Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de leden van de Organisatie van Staten in Afrika, het Caribisch Gebied en de Stille Oceaan, anderzijds
De Partijen werken samen aan de vaststelling van gezonde financiële systemen met het oog op het mobiliseren van investeringen voor duurzame projecten. Zij nemen maatregelen om investeringen te ondersteunen door de toegang tot financiering te verbeteren door middel van technische bijstand, subsidies, garanties en innovatieve financiële instrumenten om risico’s te beperken, het vertrouwen van investeerders te vergroten en private en publieke financieringsbronnen aan te trekken. Daarbij houden zij onder meer rekening met de noodzaak om tekortkomingen van de markt of suboptimale investeringssituaties te verhelpen en zorgen zij tegelijkertijd voor additionaliteit van investeringen die zonder die steunmaatregelen niet zouden hebben plaatsgevonden. Zij besteden bijzondere aandacht aan de in artikel 44, lid 6, vastgestelde prioritaire sectoren.
De Partijen komen overeen het regelgevingsklimaat en de kwaliteit, beschikbaarheid en toegankelijkheid van financiële en niet-financiële diensten te verbeteren, om de ontwikkeling van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen te ondersteunen in het kader van de mobilisering van binnenlandse investeringen.
De Partijen begrijpen en erkennen het belang van verantwoorde investeringen van de betrokken belanghebbenden, als middel om langdurige duurzame economische en sociale waarde en waarde voor het milieu te creëren. Ter ondersteuning van die doelstelling bevorderen zij praktijken op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap en verantwoorde bedrijfsvoering, waaronder internationaal erkende richtsnoeren, normen en toepasselijke instrumenten voor de uitvoering, die investeerders, overheden en andere actoren, als aanvulling op de nationale wetgeving en andere toepasselijke wetgeving, richtsnoeren bieden over de uitvoering van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap en verantwoorde bedrijfsvoering.
Artikel 42. Bevorderen en beschermen van investeringen
De Partijen komen overeen investeringen te bevorderen door middel van wetgeving, regelgeving en beleidsmaatregelen die erop gericht zijn regelgevende en administratieve belemmeringen te verminderen, de transparantie te vergroten en schadelijke concurrentie voor investeringen te voorkomen. Zij komen overeen dergelijke maatregelen op transparante wijze te ontwikkelen en openbaar te maken om de dialoog tussen de overheid en de private sector aan te moedigen en alle belanghebbenden de gelegenheid te bieden deel te nemen.
De Partijen werken samen om de doeltreffende toepassing van digitale instrumenten voor het faciliteren van investeringen te bevorderen.
De Partijen zijn het, in overeenstemming met hun respectieve strategieën, eens over het belang om rechtszekerheid en adequate bescherming te bieden voor gedane investeringen; de behandeling daarvan vindt plaats op niet-discriminerende wijze en omvat doeltreffende mechanismen voor de preventie en beslechting van geschillen. In dit verband bevestigen zij opnieuw het belang om internationale investeringsovereenkomsten te sluiten, waarbij hun soevereine recht om investeringen voor legitieme doeleinden van overheidsbeleid te reguleren, ten volle wordt behouden.
De Partijen versterken de capaciteit van de desbetreffende openbare en private instellingen om investeringen effectief te bevorderen en te vergemakkelijken, en om investeringsgerelateerde geschillen te voorkomen en te behandelen.
HOOFDSTUK 2. ECONOMISCHE GROEI, DIVERSIFICATIE EN INDUSTRIALISERING
Artikel 43. Inclusieve en duurzame groei
De Partijen zijn het eens over het belang van economische transformatie, de ontwikkeling van de private sector en industriële vooruitgang voor inclusieve en duurzame groei. Zij bevorderen volledige en productieve werkgelegenheid en waardig werk voor iedereen door middel van meer concurrentievermogen, diversificatie, digitalisering, innovatie, toegang tot financiering, toegevoegde waarde in de productie- en dienstensectoren en koppelingen tussen sectoren en bedrijfstakken. Zij besteden bijzondere aandacht aan lokale micro-, kleine en middelgrote ondernemingen en aan het formaliseren van informele economische activiteiten.
De Partijen bevorderen de overgang naar een emissiearme en hulpbronnenefficiënte economie. Zij ondersteunen duurzame benaderingen van consumptie en productie, milieuvriendelijk beheer van afval en chemische stoffen en maatregelen voor het verminderen van alle vormen van verontreiniging. De Partijen zijn het erover eens dat goed beheerde verstedelijking van essentieel belang is voor het bevorderen van duurzame economische ontwikkeling. Zij werken daarom samen om de problemen die de snelle verstedelijking met zich meebrengt en de kansen die zij biedt, doeltreffend aan te pakken en ondersteunen stedelijke ontwikkeling en infrastructuur en goed werkende verbindingen tussen stad en platteland.
De Partijen komen overeen samen te werken op het gebied van werkgelegenheid en sociale zaken, met name ter ondersteuning van de economische en sociale inclusie en emancipatie van vrouwen, jongeren en de armste en meest kwetsbare groepen. Voorts komen zij overeen de eerbiediging te waarborgen van de in de verdragen en protocollen van de IAO neergelegde arbeids- en sociale normen, alsook de toegang tot de rechter met inachtneming van een eerlijke rechtsgang, waaronder passende en doeltreffende rechtsmiddelen.
Artikel 44. Economische transformatie en industrialisering
De Partijen versterken de samenwerking op het gebied van economische transformatie, waaronder industrialisering. Zij bevorderen de transitie van grondstoffenafhankelijkheid naar gediversifieerde economieën, alsook de opwaardering van natuurlijke hulpbronnen, het creëren van toegevoegde waarde en integratie in regionale en mondiale waardeketens. Zij zijn het eens over de belangrijke rol die de dienstensector speelt bij de economische transformatie en industrialisering.
De Partijen werken samen met het oog op het ondersteunen van de ontwikkeling van productiecapaciteit en de verbetering van de productiviteit, van de diversificatie en van het concurrentievermogen. Zij streven ernaar beperkingen aan de aanbodzijde weg te nemen door onder meer technologische innovatie en de versterking van de technologische uitrusting alsook de verspreiding ervan te bevorderen, het bedrijfs- en investeringsklimaat te verbeteren, de regelgevingscapaciteit en macro-economische stabiliteit te versterken, en efficiënte kapitaalmarkten en solide financiële systemen te ontwikkelen met het oog op betere toegang tot financiering, met name voor de private sector. Daartoe bevestigen zij het belang van de digitalisering van de economie voor het versnellen van de ontwikkeling van productiecapaciteit. De nadruk zal liggen op sectoren en industrieën met een hoge toegevoegde waarde en een groot potentieel voor het scheppen van fatsoenlijke banen.
De Partijen verbinden zich ertoe de macro-economische en financiële stabiliteit te verbeteren door een gezond en transparant begrotings- en monetair beleid te voeren, alsook economische en structurele hervormingen te stimuleren met het oog op het creëren van een gunstig klimaat waarin meer investeringen worden gegenereerd, en de ontwikkeling van de private sector te bevorderen. De Partijen erkennen voorts het belang van de onafhankelijkheid van centrale banken bij het bepalen van hun beleidsdoelstellingen en bij hun monetaire beleidsvoering. Voorts komen zij overeen om, waar passend, de dialoog te onderhouden en informatie uit te wisselen tussen hun autoriteiten om beter inzicht te verwerven in de fundamentele aspecten van de respectieve economieën van de Partijen.
De Partijen intensiveren tevens hun inspanningen op het gebied van technisch en beroepsonderwijs en -opleiding en van onderzoek en innovatie, en zorgen ervoor dat deze maatregelen beter afgestemd zijn op de kansen en behoeften aan vaardigheden op de arbeidsmarkt. Zij werken samen om elkaars ervaringen te benutten, onder meer bij de versterking van de productiecapaciteit door middel van de ontwikkeling van vaardigheden en de bevordering van technologieoverdracht, waarbij koppelingen tussen bedrijven in de OACPS-leden en in de EU worden bevorderd, met name tussen micro-, kleine en middelgrote ondernemingen.
De Partijen herbevestigen de belangrijke rol van infrastructuur bij het wegnemen van beperkingen aan de aanbodzijde en bij de ontwikkeling van concurrerende regionale en subregionale waardeketens door een efficiënt verkeer van goederen, diensten en kapitaal te faciliteren. Zij werken samen aan de ontwikkeling van efficiënte en duurzame infrastructuur, onder meer op het gebied van lucht-, land- en zeevervoer, energie, water en digitale connectiviteit, met inachtneming van de uiteenlopende behoeften van de minst ontwikkelde, niet aan zee grenzende en eilandeconomieën. Dienovereenkomstig werken zij samen om publieke en private middelen aan te boren, onder meer door middel van investeringen voor de ontwikkeling van infrastructuur.
De Partijen verbinden zich ertoe gezamenlijke economische groei na te streven en komen overeen samen te werken op onder meer de volgende gebieden, die als prioritaire sectoren worden beschouwd: landbouw en agro-industrie, veeteelt en leder, de blauwe economie, visserij, mijnbouw en winningsindustrieën, de culturele en creatieve sector, duurzaam toerisme, duurzame energie, ICT en vervoer. De Partijen onderstrepen de belangrijke rol van die sectoren voor het creëren van toegevoegde waarde, het scheppen van fatsoenlijke banen, het versterken van de productiecapaciteit en voor de algemene inspanningen op het gebied van economische transformatie. Zij werken derhalve samen om de factoren die groei stimuleren in de verschillende sectoren, in kaart te brengen, investeringen te mobiliseren en de beperkingen die de totstandbrenging van verticale integratie ondermijnen, terug te dringen.
De Partijen bevorderen de dialoog, stimuleren de overdracht van vaardigheden en technologie, werken aan de verbetering van waardeketens en versterken de samenwerking voor de uitwisseling van ervaringen en de verspreiding van beste praktijken in de landbouwsector. Zij werken ook samen bij de ondersteuning van mechanismen en kaders om duurzame en kwalitatief hoogwaardige landbouwproductie te verhogen.
Artikel 45. Ontwikkeling van de private sector
Zich bewust van het belang van de ontwikkeling van de private sector voor economische transformatie en banencreatie, streven de Partijen ernaar ondernemerschap te bevorderen en het concurrentievermogen van ondernemingen te ontwikkelen en te verbeteren. Zij besteden daarbij bijzondere aandacht aan micro-, kleine en middelgrote ondernemingen, met inbegrip van start-ups, met name door wettelijke, administratieve en institutionele kaders te bevorderen met het oog op succesvolle integratie van deze ondernemingen in duurzame toeleverings- en waardeketens. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan de informele sector, aan de opwaardering van informele economische activiteiten naar formele activiteiten, en aan de bevordering van de integratie van duurzaamheidsgerelateerde doelstellingen in bedrijfsmodellen. De Partijen komen tevens overeen de ontwikkeling van ondernemerschap bij jongeren en vrouwen te ondersteunen in het kader van hun economische emancipatie en de bevordering van inclusieve ontwikkeling. Zij bevestigen het belang van de opbouw van regionale en nationale capaciteit om het concurrentievermogen in de medium- en hightechindustrie te verbeteren.
De Partijen bevorderen de dialoog en de samenwerking tussen de openbare en de private sector, onder meer via private fora voor het bedrijfsleven. Zij versterken de samenwerking met het oog op de uitwisseling van ervaringen en de verspreiding van beste praktijken die ondernemerschap aanmoedigen, de dialoog en contacten tussen bedrijven bevorderen en de overdracht van vaardigheden en technologie stimuleren.
De Partijen zijn het eens over de noodzaak om strategieën op te zetten en beter beleid en passende wetgeving te ontwikkelen inzake financiële inclusie alsook de toegang tot financiering en financiële en niet-financiële diensten te verbeteren, onder meer door middel van innovatieve financieringsmechanismen, met bijzondere aandacht voor de verstrekking van betaalbare kredieten aan familiebedrijven, kleine landbouwbedrijven, micro-, kleine en middelgrote ondernemingen, vrouwen en jonge ondernemers.
De Partijen erkennen dat zowel publieke als private financieringsbronnen een belangrijke rol spelen bij de ondersteuning van de ontwikkeling van de private sector, met name via instrumenten en mechanismen zoals publiek-private partnerschappen (PPP) en gemengde financiering, en bij het stimuleren van investeringen in relevante sectoren, waaronder infrastructuurontwikkeling. Dienovereenkomstig werken zij samen aan de ontwikkeling van transparante en voorspelbare kaders en strategieën voor de inzet van PPP’s, met inbegrip van de versterking van de institutionele capaciteit voor het onderhandelen over en uitvoeren en monitoren van projecten in het kader van een PPP-regeling.
HOOFDSTUK 3. WETENSCHAP, TECHNOLOGIE, INNOVATIE EN ONDERZOEK
Artikel 46. Wetenschap, technologie en innovatie
De Partijen erkennen de rol van wetenschap, technologie en innovatie voor kennisuitbreiding, bij het versnellen van de geleidelijke en stapsgewijze overgang naar duurzame ontwikkeling door middel van economische transformatie, toevoeging van de waardeketen en contacten tussen bedrijven, bij het bevorderen van kennisontwikkeling en een grotere mondigheid van burgers, met name van vrouwen en jongeren, en bij het ondersteunen van besluitvormers en beleidsmakers bij het streven naar duurzame ontwikkeling.
De Partijen werken aan de ontwikkeling van kennismaatschappijen. Zij komen overeen te investeren in menselijk kapitaal, de vaststelling van coherente en brede beleids- en regelgevingskaders te bevorderen en infrastructuurverbindingen en digitale instrumenten te ontwikkelen.
De Partijen versterken de samenwerking op basis van wederzijds voordeel, voortbouwend op bestaande mechanismen en tegelijkertijd nieuwe financieringsmogelijkheden verkennend voor wetenschap, technologie en innovatie, mits de intellectuele-eigendomsrechten op passende wijze en effectief worden beschermd. Zij bevorderen inheemse, traditionele en lokale kennis als een instrument voor het overbruggen van kennis- en technologiekloven in relevante sectoren.
De Partijen stimuleren investeringen in de ontwikkeling, verspreiding en overdracht van nieuwe technologieën, met bijzondere aandacht voor schone en innovatieve technologieën die het milieu beschermen. Zij bevorderen hernieuwbare energie en werken samen aan de ontwikkeling van productie- en regelgevingscapaciteit.
De Partijen ondernemen actie in verband met de mogelijke impact van technologieën op de samenleving, pakken kwesties aan in verband met cyberbeveiliging en waarborgen dat persoonsgegevens worden beschermd, en zij nemen ook de effecten van disruptieve technologie, waaronder kunstmatige intelligentie en robotica, in aanmerking.
De Partijen erkennen de rol van de ruimtevaart als katalysator voor sociale en economische voordelen, onder meer op het gebied van milieu, de klimaatverandering, oceaangovernance, vervoer, energie, landbouw, mijnbouw en bosbouw. Zij werken samen in verband met onderwerpen van gemeenschappelijk belang in civiele ruimteactiviteiten, zoals ruimteonderzoek, toepassingen van en diensten voor wereldwijde satellietnavigatiesystemen, de ontwikkeling van satellietaugmentatiesystemen, het gebruik van aardobservatietoepassingen en -diensten en aardwetenschappen.
Artikel 47. Onderzoek en ontwikkeling
De Partijen zijn het erover eens dat onderzoek en ontwikkeling van cruciaal belang zijn bij het creëren van economische welvaart en kansen op waardig werk en dat deze een cruciale bijdrage kunnen leveren aan de verwezenlijking van de doelstellingen van deze Overeenkomst.
De Partijen moedigen het genereren en verspreiden van nieuwe kennis aan, rekening houdend met de potentiële gevolgen ervan, waaronder schadelijke effecten, voor het milieu en de samenleving. Zij ondersteunen de verbetering van vaardigheden om gelijke tred te houden met technologische vooruitgang en innovatie, alsook de mobiliteit en opleiding van onderzoekers. Zij bevorderen partnerschappen tussen het bedrijfsleven, de academische wereld en de publieke sector, alsook activiteiten van de private sector die gericht zijn op het vergaren van kennis en het toetsen van ideeën om nieuwe producten met een reëel commercieel potentieel te ontwerpen, en besteden daarbij bijzondere aandacht aan vrouwen en jongeren als innovatoren.
De Partijen bevorderen investeringen in onderzoek en ontwikkeling, met name in segmenten van waardeketens met een hoge toegevoegde waarde, en streven ernaar maatschappelijke uitdagingen aan te pakken, met name op het gebied van milieu, de klimaatverandering, energie, voedselveiligheid en -zekerheid, en gezondheid.
Artikel 48. ICT en de digitale economie
De Partijen werken samen om de digitale kloof te verkleinen door de samenwerking op het gebied van de ontwikkeling van de digitale samenleving ten behoeve van burgers en bedrijven te bevorderen, via de toegankelijkheid van digitale technologieën, waaronder ICT die is afgestemd op lokale omstandigheden. De Partijen ondersteunen maatregelen die een vlotte toegang tot ICT mogelijk maken, onder meer door het gebruik van betaalbare en hernieuwbare energiebronnen en de ontwikkeling en heroriëntatie van goedkope draadloze netwerken. Zij streven tevens naar meer complementariteit en harmonisatie van de communicatiesystemen en de aanpassing ervan aan nieuwe technologieën.
De Partijen zijn het eens over de centrale rol van de digitale economie als een kracht die verandering aanwakkert en versnelt en aanzienlijke economische diversificatie kan aandrijven, banen kan scheppen en snelle stapsgewijze groei mogelijk kan maken. Zij komen overeen de digitalisering te bevorderen om de transactiekosten te beperken en informatie-asymmetrieën terug te dringen met als overkoepelende doel de productiviteit en duurzaamheid te verbeteren.
De Partijen bevorderen en ondersteunen digitaal ondernemerschap, met name door vrouwen en jongeren, en de digitale transformatie van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen. Zij moedigen de ontwikkeling aan van e-handel om de toeleveringsketens op de schop te nemen en de markten uit te breiden, de uitbreiding van e-banking, onder meer om de kosten van overmakingen te verlagen, en de invoering van oplossingen voor e-governance.
De Partijen werken samen aan de ontwikkeling en het beheer van beleid op het gebied van privacy en gegevensbescherming, aan de bevordering van maatregelen om gegevensstromen te vergemakkelijken en aan het ondersteunen van het regelgevingskader ter bevordering van de productie, verkoop en levering van digitale producten en diensten.
HOOFDSTUK 4. HANDELSSAMENWERKING
Artikel 49. Handel en duurzame ontwikkeling
De Partijen erkennen dat sociale en economische ontwikkeling en milieubescherming onderling afhankelijk zijn en elkaar versterken. Zij bevestigen opnieuw dat zij zich, met inachtneming van hun respectieve ontwikkelingsniveaus, inzetten om de integratie van duurzame ontwikkeling, die bestaat uit economische ontwikkeling, sociale ontwikkeling en milieubescherming, in alle aspecten van hun handelsbetrekkingen te versterken, met als doel duurzame groei te bevorderen. Daartoe moedigen de Partijen in hun handelsbetrekkingen een hoog niveau van sociale, milieu- en arbeidsbescherming aan, met name overeenkomstig de verbintenissen die zijn gespecificeerd in artikel 54, de hoofdstukken 1 tot en met 3 van titel V enhoofdstuk 2 van titel III van dit deel, om de overeengekomen mondiale SDG’s in het kader van de Agenda 2030 te verwezenlijken. De Partijen komen tevens overeen dat sociale en milieumaatregelen niet mogen worden gebruikt voor protectionistische doeleinden.
De Partijen zijn het erover eens dat het niet gepast is handel of investeringen aan te moedigen door de niveaus van bescherming die in de binnenlandse milieu- en arbeidswetgeving worden geboden en de handhaving ervan, te verlagen of een verlaging ervan in het vooruitzicht te stellen.
De Partijen erkennen hun respectieve rechten om doelstellingen en prioriteiten op het gebied van duurzame ontwikkeling vast te stellen en hun eigen niveaus van binnenlandse bescherming op sociaal, arbeids- en milieugebied, onder meer in het kader van de klimaatverandering, te bepalen, voor zover zij dit passend achten, mits de aangenomen wetten en beleidsmaatregelen niet in strijd zijn met hun verplichtingen inzake internationaal erkende beschermingsnormen en desbetreffende overeenkomsten.
De Partijen bevorderen de handel in producten die worden verkregen door middel van duurzaam beheer, instandhouding en efficiënt gebruik van natuurlijke hulpbronnen. De Partijen werken ook samen bij de bevordering van handel en investeringen in goederen en diensten die van bijzonder belang zijn voor de beperking van de klimaatverandering, met inbegrip van koolstofarme industriële en geherfabriceerde producten, hernieuwbare energie en energie-efficiënte producten en diensten, in overeenstemming met hun internationale verplichtingen.
De Partijen werken samen om de samenhang en de wederzijdse ondersteuning van het beleid op het gebied van handel, arbeid en milieu te bevorderen en zij versterken de dialoog en de uitwisseling van informatie en beste praktijken over handelsgerelateerde aspecten van duurzame ontwikkeling, onder meer samen met de betrokken belanghebbenden. In dat verband komen zij voorts overeen samen te werken bij de bevordering van praktijken op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemerschap en verantwoorde bedrijfsvoering, waaronder internationaal erkende richtsnoeren, normen en toepasselijke instrumenten, door die praktijken op te nemen in handels- en zakelijke activiteiten. Daarnaast is de samenwerking gericht op de moeilijkheden en kansen die voortvloeien uit de handelsgerelateerde aspecten van private en publieke vrijwillige duurzame garantieregelingen die onder meer verband houden met arbeid, het milieu, instandhouding van de biodiversiteit, duurzaam gebruik en beheer van bosbestanden en duurzame visserijpraktijken en de handel in duurzaam beheerde visserijproducten.
De Partijen komen overeen om, waar passend, in het kader van hun handelsbetrekkingen systemen te handhaven of in te voeren voor de ondersteuning van en het toezicht op de effectieve implementatie van de internationaal erkende sociale, arbeids- en milieunormen en de desbetreffende overeenkomsten, door onder meer de institutionele capaciteit voor de vaststelling en handhaving van de desbetreffende wetgeving te versterken.
Artikel 50. Handelsregelingen
De Partijen zijn zich bewust van het belang om voort te bouwen op de verwezenlijkingen van de Overeenkomst van Cotonou in het kader van hun handelsbetrekkingen. Zij onderstrepen het belang van handel in hun algemene betrekkingen en verbinden zich ertoe de intensivering en diversificatie van de handelsstromen tot wederzijds voordeel te bevorderen, met name met het oog op de integratie van de economieën van de OACPS-leden in de regionale en mondiale waardeketens.
De Partijen komen overeen dat de handelssamenwerking moet plaatsvinden in overeenstemming met het op regels gebaseerde multilaterale handelsstelsel met het oog op het bevorderen van vrije, eerlijke en open handel zodat met name in de OACPS-leden duurzame groei en ontwikkeling kunnen worden verwezenlijkt. Daartoe wordt de samenwerking afgestemd op de verplichtingen die de Partijen in het kader van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) zijn aangegaan, waaronder de bepalingen inzake bijzondere en gedifferentieerde behandeling.
De Partijen erkennen het belang van het sluiten van handelsregelingen om meer handelsmogelijkheden te creëren en hun effectieve integratie in de wereldeconomie te bevorderen. De Partijen erkennen hun respectieve recht om regionale of multilaterale regelingen te treffen voor de vermindering of afschaffing van niet-tarifaire maatregelen die van invloed zijn op de handel in goederen en diensten. De Partijen streven er voorts naar mogelijke negatieve gevolgen van hun respectieve handelsregelingen met derde partijen voor de concurrentiepositie die elke Partij op de binnenlandse markt van de andere Partijen inneemt, te beperken.
Rekening houdend met de noodzaak voort te bouwen op hun bestaande preferentiële handelsregelingen en economische partnerschapsovereenkomsten (EPO’s) als instrumenten van hun handelssamenwerking, erkennen de Partijen dat de samenwerking in de eerste plaats moet worden versterkt om de concrete uitvoering van die bestaande instrumenten te ondersteunen.
De Partijen komen voorts een inclusief EPO-kader overeen dat rekening houdt met de uiteenlopende situaties in de lidstaten en regio’s van de OACPS die zich in verschillende stadia van het EPO-proces bevinden, en met het ontwikkelingsniveau van de OACPS-leden. De ondertekenaars van de EPO’s bevestigen hun verbintenis om alle nodige maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat de EPO’s volledig worden uitgevoerd, hetgeen bevorderlijk moet zijn voor hun economische groei en ontwikkeling en tegelijkertijd moet bijdragen tot de verdieping van de regionale integratieprocessen binnen Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACS). De Partijen erkennen dat het belangrijk is het toepassingsgebied van EPO’s uit te breiden en de toetreding van nieuwe lidstaten aan te moedigen. De Partijen komen overeen op de passende niveaus gezamenlijke regelingen tussen de ACS en de EU te handhaven of in te voeren om toe te zien op de uitvoering van EPO’s en om de gevolgen ervan voor de ontwikkeling van de economieën van de OACPS-leden in de ACS-regio’s en hun regionale integratieprocessen te beoordelen.
De Partijen bij de respectieve EPO’s komen overeen dat de verwijzingen daarin naar de bepalingen inzake passende maatregelen in de Overeenkomst van Cotonou worden begrepen als verwijzingen naar de overeenkomstige bepalingen in deze Overeenkomst.
De Partijen komen voorts overeen dat hun samenwerking moet bijdragen tot de intensivering van de inspanningen en processen voor regionale integratie in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan en tot verdere stimulering van de regionale handel binnen de ACS.
De Partijen onderstrepen het belang van hun actieve deelneming in de Wereldhandelsorganisatie en in andere relevante internationale organisaties door lid te worden van die organisaties en hun agenda en activiteiten van nabij te volgen. Zij komen overeen nauw samen te werken bij het vaststellen en bevorderen van hun gemeenschappelijke belangen bij internationale economische en handelssamenwerking, met name in de WTO. In deze context wordt bijzondere aandacht besteed aan het verbeteren van de toegang tot de markt van de Europese Unie en andere markten voor goederen en diensten van oorsprong uit de OACPS-leden.
De Partijen zijn het eens over het belang van soepelheid van de WTO-regels zodat rekening kan worden gehouden met de uiteenlopende ontwikkelingsniveaus van de ACS-staten en -regio’s en met de moeilijkheden die zij ondervinden om aan hun verplichtingen te voldoen. Zij komen derhalve overeen samen te werken om de nodige en gepaste capaciteit te ontwikkelen om hun WTO-verplichtingen daadwerkelijk na te komen. De Partijen erkennen ook de innovatieve benadering ten aanzien van de bijzondere en gedifferentieerde behandeling die inherent is aan de WTO-Overeenkomst inzake handelsfacilitatie (TF-overeenkomst), die de minst ontwikkelde landen en ontwikkelingslanden in staat stelt hun verbintenissen volledig na te komen op voorwaarde dat zij de nodige handelssteun verlenen in overeenstemming met hun kennisgevingen van uitvoering in het kader van de Overeenkomst inzake handelsfacilitatie.
De Partijen erkennen het belang van het intensiveren van de dialoog om handels- en handelsgerelateerde onderwerpen van gemeenschappelijk belang aan te pakken. Zij komen overeen de betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld en de private sector bij die dialoog te bevorderen.
Artikel 51. De handel in diensten
De Partijen zijn het erover eens dat de handel in diensten een krachtige motor is voor de groei en ontwikkeling van hun economieën en herbevestigen hun respectieve rechten en verplichtingen uit hoofde van de Algemene Overeenkomst betreffende de handel in diensten van de WTO (GATS).
De Partijen verbinden zich ertoe samen te werken in het kader van de handel in diensten en deze te versterken, met name in het kader van vormen van dienstverlening waarvan de uitvoer voor hen van belang is, waaronder het verkeer van natuurlijke personen voor zakelijke doeleinden, en in sectoren die zij als prioritair beschouwen, zoals de ICT-sector, toerisme, vervoer, milieudiensten, financiële diensten, sportdiensten en andere prioritaire sectoren, voor zover van toepassing.
Met inachtneming van artikel 39, lid 2, werken de Partijen samen om de capaciteit voor het verlenen van diensten in verband met de culturele en creatieve sector te versterken.
De Partijen werken samen om belemmeringen voor de handel in diensten aan te pakken met als doel de markttoegang te vergemakkelijken en de handel te bevorderen. Voorts komen zij overeen hun samenwerking te versterken om de ontwikkeling van nationale regelgevingskaders en -capaciteit te ondersteunen, de dienstverleners beter in staat te stellen te voldoen aan de regelgeving en normen van de EU en de OACPS-leden op continentaal, regionaal, nationaal en subnationaal niveau, en waar passend de opstelling van overeenkomsten betreffende wederzijdse erkenning aan te moedigen in de in lid 2 bedoelde dienstensectoren van wederzijds belang.
De Partijen erkennen het belang van kosteneffectieve en efficiënte zeevervoerdiensten als de belangrijkste vervoerswijze die de handel vergemakkelijkt. De Partijen verbeteren het concurrentievermogen van de zeevervoerdiensten door de connectiviteit te versterken, om de veilige circulatie van goederen en personen in de zeevervoerssector te verbeteren. Daartoe werken zij samen in de passende fora om het zeevervoer te liberaliseren als de belangrijkste vervoerswijze voor het vergemakkelijken van de handel. Zij maken de toegang, op niet-discriminerende en commerciële basis, mogelijk tot de markten voor internationaal zeevervoer en tot havens en havendiensten. De Partijen werken samen met het oog op de ontwikkeling en bevordering van kosteneffectieve en efficiënte zeevervoerdiensten in de OACPS-leden om de deelname van exploitanten uit de OACPS-leden aan internationale scheepvaartdiensten te vergroten.
Artikel 52. Handelsgerelateerde gebieden
De Partijen erkennen het toenemende belang van niet-tarifaire maatregelen in de handel naarmate tarifaire belemmeringen wegvallen. Zij erkennen derhalve de noodzaak om samen te werken met het oog op het monitoren en wegnemen van onnodige handelsbelemmeringen, en bijgevolg de handel tussen de EU en de OACPS-leden en tussen de OACPS-leden onderling te vergemakkelijken en te doen toenemen. In dit verband komen de Partijen overeen waar passend regelingen te handhaven of vast te stellen voor de aanpak van niet-tarifaire maatregelen die negatieve gevolgen kunnen hebben voor de uitvoer naar de markt van de andere Partij.
De Partijen komen overeen hun samenwerking op het gebied van normering en certificering van goederen te intensiveren om onnodige technische handelsbelemmeringen binnen het toepassingsgebied van de WTO-Overeenkomst inzake technische handelsbelemmeringen (de „TBT-Overeenkomst”) te voorkomen, op te sporen en weg te nemen, en streven ernaar op de TBT-Overeenkomst voort te bouwen door de transparantie te vergroten en te versterken. De Partijen komen voorts overeen samen te werken om de technische capaciteit en institutionele infrastructuur op het gebied van technische handelsbelemmeringen tot stand te brengen en te versterken.
De Partijen bevestigen opnieuw het recht van elke Partij om sanitaire en fytosanitaire maatregelen (SPS-maatregelen) vast te stellen of te handhaven ter bescherming van het leven of de gezondheid van mensen, dieren of planten op haar grondgebied, waarbij zij erop toezien dat dergelijke SPS-maatregelen die door elke Partij zijn vastgesteld, geen onnodige handelsbelemmeringen opwerpen, overeenkomstig de WTO-Overeenkomst inzake sanitaire en fytosanitaire maatregelen (de „SPS-Overeenkomst”). Daartoe komen de Partijen overeen hun samenwerking te intensiveren met het oog op de doeltreffende uitvoering van de beginselen en voorschriften van de SPS-Overeenkomst, rekening houdend met hun respectieve ontwikkelingsniveaus. In dat verband werken de Partijen samen om sanitaire en fytosanitaire kwesties, waaronder het beheer van antimicrobiële resistentie, en kwesties op het gebied van dierenwelzijn aan te pakken, om de capaciteit van de Partijen te versterken en de toegang tot de markten van de andere Partij te verbeteren en tegelijkertijd een passend niveau van bescherming van mensen, dieren en planten te waarborgen.
De Partijen erkennen dat het systeem voor intellectuele eigendom bedoeld is om economische, sociale en culturele vooruitgang te bevorderen door creatief werk en technologische innovatie te stimuleren, met name tussen de EU en de ACS-regio’s, en tegelijkertijd bijdraagt tot een duurzamere en inclusievere economie. In dit verband bevestigen de Partijen opnieuw het belang van de bescherming en handhaving van de intellectuele-eigendomsrechten, zoals vastgelegd in artikel 7 van de WTO-Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de intellectuele eigendom (de „Trips-Overeenkomst”), die moeten bijdragen tot de bevordering van technologische innovatie en de overdracht en verspreiding van technologie, tot wederzijds voordeel van technologische kennis voor producenten en gebruikers, op een wijze die bevorderlijk is voor het sociale en economische welzijn, en tot een evenwicht tussen rechten en verplichtingen. De Partijen erkennen de noodzaak om intellectuele-eigendomsrechten te beschermen, waaronder auteursrechten en naburige rechten, handelsmerken, geografische aanduidingen, tekeningen en modellen van nijverheid, topografieën van geïntegreerde schakelingen, kwekersrechten en octrooien. Die bescherming omvat ook de bescherming tegen oneerlijke concurrentie en de bescherming van niet openbaar gemaakte informatie. De Partijen onderstrepen in dit verband het belang om de beginselen na te leven van de Trips-Overeenkomst, het Verdrag inzake biologische diversiteit, gedaan te Rio de Janeiro op 5 juni 1992, en de in deel I van de Trips-Overeenkomst bedoelde verdragen, in overeenstemming met hun ontwikkelingsniveau. De Partijen onderstrepen voorts het belang van samenwerking en technische bijstand op het gebied van intellectuele eigendom voor de maatregelen, procedures en rechtsmiddelen die nodig zijn om de handhaving van intellectuele- eigendomsrechten te waarborgen, met als doel met name in de OACPS-leden een doeltreffend niveau van bescherming te bereiken.
De Partijen bevestigen opnieuw dat de invoering en toepassing van efficiënte en gezonde beleidsmaatregelen en regels op het gebied van mededinging van doorslaggevend belang zijn voor het verbeteren en veiligstellen van een gunstig investeringsklimaat, een duurzaam industrialisatieproces en transparantie bij de toegang tot markten. Zij verbinden zich er derhalve toe nationale of regionale regels en beleidsmaatregelen uit te voeren om concurrentiebeperkende zakelijke praktijken, met inbegrip van door de Partijen toegekende subsidies in verband met economische activiteiten, die de goede werking van de markten kunnen verstoren en de handelsbelangen van de andere Partijen negatief kunnen beïnvloeden, doeltreffend aan te pakken. De Partijen verbinden zich ertoe te zorgen voor een gelijk speelveld voor publieke en private marktdeelnemers. Zij komen eveneens overeen de samenwerking op dit gebied te versterken om een effectief mededingingsbeleid met de passende nationale en regionale autoriteiten uit te stippelen en te ondersteunen dat er geleidelijk voor zorgt dat de mededingingsregels doeltreffend worden gehandhaafd. In dat verband komen de Partijen overeen samen te werken bij de ontwikkeling van voldoende capaciteit met het oog op de totstandbrenging van een passend rechtskader voor de bescherming van de mededinging en voor de handhaving van het kader via de op mededingingsgebied bevoegde instanties, met name op het grondgebied van de OACPS-leden.
De Partijen komen overeen de samenwerking te intensiveren om het functioneren van de internationale grondstoffenmarkten en de transparantie van deze markten te verbeteren.
De Partijen erkennen het belang van transparante overheidsopdrachten voor het bevorderen van economische ontwikkeling en de industrialisering. De Partijen zijn het eens over het belang van samenwerking voor het verbeteren van het wederzijdse begrip van hun respectieve regelingen voor overheidsopdrachten. De Partijen verbinden zich tot de beginselen en werken samen op het gebied van de transparantie, het concurrentievermogen en de voorspelbaarheid van aanbestedingssystemen.
Artikel 53. Handelsfacilitatie
De Partijen erkennen het belang van het verlagen van de handelskosten om inclusieve en duurzame groei in hun economieën te bewerkstelligen. Zij werken daarom samen om invoer-, uitvoer-, doorvoer- en andere douaneprocedures te vereenvoudigen, onder meer aan de hand van de digitalisering van douane- en inklaringsprocedures, alsook om de transparantie van douane- en handelsvoorschriften te verbeteren en het legitieme handelsverkeer te faciliteren, voortbouwend op hun respectieve verbintenissen in het kader van de TF-overeenkomst. Overeenkomstig de TF-overeenkomst hebben de OACPS-leden adequate en voorspelbare technische bijstand nodig om hun capaciteit om deze Overeenkomst volledig uit te voeren, op te bouwen. De Partijen verbinden zich er tevens toe die bijstand te verlenen op basis van de in het kader van de TF-overeenkomst aangegeven behoeften van de OACPS-leden voor de uitvoering.
TITEL V. MILIEUDUURZAAMHEID EN KLIMAATVERANDERING
Artikel 54
De Partijen zijn het erover eens dat milieuaantasting, niet-duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen en de klimaatverandering een ernstige bedreiging vormen voor de verwezenlijking van duurzame ontwikkeling en het leven, de levenskwaliteit en het levensonderhoud van de huidige en toekomstige generaties onder druk zetten. In dat verband bevestigen de Partijen opnieuw de noodzaak van een hoog niveau van milieubescherming en een doeltreffende instandhouding en duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen, met inbegrip van de biologische diversiteit. Zij bevestigen ook opnieuw de noodzaak om overeenstemming te bereiken over ambitieuze maatregelen om de negatieve gevolgen van klimaatverandering te beheersen en te beperken, en om hun economieën te richten op duurzame, veerkrachtige koolstofarme groeitrajecten, en tegelijkertijd bij te dragen tot het scheppen van fatsoenlijke banen voor iedereen.
De Partijen integreren milieuduurzaamheid, de strijd tegen de klimaatverandering en het streven naar ecologisch duurzame groei in alle beleidsmaatregelen, plannen en investeringen. Zij streven ernaar om op het gebied van de desbetreffende kwesties doeltreffende allianties op te bouwen in internationaal verband, om wereldwijde actie vooruit te helpen en te zorgen voor constructieve samenwerking met de lokale autoriteiten, het maatschappelijk middenveld en de private sector. De Partijen voeren de multilaterale milieuovereenkomsten waarbij zij partij zijn daadwerkelijk uit.
De Partijen streven er, in het licht van vraagstukken in verband met het milieu en de klimaatverandering en van door de natuur en door de mens veroorzaakte rampen, naar de veerkracht van met name kwetsbare bevolkingsgroepen op te bouwen en te versterken.
Bij de bevordering van milieuduurzaamheid en de aanpak van de klimaatverandering en natuurrampen houden de Partijen rekening met: i) de kwetsbaarheid van kleine eilandstaten in ontwikkeling, de minst ontwikkelde landen, niet aan zee gelegen ontwikkelingslanden en kustgemeenschappen, en ook met hun inspanningen om zich aan te passen, met name aan de dreiging die uitgaat van de klimaatverandering en de uitputting van natuurlijke hulpbronnen; ii) de blootstelling van landen aan en hun kwetsbaarheid voor verergerende droogten, overstromingen, kusterosie, waterschaarste, bodem- en bosdegradatie, biodiversiteitsverlies, ontbossing en verwoestijning; iii) de noodzaak om verlies en schade door de negatieve gevolgen van de klimaatverandering, waaronder traag op gang komende verschijnselen zoals de stijging van de zeespiegel, tot een minimum te beperken, te vermijden en aan te pakken; iv) het verband tussen strategieën op het gebied van de klimaatverandering en rampenrisicovermindering, veerkracht en voedselzekerheid; v) de cruciale rol van natuurlijke ecosystemen voor het waarborgen van voedselzekerheid en voeding en voor de bestrijding van de klimaatverandering; vi) het verband tussen milieuaantasting en de klimaatverandering enerzijds en ontheemding en migratie anderzijds, en vii) de negatieve gevolgen van de klimaatverandering en milieuaantasting voor vrede en veiligheid.
HOOFDSTUK 1. MILIEUDUURZAAMHEID
Artikel 55. Milieu en natuurlijke hulpbronnen
De Partijen streven naar instandhouding, bescherming, verbetering en herstel van het milieu. Daartoe bevorderen zij maatregelen op nationaal, regionaal en mondiaal niveau, onder meer op het gebied van hoge biodiversiteitswaarde en de bescherming van natuurlijke ecosystemen, luchtkwaliteit, waterkwaliteit, waterschaarste en droogte, afvalbeheer, industriële verontreiniging en industriële gevaren en beheer van chemische stoffen.
De Partijen ondersteunen de instandhouding en het duurzame beheer en gebruik van natuurlijke hulpbronnen, waaronder de bodem, water, bossen, biodiversiteit en ecosystemen. Zij bevorderen maatregelen om een einde te maken aan de handel in beschermde dier- en plantensoorten en pakken zowel de vraag naar als het aanbod van illegale producten op basis van wilde dieren en planten aan. Zij bevorderen het duurzame beheer van grondbezit, visgronden en bossen.
De Partijen bevorderen rechtsinstrumenten, geïntegreerde milieu- en ontwikkelingsstrategieën en goed bestuur met het oog op de integratie van biodiversiteitsbelangen in alle relevante sectoren om biodiversiteitsverlies een halt toe te roepen en de verstrekking van ecosysteemdiensten in stand te houden. De Partijen bevorderen ecosysteemgerichte benaderingen en op de natuur gebaseerde oplossingen om de milieudoelstellingen te bereiken. Zij erkennen het belang van ecosystemen en biodiversiteit voor de aanpak van de klimaatverandering en voor de instandhouding en het herstel van alle ecosystemen, met inbegrip van aquatische en terrestrische ecosystemen. Zij zorgen ook voor de instelling, het beheer en de verbetering van de governance van beschermde gebieden.
De Partijen erkennen dat natuurlijke ecosystemen, met name bossen, habitats bieden voor dieren en planten en een belangrijke rol spelen bij de beperking van en de aanpassing aan de klimaatverandering, bij de instandhouding van de biodiversiteit en bij het voorkomen en bestrijden van woestijnvorming en bodemaantasting. De Partijen erkennen ook dat bossen, watergebieden en savannes zorgen voor water- en bodembescherming en bescherming tegen natuurrampen, en andere ecosysteemdiensten leveren. Rekening houdend met het bovenstaande bevorderen de Partijen de instandhouding en het herstel van alle ecosystemen, met inbegrip van bossen.
De Partijen zetten zich in voor de bestrijding van woestijnvorming, bodemdegradatie en droogte, en streven naar het herstel en de rehabilitatie van aangetast land en aangetaste bodem om duurzaam landbeheer tot stand te brengen alsook een omgeving waar geen landdegradatie meer plaatsvindt. Zij beperken het verlies aan biodiversiteit, scheppen werkgelegenheid en dragen bij tot de verbetering van de beschikbaarheid van ecosysteemdiensten en -functies, onder meer door de paraatheid voor en de bestendigheid tegen het droogterisico te verbeteren en de risico’s en gevolgen van zand- en stofstormen verder te verminderen.
De Partijen bevorderen eerlijke en gelijke toegang tot en verdeling van voordelen van het gebruik van genetische rijkdommen, alsook passende toegang tot deze rijkdommen, zoals internationaal overeengekomen.
De Partijen ondersteunen de bevordering van de kringloopeconomie en duurzame consumptie- en productiepraktijken, en streven ernaar gebruik te maken van de investeringsmogelijkheden die worden geboden door de beste beschikbare schone technologieën.
HOOFDSTUK 2. OCEANEN, ZEEËN EN MARIENE HULPBRONNEN
Artikel 56. Oceaangovernance
De Partijen erkennen de toenemende druk van door de mens veroorzaakte factoren op en de cumulatieve gevolgen daarvan voor zeeën en oceanen, en zij erkennen de aard van zeeën en oceanen als onderling verbonden gemeenschappelijke goederen, waarvan de instandhouding, bescherming en governance een gedeelde verantwoordelijkheid is die een collectief en gecoördineerd optreden van de belanghebbenden vereist. De Partijen herbevestigen het universele en geharmoniseerde karakter van Unclos als basis voor nationale, regionale en wereldwijde maatregelen en samenwerking in de mariene en maritieme sectoren.
De Partijen versterken de oceaangovernance en pakken doeltreffend de toenemende druk op zeeën en oceanen aan, die een bedreiging vormt voor de veerkracht van mariene ecosystemen en voor hun bijdrage aan de beperking van en aanpassing aan de klimaatverandering.
De Partijen bevorderen en verbeteren de bescherming en het herstel van mariene ecosystemen en de instandhouding en het duurzame beheer van mariene hulpbronnen, ook in gebieden buiten hun respectieve jurisdictie, met het oog op de totstandbrenging van gezonde en productieve oceanen. Zij bevorderen duurzaam visserijbeheer op nationaal, regionaal en mondiaal niveau door samen te werken met relevante regionale visserijorganisaties en door illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te bestrijden. De Partijen bevorderen de instandhouding van bedreigde in het water levende soorten alsook maatregelen om verontreiniging en zwerfvuil op zee te beperken en de gevolgen van de klimaatverandering, waaronder oceaanverzuring, aan te pakken.
De Partijen bevorderen de duurzame ontwikkeling van een blauwe economie met als doel de bijdrage van de oceanen aan voedselzekerheid en voeding veilig te stellen, de bestaansmiddelen te verbeteren, werkgelegenheid te scheppen en sociale rechtvaardigheid en cultureel welzijn voor de huidige en toekomstige generaties te waarborgen.
De Partijen ondersteunen de uitvoering van beleid en strategieën voor blauwe groei ter bevordering van geïntegreerd oceaanbeheer dat de diversiteit, productiviteit, veerkracht, kernfuncties en intrinsieke waarde van mariene ecosystemen herstelt, beschermt en in stand houdt.
De Partijen bevorderen de dialoog en de samenwerking over alle aspecten van oceaangovernance, met inbegrip van aangelegenheden in verband met de klimaatverandering, de stijging van de zeespiegel en de mogelijke gevolgen en implicaties daarvan, diepzeemijnbouw, visserij, verontreiniging van de zee en onderzoek en ontwikkeling.
HOOFDSTUK 3. KLIMAATVERANDERING
Artikel 57. Klimaatverbintenissen
De Partijen erkennen dat de negatieve gevolgen van de klimaatverandering en de variabiliteit van het klimaat een bedreiging vormen voor het leven en de bestaansmiddelen van mensen. Zij bevestigen hun toezegging om dringend actie te ondernemen om klimaatverandering te voorkomen, de gevolgen ervan aan te pakken en dringend en op gecoördineerde wijze samen te werken op internationaal, regionaal, interregionaal en nationaal niveau, om het mondiale antwoord op de klimaatverandering te versterken.
De Partijen voeren het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering, gedaan te New York op 9 mei 1992, en de Overeenkomst van Parijs effectief uit.
De Partijen verbinden zich ertoe de algemene doelstelling te verwezenlijken om de stijging van de gemiddelde temperatuur wereldwijd ruim onder 2 °C te houden ten opzichte van het pre-industriële niveau en ernaar te streven de temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C ten opzichte van het pre-industriële niveau, het aanpassingsvermogen te vergroten, de kwetsbaarheden te verminderen en de veerkracht te vergroten, en alle investeringen en geldstromen in overeenstemming te brengen met de Overeenkomst van Parijs.
Artikel 58. Klimaatactie
De Partijen komen overeen klimaatmaatregelen te nemen om adaptatie en mitigatie aan te pakken en te zorgen voor de uitvoeringsmiddelen daarvoor, en zij komen overeen zich te richten op de meest kwetsbare landen, waaronder de kleine eilandstaten in ontwikkeling, laaggelegen kuststaten, de minst ontwikkelde landen en niet aan zee grenzende ontwikkelingslanden.
De Partijen komen overeen hun nationaal bepaalde bijdragen (NDC’s) uit te voeren en de voortgang ervan op te volgen en ernaar te streven langetermijnstrategieën te formuleren en te communiceren voor een op lage uitstoot van broeikasgassen gebaseerde ontwikkeling voor het midden van deze eeuw, om de in de Overeenkomst van Parijs overeengekomen temperatuurdoelstelling te bereiken, rekening houdend met hun gemeenschappelijke maar gedifferentieerde verantwoordelijkheden en respectieve capaciteiten in het perspectief van de diverse nationale omstandigheden. Zij verbinden zich ertoe de koppeling tussen de NDC’s, de Agenda 2030 en hun nationale strategieën te versterken.
De Partijen komen overeen zich in te zetten voor de planning en uitvoering van de nationale adaptatieplannen en andere strategieën, en de voortgang van de uitvoering ervan te monitoren. Zij verbinden zich ertoe daartoe doeltreffende bestuursstructuren op te zetten en te versterken. Zij erkennen dat de integratie van de nationale adaptatieplannen en andere aanpassingsstrategieën in nationale strategieën en processen verder moet worden versterkt om klimaatveerkrachtige duurzame ontwikkeling tot stand te brengen.
Artikel 59. Klimaatverandering en veiligheid
De Partijen pakken de bedreiging aan die de klimaatverandering en milieuaantasting vormen voor vrede en veiligheid, met name in situaties van kwetsbaarheid en de meest kwetsbare landen. De Partijen ontwikkelen strategieën voor veerkracht, rekening houdend met de veiligheidsdreiging.
HOOFDSTUK 4. NATUURRAMPEN
Artikel 60. Beperking en beheer van het risico op rampen
De Partijen zijn zich bewust van de negatieve gevolgen van natuurrampen, waaronder tsunami’s, aardbevingen en vulkaanuitbarstingen, voor duurzame ontwikkeling alsook van de toenemende frequentie en intensiteit van klimaatgerelateerde verschijnselen zoals cyclonen en orkanen, overstromingen en droogte.
De Partijen bevorderen coherente beleidsmaatregelen en strategieën op alle niveaus om kwetsbaarheden en andere risicodeterminanten in kaart te brengen. Zij werken samen om de rampenbestendigheid tegen de korte- en langetermijneffecten van rampen te vergroten en besteden bijzondere aandacht aan de coördinatie, complementariteit en synergieën tussen de strategieën inzake rampenrisicovermindering en aanpassing aan de klimaatverandering. De Partijen ondernemen maatregelen inzake vroegtijdige waarschuwing en preventieve actie en verbeteren de risicobeperking en -paraatheid door de communicatie met het publiek en het risicobeheer te versterken en rampenrisicovermindering effectief in ontwikkelingsstrategieën te integreren.
De Partijen integreren in hun maatregelen systematisch de uitvoerige beoordeling en het beheer van en de bestendigheid tegen risico’s opdat personen, gemeenschappen, instellingen en landen zich beter kunnen voorbereiden op, beter bestand zijn tegen, zich beter kunnen aanpassen aan en snel herstellen van schokken en naschokken, ook wanneer de impact groter is dan alle mogelijke inspanningen om aan te passen zonder de vooruitzichten voor ontwikkeling op lange termijn aan te tasten.
De Partijen pakken rampenrisico’s aan met behulp van een geïntegreerde multirisicobenadering, die inzicht in het rampenrisico, de versterking van de governance ervan en de opbouw van institutionele capaciteit voor een doeltreffende uitvoering van risicogebaseerde investeringen omvat. Zij zorgen voor inclusieve en billijke resultaten om de veerkracht van de meest kwetsbaren op te bouwen.
De Partijen ontwikkelen strategieën ter versterking van de veerkracht van steden en plattelandsgebieden met het oog op een verbetering van het rampenrisicobeheer, met bijzondere aandacht voor ongeordende uitbreidingen.
Artikel 61. Respons bij rampen en herstel
De Partijen zijn het erover eens dat een vroegtijdige en gecoördineerde respons op natuurrampen van cruciaal belang is voor rehabilitatie en herstel na rampen. De Partijen zijn het eens over het belang van gecoördineerde behoeftenanalysen, een betere rampenparaatheid en betere capaciteit voor een lokale, vroegtijdige en doeltreffende respons die tegemoetkomt aan de behoeften van door crises getroffen mensen, onder meer door middel van doeltreffende communicatiestrategieën.
De Partijen komen overeen dat bij rampenrespons en herstelinspanningen op korte termijn prioriteit moet worden gegeven aan noodhulp en rehabilitatie, met inbegrip van steun voor snel herstel. Zij zijn het erover eens dat bijstand na de noodfase erop gericht moet zijn verlichting op korte termijn te koppelen aan ontwikkeling op langere termijn, door middel van een duurzaam herstelproces en betere wederopbouw, met inbegrip van inspanningen voor de wederopbouw en het herstel van het sociaal-economische en culturele weefsel. Dit vereist een betere coördinatie tussen actoren op humanitair gebied en op het gebied van ontwikkeling vanaf het begin van de crisis om de veerkracht van de getroffen bevolkingsgroepen naar behoren op te bouwen.
TITEL VI. MIGRATIE EN MOBILITEIT
Artikel 62
De Partijen herbevestigen hun verbintenis om de samenwerking op het gebied van migratie en mobiliteit te versterken op basis van de beginselen van solidariteit, partnerschap en gedeelde verantwoordelijkheid. Zij hanteren een brede, coherente, pragmatische en evenwichtige benadering, met volledige inachtneming van het internationaal recht, waaronder het internationaal recht inzake de mensenrechten en, in voorkomend geval, het internationaal vluchtelingenrecht en het internationaal humanitair recht, alsook met het soevereiniteitsbeginsel, rekening houdend met hun respectieve bevoegdheden. Zij erkennen dat migratie en mobiliteit, wanneer zij goed worden beheerd, positieve gevolgen kunnen hebben voor duurzame ontwikkeling, en zijn zich bewust van de noodzaak de negatieve gevolgen van irreguliere migratie voor de landen van herkomst, doorreis en bestemming aan te pakken. De Partijen komen overeen te werken aan capaciteitsopbouw met het oog op een efficiënt en doeltreffend beheer van migratie in al haar aspecten. Zij herhalen hun inzet voor de eerbiediging van de waardigheid van alle vluchtelingen en migranten en voor de bescherming van hun mensenrechten. De Partijen behandelen alle relevante aspecten van migratie en mobiliteit, zoals bedoeld in deze titel in het kader van hun regelmatige partnerschapsdialoog.
HOOFDSTUK 1. LEGALE MIGRATIE EN MOBILITEIT
Artikel 63. Legale migratie en mobiliteit
De Partijen streven ernaar de vruchten te plukken van veilige, ordelijke en reguliere migratie en mobiliteit, met volledige inachtneming van het internationaal recht en in overeenstemming met hun respectieve bevoegdheden. In dat verband werken zij aan de ontwikkeling en het gebruik van legale migratiemogelijkheden, waaronder arbeidsmigratie en andere mobiliteitsregelingen, rekening houdend met de nationale prioriteiten en de behoeften van de arbeidsmarkt.
De Partijen streven ernaar transparante en doeltreffende voorwaarden voor toelating en verblijf toe te passen met het oog op werk, onderzoek, studie, opleiding en vrijwilligerswerk, om circulaire migratie en mobiliteit te vergemakkelijken. De Partijen versterken de transparantie van de informatie over migratieregels die van toepassing zijn.
De Partijen beschouwen circulaire migratie als een middel om groei en ontwikkeling in de landen van herkomst en bestemming te bevorderen. Daartoe nemen zij regelingen voor circulaire migratie in overweging en voeren zij de rechtskaders uit voor het faciliteren van de terugkeerprocedures van onderdanen van een lidstaat van de Europese Unie of van een OACPS-lid die legaal verblijven op, respectievelijk, het grondgebied van de OACPS-leden of het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie en verbeteren die waar nodig, en houden zij rekening met aspecten van de re-integratie van die personen in het land van herkomst om ervoor te zorgen dat hun opgedane ervaring of kwalificaties de plaatselijke arbeidsmarkt en gemeenschap ten goede kunnen komen.
De Partijen voeren een dialoog over procedures voor legale migratie, met inbegrip van gezinshereniging en, in voorkomend geval, meeneembaarheid van pensioenrechten. De Partijen zetten een open uitwisseling voort over visumkwesties en over het vergemakkelijken van mobiliteit en intermenselijke contacten, onder meer op gebieden als toerisme, cultuur, sport, onderwijs, onderzoek en het bedrijfsleven, met het oog op het bevorderen van wederzijds begrip en gedeelde waarden.
De Partijen bevorderen de samenwerking tussen de betrokken instanties en instellingen, lokale autoriteiten, het maatschappelijk middenveld en de sociale partners met het oog op het stimuleren van gezamenlijke onderzoeksprojecten, het in kaart brengen van lacunes in vaardigheden, investerings- en werkgelegenheidskansen en de evaluatie van het beleid en de strategieën op het gebied van arbeidsmigratie.
De Partijen werken samen om de transparantie en vergelijkbaarheid van alle kwalificaties te verbeteren, zodat zij gemakkelijker erkend worden voor toegang tot verder leren en gemakkelijker aanvaard op de arbeidsmarkt.
De Partijen werken samen om de registers van de burgerlijke stand te verbeteren en te moderniseren teneinde de veiligheid van identiteitskaarten en paspoorten te verhogen en de afgifte ervan te verbeteren.
Artikel 64. Integratie en non-discriminatie
De Partijen zetten hun inspanningen voort voor de vaststelling van een effectief integratiebeleid voor personen die legaal op hun grondgebied verblijven, dat tot doel heeft rechten te verlenen en plichten op te leggen die vergelijkbaar zijn met die van de eigen burgers, en de sociale samenhang te bevorderen. In dit verband ondersteunen de Partijen de ontwikkeling en uitvoering van strategieën voor de integratie van onderdanen van een lidstaat van de Europese Unie of van een OACPS-lid die legaal verblijven op, respectievelijk, het grondgebied van de OACPS-leden of het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie in de arbeidsmarkten en de gastsamenlevingen, ter ondersteuning en versterking van de samenwerking en coördinatie tussen verschillende actoren die zich bezighouden met integratie op nationaal, regionaal en lokaal niveau, met inbegrip van het lokale bestuur en het maatschappelijk middenveld.
De Partijen komen overeen te zorgen voor eerlijke behandeling van onderdanen van een lidstaat van de Europese Unie of van een OACPS-lid die legaal verblijven op, respectievelijk, het grondgebied van de OACPS-leden of het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie, voor de versterking van non-discriminatie in het economische, sociale en culturele leven en voor de ontwikkeling van maatregelen tegen racisme en vreemdelingenhaat.
De Partijen komen overeen dat de behandeling van onderdanen van een lidstaat van de Europese Unie of van een OACPS-lid die legaal verblijven op, respectievelijk, het grondgebied van de OACPS-leden of het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie wat arbeidsvoorwaarden, beloning en ontslag betreft, vrij moet zijn van enige discriminatie op grond van nationaliteit ten opzichte van de eigen onderdanen van elke lidstaat van de Europese Unie respectievelijk van elk OACPS-lid. Daartoe werken de Partijen samen om ervoor te zorgen dat de migratievoorschriften en aanwervingsmechanismen gebaseerd zijn op eerlijke en ethische beginselen die waarborgen dat alle onderdanen van een lidstaat van de Europese Unie of van een OACPS-lid die legaal verblijven op, respectievelijk, het grondgebied van de OACPS-leden of het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie in de gastlanden eerlijk en waardig worden behandeld en beschermd worden tegen uitbuiting.
HOOFDSTUK 2. MIGRATIE EN ONTWIKKELING
Artikel 65. Migratie en ontwikkeling
De Partijen komen overeen dat goed beheerde migratie een bron kan zijn van welvaart, innovatie en duurzame ontwikkeling en komen tevens overeen samen te werken en landen van herkomst te steunen, onder meer door groei en werkgelegenheid te stimuleren en investeringen, de ontwikkeling van de private sector, handel en innovatie, onderwijs en beroepsopleiding, gezondheid, sociale bescherming en veiligheid, met name voor jongeren en vrouwen, te bevorderen. De Partijen werken samen om de voorwaarden te scheppen die de negatieve gevolgen van het verlies van vaardigheden voor de ontwikkeling van de landen van herkomst beperken.
Artikel 66. Diaspora en ontwikkeling
De Partijen erkennen de betekenisvolle rol van de diaspora’s en de verschillende vormen van bijdragen die de leden van de diaspora leveren aan de ontwikkeling van hun land van herkomst, onder meer via financiering, investeringen, overdracht van kennis, deskundigheid en technologie, culturele banden, netwerken en mechanismen, alsook in het kader van nationale verzoeningsprocessen.
Artikel 67. Overmakingen
De Partijen streven ernaar goedkopere, veiligere, snellere en juridisch conforme overdrachten van overmakingen te bevorderen om productieve binnenlandse investeringen te stimuleren, onder meer door het gebruik van nieuwe technologieën en innovatieve instrumenten.
De Partijen werken samen om de transactiekosten van overmakingen tot minder dan 3 % te beperken en de transactieroutes met kosten van meer dan 5 % te elimineren, overeenkomstig internationaal overeengekomen doelstellingen, en het regelgevingskader voor een grotere betrokkenheid van niet-traditionele spelers te verbeteren.
Artikel 68. Zuid-Zuid-migratie
De Partijen erkennen het belang van Zuid-Zuid-migratie, zowel wat betreft de problemen die zij met zich meebrengt als de kansen die zij biedt, waaronder de potentiële voordelen van goed beheerde Zuid-Zuid-migratie voor de duurzame ontwikkeling van landen van herkomst, doorreis en bestemming. Daartoe ondersteunen de Partijen beleid en acties ter bevordering van de economische en sociale ontwikkeling in de landen van herkomst, doorvoer en bestemming.
De Partijen wisselen ervaringen en beste praktijken uit om de sociale en economische gevolgen van Zuid-Zuid-migratie voor de landen van herkomst, doorreis en bestemming te verzachten en zij versterken de samenwerking op nationaal en regionaal niveau.
Artikel 69. Natuurrampen, klimaatverandering en milieuaantasting
De Partijen houden rekening met het verband tussen migratie, waaronder ontheemding, en natuurrampen, klimaatverandering en milieuaantasting.
De Partijen nemen maatregelen om in de behoeften van ontheemden te voorzien door op alle relevante niveaus, ook op het interregionale niveau, strategieën vast te stellen op het gebied van de mitigatie van, aanpassing aan en bestendigheid tegen natuurrampen, de negatieve gevolgen van klimaatverandering en milieuaantasting.
HOOFDSTUK 3. IRREGULIERE MIGRATIE
Artikel 70. Onderliggende oorzaken van irreguliere migratie
De Partijen bevestigen de gezamenlijke politieke wil om de onderliggende oorzaken van irreguliere migratie en gedwongen ontheemding aan te pakken en om hierop adequaat te reageren.
De Partijen herbevestigen hun vastberadenheid om de irreguliere migratiestromen in te dammen, met volledige inachtneming van het internationaal recht en de mensenrechten. In dat verband erkennen zij de negatieve gevolgen van irreguliere migratie voor de landen van herkomst, doorreis en bestemming, waaronder de daarmee verband houdende problemen op humanitair gebied en op het gebied van veiligheid. De Partijen erkennen het toegenomen risico voor migranten om mensenrechtenschendingen te ervaren en het slachtoffer te worden van mensenhandel en misbruik, en zij komen overeen maatregelen te nemen om die migranten te beschermen tegen alle vormen van uitbuiting en misbruik.
Artikel 71. Migrantensmokkel
De Partijen intensiveren hun gezamenlijke inspanningen om grensoverschrijdende criminaliteit in verband met migrantensmokkel te voorkomen en zij versterken gezamenlijk hun inspanningen om een einde te maken aan de straffeloosheid van criminele organisaties, door middel van effectief onderzoek en effectieve vervolging.
De Partijen zorgen ervoor dat er passende juridische en institutionele kaders komen, in overeenstemming met het VN-Verdrag tegen grensoverschrijdende georganiseerde misdaad, en met name het Protocol tegen de smokkel van migranten over land, over zee en door de lucht daarbij. Zij verbinden zich er ook toe de uitwisseling van informatie te verbeteren en de operationele, politiële en justitiële samenwerking te bevorderen.
Artikel 72. Mensenhandel
De Partijen bestrijden mensenhandel overeenkomstig het VN-Verdrag tegen grensoverschrijdende georganiseerde misdaad en het bijbehorende Protocol inzake de voorkoming, bestrijding en bestraffing van mensenhandel, in het bijzonder vrouwenhandel en kinderhandel. De Partijen verbeteren de preventie, onder meer door de straffeloosheid van alle daders tegen te gaan, en zorgen ervoor dat alle slachtoffers toegang hebben tot de rechten die hun toekomen, in het bijzonder rekening houdend met de kwetsbaarheid van vrouwen en kinderen.
Artikel 73. Geïntegreerd grensbeheer
De Partijen bevorderen en ondersteunen geïntegreerd grensbeheer, met inbegrip van grenscontroles, het verzamelen en delen van informatie en inlichtingen, en het voorkomen van de productie en het gebruik van frauduleuze documenten, alsmede operationele, politiële en justitiële samenwerking op het gebied van onderzoek en strafrechtelijke vervolging.
HOOFDSTUK 4. TERUGKEER, OVERNAME EN RE-INTEGRATIE
Artikel 74. Terugkeer en overname
De Partijen bevestigen opnieuw dat zij het recht hebben illegaal verblijvende migranten terug te sturen en herbevestigen de wettelijke verplichting van elke lidstaat van de Europese Unie en elk OACPS-lid om hun eigen onderdanen die illegaal verblijven op, respectievelijk, het grondgebied van de OACPS-leden of het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie, over te nemen, zonder voorwaarden en zonder andere formaliteiten dan de in lid 3 bedoelde verificatie. Daartoe werken de Partijen samen op het gebied van terugkeer en overname en zorgen zij ervoor dat de rechten en de waardigheid van het individu ten volle worden beschermd en geëerbiedigd, onder meer in het kader van procedures voor terugkeer van illegaal verblijvende migranten naar hun land van herkomst.
Elke lidstaat van de Europese Unie aanvaardt de terugkeer en overname van zijn onderdanen die illegaal op het grondgebied van een OACPS-lid verblijven, op verzoek van die staat, zonder verdere formaliteiten dan de in lid 3 bedoelde verificatie voor personen die niet in het bezit zijn van een geldig reisdocument.
Elk OACPS-lid aanvaardt de terugkeer en overname van zijn onderdanen die illegaal op het grondgebied van een lidstaat van de Europese Unie verblijven, op verzoek van die lidstaat, zonder verdere formaliteiten dan de in lid 3 bedoelde verificatie voor personen die niet in het bezit zijn van een geldig reisdocument.
Wat de lidstaten van de Europese Unie betreft, zijn de in dit lid vastgestelde verplichtingen uitsluitend van toepassing op personen die de nationaliteit van een lidstaat van de Europese Unie bezitten. Wat de OACPS-leden betreft, zijn de in dit lid vastgestelde verplichtingen uitsluitend van toepassing op personen die overeenkomstig het rechtsstelsel van het betrokken land geacht worden hun onderdanen te zijn.
De lidstaten van de Europese Unie en de OACPS-leden reageren snel op elkaars overnameverzoeken. Zij voeren verificatieprocedures uit aan de hand van de meest geschikte en meest efficiënte identificatieprocedures, teneinde de nationaliteit van de betrokken persoon vast te stellen en passende reisdocumenten voor terugkeerdoeleinden af te geven, zoals uiteengezet in bijlage I. Niets in die bijlage belet de terugkeer van een persoon op basis van andere formele of informele regelingen tussen de staat waaraan een overnameverzoek wordt gericht en de staat die een overnameverzoek indient.
Onverminderd de in artikel 101, lid 5, vastgestelde procedures stelt een Partij, indien zij van oordeel is dat een andere Partij de in bijlage I vermelde termijn overeenkomstig bijlage 9, hoofdstuk 5, norm 5.26, van het Verdrag inzake de internationale burgerluchtvaart niet in acht neemt, de andere Partij daarvan in kennis. Indien die andere Partij nog steeds niet aan die verplichtingen voldoet, kan de kennisgevende Partij vanaf dertig dagen na de kennisgeving evenredige maatregelen nemen.
De Partijen komen overeen toezicht te houden op de uitvoering van deze verplichtingen in het kader van de regelmatige partnerschapsdialoog tussen de Partijen.
Artikel 75. Re-integratie
De Partijen onderzoeken manieren om samen te werken om vrijwillige terugkeer te bevorderen en de duurzame re-integratie van teruggekeerde personen te vergemakkelijken, in voorkomend geval door middel van duurzame re-integratieprogramma’s. Er wordt bijzondere aandacht besteed aan de behoeften van terugkerende personen in een kwetsbare situatie, zoals kinderen, ouderen, personen met een handicap en slachtoffers van mensenhandel.
HOOFDSTUK 5. BESCHERMING EN ASIEL
Artikel 76. Vluchtelingen en andere ontheemden
De Partijen verbinden zich ertoe de bescherming en waardigheid van vluchtelingen en andere ontheemden te versterken in overeenstemming met het internationaal recht en het internationaal recht inzake de mensenrechten, waaronder het beginsel van non-refoulement en, indien van toepassing, het internationaal vluchtelingenrecht en het internationaal humanitair recht.
De Partijen ondersteunen waar nodig de integratie van vluchtelingen en andere ontheemden in de gastlanden en versterken de capaciteit van de landen van eerste opvang, doorreis en bestemming. De Partijen werken samen om vluchtelingen en ontheemden in transit- en gastlanden veiligheid te bieden in vluchtelingenkampen alsook toegang tot de rechter, juridische bijstand, getuigenbescherming en medische en sociaal-psychologische ondersteuning.
De Partijen besteden bijzondere aandacht aan personen in een kwetsbare situatie en hun specifieke behoeften, waaronder vrouwen, kinderen en niet-begeleide minderjarigen, rekening houdend met het beginsel van het belang van het kind.
DEEL III. MONDIALE ALLIANTIES EN INTERNATIONALE SAMENWERKING
Artikel 77
De Partijen bevestigen opnieuw het belang van samenwerking op internationaal niveau met het oog op de bevordering en verdediging van hun gemeenschappelijke belangen en de instandhouding en versterking van het multilateralisme. Zij verbinden zich ertoe de krachten te bundelen voor een vreedzamere, meer coöperatieve en rechtvaardige wereld, die stevig berust op de gemeenschappelijke waarden van vrede, democratie, de mensenrechten, de rechtsstaat, gendergelijkheid, duurzame ontwikkeling, behoud van het milieu en de strijd tegen de klimaatverandering. Zij zijn het erover eens dat het belangrijk is mondiale allianties op te bouwen en te versterken om een doeltreffend multilateraal systeem tot stand te brengen dat resultaten oplevert bij het aanpakken van mondiale uitdagingen voor een veiligere en betere wereld voor iedereen.
Artikel 78. Multilateralisme en global governance
De Partijen zetten zich in voor de op regels gebaseerde wereldorde, met multilateralisme als basisbeginsel en de VN als kern. Zij bevorderen de internationale dialoog en zoeken naar multilaterale oplossingen om wereldwijde actie vooruit te helpen.
De Partijen zetten de nodige stappen voor de ratificatie of toetreding tot, naargelang het geval, en de uitvoering en omzetting in nationale wetgeving van de toepasselijke internationale verdragen en overeenkomsten.
De Partijen streven ernaar de global governance te versterken en de noodzakelijke hervormingen en modernisering van multilaterale instellingen te ondersteunen om deze representatiever, responsiever, doeltreffender, efficiënter, inclusiever, transparanter, democratischer en verantwoordelijker te maken.
De Partijen verdiepen hun multistakeholderbenadering van multilateralisme door het maatschappelijk middenveld, de private sector en de sociale partners effectiever te betrekken bij de ontwikkeling van antwoorden op mondiale uitdagingen.
Artikel 79. Samenwerking in internationale organisaties en fora
De Partijen streven ernaar gezamenlijke resoluties, verklaringen en verklaringen aan te nemen, hun standpunten en, in voorkomend geval, hun stem op elkaar af te stemmen en gezamenlijk op te treden, op basis van gemeenschappelijke belangen, wederzijds respect en gelijkheid, om hun aanwezigheid in internationale en regionale organisaties en fora te vergroten en er hun stem luider te laten klinken.
De Partijen stellen passende operationele regelingen vast voor doeltreffende samenwerking en coördinatie op internationaal niveau, onder meer door ministeriële bijeenkomsten tussen de OACPS-leden en de EU bijeen te roepen. Zij streven ernaar om op regelmatige basis overeenstemming te bereiken over een reeks strategische thema’s, zowel op politiek als op operationeel niveau, en hun krachten te bundelen met betrekking tot onderwerpen van wederzijds en mondiaal belang om wereldwijde actie vooruit te helpen.
De Partijen kunnen er actief naar streven nauw samen te werken en strategische partnerschappen tot stand te brengen met derde landen en groepen die hun waarden en belangen delen, om zoveel mogelijk tot gezamenlijke oplossingen voor gemeenschappelijke uitdagingen te komen.
Artikel 80. Gebieden voor internationale actie
De Partijen komen overeen samen te werken en gezamenlijke acties te ondernemen met betrekking tot kwesties die verband houden met de in deel II neergelegde strategische prioriteiten en op andere aandachtsgebieden die zij noodzakelijk achten.
De Partijen versterken de samenwerking en dialoog om de internationale vrede en veiligheid te waarborgen. Zij hanteren een inclusieve en geïntegreerde aanpak ter voorkoming en voor de aanpak van conflicten en crises, die wortelt in brede, diepe en duurzame regionale en internationale partnerschappen. Zij werken op nationaal, regionaal en internationaal niveau aan de verbetering van de doeltreffendheid van de multilaterale inzet voor duurzame vrede en veiligheid door middel van versterkte partnerschappen met de VN en regionale en subregionale actoren. Zij pakken ernstige misdrijven aan die de internationale gemeenschap aangaan en bedreigingen voor de internationale veiligheid, zoals georganiseerde misdaad, terrorisme en gewelddadig extremisme, en zij werken samen om de internationale architectuur voor wapenbeheersing, non-proliferatie en ontwapening te bevorderen en te versterken, de cyberveiligheid te vergroten en cybercriminaliteit te bestrijden.
De Partijen nemen deel aan internationale fora om internationale normen en overeenkomsten te handhaven om de mensenrechten voor iedereen te bevorderen en te beschermen, gendergelijkheid te verwezenlijken en de democratie en de rechtsstaat te bevorderen. Zij werken samen met de mensenrechtenorganen en mensenrechtenmechanismen van de VN en ondersteunen de werkzaamheden van de Mensenrechtenraad van de VN ten volle. In voorkomend geval smeden zij transregionale allianties om gemeenschappelijke waarden en belangen te dienen.
De Partijen werken samen om de SDG’s en andere internationaal overeengekomen routekaarten voor de bevordering van menselijke en sociale ontwikkeling te verwezenlijken. Zij werken nauw samen op internationaal niveau om:
- a. extreme armoede en honger uit te bannen;
- b. voedselonzekerheid aan te pakken en er een antwoord op te bieden;
- c. de universele toegang tot hoogwaardige en betaalbare sociale diensten zoals onderwijs, gezondheid, water, sanitaire voorzieningen en huisvesting te bevorderen;
- d. vrouwen en jongeren mondiger te maken; en
- e. de meest kwetsbaren in de samenleving te beschermen en hun inclusie in, en bijdrage aan, het economische, sociale en politieke leven te vergemakkelijken, waarbij niemand aan zijn lot wordt overgelaten.
Zij werken samen aan de versterking van de samenhang en consistentie van het internationale financiële en monetaire stelsel, om ervoor te zorgen dat ontwikkelingsfinanciering ter ondersteuning van duurzame ontwikkeling beter toegankelijk is.
De Partijen werken samen op internationaal niveau om inclusieve, duurzame economische groei en ontwikkeling tot stand te brengen aan de hand van maatregelen die gericht zijn op structurele economische transformatie, het scheppen van fatsoenlijke banen voor iedereen en de integratie van de OACPS-leden in de wereldeconomie, onder meer via regionale en continentale integratie. De Partijen behouden en versterken het op regels gebaseerde multilaterale handelsstelsel, met de WTO als kern, in al haar functies, om ervoor te zorgen dat het de mondiale handelsuitdagingen doeltreffend kan aanpakken en het ontwikkelingspotentieel van de handel kan benutten.
De Partijen intensiveren hun samenwerking om krachtige en doortastende collectieve actie op het gebied van milieuduurzaamheid en klimaatverandering te bevorderen, de mondiale ambitie te verhogen en het voortouw te nemen bij het verwezenlijken van de langetermijndoelstellingen van de Overeenkomst van Parijs. Zij handhaven internationale normen en overeenkomsten die mondiale collectieve goederen leveren en toekomstige generaties beschermen, onder meer door inspanningen te leveren om de internationale oceaangovernance te versterken.
De Partijen werken met partners over de hele wereld samen aan een brede en holistische aanpak van alle aspecten die verband houden met migratie en mobiliteit, op basis van de beginselen van solidariteit, gedeelde verantwoordelijkheid en partnerschap.
DEEL IV. MIDDELEN VOOR SAMENWERKING EN UITVOERING
Artikel 81. Doeltreffende en gediversifieerde middelen voor samenwerking
De Partijen komen overeen zowel financiële als niet-financiële middelen te mobiliseren om de doelstellingen van deze Overeenkomst te verwezenlijken op basis van wederzijdse belangen, in de geest van een echt partnerschap en in overeenstemming met het beginsel „leaving no one behind”. Zij onderstrepen het cruciale belang van de financiering van ontwikkeling die essentieel is voor de uitvoering van de Agenda 2030 en de Overeenkomst van Parijs.
De Partijen komen overeen dat de middelen voor samenwerking gediversifieerd moeten zijn, en verschillende beleidslijnen en -instrumenten dienen te omvatten, afkomstig uit alle beschikbare bronnen en van alle beschikbare actoren. Zij komen tevens overeen de middelen voor samenwerking af te stemmen op en uit te voeren op basis van de op nationaal, regionaal, continentaal en interregionaal niveau vastgestelde doelstellingen, strategieën en prioriteiten van de verschillende landen en regio’s.
De Partijen herbevestigen hun gehechtheid aan de beginselen inzake doeltreffende ontwikkelingshulp, namelijk eigen verantwoordelijkheid van partnerlanden voor de ontwikkelingsprioriteiten, inclusieve partnerschappen, resultaatgerichtheid, transparantie en wederzijdse verantwoordingsplicht.
Artikel 82. Internationale ontwikkelingssamenwerking
De EU herbevestigt haar politieke wil om de middelen voor ontwikkelingssamenwerking te verhogen met het oog op de verwezenlijking van duurzame ontwikkeling, met name door armoede uit te bannen en aantasting van het milieu en de klimaatverandering te bestrijden. De EU verbindt zich ertoe het passende niveau van financiële middelen beschikbaar te stellen in overeenstemming met haar interne voorschriften en procedures.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)