Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Economische Zaken van 28 februari 2008, nr. WJZ 8024263, tot vaststelling van algemene uitvoeringsregels voor de subsidieverstrekking op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie (Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie)
44 versions
· 2026-04-04
2026-04-04
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2026-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2025-10-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2025-07-18
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2024-09-04
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2024-07-17
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2024-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2023-09-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2023-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2022-10-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2022-05-05
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2022-03-26
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2022-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2021-10-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2021-07-07
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2020-11-17
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2020-11-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2020-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2019-10-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2019-02-19
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2019-01-02
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2019-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2018-09-19
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2017-09-26
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2017-04-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2017-01-03
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2016-09-15
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2016-07-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2016-02-27
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2015-12-02
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2015-12-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2015-05-08
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2015-03-31
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2015-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2014-02-13
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2013-04-04
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
Wijzigingen op 2013-04-04
@@ -48,7 +48,7 @@
- r. toegelaten meetbedrijf: een meetbedrijf dat op grond van de voorwaarden, bedoeld in [artikel 31, eerste lid, onderdeel b, van de Elektriciteitswet 1998](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009755&artikel=31), is toegelaten.
2. Onder nuttig gebruik van hernieuwbare warmte als bedoeld in [artikel 1, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=1&artikel=1&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van het besluit wordt verstaan: de warmte, uitgedrukt in GJ die vrijkomt uit hernieuwbare energiebronnen en die wordt aangewend voor:
2. Onder nuttig gebruik van hernieuwbare warmte als bedoeld in [artikel 1, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=1&artikel=1&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van het besluit wordt verstaan: de warmte, uitgedrukt in GJ die vrijkomt uit hernieuwbare energiebronnen en die wordt aangewend voor:
- a. gebouwklimatisering van de binnenruimten van gebouwen;
@@ -92,11 +92,11 @@
##### Artikel 3
1. De subsidie-ontvanger verstrekt de opdrachten, bedoeld in [artikel 2, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=2&artikel=2&z=2013-02-07&g=2013-02-07), binnen een jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening en zendt een afschrift aan de Minister.
1. De subsidie-ontvanger verstrekt de opdrachten, bedoeld in [artikel 2, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=2&artikel=2&z=2013-04-04&g=2013-04-04), binnen een jaar na de datum van inwerkingtreding van de beschikking tot subsidieverlening en zendt een afschrift aan de Minister.
2. De subsidie-ontvanger rapporteert na de datum van de beschikking tot subsidieverlening tot het moment van ingebruikname jaarlijks over de voortgang van de realisatie van de in het plan als bedoeld in [artikel 56, tweede lid, onderdeel d, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=56) opgenomen ijkmomenten.
3. De subsidie-ontvanger zendt de Minister binnen een jaar na de datum van ingebruikname van de productie-installatie een overzicht van de daadwerkelijke investeringskosten, van de reeds ontvangen subsidies en overige steun en van de nog te ontvangen subsidies en overige steun. Indien de verleende subsidie als bedoeld in de [artikelen 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=16), [24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=24), [33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=33), [41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=41), [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=49) en [55a van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=55a) meer bedraagt dan € 125.000, gaat het overzicht vergezeld van een accountantsverklaring. De accountantsverklaring wordt opgesteld conform het model en het controleprotocol die zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=1&z=2013-02-07&g=2013-02-07).
3. De subsidie-ontvanger zendt de Minister binnen een jaar na de datum van ingebruikname van de productie-installatie een overzicht van de daadwerkelijke investeringskosten, van de reeds ontvangen subsidies en overige steun en van de nog te ontvangen subsidies en overige steun. Indien de verleende subsidie als bedoeld in de [artikelen 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=16), [24](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=24), [33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=33), [41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=41), [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=49) en [55a van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=55a) meer bedraagt dan € 125.000, gaat het overzicht vergezeld van een accountantsverklaring. De accountantsverklaring wordt opgesteld conform het model en het controleprotocol die zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende [bijlage 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=1&z=2013-04-04&g=2013-04-04).
4. Het derde lid is niet van toepassing als de subsidieontvanger geen andere subsidie heeft ontvangen dan die op grond van het besluit en geen andere overige steun heeft ontvangen dan die op grond van [artikel 3.42 van de Wet op de inkomstenbelasting 2001](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011353&artikel=3.42).
@@ -110,7 +110,7 @@
##### Artikel 6
1. De subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarin biomassa wordt omgezet in hernieuwbare warmte of hernieuwbaar gas, zendt binnen vier maanden na afloop van ieder kalenderjaar waarover een voorschot wordt verstrekt aan de minister een verklaring over de gebruikte biomassa met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=2&z=2013-02-07&g=2013-02-07).
1. De subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarin biomassa wordt omgezet in hernieuwbare warmte of hernieuwbaar gas, zendt binnen vier maanden na afloop van ieder kalenderjaar waarover een voorschot wordt verstrekt aan de minister een verklaring over de gebruikte biomassa met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende [bijlage 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=2&z=2013-04-04&g=2013-04-04).
2. Indien aan een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarin door middel van thermische conversie vloeibare biomassa wordt omgezet in hernieuwbare elektriciteit of hernieuwbare warmte uitsluitend subsidie wordt verstrekt voor zover de subsidie-ontvanger aantoont dat de gebruikte vloeibare biomassa voldoet aan de duurzaamheidscriteria, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de richtlijn hernieuwbare energie, toont de subsidie-ontvanger dit aan middels de verklaring, bedoeld in het eerste lid, of middels voor de geproduceerde hernieuwbare elektriciteit of hernieuwbare warmte geboekte garanties van oorsprong als bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel x, van de Elektriciteitswet 1998](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009755&artikel=1).
@@ -120,11 +120,11 @@
- b. dit aan te tonen middels certificaten op basis van een certificeringssysteem dat accuraat is bevonden door de Europese Commissie op grond van artikel 18, vierde lid, van de richtlijn hernieuwbare energie.
4. De verklaring, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een assurancerapport van een externe accountant dat is opgesteld met inachtneming van het onderzoeksprotocol assurancerapport biomassa, opgenomen in [bijlage 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=3&z=2013-02-07&g=2013-02-07), tenzij het een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte met een vermogen kleiner dan of gelijk aan 3 MW thermisch betreft.
4. De verklaring, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een assurancerapport van een externe accountant dat is opgesteld met inachtneming van het onderzoeksprotocol assurancerapport biomassa, opgenomen in [bijlage 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=3&z=2013-04-04&g=2013-04-04), tenzij het een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte met een vermogen kleiner dan of gelijk aan 3 MW thermisch betreft.
5. Uit het assurancerapport blijkt eenduidig per kalendermaand welke biomassagrondstoffen zijn ingezet en wat de aard en de verhouding van de in de productie-installatie verwerkte brandstoffen is in honderdste van procenten nauwkeurig.
6. Indien [paragraaf 3.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van toepassing is gaat de accountant ten behoeve van het bepalen van de gegevens, bedoeld in het vijfde lid, na of een juiste toepassing is gegeven aan de geëigende methode, bedoeld in de [artikelen 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en [7i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-02-07&g=2013-02-07).
6. Indien [paragraaf 3.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van toepassing is gaat de accountant ten behoeve van het bepalen van de gegevens, bedoeld in het vijfde lid, na of een juiste toepassing is gegeven aan de geëigende methode, bedoeld in de [artikelen 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en [7i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-04-04&g=2013-04-04).
##### Artikel 7
@@ -140,7 +140,7 @@
3. Een productie-installatie voor het produceren van hernieuwbaar gas is voorzien van een nippel waarop gasanalyse apparatuur kan worden aangesloten.
4. De subsidie-ontvanger kan de minister om toestemming verzoeken om in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), of [artikel 7a, achtste lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7a&z=2013-02-07&g=2013-02-07), de gegevensverstrekking via een voldoende gekwalificeerde derde te laten verlopen. Indien de toestemming wordt verleend, is het tweede lid niet van toepassing en hoeft het formulier, bedoeld in artikel 6, eerste lid, niet te worden gebruikt.
4. De subsidie-ontvanger kan de minister om toestemming verzoeken om in afwijking van het eerste lid, onderdeel c, [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), of [artikel 7a, achtste lid, eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7a&z=2013-04-04&g=2013-04-04), de gegevensverstrekking via een voldoende gekwalificeerde derde te laten verlopen. Indien de toestemming wordt verleend, is het tweede lid niet van toepassing en hoeft het formulier, bedoeld in artikel 6, eerste lid, niet te worden gebruikt.
#### § 4. Voorschotten
@@ -200,7 +200,7 @@
##### Artikel 10
Een aanvraag om subsidievaststelling wordt ingediend met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende [bijlage 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=5&z=2013-02-07&g=2013-02-07).
Een aanvraag om subsidievaststelling wordt ingediend met gebruikmaking van het origineel van een ondertekend formulier, dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende [bijlage 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=5&z=2013-04-04&g=2013-04-04).
#### § 5. Subsidievaststelling
@@ -256,7 +256,9 @@
3. In aanvulling op de voor de subsidieverstrekking toegestane biomassastromen kunnen subsidie-ontvangers aan wie subsidie is verstrekt op grond van [artikel 21, eerste lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030034&artikel=21), of [44, eerste lid, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2011](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030034&artikel=44) met ingang van 1 januari 2011 biomassastromen als bedoeld in de NTA 8003:2008: 587 en 592 gebruiken.
4. Als productie-installaties als bedoeld in [artikel 15, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=15) worden aangewezen productie-installaties waarvoor subsidie is verstrekt op grond van:
4. In aanvulling op de voor de subsidieverstrekking toegestane biomassastromen kunnen subsidie-ontvangers met een productie-installatie op een landbouwbedrijf aan wie subsidie is verstrekt op grond van [artikel 116, eerste lid, onderdeel b, van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0031291&artikel=116), met ingang van 4 april 2013 tevens uitsluitend plantaardige stoffen vermeld onder de categorieën A tot en met G1 onder categorie 1 van [Bijlage Aa, onderdeel IV, van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa) vergisten.
5. Als productie-installaties als bedoeld in [artikel 15, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0022735&artikel=15) worden aangewezen productie-installaties waarvoor subsidie is verstrekt op grond van:
- a. [artikelen 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023566&artikel=3),[15, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023566&artikel=15), [22, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023566&artikel=22)[29, eerste lid, van de regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2008](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023566&artikel=29);
@@ -368,7 +370,7 @@
### Toelichting
Met dit formulier kan de accountant een verklaring afgeven zoals bedoeld in [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=3&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Dit betreft een overzicht van de investeringskosten en de overige subsidies en steunsituatie. Dit laatste is noodzakelijk in verband met de EU-steunregels ten behoeve van het milieu (EU-Milieu Steun Kader). Deze accountantsverklaring is nodig wanneer aan de subsidie-ontvanger op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie een subsidie is verstrekt van meer dan € 125.000,–.
Met dit formulier kan de accountant een verklaring afgeven zoals bedoeld in [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=3&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Dit betreft een overzicht van de investeringskosten en de overige subsidies en steunsituatie. Dit laatste is noodzakelijk in verband met de EU-steunregels ten behoeve van het milieu (EU-Milieu Steun Kader). Deze accountantsverklaring is nodig wanneer aan de subsidie-ontvanger op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie een subsidie is verstrekt van meer dan € 125.000,–.
De accountantsverklaring moet worden opgestuurd naar Agentschap NL binnen een jaar na ingebruikname van de productie-installatie voor hernieuwbare energie.
@@ -466,7 +468,7 @@
In dit formulier geeft u aan welke biomassastromen het afgelopen jaar gebruikt zijn in uw productie-installatie voor hernieuwbare energie. Deze verplichting staat in [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&artikel=6&z=2011-07-01&g=2011-07-01), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie.
Bijlage 2 behorende bij [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Bijlage 2 behorende bij [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde
@@ -494,7 +496,7 @@
De volgende tabel kunt u ook als een bijlage meesturen. Op de website www.agentschapnl.nl/sde is deze tabel ook digitaal beschikbaar. Afgezien van de kolom over de hoeveelheden in ton wordt deze tabel samen met de naam van de organisatie, de locatie/naam en plaats van het project, de categorie van de duurzame energieproductie en het rapportagejaar openbaar gemaakt op www.agentschapnl.nl/sde.
In dit formulier verklaart de producent van hernieuwbaar warmte of hernieuwbaar gas afkomstig van biomassa dat uitsluitend biomassastromen zijn gebruikt die zijn toegestaan voor de categorie productie-installaties waarvoor SDE(+)-subsidie is ontvangen. Deze verplichting is omschreven in [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Bij gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte (WKK) is de biomassaverklaring geregeld in de [Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0016021). Voor WKK-installaties is dit formulier daarom niet van toepassing.
In dit formulier verklaart de producent van hernieuwbaar warmte of hernieuwbaar gas afkomstig van biomassa dat uitsluitend biomassastromen zijn gebruikt die zijn toegestaan voor de categorie productie-installaties waarvoor SDE(+)-subsidie is ontvangen. Deze verplichting is omschreven in [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. Bij gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte (WKK) is de biomassaverklaring geregeld in de [Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0016021). Voor WKK-installaties is dit formulier daarom niet van toepassing.
De biomassaverklaring moet per productie-installatie ingevuld worden. De verklaring wordt gebruikt om te controleren of de gebruikte biomassastromen overeenkomen met de voorwaarden van de SDE.
@@ -568,9 +570,9 @@
Telefoon 038 455 34 50
Op grond van [artikel 6, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie overlegt de subsidieontvanger voor hernieuwbaar gas of de subsidieontvanger voor hernieuwbare warmte uit biomassa die een productie-installatie bedrijft met een nominaal thermisch vermogen groter dan 3 MWth, een assurance rapport van een externe accountant over aan de minister.
Het assurance rapport dient ter controle van de gegevens die door de producent, op grond van [art. 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie, na afloop van het kalenderjaar zijn overlegd in de **biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas.**
Op grond van [artikel 6, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie overlegt de subsidieontvanger voor hernieuwbaar gas of de subsidieontvanger voor hernieuwbare warmte uit biomassa die een productie-installatie bedrijft met een nominaal thermisch vermogen groter dan 3 MWth, een assurance rapport van een externe accountant over aan de minister.
Het assurance rapport dient ter controle van de gegevens die door de producent, op grond van [art. 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie, na afloop van het kalenderjaar zijn overlegd in de **biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas.**
Het assurance rapport dient te worden opgesteld conform de in dit formulier opgenomen model, met inachtneming van het in dit formulier opgenomen onderzoeksprotocol **Assurance rapport productie hernieuwbare warmte of hernieuwbaar gas uit biomassa**.
@@ -578,9 +580,9 @@
Controleer voordat u de rapportage verstuurt of:
In [artikel 6, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie, is bepaald dat de producent uiterlijk binnen vier maanden na afloop van ieder kalenderjaar aan de minister een assurance rapport (conform NV COS richtlijn 3000) 1 overlegt inzake, onder meer, de aard en de verhouding van de in de installatie verwerkte brandstoffen.
Dit onderzoeksprotocol beoogt in aanvulling op (het stramien voor Assurance-opdrachten en) de nadere voorschriften Controle- en overige standaarden richtlijn 3000 (zie website NIVRA.nl) een handreiking aan de controlerend accountant te geven met specifieke aandachtspunten bij de inrichting van zijn onderzoek. De accountant onderzoekt de definitieve opgave van de producent met toelichtingen op conformiteit met [artikel 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en [7i van de regeling](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-02-07&g=2013-02-07) (zie NV COS 3000 nr. 33). Dit ter onderbouwing van zijn conclusies/oordeel. Hiertoe onderzoekt de accountant de door de producent verantwoorde definitieve uitkomsten van de verhouding voor wat betreft de gebruikte biomassagrondstoffen, de aard en verhouding van de in de productie-installatie verwerkte brandstoffen.
In [artikel 6, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie, is bepaald dat de producent uiterlijk binnen vier maanden na afloop van ieder kalenderjaar aan de minister een assurance rapport (conform NV COS richtlijn 3000) 1 overlegt inzake, onder meer, de aard en de verhouding van de in de installatie verwerkte brandstoffen.
Dit onderzoeksprotocol beoogt in aanvulling op (het stramien voor Assurance-opdrachten en) de nadere voorschriften Controle- en overige standaarden richtlijn 3000 (zie website NIVRA.nl) een handreiking aan de controlerend accountant te geven met specifieke aandachtspunten bij de inrichting van zijn onderzoek. De accountant onderzoekt de definitieve opgave van de producent met toelichtingen op conformiteit met [artikel 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en [7i van de regeling](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-04-04&g=2013-04-04) (zie NV COS 3000 nr. 33). Dit ter onderbouwing van zijn conclusies/oordeel. Hiertoe onderzoekt de accountant de door de producent verantwoorde definitieve uitkomsten van de verhouding voor wat betreft de gebruikte biomassagrondstoffen, de aard en verhouding van de in de productie-installatie verwerkte brandstoffen.
Het doel van het assurance rapport is om – met redelijke mate van zekerheid – een oordeel te verstrekken over de juistheid van de door de producent (of zijn gemachtigde) in de biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas opgegeven aard en calorische verhouding van de gebruikte biomassa en de soort en hoeveelheid biomassagrondstoffen die zijn ingezet voor de productie van hernieuwbare warmte of hernieuwbaar gas. In het geval de opgewekte energie wordt aangemerkt als duurzame energie, waarvoor een subsidie-beschikking is afgegeven, zal voor de subsidiabele hoeveelheid duurzaam opgewekte energie subsidie worden verstrekt. De accountant dient derhalve rekening te houden met een tendentie in de opgegeven verhouding.
@@ -622,7 +624,7 @@
1 Indien u een particulier bent vult u hier uw volledige naam in. Vraag 1b en 1c slaat u dan over.
Ingevolge uw opdracht hebben wij de bijgevoegde, door ons gewaarmerkte **biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas** met daarin de opgave betreffende de aard en calorische verhouding van de gebruikte biomassa en de soort en hoeveelheid biomassagrondstoffen die zijn ingezet voor de productie van hernieuwbare energie in de installatie, bekend onder EAN-code <123456789012345678>, met betrekking tot de periode van <datum> t/m <datum> onderzocht op juistheid en overeenstemming met de wettelijke bepalingen zoals opgenomen in de [artikelen 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en [7i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie (hierna aangeduid als de regeling),
Ingevolge uw opdracht hebben wij de bijgevoegde, door ons gewaarmerkte **biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas** met daarin de opgave betreffende de aard en calorische verhouding van de gebruikte biomassa en de soort en hoeveelheid biomassagrondstoffen die zijn ingezet voor de productie van hernieuwbare energie in de installatie, bekend onder EAN-code <123456789012345678>, met betrekking tot de periode van <datum> t/m <datum> onderzocht op juistheid en overeenstemming met de wettelijke bepalingen zoals opgenomen in de [artikelen 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en [7i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie (hierna aangeduid als de regeling),
De opgave is opgesteld onder verantwoordelijkheid van <het bestuur van de vennootschap/de leiding van de huishouding>. Het is onze verantwoordelijkheid om een assurance rapport inzake deze **biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas**te verstrekken.
@@ -660,7 +662,7 @@
Meetvoorwaarden voor productie-installaties met registratie van nuttig aangewende warmte
Bijlage 4 behorende bij [artikel 7d, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7d&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en [artikel 7f, eerste en tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Bijlage 4 behorende bij [artikel 7d, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7d&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en [artikel 7f, eerste en tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Voor het voorschotverzoek bij Agentschap NL moet u de EAN-code van het aansluitpunt aangeven waarop u hernieuwbaar gas levert. De EAN-code voor producenten kan verkregen worden bij de regionale netbeheerder.
@@ -684,7 +686,7 @@
Nominaal vermogen van de installatie:
Bijlage 5 behorende bij [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=5&artikel=10&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Bijlage 5 behorende bij [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=5&artikel=10&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Dit formulier is te vinden op www.agentschapnl.nl/sde
@@ -762,7 +764,7 @@
Verzoek tot vaststelling van de geschiktheid van een productie-installatie voor de opwekking van hernieuwbare warmte en mededeling van meetgegevens van hernieuwbare warmte
Bijlage 6 behorende bij [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Bijlage 6 behorende bij [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Toelichting
@@ -879,7 +881,7 @@
- b. de hoeveelheid Nm3 aardgasequivalent die op het net wordt ingevoed, gemeten wordt volgens de Meetvoorwaarden Gas – RNB of de Meetvoorwaarden Gas – LNB.
6. [Artikel 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7&z=2013-02-07&g=2013-02-07), is niet van toepassing op subsidie-ontvangers die met hun productie-installatie voor de productie van hernieuwbaar gas onderdeel uitmaken van een groen gas hub.
6. [Artikel 7, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7&z=2013-04-04&g=2013-04-04), is niet van toepassing op subsidie-ontvangers die met hun productie-installatie voor de productie van hernieuwbaar gas onderdeel uitmaken van een groen gas hub.
7. Het aantal GJ dat voor subsidie in aanmerking komt wordt per productie-installatie van een groen gas hub bepaald door het totaal aantal GJ hernieuwbare warmte die nuttig wordt gebruikt of hernieuwbare elektriciteit dat door de groen gas hub wordt geproduceerd die op een elektriciteitsnet of installatie, met uitzondering van de productie-installatie, wordt ingevoed, naar rato van de geleverde energie, uitgedrukt in methaangehalte of calorische waarde, over de productie-installaties die onderdeel zijn van de groen gas hub te verdelen.
@@ -887,7 +889,7 @@
##### Artikel 7b
Indien een subsidie-ontvanger aan wie subsidie is verstrekt voor een productie-installatie die geen onderdeel is van een groen gas hub, onderdeel gaat uitmaken van een groen gas hub, meldt de subsidie-ontvanger dit vooraf aan de Minister. Vanaf het moment dat de productie-installatie onderdeel uitmaakt van een groen gas hub is [artikel 7a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7a&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van toepassing.
Indien een subsidie-ontvanger aan wie subsidie is verstrekt voor een productie-installatie die geen onderdeel is van een groen gas hub, onderdeel gaat uitmaken van een groen gas hub, meldt de subsidie-ontvanger dit vooraf aan de Minister. Vanaf het moment dat de productie-installatie onderdeel uitmaakt van een groen gas hub is [artikel 7a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7a&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van toepassing.
#### § 4. Voorschotten
@@ -899,7 +901,7 @@
Bezoekadres
Bijlage 1 behorende bij [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=3&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Bijlage 1 behorende bij [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=3&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### TEN BEHOEVE VAN HET MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE
@@ -973,7 +975,7 @@
Controleer voordat u de rapportage verstuurt of:
Bijlage 3 behorende bij [artikel 6, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Bijlage 3 behorende bij [artikel 6, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Toelichting
@@ -1029,7 +1031,7 @@
### Conclusie
Op grond van onze werkzaamheden concluderen wij dat **de biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas** juist weergeeft en in overeenstemming met de wettelijke bepalingen zoals opgenomen in de [artikelen 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en [7i van de regeling](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-02-07&g=2013-02-07) de opgave van:
Op grond van onze werkzaamheden concluderen wij dat **de biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas** juist weergeeft en in overeenstemming met de wettelijke bepalingen zoals opgenomen in de [artikelen 7h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en [7i van de regeling](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7i&z=2013-04-04&g=2013-04-04) de opgave van:
### 7. Opmerkingen
@@ -1061,13 +1063,13 @@
##### Artikel 7d
1. Een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd draagt er zorg voor dat ten aanzien van zijn installatie iedere vijf jaar een meetprotocol opgesteld wordt dat voldoet aan de meetvoorwaarden, opgenomen in [bijlage 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=4&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en laat het meetprotocol voor de eerste dag van de kalendermaand waarin hij de productie-installatie in gebruik neemt of indien een nieuw meetprotocol wordt opgesteld, goedkeuren door een toegelaten meetbedrijf.
1. Een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd draagt er zorg voor dat ten aanzien van zijn installatie iedere vijf jaar een meetprotocol opgesteld wordt dat voldoet aan de meetvoorwaarden, opgenomen in [bijlage 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=4&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en laat het meetprotocol voor de eerste dag van de kalendermaand waarin hij de productie-installatie in gebruik neemt of indien een nieuw meetprotocol wordt opgesteld, goedkeuren door een toegelaten meetbedrijf.
2. Indien de subsidie-ontvanger, bedoeld in het eerste lid, voornemens is een aanpassing door te voeren die een wijziging van het meetprotocol tot gevolg heeft, draagt hij er zorg voor dat alvorens hij die aanpassing doorvoert, een nieuw meetprotocol wordt opgesteld en wordt goedgekeurd door een toegelaten meetbedrijf. De termijn van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, vangt aan op het moment van goedkeuring van het nieuwe meetprotocol.
##### Artikel 7e
1. Een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd, verzoekt het toegelaten meetbedrijf iedere vijf jaar vast te stellen of de productie-installatie geschikt is voor de opwekking van hernieuwbare warmte alsmede of de inrichting om te meten geschikt is voor de meting van de hernieuwbare warmte die met de productie-installatie wordt geproduceerd en die nuttig wordt gebruikt, met gebruikmaking van formulier dat is opgenomen in [bijlage 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07).
1. Een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd, verzoekt het toegelaten meetbedrijf iedere vijf jaar vast te stellen of de productie-installatie geschikt is voor de opwekking van hernieuwbare warmte alsmede of de inrichting om te meten geschikt is voor de meting van de hernieuwbare warmte die met de productie-installatie wordt geproduceerd en die nuttig wordt gebruikt, met gebruikmaking van formulier dat is opgenomen in [bijlage 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04).
2. De subsidie-ontvanger deelt het resultaat van de vaststelling binnen vier weken na afloop van de termijn, bedoeld in het eerste lid, mee aan de minister.
@@ -1075,11 +1077,11 @@
##### Artikel 7f
1. Een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd draagt er zorg voor dat alle energiestromen die zijn omschreven in de meetvoorwaarden, opgenomen in [bijlage 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=4&z=2013-02-07&g=2013-02-07),en die de systeemgrens passeren, gemeten worden volgens het meetprotocol.
1. Een subsidie-ontvanger die een productie-installatie bedrijft waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd draagt er zorg voor dat alle energiestromen die zijn omschreven in de meetvoorwaarden, opgenomen in [bijlage 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=4&z=2013-04-04&g=2013-04-04),en die de systeemgrens passeren, gemeten worden volgens het meetprotocol.
2. De subsidie-ontvanger draagt er zorg voor dat onder toepassing van het meetprotocol een meetrapport wordt opgesteld, dat:
- a. voldoet aan de meetvoorwaarden, opgenomen in [bijlage 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=4&z=2013-02-07&g=2013-02-07),
- a. voldoet aan de meetvoorwaarden, opgenomen in [bijlage 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563&bijlage=4&z=2013-04-04&g=2013-04-04),
- b. de wijze van totstandkoming van de meetgegevens beschrijft en
@@ -1105,25 +1107,25 @@
##### Artikel 7h
1. Indien in een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte zuivere biomassa wordt verwerkt, verklaart de subsidie-ontvanger bij de overlegging van het resultaat van de vaststelling, bedoeld in [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-02-07&g=2013-02-07), dat hij door middel van een daartoe geëigende methode aan de hand van bemonstering per partij vaststelt dat het materiaal waaruit de duurzame warmte wordt opgewekt, is aan te merken als zuivere biomassa.
1. Indien in een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte zuivere biomassa wordt verwerkt, verklaart de subsidie-ontvanger bij de overlegging van het resultaat van de vaststelling, bedoeld in [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-04-04&g=2013-04-04), dat hij door middel van een daartoe geëigende methode aan de hand van bemonstering per partij vaststelt dat het materiaal waaruit de duurzame warmte wordt opgewekt, is aan te merken als zuivere biomassa.
2. In afwijking van het eerste lid, hanteert de subsidie-ontvanger, indien in de productie-installatie biomassa die een behandeling heeft ondergaan, zoals pyrolyse, torrefactie, carbonisatie, wordt verwerkt, een daartoe geëigende methode om vast te stellen dat de biomassa vóór bewerking is aan te merken als zuivere biomassa.
3. Indien in de productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte niet-zuivere biomassa wordt verwerkt, verklaart de subsidie-ontvanger bij de overlegging van het resultaat van de vaststelling, bedoeld in [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-02-07&g=2013-02-07), dat hij door middel van een daartoe geëigende methode aan de hand van bemonstering per partij vaststelt wat het biologisch afbreekbare gedeelte is van de niet-zuivere biomassa waaruit de hernieuwbare warmte wordt opgewekt. Het biologisch afbreekbare gedeelte dient te worden bepaald op grond van de energiebasis met twee decimalen nauwkeurigheid.
4. Indien de hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van naar haar aard zuivere biomassa of naar zijn aard zuiver biogas, verklaart de subsidie-ontvanger bij de overlegging van het resultaat van de vaststelling, bedoeld in [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-02-07&g=2013-02-07), dat hij gedurende de periode waarop de verklaring betrekking heeft, door middel van naar haar aard zuivere biomassa of naar zijn aard zuiver biogas hernieuwbare warmte zal produceren.
3. Indien in de productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte niet-zuivere biomassa wordt verwerkt, verklaart de subsidie-ontvanger bij de overlegging van het resultaat van de vaststelling, bedoeld in [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-04-04&g=2013-04-04), dat hij door middel van een daartoe geëigende methode aan de hand van bemonstering per partij vaststelt wat het biologisch afbreekbare gedeelte is van de niet-zuivere biomassa waaruit de hernieuwbare warmte wordt opgewekt. Het biologisch afbreekbare gedeelte dient te worden bepaald op grond van de energiebasis met twee decimalen nauwkeurigheid.
4. Indien de hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van naar haar aard zuivere biomassa of naar zijn aard zuiver biogas, verklaart de subsidie-ontvanger bij de overlegging van het resultaat van de vaststelling, bedoeld in [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-04-04&g=2013-04-04), dat hij gedurende de periode waarop de verklaring betrekking heeft, door middel van naar haar aard zuivere biomassa of naar zijn aard zuiver biogas hernieuwbare warmte zal produceren.
5. Indien in een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte niet naar zijn aard zuiver biogas of niet-zuiver biogas wordt verwerkt, hanteert de subsidie-ontvanger ten aanzien van de grondstof die hij bij het ontstaan van dit biogas gebruikt een daartoe geëigende methode om aan de hand van bemonstering per partij vast te stellen dat het materiaal waaruit de duurzame warmte is opgewekt, is aan te merken als zuivere of als niet-zuivere biomassa.
##### Artikel 7i
1. De methode van vaststelling, bedoeld in de [artikel 7h, eerste, derde en vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07), is geëigend als de subsidie-ontvanger ter zake van de werkzaamheden voor de bepaling van het biologisch afbreekbare gedeelte van de biomassa beschikt over:
1. De methode van vaststelling, bedoeld in de [artikel 7h, eerste, derde en vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04), is geëigend als de subsidie-ontvanger ter zake van de werkzaamheden voor de bepaling van het biologisch afbreekbare gedeelte van de biomassa beschikt over:
- a. een productcertificaat als bedoeld in de Kiwa-beoordelingsrichtlijn BRL-K 10016 voor de vaststelling van het aandeel biomassa in secundaire brandstoffen of
- b. een schriftelijk bewijs dat hij voldoet aan vergelijkbare procesnormen als vastgelegd in de Kiwa-beoordelingsrichtlijn BRL-K 10016.
2. De methode van vaststelling, bedoeld in [artikel 7h, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07), is geëigend als de subsidie-ontvanger beschikt over:
2. De methode van vaststelling, bedoeld in [artikel 7h, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04), is geëigend als de subsidie-ontvanger beschikt over:
- a. een certificaat behorend bij de biomassa die een behandeling heeft ondergaan, afgegeven door een certificeringsinstantie, waaruit blijkt dat de oorsprong van de biomassa van die partijen volledig is aan te merken als zuivere biomassa, en
@@ -1135,11 +1137,11 @@
1. Indien de meegedeelde percentages van de in de productie-installatie verwerkte brandstoffen uit het meetrapport afwijken van de percentages van de in de productie-installatie verwerkte brandstoffen die uit het assurancerapport blijken, wordt bij de subsidieverstrekking uitgegaan van het assurancerapport.
2. Indien het meetrapport, de biomassaverklaring of het assurancerapport niet voldoet aan de vereisten, bedoeld in [artikel 7f, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-02-07&g=2013-02-07), [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), respectievelijk [artikel 6, vierde tot en met zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), geeft de minister de subsidie-ontvanger vier weken de tijd om het meetrapport, de biomassaverklaring of het assurancerapport alsnog aan deze eisen te laten voldoen.
2. Indien het meetrapport, de biomassaverklaring of het assurancerapport niet voldoet aan de vereisten, bedoeld in [artikel 7f, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-04-04&g=2013-04-04), [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), respectievelijk [artikel 6, vierde tot en met zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), geeft de minister de subsidie-ontvanger vier weken de tijd om het meetrapport, de biomassaverklaring of het assurancerapport alsnog aan deze eisen te laten voldoen.
##### Artikel 7k
De subsidie-ontvanger kan de minister om toestemming verzoeken om, in afwijking van de [artikelen 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), [7e, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-02-07&g=2013-02-07), [7f, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-02-07&g=2013-02-07), en [7h, eerste en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-02-07&g=2013-02-07), de gegevensverstrekking via een voldoende gekwalificeerde derde te laten lopen.
De subsidie-ontvanger kan de minister om toestemming verzoeken om, in afwijking van de [artikelen 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), [7e, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-04-04&g=2013-04-04), [7f, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-04-04&g=2013-04-04), en [7h, eerste en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7h&z=2013-04-04&g=2013-04-04), de gegevensverstrekking via een voldoende gekwalificeerde derde te laten lopen.
#### § 4. Voorschotten
@@ -1157,7 +1159,7 @@
#### § 7. Slotbepalingen
## Bijlage 1. behorende bij [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=3&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
## Bijlage 1. behorende bij [artikel 3, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=3&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
NL Energie en Klimaat
@@ -1187,7 +1189,7 @@
Ligt ter inzage bij SenterNovem te Zwolle.
## Bijlage 2. behorende bij [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
## Bijlage 2. behorende bij [artikel 6, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.1&artikel=6&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Biomassaverklaring hernieuwbare warmte en hernieuwbaar gas
@@ -1205,7 +1207,7 @@
### Ondertekening
## Bijlage 3. behorende bij [artikel 7, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
## Bijlage 3. behorende bij [artikel 7, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.2&artikel=7&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)
@@ -1221,13 +1223,13 @@
### Overige informatie
## Bijlage 4. behorende bij [artikel 7d, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7d&z=2013-02-07&g=2013-02-07) en [artikel 7f, eerste en tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-02-07&g=2013-02-07), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
## Bijlage 4. behorende bij [artikel 7d, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7d&z=2013-04-04&g=2013-04-04) en [artikel 7f, eerste en tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7f&z=2013-04-04&g=2013-04-04), van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)
### Toelichting
## Bijlage 5. behorende bij [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=5&artikel=10&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
## Bijlage 5. behorende bij [artikel 10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=5&artikel=10&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)
@@ -1255,7 +1257,7 @@
### 8. Ondertekening
## Bijlage 6. behorende bij [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-02-07&g=2013-02-07) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
## Bijlage 6. behorende bij [artikel 7e, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0023563¶graaf=3&sub-paragraaf=3.3&artikel=7e&z=2013-04-04&g=2013-04-04) van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
### Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)
2013-02-07
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2013-01-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2012-03-13
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2011-07-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2010-01-23
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2009-03-29
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2008-04-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en k
2008-04-01
Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie e
original version
Tekst op deze datum