Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 4 november 2005, nr. TRCJZ/2005/3295, houdende regels ter uitvoering van de Meststoffenwet (Uitvoeringsregeling Meststoffenwet)
| A | Stoffen van plantaardige herkomst afkomstig van een landbouwbedrijf |
|---|---|
| A1 | Gewas(-producten) voor humane consumptie of diervoeders |
| 1 | Weidegras, weidekuilgras, snijmaïs, kuilmaïs/maïssilage, korrelmaïs, corn cob mix (CCM), gerstkorrels, haverkorrels, roggekorrels, tarwekorrels, aardappelen, suikerbieten, voederbieten, uien, witlofpennen, zaad van erwten, zaad van lupinen, bonen/peulen van veldbonen, zonnebloempitten, zaad van kool- of raapzaad, zaad van olievlas, zaad van vezelvlas, groente en fruit behorend tot de in bijlage A opgenomen bladgewassen, koolgewassen, kruiden, vruchtgewassen, stengel-/knol-/wortelgewassen en fruitteeltgewassen. |
| A2 | Gewas(-producten) voor de biogasproductie |
| 1 | Energiemaïs |
| B | Stoffen van plantaardige herkomst afkomstig van natuurterrein als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit gebruik meststoffen |
| B1 | Weidegras afkomstig van grasland als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit gebruik meststoffen. |
| C | Stoffen afkomstig uit de voedings- en genotmiddelenindustrie |
| C1 | Stoffen van plantaardige herkomst |
| 1 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot zetmeel, vezels en eiwit en die bestaat uit ingedikt onteiwit aardappelvruchtwater met een droge stofpercentage van minimaal 50% (protamylasse). |
| 2 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot zetmeel, vezels en eiwit en die bestaat uit resten aardappelzetmeel die met een bezinker zijn afgescheiden uit het vrijkomende afvalwater (primair aardappelzetmeelslib). |
| 3 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van alcohol door fermentatie van het glucosehoudend bijproduct van de verwerking van tarwe tot tarwegluten en tarwezetmeel na toevoeging van gist, waaruit de alcohol door destillatie is verwijderd en dat met propionzuur en boterzuur gestabiliseerd kan zijn en die bestaat uit waterig slib met residuen van vergiste tarwebestanddelen en gist (tarwegistconcentraat). |
| 4 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwijdering van schillen met behulp van stoom van vooraf gewassen aardappelen en die bestaat uit aardappelschillen in water (aardappelstoomschillen). |
| 5 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwijdering van schillen met behulp van stoom van vooraf gewassen wortelen en die bestaat uit wortelschillen in water (wortelstoomschillen). |
| 6 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van zetmeel, eiwit, kiemen en vezel van maïs en die bestaat uit ingedampt (geconcentreerd) weekwater met een drogestofgehalte van minimaal 50% (geconcentreerd maïsweekwater). |
| 7 | Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte frisdranken of licht alcoholische dranken die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte frisdranken of licht-alcoholische dranken en is vrij van verpakkingsmateriaal (vloeibaar mengsel van frisdranken en licht alcoholische dranken). |
| 8 | Reststof die met behulp van water en fysische processen al dan niet als ingedikte vloeibare reststroom is vrijgekomen bij de fabrieksmatige scheiding van tarwebloem in tarwezetmeel en tarwe-eiwit (gluten) bestemd voor de levensmiddelenindustrie (tarwezetmeel). |
| 9 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van conserven en die bestaat uit een mengsel van uitgeselecteerde droge witte bonen of uitgeselecteerde geweekte geblancheerde witte bonen die ongeschikt zijn voor humane consumptie (mengsel van witte bonen). |
| 10 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bewerking van tarwebloem tot gluten, zemelen en zetmeel bestemd voor de levensmiddelenindustrie en die bestaat uit een geconcentreerde suikerrijke deelstroom (tarweindampconcentraat). |
| 11 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig mechanisch schillen van gewassen sinaasappelen voor de productie van sinaasappelsap bestemd voor menselijke consumptie (schilresten van sinaasappelen). |
| 12 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig ontslijmen van ruwe, niet ontslijmde, plantaardige olie – uitsluitend afkomstig van zaden van koolzaad, raapzaad, sojaboon of zonnebloem – door middel van fysische scheiding en waarbij het hydrofiel gedeelte van de olie in water oplost dan wel een zwak zure oplossing vormt en die bestaat uit fosfolipiden, wateroplosbare vetten, olie en eventueel zuurresten in water (waterig lecithine-oliemengsel). |
| 13 | Reststof die is vrijgekomen bij het filteren door mechanische scheiding van zuiver plantaardige olie, waarin voorgesneden en geblancheerde patat van aardappelen met vooraf aangebracht beslag, battermix of kruiden is voorgebakken en die bestaat uit resten beslag/battermix met zetmeel- en olieresten. (aardappelvetkruim). |
| 14 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van sojadranken door verwerking van ontpelde sojabonen en die bestaat uit een mengsel van kookvocht en de afgescheiden slecht oplosbare fractie (mengsel van okara en kookvocht). |
| 15 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van vooraf gewassen aardappelen, gele koolraap, witte koolraap, witte bieten en knolselderij tot luchtgedroogde groenten waarbij deze met een stoomschiller worden geschild, afgeborsteld en met water afgespoeld en vervolgens gedroogd met lucht. De reststof bestaat uit de vaste delen die met een zeefbocht zijn afgescheiden van de afvalwaterstroom die uit de stoomschiller komt en uit de knollen die na het schillen vanwege rot of kleurafwijking zijn uitgesorteerd. (stoomschillen van knolgewassen). |
| 16 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten en die bestaat uit gereinigde brokstukken van de biet, met name de dunne uiteinden, en delen van bietenbladeren, al dan niet ingekuild. (bietenpunten). |
| C2 | Stoffen van dierlijke herkomst al dan niet gecombineerd met stoffen van plantaardige herkomst |
| 1 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte vloeibare zuivelproducten die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. De reststof bestaat uit uitgepakte vloeibare zuivelproducten of mengsels daarvan en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte vloeibare zuivelproducten en mengsels daarvan). |
| 2 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bereiding van consumptie-ijs en die bestaat uit grondstofresten, ijsmixresten en afgekeurde ijsproducten en vrij is van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (ijsafval). |
| 3 | Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte voedingsmiddelen die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte voedingsmiddelen die oorspronkelijk bestemd waren voor humane consumptie en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte voedingsmiddelen voor humane consumptie). |
| 4 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwijdering van lactose door scheiding uit het permeaat dat is verkregen door ultrafiltratie van zoete kaaswei (delactosed permeate liquid). |
| D | Stoffen afkomstig uit de diervoederindustrie |
| E | Stoffen afkomstig uit andere industrieën |
| 1 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van biodiesel uit raapzaadolie of koolzaadolie door omestering met methanol en scheiding onder invloed van de zwaartekracht (glycerine). |
| F | Hulpstoffen of toevoegmiddelen |
| 1 | Slib of steekvast slib dat vrijkomt bij de bereiding van drinkwater uit grondwater of oppervlaktewater en dat bestaat uit ijzer(III)hydroxide en water (ijzerwater). |
4. Calciumoxide (CaO)
3. Kaliumoxide (K2O)
7. Natriumoxide (Na2O)
4. Calciumoxide (CaO)
1. Stikstof (N)
4. Calciumoxide (CaO)
Bijlage A. Stikstofgebruiksnormen behorende bij de artikelen 28 en 28a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| grondsoort | kleigrond | kleigrond | zandgrond | zandgrond | lössgrond | lössgrond | veengrond | veengrond |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| jaar | 2010/2011 | 2012/2013 | 2010/2011 | 2012/2013 | 2010/2011 | 2012/2013 | 2010/2011 | 2012/2013 |
| Gewas | ||||||||
| Grasland (kg N per ha per jaar) | ||||||||
| Grasland met beweiden | 310 | 310 | 250 | 250 | 250 | 250 | 265 | 265 |
| Grasland met volledig maaien1Onder ‘grasland met volledig maaien’ wordt mede verstaan grasland waar uitsluitend jongvee van runderen niet ouder dan 2 jaar wordt geweid, voor zover het aantal stuks jongvee in de wei niet groter is dan het aantal op het bedrijf gehouden ouderdieren of waar hobbymatig gehouden dieren worden geweid. | 350 | 350 | 320 | 320 | 320 | 320 | 300 | 300 |
| Tijdelijk grasland (kg N per ha per periode) | ||||||||
| van 1 januari tot minstens 15 april | 60 | 60 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 |
| van 1 januari tot minstens 15 mei | 110 | 110 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 |
| van 1 januari tot minstens 15 augustus | 250 | 250 | 210 | 210 | 210 | 210 | 210 | 210 |
| van 1 januari tot minstens 15 september | 280 | 280 | 235 | 235 | 235 | 235 | 235 | 235 |
| van 1 januari tot minstens 15 oktober | 310 | 310 | 250 | 250 | 250 | 250 | 265 | 265 |
| vanaf 15 april tot minstens 15 oktober | 310 | 310 | 250 | 250 | 250 | 250 | 265 | 265 |
| vanaf 15 mei tot minstens 15 oktober | 280 | 280 | 235 | 235 | 235 | 235 | 235 | 235 |
| vanaf 15 augustus tot minstens 15 oktober | 95 | 95 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 |
| vanaf 15 september tot minstens 15 oktober | 30 | 30 | 25 | 25 | 25 | 25 | 25 | 25 |
| vanaf 15 oktober | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Akkerbouwgewassen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Consumptieaardappelrassen hoge norm (zie tabel 2) | 275 | 275 | 270 | 260 | 265 | 255 | 270 | 270 |
| Consumptieaardappelrassen overig | 250 | 250 | 245 | 235 | 240 | 230 | 245 | 245 |
| Consumptieaardappelrassen lage norm (zie tabel 2) | 225 | 225 | 220 | 210 | 215 | 205 | 220 | 220 |
| Consumptieaardappel, vroeg | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 |
| Pootaardappelrassen hoge norm (zie tabel 3) | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Pootaardappelrassen overig | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 |
| Pootaardappelrassen lage norm (zie tabel 3) | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 |
| Pootaardappelen, uitgroeiteelt | 180 | 180 | 170 | 165 | 170 | 165 | 170 | 170 |
| Zetmeelaardappelen | 240 | 240 | 230 | 230 | 230 | 230 | 230 | 230 |
| Suikerbieten | 150 | 150 | 145 | 145 | 145 | 145 | 145 | 145 |
| Cichorei | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 |
| Voederbieten | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Wintertarwe | 245 | 245 | 160 | 160 | 195 | 190 | 160 | 160 |
| Zomertarwe | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Wintergerst | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Zomergerst | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 |
| Triticale | 160 | 160 | 150 | 150 | 150 | 150 | 150 | 150 |
| Winterrogge | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Haver | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 |
| Maïs, bedrijven met derogatie | 160 | 160 | 150 | 140 | 150 | 140 | 150 | 150 |
| Maïs, bedrijven zonder derogatie | 185 | 185 | 150 | 140 | 150 | 140 | 150 | 150 |
| Luzerne, eerste jaar | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 |
| Luzerne, volgende jaren | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Graszaad, Engels raaigras, 1e jaars | 165 | 165 | 155 | 150 | 155 | 150 | 155 | 155 |
| Graszaad, Engels raaigras, overjarig | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Graszaad, rietzwenkgras | 140 | 140 | 135 | 130 | 135 | 130 | 135 | 135 |
| Graszaad, rietzwenkgras, volgteelt | 60 | 60 | 55 | 50 | 55 | 50 | 55 | 55 |
| Graszaad, veldbeemd | 110 | 110 | 105 | 100 | 105 | 100 | 105 | 105 |
| Graszaad, veldbeemd, volgteelt | 60 | 60 | 55 | 50 | 55 | 50 | 55 | 55 |
| Graszaad, roodzwenkgras, 1e jaars | 85 | 85 | 80 | 75 | 80 | 75 | 80 | 80 |
| Graszaad, roodzwenkgras, 1e jaars, volgteelt | 35 | 35 | 35 | 35 | 35 | 35 | 35 | 35 |
| Graszaad, roodzwenkgras, overjarig | 115 | 115 | 110 | 105 | 110 | 105 | 110 | 110 |
| Graszaad, roodzwenkgras, overjarig, volgteelt | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 |
| Graszaad, westerwolds | 110 | 110 | 105 | 100 | 105 | 100 | 105 | 105 |
| Graszaad, Italiaans | 130 | 130 | 125 | 120 | 125 | 120 | 125 | 125 |
| Graszaad, overig | 90 | 90 | 85 | 80 | 85 | 80 | 85 | 85 |
| Graszaad, overig, volgteelt | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 |
| Graszoden | 340 | 340 | 340 | 340 | 340 | 340 | 340 | 340 |
| Ui, zaaiui, overig | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 |
| Winterui, 2e jaars plantui | 170 | 170 | 160 | 155 | 160 | 155 | 160 | 160 |
| waarvan ten hoogste na 31/12 (winterteelt) | 130 | 130 | 125 | 120 | 125 | 120 | 125 | 125 |
| Blauwmaanzaad | 110 | 110 | 105 | 100 | 105 | 100 | 105 | 105 |
| Karwij | 150 | 150 | 145 | 140 | 145 | 140 | 145 | 145 |
| waarvan ten hoogste na 31/12 (winterteelt) | 90 | 90 | 85 | 80 | 85 | 80 | 85 | 85 |
| Koolzaad, winter | 205 | 205 | 195 | 190 | 195 | 190 | 195 | 195 |
| waarvan ten hoogste voor 31/12 (winterteelt) | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 | 45 |
| Koolzaad, zomer | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 | 120 |
| Vlas | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 |
| Akkerbouw overig | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Bladgewassen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Spinazie, 1e teelt | 260 | 260 | 200 | 190 | 200 | 190 | 200 | 200 |
| Spinazie, volgteelt | 185 | 185 | 150 | 145 | 150 | 145 | 150 | 150 |
| Slasoorten, 1e teelt | 180 | 180 | 170 | 165 | 170 | 165 | 170 | 170 |
| Slasoorten, volgteelt | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 |
| Andijvie, 1e teelt | 180 | 180 | 170 | 170 | 170 | 170 | 170 | 170 |
| Andijvie, volgteelt | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 |
| Selderij, bleek/groen | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Prei | 245 | 245 | 235 | 225 | 235 | 225 | 235 | 235 |
| waarvan ten hoogste na 31/12 (winterteelt) | 100 | 100 | 95 | 90 | 95 | 90 | 95 | 95 |
| Bladgewassen, overig, eenmalige oogst | 150 | 150 | 145 | 140 | 145 | 140 | 145 | 145 |
| Bladgewassen, overig, meermalige oogst | 275 | 275 | 260 | 250 | 260 | 250 | 260 | 260 |
| Koolgewassen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Spruitkool | 290 | 290 | 275 | 265 | 275 | 265 | 275 | 275 |
| waarvan ten hoogste na 31/12 (winterteelt) | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 |
| Witte kool | 320 | 320 | 305 | 290 | 305 | 290 | 305 | 305 |
| Rode kool | 285 | 285 | 270 | 260 | 270 | 260 | 270 | 270 |
| Savooiekool | 285 | 285 | 270 | 260 | 270 | 260 | 270 | 270 |
| Spitskool | 285 | 285 | 270 | 260 | 270 | 260 | 270 | 270 |
| Bloemkool | 230 | 230 | 220 | 210 | 220 | 210 | 220 | 220 |
| waarvan ten hoogste na 31/12 (winterteelt) | 120 | 120 | 115 | 110 | 115 | 110 | 115 | 115 |
| Broccoli | 270 | 270 | 245 | 235 | 245 | 235 | 245 | 245 |
| Chinese kool | 180 | 180 | 160 | 155 | 160 | 155 | 160 | 160 |
| Boerenkool | 170 | 170 | 160 | 155 | 160 | 155 | 160 | 160 |
| Paksoi | 180 | 180 | 170 | 165 | 170 | 165 | 170 | 170 |
| Raapstelen | 140 | 140 | 135 | 130 | 135 | 130 | 135 | 135 |
| Kruiden (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Kruiden, bladgewas, eenmalige oogst | 150 | 150 | 145 | 140 | 145 | 140 | 145 | 145 |
| Kruiden, bladgewas, meermalig oogsten | 275 | 275 | 260 | 250 | 260 | 250 | 260 | 260 |
| Kruiden, wortelgewassen | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Kruiden, zaadgewassen | 100 | 100 | 95 | 90 | 95 | 90 | 95 | 95 |
| Vruchtgewassen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Aardbei (wachtbed, vermeerdering) | 120 | 120 | 115 | 110 | 115 | 110 | 115 | 115 |
| Aardbei (productie) | 170 | 170 | 160 | 155 | 160 | 155 | 160 | 160 |
| waarvan ten hoogste na 31/12 (winterteelt) | 80 | 80 | 75 | 70 | 75 | 70 | 75 | 75 |
| Komkommerachtigen (augurk, courgette, meloen, pompoen) | 190 | 190 | 180 | 175 | 180 | 175 | 180 | 180 |
| Komkommerachtigen (augurk, courgette, meloen, pompoen) | 190 | 190 | 180 | 175 | 180 | 180 | ||
| Suikermaïs | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Stam/stokboon, vers | 120 | 120 | 115 | 110 | 115 | 110 | 115 | 115 |
| Landbouwstambonen, rijp zaad | 135 | 135 | 135 | 135 | 135 | 135 | 135 | 135 |
| Veld- en tuinbonen, vers + rijp zaad | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 |
| Tuinbonen, vers/peulen | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 |
| Erwt, vers + rijp zaad | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 |
| Peul | 90 | 90 | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 |
| Stengel/knol/wortelgewassen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Asperge (excl. opkweek) | 85 | 85 | 80 | 75 | 80 | 75 | 80 | 80 |
| Knolselderij | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Knolvenkel/venkel | 180 | 180 | 170 | 165 | 170 | 165 | 170 | 170 |
| Koolraap | 170 | 170 | 160 | 155 | 160 | 155 | 160 | 160 |
| Koolrabi | 180 | 180 | 170 | 165 | 170 | 165 | 170 | 170 |
| Kroten/rode bieten | 185 | 185 | 175 | 170 | 175 | 170 | 175 | 175 |
| Winterpeen/waspeen | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 |
| Bospeen | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 | 50 |
| Rabarber | 250 | 250 | 240 | 230 | 240 | 230 | 240 | 240 |
| Radijs | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 |
| Schorseneer | 170 | 170 | 170 | 170 | 170 | 170 | 170 | 170 |
| Witlof | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 | 100 |
| Vollegrondsgroenten, overig | 200 | 200 | 190 | 185 | 190 | 185 | 190 | 190 |
| Groenbemesters (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Niet-vlinderbloemige groenbemesters (bladrammenas, gele mosterd, gras/granen) | 60 | 60 | 50 | 50 | 50 | 50 | 60 | 60 |
| Vlinderbloemige groenbemesters (wikke) | 30 | 30 | 25 | 25 | 25 | 25 | 30 | 30 |
| Tagetes | 90 | 90 | 80 | 80 | 80 | 80 | 90 | 90 |
| Bloembollengewassen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Acidanthera | 255 | 255 | 240 | 240 | 240 | 240 | 240 | 240 |
| Anemone coronaria | 130 | 130 | 125 | 125 | 125 | 125 | 125 | 125 |
| Fritillaria imperialis | 135 | 135 | 130 | 130 | 130 | 130 | 130 | 130 |
| Hyacint | 220 | 220 | 210 | 210 | 210 | 210 | 210 | 210 |
| Iris, grofbollig | 170 | 170 | 160 | 160 | 160 | 160 | 160 | 160 |
| Iris, fijnbollig | 140 | 140 | 135 | 135 | 135 | 135 | 135 | 135 |
| Krokus, grote gele | 175 | 175 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Krokus, overig | 90 | 90 | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 |
| Narcis | 145 | 145 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Tulp | 200 | 200 | 190 | 190 | 190 | 190 | 190 | 190 |
| Dahlia | 110 | 110 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 |
| Gladiool, pitten | 260 | 260 | 245 | 245 | 245 | 245 | 245 | 245 |
| Gladiool, kralen | 190 | 190 | 180 | 180 | 180 | 180 | 180 | 180 |
| Knolbegonia | 150 | 150 | 145 | 145 | 145 | 145 | 145 | 145 |
| Lelie | 155 | 155 | 145 | 145 | 145 | 145 | 145 | 145 |
| Zantedeschia | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 |
| Overige bolgewassen | 165 | 165 | 155 | 155 | 155 | 155 | 155 | 155 |
| Fruitteeltgewassen (kg N per ha per jaar) | ||||||||
| Appel | 175 | 175 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Blauwe bes | 100 | 100 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Braam | 150 | 150 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Framboos | 150 | 150 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Kers | 175 | 175 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Peer | 175 | 175 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Pruim | 175 | 175 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Rode bes | 150 | 150 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 | 140 |
| Wijnbouw | 100 | 100 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Zwarte bes | 175 | 175 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 | 165 |
| Buitenbloemen (kg N per ha per teelt) | ||||||||
| Buitenbloemen hoge norm (zie tabel 4) | 200 | 200 | 200 | 200 | 200 | 200 | 200 | 200 |
| Buitenbloemen overig | 150 | 150 | 150 | 150 | 150 | 150 | 150 | 150 |
| Boomkwekerijgewassen (kg N per ha per jaar) | ||||||||
| Laanbomen: onderstammen | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 | 40 |
| Laanbomen: spillen | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 |
| Laanbomen: opzetters | 115 | 115 | 115 | 115 | 115 | 115 | 115 | 115 |
| Sierheesters | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 | 75 |
| Coniferen (inclusief kerstsparren en dennen) | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 |
| Rozen (incl. zaailingen, onderstammen) | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 |
| Bos- en Haagplantsoen | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Vaste planten | 175 | 175 | 175 | 175 | 175 | 175 | 175 | 175 |
| Vruchtbomen: onderstammen | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 | 30 |
| Vruchtbomen: moerbomen | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 | 110 |
| Vruchtbomen | 135 | 135 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 | 105 |
| Trek- en besheesters | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 | 80 |
| Snijgroen | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Ericaceae | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 | 70 |
| Buxus | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Bosbouw (kg N per ha per jaar) | ||||||||
| Snelgroeiende houtsoorten voor biomassaproductie | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 | 90 |
| Consumptieaardappelrassen met een hoge stikstofnorm | Consumptieaardappelrassen met een lage stikstofnorm | |||||||
| --- | --- | |||||||
| Adora Annabelle Bintje Carlita Courage Draga Felsina Fontane Innovator Inova Jaerla Lady Blanca Lady Olympia Lady Rosetta Liseta Maritiema Marlen Miranda Ramos Redstar Sante Satellite Victoria VR 808 Zorba | Agria Allure Alpha Aprilia Asterix Aziza Ballys Baraka Bartina Caesar Dore Eigenheimer El Paso Futura Gloria Irene Maradonna Markies Milva Minerva Mondial Morene Mozart Producent Remarka Rodeo Safari Saphire Simply Red Spirit Terra Gold Ukama Vision | |||||||
| Pootaardappelrassen met een hoge stikstofnorm | Pootaardappelrassen met een lage stikstofnorm | |||||||
| --- | --- | |||||||
| Adora Agata Annabelle Arinda Berber Binella Climax Donald Elisabeth Fontane Gloria Inova Jaerla Junior Lady Rosetta Lady Olympia Leyla Linzer Delikatess Miriam Orinana Premiere Primura Prior Rikea Romano Satellite Sirco Sirtema Sofia (AR 93-272) Tresor Ukama | Arcade Astarte Asterix Baraka Bartina Diamant Dolce Vita Elles Elvira Everest Florijn Kardal Karnico Maradonna Mondial Morene Mozart Picasso Remarka Resonant Rodeo Saphire Sifra Simply Red Spirit Van Gogh Vebesta Vento Voyager |
| Alchemilla mollis |
|---|
| Carthamus |
| Gypsophila paniculata |
| Lymonium |
| Lysimachia |
| Paeonia |
| Solidago |
| Veronica |
| Accord Agria Amora Anosta Arcade Asterix Bintje Challenger Daisy Dolce Vita Donald Fianna Felsina Florida | Fresco Fontane Frieslander Innovator Kennebec Lady Amarilla Lady Blanca Lady Olympia Marijke Maritiema Markies Miranda Miriam Premiere | Ramos Remarka Russet Burbank Sagitta Santana Shepody Spirit Sinora Ukama Umatilla Russet Van Gogh Victoria Zorba |
|---|---|---|
Bijlage B. behorende bij artikel 29: Werkingscoëfficiënt
| Type meststof | Toepassing | Werkingscoëfficiënt in procenten |
|---|---|---|
| Vaste mest | ||
| Op eigen bedrijf geproduceerde vaste mest van graasdieren | Met beweiding op alle grondsoorten | 45 |
| Zonder beweiding op alle grondsoorten1Onder ‘bedrijf zonder beweiding’ wordt mede verstaan een bedrijf waar uitsluitend jongvee van runderen niet ouder dan 2 jaar wordt geweid, voor zover het aantal stuks jongvee in de wei niet groter is dan het aantal op het bedrijf gehouden ouderdieren of waar hobbymatig gehouden dieren worden geweid. | 60 | |
| Aangevoerde en op eigen bedrijf geproduceerde vaste mest van varkens, pluimvee en nertsen | Op alle grondsoorten | 55 |
| Overige vaste mest | Van 1 september t/m 31 januari op alle grondsoorten | 30 |
| Van 1 februari t/m 31 augustus op alle grondsoorten | 40 | |
| Drijfmest en dunne fractie | ||
| Op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest van graasdieren | Met beweiding op alle grondsoorten | 45 |
| Zonder beweiding op alle grondsoorten | 60 | |
| Aangevoerde drijfmest van graasdieren | Op alle grondsoorten | 60 |
| Aangevoerde en op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest anders dan van graasdieren | Op klei en veen | 60 |
| Aangevoerde en op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest anders dan van graasdieren | Op zand en löss | 70 |
| Gier en dunne fractie na mestbewerking | Op alle grondsoorten | 80 |
| Overig | ||
| Compost | Op alle grondsoorten | 10 |
| Champost | Op alle grondsoorten | 25 |
| Zuiveringsslib | Op alle grondsoorten | 40 |
| Overige organische meststoffen | Op alle grondsoorten | 50 |
| Mineralenconcentraat dat is geproduceerd door een overeenkomstig artikel 35b aangewezen producent en dat wordt vervoerd naar een in artikel 35f, eerste lid, bedoelde landbouwer | Op alle grondsoorten | 100 |
| Veen | Op alle grondsoorten | 0 |
Bijlage Ad. , behorende bij artikel 25 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Klasse | Oppervlakte (in hectare) | Oppervlakte (in hectare) | Tarief |
|---|---|---|---|
| 1 | 0 | 5 | € 13,63 |
| 2 | 5,01 | 10 | € 40,88 |
| 3 | 10,01 | 15 | € 68,13 |
| 4 | 15,01 | 20 | € 95,38 |
| 5 | 20,01 | 25 | € 122,63 |
| 6 | 25,01 | 30 | € 149,88 |
| 7 | 30,01 | 35 | € 177,13 |
| 8 | 35,01 | 40 | € 204,38 |
| 9 | 40,01 | 45 | € 231,63 |
| 10 | 45,01 | 50 | € 258,88 |
| 11 | 50,01 | 55 | € 286,13 |
| 12 | 55,01 | 60 | € 313,38 |
| 13 | 60,01 | 65 | € 340,63 |
| 14 | 65,01 | 70 | € 367,88 |
| 15 | 70,01 | 75 | € 395,13 |
| 16 | 75,01 | 80 | € 422,38 |
| 17 | 80,01 | 85 | € 449,63 |
| 18 | 85,01 | 90 | € 476,88 |
| 19 | 90,01 | 95 | € 504,13 |
| 20 | 95,01 | 100 | € 531,38 |
| 21 | 100,01 | 105 | € 558,63 |
| 22 | 105,01 | 110 | € 585,88 |
| 23 | 110,01 | 115 | € 613,13 |
| 24 | 115,01 | 120 | € 640,38 |
| 25 | 120,01 | 125 | € 667,63 |
| 26 | 125,01 | 130 | € 694,88 |
| 27 | 130,01 | 135 | € 722,13 |
| 28 | 135,01 | 140 | € 749,38 |
| 29 | 140,01 | 145 | € 776,63 |
| 30 | 145,01 | 150 | € 803,88 |
| 31 | 150,01 | 155 | € 831,13 |
| 32 | 155,01 | 160 | € 858,38 |
| 33 | 160,01 | 165 | € 885,63 |
| 34 | 165,01 | 170 | € 912,88 |
| 35 | 170,01 | 175 | € 940,13 |
| 36 | 175,01 | 180 | € 967,38 |
| 37 | 180,01 | 185 | € 994,63 |
| 38 | 185,01 | 190 | € 1.021,88 |
| 39 | 190,01 | 195 | € 1.049,13 |
| 40 | 195,01 | 200 | € 1.076,38 |
| 41 | 200,01 | 205 | € 1.103,63 |
| 42 | 205,01 | 210 | € 1.130,88 |
| 43 | 210,01 | 215 | € 1.158,13 |
| 44 | 215,01 | 220 | € 1.185,38 |
| 45 | 220,01 | 225 | € 1.212,63 |
| 46 | 225,01 | 230 | € 1.239,88 |
| 47 | 230,01 | 235 | € 1.267,13 |
| 48 | 235,01 | 240 | € 1.294,38 |
| 49 | 240,01 | 245 | € 1.321,63 |
| 50 | 245,01 | 250 | € 1.348,88 |
| 51 | 250,01 | 255 | € 1.376,13 |
| 52 | 255,01 | 260 | € 1.403,38 |
| 53 | 260,01 | 265 | € 1.430,63 |
| 54 | 265,01 | 270 | € 1.457,88 |
| 55 | 270,01 | 275 | € 1.485,13 |
| 56 | 275,01 | 280 | € 1.512,38 |
| 57 | 280,01 | 285 | € 1.539,63 |
| 58 | 285,01 | 290 | € 1.566,88 |
| 59 | 290,01 | 295 | € 1.594,13 |
| 60 | 295,01 | 300 | € 1.621,38 |
| 61 | 300,01 | 305 | € 1.648,63 |
| 62 | 305,01 | 310 | € 1.675,88 |
| 63 | 310,01 | 315 | € 1.703,13 |
| 64 | 315,01 | 320 | € 1.730,38 |
| 65 | 320,01 | 325 | € 1.757,63 |
| 66 | 325,01 | 330 | € 1.784,88 |
| 67 | 330,01 | 335 | € 1.812,13 |
| 68 | 335,01 | 340 | € 1.839,38 |
| 69 | 340,01 | 345 | € 1.866,63 |
| 70 | 345,01 | 350 | € 1.893,88 |
| 71 | 350,01 | 355 | € 1.921,13 |
| 72 | 355,01 | 360 | € 1.948,38 |
| 73 | 360,01 | 365 | € 1.975,63 |
| 74 | 365,01 | 370 | € 2.002,88 |
| 75 | 370,01 | 375 | € 2.030,13 |
| 76 | 375,01 | 380 | € 2.057,38 |
| 77 | 380,01 | 385 | € 2.084,63 |
| 78 | 385,01 | 390 | € 2.111,88 |
| 79 | 390,01 | 395 | € 2.139,13 |
| 80 | 395,01 | 400 | € 2.166,38 |
12. Mangaan (Mn)
II. Protocol analyse hoeveelheid organische stof in meststoffen
4. Calciumoxide (CaO)
6. Zwaveltrioxide (SO3)
10. Koper (Cu)
12. Mangaan (Mn)
1. Stikstof (N)
1. Stikstof (N)
8. Boor (B)
VI. protocol analyse organische microverontreinigingen
Bijlage B. behorende bij artikel 29 van de uitvoeringsregeling Meststoffenwet: Werkingscoëfficiënt
| Soort/herkomst meststof ¹ | Toepassing ¹ | WC |
|---|---|---|
| Drijfmest en dunne fractie | Drijfmest en dunne fractie | Drijfmest en dunne fractie |
| Drijfmest van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Op bedrijf met beweiding Op bedrijf zonder beweiding | 45 60 |
| Op bedrijf met beweiding Op bedrijf zonder beweiding | 45 60 | |
| Drijfmest van graasdieren aangevoerd | 60 | |
| Drijfmest van varkens | Op klei- en veengrond Op zand en lössgrond | 60 80 |
| Drijfmest van overige diersoorten | 60 | |
| Dunne fractie na mestbewerking en gier | 80 | |
| Vaste mest | Vaste mest | Vaste mest |
| Van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Op bouwland op klei- en veengrond, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Overige toepassingen op bedrijf met beweiding | 45 |
| Van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Overige toepassingen op bedrijf zonder beweiding | 60 |
| Van graasdieren aangevoerd | Op bouwland op klei- en veengrond, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van graasdieren aangevoerd | Overige toepassingen | 40 |
| Van varkens, pluimvee en nertsen | 55 | |
| Van overige diersoorten | Op bouwland op klei- en veengrond, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van overige diersoorten | Overige toepassingen | 40 |
| Overig | Overig | Overig |
| Compost | 10 | |
| Champost | 25 | |
| Zuiveringsslib | 40 | |
| Overige organische meststoffen | 50 | |
| Mengsels van meststoffen | Voor mengsels geldt de werkingscoëfficiënt van de meststof met de hoogste werkingscoëfficiënt die het mengsel bevat | Voor mengsels geldt de werkingscoëfficiënt van de meststof met de hoogste werkingscoëfficiënt die het mengsel bevat |
¹ Zonder nadere vermelding geldt de genoemde coëfficiënt voor alle grondsoorten, ongeacht herkomst en voor het gehele jaar, tenzij aanwenden op basis van het Besluit gebruik meststoffen is verboden
Tabel IA. Excretieforfaits en stikstofcorrectie, behorende bij de artikelen 36, 38, 42, 43, 73 en 96
Tabel IA. Excretieforfaits en stikstofcorrectie, behorende bij de artikelen 36, 38, 42, 43, 73 en 96
Bijlage Ad. behorende bij artikel 25 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Klasse | Oppervlakte (in hectare) | Oppervlakte (in hectare) | Tarief |
|---|---|---|---|
| 1 | 0 | 5 | € 17,40 |
| 2 | 5,01 | 10 | € 52,20 |
| 3 | 10,01 | 15 | € 87,00 |
| 4 | 15,01 | 20 | € 121,80 |
| 5 | 20,01 | 25 | € 156,60 |
| 6 | 25,01 | 30 | € 191,40 |
| 7 | 30,01 | 35 | € 226,20 |
| 8 | 35,01 | 40 | € 261,00 |
| 9 | 40,01 | 45 | € 295,80 |
| 10 | 45,01 | 50 | € 330,60 |
| 11 | 50,01 | 55 | € 365,40 |
| 12 | 55,01 | 60 | € 400,20 |
| 13 | 60,01 | 65 | € 435,00 |
| 14 | 65,01 | 70 | € 469,80 |
| 15 | 70,01 | 75 | € 504,60 |
| 16 | 75,01 | 80 | € 539,40 |
| 17 | 80,01 | 85 | € 574,20 |
| 18 | 85,01 | 90 | € 609,00 |
| 19 | 90,01 | 95 | € 643,80 |
| 20 | 95,01 | 100 | € 678,60 |
| 21 | 100,01 | 105 | € 713,40 |
| 22 | 105,01 | 110 | € 748,20 |
| 23 | 110,01 | 115 | € 783,00 |
| 24 | 115,01 | 120 | € 817,80 |
| 25 | 120,01 | 125 | € 852,60 |
| 26 | 125,01 | 130 | € 887,40 |
| 27 | 130,01 | 135 | € 922,20 |
| 28 | 135,01 | 140 | € 957,00 |
| 29 | 140,01 | 145 | € 991,80 |
| 30 | 145,01 | 150 | € 1.026,60 |
| 31 | 150,01 | 155 | € 1.061,40 |
| 32 | 155,01 | 160 | € 1.096,20 |
| 33 | 160,01 | 165 | € 1.131,00 |
| 34 | 165,01 | 170 | € 1.165,80 |
| 35 | 170,01 | 175 | € 1.200,60 |
| 36 | 175,01 | 180 | € 1.235,40 |
| 37 | 180,01 | 185 | € 1.270,20 |
| 38 | 185,01 | 190 | € 1.305,00 |
| 39 | 190,01 | 195 | € 1.339,80 |
| 40 | 195,01 | 200 | € 1.374,60 |
| 41 | 200,01 | 205 | € 1.409,40 |
| 42 | 205,01 | 210 | € 1.444,20 |
| 43 | 210,01 | 215 | € 1.479,00 |
| 44 | 215,01 | 220 | € 1.513,80 |
| 45 | 220,01 | 225 | € 1.548,60 |
| 46 | 225,01 | 230 | € 1.583,40 |
| 47 | 230,01 | 235 | € 1.618,20 |
| 48 | 235,01 | 240 | € 1.653,00 |
| 49 | 240,01 | 245 | € 1.687,80 |
| 50 | 245,01 | 250 | € 1.722,60 |
| 51 | 250,01 | 255 | € 1.757,40 |
| 52 | 255,01 | 260 | € 1.792,20 |
| 53 | 260,01 | 265 | € 1.827,00 |
| 54 | 265,01 | 270 | € 1.861,80 |
| 55 | 270,01 | 275 | € 1.896,60 |
| 56 | 275,01 | 280 | € 1.931,40 |
| 57 | 280,01 | 285 | € 1.966,20 |
| 58 | 285,01 | 290 | € 2.001,00 |
| 59 | 290,01 | 295 | € 2.035,80 |
| 60 | 295,01 | 300 | € 2.070,60 |
| 61 | 300,01 | 305 | € 2.105,40 |
| 62 | 305,01 | 310 | € 2.140,20 |
| 63 | 310,01 | 315 | € 2.175,00 |
| 64 | 315,01 | 320 | € 2.209,80 |
| 65 | 320,01 | 325 | € 2.244,60 |
| 66 | 325,01 | 330 | € 2.279,40 |
| 67 | 330,01 | 335 | € 2.314,20 |
| 68 | 335,01 | 340 | € 2.349,00 |
| 69 | 340,01 | 345 | € 2.383,80 |
| 70 | 345,01 | 350 | € 2.418,60 |
| 71 | 350,01 | 355 | € 2.453,40 |
| 72 | 355,01 | 360 | € 2.488,20 |
| 73 | 360,01 | 365 | € 2.523,00 |
| 74 | 365,01 | 370 | € 2.557,80 |
| 75 | 370,01 | 375 | € 2.592,60 |
| 76 | 375,01 | 380 | € 2.627,40 |
| 77 | 380,01 | 385 | € 2.662,20 |
| 78 | 385,01 | 390 | € 2.697,00 |
| 79 | 390,01 | 395 | € 2.731,80 |
| 80 | 395,01 | 400 | € 2.766,60 |
Bijlage F
Bijlage D. Diergebonden forfaitaire gehalten
Bijlage F
E. Prestatiekenmerken AGR-apparatuur voor het vervoer van vaste mest
Hoofdstuk 6. Kwaliteitsborging
§ 6.2.2. Onbeheerste kwaliteit
§ 6.2.3. Duplo-analyse
Bijlage I. Forfaitaire mineralengehalten in dierlijke mest
§ 6.4.1.3. Rapportage van ringonderzoekresultaten
bijlage Ia. behorende bij artikel 92b van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
§ 6.3.3. Procedurele aspecten
§ 6.3.2. Onbeheerste kwaliteit
§ 7.3. Heranalyse
Hoofdstuk 9. Controle op naleving
Tabel IV betreffende mestcodes, behorende bij artikel 54
Bijlage L. behorende bij artikel 103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
3. Plaats bemonstering
§ 6.4.1.3. Rapportage van ringonderzoekresultaten
§ 6.4.2. Steekproef
1. Algemeen
4.3. Het verzamelmonster en het eindmonster
4.6. Monsteradministratie
3. Uitgangspunten
5. machtiging als monsternemers
Sectie 1 bepaling bemonsteringspunten
3. Fosfaat (P2O5)
Sectie 2 uitvoering bemonstering en bruikbaarheidstermijn grondmonster
Gestratificeerde aselecte steekproefmethode
4.1. Definiëring van een voedermiddel: vaststelling van het gemiddelde gehalte (als beginwaarde).
Het grondmonster is binnen drie dagen na de dag van monstername gedroogd. Indien het drogen van het mengmonster binnen de genoemde termijn niet mogelijk is, wordt het grondmonster in een niet-luchtdicht afgesloten plastic zak bij 5°C ± 3°C in het donker bewaard. Het monster mag ten hoogste drie maanden worden bewaard. Indien het monster niet binnen deze drie maanden geanalyseerd wordt, dient een nieuw (meng)monster genomen te worden. Een monster kan slechts eenmalig geanalyseerd worden ten behoeve van een geldig analyserapport als bedoeld te komen in artikel 103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Voor een geldige nieuwe analyse dienen nieuwe monsters volgens dit protocol te worden gestoken.
Monsterneming (sectie 1 en 2) geschiedt door een organisatie die voor sectie 1 en 2 van deze bijlage is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie. Voorbehandeling van het monster en analyse van zowel P-AL als P-CaCl2 geschiedt door een organisatie die is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie voor de normen, genoemd in tabel a.
Sectie 2 uitvoering bemonstering en bruikbaarheidstermijn grondmonster
In afwijking van de voorgaande zin, en eerste alinea van dit protocol, kan een organisatie tot en met 1 juli 2022 zonder accreditatie de monstername, voorbehandeling en analyse verrichten, indien deze organisatie aantoonbaar vóór 1 juli 2021 de accreditatie voor dit protocol en de in tabel a genoemde normen heeft aangevraagd.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 27a
Ten hoogste vier jaren voorafgaand aan 1 februari van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in artikel 24, eerste of tweede lid, wordt toegepast, zijn de waarde van de fosfaattoestand en de waarde van het stikstofleverende vermogen van de bodem van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond vastgesteld en vastgelegd in een analyserapport door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
Het laboratorium stelt de fosfaattoestand van de bodem vast door middel van bemonstering en analyse van de bodem van de desbetreffende percelen overeenkomstig artikel 103a, eerste tot en met derde lid, met dien verstande dat, indien door de landbouwer een gebruiksnormen, bedoeld in artikel 24, eerste of tweede lid, wordt toegepast, gebruik wordt gemaakt van een methode waarin per vijf hectare van de bodem van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond ten minste één stikstof en fosforanalyse wordt uitgevoerd.
Op basis van de analyse, bedoeld in het eerste lid, past het bedrijf het bemestingsplan, bedoeld in artikel 27, aan en corrigerende maatregelen toe.
De landbouwer bewaart het analyserapport als onderdeel van de administratie, bedoeld in artikel 32 van het besluit.
Indien een perceel door de landbouwer in gebruik wordt genomen na 1 februari en vóór 16 mei van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in artikel 24, eerste of tweede lid, wordt toegepast, vindt de waardevaststelling, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk 7 dagen na de ingebruikname plaats.
In afwijking van het eerste lid zijn voor 2025 de waarde van de fosfaattoestand en de waarde van het stikstofleverende vermogen van de bodem ten hoogste vier jaar en een maand voorafgaand aan 1 maart 2025 vastgesteld en vastgelegd.
Artikel 27b
Als vaststelling van de fosfaattoestand van de bodem, bedoeld in artikel 27a, tweede lid, wordt tevens aangemerkt de vaststelling van de fosfaattoestand van de bodem:
- a. die tot en met 31 oktober 2009 is verricht overeenkomstig artikel 27 zoals dit artikel luidde op 31 december 2009; of
- b. bemonstering en analyse van de bodem overeenkomstig het in bijlage L opgenomen protocol met uitzondering van de in onderdeel I, paragraaf 1, voorgeschreven vastlegging van de omvang en vorm van het te bemonsteren perceel dan wel perceelsdeel met een Global Positioning System, voor zover het monsters betreft die in de periode van 1 november 2009 tot 1 januari 2010 uit de desbetreffende bodem zijn genomen.
§ 2. Stikstofgebruiksnorm
§ 3. Fosfaatgebruiksnorm voor grond met lage fosfaattoestand
§ 3. Fosfaatgebruiksnorm voor grond met lage fosfaattoestand
§ 3. Fosfaatgebruiksnorm voor grond met lage fosfaattoestand
Hoofdstuk 4. Opslagcapaciteit dierlijke meststoffen
Hoofdstuk 6. Administratieve verplichtingen intermediairs
Hoofdstuk 6. Administratieve verplichtingen intermediairs
§ 1. Vervoer van dierlijke meststoffen
Hoofdstuk 9. Hoeveelheidbepaling
§ 5. Wegen bij vervoer van dierlijke meststoffen
§ 7. Bijzondere situaties – Maatwerk
§ 8. Fosfaattoestand van de bodem
Hoofdstuk 9. Hoeveelheidbepaling
§ 9. Gewasopbrengst
§ 7. Staldieren en eieren
Hoofdstuk 11. Overige bepalingen
bijlage Ab. behorende bij de artikelen 8 en 9 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Zware metalen | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel |
|---|---|---|---|---|
| MgO | SO3 | Na2O | CaO in CaSO4-meststof | |
| Cd | 33 | 33 | 42 | 2,5 |
| Cr | 2000 | 2000 | 2500 | 150 |
| Cu | 2000 | 2000 | 2500 | 150 |
| Hg | 20 | 20 | 25 | 1,5 |
| Ni | 800 | 800 | 1000 | 60 |
| Pb | 2667 | 2667 | 3333 | 200 |
| Zn | 8000 | 8000 | 10000 | 600 |
| As | 400 | 400 | 500 | 30 |
Voor de toepassing van deze tabel zijn de maximale waarden van toepassing die behoren bij dat waardegevende bestanddeel waarvan bij het toedienen van een toenemende hoeveelheid van de meststof, de hoeveelheden van 75 kilogram magnesiumoxide, 75 kilogram zwaveltrioxide of 60 kilogram natriumoxide het éérst wordt bereikt. Voor calsiumsulfaat gelden de vermelde maximale waarden.
| Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | |
|---|---|---|---|---|
| Organische microverontreinigingen | MgO | SO3 | Na2O | CaO in CaSO4-meststof |
| Σ PCDD/PCDF | 0,020 | 0,020 | 0,025 | 0,00152 |
| α-ΗCH | 331 | 331 | 413 | 24,8 |
| β-ΗCH | 12,8 | 12,8 | 16 | 0,96 |
| γ-ΗCΗ (lindaan) | 1,3 | 1,3 | 1,6 | 0,10 |
| HCB | 41,6 | 41,6 | 52,0 | 3,12 |
| Aldrin | 7,5 | 7,5 | 9,3 | 0,56 |
| Dieldrin | 7,5 | 7,5 | 9,3 | 0,56 |
| Σ aldrin/dieldrin | 7,5 | 7,5 | 9,3 | 0,56 |
| Endrin | 7,5 | 7,5 | 9,3 | 0,56 |
| Isodrin | 7,5 | 7,5 | 9,3 | 0,56 |
| Σ endrin/isodrin | 7,5 | 7,5 | 9,3 | 0,56 |
| Σ DDT + DDD + DDE | 24,5 | 24,5 | 30,7 | 1,84 |
| PCB-28 | 19,7 | 19,7 | 24,7 | 1,48 |
| PCB-52 | 19,7 | 19,7 | 24,7 | 1,48 |
| PCB-101 | 80 | 80 | 100 | 6 |
| PCB-118 | 80 | 80 | 100 | 6 |
| PCB – 138 | 80 | 80 | 100 | 6 |
| PCB – 153 | 80 | 80 | 100 | 6 |
| PCB – 180 | 80 | 80 | 100 | 6 |
| Σ 6-PCB (excl. PCB-118) | 400 | 400 | 500 | 30 |
| Naftaleen | 640 | 640 | 800 | 48 |
| Fenanthreen | 800 | 800 | 1000 | 60 |
| Antraceen | 640 | 640 | 800 | 48 |
| Fluoranteen | 197 | 197 | 247 | 15 |
| Benzo(a)antraceen | 245 | 245 | 307 | 18 |
| Chryseen | 245 | 245 | 307 | 18 |
| Benzo(k)fluoranteen | 288 | 288 | 360 | 22 |
| Benzo(a)pyreen | 309 | 309 | 387 | 23 |
| Benzo(g,h,i)peryleen | 224 | 224 | 280 | 17 |
| Indeno(1,2,3-c,d)pyreen | 251 | 251 | 313 | 19 |
| Σ 10-PAK | 12267 | 12267 | 15333 | 920 |
| Minerale olie | 997333 | 997333 | 1246667 | 74800 |
Voor de toepassing van deze tabel zijn de maximale waarden van toepassing die behoren bij dat waardegevende bestanddeel waarvan bij het toedienen van een toenemende hoeveelheid van de meststof, de hoeveelheden van 75 kilogram magnesiumoxide, 75 kilogram zwaveltrioxide of 60 kilogram natriumoxide het éérst wordt bereikt. Voor calsiumsulfaat gelden de vermelde maximale waarden.
Bijlage
Tabel met de verschillende rechtsgrondslagen in de Meststoffenwet, de Wet bodembescherming en het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet van de artikelen van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Artikel meststoffenwet | Artikelen Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet | Artikelen Uitvoeringsregeling Meststoffenwet |
|---|---|---|
| 1, eerste lid, onderdeel f | 3 | |
| 5d (10 nieuw), eerste lid | 28 | |
| 5f (12 nieuw), derde lid | 29 | |
| 5e (11 nieuw), vijfde lid | 30 tot en met 33 | |
| 5f (12 nieuw), vijfde lid | 34 | |
| 5e (11 nieuw), zesde lid | 35 | |
| 28, tweede lid, onderdeel b | 36 | |
| 36, onderdeel a | 37 | |
| 36, onderdeel b | 38, 40 | |
| 36, onderdeel c | 39 | |
| 26, tweede lid, onderdeel b | 41 | |
| 36, onderdeel d, 35, tweede lid | 42 | |
| 59d (38 nieuw) | 36, onderdeel e | 43, 44 |
| 41, onderdeel a | 45 | |
| 41, onderdelen b en c | 46, 51 | |
| 41, onderdeel b | 47, 49 | |
| 41, onderdelen d en e | 48 | |
| 46, onderdeel a | 50 | |
| 46, onderdeel d | 52 | |
| 52, eerste lid, onderdelen c en d, 70, vierde lid, onderdeel b | 53 | |
| 52, eerste lid, onderdelen a, c en d | 54 | |
| 52, eerste lid, onderdeel e | 55, 56 | |
| 52, eerste lid, onderdeel a | 57, 59 | |
| 51, 52, eerste lid, onderdeel b | 58 | |
| 52, derde lid | 60 | |
| 54, onderdeel b | 61 tot en met 63, 66 | |
| 54, onderdelen d en e | 64, eerste tot en met derde lid | |
| 54, onderdeel c | 64, vierde lid, 65, 67 | |
| 55, derde lid | 68 | |
| 56, onderdelen b en c | 69 | |
| 61, derde lid, 64, tweede lid, onderdeel c | 70 | |
| 64, eerste lid | 71 | |
| 64, tweede lid, onderdeel b | 72 | |
| 70, eerste lid, onderdeel a en derde lid | 73, 74, eerste lid | |
| 70, vierde lid, onderdeel a | 74, tweede lid, 83, 92, 93, eerste en tweede lid, 94 en 95 | |
| 70, vierde lid, onderdeel c | 74, derde lid, 80 en 125 | |
| 59d (38 nieuw) | 74, vierde en vijfde lid, 75, 82, derde lid, 93, derde lid, en 126 | |
| 70, vierde lid, onderdelen a en c | 76, 77 en 98 | |
| 70, vierde lid, onderdelen a tot en met d | 78, 79 en 82, eerste en tweede lid | |
| 70, vierde lid, onderdelen c tot en met e | 81 | |
| 70, tweede lid, onderdeel b | 84 tot en met 91 | |
| 70, eerste lid, onderdeel c | 96, 102 en 103 | |
| 70, vierde lid, onderdelen a t/m c | 98, 100 en 101, eerste lid | |
| 70, vierde lid, onderdeel e | 99 | |
| 70, eerste lid, onderdeel b | 101, tweede lid | |
| 70, eerste lid, onderdeel c en tweede lid, onderdeel a | 101, derde lid | |
| 58f (27 nieuw), derde lid | 104 | |
| 58i (30 nieuw), tweede en derde lid | 105 t/m 109 | |
| 58j (31 nieuw), derde lid | 110 | |
| 60, tweede en derde lid | 111 | |
| 36, onderdeel d, 41, onderdeel d en 46, onderdeel d | 122, 123 en 127 | |
| 36, onderdelen b en d, 41 onderdelen b en d, 46, onderdelen b en d | 124 | |
| 71 | 128 | |
| 69 (47 nieuw) | 129 | |
| Artikel Wet bodembescherming | Artikelen Uitvoeringsregeling Meststoffenwet | |
| 64 | 134 |
8. Boor (B)
1. Stikstof (N)
Bijlage B. , behorende bij artikel 29 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet: Werkingscoëfficiënt
| Type meststof | Toepassing | WC |
|---|---|---|
| Vaste mest | ||
| Van graasdieren op bedrijven met beweiding | Op bouwland op klei en veen, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van graasdieren op bedrijven met beweiding | Overige toepassingen | 45 |
| Van graasdieren op bedrijven zonder beweiding | Op bouwland op klei en veen, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van graasdieren op bedrijven zonder beweiding | Overige toepassingen | 60 |
| Van varkens, pluimvee en nertsen | Op alle grondsoorten, het gehele jaar | 55 |
| Van overige diersoorten | Op alle grondsoorten, in de periode van 1 februari t/m 31 augustus | 40 |
| Van overige diersoorten | Op alle grondsoorten, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Drijfmest en dunne fractie | ||
| Op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest van graasdieren | Met beweiding op alle grondsoorten | 45 |
| Op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest van graasdieren | Zonder beweiding op alle grondsoorten | 60 |
| Aangevoerde drijfmest van graasdieren | Op alle grondsoorten | 60 |
| Aangevoerde en op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest anders dan van graasdieren | Op klei en veen | 60 |
| Aangevoerde en op eigen bedrijf geproduceerde drijfmest anders dan van graasdieren | Op zand en löss | 70 |
| Gier en dunne fractie na mestbewerking | Op alle grondsoorten | 80 |
| Overig | ||
| Compost | Op alle grondsoorten | 10 |
| Champost | Op alle grondsoorten | 25 |
| Zuiveringsslib | Op alle grondsoorten | 40 |
| Overige organische meststoffen | Op alle grondsoorten | 50 |
| Mineralenconcentraat dat is geproduceerd door een overeenkomstig artikel 35b aangewezen producent en dat wordt vervoerd naar een in artikel 35f, eerste lid, bedoelde landbouwer | Op alle grondsoorten | 100 |
| Veen | Op alle grondsoorten | 0 |
Bijlage
Tabel met de verschillende rechtsgrondslagen in de Meststoffenwet, de Wet bodembescherming en het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet van de artikelen van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Artikel meststoffenwet | Artikelen Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet | Artikelen Uitvoeringsregeling Meststoffenwet |
|---|---|---|
| 1, eerste lid, onderdeel f | 3 | |
| 5d (10 nieuw), eerste lid | 28 | |
| 5f (12 nieuw), derde lid | 29 | |
| 5e (11 nieuw), vijfde lid | 30 tot en met 33 | |
| 5f (12 nieuw), vijfde lid | 34 | |
| 5e (11 nieuw), zesde lid | 35 | |
| 28, tweede lid, onderdeel b | 36 | |
| 36, onderdeel a | 37 | |
| 36, onderdeel b | 38, 40 | |
| 36, onderdeel c | 39 | |
| 26, tweede lid, onderdeel b | 41 | |
| 36, onderdeel d, 35, tweede lid | 42 | |
| 59d (38 nieuw) | 36, onderdeel e | 43, 44 |
| 41, onderdeel a | 45 | |
| 41, onderdelen b en c | 46, 51 | |
| 41, onderdeel b | 47, 49 | |
| 41, onderdelen d en e | 48 | |
| 46, onderdeel a | 50 | |
| 46, onderdeel d | 52 | |
| 52, eerste lid, onderdelen c en d, 70, vierde lid, onderdeel b | 53 | |
| 52, eerste lid, onderdelen a, c en d | 54 | |
| 52, eerste lid, onderdeel e | 55, 56 | |
| 52, eerste lid, onderdeel a | 57, 59 | |
| 51, 52, eerste lid, onderdeel b | 58 | |
| 52, derde lid | 60 | |
| 54, onderdeel b | 61 tot en met 63, 66 | |
| 54, onderdelen d en e | 64, eerste tot en met derde lid | |
| 54, onderdeel c | 64, vierde lid, 65, 67 | |
| 55, derde lid | 68 | |
| 56, onderdelen b en c | 69 | |
| 61, derde lid, 64, tweede lid, onderdeel c | 70 | |
| 64, eerste lid | 71 | |
| 64, tweede lid, onderdeel b | 72 | |
| 70, eerste lid, onderdeel a en derde lid | 73, 74, eerste lid | |
| 70, vierde lid, onderdeel a | 74, tweede lid, 83, 92, 93, eerste en tweede lid, 94 en 95 | |
| 70, vierde lid, onderdeel c | 74, derde lid, 80 en 125 | |
| 59d (38 nieuw) | 74, vierde en vijfde lid, 75, 82, derde lid, 93, derde lid, en 126 | |
| 70, vierde lid, onderdelen a en c | 76, 77 en 98 | |
| 70, vierde lid, onderdelen a tot en met d | 78, 79 en 82, eerste en tweede lid | |
| 70, vierde lid, onderdelen c tot en met e | 81 | |
| 70, tweede lid, onderdeel b | 84 tot en met 91 | |
| 70, eerste lid, onderdeel c | 96, 102 en 103 | |
| 70, vierde lid, onderdelen a t/m c | 98, 100 en 101, eerste lid | |
| 70, vierde lid, onderdeel e | 99 | |
| 70, eerste lid, onderdeel b | 101, tweede lid | |
| 70, eerste lid, onderdeel c en tweede lid, onderdeel a | 101, derde lid | |
| 58f (27 nieuw), derde lid | 104 | |
| 58i (30 nieuw), tweede en derde lid | 105 t/m 109 | |
| 58j (31 nieuw), derde lid | 110 | |
| 60, tweede en derde lid | 111 | |
| 36, onderdeel d, 41, onderdeel d en 46, onderdeel d | 122, 123 en 127 | |
| 36, onderdelen b en d, 41 onderdelen b en d, 46, onderdelen b en d | 124 | |
| 71 | 128 | |
| 69 (47 nieuw) | 129 | |
| Artikel Wet bodembescherming | Artikelen Uitvoeringsregeling Meststoffenwet | |
| 64 | 134 |
1. Stikstof (N)
I. Protocol analyse stikstofgehalte, fosfaatgehalte en droge stofgehalte in meststoffen, niet zijnde zuiveringsslib of compost, alsmede de hoeveelheden overige nutriënten
5. Magnesiumoxide (MgO)
9. Kobalt (Co)
I. Protocol analyse stikstofgehalte, fosfaatgehalte en droge stofgehalte in meststoffen, niet zijnde zuiveringsslib of compost, alsmede de hoeveelheden overige nutriënten
I. Protocol analyse stikstofgehalte, fosfaatgehalte en droge stofgehalte in meststoffen, niet zijnde zuiveringsslib of compost, alsmede de hoeveelheden overige nutriënten
1. Stikstof (N)
3. Kaliumoxide (K2O)
5. Magnesiumoxide (MgO)
14. Zink (Zn)
VI. protocol analyse organische microverontreinigingen
Bijlage Ae. Natura 2000-gebieden als bedoeld in artikel 25a, zesde lid
Bijlage bij artikel 25a, zesde lid
Aangewezen Natura 2000-gebieden waarbij een zone als bedoeld in artikel 25a, zesde lid, van toepassing is:
| Aamsveen |
|---|
| Achter de Voort, Agelerbroek en Voltherbroek |
| Alde Feanen |
| Bakkeveense Duinen |
| Bargerveen |
| Bekendelle |
| Bemelerberg en Schiepersberg |
| Bergvennen & Brecklenkampse Veld |
| Biesbosch |
| Binnenveld |
| Boetelerveld |
| Borkeld |
| Boschhuizerbergen |
| Botshol |
| Brabantse Wal |
| Brunssummerheide |
| Bunder- en Elslooërbos |
| Buurserzand-Haaksbergerveen |
| Canisvliet |
| Coepelduynen |
| De Bruuk |
| De Wieden |
| Deurnsche Peel & Mariapeel |
| Dinkelland |
| Drentsche Aa-gebied |
| Drents-Friese Wold & Leggelderveld |
| Drouwenerzand |
| Duinen Ameland |
| Duinen Den Helder-Callantsoog |
| Duinen en Lage Land Texel |
| Duinen Goeree & Kwade Hoek |
| Duinen Schiermonnikoog |
| Duinen Terschelling |
| Duinen Vlieland |
| Dwingelderveld |
| Eilandspolder |
| Elperstroomgebied |
| Engbertsdijksvenen |
| Fochteloërveen |
| Geleenbeekdal |
| Geuldal |
| Grevelingen |
| Groote Gat |
| Groote Peel |
| Holtingerveld |
| Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske |
| Kampina & Oisterwijkse Vennen |
| Kempenland-West |
| Kennemerland-Zuid |
| Kolland & Overlangbroek |
| Kop van Schouwen |
| Korenburgerveen |
| Krammer-Volkerak |
| Kunderberg |
| Landgoederen Brummen |
| Landgoederen Oldenzaal |
| Langstraat |
| Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux |
| Lemselermaten |
| Leudal |
| Lieftinghsbroek |
| Lingegebied & Diefdijk-Zuid |
| Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem |
| Lonnekermeer |
| Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen |
| Maasduinen |
| Manteling van Walcheren |
| Mantingerbos |
| Mantingerzand |
| Meijendel & Berkheide |
| Meinweg |
| Naardermeer |
| Nieuwkoopse Plassen & De Haeck |
| Noorbeemden & Hoogbos |
| Noordhollands Duinreservaat |
| Norgerholt |
| Oeffelter Meent |
| Olde Maten & Veerslootslanden |
| Oostelijke Vechtplassen |
| Oosterschelde |
| Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving |
| Polder Westzaan |
| Regte Heide & Riels Laag |
| Rijntakken |
| Roerdal |
| Rottige Meenthe & Brandemeer |
| Sallandse Heuvelrug |
| Sarsven en De Banen |
| Savelsbos |
| Schoorlse Duinen |
| Sint Jansberg |
| Sint Pietersberg & Jekerdal |
| Solleveld & Kapittelduinen |
| Springendal & Dal van de Mosbeek |
| Stelkampsveld |
| Strabrechtse Heide & Beuven |
| Swalmdal |
| Uiterwaarden Lek |
| Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht |
| Ulvenhoutse Bos |
| Van Oordt's Mersken |
| Vecht- en Beneden-Reggegebied |
| Veluwe |
| Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek |
| Vogelkreek |
| Voornes Duin |
| Waddenzee |
| Weerribben |
| Weerter- en Budelerbergen & Ringselven |
| Westduinpark & Wapendal |
| Westerschelde & Saeftinghe |
| Wierdense Veld |
| Wijnjeterper Schar |
| Willinks Weust |
| Witte Veen |
| Witterveld |
| Wooldse Veen |
| Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder |
| Yerseke en Kapelse Moer |
| Zeldersche Driessen |
| Zouweboezem |
| Zwanenwater & Pettemerduinen |
| Zwin & Kievittepolder |
5. Opslag van gegevens van de AGR-apparatuur
Bijlage B. behorende bij artikel 29 van de uitvoeringsregeling Meststoffenwet: Werkingscoëfficiënt
| Soort/herkomst meststof ¹ | Toepassing ¹ | WC |
|---|---|---|
| Drijfmest en dunne fractie | Drijfmest en dunne fractie | Drijfmest en dunne fractie |
| Drijfmest van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Op bedrijf met beweiding Op bedrijf zonder beweiding | 45 60 |
| Op bedrijf met beweiding Op bedrijf zonder beweiding | 45 60 | |
| Drijfmest van graasdieren aangevoerd | 60 | |
| Drijfmest van varkens | Op klei- en veengrond Op zand en lössgrond | 60 80 |
| Drijfmest van overige diersoorten | 60 | |
| Dunne fractie na mestbewerking en gier | 80 | |
| Vaste mest | Vaste mest | Vaste mest |
| Van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Op bouwland op klei- en veengrond, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Overige toepassingen op bedrijf met beweiding | 45 |
| Van graasdieren op eigen bedrijf geproduceerd | Overige toepassingen op bedrijf zonder beweiding | 60 |
| Van graasdieren aangevoerd | Op bouwland op klei- en veengrond, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van graasdieren aangevoerd | Overige toepassingen | 40 |
| Van varkens, pluimvee en nertsen | 55 | |
| Van overige diersoorten | Op bouwland op klei- en veengrond, in de periode van 1 september t/m 31 januari | 30 |
| Van overige diersoorten | Overige toepassingen | 40 |
| Overig | Overig | Overig |
| Compost | 10 | |
| Champost | 25 | |
| Zuiveringsslib | 40 | |
| Overige organische meststoffen | 50 | |
| Mengsels van meststoffen | Voor mengsels geldt de werkingscoëfficiënt van de meststof met de hoogste werkingscoëfficiënt die het mengsel bevat | Voor mengsels geldt de werkingscoëfficiënt van de meststof met de hoogste werkingscoëfficiënt die het mengsel bevat |
¹ Zonder nadere vermelding geldt de genoemde coëfficiënt voor alle grondsoorten, ongeacht herkomst en voor het gehele jaar, tenzij het gebruik in strijd is met paragraaf 3.2.20 van het Besluit activiteiten leefomgeving
3. Verrichtingen binnen AP06
Bijlage D. Diergebonden forfaitaire gehalten
5.1.1. Mengen van monsters drijfmest
§ 6.2.1. Controlemonster eerste lijn
§ 6.2.1. Controlemonster eerste lijn
Bijlage I. Forfaitaire mineralengehalten in dierlijke mest
bijlage Ia. behorende bij artikel 92b van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
§ 6.3. Tweedelijnscontrole
§ 6.3.1. Controlemonster tweede lijn
Bijlage K. behorende bij artikel 98
3. Uitgangspunten
3. Uitgangspunten
§ 7.2. Analyserapport
4.6. Monsteradministratie
5. machtiging als monsternemers
III. Toleranties
A. Protocol analyse gehalten stikstof, fosfaat en drogestof zuiveringsslib en compost
Sectie 1 bepaling bemonsteringspunten
Gestratificeerde aselecte steekproefmethode
I. Protocol vaststelling gehalten vochtrijke voedermiddelen
Sectie 1 bepaling bemonsteringspunten
Sectie 2 uitvoering bemonstering en bruikbaarheidstermijn grondmonster
Sectie 3 geaccrediteerde organisaties
Monsterneming (sectie 1 en 2) geschiedt door een organisatie die voor sectie 1 en 2 van deze bijlage is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie. Voorbehandeling van het monster en analyse van zowel P-AL als P-CaCl2 geschiedt door een organisatie die is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie voor de normen, genoemd in tabel a.
Tabel a
2.1. Zwavelzuur 5N
Het grondmonster is binnen drie dagen na de dag van monstername gedroogd. Indien het drogen van het mengmonster binnen de genoemde termijn niet mogelijk is, wordt het grondmonster in een niet-luchtdicht afgesloten plastic zak bij 5°C ± 3°C in het donker bewaard. Het monster mag ten hoogste drie maanden worden bewaard. Indien het monster niet binnen deze drie maanden geanalyseerd wordt, dient een nieuw (meng)monster genomen te worden. Een monster kan slechts eenmalig geanalyseerd worden ten behoeve van een geldig analyserapport als bedoeld te komen in artikel 103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Voor een geldige nieuwe analyse dienen nieuwe monsters volgens dit protocol te worden gestoken.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Bijlage J. Forfaitaire opbrengst en mineralengehalten ruwvoer en enkelvoudig diervoer
bijlage Ia. behorende bij artikel 92b van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
Hoofdstuk 7. Rapportage van resultaten
§ 6.4.2.2. Evaluatie van steekproefresultaten
§ 7.1. Uitdrukking van meetresultaten
§ 7.2. Analyserapport
Bijlage L. behorende bij artikel 103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
4.2. Vaststelling van de analysefrequentie t.b.v. onderhoud van het gemiddelde gehalte (voortschrijdend gemiddelde)
5. machtiging als monsternemers
Sectie 2 uitvoering bemonstering en bruikbaarheidstermijn grondmonster
Trek de boor met grond uit de bodem en breng de grond over in een stevige plastic zak of papieren zak met polyethyleen bekleding. Verzamel op deze wijze grond op alle bemonsteringspunten en breng dit samen in een zak. De booromvang is dusdanig groot dat de massa van het mengmonster ten minste 0,5 kilogram bedraagt. Op alle bemonsteringspunten wordt een gelijke hoeveelheid grond verzameld.
II. Protocol bemonstering vochtrijke diervoeders
Het grondmonster is binnen drie dagen na de dag van monstername gedroogd. Indien het drogen van het mengmonster binnen de genoemde termijn niet mogelijk is, wordt het grondmonster in een niet-luchtdicht afgesloten plastic zak bij 5°C ± 3°C in het donker bewaard. Het monster mag ten hoogste drie maanden worden bewaard. Indien het monster niet binnen deze drie maanden geanalyseerd wordt, dient een nieuw (meng)monster genomen te worden. Een monster kan slechts eenmalig geanalyseerd worden ten behoeve van een geldig analyserapport als bedoeld te komen in artikel 103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Voor een geldige nieuwe analyse dienen nieuwe monsters volgens dit protocol te worden gestoken.
Monsterneming (sectie 1 en 2) geschiedt door een organisatie die voor sectie 1 en 2 van deze bijlage is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie. Voorbehandeling van het monster en analyse van zowel P-AL als P-CaCl2 geschiedt door een organisatie die is geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie voor de normen, genoemd in tabel a.
In afwijking van de voorgaande zin, en eerste alinea van dit protocol, kan een organisatie tot en met 1 juli 2022 zonder accreditatie de monstername, voorbehandeling en analyse verrichten, indien deze organisatie aantoonbaar vóór 1 juli 2021 de accreditatie voor dit protocol en de in tabel a genoemde normen heeft aangevraagd.
Tabel a
Tabel a
3. Plaats bemonstering
3.1. Het monster wordt genomen tijdens het laden van de (vracht)auto voor aflevering aan één veehouder. Daarbij gelden de volgende aandachtspunten:
3.2. Niet in alle gevallen kan tijdens het laden een representatief monster worden genomen (bijvoorbeeld bij stapelbare producten). In voorkomende gevallen mag dan bij het bedrijf waaraan geleverd wordt de partij worden bemonsterd tijdens of direct na het lossen. Het monster dient uiteraard betrekking te hebben op de afgeleverde partij.
3.3. In het onder 1.2 vereiste eigen bemonsteringsprotocol dient per product aangegeven te zijn, waar de bemonstering plaatsvindt.
4. Monsternameprocedure
4.2.4. Na elk monsteronderzoek stelt de onderneming uiterlijk binnen 2 weken opnieuw het gemiddelde gehalte vast. Hij doet dit op basis van de meest recente 10 waarnemingen. Dit gemiddelde gehalte hanteert het bedrijf vervolgens t.b.v. de administratie en -etikettering.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 57b
In geval van vervoer van dierlijke meststoffen buiten Nederland doet de vervoerder ten minste drie werkdagen voordat de vracht dierlijke meststoffen wordt geladen hiervan elektronisch mededeling aan de minister en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.
Bij de in het eerste lid bedoelde mededeling worden in ieder geval de volgende gegevens verstrekt:
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)