +74,7 @@
- ii. de Staat Koeweit daadwerkelijk controleert of de luchtvaartmaatschappij de regelgeving naleeft en de luchtvaartmaatschappij beschikt over een geldig bewijs luchtvaartexploitant afgegeven door de Staat Koeweit;
- iii. de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de Staat Koeweit de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2022-09-19&g=2022-09-19) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag vervatte bepalingen naleeft; en
- iii. de aangewezen luchtvaartmaatschappij van de Staat Koeweit de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2023-05-01&g=2023-05-01) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag vervatte bepalingen naleeft; en
- iv. de aangewezen luchtvaartmaatschappij in staat is te voldoen aan de in de wetten en voorschriften gestelde voorwaarden die Sint Maarten gewoonlijk toepast op de exploitatie van internationale luchtvervoerdiensten.
@@ -84,7 +84,7 @@
- ii. Sint Maarten daadwerkelijk controleert of de luchtvaartmaatschappij de regelgeving naleeft en de luchtvaartmaatschappij beschikt over een geldig bewijs luchtvaartexploitant afgegeven door Sint Maarten;
- iii. Sint Maarten de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2022-09-19&g=2022-09-19) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag vervatte bepalingen naleeft; en
- iii. Sint Maarten de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2023-05-01&g=2023-05-01) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag vervatte bepalingen naleeft; en
- iv. de aangewezen luchtvaartmaatschappij in staat is te voldoen aan de in de wetten en voorschriften gestelde voorwaarden die de Staat Koeweit gewoonlijk toepast op de exploitatie van internationale luchtvervoerdiensten.
@@ -92,7 +92,7 @@
##### Artikel 5. Intrekking, schorsing en oplegging van voorwaarden
1. De luchtvaartautoriteiten van elke verdragsluitende partij hebben het recht de in het eerste lid van [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=4&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag vermelde vergunningen voor een door de andere verdragsluitende partij aangewezen luchtvaartmaatschappij te weigeren, en deze in te trekken, te schorsen of hieraan voorwaarden te verbinden, hetzij tijdelijk, hetzij permanent, wanneer:
1. De luchtvaartautoriteiten van elke verdragsluitende partij hebben het recht de in het eerste lid van [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=4&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag vermelde vergunningen voor een door de andere verdragsluitende partij aangewezen luchtvaartmaatschappij te weigeren, en deze in te trekken, te schorsen of hieraan voorwaarden te verbinden, hetzij tijdelijk, hetzij permanent, wanneer:
- a. in het geval van een luchtvaartmaatschappij aangewezen door de Staat Koeweit:
@@ -102,7 +102,7 @@
- ii. de Staat Koeweit niet langer daadwerkelijk controleert of de luchtvaartmaatschappij de regelgeving naleeft of de luchtvaartmaatschappij niet beschikt over een geldig bewijs luchtvaartexploitant afgegeven door de Staat Koeweit;
- iii. de Staat Koeweit de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2022-09-19&g=2022-09-19) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag vervatte bepalingen niet naleeft; of
- iii. de Staat Koeweit de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2023-05-01&g=2023-05-01) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag vervatte bepalingen niet naleeft; of
- iv. de aangewezen luchtvaartmaatschappij niet in staat is te voldoen aan andere in de wetten en voorschriften gestelde voorwaarden die Sint Maarten gewoonlijk toepast op de exploitatie van internationale luchtdiensten.
@@ -112,11 +112,11 @@
- ii. Sint Maarten niet langer daadwerkelijk controleert of de luchtvaartmaatschappij de regelgeving naleeft of de luchtvaartmaatschappij niet beschikt over een geldig bewijs luchtvaartexploitant afgegeven door Sint Maarten;
- iii. Sint Maarten de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2022-09-19&g=2022-09-19) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag vervatte bepalingen niet naleeft; of
- iii. Sint Maarten de in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2023-05-01&g=2023-05-01) en [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag vervatte bepalingen niet naleeft; of
- iv. de aangewezen luchtvaartmaatschappij niet in staat is te voldoen aan de in de wetten en voorschriften gestelde voorwaarden die de Staat Koeweit gewoonlijk toepast op de exploitatie van internationale luchtdiensten.
2. Tenzij onmiddellijk ingrijpen van wezenlijk belang is ter voorkoming van inbreuken op de bovengenoemde wetten en voorschriften of tenzij de veiligheid of beveiliging maatregelen vereist in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2022-09-19&g=2022-09-19) of [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag, worden de in het eerste lid van dit artikel vastgestelde rechten slechts uitgeoefend na overleg tussen de luchtvaartautoriteiten overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag.
2. Tenzij onmiddellijk ingrijpen van wezenlijk belang is ter voorkoming van inbreuken op de bovengenoemde wetten en voorschriften of tenzij de veiligheid of beveiliging maatregelen vereist in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=15&z=2023-05-01&g=2023-05-01) of [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=16&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag, worden de in het eerste lid van dit artikel vastgestelde rechten slechts uitgeoefend na overleg tussen de luchtvaartautoriteiten overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag.
##### Artikel 6. Gebruikersheffingen
@@ -214,7 +214,7 @@
##### Artikel 12. Indienen van dienstregelingen en vluchtschema's
1. De aangewezen luchtvaartmaatschappijen dienen uiterlijk zestig (60) dagen voor de aanvang van de overeengekomen diensten op de omschreven routes in overeenstemming met [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=3&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag de typen diensten, luchtvaartuigen alsmede de vluchtschema’s in bij de relevante autoriteiten van de verdragsluitende partijen. Deze bepaling is eveneens van toepassing bij eventuele wijzigingen daarvan.
1. De aangewezen luchtvaartmaatschappijen dienen uiterlijk zestig (60) dagen voor de aanvang van de overeengekomen diensten op de omschreven routes in overeenstemming met [artikel 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=3&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag de typen diensten, luchtvaartuigen alsmede de vluchtschema’s in bij de relevante autoriteiten van de verdragsluitende partijen. Deze bepaling is eveneens van toepassing bij eventuele wijzigingen daarvan.
2. De relevante autoriteiten die dergelijke vluchtschema's ontvangen keuren deze normaliter goed of stellen wijzigingen ervan voor. De aangewezen luchtvaartmaatschappijen mogen in geen geval met hun diensten aanvangen voordat de vluchtschema's door de betrokken autoriteiten zijn goedgekeurd. Deze bepaling is eveneens van toepassing bij eventuele wijzigingen daarvan.
@@ -252,7 +252,7 @@
1. Elke verdragsluitende partij kan te allen tijde verzoeken om overleg inzake door de andere verdragsluitende partij aanvaarde veiligheidsnormen op elk gebied met betrekking tot bemanning, luchtvaartuigen of hun exploitatie. Dergelijk overleg vindt plaats binnen dertig (30) dagen na dat verzoek.
2. Indien een verdragsluitende partij na dergelijk overleg oordeelt dat de andere verdragsluitende partij op een willekeurig gebied niet op doeltreffende wijze veiligheidsnormen handhaaft en toepast die ten minste gelijk zijn aan de minimumnormen die op dat moment uit hoofde van het [Verdrag van Chicago](onbekend) waren vastgesteld, stelt de eerstgenoemde verdragsluitende partij de andere verdragsluitende partij daarvan in kennis en van de noodzakelijk geachte stappen om te voldoen aan die minimumnormen en neemt die andere verdragsluitende partij passende corrigerende maatregelen. Indien de andere verdragsluitende partij nalaat binnen vijftien (15) dagen, of binnen een langere termijn als overeen te komen, passende maatregelen te nemen, is dit aanleiding voor de toepassing van [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=5&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag.
2. Indien een verdragsluitende partij na dergelijk overleg oordeelt dat de andere verdragsluitende partij op een willekeurig gebied niet op doeltreffende wijze veiligheidsnormen handhaaft en toepast die ten minste gelijk zijn aan de minimumnormen die op dat moment uit hoofde van het [Verdrag van Chicago](onbekend) waren vastgesteld, stelt de eerstgenoemde verdragsluitende partij de andere verdragsluitende partij daarvan in kennis en van de noodzakelijk geachte stappen om te voldoen aan die minimumnormen en neemt die andere verdragsluitende partij passende corrigerende maatregelen. Indien de andere verdragsluitende partij nalaat binnen vijftien (15) dagen, of binnen een langere termijn als overeen te komen, passende maatregelen te nemen, is dit aanleiding voor de toepassing van [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=5&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag.
3. Onverminderd de verplichtingen bedoeld in [artikel 16](onbekend) en [33 van het Verdrag van Chicago](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0005507&artikel=33), wordt overeengekomen dat elk luchtvaartuig dat door een luchtvaartmaatschappij of de luchtvaartmaatschappijen van de ene verdragsluitende partij wordt gebruikt voor diensten naar of vanuit het grondgebied van de andere verdragsluitende partij, terwijl het zich op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij bevindt, mag worden onderworpen aan een inspectie door de bevoegde vertegenwoordigers van de andere verdragsluitende partij, aan boord en rond het luchtvaartuig om zowel de geldigheid van de documenten van het luchtvaartuig als die van zijn bemanning en de kennelijke toestand van het luchtvaartuig en zijn uitrusting te controleren (in dit artikel aangeduid als „platforminspectie”), mits dit niet leidt tot onredelijke vertraging.
@@ -272,7 +272,7 @@
8. Bewijzen van luchtwaardigheid, bewijzen van bevoegdheid en vergunningen die door de ene verdragsluitende partij zijn uitgereikt of geldig zijn verklaard en nog van kracht zijn, worden door de andere verdragsluitende partij als geldig erkend voor de exploitatie van de in dit Verdrag voorziene diensten, mits de eisen op grond waarvan deze bewijzen of vergunningen werden uitgereikt of geldig verklaard gelijk zijn aan of zwaarder dan de in overeenstemming met het [Verdrag van Chicago](onbekend) vastgestelde of vast te stellen minimumnormen. Elke verdragsluitende partij behoudt zich evenwel het recht voor om voor vluchten boven haar eigen grondgebied de erkenning te weigeren van bewijzen van bevoegdheid en vergunningen die aan haar eigen onderdanen zijn verstrekt of ten behoeve van hen geldig zijn verklaard door de andere verdragsluitende partij of door een andere staat.
9. Indien de voorrechten of voorwaarden van de in het achtste lid van dit artikel bedoelde vergunningen of bewijzen, afgegeven door de luchtvaartautoriteiten van een verdragsluitende partij aan een persoon of aangewezen luchtvaartmaatschappij of luchtvaartmaatschappijen of voor een luchtvaartuig dat gebruikt wordt voor de exploitatie van de overeengekomen diensten op de omschreven routes, een afwijking toestaan van de krachtens het [Verdrag van Chicago](onbekend) vastgestelde normen, welke afwijking is geregistreerd bij de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie, kunnen de luchtvaartautoriteiten van de andere verdragsluitende partij verzoeken om overleg in overeenstemming met [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag met de luchtvaartautoriteiten van die verdragsluitende partij teneinde zich ervan te vergewissen dat het gebruik in kwestie voor hen aanvaardbaar is. Indien zij er niet in slagen tot een bevredigende oplossing te komen, vormt dit een grond voor toepassing van [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=5&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag.
9. Indien de voorrechten of voorwaarden van de in het achtste lid van dit artikel bedoelde vergunningen of bewijzen, afgegeven door de luchtvaartautoriteiten van een verdragsluitende partij aan een persoon of aangewezen luchtvaartmaatschappij of luchtvaartmaatschappijen of voor een luchtvaartuig dat gebruikt wordt voor de exploitatie van de overeengekomen diensten op de omschreven routes, een afwijking toestaan van de krachtens het [Verdrag van Chicago](onbekend) vastgestelde normen, welke afwijking is geregistreerd bij de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie, kunnen de luchtvaartautoriteiten van de andere verdragsluitende partij verzoeken om overleg in overeenstemming met [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag met de luchtvaartautoriteiten van die verdragsluitende partij teneinde zich ervan te vergewissen dat het gebruik in kwestie voor hen aanvaardbaar is. Indien zij er niet in slagen tot een bevredigende oplossing te komen, vormt dit een grond voor toepassing van [artikel 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=5&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag.
##### Artikel 16. Beveiliging van de luchtvaart
@@ -296,7 +296,7 @@
1. Zo nodig vindt overleg plaats tussen de luchtvaartautoriteiten van de verdragsluitende partijen teneinde tot nauwe samenwerking en overeenstemming te komen aangaande alle zaken die betrekking hebben op de toepassing van dit Verdrag.
2. Elke verdragsluitende partij kan te allen tijde verzoeken om overleg met de andere verdragsluitende partij ten behoeve van het wijzigen van dit Verdrag of de Bijlage daarbij. Dergelijk overleg vangt aan binnen een termijn van dertig (30) dagen na de datum van ontvangst van een dergelijk verzoek. Elke wijziging van dit Verdrag wordt overeengekomen tussen de verdragsluitende partijen en geschiedt bij diplomatieke notawisseling en de wijzigingen treden in werking in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=24&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag.
2. Elke verdragsluitende partij kan te allen tijde verzoeken om overleg met de andere verdragsluitende partij ten behoeve van het wijzigen van dit Verdrag of de Bijlage daarbij. Dergelijk overleg vangt aan binnen een termijn van dertig (30) dagen na de datum van ontvangst van een dergelijk verzoek. Elke wijziging van dit Verdrag wordt overeengekomen tussen de verdragsluitende partijen en geschiedt bij diplomatieke notawisseling en de wijzigingen treden in werking in overeenstemming met de bepalingen van [artikel 24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=24&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag.
3. Onverminderd de bepalingen van het tweede lid van dit artikel, kunnen wijzigingen van de Bijlage bij dit Verdrag tussen de luchtvaartautoriteiten van de verdragsluitende partijen worden overeengekomen en bij diplomatieke notawisseling worden bevestigd, en treden in werking op een in de diplomatieke notawisseling te bepalen datum. Deze uitzondering op het tweede lid van dit artikel is niet van toepassing indien er verkeersrechten worden toegevoegd aan bovengenoemde Bijlage.
@@ -328,7 +328,7 @@
##### Artikel 20. Overeenstemming met multilaterale verdragen
Indien een door beide verdragsluitende partijen aanvaard algemeen multilateraal luchtvervoersverdrag in werking treedt, hebben de bepalingen van een dergelijk verdrag voorrang. Eventuele besprekingen teneinde te bepalen in welke mate dit Verdrag wordt beëindigd, vervangen, gewijzigd of aangevuld door de bepalingen van het multilaterale verdrag vinden plaats in overeenstemming met het tweede lid van [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2022-09-19&g=2022-09-19) van dit Verdrag.
Indien een door beide verdragsluitende partijen aanvaard algemeen multilateraal luchtvervoersverdrag in werking treedt, hebben de bepalingen van een dergelijk verdrag voorrang. Eventuele besprekingen teneinde te bepalen in welke mate dit Verdrag wordt beëindigd, vervangen, gewijzigd of aangevuld door de bepalingen van het multilaterale verdrag vinden plaats in overeenstemming met het tweede lid van [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0006974&artikel=17&z=2023-05-01&g=2023-05-01) van dit Verdrag.
##### Artikel 21. Registratie van dit Verdrag
2022-09-19
Verdrag inzake luchtdiensten tussen het Koninkrijk der Nederlanden,
original version Tekst op deze datum