Wijzigingsgeschiedenis
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko
5 versions
· 2022-06-01
2022-06-01
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Ned
2021-01-01
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Ned
2016-10-01
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Ned
2004-11-01
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Ned
Wijzigingen op 2004-11-01
@@ -387,123 +387,3 @@
Arsalane El Jadidi
Ministre du Travail, des Affaires Sociales, de la Jeunesse et des Sports
##### Artikel 35a
In afwijking van [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van dit Verdrag, zijn de volgende bepalingen van toepassing op de volgende prestaties:
- a. ANW-uitkeringen die krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen verschuldigd zijn aan rechthebbenden die gewoonlijk in Marokko wonen en van wie het recht op of na 1 oktober 2016 aanvangt op deze uitkeringen, worden verlaagd met een vast percentage van 10% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- b. WGA-vervolguitkeringen die krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen verschuldigd zijn aan rechthebbenden die gewoonlijk in Marokko wonen en van wie het recht op of na 1 oktober 2016 aanvangt op deze uitkeringen, worden verlaagd met een vast percentage van 10% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- c. Toeslagen krachtens de Toeslagenwet in het kader van de WGA-vervolguitkeringen die krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen verschuldigd zijn aan de rechthebbenden die gewoonlijk in Marokko wonen, worden verlaagd conform de volgende schaal:
- –. voor rechthebbenden van wie het recht aanvangt in de periode van 1 oktober 2016 tot en met 31 december 2016: verlaging met een vast percentage van 10% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- –. voor rechthebbenden van wie het recht aanvangt in de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2017: verlaging met een vast percentage van 20% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- –. voor rechthebbenden van wie het recht aanvangt in de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2018: verlaging met een vast percentage van 30% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- –. voor rechthebbenden van wie het recht aanvangt in de periode vanaf 1 januari 2019 en alle jaren daarna aanvangt: verlaging met een vast percentage van 40% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- d. de bepalingen van de bovenstaande onderdelen a tot en met c zijn niet van toepassing op rechthebbenden die op 30 september 2016 reeds aanspraak kunnen maken op deze prestaties, zo lang zij in Marokko blijven wonen en voor zover zij zonder onderbreking blijven voldoen aan de andere voorwaarden voor het recht op deze prestaties krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen;
- e. het overbrengen van de gebruikelijke woonplaats van of naar Marokko wordt beschouwd als het doen ontstaan van een recht.
De bepalingen van de onderdelen a tot en met c zijn van toepassing op rechthebbenden die na 30 september 2016 hun gebruikelijke woonplaats overbrengen naar Marokko.
##### Artikel 35b
a. In afwijking van [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van dit Verdrag wordt de kinderbijslag die krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen verschuldigd is voor kinderen die gewoonlijk in Marokko wonen voor de rechthebbenden verlaagd conform de volgende schaal:
- –. voor kinderen voor wie het recht in de periode van 2 oktober 2016 tot en met 1 januari 2017 aanvangt: verlaging met een vast percentage van 10% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- –. voor kinderen voor wie het recht in de periode van 2 januari 2017 tot en met 1 januari 2018 aanvangt: verlaging met een vast percentage van 20% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- –. voor kinderen voor wie het recht in de periode van 2 januari 2018 tot en met 1 januari 2019 aanvangt: verlaging met een vast percentage van 30% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt;
- –. voor kinderen voor wie het recht in de periode van 2 januari 2019 tot en met 1 januari 2021 aanvangt: verlaging met een vast percentage van 40% van het in Nederland toegekende bedrag voor de gehele periode waarin aanspraak kan worden gemaakt.
b. De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op personen die uiterlijk op 1 oktober 2016 kinderbijslag ontvangen krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen, zolang het kind in Marokko blijft wonen en voor zover de rechthebbende en het kind zonder onderbreking blijven voldoen aan de andere voorwaarden voor het recht op kinderbijslag krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen.
Het overbrengen van de gebruikelijke woonplaats van of naar Marokko wordt beschouwd als het doen ontstaan van een recht.
c. De bepalingen van onderdeel a zijn op een rechthebbende van toepassing voor een kind wiens gebruikelijke woonplaats na 1 oktober 2016 naar Marokko is overgebracht.
##### Artikel 35c
a. Een persoon die verstrekkingen nodig heeft tijdens een tijdelijk verblijf op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij krachtens de bepalingen van [artikel 11, eerste en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=11&z=2021-01-01&g=2021-01-01), en [artikel 13, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=13&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van het Algemeen Verdrag ontvangt deze prestaties tot en met 31 december 2020.
b. Een persoon die tijdens een tijdelijk verblijf op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij op 31 december 2020 verstrekkingen ontvangt in overeenstemming met onderdeel a, blijft gedurende dit verblijf dit recht behouden tot en met de datum waarop de medische behandeling wordt beëindigd, evenwel met een maximale duur van één jaar.
c. De bepalingen van de [artikelen 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=10&z=2021-01-01&g=2021-01-01), [11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=11&z=2021-01-01&g=2021-01-01), [13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=13&z=2021-01-01&g=2021-01-01) en [14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=14&z=2021-01-01&g=2021-01-01) van het Algemeen Verdrag die vóór 1 januari 2021 van toepassing zijn, blijven van toepassing voor de gevallen voorzien in de voorgaande leden van dit artikel.
##### Artikel 35d
a. In afwijking van [artikel 5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=I&artikel=5&z=2021-01-01&g=2021-01-01), heeft een persoon geen recht meer op kinderbijslag van een Verdragsluitende Partij uit hoofde van dit Verdrag voor kinderen die per 2 januari 2021 op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij wonen.
b. De bepalingen van het bovenstaande lid a zijn niet van toepassing op een persoon die op 1 januari 2021 kinderbijslag ontvangt voor kinderen die op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij wonen, zolang het kind blijft wonen op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij waar het kind zich bevindt op 1 januari 2021 en voor zover de rechthebbende en het kind zonder onderbreking blijven voldoen aan de andere voorwaarden voor het recht op kinderbijslag.
c. Het overbrengen van de gebruikelijke woonplaats van het kind van het grondgebied van de ene Verdragsluitende Partij naar het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij na 1 januari 2021 maakt een einde aan het recht op kinderbijslag krachtens dit Verdrag. Zij ontvangen deze kinderbijslag echter indien zij voldoen aan de voorwaarden die worden gesteld door de wetgeving van de Partij waar zij wonen.
##### 1. Toepassing van de Nederlandse wettelijke regelingen inzake de ziektekostenverzekering
a. Ten aanzien van het recht op verstrekkingen krachtens de Nederlandse wettelijke regelingen dient onder rechthebbende op de verstrekkingen voor de toepassing van [hoofdstuk 1 van titel III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&z=2021-01-01&g=2021-01-01) van het Verdrag te worden verstaan de persoon die verzekerd of medeverzekerd is ingevolge de verzekering als bedoeld in de Nederlandse Ziekenfondswet.
b. Voor de toepassing van [artikel 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=13&z=2021-01-01&g=2021-01-01) van het Verdrag zijn gelijkgesteld met pensioenen krachtens de in [artikel 1, eerste lid, onder a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=I&artikel=1&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van het Verdrag bedoelde wettelijke regelingen (arbeidsongeschiktheidsverzekering, respectievelijk ouderdomsverzekering):
- –. pensioenen ingevolge de wet van 6 januari 1966 houdende een nieuwe regeling van de pensioenen van de burgerlijke ambtenaren en hun nabestaanden (Algemene burgerlijke pensioenwet);
- –. pensioenen ingevolge de wet van 6 oktober 1966 houdende een nieuwe regeling van de pensioenen van de militairen en hun nabestaanden (Algemene militaire pensioenwet);
- –. pensioenen ingevolge de wet van 15 februari 1967 houdende een nieuwe regeling van de pensioenen van het spoorwegpersoneel en hun nabestaanden (Spoorwegpensioenwet);
- –. pensioenen ingevolge het reglement betreffende de dienstvoorwaarden van de Nederlandse Spoorwegen (R.D.V. 1964 N.S.);
- –. een uitkering of pensioen ter zake van pensionering vóór de 65-jarige leeftijd ingevolge een pensioenregeling die ten doel heeft de verzorging van werknemers en gewezen werknemers bij ouderdom;
- –. een uitkering ingevolge een van rijkswege, dan wel bij of krachtens collectieve arbeidsovereenkomst vastgestelde regeling ter zake van vervroegde uittreding uit het arbeidsproces of een door de Ziekenfondsraad aan te wijzen regeling.
c. De in [artikel 10, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=10&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van het Verdrag bedoelde werknemer of de met hem gelijkgestelde of zijn gezinsleden en de in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=12&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van het Verdrag bedoelde gezinsleden en de in [artikel 13, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBV0001011&titeldeel=III&hoofdstuk=I&artikel=13&z=2021-01-01&g=2021-01-01), van het Verdrag bedoelde rechthebbende op een of meer pensioenen of renten, of zijn gezinsleden, die op Nederlands grondgebied wonen, zijn niet verzekerd krachtens de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ).
d. Indien een verzekerde krachtens de Zorgverzekeringswet tijdens zijn tijdelijk verblijf in Marokko onmiddellijk de in deze wet voorziene verstrekkingen nodig heeft, na een van de gevallen voorzien in artikel 55 van deze wet, is de beperking van de werelddekking voorzien in de Zorgverzekeringswet niet van toepassing. De kosten van deze verstrekkingen worden aan hem terugbetaald overeenkomstig de bepalingen van voornoemde wet bij de toepassing van artikel 55 ervan.
##### 2. Toepassing van de Marokkaanse wettelijke regelingen met betrekking tot het verlenen van verstrekkingen in geval van ziekte en moederschap
In afwachting van de inwerkingtreding van een wettelijke regeling inzake de ziekteverzekering (verstrekkingen) in Marokko, stellen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen in een interim-akkoord de volgende elementen vast:
- a. de verstrekkingen die worden beschouwd als verstrekkingen krachtens de Marokkaanse wettelijke regelingen;
- b. de in Marokko wonende personen die worden beschouwd als gezinsleden van een verzekerde en
- c. de wijze van berekening van de kosten van verstrekkingen die door het Nederlandse orgaan dienen te worden vergoed aan de „Caisse Nationale de Sécurité Sociale" – C.N.S.S. – (Nationaal Fonds voor Sociale Zekerheid).
##### 3. Toepassing van de Nederlandse wettelijke regelingen inzake de ouderdomsverzekering
a. De in artikel 21, derde lid, van het Verdrag bedoelde bevoegdheid zich vrijwillig te verzekeren is voorbehouden aan de eerste echtgenoot van de verzekerde:
- –. hetzij op de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag, indien deze persoon onmiddellijk voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag onderworpen was aan het stelsel van verplichte verzekering ingevolge de AOW/AWW;
- –. hetzij op de datum waarop deze persoon verplicht verzekerde ingevolge de AOW/AWW is geworden, indien deze datum de datum is van inwerkingtreding van dit Verdrag, of indien deze datum valt na de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag.
b. Het eerste en het tweede lid van artikel 21 van het Verdrag zijn slechts van toepassing op de echtgenoot die zich vrijwillig heeft verzekerd krachtens het derde lid van artikel 21 van het Verdrag.
EN FOI DE QUOI les soussignés, dûment autorisés à cet effet, ont signé la présente Convention.
FAIT à Rabat, le 14 février 1972, en double exemplaire, en langue française.
**Pour le Royaume des Pays-Bas,**
(s.) C. VREEDE
Cornelis Vreede
Ambassadeur du Royaume des Pays-Bas
**Pour le Royaume du Maroc,**
(s.) ARSALANE EL JADIDI
Arsalane El Jadidi
Ministre du Travail, des Affaires Sociales, de la Jeunesse et des Sports
2004-11-01
Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der
original version
Tekst op deze datum