Wijzigingsgeschiedenis

Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw

4 versions · 2024-10-11
2024-10-11
Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw — arts. 2, 1, 117 y
2021-01-01
Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw — arts. 117, 8
2020-01-01
Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw — arts. 1, 1, 1 y 11

Wijzigingen op 2020-01-01

@@ -69,47 +69,3 @@
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt – met uitzondering van onderdeel 4.4 – terug tot en met 1 januari 2020. Onderdeel 4.4 werkt terug tot en met 1 januari 2021.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
In de 117e vergadering van het btw-comité (d.d. 16 november 2020) zijn de gevolgen besproken die de Brexit heeft voor de toepassing van de regeling inzake voorraad op afroep. Het gaat daarbij om goederen die onder toepassing van deze regeling uiterlijk op 31 december 20208Op 31 december 2020 is de overgangsperiode voor het VK geëindigd (zie artikel 126 van het Terugtrekkingsakkoord (Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (2019/C 284 I/01)). van Nederland naar het Verenigd Koninkrijk of vice versa zijn overgebracht en ná 31 december 2020 binnen de in [artikel 3b, vierde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002629&artikel=3b) bedoelde termijn worden geleverd of teruggezonden. Het overleg binnen het btw-comité heeft geresulteerd in de bijna unanieme vaststelling van guideline nr. taxud.c1 (2021) 1757771-1006. Nederland onderschrijft de guideline. Hierna wordt nader ingegaan op de inhoud van de guideline.
Hierna wordt aangegeven welke gevolgen de Brexit voor de Nederlandse btw-verplichtingen heeft voor situaties die zich kunnen voordoen bij de hiervoor bedoelde voorraad op afroep-goederen en hoe daarmee moet worden omgegaan.
### 5. Regeling inzake ketentransacties
De regeling inzake ketentransacties bepaalt aan welke van de opvolgende leveringen in de keten het intracommunautair vervoer of de intracommunautaire verzending moet worden toegerekend ([artikel 5c van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002629&artikel=5c)). Alleen deze levering wordt aangemerkt als de intracommunautaire levering. De overige leveringen binnen de keten (de leveringen vóór en na de intracommunautaire levering) zijn binnenlandse leveringen.13De leveringen in de keten voor de intracommunautaire levering vinden plaats in de lidstaat van aanvang van het intracommunautaire vervoer. De leveringen in de keten na de intracommunautaire levering vinden plaats in de lidstaat waar het intracommunautair vervoer eindigt.
### 5.1. Vereenvoudigde A-B-C-levering
Volgens de Toelichting zijn partijen niet als onafhankelijk aan te merken in situaties waarin sprake is van vervoer verricht met eigen vervoermiddelen (onderdeel 5.3.5, blz. 80), vervoer door personeel van de ondernemer of vervoer door een onderdeel van een fiscale eenheid (onderdeel 5.3.1, kopje Document H enz., sub a, blz. 79). De regeling van het weerlegbare bewijsvermoeden laat echter onverlet dat in die gevallen aan de hand van boeken en bescheiden als bedoeld in [artikel 12 van het uitvoeringsbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002633&artikel=12) het bewijs van de verzending of het vervoer naar de lidstaat van bestemming kan worden aangetoond.
### 7. Ingetrokken regelingen
Het besluit van 8 december 2020, nr. 2020-25514, Stcrt. 2020, nr. 62979, [Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw,](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0044512) wordt ingetrokken met ingang van de inwerkingtreding van dit besluit.
### 8. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt – met uitzondering van onderdeel 4.4 – terug tot en met 1 januari 2020. Onderdeel 4.4 werkt terug tot en met 1 januari 2021.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
### 4.2. Entrepot (of magazijn) is geen vaste inrichting
In de Toelichting (onderdeel 2.5.1., pag. 28, punt 4) wordt gesteld dat een entrepot onder voorwaarden kwalificeert als vaste inrichting.4In de Nederlandse situatie is de term ‘entrepot’ voorbehouden aan de opslag van goederen die onder een douaneregime vallen. Gemeend wordt dat de term ‘entrepot’ in de Toelichting daarom met name ziet op een magazijn (Engels: warehouse). Een entrepot wordt volgens de Toelichting beschouwd als vaste inrichting van de leverancier, als de leverancier de eigenaar of huurder van het entrepot is en de leverancier het entrepot rechtstreeks beheert met eigen middelen waarover hij beschikt in de lidstaat waar het entrepot zich bevindt.
### 4.3. Vervangende afnemer
In het kader van de regeling voorraad op afroep is het mogelijk om de afnemer te vervangen door een andere ondernemer. Hierbij moet worden voldaan aan de voorwaarden die zijn gesteld in [artikel 3b, zesde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002629&artikel=3b). Dit betekent onder meer dat ook moet worden voldaan aan alle (andere) voorwaarden die zijn genoemd in artikel 3b, tweede lid, van de wet. De hoedanigheid van de vervanger dient identiek te zijn aan die van de oorspronkelijke afnemer, met inbegrip van alle rechten en plichten die de leverancier en de oorspronkelijke afnemer overeen zijn gekomen in hun overeenkomst als bedoeld in artikel 3b, tweede lid, onderdeel a, van de wet.6Kamerstukken II 2019/2020, 35 307, nr. 3, blz. 13.
### 4.4. Regeling inzake voorraad op afroep en de Brexit
### 5.1. Vereenvoudigde A-B-C-levering
De regeling inzake ketentransacties is niet van invloed op de werking van de vereenvoudigde A-B-C-levering, bedoeld in [artikel 37c van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002629&artikel=37c). Dit komt doordat beide regelingen betrekking hebbende op verschillende aspecten. De regeling inzake ketentransacties bepaalt aan welke levering in de keten het intracommunautaire vervoer wordt toegerekend, terwijl de vereenvoudigde A-B-C-levering betrekking heeft op het wegvallen van de verschuldigdheid van de btw voor de intracommunautaire verwerving door (tussen)schakel B.14Kamerstukken II 2019-2020, 35 307, nr. 3, blz. 16. Het gelijktijdig toepassen van de regeling inzake ketentransacties en de vereenvoudigde A-B-C-regeling is mogelijk als wordt voldaan aan de voorwaarden van beide regelingen. De regeling kan alleen worden toegepast op drie partijen in de keten die in drie verschillende lidstaten zijn geregistreerd en daarbij moet het vervoer plaatsvinden in het kader van de levering in de eerste schakel van de keten (A-B).15De vereenvoudigde A-B-C-levering kan dus niet worden toegepast als het vervoer op grond van artikel 5c, tweede lid, van de wet wordt toegerekend aan de levering van goederen door de tussenhandelaar.
Volgens de Toelichting zijn partijen niet als onafhankelijk aan te merken in situaties waarin sprake is van vervoer verricht met eigen vervoermiddelen (onderdeel 5.3.5, blz. 80), vervoer door personeel van de ondernemer of vervoer door een onderdeel van een fiscale eenheid (onderdeel 5.3.1, kopje Document H enz., sub a, blz. 79). De regeling van het weerlegbare bewijsvermoeden laat echter onverlet dat in die gevallen aan de hand van boeken en bescheiden als bedoeld in [artikel 12 van het uitvoeringsbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002633&artikel=12) het bewijs van de verzending of het vervoer naar de lidstaat van bestemming kan worden aangetoond.
### 8. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt – met uitzondering van onderdeel 4.4 – terug tot en met 1 januari 2020. Onderdeel 4.4 werkt terug tot en met 1 januari 2021.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
2020-01-01
Omzetbelasting. Toelichting snelle oplossingen btw — versión origina
original version Tekst op deze datum