Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 3 juni 2008, nr. HO&S/CBV/2008/5214, houdende vaststelling van nadere regels vanwege financiering in het hoger onderwijs (Regeling financiën hoger onderwijs)
87 versions
· 2026-01-01
2026-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2025-11-12
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2025-09-18
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2025-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2025-06-13
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2025-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2024-11-02
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2024-09-25
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2024-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2024-06-08
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2024-03-12
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2024-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3, 3
2023-11-09
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2023-09-21
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2023-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2023-06-15
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2023-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2022-11-10
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2022-09-23
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2022-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2022-06-10
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2022-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2021-11-13
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2021-09-24
Regeling financiën hoger onderwijs
2021-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 1, 1
2021-06-16
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2021-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2020-11-12
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2020-09-17
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2020-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2020-07-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2020-06-13
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 1
2020-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2019-11-09
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 3
2019-09-20
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 1
2019-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 3
2019-06-15
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3
2019-04-27
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 1
2019-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2018-11-09
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2018-09-19
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2018-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 1, 1
2018-06-12
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2018-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2017-11-01
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2017-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 2, 19, 19 y 2 más
2017-06-13
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2017-01-10
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2017-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19, 19
2016-11-19
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2016-11-10
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2016-09-22
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2016-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2016-06-10
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2016-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19, 19
2015-11-11
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2015-09-10
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2015-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2015-06-12
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2015-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19, 19
2014-11-20
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2014-09-17
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2014-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2014-06-26
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2014-02-26
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19, 19
2014-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19 y 2 más
2013-11-19
Regeling financiën hoger onderwijs — art. 19
2013-09-18
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19
2013-06-15
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 19, 19, 19
2013-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 13 y 5 más
2012-12-05
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 19
2012-09-26
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 19, 19
2012-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 13 y 3 más
2012-06-26
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 13 y 3 más
2012-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 13 y 5 más
2011-09-23
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 19
2011-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 19, 19
2011-07-29
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 19, 19
2011-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 13, 13, 13 y 3 más
2010-12-08
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 6, 13, 19, 1
2010-09-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 6, 6, 13 y 5 más
2010-08-04
Regeling financiën hoger onderwijs
2010-01-01
Regeling financiën hoger onderwijs
2009-12-08
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 6, 11, 12 y 6 más
2009-10-01
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 3, 3, 6 y 17 más
2009-09-28
Regeling financiën hoger onderwijs — arts. 1, 1, 2 y 38 más
Wijzigingen op 2009-09-28
@@ -689,657 +689,3 @@
| | Totaal | € 64.000 |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
## Bijlage 12. bij [artikel 4, zevende en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=3&artikel=4&z=2010-08-04&g=2010-01-01)
| universiteit | universiteit | Percentage onderzoekscholen | Percentage toponder zoekscholen |
| --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | 9,153% | 7,492% |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | 9,662% | 22,104% |
| 21PD | Universiteit Utrecht | 12,809% | 19,408% |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | 5,279% | 2,908% |
| 21PF | Technische Universiteit Delft | 14,802% | 5,078% |
| 21PG | Technische Universiteit Eindhoven | 8,000% | 22,780% |
| 21PH | Universiteit Twente | 6,228% | 0,00000% |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | 3,814% | 0,00000% |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | 11,851% | 12,397% |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | 8,036% | 6,066% |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | 8,075% | 1,767% |
| 21PN | Universiteit van Tilburg | 2,291% | 0,00000% |
| 22NC | Open Universiteit | 0,00000% | 0,00000% |
| 00DV | Protestantse Theologische Universiteit | 0,00000% | 0,00000% |
| 21QO | Theologische Universiteit Apeldoorn | 0,00000% | 0,00000% |
| 23BF | Universiteit voor Humanistiek | 0,00000% | 0,00000% |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
##### Artikel 3a. Historisch bestand hoger onderwijs
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
#### Paragraaf 3. Onderzoek
#### Paragraaf 4. Academische ziekenhuizen
#### Paragraaf 5. Collegegeld
#### Paragraaf 6. Financiële ondersteuning en toelagen
#### Paragraaf 7. Centraal register inschrijvingen hoger onderwijs
#### Paragraaf 8. Slotbepalingen
## Bijlage 12. bij [artikel 4, zevende en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=3&artikel=4&z=2010-08-04&g=2010-08-04)
| universiteit | universiteit | Percentage onderzoekscholen | Percentage toponder zoekscholen |
| --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | 9,153% | 7,492% |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | 9,662% | 22,104% |
| 21PD | Universiteit Utrecht | 12,809% | 19,408% |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | 5,279% | 2,908% |
| 21PF | Technische Universiteit Delft | 14,802% | 5,078% |
| 21PG | Technische Universiteit Eindhoven | 8,000% | 22,780% |
| 21PH | Universiteit Twente | 6,228% | 0,00000% |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | 3,814% | 0,00000% |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | 11,851% | 12,397% |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | 8,036% | 6,066% |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | 8,075% | 1,767% |
| 21PN | Universiteit van Tilburg | 2,291% | 0,00000% |
| 22NC | Open Universiteit | 0,00000% | 0,00000% |
| 00DV | Protestantse Theologische Universiteit | 0,00000% | 0,00000% |
| 21QO | Theologische Universiteit Apeldoorn | 0,00000% | 0,00000% |
| 23BF | Universiteit voor Humanistiek | 0,00000% | 0,00000% |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 7. Persoonsgebonden nummer in het hoger onderwijs
#### Paragraaf 8. Slotbepalingen
#### Paragraaf 9. Slotbepalingen
##### Artikel 3b. Inschrijvingen met terugwerkende kracht
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
#### Paragraaf 4. Academische ziekenhuizen
#### Paragraaf 5. Collegegeld
#### Paragraaf 6. Financiële ondersteuning en toelagen
#### Paragraaf 8a. Experimenten
#### Paragraaf 9. Slotbepalingen
## Bijlage 11. behorend bij [artikel 2, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2&artikel=2&z=2018-09-19&g=2018-09-01), van de regeling
### A. Indeling register en bekostigingsniveaus, bedoeld in artikel 1.1, van het besluit, voor opleidingen van het hoger beroepsonderwijs.
**CROHO onderdeel Natuur (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Recht (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)**
Geen uitzonderingen.
### B. Indeling register en bekostigingsniveaus, bedoeld in artikel 1.1, van het besluit, voor opleidingen van het wetenschappelijk onderwijs.
**CROHO onderdeel Economie (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Landbouw en natuurlijke omgeving (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Recht (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Taal en cultuur (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)**
Geen uitzonderingen.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
##### Artikel 3c. Reikwijdte
Paragraaf 2a bevat, met uitzondering van de [artikelen 3h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3h&z=2019-04-27&g=2019-04-27) en [3i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3i&z=2019-04-27&g=2019-04-27), beleidsregels met betrekking tot de wijze waarop de minister gebruik maakt van de bevoegdheid tot het toekennen van kwaliteitsbekostiging als bedoeld in [artikel 2.6, vijfde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005682&artikel=2.6) voor het tijdvak 2021 tot en met 2024.
##### Artikel 3d. Aanvraag- en beslistermijnen kwaliteitsbekostiging bij planbeoordeling
1. Een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, eerste lid, van het besluit](onbekend) wordt uiterlijk zes weken voor het afgesproken tijdstip van het bezoek van de commissie van deskundigen, bedoeld in [artikel 5.2, tweede lid, onderdeel b, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005682&artikel=5.2), ingediend bij het accreditatieorgaan.
2. Indien er geen sprake is van een commissie als bedoeld in het eerste lid wordt een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, eerste lid, van het besluit](onbekend) uiterlijk acht weken voor het afgesproken tijdstip van bezoek van de commissie van deskundigen, bedoeld in [artikel 18a, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=8b&artikel=18a&z=2019-04-27&g=2019-04-27), ingediend bij het accreditatieorgaan.
3. De minister besluit binnen achtentwintig weken na de uiterste aanvraagdatum, bedoeld in het eerste lid.
4. De minister besluit binnen dertig weken na de uiterste aanvraagdatum, bedoeld in het tweede lid.
5. Een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, tweede lid, van het besluit](onbekend) wordt uiterlijk een jaar na het besluit tot afwijzing van de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, ingediend bij het accreditatieorgaan.
6. De minister besluit binnen dertig weken na de uiterste aanvraagdatum, bedoeld in het vijfde lid.
##### Artikel 3e. Besluit kwaliteitsbekostiging bij planbeoordeling
Een besluit tot toekenning van kwaliteitsbekostiging als bedoeld in [artikel 3d, derde of zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3d&z=2019-04-27&g=2019-04-27), betreft een gehele toekenning of een gehele weigering van de voor de desbetreffende universiteit of hogeschool op grond van [artikel 3h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3h&z=2019-04-27&g=2019-04-27) berekende kwaliteitsbekostiging.
##### Artikel 3f. Aanvraag en beslistermijnen kwaliteitsbekostiging bij planrealisatie
1. De minister besluit voor 1 december 2022 de kwaliteitsbekostiging, bedoeld in [artikel 4.32, eerste lid, van het besluit](onbekend) toe te kennen of te weigeren.
2. Een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.32, derde lid, van het besluit](onbekend) wordt uiterlijk een jaar na een besluit van de minister de kwaliteitsbekostiging niet toe te kennen als bedoeld in artikel 4.32, derde lid, van het besluit, ingediend bij het accreditatieorgaan.
3. De minister besluit binnen dertig weken na de uiterste aanvraagdatum, bedoeld in het tweede lid.
##### Artikel 3g. Besluit kwaliteitsbekostiging bij planrealisatie
Een besluit tot toekenning van de kwaliteitsbekostiging als bedoeld in [artikel 3f, eerste of derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3f&z=2019-04-27&g=2019-04-27), betreft een gehele toekenning of een gehele weigering van de voor de desbetreffende universiteit of hogeschool op grond van [artikel 3h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3h&z=2019-04-27&g=2019-04-27) berekende kwaliteitsbekostiging.
##### Artikel 3h. Berekening, verdeling en betaling bedrag
1. De hoogte van de kwaliteitsbekostiging wordt berekend:
- a. indien de ontvanger een universiteit betreft, op basis van het aandeel van de ontvanger in de studentgebonden financiering, bedoeld in [artikel 4.7, derde lid, onder a en onder b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006152&artikel=4.7), van de desbetreffende universiteit voor het desbetreffende begrotingsjaar;
- b. indien de ontvanger een hogeschool betreft, op basis van het aandeel van de ontvanger in de studentgebonden financiering, bedoeld in [artikel 4.7, derde lid, onder a en onder b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006152&artikel=4.7), en de onderwijsopslag in percentages, bedoeld in [artikel 4.11, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006152&artikel=4.11), van de desbetreffende hogeschool voor het desbetreffende begrotingsjaar.
2. Bedragen voor kwaliteitsbekostiging die als gevolg van afwijzingen door de minister van een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, tweede lid, van het besluit](onbekend) niet worden toegekend, of die als gevolg van het niet doen van een aanvraag niet worden toegekend, worden volgens de uitgangspunten van het eerste lid verdeeld over de universiteiten respectievelijk de hogescholen, waaraan wel een bedrag is toegekend.
3. De minister betaalt een voor enig jaar toegekend bedrag op dezelfde wijze als en gelijktijdig met de jaarlijkse rijksbijdrage, bedoeld in de [artikelen 2.5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005682&artikel=2.5) en [2.6 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005682&artikel=2.6).
##### Artikel 3i. Bedragen kwaliteitsbekostiging
De bedragen van de kwaliteitsbekostiging, bedoeld in de [artikelen 4.30, eerste lid](onbekend) en [4.32, eerste lid, van het besluit](onbekend), voor universiteiten onderscheidenlijk hogescholen worden bekendgemaakt in de bijlagen 10 respectievelijk 11 van deze regeling.
#### Paragraaf 4. Academische ziekenhuizen
#### Paragraaf 8. Sectoroverstijgende opleidingen
#### Paragraaf 8a. Experimenten
#### Paragraaf 8b. Aanvullende taken accreditatieorgaan in verband met kwaliteitsafspraken
##### Artikel 18a
1. Het accreditatieorgaan heeft in aanvulling op [artikel 5.2, vierde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006152&artikel=5.2) tot taak:
- a. de minister te adviseren de aanvragen, bedoeld in de [artikelen 4.30, eerste en tweede lid](onbekend), en [4.32, derde lid, van het besluit](onbekend);
- b. in 2022 de minister te adviseren of voldaan is aan de maatstaven, bedoeld in [artikel 4.32, eerste lid, van het besluit](onbekend);
- c. uiterlijk zes jaar na het besluit, bedoeld in [artikel 3d, derde of zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2a&artikel=3d&z=2019-04-27&g=2019-04-27), de verwezenlijking te evalueren van de in de aanvraag in het vooruitzicht gestelde kwaliteit, bedoeld in [artikel 4.30, eerste lid, van het besluit](onbekend), van een universiteit of hogeschool en daarover de minister te adviseren;
- d. een commissie van deskundigen in te stellen in het geval het:
- 1°. de advisering over een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, eerste lid, van het besluit](onbekend) betreft en de desbetreffende universiteit of hogeschool geen erkenning ITK als bedoeld in [artikel 1.1, onderdeel s, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005682&artikel=1.1), heeft verkregen;
- 2°. de advisering over een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, eerste lid, van het besluit](onbekend) betreft en voor de desbetreffende instelling niet reeds een commissie van deskundigen is ingesteld in het kader van een instellingstoets kwaliteitszorg als bedoeld in [artikel 5.23, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005682&artikel=5.23);
- 3°. de advisering betreft over een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.30, tweede lid, van het besluit](onbekend);
- 4°. de advisering betreft over een aanvraag als bedoeld in [artikel 4.32, eerste en derde lid, van het besluit](onbekend);
- e. het in 2020 of 2022 of op verzoek van de minister opmaken van een landelijk beeld van de stand van zaken van de kwaliteitsafspraken.
2. Het accreditatieorgaan stelt een toetsingsprotocol vast voor de advisering, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. Het toetsingsprotocol wordt niet eerder vastgesteld dan nadat de minister daarmee heeft ingestemd.
#### Paragraaf 9. Slotbepalingen
## Bijlage 2. bij [artikel 3, eerste lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2&artikel=3&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Universiteit | Universiteit | Percentage |
| --- | --- | --- |
| 00DV | Protestantse Theologische Universiteit | 0,88461% |
| 21PB | Universiteit Leiden | 9,35199% |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | 8,99909% |
| 21PD | Universiteit Utrecht | 11,76390% |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | 6,56247% |
| 21PF | Technische Universiteit Delft | 8,09805% |
| 21PG | Technische Universiteit Eindhoven | 5,13676% |
| 21PH | Universiteit Twente | 5,42191% |
| 21PI | Wageningen University | 3,88027% |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | 5,24245% |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | 12,34374% |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | 7,15050% |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | 8,35222% |
| 21PN | Tilburg University | 3,74281% |
| 21QO | Theologische Universiteit Apeldoorn | 0,12093% |
| 22NC | Open Universiteit | 2,63124% |
| 23BF | Universiteit voor Humanistiek | 0,21764% |
| 25AV | Theologische Universiteit Kampen | 0,09942% |
| | Totaal | 100,00000% |
## Bijlage 3. bij [artikel 3, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2&artikel=3&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Hogeschool | Hogeschool | Kwaliteit | Kwetsbare opleidingen | Bijzondere voorzieningen | Totaalbedrag |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- |
| 00IC | Katholieke PABO Zwolle | | € 151.421 | € 61.443 | € 212.864 |
| 00MF | Hogeschool voor de Kunsten Utrecht | | € 382.427 | € 311.898 | € 694.325 |
| 01VU | Christelijke Hogeschool Windesheim | | € 411.867 | € 642.940 | € 1.054.807 |
| 02BY | Gerrit Rietveld Academie | | € 828.666 | € 105.230 | € 933.896 |
| 02NR | Hotelschool The Hague | | | € 743.876 | € 743.876 |
| 02NT | Design Academy Eindhoven | | € 378.443 | € 30.032 | € 408.475 |
| 07GR | Avans Hogeschool | | € 505.525 | € 329.955 | € 835.480 |
| 08OK | Pedagogische Hogeschool De Kempel | | € 278.616 | € 65.089 | € 343.705 |
| 09OT | Iselinge Hogeschool | | € 189.781 | € 79.759 | € 269.540 |
| 10IZ | Marnix Academie | | € 646.066 | € 144.126 | € 790.192 |
| 14NI | Codarts, Hogeschool voor de Kunsten | | € 657.665 | € 175.745 | € 833.410 |
| 15BK | Driestar educatief | | | € 99.982 | € 99.982 |
| 21CW | HAS Hogeschool | | | € 37.927 | € 37.927 |
| 21MI | HZ University of Applied Sciences | | € 720.767 | € 1.377.560 | € 2.098.327 |
| 21QA | Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten | | € 646.172 | € 599.762 | € 1.245.934 |
| 21RI | Hogeschool Leiden | | € 965.409 | € 188.477 | € 1.153.886 |
| 21UG | Hogeschool IPABO Amsterdam Alkmaar | | € 563.288 | € 64.330 | € 627.618 |
| 21UI | NHTV internationale hogeschool Breda | | | € 234.535 | € 234.535 |
| 22HH | Viaa-Gereformeerde Hogeschool | | € 961.023 | € 95.893 | € 1.056.916 |
| 22OJ | Hogeschool Rotterdam | | € 4.173.659 | € 717.707 | € 4.891.366 |
| 23AH | Saxion Hogeschool | | € 1.372.055 | € 638.690 | € 2.010.745 |
| 23KJ | Hogeschool der Kunsten Den Haag | | € 599.848 | € 149.729 | € 749.577 |
| 25BA | Christelijke Hogeschool Ede | | € 858.056 | € 558.679 | € 1.416.735 |
| 25BE | Hanzehogeschool Groningen | | € 1.776.693 | € 861.643 | € 2.638.336 |
| 25DW | Hogeschool Utrecht | | € 3.002.349 | € 627.281 | € 3.629.630 |
| 25JX | Zuyd Hogeschool | | € 1.496.777 | € 615.471 | € 2.112.248 |
| 25KB | Hogeschool van Arnhem en Nijmegen | | € 1.429.582 | € 871.448 | € 2.301.030 |
| 27NF | ArtEZ | | € 1.037.987 | € 291.257 | € 1.329.244 |
| 27PZ | Hogeschool INHolland | | € 3.306.783 | € 446.134 | € 3.752.917 |
| 27UM | De Haagse Hogeschool | | € 1.984.634 | € 411.188 | € 2.395.822 |
| 28DN | Hogeschool van Amsterdam | | € 1.273.961 | € 1.154.268 | € 2.428.229 |
| 30GB | Fontys Hogescholen | | € 4.086.768 | € 1.154.075 | € 5.240.843 |
| 30HD | Hogeschool Van Hall Larenstein | | | € 77.162 | € 77.162 |
| 30TX | Aeres Hogeschool | | | € 64.717 | € 64.717 |
| 30VP | Hogeschool Thomas More | | | € 51.587 | € 51.587 |
| 31FR | NHL Stenden Hogeschool | | € 2.293.534 | € 599.027 | € 2.892.561 |
| | Totaal | | € 36.979.822 | € 14.678.622 | € 51.658.444 |
## Bijlage 4. bij [artikel 3, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2&artikel=3&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Hogeschool | Hogeschool | Percentage |
| --- | --- | --- |
| 00IC | Katholieke PABO Zwolle | 0,15236% |
| 00MF | Hogeschool voor de Kunsten Utrecht | 4,46788% |
| 01VU | Christelijke Hogeschool Windesheim | 1,63412% |
| 02BY | Gerrit Rietveld Academie | 1,50475% |
| 02NR | Hotelschool The Hague | 0,23776% |
| 02NT | Design Academy Eindhoven | 0,64468% |
| 07GR | Avans Hogeschool | 2,55522% |
| 08OK | Pedagogische Hogeschool De Kempel | 0,24968% |
| 09OT | Iselinge Hogeschool | 0,17681% |
| 10IZ | Marnix Academie | 0,37985% |
| 14NI | Codarts, Hogeschool voor de Kunsten | 4,04117% |
| 15BK | Driestar educatief | 0,31487% |
| 21CW | HAS Hogeschool | 1,18994% |
| 21MI | HZ University of Applied Sciences | 0,87693% |
| 21QA | Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten | 10,32129% |
| 21RI | Hogeschool Leiden | 1,34981% |
| 21UG | Hogeschool IPABO Amsterdam Alkmaar | 0,40112% |
| 21UI | NHTV internationale hogeschool Breda | 0,42740% |
| 22HH | Viaa-Gereformeerde Hogeschool | 0,20393% |
| 22OJ | Hogeschool Rotterdam | 4,64702% |
| 23AH | Saxion Hogeschool | 3,08990% |
| 23KJ | Hogeschool der Kunsten Den Haag | 5,11851% |
| 25BA | Christelijke Hogeschool Ede | 0,27853% |
| 25BE | Hanzehogeschool Groningen | 5,74675% |
| 25DW | Hogeschool Utrecht | 4,02182% |
| 25JX | Zuyd Hogeschool | 5,50238% |
| 25KB | Hogeschool van Arnhem en Nijmegen | 4,10447% |
| 27NF | ArtEZ | 7,18346% |
| 27PZ | Hogeschool INHolland | 6,81071% |
| 27UM | De Haagse Hogeschool | 2,46711% |
| 28DN | Hogeschool van Amsterdam | 3,48280% |
| 30GB | Fontys Hogescholen | 8,86237% |
| 30HD | Hogeschool Van Hall Larenstein | 2,31956% |
| 30TX | Aeres Hogeschool | 1,20073% |
| 30VP | Hogeschool Thomas More | 0,10310% |
| 31FR | NHL Stenden Hogeschool | 3,93121% |
| | Totaal | 100,00000% |
## Bijlage 5. bij [artikel 4, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=3&artikel=4&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Universiteit | Universiteit | Bedrag |
| --- | --- | --- |
| 00DV | Protestantse Theologische Universiteit | |
| 21PB | Universiteit Leiden | € 9.242.489 |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | € 6.129.411 |
| 21PD | Universiteit Utrecht | € 10.714.179 |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | € 3.809.259 |
| 21PF | Technische Universiteit Delft | € 8.352.783 |
| 21PG | Technische Universiteit Eindhoven | € 3.121.903 |
| 21PH | Universiteit Twente | € 7.082.775 |
| 21PI | Wageningen University | € 1.408.130 |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | € 131.743 |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | € 3.750.419 |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | € 9.257.451 |
| 21PN | Tilburg University | |
| 21QO | Theologische Universiteit Apeldoorn | |
| 22NC | Open Universiteit | |
| 23BF | Universiteit voor Humanistiek | |
| 25AV | Theologische Universiteit Kampen | |
| | Totaal | € 63.000.542 |
## Bijlage 6. bij [artikel 4, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=3&artikel=4&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Universiteit | Universiteit | Percentage |
| --- | --- | --- |
| 00DV | Protestantse Theologische Universiteit | 0,25747% |
| 21PB | Universiteit Leiden | 7,78527% |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | 8,38126% |
| 21PD | Universiteit Utrecht | 11,24031% |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | 5,05120% |
| 21PF | Technische Universiteit Delft | 14,16543% |
| 21PG | Technische Universiteit Eindhoven | 7,17056% |
| 21PH | Universiteit Twente | 5,92703% |
| 21PI | Wageningen University | 7,39466% |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | 4,90842% |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | 9,56558% |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | 7,45566% |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | 6,82153% |
| 21PN | Tilburg University | 2,61632% |
| 21QO | Theologische Universiteit Apeldoorn | 0,01103% |
| 22NC | Open Universiteit | 1,08434% |
| 23BF | Universiteit voor Humanistiek | 0,14522% |
| 25AV | Theologische Universiteit Kampen | 0,01871% |
| | Totaal | 100,00000% |
## Bijlage 7. bij [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=4&artikel=6&z=2019-04-27&g=2019-04-27) van de regeling
| Universiteit | Universiteit | Bedrag | Percentage |
| --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | | 12,39730% |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | | 12,84522% |
| 21PD | Universiteit Utrecht | | 13,69763% |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | | 13,35443% |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | | 9,11353% |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | | 16,69170% |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | | 10,87244% |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | | 11,02775% |
| | Totaal | | 100,00000% |
## Bijlage 8. bij [artikel 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=4&artikel=6&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| universiteit | universiteit | 2000 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | € 78.408.876 | € 4.741.483 | € 5.566.058 | € 5.713.494 | € 7.598.710 |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | € 100.416.450 | € 6.434.870 | € 7.074.615 | € 7.271.719 | € 7.469.039 |
| 21PD | Universiteit Utrecht | € 94.028.801 | € 9.144.289 | € 8.531.154 | € 8.778.004 | € 9.025.089 |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | € 134.810.505 | € 13.911.824 | € 14.591.394 | € 15.010.906 | € 15.456.762 |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | € 54.292.304 | € 3.074.148 | € 4.915.817 | € 5.064.233 | € 3.501.112 |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | € 78.618.899 | € 9.144.289 | € 8.531.154 | € 8.778.004 | € 9.025.089 |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | € 64.656.533 | € 5.835.671 | € 6.112.260 | € 6.284.843 | € 6.457.607 |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | € 161.862.435 | € 11.827.655 | € 12.510.625 | € 12.855.360 | € 13.226.423 |
| universiteit | universiteit | 2012 | 2013 | 2014 | 2015 | 2016 |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | € 6.060.720 | € 6.025.500 | € 8.129.295 | € 8.373.174 | € 8.624.369 |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | € 7.692.453 | € 7.647.750 | € 19.185.583 | € 19.761.150 | € 20.353.985 |
| 21PD | Universiteit Utrecht | € 9.272.384 | € 9.218.500 | € 12.221.926 | € 12.588.584 | € 12.966.241 |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | € 15.902.916 | € 15.810.500 | € 3.946.142 | € 4.064.526 | € 4.186.462 |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | € 5.361.407 | € 5.330.250 | € 9.554.978 | € 9.841.627 | € 10.136.876 |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | € 9.272.384 | € 9.218.500 | € 8.112.969 | € 8.356.358 | € 8.607.048 |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | € 6.630.532 | € 6.592.000 | € 10.712.669 | € 11.034.049 | € 11.365.070 |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | € 13.597.770 | € 13.518.750 | € 3.699.042 | € 3.810.013 | € 3.924.314 |
| universiteit | universiteit | 2017 | 2018 | 2019 | 2020 | 2021 |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | € 8.883.100 | € 9.149.593 | € 13.766.975 | € 14.179.984 | € 14.605.384 |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | € 20.964.605 | € 21.593.543 | € 4.800.906 | € 4.944.933 | € 5.093.281 |
| 21PD | Universiteit Utrecht | € 13.355.228 | € 13.755.885 | € 12.295.484 | € 12.664.348 | € 13.044.279 |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | € 4.312.056 | € 4.441.417 | € 10.436.088 | € 10.749.171 | € 11.071.646 |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | € 10.440.982 | € 10.754.212 | € 6.849.292 | € 7.054.771 | € 7.266.414 |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | € 8.865.260 | € 9.131.218 | € 27.650.616 | € 28.480.135 | € 29.334.539 |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | € 11.706.022 | € 12.057.203 | € 3.640.397 | € 3.749.609 | € 3.862.097 |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | € 4.042.043 | € 4.163.304 | € 8.158.008 | € 8.402.748 | € 8.654.831 |
| universiteit | universiteit | 2022 | 2023 |
| --- | --- | --- | --- |
| 21PB | Universiteit Leiden | € 15.043.545 | € 15.494.851 |
| 21PC | Rijksuniversiteit Groningen | € 5.246.080 | € 5.403.462 |
| 21PD | Universiteit Utrecht | € 13.435.607 | € 13.838.675 |
| 21PE | Erasmus Universiteit Rotterdam | € 11.403.795 | € 11.745.909 |
| 21PJ | Universiteit Maastricht | € 7.484.406 | € 7.708.939 |
| 21PK | Universiteit van Amsterdam | € 30.214.575 | € 31.121.012 |
| 21PL | Vrije Universiteit Amsterdam | € 3.977.960 | € 4.097.298 |
| 21PM | Radboud Universiteit Nijmegen | € 8.914.476 | € 9.181.910 |
## Bijlage 9. behorend bij [artikel 4, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=3&artikel=4&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Hogeschool | Hogeschool | Bedrag |
| --- | --- | --- |
| 00IC | Katholieke PABO Zwolle | € 63.239 |
| 00MF | Hogeschool voor de Kunsten Utrecht | € 24.543 |
| 01VU | Christelijke Hogeschool Windesheim | € 263.526 |
| 02BY | Gerrit Rietveld Academie | |
| 02NR | Hotelschool The Hague | |
| 02NT | Design Academy Eindhoven | |
| 07GR | Avans Hogeschool | € 41.920 |
| 08OK | Pedagogische Hogeschool De Kempel | € 57.417 |
| 09OT | Iselinge Hogeschool | € 28.753 |
| 10IZ | Marnix Academie | € 97.546 |
| 14NI | Codarts, Hogeschool voor de Kunsten | € 10.749 |
| 15BK | Driestar educatief | € 82.856 |
| 21CW | HAS Hogeschool | |
| 21MI | HZ University of Applied Sciences | € 23.200 |
| 21QA | Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten | € 28.216 |
| 21RI | Hogeschool Leiden | € 106.682 |
| 21UG | Hogeschool IPABO Amsterdam Alkmaar | € 67.628 |
| 21UI | NHTV internationale hogeschool Breda | |
| 22HH | Viaa-Gereformeerde Hogeschool | € 30.993 |
| 22OJ | Hogeschool Rotterdam | € 245.253 |
| 23AH | Saxion Hogeschool | € 71.928 |
| 23KJ | Hogeschool der Kunsten Den Haag | € 4.389 |
| 25BA | Christelijke Hogeschool Ede | € 42.727 |
| 25BE | Hanzehogeschool Groningen | € 110.534 |
| 25DW | Hogeschool Utrecht | € 308.492 |
| 25JX | Zuyd Hogeschool | € 26.514 |
| 25KB | Hogeschool van Arnhem en Nijmegen | € 336.081 |
| 27NF | ArtEZ | € 54.640 |
| 27PZ | Hogeschool INHolland | € 136.242 |
| 27UM | De Haagse Hogeschool | € 81.781 |
| 28DN | Hogeschool van Amsterdam | € 317.360 |
| 30GB | Fontys Hogescholen | € 482.354 |
| 30HD | Hogeschool Van Hall Larenstein | |
| 30TX | Aeres Hogeschool | € 41.204 |
| 30VP | Hogeschool Thomas More | € 50.161 |
| 31FR | NHL Stenden Hogeschool | € 255.375 |
| | Totaal | € 3.492.303 |
## Bijlage 12. bij [artikel 14, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=7&artikel=14&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
| Naam | Formaat | Lengte | Definitie |
| --- | --- | --- | --- |
| Burgerservicenummer | Alfanumeriek | 9 | Het burgerservicenummer (BSN) is het nummer dat de natuurlijke persoon uniek identificeert in overheidsadministraties. Het burgerservicenummer moet 9 cijfers bevatten en voldoen aan de 11-proef. Eventuele voorloopnullen dienen altijd aangeleverd te worden. |
| Onderwijsnummer | Alfanumeriek | 9 | Het uniek identificerende nummer dat aan een onderwijsontvanger wordt toegekend indien deze niet of niet verifieerbaar over een BSN beschikt. Het onderwijsnummer moet 9 cijfers bevatten en voldoen aan de 11 proef. Eventuele voorloopnullen dienen altijd aangeleverd te worden. |
| BRIN | Alfanumeriek | 4 | Een unieke code voor een onderwijsinstelling. Het BRIN bestaat uit 2 cijfers gevolgd door 2 hoofdletters |
| BrinVolgnummer | Alfanumeriek | 2 | Een volgnummer bij het BRIN-nummer dat een onderwijslocatie uniek identificeert. Het BRIN-volgnummer bestaat uit 2 cijfers. |
| Inschrijvingvolgnummer | Alfanumeriek | 20 | Een door de instelling aan de inschrijving toegekend volgnummer voor de registratie van een inschrijving bij DUO. Het inschrijvingvolgnummer moet per BRIN uniek zijn. Het inschrijvingsvolgnummer bestaat uit cijfers, hoofdletters (A–Z), kleine letters (a–z) of een combinatie daarvan. |
| Inschrijvingsvorm | Alfanumeriek, waardelijst | 1 | De hoedanigheid waarin de onderwijsvolger zich heeft aangemeld; Mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| Opleidingcode | Alfanumeriek | 5 | De code van de opleiding binnen het codestelsel |
| Onderwijsvorm | Alfanumeriek, waardelijst | 2 | Uitputtende lijsten voor het hoger onderwijs voor de manier waarop de kennisoverdracht is ingericht wat betreft fysieke aanwezigheid op de onderwijslocatie en de duur daarvan; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| Opleidingsfase | Alfanumeriek, waardelijst | 1 | Aanduiding van een deel van opleiding; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| DatumInschrijving | Datum | 8 | De datum vanaf wanneer de betrokkene is ingeschreven |
| DatumUitschrijving | Datum | 8 | De datum waarop de betrokkene is uitgeschreven ic de laatste datum waarop de inschrijving daadwerkelijk actief was. |
| RedenUitschrijving | Alfanumeriek, waardelijst | 40 | Codering voor de reden van de uitschrijving; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| EersteInschrijving | Boolean (J/N) | 1 | EersteInschrijving geeft aan of het om de opleiding van eerste inschrijving van de student gaat, te weten: 1. de opleiding waarvoor een persoon het collegegeld, bedoeld in artikel 7.43, eerste lid van de wet, is verschuldigd en waarvoor geen vermindering of vrijstelling van het betalen van collegegeld op grond van de wet is verkregen, tenzij er sprake is van een vermindering als bedoeld in artikel 7.48, derde en vierde lid, of, 2. opleiding waarvoor een persoon die het collegegeld, bedoeld in artikelen 7.43, tweede lid, of 7.44 van de wet is verschuldigd, zich als eerste heeft ingeschreven. |
| Aantal studiepunten onderwijseenheid | Numeriek | 3.1 | Een getal, uitgedrukt in studiepunten (ECTS), dat de inspanning weergeeft die een onderwijseenheid aan de Open Universiteit vergt. |
| Studentnummer | Alfanumeriek | 12 | Het studentnummer is het identificerende nummer waarmee de student in de administratie van de instelling bekend is. |
| Indicatie Intensief Programma | Boolean | J/N | Geeft aan of er sprake is van deelname aan een intensief programma voor een opleiding of een programma binnen de opleiding. |
| Naam | Formaat | Lengte | Definitie |
| --- | --- | --- | --- |
| AanmeldNummer | Alfanumeriek | 18 | De unieke aanduiding van een aanmelding |
| Geslachtsaanduiding | Alfanumeriek, waardelijst | 1 | De aanduiding van het geslacht van de natuurlijke persoon; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| Geslachtsnaam | Alfanumeriek | 200 | De naamgegevens van de persoon met uitzondering van de voornamen. Indien de natuurlijke persoon geen vastgestelde geslachtsnaam heeft wordt de waarde - (liggend streepje) opgenomen. |
| Geboortedatum | Datum | 8 | De datum waarop de natuurlijke persoon is geboren; indien de dag of de dag en maand niet bekend is bevat(ten) deze 00. |
| Geboorteplaats | Alfanumeriek | 40 | De naam van de plaats |
| Code geboorteland | Alfanumeriek | 4 | De code van het land cf de Landelijke tabel |
| Voorvoegsel | Alfanumeriek | 10 | Het deel van de geslachtsnaam dat voorkomt in de voorvoegseltabel en door een spatie van de geslachtsnaam is gescheiden |
| Voornamen | Alfanumeriek | 200 | De verzameling namen, die gescheiden door spaties, aan de geslachtsnaam voorafgaat. Indien de natuurlijke persoon geen vastgestelde voornamen heeft, wordt de waarde - (liggend streepje) opgenomen. Zolang LO3 nog gebruikt wordt kunnen voornamen ook leeg zijn. |
| Of binnenlands adres of buitenlands adres | Of binnenlands adres of buitenlands adres | Of binnenlands adres of buitenlands adres | Of binnenlands adres of buitenlands adres |
| **Binnenlands adres** | **Binnenlands adres** | **Binnenlands adres** | **Binnenlands adres** |
| DatumBegin | Alfanumeriek (DD-MM-JJJJ) | 10 | Eerste dag waarop het adres geldig is. Indien de dag of de dag en maand niet bekend is bevat(ten) deze dan 00. |
| Straatnaam | Alfanumeriek | 80 | De straatnaam zoals die officieel is vastgesteld door de gemeente |
| Huisnummer | Alfanumeriek | 5 | De numerieke aanduiding zoals deze door het gemeentebestuur aan het object is toegekend |
| Huisletter | Alfanumeriek | 1 | De alfabetische aanduiding zoals deze door het gemeentebestuur aan de locatie is toegekend ter aanvulling op het huisnummer |
| HuisnummerToevoeging | Alfanumeriek | 5 | Die letters of tekens die noodzakelijk zijn om, naast het juiste huisnummer de brievenbus te vinden |
| Postcode | Alfanumeriek | 6 | De door de PTT vastgestelde code behorende bij de straatnaam en het huisnummer |
| AanduidingLocatie | Alfanumeriek | 35 | De nadere aanduiding van de locatie waar de persoon is ingeschreven of het adres indien daarbij geen officiële straatnaam hoort. |
| Plaatsnaam | Alfanumeriek | 40 | De naam van de plaats cf de landelijke tabel (in LO4) |
| HuisnummerAanduiding | Alfanumeriek | 2 | De aanduiding die wordt gebruikt voor adressen die niet zijn voorzien van de gebruikelijke straatnaam en huisnummering; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| **Buitenlands adres** | **Buitenlands adres** | **Buitenlands adres** | **Buitenlands adres** |
| DatumBegin | Alfanumeriek (DD-MM-JJJJ) | 10 | Eerste dag waarop het adres geldig is. Indien de datum waarvan de dag of de dag en maand niet bekend is dan bevat(ten) deze 00. |
| AdresregelBuitenland1 | Alfanumeriek | 35 | De eerste regel van het buitenlands adres |
| AdresregelBuitenland2 | Alfanumeriek | 35 | De tweede regel van het buitenlands adres |
| AdresregelBuitenland3 | Alfanumeriek | 35 | De derde regel van het buitenlands adres |
| LandCode | Alfanumeriek | 4 | De code van het land cf de landelijke tabel |
| Nationaliteitscode | Alfanumeriek | 4 | Een code voor de nationaliteit van een natuurlijke persoon cf de landelijke tabel: nationaliteit |
| DatumBegin | Alfanumeriek (DD-MM-JJJJ) | 10 | Eerste dag dat de nationaliteit geldig is. Indien van de datum de dag of de dag en maand niet bekend is dan bevat(ten) deze 00. |
| VerblijfsdocumentCode | Alfanumeriek | 1 | Aanduiding van het type verblijfsdocument in de communicatie met HO-Instellingen en Studielink; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| DatumBegin | Datum | 8 | De datum waarop het verblijfsdocument zijn geldigheid krijgt. |
| DatumEinde | Datum | 8 | De datum waarop het verblijfsdocument zijn geldigheid verliest. |
| Naam | Formaat | Lengte | Definitie |
| --- | --- | --- | --- |
| Burgerservicenummer | Alfanumeriek | 9 | Het burgerservicenummer (BSN) is het nummer dat de natuurlijke persoon uniek identificeert in overheidsadministraties. Het burgerservicenummer moet 9 cijfers bevatten en voldoen aan de 11 proef. Eventuele voorloopnullen dienen altijd aangeleverd te worden. |
| Onderwijsnummer | Alfanumeriek | 9 | Het uniek identificerende nummer dat aan een onderwijsontvanger wordt toegekend indien deze niet of niet verifieerbaar over een BSN beschikt. Het onderwijsnummer moet 9 cijfers bevatten en voldoen aan de 11 proef. Eventuele voorloopnullen dienen altijd aangeleverd te worden. |
| BRIN | Alfanumeriek | 4 | Een unieke code voor een onderwijsinstelling. Het BRIN bestaat uit 2 cijfers gevolgd door 2 hoofdletters |
| BrinVolgnummer | Alfanumeriek | 2 | Een volgnummer bij het BRIN-nummer dat een onderwijslocatie uniek identificeert. Het BRIN-volgnummer bestaat uit 2 cijfers. |
| Resultaatvolgnummer | Alfanumeriek | 20 | Een door de instelling aan het onderwijsresultaat toegekend volgnummer ten behoeve van de registratie van een onderwijsresultaat bij DUO. Het Resultaat-volgnummer moet per BRIN uniek zijn. Het resultaatvolgnummer bestaat uit cijfers, hoofdletters (A–Z), kleine letters (a–z) of een combinatie daarvan. |
| Opleidingcode | Alfanumeriek, waardelijst | 5 | De code van de opleiding binnen het codestelsel |
| Onderwijsvorm | Alfanumeriek, waardelijst | 2 | Uitputtende lijst voor het hoger onderwijs voor de manier waarop de kennisoverdracht is ingericht wat betreft fysieke aanwezigheid op de onderwijslocatie en de duur daarvan; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| Opleidingsfase | Alfanumeriek, waardelijst | 1 | Aanduiding van een deel van opleiding; mogelijke waarden conform waardelijst Programma van Eisen |
| DatumDiploma | Datum | 8 | De datum waarop het diploma behaald is. |
| EersteGraad | Boolean (J/N) | 1 | eersteGraad geeft aan of het onderwijsresultaat voor bekostiging in aanmerking moet worden genomen. |
| Studentnummer | Alfanumeriek | 12 | Het studentnummer is het identificerende nummer waarmee de student in de administratie van de instelling bekend is. |
## Bijlage 13. behorend bij [artikel 2, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2&artikel=2&z=2019-04-27&g=2019-04-27), van de regeling
### A. Indeling register en bekostigingsniveaus, bedoeld in artikel 1.1, van het besluit, voor opleidingen van het hoger beroepsonderwijs.
### B. Indeling register en bekostigingsniveaus, bedoeld in artikel 1.1, van het besluit, voor opleidingen van het wetenschappelijk onderwijs.
**CROHO onderdeel Economie (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Landbouw en natuurlijke omgeving (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Recht (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Taal en cultuur (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)**
Geen uitzonderingen.
**CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)**
Geen uitzonderingen.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### CROHO onderdeel Economie (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Gedrag en maatschappij (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Gezondheidszorg (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Landbouw en natuurlijke omgeving (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Natuur (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Recht (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Sectoroverstijgend (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Taal en cultuur (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### B. Indeling register en bekostigingsniveaus, bedoeld in [artikel 1.1, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006152&artikel=1.1), voor opleidingen van het wetenschappelijk onderwijs
### CROHO onderdeel Economie (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Gedrag en maatschappij (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Gezondheidszorg (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Landbouw en natuurlijke omgeving (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Natuur (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Onderwijs (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Recht (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Sectoroverstijgend (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Taal en cultuur (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
Geen uitzonderingen.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
## Bijlage 12. bij [artikel 14, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=7&artikel=14&z=2021-09-01&g=2021-09-01), van de regeling
Vervallen
## Bijlage 13. bij [artikel 2, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0024005¶graaf=2&artikel=2&z=2021-09-01&g=2021-09-01), van de regeling
### CROHO onderdeel Landbouw en natuurlijke omgeving (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Onderwijs (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
### CROHO onderdeel Taal en cultuur (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### B. Indeling register en bekostigingsniveaus, bedoeld in [artikel 1.1, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006152&artikel=1.1), voor opleidingen van het wetenschappelijk onderwijs
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Gezondheidszorg (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Onderwijs (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Sectoroverstijgend (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
### CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
Geen uitzonderingen.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Taal en cultuur (standaard niveau bekostiging ‘Laag’)
Geen uitzonderingen.
### CROHO onderdeel Techniek (standaard niveau bekostiging ‘Hoog’)
Geen uitzonderingen.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
2009-09-28
Regeling financiën hoger onderwijs
original version
Tekst op deze datum