Wijzigingsgeschiedenis

Wet van 9 maart 1962, op de Raad van State

34 versions · 2022-05-01
2022-05-01
Wet op de Raad van State — arts. 22, 16
2020-07-01
Wet op de Raad van State — arts. 22, 27, 16 y 2 más
2020-01-01
Wet op de Raad van State
2019-01-01
Wet op de Raad van State — arts. 22, 27, 16 y 2 más
2016-01-18
Wet op de Raad van State — arts. 22, 27, 16 y 2 más
2014-11-29
Wet op de Raad van State — arts. 22, 27, 16 y 2 más
2013-01-01
Wet op de Raad van State — arts. 8, 10, 22 y 4 más
2012-01-01
Wet op de Raad van State — arts. 8, 10, 22 y 7 más
2011-02-23
Wet op de Raad van State — arts. 8, 10, 22 y 7 más
2011-01-01
Wet op de Raad van State — art. 26
2010-09-01
Wet op de Raad van State
2010-07-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2010-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2010-01-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2009-07-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2009-02-13
Wet op de Raad van State — art. 25
2009-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2008-09-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2008-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2007-03-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2007-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2006-12-13
Wet op de Raad van State — art. 25
2006-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2005-03-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2005-02-09
Wet op de Raad van State — art. 25
2005-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2005-01-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2004-09-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2004-05-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2004-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25

Wijzigingen op 2004-02-01

@@ -70,7 +70,7 @@
##### Artikel 4
1. Er kunnen staatsraden in buitengewone dienst worden benoemd ten getale van ten hoogste 50. De [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2003-02-01&g=2003-02-01), [3**a**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=3a&z=2003-02-01&g=2003-02-01) en [32 tot en met 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=I&artikel=32&z=2003-02-01&g=2003-02-01) zijn op hen van overeenkomstige toepassing.
1. Er kunnen staatsraden in buitengewone dienst worden benoemd ten getale van ten hoogste 50. De [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=3&z=2004-02-01&g=2004-02-01), [3**a**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=3a&z=2004-02-01&g=2004-02-01) en [32 tot en met 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=I&artikel=32&z=2004-02-01&g=2004-02-01) zijn op hen van overeenkomstige toepassing.
2. Zij worden gekozen uit hen, die bewijzen hebben gegeven van bekwaamheid in zaken van wetgeving, bestuur of rechtspraak dan wel van bijzondere deskundigheid in aangelegenheden, die de wetgeving, het bestuur of de rechtspraak raken.
@@ -210,7 +210,7 @@
##### Artikel 18a
1. Een afdeling kan bij de voorbereiding van een ingevolge [artikel 15, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15&z=2003-02-01&g=2003-02-01), uit te brengen advies omtrent vernietiging van een besluit, onderscheidenlijk bij het onderzoek van en de voorbereiding van een ontwerp-besluit inzake de beslissing van geschillen als bedoeld in [artikel 15**c**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15c&z=2003-02-01&g=2003-02-01), belanghebbenden, getuigen, deskundigen en tolken oproepen om in een vergadering met gesloten deuren te worden gehoord. De [artikelen 32 tot en met 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=I&artikel=32&z=2003-02-01&g=2003-02-01), alsmede de [artikelen 8:24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:24), [8:25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:25), [8:27 tot en met 8:29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:27), [8:31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:31), [8:32](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:32), [8:33 tot en met 8:36, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:33), [8:39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:39), [8:50](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:50) en [8:61 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:61) zijn van overeenkomstige toepassing. Ambtsberichten en andere door Onze Minister wie het aangaat aangewezen stukken zijn niet openbaar.
1. Een afdeling kan bij de voorbereiding van een ingevolge [artikel 15, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15&z=2004-02-01&g=2004-02-01), uit te brengen advies omtrent vernietiging van een besluit, onderscheidenlijk bij het onderzoek van en de voorbereiding van een ontwerp-besluit inzake de beslissing van geschillen als bedoeld in [artikel 15**c**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15c&z=2004-02-01&g=2004-02-01), belanghebbenden, getuigen, deskundigen en tolken oproepen om in een vergadering met gesloten deuren te worden gehoord. De [artikelen 32 tot en met 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=I&artikel=32&z=2004-02-01&g=2004-02-01), alsmede de [artikelen 8:24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:24), [8:25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:25), [8:27 tot en met 8:29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:27), [8:31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:31), [8:32](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:32), [8:33 tot en met 8:36, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:33), [8:39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:39), [8:50](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:50) en [8:61 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=8:61) zijn van overeenkomstige toepassing. Ambtsberichten en andere door Onze Minister wie het aangaat aangewezen stukken zijn niet openbaar.
2. Het ontwerp van een koninklijk besluit tot vernietiging is niet openbaar.
@@ -218,11 +218,11 @@
##### Artikel 19
De Raad regelt de werkzaamheden van de algemene vergadering en de in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=17&z=2003-02-01&g=2003-02-01) bedoelde afdelingen, alsmede voor zover nodig de overige aangelegenheden, welke op het college betrekking hebben en niet uitsluitend de Afdeling bestuursrechtspraak aangaan. De regeling wordt in de **Staatscourant** bekend gemaakt.
De Raad regelt de werkzaamheden van de algemene vergadering en de in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=17&z=2004-02-01&g=2004-02-01) bedoelde afdelingen, alsmede voor zover nodig de overige aangelegenheden, welke op het college betrekking hebben en niet uitsluitend de Afdeling bestuursrechtspraak aangaan. De regeling wordt in de **Staatscourant** bekend gemaakt.
##### Artikel 20
In de gevallen, bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15&z=2003-02-01&g=2003-02-01), wordt de aangelegenheid hetzij door de Koning, op voordracht van Onze Minister wie het aangaat, hetzij door Onze Minister krachtens koninklijke machtiging, ter overweging aanhangig gemaakt.
In de gevallen, bedoeld in [artikel 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15&z=2004-02-01&g=2004-02-01), wordt de aangelegenheid hetzij door de Koning, op voordracht van Onze Minister wie het aangaat, hetzij door Onze Minister krachtens koninklijke machtiging, ter overweging aanhangig gemaakt.
##### Artikel 21
@@ -266,7 +266,7 @@
- a. adviezen van de Raad, door Ons gevraagd,
- b. voordrachten en andere voorstellen Ons gedaan ingevolge [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=16&z=2003-02-01&g=2003-02-01).
- b. voordrachten en andere voorstellen Ons gedaan ingevolge [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=16&z=2004-02-01&g=2004-02-01).
2. Openbaarmaking van de adviezen, bedoeld in het eerste lid onder **a,** geschiedt te zamen met openbaarmaking van de aan de Raad voorgelegde tekst, voor zover daarin wijzigingen zijn aangebracht nadat het advies is gevraagd, en van het nader rapport aan Ons. Zij heeft plaats voor wat betreft
@@ -278,7 +278,7 @@
- -. adviezen over algemene maatregelen van bestuur en andere koninklijke besluiten: gelijktijdig met de afkondiging.
3. Openbaarmaking van adviezen als bedoeld in het eerste lid, onder **a**, welke niet kan geschieden zoals voorzien in het tweede lid, alsmede openbaarmaking van voordrachten en andere voorstellen, gedaan ingevolge [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=16&z=2003-02-01&g=2003-02-01), geschiedt uiterlijk binnen dertig dagen nadat is beslist op het advies, de voordracht of een ander voorstel van de Raad. Daarbij worden mede openbaar gemaakt het nader rapport en, in voorkomend geval, de aan de Raad voorgelegde tekst alsmede het koninklijk besluit, indien de openbaarmaking niet elders is geregeld. De openbaarmaking heeft plaats op de wijze, voorgeschreven in [artikel 9, eerste en tweede lid, van de Wet openbaarheid van bestuur](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005252&artikel=9).
3. Openbaarmaking van adviezen als bedoeld in het eerste lid, onder **a**, welke niet kan geschieden zoals voorzien in het tweede lid, alsmede openbaarmaking van voordrachten en andere voorstellen, gedaan ingevolge [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=16&z=2004-02-01&g=2004-02-01), geschiedt uiterlijk binnen dertig dagen nadat is beslist op het advies, de voordracht of een ander voorstel van de Raad. Daarbij worden mede openbaar gemaakt het nader rapport en, in voorkomend geval, de aan de Raad voorgelegde tekst alsmede het koninklijk besluit, indien de openbaarmaking niet elders is geregeld. De openbaarmaking heeft plaats op de wijze, voorgeschreven in [artikel 9, eerste en tweede lid, van de Wet openbaarheid van bestuur](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005252&artikel=9).
4. Openbaarmaking blijft achterwege
@@ -290,7 +290,7 @@
##### Artikel 25b
1. De Tweede Kamer der Staten-Generaal en de Staten-Generaal in verenigde vergadering dragen zorg voor het openbaar maken van de adviezen van de Raad, bedoeld in [artikel 15**a**, eerste en tweede lid, onderscheidenlijk derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15a&z=2003-02-01&g=2003-02-01), alsmede voor een schriftelijke reactie op deze adviezen.
1. De Tweede Kamer der Staten-Generaal en de Staten-Generaal in verenigde vergadering dragen zorg voor het openbaar maken van de adviezen van de Raad, bedoeld in [artikel 15**a**, eerste en tweede lid, onderscheidenlijk derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=15a&z=2004-02-01&g=2004-02-01), alsmede voor een schriftelijke reactie op deze adviezen.
2. Openbaarmaking van de adviezen geschiedt te zamen met openbaarmaking van de schriftelijke reactie.
@@ -372,7 +372,7 @@
1. De vice-president voldoet aan het verzoek, tenzij:
- a. niet is voldaan aan de vereisten, vermeld in [artikel 32, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=I&artikel=32&z=2003-02-01&g=2003-02-01),
- a. niet is voldaan aan de vereisten, vermeld in [artikel 32, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=I&artikel=32&z=2004-02-01&g=2004-02-01),
- b. reeds aanstonds blijkt dat het verzoekschrift onredelijk lang na het ontstaan van de klacht is ingediend of geen genoegzame gronden inhoudt om het instellen van een onderzoek te vorderen,
@@ -380,7 +380,7 @@
- d. voor de verzoeker met betrekking tot de klacht een voorziening bij een rechterlijke instantie openstaat of heeft opengestaan en hij daarvan geen gebruik heeft gemaakt, dan wel ten aanzien van die klacht een uitspraak van een rechterlijke instantie is gedaan waartegen geen rechtsmiddel openstaat,
- e. door de vice-president een vordering als bedoeld in [artikel 3**a** van deze wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=3a&z=2003-02-01&g=2003-02-01) juncto [hoofdstuk 6A van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008365&hoofdstuk=6A) is of zal worden ingediend.
- e. door de vice-president een vordering als bedoeld in [artikel 3**a** van deze wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=3a&z=2004-02-01&g=2004-02-01) juncto [hoofdstuk 6A van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0008365&hoofdstuk=6A) is of zal worden ingediend.
2. De vice-president stelt de verzoeker en degene op wiens gedraging het verzoekschrift betrekking heeft, in de gelegenheid hem inlichtingen te verstrekken. Hij hoort de in de eerste volzin bedoelde personen, wanneer dezen dit verzoeken.
@@ -472,11 +472,11 @@
2. Het griffierecht bedraagt:
- a. € 175 indien door een natuurlijke persoon hoger beroep is ingesteld, tenzij bij wet anders is bepaald, en
- b. € 348 indien anders dan door een natuurlijke persoon hoger beroep is ingesteld.
3. Indien het bestuursorgaan hoger beroep heeft ingesteld en de uitspraak van de rechtbank wordt in stand gelaten, wordt van de desbetreffende rechtspersoon een griffierecht geheven van € 348.
- a. € 205 indien door een natuurlijke persoon hoger beroep is ingesteld, tenzij bij wet anders is bepaald, en
- b. € 409 indien anders dan door een natuurlijke persoon hoger beroep is ingesteld.
3. Indien het bestuursorgaan hoger beroep heeft ingesteld en de uitspraak van de rechtbank wordt in stand gelaten, wordt van de desbetreffende rechtspersoon een griffierecht geheven van € 409.
4. De secretaris wijst de indiener van het beroepschrift op de verschuldigdheid van het griffierecht en deelt hem mee dat het verschuldigde bedrag binnen vier weken na de dag van verzending van zijn mededeling dient te zijn bijgeschreven op de rekening van de secretarie dan wel ter secretarie dient te zijn gestort. Indien het bedrag niet binnen deze termijn is bijgeschreven of gestort, wordt het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.
@@ -488,9 +488,9 @@
##### Artikel 41
1. Van de verzoeker om een voorlopige voorziening wordt door de secretaris een griffierecht geheven. [Artikel 40, eerste lid, tweede en derde volzin, tweede en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=II&paragraaf=2&artikel=40&z=2003-02-01&g=2003-02-01), is van overeenkomstige toepassing.
2. [Artikel 40, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=II&paragraaf=2&artikel=40&z=2003-02-01&g=2003-02-01), is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de termijn binnen welke de bijschrijving of storting van het verschuldigde bedrag dient plaats te vinden, twee weken bedraagt. De voorzitter kan een kortere termijn stellen.
1. Van de verzoeker om een voorlopige voorziening wordt door de secretaris een griffierecht geheven. [Artikel 40, eerste lid, tweede en derde volzin, tweede en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=II&paragraaf=2&artikel=40&z=2004-02-01&g=2004-02-01), is van overeenkomstige toepassing.
2. [Artikel 40, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=II&paragraaf=2&artikel=40&z=2004-02-01&g=2004-02-01), is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de termijn binnen welke de bijschrijving of storting van het verschuldigde bedrag dient plaats te vinden, twee weken bedraagt. De voorzitter kan een kortere termijn stellen.
3. Indien het verzoek wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan, onderscheidenlijk de belanghebbende tot wie het bestreden besluit is gericht, aan de voorzitter schriftelijk heeft medegedeeld de uitvoering van het bestreden besluit hangende de procedure met betrekking tot de hoofdzaak op te schorten dan wel de gevraagde voorlopige maatregelen te zullen nemen, wordt het betaalde griffierecht door de secretaris terugbetaald. In de overige gevallen kan de desbetreffende rechtspersoon, indien het verzoek wordt ingetrokken, het betaalde griffierecht geheel of gedeeltelijk vergoeden.
@@ -522,7 +522,7 @@
##### Artikel 45
In de gevallen, bedoeld in [artikel 44, eerste lid, onderdeel **a**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=II&paragraaf=2&artikel=44&z=2003-02-01&g=2003-02-01), kan de Afdeling de zaak zonder terugwijzing afdoen, indien zij naar haar oordeel geen nadere behandeling door de rechtbank behoeft.
In de gevallen, bedoeld in [artikel 44, eerste lid, onderdeel **a**](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=II&titeldeel=II&paragraaf=2&artikel=44&z=2004-02-01&g=2004-02-01), kan de Afdeling de zaak zonder terugwijzing afdoen, indien zij naar haar oordeel geen nadere behandeling door de rechtbank behoeft.
##### Artikel 46
@@ -532,7 +532,7 @@
##### Artikel 47
Tegen de vice-president, de staatsraden en de staatsraden in buitengewone dienst kan noch een rechtsvervolging, noch een rechtsvordering worden ingesteld wegens hetgeen zij tijdens de beraadslaging in de Raad, een afdeling als bedoeld in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=17&z=2003-02-01&g=2003-02-01), de Afdeling bestuursrechtspraak of een kamer van die Afdeling hebben gezegd, dan wel daaraan schriftelijk hebben overgelegd.
Tegen de vice-president, de staatsraden en de staatsraden in buitengewone dienst kan noch een rechtsvervolging, noch een rechtsvordering worden ingesteld wegens hetgeen zij tijdens de beraadslaging in de Raad, een afdeling als bedoeld in [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002367&hoofdstuk=I&artikel=17&z=2004-02-01&g=2004-02-01), de Afdeling bestuursrechtspraak of een kamer van die Afdeling hebben gezegd, dan wel daaraan schriftelijk hebben overgelegd.
##### Artikel 48
2003-02-01
Wet op de Raad van State — art. 25
2002-05-15
Wet op de Raad van State — art. 25
2002-04-01
Wet op de Raad van State — arts. 13, 22, 24 y 2 más
2002-04-01
Wet op de Raad van State
original version Tekst op deze datum