Wijzigingsgeschiedenis
Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 4 november 2005, nr. TRCJZ/2005/3295, houdende regels ter uitvoering van de Meststoffenwet (Uitvoeringsregeling Meststoffenwet)
97 versions
· 2026-03-19
2026-03-19
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 3, 103, 54 y 10 más
2026-02-11
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 3, 103, 54 y 10 más
Wijzigingen op 2026-02-11
@@ -36,17 +36,17 @@
##### Artikel 122
1. De in [artikel 26, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26), en de in de [artikelen 25, eerste, tweede, derde, vijfde, zesde, zevende en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [25a, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [25b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [33a, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [33b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), 35a, derde, vierde en vijfde lid, [37, eerste, tweede en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [45, eerste, tweede en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [50, eerste, tweede, derde en vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [62, zevende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [63, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [64, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [67, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [68, zevende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69, vijftiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69c, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [79a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [104, eerste, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [105, eerste en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [110, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3&artikel=110&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [110c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [110d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [110e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110e&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [114](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [115](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=115&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [119, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=119&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde meldingen, verklaringen, verstrekking van gegevens, kennisgevingen, aanmeldingen ter registratie, aanvragen tot vergunning dan wel een verzoek tot intrekking van de vergunning, verzoeken tot wijziging van een tenaamstelling en aanvragen tot ontheffing geschieden door indiening bij de minister van het ingevulde en ondertekende daartoe door de minister ter beschikking gestelde middel.
1. De in [artikel 26, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26), en de in de [artikelen 25, eerste, tweede, derde, vijfde, zesde, zevende en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [25a, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [25b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [33a, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [33b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), 35a, derde, vierde en vijfde lid, [37, eerste, tweede en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [45, eerste, tweede en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [50, eerste, tweede, derde en vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [62, zevende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [63, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [64, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [67, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [68, zevende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69, vijftiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69c, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [79a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [104, eerste, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [105, eerste en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [110, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3&artikel=110&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [110c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [110d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [110e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110e&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [114](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [115](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=115&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [119, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=119&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde meldingen, verklaringen, verstrekking van gegevens, kennisgevingen, aanmeldingen ter registratie, aanvragen tot vergunning dan wel een verzoek tot intrekking van de vergunning, verzoeken tot wijziging van een tenaamstelling en aanvragen tot ontheffing geschieden door indiening bij de minister van het ingevulde en ondertekende daartoe door de minister ter beschikking gestelde middel.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde handelingen op elektronische wijze geschieden, wordt gebruik gemaakt van het door de minister daartoe ter beschikking gestelde elektronische portaal.
3. De in [artikel 33b, vijfde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33b) bedoelde elektronische verstrekking van gegevens, de in de [artikelen 81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [92b, vierde en vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde elektronische verzending van gegevens, de in de [artikelen 48, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bedoelde elektronische mededelingen en verstrekkingen van gegevens, de in [artikel 28d, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde elektronische meldingen, de in de [artikelen 28a, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [28c, tweede lid, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en 35f, tweede lid, bedoelde elektronische aanmelding en de in [artikel 69y, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69y&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde elektronische indiening van gegevens geschieden met gebruikmaking van het door de minister daartoe ter beschikking gestelde elektronische portaal.
4. De elektronische verzending wordt door de vervoerder ondertekend door middel van een persoonlijke gebruikerscode, die overeenkomstig [artikel 123](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=123&z=2026-01-01&g=2026-01-01) door de minister op naam van de desbetreffende vervoerder is geregistreerd.
3. De in [artikel 33b, vijfde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33b) bedoelde elektronische verstrekking van gegevens, de in de [artikelen 81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [92b, vierde en vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde elektronische verzending van gegevens, de in de [artikelen 48, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bedoelde elektronische mededelingen en verstrekkingen van gegevens, de in [artikel 28d, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde elektronische meldingen, de in de [artikelen 28a, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [28c, tweede lid, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en 35f, tweede lid, bedoelde elektronische aanmelding en de in [artikel 69y, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69y&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde elektronische indiening van gegevens geschieden met gebruikmaking van het door de minister daartoe ter beschikking gestelde elektronische portaal.
4. De elektronische verzending wordt door de vervoerder ondertekend door middel van een persoonlijke gebruikerscode, die overeenkomstig [artikel 123](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=123&z=2026-02-11&g=2026-02-11) door de minister op naam van de desbetreffende vervoerder is geregistreerd.
##### Artikel 123
1. De aanvraag tot registratie van een persoonlijke gebruikerscode als bedoeld in [artikel 122, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geschiedt bij de minister.
1. De aanvraag tot registratie van een persoonlijke gebruikerscode als bedoeld in [artikel 122, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geschiedt bij de minister.
2. De minister zendt de aanvrager een bevestiging van de registratie.
@@ -60,7 +60,7 @@
##### Artikel 125
Met een laboratorium als bedoeld in de [artikelen 17, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [18, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=18&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [19, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=19&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [20, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=20&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [21, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=21&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [22, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=22&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [33, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [81, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [92a, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [99, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [103a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) wordt gelijk gesteld een vergelijkbare instelling, gevestigd in een andere lidstaat van de Europese Unie, dan wel in een andere staat die partij is bij een daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, die een verklaring verstrekt op basis van onderzoekingen die voldoen aan een kwaliteitsborgingniveau dat tenminste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale onderzoekingen wordt nagestreefd.
Met een laboratorium als bedoeld in de [artikelen 17, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [18, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=18&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [19, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=19&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [20, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=20&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [21, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=21&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [22, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=22&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [27, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [33, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [81, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [92a, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [99, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [103a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) wordt gelijk gesteld een vergelijkbare instelling, gevestigd in een andere lidstaat van de Europese Unie, dan wel in een andere staat die partij is bij een daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, die een verklaring verstrekt op basis van onderzoekingen die voldoen aan een kwaliteitsborgingniveau dat tenminste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale onderzoekingen wordt nagestreefd.
##### Artikel 126
@@ -70,7 +70,7 @@
##### Artikel 127
De voldoening aan de voorwaarden, bedoeld in de [artikelen 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [33a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [33b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [44](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=44&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [92a, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [126, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=126&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt desgevraagd ten genoegen van de minister gestaafd met bewijsstukken.
De voldoening aan de voorwaarden, bedoeld in de [artikelen 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [33a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [33b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [44](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=44&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [92a, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [126, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=126&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt desgevraagd ten genoegen van de minister gestaafd met bewijsstukken.
##### Artikel 128
@@ -82,7 +82,7 @@
##### Artikel 130
De hoogte van de bestuurlijke boete die overeenkomstig [artikel 51 van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=51) kan worden opgelegd, wordt vastgesteld overeenkomstig het bedrag dat in [bijlage M](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=M&z=2026-01-01&g=2026-01-01) voor de desbetreffende overtreding is vermeld.
De hoogte van de bestuurlijke boete die overeenkomstig [artikel 51 van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=51) kan worden opgelegd, wordt vastgesteld overeenkomstig het bedrag dat in [bijlage M](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=M&z=2026-02-11&g=2026-02-11) voor de desbetreffende overtreding is vermeld.
##### Artikel 131
@@ -118,7 +118,7 @@
##### Artikel 133
Indien een hypotheekhouder een bedrijf voor 1 januari 2006 heeft aangemeld overeenkomstig [artikel 5 van de Regeling leges en blokkade Wet herstructurering varkenshouderij](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009801&artikel=5) of [artikel 3 van de Regeling leges en blokkade pluimveerechten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0012009&artikel=3), zoals deze artikelen luidden op 31 december 2005, wordt dit bedrijf in afwijking van [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voor de toepassing van [artikel 105](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zonder voorafgaand verzoek daartoe geregistreerd bij de minister.
Indien een hypotheekhouder een bedrijf voor 1 januari 2006 heeft aangemeld overeenkomstig [artikel 5 van de Regeling leges en blokkade Wet herstructurering varkenshouderij](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0009801&artikel=5) of [artikel 3 van de Regeling leges en blokkade pluimveerechten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0012009&artikel=3), zoals deze artikelen luidden op 31 december 2005, wordt dit bedrijf in afwijking van [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voor de toepassing van [artikel 105](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zonder voorafgaand verzoek daartoe geregistreerd bij de minister.
##### Artikel 134
@@ -126,7 +126,7 @@
##### Artikel 135
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2006, met uitzondering van [artikel 134](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=134&z=2026-01-01&g=2026-01-01), dat in werking treedt met ingang van 1 december 2005.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2006, met uitzondering van [artikel 134](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=134&z=2026-02-11&g=2026-02-11), dat in werking treedt met ingang van 1 december 2005.
##### Artikel 136
@@ -198,7 +198,7 @@
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
- **automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur:** apparatuur als bedoeld in [artikel 48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) van het besluit in samenhang met [artikel 78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01) onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- **automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur:** apparatuur als bedoeld in [artikel 48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) van het besluit in samenhang met [artikel 78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11) onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- **bedrijfslocatie:** elke afzonderlijke locatie van de locaties, bedoeld in [artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=31), en [artikel 38, tweede lid, onderdeel a, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=38);
@@ -208,19 +208,19 @@
- **champost:** product van paardenmest, ponymest, pluimveemest of een mengsel daarvan waarop champignons zijn geteeld;
- **combinatienummer:** nummer dat door de minister ter identificatie van een transportmiddel voor drijfmest is verstrekt en dat bij vervoer middels een transportvoertuig is samengesteld uit de op grond van [artikel 45, vierde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-01-01&g=2026-01-01), verstrekte gegevens en in het geval van vervoer door middel van een pijpleiding is samengesteld uit de op grond van artikel 45, vierde lid, verstrekte gegevens;
- **combinatienummer:** nummer dat door de minister ter identificatie van een transportmiddel voor drijfmest is verstrekt en dat bij vervoer middels een transportvoertuig is samengesteld uit de op grond van [artikel 45, vierde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-02-11&g=2026-02-11), verstrekte gegevens en in het geval van vervoer door middel van een pijpleiding is samengesteld uit de op grond van artikel 45, vierde lid, verstrekte gegevens;
- **derogatiebeschikking:** beschikking van de Europese Commissie tot verlening van een door Nederland gevraagde derogatie op grond van Bijlage III, punt 2, onder b, van richtlijn 91/676/EEG op grond waarvan onder voorwaarden een grotere hoeveelheid dierlijke mest op of in de bodem mag worden gebracht dan bepaald in punt 2, tweede alinea, inleidende zinnen en onder a) van Bijlage III bij richtlijn 91/676/EEG;
- **diereenheid:** één varkenseenheid of 14,8 pluimvee-eenheden;
- **dikke fractie:** vaste mest, bestaande uit koek na mestscheiding met mestcode 13 of 43, genoemd in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of een mengsel van vaste mest waarin koek na mestscheiding met mestcode 13 of 43 is opgenomen;
- **erkend laboratorium:** laboratorium dat beschikt over een accreditatie van de Raad voor de uitvoering en kwaliteitsborging van analyses van stikstof en fosfaat in dierlijke mest op grond van het accreditatieprogramma AP05, dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en is erkend als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- **dikke fractie:** vaste mest, bestaande uit koek na mestscheiding met mestcode 13 of 43, genoemd in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of een mengsel van vaste mest waarin koek na mestscheiding met mestcode 13 of 43 is opgenomen;
- **erkend laboratorium:** laboratorium dat beschikt over een accreditatie van de Raad voor de uitvoering en kwaliteitsborging van analyses van stikstof en fosfaat in dierlijke mest op grond van het accreditatieprogramma AP05, dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en is erkend als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- **eutrofiëring:** een verrijking van het water door stikstof- en fosfaatverbindingen, die leidt tot een versnelde groei van algen en hogere plantaardige levensvormen met als gevolg een ongewenste verstoring van het evenwicht tussen de verschillende in het water aanwezige organismen en een verslechtering van de waterkwaliteit;
- **gewasperceel:** perceel of deel van een perceel met een minimale omvang van twee hectare waarop één en hetzelfde gewas als bedoeld in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt geteeld;
- **gewasperceel:** perceel of deel van een perceel met een minimale omvang van twee hectare waarop één en hetzelfde gewas als bedoeld in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt geteeld;
- **GR-apparatuur:** apparatuur als bedoeld in [artikel 49, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49);
@@ -238,11 +238,11 @@
- **minister:** Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
- **monsternemende organisatie:** organisatie die beschikt over een accreditatie van de Raad voor de bemonstering van dierlijke mest overeenkomstig het accreditatieprogramma dierlijke mest AP06, dat is opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en is erkend als bedoeld in [artikel 78c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- **monsternemende organisatie:** organisatie die beschikt over een accreditatie van de Raad voor de bemonstering van dierlijke mest overeenkomstig het accreditatieprogramma dierlijke mest AP06, dat is opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en is erkend als bedoeld in [artikel 78c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- **noordelijke zandgronden:** zandgronden gelegen in de provincies Friesland, Groningen of Drenthe;
- **opmerkingscode:** code overeenkomend met een omstandigheid die zich ter zake van het vervoer van dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost voordoet, genoemd in [bijlage F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=F&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel B;
- **opmerkingscode:** code overeenkomend met een omstandigheid die zich ter zake van het vervoer van dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost voordoet, genoemd in [bijlage F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=F&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel B;
- **productielocatie:** gebouw of afgescheiden gedeelte daarvan als bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel i, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=1), dat onderdeel uitmaakt van een bedrijf;
@@ -252,7 +252,7 @@
- **rVDM:** systeem voor het vervoer van dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 51, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51);
- **rVDM-nummer:** uniek nummer als bedoeld in [artikel 54, elfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- **rVDM-nummer:** uniek nummer als bedoeld in [artikel 54, elfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- **startmelding:** melding als bedoeld in [artikel 51, derde lid, onderdeel a, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51);
@@ -268,7 +268,7 @@
- **verordening (EU) nr. 2019/2035:** [verordening (EU) 2019/2035](32035R2019) van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling van [Verordening (EU) 2016/429](32329R2016) van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (PbEU 2019, L 314);
- **vervoersbewijs zuiveringsslib en compost:** vervoersbewijs als bedoeld in [artikel 55 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) in samenhang met [artikel 69n](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- **vervoersbewijs zuiveringsslib en compost:** vervoersbewijs als bedoeld in [artikel 55 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) in samenhang met [artikel 69n](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- **vervreemder van een productierecht:** landbouwer van wiens bedrijf een productierecht, of een gedeelte daarvan, afkomstig is;
@@ -278,7 +278,7 @@
- **vooraanmelding:** mededeling als bedoeld in [artikel 50 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50);
- **weegmelding:** melding die betrekking heeft op de gewichtsbepaling van de dierlijke meststoffen als bedoeld in [artikel 59, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- **weegmelding:** melding die betrekking heeft op de gewichtsbepaling van de dierlijke meststoffen als bedoeld in [artikel 59, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- **weegwerktuig:** niet-automatisch weegwerktuig als bedoeld in [artikel 1 van het Besluit meetinstrumenten en marktdeelnemers](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037835&artikel=1) dat voldoet aan de bij of krachtens dat besluit gestelde regels;
@@ -288,13 +288,13 @@
- **zuidelijke zandgronden:** zandgronden gelegen in de provincies Limburg of Noord-Brabant.
2. Voor de toepassing van [hoofdstuk 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3&z=2026-01-01&g=2026-01-01) wordt onder graasdieren, perceel, zuiveringsslib en compost verstaan hetgeen daaronder in [artikel 1 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=1) wordt verstaan.
3. In afwijking van het tweede lid wordt voor de toepassing van [artikel 24, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [artikel 25a, zesde en zevende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onder perceel verstaan: aaneengesloten, door wegen, waterwegen, sloten, houtopstanden, muren, wallen of anderszins topografisch begrensde oppervlakte grond.
2. Voor de toepassing van [hoofdstuk 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3&z=2026-02-11&g=2026-02-11) wordt onder graasdieren, perceel, zuiveringsslib en compost verstaan hetgeen daaronder in [artikel 1 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=1) wordt verstaan.
3. In afwijking van het tweede lid wordt voor de toepassing van [artikel 24, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [artikel 25a, zesde en zevende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onder perceel verstaan: aaneengesloten, door wegen, waterwegen, sloten, houtopstanden, muren, wallen of anderszins topografisch begrensde oppervlakte grond.
##### Artikel 2
Voor de toepassing van deze regeling, met uitzondering van [hoofdstuk 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden de hoeveelheden meststoffen en de hoeveelheden diervoeders uitgedrukt in kilogrammen of liters alsmede in kilogrammen stikstof en kilogrammen fosfaat.
Voor de toepassing van deze regeling, met uitzondering van [hoofdstuk 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden de hoeveelheden meststoffen en de hoeveelheden diervoeders uitgedrukt in kilogrammen of liters alsmede in kilogrammen stikstof en kilogrammen fosfaat.
##### Artikel 3
@@ -304,13 +304,13 @@
Voor zover zij voldoen aan de [artikelen 9 tot en met 15 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=9) zijn aangewezen:
- a. als afvalstoffen of reststoffen die als meststof kunnen worden verhandeld, de in [bijlage Aa, onder I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen stoffen;
- b. als afvalstoffen of reststoffen die als meststof kunnen worden verhandeld, de stoffen die behoren tot de in [bijlage Aa, onder II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen categorieën afvalstoffen of reststoffen;
- c. als afvalstoffen of reststoffen die bij de productie van de daarbij genoemde meststoffen kunnen worden gebruikt, de in [bijlage Aa, onder III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen stoffen; en
- d. als eindproducten die als meststof kunnen worden verhandeld, de in [bijlage Aa, onder IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen eindproducten van de aldaar omschreven bewerkingsprocédés.
- a. als afvalstoffen of reststoffen die als meststof kunnen worden verhandeld, de in [bijlage Aa, onder I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen stoffen;
- b. als afvalstoffen of reststoffen die als meststof kunnen worden verhandeld, de stoffen die behoren tot de in [bijlage Aa, onder II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen categorieën afvalstoffen of reststoffen;
- c. als afvalstoffen of reststoffen die bij de productie van de daarbij genoemde meststoffen kunnen worden gebruikt, de in [bijlage Aa, onder III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen stoffen; en
- d. als eindproducten die als meststof kunnen worden verhandeld, de in [bijlage Aa, onder IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen eindproducten van de aldaar omschreven bewerkingsprocédés.
##### Artikel 5
@@ -318,15 +318,15 @@
##### Artikel 6
1. Het is niet toegestaan zuiveringsslib, de in [bijlage Aa, onder I en II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen stoffen of de in [bijlage Aa, onder IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen eindproducten van de aldaar omschreven bewerkingsprocédés, onderling of met andere meststoffen te mengen.
2. In afwijking van het eerste lid, is het toegestaan verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib onderling te mengen, mits de gehalten stikstof en fosfaat in de afzonderlijke partijen zijn vastgesteld overeenkomstig de [artikelen 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en deze afzonderlijke partijen overigens voldoen aan de bij of krachtens [hoofdstuk III van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=III) ter zake van zuiveringsslib gestelde regels.
1. Het is niet toegestaan zuiveringsslib, de in [bijlage Aa, onder I en II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen stoffen of de in [bijlage Aa, onder IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen eindproducten van de aldaar omschreven bewerkingsprocédés, onderling of met andere meststoffen te mengen.
2. In afwijking van het eerste lid, is het toegestaan verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib onderling te mengen, mits de gehalten stikstof en fosfaat in de afzonderlijke partijen zijn vastgesteld overeenkomstig de [artikelen 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en deze afzonderlijke partijen overigens voldoen aan de bij of krachtens [hoofdstuk III van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=III) ter zake van zuiveringsslib gestelde regels.
3. Het is slechts toegestaan andere dan in het eerste lid bedoelde meststoffen te mengen, indien deze meststoffen afzonderlijk voldoen aan de bij of krachtens [hoofdstuk III van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=III) ter zake van die meststoffen gestelde regels en het mengsel voldoet aan de bij of krachtens [hoofdstuk III van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=III) ter zake van die meststoffen gestelde regels.
4. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan de in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onder IV, opgenomen eindproducten van de aldaar omschreven bewerkingprocedés, die zijn gebruikt als strooisel in stallen te mengen met dierlijke mest in de mestkelder.
5. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan de dunne fractie die is ontstaan op het eigen bedrijf door scheiding van ‘covergiste mest’ als bedoeld in [bijlage Aa, onder IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), te gebruiken om niet verpompbare covergistingsmaterialen te verdunnen.
4. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan de in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onder IV, opgenomen eindproducten van de aldaar omschreven bewerkingprocedés, die zijn gebruikt als strooisel in stallen te mengen met dierlijke mest in de mestkelder.
5. In afwijking van het eerste lid is het toegestaan de dunne fractie die is ontstaan op het eigen bedrijf door scheiding van ‘covergiste mest’ als bedoeld in [bijlage Aa, onder IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), te gebruiken om niet verpompbare covergistingsmaterialen te verdunnen.
##### Artikel 7
@@ -344,17 +344,17 @@
##### Artikel 8
Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten te leveren, overschrijden niet de in [bijlage Ab, onder tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ab&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel.
Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten te leveren, overschrijden niet de in [bijlage Ab, onder tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ab&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel.
##### Artikel 9
Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten te leveren en die organisch materiaal van dierlijke of plantaardige oorsprong bevatten, overschrijden niet de in [bijlage Ab, onder tabel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ab&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen maximale waarden voor organische microverontreinigingen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel.
Overige anorganische meststoffen die hoofdzakelijk zijn bedoeld om secundaire nutriënten te leveren en die organisch materiaal van dierlijke of plantaardige oorsprong bevatten, overschrijden niet de in [bijlage Ab, onder tabel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ab&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen maximale waarden voor organische microverontreinigingen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel.
##### Artikel 10
In geval het betreft anorganische meststoffen die niet alleen hoofdzakelijk zijn bedoeld om primaire of secundaire nutriënten te leveren, maar ook om de micronutriënten koper en zink te leveren, is [artikel 14 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=14), voor zover het betreft de in [bijlage II, onder tabel 1 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II), opgenomen maximale waarden voor koper en zink onderscheidenlijk [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voor zover het betreft de in [bijlage Ab, onder tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ab&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen maximale waarden voor koper en zink, niet van toepassing, voor zover:
- a. de meststoffen overeenkomstig [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=14&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn voorzien van de gehalten aan koper onderscheidenlijk zink; en
In geval het betreft anorganische meststoffen die niet alleen hoofdzakelijk zijn bedoeld om primaire of secundaire nutriënten te leveren, maar ook om de micronutriënten koper en zink te leveren, is [artikel 14 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=14), voor zover het betreft de in [bijlage II, onder tabel 1 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II), opgenomen maximale waarden voor koper en zink onderscheidenlijk [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voor zover het betreft de in [bijlage Ab, onder tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ab&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen maximale waarden voor koper en zink, niet van toepassing, voor zover:
- a. de meststoffen overeenkomstig [artikel 14](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=14&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn voorzien van de gehalten aan koper onderscheidenlijk zink; en
- b. zowel de hoeveelheden primaire of secundaire nutriënten als de hoeveelheden koper of zink die met de desbetreffende meststof worden opgebracht, passen binnen het totale bemestingsadvies.
@@ -366,7 +366,7 @@
1. De gehalten stikstof en fosfaat in meststoffen, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, onderdeel d van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19), worden voor stikstof uitsluitend in de vorm van het element (N) en voor fosfaat in de vorm van het oxide (P2O5) en desgewenst in de vorm van het element (P) uitgedrukt
2. De waardegevende bestanddelen in meststoffen, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, onderdeel e, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19), met uitzondering van stikstof en fosfaat behoeven uitsluitend te worden vermeld voor zover deze de in de [artikelen 9 tot en met 12 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=9) en de in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van deze regeling bedoelde minimale hoeveelheden te boven gaan.
2. De waardegevende bestanddelen in meststoffen, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, onderdeel e, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19), met uitzondering van stikstof en fosfaat behoeven uitsluitend te worden vermeld voor zover deze de in de [artikelen 9 tot en met 12 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=9) en de in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=7&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van deze regeling bedoelde minimale hoeveelheden te boven gaan.
3. De in het tweede lid bedoelde gegevens worden voor kalium, calcium, magnesium, natrium en zwavel in de vorm van het oxide (K2O; CaO; MgO; Na2O; onderscheidenlijk SO3) en desgewenst in de vorm van het element (K; Ca; Mg; Na onderscheidenlijk S) uitgedrukt.
@@ -374,11 +374,11 @@
##### Artikel 13
1. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19) zijn overige organische meststoffen en overige anorganische meststoffen die bestaan uit de in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01) opgenomen stoffen, voorzien van het nummer waaronder de desbetreffende stof op deze [bijlage](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01) is vermeld.
1. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19) zijn overige organische meststoffen en overige anorganische meststoffen die bestaan uit de in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11) opgenomen stoffen, voorzien van het nummer waaronder de desbetreffende stof op deze [bijlage](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11) is vermeld.
2. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19) zijn mengsels van meststoffen voorzien van gegevens over de meststoffen waaruit het mengsel bestaat en de verhouding waarin deze in het mengsel voorkomen.
3. Indien het mengsel mede bestaat uit ingevolge [artikel 4, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2026-01-01&g=2026-01-01), aangewezen stoffen, wordt bij de in het tweede lid bedoelde vermelding over de samenstelling en verhouding tevens vermeld het nummer waaronder de desbetreffende stof op [bijlage Aa, onder III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is vermeld.
3. Indien het mengsel mede bestaat uit ingevolge [artikel 4, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2026-02-11&g=2026-02-11), aangewezen stoffen, wordt bij de in het tweede lid bedoelde vermelding over de samenstelling en verhouding tevens vermeld het nummer waaronder de desbetreffende stof op [bijlage Aa, onder III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is vermeld.
##### Artikel 14
@@ -392,53 +392,53 @@
##### Artikel 16
1. De gehalten stikstof en fosfaat in meststoffen, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, onderdeel d van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19), worden in gewichtsprocenten vermeld en komen overeen met de gehalten stikstof en fosfaat zoals deze voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-01-01&g=2026-01-01), dan wel [artikel 92a tot en met 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) voor zover het zuiveringsslib of compost betreft, zijn vastgesteld
1. De gehalten stikstof en fosfaat in meststoffen, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, onderdeel d van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19), worden in gewichtsprocenten vermeld en komen overeen met de gehalten stikstof en fosfaat zoals deze voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-02-11&g=2026-02-11), dan wel [artikel 92a tot en met 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) voor zover het zuiveringsslib of compost betreft, zijn vastgesteld
2. De waardegevende bestanddelen in meststoffen, bedoeld in [artikel 19, eerste lid, onderdeel e, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=19), met uitzondering van stikstof en fosfaat worden in gewichtsprocenten of op gewichtsbasis vermeld en komen overeen met:
- a. de gehalten aan overige nutriënten zoals deze voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn vastgesteld;
- b. het organischestofgehalte zoals dit voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=18&z=2026-01-01&g=2026-01-01) is vastgesteld; of
- c. de neutraliserende waarde zoals deze voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=19&z=2026-01-01&g=2026-01-01) is vastgesteld.
- a. de gehalten aan overige nutriënten zoals deze voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn vastgesteld;
- b. het organischestofgehalte zoals dit voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 18](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=18&z=2026-02-11&g=2026-02-11) is vastgesteld; of
- c. de neutraliserende waarde zoals deze voor de desbetreffende meststof overeenkomstig [artikel 19](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=19&z=2026-02-11&g=2026-02-11) is vastgesteld.
##### Artikel 17
1. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in meststoffen, niet zijnde zuiveringsslib of compost, alsmede de gehalten aan overige nutriënten in meststoffen worden vastgesteld door middel van analyse van een uit de desbetreffende meststoffen volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes genomen representatief monster.
2. De analyse van het monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. De analyse van het monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
##### Artikel 18
1. Het organischestofgehalte in meststoffen wordt vastgesteld door middel van analyse van een uit de desbetreffende meststoffen volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes genomen representatief monster.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
##### Artikel 19
1. De neutraliserende waarde van meststoffen wordt vastgesteld door middel van analyse van een uit de desbetreffende meststoffen volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes genomen representatief monster.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
##### Artikel 20
1. Het drogestofgehalte in meststoffen wordt vastgesteld door middel van analyse van een uit de desbetreffende meststoffen volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes genomen representatief monster.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
##### Artikel 21
1. De hoeveelheden zware metalen in meststoffen worden vastgesteld door middel van analyse van een uit de desbetreffende meststoffen volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes genomen representatief monster.
2. De bemonstering van zuiveringsslib geschiedt ten minste in de frequentie, bedoeld in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=9&z=2026-01-01&g=2026-01-01), in samenhang met bijlage IIA, van richtlijn nr. 86/278/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 juni 1986, betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PbEG L 181).
3. De analyse van het monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. De bemonstering van zuiveringsslib geschiedt ten minste in de frequentie, bedoeld in [artikel 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=9&z=2026-02-11&g=2026-02-11), in samenhang met bijlage IIA, van richtlijn nr. 86/278/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 juni 1986, betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PbEG L 181).
3. De analyse van het monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel V](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
##### Artikel 22
1. De hoeveelheden organische microverontreinigingen in meststoffen wordt vastgesteld door middel van analyse van een uit de desbetreffende meststoffen volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes genomen representatief monster.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. De analyse van dit monster geschiedt overeenkomstig het protocol, dat voor de te onderscheiden categorieën meststoffen is opgenomen in [bijlage Ac, onderdeel VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ac&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat, door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
##### Artikel 23
@@ -466,7 +466,7 @@
- a. de zandgronden en lössgronden, bedoeld in [Bijlage I bij het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=I), in de provincies Overijssel, Gelderland, Utrecht, Noord-Brabant en Limburg; en
- b. de op de kaarten in [bijlage Aca](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aca&z=2026-01-01&g=2026-01-01) aangeduide gebieden.
- b. de op de kaarten in [bijlage Aca](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aca&z=2026-02-11&g=2026-02-11) aangeduide gebieden.
4. Een perceel landbouwgrond maakt deel uit van een met nutriënten verontreinigd gebied indien dat perceel ten minste voor de helft van de oppervlakte in dat gebied gelegen is.
@@ -474,25 +474,25 @@
- a. op dierlijke meststoffen afkomstig van graasdieren;
- b. indien wordt voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in de [artikelen 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [25c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [27a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27a&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- c. indien de landbouwer beschikt over een vergunning, bedoeld in [artikel 25a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-01-01&g=2026-01-01); en
- b. indien wordt voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in de [artikelen 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [25c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [27a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27a&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- c. indien de landbouwer beschikt over een vergunning, bedoeld in [artikel 25a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-02-11&g=2026-02-11); en
- d. indien de landbouwer op tot zijn bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond geen gebruik maakt van een voorziening om runderdrijfmest op een andere wijze aan te wenden dan bepaald in [artikel 4.1199 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199).
##### Artikel 25
1. In de periode van 3 februari 2025 tot en met 28 februari 2025 van het kalenderjaar waarin de landbouwer de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voornemens is toe te passen, vraagt de landbouwer een vergunning aan bij de Minister voor het op zijn bedrijf mogen toepassen van artikel 24, eerste of tweede lid.
1. In de periode van 3 februari 2025 tot en met 28 februari 2025 van het kalenderjaar waarin de landbouwer de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voornemens is toe te passen, vraagt de landbouwer een vergunning aan bij de Minister voor het op zijn bedrijf mogen toepassen van artikel 24, eerste of tweede lid.
2. Bij de aanvraag verklaart de landbouwer dat hij voldoet aan de voorwaarden in de derogatiebeschikking en het bepaalde in deze paragraaf en verklaart hij ermee in te stemmen dat het meststoffengebruik, alsmede het bemestingsplan en de mestboekhouding onderwerp kunnen zijn van controle.
3. Bij de aanvraag verklaart de landbouwer dat hij de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 8 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8), de bij of krachtens de [hoofdstukken 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9&z=2026-01-01&g=2026-01-01) in samenhang met de [hoofdstukken IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=IV), [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=VI) en [X van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=X) gestelde regels, het bepaalde bij of krachtens de [artikelen 4.1193](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193), [4.1194](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1194), [4.1199](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199), [4.1213](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1213), [4.1215](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1215), [4.1216](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1216), [4.1217](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1217) en [4.1218 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1218) en de voorschriften die uit hoofde van deze paragraaf aan hem worden gesteld naleeft.
3. Bij de aanvraag verklaart de landbouwer dat hij de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 8 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8), de bij of krachtens de [hoofdstukken 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9&z=2026-02-11&g=2026-02-11) in samenhang met de [hoofdstukken IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=IV), [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=VI) en [X van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=X) gestelde regels, het bepaalde bij of krachtens de [artikelen 4.1193](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193), [4.1194](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1194), [4.1199](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199), [4.1213](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1213), [4.1215](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1215), [4.1216](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1216), [4.1217](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1217) en [4.1218 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1218) en de voorschriften die uit hoofde van deze paragraaf aan hem worden gesteld naleeft.
4. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt in behandeling genomen, nadat de landbouwer een bedrag van € 50,- heeft voldaan.
5. De landbouwer betaalt ten behoeve van ’s Rijks kas een geldsom ter dekking van de kosten die samenhangen met monitoringswerkzaamheden, bedoeld in artikel 10 van de derogatiebeschikking, ter hoogte van het bij zijn oppervlakte landbouwgrond behorende tarief, bedoeld in [Bijlage Ad](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ad&z=2026-01-01&g=2026-01-01). Bij de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, stelt de landbouwer door middel van het afgeven van een machtiging tot betaling de minister in staat dit bedrag te innen.
6. De landbouwer kan de aanvraag voor een vergunning voor de toepassing op zijn bedrijf van [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tot 16 mei intrekken, zonder dat de geldsom, bedoeld in het vijfde lid, in rekening wordt gebracht.
5. De landbouwer betaalt ten behoeve van ’s Rijks kas een geldsom ter dekking van de kosten die samenhangen met monitoringswerkzaamheden, bedoeld in artikel 10 van de derogatiebeschikking, ter hoogte van het bij zijn oppervlakte landbouwgrond behorende tarief, bedoeld in [Bijlage Ad](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ad&z=2026-02-11&g=2026-02-11). Bij de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, stelt de landbouwer door middel van het afgeven van een machtiging tot betaling de minister in staat dit bedrag te innen.
6. De landbouwer kan de aanvraag voor een vergunning voor de toepassing op zijn bedrijf van [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tot 16 mei intrekken, zonder dat de geldsom, bedoeld in het vijfde lid, in rekening wordt gebracht.
##### Artikel 26
@@ -500,7 +500,7 @@
##### Artikel 27
1. De landbouwer stelt vóór 1 februari van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast, voor het desbetreffende jaar een bemestingsplan op dat voldoet aan artikel 7, derde lid, van de derogatiebeschikking.
1. De landbouwer stelt vóór 1 februari van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast, voor het desbetreffende jaar een bemestingsplan op dat voldoet aan artikel 7, derde lid, van de derogatiebeschikking.
2. De landbouwer herziet het bemestingsplan uiterlijk zeven dagen nadat zich een wijziging in de landbouwpraktijk heeft voorgedaan, indien dat noodzakelijk is om de consistentie van het bemestingsplan te waarborgen.
@@ -516,7 +516,7 @@
##### Artikel 28
1. Als hoeveelheid stikstof als bedoeld in [artikel 10, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=10) wordt vastgesteld de hoeveelheid stikstof die in [bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bij het desbetreffende gewas onder het desbetreffende jaar is vermeld, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, zoals deze in voorkomend geval is onderscheiden naar de grondsoort van het perceel waarop de teelt plaatsvindt, het aantal voorafgaande teelten van hetzelfde gewas in het desbetreffende jaar, de in het desbetreffende jaar aan de betrokken teelt voorafgaande of op de betrokken teelt volgende teelt van andere gewassen, het tijdstip waarop het desbetreffende perceel is beteeld, alsmede de bij de teelt toegepaste landbouwpraktijk, met dien verstande dat:
1. Als hoeveelheid stikstof als bedoeld in [artikel 10, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=10) wordt vastgesteld de hoeveelheid stikstof die in [bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bij het desbetreffende gewas onder het desbetreffende jaar is vermeld, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, zoals deze in voorkomend geval is onderscheiden naar de grondsoort van het perceel waarop de teelt plaatsvindt, het aantal voorafgaande teelten van hetzelfde gewas in het desbetreffende jaar, de in het desbetreffende jaar aan de betrokken teelt voorafgaande of op de betrokken teelt volgende teelt van andere gewassen, het tijdstip waarop het desbetreffende perceel is beteeld, alsmede de bij de teelt toegepaste landbouwpraktijk, met dien verstande dat:
- a. de hoeveelheid stikstof die bij ‘tijdelijk grasland’ en bij ‘groenbemesters’ is vermeld, niet geldt voor tijdelijk grasland dat wordt, onderscheidenlijk groenbemesters die worden geteeld aansluitend op de teelt van maïs;
@@ -540,13 +540,13 @@
2. De hoeveelheid stikstof per hectare, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, wordt rekenkundig afgerond op hele kilogrammen.
3. Indien het gewogen gemiddelde van de hoeveelheid stikstof van alle op de tot een bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond geteelde gewassen of gewasgroepen uit [Bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), in een kalenderjaar ten minste 100 kilogram en ten hoogste 110 kilogram stikstof per hectare is, bedraagt de hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 10, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=10) in het desbetreffende kalenderjaar, in afwijking van het eerste lid, 110 kilogram stikstof per hectare van de tot dat bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond.
3. Indien het gewogen gemiddelde van de hoeveelheid stikstof van alle op de tot een bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond geteelde gewassen of gewasgroepen uit [Bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), in een kalenderjaar ten minste 100 kilogram en ten hoogste 110 kilogram stikstof per hectare is, bedraagt de hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 10, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=10) in het desbetreffende kalenderjaar, in afwijking van het eerste lid, 110 kilogram stikstof per hectare van de tot dat bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond.
##### Artikel 29
1. Bij de bepaling van de in [artikel 12, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=12) bedoelde hoeveelheid meststoffen wordt de hoeveelheid stikstof in dierlijke en andere in [bijlage B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=B&z=2026-01-01&g=2026-01-01) vermelde organische meststoffen slechts in aanmerking genomen voor het percentage dat in de tabel van die bijlage is vermeld voor de desbetreffende meststof en, indien sprake is van dierlijke meststoffen die op bouwland op kleigrond of veengrond op of in de bodem zijn gebracht, voor de desbetreffende periode waarin de meststoffen op of in de bodem zijn gebracht, met dien verstande dat het bij de omstandigheid ‘op bedrijf met beweiding’ of ‘op bedrijf zonder beweiding’ vermelde percentage uitsluitend geldt indien op het desbetreffende bedrijf de in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel 1, bij ‘grasland met beweiden’ onderscheidenlijk ‘grasland met volledig maaien’ vermelde hoeveelheid stikstof als stikstofgebruiksnorm wordt toegepast.
2. Indien het mengsels van organische meststoffen betreft, wordt bij de bepaling van de in [artikel 12, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=12) bedoelde hoeveelheid meststoffen de hoeveelheid stikstof in dat mengsel in aanmerking genomen voor het hoogste percentage dat in [bijlage B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=B&z=2026-01-01&g=2026-01-01) is vermeld bij de meststoffen die het mengsel bevat.
1. Bij de bepaling van de in [artikel 12, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=12) bedoelde hoeveelheid meststoffen wordt de hoeveelheid stikstof in dierlijke en andere in [bijlage B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=B&z=2026-02-11&g=2026-02-11) vermelde organische meststoffen slechts in aanmerking genomen voor het percentage dat in de tabel van die bijlage is vermeld voor de desbetreffende meststof en, indien sprake is van dierlijke meststoffen die op bouwland op kleigrond of veengrond op of in de bodem zijn gebracht, voor de desbetreffende periode waarin de meststoffen op of in de bodem zijn gebracht, met dien verstande dat het bij de omstandigheid ‘op bedrijf met beweiding’ of ‘op bedrijf zonder beweiding’ vermelde percentage uitsluitend geldt indien op het desbetreffende bedrijf de in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel 1, bij ‘grasland met beweiden’ onderscheidenlijk ‘grasland met volledig maaien’ vermelde hoeveelheid stikstof als stikstofgebruiksnorm wordt toegepast.
2. Indien het mengsels van organische meststoffen betreft, wordt bij de bepaling van de in [artikel 12, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=12) bedoelde hoeveelheid meststoffen de hoeveelheid stikstof in dat mengsel in aanmerking genomen voor het hoogste percentage dat in [bijlage B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=B&z=2026-02-11&g=2026-02-11) is vermeld bij de meststoffen die het mengsel bevat.
#### § 2. Stikstofgebruiksnorm
@@ -586,25 +586,25 @@
##### Artikel 32
1. De fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in [artikel 31, eerste, tweede, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is uitsluitend van toepassing gedurende het kalenderjaar waarin de melding, bedoeld in [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is gedaan, en indien wordt voldaan aan de voorwaarde, bedoeld in artikel 103b, derde lid.
2. Indien de percelen dan wel de gewaspercelen, in de in het eerste lid bedoelde periode in gebruik zijn genomen door een andere landbouwer, is de desbetreffende fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in [artikel 31, eerste, tweede, derde of vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), gedurende het restant van die periode van toepassing, indien de landbouwer de ingebruikneming van de percelen dan wel de gewaspercelen onder opgave van de oppervlakte en de ligging ervan uiterlijk de eerstvolgende 15 mei na de datum van ingebruikneming heeft gemeld aan de minister.
1. De fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in [artikel 31, eerste, tweede, derde en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is uitsluitend van toepassing gedurende het kalenderjaar waarin de melding, bedoeld in [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is gedaan, en indien wordt voldaan aan de voorwaarde, bedoeld in artikel 103b, derde lid.
2. Indien de percelen dan wel de gewaspercelen, in de in het eerste lid bedoelde periode in gebruik zijn genomen door een andere landbouwer, is de desbetreffende fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in [artikel 31, eerste, tweede, derde of vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), gedurende het restant van die periode van toepassing, indien de landbouwer de ingebruikneming van de percelen dan wel de gewaspercelen onder opgave van de oppervlakte en de ligging ervan uiterlijk de eerstvolgende 15 mei na de datum van ingebruikneming heeft gemeld aan de minister.
3. Het [tweede en derde lid van artikel III van de Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 19 december 2019 tot wijziging van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet in verband met de implementatie van het zesde actieprogramma Nitraatrichtlijn](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0043057&artikel=III) (Stcrt. 2019, 70977) vervallen met ingang van 1 januari 2021.
##### Artikel 33
1. Op percelen waarvoor een melding als bedoeld in [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is gedaan op basis van een geldig analyserapport met een datum van monstername gelegen voor 1 januari 2021 zijn de normen ter bepaling van de fosfaattoestand van de bodem en zijn de fosfaatgebruiksnormen van toepassing zoals deze golden op 31 december 2020.
2. In afwijking van [artikel 103a, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is een analyserapport met een datum van monstername als bedoeld in dat lid, gelegen tussen 15 mei 2016 en 15 mei 2017 geldig tot vijf jaar na de datum van monstername.
3. Op percelen waarvoor voor 1 januari 2021 een melding is gedaan op grond van zowel [artikel 33, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zoals dit luidde op 31 december 2020, als [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is tot het verstrijken van de termijnen van vier jaren, bedoeld in [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=32&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zoals dit luidde op 31 december 2020 of, indien dat eerder is, tot het moment waarop een nieuwe melding is gedaan, gebaseerd op een geldig analyserapport, bedoeld in [artikel 103a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), met een datum van de monstername na 1 januari 2021, de fosfaatgebruiksnorm, bedoeld in [artikel 31, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van toepassing.
3. Op percelen waarvoor een melding als bedoeld in artikel 103b, tweede lid, is gedaan op basis van een geldig analyserapport dat is opgesteld voor 1 januari 2021 en waaruit blijkt dat indicator voor de fosfaattoestand van grasland een PAL-getal van minder dan 16 of de indicator voor de fosfaattoestand van bouwland een Pw-getal van minder dan 25 heeft, terwijl ten aanzien van desbetreffende percelen geen melding als bedoeld in [artikel 33, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zoals het luidde op 31 december 2020, is gedaan, is de fosfaatgebruiksnorm, bedoeld in [artikel 31, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van toepassing.
4. In afwijking van het eerste lid zijn op percelen waarvoor een melding als bedoeld [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is gedaan op basis van een geldig analyserapport met een datum van monstername gelegen voor 1 januari 2021 de normen in verband met de fosfaattoestand van de bodem, bedoeld in [artikel 30](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=30&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en de fosfaatgebruiksnormen, bedoeld in [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van toepassing indien:
- a. in het desbetreffende analyserapport de fosfaattoestand tevens is vastgesteld met gebruikmaking van de indicator voor de fosfaattoestand van grasland en bouwland, bedoeld in [artikel 29a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=29a&z=2026-01-01&g=2026-01-01); en
1. Op percelen waarvoor een melding als bedoeld in [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is gedaan op basis van een geldig analyserapport met een datum van monstername gelegen voor 1 januari 2021 zijn de normen ter bepaling van de fosfaattoestand van de bodem en zijn de fosfaatgebruiksnormen van toepassing zoals deze golden op 31 december 2020.
2. In afwijking van [artikel 103a, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is een analyserapport met een datum van monstername als bedoeld in dat lid, gelegen tussen 15 mei 2016 en 15 mei 2017 geldig tot vijf jaar na de datum van monstername.
3. Op percelen waarvoor voor 1 januari 2021 een melding is gedaan op grond van zowel [artikel 33, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zoals dit luidde op 31 december 2020, als [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is tot het verstrijken van de termijnen van vier jaren, bedoeld in [artikel 32, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=32&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zoals dit luidde op 31 december 2020 of, indien dat eerder is, tot het moment waarop een nieuwe melding is gedaan, gebaseerd op een geldig analyserapport, bedoeld in [artikel 103a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), met een datum van de monstername na 1 januari 2021, de fosfaatgebruiksnorm, bedoeld in [artikel 31, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van toepassing.
3. Op percelen waarvoor een melding als bedoeld in artikel 103b, tweede lid, is gedaan op basis van een geldig analyserapport dat is opgesteld voor 1 januari 2021 en waaruit blijkt dat indicator voor de fosfaattoestand van grasland een PAL-getal van minder dan 16 of de indicator voor de fosfaattoestand van bouwland een Pw-getal van minder dan 25 heeft, terwijl ten aanzien van desbetreffende percelen geen melding als bedoeld in [artikel 33, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zoals het luidde op 31 december 2020, is gedaan, is de fosfaatgebruiksnorm, bedoeld in [artikel 31, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van toepassing.
4. In afwijking van het eerste lid zijn op percelen waarvoor een melding als bedoeld [artikel 103b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is gedaan op basis van een geldig analyserapport met een datum van monstername gelegen voor 1 januari 2021 de normen in verband met de fosfaattoestand van de bodem, bedoeld in [artikel 30](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=30&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en de fosfaatgebruiksnormen, bedoeld in [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van toepassing indien:
- a. in het desbetreffende analyserapport de fosfaattoestand tevens is vastgesteld met gebruikmaking van de indicator voor de fosfaattoestand van grasland en bouwland, bedoeld in [artikel 29a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=29a&z=2026-02-11&g=2026-02-11); en
- b. de landbouwer daarvan melding heeft gedaan bij de melding, bedoeld in de aanhef.
@@ -622,9 +622,9 @@
##### Artikel 36
1. Als forfaitaire productienormen als bedoeld in [artikel 28, tweede lid, onderdeel b, en vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=28), worden voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën de normen vastgesteld die zijn vermeld in [bijlage D, tabel IA, kolom A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D, tabel IB, deel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het eerste lid de normen van toepassing die zijn vermeld in kolom A van die tabel.
1. Als forfaitaire productienormen als bedoeld in [artikel 28, tweede lid, onderdeel b, en vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=28), worden voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën de normen vastgesteld die zijn vermeld in [bijlage D, tabel IA, kolom A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D, tabel IB, deel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het eerste lid de normen van toepassing die zijn vermeld in kolom A van die tabel.
### Hoofdstuk 5. Administratieve verplichtingen landbouwers
@@ -646,11 +646,11 @@
1. De gegevens, bedoeld in [artikel 32, tweede lid, onderdeel c, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), betreffen uitsluitend die percelen landbouwgrond die bij het bedrijf in het kader van normale bedrijfsvoering in gebruik zijn en die al dan niet gedeeltelijk zijn gelegen in Duitsland of in België, tot 20, onderscheidenlijk tot 25 kilometer uit de Nederlandse grens.
2. De gegevens, bedoeld in [artikel 32, tweede lid, onderdeel e, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), worden onderscheiden naar diersoorten en diercategorieën per soort overeenkomstig de omschrijvingen in [bijlage D, tabel IA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. De gegevens, bedoeld in [artikel 32, tweede lid, onderdeel e, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), worden onderscheiden naar diersoorten en diercategorieën per soort overeenkomstig de omschrijvingen in [bijlage D, tabel IA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
3. De gegevens, bedoeld in [artikel 32, tweede lid, onderdeel i, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), worden per afzonderlijke opslagruimte weergegeven.
4. Indien op een bedrijf ‘covergiste mest’ als bedoeld in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onder IV wordt geproduceerd, worden de gegevens, bedoeld in [artikel 33, derde lid, onderdeel c, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33), onderscheiden naar de tezamen met de dierlijke meststoffen vergiste stoffen overeenkomstig de aanduiding en de daarbij behorende omschrijving van de desbetreffende stof in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onder IV, en bevat de administratie behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 33, derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33), gegevens over het bedrijf of de onderneming waar de desbetreffende stof als reststof is vrijgekomen.
4. Indien op een bedrijf ‘covergiste mest’ als bedoeld in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onder IV wordt geproduceerd, worden de gegevens, bedoeld in [artikel 33, derde lid, onderdeel c, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33), onderscheiden naar de tezamen met de dierlijke meststoffen vergiste stoffen overeenkomstig de aanduiding en de daarbij behorende omschrijving van de desbetreffende stof in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onder IV, en bevat de administratie behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 33, derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33), gegevens over het bedrijf of de onderneming waar de desbetreffende stof als reststof is vrijgekomen.
##### Artikel 39
@@ -670,7 +670,7 @@
- c. de hoeveelheid mestkorrels uitgedrukt in kilogrammen, inclusief de gehalten aan stikstof en fosfaat die aan afnemers niet zijnde een bedrijf of intermediaire onderneming zijn geleverd
4. Ingeval van gebruik van het in [artikel 69r](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bedoelde middel, bevat de administratie, tevens de op basis van dat middel vereiste gegevens.
4. Ingeval van gebruik van het in [artikel 69r](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bedoelde middel, bevat de administratie, tevens de op basis van dat middel vereiste gegevens.
5. In aanvulling op het eerste lid bevat de administratie van de landbouwer het geplande gebruik van meststoffen van het desbetreffende kalenderjaar.
@@ -682,7 +682,7 @@
1. Wijzigingen in de aantallen op het bedrijf gehouden dan wel anderszins aanwezige varkens, kippen, kalkoenen en runderen, worden binnen drie dagen na de datum waarop de wijziging zich heeft voorgedaan, onder vermelding van de datum waarop deze wijziging zich heeft voorgedaan, in de administratie opgenomen.
2. Wijzigingen in de overige gegevens die de administratie ingevolge de [artikelen 32, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), en[33 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33) en de [artikelen 38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=38&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=39&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bevat, worden binnen 30 dagen na de datum waarop de wijziging zich heeft voorgedaan, onder vermelding van de datum waarop deze wijziging zich heeft voorgedaan, in de administratie opgenomen.
2. Wijzigingen in de overige gegevens die de administratie ingevolge de [artikelen 32, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), en[33 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33) en de [artikelen 38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=38&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=39&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bevat, worden binnen 30 dagen na de datum waarop de wijziging zich heeft voorgedaan, onder vermelding van de datum waarop deze wijziging zich heeft voorgedaan, in de administratie opgenomen.
3. In afwijking van het tweede lid, worden wijzigingen in de gegevens, bedoeld in [artikel 32, tweede lid, onderdeel f, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) uiterlijk de eerstvolgende werkdag na het vervoer in de administratie opgenomen.
@@ -706,11 +706,11 @@
- b. de hoeveelheden meststoffen, anders dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib en compost, die op of van het bedrijf zijn aangevoerd, onderscheidenlijk zijn afgevoerd;
- c. het gemiddelde aantal in het kalenderjaar op het bedrijf gehouden dieren, anders dan varkens, schapen, geiten en runderen, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in [bijlage D, tabel IA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01); en
- d. het aantal aan- of afgevoerde staldieren, anders dan varkens of vleeskalveren, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in [bijlage D, tabel IA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. De landbouwer op wiens bedrijf op 31 december 2005 pluimveerechten, varkensrechten of niet-gebonden mestproductierechten rustten of wiens bedrijf overeenkomstig [artikel 25, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is aangemeld voor toepassing in 2006 van de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), verstrekt vóór 1 februari 2006 aan de minister gegevens uit de administratie over de op 1 januari 2006 op het bedrijf aanwezige hoeveelheid meststoffen, onderscheiden naar meststoffen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4°.
- c. het gemiddelde aantal in het kalenderjaar op het bedrijf gehouden dieren, anders dan varkens, schapen, geiten en runderen, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in [bijlage D, tabel IA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11); en
- d. het aantal aan- of afgevoerde staldieren, anders dan varkens of vleeskalveren, onderscheiden naar diersoort en diercategorieën per soort, voor zover dit onderscheid wordt gemaakt in [bijlage D, tabel IA](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. De landbouwer op wiens bedrijf op 31 december 2005 pluimveerechten, varkensrechten of niet-gebonden mestproductierechten rustten of wiens bedrijf overeenkomstig [artikel 25, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is aangemeld voor toepassing in 2006 van de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), verstrekt vóór 1 februari 2006 aan de minister gegevens uit de administratie over de op 1 januari 2006 op het bedrijf aanwezige hoeveelheid meststoffen, onderscheiden naar meststoffen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4°.
3. De landbouwer die op het eigen bedrijf koemelk produceert, verstrekt aan de minister gegevens met betrekking tot de op het bedrijf geproduceerde hoeveelheid koemelk.
@@ -726,7 +726,7 @@
##### Artikel 43
1. De [artikelen 26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) en [31 tot en met 35 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=31) en de [artikelen 37 tot en met 42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing ten aanzien van een bedrijf, indien op elk moment in het desbetreffende kalenderjaar wordt voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
1. De [artikelen 26](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) en [31 tot en met 35 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=31) en de [artikelen 37 tot en met 42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing ten aanzien van een bedrijf, indien op elk moment in het desbetreffende kalenderjaar wordt voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
- a. de som van de tot dan toe in dat jaar op het bedrijf aangevoerde dierlijke meststoffen en de productie van meststoffen door de op dat moment op het bedrijf gehouden dan wel anderszins aanwezige dieren op jaarbasis is ten hoogste 350 kilogram stikstof;
@@ -734,15 +734,15 @@
- c. het bedrijf beschikt over een uniek nummer als bedoeld in [artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0021777&artikel=9) of een door de minister verstrekt relatienummer in het geval dierlijke meststoffen worden aangevoerd op dan wel afgevoerd van het bedrijf.
2. De [artikelen 32, tweede lid, onderdelen d, e, f en h en 33 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) en de [artikelen 40, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [42, eerste lid, onderdelen a, c en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing ten aanzien van diersoorten als bedoeld in [bijlage D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel IA, waarvan de op enig moment op het bedrijf gehouden of anderszins aanwezige dieren tezamen op jaarbasis ten hoogste 350 kilogram stikstof produceren, onderscheidenlijk ten aanzien van de door deze dieren geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen.
3. De productie van dierlijke meststoffen op jaarbasis, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en het tweede lid, wordt bepaald op basis van het aantal op het desbetreffende moment gehouden dieren, onderscheiden naar diersoorten en diercategorieën per soort, en op basis van de voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën in [bijlage D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel IA, kolom B, en tabellen IIA en IIB vermelde forfaitaire productienormen, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per dier per jaar.
4. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel IB, deel 2, onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het derde lid de normen van toepassing die zijn vermeld in deel 2 van die tabel.
2. De [artikelen 32, tweede lid, onderdelen d, e, f en h en 33 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) en de [artikelen 40, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [42, eerste lid, onderdelen a, c en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing ten aanzien van diersoorten als bedoeld in [bijlage D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel IA, waarvan de op enig moment op het bedrijf gehouden of anderszins aanwezige dieren tezamen op jaarbasis ten hoogste 350 kilogram stikstof produceren, onderscheidenlijk ten aanzien van de door deze dieren geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen.
3. De productie van dierlijke meststoffen op jaarbasis, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en het tweede lid, wordt bepaald op basis van het aantal op het desbetreffende moment gehouden dieren, onderscheiden naar diersoorten en diercategorieën per soort, en op basis van de voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën in [bijlage D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel IA, kolom B, en tabellen IIA en IIB vermelde forfaitaire productienormen, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per dier per jaar.
4. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel IB, deel 2, onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het derde lid de normen van toepassing die zijn vermeld in deel 2 van die tabel.
##### Artikel 44
De [artikelen 32, tweede lid, onderdelen e, g, en h, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) en de [artikelen 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [42, eerste lid, onderdelen a en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing ten aanzien van de in enig kalenderjaar op het bedrijf ingeschaarde schapen, onderscheidenlijk de door deze schapen geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen, indien ten aanzien van dat bedrijf wordt voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
De [artikelen 32, tweede lid, onderdelen e, g, en h, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) en de [artikelen 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [42, eerste lid, onderdelen a en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing ten aanzien van de in enig kalenderjaar op het bedrijf ingeschaarde schapen, onderscheidenlijk de door deze schapen geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen, indien ten aanzien van dat bedrijf wordt voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
- a. het aantal in dat kalenderjaar ingeschaarde schapen is niet groter dan 450;
@@ -768,7 +768,7 @@
6. In aanvulling op de gegevens, bedoeld in [artikel 38, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=38), verstrekt de intermediair ter zake van de transportmiddelen die voor het vervoer van dierlijke mest exclusief bij de desbetreffende onderneming in gebruik zijn, tevens de volgende gegevens:
- a. ofwel het kenteken en de meldcode van het betrokken transportmiddel of aanhangwagen, zoals deze zijn vermeld op het voor het betrokken voertuig afgegeven, geldige kentekenbewijs, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), voor zover het een motorrijtuig of aanhangwagen als bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdelen c onderscheidenlijk d, van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1) betreft, waarop overeenkomstig [Bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel D, onder 4.6, automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur is bevestigd, danwel het chassisnummer van het betrokken transportmiddel waarop overeenkomstig Bijlage E, onderdeel D, onder 4.6, automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur is bevestigd, voor zover het een ander transportmiddel betreft;
- a. ofwel het kenteken en de meldcode van het betrokken transportmiddel of aanhangwagen, zoals deze zijn vermeld op het voor het betrokken voertuig afgegeven, geldige kentekenbewijs, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), voor zover het een motorrijtuig of aanhangwagen als bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdelen c onderscheidenlijk d, van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1) betreft, waarop overeenkomstig [Bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel D, onder 4.6, automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur is bevestigd, danwel het chassisnummer van het betrokken transportmiddel waarop overeenkomstig Bijlage E, onderdeel D, onder 4.6, automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur is bevestigd, voor zover het een ander transportmiddel betreft;
- b. ofwel het kenteken en de meldcode van het betrokken transportmiddel en van iedere aanhangwagen, zoals deze zijn vermeld op het voor het betrokken voertuig afgegeven, geldige kentekenbewijs, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), voor zover het een motorrijtuig of aanhangwagen als bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdelen c onderscheidenlijk d, van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1) betreft dat gebruikt wordt voor het vervoer van vaste mest, danwel het chassisnummer van het betrokken transportmiddel en het chassisnummer van de aanhangwagen, voor zover het een ander transportmiddel betreft dat gebruikt wordt voor het vervoer van vaste mest; en
@@ -800,7 +800,7 @@
- b. de hoeveelheid geproduceerd, behandeld zuiveringsslib; en
- c. de gehalten aan droge stof, fosfaat en stikstof, de pH-waarde, het organisch stofgehalte en de hoeveelheden van de in [bijlage II, onder tabel 2, bij het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II) opgenomen zware metalen in het zuiveringsslib alsmede de resultaten van de uitgevoerde bemonsteringen en analyses, bedoeld in [artikel 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=21&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- c. de gehalten aan droge stof, fosfaat en stikstof, de pH-waarde, het organisch stofgehalte en de hoeveelheden van de in [bijlage II, onder tabel 2, bij het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II) opgenomen zware metalen in het zuiveringsslib alsmede de resultaten van de uitgevoerde bemonsteringen en analyses, bedoeld in [artikel 21](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=21&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
7. Indien op een onderneming compost wordt geproduceerd of anderszins wordt behandeld, bevat de administratie behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 39, tweede en derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) tevens gegevens over:
@@ -808,9 +808,9 @@
- b. de gehalten aan droge stof, fosfaat en stikstof, het organisch stofgehalte en de hoeveelheden van de in [bijlage II, onder tabel 3, bij het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II) opgenomen zware metalen.
8. Indien op een onderneming ‘covergiste mest’ als bedoeld in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onder IV wordt geproduceerd, worden de gegevens, bedoeld in [artikel 39, derde lid, onderdeel c, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), onderscheiden naar de tezamen met de dierlijke meststoffen vergiste stoffen overeenkomstig de aanduiding en de daarbij behorende omschrijving van de desbetreffende stof in bijlage Aa, onder IV, en bevat de administratie behalve de gegevens, bedoeld in artikel 39, derde lid, van het besluit, gegevens over het bedrijf of de onderneming waar de desbetreffende stof als reststof is vrijgekomen.
9. Ingeval van overdracht van een opslagruimte voor meststoffen door of aan een intermediair, bevat de administratie van de intermediair tevens het bewijs van overdracht en de gegevens, bedoeld in [artikel 48a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
8. Indien op een onderneming ‘covergiste mest’ als bedoeld in [bijlage Aa](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Aa&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onder IV wordt geproduceerd, worden de gegevens, bedoeld in [artikel 39, derde lid, onderdeel c, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), onderscheiden naar de tezamen met de dierlijke meststoffen vergiste stoffen overeenkomstig de aanduiding en de daarbij behorende omschrijving van de desbetreffende stof in bijlage Aa, onder IV, en bevat de administratie behalve de gegevens, bedoeld in artikel 39, derde lid, van het besluit, gegevens over het bedrijf of de onderneming waar de desbetreffende stof als reststof is vrijgekomen.
9. Ingeval van overdracht van een opslagruimte voor meststoffen door of aan een intermediair, bevat de administratie van de intermediair tevens het bewijs van overdracht en de gegevens, bedoeld in [artikel 48a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
10. Indien op een onderneming substraat wordt geproduceerd, bevat de administratie behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 39, tweede en derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), tevens gegevens over:
@@ -834,17 +834,17 @@
- c. de hoeveelheid meststoffen uitgedrukt in kilogrammen, inclusief de gehalten aan stikstof en fosfaat die aan afnemers niet zijnde een bedrijf of intermediaire onderneming zijn geleverd;
- d. de mestcode dan wel de mestcodes, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van de desbetreffende mestsoort of mestsoorten en de percentages van elke afzonderlijke meststof in het mengsel.
13. Ingeval van gebruik van het in [artikel 69r](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bedoelde middel, bevat de administratie, tevens de op basis van dat middel vereiste gegevens.
- d. de mestcode dan wel de mestcodes, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van de desbetreffende mestsoort of mestsoorten en de percentages van elke afzonderlijke meststof in het mengsel.
13. Ingeval van gebruik van het in [artikel 69r](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bedoelde middel, bevat de administratie, tevens de op basis van dat middel vereiste gegevens.
##### Artikel 47
1. Wijzigingen in de gegevens die de administratie ingevolge [artikel 39, tweede lid, aanhef en onderdelen a en c, en derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) en [artikel 46, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bevat, worden binnen 30 dagen na de datum waarop de wijziging zich heeft voorgedaan in de administratie opgenomen.
2. Wijzigingen in de gegevens, die de administratie ingevolge [artikel 39, tweede lid, onderdeel b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) bevat, worden, voor zover het dierlijke meststoffen anders dan mestkorrels betreft, binnen 24 uur na het tijdstip waarop de analyseresultaten, bedoeld in [artikel 81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van het laboratorium zijn ontvangen op het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde formulier verwerkt.
3. Wijzigingen in de gegevens, die de administratie ingevolge [artikel 39, tweede lid, onderdeel b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) bevat, worden, voor zover het meststoffen anders dan dierlijke meststoffen betreft, binnen 24 uur na het tijdstip waarop de wijziging zich heeft voorgedaan op het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde formulier verwerkt.
1. Wijzigingen in de gegevens die de administratie ingevolge [artikel 39, tweede lid, aanhef en onderdelen a en c, en derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) en [artikel 46, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bevat, worden binnen 30 dagen na de datum waarop de wijziging zich heeft voorgedaan in de administratie opgenomen.
2. Wijzigingen in de gegevens, die de administratie ingevolge [artikel 39, tweede lid, onderdeel b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) bevat, worden, voor zover het dierlijke meststoffen anders dan mestkorrels betreft, binnen 24 uur na het tijdstip waarop de analyseresultaten, bedoeld in [artikel 81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van het laboratorium zijn ontvangen op het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde formulier verwerkt.
3. Wijzigingen in de gegevens, die de administratie ingevolge [artikel 39, tweede lid, onderdeel b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) bevat, worden, voor zover het meststoffen anders dan dierlijke meststoffen betreft, binnen 24 uur na het tijdstip waarop de wijziging zich heeft voorgedaan op het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde formulier verwerkt.
4. Wijzigingen in de gegevens die de administratie ingevolge [artikel 39, zesde lid, onderdelen a en b, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) bevat, worden uiterlijk de eerstvolgende werkdag na het vervoer in de administratie opgenomen.
@@ -856,7 +856,7 @@
- b. vervallen; en
- c. de aan het eind van het kalenderjaar op de onderneming aanwezige hoeveelheid meststoffen onderscheiden naar meststoffen als bedoeld in [artikel 42, eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- c. de aan het eind van het kalenderjaar op de onderneming aanwezige hoeveelheid meststoffen onderscheiden naar meststoffen als bedoeld in [artikel 42, eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. De ondernemer in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt behandeld, verstrekt jaarlijks vóór 1 februari aan de minister gegevens uit de administratie over de in het voorgaande kalenderjaar in het zuiveringsslib gemiddeld aanwezige hoeveelheden van de in [bijlage II, onder tabel 2, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II) opgenomen zware metalen.
@@ -864,7 +864,7 @@
4. De minister is bevoegd de op grond van het tweede of derde lid verstrekte gegevens door te geven aan gedeputeerde staten van de provincie waarbinnen de desbetreffende onderneming is gevestigd.
5. De intermediair die verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib, waarvoor op grond van [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) een verschillend analysenummer is verstrekt, in één opslagruimte opslaat, verstrekt op elektronische wijze aan de minister het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte en het drogestofgehalte zoals dat voor de in de desbetreffende opslag aanwezige hoeveelheid zuiveringsslib met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde formulier, of de in artikel 46, tweede lid, genoemde andere gegevensdragers is berekend.
5. De intermediair die verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib, waarvoor op grond van [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) een verschillend analysenummer is verstrekt, in één opslagruimte opslaat, verstrekt op elektronische wijze aan de minister het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte en het drogestofgehalte zoals dat voor de in de desbetreffende opslag aanwezige hoeveelheid zuiveringsslib met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde formulier, of de in artikel 46, tweede lid, genoemde andere gegevensdragers is berekend.
6. De intermediair in het kader van wiens onderneming substraat wordt geproduceerd, verstrekt binnen 30 dagen na afloop van elk kwartaal:
@@ -888,7 +888,7 @@
- c. de hoeveelheid meststoffen uitgedrukt in kilogrammen, inclusief de gehalten aan stikstof en fosfaat, die aan afnemers niet zijnde een bedrijf of intermediaire onderneming is geleverd;
- d. de mestcode dan wel de mestcodes, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van de desbetreffende mestsoort of mestsoorten en de percentages van elke afzonderlijke meststof in het mengsel.
- d. de mestcode dan wel de mestcodes, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van de desbetreffende mestsoort of mestsoorten en de percentages van elke afzonderlijke meststof in het mengsel.
##### Artikel 49
@@ -916,9 +916,9 @@
1. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 44, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), bevat de administratie van de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, bedoeld in [artikel 43, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43), gegevens over:
- a. de resultaten van de uitgevoerde bemonsteringen en analyses, bedoeld in [artikel 98, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01); en
- b. de op het etiket of het begeleidend document, bedoeld in [artikel 99, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vermelde droge stofgehalte dan wel het vochtgehalte en het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in de droge stof.
- a. de resultaten van de uitgevoerde bemonsteringen en analyses, bedoeld in [artikel 98, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11); en
- b. de op het etiket of het begeleidend document, bedoeld in [artikel 99, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vermelde droge stofgehalte dan wel het vochtgehalte en het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in de droge stof.
2. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 44, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), bevat de administratie van de ondernemer, bedoeld in [artikel 43, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) voor zover hij compost produceert of anderszins behandelt, gegevens over:
@@ -928,9 +928,9 @@
3. De gegevens, bedoeld in [artikel 44, vijfde lid, onderdeel c, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), betreffen de gehalten aan droge stof, fosfaat en stikstof, de pH-waarde, het organisch stofgehalte en de hoeveelheden van de in [bijlage II, onder tabel 2, bij het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II) opgenomen zware metalen in het zuiveringsslib.
4. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 44, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), bevat de administratie van de ondernemer, bedoeld in [artikel 43, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43) voor zover hij verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib waarvoor op grond van [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) een verschillend analysenummer is verstrekt, in één opslagruimte opslaat, de hoeveelheden vloeibaar zuiveringsslib die in iedere afzonderlijke opslagruimte zijn aangevoerd en de hoeveelheden vloeibaar zuiveringsslib die uit die opslagruimte zijn afgevoerd, zodanig dat steeds blijkt welke hoeveelheid vloeibaar zuiveringsslib zich in de opslagruimte bevindt.
5. De gegevens, bedoeld in het vierde lid, worden bijgehouden op het daartoe door de minister verstrekte formulier en worden overgenomen van het op de desbetreffende hoeveelheid betrekking hebbende vervoersbewijs zuiveringsslib en compost en op het ter zake door het laboratorium verstrekte overzicht van de analyseresultaten. [Artikel 46, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
4. Behalve de gegevens, bedoeld in [artikel 44, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), bevat de administratie van de ondernemer, bedoeld in [artikel 43, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43) voor zover hij verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib waarvoor op grond van [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) een verschillend analysenummer is verstrekt, in één opslagruimte opslaat, de hoeveelheden vloeibaar zuiveringsslib die in iedere afzonderlijke opslagruimte zijn aangevoerd en de hoeveelheden vloeibaar zuiveringsslib die uit die opslagruimte zijn afgevoerd, zodanig dat steeds blijkt welke hoeveelheid vloeibaar zuiveringsslib zich in de opslagruimte bevindt.
5. De gegevens, bedoeld in het vierde lid, worden bijgehouden op het daartoe door de minister verstrekte formulier en worden overgenomen van het op de desbetreffende hoeveelheid betrekking hebbende vervoersbewijs zuiveringsslib en compost en op het ter zake door het laboratorium verstrekte overzicht van de analyseresultaten. [Artikel 46, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is van overeenkomstige toepassing.
6. Wijzigingen in de gegevens die de administratie ingevolge [artikel 44 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) of het eerste tot en met het derde lid bevat, worden binnen 30 dagen na de datum waarop de wijziging zich heeft voorgedaan in de administratie opgenomen.
@@ -938,7 +938,7 @@
##### Artikel 52
1. De ondernemer, bedoeld in [artikel 50, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-01-01&g=2026-01-01), verstrekt jaarlijks vóór 1 februari aan de minister per bedrijf met staldieren of runderen waaraan diervoeders worden geleverd, met betrekking tot het voorafgaande kalenderjaar elektronisch gegevens uit de administratie over:
1. De ondernemer, bedoeld in [artikel 50, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-02-11&g=2026-02-11), verstrekt jaarlijks vóór 1 februari aan de minister per bedrijf met staldieren of runderen waaraan diervoeders worden geleverd, met betrekking tot het voorafgaande kalenderjaar elektronisch gegevens uit de administratie over:
- a. de naam, het adres en het door de minister ter identificatie van het bedrijf verstrekte relatienummer van het bedrijf, waaraan diervoeder is geleverd;
@@ -952,7 +952,7 @@
4. De minister is bevoegd de op grond van het tweede of derde lid verstrekte gegevens door te geven aan gedeputeerde staten van de provincie waarbinnen de desbetreffende onderneming is gevestigd.
5. De ondernemer, bedoeld in [artikel 43, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43) die verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib waarvoor op grond van [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) een verschillend analysenummer is verstrekt, in één opslagruimte opslaat, verstrekt op elektronische wijze aan de minister het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte en het drogestofgehalte zoals dat voor de in de desbetreffende opslag aanwezige hoeveelheid zuiveringsslib met gebruikmaking van het in [artikel 51, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde formulier, of de in artikel 51, vijfde lid in samenhang met [artikel 46, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), genoemde andere gegevensdragers is berekend.
5. De ondernemer, bedoeld in [artikel 43, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43) die verschillende partijen vloeibaar zuiveringsslib waarvoor op grond van [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) een verschillend analysenummer is verstrekt, in één opslagruimte opslaat, verstrekt op elektronische wijze aan de minister het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte en het drogestofgehalte zoals dat voor de in de desbetreffende opslag aanwezige hoeveelheid zuiveringsslib met gebruikmaking van het in [artikel 51, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde formulier, of de in artikel 51, vijfde lid in samenhang met [artikel 46, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), genoemde andere gegevensdragers is berekend.
### Hoofdstuk 5. Administratieve verplichtingen landbouwers
@@ -960,7 +960,7 @@
##### Artikel 53
1. Het vervoer van dierlijke meststoffen vindt uitsluitend plaats indien de GR-apparatuur adequaat functioneert en voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel D, en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken.
1. Het vervoer van dierlijke meststoffen vindt uitsluitend plaats indien de GR-apparatuur adequaat functioneert en voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel D, en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken.
2. In aanvulling op het eerste lid, vindt het vervoer van drijfmest uitsluitend plaats indien de automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur zowel afzonderlijk als in onderlinge samenhang met de GR-apparatuur adequaat functioneert.
@@ -978,7 +978,7 @@
- c. van de laad- en losplaats van de desbetreffende vracht dierlijke meststoffen, voor zover de leverancier of afnemer geen intermediaire onderneming is, het unieke registratienummer, bedoeld in artikel 93, laatste volzin, van [verordening (EU) nr. 2016/429](32329R2016), het unieke erkenningsnummer, bedoeld in artikel 2, onderdeel 16, van [verordening (EU) nr. 2019/2035](32035R2019), of de postcode;
- d. de mestcode dan wel de mestcodes, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van de mestsoort of mestsoorten van de desbetreffende vracht dierlijke meststoffen;
- d. de mestcode dan wel de mestcodes, bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van de mestsoort of mestsoorten van de desbetreffende vracht dierlijke meststoffen;
- e. indien de vracht dierlijke meststoffen uit meerdere mestcodes bestaat, het percentage van elke mestsoort in de betreffende vracht;
@@ -988,7 +988,7 @@
- h. de datum waarop het laden van de dierlijke meststoffen aanvangt;
- i. de opmerkingscode dan wel de opmerkingscodes zoals opgenomen in [bijlage F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=F&z=2026-01-01&g=2026-01-01) die van toepassing is of zijn op het vervoer van de vracht dierlijke meststoffen;
- i. de opmerkingscode dan wel de opmerkingscodes zoals opgenomen in [bijlage F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=F&z=2026-02-11&g=2026-02-11) die van toepassing is of zijn op het vervoer van de vracht dierlijke meststoffen;
- j. indien van toepassing en voor zover reeds bekend: de code van het laboratorium dat de analyse van de dierlijke meststoffen uit zal voeren.
@@ -1010,9 +1010,9 @@
8. In afwijking van het zevende lid, kunnen:
- a. de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, voor zover het betreft het kenteken van het motorrijtuig, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), indien daarvan afwijkend tevens het kenteken van het getrokken voertuig, en de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b, voor zover het betreft het registratienummer van de opslag van de leverancier, d en e, worden gewijzigd tot het tijdstip van het laden, bedoeld in [artikel 56, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- b. de gegevens bedoeld in het eerste lid, onderdeel i, indien het de opmerkingscodes 31, 39, 46, 48, 50, 61, 71 of 72 betreft, worden toegevoegd of verwijderd tot het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- a. de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, voor zover het betreft het kenteken van het motorrijtuig, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), indien daarvan afwijkend tevens het kenteken van het getrokken voertuig, en de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b, voor zover het betreft het registratienummer van de opslag van de leverancier, d en e, worden gewijzigd tot het tijdstip van het laden, bedoeld in [artikel 56, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- b. de gegevens bedoeld in het eerste lid, onderdeel i, indien het de opmerkingscodes 31, 39, 46, 48, 50, 61, 71 of 72 betreft, worden toegevoegd of verwijderd tot het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
9. Bij export of import van dierlijke meststoffen kunnen de volgende gegevens worden gewijzigd:
@@ -1020,7 +1020,7 @@
- b. het gegeven, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, tot het tijdstip van laden.
10. In afwijking van het zevende lid, kunnen bij vervoer van dierlijke meststoffen binnen Nederland de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a voor zover het betreft de gegevens van de afnemer, onderdeel b, voor zover het betreft de gegevens van de geregistreerde opslag van de afnemer, en onderdeel c, voor zover het betreft de locatie van de losplaats, worden gewijzigd tot het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
10. In afwijking van het zevende lid, kunnen bij vervoer van dierlijke meststoffen binnen Nederland de gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a voor zover het betreft de gegevens van de afnemer, onderdeel b, voor zover het betreft de gegevens van de geregistreerde opslag van de afnemer, en onderdeel c, voor zover het betreft de locatie van de losplaats, worden gewijzigd tot het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
11. Na ontvangst en controle van de vooraanmelding, bedoeld in het eerste lid, kent de minister via rVDM na bevestiging van de verstrekte gegevens een uniek nummer toe aan dat vervoer van dierlijke meststoffen.
@@ -1030,9 +1030,9 @@
##### Artikel 56
1. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het laden van de dierlijke meststoffen door de GR-apparatuur de gegevens inzake het rVDM-nummer, de locatie, de datum en het tijdstip van het laden van het transportmiddel, alsmede het serienummer, bedoeld in [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel D, onder 4.7, worden vastgelegd en zo spoedig mogelijk aan rVDM worden gezonden.
2. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, tevens de gegevens, bedoeld in [artikel 58, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden vastgelegd en aan rVDM worden gezonden.
1. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het laden van de dierlijke meststoffen door de GR-apparatuur de gegevens inzake het rVDM-nummer, de locatie, de datum en het tijdstip van het laden van het transportmiddel, alsmede het serienummer, bedoeld in [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel D, onder 4.7, worden vastgelegd en zo spoedig mogelijk aan rVDM worden gezonden.
2. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, tevens de gegevens, bedoeld in [artikel 58, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden vastgelegd en aan rVDM worden gezonden.
##### Artikel 57
@@ -1084,29 +1084,29 @@
##### Artikel 61
1. Uiterlijk zeven dagen na het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bevestigen de leverancier en de ontvanger dat de mest is afgevoerd van, onderscheidenlijk is ontvangen op het bedrijf of de onderneming en bevestigt:
1. Uiterlijk zeven dagen na het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bevestigen de leverancier en de ontvanger dat de mest is afgevoerd van, onderscheidenlijk is ontvangen op het bedrijf of de onderneming en bevestigt:
- a. de leverancier de door rVDM ontvangen gegevens van het vervoer:
- 1°. bedoeld in [artikel 54, eerste lid, onderdelen a tot en met c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voor zover deze betrekking hebben op de leverancier en de laadlocatie; en
- 2°. bedoeld in [artikelen 54, eerste lid, onderdelen d, e, f, h en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- 1°. bedoeld in [artikel 54, eerste lid, onderdelen a tot en met c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voor zover deze betrekking hebben op de leverancier en de laadlocatie; en
- 2°. bedoeld in [artikelen 54, eerste lid, onderdelen d, e, f, h en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- b. de afnemer de door de rVDM ontvangen gegevens van het vervoer:
- 1°. bedoeld in [artikel 54, eerste lid, onderdelen a tot en met c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voor zover deze betrekking hebben op de afnemer en de loslocatie; en
- 2°. bedoeld in [artikelen 54, eerste lid onderdelen d, e, f, en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. Het eerste lid is niet van toepassing op het vervoer van dierlijke meststoffen binnen Nederland, voor zover de afnemer geen bedrijf of intermediaire onderneming voert, noch een bedrijf als bedoeld in [artikel 43, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voert.
3. Het eerste lid is niet van toepassing op het vervoer van dierlijke meststoffen binnen Nederland, voor zover de leverancier een bedrijf voert als bedoeld in [artikel 43, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- 1°. bedoeld in [artikel 54, eerste lid, onderdelen a tot en met c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voor zover deze betrekking hebben op de afnemer en de loslocatie; en
- 2°. bedoeld in [artikelen 54, eerste lid onderdelen d, e, f, en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Het eerste lid is niet van toepassing op het vervoer van dierlijke meststoffen binnen Nederland, voor zover de afnemer geen bedrijf of intermediaire onderneming voert, noch een bedrijf als bedoeld in [artikel 43, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voert.
3. Het eerste lid is niet van toepassing op het vervoer van dierlijke meststoffen binnen Nederland, voor zover de leverancier een bedrijf voert als bedoeld in [artikel 43, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
4. Bij de import of export van dierlijke meststoffen is het eerste lid niet van toepassing op respectievelijk de leverancier en de afnemer.
##### Artikel 62
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een ander bedrijf, kunnen de in een kalenderjaar van het bedrijf afgevoerde dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een ander bedrijf, kunnen de in een kalenderjaar van het bedrijf afgevoerde dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. het product van enerzijds het aantal hectaren landbouwgrond dat in dat kalenderjaar tot het bedrijf waarvan de meststoffen afkomstig zijn behoort en anderzijds het per hectare van die landbouwgrond bij of krachtens [artikel 11, eerste tot en met derde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), voor dierlijke meststoffen vastgestelde deel van de fosfaatgebruiksnorm, bedraagt ten minste 75 procent van de totale hoeveelheid op dat bedrijf in dat kalenderjaar geproduceerde dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat;
@@ -1116,11 +1116,11 @@
2. De overeenkomstig het eerste lid te bepalen hoeveelheid bedraagt ten hoogste 25 procent van de totale hoeveelheid in dat kalenderjaar op het desbetreffende bedrijf geproduceerde hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat.
3. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
4. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
5. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het vierde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
5. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het vierde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
6. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -1128,7 +1128,7 @@
##### Artikel 63
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf als bedoeld in [artikel 43, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden afgevoerd naar een ander bedrijf, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf als bedoeld in [artikel 43, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden afgevoerd naar een ander bedrijf, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. de hoeveelheid dierlijke meststoffen is afkomstig van de op het bedrijf gehouden, dan wel anderszins aanwezige dieren;
@@ -1136,11 +1136,11 @@
- c. de afstand tussen de desbetreffende bedrijven bedraagt hemelsbreed ten hoogste tien kilometer.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) van het besluit en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) van het besluit en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
5. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -1148,7 +1148,7 @@
##### Artikel 64
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf of intermediaire onderneming worden afgevoerd naar een afnemer, die geen bedrijf of onderneming voert, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf of intermediaire onderneming worden afgevoerd naar een afnemer, die geen bedrijf of onderneming voert, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. de totale hoeveelheid dierlijke meststoffen die in een kalenderjaar naar afnemers die geen bedrijf of onderneming voeren wordt afgevoerd bedraagt ten hoogste 250 kilogram fosfaat; en
@@ -1156,7 +1156,7 @@
- c. de afstand tussen het bedrijf of de intermediaire onderneming en de afnemer bedraagt hemelsbreed ten hoogste tien kilometer.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
@@ -1168,21 +1168,21 @@
##### Artikel 65
De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing op dierlijke meststoffen die worden vervoerd van een tuincentrum of een hovenier naar een afnemer, die geen bedrijf of onderneming voert.
De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing op dierlijke meststoffen die worden vervoerd van een tuincentrum of een hovenier naar een afnemer, die geen bedrijf of onderneming voert.
##### Artikel 66
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een natuurterrein dat de hoofdfunctie natuur heeft als bedoeld in [artikel 3, tweede lid, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=3) en de [artikelen 25a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=25a) en [32 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) of overige gronden als bedoeld in [bijlage I, onderdeel A, bij het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&bijlage=I), waarvan de desbetreffende landbouwer het exclusieve gebruiksrecht heeft, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een natuurterrein dat de hoofdfunctie natuur heeft als bedoeld in [artikel 3, tweede lid, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=3) en de [artikelen 25a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=25a) en [32 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32) of overige gronden als bedoeld in [bijlage I, onderdeel A, bij het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&bijlage=I), waarvan de desbetreffende landbouwer het exclusieve gebruiksrecht heeft, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. de totale hoeveelheid dierlijke meststoffen die in een kalenderjaar naar het natuurterrein wordt afgevoerd, bedraagt uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, ten hoogste het product van het aantal hectaren natuurterrein en de hoeveelheid fosfaat die ingevolge de [artikelen 4.1195](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1195), [4.1196](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1196) en[4.1197 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1197) per hectare van dat natuurterrein mag worden gebruikt; en
- b. de afstand tussen de productielocatie van het bedrijf waarvan de dierlijke meststoffen afkomstig zijn en het desbetreffende natuurterrein bedraagt hemelsbreed ten hoogste twintig kilometer.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
5. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -1190,7 +1190,7 @@
##### Artikel 67
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een perceel dat voor de duur van ten hoogste één jaar in gebruik is gegeven aan een ander bedrijf, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een perceel dat voor de duur van ten hoogste één jaar in gebruik is gegeven aan een ander bedrijf, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. de totale hoeveelheid dierlijke meststoffen die in een kalenderjaar naar de uit gebruik gegeven percelen wordt afgevoerd bedraagt, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, ten hoogste het product van enerzijds het aantal hectaren landbouwgrond dat in dat kalenderjaar uit gebruik is gegeven en anderzijds het per hectare van die landbouwgrond bij of krachtens [artikel 11, eerste tot en met derde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), voor dierlijke meststoffen vastgestelde deel van de fosfaatgebruiksnorm;
@@ -1198,15 +1198,15 @@
- c. het perceel behoorde de voorafgaande twee jaren tot het bedrijf waarvan de dierlijke meststoffen afkomstig zijn;
- d. het perceel is overeenkomstig [artikel 41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-01-01&g=2026-01-01) aangemeld als behorend tot het bedrijf dat het perceel tijdelijk in gebruik heeft; en
- d. het perceel is overeenkomstig [artikel 41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-02-11&g=2026-02-11) aangemeld als behorend tot het bedrijf dat het perceel tijdelijk in gebruik heeft; en
- e. de overeenkomst tot ingebruikgeving is schriftelijk aangegaan.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
5. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -1216,7 +1216,7 @@
##### Artikel 68
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een perceel landbouwgrond dat, al dan niet gedeeltelijk, is gelegen in Duitsland of in België, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
1. Indien dierlijke meststoffen van een bedrijf worden afgevoerd naar een perceel landbouwgrond dat, al dan niet gedeeltelijk, is gelegen in Duitsland of in België, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. de totale hoeveelheid dierlijke meststoffen die in een kalenderjaar naar de in het eerste lid bedoelde percelen wordt afgevoerd bedraagt, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, ten hoogste het product van het aantal hectaren in Duitsland of in België gelegen landbouwgrond en het indien de landbouwgrond in Nederland zou zijn gelegen per hectare van die landbouwgrond bij of krachtens [artikel 11, eerste tot en met derde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), voor dierlijke meststoffen vastgestelde deel van de fosfaatgebruiksnorm;
@@ -1228,7 +1228,7 @@
- e. indien het perceel in Duitsland is gelegen, behoort dit perceel ingevolge eigendom of ingevolge een in Duitsland geregistreerde pachtovereenkomst toe aan het bedrijf.
2. Indien dierlijke meststoffen worden afgevoerd van een bedrijf dat, al dan niet gedeeltelijk, is gelegen in Duitsland of België, naar een perceel landbouwgrond dat is gelegen in Nederland, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
2. Indien dierlijke meststoffen worden afgevoerd van een bedrijf dat, al dan niet gedeeltelijk, is gelegen in Duitsland of België, naar een perceel landbouwgrond dat is gelegen in Nederland, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten, onder de volgende voorwaarden:
- a. de totale hoeveelheid dierlijke meststoffen die in een kalenderjaar naar de in de aanhef van dit lid bedoelde percelen wordt afgevoerd bedraagt, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, ten hoogste het product van het aantal hectaren van die percelen en het bij of krachtens [artikel 11, eerste tot en met derde lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), voor dierlijke meststoffen vastgestelde deel van de fosfaatgebruiksnorm;
@@ -1238,11 +1238,11 @@
- d. het perceel behoort blijkens registratie bij de minister toe aan het bedrijf in België, dan wel Duitsland.
3. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste en tweede lid.
3. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste en tweede lid.
4. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid en tweede lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
5. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het vierde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
5. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het vierde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
6. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -1250,31 +1250,31 @@
##### Artikel 69
1. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van paarden of pony's van een bedrijf worden afgevoerd naar een intermediaire onderneming waar tussenopslag van maximaal 48 uur van deze meststoffen plaatsvindt voordat deze meststoffen worden afgevoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van substraat voor de teelt van champignons of van een grondstof voor de productie van dat substraat, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde dierlijke meststoffen die in tussenopslag hebben gelegen van de intermediaire onderneming worden afgevoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van het in het eerste lid bedoelde substraat of in het eerste lid bedoelde grondstof, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
3. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van paarden of pony's van een bedrijf worden afgevoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van substraat voor de teelt van champignons of van een grondstof voor de productie van substraat, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
4. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van paarden of pony's tijdens het vervoer worden overgeladen op een ander transportmiddel waarna deze meststoffen worden vervoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van substraat voor de teelt van champignons of van een grondstof voor de productie van substraat dan wel worden vervoerd naar een intermediaire onderneming waar tussenopslag van maximaal 48 uur van deze meststoffen plaatsvindt voordat deze meststoffen worden afgevoerd naar een hiervoor bedoelde onderneming, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
5. Indien het in het derde lid bedoelde substraat van een onderneming of een bedrijf wordt afgevoerd naar een bedrijf waar dit substraat wordt gebruikt voor de teelt van champignons, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
6. Indien het in het vijfde lid bedoelde substraat in de vorm van champost van een bedrijf wordt afgevoerd naar een ander bedrijf, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
7. Indien het in het vijfde lid bedoelde substraat in de vorm van champost van een bedrijf wordt geëxporteerd, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
8. [Artikel 49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste, tweede, derde en vierde lid.
9. De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het vijfde lid.
10. De [artikelen 57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het zesde en zevende lid.
1. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van paarden of pony's van een bedrijf worden afgevoerd naar een intermediaire onderneming waar tussenopslag van maximaal 48 uur van deze meststoffen plaatsvindt voordat deze meststoffen worden afgevoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van substraat voor de teelt van champignons of van een grondstof voor de productie van dat substraat, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde dierlijke meststoffen die in tussenopslag hebben gelegen van de intermediaire onderneming worden afgevoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van het in het eerste lid bedoelde substraat of in het eerste lid bedoelde grondstof, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
3. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van paarden of pony's van een bedrijf worden afgevoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van substraat voor de teelt van champignons of van een grondstof voor de productie van substraat, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
4. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van paarden of pony's tijdens het vervoer worden overgeladen op een ander transportmiddel waarna deze meststoffen worden vervoerd naar een onderneming waar deze meststoffen worden gebruikt voor de productie van substraat voor de teelt van champignons of van een grondstof voor de productie van substraat dan wel worden vervoerd naar een intermediaire onderneming waar tussenopslag van maximaal 48 uur van deze meststoffen plaatsvindt voordat deze meststoffen worden afgevoerd naar een hiervoor bedoelde onderneming, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
5. Indien het in het derde lid bedoelde substraat van een onderneming of een bedrijf wordt afgevoerd naar een bedrijf waar dit substraat wordt gebruikt voor de teelt van champignons, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
6. Indien het in het vijfde lid bedoelde substraat in de vorm van champost van een bedrijf wordt afgevoerd naar een ander bedrijf, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
7. Indien het in het vijfde lid bedoelde substraat in de vorm van champost van een bedrijf wordt geëxporteerd, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel II, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
8. [Artikel 49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste, tweede, derde en vierde lid.
9. De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het vijfde lid.
10. De [artikelen 57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het zesde en zevende lid.
11. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste, tweede, derde, vierde, vijfde, zesde en zevende lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
12. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het elfde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
13. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het vierde lid draagt de vervoerder er zorg voor dat bij de vooraanmelding, bedoeld in [artikel 54, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tevens het kenteken van motorrijtuig, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), en, indien daarvan afwijkend, tevens het kenteken van het getrokken voertuig waarin de vracht mest wordt overgeladen, aan rVDM worden verstrekt. De kentekens van het motorrijtuig en het getrokken voertuig waarin wordt overgeladen kunnen worden gewijzigd tot het tijdstip van overladen.
12. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het elfde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
13. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het vierde lid draagt de vervoerder er zorg voor dat bij de vooraanmelding, bedoeld in [artikel 54, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tevens het kenteken van motorrijtuig, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van de Wegenverkeerswet 1994](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006622&artikel=1), en, indien daarvan afwijkend, tevens het kenteken van het getrokken voertuig waarin de vracht mest wordt overgeladen, aan rVDM worden verstrekt. De kentekens van het motorrijtuig en het getrokken voertuig waarin wordt overgeladen kunnen worden gewijzigd tot het tijdstip van overladen.
14. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste, tweede, derde en vierde lid, draagt de vervoerder er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -1290,7 +1290,7 @@
- d. het soort product.
17. Indien naar het oordeel van de minister de juiste naleving van de regels inzake de gewichtsbepaling bij het vervoer van dierlijke meststoffen, bedoeld in het zesde en zevende lid, door een vervoerder onvoldoende verzekerd is, kan de minister bepalen dat in die gevallen in afwijking van het tiende lid, [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), gedurende een door hem nader te bepalen periode van toepassing is.
17. Indien naar het oordeel van de minister de juiste naleving van de regels inzake de gewichtsbepaling bij het vervoer van dierlijke meststoffen, bedoeld in het zesde en zevende lid, door een vervoerder onvoldoende verzekerd is, kan de minister bepalen dat in die gevallen in afwijking van het tiende lid, [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), gedurende een door hem nader te bepalen periode van toepassing is.
18. Naleving is in ieder geval onvoldoende verzekerd, indien ten minste één keer door middel van een weging op een weegbrug ter controle van het geschatte gewicht door krachtens [artikel 47, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=47) aangewezen ambtenaren een afwijking van 10% of meer is vastgesteld ten opzichte van het geschatte gewicht.
@@ -1328,19 +1328,19 @@
##### Artikel 73
1. Als forfaitaire productienormen als bedoeld in [artikel 66, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66) worden voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën de normen vastgesteld, die zijn vermeld in [bijlage D, tabel IA, kolommen B en C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. Als forfaitaire productienormen als bedoeld in [artikel 66, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66) worden voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën de normen vastgesteld, die zijn vermeld in [bijlage D, tabel IA, kolommen B en C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. De begripsbepalingen van boerderijmelk, ontvanger van boerderijmelk en leverantie van boerderijmelk, bedoeld in [artikel 1.1 van het Besluit dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032335&artikel=1.1) en de begripsbepaling van melkcontrolestation, bedoeld in [artikel 2.10 van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.10), zijn van overeenkomstige toepassing in deze paragraaf.
3. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D, tabel IB, deel 1 of deel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het eerste lid de normen van toepassing die zijn vermeld in deel 1, kolom C, onderscheidenlijk deel 2 van die tabel.
3. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D, tabel IB, deel 1 of deel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het eerste lid de normen van toepassing die zijn vermeld in deel 1, kolom C, onderscheidenlijk deel 2 van die tabel.
##### Artikel 74
1. Als forfaitaire productienormen per melkkoe als bedoeld in [artikel 66, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66) worden voor de naar de gemiddelde melkproductie en naar het gemiddelde ureumgehalte in de geproduceerde melk onderscheiden melkkoeien vastgesteld de normen die zijn vermeld in [bijlage D, tabellen IIA en IIB](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. Als forfaitaire productienormen per melkkoe als bedoeld in [artikel 66, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66) worden voor de naar de gemiddelde melkproductie en naar het gemiddelde ureumgehalte in de geproduceerde melk onderscheiden melkkoeien vastgesteld de normen die zijn vermeld in [bijlage D, tabellen IIA en IIB](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. De gemiddelde melkproductie per melkkoe, bedoeld in [artikel 66, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66), wordt bepaald door de hoeveelheid in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf geproduceerde koemelk te delen door het gemiddeld aantal in het desbetreffende kalenderjaar op het bedrijf gehouden melkkoeien.
3. De totale hoeveelheid in een kalenderjaar op het bedrijf geproduceerde koemelk en het gemiddelde ureumgehalte, bedoeld in [artikel 66, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66), worden vastgesteld overeenkomstig de [artikelen 75a tot en met 75d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75a&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. De totale hoeveelheid in een kalenderjaar op het bedrijf geproduceerde koemelk en het gemiddelde ureumgehalte, bedoeld in [artikel 66, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66), worden vastgesteld overeenkomstig de [artikelen 75a tot en met 75d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75a&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
4. In afwijking van het tweede en het derde lid zijn de gemiddelde melkproductie en het gemiddelde ureumgehalte van koemelk van melkkoeien van landbouwers die 50 procent of meer van de op het eigen bedrijf geproduceerde melk zelf verwerken tot of verkopen als eindproduct, 7.500 kilogram onderscheidenlijk 26 milligram per 100 gram.
@@ -1354,7 +1354,7 @@
##### Artikel 76
1. Het nemen van een monster uit een hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en de analyse van dit monster geschieden overeenkomstig de [artikelen 78 tot en met 81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. Het nemen van een monster uit een hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en de analyse van dit monster geschieden overeenkomstig de [artikelen 78 tot en met 81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Indien een vervoerder binnen een periode van ten hoogste zeven dagen van één leverancier meerdere vrachten dierlijke meststoffen afvoert naar één afnemer kan het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van deze vrachten worden vastgesteld door middel van analyse van een mengmonster dat op verzoek van de vervoerder door het betrokken laboratorium uit de uit deze vrachten genomen monsters is samengesteld, onder de volgende voorwaarden:
@@ -1362,13 +1362,13 @@
- b. het verschil in gewicht tussen de grootste en de kleinste vracht bedraagt bij drijfmest ten hoogste tien procent en bij vaste mest ten hoogste twintig procent; en
- c. bij de samenstelling van het mengmonster worden monsters, die genomen zijn door een monsternemende organisatie als bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet gecombineerd met door de vervoerder genomen monsters.
- c. bij de samenstelling van het mengmonster worden monsters, die genomen zijn door een monsternemende organisatie als bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet gecombineerd met door de vervoerder genomen monsters.
3. In het geval van een mengmonster, bedoeld in het tweede lid, vermeldt de vervoerder dit op het bij het mestmonster behorende begeleidingsformulier.
##### Artikel 77
1. Het bepalen van het gewicht, bedoeld in [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geschiedt door middel van weging met behulp van een weegwerktuig.
1. Het bepalen van het gewicht, bedoeld in [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geschiedt door middel van weging met behulp van een weegwerktuig.
2. Het bepalen van het gewicht geschiedt rechtstreeks of op zodanige wijze dat daarbij het gewicht van het transportmiddel of van de container buiten beschouwing blijft. Indien de gewichtsbepaling plaatsvindt door weging op een weegbrug wordt per vracht dierlijke meststoffen het gewicht van het geladen transportmiddel verminderd met het gewicht van het ledige transportmiddel zoals dat direct voorafgaande aan het vervoer is bepaald. Indien een vracht dierlijke meststoffen wordt afgevoerd of aangevoerd in een container, kan het gewicht van die meststoffen worden bepaald door het gewicht van de gevulde container te verminderen met het gewicht van de lege container dat eenmalig is bepaald en dat duidelijk zichtbaar en niet verwijderbaar op de container is aangebracht.
@@ -1384,27 +1384,27 @@
##### Artikel 78
De bemonstering van een vracht drijfmest, bedoeld in [artikel 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geschiedt automatisch tijdens het laden van het transportmiddel met behulp van bemonsteringsapparatuur die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel A, en behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR te Wageningen of door een vergelijkbare instelling, is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken.
De bemonstering van een vracht drijfmest, bedoeld in [artikel 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geschiedt automatisch tijdens het laden van het transportmiddel met behulp van bemonsteringsapparatuur die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel A, en behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR te Wageningen of door een vergelijkbare instelling, is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken.
##### Artikel 79
1. Een uit een vracht drijfmest genomen monster wordt automatisch verpakt in een monsterverpakking die voldoet aan [bijlage E, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01). De verpakking geschiedt met behulp van verpakkingsapparatuur die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen of een vergelijkbare instelling, is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken.
2. Een uit een vracht vaste mest genomen monster wordt door de vervoerder verpakt in een monsterverpakking die voldoet aan [bijlage E, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. In afwijking van het tweede lid, wordt een uit een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, genomen monster door de monsternemende organisatie verpakt in een monsterverpakking die voldoet aan [bijlage E, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. Een uit een vracht drijfmest genomen monster wordt automatisch verpakt in een monsterverpakking die voldoet aan [bijlage E, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11). De verpakking geschiedt met behulp van verpakkingsapparatuur die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel C](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen of een vergelijkbare instelling, is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken.
2. Een uit een vracht vaste mest genomen monster wordt door de vervoerder verpakt in een monsterverpakking die voldoet aan [bijlage E, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
3. In afwijking van het tweede lid, wordt een uit een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, genomen monster door de monsternemende organisatie verpakt in een monsterverpakking die voldoet aan [bijlage E, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 80
1. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), stuurt de vervoerder het uit een vracht dierlijke meststoffen genomen monster, onder vermelding van de betrokken leverancier van meststoffen en de afnemer, alsmede van het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer, uiterlijk tien werkdagen na bemonstering toe aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), stuurt de vervoerder het uit een vracht dierlijke meststoffen genomen monster, onder vermelding van de betrokken leverancier van meststoffen, alsmede van het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer, uiterlijk tien werkdagen na bemonstering toe aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. De vervoerder, bedoeld in het eerste en tweede lid, bewaart de monsters totdat zij aan het erkend laboratorium, bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden toegestuurd zodanig dat zij in goede staat blijven verkeren.
4. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), stuurt de monsternemende organisatie het uit een vracht dierlijke meststoffen genomen monster, onder vermelding van de betrokken leverancier van meststoffen, alsmede van het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer, uiterlijk zeven werkdagen na bemonstering toe aan een erkend laboratorium, bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
5. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bewaart de monsternemende organisatie de monsters totdat zij aan een erkend laboratorium, bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden toegestuurd zodanig dat zij in goede staat blijven verkeren.
1. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), stuurt de vervoerder het uit een vracht dierlijke meststoffen genomen monster, onder vermelding van de betrokken leverancier van meststoffen en de afnemer, alsmede van het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer, uiterlijk tien werkdagen na bemonstering toe aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), stuurt de vervoerder het uit een vracht dierlijke meststoffen genomen monster, onder vermelding van de betrokken leverancier van meststoffen, alsmede van het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer, uiterlijk tien werkdagen na bemonstering toe aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
3. De vervoerder, bedoeld in het eerste en tweede lid, bewaart de monsters totdat zij aan het erkend laboratorium, bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden toegestuurd zodanig dat zij in goede staat blijven verkeren.
4. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), stuurt de monsternemende organisatie het uit een vracht dierlijke meststoffen genomen monster, onder vermelding van de betrokken leverancier van meststoffen, alsmede van het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer, uiterlijk zeven werkdagen na bemonstering toe aan een erkend laboratorium, bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
5. Ingeval van bemonstering, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bewaart de monsternemende organisatie de monsters totdat zij aan een erkend laboratorium, bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden toegestuurd zodanig dat zij in goede staat blijven verkeren.
6. Ingeval van bemonstering van een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, bevindt de plaats waar het genomen monster wordt bewaard zich niet op het terrein of in een opstal van de betrokken leverancier, vervoerder of afnemer van de vracht.
@@ -1414,13 +1414,13 @@
2. Indien bij ontvangst van een toegezonden monster wordt geconstateerd dat de monsterverpakking is beschadigd, rapporteert een erkend laboratorium aan de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit door middel van een door de minister beschikbaar gesteld middel de gegevens ter identificatie van de monsterverpakking en het op deze vracht betrekking hebbende rVDM-nummer. Een erkend laboratorium volgt de door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit ter zake verstrekte aanwijzingen op.
3. Een erkend laboratorium voldoet aan de eisen van het accreditatieprogramma AP05, dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. Een erkend laboratorium voldoet aan de eisen van het accreditatieprogramma AP05, dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
4. Uiterlijk tien werkdagen na verzending van de analyseresultaten door een erkend laboratorium, kan door de betrokkenen heranalyse worden aangevraagd. Er vindt ten hoogste éénmaal een heranalyse plaats die wordt uitgevoerd door het erkende laboratorium dat de analyse heeft uitgevoerd.
5. Indien een erkend laboratorium het fosfaatgehalte of stikstofgehalte van een monster niet kan vaststellen, omdat het monster bij de monsternemende organisatie of na ontvangst door het laboratorium in het ongerede is geraakt, wordt de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste en vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68) bepaald op basis van de in bijlage I voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
6. Indien een erkend laboratorium bij ontvangst van een toegezonden monster constateert dat het monster niet voldoet aan de eisen van Hoofdstuk 4, paragraaf 4.2 van het Accreditatieprogramma dierlijke mest (AP05), dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste en vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68) bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01) voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
6. Indien een erkend laboratorium bij ontvangst van een toegezonden monster constateert dat het monster niet voldoet aan de eisen van Hoofdstuk 4, paragraaf 4.2 van het Accreditatieprogramma dierlijke mest (AP05), dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste en vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68) bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11) voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten, onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
7. Een erkend laboratorium meldt gelijktijdig met het verzenden van de analyseresultaten, bedoeld in het eerste lid, aan de minister:
@@ -1428,7 +1428,7 @@
- b. de betreffende mestcode of mestcodes; en
- c. eventuele bijzonderheden die zich hebben voorgedaan tijdens het analyseproces van het monster, bedoeld in paragraaf 7.2, onderdeel B, van [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- c. eventuele bijzonderheden die zich hebben voorgedaan tijdens het analyseproces van het monster, bedoeld in paragraaf 7.2, onderdeel B, van [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 82
@@ -1476,13 +1476,13 @@
1. Het gewicht van de van een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld afgevoerde, de op een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld aangevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), wordt door de vervoerder van de desbetreffende meststoffen bepaald door middel van weging met behulp van een weegwerktuig.
2. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de van een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld, afgevoerde, of de op een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld, aangevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komt overeen met het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte zoals dat voor de hoeveelheid zuiveringsslib of compost waaruit de desbetreffende vracht afkomstig is, overeenkomstig de [artikelen 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) is vastgesteld.
2. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de van een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld, afgevoerde, of de op een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld, aangevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komt overeen met het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte zoals dat voor de hoeveelheid zuiveringsslib of compost waaruit de desbetreffende vracht afkomstig is, overeenkomstig de [artikelen 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) is vastgesteld.
##### Artikel 93
1. Het gewicht van de van een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld afgevoerde, de op een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld aangevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), wordt bepaald door middel van weging met behulp van een weegwerktuig.
2. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de van een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld afgevoerde of de op een bedrijf of intermediaire onderneming aangevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-01-01&g=2026-01-01) door bemonstering en analyse.
2. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de van een bedrijf of onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld afgevoerde of de op een bedrijf of intermediaire onderneming aangevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald overeenkomstig [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-02-11&g=2026-02-11) door bemonstering en analyse.
3. In voorkomend geval geldt dat het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, van de in eerste en tweede lid bedoelde meststoffen overeenkomen met het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, zoals vermeld op de verpakking van of het begeleidende document bij de desbetreffende meststoffen.
@@ -1496,7 +1496,7 @@
2. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in de op een bedrijf opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 68, derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de best beschikbare gegevens.
3. Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een intermediaire onderneming opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 68, vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komt overeen met de onderscheiden hoeveelheden die met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), genoemde formulier, respectievelijk in [artikel 46, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), genoemde andere gegevensdragers zijn berekend.
3. Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een intermediaire onderneming opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 68, vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komt overeen met de onderscheiden hoeveelheden die met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), genoemde formulier, respectievelijk in [artikel 46, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), genoemde andere gegevensdragers zijn berekend.
4. Onverminderd het eerste tot en met het derde lid, is de aan het begin van het kalenderjaar opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen, gelijk aan de aan het einde van het voorafgaande kalenderjaar opgeslagen hoeveelheid dierlijke meststoffen.
@@ -1506,7 +1506,7 @@
2. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in de op een bedrijf opgeslagen hoeveelheid zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, vierde en vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68) worden bepaald op basis van de best beschikbare gegevens.
3. Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld opgeslagen hoeveelheid zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komen overeen met de onderscheiden hoeveelheden die met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of [artikel 51, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde formulier, of de in artikel 46, tweede lid genoemde andere gegevensdragers zijn berekend.
3. Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld opgeslagen hoeveelheid zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komen overeen met de onderscheiden hoeveelheden die met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of [artikel 51, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde formulier, of de in artikel 46, tweede lid genoemde andere gegevensdragers zijn berekend.
4. Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een bedrijf of een onderneming in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld opgeslagen meststoffen anders dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost, bedoeld in [artikel 68, vierde en vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), komen overeen met het gewicht onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, zoals vermeld op de verpakking van of het begeleidende document bij de desbetreffende meststoffen. Ingeval van bulkopslag van de desbetreffende meststoffen wordt het gewicht bepaald op basis van meting van het volume en het soortelijk gewicht van deze meststoffen
@@ -1516,9 +1516,9 @@
##### Artikel 96
1. Als forfaitaire stikstofgehalten als bedoeld in [artikel 67, vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) worden vastgesteld de gehalten, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per dier per jaar, die in [bijlage D, tabel IA, kolom D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën en toegepaste huisvestingssysteem zijn vermeld.
2. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D, tabel IB, deel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het eerste lid de normen van toepassing die zijn vermeld in kolom D van die tabel.
1. Als forfaitaire stikstofgehalten als bedoeld in [artikel 67, vijfde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) worden vastgesteld de gehalten, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per dier per jaar, die in [bijlage D, tabel IA, kolom D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën en toegepaste huisvestingssysteem zijn vermeld.
2. Voor zover het dieren betreft die worden gehouden op een bedrijf waarvoor een inkennisstelling heeft plaatsgevonden als bedoeld in [artikel 2.14, eerste lid, van de Regeling dierlijke producten](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0032462&artikel=2.14), en die behoren tot de in [bijlage D, tabel IB, deel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderscheiden categorieën dieren, zijn in afwijking van het eerste lid de normen van toepassing die zijn vermeld in kolom D van die tabel.
#### § 3. Vervoersbewijs zuiveringsslib en compost
@@ -1528,15 +1528,15 @@
- a. bepaalt het gewicht van de desbetreffende hoeveelheid diervoeders door middel van weging met behulp van een weegwerktuig; en
- b. stelt het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte en indien van toepassing het droge stofgehalte in de desbetreffende hoeveelheid diervoeders vast overeenkomstig [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. Indien het ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-01-01&g=2026-01-01) betreft, kunnen in afwijking van het eerste lid, het gewicht worden bepaald op basis van meting van het volume en het soortelijk gewicht van deze diervoeders en kunnen als het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte worden vastgesteld het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte per kilogram diervoeder, die voor de onderscheiden soorten ruwvoer of enkelvoudig diervoeder zijn vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- b. stelt het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte en indien van toepassing het droge stofgehalte in de desbetreffende hoeveelheid diervoeders vast overeenkomstig [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Indien het ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-02-11&g=2026-02-11) betreft, kunnen in afwijking van het eerste lid, het gewicht worden bepaald op basis van meting van het volume en het soortelijk gewicht van deze diervoeders en kunnen als het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte worden vastgesteld het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte per kilogram diervoeder, die voor de onderscheiden soorten ruwvoer of enkelvoudig diervoeder zijn vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 98
1. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in diervoeders met een vochtgehalte groter dan veertien procent wordt vastgesteld overeenkomstig het protocol, opgenomen in [bijlage K, onderdeel I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=K&z=2026-01-01&g=2026-01-01), op basis van:
- a. de resultaten van de overeenkomstig het protocol dat is opgenomen in [bijlage K, onderdeel II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=K&z=2026-01-01&g=2026-01-01), uitgevoerde bemonstering en analyse van de diervoeders; of
1. Het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in diervoeders met een vochtgehalte groter dan veertien procent wordt vastgesteld overeenkomstig het protocol, opgenomen in [bijlage K, onderdeel I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=K&z=2026-02-11&g=2026-02-11), op basis van:
- a. de resultaten van de overeenkomstig het protocol dat is opgenomen in [bijlage K, onderdeel II](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=K&z=2026-02-11&g=2026-02-11), uitgevoerde bemonstering en analyse van de diervoeders; of
- b. indien het mengvoeders betreft, de berekeningen uitgaande van de bekende gehalten van de nutriënten in de grondstoffen waaruit de diervoeders zijn bereid en het aandeel van deze stoffen in het eindproduct en rekening houdend met de aard van het productieproces.
@@ -1552,13 +1552,13 @@
5. Het resultaat van de analyse wordt door het laboratorium beoordeeld in het licht van de herhaalbaarheid, aangegeven in de betreffende analysemethode. Indien de norm voor herhaalbaarheid wordt overschreden, voert het laboratorium een herhalingsonderzoek op het monster uit.
6. Het laboratorium zendt de resultaten van de analyse binnen één week na ontvangst van het monster naar de ondernemer, bedoeld in [artikel 97, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
6. Het laboratorium zendt de resultaten van de analyse binnen één week na ontvangst van het monster naar de ondernemer, bedoeld in [artikel 97, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 99
1. De ondernemer, bedoeld in [artikel 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vermeldt bij aflevering van diervoeders aan een bedrijf op het etiket of het begeleidend document:
- a. het overeenkomstig [artikel 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-01-01&g=2026-01-01) in samenhang met [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01) vastgestelde stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in het product;
1. De ondernemer, bedoeld in [artikel 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vermeldt bij aflevering van diervoeders aan een bedrijf op het etiket of het begeleidend document:
- a. het overeenkomstig [artikel 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-02-11&g=2026-02-11) in samenhang met [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11) vastgestelde stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in het product;
- b. voor diervoeder met een vochtgehalte groter dan veertien procent, het droge stofgehalte dan wel het vochtgehalte en het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in de droge stof van het desbetreffende diervoeder;
@@ -1578,27 +1578,27 @@
##### Artikel 100
Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een bedrijf aan- of afgevoerde, dan wel de aanwezige voorraden diervoeders, bedoeld in [artikel 67, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), anders dan ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-01-01&g=2026-01-01), komen overeen met het gewicht onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, zoals vermeld op de verpakking van of het begeleidende document bij de desbetreffende diervoeders, bedoeld in [artikel 99, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-01-01&g=2026-01-01), dan wel met het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte zoals deze ingevolge [artikel 99, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-01-01&g=2026-01-01), schriftelijk zijn verstrekt. Ingeval van bulkopslag van de desbetreffende diervoeders wordt het gewicht van de aanwezige voorraden diervoeders bepaald op basis van meting van het volume en het soortelijk gewicht van deze diervoeders.
Het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte van de op een bedrijf aan- of afgevoerde, dan wel de aanwezige voorraden diervoeders, bedoeld in [artikel 67, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), anders dan ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-02-11&g=2026-02-11), komen overeen met het gewicht onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, zoals vermeld op de verpakking van of het begeleidende document bij de desbetreffende diervoeders, bedoeld in [artikel 99, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-02-11&g=2026-02-11), dan wel met het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte zoals deze ingevolge [artikel 99, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-02-11&g=2026-02-11), schriftelijk zijn verstrekt. Ingeval van bulkopslag van de desbetreffende diervoeders wordt het gewicht van de aanwezige voorraden diervoeders bepaald op basis van meting van het volume en het soortelijk gewicht van deze diervoeders.
##### Artikel 101
1. Het gewicht van het in [artikel 67, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) bedoelde op een bedrijf aan- of afgevoerde ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bepaald door middel van weging met behulp van een weegwerktuig, dan wel door middel van meting van het volume en het soortelijk gewicht.
2. Als het gewicht per hectare van het in [artikel 67, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) bedoelde op het bedrijf geproduceerde ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt vastgesteld het gewicht dat voor de onderscheiden soorten ruwvoer en enkelvoudig diervoer in die bijlage is vermeld.
3. Als het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in het op een bedrijf aan- of afgevoerde, dan wel de aanwezige voorraden ruwvoer en enkelvoudig diervoeder, bedoeld in [artikel 67, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), en het op het bedrijf geproduceerde ruwvoer en enkelvoudig diervoeder, bedoeld in[artikel 67, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), worden vastgesteld het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte per kilogram diervoeder, die voor de onderscheiden soorten ruwvoer of enkelvoudig diervoeder zijn vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. Het gewicht van het in [artikel 67, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) bedoelde op een bedrijf aan- of afgevoerde ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bepaald door middel van weging met behulp van een weegwerktuig, dan wel door middel van meting van het volume en het soortelijk gewicht.
2. Als het gewicht per hectare van het in [artikel 67, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) bedoelde op het bedrijf geproduceerde ruwvoer en enkelvoudig diervoeder zoals vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt vastgesteld het gewicht dat voor de onderscheiden soorten ruwvoer en enkelvoudig diervoer in die bijlage is vermeld.
3. Als het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte in het op een bedrijf aan- of afgevoerde, dan wel de aanwezige voorraden ruwvoer en enkelvoudig diervoeder, bedoeld in [artikel 67, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), en het op het bedrijf geproduceerde ruwvoer en enkelvoudig diervoeder, bedoeld in[artikel 67, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), worden vastgesteld het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte per kilogram diervoeder, die voor de onderscheiden soorten ruwvoer of enkelvoudig diervoeder zijn vermeld in [bijlage J](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=J&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
#### § 8. Voorzieningen ingeval van storingen in de bereikbaarheid of beschikbaarheid van rVDM
##### Artikel 102
1. Als forfaitaire stikstofgehalten en fosfaatgehalten per dier of per kilogram levend gewicht als bedoeld in [artikel 67, derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) worden voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën vastgesteld, de forfaitaire gehalten die zijn vermeld in [bijlage D, tabel III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. Als forfaitaire stikstofgehalten en fosfaatgehalten per dier of per kilogram levend gewicht als bedoeld in [artikel 67, derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67) worden voor de onderscheiden diersoorten en diercategorieën vastgesteld, de forfaitaire gehalten die zijn vermeld in [bijlage D, tabel III](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. De bepaling van de hoeveelheden stikstof en fosfaat in staldieren, bedoeld in [artikel 67, derde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67), wordt gebaseerd op de in het eerste lid bedoelde forfaitaire stikstofgehalten en fosfaatgehalten per kilogram levend gewicht. Ingeval van een dier geen gegevens over het gewicht beschikbaar zijn, worden de hoeveelheden stikstof en fosfaat in dat dier bepaald op basis van de in het eerste lid bedoelde forfaitaire stikstofgehalten en fosfaatgehalten per dier.
##### Artikel 103
Als forfaitaire stikstofgehalten en fosfaatgehalten per kilogram eieren als bedoeld in [artikel 67, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67)worden voor de onderscheiden soorten eieren vastgesteld, de forfaitaire gehalten die zijn vermeld in [bijlage D, tabel IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
Als forfaitaire stikstofgehalten en fosfaatgehalten per kilogram eieren als bedoeld in [artikel 67, vierde lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=67)worden voor de onderscheiden soorten eieren vastgesteld, de forfaitaire gehalten die zijn vermeld in [bijlage D, tabel IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=D&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
### Hoofdstuk 10. Overgang van een productierecht
@@ -1658,7 +1658,7 @@
##### Artikel 105
1. Alvorens de minister een kennisgeving van overgang in behandeling neemt, doet hij van deze kennisgeving schriftelijk mededeling aan iedere hypotheekhouder die het bedrijf van de vervreemder van het productierecht bij de minister voor de toepassing van deze paragraaf ter registratie heeft aangemeld, indien overeenkomstig [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-01-01&g=2026-01-01), registratie door de minister daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. De minister neemt de kennisgeving van overgang niet in behandeling gedurende 30 dagen na dagtekening van deze mededeling.
1. Alvorens de minister een kennisgeving van overgang in behandeling neemt, doet hij van deze kennisgeving schriftelijk mededeling aan iedere hypotheekhouder die het bedrijf van de vervreemder van het productierecht bij de minister voor de toepassing van deze paragraaf ter registratie heeft aangemeld, indien overeenkomstig [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-02-11&g=2026-02-11), registratie door de minister daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. De minister neemt de kennisgeving van overgang niet in behandeling gedurende 30 dagen na dagtekening van deze mededeling.
2. De termijn van 30 dagen wordt verlengd tot negentig dagen na dagtekening van de mededeling, indien een hypotheekhouder binnen de termijn van 30 dagen een verzoek bij de minister indient.
@@ -1672,11 +1672,11 @@
5. In afwijking van het eerste lid, onderscheidenlijk het tweede tot en met het vierde lid, wordt de kennisgeving van overgang door de minister in behandeling genomen voordat de termijn van 30 dagen, onderscheidenlijk de verlengde termijn is verstreken, zodra hij van elke hypotheekhouder die het bedrijf heeft laten registreren, onderscheidenlijk elke hypotheekhouder die om verlenging van de desbetreffende termijn heeft verzocht, een verklaring heeft ontvangen waaruit blijkt dat tegen in behandeling neming geen bezwaar bestaat.
6. In afwijking van het eerste lid, doet de Minister alvorens hij een kennisgeving van overgang, gedaan op grond van [artikel 104, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01), in behandeling neemt, van deze kennisgeving schriftelijk mededeling aan iedere hypotheekhouder die het bedrijf waarvan het productierecht afkomstig is en dat het later gedurende hetzelfde kalenderjaar terugontvangt, bij de Minister voor de toepassing van deze paragraaf ter registratie heeft aangemeld, indien overeenkomstig [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-01-01&g=2026-01-01), registratie door de Minister daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. De Minister neemt de kennisgeving van overgang niet in behandeling gedurende 30 dagen na dagtekening van deze mededeling. De leden 2 tot en met 5 zijn van overeenkomstige toepassing.
6. In afwijking van het eerste lid, doet de Minister alvorens hij een kennisgeving van overgang, gedaan op grond van [artikel 104, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11), in behandeling neemt, van deze kennisgeving schriftelijk mededeling aan iedere hypotheekhouder die het bedrijf waarvan het productierecht afkomstig is en dat het later gedurende hetzelfde kalenderjaar terugontvangt, bij de Minister voor de toepassing van deze paragraaf ter registratie heeft aangemeld, indien overeenkomstig [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-02-11&g=2026-02-11), registratie door de Minister daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. De Minister neemt de kennisgeving van overgang niet in behandeling gedurende 30 dagen na dagtekening van deze mededeling. De leden 2 tot en met 5 zijn van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 106
1. De aanmelding ter registratie, bedoeld in [artikel 105, eerste of zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geschiedt bij de minister.
1. De aanmelding ter registratie, bedoeld in [artikel 105, eerste of zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geschiedt bij de minister.
2. Bij de aanmelding, bedoeld in het eerste lid, worden in ieder geval de volgende gegevens verstrekt:
@@ -1690,13 +1690,13 @@
##### Artikel 107
1. Indien de aanmelding, bedoeld in [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet voor akkoord is medeondertekend door degene op wiens bedrijf de aanmelding betrekking heeft, wordt het bedrijf slechts geregistreerd, indien de hypotheekhouder bij het verzoek tevens een uittreksel van het in [artikel 260, eerste lid, van boek 3 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005291&artikel=260) bedoelde openbare register overlegt, waaruit blijkt op welke registergoederen behorend tot het bedrijf een hypotheekrecht is gevestigd.
2. De minister doet van de registratie, bedoeld in het eerste lid, schriftelijk mededeling aan degene op wiens bedrijf de registratie betrekking heeft. Indien deze binnen 30 dagen na dagtekening van deze mededeling aan de minister verklaart dat de geregistreerde gegevens niet juist zijn, gelden in plaats van [artikel 105](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01) de volgende leden.
1. Indien de aanmelding, bedoeld in [artikel 106, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=106&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet voor akkoord is medeondertekend door degene op wiens bedrijf de aanmelding betrekking heeft, wordt het bedrijf slechts geregistreerd, indien de hypotheekhouder bij het verzoek tevens een uittreksel van het in [artikel 260, eerste lid, van boek 3 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005291&artikel=260) bedoelde openbare register overlegt, waaruit blijkt op welke registergoederen behorend tot het bedrijf een hypotheekrecht is gevestigd.
2. De minister doet van de registratie, bedoeld in het eerste lid, schriftelijk mededeling aan degene op wiens bedrijf de registratie betrekking heeft. Indien deze binnen 30 dagen na dagtekening van deze mededeling aan de minister verklaart dat de geregistreerde gegevens niet juist zijn, gelden in plaats van [artikel 105](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11) de volgende leden.
3. De minister neemt een kennisgeving van overgang, gedaan door degene op wiens bedrijf de registratie betrekking heeft, niet in behandeling zolang de hypotheekhouder de registratie niet laat doorhalen, doch hoogstens gedurende negentig dagen na dagtekening van de schriftelijke mededeling, bedoeld in het tweede lid.
4. De termijn, bedoeld in het derde lid, wordt eenmalig met negentig dagen verlengd indien de hypotheekhouder daartoe binnen de eerstgenoemde termijn een verzoek doet aan de minister, onder gelijktijdige overlegging van een rechterlijke uitspraak of een verklaring van een notaris als bedoeld in [artikel 105, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
4. De termijn, bedoeld in het derde lid, wordt eenmalig met negentig dagen verlengd indien de hypotheekhouder daartoe binnen de eerstgenoemde termijn een verzoek doet aan de minister, onder gelijktijdige overlegging van een rechterlijke uitspraak of een verklaring van een notaris als bedoeld in [artikel 105, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
5. De registratie wordt doorgehaald na afloop van de in het derde, dan wel in voorkomend geval in het vierde lid bedoelde termijn.
@@ -1720,9 +1720,9 @@
- b. gegevens over het aantal varkenseenheden, onderscheidenlijk pluimvee-eenheden, of kilogrammen fosfaat waarop de kennisgeving betrekking heeft;
- c. de dagtekening van de mededeling, bedoeld in [artikel 107, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=107&z=2026-01-01&g=2026-01-01); en
- d. de indiening of het achterwege blijven van de verklaring bedoeld in [artikel 107, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=107&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- c. de dagtekening van de mededeling, bedoeld in [artikel 107, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=107&z=2026-02-11&g=2026-02-11); en
- d. de indiening of het achterwege blijven van de verklaring bedoeld in [artikel 107, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=107&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
#### § 2. Afgevoerde en aangevoerde dierlijke meststoffen
@@ -1740,11 +1740,11 @@
##### Artikel 111
1. Een kennisgeving van overgang, bedoeld in [artikel 104, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt eerst geregistreerd nadat de verwerver een bedrag van € 100 aan de minister heeft voldaan.
2. Een kennisgeving van overgang, bedoeld in [artikel 104, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt geregistreerd nadat de verwerver die het productierecht later gedurende hetzelfde kalenderjaar teruggeeft, een bedrag van € 100 aan de Minister heeft voldaan.
3. Een aanmelding ter registratie, bedoeld in [artikel 105, eerste of zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt voor de toepassing van [paragraaf 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&z=2026-01-01&g=2026-01-01) eerst in behandeling genomen nadat een bedrag van € 35 aan de minister is voldaan.
1. Een kennisgeving van overgang, bedoeld in [artikel 104, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt eerst geregistreerd nadat de verwerver een bedrag van € 100 aan de minister heeft voldaan.
2. Een kennisgeving van overgang, bedoeld in [artikel 104, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt geregistreerd nadat de verwerver die het productierecht later gedurende hetzelfde kalenderjaar teruggeeft, een bedrag van € 100 aan de Minister heeft voldaan.
3. Een aanmelding ter registratie, bedoeld in [artikel 105, eerste of zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt voor de toepassing van [paragraaf 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&z=2026-02-11&g=2026-02-11) eerst in behandeling genomen nadat een bedrag van € 35 aan de minister is voldaan.
4. Indien de minister op grond van [artikel 29, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=29) niet tot registratie overgaat, wordt het bedrag, bedoeld in het eerste of tweede lid, aan de betaler gerestitueerd.
@@ -1782,21 +1782,21 @@
1. Een aanvraag voor ontheffing wordt ingediend met gebruikmaking van een middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld.
2. Indien een aanvraag als bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt ingediend en de aanvrager met een stalcertificaat als bedoeld in [artikel 117, tweede lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=117&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wil aantonen dat de varkens of het pluimvee waarop de uitbreiding betrekking heeft in een integraal duurzame stal worden gehouden, gaat de aanvraag vergezeld van een kopie van dat stalcertificaat.
2. Indien een aanvraag als bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt ingediend en de aanvrager met een stalcertificaat als bedoeld in [artikel 117, tweede lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=117&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wil aantonen dat de varkens of het pluimvee waarop de uitbreiding betrekking heeft in een integraal duurzame stal worden gehouden, gaat de aanvraag vergezeld van een kopie van dat stalcertificaat.
##### Artikel 116
1. De minister verdeelt het aantal beschikbare varkenseenheden in de volgorde van rangschikking, waarbij de aanvragen, bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-01-01&g=2026-01-01), hoger worden gerangschikt dan de aanvragen, bedoeld in artikel 114, tweede lid, onderdeel b.
2. Indien er meer aanvragen voor varkenseenheden worden ingediend dan het aantal, genoemd in [artikel 113, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=113&z=2026-01-01&g=2026-01-01), verdeelt de minister het aantal beschikbare varkenseenheden door middel van loting tussen de aanvragen die op grond van de rangschikking voor verdeling in aanmerking komen.
3. De minister verdeelt het aantal beschikbare pluimvee-eenheden in de volgorde van rangschikking, waarbij de aanvragen, bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-01-01&g=2026-01-01), hoger worden gerangschikt dan de aanvragen, bedoeld in artikel 114, tweede lid, onderdeel b.
4. Indien er meer aanvragen voor pluimvee-eenheden worden ingediend dan het aantal, genoemd in [artikel 113, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=113&z=2026-01-01&g=2026-01-01), verdeelt de minister het aantal beschikbare pluimvee-eenheden door middel van loting tussen de aanvragen die op grond van de rangschikking voor verdeling in aanmerking komen.
1. De minister verdeelt het aantal beschikbare varkenseenheden in de volgorde van rangschikking, waarbij de aanvragen, bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-02-11&g=2026-02-11), hoger worden gerangschikt dan de aanvragen, bedoeld in artikel 114, tweede lid, onderdeel b.
2. Indien er meer aanvragen voor varkenseenheden worden ingediend dan het aantal, genoemd in [artikel 113, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=113&z=2026-02-11&g=2026-02-11), verdeelt de minister het aantal beschikbare varkenseenheden door middel van loting tussen de aanvragen die op grond van de rangschikking voor verdeling in aanmerking komen.
3. De minister verdeelt het aantal beschikbare pluimvee-eenheden in de volgorde van rangschikking, waarbij de aanvragen, bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-02-11&g=2026-02-11), hoger worden gerangschikt dan de aanvragen, bedoeld in artikel 114, tweede lid, onderdeel b.
4. Indien er meer aanvragen voor pluimvee-eenheden worden ingediend dan het aantal, genoemd in [artikel 113, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=113&z=2026-02-11&g=2026-02-11), verdeelt de minister het aantal beschikbare pluimvee-eenheden door middel van loting tussen de aanvragen die op grond van de rangschikking voor verdeling in aanmerking komen.
##### Artikel 117
1. De aanvrager die een aanvraag als bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-01-01&g=2026-01-01), heeft ingediend, houdt de varkens of het pluimvee waarop de uitbreiding betrekking heeft in een integraal duurzame stal.
1. De aanvrager die een aanvraag als bedoeld in [artikel 114, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=114&z=2026-02-11&g=2026-02-11), heeft ingediend, houdt de varkens of het pluimvee waarop de uitbreiding betrekking heeft in een integraal duurzame stal.
2. De aanvrager kan aantonen dat hij beschikt over een integraal duurzame stal indien hij beschikt over:
@@ -1826,11 +1826,11 @@
##### Artikel 121
1. Op ontheffingen die op grond van [artikel 112](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=112&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet zijn verleend voor de datum waarop deze regeling in werking treedt, blijft paragraaf 5 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet, zoals deze luidde op de dag voor inwerkingtreding van deze regeling van toepassing.
2. De landbouwer aan wie ontheffing op grond van [artikel 112](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=112&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffen wet is verleend voor de datum waarop deze regeling in werking treedt, voldoet tevens aan de voorwaarden van paragraaf 5 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet indien hij 100% van de hoeveelheid dierlijke meststoffen van zijn bedrijfsoverschot overeenkomstig [artikel 33a, derde lid, onderdeel a of b, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) laat verwerken.
3. In afwijking van [artikel 119](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=119&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet zoals dat luidde op de dag voor inwerkingtreding van deze regeling, vervallen de ontheffingen, bedoeld in het eerste lid, op 1 januari 2018.
1. Op ontheffingen die op grond van [artikel 112](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=112&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet zijn verleend voor de datum waarop deze regeling in werking treedt, blijft paragraaf 5 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet, zoals deze luidde op de dag voor inwerkingtreding van deze regeling van toepassing.
2. De landbouwer aan wie ontheffing op grond van [artikel 112](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=112&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffen wet is verleend voor de datum waarop deze regeling in werking treedt, voldoet tevens aan de voorwaarden van paragraaf 5 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet indien hij 100% van de hoeveelheid dierlijke meststoffen van zijn bedrijfsoverschot overeenkomstig [artikel 33a, derde lid, onderdeel a of b, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) laat verwerken.
3. In afwijking van [artikel 119](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=5&artikel=119&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet zoals dat luidde op de dag voor inwerkingtreding van deze regeling, vervallen de ontheffingen, bedoeld in het eerste lid, op 1 januari 2018.
### Hoofdstuk 11. Overige bepalingen
@@ -3032,13 +3032,13 @@
4 Behorende bij [artikel 73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2023-03-01&g=2023-03-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Alleen relevant voor de graasdieren en daarmee niet van toepassing op diercategorieën die vallen onder de staldieren.
De stikstofexcreties van staldieren moeten berekend worden conform de stalbalans. In deze tabel zijn voor staldieren wel excretieforfaits opgenomen als hulpmiddel om te bepalen of gebruik gemaakt kan worden van [artikel 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
De stikstofexcreties van staldieren moeten berekend worden conform de stalbalans. In deze tabel zijn voor staldieren wel excretieforfaits opgenomen als hulpmiddel om te bepalen of gebruik gemaakt kan worden van [artikel 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
1 Als de omschrijving van de categorieën niet aansluit bij de voorkomende situatie dienen de forfaits gehanteerd te worden van de categorie die het best aansluit bij de voorkomende situatie.
### 4. Automatische positiebepaling van satellietvolgapparatuur
3 Behorende bij de [artikelen 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Met betrekking tot artikel 73 alleen relevant voor de graasdieren en daarmee niet van toepassing op diercategorieën die vallen onder de staldieren.
3 Behorende bij de [artikelen 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Met betrekking tot artikel 73 alleen relevant voor de graasdieren en daarmee niet van toepassing op diercategorieën die vallen onder de staldieren.
## Bijlage C. behorende bij [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2025-04-19&g=2025-04-19)
@@ -3062,7 +3062,7 @@
## Bijlage E. behorende bij de [artikelen 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2006-01-01&g=2006-01-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2006-01-01&g=2006-01-01) en [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2006-01-01&g=2006-01-01)
### Tabel IV. Aan- en afvoer van eieren, behorende bij [artikel 103](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=103&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel IV. Aan- en afvoer van eieren, behorende bij [artikel 103](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=103&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
### Tabel IV. Aan- en afvoer van eieren, behorende bij [artikel 103](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=103&z=2023-11-02&g=2023-11-02)
@@ -3130,7 +3130,7 @@
NEN-EN-ISO/IEC 17020
Organisaties die wensen onafhankelijk monsternemer te worden in het kader van de [Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054), kunnen bij de RvA een accreditatie aanvragen. De organisatie vraagt tevens een erkenning aan bij de Minister, zoals verwoord in [artikel 78c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de regeling.
Organisaties die wensen onafhankelijk monsternemer te worden in het kader van de [Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054), kunnen bij de RvA een accreditatie aanvragen. De organisatie vraagt tevens een erkenning aan bij de Minister, zoals verwoord in [artikel 78c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de regeling.
Als aangetoond is dat aan de eisen van AP06 kan worden voldaan kan de RvA deze organisatie hiervoor accrediteren.
@@ -3216,7 +3216,7 @@
Houd de boor aan de handgreep vast en plaats hem verticaal of onder een hoek op de mesthoop. Draai de boor rechtsom en met enige druk de hoop in. Na ongeveer 2¼ volledige rondes (van 360°) heeft de boor zich 10 cm in de hoop gegraven en is de boor tot de beugel gevuld met voldoende mestmateriaal. Afhankelijk van de samenstelling van de mesthoop moet vaker of minder vaak gedraaid worden om het gewenste resultaat te bereiken. Voor het nemen van een monster op grotere diepte dient een schacht geboord te worden tot het gewenste bemonsteringspunt is bereikt. Zo nodig moet hierbij een aantal keren een volle boor uit de mesthoop getrokken worden om tot de gewenste monsterdiepte te komen. Dit materiaal behoort niet tot het monster.
Het laboratoriummonster wordt in een schone en lekvrije monsterverpakking gedaan en voorzien van een unieke identificatie. De monsterverpakking en identificatie dienen te voldoen aan de beschrijving in [Bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01) (AP05) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet.
Het laboratoriummonster wordt in een schone en lekvrije monsterverpakking gedaan en voorzien van een unieke identificatie. De monsterverpakking en identificatie dienen te voldoen aan de beschrijving in [Bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11) (AP05) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet.
### 5.7. Verpakking, transport en overdracht voor analyse
@@ -3290,7 +3290,7 @@
Naast de beoordelingen door de RvA ziet de NVWA toe op naleving van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Daarbij kan de NVWA ook eisen uit AP06 betrekken.
Iedere monsternemende organisatie stuurt de planning van de bedrijfsbezoeken de werkdag van te voren voor 15:00 uur naar de NVWA ([artikel 78l](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de regeling). Hierdoor heeft de NVWA de mogelijkheid om ter plaatse en ten tijde van de monsterneming aanwezig te zijn om de uitvoering door de monsternemer van het protocol te beoordelen en om zo nodig (op een later tijdstip) zelf een controlemonster te nemen.
Iedere monsternemende organisatie stuurt de planning van de bedrijfsbezoeken de werkdag van te voren voor 15:00 uur naar de NVWA ([artikel 78l](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de regeling). Hierdoor heeft de NVWA de mogelijkheid om ter plaatse en ten tijde van de monsterneming aanwezig te zijn om de uitvoering door de monsternemer van het protocol te beoordelen en om zo nodig (op een later tijdstip) zelf een controlemonster te nemen.
De NVWA-inspecteur zal daarbij aandacht hebben voor:
@@ -3660,7 +3660,7 @@
NEN 7431: Dierlijke mest en mestproducten. Monstervoorbehandeling door mengen, drogen en malen. Stapelbare mest
### Tabel I behorende bij de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [63](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [67](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel I behorende bij de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [62](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [63](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [67](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
NEN 7434: Dierlijke mest en mestproducten. Bepaling van het gehalte aan stikstof in destruaten.
@@ -3668,7 +3668,7 @@
** champost is het product dat van de champignonkweker wordt afgevoerd.
### Tabel III behorende bij de artikelen 35d, 35f en [81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel III behorende bij de artikelen 35d, 35f en [81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
xiii mineralenconcentraat dat is geproduceerd door een overeenkomstig artikel 35b aangewezen producent en dat wordt vervoerd naar een in artikel 35f, eerste lid, bedoelde landbouwer.
@@ -3706,7 +3706,7 @@
Wanneer in één maand één monster wordt aangeboden ten behoeve van het twaalf-maandsgemiddelde, wordt de berekening van het twaalf-maandsgemiddelde gemaakt op basis van het analyseresultaat van dit monster.
In [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet staat dat de ondernemer, in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd, het gehalte aan stikstof, fosfaat en droge stof baseert op:
In [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet staat dat de ondernemer, in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd, het gehalte aan stikstof, fosfaat en droge stof baseert op:
Wanneer in één maand meerdere monsters worden aangeboden ten behoeve van het twaalf-maandsgemiddelde, wordt eerst het gemiddelde analyseresultaat van die maand berekend op basis van de analyseresultaten van die monsters. Vervolgens wordt de berekening van het twaalf-maansgemiddelde gemaakt op basis van de het gemiddelde analyseresultaat van die maand.
@@ -3762,7 +3762,7 @@
2. Indien een hoeveelheid vaste meststoffen die ten hoogste 10% vaste dierlijke meststoffen of 10% champost bevat, van een onderneming wordt afgevoerd naar een afnemer, die geen bedrijf of intermediaire onderneming voert, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald overeenkomstig het eerste lid, onderdelen a en b.
3. De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste en tweede lid.
3. De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste en tweede lid.
4. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste en het tweede lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
@@ -4564,9 +4564,9 @@
### Tabel IB. Excretieforfaits en stikstofcorrectie biologisch gehouden dieren, behorende bij de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [74a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=74a&z=2023-03-01&g=2023-03-01) en [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2023-03-01&g=2023-03-01)
2 Behorende bij [artikel 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet.
4 Behorende bij [artikel 73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Alleen relevant voor de graasdieren en daarmee niet van toepassing op diercategorieën die vallen onder de staldieren.
2 Behorende bij [artikel 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet.
4 Behorende bij [artikel 73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Alleen relevant voor de graasdieren en daarmee niet van toepassing op diercategorieën die vallen onder de staldieren.
## Bijlage D. Diergebonden normen
@@ -5149,17 +5149,17 @@
### 7. Signalering van storingen
5 Behorende bij [artikel 96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet.
### Tabel IB. Excretieforfaits en stikstofcorrectie biologisch gehouden dieren, behorende bij de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [74a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=74a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
De stikstofexcreties van staldieren moeten berekend worden conform de stalbalans. In deze tabel zijn voor staldieren wel excretieforfaits opgenomen als hulpmiddel om te bepalen of gebruik gemaakt kan worden van [artikel 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
5 Behorende bij [artikel 96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet.
### Tabel IB. Excretieforfaits en stikstofcorrectie biologisch gehouden dieren, behorende bij de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [74a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=74a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
De stikstofexcreties van staldieren moeten berekend worden conform de stalbalans. In deze tabel zijn voor staldieren wel excretieforfaits opgenomen als hulpmiddel om te bepalen of gebruik gemaakt kan worden van [artikel 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
## Bijlage D. Diergebonden normen
Stikstofexcretie en fosfaatexcretie per koe (in kg N respectievelijk kg P2O5 per jaar) in relatie tot melkproductie per jaar en ureumgehalte in de melk. Excretie na aftrek vluchtige N.
### Tabel III. Aan- en afvoer van staldieren, behorende bij [artikel 102](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=102&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel III. Aan- en afvoer van staldieren, behorende bij [artikel 102](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=102&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
De stikstofexcreties van staldieren moeten berekend worden conform de stalbalans. In deze tabel zijn voor staldieren wel excretieforfaits opgenomen als hulpmiddel om te bepalen of gebruik gemaakt kan worden van [artikel 43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2025-04-19&g=2025-04-19).
@@ -5245,7 +5245,7 @@
NEN 7433: Dierlijke mest en mestproducten. Monstervoorbehandeling voor de bepaling van stikstof, fosfor en kalium. Ontsluiting met zwavelzuur, waterstofperoxyde en kopersulfaat.
### Tabel II behorende bij [artikel 69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel II behorende bij [artikel 69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
CSS 99022 Soil, sludge and treated biowaste – Determination of dry matter – Gravimetric method. (www.ecn.nl/horizontal).
@@ -5657,7 +5657,7 @@
1. Indien een vracht bestaat uit mestkorrels, geldt dat het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van het gewicht, onderscheidenlijk het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte, zoals vermeld op de verpakking van de mestkorrels of het begeleidende document bij de mestkorrels.
2. De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
2. De [artikelen 48 tot en met 51 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en de [artikelen 53 tot en met 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. Het vervoer van een vracht mestkorrels gaat vergezeld van een document dat in ieder geval gegevens bevat over:
@@ -5681,7 +5681,7 @@
2. De bemonstering van een hoeveelheid zuiveringsslib of compost geschiedt door de producent. Hij stelt per geproduceerde hoeveelheid van ten hoogste 2.000.000 kilogram, een representatief monster samen, bestaande uit deelmonsters die volgens algemeen geldende bemonsteringsprincipes evenredig verspreid uit de betrokken partij worden genomen. Indien de geproduceerde hoeveelheid groter is dan 2.000.000 kilogram, wordt deze allereerst verdeeld in partijen van ten hoogste 2.000.000 kilogram.
3. Indien zuiveringsslib of compost in een continu proces wordt geproduceerd, kan de desbetreffende producent ervoor kiezen dat het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte alsmede het drogestof gehalte ervan, in zoverre in afwijking van de voorgaande leden, overeen komen met het over de afgelopen twaalf maanden overeenkomstig [artikel 92b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), berekende twaalf-maandsgemiddelde stikstof-, fosfaat- en drogestof gehalte, mits:
3. Indien zuiveringsslib of compost in een continu proces wordt geproduceerd, kan de desbetreffende producent ervoor kiezen dat het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte alsmede het drogestof gehalte ervan, in zoverre in afwijking van de voorgaande leden, overeen komen met het over de afgelopen twaalf maanden overeenkomstig [artikel 92b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), berekende twaalf-maandsgemiddelde stikstof-, fosfaat- en drogestof gehalte, mits:
- a. de voor de productie van het zuiveringsslib of de compost gebruikte ingangsmaterialen van constante samenstelling zijn;
@@ -5693,13 +5693,13 @@
5. Het monster wordt door de producent uiterlijk tien werkdagen na bemonstering toegestuurd aan een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
6. Indien het monster afkomstig is uit een hoeveelheid die in een continu proces is geproduceerd, geeft de betrokken producent bij het verzenden ervan aan of de analyseresultaten van dit monster gebruikt moeten worden bij de in [artikel 92b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedoelde berekening.
6. Indien het monster afkomstig is uit een hoeveelheid die in een continu proces is geproduceerd, geeft de betrokken producent bij het verzenden ervan aan of de analyseresultaten van dit monster gebruikt moeten worden bij de in [artikel 92b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedoelde berekening.
##### Artikel 92b
1. Het laboratorium, bedoeld in [artikel 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), analyseert de monsters uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst overeenkomstig het protocol, dat is opgenomen in [bijlage Ia, onderdeel A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ia&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat.
2. Indien dit ten aanzien van het monster overeenkomstig [artikel 92a, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is aangegeven, berekent het laboratorium op basis van de meest recente analyseresultaten, het gemiddelde stikstof-, fosfaat- en drogestofgehalte over de afgelopen twaalf maanden overeenkomstig de in [bijlage Ia, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ia&z=2026-01-01&g=2026-01-01), opgenomen berekeningsmethode.
1. Het laboratorium, bedoeld in [artikel 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), analyseert de monsters uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst overeenkomstig het protocol, dat is opgenomen in [bijlage Ia, onderdeel A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ia&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of door middel van een methode die tenminste dezelfde waarborgen omvat.
2. Indien dit ten aanzien van het monster overeenkomstig [artikel 92a, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is aangegeven, berekent het laboratorium op basis van de meest recente analyseresultaten, het gemiddelde stikstof-, fosfaat- en drogestofgehalte over de afgelopen twaalf maanden overeenkomstig de in [bijlage Ia, onderdeel B](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ia&z=2026-02-11&g=2026-02-11), opgenomen berekeningsmethode.
3. Het laboratorium voorziet de analyseresultaten dan wel de overeenkomstig het tweede lid berekende gemiddelde gehalten van een uniek analysenummer van ten hoogste twaalf posities.
@@ -6441,7 +6441,7 @@
### **I. Protocol vaststelling gehalten vochtrijke voedermiddelen**
## bijlage Ia. behorende bij [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## bijlage Ia. behorende bij [artikel 92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## Bijlage I. Forfaitaire mineralengehalten in dierlijke mest
@@ -8432,7 +8432,7 @@
Trek de boor met grond uit de bodem en breng de grond over in een stevige plastic zak of papieren zak met polyethyleen bekleding. Verzamel op deze wijze grond op alle bemonsteringspunten en breng dit samen in een zak. De booromvang is dusdanig groot dat de massa van het mengmonster ten minste 0,5 kilogram bedraagt. Op alle bemonsteringspunten wordt een gelijke hoeveelheid grond verzameld.
Het grondmonster is binnen drie dagen na de dag van monstername gedroogd. Indien het drogen van het mengmonster binnen de genoemde termijn niet mogelijk is, wordt het grondmonster in een niet-luchtdicht afgesloten plastic zak bij 5°C ± 3°C in het donker bewaard. Het monster mag ten hoogste drie maanden worden bewaard. Indien het monster niet binnen deze drie maanden geanalyseerd wordt, dient een nieuw (meng)monster genomen te worden. Een monster kan slechts eenmalig geanalyseerd worden ten behoeve van een geldig analyserapport als bedoeld te komen in [artikel 103a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Voor een geldige nieuwe analyse dienen nieuwe monsters volgens dit protocol te worden gestoken.
Het grondmonster is binnen drie dagen na de dag van monstername gedroogd. Indien het drogen van het mengmonster binnen de genoemde termijn niet mogelijk is, wordt het grondmonster in een niet-luchtdicht afgesloten plastic zak bij 5°C ± 3°C in het donker bewaard. Het monster mag ten hoogste drie maanden worden bewaard. Indien het monster niet binnen deze drie maanden geanalyseerd wordt, dient een nieuw (meng)monster genomen te worden. Een monster kan slechts eenmalig geanalyseerd worden ten behoeve van een geldig analyserapport als bedoeld te komen in [artikel 103a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Voor een geldige nieuwe analyse dienen nieuwe monsters volgens dit protocol te worden gestoken.
Stel met Global Navigation Satellite System (GNSS) de omvang en vorm van dit perceel dan wel perceelsdeel vast. Bij niet rechthoekige percelen dan wel perceelsdelen worden zoveel extra punten meegenomen dat de contouren ervan vastgelegd zijn. De afwijking van de GNSS mag niet groter zijn dan 5 meter. De teeltvrije zones, bedoeld in [artikel 4.723a, derde lid, onderdeel c, van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.723a), en de bufferstrook, bedoeld in [artikel 4.1199c, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199c), en [artikel 4.1212b, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1212b), worden bij deze bepaling buiten beschouwing gelaten. Indien het perceel dan wel perceeldeel verdeeld is onder meerdere gebruikers, dan wordt alleen het deel van het perceel dat in gebruik is door de aanvrager geregistreerd en bemonsterd. Het mengmonster wordt samengesteld uit een minimum van 40 deelmonsters die gestoken worden uit het gehele perceel dan wel perceeldeel. Op elk bemonsteringspunt wordt grond bemonsterd van de voorgeschreven bodemlaag. De hoeveelheid (volume) gestoken grond is gelijk voor alle bemonsteringspunten. Bemonstering van het betreffende perceel vindt minimaal twee maanden na bekalking plaats.
@@ -8937,11 +8937,11 @@
##### Artikel 28a
1. De hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 28, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt voor onderstaande gewassen vermeerderd met de hoeveelheid stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, voor zover de teelt van deze gewassen op kleigrond plaatsvindt:
1. De hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 28, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt voor onderstaande gewassen vermeerderd met de hoeveelheid stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, voor zover de teelt van deze gewassen op kleigrond plaatsvindt:
- a. voor zover het gewas suikerbieten betreft, 15 kilogrammen stikstof, indien de gemiddelde opbrengst van het totale areaal suikerbieten dat op het desbetreffende bedrijf op kleigrond werd geteeld, gemeten over de drie aan het desbetreffende jaar voorafgaande jaren, ten minste 75 ton per hectare bedroeg;
- b. voor zover het de in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel 5, genoemde consumptieaardappelrassen betreft, 30 kilogrammen stikstof, indien de gemiddelde opbrengst van het totale areaal van deze consumptieaardappelrassen dat op het desbetreffende bedrijf op kleigrond werd geteeld, gemeten over de drie aan het desbetreffende jaar voorafgaande jaren, ten minste 50 ton per hectare bedroeg;
- b. voor zover het de in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel 5, genoemde consumptieaardappelrassen betreft, 30 kilogrammen stikstof, indien de gemiddelde opbrengst van het totale areaal van deze consumptieaardappelrassen dat op het desbetreffende bedrijf op kleigrond werd geteeld, gemeten over de drie aan het desbetreffende jaar voorafgaande jaren, ten minste 50 ton per hectare bedroeg;
- c. voor zover het gewas wintertarwe betreft, 15 kilogrammen stikstof, indien de gemiddelde opbrengst van het totale areaal wintertarwe dat op het desbetreffende bedrijf op kleigrond werd geteeld, gemeten over de drie aan het desbetreffende jaar voorafgaande jaren, ten minste 9 ton per hectare bedroeg;
@@ -8991,7 +8991,7 @@
##### Artikel 51a
1. Op de opslagruimten voor vloeibaar zuiveringsslib, bedoeld in [artikel 51, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden de door de minister verstrekte registratienummers ter identificatie van de afzonderlijke opslagruimten aangebracht, op zodanige wijze dat het nummer steeds duidelijk zichtbaar en leesbaar is.
1. Op de opslagruimten voor vloeibaar zuiveringsslib, bedoeld in [artikel 51, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden de door de minister verstrekte registratienummers ter identificatie van de afzonderlijke opslagruimten aangebracht, op zodanige wijze dat het nummer steeds duidelijk zichtbaar en leesbaar is.
2. De opslagruimten voor vloeibaar zuiveringsslib worden in de administratie en bij de verstrekking van gegevens mede aangeduid met het registratienummer van de opslagruimte, bedoeld in het eerste lid.
@@ -9011,7 +9011,7 @@
##### Artikel 92c
Ingeval een hoeveelheid vloeibaar zuiveringsslib die afkomstig is uit een opslagruimte voor vloeibaar zuiveringsslib als bedoeld in [artikel 39, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) of in [artikel 51, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en die rechtstreeks van de desbetreffende onderneming wordt afgevoerd naar een bedrijf, komt het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte alsmede het drogestofgehalte van de desbetreffende hoeveelheid zuiveringsslib, in afwijking van [artikel 68, eerste lid van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), overeen met het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte onderscheidenlijk het drogestofgehalte zoals dat voor de in de desbetreffende opslag aanwezige hoeveelheid zuiveringsslib met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of artikel 51, vijfde lid, bedoelde formulier, of de in artikel 46, tweede lid, genoemde andere gegevensdragers is berekend en zoals dat voordat de afvoer plaatsvond, overeenkomstig [artikel 48, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of [52, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-01-01&g=2026-01-01), aan de minister is verstrekt.
Ingeval een hoeveelheid vloeibaar zuiveringsslib die afkomstig is uit een opslagruimte voor vloeibaar zuiveringsslib als bedoeld in [artikel 39, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) of in [artikel 51, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en die rechtstreeks van de desbetreffende onderneming wordt afgevoerd naar een bedrijf, komt het stikstofgehalte en het fosfaatgehalte alsmede het drogestofgehalte van de desbetreffende hoeveelheid zuiveringsslib, in afwijking van [artikel 68, eerste lid van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), overeen met het stikstofgehalte, het fosfaatgehalte onderscheidenlijk het drogestofgehalte zoals dat voor de in de desbetreffende opslag aanwezige hoeveelheid zuiveringsslib met gebruikmaking van het in [artikel 46, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of artikel 51, vijfde lid, bedoelde formulier, of de in artikel 46, tweede lid, genoemde andere gegevensdragers is berekend en zoals dat voordat de afvoer plaatsvond, overeenkomstig [artikel 48, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of [52, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-02-11&g=2026-02-11), aan de minister is verstrekt.
#### § 2. Afgevoerde en aangevoerde dierlijke meststoffen
@@ -9061,15 +9061,15 @@
##### Artikel 103b
1. Het laboratorium dat de in [artikel 103a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bedoelde vaststelling heeft verricht, verstrekt de landbouwer het analyserapport en verstrekt desgevraagd gegevens over die vaststelling aan de minister.
2. De landbouwer meldt de fosfaattoestand van het desbetreffende perceel gebaseerd op het op grond van [artikel 103a, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geldige analyserapport, uiterlijk 15 mei van het desbetreffende kalenderjaar.
1. Het laboratorium dat de in [artikel 103a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bedoelde vaststelling heeft verricht, verstrekt de landbouwer het analyserapport en verstrekt desgevraagd gegevens over die vaststelling aan de minister.
2. De landbouwer meldt de fosfaattoestand van het desbetreffende perceel gebaseerd op het op grond van [artikel 103a, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geldige analyserapport, uiterlijk 15 mei van het desbetreffende kalenderjaar.
3. De landbouwer bewaart het analyserapport als onderdeel van de administratie, bedoeld in [artikel 32 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32).
##### Artikel 103c
1. In afwijking van [artikel 103a, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), kan het laboratorium het nemen van monsters uit de bodem van een perceel uitbesteden aan een derde indien:
1. In afwijking van [artikel 103a, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), kan het laboratorium het nemen van monsters uit de bodem van een perceel uitbesteden aan een derde indien:
- a. de monstername geschiedt onder verantwoordelijkheid van het laboratorium dat de analyse uitvoert;
@@ -9759,7 +9759,7 @@
### Tabel IA. Excretieforfaits en stikstofcorrectie, behorende bij de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2023-03-01&g=2023-03-01), [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2023-03-01&g=2023-03-01) en [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2023-03-01&g=2023-03-01)
### Tabel IA. Excretieforfaits en stikstofcorrectie, behorende bij de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel IA. Excretieforfaits en stikstofcorrectie, behorende bij de [artikelen 36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
## Bijlage Ad. behorende bij [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2025-04-19&g=2025-04-19) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
@@ -9874,7 +9874,7 @@
### Hoofdstuk 9. Controle op naleving
### Tabel IV betreffende mestcodes, behorende bij [artikel 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
### Tabel IV betreffende mestcodes, behorende bij [artikel 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
## Bijlage L. behorende bij [artikel 103a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2010-01-01&g=2010-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
@@ -9916,25 +9916,25 @@
##### Artikel 27a
1. Ten hoogste vier jaren voorafgaand aan 1 februari van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast, zijn de waarde van de fosfaattoestand en de waarde van het stikstofleverende vermogen van de bodem van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond vastgesteld en vastgelegd in een analyserapport door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. Het laboratorium stelt de fosfaattoestand van de bodem vast door middel van bemonstering en analyse van de bodem van de desbetreffende percelen overeenkomstig [artikel 103a, eerste tot en met derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), met dien verstande dat, indien door de landbouwer een gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast, gebruik wordt gemaakt van een methode waarin per vijf hectare van de bodem van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond ten minste één stikstof en fosforanalyse wordt uitgevoerd.
3. Op basis van de analyse, bedoeld in het eerste lid, past het bedrijf het bemestingsplan, bedoeld in [artikel 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-01-01&g=2026-01-01), aan en corrigerende maatregelen toe.
1. Ten hoogste vier jaren voorafgaand aan 1 februari van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast, zijn de waarde van de fosfaattoestand en de waarde van het stikstofleverende vermogen van de bodem van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond vastgesteld en vastgelegd in een analyserapport door een laboratorium dat blijkens accreditatie door de Raad aantoonbaar voldoet aan de norm NEN-EN-ISO/IEC 17025.
2. Het laboratorium stelt de fosfaattoestand van de bodem vast door middel van bemonstering en analyse van de bodem van de desbetreffende percelen overeenkomstig [artikel 103a, eerste tot en met derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), met dien verstande dat, indien door de landbouwer een gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast, gebruik wordt gemaakt van een methode waarin per vijf hectare van de bodem van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond ten minste één stikstof en fosforanalyse wordt uitgevoerd.
3. Op basis van de analyse, bedoeld in het eerste lid, past het bedrijf het bemestingsplan, bedoeld in [artikel 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-02-11&g=2026-02-11), aan en corrigerende maatregelen toe.
4. De landbouwer bewaart het analyserapport als onderdeel van de administratie, bedoeld in [artikel 32 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32).
5. Indien een perceel door de landbouwer in gebruik wordt genomen na 1 februari en vóór 16 mei van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast, vindt de waardevaststelling, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk 7 dagen na de ingebruikname plaats.
5. Indien een perceel door de landbouwer in gebruik wordt genomen na 1 februari en vóór 16 mei van het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast, vindt de waardevaststelling, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk 7 dagen na de ingebruikname plaats.
6. In afwijking van het eerste lid zijn voor 2025 de waarde van de fosfaattoestand en de waarde van het stikstofleverende vermogen van de bodem ten hoogste vier jaar en een maand voorafgaand aan 1 maart 2025 vastgesteld en vastgelegd.
##### Artikel 27b
Als vaststelling van de fosfaattoestand van de bodem, bedoeld in [artikel 27a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt tevens aangemerkt de vaststelling van de fosfaattoestand van de bodem:
- a. die tot en met 31 oktober 2009 is verricht overeenkomstig [artikel 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zoals dit artikel luidde op 31 december 2009; of
- b. bemonstering en analyse van de bodem overeenkomstig het in [bijlage L](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=L&z=2026-01-01&g=2026-01-01) opgenomen protocol met uitzondering van de in onderdeel I, paragraaf 1, voorgeschreven vastlegging van de omvang en vorm van het te bemonsteren perceel dan wel perceelsdeel met een Global Positioning System, voor zover het monsters betreft die in de periode van 1 november 2009 tot 1 januari 2010 uit de desbetreffende bodem zijn genomen.
Als vaststelling van de fosfaattoestand van de bodem, bedoeld in [artikel 27a, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt tevens aangemerkt de vaststelling van de fosfaattoestand van de bodem:
- a. die tot en met 31 oktober 2009 is verricht overeenkomstig [artikel 27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zoals dit artikel luidde op 31 december 2009; of
- b. bemonstering en analyse van de bodem overeenkomstig het in [bijlage L](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=L&z=2026-02-11&g=2026-02-11) opgenomen protocol met uitzondering van de in onderdeel I, paragraaf 1, voorgeschreven vastlegging van de omvang en vorm van het te bemonsteren perceel dan wel perceelsdeel met een Global Positioning System, voor zover het monsters betreft die in de periode van 1 november 2009 tot 1 januari 2010 uit de desbetreffende bodem zijn genomen.
#### § 2. Stikstofgebruiksnorm
@@ -10201,9 +10201,9 @@
### **VI. protocol analyse organische microverontreinigingen**
## Bijlage Ae. Natura 2000-gebieden als bedoeld in [artikel 25a, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
Bijlage bij [artikel 25a, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage Ae. Natura 2000-gebieden als bedoeld in [artikel 25a, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
Bijlage bij [artikel 25a, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25a&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
Aangewezen Natura 2000-gebieden waarbij een zone als bedoeld in artikel 25a, zesde lid, van toepassing is:
@@ -10889,7 +10889,7 @@
### 1. Uiterlijke aanduidingen AGR-apparatuur
## Bijlage C. behorende bij [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage C. behorende bij [artikel 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
Vervallen
@@ -11492,7 +11492,7 @@
| D9 | [2023, 4292](https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dc-2023-4292) | G9 | [2023, 4319](https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dc-2023-4319) | | |
| D10 | [2023, 4293](https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dc-2023-4293) | G10 | [2023, 4320](https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dc-2023-4320) | | |
## Bijlage E. behorende bij de [artikelen 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage E. behorende bij de [artikelen 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
### 5. Versturen van mesttransportgegevens
@@ -11888,7 +11888,7 @@
##### Artikel 104a
Voor de toepassing van [artikel 26, zevende lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=26) geeft het bedrijf waarbinnen de verplaatsing van de varkens-, kippen- of kalkoenhouderij plaatsvindt, van de verplaatsing vooraf kennis aan de minister en verstrekt de overeenkomstige gegevens bedoeld, in [artikel 104, tweede en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
Voor de toepassing van [artikel 26, zevende lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=26) geeft het bedrijf waarbinnen de verplaatsing van de varkens-, kippen- of kalkoenhouderij plaatsvindt, van de verplaatsing vooraf kennis aan de minister en verstrekt de overeenkomstige gegevens bedoeld, in [artikel 104, tweede en vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
#### § 7. Staldieren en eieren
@@ -11916,7 +11916,7 @@
- h. indien de mestbehandeling of de vergisting van de dierlijke meststoffen niet op een adequate wijze kan geschieden als gevolg van een storing van de installatie, doet de landbouwer hiervan binnen drie dagen melding aan de minister, en
- i. wijzigingen in de ingevolge [artikel 104](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01) verstrekte gegevens worden uiterlijk 30 dagen na de datum van de wijziging, onder vermelding van het door de minister ter identificatie van het bedrijf verstrekte relatienummer, gemeld aan de minister.
- i. wijzigingen in de ingevolge [artikel 104](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11) verstrekte gegevens worden uiterlijk 30 dagen na de datum van de wijziging, onder vermelding van het door de minister ter identificatie van het bedrijf verstrekte relatienummer, gemeld aan de minister.
2. Indien niet wordt voldaan aan de voorwaarden, genoemd in het eerste lid, wordt van het op dat bedrijf rustende varkensrecht onderscheidenlijk pluimveerecht dat deel buiten beschouwing gelaten dat volgens [artikel 26, zevende lid, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=26) is overgegaan van een bedrijf dat geheel of gedeeltelijk is gelegen buiten dat concentratiegebied naar een bedrijf dat geheel of gedeeltelijk is gelegen binnen het concentratiegebied.
@@ -13410,7 +13410,7 @@
##### Artikel 27c
Indien niet wordt voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in de [artikelen 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [25c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [27a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is de gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 9, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=9) van toepassing.
Indien niet wordt voldaan aan elk van de voorwaarden, bedoeld in de [artikelen 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [25c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [27](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [27a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is de gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 9, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=9) van toepassing.
#### § 2. Stikstofgebruiksnorm
@@ -13855,19 +13855,19 @@
##### Artikel 37a
De landbouwer stelt in Nederland zijn administratie voor controle beschikbaar aan de krachtens [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-01-01&g=2026-01-01) aangewezen ambtenaren.
De landbouwer stelt in Nederland zijn administratie voor controle beschikbaar aan de krachtens [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-02-11&g=2026-02-11) aangewezen ambtenaren.
### Hoofdstuk 4. Opslagcapaciteit dierlijke meststoffen
##### Artikel 45a
De intermediair stelt in Nederland zijn administratie voor controle beschikbaar aan de krachtens [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-01-01&g=2026-01-01) aangewezen ambtenaren.
De intermediair stelt in Nederland zijn administratie voor controle beschikbaar aan de krachtens [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-02-11&g=2026-02-11) aangewezen ambtenaren.
### Hoofdstuk 7. Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers
##### Artikel 50a
De ondernemer, bedoeld in [artikel 50, eerste tot en met derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-01-01&g=2026-01-01), stelt in Nederland zijn administratie voor controle beschikbaar aan de krachtens [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-01-01&g=2026-01-01) aangewezen ambtenaren.
De ondernemer, bedoeld in [artikel 50, eerste tot en met derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-02-11&g=2026-02-11), stelt in Nederland zijn administratie voor controle beschikbaar aan de krachtens [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-02-11&g=2026-02-11) aangewezen ambtenaren.
### Hoofdstuk 7. Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers
@@ -13877,7 +13877,7 @@
- a. landbouwers die een veehouderijbedrijf exploiteren voor dierlijke productie, als bedoeld in artikel 14 van [Verordening (EU) 2018/848](32748R2018) van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad (PbEU 2018, L 150) en de dierlijke meststoffen overdragen of laten overdragen aan een afnemer die behoort tot de categorie afnemers, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a;
- b. landbouwers die op hun bedrijf dierlijke meststoffen afkomstig van paarden, pony’s of pluimvee produceren, en deze dierlijke meststoffen overdragen of laten overdragen aan een afnemer die behoort tot de categorie afnemers, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, waarbij de afvoer, bedoeld in [artikel 69, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tevens wordt beschouwd als het overdragen of laten overdragen aan een afnemer die behoort tot de categorie afnemers, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b.
- b. landbouwers die op hun bedrijf dierlijke meststoffen afkomstig van paarden, pony’s of pluimvee produceren, en deze dierlijke meststoffen overdragen of laten overdragen aan een afnemer die behoort tot de categorie afnemers, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, waarbij de afvoer, bedoeld in [artikel 69, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tevens wordt beschouwd als het overdragen of laten overdragen aan een afnemer die behoort tot de categorie afnemers, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b.
2. Als categorieën afnemers als bedoeld in [artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 2°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=21) en [artikel 33a, tweede lid, onderdeel b, onder 2°, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) worden aangewezen:
@@ -13897,7 +13897,7 @@
- b. het in Duitsland gelegen perceel en de Nederlandse grens bedraagt ten hoogste 20 kilometer.
2. De voorwaarden, [artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 3°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=21) en [artikel 33a, tweede lid, onderdeel b, onder 3° van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a), zijn de voorwaarden, genoemd in [artikel 87, eerste lid, onderdelen a en d tot en met f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=87&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. De voorwaarden, [artikel 21, tweede lid, onderdeel d, onder 3°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=21) en [artikel 33a, tweede lid, onderdeel b, onder 3° van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a), zijn de voorwaarden, genoemd in [artikel 87, eerste lid, onderdelen a en d tot en met f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=87&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 72c
@@ -13943,11 +13943,11 @@
##### Artikel 75c
Het ureumgehalte als bedoeld in de [artikelen 75a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [75b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt uitgedrukt in milligrammen ureum per 100 gram melk, waarbij de verkregen waarden worden afgerond op hele getallen.
Het ureumgehalte als bedoeld in de [artikelen 75a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [75b, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt uitgedrukt in milligrammen ureum per 100 gram melk, waarbij de verkregen waarden worden afgerond op hele getallen.
##### Artikel 75d
De minister stelt op basis van de berekening, bedoeld in [artikel 75b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), het gewogen gemiddelde ureumgehalte vast van een landbouwer in een kalenderjaar.
De minister stelt op basis van de berekening, bedoeld in [artikel 75b, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), het gewogen gemiddelde ureumgehalte vast van een landbouwer in een kalenderjaar.
##### Artikel 75e
@@ -14889,7 +14889,7 @@
##### Artikel 28b
1. In afwijking van [artikel 28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bedraagt de hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 10, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=10) op bouwland voor een gewasperceel 125 procent van de hoeveelheid stikstof die in [bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voor de desbetreffende grondsoort bij het desbetreffende gewas onder het desbetreffende jaar is vermeld, indien voor dat betreffende gewasperceel:
1. In afwijking van [artikel 28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bedraagt de hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 10, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=10) op bouwland voor een gewasperceel 125 procent van de hoeveelheid stikstof die in [bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voor de desbetreffende grondsoort bij het desbetreffende gewas onder het desbetreffende jaar is vermeld, indien voor dat betreffende gewasperceel:
- a. de betrokken landbouwer schade leidt of dreigt te leiden uit opbrengstderving of kwaliteitsverlies, veroorzaakt door het optreden van een neerslaghoeveelheid die uitgaat boven 50 millimeter in de 24 uur na 08.00 uur of 60 millimeter in de 48 uur na 08.00 uur;
@@ -14897,7 +14897,7 @@
- c. neerslag en opbrengstderving in een rapport door een geregistreerd schade-expert zijn bevestigd, waarin ook melding gemaakt wordt van ligging en areaal van het betreffende gewasperceel;
- d. de hoeveelheid stikstof die boven 100 procent van de in [bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), genoemde hoeveelheid uitgaat, wordt toegediend in de vorm van anorganische meststoffen;
- d. de hoeveelheid stikstof die boven 100 procent van de in [bijlage A, tabel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), genoemde hoeveelheid uitgaat, wordt toegediend in de vorm van anorganische meststoffen;
- e. de landbouwer het voornemen tot bijbemesting vooraf heeft gemeld bij de minister;
@@ -14905,7 +14905,7 @@
- g. de landbouwer als onderdeel van de administratie, bedoeld in [artikel 32 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), het rapport, bedoeld onder c, bewaart.
2. Indien een gewasperceel als bedoeld in het eerste lid gelegen is in een met nutriënten verontreinigd gebied of in een grondwaterbeschermingsgebied als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel g, onder 2°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt voor de toepassing van de 125 procent, bedoeld in het eerste lid, uitgegaan van de overeenkomstig artikel 28, eerste lid, aanhef en onderdeel g, verminderde hoeveelheid stikstof per hectare.
2. Indien een gewasperceel als bedoeld in het eerste lid gelegen is in een met nutriënten verontreinigd gebied of in een grondwaterbeschermingsgebied als bedoeld in [artikel 28, eerste lid, onderdeel g, onder 2°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt voor de toepassing van de 125 procent, bedoeld in het eerste lid, uitgegaan van de overeenkomstig artikel 28, eerste lid, aanhef en onderdeel g, verminderde hoeveelheid stikstof per hectare.
#### § 2. Stikstofgebruiksnorm
@@ -16466,7 +16466,7 @@
| 39 | 190,01 | 195 | € 1.208,90 | | 79 | 390,01 | 395 | € 2.464,90 |
| 40 | 195,01 | 200 | € 1.240,30 | | 80 | 395,01 | 400 | € 2.496,30 |
## Bijlage Ea. behorende bij de [artikelen 78d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78i&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78q](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78q&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [78u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78u&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## Bijlage Ea. behorende bij de [artikelen 78d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78i&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78q](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78q&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [78u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78u&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## Bijlage E. behorende bij de [artikelen 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2015-04-01&g=2015-04-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2015-04-01&g=2015-04-01), [82](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=82&z=2015-04-01&g=2015-04-01) en [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2015-04-01&g=2015-04-01)
@@ -16853,17 +16853,17 @@
##### Artikel 25a
1. De minister verleent een vergunning, indien de landbouwer tijdig een aanvraag, bedoeld in [artikel 25, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01), heeft gedaan en daarbij de verklaringen, bedoeld in artikel 25, tweede en derde lid, heeft gedaan.
1. De minister verleent een vergunning, indien de landbouwer tijdig een aanvraag, bedoeld in [artikel 25, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11), heeft gedaan en daarbij de verklaringen, bedoeld in artikel 25, tweede en derde lid, heeft gedaan.
2. De vergunning wordt verleend voor één kalenderjaar.
3. De vergunning wordt overgedragen ingeval van erfopvolging. De opvolger voldoet aan het bepaalde in deze paragraaf en dient de verklaringen in, bedoeld in [artikel 25, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
4. Onverminderd het derde lid, is de vergunning overdraagbaar ingeval van bedrijfsoverdracht. De betrokken landbouwers doen gezamenlijk een verzoek tot wijziging van de tenaamstelling van de vergunning. De landbouwer op wiens naam de vergunning komt te staan voldoet aan het bepaalde in deze paragraaf en dient de verklaringen in, bedoeld in [artikel 25, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. De vergunning wordt overgedragen ingeval van erfopvolging. De opvolger voldoet aan het bepaalde in deze paragraaf en dient de verklaringen in, bedoeld in [artikel 25, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
4. Onverminderd het derde lid, is de vergunning overdraagbaar ingeval van bedrijfsoverdracht. De betrokken landbouwers doen gezamenlijk een verzoek tot wijziging van de tenaamstelling van de vergunning. De landbouwer op wiens naam de vergunning komt te staan voldoet aan het bepaalde in deze paragraaf en dient de verklaringen in, bedoeld in [artikel 25, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
5. Geen vergunning wordt verleend aan een landbouwer die voor de tot zijn bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond gebruik maakt van een voorziening om runderdrijfmest op een andere wijze aan te wenden dan bepaald in [artikel 4.1199 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199).
6. Voor zover de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond die voor het op of in de bodem brengen van dierlijke meststoffen beschikbaar is, gelegen is in een Natura 2000-gebied als bedoeld in de bijlage bij [artikel 1.1 van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=1.1) of in een zone van 100 meter rondom een Natura 2000-gebied dat is aangewezen in [bijlage Ae](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ae&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt aan een landbouwer geen vergunning verleend. Voor de toepassing van dit lid maakt een perceel landbouwgrond deel uit van dat gebied of van die zone indien het perceel landbouwgrond ten minste voor de helft van de oppervlakte daarin gelegen is.
6. Voor zover de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond die voor het op of in de bodem brengen van dierlijke meststoffen beschikbaar is, gelegen is in een Natura 2000-gebied als bedoeld in de bijlage bij [artikel 1.1 van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=1.1) of in een zone van 100 meter rondom een Natura 2000-gebied dat is aangewezen in [bijlage Ae](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ae&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt aan een landbouwer geen vergunning verleend. Voor de toepassing van dit lid maakt een perceel landbouwgrond deel uit van dat gebied of van die zone indien het perceel landbouwgrond ten minste voor de helft van de oppervlakte daarin gelegen is.
7. Voor zover de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond die voor het op of in de bodem brengen van dierlijke meststoffen beschikbaar is, gelegen is in een op grond van [artikel 7.11 van het Besluit kwaliteit leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041313&artikel=7.11) bij of krachtens omgevingsverordening aangewezen grondwaterbeschermingsgebied, wordt aan een landbouwer geen vergunning verleend. Voor de toepassing van dit lid maakt een perceel landbouwgrond deel uit van het grondwaterbeschermingsgebied indien het perceel landbouwgrond ten minste voor de helft van de oppervlakte daarin gelegen is.
@@ -16873,7 +16873,7 @@
2. De minister trekt een vergunning voorts in, indien de landbouwer dit verzoekt.
3. Indien de minister de vergunning voor een bepaald kalenderjaar heeft ingetrokken op grond van het eerste lid, is de landbouwer voor het daaropvolgende kalenderjaar uitgesloten van het kunnen doen van een aanvraag, bedoeld in [artikel 25, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. Indien de minister de vergunning voor een bepaald kalenderjaar heeft ingetrokken op grond van het eerste lid, is de landbouwer voor het daaropvolgende kalenderjaar uitgesloten van het kunnen doen van een aanvraag, bedoeld in [artikel 25, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
#### § 5. Tijdelijke vrijstelling mineralenconcentraat
@@ -18148,7 +18148,7 @@
- c. de hoeveelheid stikstof en fosfaat in kilogrammen die wordt overgedragen;
- d. de soort mest die wordt overgedragen, onderscheiden naar meststoffen als bedoeld in [artikel 42, eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- d. de soort mest die wordt overgedragen, onderscheiden naar meststoffen als bedoeld in [artikel 42, eerste lid, onderdeel a, onder 1° tot en met 4°](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
3. Indien in afwijking van de bij de melding verstrekte ingangsdatum van overdracht, binnen de periode van 30 dagen, bedoeld in eerste lid, meststoffen zijn aangevoerd naar of afgevoerd van de opslagruimte, geldt de datum van die aanvoer of afvoer als datum van overdracht van de opslagruimte.
@@ -18194,7 +18194,7 @@
1. De minister verleent op aanvraag een erkenning aan een organisatie, indien deze beschikt over:
- a. een accreditatie van de Raad op grond van het accreditatieprogramma AP06, dat is opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en
- a. een accreditatie van de Raad op grond van het accreditatieprogramma AP06, dat is opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en
- b. een gedragscode, waaraan de organisatie zich committeert.
@@ -18208,25 +18208,25 @@
Een monsternemende organisatie:
- a. neemt op actieve wijze deel aan het harmonisatieoverleg, bedoeld in paragraaf 8.4 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- b. registreert gegevens, afwijkingen en bijzonderheden, bedoeld in paragraaf 6 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- a. neemt op actieve wijze deel aan het harmonisatieoverleg, bedoeld in paragraaf 8.4 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- b. registreert gegevens, afwijkingen en bijzonderheden, bedoeld in paragraaf 6 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- c. meldt bijzonderheden die kunnen duiden op frauduleus handelen aan de minister door middel van een daartoe door de minister beschikbaar gesteld middel;
- d. zorgt voor een organisatie van de bemonstering op een wijze die de onafhankelijkheid van degene die het monster neemt garandeert overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 8 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01); en
- e. draagt zorg voor bemonstering overeenkomstig het bepaalde in de paragrafen 4 en 5 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- d. zorgt voor een organisatie van de bemonstering op een wijze die de onafhankelijkheid van degene die het monster neemt garandeert overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 8 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11); en
- e. draagt zorg voor bemonstering overeenkomstig het bepaalde in de paragrafen 4 en 5 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 78e
1. Voor de aanvraag van een erkenning als bedoeld in [artikel 78c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) wordt gebruik gemaakt van het door de minister daartoe ter beschikking gestelde middel.
1. Voor de aanvraag van een erkenning als bedoeld in [artikel 78c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) wordt gebruik gemaakt van het door de minister daartoe ter beschikking gestelde middel.
2. Bij de aanvraag worden ten minste de volgende gegevens verstrekt:
- a. de naam, adres en de vestigingsplaats van de aanvragende organisatie; en
- b. bewijs dat aan de eisen, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt voldaan.
- b. bewijs dat aan de eisen, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt voldaan.
##### Artikel 78f
@@ -18236,39 +18236,39 @@
- b. indien bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en kennis van de juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid;
- c. indien de accreditatie, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is ingetrokken of niet meer geldig is;
- d. indien de gedragscode, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt geschonden;
- e. indien de verplichtingen, bedoeld in [artikel 78d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet worden nageleefd;
- f. indien wijzigingen, bedoeld in [artikel 78g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78g&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet of niet tijdig worden gemeld;
- g. indien de melding, bedoeld in [artikel 78l](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet, niet tijdig of onjuist geschiedt;
- h. indien de verplichtingen, bedoeld in [artikel 78m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78q](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78q&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [78r](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78r&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet worden nageleefd.
- c. indien de accreditatie, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is ingetrokken of niet meer geldig is;
- d. indien de gedragscode, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt geschonden;
- e. indien de verplichtingen, bedoeld in [artikel 78d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet worden nageleefd;
- f. indien wijzigingen, bedoeld in [artikel 78g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78g&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet of niet tijdig worden gemeld;
- g. indien de melding, bedoeld in [artikel 78l](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet, niet tijdig of onjuist geschiedt;
- h. indien de verplichtingen, bedoeld in [artikel 78m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78q](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78q&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [78r](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78r&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet worden nageleefd.
2. De minister kan een erkenning schorsen indien:
- a. de accreditatie, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geheel of gedeeltelijk is geschorst;
- a. de accreditatie, bedoeld in [artikel 78c, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geheel of gedeeltelijk is geschorst;
- b. sprake is van een van de gronden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en d tot en met h.
##### Artikel 78g
1. Een monsternemende organisatie meldt wijzigingen in de gegevens, bedoeld in [artikel 78e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78e&z=2026-01-01&g=2026-01-01), binnen 30 dagen aan de minister.
1. Een monsternemende organisatie meldt wijzigingen in de gegevens, bedoeld in [artikel 78e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78e&z=2026-02-11&g=2026-02-11), binnen 30 dagen aan de minister.
2. Voor de melding, bedoeld in het eerste lid, wordt gebruikt gemaakt van een door de minister beschikbaar gesteld middel.
##### Artikel 78h
De vervoerder, bedoeld in [artikel 58, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), stelt een representatief monster samen met een gewicht van minimaal 500 gram en maximaal 800 gram, bestaande uit deelmonsters die evenredig verspreid worden genomen uit de betrokken vracht meststoffen.
De vervoerder, bedoeld in [artikel 58, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), stelt een representatief monster samen met een gewicht van minimaal 500 gram en maximaal 800 gram, bestaande uit deelmonsters die evenredig verspreid worden genomen uit de betrokken vracht meststoffen.
##### Artikel 78i
1. De bemonstering van een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 5 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. De monsternemende organisatie, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), stelt een representatief monster samen met een gewicht van minimaal 500 gram en maximaal 800 gram, bestaande uit deelmonsters die evenredig verspreid worden genomen uit de betrokken vracht mest, bestaande uit dikke fractie.
1. De bemonstering van een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 5 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. De monsternemende organisatie, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), stelt een representatief monster samen met een gewicht van minimaal 500 gram en maximaal 800 gram, bestaande uit deelmonsters die evenredig verspreid worden genomen uit de betrokken vracht mest, bestaande uit dikke fractie.
##### Artikel 78j
@@ -18318,7 +18318,7 @@
##### Artikel 78q
De monsternemende organisatie voorziet ieder laboratoriummonster van de gegevens, bedoeld in paragraaf 6 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
De monsternemende organisatie voorziet ieder laboratoriummonster van de gegevens, bedoeld in paragraaf 6 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 78r
@@ -18334,7 +18334,7 @@
##### Artikel 78u
Ingeval van bemonstering per vracht, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zorgt de monsternemende organisatie voor een inzichtelijke administratie die per vracht in ieder geval het volgende bevat:
Ingeval van bemonstering per vracht, bedoeld in [artikel 58, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zorgt de monsternemende organisatie voor een inzichtelijke administratie die per vracht in ieder geval het volgende bevat:
- a. datum en tijdvak van de bemonstering;
@@ -18342,7 +18342,7 @@
- c. het identificatienummer van de persoon die de bemonstering heeft uitgevoerd;
- d. beschrijving van eventuele afwijkingen van de werkwijze voor bemonstering, van de strategie en bijzonderheden die kunnen duiden op frauduleus handelen, bedoeld in paragraaf 6 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- d. beschrijving van eventuele afwijkingen van de werkwijze voor bemonstering, van de strategie en bijzonderheden die kunnen duiden op frauduleus handelen, bedoeld in paragraaf 6 van AP06, opgenomen in [bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- e. het geschatte volume van de vracht;
@@ -18358,7 +18358,7 @@
##### Artikel 80a
1. De minister verleent op aanvraag een erkenning aan een laboratorium, indien deze beschikt over een accreditatie van de Raad op grond van het accreditatieprogramma AP05, dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. De minister verleent op aanvraag een erkenning aan een laboratorium, indien deze beschikt over een accreditatie van de Raad op grond van het accreditatieprogramma AP05, dat is opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Een erkenning wordt verleend voor onbepaalde tijd.
@@ -18370,7 +18370,7 @@
Een erkend laboratorium:
- a. registreert gegevens, bedoeld in paragraaf 7.4 van AP05, opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- a. registreert gegevens, bedoeld in paragraaf 7.4 van AP05, opgenomen in [bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- b. meldt bijzonderheden die kunnen duiden op frauduleus handelen aan de minister door middel van een daartoe door de minister beschikbaar gesteld middel.
@@ -18382,7 +18382,7 @@
- a. de naam, adres en de vestigingsplaats van het aanvragende laboratorium; en
- b. bewijs dat aan de eis, bedoeld in [artikel 80a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt voldaan.
- b. bewijs dat aan de eis, bedoeld in [artikel 80a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt voldaan.
##### Artikel 80d
@@ -18392,23 +18392,23 @@
- b. indien bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en kennis van de juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid;
- c. indien de accreditatie, bedoeld in [artikel 80a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is ingetrokken door de Raad of niet meer geldig is;
- d. indien de verplichtingen, bedoeld in [artikelen 80b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet worden nageleefd;
- e. indien wijzigingen, bedoeld in [artikel 80e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80e&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet of niet tijdig worden gemeld.
- c. indien de accreditatie, bedoeld in [artikel 80a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is ingetrokken door de Raad of niet meer geldig is;
- d. indien de verplichtingen, bedoeld in [artikelen 80b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet worden nageleefd;
- e. indien wijzigingen, bedoeld in [artikel 80e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80e&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet of niet tijdig worden gemeld.
2. De minister kan een erkenning schorsen, indien:
- a. de accreditatie, bedoeld in [artikel 80a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is geschorst door de Raad;
- b. de verplichting, bedoeld in [artikel 81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet wordt nageleefd;
- a. de accreditatie, bedoeld in [artikel 80a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is geschorst door de Raad;
- b. de verplichting, bedoeld in [artikel 81, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet wordt nageleefd;
- c. sprake is van een van de gronden, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b, d en e.
##### Artikel 80e
1. Het erkende laboratorium meldt wijzigingen in de gegevens, bedoeld in [artikelen 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [80b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), binnen 30 dagen aan de minister.
1. Het erkende laboratorium meldt wijzigingen in de gegevens, bedoeld in [artikelen 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [80b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), binnen 30 dagen aan de minister.
2. Voor de melding, bedoeld in het eerste lid, wordt gebruikt gemaakt van een door de minister beschikbaar gesteld middel.
@@ -18436,7 +18436,7 @@
##### Artikel 124a
Voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag, bedoeld in de [artikelen 78e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78e&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [80c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), voldoet de aanvrager een bedrag van € 1.312,-.
Voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag, bedoeld in de [artikelen 78e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78e&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [80c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), voldoet de aanvrager een bedrag van € 1.312,-.
## Bijlage Ad. , behorende bij [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2017-02-01&g=2017-02-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
@@ -19097,15 +19097,15 @@
##### Artikel 28c
1. De hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 28, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt vermeerderd met de in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel 1a, vermelde hoeveelheid stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond indien een bedrijf de in bijlage A, tabel 1a, gemiddelde gewasopbrengst heeft van het totale areaal van een gewas als bedoeld in tabel 1a, gemeten over de drie aan het desbetreffende jaar voorafgaande jaren.
1. De hoeveelheid stikstof, bedoeld in [artikel 28, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt vermeerderd met de in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel 1a, vermelde hoeveelheid stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond indien een bedrijf de in bijlage A, tabel 1a, gemiddelde gewasopbrengst heeft van het totale areaal van een gewas als bedoeld in tabel 1a, gemeten over de drie aan het desbetreffende jaar voorafgaande jaren.
2. De landbouwer die gebruik maakt van de verhoging van de stikstofgebruiksnorm, bedoeld in het eerste lid:
- a. heeft, voor zover het de gewassen genoemd in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), betreft, de afnemers, bedoeld in het derde lid, gemachtigd om desgevraagd gegevens over de afgenomen hoeveelheden van het desbetreffende gewas te verstrekken aan de minister;
- b. beschikt, voor zover het de andere gewassen dan die genoemd in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), betreft, over schriftelijk bewijs waaruit blijkt dat het gewas aan een afnemer is geleverd en waaruit blijkt wat de gewasopbrengst is die aan een afnemer is geleverd. Onder schriftelijk bewijs wordt in ieder geval facturen en afleverbewijzen van de gewassen en historische financiële informatie verstaan;
- c. beschikt, voor zover het andere gewassen dan die genoemd in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), betreft, over een samenstellingsverklaring van een accountant waaruit blijkt dat de gewasopbrengst die aan een afnemer zou zijn geleverd in overeenstemming is met het door de landbouwer verstrekte schriftelijk bewijs, bedoeld in onderdeel b;
- a. heeft, voor zover het de gewassen genoemd in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), betreft, de afnemers, bedoeld in het derde lid, gemachtigd om desgevraagd gegevens over de afgenomen hoeveelheden van het desbetreffende gewas te verstrekken aan de minister;
- b. beschikt, voor zover het de andere gewassen dan die genoemd in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), betreft, over schriftelijk bewijs waaruit blijkt dat het gewas aan een afnemer is geleverd en waaruit blijkt wat de gewasopbrengst is die aan een afnemer is geleverd. Onder schriftelijk bewijs wordt in ieder geval facturen en afleverbewijzen van de gewassen en historische financiële informatie verstaan;
- c. beschikt, voor zover het andere gewassen dan die genoemd in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), betreft, over een samenstellingsverklaring van een accountant waaruit blijkt dat de gewasopbrengst die aan een afnemer zou zijn geleverd in overeenstemming is met het door de landbouwer verstrekte schriftelijk bewijs, bedoeld in onderdeel b;
- d. stelt de minister uiterlijk op 1 juni van het kalenderjaar ervan in kennis dat het desbetreffende bedrijf gebruik maakt van de verhoging van de stikstofgebruiksnorm;
@@ -19127,7 +19127,7 @@
- 2°. voor zover het kleigrond, noordelijke, westelijk en centrale zandgronden of veengrond betreft, maximaal 100 kilogram stikstof per hectare per jaar in de vorm van drijfmest en waarbij geldt dat de overige bemesting met stikstof uitsluitend plaatsvindt door het gebruik van kunstmest;
- g. bemest op het bedrijf na 1 juli de percelen met de gewassen, bedoeld in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bijlage 1a, niet met drijfmest;
- g. bemest op het bedrijf na 1 juli de percelen met de gewassen, bedoeld in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bijlage 1a, niet met drijfmest;
- h. verleent medewerking aan de monitoring door de minister van de milieueffecten van de toegestane vermeerdering van de hoeveelheid stikstof op grond van het eerste lid.
@@ -19135,7 +19135,7 @@
##### Artikel 28d
1. De totale hoeveelheid stikstof die een landbouwer gelet op [artikel 8, aanhef en onderdeel b, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8) ten hoogste op de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond kan gebruiken, wordt met ingang van het kalenderjaar 2024 verminderd met de in het tweede lid bedoelde hoeveelheid stikstof, indien hij op zand- of lössgrond in het voorafgaande kalenderjaar niet uiterlijk op 1 oktober een vanggewas, genoemd in tabel 6 van [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01), heeft geteeld.
1. De totale hoeveelheid stikstof die een landbouwer gelet op [artikel 8, aanhef en onderdeel b, van de Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8) ten hoogste op de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond kan gebruiken, wordt met ingang van het kalenderjaar 2024 verminderd met de in het tweede lid bedoelde hoeveelheid stikstof, indien hij op zand- of lössgrond in het voorafgaande kalenderjaar niet uiterlijk op 1 oktober een vanggewas, genoemd in tabel 6 van [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11), heeft geteeld.
2. De vermindering, bedoeld in het eerste lid, bedraagt per hectare landbouwgrond die het betreft:
@@ -19151,7 +19151,7 @@
4. Het eerste lid is niet van toepassing indien:
- a. een wintergewas als genoemd in tabel 7 van [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01) wordt geteeld, waarbij voor wintergewassen die ook zijn opgenomen in tabel 6 van bijlage A geldt dat:
- a. een wintergewas als genoemd in tabel 7 van [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11) wordt geteeld, waarbij voor wintergewassen die ook zijn opgenomen in tabel 6 van bijlage A geldt dat:
- 1°. de teelt aansluitend aan de voorafgaande teelt aanvangt; en
@@ -19167,15 +19167,15 @@
##### Artikel 28e
Een landbouwer die een verhoging van een stikstofgebruiksnorm toepast als bedoeld in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), kan niet tevens een verhoging van de stikstofgebruiksnorm toepassen, bedoeld in [artikel 28c, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28c&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
Een landbouwer die een verhoging van een stikstofgebruiksnorm toepast als bedoeld in [artikel 28a, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), kan niet tevens een verhoging van de stikstofgebruiksnorm toepassen, bedoeld in [artikel 28c, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28c&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 33a
1. Een landbouwer kan in enig jaar een verhoging van de fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen op bouwland, bedoeld in [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11) of [artikel 31, eerste, tweede, derde of vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van deze regeling toepassen, indien de hoeveelheid fosfaat waarmee de geldende fosfaatgebruiksnorm is overschreden, in het navolgende jaar volledig wordt gecompenseerd.
1. Een landbouwer kan in enig jaar een verhoging van de fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen op bouwland, bedoeld in [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11) of [artikel 31, eerste, tweede, derde of vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van deze regeling toepassen, indien de hoeveelheid fosfaat waarmee de geldende fosfaatgebruiksnorm is overschreden, in het navolgende jaar volledig wordt gecompenseerd.
2. De compensatie geschiedt door de hoeveelheid fosfaat waarmee de fosfaatgebruiksnorm in het voorgaande jaar is overschreden in mindering te brengen op de in het navolgende jaar geldende fosfaatgebruiksnorm.
3. De hogere gebruiksnorm, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten hoogste 20 kilogram fosfaat per hectare per jaar meer dan de fosfaatgebruiksnorm die geldt ingevolge [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11) of [artikel 31, eerste, tweede, derde of vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van deze regeling.
3. De hogere gebruiksnorm, bedoeld in het eerste lid, bedraagt ten hoogste 20 kilogram fosfaat per hectare per jaar meer dan de fosfaatgebruiksnorm die geldt ingevolge [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11) of [artikel 31, eerste, tweede, derde of vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van deze regeling.
4. De landbouwer, bedoeld in het eerste lid, meldt de toepassing van de verhoging van de fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in het eerste lid, uiterlijk op 31 december van het kalenderjaar waarin de verhoging wordt toegepast aan de minister.
@@ -20270,9 +20270,9 @@
- 2°. het aantal kilogrammen fosfaat, genoemd in de melkveefosfaatreferentie van dat bedrijf,
- 3°. het aantal kilogrammen fosfaat, genoemd in overeenkomsten als bedoeld in [artikel 21, elfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=21&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en
- 4°. de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, die in een kalenderjaar ingevolge [artikel 8, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-01-01&g=2026-01-01), aantoonbaar op landbouwgrond had mogen worden gebracht, als de realisatie van een natuurgebied of de aanleg van of onderhoud van publieke infrastructuur dit niet tijdelijk had belet.
- 3°. het aantal kilogrammen fosfaat, genoemd in overeenkomsten als bedoeld in [artikel 21, elfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=21&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en
- 4°. de hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat, die in een kalenderjaar ingevolge [artikel 8, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-02-11&g=2026-02-11), aantoonbaar op landbouwgrond had mogen worden gebracht, als de realisatie van een natuurgebied of de aanleg van of onderhoud van publieke infrastructuur dit niet tijdelijk had belet.
2. Het verzoek, bedoeld in het eerste lid, wordt voor het betreffende kalenderjaar voor 16 mei ingediend met gebruikmaking van een door de minister elektronisch beschikbaar gesteld formulier.
@@ -20978,15 +20978,15 @@
##### Artikel 25c
1. De landbouwer voldoet aan de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 8 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8), en de bij of krachtens de [hoofdstukken 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9&z=2026-01-01&g=2026-01-01) in samenhang met de [hoofdstukken IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=IV), [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=VI) en [X](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=X) van het besluit gestelde regels. Op de tot het bedrijf van de landbouwer behorende oppervlakte landbouwgrond wordt voldaan aan het bepaalde bij of krachtens de [artikelen 4.1193](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193), [4.1194](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1194), [4.1199](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199), [4.1213](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1213), [4.1215](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1215), [4.1216](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1216), [4.1217](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1217) en [4.1218 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1218).
2. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 24, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden toegepast, wordt gedurende de periode van 15 mei tot en met 15 september ten minste tachtig procent van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, die voor het op of in de bodem brengen van dierlijke meststoffen beschikbaar is, onafgebroken beteeld met gras dat is bestemd om te worden gebruikt als ruwvoer.
1. De landbouwer voldoet aan de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 8 van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8), en de bij of krachtens de [hoofdstukken 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9&z=2026-02-11&g=2026-02-11) in samenhang met de [hoofdstukken IV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=IV), [VI](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=VI) en [X](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&hoofdstuk=X) van het besluit gestelde regels. Op de tot het bedrijf van de landbouwer behorende oppervlakte landbouwgrond wordt voldaan aan het bepaalde bij of krachtens de [artikelen 4.1193](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193), [4.1194](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1194), [4.1199](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1199), [4.1213](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1213), [4.1215](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1215), [4.1216](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1216), [4.1217](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1217) en [4.1218 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1218).
2. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnormen, bedoeld in [artikel 24, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden toegepast, wordt gedurende de periode van 15 mei tot en met 15 september ten minste tachtig procent van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond, die voor het op of in de bodem brengen van dierlijke meststoffen beschikbaar is, onafgebroken beteeld met gras dat is bestemd om te worden gebruikt als ruwvoer.
3. De landbouwer gebruikt geen fosfaat uit kunstmest.
4. De landbouwer verleent desgevraagd zijn medewerking aan monitoringswerkzaamheden als bedoeld in artikel 10 van de derogatiebeschikking, in opdracht van de minister of de Minister van Infrastructuur en Waterstaat.
5. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast op landbouwgrond gelegen op klei- of veengrond in met nutriënten verontreinigde gebieden wordt, in afwijking van [artikel 4.1215, tweede lid, onderdeel a, van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1215), de zode van gras uitsluitend vernietigd:
5. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast op landbouwgrond gelegen op klei- of veengrond in met nutriënten verontreinigde gebieden wordt, in afwijking van [artikel 4.1215, tweede lid, onderdeel a, van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1215), de zode van gras uitsluitend vernietigd:
- a. in de periode van 1 februari tot en met 10 mei als aansluitend op het vernietigen van de zode van gras de teelt van een relatief stikstofbehoeftig gewas als bedoeld in [bijlage IVb bij het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&bijlage=IVb) begint;
@@ -20996,13 +20996,13 @@
6. Indien in de periode van 1 juni tot en met 31 augustus aansluitend op het vernietigen van de zode van gras, bedoeld in het vijfde lid, opnieuw gras wordt geteeld, meldt de landbouwer voorafgaand aan het vernietigen de datum waarop de zode wordt vernietigd aan de minister.
7. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast is [artikel 28f, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van overeenkomstige toepassing op de tot het bedrijf van de landbouwer behorende oppervlakte landbouwgrond gelegen op klei- of veengrond, met dien verstande dat:
- a. de vermindering, bedoeld in [artikel 28f, eerste lid, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), alleen van toepassing is indien de zode van gras wordt vernietigd voor de teelt van maïs;
- b. de vermindering, bedoeld in [artikel 28f, eerste lid, aanhef en onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), ook van toepassing is indien de zode van gras wordt vernietigd na 31 augustus.
8. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt toegepast op landbouwgrond gelegen op klei- of veengrond in met nutriënten verontreinigde gebieden zijn [artikel 4.1193 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193) en een op de artikelen 4.1193, vierde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving en [19.0 van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=19.0) gebaseerd besluit van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in afwijking van de daarin genoemde tijdstippen de teelt van een daarin genoemd gewas na de teelt van maïs aanvangt.
7. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, eerste of tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast is [artikel 28f, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van overeenkomstige toepassing op de tot het bedrijf van de landbouwer behorende oppervlakte landbouwgrond gelegen op klei- of veengrond, met dien verstande dat:
- a. de vermindering, bedoeld in [artikel 28f, eerste lid, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), alleen van toepassing is indien de zode van gras wordt vernietigd voor de teelt van maïs;
- b. de vermindering, bedoeld in [artikel 28f, eerste lid, aanhef en onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), ook van toepassing is indien de zode van gras wordt vernietigd na 31 augustus.
8. In het kalenderjaar waarin de gebruiksnorm, bedoeld in [artikel 24, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt toegepast op landbouwgrond gelegen op klei- of veengrond in met nutriënten verontreinigde gebieden zijn [artikel 4.1193 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193) en een op de artikelen 4.1193, vierde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving en [19.0 van de Omgevingswet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0037885&artikel=19.0) gebaseerd besluit van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in afwijking van de daarin genoemde tijdstippen de teelt van een daarin genoemd gewas na de teelt van maïs aanvangt.
9. De landbouwer gebruikt een mestaanwendsysteem met een bemester waarbij drijfmest in strookjes op de bodem wordt gebracht uitsluitend indien de buitentemperatuur op het perceel waar de drijfmest wordt aangewend lager is dan 20° Celsius.
@@ -21650,7 +21650,7 @@
##### Artikel 28f
1. Onverminderd [artikel 28, eerste lid, onderdelen a tot en met g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt de hoeveelheid stikstof, bedoeld in artikel 28, eerste lid, aanhef, verminderd met:
1. Onverminderd [artikel 28, eerste lid, onderdelen a tot en met g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt de hoeveelheid stikstof, bedoeld in artikel 28, eerste lid, aanhef, verminderd met:
- a. 65 kilogram stikstof per hectare van de tot het bedrijf behorende oppervlakte voormalig grasland, gelegen op zand- of lössgrond, indien direct aansluitend aan het vernietigen van de graszode op deze grond in het zelfde kalenderjaar de teelt van maïs, consumptieaardappelen of fabrieksaardappelen aanvangt;
@@ -21662,7 +21662,7 @@
- a. de graszode in het voorafgaande jaar is geteeld als aangewezen gewas conform het bepaalde in [artikel 4.1193, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1193); of
- b. het gras is ingezaaid als een niet-vlinderbloemige groenbemester als bedoeld in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- b. het gras is ingezaaid als een niet-vlinderbloemige groenbemester als bedoeld in [bijlage A](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=A&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
3. Bij de toepassing van het eerste lid, aanhef en onderdeel a, wordt van het bepaalde in [artikel 4.1217 van het Besluit activiteiten leefomgeving](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0041330&artikel=4.1217) vrijstelling verleend.
@@ -22118,9 +22118,9 @@
##### Artikel 78la
1. In afwijking van [artikel 78l, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedraagt het aan te melden tijdvak waarbinnen de geplande bemonstering plaatsvindt ten hoogste een dagdeel indien deze bemonstering plaatsvindt bij een intermediaire onderneming waar sprake is van een concentratie van ten minste vijf monsternames in het betreffende dagdeel. Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder een dagdeel verstaan de periode tussen 06:00 uur en 12:00 uur dan wel de periode tussen 12:00 uur en 18:00 uur.
2. In afwijking van [artikel 78l, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bedraagt het aan te melden tijdvak waarbinnen de geplande bemonstering plaatsvindt ten hoogste een dag indien deze bemonstering plaatsvindt bij een intermediaire onderneming waar sprake is van een concentratie van ten minste tien monsternames op de betreffende dag. Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder een dag verstaan de periode tussen 06:00 uur en 18:00 uur.
1. In afwijking van [artikel 78l, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedraagt het aan te melden tijdvak waarbinnen de geplande bemonstering plaatsvindt ten hoogste een dagdeel indien deze bemonstering plaatsvindt bij een intermediaire onderneming waar sprake is van een concentratie van ten minste vijf monsternames in het betreffende dagdeel. Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder een dagdeel verstaan de periode tussen 06:00 uur en 12:00 uur dan wel de periode tussen 12:00 uur en 18:00 uur.
2. In afwijking van [artikel 78l, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bedraagt het aan te melden tijdvak waarbinnen de geplande bemonstering plaatsvindt ten hoogste een dag indien deze bemonstering plaatsvindt bij een intermediaire onderneming waar sprake is van een concentratie van ten minste tien monsternames op de betreffende dag. Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder een dag verstaan de periode tussen 06:00 uur en 18:00 uur.
3. Indien naar het oordeel van de Minister de juiste naleving van de regels inzake de bemonstering en aanmelden van de planning van bemonstering bij een intermediaire onderneming waar sprake is van een concentratie van monsternames als bedoeld in dit artikel onvoldoende verzekerd is, kan de Minister de toepassing van het eerste en tweede lid uitsluiten voor bemonsteringen die plaatsvinden bij de betreffende intermediaire onderneming.
@@ -22903,11 +22903,11 @@
##### Artikel 33b
1. De fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in [artikel 8, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8) voor grond met de fosfaattoestand hoog bedraagt 45 kilogram fosfaat per hectare bouwland of op een bedrijf als bedoeld in [artikel 72a, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), 50 kilogram fosfaat per hectare bouwland, indien de landbouwer op de desbetreffende percelen ten minste 20 kg fosfaat per hectare toepast die aantoonbaar afkomstig is van één of meer van de volgende meststoffen:
1. De fosfaatgebruiksnorm voor meststoffen, bedoeld in [artikel 8, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=8) voor grond met de fosfaattoestand hoog bedraagt 45 kilogram fosfaat per hectare bouwland of op een bedrijf als bedoeld in [artikel 72a, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), 50 kilogram fosfaat per hectare bouwland, indien de landbouwer op de desbetreffende percelen ten minste 20 kg fosfaat per hectare toepast die aantoonbaar afkomstig is van één of meer van de volgende meststoffen:
- a. strorijke vaste mest van rundvee;
- b. in geval van een bedrijf als bedoeld in [artikel 72a, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), strorijke vaste mest van varkens;
- b. in geval van een bedrijf als bedoeld in [artikel 72a, tweede lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), strorijke vaste mest van varkens;
- c. strorijke vaste mest van schapen;
@@ -23926,9 +23926,9 @@
Indien het bedrijf van een landbouwer die is uitgezonderd in zijn geheel wordt overgedragen aan of samengevoegd met het bedrijf van een andere landbouwer, is de landbouwer van het nieuwe bedrijf in het desbetreffende kalenderjaar uitsluitend uitgezonderd, indien:
- a. alle bij de totstandkoming van het nieuwe bedrijf betrokken landbouwers voor het desbetreffende kalenderjaar voldoen aan de eisen, genoemd in [artikel 110b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en
- b. in afwijking van [artikel 110c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), de landbouwer van het nieuwe bedrijf zich daartoe binnen dertig dagen na de start van het nieuwe bedrijf maar in ieder geval gedurende het desbetreffende kalenderjaar, aanmeldt bij de Minister.
- a. alle bij de totstandkoming van het nieuwe bedrijf betrokken landbouwers voor het desbetreffende kalenderjaar voldoen aan de eisen, genoemd in [artikel 110b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en
- b. in afwijking van [artikel 110c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3a&artikel=110c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), de landbouwer van het nieuwe bedrijf zich daartoe binnen dertig dagen na de start van het nieuwe bedrijf maar in ieder geval gedurende het desbetreffende kalenderjaar, aanmeldt bij de Minister.
##### Artikel 110e
@@ -24492,7 +24492,7 @@
## Bijlage L. bij de [artikelen 27b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27b&z=2022-11-17&g=2022-11-17) en [103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2022-11-17&g=2022-11-17)
## Bijlage L. bij de [artikelen 27b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage L. bij de [artikelen 27b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=27b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [103a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=8&artikel=103a&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
@@ -24504,13 +24504,13 @@
##### Artikel 69c
1. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van konijnen, met een drogestofgehalte van ten hoogste 2,5 procent naar of van een bedrijf of onderneming worden aangevoerd, onderscheidenlijk worden afgevoerd, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
1. Indien dierlijke meststoffen afkomstig van konijnen, met een drogestofgehalte van ten hoogste 2,5 procent naar of van een bedrijf of onderneming worden aangevoerd, onderscheidenlijk worden afgevoerd, kan de desbetreffende hoeveelheid dierlijke meststoffen, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), worden bepaald op basis van de in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), tabel I, voor de desbetreffende mestsoort vermelde forfaitaire stikstofgehalten onderscheidenlijk fosfaatgehalten.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zijn niet van toepassing op vervoer van dierlijke meststoffen als bedoeld in het eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
4. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het derde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte gewicht, en aan rVDM gezonden.
5. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
@@ -24518,19 +24518,19 @@
##### Artikel 69d
1. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en [artikel 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing op de afvoer van kalvergier van een bedrijf dat rechtstreeks, zonder tussenopslag, wordt vervoerd naar een kalvergierbewerkingsinstallatie in beheer bij de Stichting Mestverwerking Gelderland op basis van een schriftelijke overeenkomst tussen de leverancier en de afnemer die is afgesloten voordat het vervoer van de desbetreffende vracht plaatsvond.
2. Bij vervoer van kalvergier overeenkomstig het eerste lid, geschiedt de bemonstering en de verpakking van de genomen monsters, in afwijking van [artikel 76, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-01-01&g=2026-01-01), in samenhang met de [artikelen 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01), door de afnemer met behulp van op de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebrachte automatische bemonsteringsapparatuur en automatische verpakkingsapparatuur als bedoeld in artikel 78 onderscheidenlijk artikel 79, eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid kalvergier, vervoerd overeenkomstig het eerste lid, wordt in afwijking van [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), door de vervoerder bepaald met behulp van een op de locatie van de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebracht weegwerktuig.
4. Bij het vervoer van kalvergier overeenkomstig het eerste lid, geschiedt de weegmelding, in afwijking van [artikel 59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onverwijld na de melding, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
1. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en [artikel 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing op de afvoer van kalvergier van een bedrijf dat rechtstreeks, zonder tussenopslag, wordt vervoerd naar een kalvergierbewerkingsinstallatie in beheer bij de Stichting Mestverwerking Gelderland op basis van een schriftelijke overeenkomst tussen de leverancier en de afnemer die is afgesloten voordat het vervoer van de desbetreffende vracht plaatsvond.
2. Bij vervoer van kalvergier overeenkomstig het eerste lid, geschiedt de bemonstering en de verpakking van de genomen monsters, in afwijking van [artikel 76, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-02-11&g=2026-02-11), in samenhang met de [artikelen 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11), door de afnemer met behulp van op de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebrachte automatische bemonsteringsapparatuur en automatische verpakkingsapparatuur als bedoeld in artikel 78 onderscheidenlijk artikel 79, eerste lid.
3. Het gewicht van de hoeveelheid kalvergier, vervoerd overeenkomstig het eerste lid, wordt in afwijking van [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), door de vervoerder bepaald met behulp van een op de locatie van de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebracht weegwerktuig.
4. Bij het vervoer van kalvergier overeenkomstig het eerste lid, geschiedt de weegmelding, in afwijking van [artikel 59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onverwijld na de melding, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
5. De vervoerder draagt er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van het transportmiddel worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
6. De afnemer stuurt het overeenkomstig het tweede lid verkregen monster onder vermelding van het rVDM-nummer en het nummer van het deksel van de monsterpot en het nummer van de monsterpot of de monsterverpakking, uiterlijk tien werkdagen na bemonstering aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in artikel 80a.
7. [Artikel 80, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
7. [Artikel 80, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 69e
@@ -24540,33 +24540,33 @@
- b. indien dierlijke meststoffen van een bedrijf of een intermediaire onderneming worden afgevoerd naar een intermediaire onderneming en er wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
- 1°. de pijpleiding en de in [artikel 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) genoemde apparatuur die wordt gebruikt bij het vervoer behoort tot de ontvangende intermediaire onderneming;
- 1°. de pijpleiding en de in [artikel 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) genoemde apparatuur die wordt gebruikt bij het vervoer behoort tot de ontvangende intermediaire onderneming;
- 2°. de pijpleiding wordt uitsluitend gebruikt voor de afvoer van meststoffen van één bedrijf of één intermediaire onderneming, en
- 3°. de grootte van een vracht wordt voorafgaand aan het vervoer bepaald en is ten hoogste één lading van 36 ton en wordt binnen 24 uur vervoerd.
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01) zijn niet van toepassing op het vervoer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
3. Bij vervoer overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, geschiedt de bemonstering en verpakking van de genomen monsters, in zoverre in afwijking van [artikel 76, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-01-01&g=2026-01-01), in samenhang met de [artikelen 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01), door de afnemer met behulp van op de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebracht automatische bemonsteringsapparatuur waarmee uit het totale van één leverancier aangevoerde volume kalvergier een representatief monster wordt genomen.
4. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, vervoerd overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, wordt, in zoverre in afwijking van [artikel 59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), door de afnemer bepaald met behulp van een in de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebracht apparaat ter bepaling van het volume dat voldoet aan de bij of krachtens de [Metrologiewet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019517) gestelde regels, waarbij één kubieke meter kalvergier overeenkomt met 1.000 kilogram.
5. Bij vervoer van dierlijke meststoffen, overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, geschiedt de bemonstering en de verpakking van de genomen monsters, in afwijking van [artikel 76, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-01-01&g=2026-01-01), in samenhang met [artikel 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01), door de vervoerder, met behulp van op de pijpleiding aangebrachte automatische bemonsteringsapparatuur, waarmee uit het totale van één leverancier aangevoerde volume drijfmest van maximaal 36 ton dat wordt vervoerd door de pijpleiding, een representatief monster wordt genomen.
6. Bij vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, kan het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), door de intermediair ook worden bepaald met behulp van een in de pijpleiding aangebracht apparaat ter bepaling van het volume dat voldoet aan de bij of krachtens de [Metrologiewet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019517) gestelde regels, waarbij het gemeten volume naar gewicht omgerekend wordt aan de hand van de dichtheid.
7. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, geschiedt de weegmelding, in afwijking van [artikel 59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onverwijld na het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
8. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a is de afnemer, tevens optredend als vervoerder, verantwoordelijk voor de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [58](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
9. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, is de afnemer, tevens optredend als vervoerder verantwoordelijk voor de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [58 tot en met 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. De [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11) zijn niet van toepassing op het vervoer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
3. Bij vervoer overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, geschiedt de bemonstering en verpakking van de genomen monsters, in zoverre in afwijking van [artikel 76, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-02-11&g=2026-02-11), in samenhang met de [artikelen 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11), door de afnemer met behulp van op de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebracht automatische bemonsteringsapparatuur waarmee uit het totale van één leverancier aangevoerde volume kalvergier een representatief monster wordt genomen.
4. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, vervoerd overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, wordt, in zoverre in afwijking van [artikel 59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), door de afnemer bepaald met behulp van een in de kalvergierbewerkingsinstallatie aangebracht apparaat ter bepaling van het volume dat voldoet aan de bij of krachtens de [Metrologiewet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019517) gestelde regels, waarbij één kubieke meter kalvergier overeenkomt met 1.000 kilogram.
5. Bij vervoer van dierlijke meststoffen, overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, geschiedt de bemonstering en de verpakking van de genomen monsters, in afwijking van [artikel 76, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-02-11&g=2026-02-11), in samenhang met [artikel 58, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderscheidenlijk [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11), door de vervoerder, met behulp van op de pijpleiding aangebrachte automatische bemonsteringsapparatuur, waarmee uit het totale van één leverancier aangevoerde volume drijfmest van maximaal 36 ton dat wordt vervoerd door de pijpleiding, een representatief monster wordt genomen.
6. Bij vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, kan het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in [artikel 59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), door de intermediair ook worden bepaald met behulp van een in de pijpleiding aangebracht apparaat ter bepaling van het volume dat voldoet aan de bij of krachtens de [Metrologiewet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019517) gestelde regels, waarbij het gemeten volume naar gewicht omgerekend wordt aan de hand van de dichtheid.
7. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, geschiedt de weegmelding, in afwijking van [artikel 59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onverwijld na het tijdstip van lossen, bedoeld in [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
8. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a is de afnemer, tevens optredend als vervoerder, verantwoordelijk voor de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [58](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
9. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, is de afnemer, tevens optredend als vervoerder verantwoordelijk voor de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [58 tot en met 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
10. Bij het vervoer van dierlijke meststoffen overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, draagt de afnemer er zorg voor dat op het tijdstip van het lossen van de dierlijke meststoffen, onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer, de datum en het tijdstip van het lossen van de vracht worden vastgelegd en onverwijld aan rVDM worden gezonden.
11. De afnemer, tevens optredend als vervoerder stuurt, het overeenkomstig het derde en vijfde lid verkregen monster onder vermelding van het rVDM-nummer uiterlijk tien werkdagen na bemonstering aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
12. [Artikel 80, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
11. De afnemer, tevens optredend als vervoerder stuurt, het overeenkomstig het derde en vijfde lid verkregen monster onder vermelding van het rVDM-nummer uiterlijk tien werkdagen na bemonstering aan een door de minister erkend laboratorium als bedoeld in [artikel 80a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80a&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
12. [Artikel 80, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 69f
@@ -24576,17 +24576,17 @@
- b. de transportband heeft een vaste standplaats;
- c. de transportband en de in [artikel 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) genoemde apparatuur die wordt gebruikt bij het vervoer behoort tot de intermediaire onderneming;
- c. de transportband en de in [artikel 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) genoemde apparatuur die wordt gebruikt bij het vervoer behoort tot de intermediaire onderneming;
- d. de transportband wordt uitsluitend gebruikt voor de afvoer van meststoffen van één bedrijf; en
- e. de grootte van een vracht wordt vooraf aan het vervoer bepaald en is ten hoogste één lading van 36 ton en wordt binnen 24 uur vervoerd.
2. De intermediaire onderneming, bedoeld in eerste lid, onderdeel c, is verantwoordelijk voor de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54 tot en met 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [58 tot en met 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. De intermediaire onderneming, bedoeld in eerste lid, onderdeel c, is verantwoordelijk voor de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54 tot en met 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [58 tot en met 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 69g
Indien dezelfde vracht vaste dierlijke meststoffen binnen zeven dagen twee maal wordt vervoerd van of naar een bedrijf of een onderneming, kan de hoeveelheid meststoffen van het eerste vervoer, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), gelijkgesteld worden aan de hoeveelheid meststoffen van het tweede vervoer, onder voorwaarde dat tijdens het laden van het tweede vervoer, de gegevens ter identificatie van de monsterverpakking als bedoeld in [artikel 58, vierde lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van het eerste vervoer worden ingelezen en gemeld aan de minister onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer.
Indien dezelfde vracht vaste dierlijke meststoffen binnen zeven dagen twee maal wordt vervoerd van of naar een bedrijf of een onderneming, kan de hoeveelheid meststoffen van het eerste vervoer, in zoverre in afwijking van [artikel 68, eerste lid van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=68), gelijkgesteld worden aan de hoeveelheid meststoffen van het tweede vervoer, onder voorwaarde dat tijdens het laden van het tweede vervoer, de gegevens ter identificatie van de monsterverpakking als bedoeld in [artikel 58, vierde lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van het eerste vervoer worden ingelezen en gemeld aan de minister onder vermelding van het desbetreffende rVDM-nummer.
##### Artikel 69h
@@ -24594,23 +24594,23 @@
##### Artikel 69i
Indien de dierlijke meststoffen, bedoeld in de [artikelen 62 tot en met 69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bestaat uit filtraat na mestscheiding of koek na mestscheiding, zijn, in afwijking van het bepaalde in de artikelen 62 tot en met 69 en 69c, de [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [57](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [58](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onverkort van toepassing op het vervoer van die soorten dierlijke meststoffen.
Indien de dierlijke meststoffen, bedoeld in de [artikelen 62 tot en met 69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bestaat uit filtraat na mestscheiding of koek na mestscheiding, zijn, in afwijking van het bepaalde in de artikelen 62 tot en met 69 en 69c, de [artikelen 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48), [48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) en de [artikelen 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [57](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [58](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [59, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onverkort van toepassing op het vervoer van die soorten dierlijke meststoffen.
##### Artikel 69j
Indien in de situaties zoals beschreven in de [artikelen 62 tot en met 64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66 tot en met 69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [69d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), het vervoer wordt verricht door een geregistreerde intermediair, is in afwijking van het bepaalde in die artikelen niet de leverancier, tevens optredend als vervoerder, maar de geregistreerde intermediair verantwoordelijk voor het doen van de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [56, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [59, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of [60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en, indien van toepassing voor het doen van de meldingen in de [artikelen 62, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [63, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [64, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [67, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69, veertiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69c, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) of [69d, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
Indien in de situaties zoals beschreven in de [artikelen 62 tot en met 64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66 tot en met 69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [69d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), het vervoer wordt verricht door een geregistreerde intermediair, is in afwijking van het bepaalde in die artikelen niet de leverancier, tevens optredend als vervoerder, maar de geregistreerde intermediair verantwoordelijk voor het doen van de meldingen, bedoeld in de [artikelen 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [56, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [59, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of [60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en, indien van toepassing voor het doen van de meldingen in de [artikelen 62, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [63, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [64, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [67, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69, veertiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69c, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) of [69d, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 69k
Indien in de in deze paragraaf beschreven situaties, met uitzondering van de situatie zoals beschreven in [artikel 69, eerste en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [69d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bij het vervoer van dierlijke meststoffen, in afwijking van het in deze paragraaf bepaalde, toch gebruik wordt gemaakt van een geregistreerde intermediair en de in [artikel 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) bedoelde apparatuur die op naam van deze intermediair is geregistreerd, gelden onverkort de bij het gebruik van deze GR-apparatuur behorende verplichtingen overeenkomstig de situaties waarin het gebruik van een geregistreerde intermediair en apparatuur die op diens naam is geregistreerd is voorgeschreven.
Indien in de in deze paragraaf beschreven situaties, met uitzondering van de situatie zoals beschreven in [artikel 69, eerste en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [69d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bij het vervoer van dierlijke meststoffen, in afwijking van het in deze paragraaf bepaalde, toch gebruik wordt gemaakt van een geregistreerde intermediair en de in [artikel 53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) bedoelde apparatuur die op naam van deze intermediair is geregistreerd, gelden onverkort de bij het gebruik van deze GR-apparatuur behorende verplichtingen overeenkomstig de situaties waarin het gebruik van een geregistreerde intermediair en apparatuur die op diens naam is geregistreerd is voorgeschreven.
##### Artikel 69l
1. Een vooraanmelding en startmelding kan betrekking hebben op alle vrachten dierlijke meststoffen, bedoeld in de [artikelen 62 tot en met 64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66 tot en met 68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), die op dezelfde dag plaatsvinden indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
1. Een vooraanmelding en startmelding kan betrekking hebben op alle vrachten dierlijke meststoffen, bedoeld in de [artikelen 62 tot en met 64](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66 tot en met 68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en [69c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), die op dezelfde dag plaatsvinden indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
- a. bij elke vracht dierlijke meststoffen zijn dezelfde leverancier, vervoerder en afnemer betrokken;
- b. de vrachten dierlijke meststoffen hebben betrekking op één mestcode als bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of gemengde mest van één of meer diersoorten uit één opslagruimte;
- b. de vrachten dierlijke meststoffen hebben betrekking op één mestcode als bedoeld in [bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of gemengde mest van één of meer diersoorten uit één opslagruimte;
- c. de vrachten dierlijke meststoffen worden vervoerd door hetzelfde voertuig;
@@ -24624,21 +24624,21 @@
2. Ten behoeve van een vooraanmelding als bedoeld in het eerste lid verstrekt de vervoerder:
- a. de gegevens, bedoeld in [artikel 54, eerste lid, onderdelen a, b, c, d, e, g, h, en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- a. de gegevens, bedoeld in [artikel 54, eerste lid, onderdelen a, b, c, d, e, g, h, en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- b. het aantal vrachten dat op dezelfde dag wordt verreden naar dezelfde afnemer; en
- c. in afwijking van [artikel 54, eerste lid, onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01): het geschatte totale gewicht van alle vrachten, bedoeld in onderdeel b.
3. In afwijking van [artikel 55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt de startmelding enkel gegeven op het moment waarop de eerste vracht gereed is om geladen te worden, waarbij artikel 55 van overeenkomstige toepassing.
- c. in afwijking van [artikel 54, eerste lid, onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11): het geschatte totale gewicht van alle vrachten, bedoeld in onderdeel b.
3. In afwijking van [artikel 55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt de startmelding enkel gegeven op het moment waarop de eerste vracht gereed is om geladen te worden, waarbij artikel 55 van overeenkomstige toepassing.
4. Het gewicht van de hoeveelheid dierlijke meststoffen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het totale volume en het soortelijk gewicht van de meststoffen van alle vrachten tezamen.
5. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het vierde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte totale gewicht van alle vrachten, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte totale gewicht, en aan rVDM gezonden.
6. In afwijking van [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01) worden de gegevens, met uitzondering van de gegevens betreffende de locatie, aan rVDM gezonden, onverwijld na het lossen van enkel de laatste vracht.
7. De bevestiging door leverancier en afnemer, bedoeld in [artikel 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vindt plaats nadat de gegevens, bedoeld in het zesde lid, aan rVDM zijn gezonden.
5. In afwijking, van [artikel 59, vierde lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), wordt bij de weegmelding het gewicht dat overeenkomstig het vierde lid is bepaald, bevestigd, indien dit overeenkomt met het bij de vooraanmelding geschatte totale gewicht van alle vrachten, dan wel aangepast, indien dit afwijkt van het bij de vooraanmelding geschatte totale gewicht, en aan rVDM gezonden.
6. In afwijking van [artikel 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11) worden de gegevens, met uitzondering van de gegevens betreffende de locatie, aan rVDM gezonden, onverwijld na het lossen van enkel de laatste vracht.
7. De bevestiging door leverancier en afnemer, bedoeld in [artikel 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vindt plaats nadat de gegevens, bedoeld in het zesde lid, aan rVDM zijn gezonden.
8. Het rVDM-nummer dat de minister verstrekt, heeft betrekking op elk vervoer dat op dezelfde dag plaatsvindt, onder de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid.
@@ -24648,7 +24648,7 @@
##### Artikel 69n
1. In de situaties, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), worden ten behoeve van de vooraanmelding via de software-applicatie de gegevens, bedoeld in [artikel 54, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vastgelegd.
1. In de situaties, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), worden ten behoeve van de vooraanmelding via de software-applicatie de gegevens, bedoeld in [artikel 54, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vastgelegd.
2. Een vooraanmelding, bedoeld in het eerste lid, kan slechts betrekking hebben op het vervoer van dierlijke meststoffen dat op dezelfde dag als de vooraanmelding plaatsvindt dan wel uiterlijk een dag daarna.
@@ -24660,25 +24660,25 @@
##### Artikel 69o
1. Als software-applicatie waarmee gegevens worden vastgelegd, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01) wordt hetzij een door de minister beschikbaar gestelde software-applicatie gebruikt, hetzij een door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie.
1. Als software-applicatie waarmee gegevens worden vastgelegd, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11) wordt hetzij een door de minister beschikbaar gestelde software-applicatie gebruikt, hetzij een door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie.
2. De applicatie:
- a. beschikt over rVDM-nummers als bedoeld in [artikel 69n, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-01-01&g=2026-01-01), dan wel is in staat om deze nummers in te lezen;
- a. beschikt over rVDM-nummers als bedoeld in [artikel 69n, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-02-11&g=2026-02-11), dan wel is in staat om deze nummers in te lezen;
- b. stelt het rVDM-nummer beschikbaar, opdat de GR-apparatuur dit nummer op elektronische wijze kan inlezen;
- c. legt de gegevens, bedoeld in [artikel 69n](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vast en bewaart deze gegevens;
- c. legt de gegevens, bedoeld in [artikel 69n](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vast en bewaart deze gegevens;
- d. beschikt over een voorziening waarmee de datum en het tijdstip waarop de vooraanmelding en de startmelding zijn verricht onmiddellijk worden vastgelegd;
- e. beschikt over een voorziening waarmee de bewaarde gegevens en de datum en het tijdstip, bedoeld in onderdeel d, onmiddellijk worden verzonden aan rVDM, nadat de netwerkverbinding weer is hersteld dan wel nadat rVDM weer beschikbaar is, onder vermelding van het rVDM-nummer en de datum en het tijdstip van de verzending aan rVDM;
- f. legt de reden van het gebruik van de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69n, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vast en verstrekt deze reden tegelijk met de verzending, bedoeld in onderdeel e;
- f. legt de reden van het gebruik van de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69n, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vast en verstrekt deze reden tegelijk met de verzending, bedoeld in onderdeel e;
- g. bewaart de gegevens, bedoeld in de onderdelen c tot en met f, in ieder geval tot en met het moment waarop de gegevens met succes zijn verzonden aan rVDM, en
- h. maakt de gegevens, bedoeld in de onderdelen c tot en met f, gedurende het vervoer raadpleegbaar en op een overzichtelijke wijze toonbaar aan de ambtenaren, bedoeld in [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
- h. maakt de gegevens, bedoeld in de onderdelen c tot en met f, gedurende het vervoer raadpleegbaar en op een overzichtelijke wijze toonbaar aan de ambtenaren, bedoeld in [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
3. De apparatuur waarop de software-applicatie is geïnstalleerd beschikt over een voorziening waarmee inzichtelijk kan worden gemaakt of de netwerkverbinding of het mobiele dataverkeer handmatig is uitgeschakeld.
@@ -24692,25 +24692,25 @@
- b. ingeval het niet beschikbaar zijn van rVDM de reden was van de meldingen via de applicatie binnen zeven dagen te rekenen vanaf de dag waarop rVDM weer beschikbaar is geworden.
3. De meldingen, bedoeld in het eerste lid, geschieden onder vermelding van het rVDM-nummer, bedoeld in [artikel 69n, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
3. De meldingen, bedoeld in het eerste lid, geschieden onder vermelding van het rVDM-nummer, bedoeld in [artikel 69n, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 69q
1. In afwijking van [artikel 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bevestigen de leverancier en de afnemer uiterlijk zeven dagen na de laatst ontvangen melding die betrekking heeft op het betreffende vervoer, de door rVDM ontvangen gegevens van het vervoer.
2. [Artikel 61, tweede tot en met vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
1. In afwijking van [artikel 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bevestigen de leverancier en de afnemer uiterlijk zeven dagen na de laatst ontvangen melding die betrekking heeft op het betreffende vervoer, de door rVDM ontvangen gegevens van het vervoer.
2. [Artikel 61, tweede tot en met vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 69r
1. Indien en voor zover sprake is van een uitzonderlijke situatie waarin de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), naar het oordeel van de minister niet toereikend is, worden de gegevens met betrekking tot het vervoer vermeld op een daartoe door de minister beschikbaar gesteld middel.
2. In de volgende situaties is de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), naar het oordeel van de minister in ieder geval niet toereikend:
- a. de door de minister of door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie, bedoeld in [artikel 69o, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-01-01&g=2026-01-01), functioneert niet naar behoren;
- b. het besturingssysteem van de door de minister of door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie, bedoeld in [artikel 69o, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-01-01&g=2026-01-01), functioneert niet naar behoren;
- c. voor de door de minister of door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie, bedoeld in [artikel 69o, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is een update vereist en deze kan door een storing in het externe updatemiddel niet plaatsvinden;
1. Indien en voor zover sprake is van een uitzonderlijke situatie waarin de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), naar het oordeel van de minister niet toereikend is, worden de gegevens met betrekking tot het vervoer vermeld op een daartoe door de minister beschikbaar gesteld middel.
2. In de volgende situaties is de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), naar het oordeel van de minister in ieder geval niet toereikend:
- a. de door de minister of door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie, bedoeld in [artikel 69o, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-02-11&g=2026-02-11), functioneert niet naar behoren;
- b. het besturingssysteem van de door de minister of door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie, bedoeld in [artikel 69o, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-02-11&g=2026-02-11), functioneert niet naar behoren;
- c. voor de door de minister of door een andere partij beschikbaar gestelde software-applicatie, bedoeld in [artikel 69o, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is een update vereist en deze kan door een storing in het externe updatemiddel niet plaatsvinden;
- d. er zijn geen rVDM-nummers beschikbaar die benodigd zijn bij het gebruik van de applicatie.
@@ -24720,23 +24720,23 @@
- b. indien na de periode, genoemd in onderdeel a, de betreffende software-applicatie nog steeds niet naar behoren functioneert, wordt ofwel gebruik gemaakt van de door de minister beschikbaar gestelde software-applicatie, ofwel van een door een andere dan de oorspronkelijke partij beschikbaar gestelde applicatie.
4. In aanvulling op het tweede lid, kan de minister in concrete gevallen besluiten dat de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet toereikend is.
4. In aanvulling op het tweede lid, kan de minister in concrete gevallen besluiten dat de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet toereikend is.
##### Artikel 69s
De minister informeert de gebruikers van rVDM op passende wijze wanneer er sprake is van een situatie, bedoeld in [artikel 69r, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01), waarin de applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), niet toereikend is en informeert hen voorts op passende wijze vanaf wanneer niet langer sprake is van een dergelijke situatie.
De minister informeert de gebruikers van rVDM op passende wijze wanneer er sprake is van een situatie, bedoeld in [artikel 69r, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11), waarin de applicatie, bedoeld in [artikel 69m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), niet toereikend is en informeert hen voorts op passende wijze vanaf wanneer niet langer sprake is van een dergelijke situatie.
##### Artikel 69t
1. Op het door de minister beschikbaar gestelde middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01), vermeldt de vervoerder tenminste de gegevens, bedoeld in [artikel 54, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
2. Op het door de minister beschikbaar gestelde middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is een rVDM-nummer vermeld dat voor het betreffende vervoer wordt gebruikt.
1. Op het door de minister beschikbaar gestelde middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11), vermeldt de vervoerder tenminste de gegevens, bedoeld in [artikel 54, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
2. Op het door de minister beschikbaar gestelde middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is een rVDM-nummer vermeld dat voor het betreffende vervoer wordt gebruikt.
3. Het middel dat is voorzien van de gegevens, bedoeld in het eerste lid, is tijdens het betreffende vervoer aanwezig in het voertuig.
##### Artikel 69u
1. Ingeval gebruik is gemaakt van het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01), doet de vervoerder na afloop van het vervoer een namelding rechtstreeks aan rVDM, bestaande uit een vooraanmelding en een startmelding.
1. Ingeval gebruik is gemaakt van het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11), doet de vervoerder na afloop van het vervoer een namelding rechtstreeks aan rVDM, bestaande uit een vooraanmelding en een startmelding.
2. Bij de namelding, bedoeld in het eerste lid, neemt de vervoerder de gegevens vermeld op het door de minister beschikbaar gestelde middel over en verstrekt deze aan rVDM.
@@ -24748,17 +24748,17 @@
4. De weegmelding geschiedt zodra de vervoerder de mogelijkheid heeft om meldingen te verzenden aan rVDM, maar uiterlijk binnen zeven dagen na afloop van het vervoer. Indien de functionaliteit later dan zeven dagen na afloop van het vervoer weer beschikbaar is, geschiedt de weegmelding uiterlijk binnen zeven dagen nadat de mogelijkheid om meldingen te verzenden aan rVDM weer beschikbaar is geworden.
5. De melding, bedoeld in de [artikelen 62, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [63, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [64, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [67, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69, veertiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69c, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) of [69d, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69e, tiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-01-01&g=2026-01-01), geschiedt zodra de vervoerder de mogelijkheid heeft om meldingen te verzenden aan rVDM, maar uiterlijk binnen zeven dagen na afloop van het vervoer. Indien de mogelijkheid om meldingen te verzenden aan rVDM later dan zeven dagen na afloop van het vervoer weer beschikbaar is, geschiedt de melding uiterlijk binnen zeven dagen nadat de mogelijkheid om meldingen te verzenden aan rVDM weer beschikbaar is geworden.
6. De meldingen, bedoeld in het eerste, vierde en vijfde lid, geschieden onder vermelding van het rVDM-nummer, bedoeld in [artikel 69t, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69t&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
7. De vervoerder vermeldt bij de namelding, bedoeld in het eerste lid, tevens de reden waarom gebruik is gemaakt van het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01).
5. De melding, bedoeld in de [artikelen 62, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [63, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [64, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [67, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69, veertiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69c, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) of [69d, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69e, tiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-02-11&g=2026-02-11), geschiedt zodra de vervoerder de mogelijkheid heeft om meldingen te verzenden aan rVDM, maar uiterlijk binnen zeven dagen na afloop van het vervoer. Indien de mogelijkheid om meldingen te verzenden aan rVDM later dan zeven dagen na afloop van het vervoer weer beschikbaar is, geschiedt de melding uiterlijk binnen zeven dagen nadat de mogelijkheid om meldingen te verzenden aan rVDM weer beschikbaar is geworden.
6. De meldingen, bedoeld in het eerste, vierde en vijfde lid, geschieden onder vermelding van het rVDM-nummer, bedoeld in [artikel 69t, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69t&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
7. De vervoerder vermeldt bij de namelding, bedoeld in het eerste lid, tevens de reden waarom gebruik is gemaakt van het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11).
##### Artikel 69v
1. Ingeval van gebruik van het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01), bevestigen, in afwijking van [artikel 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01), de leverancier en de afnemer uiterlijk zeven dagen na de laatste melding die betrekking heeft op het betreffende vervoer, de door rVDM ontvangen gegevens van het vervoer.
2. [Artikel 61, tweede tot en met vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
1. Ingeval van gebruik van het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11), bevestigen, in afwijking van [artikel 61](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11), de leverancier en de afnemer uiterlijk zeven dagen na de laatste melding die betrekking heeft op het betreffende vervoer, de door rVDM ontvangen gegevens van het vervoer.
2. [Artikel 61, tweede tot en met vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11), is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 69va
@@ -24782,7 +24782,7 @@
##### Artikel 69w
1. Als vervoersbewijs als bedoeld in [artikel 55, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) wordt vastgesteld het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost dat overeenkomt met het model dat is opgenomen in [bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel A.
1. Als vervoersbewijs als bedoeld in [artikel 55, eerste lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) wordt vastgesteld het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost dat overeenkomt met het model dat is opgenomen in [bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel A.
2. Het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost wordt door de minister verstrekt en is voorzien van een uniek nummer.
@@ -24790,7 +24790,7 @@
1. Uiterlijk bij het laden van meststoffen worden de onderdelen 1, 3a, 3b en 3c, met uitzondering van het gewicht van de vracht, de hoeveelheden fosfaat en stikstof en het drogestofgehalte, van het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevuld en wordt het vervoersbewijs door de leverancier ondertekend. In voorkomend geval wordt bij onderdeel 1 het registratienummer van de desbetreffende opslag ingevuld.
2. Bij onderdeel 3c wordt als analysenummer ingevuld het bij de desbetreffende vracht behorende analysenummer, bedoeld in [artikel 92b, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), dan wel indien het een vracht vloeibaar zuiveringsslib betreft die afkomstig is uit een opslagruimte voor vloeibaar zuiveringsslib als bedoeld in [artikel 39, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) of in [artikel 51, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), het ter zake van de ontvangst van de overeenkomstig [artikel 48, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-01-01&g=2026-01-01), of [52, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-01-01&g=2026-01-01), verstrekte gegevens door de minister uitgegeven samenstellingsnummer.
2. Bij onderdeel 3c wordt als analysenummer ingevuld het bij de desbetreffende vracht behorende analysenummer, bedoeld in [artikel 92b, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), dan wel indien het een vracht vloeibaar zuiveringsslib betreft die afkomstig is uit een opslagruimte voor vloeibaar zuiveringsslib als bedoeld in [artikel 39, tweede lid, van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) of in [artikel 51, vierde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), het ter zake van de ontvangst van de overeenkomstig [artikel 48, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-02-11&g=2026-02-11), of [52, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-02-11&g=2026-02-11), verstrekte gegevens door de minister uitgegeven samenstellingsnummer.
3. Het netto gewicht van de vracht wordt terstond na de weging bij onderdeel 3 van het op de vracht betrekking hebbende vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevuld.
@@ -24798,7 +24798,7 @@
5. Met de ondertekening verklaren de leverancier en de vervoerder dat de desbetreffende vracht zuiveringsslib of compost voldoet aan [artikel 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=16) onderscheidenlijk [artikel 17 van het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=17).
6. Indien zich ter zake van het vervoer één of meer van de in [bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-01-01&g=2026-01-01), onderdeel B, vermelde omstandigheden voordoen, worden de hiermee corresponderende codes terstond bij onderdeel 4 van het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevuld.
6. Indien zich ter zake van het vervoer één of meer van de in [bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-02-11&g=2026-02-11), onderdeel B, vermelde omstandigheden voordoen, worden de hiermee corresponderende codes terstond bij onderdeel 4 van het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevuld.
7. In zoverre in afwijking van de voorgaande leden, kunnen de gegevens op het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost worden vermeld door het printen van deze gegevens in een aan de invulvelden gerelateerde volgorde binnen de daarvoor op het vervoersbewijs bestemde vrije ruimte.
@@ -24816,7 +24816,7 @@
- b. er wordt een schriftelijk bewijsstuk van de machtiging opgemaakt dat door de betrokken partijen is ondertekend en dat in ieder geval de datum en de duur van de machtiging en de door de minister ter identificatie van de bedrijven of ondernemingen van de betrokken partijen verstrekte relatienummers bevat; en
- c. een afschrift van het bewijsstuk van de machtiging, bedoeld in onderdeel b, wordt tijdens het vervoer van de vracht waarop de machtiging betrekking heeft desgevraagd aan een ambtenaar als bedoeld in [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-01-01&g=2026-01-01) verstrekt.
- c. een afschrift van het bewijsstuk van de machtiging, bedoeld in onderdeel b, wordt tijdens het vervoer van de vracht waarop de machtiging betrekking heeft desgevraagd aan een ambtenaar als bedoeld in [artikel 129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-02-11&g=2026-02-11) verstrekt.
##### Artikel 69aa
@@ -24860,7 +24860,7 @@
##### Artikel 133a
De [artikelen 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [45 tot en met 48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [50](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [53 tot en met 69a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [75f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=75f&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [76 tot en met 78a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78h&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78i&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [78u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78u&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [80 tot en met 91b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [122](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [Bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [Bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [Bijlage F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=F&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [Bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [Bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [Bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [Bijlage M](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=M&z=2026-01-01&g=2026-01-01), zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop deze regeling in werking treedt, blijven van toepassing op het vervoer van dierlijke meststoffen dat is aangevangen voor dat tijdstip.
De [artikelen 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [45 tot en met 48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [50](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [53 tot en met 69a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [75f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=75f&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [76 tot en met 78a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78h&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78i&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [78u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78u&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [80 tot en met 91b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [122](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [Bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [Bijlage Ea](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=Ea&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [Bijlage F](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=F&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [Bijlage G](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=G&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [Bijlage H](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=H&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [Bijlage I](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=I&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [Bijlage M](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=M&z=2026-02-11&g=2026-02-11), zoals deze luidden onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop deze regeling in werking treedt, blijven van toepassing op het vervoer van dierlijke meststoffen dat is aangevangen voor dat tijdstip.
## Bijlage
@@ -25713,7 +25713,7 @@
## Bijlage Aca. NV-gebieden
Bijlage bij [artikel 24, derde lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
Bijlage bij [artikel 24, derde lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=24&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
Als met nutriënten verontreinigde gebieden worden aangewezen de op de kaarten in deze bijlage aangeduide gebieden.
@@ -26107,19 +26107,19 @@
##### Artikel 33c
1. Indien een landbouwer op een perceel meststoffen als bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen a tot en met e en g tot en met i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-01-01&g=2026-01-01), op of in de bodem brengt, wordt voor de toepassing van [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), of [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01) de volgende hoeveelheid fosfaat in aanmerking genomen:
- a. voor zover het gaat om meststoffen als bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen h en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-01-01&g=2026-01-01): 25 procent van de hoeveelheid fosfaat in kilogrammen; en
- b. voor zover het gaat om meststoffen als bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen a tot en met e, en g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-01-01&g=2026-01-01): 75 procent van de hoeveelheid fosfaat in kilogrammen.
1. Indien een landbouwer op een perceel meststoffen als bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen a tot en met e en g tot en met i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-02-11&g=2026-02-11), op of in de bodem brengt, wordt voor de toepassing van [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), of [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11) de volgende hoeveelheid fosfaat in aanmerking genomen:
- a. voor zover het gaat om meststoffen als bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen h en i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-02-11&g=2026-02-11): 25 procent van de hoeveelheid fosfaat in kilogrammen; en
- b. voor zover het gaat om meststoffen als bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen a tot en met e, en g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-02-11&g=2026-02-11): 75 procent van de hoeveelheid fosfaat in kilogrammen.
2. Het eerste lid is uitsluitend van toepassing, indien:
- a. het fosfaat aantoonbaar afkomstig is van een of meer van de desbetreffende meststoffen, bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen a tot en met e en g tot en met i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-01-01&g=2026-01-01);
- a. het fosfaat aantoonbaar afkomstig is van een of meer van de desbetreffende meststoffen, bedoeld in [artikel 33b, eerste lid, onderdelen a tot en met e en g tot en met i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=33b&z=2026-02-11&g=2026-02-11);
- b. op een perceel per hectare ten minste 20 kilogram fosfaat van de in onderdeel a bedoelde meststoffen wordt toegepast; en
- c. per hectare ten hoogste het desbetreffende aantal kilogrammen fosfaat, genoemd in [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), of [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-01-01&g=2026-01-01), van de in onderdeel a bedoelde meststoffen wordt toegepast.
- c. per hectare ten hoogste het desbetreffende aantal kilogrammen fosfaat, genoemd in [artikel 11, eerste lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=11), of [artikel 31](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=31&z=2026-02-11&g=2026-02-11), van de in onderdeel a bedoelde meststoffen wordt toegepast.
#### § 5. Tijdelijke vrijstelling mineralenconcentraat
@@ -26153,62 +26153,62 @@
| Artikel [meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054) | Artikelen [Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031) | Artikelen Uitvoeringsregeling Meststoffenwet |
| --- | --- | --- |
| [1, eerste lid, onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=1) | | [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=3&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [5d (10 nieuw), eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=5d) | | [28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [5f (12 nieuw), derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=5f) | | [29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=29&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [5e (11 nieuw), vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=5e) | | [30 tot en met 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=30&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| 5f (12 nieuw), vijfde lid | | [34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=34&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| 5e (11 nieuw), zesde lid | | [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=35&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [28, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=28) | [36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [36, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 36, onderdeel b | [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=38&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 36, onderdeel c | [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=39&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [26, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) | [41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 36, onderdeel d, 35, tweede lid | [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [59d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=59d) (38 nieuw) | 36, onderdeel e | [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [44](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=44&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [41, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [45](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 41, onderdelen b en c | [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 41, onderdeel b | [47](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=47&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=49&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 41, onderdelen d en e | [48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [46, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46) | [50](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 46, onderdeel d | [52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [52, eerste lid, onderdelen c en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=52), [70, vierde lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=70) | [53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 52, eerste lid, onderdelen a, c en d | [54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 52, eerste lid, onderdeel e | [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 52, eerste lid, onderdeel a | [57](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51), 52, eerste lid, onderdeel b | [58](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 52, derde lid | [60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [54, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=54) | [61 tot en met 63](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 54, onderdelen d en e | [64, eerste tot en met derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 54, onderdeel c | [65](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=65&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [67](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [55, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) | [68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [56, onderdelen b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [61, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=61), [64, tweede lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=64) | [70](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=70&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 64, eerste lid | [71](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=71&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 64, tweede lid, onderdeel b | [72](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [70, eerste lid, onderdeel a en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=70) | [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [74, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=74&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, vierde lid, onderdeel a | 74, tweede lid, [83](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=83&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [92](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [93, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=93&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [95](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, vierde lid, onderdeel c | 74, derde lid, [80](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| 59d (38 nieuw) | | 74, vierde en vijfde lid, [75](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [82, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=82&z=2026-01-01&g=2026-01-01), 93, derde lid, en [126](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=126&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, vierde lid, onderdelen a en c | [76](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [77](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=77&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, vierde lid, onderdelen a tot en met d | [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en 82, eerste en tweede lid |
| | 70, vierde lid, onderdelen c tot en met e | [81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, tweede lid, onderdeel b | [84 tot en met 91](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=84&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, eerste lid, onderdeel c | [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [102](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=102&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [103](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=103&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, vierde lid, onderdelen a t/m c | 98, [100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [101, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, vierde lid, onderdeel e | [99](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 70, eerste lid, onderdeel b | [101, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [1, eerste lid, onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=1) | | [3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=3&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [5d (10 nieuw), eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=5d) | | [28](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [5f (12 nieuw), derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=5f) | | [29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=29&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [5e (11 nieuw), vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=5e) | | [30 tot en met 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=30&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| 5f (12 nieuw), vijfde lid | | [34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=34&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| 5e (11 nieuw), zesde lid | | [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=3&artikel=35&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [28, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=28) | [36](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=4&artikel=36&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [36, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 36, onderdeel b | [38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=38&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 36, onderdeel c | [39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=39&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [26, tweede lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) | [41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 36, onderdeel d, 35, tweede lid | [42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [59d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=59d) (38 nieuw) | 36, onderdeel e | [43](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=43&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [44](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=44&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [41, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [45](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 41, onderdelen b en c | [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 41, onderdeel b | [47](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=47&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=49&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 41, onderdelen d en e | [48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [46, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46) | [50](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 46, onderdeel d | [52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [52, eerste lid, onderdelen c en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=52), [70, vierde lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=70) | [53](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 52, eerste lid, onderdelen a, c en d | [54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 52, eerste lid, onderdeel e | [55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 52, eerste lid, onderdeel a | [57](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [59](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51), 52, eerste lid, onderdeel b | [58](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 52, derde lid | [60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [54, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=54) | [61 tot en met 63](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 54, onderdelen d en e | [64, eerste tot en met derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 54, onderdeel c | [65](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=65&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [67](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [55, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) | [68](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [56, onderdelen b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [61, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=61), [64, tweede lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=64) | [70](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=70&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 64, eerste lid | [71](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=71&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 64, tweede lid, onderdeel b | [72](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [70, eerste lid, onderdeel a en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=70) | [73](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=73&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [74, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=74&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, vierde lid, onderdeel a | 74, tweede lid, [83](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=83&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [92](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [93, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=93&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [95](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, vierde lid, onderdeel c | 74, derde lid, [80](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| 59d (38 nieuw) | | 74, vierde en vijfde lid, [75](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=1&artikel=75&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [82, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=82&z=2026-02-11&g=2026-02-11), 93, derde lid, en [126](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=126&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, vierde lid, onderdelen a en c | [76](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [77](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=77&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, vierde lid, onderdelen a tot en met d | [78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en 82, eerste en tweede lid |
| | 70, vierde lid, onderdelen c tot en met e | [81](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, tweede lid, onderdeel b | [84 tot en met 91](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=84&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, eerste lid, onderdeel c | [96](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=5&artikel=96&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [102](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=102&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [103](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=7&artikel=103&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, vierde lid, onderdelen a t/m c | 98, [100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [101, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, vierde lid, onderdeel e | [99](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, eerste lid, onderdeel b | [101, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 70, eerste lid, onderdeel c en tweede lid, onderdeel a | 101, derde lid |
| [58f (27 nieuw), derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=58f) | | [104](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [58i (30 nieuw), tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=58i) | | [105 t/m 109](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [58j (31 nieuw), derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=58j) | | [110](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3&artikel=110&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [60, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=60) | | [111](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=4&artikel=111&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 36, onderdeel d, 41, onderdeel d en 46, onderdeel d | [122](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [123](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=123&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [127](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=127&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | 36, onderdelen b en d, 41 onderdelen b en d, 46, onderdelen b en d | [124](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| | [71](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=71) | [128](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=128&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
| [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=69) (47 nieuw) | | [129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-01-01&g=2026-01-01) |
## Bijlage Ad. behorende bij [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| [58f (27 nieuw), derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=58f) | | [104](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=1&artikel=104&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [58i (30 nieuw), tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=58i) | | [105 t/m 109](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=2&artikel=105&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [58j (31 nieuw), derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=58j) | | [110](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=3&artikel=110&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [60, tweede en derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=60) | | [111](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=10¶graaf=4&artikel=111&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 36, onderdeel d, 41, onderdeel d en 46, onderdeel d | [122](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [123](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=123&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [127](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=127&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | 36, onderdelen b en d, 41 onderdelen b en d, 46, onderdelen b en d | [124](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| | [71](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=71) | [128](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=128&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
| [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=69) (47 nieuw) | | [129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2026-02-11&g=2026-02-11) |
## Bijlage Ad. behorende bij [artikel 25](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=1&artikel=25&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Klasse | Oppervlakte (in hectare) | Oppervlakte (in hectare) | Tarief |
| --- | --- | --- | --- |
@@ -26301,7 +26301,7 @@
## Bijlage G. behorende bij de [artikelen 69w](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69w&z=2023-03-01&g=2023-03-01) en [69x](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69x&z=2023-03-01&g=2023-03-01)
## Bijlage F. behorende bij de [artikelen 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage F. behorende bij de [artikelen 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
## Bijlage I. Forfaitaire mineralengehalten in dierlijke mest en mestcodes
@@ -27055,7 +27055,7 @@
| | [71](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=71) | [128](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=128&z=2025-04-19&g=2025-04-19) |
| [69](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=69) (47 nieuw) | | [129](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=129&z=2025-04-19&g=2025-04-19) |
## Bijlage B. behorende bij [artikel 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=29&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de uitvoeringsregeling Meststoffenwet: Werkingscoëfficiënt
## Bijlage B. behorende bij [artikel 29](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=29&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de uitvoeringsregeling Meststoffenwet: Werkingscoëfficiënt
| Soort/herkomst meststof ¹ | Toepassing ¹ | WC |
| --- | --- | --- |
@@ -27089,7 +27089,7 @@
## Bijlage D. Diergebonden forfaitaire gehalten
## Bijlage G. behorende bij de [artikelen 69w](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69w&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [69x](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69x&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage G. behorende bij de [artikelen 69w](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69w&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [69x](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69x&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
## Bijlage F. behorende bij de [artikelen 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=1&z=2025-04-19&g=2025-04-19) en [54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2025-04-19&g=2025-04-19)
@@ -27457,9 +27457,9 @@
### Hoofdstuk 11. Overige bepalingen
## bijlage Ac. behorende bij de [artikelen 17 tot en met 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## Bijlage A. Stikstofgebruiksnormen behorende bij de [artikelen 28 tot en met 28d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## bijlage Ac. behorende bij de [artikelen 17 tot en met 22](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=17&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## Bijlage A. Stikstofgebruiksnormen behorende bij de [artikelen 28 tot en met 28d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=3¶graaf=2&artikel=28&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
| grondsoort | kleigrond | noordelijke, westelijke en centrale zandgronden | zuidelijke zandgronden | lössgrond | veengrond |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- |
@@ -27877,7 +27877,7 @@
## Bijlage G. behorende bij de [artikelen 69w](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69w&z=2023-11-02&g=2023-11-02) en [69x](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69x&z=2023-11-02&g=2023-11-02)
## Bijlage K. behorende bij [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage K. behorende bij [artikel 98](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
## Bijlage J. behorende bij de [artikelen 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2023-06-01&g=2023-06-01), [100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2023-06-01&g=2023-06-01) en [101](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2023-06-01&g=2023-06-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
@@ -29374,7 +29374,7 @@
### Hoofdstuk 11. Overige bepalingen
## bijlage Aa. behorende bij [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## bijlage Aa. behorende bij [artikel 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=4&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
I. Stoffen die als meststof kunnen worden verhandeld
@@ -29454,6 +29454,10 @@
- 38. Reststof die is vrijgekomen bij de extractie van korrelslib afkomstig van biologische zuivering met behulp van Nereda-technologie van procesafvalwater van zuivelproductie en die bestaat uit korrelslib waaruit biopolymeren zijn geëxtraheerd (korrelslib van procesafvalwater van zuivelproductie).
- 39. Reststof die is vrijgekomen bij schapenhouderij en die bestaat uit ruwe, onbehandelde Nederlandse schapenwol, verpulverd en geperst tot wolpellets (wolpellets).
- 40. Reststof die is vrijgekomen bij het lokaal vermalen en vervolgens vergisten van voedselresten van horecagelegenheden en die bestaat uit gehygiëniseerd digestaat van voedselresten (gehygiëniseerd digestaat van voedselresten).
II. Stoffen die als meststof kunnen worden verhandeld
(Categorieën afvalstoffen of reststoffen)
@@ -29464,6 +29468,8 @@
- 3. Reststof die is vrijgekomen bij de reiniging van stallucht van veehouderijbedrijven door het wassen van stallucht met water (spuiwater uit luchtwassers met een waterwasstap).
- 4. Reststof die is vrijgekomen bij de chemische reiniging van proceslucht uit een zuivelfabriek door middel van het wassen met een verdunde oplossing van salpeterzuur en die bestaat uit een zure oplossing van ammoniumnitraat in water (ammoniumnitraatoplossing van chemische luchtwassers van zuivelfabrieken).
III. Stoffen die bij de productie van meststoffen kunnen worden gebruikt
- 1. Reststof die is vrijgekomen bij de productie van magnesiumcalciumhydroxide uit gebrand dolomietkalksteen (magnesiumcalciumoxide gevormd uit magnesiumcalciumcarbonaat) en die bestaat uit grijswit granulaat van magnesiumcalciumoxide en magnesiumcalciumhydroxide (granulaat van magnesiumcalciumhydroxide),
@@ -29481,6 +29487,8 @@
- 7. Reststof die is vrijgekomen bij het mengen van poeder uit brandblusapparaten, waarvan de termijn is verstreken, met zonnebloemolie en water, en die bestaat uit een mengsel van poeder van mono-ammoniumfosfaat, ammoniumsulfaat, magnesiumstearaat (of talk), zonnebloemolie en water (poeder uit brandblussers).
- 8. Reststof die is vrijgekomen bij de extractie van korrelslib afkomstig van biologische zuivering met behulp van Nereda-technologie van procesafvalwater van zuivelproductie en die bestaat uit korrelslib waaruit biopolymeren zijn geëxtraheerd (korrelslib van procesafvalwater van zuivelproductie).
- 9. Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van alcohol door fermentatie van melasse die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten en die bestaat uit een donkerbruine stroperige vloeistof (vinassekali) of bestaat uit een ingedikte donkerbruine stroperige vloeistof (ingedikte vinassekali).
IV. Eindproducten van bewerkingsprocédés die als meststof kunnen worden verhandeld
@@ -29505,41 +29513,43 @@
| 6 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van zetmeel, eiwit, kiemen en vezel van maïs en die bestaat uit ingedampt (geconcentreerd) weekwater met een drogestofgehalte van minimaal 50% (geconcentreerd maïsweekwater). |
| 7 | Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte frisdranken of licht alcoholische dranken die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte frisdranken of licht-alcoholische dranken en is vrij van verpakkingsmateriaal (vloeibaar mengsel van frisdranken en licht alcoholische dranken). |
| 8 | Reststof die met behulp van water en fysische processen al dan niet als ingedikte vloeibare reststroom is vrijgekomen bij de fabrieksmatige scheiding van tarwebloem in tarwezetmeel en tarwe-eiwit (gluten) bestemd voor de levensmiddelenindustrie (tarwezetmeel). |
| 9 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van conserven en die bestaat uit een mengsel van uitgeselecteerde droge witte bonen of uitgeselecteerde geweekte geblancheerde witte bonen die ongeschikt zijn voor humane consumptie (mengsel van witte bonen). |
| 10 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bewerking van tarwebloem tot gluten, zemelen en zetmeel bestemd voor de levensmiddelenindustrie en die bestaat uit een geconcentreerde suikerrijke deelstroom (tarweindampconcentraat). |
| 11 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig mechanisch schillen van gewassen sinaasappelen voor de productie van sinaasappelsap bestemd voor menselijke consumptie (schilresten van sinaasappelen). |
| 12 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig ontslijmen van ruwe, niet ontslijmde, plantaardige olie – uitsluitend afkomstig van zaden van koolzaad, raapzaad, sojaboon of zonnebloem – door middel van fysische scheiding en waarbij het hydrofiel gedeelte van de olie in water oplost dan wel een zwak zure oplossing vormt en die bestaat uit fosfolipiden, wateroplosbare vetten, olie en eventueel zuurresten in water (waterig lecithine-oliemengsel). |
| 13 | Reststof die is vrijgekomen bij het filteren door mechanische scheiding van zuiver plantaardige olie, waarin voorgesneden en geblancheerde patat van aardappelen met vooraf aangebracht beslag, battermix of kruiden is voorgebakken en die bestaat uit resten beslag/battermix met zetmeel- en olieresten. (aardappelvetkruim). |
| 14 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van sojadranken door verwerking van ontpelde sojabonen en die bestaat uit een mengsel van kookvocht en de afgescheiden slecht oplosbare fractie (mengsel van okara en kookvocht). |
| 15 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van vooraf gewassen aardappelen, gele koolraap, witte koolraap, witte bieten en knolselderij tot luchtgedroogde groenten waarbij deze met een stoomschiller worden geschild, afgeborsteld en met water afgespoeld en vervolgens gedroogd met lucht. De reststof bestaat uit de vaste delen die met een zeefbocht zijn afgescheiden van de afvalwaterstroom die uit de stoomschiller komt en uit de knollen die na het schillen vanwege rot of kleurafwijking zijn uitgesorteerd. (stoomschillen van knolgewassen). |
| 16 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten en die bestaat uit gereinigde brokstukken van de biet, met name de dunne uiteinden, en delen van bietenbladeren, al dan niet ingekuild. (bietenpunten). |
| 17 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten via een proces van wassen, snijden en extraheren met heet water ten behoeve van de winning van suiker en dat uitsluitend bestaat uit het geperste snijdsel (bietenperspulp). |
| 18 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van uien en die uitsluitend bestaat uit al dan niet ontwaterde, vermalen en gekookte uien, dat resteert na het kook- en distillatieproces ten behoeve van de winning van uienolie (uienpulp). |
| 19 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van uien en dat uitsluitend bestaat uit het perssap van pulp van vermalen en gekookte uien, dat resteert na het kook- en destillatieproces ten behoeve van de winning van uienolie (uienperssap). |
| 20 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van geschoonde en gewassen zetmeelaardappelen die zijn fijn gemaakt met behulp van raspen en waaruit aardappelzetmeel en aardappelvruchtwater zijn verwijderd en dat vervolgens met persen ontwaterd is (aardappelpersvezels). |
| 21 | Reststof die is vrijgekomen bij het brouwen van bier en bestaat uit uitgetrokken en afgewerkte mout en dat uitsluitend bestaat uit het omhulsel van kaf, vruchtwand of zaadhuid en niet in warm water oplosbare bestanddelen van gerst of tarwe (bierbostel). |
| 22 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van cichoreiwortelen tot inuline en fructosestroop en dat uitsluitend bestaat uit het uitgewassen en uitgeperste snijdsel (cigarant). |
| 23 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit eiwit en/of zetmeel is verwijderd en waaruit eventueel vocht door persing is onttrokken en hoofdzakelijk bestaat uit celwanden en zetmeel (erwten(pers)vezel). |
| 24 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit celwanden en zetmeel verwijderd is en hoofdzakelijk bestaat uit eiwit (erwteneiwit). |
| 25 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit eiwit en/of zetmeel onttrokken is en gemengd is met erwteneiwit (erwtencrème). |
| 26 | Reststof die is vrijgekomen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van kool- en raapzaadschilfers en hoofdzakelijk bestaat uit celwanden, zetmeel en eiwit afkomstig van koolzaad of raapzaad (koolzaadschroot of raapzaadschroot). |
| 27 | Bijproduct die vrijgekomen is bij de verwerking van geschoonde gerst tot gort, grutten of bloem en vrijwel uitsluitend bestaat uit het endospermen fijne schilddeeltjes (doppen) van de gerstkorrel (gersteslijpmeelpellets). |
| 28 | Reststof die is vrijgekomen bij de bereiding van bloem of mout uit geschoonde tarwekorrels en overwegend bestaat uit gries, fijne tarwestof van doorval door zeven en afzuiginstallaties, afgekeurde bloem, tarwebloem, gebroken tarwe en onkruidzaden (tarwevoergriespellets). |
| 29 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van geschoonde gerstekorrels tot mout en die in hoofdzaak bestaat uit de gerstpellen (gerstpellen). |
| 30 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van alcohol uit vergist beslag van graan nadat de alcohol (ethanol, bioethanol) door destillatie is verwijderd en dat in hoofdzaak bestaat uit de vaste residuen van granen al dan niet gedroogd (graanspoeling, gedroogde graanspoeling). |
| 31 | Reststof verkregen bij de verwerking van geschoonde, gebrande en gemalen koffiebonen tot koffie-extract en die bestaat uit het bezinksel van gemalen geëxtraheerde gebrande en gemalen koffiebonen (koffiedik). |
| 32 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van cichoreiwortelen tot inuline en fructosestroop en die uitsluitend bestaat uit de gewassen afgebroken wortelpunten van wortelen met enig aanhangend blad van cichorei (cichoreipunten). |
| 33 | reststof die vrijkomt bij de productie van gehydrolyseerde eiwitten uit de hoofdgrondstof soja (met daarnaast maïsglutenmeel, tarweglutenmeel, zonnebloemschroot, raapschroot) door autoclaveren, als bestanddeel voor soep (Voedings- en Genotsmiddelenindustrie) en die bestaat uit de dikke fractie vrijkomend bij filtratie over een trommelscheider (reststof van hydrolyse van plantaardige eiwitten). |
| 34 | Reststof die vrijkomt bij de verwerking van waterige reststromen van de productie van biologisch geteelde olijven en bestaat uit gesuspendeerd door zon ingedroogde bestanddelen van waswater van olijven, waswater van olijfolie en scheidingswater van persen van olijven (Olijvenresidu). |
| 35 | Reststof die vrijkomt bij het blancheren van ongepelde zoete amandelen (Prunus dulcis) en bestaat uit vloeibaar mengsel van amandelvlies, al dan niet fijngemalen, en resten blancheerwater (amandelvlies). |
| 36 | Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige verwerking van aardappelen tot aardappelproducten bestemd voor humane consumptie en in hoofdzaak bestaat uit uitgewassen bezonken aardappelzetmeel afkomstig van een ontvette proceswaterstroom van bakovens en een proceswaterstroom van schillen, blancheren en snijden van aardappel (grijs aardappelzetmeel). |
| 37 | Reststof die is verkregen door winning van olie en vet door persing uit van schaal ontdane zaden van Vitellaria paradoxa (Shea tree) en door extractie met hexaan waarna hexaan door destillatie werd verwijderd (Sheazaadmeel (Sheanutmeal) of Sheameel (Sheameal)). |
| 38 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot voorgebakken friet of aardappelvlokken en bestaat uit afgescheiden dikke fractie van digestaat en maximaal tweederde deel zuiveringsslib afkomstig van een afvalwaterzuiveringsinstallatie aardappelverwerking (zuiveringsslib van aardappelverwerking). |
| 39 | Reststof die vrijgekomen is bij verwerking van zilveruien en bestaat uit de waterige bewaarvloeistof met resten azijn, calciumchloride“sporen van natriumbisulfiet en incidenteel citroenzuur en/of tafelzout, losgeweekte delen zilveruien en opgeloste suikers (Opgiet zilveruien). |
| 40 | Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige productie van emulgatoren op basis van plantaardige oliën, vetzuren en glycerides daarvan en plantaardig melkzuur en uitsluitend bestaat uit organische stof in resterend proceswater (Proceswater van productie van emulgatoren). |
| 41 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuur via een fermentatieproces, waaruit melkzuurbacteriën door een centrifugestap zijn verwijderd, en welke bestaat uit resten van een vloeibaar groeimedium voor melkzuurbacteriën (vloeibaar restant groeimedium voor melkzuurbacteriën). |
| 42 | Reststof die is vrijgekomen bij centrifugering van emulgatoren en het aftappen van leidingen bij de productie van emulgatoren en polyglycerol op basis van castorolievetzuren, glycerine, polyglycerine, sojaolie en raapolie van plantaardige herkomst, en welke bestaat uit restanten van plantaardige emulgatoren en -oliën (plantaardige emulgatoren en -oliën). |
| 43 | Reststof die is vrijgekomen bij reiniging van opslagtanks voor ruwe plantaardige oliën bedoeld voor levensmiddelen, farmacie of cosmetica met water, en welke bestaat uit bezonken residu van olie, olieresten en water (plantaardig olieresidu). |
| 9 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bewerking van tarwebloem tot gluten, zemelen en zetmeel bestemd voor de levensmiddelenindustrie en die bestaat uit een geconcentreerde suikerrijke deelstroom (tarweindampconcentraat). |
| 10 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig ontslijmen van ruwe, niet ontslijmde, plantaardige olie – uitsluitend afkomstig van zaden van koolzaad, raapzaad, sojaboon of zonnebloem – door middel van fysische scheiding en waarbij het hydrofiel gedeelte van de olie in water oplost dan wel een zwak zure oplossing vormt en die bestaat uit fosfolipiden, wateroplosbare vetten, olie en eventueel zuurresten in water (waterig lecithine-oliemengsel). |
| 11 | Reststof die is vrijgekomen bij het filteren door mechanische scheiding van zuiver plantaardige olie, waarin voorgesneden en geblancheerde patat van aardappelen met vooraf aangebracht beslag, battermix of kruiden is voorgebakken en die bestaat uit resten beslag/battermix met zetmeel- en olieresten. (aardappelvetkruim). |
| 12 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van sojadranken door verwerking van ontpelde sojabonen en die bestaat uit een mengsel van kookvocht en de afgescheiden slecht oplosbare fractie (mengsel van okara en kookvocht). |
| 13 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van vooraf gewassen aardappelen, gele koolraap, witte koolraap, witte bieten en knolselderij tot luchtgedroogde groenten waarbij deze met een stoomschiller worden geschild, afgeborsteld en met water afgespoeld en vervolgens gedroogd met lucht. De reststof bestaat uit de vaste delen die met een zeefbocht zijn afgescheiden van de afvalwaterstroom die uit de stoomschiller komt en uit de knollen die na het schillen vanwege rot of kleurafwijking zijn uitgesorteerd. (stoomschillen van knolgewassen). |
| 14 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten en die bestaat uit gereinigde brokstukken van de biet, met name de dunne uiteinden, en delen van bietenbladeren, al dan niet ingekuild. (bietenpunten). |
| 15 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten via een proces van wassen, snijden en extraheren met heet water ten behoeve van de winning van suiker en dat uitsluitend bestaat uit het geperste snijdsel (bietenperspulp). |
| 16 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van uien en die uitsluitend bestaat uit al dan niet ontwaterde, vermalen en gekookte uien, dat resteert na het kook- en distillatieproces ten behoeve van de winning van uienolie (uienpulp). |
| 17 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van uien en dat uitsluitend bestaat uit het perssap van pulp van vermalen en gekookte uien, dat resteert na het kook- en destillatieproces ten behoeve van de winning van uienolie (uienperssap). |
| 18 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van geschoonde en gewassen zetmeelaardappelen die zijn fijn gemaakt met behulp van raspen en waaruit aardappelzetmeel en aardappelvruchtwater zijn verwijderd en dat vervolgens met persen ontwaterd is (aardappelpersvezels). |
| 19 | Reststof die is vrijgekomen bij het brouwen van bier en bestaat uit uitgetrokken en afgewerkte mout en dat uitsluitend bestaat uit het omhulsel van kaf, vruchtwand of zaadhuid en niet in warm water oplosbare bestanddelen van gerst of tarwe (bierbostel). |
| 20 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van cichoreiwortelen tot inuline en fructosestroop en dat uitsluitend bestaat uit het uitgewassen en uitgeperste snijdsel (cigarant). |
| 21 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit eiwit en/of zetmeel is verwijderd en waaruit eventueel vocht door persing is onttrokken en hoofdzakelijk bestaat uit celwanden en zetmeel (erwten(pers)vezel). |
| 22 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit celwanden en zetmeel verwijderd is en hoofdzakelijk bestaat uit eiwit (erwteneiwit). |
| 23 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit eiwit en/of zetmeel onttrokken is en gemengd is met erwteneiwit (erwtencrème). |
| 24 | Reststof die is vrijgekomen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van kool- en raapzaadschilfers en hoofdzakelijk bestaat uit celwanden, zetmeel en eiwit afkomstig van koolzaad of raapzaad (koolzaadschroot of raapzaadschroot). |
| 25 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van alcohol uit vergist beslag van graan nadat de alcohol (ethanol, bioethanol) door destillatie is verwijderd en dat in hoofdzaak bestaat uit de vaste residuen van granen al dan niet gedroogd (graanspoeling, gedroogde graanspoeling). |
| 26 | Reststof verkregen bij de verwerking van geschoonde, gebrande en gemalen koffiebonen tot koffie-extract en die bestaat uit het bezinksel van gemalen geëxtraheerde gebrande en gemalen koffiebonen (koffiedik). |
| 27 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van cichoreiwortelen tot inuline en fructosestroop en die uitsluitend bestaat uit de gewassen afgebroken wortelpunten van wortelen met enig aanhangend blad van cichorei (cichoreipunten). |
| 28 | reststof die vrijkomt bij de productie van gehydrolyseerde eiwitten uit de hoofdgrondstof soja (met daarnaast maïsglutenmeel, tarweglutenmeel, zonnebloemschroot, raapschroot) door autoclaveren, als bestanddeel voor soep (Voedings- en Genotsmiddelenindustrie) en die bestaat uit de dikke fractie vrijkomend bij filtratie over een trommelscheider (reststof van hydrolyse van plantaardige eiwitten). |
| 29 | Reststof die vrijkomt bij de verwerking van waterige reststromen van de productie van biologisch geteelde olijven en bestaat uit gesuspendeerd door zon ingedroogde bestanddelen van waswater van olijven, waswater van olijfolie en scheidingswater van persen van olijven (Olijvenresidu). |
| 30 | Reststof die vrijkomt bij het blancheren van ongepelde zoete amandelen (Prunus dulcis) en bestaat uit vloeibaar mengsel van amandelvlies, al dan niet fijngemalen, en resten blancheerwater (amandelvlies). |
| 31 | Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige verwerking van aardappelen tot aardappelproducten bestemd voor humane consumptie en in hoofdzaak bestaat uit uitgewassen bezonken aardappelzetmeel afkomstig van een ontvette proceswaterstroom van bakovens en een proceswaterstroom van schillen, blancheren en snijden van aardappel (grijs aardappelzetmeel). |
| 32 | Reststof die is verkregen door winning van olie en vet door persing uit van schaal ontdane zaden van Vitellaria paradoxa (Shea tree) en door extractie met hexaan waarna hexaan door destillatie werd verwijderd (Sheazaadmeel (Sheanutmeal) of Sheameel (Sheameal)). |
| 33 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot voorgebakken friet of aardappelvlokken en bestaat uit afgescheiden dikke fractie van digestaat en maximaal tweederde deel zuiveringsslib afkomstig van een afvalwaterzuiveringsinstallatie aardappelverwerking (zuiveringsslib van aardappelverwerking). |
| 34 | Reststof die vrijgekomen is bij verwerking van zilveruien en bestaat uit de waterige bewaarvloeistof met resten azijn, calciumchloride“sporen van natriumbisulfiet en incidenteel citroenzuur en/of tafelzout, losgeweekte delen zilveruien en opgeloste suikers (Opgiet zilveruien). |
| 35 | Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige productie van emulgatoren op basis van plantaardige oliën, vetzuren en glycerides daarvan en plantaardig melkzuur en uitsluitend bestaat uit organische stof in resterend proceswater (Proceswater van productie van emulgatoren). |
| 36 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuur via een fermentatieproces, waaruit melkzuurbacteriën door een centrifugestap zijn verwijderd, en welke bestaat uit resten van een vloeibaar groeimedium voor melkzuurbacteriën (vloeibaar restant groeimedium voor melkzuurbacteriën). |
| 37 | Reststof die is vrijgekomen bij centrifugering van emulgatoren en het aftappen van leidingen bij de productie van emulgatoren en polyglycerol op basis van castorolievetzuren, glycerine, polyglycerine, sojaolie en raapolie van plantaardige herkomst, en welke bestaat uit restanten van plantaardige emulgatoren en -oliën (plantaardige emulgatoren en -oliën). |
| 38 | Reststof die is vrijgekomen bij reiniging van opslagtanks voor ruwe plantaardige oliën bedoeld voor levensmiddelen, farmacie of cosmetica met water, en welke bestaat uit bezonken residu van olie, olieresten en water (plantaardig olieresidu). |
| 39 | Reststof die is vrijgekomen bij het verwerken van aardappelen, groenten en/of fruit, verkregen door louter mechanische bewerkingsstappen en/of hittebehandeling waarbij enkel water is gebruikt als additief, en die bestaat uit (resten van) aardappelen, groenten en/of fruit en die vrij is van verpakkingsmateriaal (resten van aardappelen, groente en/of fruit). |
| 40 | Reststof uit de graanverwerkende industrieën, verkregen door louter mechanische bewerkingsstappen en waarbij enkel water is gebruikt als additief, en die bestaat uit droge graanresten (droge graanresten). |
| 41 | Reststof uit de graanverwerkende industrieën, verkregen door het mouten en/of gisten van graan(kiemen), en die bestaat uit gemoute en/of vergiste graandeeltjes (gemoute en/of vergiste graandeeltjes). |
| 42 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van suiker uit plantaardige grondstoffen en die bestaat uit vloeibare suikers, melasse en/of glucose (suiker of melasse). |
| 43 | Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van sojabonen en die hoofdzakelijk bestaat uit suiker of melasse (sojasuiker of -melasse). |
| 44 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van cacaoboter en die bestaat uit een cacaovetemulsie in water (cacaovetemulsie in water). |
| 45 | Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte plantaardige voedingsmiddelen die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte voedingsmiddelen van plantaardige oorsprong die oorspronkelijk bestemd waren voor humane consumptie en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte plantaardige voedingsmiddelen voor humane consumptie). |
| **C2** | **Stoffen van dierlijke herkomst al dan niet gecombineerd met stoffen van plantaardige herkomst** |
| 1 | Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte vloeibare zuivelproducten die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. De reststof bestaat uit uitgepakte vloeibare zuivelproducten of mengsels daarvan en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte vloeibare zuivelproducten en mengsels daarvan). |
| 2 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bereiding van consumptie-ijs en die bestaat uit grondstofresten, ijsmixresten en afgekeurde ijsproducten en vrij is van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (ijsafval). |
@@ -29550,7 +29560,7 @@
| 7 | Reststof die is vrijgekomen bij de bereiding van kaas, kwark of caseïne en hoofdzakelijk bestaat uit melksuiker (lactose), resten eiwit en resten melkvet en mineralen van melk. De reststof kan geconcentreerd of gedroogd zijn (wei, weiconcentraat of gedroogde wei). |
| 8 | Reststof die is vrijgekomen bij het ontkorsten van kaas afkomstig van gepasteuriseerde koeienmelk en bestemd is voor levensmiddelen en die bestaat uit kaas, kaaskorst en maximaal 3% kaaskorstbedekkingsmiddel van copolymeren van vinylacetaat en maximaal 0,0006% Natamycine (E235) bevat (kaasschaafsel). |
| 9 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuurbacteriën bestemd voor de productie van kaas, kwark, yoghurt of karnemelk via een fermentatieproces en waaruit melkzuurbacteriën door een centrifugestap zijn verwijderd. De reststof bestaat uit resten van een vloeibaar groeimedium voor melkzuurbacteriën (supernatant, precipitaatvrij, waterig restant van groeimedium voor melkzuurbacteriën). |
| 10 | Reststof die vrijkomt als zuiveringsslib van een aerobe zuiveringsstap op AWZI van afvalwater van een kaasfabriek met sporen afvalwater van huishoudens, gevolgd door langdurige opslag en die bestaat uit de resten van actief slib en bezonken bestanddelen uit afvalwater en waarin pathogenen afdoende zijn afgedood (zuiveringsslib van kaasfabriek). |
| 10 | Reststof die vrijkomt als zuiveringsslib van een aerobe zuiveringsstap op AWZI van afvalwater van een zuivelfabriek met sporen afvalwater van huishoudens, gevolgd door langdurige opslag en die bestaat uit de resten van actief slib en bezonken bestanddelen uit afvalwater en waarin pathogenen afdoende zijn afgedood (zuiveringsslib van zuivelfabriek). |
| 11 | Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runderhuiden dan wel varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit steekvast zuiveringsslib afkomstig van de afvalwaterzuiveringsinstallatie (steekvast zuiveringsslib van afvalwaterzuivering van gelatineproductie uit runder- dan wel varkenshuid). |
| 12 | Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runder- of varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit geconcentreerd eiwit afkomstig van extractieprocessen (eiwitconcentraat van gelatineproductie uit varkens- en/of runderhuid). |
| 13 | Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runder- of varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit restvet afkomstig van de afvalwaterzuiveringsinstallatie (restvet van gelatineproductie uit varkens- en/of runderhuid). |
@@ -29573,77 +29583,51 @@
| **E** | **Stoffen afkomstig uit andere industrieën** |
| 1 | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van biodiesel uit raapzaadolie of koolzaadolie door omestering met methanol en scheiding onder invloed van de zwaartekracht (glycerine). |
| 2 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuur via een fermentatieproces in batches en bestaat uit de biomassa die na afloop van de fermentatie is afgescheiden door een centrifuge en is gesaniteerd en bestaat uit afgedode melkzuurbacteriën en resten van het substraat (ingedikt en afgewerkt substraat van melkzuurproductie). |
| 3 | Reststof die is vrijgekomen bij de productie van mycelium en die bestaat uit een substraat van stro, meel, water en citroenzuur waar lignivore schimmels in hebben gegroeid (mycelium substraat). |
| **F** | **Hulpstoffen of toevoegmiddelen** |
| 1. | Slib of steekvast slib dat vrijkomt bij de bereiding van drinkwater uit grondwater of oppervlaktewater via een zandbed en dat bestaat uit ijzer(III)hydroxide en water (waterijzer van drinkwaterbereiding). |
| 2. | Slib of steekvast slib dat vrijkomt bij de bereiding van proceswater uit oppervlaktewater onder gebruik van een filterstap met actief kool en dat bestaat uit ijzer(III)hydroxide, water en organische stof (waterijzer van proceswaterbereiding). |
| 3. | Reststof die vrijkomt bij de productie van nikkelcarbonaat uit nikkel-ijzererts en die in hoofdzaak bestaat uit ijzer(hydr)oxiden naast silicium, aluminium, calcium en magnesiumverbindingen die resteren nadat nikkelcarbonaat is afgescheiden en hulpstoffen ammoniak en koolzuur zijn verwijderd waarna een droogproces is uitgevoerd (poedervormig ijzer(hydr)oxiden van nikkel-ijzererts). |
| **G** | Stoffen waar de in [bijlage II, onder tabel 1, bij het besluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&bijlage=II) opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel en de in bijlage II, onder tabel 4, bij het besluit opgenomen maximale waarden voor organische microverontreinigingen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel voor gelden. |
| **G1** | Plantaardige stoffen en stoffen afkomstig van de verwerking van plantaardige producten |
| 1. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van aardappelen en die in hoofdzaak uit bestaat uit aardappel (Solanum tuberosum. L.) en aardappelresten en die vrij is van verpakkingsmateriaal. (aardappelrestanten). |
| 2. | Reststof die is verkregen bij het snijden, wassen of blancheren van groenten en fruit bestemd voor levensmiddelenproducten (groenten- en fruitrestanten). |
| 3. | Reststof die is verkregen bij de bewerking van zaad van de zonnebloem (Helianthus annuus L.) en die bestaat uit uitgesorteerde zaden (zonnebloemzaden, uitgesorteerd). |
| 4. | Reststof die is verkregen bij het winnen van olie door persing uit zaad van zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (zonnebloemzaadschilfers). |
| 5. | Reststof die is verkregen bij het schillen van zonnebloemzaad (Helianthus annuus L.) (zonnebloemzaadschillen). |
| 6. | Reststof die is verkregen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van zonnebloemzaadschilfers (Helianthus annuus L.) en die maximaal 1% bleekaarde bevat (zonnebloemzaad, geëxtraheerd). |
| 7. | Reststof die is verkregen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van schilfers van zonnebloemzaden (Helianthus annuus L.) waarvan de doppen gedeeltelijk of volledig zijn verwijderd en die maximaal 1% bleekaarde bevat (zonnebloemzaadschroot, ontdopt). |
| 8. | Reststof die is verkregen bij het maaien van randen langs akkers en die bestaat uit vegetatieresten met onder andere zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (maaisel van akkerranden met zonnebloemen). |
| 9. | Reststof die is verkregen bij de bewerking van graankorrels van Tricticum aestivum L., Triticum durum Dosf. en andere gecultiveerde tarwesoorten en die bestaat uit uitgesorteerde zaden (tarwe, uitgesorteerd). |
| 10. | Reststof die is verkregen bij het kiemen van brouwtarwe en het schonen van mout en die bestaat uit kiemwortels, graankorrels, doppen en kleine gebroken gemoute tarwekorrels (tarwekiemwortels). |
| 11. | Reststof die is verkregen door gemalen of gebroken tarwe in vochtige, warme omstandigheden onder druk te behandelen en die is afgescheiden van voorverstijfselde tarwe (tarwe, voorverstijfseld). |
| 12. | Reststof die is verkregen door uit geschoonde tarwekorrels of ontdopte spelt bloem te bereiden en waaruit bloem is verwijderd en die in hoofdzaak bestaat uit fijne schilddelen en enkele andere delen van de korrel (tarwevoerbloem). |
| 13. | Reststof die is verkregen bij de productie van tarwevlokken door gepelde tarwe te stomen en te pletten en die bestaat uit resten tarwedoppen en tarwevlokken (tarwevlokken). |
| 14. | Reststof die is verkregen bij de productie van bloem of mout uit geschoonde tarwekorrels of ontdopte spelt en die overwegend bestaat uit deeltjes van de schil en voorts uit korreldeeltjes waaruit minder endosperm is verwijderd dan bij tarwegries (tarwevoer). |
| 15. | Reststof die is verkregen bij de bereiding van bloem of mout uit geschoonde tarwekorrels of ontdopte spelt en waaruit tarwegries is verwijderd en die overwegend bestaat uit resten van de schil, stof en endosperm (tarwegries). |
| 16. | Reststof die is verkregen door een gecombineerd procedé van het mouten en gisten van tarwe en tarwezemelengrind en dat is gedroogd en gemalen (gemoute en gegiste tarwedeeltjes). |
| 17. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van tarwe en die in hoofdzaak bestaat uit vezels (tarwevezel). |
| 18. | Reststof die is verkregen bij de bereiding van bloem en die overwegend bestaat uit al dan niet geplette tarwekiemen, waaraan eventueel nog delen van het endosperm en van de schil hechten (tarwekiemen). |
| 19. | Reststof die is verkregen bij het gisten van tarwekiemen en waarvan de micro-organismen zijn geïnactiveerd (tarwekiemen, gegist). |
| 20. | Reststof die is verkregen bij de productie van zetmeel of ethanol uit tarwe en die bestaat uit geëxtraheerd en al dan niet gehydrolyseerd tarweëiwit (tarwe-eiwit). |
| 21. | Reststof die is verkregen bij de productie van tarwezetmeel en gluten en die bestaat uit gries waarvan de kiemen eventueel gedeeltelijk zijn verwijderd en waaraan tarweperssap, gebroken tarwe en andere reststoffen van tarwezetmeel en van het raffineren van zetmeelproducten kunnen zijn toegevoegd (tarweglutenvoer). |
| 22. | Reststof die is verkregen bij de productie van zetmeel/glucose en gluten uit tarwe (tarwezetmeel, vloeibaar). |
| 23. | Reststof die is verkregen bij natte extractie van al dan niet gehydrolyseerd tarwe-eiwit en tarwezetmeel (tarweperssap). |
| 24. | Reststof die is verkregen bij de productie van alcohol uit vergist beslag van graan nadat de alcohol (ethanol, bioethanol) door destillatie is verwijderd en die in hoofdzaak bestaat uit het vloeibare residu van granen (dunne fractie graanspoeling). |
| 25. | Reststof die is verkregen bij het schonen van brouwtarwe, bestaande uit kleine brouwtarwekorrels en fracties van gebroken brouwtarwekorrels die vóór het brouwprocedé zijn gescheiden (brouwtarwevoermeel). |
| 26. | Reststof die tijdens korreloverdracht is verkregen bij het opzuigen van brouwtarwe en tarwemout (brouwtarwe en moutkorrel). |
| 27. | Reststof die is verkregen bij het schonen van brouwtarwe en die bestaat uit fracties van doppen en korrels (brouwtarwedoppen). |
| 28. | Reststof die is verkregen bij het kiemen van brouwgranen en het schonen van mout en die bestaat uit kiemwortels, graankorrels, doppen en kleine gebroken gemoute graankorrels en dat eventueel gemalen is (resten moutproces). |
| 29. | Reststof die is verkregen bij de bereiding van maïszetmeel en die hoofdzakelijk bestaat uit gluten verkregen door afscheiden van het zetmeel (maïsgluten) |
| 30. | Reststof die is verkregen bij de oogst van bloembollen en die bestaat uit restmateriaal van de teelt, in het bijzonder dit zijn bollen (inclusief kralen) of knollen die niet goed gegroeid zijn, zieke bollen of knollen, bolhuiden en pelresten (bloembollen). |
| 31. | Reststof die is verkregen bij het in bloei trekken van bollen en knollen en bloembollenloof en die bestaat uit halve of hele bollen en niet marktbare bloemtakken (waterbloeitulpen) |
| 32. | Reststof die is verkregen bij het sorteren van bloembollen en die bestaat uit restmateriaal, in het bijzonder te kleine en/of beschadigde bollen (inclusief kralen) of knollen, bolhuiden en pelresten (afval bij het sorteren van bloembollen). |
| 33. | Reststof die is verkregen bij de oogst van bloembollen afkomstig van biologische productiemethoden en die bestaat uit restmateriaal van de teelt, in het bijzonder dit zijn bollen (inclusief kralen) of knollen die niet goed gegroeid zijn, zieke bollen of knollen, bolhuiden en pelresten (biologische bloembollen). |
| 34. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit het gedroogde, door de zaadhuid bedekte endosperm van het zaad van de kokospalm (Cocos Nucifera L.) (kokosschilfers). |
| 35. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit kool- en raapzaad (raapzaadolie). |
| 36. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit zoveel mogelijk van de steenschaal ontdane zaden van de volgende soorten oliepalm: (Elaeis guineensis Jacq., Coroza oleifera (HBK), L., H. Bailey (Elaeis melanococca auct.) (palmolie) |
| 37. | Reststof die is verkregen bij het malen van voederrijst en die bestaat uit de buitenste lagen van de korrel (zaadhuid, zaadvlies, kern, aleuron) met een deel van de kiem (rijstevoermeel). |
| 38. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van onbehandeld hout en die in hoofdzaak bestaat uit poeder of schilfers van hout (zaagsel). |
| 39. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit zaad van zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (zonnebloemolie). |
| 40. | Reststof afkomstig van de voedings-, genotmiddelen- of diervoederindustrie van plantaardige oorsprong die bestaat uit een enkelvoudig concentraat of een enkelvoudige grondstof die wegens non-conformiteiten niet GMP+-waardig is. |
| 41. | Reststof die is verkregen bij de oogst van tarwe en bestaande uit stof van tarwe, kaf, kafdeeltjes, tarwekorrel, delen van tarwekorrels en stroresten (kaf, stro van kaf en koren). |
| 42. | Reststof die is verkregen bij het schonen van granen door zeven (zeefresten graanverwerkende industrie). |
| 43. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van suikerbieten of suikerriet en die in hoofdzaak bestaat uit suikers die resteren na suikerproductie (melasse). |
| 44. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van sojabonen en die in hoofdzaak bestaat uit suikers (sojasuiker). |
| 45. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van sojabonen en in die hoofdzaak bestaat uit het extract van onthulde en ontvette sojabonen en die vrijkomt bij de productie van soja-eiwitconcentraten (sojamelasse). |
| 46. | Reststof die is verkregen bij het bereiden of het raffineren van de suikerfractie van citrusvruchten en die bestaat uit het stroopachtige residu (citrusmelasse). |
| 47. | Reststof die is verkregen bij de bereiding van inuline uit wortels van cichorei (Cichorium intybus L)., en die hoofdzakelijk bestaat uit geschoonde delen cichorei en delen van het loof (staartjes en blad van cichoreiwortelen). |
| 48. | Reststof die is verkregen bij het schillen van schorseneren (Scorzonera hispanica L.) en die is verkregen via een stoombehandeling en die in hoofdzaak bestaat uit gestoomde schillen in water waarna eventueel gepureerd is (stoomschillen van schorseneren). |
| 49. | Reststof die is verkregen bij het ontdoppen van gegiste en vervolgens geroosterde cacaobonen (Theobroma cacao L.) en die in hoofdzaak bestaat uit gebroken doppen (cacaodoppen). |
| 50. | Reststof die is verkregen bij de productie van aardappelen tot frites bestemd voor levensmiddel en bestaat uit gefrituurde aardappelresten (voorgebakken frites). |
| 51. | Reststof die is verkregen bij de bierbereiding en die bestaat uit bier dat niet voor menselijke consumptie kan worden verkocht (voerbier). |
| 52. | Reststof die is verkregen bij het drogen en malen van complete kruidenplanten of delen daarvan zonder extractie of toevoeging van andere stoffen (kruidenresten). |
| 53. | Reststof die is verkregen bij de productie van sap van appelen (Malus domestica L.) of cider en die in hoofdzaak bestaat uit geperste inwendige pulp en schillen die eventueel gedroogd en pectinevrij gemaakt is (appelpulp). |
| 54. | Reststof die is verkregen bij het sorteren van groenten bestemd voor levensmiddelen en die vrij is van verpakkingsmateriaal. (sorteerafval van groenten). |
| 55. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van aardappeleiwit afkomstig van zetmeelaardappelen en die resteert na wassen en opwerken van het aardappeleiwit tot diervoeder en als slib wordt weggevangen uit afvalwater (slib dat vrijkomt bij de productie van aardappeleiwit). |
| 56. | Reststof die is verkregen door het drogen van de vaste resten van gegiste granen, waaraan een deel van de spoelingsiroop of de geëvaporeerde draf is toegevoegd (donker gedroogde spoeling) |
| 57. | Reststof die is verkregen bij het evaporeren van het concentraat van de bostel na gisting en distillatie van graan gebruikt bij de productie van alcohol uit graan (graanbostelsiroop) |
| 58. | Reststof die is verkregen bij de eerste (draf-)distillatie van een moutdistilleerderij (spoeling). |
| 59. | Reststof die is verkregen bij de eerste (draf-)distillatie van een moutdistilleerderij, geproduceerd door het evaporeren van de spoeling die in de kolf achterblijft (spoelingsiroop). |
| 60. | Reststof die is verkregen bij de moutwhiskyproductie en die bestaat uit de resten van de extractie van gemoute gerst met heet water (draf). |
| 61. | Reststof die is verkregen bij de productie van bier, moutextract en whisky spirit en die bestaat uit resten van de extractie van gemalen mout met heet water en eventueel andere suiker- of zetmeelrijke toevoegsels (maischfiltergranen). |
| 62. | Reststof die is vrijgekomen bij het beheer van wegbermen en die bestaat uit de gemaaide vegetatie van grassen en kruiden en vrij is van hout, houtresten en zwerfvuil (bermmaaisel). |
| 63. | Reststof die is vrijgekomen bij het beheer van slootkanten en die bestaat uit de gemaaide vegetatie van grassen en kruiden en vrij is van hout, zwerfvuil en bagger (slootmaaisel). |
| 64. | Reststof die is verkregen bij het schonen van spelt en die bestaat uit fracties van doppen en korrels (speltdoppen). |
| 65. | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van glycerine door destillatie uit de ruwe glycerine van biodiesel- en vetzuurproductie uit alleen palmolie, sojaolie, raapzaadolie, koolzaadolie of zonnebloemolie en die bestaat uit glycerine, andere organische stoffen van plantaardige herkomst, natriumchloride en water (Organische reststof van distillatie van plantaardige glycerine van biodiesel- en vetzuurproductie). |
| 1. | Reststof die is verkregen bij de bewerking van zaad van de zonnebloem (Helianthus annuus L.) en die bestaat uit uitgesorteerde zaden (zonnebloemzaden, uitgesorteerd). |
| 2. | Reststof die is verkregen bij het winnen van olie door persing uit zaad van zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (zonnebloemzaadschilfers). |
| 3. | Reststof die is verkregen bij het schillen van zonnebloemzaad (Helianthus annuus L.) (zonnebloemzaadschillen). |
| 4. | Reststof die is verkregen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van zonnebloemzaadschilfers (Helianthus annuus L.) en die maximaal 1% bleekaarde bevat (zonnebloemzaad, geëxtraheerd). |
| 5. | Reststof die is verkregen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van schilfers van zonnebloemzaden (Helianthus annuus L.) waarvan de doppen gedeeltelijk of volledig zijn verwijderd en die maximaal 1% bleekaarde bevat (zonnebloemzaadschroot, ontdopt). |
| 6. | Reststof die is verkregen bij het maaien van randen langs akkers en die bestaat uit vegetatieresten met onder andere zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (maaisel van akkerranden met zonnebloemen). |
| 7. | Reststof die is verkregen bij de productie van zetmeel of ethanol uit tarwe en die bestaat uit geëxtraheerd en al dan niet gehydrolyseerd tarweëiwit (tarwe-eiwit). |
| 8. | Reststof die is verkregen bij de productie van zetmeel/glucose en gluten uit tarwe (tarwezetmeel, vloeibaar). |
| 9. | Reststof die is verkregen bij natte extractie van al dan niet gehydrolyseerd tarwe-eiwit en tarwezetmeel (tarweperssap). |
| 10. | Reststof die is verkregen bij de productie van alcohol uit vergist beslag van graan nadat de alcohol (ethanol, bioethanol) door destillatie is verwijderd en die in hoofdzaak bestaat uit het vloeibare residu van granen (dunne fractie graanspoeling). |
| 11. | Reststof die is verkregen bij de bereiding van maïszetmeel en die hoofdzakelijk bestaat uit gluten verkregen door afscheiden van het zetmeel (maïsgluten) |
| 12. | Reststof die is verkregen bij de oogst van bloembollen en die bestaat uit restmateriaal van de teelt, in het bijzonder dit zijn bollen (inclusief kralen) of knollen die niet goed gegroeid zijn, zieke bollen of knollen, bolhuiden en pelresten (bloembollen). |
| 13. | Reststof die is verkregen bij het in bloei trekken van bollen en knollen en bloembollenloof en die bestaat uit halve of hele bollen en niet marktbare bloemtakken (waterbloeitulpen) |
| 14. | Reststof die is verkregen bij het sorteren van bloembollen en die bestaat uit restmateriaal, in het bijzonder te kleine en/of beschadigde bollen (inclusief kralen) of knollen, bolhuiden en pelresten (afval bij het sorteren van bloembollen). |
| 15. | Reststof die is verkregen bij de oogst van bloembollen afkomstig van biologische productiemethoden en die bestaat uit restmateriaal van de teelt, in het bijzonder dit zijn bollen (inclusief kralen) of knollen die niet goed gegroeid zijn, zieke bollen of knollen, bolhuiden en pelresten (biologische bloembollen). |
| 16. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit het gedroogde, door de zaadhuid bedekte endosperm van het zaad van de kokospalm (Cocos Nucifera L.) (kokosschilfers). |
| 17. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit kool- en raapzaad (raapzaadolie). |
| 18. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit zoveel mogelijk van de steenschaal ontdane zaden van de volgende soorten oliepalm: (Elaeis guineensis Jacq., Coroza oleifera (HBK), L., H. Bailey (Elaeis melanococca auct.) (palmolie) |
| 19. | Reststof die is verkregen bij het malen van voederrijst en die bestaat uit de buitenste lagen van de korrel (zaadhuid, zaadvlies, kern, aleuron) met een deel van de kiem (rijstevoermeel). |
| 20. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van onbehandeld hout en die in hoofdzaak bestaat uit poeder of schilfers van hout (zaagsel). |
| 21. | Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit zaad van zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (zonnebloemolie). |
| 22. | Reststof afkomstig van de voedings-, genotmiddelen- of diervoederindustrie van plantaardige oorsprong die bestaat uit een enkelvoudig concentraat of een enkelvoudige grondstof die wegens non-conformiteiten niet GMP+-waardig is. |
| 23. | Reststof die is verkregen bij de bereiding van inuline uit wortels van cichorei (Cichorium intybus L)., en die hoofdzakelijk bestaat uit geschoonde delen cichorei en delen van het loof (staartjes en blad van cichoreiwortelen). |
| 24. | Reststof die is verkregen bij het schillen van schorseneren (Scorzonera hispanica L.) en die is verkregen via een stoombehandeling en die in hoofdzaak bestaat uit gestoomde schillen in water waarna eventueel gepureerd is (stoomschillen van schorseneren). |
| 25. | Reststof die is verkregen bij het ontdoppen van gegiste en vervolgens geroosterde cacaobonen (Theobroma cacao L.) en die in hoofdzaak bestaat uit gebroken doppen (cacaodoppen). |
| 26. | Reststof die is verkregen bij de productie van aardappelen tot frites bestemd voor levensmiddel en bestaat uit gefrituurde aardappelresten (voorgebakken frites). |
| 27. | Reststof die is verkregen bij de bierbereiding en die bestaat uit bier dat niet voor menselijke consumptie kan worden verkocht (voerbier). |
| 28. | Reststof die is verkregen bij het drogen en malen van complete kruidenplanten of delen daarvan zonder extractie of toevoeging van andere stoffen (kruidenresten). |
| 29. | Reststof die is verkregen bij de verwerking van aardappeleiwit afkomstig van zetmeelaardappelen en die resteert na wassen en opwerken van het aardappeleiwit tot diervoeder en als slib wordt weggevangen uit afvalwater (slib dat vrijkomt bij de productie van aardappeleiwit). |
| 30. | Reststof die is verkregen door het drogen van de vaste resten van gegiste granen, waaraan een deel van de spoelingsiroop of de geëvaporeerde draf is toegevoegd (donker gedroogde spoeling) |
| 31. | Reststof die is verkregen bij het evaporeren van het concentraat van de bostel na gisting en distillatie van graan gebruikt bij de productie van alcohol uit graan (graanbostelsiroop) |
| 32. | Reststof die is verkregen bij de eerste (draf-)distillatie van een moutdistilleerderij (spoeling). |
| 33. | Reststof die is verkregen bij de eerste (draf-)distillatie van een moutdistilleerderij, geproduceerd door het evaporeren van de spoeling die in de kolf achterblijft (spoelingsiroop). |
| 34. | Reststof die is verkregen bij de moutwhiskyproductie en die bestaat uit de resten van de extractie van gemoute gerst met heet water (draf). |
| 35. | Reststof die is verkregen bij de productie van bier, moutextract en whisky spirit en die bestaat uit resten van de extractie van gemalen mout met heet water en eventueel andere suiker- of zetmeelrijke toevoegsels (maischfiltergranen). |
| 36. | Reststof die is vrijgekomen bij het beheer van wegbermen en die bestaat uit de gemaaide vegetatie van grassen en kruiden en vrij is van hout, houtresten en zwerfvuil (bermmaaisel). |
| 37. | Reststof die is vrijgekomen bij het beheer van slootkanten en die bestaat uit de gemaaide vegetatie van grassen en kruiden en vrij is van hout, zwerfvuil en bagger (slootmaaisel). |
| 38. | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van glycerine door destillatie uit de ruwe glycerine van biodiesel- en vetzuurproductie uit alleen palmolie, sojaolie, raapzaadolie, koolzaadolie of zonnebloemolie en die bestaat uit glycerine, andere organische stoffen van plantaardige herkomst, natriumchloride en water (Organische reststof van distillatie van plantaardige glycerine van biodiesel- en vetzuurproductie). |
| **G2** | Stoffen van dierlijke herkomst al dan niet gecombineerd met stoffen van plantaardige herkomst en stoffen afkomstig van de verwerking van dierlijke producten |
| 1. | Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van biodiesel uit dierlijke vetten en oliën door omestering met methanol en scheiding onder invloed van de zwaartekracht, uitgezonderd categorie 1 (glycerine van dierlijke herkomst). |
| 2. | Reststof die is verkregen bij de productie van diervoeders bestemd voor gezelschapsdieren en die bestaat uit resten van mengsels van voedermiddelen. Materiaal van dierlijke oorsprong kan aanwezig zijn (petfood). |
@@ -29660,7 +29644,7 @@
| 1. | Restoliën die zijn verkregen bij inzamelen bij restaurants, hotels, cafetaria’s etc. en niet geschikt zijn voor consumptie (frituurolie). |
| 2. | Reststof die is verkregen bij de raffinage van oliën en vetten in de voedings- en genotsmiddelen- en veevoedingsindustrie en die bestaat uit bleekaarde van bentoniet of montmorilloniet (ontoliede bleekaarde). |
## bijlage Ab. behorende bij de [artikelen 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=9&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## bijlage Ab. behorende bij de [artikelen 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=8&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=2&artikel=9&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| Zware metalen | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel | Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel |
| --- | --- | --- | --- | --- |
@@ -29714,11 +29698,11 @@
Voor de toepassing van deze tabel zijn de maximale waarden van toepassing die behoren bij dat waardegevende bestanddeel waarvan bij het toedienen van een toenemende hoeveelheid van de meststof, de hoeveelheden van 75 kilogram magnesiumoxide, 75 kilogram zwaveltrioxide of 60 kilogram natriumoxide het éérst wordt bereikt. Voor calsiumsulfaat gelden de vermelde maximale waarden.
## Bijlage H. behorende bij [artikel 80b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [81, derde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage H. behorende bij [artikel 80b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [81, derde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
## Bijlage I. Forfaitaire mineralengehalten in dierlijke mest en mestcodes
## Bijlage J. behorende bij de [artikelen 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [101](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-01-01&g=2026-01-01) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
## Bijlage J. behorende bij de [artikelen 97](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [101](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-02-11&g=2026-02-11) van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
| gewas | Opbrengst (ton ds/ha) | Opbrengst (ton product/ha) | Stikstof-gehalte (kg stikstof/ton ds) | Fosfaat-gehalte (kg fosfaat/ ton ds) | Stikstof-gehalte (kg stikstof/ton vers product) | Fosfaat-gehalte (kg fosfaat/ton vers product) |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- |
@@ -29745,80 +29729,80 @@
| Witlof wortelen | ** | ** | 8,2 | 5,7 | 1,2 | 0,9 |
| kaaswei | | | 37,0 | 24,4 | 1,3 | 0,9 |
## Bijlage M. behorende bij [artikel 130](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=130&z=2026-01-01&g=2026-01-01)
## Bijlage M. behorende bij [artikel 130](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=130&z=2026-02-11&g=2026-02-11)
| Wettelijke bepaling | Wettelijke bepaling | Wettelijke bepaling | Wettelijke bepaling | Wettelijke bepaling | Wettelijke bepaling |
| --- | --- | --- | --- | --- | --- |
| [Meststoffenwet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054) (Mw) | [Uitvoeringsbesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031) (UB) | Uitvoeringsregeling (UR) | Omschrijving regelovertreding | Feitcode | Hoogte bestuurlijke boete |
| Administratieve verplichtingen landbouwers | Administratieve verplichtingen landbouwers | Administratieve verplichtingen landbouwers | Administratieve verplichtingen landbouwers | Administratieve verplichtingen landbouwers | Administratieve verplichtingen landbouwers |
| | | | | | |
| [Art. 33b lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33b) | [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 72f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72f&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst of de overeenkomst als bedoeld in [artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) | M096 | € 100 |
| [Art. 33b lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33b) | [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 72f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72f&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst of de overeenkomst als bedoeld in [artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) | M096 | € 100 |
| | | | Niet volledig melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst of de overeenkomst als bedoeld in [artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) | M097 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst of de overeenkomst als bedoeld in [artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) | M098 | € 300 |
| | | | Niet melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst of de overeenkomst als bedoeld in [artikel 33a, derde lid, onderdeel c, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33a) | M099 | € 300 |
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34) en [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 26 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) | [Art. 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=3&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet verstrekken van gegevens over oppervlakte, gewasteelt en ligging van percelen op de verzamelaanvraag door de landbouwer | M100 | € 300 |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34) en [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 26 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) | [Art. 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=3&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet verstrekken van gegevens over oppervlakte, gewasteelt en ligging van percelen op de verzamelaanvraag door de landbouwer | M100 | € 300 |
| | | | Niet tijdig verstrekken van gegevens over oppervlakte, gewasteelt en ligging van percelen op de verzamelaanvraag (opgave uiterlijk vóór 15 mei) door de landbouwer | M101 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van gegevens over oppervlakte, gewasteelt en ligging van percelen op verzamelaanvraag door de landbouwer | M102 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van gegevens over oppervlakte, gewasteelt en ligging van percelen op de verzamelaanvraag door de landbouwer | M103 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 26 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) | [Art. 41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet melden van een wijziging in de oppervlakte grond in de periode van 16 mei t/m 31 oktober door de landbouwer | M104 | € 300 |
| | [Art. 26 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=26) | [Art. 41](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=41&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet melden van een wijziging in de oppervlakte grond in de periode van 16 mei t/m 31 oktober door de landbouwer | M104 | € 300 |
| | | | Niet binnen 30 dagen melden van een wijziging in de oppervlakte grond door de landbouwer | M105 | € 100 |
| | | | Niet volledig melden van een wijziging in de oppervlakte grond door de landbouwer | M106 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid melden van een wijziging in de oppervlakte grond door de landbouwer | M107 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 31 lid 1 en lid 2 onderdeel a t/m f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=31), [art. 36 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [Art. 37 lid 1 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanmelden van een bedrijf ter registratie door de landbouwer | M108 | € 300 |
| | [Art. 31 lid 1 en lid 2 onderdeel a t/m f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=31), [art. 36 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [Art. 37 lid 1 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanmelden van een bedrijf ter registratie door de landbouwer | M108 | € 300 |
| | | | Niet binnen 30 dagen aanmelden van een bestaand of nieuw bedrijf ter registratie door de landbouwer, dan wel niet binnen 30 dagen doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M109 | € 100 |
| | | | Niet volledig aanmelden van een bedrijf ter registratie door de landbouwer, dan wel niet volledig doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M110 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid aanmelden van een bedrijf ter registratie door de landbouwer, dan wel het niet of niet naar waarheid doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M111 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 32 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), [art. 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33), [art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34), [art. 36 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [Art. 37a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=38&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=39&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie per bedrijf door de landbouwer (incl. wijzigingen in de administratie) of niet in Nederland ter controle beschikbaar stellen | M116 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 34 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34), [art. 36 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36), art. 69 | [Art. 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de landbouwer (incl. wijzigingen in de administratie) | M117 | € 100 |
| | [Art. 32 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), [art. 33](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=33), [art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34), [art. 36 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [Art. 37a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=37a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 38](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=38&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=39&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie per bedrijf door de landbouwer (incl. wijzigingen in de administratie) of niet in Nederland ter controle beschikbaar stellen | M116 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 34 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34), [art. 36 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36), art. 69 | [Art. 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=40&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de landbouwer (incl. wijzigingen in de administratie) | M117 | € 100 |
| | | | Niet volledig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de landbouwer (incl. wijzigingen in de administratie) | M118 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid bijhouden van een inzichtelijke administratie door de landbouwer (incl. wijzigingen in de administratie) | M119 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 35 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=35), [art. 36 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [Art. 42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet verstrekken van de gevraagde gegevens door de landbouwer | M120 | € 300 |
| | [Art. 35 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=35), [art. 36 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=36) | [Art. 42](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=5&artikel=42&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet verstrekken van de gevraagde gegevens door de landbouwer | M120 | € 300 |
| | | | Niet verstrekken van de gevraagde gegevens vóór de gestelde uiterlijke inzenddatum of binnen de daartoe gestelde termijn door de landbouwer | M121 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van de gevraagde gegevens door de landbouwer | M122 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de gevraagde gegevens door de landbouwer | M123 | € 300 |
| | | | | | |
| Administratieve verplichtingen intermediairs | Administratieve verplichtingen intermediairs | Administratieve verplichtingen intermediairs | Administratieve verplichtingen intermediairs | Administratieve verplichtingen intermediairs | Administratieve verplichtingen intermediairs |
| | | | | | |
| [Art. 33b lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33b) | [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 72f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72f&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst | M146 | € 100 |
| [Art. 33b lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=33b) | [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 72f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8a&artikel=72f&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst | M146 | € 100 |
| | | | Niet volledig melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst | M147 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst | M148 | € 300 |
| | | | Niet melden van gegevens inzake de mestverwerkingsovereenkomst | M149 | € 300 |
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34), [art. 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 38 lid 1 en lid 2 onderdeel a t/m i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=38), [art. 41 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 45 lid 1 t/m 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanmelden van een intermediaire onderneming ter registratie door de intermediair | M150 | € 300 |
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34), [art. 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 38 lid 1 en lid 2 onderdeel a t/m i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=38), [art. 41 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 45 lid 1 t/m 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet binnen 30 dagen aanmelden van een na 1 januari 2006 opgerichte intermediaire onderneming ter registratie door de intermediair, dan wel niet binnen 30 dagen doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M151 | € 100 |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34), [art. 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 38 lid 1 en lid 2 onderdeel a t/m i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=38), [art. 41 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 45 lid 1 t/m 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanmelden van een intermediaire onderneming ter registratie door de intermediair | M150 | € 300 |
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34), [art. 35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 38 lid 1 en lid 2 onderdeel a t/m i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=38), [art. 41 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 45 lid 1 t/m 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet binnen 30 dagen aanmelden van een na 1 januari 2006 opgerichte intermediaire onderneming ter registratie door de intermediair, dan wel niet binnen 30 dagen doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M151 | € 100 |
| | | | Niet volledig aanmelden van een intermediaire onderneming ter registratie door de intermediair, dan wel niet volledig doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M152 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid aanmelden van een intermediaire onderneming ter registratie door de intermediair, dan wel het niet of niet naar waarheid doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M153 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), [art. 41 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41), [art. 34 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 45a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 47](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=47&z=2026-01-01&g=2026-01-01). [art. 94 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 95 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie per onderneming door de intermediair (incl. wijzigingen in de administratie) of niet in Nederland ter controle beschikbaar stellen | M158 | € 300 |
| | [Art. 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), [art. 41 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41), [art. 34 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 45a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=45a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [46](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=46&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 47](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=47&z=2026-02-11&g=2026-02-11). [art. 94 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 95 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie per onderneming door de intermediair (incl. wijzigingen in de administratie) of niet in Nederland ter controle beschikbaar stellen | M158 | € 300 |
| | | | Niet tijdig bijhouden van een inzichtelijke administratie per onderneming door de intermediair (incl. wijzigingen in de administratie) | M159 | € 100 |
| | | | Niet volledig bijhouden van een inzichtelijke administratie per onderneming door de intermediair (incl. wijzigingen in de administratie) | M160 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid bijhouden van een inzichtelijke administratie per onderneming door de intermediair (incl. wijzigingen in de administratie) | M161 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=40), [art. 41 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet verstrekken van de gevraagde gegevens door de intermediair | M162 | € 300 |
| | [Art. 40](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=40), [art. 41 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 48](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=48a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet verstrekken van de gevraagde gegevens door de intermediair | M162 | € 300 |
| | | | Niet verstrekken van de gevraagde gegevens vóór de gestelde uiterlijke inzenddatum of binnen de daartoe gestelde termijn door de intermediair | M163 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van de gevraagde gegevens door de intermediair | M164 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de gevraagde gegevens door de intermediair | M165 | € 300 |
| | | | | | |
| | [art. 41 onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 49 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=49&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanbrengen of aanbrengen van onjuist registratienummer per opslagruimte voor meststoffen door de intermediair | M166 | € 300 |
| | [art. 41 onderdeel f](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=41) | [Art. 49 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=49&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanbrengen of aanbrengen van onjuist registratienummer per opslagruimte voor meststoffen door de intermediair | M166 | € 300 |
| | | | Niet op juiste of deugdelijke wijze aanbrengen van het registratienummer per opslagruimte voor meststoffen door de intermediair | M168 | € 200 |
| | | | | | |
| | | [Art. 49 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=49&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanduiden van opslagruimten voor meststoffen d.m.v. de registratienummers in de administratie van de intermediair en bij gegevensverstrekking door de intermediair | M169 | € 300 |
| | | [Art. 49 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=6&artikel=49&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanduiden van opslagruimten voor meststoffen d.m.v. de registratienummers in de administratie van de intermediair en bij gegevensverstrekking door de intermediair | M169 | € 300 |
| | | | | | |
| Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers bedrijven | Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers bedrijven | Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers bedrijven | Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers bedrijven | Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers bedrijven | Administratieve verplichtingen overige leveranciers en afnemers bedrijven |
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34), [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) en [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=37) | [Art. 43 lid 1 en lid 2 en 3 onderdelen a t/m e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43), [art. 46 lid 1 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46) | [Art. 50 lid 1 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanmelden ter registratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden geproduceerd, verhandeld of anderszins bewerkt of verwerkt | M200 | € 300 |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34), [35](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) en [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=37) | [Art. 43 lid 1 en lid 2 en 3 onderdelen a t/m e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=43), [art. 46 lid 1 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46) | [Art. 50 lid 1 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanmelden ter registratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden geproduceerd, verhandeld of anderszins bewerkt of verwerkt | M200 | € 300 |
| | | | Niet binnen 30 dagen aanmelden ter registratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt, dan wel niet binnen 30 dagen doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M201 | € 100 |
| | | | Niet volledig aanmelden ter registratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt, dan wel niet volledig doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M202 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid aanmelden ter registratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren of runderen, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt, dan wel het niet of niet naar waarheid doorgeven van wijzigingen in de verstrekte registratiegegevens | M203 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 44 lid 1, 2, 6, 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), [art. 46 lid 1 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46), [art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 50a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, runderen of in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt (incl. wijzigingen in de administratie) of niet in Nederland ter controle beschikbaar stellen | M208 | € 300 |
| | [Art. 44 lid 1, 2, 6, 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), [art. 46 lid 1 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46), [art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | [Art. 50a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=50a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, runderen of in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt (incl. wijzigingen in de administratie) of niet in Nederland ter controle beschikbaar stellen | M208 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 44 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) | | Niet tijdig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, runderen of in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt (incl. wijzigingen in de administratie) | M209 | € 100 |
| | | | | | |
@@ -29828,11 +29812,11 @@
| | | | | | |
| | [Art. 44 lid 3 t/m 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44), [art. 46 lid 1 onderdeel b en c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46), [art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34) | | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld of in het kader waarvan staldieren aan bedrijven worden afgeleverd, dan wel staldieren of eieren van bedrijven worden afgenomen (incl. wijzigingen in de administratie) | M212 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld of in het kader waarvan staldieren aan bedrijven worden afgeleverd, dan wel staldieren of eieren van bedrijven worden afgenomen (incl. wijzigingen in de administratie) | M213 | € 100 |
| | | [Art. 51](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=51&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld of in het kader waarvan staldieren aan bedrijven worden afgeleverd, dan wel staldieren of eieren van bedrijven worden afgenomen (incl. wijzigingen in de administratie) | M213 | € 100 |
| | | | Niet volledig bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld of in het kader waarvan staldieren aan bedrijven worden afgeleverd, dan wel staldieren of eieren van bedrijven worden afgenomen (incl. wijzigingen in de administratie) | M214 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid bijhouden van een inzichtelijke administratie door de ondernemer die een of meer ondernemingen voert, niet zijnde een bedrijf of een intermediaire onderneming, in het kader waarvan meststoffen worden verhandeld of in het kader waarvan staldieren aan bedrijven worden afgeleverd, dan wel staldieren of eieren van bedrijven worden afgenomen (incl. wijzigingen in de administratie) | M215 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 45 lid 1 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=45), [art. 46 lid 1 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46) | [Art. 52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet verstrekken van de jaarlijkse gegevens door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt | M216 | € 300 |
| | [Art. 45 lid 1 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=45), [art. 46 lid 1 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=46) | [Art. 52](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=7&artikel=52&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet verstrekken van de jaarlijkse gegevens door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt | M216 | € 300 |
| | | | Niet verstrekken van de jaarlijkse gegevens vóór de gestelde uiterlijke inzenddatum of binnen de daartoe gestelde termijn door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt | M217 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van de jaarlijkse gegevens door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt | M218 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de jaarlijkse gegevens door de ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, in het kader van wiens onderneming van bedrijven afgenomen koemelk wordt verwerkt of in het kader van wiens onderneming zuiveringsslib wordt geproduceerd of anderszins wordt bewerkt of verwerkt | M219 | € 300 |
@@ -29840,7 +29824,7 @@
| | [Art. 45 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=45) | | Niet verstrekken aan een landbouwer van een begeleidend document door de buitenlandse ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren, met vermelding van het gewicht en de samenstelling van de diervoeders | M220 | € 300 |
| | | | Niet tijdig verstrekken aan een landbouwer van een begeleidend document door de buitenlandse ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M221 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Verstrekken aan een landbouwer van een niet volledig begeleidend document door de buitenlandse ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M222 | € 200 |
| | | [Art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Verstrekken aan een landbouwer van een niet volledig begeleidend document door de buitenlandse ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M222 | € 200 |
| | | | Verstrekken aan een landbouwer van een niet naar waarheid opgemaakt begeleidend document door de buitenlandse ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M223 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 45 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=45) | | Niet aanwezig zijn van het begeleidend document tijdens het vervoer van diervoeders door een buitenlandse ondernemer in het kader van wiens onderneming diervoeders worden afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M224 | € 300 |
@@ -29851,54 +29835,54 @@
| | | | | | |
| | [art. 48a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48a) | | Laten aanvoeren van dierlijke meststoffen bij een intermediaire onderneming zonder dat deze is geregistreerd of het laten aanvoeren van dierlijke meststoffen bij een intermediaire onderneming terwijl deze is geschorst | M249 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 48b lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b), art. 70 lid 4 onderdeel b | [art. 53 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Transportmiddel voor drijfmest niet uitgerust met op naam van de intermediair geregistreerde GR-apparatuur, automatische bemonstering- en verpakkingsapparatuur die onlosmakelijk is bevestigd op het transportmiddel, die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel A, C en D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, en de automatische bemonstering- en verpakkingsapparatuur behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken | M251 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b), [art. 49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49), [art. 70 lid 4 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=40) | [Art. 53 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | GR-apparatuur of automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur functioneert niet adequaat of de GR-apparatuur voldoet niet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken | M262 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 49 lid 1 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) | [Art. 53 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Vervoer van vaste dierlijke meststoffen geschiedt niet met behulp van een satellietvolgsysteem dat en apparatuur voor gegevensregistratie die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01), en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken | M258 | € 300 |
| | [Art. 48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) | [Art. 53 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig melden van een storing van de apparatuur | M225 | € 100 |
| | [Art. 48b lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b), art. 70 lid 4 onderdeel b | [art. 53 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 79](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Transportmiddel voor drijfmest niet uitgerust met op naam van de intermediair geregistreerde GR-apparatuur, automatische bemonstering- en verpakkingsapparatuur die onlosmakelijk is bevestigd op het transportmiddel, die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel A, C en D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, en de automatische bemonstering- en verpakkingsapparatuur behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken | M251 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b), [art. 49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49), [art. 70 lid 4 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=40) | [Art. 53 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | GR-apparatuur of automatische bemonsterings- en verpakkingsapparatuur functioneert niet adequaat of de GR-apparatuur voldoet niet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken | M262 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 49 lid 1 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) | [Art. 53 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Vervoer van vaste dierlijke meststoffen geschiedt niet met behulp van een satellietvolgsysteem dat en apparatuur voor gegevensregistratie die voldoet aan de prestatiekenmerken die zijn vermeld in [bijlage E, onderdeel D](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11), en voor zover de GR-apparatuur, bedoeld in bijlage E, onderdeel D, onder 4, behoort tot een type waarvan bij keuring door Livestock Research, onderdeel van Wageningen UR, te Wageningen is vastgesteld dat het voldoet aan die prestatiekenmerken | M258 | € 300 |
| | [Art. 48b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=48b) en [49](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=49) | [Art. 53 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig melden van een storing van de apparatuur | M225 | € 100 |
| | | | Niet volledig melden van een storing van de apparatuur, waaronder de benodigde gegevens voor de bepaling van de kg fosfaat en stikstof | M226 | € 200 |
| | | | Niet of niet naar waarheid melden van een storing van de apparatuur | M227 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 53 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Vervoer van dierlijke meststoffen aangevangen, voordat de storingsmelding met toestemming van de minister is ingetrokken | M228 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 50 lid 2 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50) | [Art. 54 lid 1, 3, 4 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69l lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet volledig verstrekken van de gegevens van de vooraanmelding door de vervoerder aan rVDM | M229 | € 200 |
| | | [Art. 53 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=1&artikel=53&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Vervoer van dierlijke meststoffen aangevangen, voordat de storingsmelding met toestemming van de minister is ingetrokken | M228 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 50 lid 2 t/m 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50) | [Art. 54 lid 1, 3, 4 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69l lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet volledig verstrekken van de gegevens van de vooraanmelding door de vervoerder aan rVDM | M229 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de gegevens van de vooraanmelding door de vervoerder aan rVDM | M230 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 50 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50) | [Art. 54 lid 7 t/m 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig melden van een wijziging van de gegevens van de vooraanmelding door de vervoerder aan rVDM | M231 | € 100 |
| | [Art. 50 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50) | [Art. 54 lid 7 t/m 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig melden van een wijziging van de gegevens van de vooraanmelding door de vervoerder aan rVDM | M231 | € 100 |
| | | | Niet naar waarheid melden van een wijziging van de gegevens van de vooraanmelding door de vervoerder aan rVDM | M232 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 50 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50), [art. 51 lid 3 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Geen gebruik maken van rVDM | M233 | € 1.500 |
| | | | | | |
| | [Art. 51 lid 3 t/m 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig verstrekken van de op het tijdstip van het laden van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M234 | € 100 |
| | [Art. 50 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=50), [art. 51 lid 3 onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 54](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=2&artikel=54&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 55](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=55&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Geen gebruik maken van rVDM | M233 | € 1.500 |
| | | | | | |
| | [Art. 51 lid 3 t/m 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig verstrekken van de op het tijdstip van het laden van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M234 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van de op het tijdstip van het laden van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M235 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de op het tijdstip van laden van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M236 | € 300 |
| | | | Niet of niet op juiste wijze verstrekken van de op het tijdstip van het laden van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M237 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 51 lid 3 t/m 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 59 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 62 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 63 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 64 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 66 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 67 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 68 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69 lid 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69c lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69d, lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art 69e lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69l lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig verstrekken van de na de gewichtsbepaling van dierlijke meststoffen onverwijld te verstrekken gegevens aan rVDM | M238 | € 100 |
| | [Art. 51 lid 3 t/m 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 59 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 62 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 63 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 64 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 66 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 67 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 68 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69 lid 12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69c lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69d, lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art 69e lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69l lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig verstrekken van de na de gewichtsbepaling van dierlijke meststoffen onverwijld te verstrekken gegevens aan rVDM | M238 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van de na de gewichtsbepaling van dierlijke meststoffen onverwijld te verstrekken gegevens aan rVDM | M239 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de na de gewichtsbepaling van dierlijke meststoffen onverwijld te verstrekken gegevens aan rVDM | M240 | € 300 |
| | | | Niet of niet op juiste wijze verstrekken van de na de gewichtsbepaling van dierlijke meststoffen onverwijld te verstrekken gegevens aan rVDM | M241 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 51 lid 3 t/m 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig verstrekken van de op het tijdstip van lossen van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M242 | € 100 |
| | [Art. 51 lid 3 t/m 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art. 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig verstrekken van de op het tijdstip van lossen van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M242 | € 100 |
| | | | Niet volledig verstrekken van de op het tijdstip van lossen van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M243 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid verstrekken van de op het tijdstip van lossen van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M244 | € 300 |
| | | | Niet of niet op juiste wijze verstrekken van de op het tijdstip van lossen van dierlijke meststoffen vast te leggen en zo spoedig mogelijk aan rVDM te verstrekken gegevens | M245 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 51 lid 3, 4, 5 en 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art 61 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig bevestigen van de gegevens opgenomen in rVDM | M246 | € 100 |
| | [Art. 51 lid 3, 4, 5 en 9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=51) | [Art 61 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=61&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig bevestigen van de gegevens opgenomen in rVDM | M246 | € 100 |
| | | | Niet bevestigen van de gegevens opgenomen in rVDM | M247 | € 300 |
| | | | Het bevestigen van gegevens die niet naar waarheid zijn vastgelegd en opgenomen in rVDM | M248 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet op voorgeschreven wijze vastleggen of elektronisch verzenden van GR- en GPS-gegevens door de vervoerder bij het vervoer van dierlijke mest | M280 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69n](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Vastleggen van de gegevens geschiedt niet met de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-01-01&g=2026-01-01), die voldoet aan de kenmerken die zijn vermeld in [artikel 69o](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | M320 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69p](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69p&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig doen van een namelding rechtstreeks aan rVDM | M321 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69t](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69t&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet volledig vermelden van de gegevens op het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | M322 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid vermelden van gegevens met betrekking tot het vervoer via een door de minister beschikbaar middel door de vervoerder, indien er sprake is van een situatie zoals bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | M323 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69u&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig doen van een namelding, weegmelding of de melding, bedoeld in de artikelen [artikelen 62, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [63, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [64, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [66, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [67, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69, veertiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [69c, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) of [69d, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), aan rVDM | M324 | € 100 |
| | | [Art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=3&artikel=56&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 60](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=6&artikel=60&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [bijlage E](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&bijlage=E&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet op voorgeschreven wijze vastleggen of elektronisch verzenden van GR- en GPS-gegevens door de vervoerder bij het vervoer van dierlijke mest | M280 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69n](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69n&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Vastleggen van de gegevens geschiedt niet met de software-applicatie, bedoeld in [artikel 69m, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69m&z=2026-02-11&g=2026-02-11), die voldoet aan de kenmerken die zijn vermeld in [artikel 69o](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69o&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | M320 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69p](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69p&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig doen van een namelding rechtstreeks aan rVDM | M321 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69t](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69t&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet volledig vermelden van de gegevens op het middel, bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | M322 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid vermelden van gegevens met betrekking tot het vervoer via een door de minister beschikbaar middel door de vervoerder, indien er sprake is van een situatie zoals bedoeld in [artikel 69r, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69r&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | M323 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=8&artikel=69u&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig doen van een namelding, weegmelding of de melding, bedoeld in de artikelen [artikelen 62, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [63, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [64, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [66, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [67, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [68, zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69, veertiende lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [69c, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) of [69d, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), aan rVDM | M324 | € 100 |
| | | | | | |
| Vervoer van zuiveringsslib en compost | Vervoer van zuiveringsslib en compost | Vervoer van zuiveringsslib en compost | Vervoer van zuiveringsslib en compost | Vervoer van zuiveringsslib en compost | Vervoer van zuiveringsslib en compost |
| | | | | | |
@@ -29908,173 +29892,173 @@
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34) | [Art. 55 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) | | Niet opmaken van een vervoersbewijs zuiveringsslib en compost door de leverancier, de vervoerder en de afnemer | M400 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 55 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55), [art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [Art. 69x](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69x&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig opmaken van een vervoersbewijs zuiveringsslib en compost door de leverancier, de vervoerder en de afnemer | M412 | € 100 |
| | [Art. 55 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55), [art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [Art. 69x](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69x&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig opmaken van een vervoersbewijs zuiveringsslib en compost door de leverancier, de vervoerder en de afnemer | M412 | € 100 |
| | | | Niet volledig opmaken of niet ondertekenen van een vervoersbewijs zuiveringsslib en compost door de leverancier, de vervoerder en de afnemer | M413 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid opmaken van een vervoersbewijs zuiveringsslib en compost door de leverancier, de vervoerder en de afnemer | M414 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 55 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) | [Art. 69w](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69w&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet gebruikmaken van het voorgeschreven model voor het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost dat wordt verstrekt door de minister en is voorzien van een uniek nummer | M415 | € 100 |
| | [Art. 55 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) | [Art. 69w](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69w&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet gebruikmaken van het voorgeschreven model voor het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost dat wordt verstrekt door de minister en is voorzien van een uniek nummer | M415 | € 100 |
| | | | | | |
| | [Art. 55 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55) | | Wijzigen of onleesbaar maken van gegevens op het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost door de leverancier, de vervoerder of de afnemer | M406 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [Art. 69y lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69y&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet verstrekken van een afschrift van het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost aan de leverancier en de afnemer door de vervoerder uiterlijk 10 werkdagen na vervoer van de vracht zuiveringsslib en compost | M416 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 55 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55), [art. 56 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [Art. 69y lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69y&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet indienen van de op het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevulde gegevens door de vervoerder na het vervoer van zuiveringsslib of compost | M417 | € 300 |
| | [Art. 56](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [Art. 69y lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69y&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet verstrekken van een afschrift van het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost aan de leverancier en de afnemer door de vervoerder uiterlijk 10 werkdagen na vervoer van de vracht zuiveringsslib en compost | M416 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 55 lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=55), [art. 56 onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=56) | [Art. 69y lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=9&artikel=69y&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet indienen van de op het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevulde gegevens door de vervoerder na het vervoer van zuiveringsslib of compost | M417 | € 300 |
| | | | Niet tijdig indienen van de op het vervoersbewijs zuiveringsslib en compost ingevulde gegevens door de vervoerder uiterlijk 10 werkdagen na het vervoer van zuiveringsslib of compost | M418 | € 100 |
| | | | | | |
| Hoeveelheidsbepaling | Hoeveelheidsbepaling | Hoeveelheidsbepaling | Hoeveelheidsbepaling | Hoeveelheidsbepaling | Hoeveelheidsbepaling |
| | | | | | |
| | | [Art. 57 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze (laten) vastleggen van het stikstof- en fosfaatgehalte van de op een bedrijf of intermediaire onderneming aangevoerde hoeveelheid dierlijke meststoffen, de van een bedrijf of intermediaire onderneming afgevoerde hoeveelheid dierlijke meststoffen en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid dierlijke meststoffen d.m.v. een analyse van het monster | M419 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 57 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet laten bemonsteren tijdens het laden van een vracht vaste mest onder verantwoordelijkheid van de vervoerder indien deze vracht buiten Nederland wordt gebracht | M420 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 57 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet laten bemonsteren tijdens het lossen van een vracht vaste mest onder verantwoordelijkheid van de vervoerder, indien deze vracht binnen Nederland wordt gebracht | M620 | € 300 |
| | | | | | |
| [Art. 35 t/m 37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 66 t/m 70](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66) | [Art. 58 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bemonsteren van een vracht drijfmest tijdens het laden van het transportmiddel onder verantwoordelijkheid van de vervoerder | M505 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 58 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 78h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bemonsteren van een vracht vaste mest door de vervoerder | M507 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 58 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 78i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78i&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze of niet tijdig door de monsternemende organisatie laten bemonsteren van een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, door de leverancier of de vervoerder | M580 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 59 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 77 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=77&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze of niet onverwijld na aanvang van het vervoer wegen van een vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder | M430 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 59 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet voorafgaand aan de export in Nederland wegen van de vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder | M431 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 59 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet uiterlijk onverwijld nadat het vervoer op Nederlands grondgebied is aangevangen wegen van de vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder bij import | M421 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 62 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 63 lid 1, art](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01). [64 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 66 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 67 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 68 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69c lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69 lid 1 t/m 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 76 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze (laten) bepalen van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde dierlijke meststoffen d.m.v. analyse van het monster door een laboratorium zonder dat de voorwaarden gesteld aan de afvoer worden nageleefd | M432 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 62 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 63 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 64 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 66 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 67 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 68 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69 lid 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69a lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69a&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69c lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69l lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet op juiste wijze bepalen van het gewicht van een vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de dierlijke meststoffen | M433 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 62 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 63 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 64 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 66 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 67 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 68 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69 lid 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69c lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze melden door de vervoerder van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde dierlijke meststoffen indien er sprake is van een mengsel waarin een mestcode zit waar geen forfait voor is vastgesteld | M434 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69 lid 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanwezig zijn van het begeleidende document tijdens het vervoer van substraat | M435 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69a lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze (laten) bepalen van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde vaste meststoffen die ten hoogste 10% vaste dierlijke meststoffen of 10% champost bevat | M436 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [69b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen van het gewicht en het stikstof- en fosfaatgehalte op basis van de verpakking of het begeleidende document bij een vracht mestkorrels | M437 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69b, lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet aanwezig zijn van het begeleidende document tijdens het vervoer van een vracht mestkorrels | M438 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [art. 80 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art 80 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 80 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet meesturen van de juiste gegevens van de betrokken leverancier en afnemer en het nummer van het vervoersbewijs bij het toezenden van het mestmonster aan een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de vervoerder dan wel door de afnemer indien het vervoer van kalvergier betreft | M439 | € 300 |
| | | [Art. 57 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze (laten) vastleggen van het stikstof- en fosfaatgehalte van de op een bedrijf of intermediaire onderneming aangevoerde hoeveelheid dierlijke meststoffen, de van een bedrijf of intermediaire onderneming afgevoerde hoeveelheid dierlijke meststoffen en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid dierlijke meststoffen d.m.v. een analyse van het monster | M419 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 57 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet laten bemonsteren tijdens het laden van een vracht vaste mest onder verantwoordelijkheid van de vervoerder indien deze vracht buiten Nederland wordt gebracht | M420 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 57 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=57&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet laten bemonsteren tijdens het lossen van een vracht vaste mest onder verantwoordelijkheid van de vervoerder, indien deze vracht binnen Nederland wordt gebracht | M620 | € 300 |
| | | | | | |
| [Art. 35 t/m 37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=35) | [Art. 66 t/m 70](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=66) | [Art. 58 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 78](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bemonsteren van een vracht drijfmest tijdens het laden van het transportmiddel onder verantwoordelijkheid van de vervoerder | M505 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 58 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 78h](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bemonsteren van een vracht vaste mest door de vervoerder | M507 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 58 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=4&artikel=58&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 78i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78i&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze of niet tijdig door de monsternemende organisatie laten bemonsteren van een vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, door de leverancier of de vervoerder | M580 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 59 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 77 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=77&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze of niet onverwijld na aanvang van het vervoer wegen van een vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder | M430 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 59 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet voorafgaand aan de export in Nederland wegen van de vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder | M431 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 59 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=5&artikel=59&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet uiterlijk onverwijld nadat het vervoer op Nederlands grondgebied is aangevangen wegen van de vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder bij import | M421 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 62 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 63 lid 1, art](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11). [64 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 66 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 67 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 68 lid 1 en lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69c lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69 lid 1 t/m 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 76 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=76&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze (laten) bepalen van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde dierlijke meststoffen d.m.v. analyse van het monster door een laboratorium zonder dat de voorwaarden gesteld aan de afvoer worden nageleefd | M432 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 62 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 63 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 64 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 66 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 67 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 68 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69 lid 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69a lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69a&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69c lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69l lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet op juiste wijze bepalen van het gewicht van een vracht dierlijke meststoffen door de vervoerder op basis van het volume en het soortelijk gewicht van de dierlijke meststoffen | M433 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 62 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=62&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 63 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=63&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 64 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=64&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 66 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=66&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 67 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=67&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 68 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=68&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69 lid 15](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69c lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69c&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze melden door de vervoerder van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde dierlijke meststoffen indien er sprake is van een mengsel waarin een mestcode zit waar geen forfait voor is vastgesteld | M434 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69 lid 16](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanwezig zijn van het begeleidende document tijdens het vervoer van substraat | M435 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69a lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze (laten) bepalen van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde vaste meststoffen die ten hoogste 10% vaste dierlijke meststoffen of 10% champost bevat | M436 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [69b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen van het gewicht en het stikstof- en fosfaatgehalte op basis van de verpakking of het begeleidende document bij een vracht mestkorrels | M437 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69b, lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet aanwezig zijn van het begeleidende document tijdens het vervoer van een vracht mestkorrels | M438 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [art. 80 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art 80 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 80 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet meesturen van de juiste gegevens van de betrokken leverancier en afnemer en het nummer van het vervoersbewijs bij het toezenden van het mestmonster aan een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de vervoerder dan wel door de afnemer indien het vervoer van kalvergier betreft | M439 | € 300 |
| | | | Niet meesturen van de volledige gegevens van de betrokken leverancier en afnemer en van het vervoersbewijs bij het toezenden van het mestmonster aan een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de vervoerder dan wel door de afnemer indien het vervoer van kalvergier betreft | M440 | € 200 |
| | | | Niet meesturen van de juiste gegevens van de betrokken leverancier van meststoffen en het vervoersbewijs dierlijke meststoffen bij het toezenden van het mestmonster aan een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de monsternemende organisatie | M441 | € 300 |
| | | | Niet meesturen van de volledige gegevens van de betrokken leverancier van meststoffen en het vervoersbewijs dierlijke meststoffen bij het toezenden van het mestmonster aan een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de monsternemende organisatie | M442 | € 200 |
| | | | | | |
| | | [Art 69d lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet toezenden van het mestmonster en de gevraagde gegevens ter analyse door een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de afnemer bij het vervoer van kalvergier | M443 | € 300 |
| | | [Art 69d lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet toezenden van het mestmonster en de gevraagde gegevens ter analyse door een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de afnemer bij het vervoer van kalvergier | M443 | € 300 |
| | | | Niet uiterlijk 10 werkdagen na bemonstering toezenden van het mestmonster en de gevraagde gegevens aan een erkend of gelijkwaardig laboratorium door de afnemer bij het vervoer van kalvergier | M444 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art 69e lid 3 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet op juiste wijze uitvoeren door de afnemer van de bemonstering en verpakking van monsters drijfmest die met behulp van een pijpleiding wordt vervoerd | M445 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69e lid 4 en lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet op juiste wijze bepalen door de afnemer van het gewicht van drijfmest die met behulp van een pijpleiding wordt vervoerd | M446 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69g&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze (laten) bepalen van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde dierlijke meststoffen d.m.v. analyse van het monster door een erkend laboratorium bij gesplitst vervoer | M447 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 77 lid 3 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=77&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet gedurende het vervoer beschikken over een juist bewijs van bepaling van het gewicht van de betreffende vracht dierlijke meststoffen | M448 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78l lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet tijdig melden van de planning van de monstername namens de leverancier of niet of niet tijdig laten melden van de planning door de leverancier | M557 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78l lid 2 en lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet juist of onvolledig melden van de planning van de monstername namens de leverancier of niet juist of onvolledig laten melden van de planning door de leverancier | M558 | € 200 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78l lid 4 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet tijdig wijzigen of intrekken van de melding namens de leverancier of niet of niet tijdig laten wijzigen of intrekken van de melding door de leverancier | M449 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78u&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie per vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, door de monsternemende organisatie | M589 | € 300 |
| | | [Art 69e lid 3 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet op juiste wijze uitvoeren door de afnemer van de bemonstering en verpakking van monsters drijfmest die met behulp van een pijpleiding wordt vervoerd | M445 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69e lid 4 en lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet op juiste wijze bepalen door de afnemer van het gewicht van drijfmest die met behulp van een pijpleiding wordt vervoerd | M446 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 69g](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69g&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze (laten) bepalen van het stikstof- en fosfaatgehalte van aan- en afgevoerde dierlijke meststoffen d.m.v. analyse van het monster door een erkend laboratorium bij gesplitst vervoer | M447 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 77 lid 3 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=77&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet gedurende het vervoer beschikken over een juist bewijs van bepaling van het gewicht van de betreffende vracht dierlijke meststoffen | M448 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78l lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet tijdig melden van de planning van de monstername namens de leverancier of niet of niet tijdig laten melden van de planning door de leverancier | M557 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78l lid 2 en lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet juist of onvolledig melden van de planning van de monstername namens de leverancier of niet juist of onvolledig laten melden van de planning door de leverancier | M558 | € 200 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78l lid 4 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78l&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet tijdig wijzigen of intrekken van de melding namens de leverancier of niet of niet tijdig laten wijzigen of intrekken van de melding door de leverancier | M449 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 78u](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=78u&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet bijhouden van een inzichtelijke administratie per vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, door de monsternemende organisatie | M589 | € 300 |
| | | | Niet volledig bijhouden van een inzichtelijke administratie per vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, door de monsternemende organisatie | M590 | € 200 |
| | | | Niet naar waarheid bijhouden van een inzichtelijke administratie per vracht vaste mest, bestaande uit dikke fractie, door de monsternemende organisatie | M591 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 79 lid 2 en lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze verpakken van een monster vaste mest in een voorgeschreven monsterverpakking | M511 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 79a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet onverwijld melden door de vervoerder indien het mestmonster voor de overdracht aan het laboratorium verloren is gegaan | M492 | € 200 |
| | | | | | |
| | | [Art. 80 lid 1, lid 2 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 81 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet toezenden door de vervoerder of monsternemende organisatie, van het mestmonster ter analyse door een erkend of gelijkwaardig laboratorium | M512 | € 300 |
| | | [Art. 79 lid 2 en lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze verpakken van een monster vaste mest in een voorgeschreven monsterverpakking | M511 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 79a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=79a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet onverwijld melden door de vervoerder indien het mestmonster voor de overdracht aan het laboratorium verloren is gegaan | M492 | € 200 |
| | | | | | |
| | | [Art. 80 lid 1, lid 2 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 81 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet toezenden door de vervoerder of monsternemende organisatie, van het mestmonster ter analyse door een erkend of gelijkwaardig laboratorium | M512 | € 300 |
| | | | Niet uiterlijk 10 werkdagen na bemonstering toezenden van het mestmonster aan een geaccrediteerd of gelijkwaardig laboratorium door de vervoerder, dan wel niet uiterlijk binnen 7 werkdagen na bemonstering toezenden van het mestmonster aan een geaccrediteerd of gelijkwaardig laboratorium door de monsternemende organisatie | M513 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 80 lid 3, lid 5 en lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet in goede staat of op de juiste plaats bewaren van mestmonsters door de vervoerder of de monsternemende organisatie | M517 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 80 lid 3 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69d lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 69e lid 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet in goede staat bewaren van mestmonsters door de afnemer indien er sprake is van het vervoer van kalvergier | M493 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 81 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet na ontvangst van het mestmonster analyseren van het monster door het laboratorium | M518 | € 300 |
| | | [Art. 80 lid 3, lid 5 en lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet in goede staat of op de juiste plaats bewaren van mestmonsters door de vervoerder of de monsternemende organisatie | M517 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 80 lid 3 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=80&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69d lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69d&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 69e lid 11](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=8¶graaf=7&artikel=69e&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet in goede staat bewaren van mestmonsters door de afnemer indien er sprake is van het vervoer van kalvergier | M493 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 81 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet na ontvangst van het mestmonster analyseren van het monster door het laboratorium | M518 | € 300 |
| | | | Niet na analyse van het mestmonster toezenden van de analyseresultaten door het laboratorium aan de vervoerder, de leverancier, de afnemer en elektronisch aan de minister | M520 | € 300 |
| | | | Niet uiterlijk 15 werkdagen na ontvangst van het mestmonster toezenden van de analyseresultaten door het laboratorium aan de vervoerder, de leverancier, de afnemer en elektronisch aan de minister | M521 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 81 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet rapporteren van beschadigingen m.b.t. de monsterverpakking door het laboratorium aan de NVWA | M522 | € 300 |
| | | [Art. 81 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet rapporteren van beschadigingen m.b.t. de monsterverpakking door het laboratorium aan de NVWA | M522 | € 300 |
| | | | Niet opvolgen van de door de NVWA verstrekte aanwijzingen door het laboratorium | M523 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 81 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet voldoen door het laboratorium aan de in het accreditatieprogramma AP05 gestelde eisen | M524 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 81 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet tijdig verzenden van de gegevens door het laboratorium aan de minister gelijktijdig met het verzenden van de analyseresultaten van de gevraagde gegevens | M494 | € 100 |
| | | [Art. 81 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet voldoen door het laboratorium aan de in het accreditatieprogramma AP05 gestelde eisen | M524 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 81 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=2&artikel=81&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet tijdig verzenden van de gegevens door het laboratorium aan de minister gelijktijdig met het verzenden van de analyseresultaten van de gevraagde gegevens | M494 | € 100 |
| | | | Niet volledig verzenden van de gegevens door het laboratorium aan de minister gelijktijdig met het verzenden van de analyseresultaten van de gevraagde gegevens | M495 | € 200 |
| | | | Niet verzenden van de gegevens door het laboratorium aan de minister gelijktijdig met het verzenden van de analyseresultaten van de gevraagde gegevens | M496 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door de vervoerder van het gewicht van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost d.m.v. weging | M536 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het stikstof- en fosfaatgehalte van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost overeenkomstig de [artikelen 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) en [92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) op basis van gewichtsprocenten in de droge stof | M537 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het stikstof- en fosfaatgehalte of het droge stofgehalte in zuiveringsslib of compost d.m.v. analyse van een monster | M562 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze bemonsteren van zuiveringsslib of compost door de producent | M563 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze verpakken van een monster zuiveringsslib of compost in een voorgeschreven monsterverpakking door de producent | M564 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet toezenden van het monster aan of niet laten analyseren van het monster door een geaccrediteerd laboratorium door de producent | M565 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze na ontvangst van het monster analyseren van het monster door het laboratorium | M566 | € 300 |
| | | [Art. 92 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door de vervoerder van het gewicht van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost d.m.v. weging | M536 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het stikstof- en fosfaatgehalte van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid zuiveringsslib of compost overeenkomstig de [artikelen 92a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) en [92b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) op basis van gewichtsprocenten in de droge stof | M537 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het stikstof- en fosfaatgehalte of het droge stofgehalte in zuiveringsslib of compost d.m.v. analyse van een monster | M562 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze bemonsteren van zuiveringsslib of compost door de producent | M563 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze verpakken van een monster zuiveringsslib of compost in een voorgeschreven monsterverpakking door de producent | M564 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92a lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92a&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet toezenden van het monster aan of niet laten analyseren van het monster door een geaccrediteerd laboratorium door de producent | M565 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze na ontvangst van het monster analyseren van het monster door het laboratorium | M566 | € 300 |
| | | | Niet uiterlijk 5 werkdagen na ontvangst van het monster analyseren van het monster door het laboratorium | M567 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze berekenen van het stikstof-, fosfaat- en drogestofgehalte indien het monster betrekking heeft op een hoeveelheid die door middel van een continu proces geproduceerd wordt | M569 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op de juiste wijze voorzien van een analysenummer van de analyseresultaten door het laboratorium | M568 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 4 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet na analyse van het monster toezenden van de analyseresultaten dan wel de overeenkomstig het tweede lid berekende gemiddelde gehalten door het laboratorium aan de producent en elektronisch aan de minister | M570 | € 300 |
| | | [Art. 92b lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze berekenen van het stikstof-, fosfaat- en drogestofgehalte indien het monster betrekking heeft op een hoeveelheid die door middel van een continu proces geproduceerd wordt | M569 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op de juiste wijze voorzien van een analysenummer van de analyseresultaten door het laboratorium | M568 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 4 en lid 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet na analyse van het monster toezenden van de analyseresultaten dan wel de overeenkomstig het tweede lid berekende gemiddelde gehalten door het laboratorium aan de producent en elektronisch aan de minister | M570 | € 300 |
| | | | Niet binnen 10 werkdagen na analyse dan wel 10 werkdagen na afloop van de kalendermaand toezenden van de analyseresultaten door het laboratorium aan de producent en elektronisch aan de minister | M571 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 92b lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet lang genoeg bewaren van de monsters na verzending van de analyseresultaten | M572 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 93 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=93&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het gewicht van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost d.m.v. weging | M538 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 93 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=93&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze d.m.v. bemonstering en analyse laten bepalen door het bedrijf of de onderneming van het stikstof- en fosfaatgehalte van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost | M539 | € 300 |
| | | [Art. 94 lid 1 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het gewicht van de voorraad dierlijke meststoffen op basis van het gemeten volume en soortelijk gewicht | M540 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 94 lid 2 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het stikstof- en fosfaatgehalte van de voorraad dierlijke meststoffen | M541 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 95 lid 1 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het gewicht van de voorraad zuiveringsslib of compost op basis van het gemeten volume en het soortelijk gewicht | M542 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 95 lid 2 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het stikstof- en fosfaatgehalte van de voorraad zuiveringsslib of compost op basis van de best beschikbare gegevens | M543 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 95 lid 4 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het gewicht van de in bulk opgeslagen andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost op basis van het gemeten volume en soortelijk gewicht | M544 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 97 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door de leverancier van de diervoeders van het gewicht en het stikstof- en fosfaatgehalte van diervoeders afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M545 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 97 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 101](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door de leverancier van het ruwvoer en enkelvoudig diervoeder van de hoeveelheden ruwvoer en enkelvoudig diervoeder, zowel in gewicht of volume als in kilogrammen stikstof en fosfaat | M546 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet of niet op juiste wijze vaststellen van het stikstof- en fosfaatgehalte in diervoeders | M547 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 3 en 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Analyse van het diervoedermonster op het stikstof- en fosfaatgehalte niet uitgevoerd door een geaccrediteerd of gelijkwaardig laboratorium, volgens de voorgeschreven of een gelijkwaardige onderzoeksmethode | M549 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 3 en 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet binnen één week na ontvangst van het diervoedermonster analyseren van het diervoeder op het stikstof- en fosfaatgehalte volgens de voorgeschreven of een gelijkwaardige onderzoeksmethode | M551 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet verzenden van de (juiste) analyseresultaten van het diervoedermonster door het laboratorium naar de leverancier van het diervoeder | M552 | € 300 |
| | | [Art. 92b lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=92b&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet lang genoeg bewaren van de monsters na verzending van de analyseresultaten | M572 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 93 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=93&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het gewicht van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost d.m.v. weging | M538 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 93 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=3&artikel=93&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze d.m.v. bemonstering en analyse laten bepalen door het bedrijf of de onderneming van het stikstof- en fosfaatgehalte van de aan- en afgevoerde en de binnen een intermediaire onderneming vervoerde hoeveelheid andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost | M539 | € 300 |
| | | [Art. 94 lid 1 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het gewicht van de voorraad dierlijke meststoffen op basis van het gemeten volume en soortelijk gewicht | M540 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 94 lid 2 en lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=94&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het stikstof- en fosfaatgehalte van de voorraad dierlijke meststoffen | M541 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 95 lid 1 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het gewicht van de voorraad zuiveringsslib of compost op basis van het gemeten volume en het soortelijk gewicht | M542 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 95 lid 2 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf van het stikstof- en fosfaatgehalte van de voorraad zuiveringsslib of compost op basis van de best beschikbare gegevens | M543 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 95 lid 4 en 5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=4&artikel=95&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door het bedrijf of de onderneming van het gewicht van de in bulk opgeslagen andere meststoffen dan dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost op basis van het gemeten volume en soortelijk gewicht | M544 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 97 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 100](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=100&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door de leverancier van de diervoeders van het gewicht en het stikstof- en fosfaatgehalte van diervoeders afgeleverd aan een bedrijf met staldieren | M545 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 97 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=97&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 101](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=101&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze bepalen door de leverancier van het ruwvoer en enkelvoudig diervoeder van de hoeveelheden ruwvoer en enkelvoudig diervoeder, zowel in gewicht of volume als in kilogrammen stikstof en fosfaat | M546 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 1 en 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet of niet op juiste wijze vaststellen van het stikstof- en fosfaatgehalte in diervoeders | M547 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 3 en 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 125](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=125&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Analyse van het diervoedermonster op het stikstof- en fosfaatgehalte niet uitgevoerd door een geaccrediteerd of gelijkwaardig laboratorium, volgens de voorgeschreven of een gelijkwaardige onderzoeksmethode | M549 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 3 en 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet binnen één week na ontvangst van het diervoedermonster analyseren van het diervoeder op het stikstof- en fosfaatgehalte volgens de voorgeschreven of een gelijkwaardige onderzoeksmethode | M551 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet verzenden van de (juiste) analyseresultaten van het diervoedermonster door het laboratorium naar de leverancier van het diervoeder | M552 | € 300 |
| | | | Niet binnen één week na ontvangst van het diervoedermonster verzenden van de analyseresultaten door het laboratorium naar de leverancier van het diervoeder | M553 | € 100 |
| | | | | | |
| | | [Art. 98 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-01-01&g=2026-01-01), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Verzenden van niet volledige analyseresultaten van het diervoedermonster door het laboratorium naar de leverancier van het diervoeder | M554 | € 200 |
| | | [Art. 98 lid 6](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=98&z=2026-02-11&g=2026-02-11), [art. 124 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Verzenden van niet volledige analyseresultaten van het diervoedermonster door het laboratorium naar de leverancier van het diervoeder | M554 | € 200 |
| | | | Verzenden van niet naar waarheid opgemaakte analyseresultaten van het diervoedermonster door het laboratorium naar de leverancier van het diervoeder | M555 | € 300 |
| | | | | | |
| | | [Art. 99](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet vermelden of bekendmaken van gegevens van de afgeleverde diervoeders op het etiket of begeleidend document door de leverancier van de diervoeders | M556 | € 300 |
| | | [Art. 99](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=9¶graaf=6&artikel=99&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet vermelden of bekendmaken van gegevens van de afgeleverde diervoeders op het etiket of begeleidend document door de leverancier van de diervoeders | M556 | € 300 |
| | | | Niet volledig of niet naar waarheid vermelden van gegevens van de diervoeders op het etiket of begeleidend document door de leverancier van de diervoeders | M560 | € 300 |
| | | | | | |
| Overige bepalingen | Overige bepalingen | Overige bepalingen | Overige bepalingen | Overige bepalingen | Overige bepalingen |
| | | | | | |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34) en [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=37) | | [Art. 122 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet op voorgeschreven wijze doorgeven van gegevens en wijzigingen in gegevens aan de minister d.m.v. indiening van het daartoe bestemde formulier | M600 | € 50 |
| | | | | | |
| | [Art. 60 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=60) | [Art. 122 lid 2 en 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet op voorgeschreven wijze elektronisch doorgeven van gegevens en wijzigingen in gegevens aan de minister d.m.v. het daartoe ter beschikking gestelde elektronische portaal | M601 | € 50 |
| | | | | | |
| | [Art. 60 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=60) | [Art. 122 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet ondertekenen van de elektronische verzending d.m.v. een persoonlijke gebruikerscode door de vervoerder | M602 | € 50 |
| | | | | | |
| | | [Art. 124 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet onverwijld gegevens opnemen in de administratie nadat deze bekend zijn geworden door degene die gegevens in de administratie moet opnemen, voor zover geen andere termijn is gesteld | M603 | € 100 |
| [Art. 34](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=34) en [37](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0004054&artikel=37) | | [Art. 122 lid 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet op voorgeschreven wijze doorgeven van gegevens en wijzigingen in gegevens aan de minister d.m.v. indiening van het daartoe bestemde formulier | M600 | € 50 |
| | | | | | |
| | [Art. 60 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=60) | [Art. 122 lid 2 en 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet op voorgeschreven wijze elektronisch doorgeven van gegevens en wijzigingen in gegevens aan de minister d.m.v. het daartoe ter beschikking gestelde elektronische portaal | M601 | € 50 |
| | | | | | |
| | [Art. 60 onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=60) | [Art. 122 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=122&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet ondertekenen van de elektronische verzending d.m.v. een persoonlijke gebruikerscode door de vervoerder | M602 | € 50 |
| | | | | | |
| | | [Art. 124 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet onverwijld gegevens opnemen in de administratie nadat deze bekend zijn geworden door degene die gegevens in de administratie moet opnemen, voor zover geen andere termijn is gesteld | M603 | € 100 |
| | | | Niet onverwijld gegevens verstrekken uit de administratie nadat deze bekend zijn geworden door degene die gegevens uit de administratie moet verstrekken, voor zover geen andere termijn is gesteld | M604 | € 100 |
| | | | | | |
| | [Art 32](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), [art. 34 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34), [art. 39 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), [art. 44 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) | [Art. 124 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Niet bewaren van documenten, gegevensdragers, administratie en bijbehorende bewijsstukken gedurende 5 jaren na afloop van het betreffende kalenderjaar | M605 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 32](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), [art. 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) en [art. 44](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) | [Art. 124 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-01-01&g=2026-01-01) | Wijzigen van (oorspronkelijke) gegevens in de administratie | M606 | € 300 |
| | [Art 32](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), [art. 34 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=34), [art. 39 lid 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39), [art. 44 lid 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) | [Art. 124 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Niet bewaren van documenten, gegevensdragers, administratie en bijbehorende bewijsstukken gedurende 5 jaren na afloop van het betreffende kalenderjaar | M605 | € 300 |
| | | | | | |
| | [Art. 32](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=32), [art. 39](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=39) en [art. 44](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019031&artikel=44) | [Art. 124 lid 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018989&hoofdstuk=11&artikel=124&z=2026-02-11&g=2026-02-11) | Wijzigen van (oorspronkelijke) gegevens in de administratie | M606 | € 300 |
1. Handheld, desktop of laptop.
2026-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 15477 y 231 más
2025-04-19
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 2, 99020 y 8 más
2025-03-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 17020, 2 y 19 más
2025-01-29
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 17020, 2 y 19 más
2025-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 17020, 17020 y 30 más
2024-12-21
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 17020, 2 y 19 más
2024-10-02
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 17020, 17020 y 30 más
2024-03-28
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 17020, 2, 99020 y 8 más
2024-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 15477, 15477 y 229 más
2023-11-02
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 3, 5 y 12 más
2023-10-02
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 1, 3 y 27 más
2023-07-21
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 3, 5 y 12 más
2023-07-15
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 3, 5 y 123 más
2023-06-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 3, 5 y 13 más
2023-05-13
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 3, 5 y 13 más
2023-05-10
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99020, 5315, 2 y 247 más
2023-03-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 9 y 256 más
2023-02-15
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 9 y 256 más
2023-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 99020 y 756 más
2022-11-17
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99025, 99026, 99027 y 10 más
2022-07-16
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99025, 99026, 99027 y 10 más
2022-07-15
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 2, 15477 y 249 más
2022-05-05
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 14, 99025, 89 y 9 más
2022-04-27
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 1 y 262 más
2022-04-16
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99023, 99023, 7 y 21 más
2022-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99023, 99023, 99023 y 33 más
2021-02-18
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99023, 99027, 99029 y 222 má
2021-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 5, 5 y 17 más
2020-10-08
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 5, 5 y 7 más
2020-08-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 5, 5 y 7 más
2020-04-16
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 5, 5 y 7 más
2020-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 4, 99023 y 370 más
2019-10-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 8, 4 y 5 más
2019-07-23
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 8, 4 y 5 más
2019-04-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 8, 4 y 5 más
2019-03-19
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 8, 4 y 5 más
2019-02-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 17025, 17020 y 265 más
2019-01-31
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 3 y 400 más
2019-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99020, 4, 99023 y 398 más
2018-06-06
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 1 y 395 más
2018-04-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 1, 84 y 2 más
2018-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 3 y 314 más
2017-11-10
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99020, 3, 3 y 400 más
2017-10-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 8, 17025, 17020 y 273 más
2017-08-31
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 89, 6, 7 y 3 más
2017-04-07
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 3 y 285 más
2017-02-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 7, 6, 7431 y 4 más
2017-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 1, 3 y 328 más
2016-09-16
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 7, 06, 17025 y 6 más
2016-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 15477 y 129 más
2015-07-03
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99023, 12945, 12945 y 277 má
2015-05-28
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 15477, 13 y 312 más
2015-04-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 4, 3, 4 y 214 más
2015-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 99023 y 270 más
2014-11-29
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 7, 89, 6 y 4 más
2014-08-05
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 7, 7, 89 y 11 más
2014-07-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 99020 y 474 más
2014-06-27
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 99020 y 318 más
2014-05-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 99020 y 317 más
2014-02-25
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 99020 y 317 más
2014-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 5315 y 629 más
2013-07-25
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 5315, 99020 y 311 más
2013-06-19
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 2, 103 y 6 más
2013-02-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 2, 103 y 6 más
2013-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 15477, 5315 y 307 más
2012-10-06
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 2, 103, 2 y 5 más
2012-10-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 2, 2, 103 y 13 más
2012-04-13
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 2, 103, 2 y 5 más
2012-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 15477, 5315 y 298 más
2011-10-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 5315 y 295 más
2011-05-18
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 4, 4, 6 y 6 más
2011-03-04
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 4, 4, 4 y 15 más
2011-02-22
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 4, 4, 4 y 15 más
2011-01-31
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 4, 4, 4 y 24 más
2011-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 99020 y 297 más
2010-10-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 6, 6, 6 y 11 más
2010-07-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 6, 6, 6 y 11 más
2010-03-06
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 7433, 6, 6 y 149 más
2010-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 5315, 5315 y 577 más
2009-07-25
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99027, 6970, 2 y 7 más
2009-04-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 15477 y 270 más
2009-01-29
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99026, 99015, 5 y 6 más
2009-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 99023, 99026, 99026 y 96 más
2008-11-19
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 15477, 1 y 262 más
2008-07-13
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5, 99022, 5 y 4 más
2008-02-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 12945, 99023, 99023 y 259 má
2008-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 5315 y 273 más
2007-07-22
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 103, 6, 6 y 2 más
2007-07-12
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 5315 y 224 más
2007-02-09
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 6, 6, 102, 6
2007-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 5315 y 213 más
2006-07-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 99020 y 212 más
2006-01-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 5315, 99020, 5315 y 215 más
2005-12-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet — arts. 1, 2, 3 y 29 más
2005-12-01
Uitvoeringsregeling Meststoffenwet
original version
Tekst op deze datum