Wijzigingsgeschiedenis

Regeling van 21 december 2005, nr. DJZ/BR/1307-2005, houdende nadere regels met betrekking tot de verstrekking van subsidies door de Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking (Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006)

31 versions · 2026-04-21
2026-04-21
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2026-04-20
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2026-04-19
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2025-07-24
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9

Wijzigingen op 2025-07-24

@@ -42,7 +42,7 @@
##### Artikel 2.3
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=2&artikel=2.2&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=2&artikel=2.2&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. de mondigheid en organisatiegraad van burgers, de pluriformiteit van maatschappelijke organisaties, de mogelijkheden tot betrokkenheid van burgers bij de inrichting van hun maatschappij en het particulier initiatief;
@@ -88,7 +88,7 @@
##### Artikel 3.2
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 3.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=3&artikel=3.1&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 3.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=3&artikel=3.1&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. directe hulpverlening ter voorziening van de primaire behoeften van slachtoffers, meer in het bijzonder de meest kwetsbaren onder hen, op het terrein van:
@@ -140,7 +140,7 @@
##### Artikel 3.5
In aanvulling op [artikel 3.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=3&artikel=3.2&z=2024-07-11&g=2024-07-11) blijkt uit aanvragen om subsidie op grond van deze afdeling dat:
In aanvulling op [artikel 3.2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=3&artikel=3.2&z=2025-07-24&g=2025-07-24) blijkt uit aanvragen om subsidie op grond van deze afdeling dat:
- a. de activiteiten voldoen aan internationaal gangbare humanitaire hulpprincipes;
@@ -170,39 +170,73 @@
Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder:
- –. **SDG’s:** door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 25 september 2015 in resolutie A/RES/70/1 vastgestelde duurzame ontwikkelingsdoelen;
- –. **strategisch partnerschap:** een in een partnerschapsovereenkomst verankerd samenwerkingsverband van de minister met maatschappelijke organisaties verenigd in een alliantie;
- –. **alliantie:** een samenwerkingsverband van maatschappelijke organisaties die onderling een samenwerkingsovereenkomst hebben gesloten;
- –. **maatschappelijke organisatie:** een niet op winst gerichte, niet aan een overheidsinstantie statutair of feitelijk verbonden organisatie met een maatschappelijk oogmerk, beschikkend over rechtspersoonlijkheid naar burgerlijk recht, die niet door een overheidsinstantie is opgericht, dan wel die na oprichting door een overheidsinstantie geheel verzelfstandigd is;
- –. **penvoerder:** één van de alliantiepartners die namens de alliantie een subsidieaanvraag indient.
- –. **duurzame ontwikkelingsdoelen:** de door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 25 september 2015 in resolutie A/RES/70/1 vastgestelde duurzame ontwikkelingsdoelen;
- –. **lage- en middeninkomenslanden:** landen die als zodanig zijn vermeld in de door het Development Assistence Committee (DAC) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) meest recent vastgestelde List of Recipients of Official Development Assistence;1[Zie de OESO DAC landenlijst](https://www.oecd.org/content/dam/oecd/en/topics/policy-sub-issues/oda-eligibility-and-conditions/DAC-List-of-ODA-Recipients-for-reporting-2024-25-flows.pdf)
- –. **lokale maatschappelijke organisatie:** een maatschappelijke organisatie die statutair is gevestigd in een laag- of middeninkomensland en opereert op regionaal, nationaal of sub-nationaal niveau en zich richt op regionale, nationale en/of sub-nationale kwesties;
- –. **maatschappelijke organisatie:** een niet op winst gerichte, niet aan een overheidsinstantie statutair of feitelijk verbonden organisatie met een maatschappelijk oogmerk, beschikkend over rechtspersoonlijkheid naar burgerlijk recht, die niet door een overheidsinstantie is opgericht, of die na oprichting door een overheidsinstantie geheel verzelfstandigd is.
#### Paragraaf 1. Medefinanciering; activiteiten
##### Artikel 4.2
De minister kan met het oog op de bevordering van de SDG’s, het naleven van internationale mensenrechtenstandaarden en de versterking van democratie en rechtsstatelijkheid subsidie verlenen aan maatschappelijke organisaties voor activiteiten op het terrein van capaciteitsversterking van maatschappelijke organisaties in hun rol als pleiter en beïnvloeder verricht in het kader van een strategisch partnerschap.
1. De minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of bijdragen aan de capaciteitsversterking van, dienstverlening door en het voeren van dialoog door maatschappelijke organisaties in of voor lage- en middeninkomenslanden om beleidsdoelstellingen te behalen op een van de volgende thema’s:
- a). bestrijden van HIV/Aids;
- b). tegengaan van schadelijke praktijken;
- c). bevorderen van schone en eerlijke handel;
- d). stimuleren van vrouwelijk ondernemerschap;
- e). tegengaan van geweld tegen vrouwen en steun aan vrouwenrechtenverdedigers;
- f). versterken van de positie van vrouwen in vrede- en veiligheidsprocessen; of
- g). beschermen en promoten van mensenrechten en fundamentele vrijheden van religieuze minderheden en lhbtiq+ personen;
uitgezonderd activiteiten gericht op beleidsbeïnvloeding in Nederland.
2. De minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of bijdragen aan het stimuleren van Nederlandse particuliere ontwikkelingsinitiatieven, uitgezonderd activiteiten gericht op beleidsbeïnvloeding in Nederland en activiteiten gericht op beleidsbeïnvloeding op internationaal niveau.
3. Voor subsidie als bedoeld in het eerste en tweede lid kunnen alleen maatschappelijke organisaties in aanmerking komen.
#### Paragraaf 2. Personele veiligheid
##### Artikel 4.3
Voor subsidie op grond van deze afdeling kunnen uitsluitend penvoerders van een alliantie in aanmerking komen.
1. Met het oog op en passend binnen de doelstelling, bedoeld in [artikel 4.2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&artikel=4.2&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen op de in dat lid genoemde thema’s respectievelijk voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a). verbetering van de preventie en toegang tot de behandeling van HIV/Aids voor vrouwen, meisjes en kwetsbare groepen;
- b). verbetering van de preventie van schadelijke praktijken en verbeterde zorg voor de gevolgen van dergelijke praktijken;
- c). verbetering van arbeidsrechten en -omstandigheden en tegengaan van ontbossing en vervuiling in ontwikkelingslanden;
- d). versterking van de economische positie van vrouwelijkeondernemers;
- e). bestrijding van geweld tegen vrouwen en meisjes, verbeterde toegang tot zorg voor vrouwen en meisjes die slachtoffer zijn van geweld, en ondersteuning van vrouwenrechtenverdedigers en vrouwelijke mensenrechtenactivisten;
- f). versterking van de positie van vrouwen in vredes- en veiligheidsprocessen en de bescherming en reïntegratie van slachtoffers van conflictgerelateerd seksueel geweld; of
- g). bevordering van de vrijheid van religie en levensovertuiging en de bescherming van religieuze minderheden, alsmede de bevordering en bescherming van gelijke rechten voor lhbtiq+-personen.
2. Met het oog op en passend binnen de doelstelling, bedoeld in [artikel 4.2, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&artikel=4.2&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen in aanmerking voor subsidie: activiteiten gericht op het versterken van de mate waarin Nederlandse particuliere ontwikkelingsinitiatieven in staat zijn om een bijdrage te leveren aan het behalen van de duurzame ontwikkelingsdoelen.
#### Paragraaf 3. Uitgesloten activiteiten
##### Artikel 4.4
1. Subsidie wordt met toepassing van [artikel 7, tweede lid, van het Subsidiebesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018039&artikel=7) verleend.
2. In afwijking van [artikel 6, eerste lid, van het Subsidiebesluit](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018039&artikel=6) maakt de minister uiterlijk twaalf maanden voorafgaand aan het subsidietijdvak zijn beleidsregels bekend.
3. De beoordeling van de aanvragen geschiedt in drie fasen, waarvan de eerste twee zijn gericht op de selectie van partners voor een strategisch partnerschap en de derde op de verstrekking van subsidie aan de alliantie, alsmede het sluiten van een partnerschapsovereenkomst.
4. Na de tweede fase maakt de minister het subsidieplafond voor toepassing van deze afdeling bekend.
Om in aanmerking te kunnen komen voor subsidie als bedoeld in [artikel 4.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&artikel=4.3&z=2025-07-24&g=2025-07-24) geldt in ieder geval dat activiteiten niet in strijd zijn met universele mensenrechten en:
- a. gericht zijn op versterking van de capaciteit van lokale maatschappelijke organisaties om hun dienstverlening en dialoog te verbeteren met dien verstande dat dialoog betrekking heeft op dialoog in of voor lage- en middeninkomenslanden op internationaal, regionaal, nationaal of sub-nationaal niveau, onverminderd het bepaalde in [artikel 4.2, eerste en tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&artikel=4.2&z=2025-07-24&g=2025-07-24).
- b. bijdragen aan lokaal eigenaarschap van lokale maatschappelijke organisaties; en
- c. bijdragen aan de gelijke rechten van vrouwen en meisjes en aan gelijke deelname van vrouwen en meisjes aan de samenleving in lage- en middeninkomenslanden.
#### Paragraaf 1. Algemeen
@@ -342,7 +376,7 @@
##### Artikel 5.1
De minister kan subsidie verlenen voor andere activiteiten, dan bedoeld in [afdeling 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&z=2024-07-11&g=2024-07-11), in of ten behoeve van ontwikkelingslanden op het terrein van een of meer van de volgende thema’s:
De minister kan subsidie verlenen voor andere activiteiten, dan bedoeld in [afdeling 4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&z=2025-07-24&g=2025-07-24), in of ten behoeve van ontwikkelingslanden op het terrein van een of meer van de volgende thema’s:
- a. voedselzekerheid;
@@ -418,7 +452,7 @@
##### Artikel 6.1
De minister kan subsidie verlenen ten behoeve van activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan de uitvoering van internationaal onderwijs en -onderzoek dat een bijdrage levert aan de ontwikkeling en uitvoering van het beleid van de minister op het gebied van de ontwikkelingssamenwerking.
De minister kan subsidie verlenen ten behoeve van activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan de uitvoering van internationaal onderwijs en -onderzoek dat een bijdrage levert aan de ontwikkeling en uitvoering van het beleid van de minister op het gebied van de ontwikkelingshulp.
#### Paragraaf 2. Buitenlandse betrekkingen
@@ -444,7 +478,7 @@
##### Artikel 6.5
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 6.4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=6&paragraaf=3&artikel=6.4&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 6.4](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=6&paragraaf=3&artikel=6.4&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. samenwerking tussen Nederlandse onderwijsinstellingen en onderwijsinstellingen in ontwikkelingslanden;
@@ -504,7 +538,7 @@
##### Artikel 8.2
1. Voor subsidie met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 8.1, onder a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen in aanmerking:
1. Voor subsidie met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 8.1, onder a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen in aanmerking:
- a. bezoekersprogramma’s voor buitenlandse cultuurdeskundigen;
@@ -514,7 +548,7 @@
- d. kleinschalige lokale culturele projecten in het buitenland, gericht op de plaatselijke bevolking met een herkenbare Nederlandse component.
2. Voor subsidie met het oog op en binnen het raam van de doelstelling, genoemd in [artikel 8.1, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen in aanmerking activiteiten gericht op:
2. Voor subsidie met het oog op en binnen het raam van de doelstelling, genoemd in [artikel 8.1, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen in aanmerking activiteiten gericht op:
- a. een krachtiger lokale cultuursector gericht op maatschappelijke innovatie;
@@ -524,7 +558,7 @@
- d. duurzaam behoud van lokaal cultureel erfgoed.
3. Subsidies verstrekt namens de Minister door een Nederlandse vertegenwoordiging in het buitenland met het oog op de doelstelling, genoemd in [artikel 8.1, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2024-07-11&g=2024-07-11), hebben betrekking op kleinschalige lokale culturele projecten, gericht op de plaatselijke bevolking.
3. Subsidies verstrekt namens de Minister door een Nederlandse vertegenwoordiging in het buitenland met het oog op de doelstelling, genoemd in [artikel 8.1, onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2025-07-24&g=2025-07-24), hebben betrekking op kleinschalige lokale culturele projecten, gericht op de plaatselijke bevolking.
4. Subsidie voor activiteiten, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, kan uitsluitend worden verleend aan sectorinstituten met een internationale taak die door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap zijn aangewezen en aan fondsen, bedoeld in [artikel 9 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005904&artikel=9).
@@ -532,7 +566,7 @@
##### Artikel 8.3
1. Voor subsidie met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 8.1, onder c, d en e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen in aanmerking:
1. Voor subsidie met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 8.1, onder c, d en e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=8&paragraaf=1&artikel=8.1&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen in aanmerking:
- a. activiteiten gericht op de totstandkoming van cultuuruitingen met name in ontwikkelingslanden door kunstenaars en culturele instellingen afkomstig uit of werkzaam in ontwikkelingslanden,
@@ -556,7 +590,7 @@
##### Artikel 9.2
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 9.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=9&paragraaf=1&artikel=9.1&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 9.1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=9&paragraaf=1&artikel=9.1&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. publieksvoorlichting in brede zin en voorlichting gericht op specifieke doelgroepen;
@@ -580,7 +614,7 @@
##### Artikel 9.4
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 9.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=9&paragraaf=2&artikel=9.3&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 9.3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=9&paragraaf=2&artikel=9.3&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. publieksvoorlichting in brede zin en voorlichting gericht op specifieke doelgroepen;
@@ -686,340 +720,340 @@
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 1. Ontwikkelingshulp
##### Artikel 5.13
Vervallen
##### Artikel 5.14
Vervallen
##### Artikel 5.15
Vervallen
##### Artikel 5.16
Vervallen
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 2. Onderzoek
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
#### Paragraaf 2. Regionale prioriteiten
#### Paragraaf 2. Regionale prioriteiten
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
#### Paragraaf 1. Ontwikkelingssamenwerking
##### Artikel 5.13
Vervallen
##### Artikel 5.14
Vervallen
##### Artikel 5.15
Vervallen
##### Artikel 5.16
Vervallen
#### Paragraaf 2. Buitenlandse betrekkingen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
##### Artikel 4.18
De Minister kan in beleidsregels als bedoeld in [artikel 6 van het Subsidiebesluit Ministerie van Buitenlandse Zaken](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018039&artikel=6), bepalen dat in aanvulling op de toepassing van [artikel 4.12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&paragraaf=6&artikel=4.12&z=2008-11-13&g=2008-11-13) voor een in de beleidsregels te bepalen tijdvak subsidie kan worden verleend voor activiteiten, gericht op of dienstig aan structurele armoedebestrijding in ontwikkelingslanden, met betrekking tot een of meer van de thema’s, genoemd in deze afdeling. De Minister kan in de beleidsregels bepalen dat een of meer van de artikelen van deze afdeling geheel of gedeeltelijk buiten toepassing blijven.
### Afdeling 5. Bijzondere financieringsprogramma’s
#### Paragraaf 2. Bedrijfsleven
#### Paragraaf 2. Bedrijfsleven
#### Paragraaf 2. Bedrijfsleven
#### Paragraaf 6. Politieke en interparlementaire samenwerking
#### Paragraaf 5. Gemeentelijke samenwerking; kleinschalige plaatselijke activiteiten; particuliere initiatieven
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 2. Buitenlandse betrekkingen
##### Artikel 8.4
De Minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan bevordering van de sociale en politieke banden en de economische samenwerking tussen Nederland en landen waarmee Nederland door nabuurschap, door culturele en historische betrekkingen, door hun betekenis als land van herkomst van in Nederland levende migranten of anderszins een bijzondere band heeft.
### Afdeling 11. Slotbepalingen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 5. Gedetineerdenbegeleiding in het buitenland
##### Artikel 2.6
Met het oog op en binnen het raam van de doelstelling, genoemd in [artikel 2.5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=4&artikel=2.5&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. het functioneren van de rechtsstaat, de kwaliteit van wetgeving, rechtshandhaving en rechtspraak, de toegang tot recht en de rechtsbescherming van burgers;
- b. het versterken van de democratie en de structuur, capaciteit, kwaliteit, inclusiviteit en bestuurskracht van lokale en centrale overheden;
- c. een transparante, inclusieve, efficiënte, effectieve en professioneel opererende veiligheidssector binnen de kaders van internationale mensen- en humanitaire rechten;
- d. het versterken van de bescherming van burgers door het verminderen van vormen van geweld tegen burgers, waaronder seksueel geweld en andere vormen van bedreigingen voor de fysieke veiligheid;
- e. het versterken van de weerbaarheid van lokale gemeenschappen tegen gewapend conflict;
- f. het voorlichten over de risico’s en het verwijderen van explosieve oorlogsresten, het vergroten van de impact van deze activiteiten, de ondersteuning van de slachtoffers hiervan en het beïnvloeden van het beleid op dit gebied;
- g. het bevorderen en versterken van vredesopbouwinspanningen, inclusief conflictpreventie, conflictbeheersing en conflictresolutie;
- h. het erkennen, respecteren en versterken van onafhankelijk leiderschap, participatie, besluitvorming en capaciteit van lokale en nationale actoren op het gebied van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=4&artikel=2.5&z=2025-07-24&g=2025-07-24).
### Afdeling 3. Noodhulp en personele veiligheid
### Afdeling 4. Medefinancieringsstelsel
#### Paragraaf 5. Thema’s
#### Paragraaf 1. Internationaal onderwijs en -onderzoek
#### Paragraaf 1. Overheid
### Afdeling 5. Bijzondere financieringsprogramma’s
#### Paragraaf 1. Overheid
#### Paragraaf 1. Cultuur en Sport
#### Paragraaf 2. Regionale prioriteiten
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 2. Organisaties
#### Paragraaf 3. Procedurele bepalingen; aanvraag
#### Paragraaf 2. Subsidieontvangers
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 1. Internationaal onderwijs en -onderzoek
#### Paragraaf 5. Gemeentelijke samenwerking; kleinschalige plaatselijke activiteiten; particuliere initiatieven
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 6. Politieke en interparlementaire samenwerking
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 11. Slotbepalingen
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 1. Noodhulp
##### Artikel 3.7
Subsidie kan worden verleend voor activiteiten waarmee reeds een aanvang is gemaakt indien:
- a. de activiteiten zo spoedeisend zijn dat van de aanvrager in redelijkheid niet gevergd kan worden dat deze zijn aanvraag voor aanvang daarvan had ingediend;
- b. de aanvrager bij aanvang van de activiteiten de minister daarvan in kennis heeft gesteld onder mededeling van het voornemen om een subsidieaanvraag in te dienen, en
- c. de subsidieaanvraag binnen vier weken na aanvang van de activiteiten is ingediend.
##### Artikel 3.8
1. Af- en overschrijvingen tussen posten op de begroting voor activiteiten waarvoor op grond van deze paragraaf subsidie is verleend, behoeven niet ter goedkeuring aan de minister te worden voorgelegd, indien:
- a. de af- en overschrijdingen het gevolg zijn van gewijzigde of onvoorziene omstandigheden in een situatie van acute nood;
- b. de af- en overschrijdingen niet meer bedragen dan 25% van de desbetreffende posten, en
- c. het totaal van de begroting niet wordt overschreden.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op vergoedingen voor expatriates en de aanschaf van transportmiddelen en van communicatieapparatuur.
##### Artikel 3.9
Vervallen
##### Artikel 3.10
Vervallen
### Afdeling 4. Mensenrechten, SDG’s; strategische partnerschappen
#### Paragraaf 3. Beoordeling
#### Paragraaf 2. Onderzoek
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 5. Bijzondere financieringsprogramma’s
#### Paragraaf 1. Personele samenwerking met ontwikkelingslanden
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 1. Internationaal onderwijs en -onderzoek
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
#### Paragraaf 2. Regionale prioriteiten
#### Paragraaf 2. Regionale prioriteiten
#### Paragraaf 1. Overheid
### Afdeling 8. Cultuur; regionale prioriteiten
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 5. Thematische financiering
#### Paragraaf 2. Onderzoek
#### Paragraaf 3. Hoger onderwijs
#### Paragraaf 1. Overheid
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
#### Paragraaf 1. Ontwikkelingssamenwerking
#### Paragraaf 2. Buitenlandse betrekkingen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
##### Artikel 4.18
De Minister kan in beleidsregels als bedoeld in [artikel 6 van het Subsidiebesluit Ministerie van Buitenlandse Zaken](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018039&artikel=6), bepalen dat in aanvulling op de toepassing van [artikel 4.12](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=4&paragraaf=6&artikel=4.12&z=2008-11-13&g=2008-11-13) voor een in de beleidsregels te bepalen tijdvak subsidie kan worden verleend voor activiteiten, gericht op of dienstig aan structurele armoedebestrijding in ontwikkelingslanden, met betrekking tot een of meer van de thema’s, genoemd in deze afdeling. De Minister kan in de beleidsregels bepalen dat een of meer van de artikelen van deze afdeling geheel of gedeeltelijk buiten toepassing blijven.
### Afdeling 5. Bijzondere financieringsprogramma’s
#### Paragraaf 2. Bedrijfsleven
#### Paragraaf 2. Bedrijfsleven
#### Paragraaf 2. Bedrijfsleven
#### Paragraaf 6. Politieke en interparlementaire samenwerking
#### Paragraaf 5. Gemeentelijke samenwerking; kleinschalige plaatselijke activiteiten; particuliere initiatieven
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 2. Buitenlandse betrekkingen
##### Artikel 8.4
De Minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan bevordering van de sociale en politieke banden en de economische samenwerking tussen Nederland en landen waarmee Nederland door nabuurschap, door culturele en historische betrekkingen, door hun betekenis als land van herkomst van in Nederland levende migranten of anderszins een bijzondere band heeft.
### Afdeling 11. Slotbepalingen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 5. Gedetineerdenbegeleiding in het buitenland
##### Artikel 2.6
Met het oog op en binnen het raam van de doelstelling, genoemd in [artikel 2.5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=4&artikel=2.5&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. het functioneren van de rechtsstaat, de kwaliteit van wetgeving, rechtshandhaving en rechtspraak, de toegang tot recht en de rechtsbescherming van burgers;
- b. het versterken van de democratie en de structuur, capaciteit, kwaliteit, inclusiviteit en bestuurskracht van lokale en centrale overheden;
- c. een transparante, inclusieve, efficiënte, effectieve en professioneel opererende veiligheidssector binnen de kaders van internationale mensen- en humanitaire rechten;
- d. het versterken van de bescherming van burgers door het verminderen van vormen van geweld tegen burgers, waaronder seksueel geweld en andere vormen van bedreigingen voor de fysieke veiligheid;
- e. het versterken van de weerbaarheid van lokale gemeenschappen tegen gewapend conflict;
- f. het voorlichten over de risico’s en het verwijderen van explosieve oorlogsresten, het vergroten van de impact van deze activiteiten, de ondersteuning van de slachtoffers hiervan en het beïnvloeden van het beleid op dit gebied;
- g. het bevorderen en versterken van vredesopbouwinspanningen, inclusief conflictpreventie, conflictbeheersing en conflictresolutie;
- h. het erkennen, respecteren en versterken van onafhankelijk leiderschap, participatie, besluitvorming en capaciteit van lokale en nationale actoren op het gebied van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=4&artikel=2.5&z=2024-07-11&g=2024-07-11).
### Afdeling 3. Noodhulp en personele veiligheid
### Afdeling 4. Medefinancieringsstelsel
#### Paragraaf 5. Thema’s
#### Paragraaf 1. Internationaal onderwijs en -onderzoek
#### Paragraaf 1. Overheid
### Afdeling 5. Bijzondere financieringsprogramma’s
#### Paragraaf 1. Overheid
#### Paragraaf 1. Cultuur en Sport
#### Paragraaf 2. Regionale prioriteiten
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 5. Thematische financiering
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
### Afdeling 8. Cultuur en sport; regionale prioriteiten
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 5. Migratie en ontheemding
##### Artikel 2.7
De minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan:
- a. het ondersteunen van veilige en humane opvang in de regio van herkomst van vluchtelingen en intern ontheemden, en het ondersteunen van kwetsbare gastgemeenschappen bij het opvangen van de gevolgen van (langdurige) ontheemding; of
- b. migratiesamenwerking in lijn met Duurzame Ontwikkelingsdoelstelling 10.7 van de door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 25 september 2015 in resolutie A/RES/70/1 vastgestelde duurzame ontwikkelingsdoelen.
##### Artikel 2.8
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. het bieden van bescherming aan vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- b. het verhogen van de capaciteit en kwaliteit van dienstverlening op het gebied van (beroeps)onderwijs en training voor vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- c. het verhogen van capaciteit en kwaliteit van publieke of private infrastructuur voor vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- d. sociaaleconomische ontwikkeling van vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- e. het erkennen, respecteren en versterken van onafhankelijk leiderschap, participatie, besluitvorming en capaciteit van lokale en nationale actoren op het gebied van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2025-07-24&g=2025-07-24).
##### Artikel 2.9
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2025-07-24&g=2025-07-24), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. het voorkomen van irreguliere migratie;
- b. het bieden van bescherming aan migranten;
- c. het tegengaan van mensensmokkel en -handel;
- d. het bevorderen van terugkeer naar en herintegratie in het land van herkomst;
- e. het verbeteren en versterken van legale migratie;
- f. het erkennen, respecteren en versterken van onafhankelijk leiderschap, participatie, besluitvorming en capaciteit van lokale en nationale actoren op het gebied van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2025-07-24&g=2025-07-24).
#### Paragraaf 6. Gedetineerdenbegeleiding in het buitenland
##### Artikel 2.10
De minister kan subsidie verlenen ten behoeve van activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan het verlenen van bijstand op maatschappelijk, juridisch, sociaal dan wel geestelijk vlak aan Nederlandse gedetineerden in het buitenland.
### Afdeling 4. Capaciteitsversterking van maatschappelijke organisaties voor thematische beleidsdoelstellingen
### Afdeling 5. Thematische financiering
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 2. Organisaties
#### Paragraaf 3. Procedurele bepalingen; aanvraag
#### Paragraaf 2. Subsidieontvangers
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 1. Internationaal onderwijs en -onderzoek
#### Paragraaf 5. Gemeentelijke samenwerking; kleinschalige plaatselijke activiteiten; particuliere initiatieven
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 6. Politieke en interparlementaire samenwerking
#### Paragraaf 1. Publiek private samenwerking
### Afdeling 11. Slotbepalingen
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 1. Noodhulp
##### Artikel 3.7
Subsidie kan worden verleend voor activiteiten waarmee reeds een aanvang is gemaakt indien:
- a. de activiteiten zo spoedeisend zijn dat van de aanvrager in redelijkheid niet gevergd kan worden dat deze zijn aanvraag voor aanvang daarvan had ingediend;
- b. de aanvrager bij aanvang van de activiteiten de minister daarvan in kennis heeft gesteld onder mededeling van het voornemen om een subsidieaanvraag in te dienen, en
- c. de subsidieaanvraag binnen vier weken na aanvang van de activiteiten is ingediend.
##### Artikel 3.8
1. Af- en overschrijvingen tussen posten op de begroting voor activiteiten waarvoor op grond van deze paragraaf subsidie is verleend, behoeven niet ter goedkeuring aan de minister te worden voorgelegd, indien:
- a. de af- en overschrijdingen het gevolg zijn van gewijzigde of onvoorziene omstandigheden in een situatie van acute nood;
- b. de af- en overschrijdingen niet meer bedragen dan 25% van de desbetreffende posten, en
- c. het totaal van de begroting niet wordt overschreden.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op vergoedingen voor expatriates en de aanschaf van transportmiddelen en van communicatieapparatuur.
##### Artikel 3.9
Vervallen
##### Artikel 3.10
Vervallen
### Afdeling 4. Mensenrechten, SDG’s; strategische partnerschappen
#### Paragraaf 3. Beoordeling
#### Paragraaf 2. Onderzoek
### Afdeling 5. Bijzondere financieringsprogramma’s
#### Paragraaf 1. Personele samenwerking met ontwikkelingslanden
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
#### Paragraaf 1. Internationaal onderwijs en -onderzoek
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
#### Paragraaf 1. Overheid
### Afdeling 8. Cultuur; regionale prioriteiten
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 5. Thematische financiering
#### Paragraaf 2. Onderzoek
#### Paragraaf 3. Hoger onderwijs
#### Paragraaf 1. Overheid
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
### Afdeling 10. Publiek private samenwerking; bijzondere gevallen
#### Paragraaf 2. Bijzondere gevallen
### Afdeling 11. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 5. Thematische financiering
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
### Afdeling 8. Cultuur en sport; regionale prioriteiten
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
#### Paragraaf 5. Migratie en ontheemding
##### Artikel 2.7
De minister kan subsidie verlenen voor activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan:
- a. het ondersteunen van veilige en humane opvang in de regio van herkomst van vluchtelingen en intern ontheemden, en het ondersteunen van kwetsbare gastgemeenschappen bij het opvangen van de gevolgen van (langdurige) ontheemding; of
- b. migratiesamenwerking in lijn met Duurzame Ontwikkelingsdoelstelling 10.7 van de door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 25 september 2015 in resolutie A/RES/70/1 vastgestelde duurzame ontwikkelingsdoelen.
##### Artikel 2.8
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. het bieden van bescherming aan vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- b. het verhogen van de capaciteit en kwaliteit van dienstverlening op het gebied van (beroeps)onderwijs en training voor vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- c. het verhogen van capaciteit en kwaliteit van publieke of private infrastructuur voor vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- d. sociaaleconomische ontwikkeling van vluchtelingen, intern ontheemden en kwetsbare gastgemeenschappen;
- e. het erkennen, respecteren en versterken van onafhankelijk leiderschap, participatie, besluitvorming en capaciteit van lokale en nationale actoren op het gebied van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2024-07-11&g=2024-07-11).
##### Artikel 2.9
Met het oog op en binnen het raam van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2024-07-11&g=2024-07-11), komen voor subsidie in aanmerking activiteiten gericht op of ter bevordering van:
- a. het voorkomen van irreguliere migratie;
- b. het bieden van bescherming aan migranten;
- c. het tegengaan van mensensmokkel en -handel;
- d. het bevorderen van terugkeer naar en herintegratie in het land van herkomst;
- e. het verbeteren en versterken van legale migratie;
- f. het erkennen, respecteren en versterken van onafhankelijk leiderschap, participatie, besluitvorming en capaciteit van lokale en nationale actoren op het gebied van de doelstellingen, genoemd in [artikel 2.7, aanhef en onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0019366&afdeling=2&paragraaf=5&artikel=2.7&z=2024-07-11&g=2024-07-11).
#### Paragraaf 6. Gedetineerdenbegeleiding in het buitenland
##### Artikel 2.10
De minister kan subsidie verlenen ten behoeve van activiteiten die strekken tot of dienstig zijn aan het verlenen van bijstand op maatschappelijk, juridisch, sociaal dan wel geestelijk vlak aan Nederlandse gedetineerden in het buitenland.
### Afdeling 4. Mensenrechten, SDG’s; strategische partnerschappen
### Afdeling 5. Thematische financiering
### Afdeling 6. Onderwijs, onderzoek
### Afdeling 7. Overheid en bedrijfsleven; rentelasten en garanties
### Afdeling 8. Cultuur en sport; regionale prioriteiten
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingssamenwerking en buitenlandse betrekkingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
### Afdeling 9. Meningsvorming, voorlichting, draagvlakbevordering ontwikkelingshulp en buitenlandse betrekkingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
2024-07-11
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2023-07-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2022-07-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2021-10-16
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2019-12-03
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2017-12-06
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2017-06-15
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2015-10-17
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2014-08-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2014-07-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 2, 9
2014-05-15
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2013-01-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2012-08-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 9, 9
2012-07-28
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2012-07-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 2, 9
2011-01-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2010-02-17
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2009-07-30
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2008-11-13
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2008-10-10
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2008-05-23
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 3, 3
2007-11-27
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2007-09-22
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 3, 3
2006-07-21
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006
2006-04-20
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 2, 3, 3
2006-01-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — arts. 1, 1, 1
2006-01-01
Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 — versión or
original version Tekst op deze datum