Regeling houdende bepalingen ter uitvoering van bij en krachtens de Arbeidsomstandighedenwet en enige andere wetten gestelde regels

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-07-11
Laatst bijgewerkt 2026-08-19
State In force
Source BWB
artikelen 454
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Bijlage XVIe. behorend bij Artikel 6.6, 1e lid

Bijlage XVIf. behorend bij Artikel 6.6, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVIf. behorend bij Artikel 6.6, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVII. behorend bij artikel 7.7

Vervallen

Bijlage XVIIa. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder a, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIb. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder b, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIc. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder c, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIf. behorend bij Artikel 6.6, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVII. behorend bij artikel 7.7

Vervallen

Bijlage XVIf. behorend bij Artikel 6.6, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVIf. behorend bij Artikel 6.6, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVIIa. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder a, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Artikel 4.26. Begripsbepaling asbestcertificatieschema’s

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • certificatieschema voor de persoonscertificaten: Certificatieschema voor de Persoonscertificaten Deskundig Asbest Verwijderaar niveau 1 en niveau 2 (DAV-1 en DAV-2) en Deskundig Toezichthouder Asbestverwijdering (DTA), dat in overeenstemming met de Minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 26 maart 2024 en door de Minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 18 april 2024 (Stcrt. 12703);
  • certificatieschema voor de procescertificaten: Certificatieschema voor de Procescertificaten Asbestinventarisatie en Asbestverwijdering, dat in overeenstemming met de Minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 26 maart 2024 en door de Minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 18 april 2024 (Stcrt. 12702).

Hoofdstuk 5. Beeldschermarbeid

Paragraaf 7.2. Hijs- en hefwerktuigen en hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen

Hoofdstuk 8. Veiligheids- en Gezondheidssignalering

Bijlage X. behorend bij artikel 4.16 van de Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XIIb. behorend bij artikel 4.17b

Bijlage XIIIg. behorend bij artikel 4.29 Arbeidsomstandighedenregeling

Bijlage XVI. behorend bij Artikel 6.1, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVIa. behorend bij Artikel 6.5, 1e lid

Bijlage XVIb. behorend bij Artikel 6.5, 2e lid

Bijlage XVIc. behorend bij Artikel 6.5, derde lid

Bijlage XVId. behorend bij Artikel 6.5, 4e lid

Bijlage XVIe. behorend bij Artikel 6.6, 1e lid

Bijlage XVIIb. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder b, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Artikel 4.20a1. Biologische grenswaarden

Als biologische grenswaarde op grond van artikel 4.16, eerste lid, van het besluit, wordt voor lood vastgesteld: 30 µg Pb/100 ml bloed.

Artikel 4.20a2. Meetfrequentie en analyse van lood in de lucht
1.

In het kader van de beoordeling, bedoeld in artikel 4.2, van het besluit wordt de concentratie van lood in de lucht om de drie maanden gemeten. Er kan worden volstaan met eenmaal per jaar meten, indien er geen verandering in de werkmethoden en de omstandigheden van de blootstelling plaatsvindt, en

  • a. het loodgehalte in het bloed van geen enkele werknemer, gemeten overeenkomstig artikel 4.10b van het besluit, meer bedraagt dan 26 µg Pb/100 ml bloed, of
  • b. uit twee opeenvolgende voorafgaande metingen is gebleken, dat de concentratie van lood in de lucht minder bedraagt dan 20 µg/m3 lucht of dat de omstandigheden van de blootstelling niet merkbaar variëren.
2.

De bepaling van de concentratie van lood in de lucht, als bedoeld in het eerste lid, geschiedt met behulp van de atomaire absorptiespectrometrie of een andere analysemethode, die gelijkwaardige resultaten oplevert.

Artikel 4.26. Begripsbepaling asbestcertificatieschema’s

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • certificatieschema voor de persoonscertificaten: Certificatieschema voor de Persoonscertificaten Deskundig Asbest Verwijderaar niveau 1 en niveau 2 (DAV-1 en DAV-2) en Deskundig Toezichthouder Asbestverwijdering (DTA), dat in overeenstemming met de Minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 26 maart 2024 en door de Minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 18 april 2024 (Stcrt. 12703);
  • certificatieschema voor de procescertificaten: Certificatieschema voor de Procescertificaten Asbestinventarisatie en Asbestverwijdering, dat in overeenstemming met de Minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 26 maart 2024 en door de Minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 18 april 2024 (Stcrt. 12702).

Paragraaf 4.7. Bijzondere voorschriften asbest

Paragraaf 4.8. Werken met zandsteen

Hoofdstuk 6. Arbeid onder overdruk

Paragraaf 7.2. Hijs- en hefwerktuigen en hijs- en hefgereedschappen aan boord van schepen

Paragraaf 7.3. Registratie of herregistratie machinisten hijskranen en funderingsmachines

Hoofdstuk 8. Veiligheids- en Gezondheidssignalering

Bijlage XI. behorend bij Artikel 4.17e

Vervallen

Bijlage XIIb. behorend bij artikel 4.17b

Bijlage XIIIa. behorend bij artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIIa. behorend bij artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIIb. behorend bij Artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIIc. behorend bij artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIId. behorend bij Artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XVIc. behorend bij Artikel 6.5, derde lid

Vervallen

Bijlage XVId. behorend bij Artikel 6.5, 4e lid

Vervallen

Bijlage XVIe. behorend bij Artikel 6.6, 1e lid

Vervallen

Bijlage XVIa. behorend bij Artikel 6.5, 1e lid

Bijlage XVIb. behorend bij Artikel 6.5, 2e lid

Bijlage XVIc. behorend bij Artikel 6.5, derde lid

Bijlage XVId. behorend bij Artikel 6.5, 4e lid

Bijlage XVIe. behorend bij Artikel 6.6, 1e lid

Bijlage XVIIc. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder c, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIId. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder d, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIe. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder e, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIf. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder f, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIg. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder g, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Artikel 1.1ca. Specificering gegevens
1.

De identificerende gegevens en gegevens over de bekwaamheid, bedoeld in de artikelen 1.5l en 1.5m van het besluit, zijn voor de registers, genoemd in artikel 1.5j, eerste lid, onderdelen a tot en met d en f, van het besluit:

  • a. de voornaam- of namen en achternaam;
  • b. de geboortedatum;
  • c. een kopie of scan van documenten waaruit de vereiste kennis en vaardigheden blijken.
2.

De identificerende gegevens en gegevens over de bekwaamheid, bedoeld in de artikelen 1.5l en 1.5m van het besluit, zijn voor het Register duikarbeid brandweer en politie:

  • a. de gegevens, genoemd in het eerste lid, de veiligheidsregio waarin de medewerker werkzaam is en het duikteam waartoe de medewerker behoort, indien het de registratie of herregistratie van een medewerker van de brandweer betreft;
  • b. het persoonsnummer dat de politie aan de medewerker heeft toegekend en een geanonimiseerde kopie of scan van documenten waaruit de vereiste kennis en vaardigheden blijken, indien het de registratie of herregistratie van een medewerker van de politie betreft.

Hoofdstuk 2. Aanvullende voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie, deskundigen en arbodiensten

Paragraaf 2.3. Certificatie

Hoofdstuk 3. Winningsindustrieën met behulp van boringen

Paragraaf 3.1. Bouwproces

Hoofdstuk 4. Veiligheid tankschepen en gevaarlijke stoffen

Artikel 4.16a. Uitzonderingen registratieplicht bij arbeid met explosieve stoffen
1.

Artikel 4.8, tweede lid, van het besluit is niet van toepassing op arbeid waarbij wordt gewerkt met munitie van de categorieën II of III als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Wet wapens en munitie, voor zover het gaat om arbeid verricht door anderen dan defensiepersoneel.

2.

Artikel 4.8, tweede lid, van het besluit is voorts niet van toepassing op de volgende personen, voor zover zij over voldoende kennis, ervaring en vaardigheden beschikken om de genoemde werkzaamheden veilig uit te voeren:

  • a. politiemedewerkers werkzaam bij de Dienst Speciale Interventies die bij de uitvoering van hun taken explosieven gebruiken;
  • c. medewerkers van het Nederlands Forensisch Instituut die onderzoek verrichten aan kleine hoeveelheden explosieven die reeds onschadelijk zijn gemaakt.
Artikel 4.26. Begripsbepaling asbestcertificatieschema’s

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • certificatieschema voor de persoonscertificaten: Certificatieschema voor de Persoonscertificaten Deskundig Asbest Verwijderaar niveau 1 en niveau 2 (DAV-1 en DAV-2) en Deskundig Toezichthouder Asbestverwijdering (DTA), dat in overeenstemming met de Minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 11 september 2024 en door de Minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 23 oktober 2024 (Stcrt. 2024-34076);
  • certificatieschema voor de procescertificaten: Certificatieschema voor de Procescertificaten Asbestinventarisatie en Asbestverwijdering, dat in overeenstemming met de Minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 11 september 2024 en door de Minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 23 oktober 2024 (Stcrt. 2024-34077).

Hoofdstuk 7. Arbeidsmiddelen

Paragraaf 7.3. Registratie of herregistratie machinisten hijskranen en funderingsmachines

Hoofdstuk 8. Veiligheids- en Gezondheidssignalering

Bijlage XII. behorend bij Artikel 4.17f

Vervallen

Bijlage XIIa. behorend bij artikel 4.17b

Bijlage XIIb. behorend bij artikel 4.17b

Bijlage XIII. behorend bij de artikelen 4.19, eerste lid, en 4.20, eerste lid

Bijlage XIIIe. behorend bij artikel 4.28

Vervallen

Bijlage XIIIf. behorend bij artikel 4.28

Vervallen

Bijlage XVIf. behorend bij Artikel 6.6, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVII. behorend bij artikel 7.7

Vervallen

Bijlage XVIa. behorend bij Artikel 6.5, 1e lid

11.2. Beoordelingsmethode

Bijlage XVIb. behorend bij Artikel 6.5, 2e lid

Bijlage XVIc. behorend bij Artikel 6.5, derde lid

Bijlage XVId. behorend bij Artikel 6.5, 4e lid

Bijlage XVIe. behorend bij Artikel 6.6, 1e lid

Bijlage XVIIh. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder h, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIII. behorend bij artikel 8.10

Intrinsieke kenmerken:

  • rond;
  • zwart pictogram op witte achtergrond, rode rand en balk die van links naar rechts over het pictogram loopt onder een hoek van 45° ten opzichte van de horizontale lijn. De rode kleur beslaat ten minste 35% van het oppervlak van het bord.

Intrinsieke kenmerken:

  • driehoekig;
  • zwart pictogram op gele achtergrond, zwarte rand. De gele kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord.

Intrinsieke kenmerken:

  • rond;
  • wit pictogram op blauwe achtergrond. De blauwe kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord

Intrinsieke kenmerken:

  • rechthoekig of vierkant;
  • wit pictogram op groene achtergrond. De groene kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord.

Intrinsieke kenmerken:

  • rechthoekig of vierkant;
  • wit pictogram op rode achtergrond. De rode kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord.

Bijlage XIIIg. behorend bij artikel 4.29 Arbeidsomstandighedenregeling

Bijlage B. Categorie II overtredingen vastgesteld tijdens een projectlocatie, niet zijnde overtredingen genoemd in bijlage A

Bijlage XVIa. behorend bij Artikel 6.5, 1e lid

Bijlage XVIb. behorend bij Artikel 6.5, 2e lid

Bijlage XVIc. behorend bij Artikel 6.5, derde lid

Bijlage XVId. behorend bij Artikel 6.5, 4e lid

Bijlage XVIe. behorend bij Artikel 6.6, 1e lid

Bijlage XIX. behorend bij artikel 8.26

A. Algemene Gebaren A. Algemene Gebaren A. Algemene Gebaren
Betekenis Beschrijving Illustratie
BEGIN Pas op! Begin van commando Beide armen zijn horizontaal gestrekt met de handpalmen naar boven
STOP Onderbreking Einde van de beweging  De rechterhand is opgeheven en de rechterhandpalm naar voren gehouden
EINDE Einde van de werkzaamheden Beide handen zijn ter hoogte van de borst samengevoegd
B. Verticale bewegingen B. Verticale bewegingen B. Verticale bewegingen
--- --- ---
Betekenis Beschrijving Illustratie
HIJSEN Met de opgeheven rechterarm en naar voren gebrachte rechterhandpalm wordt traag een cirkelbeweging gemaakt
VIEREN Met de naar beneden gerichte rechterarm en naar binnen gehouden rechterhandpalm wordt traag een cirkelbeweging gemaakt
VERTICALE AFSTAND De afstand wordt met de handen aangegeven
C. Horizontale bewegingen C. Horizontale bewegingen C. Horizontale bewegingen
--- --- ---
Betekenis Beschrijving Illustratie
VOORUIT Beide armen worden gebogen, palmen worden naar binnen gehouden en met de voorarmen worden trage bewegingen naar het lichaam toe gemaakt
ACHTERUIT Beide armen worden gebogen, beide handpalmen worden naar buiten gehouden, met de voorarmen worden trage beweging van het lichaam af gemaakt
NAAR RECHTS ten opzichte van de signaalgever Met de ongeveer horizontaal gestrekte rechterarm en de naar beneden gehouden rechterhandpalm worden trage, richting aanwijzende bewegingen gemaakt
NAAR LINKS ten opzichte van de signaalgever Met de ongeveer horizontaal gestrekte linkerarm en de naar beneden gehouden linkerhandpalm worden trage richtingaanwijzende bewegingen gemaakt
HORIZONTALE AFSTAND De afstand wordt met de handen aangegeven
D. Gevaar D. Gevaar D. Gevaar
--- --- ---
Betekenis Beschrijving Illustratie
GEVAAR Beide handen opgeheven, handpalmen naar voren
SNELLE BEWEGING De gecodeerde, bevelende gebaren ter aangeving van de beweging worden zeer snel uitgevoerd
TRAGE BEWEGING De gecodeerde, bevelende gebaren ter aangeving van de bewegingen worden zeer langzaam uitgevoerd

Hoofdstuk 8. Veiligheids- en Gezondheidssignalering

Hoofdstuk 9. Overgangs- en Slotbepalingen

Bijlage Ia. behorend bij artikel 2.0b, Beschrijving scenario’s

Bij de beschrijving van de scenario’s, bedoeld in artikel 2.5, tweede lid, onder b, van het besluit komen in ieder geval aan de orde:

    1. Bij de beschrijving wordt in aanmerking genomen welke van de volgende voorvallen deze scenario’s op gang kunnen brengen: corrosie, erosie, externe belasting, impact, overdruk, onderdruk, lage temperatuur, hoge temperatuur, trillingen en menselijke fouten tijdens gebruik, wijziging of onderhoud;
    1. Van elk scenario wordt aangegeven wat de waarschijnlijkheid en het effect is en welke maatregelen getroffen zijn om te voorkomen dat het scenario zich voordoet; en
    1. Voorts wordt voor elk scenario, ter beoordeling van de risico’s en rekening houdend met de reeds getroffen maatregelen, een samenhangend inzicht geboden in:
  • a. de resterende kans dat een zwaar ongeval geschiedt;
  • b. de ernst van de gevolgen die het zware ongeval in dat geval zal hebben; en
  • c. welke verdere maatregelen technisch mogelijk zijn om de kans op een zwaar ongeval verder te verkleinen tot een daarbij aan te geven niveau.

Bijlage Ib. behorend bij artikel 2.0c, Veiligheidsbeheerssysteem

In het veiligheidsbeheerssysteem, bedoeld in artikel 2.5a, eerste lid, van het besluit komen in ieder geval aan de orde:

  • a. het veiligheidsbeheerssysteem dient afgestemd te zijn op de gevaren, de werkzaamheden en de complexiteit van de organisatie in het bedrijf of de inrichting en moet op de evaluatie van de risico's gebaseerd zijn; in het veiligheidsbeheerssysteem moet dat gedeelte van het algemene beheerssysteem zijn opgenomen waartoe de organisatorische structuur, de verantwoordelijkheden, de gebruiken, de procedures, de procedés en de hulpmiddelen welke het mogelijk maken het preventiebeleid voor zware ongevallen te bepalen en uit te voeren, behoren;
  • b. de organisatie en het personeel:
  • –. de taken en verantwoordelijkheden van de werknemers die op alle organisatorische niveaus bij het beheersen van de gevaren en risico’s van zware ongevallen wordt betrokken, samen met de maatregelen die worden genomen om het bewustzijn te doen toenemen dat voortdurende verbetering nodig is.
  • –. het onderkennen van de behoeften aan opleiding van de betrokken werknemers en het organiseren van die opleiding.
  • –. de deelneming aan die opleiding van de betrokken werknemers, met inbegrip van de werknemers van aannemers en van onderaannemers en zelfstandigen die in het bedrijf of de inrichting werken, en die vanuit veiligheidsopzicht belangrijk zijn;
  • c. de identificatie en evaluatie van de gevaren en risico’s van zware ongevallen: de vaststelling en toepassing van procedures voor de systematische identificatie van de gevaren en risico’s van zware ongevallen die zich bij normale of abnormale werking kunnen voordoen, in voorkomend geval met inbegrip van in aanneming of onderaanneming verrichte activiteiten, alsook de beoordeling van de waarschijnlijkheid en de ernst van die ongevallen;
  • d. de controle op de uitvoering:
  • –. de vaststelling en toepassing van procedures en instructies voor veilige werking, waaronder het onderhoud, van de installatie, processen en apparatuur, en voor het alarmbeheer en tijdelijke onderbrekingen; rekening houdend met de beschikbare informatie betreffende beste praktijken op het vlak van monitoring en controle met het oog op het verminderen van het risico op systeem falen;
  • –. het beheer en de controle van de risico's die samenhangen met verouderende apparatuur die geïnstalleerd is in het bedrijf of de inrichting, en corrosie;
  • –. de inventarisatie van de apparatuur in het bedrijf of de inrichting, en de strategie en methodologie voor het houden van toezicht op en de controle van de staat van de apparatuur;
  • –. het treffen van passende follow-upmaatregelen en noodzakelijke tegenmaatregelen;
  • e. de wijze waarop wordt gehandeld bij wijzigingen: de vaststelling en toepassing van procedures voor de planning van wijzigingen aan bestaande installaties en opslagplaatsen, dan wel voor het ontwerpen van een nieuw procedé of een nieuwe installatie of opslagplaats;
  • f. de planning voor noodsituaties: de vaststelling en toepassing van procedures om door een systematische analyse de voorzienbare noodsituaties te onderkennen en de noodplannen voor dergelijke noodsituaties uit te werken, te beproeven en te toetsen, en om specifieke opleiding voor de betrokken werknemers te verzorgen. Dergelijke opleiding wordt gegeven aan alle personen die in de installatie werken, met in begrip van de werknemers van aannemers en van onderaannemers en zelfstandigen;
  • g. het toezicht op de prestaties: de vaststelling en toepassing van procedures voor een permanente beoordeling van de inachtneming van de doelstellingen die door de werkgever zijn bepaald als onderdeel van het preventiebeleid voor zware ongevallen en van het veiligheidsbeheerssysteem, en invoering van regelingen voor onderzoek en correctie bij niet-inachtneming. Tot deze procedures behoren het systeem voor de melding van zware ongevallen of bijna-ongevallen, met name die waarbij de beschermende maatregelen hebben gefaald, alsook het onderzoek daarnaar en de follow-up, een en ander op basis van de ervaringen uit het verleden. Tot de procedures behoren ook prestatie-indicatoren zoals veiligheidsprestatie-indicatoren (safety performance indicators, SPIs) en/of andere relevante indicatoren; en
  • h. controle en analyse: de vaststelling en toepassing van procedures om het preventiebeleid voor zware ongevallen en de doeltreffendheid en deugdelijkheid van het veiligheidsbeheerssysteem systematisch periodiek te beoordelen, alsmede voor de met documenten gestaafde analyse door de werkgever van de resultaten van het gevoerde beleid, van het veiligheidsbeheerssysteem en van de bijwerking daarvan, inclusief het overwegen en opnemen van noodzakelijke wijzigingen die door de controle en analyse aangegeven worden.

Bijlage Ic. behorend bij artikel 2.0d Intern noodplan

Het intern noodplan, bedoeld in artikel 2.5b, eerste lid, van het besluit bevat in ieder geval de volgende gegevens en beschrijvingen:

  • a. de naam of functie van de personen die bevoegd zijn om noodprocedures in werking te laten treden en van de personen die belast zijn met de leiding en coördinatie van de bestrijdingsmaatregelen op het terrein van het bedrijf of de inrichting;
  • b. de naam en functie van de persoon die verantwoordelijk is voor de contacten met de voor het externe noodplan verantwoordelijke autoriteiten;
  • c. voor te voorziene omstandigheden en gebeurtenissen die een doorslaggevende rol kunnen spelen bij het ontstaan van een zwaar ongeval, een beschrijving van de te nemen maatregelen ter beheersing van de toestand of gebeurtenis en ter beperking van de gevolgen ervan, met inbegrip van een beschrijving van de beschikbare veiligheidsuitrusting en -middelen;
  • d. de regelingen ter beperking van het risico voor personen op het terrein van het bedrijf of de inrichting, waaronder het alarmsysteem en de gedragsregels bij het afgaan van het alarm;
  • e. de regelingen om de autoriteit die verantwoordelijk is voor het in werking laten treden van het externe noodplan bij een zwaar ongeval snel in te lichten, het soort informatie dat onmiddellijk moet worden verstrekt en de regelingen voor het verstrekken van uitvoeriger informatie, wanneer deze beschikbaar wordt;
  • f. waar noodzakelijk, regelingen om de werknemers op te leiden voor het vervullen van de taken die van hen worden verwacht en in voorkomend geval de coördinatie ervan met de externe hulpdiensten; en
  • g. de regelingen voor het verlenen van steun aan externe bestrijdings-maatregelen.

Bijlage II. behorend bij artikel 2.0c

Vervallen

Bijlage IIa. behorend bij Artikel 2.7 Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage IIb. behorend bij Artikel 2.8 Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage IIc. behorend bij Artikel 2.14

Vervallen

Bijlage IId. behorend bij Artikel 2.15

Vervallen

Bijlage XIIb. behorend bij artikel 4.17b

Bijlage XIIIa. behorend bij artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIIa. behorend bij artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIIa. behorend bij artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIIIb. behorend bij Artikel 4.27

Vervallen

Bijlage XIV. behorende bij artikel 4.32a, derde lid, onderdeel a

Belastende situatie in de gebruiksfase Belastingen die een belangrijke toename in de corrosie veroorzaken en/of die hogere eisen stellen aan de prestaties van het verfsysteem nadat het is aangebracht
Beschermingsmaatregel Maatregelen ter bescherming van de gezondheid
Bijzondere belastende omstandigheden Situaties in de gebruikersfase die gelijktijdig een verhoogde kans op corrosie veroorzaken door bij voorbeeld gelijktijdig mechanische en chemische belasting
C1–C5 Corrosiesnelheden gekoppeld aan belastingen met voorbeelden:
C1 Verwarmde gebouwen met een schone atmosfeer b.v. kantoren, winkels, scholen, hotels, woningen.
C2 Onverwarmde gebouwen waar condensatie kan optreden b.v. depots, sporthallen.
C3 Productiehallen met een hoge vochtigheid en enige luchtvervuiling b.v. Voedselverwerkende fabrieken, wasserijen, brouwerijen zuivelindustrie
C4 Productiehallen of gebouwen met een permanente belasting of hoge condensatie b.v. chemische fabrieken, zwembaden
C5 Gebouwen met bijna permanente condensatie of een hoge vervuiling
Dauwpunt De temperatuur waaronder het vocht in de lucht zal condenseren op het oppervlak
Derivaten Afgeleide producten van minerale oliën of combinaties van producten waarin minerale oliën aanwezig zijn
Droge ruimte Een ruimte waarin de relatie luchtvochtigheid en temperatuur van dien aard is dat van een normale geaccepteerde leefomgeving kan worden gesproken, waarin verblijfomstandigheden voor langere duur zijn geaccepteerd
Enige luchtvervuiling Een vervuiling welke incidenteel dan wel permanent wordt gekenmerkt door een chemische verontreiniging welke invloed kan uitoefenen op de kwaliteit van het beschermende verfsysteem
Hoge luchtvervuiling Een vervuiling welke bijna permanent aanwezig is welke gezien de aanwezige chemische stoffen invloed hebben op het verfsysteem en direct negatieve invloed hebben, in corrosieve zin, op een metalen ondergrond
NEN 12944 ( NPR 7452) Norm die de bescherming van metalen door middel van verfsystemen behandelt. In deze norm vertegenwoordigen de aanduidingen C1 t/m C5 corrosiebelastingscategorieën. Aan deze categorie-indeling zijn nu ook vervangings- en beheersmaatregelen gekoppeld.
Onderdompeling langer dan 5 minuten per 24 uur Directe blootstelling aan een vloeistof, welke plaats vindt langer dan 5 minuten en die zoor zijn samenstelling directe deformatie van het beschermende verfsysteem veroorzaakt, dan wel omdat de vloeistof door het verfsysteem heen dringt en dan corrosie van de onderliggende metalen ondergrond veroorzaakt
Schone atmosfeer Een atmosfeer welke zich kenmerkt door zeer weinig of geen verontreiniging en welke gezien wordt als een normale situatie onder normale leefomstandigheden
VOS Vluchtige organische stof. Volgens het Arbeidsomstandighedenbesluit artikel 4.62a wordt hieronder verstaan: organische verbindingen en mengsels hiervan, die bij 293,15 K (20°C) een dampspanning hebben van ten minste 0,01 kPa, dan wel een overeenkomstige vluchtigheid bij de specifieke gebruiksomstandigheden. Blootstelling aan VOS kan schadelijk zijn voor de gezondheid. VOS moeten zoveel mogelijk worden vervangen. In gevallen waarin vervanging onmogelijk is, moeten beschermingsmaatregelen worden genomen.

Bijlage XIV. behorende bij artikel 4.32a, derde lid, onderdeel a

Belastende situatie in de gebruiksfase Belastingen die een belangrijke toename in de corrosie veroorzaken en/of die hogere eisen stellen aan de prestaties van het verfsysteem nadat het is aangebracht
Beschermingsmaatregel Maatregelen ter bescherming van de gezondheid
Bijzondere belastende omstandigheden Situaties in de gebruikersfase die gelijktijdig een verhoogde kans op corrosie veroorzaken door bij voorbeeld gelijktijdig mechanische en chemische belasting
C1–C5 Corrosiesnelheden gekoppeld aan belastingen met voorbeelden:
C1 Verwarmde gebouwen met een schone atmosfeer b.v. kantoren, winkels, scholen, hotels, woningen.
C2 Onverwarmde gebouwen waar condensatie kan optreden b.v. depots, sporthallen.
C3 Productiehallen met een hoge vochtigheid en enige luchtvervuiling b.v. Voedselverwerkende fabrieken, wasserijen, brouwerijen zuivelindustrie
C4 Productiehallen of gebouwen met een permanente belasting of hoge condensatie b.v. chemische fabrieken, zwembaden
C5 Gebouwen met bijna permanente condensatie of een hoge vervuiling
Dauwpunt De temperatuur waaronder het vocht in de lucht zal condenseren op het oppervlak
Derivaten Afgeleide producten van minerale oliën of combinaties van producten waarin minerale oliën aanwezig zijn
Droge ruimte Een ruimte waarin de relatie luchtvochtigheid en temperatuur van dien aard is dat van een normale geaccepteerde leefomgeving kan worden gesproken, waarin verblijfomstandigheden voor langere duur zijn geaccepteerd
Enige luchtvervuiling Een vervuiling welke incidenteel dan wel permanent wordt gekenmerkt door een chemische verontreiniging welke invloed kan uitoefenen op de kwaliteit van het beschermende verfsysteem
Hoge luchtvervuiling Een vervuiling welke bijna permanent aanwezig is welke gezien de aanwezige chemische stoffen invloed hebben op het verfsysteem en direct negatieve invloed hebben, in corrosieve zin, op een metalen ondergrond
NEN 12944 ( NPR 7452) Norm die de bescherming van metalen door middel van verfsystemen behandelt. In deze norm vertegenwoordigen de aanduidingen C1 t/m C5 corrosiebelastingscategorieën. Aan deze categorie-indeling zijn nu ook vervangings- en beheersmaatregelen gekoppeld.
Onderdompeling langer dan 5 minuten per 24 uur Directe blootstelling aan een vloeistof, welke plaats vindt langer dan 5 minuten en die zoor zijn samenstelling directe deformatie van het beschermende verfsysteem veroorzaakt, dan wel omdat de vloeistof door het verfsysteem heen dringt en dan corrosie van de onderliggende metalen ondergrond veroorzaakt
Schone atmosfeer Een atmosfeer welke zich kenmerkt door zeer weinig of geen verontreiniging en welke gezien wordt als een normale situatie onder normale leefomstandigheden
VOS Vluchtige organische stof. Volgens het Arbeidsomstandighedenbesluit artikel 4.62a wordt hieronder verstaan: organische verbindingen en mengsels hiervan, die bij 293,15 K (20°C) een dampspanning hebben van ten minste 0,01 kPa, dan wel een overeenkomstige vluchtigheid bij de specifieke gebruiksomstandigheden. Blootstelling aan VOS kan schadelijk zijn voor de gezondheid. VOS moeten zoveel mogelijk worden vervangen. In gevallen waarin vervanging onmogelijk is, moeten beschermingsmaatregelen worden genomen.

Bijlage XIV. behorende bij artikel 4.32a, derde lid, onderdeel a

Belastende situatie in de gebruiksfase Belastingen die een belangrijke toename in de corrosie veroorzaken en/of die hogere eisen stellen aan de prestaties van het verfsysteem nadat het is aangebracht
Beschermingsmaatregel Maatregelen ter bescherming van de gezondheid
Bijzondere belastende omstandigheden Situaties in de gebruikersfase die gelijktijdig een verhoogde kans op corrosie veroorzaken door bij voorbeeld gelijktijdig mechanische en chemische belasting
C1–C5 Corrosiesnelheden gekoppeld aan belastingen met voorbeelden:
C1 Verwarmde gebouwen met een schone atmosfeer b.v. kantoren, winkels, scholen, hotels, woningen.
C2 Onverwarmde gebouwen waar condensatie kan optreden b.v. depots, sporthallen.
C3 Productiehallen met een hoge vochtigheid en enige luchtvervuiling b.v. Voedselverwerkende fabrieken, wasserijen, brouwerijen zuivelindustrie
C4 Productiehallen of gebouwen met een permanente belasting of hoge condensatie b.v. chemische fabrieken, zwembaden
C5 Gebouwen met bijna permanente condensatie of een hoge vervuiling
Dauwpunt De temperatuur waaronder het vocht in de lucht zal condenseren op het oppervlak
Derivaten Afgeleide producten van minerale oliën of combinaties van producten waarin minerale oliën aanwezig zijn
Droge ruimte Een ruimte waarin de relatie luchtvochtigheid en temperatuur van dien aard is dat van een normale geaccepteerde leefomgeving kan worden gesproken, waarin verblijfomstandigheden voor langere duur zijn geaccepteerd
Enige luchtvervuiling Een vervuiling welke incidenteel dan wel permanent wordt gekenmerkt door een chemische verontreiniging welke invloed kan uitoefenen op de kwaliteit van het beschermende verfsysteem
Hoge luchtvervuiling Een vervuiling welke bijna permanent aanwezig is welke gezien de aanwezige chemische stoffen invloed hebben op het verfsysteem en direct negatieve invloed hebben, in corrosieve zin, op een metalen ondergrond
NEN 12944 ( NPR 7452) Norm die de bescherming van metalen door middel van verfsystemen behandelt. In deze norm vertegenwoordigen de aanduidingen C1 t/m C5 corrosiebelastingscategorieën. Aan deze categorie-indeling zijn nu ook vervangings- en beheersmaatregelen gekoppeld.
Onderdompeling langer dan 5 minuten per 24 uur Directe blootstelling aan een vloeistof, welke plaats vindt langer dan 5 minuten en die zoor zijn samenstelling directe deformatie van het beschermende verfsysteem veroorzaakt, dan wel omdat de vloeistof door het verfsysteem heen dringt en dan corrosie van de onderliggende metalen ondergrond veroorzaakt
Schone atmosfeer Een atmosfeer welke zich kenmerkt door zeer weinig of geen verontreiniging en welke gezien wordt als een normale situatie onder normale leefomstandigheden
VOS Vluchtige organische stof. Volgens het Arbeidsomstandighedenbesluit artikel 4.62a wordt hieronder verstaan: organische verbindingen en mengsels hiervan, die bij 293,15 K (20°C) een dampspanning hebben van ten minste 0,01 kPa, dan wel een overeenkomstige vluchtigheid bij de specifieke gebruiksomstandigheden. Blootstelling aan VOS kan schadelijk zijn voor de gezondheid. VOS moeten zoveel mogelijk worden vervangen. In gevallen waarin vervanging onmogelijk is, moeten beschermingsmaatregelen worden genomen.

Bijlage XV. behorend bij artikel 4.32f, tweede lid, onder a en vierde lid

Groepen VOS 1Het VOS-gehalte is bepaald conform de methodiek ASTM – D 3960-96 voor gebruiksklare mengsels. in het gebruiks-/spuitklare mengsel
Spuitenreinigers 850 gr/liter
Oppervlaktereinigers 200 gr/liter
Washprimers 780 gr/liter
Primer surfacer, 540 gr/liter
1 of 2 component
Sealer 540 gr/liter
1-laags aflaksysteem 420 gr/liter
en chassiscoating
2-laagsaflaksysteem bestaande uit: 420 gr/liter 2Het gemiddelde wordt bepaald door het VOSgehalte per laag te hanteren in de formule (a. L1 + b.L2)/ ( a + b)Dit gemiddelde is gelijk aan of minder dan 420 gram/liter spuitklaar product. Hierbij is L1 het VOS-gehalte van de basiskleurlaag en L2 het VOS-gehalte van de blanke lak, waarbij a en b staan voor de aangemaakte hoeveelheid in gram van resp. L1 en L2. De hoeveelheden hebben betrekking op spuitklare producten en géén van de lagen mag méér VOS bevatten dan 480 gr/liter.
basiskleurlak en blanke lak
Speciale producten 3Speciale producten zijn bedoeld voor speciale behandelingen (zoals bijvoorbeeld motorfietskleuren en speciale designkleuren waar inkten voor worden gebruikt die niet met een gewone basecoat gemaakt kunnen worden) en speciale toepassingen (bijvoorbeeld moeilijk hechtende ondergronden). Deze groep producten betreft ook additieven die worden toegevoegd aan bestaande producten om speciale effecten te realiseren zoals ruwheid, mattering, etc. Dit betekent dat producten waar deze specifieke additieven aan zijn toegevoegd het maximum gehalte aan VOS/liter van dat product kunnen overschrijden. Speciale reinigers (siliconen, lakverwijdering) zijn toegevoegd omdat zij niet onder de aangegeven spuitreinigers en oppervlaktereinigers vallen.De groep speciale producten bevat elastificeermiddelen, (ver)harders, versnellers/activeerders, vertragers, matteringsmiddelen, structuurmiddelen, effectmiddelen, antisiliconen, basisverf en inkt ten behoeve van speciale kleuren (design), matte lak, hechtprimer voor speciale kunststof- of metaalondergronden (waar geen gewone (wash)primer gebruikt kan worden), spuitbussen, uitspuitverdunning, kunststofreiniger, siliconenverwijderaar en lakverwijderaar. 840 gr/liter
Overige producten 44 Overige producten zijn: polijst- en poetsmiddelen, vulmiddelen, kitten, lijmen en plamuren. 150 gr/liter

Bijlage XVIa. behorend bij Artikel 6.5, 1e lid

Vervallen

Bijlage XVIb. behorend bij Artikel 6.5, 2e lid

Vervallen

Bijlage XVIIb. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder b, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIc. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder c, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIId. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder d, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIe. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder e, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Artikel 4.20b1. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek
1.

Het arbeidsgezondheidskundig onderzoek, bedoeld in artikel 4.10b van het besluit, wordt de werknemers ten minste eenmaal per jaar aangeboden.

2.

Als invulling van artikel 4.10b, eerste lid, onderdeel c, van het besluit, worden werknemers in de gelegenheid gesteld om een arbeidsgezondheidskundig onderzoek te ondergaan als de concentratie van lood in de lucht hoger is dan 0,015 mg/m3 of als bij een werknemer een bloedloodgehalte van meer dan 9 µg Pb/100 ml bloed wordt gemeten.

3.

Eveneens als invulling van artikel 4.10b, eerste lid, onderdeel c, van het besluit, wordt een vrouwelijke werknemer in de vruchtbare leeftijd in de gelegenheid gesteld om een arbeidsgezondheidskundig onderzoek te ondergaan als bij haar een bloedloodgehalte van meer dan 4,5 µg Pb/100 ml bloed wordt gemeten.

Artikel 4.26. Begripsbepaling asbestcertificatieschema’s

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • certificatieschema voor de persoonscertificaten: Certificatieschema voor de Persoonscertificaten Deskundig Asbestverwijderaar niveau 1 en niveau 2 (DAV-1 en DAV-2) en Deskundig Toezichthouder Asbestverwijdering (DTA), dat in overeenstemming met de minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 4 juli 2025 en door de minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 3 maart 2026 (Stcrt-2026-8344);
  • certificatieschema voor de procescertificaten: Certificatieschema voor de Procescertificaten Asbestinventarisatie en Asbestverwijdering, dat in overeenstemming met de minister is vastgesteld door de Stichting Ascert op 11 september 2024 en door de minister is gepubliceerd in de Staatscourant van 23 oktober 2024 (Stcrt. 2024-34077).

Paragraaf 7.3. Registratie of herregistratie machinisten hijskranen en funderingsmachines

Hoofdstuk 8. Veiligheids- en Gezondheidssignalering

Bijlage XIIb. behorend bij artikel 4.17b

Bijlage XVIIf. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder f, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIg. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder g, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIIh. behorend bij artikel 7.7, tweede lid onder h, Arbeidsomstandighedenregeling

Vervallen

Bijlage XVIII. behorend bij artikel 8.10

Intrinsieke kenmerken:

  • rond;
  • zwart pictogram op witte achtergrond, rode rand en balk die van links naar rechts over het pictogram loopt onder een hoek van 45° ten opzichte van de horizontale lijn. De rode kleur beslaat ten minste 35% van het oppervlak van het bord.

Intrinsieke kenmerken:

  • driehoekig;
  • zwart pictogram op gele achtergrond, zwarte rand. De gele kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord.

Intrinsieke kenmerken:

  • rond;
  • wit pictogram op blauwe achtergrond. De blauwe kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord

Intrinsieke kenmerken:

  • rechthoekig of vierkant;
  • wit pictogram op groene achtergrond. De groene kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord.

Intrinsieke kenmerken:

  • rechthoekig of vierkant;
  • wit pictogram op rode achtergrond. De rode kleur beslaat ten minste 50% van het oppervlak van het bord.

Bijlage XIX. behorend bij artikel 8.26

A. Algemene Gebaren A. Algemene Gebaren A. Algemene Gebaren
Betekenis Beschrijving Illustratie
BEGIN Pas op! Begin van commando Beide armen zijn horizontaal gestrekt met de handpalmen naar boven
STOP Onderbreking Einde van de beweging  De rechterhand is opgeheven en de rechterhandpalm naar voren gehouden
EINDE Einde van de werkzaamheden Beide handen zijn ter hoogte van de borst samengevoegd
B. Verticale bewegingen B. Verticale bewegingen B. Verticale bewegingen
--- --- ---
Betekenis Beschrijving Illustratie
HIJSEN Met de opgeheven rechterarm en naar voren gebrachte rechterhandpalm wordt traag een cirkelbeweging gemaakt
VIEREN Met de naar beneden gerichte rechterarm en naar binnen gehouden rechterhandpalm wordt traag een cirkelbeweging gemaakt
VERTICALE AFSTAND De afstand wordt met de handen aangegeven
C. Horizontale bewegingen C. Horizontale bewegingen C. Horizontale bewegingen
--- --- ---
Betekenis Beschrijving Illustratie
VOORUIT Beide armen worden gebogen, palmen worden naar binnen gehouden en met de voorarmen worden trage bewegingen naar het lichaam toe gemaakt
ACHTERUIT Beide armen worden gebogen, beide handpalmen worden naar buiten gehouden, met de voorarmen worden trage beweging van het lichaam af gemaakt
NAAR RECHTS ten opzichte van de signaalgever Met de ongeveer horizontaal gestrekte rechterarm en de naar beneden gehouden rechterhandpalm worden trage, richting aanwijzende bewegingen gemaakt
NAAR LINKS ten opzichte van de signaalgever Met de ongeveer horizontaal gestrekte linkerarm en de naar beneden gehouden linkerhandpalm worden trage richtingaanwijzende bewegingen gemaakt
HORIZONTALE AFSTAND De afstand wordt met de handen aangegeven
D. Gevaar D. Gevaar D. Gevaar
--- --- ---
Betekenis Beschrijving Illustratie
GEVAAR Beide handen opgeheven, handpalmen naar voren
SNELLE BEWEGING De gecodeerde, bevelende gebaren ter aangeving van de beweging worden zeer snel uitgevoerd
TRAGE BEWEGING De gecodeerde, bevelende gebaren ter aangeving van de bewegingen worden zeer langzaam uitgevoerd

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)